Wanneer is men spiritueel intelligent?

Standaard

categorie : meditatie en yoga

 

 

 

 

 

 

 

 

Schijnbaar zijn we in wezen allemaal spiritueel intelligent. Deze vorm van intelligentie is namelijk aangeboren, volgens dr. Altazar Rossiter, die er een boek aan wijdde. Je kunt er geen of weinig gebruik van maken en dan heb je er weinig aan, óf je kunt het verder ontwikkelen. In dat geval wordt je spirituele intelligentie de motor die persoonlijke groei aandrijft en die je in staat stelt het beste uit je leven te halen. Ben jij spiritueel intelligent? Dan herken je je in de volgende punten.

 

  1. Je verwart je eigen reacties niet met die van anderen: je kunt een duidelijk onderscheid voelen tussen de twee. Je hebt onbewuste reactiepatronen opgeruimd, of bent daarmee bezig. Daardoor gaan anderen om je heen ook hun eigen onbewuste reactiepatronen sneller herkennen.
  2. Als je emoties toch een keer met je op de loop gaan, dan lukt het je om je gedrag wat meer van een afstandje te observeren en zie je het als een gelegenheid om te groeien, omdat je weet dat jouw reactie te maken heeft met iets in jou wat je nog niet hebt geheeld of geaccepteerd – en niet met de ander.

 

 

 

 

  1. Je offert niet langer je dromen en aspiraties op om tegemoet te komen aan de verwachtingen van anderen of ‘de buitenwereld’.
  2. Je bent niet verslaafd aan het krijgen van goedkeuring van anderen: een schouderklopje van je baas, een positieve review, of likes op Instagram. Je bent tevreden met jezelf zonder daarvoor van anderen afhankelijk te zijn.

 

 

 

 

  1. Je bent volledig aanwezig bij je gevoelens en laat ze volkomen toe. Hierdoor kunnen ze oplossen en kun je makkelijker volledig aanwezig zijn.
  2. Je staat (meestal of toch zeker regelmatig) op een natuurlijke manier in je kracht. Je bent afgestemd op ‘de Bron’ en je kunt je in die toestand onmogelijk bezighouden met zaken die niet bij je passen.

 

 

 

 

  1. Het is je inmiddels (soms pijnlijk) duidelijk geworden dat angst een slechte raadgever is. Daarom laat je je niet langer leiden door bijvoorbeeld: de angst om dingen los te laten, de angst voor oordelen en kritiek, de angst om niet aan je eigen verwachtingen en idealen te kunnen voldoen, of de angst om in je kracht te staan.
  2. Je concentreert je niet langer op wat er allemaal nog níet is in je leven, maar veel meer op wat er wél is.

 

 

 

 

  1. Ook als je in je leven iets nieuws wilt aantrekken, gedraag je je alsof het er al is, in plaats van je te richten op het tekort of de schaarste (je denkt dus eerder: ik ga alleen nog werk doen wat me vervulling geeft, in plaats: ik wil een baan zónder stress). Hierdoor trek je makkelijker aan wat je wilt.
  2. Je probeert niet zelf geforceerd je intenties uit te laten komen, maar staat open voor hoe ze zich ontvouwen, vol vertrouwen in en overgave aan het proces.

 

 

 

 

  1. Je doet je best om altijd alles te zijn wat je kunt zijn, de beste versie van jezelf. Je probeert te onderzoeken wie je bent en wat er echt bij je past.
  2. Je bent mild voor je innerlijke criticus en staat jezelf niet toe je gevoel van eigenwaarde te ondermijnen door zelfkritiek. Liever zie je jezelf als iemand die zich voortdurend ontwikkelt.

 

 

.

.

 

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.