Dagelijks archief: oktober 4, 2018

Ruben Jorritsma – De historiciteit van de opstanding.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

De 12 genezers van Bachbloesem : Water Violet

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

 

 

waterviolier1

 

.

 

Water Violet (Waterviolier)

Hottonia palustris

Een van Bach’s eerste 12 genezers.
Bereid volgens de zonne-methode.

 

.

 

 

 

 

.

.

Indicatie

.

Voor degenen die in gezondheid of in ziekte graag alleen zijn. Heel rustige mensen, die geluidloos rondlopen, weinig spreken, en dan nog zachtjes. Heel onafhankelijk, bekwaam en vol zelfvertrouwen. Bijna vrij van de mening van anderen. Ze zijn gereserveerd, laten mensen met rust en gaan hun eigen gang. Vaak slim en getalenteerd. Hun rust en kalmte is een zegen voor de mensen om hen heen.

.

 

.

Affirmatie

.

Je leert om helemaal alleen te staan in de wereld, en verdient daarmee de intense vreugde van volledige vrijheid, en daarmee van perfecte dienstbaarheid aan de mensheid. En als je hierin geslaagd bent is het niet langer een of-fer, maar de volmaakte vreugde van behulpzaamheid, ongeacht de omstandigheden.

.

.

 

.

Habitat

.

Waterviolier groeit in sloten en ander langzaam stromend water. Veel van de oorspronkelijke leefgebieden zijn ver-woest. Het mechanisch schoonmaken van sloten heeft de vaargeulen te efficiënt opgeruimd, veel van de moerasgebieden zijn droog komen te staan omdat het waterpeil omlaag gebracht is en diverse chemicaliën ver-vuilen de wateringen.

.

 

.

Hoe iemand dan is

.

Deze mensen zijn prachtig van geest en vaak ook van lichaam. Ze zijn vriendelijk, rustig en heel verfijnd en be-schaafd, en toch zijn ze hun lot meester en leiden hun leven met een rustige beslistheid en zekerheid. Willen graag veel alleen zijn. Als ze ziek zijn kunnen ze een beetje trots en afstandelijk zijn, en als dat zo is dan heeft dat een uitwerking op hen.

Ondanks dat zijn ze heel dapper en proberen ze om alleen en zonder hulp te winnen, en geen zorgen of moeilijkheden te veroorzaken voor hun omgeving. Het zijn echt dappere zielen die hun taak in het leven lijken te kennen en uit te voeren met een rustige zekere wil. Ze vormen meestal geen sterke band, zelfs niet met wie hen het dierbaarst zijn. Ze dragen tegenslag en ziekte kalm, rustig en dapper, zonder te klagen.

 

 

.

.

.

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

John Astria

The Akashic Records

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

 

The Akashic Records

 

 

 

download

 

 

 

 

Andere benamingen zijn: Akasha Kronieken, het Grote Levensboek, de Kosmische Ziel, het Collectieve Bewustzijn, het Collectief Onderbewuste of de Soul Records.
De Records zijn de toegang tot alle kennis uit het verleden, het heden en de toekomst.
 Je kunt de Records voorstellen als een boek, een stapel papieren of een boekenkast. Het is een universele opslagplaats van alle gedachten, woorden en daden van de mensheid.
In deze verzamelplaats vindt je ook jouw persoonlijke Records. Deze kan en mag je inkijken. Geeft iemands Hogere Zelf je toestemming dan kan je ook toegang krijgen tot de records van deze persoon. Dit wordt Record Reading genoemd.
Methodes die gebruikt kunnen worden voor reading zijn onder andere: meditatie, trance en droomstaat.
.
.
.
.
.

 

 Redenen voor een reading van de Akashic Records

.

.

Nieuwsgierigheid.
De Waarheid zoeken
Weten welke invloeden vorige levens hebben op het huidige leven.
Regressie – het verleden bezoeken
Voorspellen van toekomstige gebeurtenissen.
Hulpmiddel bij het maken van moeilijke keuzes
Vragen omtrent gidsen begeleiding.
Zoeken naar de oorzaken van fysieke, mentale, emotionele problemen
Duidelijkheid krijgen over levensdoel, planning.
.
.
.
Het lezen van je eigen Records geeft je wijsheid, inzicht, begrip en vergeving. Moeilijke levens situaties kunnen makkelijker worden aanvaard en vergeven.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
voorpagina openbaring a4
.
.
.
.
.
.
.

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

.

.

.

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

.

.

.

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

De Japanse kimono’s.

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

In ontwerp is het één van de meest simpele kledingstukken van de wereld, en toch bestaat er zo veel verschil en subtiliteit tussen de vele verschillende uitvoeringen en hun betekenissen. Dit artikel gaat over de algemene en huidige dracht van kimono’s.

 

 

 

 

 

0e3e69c4632d85649cfb542decd1318e.jpg

 

 

 

 

Het woord kimono betekent letterlijk “ding om te dragen”; ki = aantrekken, dragen, mono = ding. Ze worden al eeuwen door de Japanse geschiedenis heen in vele vormen gedragen. Tegenwoordig draagt men in Japan vooral Westerse kleding, maar op bepaalde gelegeheden en een aantal festivals worden er door jong en oud nog steeds kimono’s uit de kast gehaald om het straatbeeld op te vrolijken.

 

 

 

 

Kleuren

 

Eerst wat over kleurengebruik in Japanse kleding en cultuur in het algemeen. Elk jaargetijde heeft zijn eigen traditionele kleurenschema’s, dit is zowel in de kunst als de kleding terug te vinden. De kleuren zelf hebben ook hun eigen betekenissen en associaties, net als hier in het westen.

 

 

 

56-141_663momiji

   momiji : japanse esdoorn, typische herfstkleuren in Japan.

 

 

 

 

asanoha asanoha

 

 

 

 

Het asanoha patroon is een populair zomerpatroon in Japan en stelt het hennepblad voor. Hennep wordt van oudsher veelal gebruikt voor zomerse werkkleding, de betekenis van het patroon heeft te maken met de sterkte en duurzaamheid van hennep. Men hoopt dus dat door het dragen van dit patroon in werkkleding wat van de goede eigenschappen van de plant in de drager worden opgenomen, hij wordt in elk geval steeds aan de boodschap herinnerd.

 

 

 

 

 

 De soorten kimono’s

 

 

De hadajuban

 

Dit is een onderkledingstuk, meestal van fijne katoen of linnen gemaakt. Het is wit of lichtroze van kleur en wordt op het naakte lichaam gedragen, niet alleen voor wat extra warmte maar ook om de bovenliggende zijden kledinglagen schoon te houden van zweet, zijde is immers moeilijk wasbaar. De hadajuban wordt onder zowel yukata’s als formele kimono’s gedragen.

 

 

 

DCF 1.0

.

.

.

De nagajuban

 

Dit is een tweede onderkimono, hij wordt alleen onder formele(re) kimono’s gedragen. De nagajuban is van zachte zijde en heeft een verstevigde kraag. Hij dient om de bovenliggende lagen alvast vorm te geven. Deze ondekleding  komt in allerlei gekleurde varianten voor, wit of lichtroze kom je het vaakst tegen. Het randje van de kraag van de nagajuban blijft te zien onder, of eigenlijk: boven de buitenste kledinglaag uit.

 

 

 

 

nagajuban

 

 

 

 

De yukata

 

De meest informele kimono is de yukata. Ze worden gemaakt als dagelijks kledingstuk, van katoen, zodat ze makkelijk in de was kunnen.Yukatas zijn voor alle leeftijden en beide sekses een makkelijk en luchtig kledingstuk voor de dagelijkse bezigheden. Het is een zomerkimono, maar er zijn wat dikkere varianten verkrijgbaar. Met een onderkimono of in laagjes zijn ze ook in de andere seizoenen te dragen. Ook wordt de yukata als pyama gebruikt, om in te slapen.

 

 

 

 

yukata

 

 

Vrouwen in Tokyo kunnen hun waaier, de uchiwa, in hun obi steken zodat ze hun handen vrij hebben. Dit zijn voorgestrikte “kant-en-klaar” obi’s, die makkelijk en snel voor dagelijks gebruik zijn. Yukatas hebben meestal drukkere patronen dan formelere kimono’s.

Deze patronen bedekken de hele kimono en kunnen van alles bevatten maar meestal zijn het bloemen of geometrische patronen. Voor kinderen zijn er vaak yukatas met konijntjes, usagi, of modernere varianten zelfs met Hello Kitty. Mannen dragen effen kleuren of geometrische patronen, kleuren zoals donkerblauw, zwart of grijs zijn geliefd.

 

 

 

 

De furisode

 

De letterlijke vertaling van furisode is “wiegende mouwen”. Dit is de meest formele kimono voor meisjes en ongetrouwde jonge vrouwen. Bruiden trekken vaak nog een laatste keer deze vrijgezellenkimono aan op de receptie van hun bruiloft. De patronen en kleuren zijn bijpassend voor jonge vrouwen; veel bloemen, vlinders en rozetinten. Vaak wordt de furisode door elkaar gehaald met de kimono’s die artiesten als maiko’s (leerling geisha’s) dragen, omdat ze ook lange mouwen hebben, maar de furisode heeft geen sleepje.

 

 

 

 

ccaf4c2bf95e6dc01eb663b396fc46eb.jpg

 

 

 

Ook hele jonge meisjes dragen deze plechtige kimono bij officiiële gelegenheden: De kimonos zijn nu nog wat aan de ruime kant, maar de kinderen zullen deze kledingstukken de komende jaren nog kunnen dragen. De patronen zijn passend bij de gelegenheden.

 

 

 

5aa4f1fc4113060e3c88540ff3302f74.jpg

Jonge vrouw uitgedost in formele furisode.

 

 

 

De houmongi

 

Dit is de formele kimono voor getrouwde vrouwen. Hij straalt boven alles netheid en degelijkheid uit, wat verwacht werd van de Japanse huisvrouwen, maar is ook een prima kimono om de stad in te gaan of wat te gaan eten. De kleuren en vooral de patronen zijn rustiger dan die van de furisode kimono’s, wat men meer bijpassend achtte voor getrouwde mensen.

 

 

 

houmongi

 

 

 

 

De irotomesode

 

Deze kimono kan door zowel vrijgezelle als door getrowde vrowen worden gedragen, bij officieuze alswel officiële gelegenheden. Het woord iro betekent “kleur”, dat wil zeggen dat de basiskleur van dit kledingstuk alles behalve zwart kan zijn. De mouwen hebben dezelfde standaardlengte als de houmongi, maar deze kimono is meer chique. De patronen zijn bij formele versies alleen op de onderkant aangebracht.

Bij sommige formele gelegenheden kan deze kimono worden gedragen in plaats van de formelere tomesode, in dat geval moet er op de aanwezigheid van ka mon worden gelet; familiewapens die in getale van één, drie of vijf op het kledingstuk kunnen voorkomen. Hoe meer het er zijn, hoe officiëler de gelegenheid waar de kimono voor bedoeld is. Deze ka mon of mon staan afgebeeld op de rugzijde, de mouwen en aan beide kanten van de borst. De kleur van de slippers en het tasje is bij formeel gebruik van deze kimono altijd zilver of goud.

 

 

 

 

Iroiro

 

 

 

 

De kurotomesode

 

De meest formele kimono voor allerlei serieuze gelegenheden en bepaalde familiebijeenkomsten. Kuro betekent zwart; deze kimono’s zijn zwart van kleur, maar er kunnen op de onderkant, zeker wat patronen op staan. De regel is: hoe formeler, hoe minder patroon, ook onder de meest formele kimono’s ondeling geldt dat. De ka mon zijn natuurlijk ook aanwezig.

 

 

 

 

kurotomesode

 

.

.

.

De shiromuku, irouchikaki en hikifurisode

 

Shiromuku

 

De shiromuku is de Japanse versie van de trouwjurk. Deze trouwkimono is sinds de Muromachi periode (1333-1568) een gekoesterde traditie. De trouwoutfit is compleet in het wit, met opgestoken haar vol met mooie spelden en een “hoedje”, er is ook een bijbehorende sluier of cape. De kleding bestaat uit de uchikake, de buitenste kimono en een voor daaronder; de kakeshita.

 

 

 

shiromuku

 

 

 

 

Irouchikake

 

Er kan ook een irouchikake worden gedragen in plaats van traditioneel wit; het is een rijkgekleurde en versierde uchikake. Vaak staan er gelukssymbolen zoals schildpadden en kraanvogels op.

 

 

 

uchikake_example

 

 

 

 

Hikifurisode

 

De hikifurisode, is een furisode met een sleepje. Het ontstond in de Edo periode (1603 – 1868) als formele trouwkleding voor samuraivrouwen. De mannen dragen hakama als ze gaan trouwen, dat is een wijde broek met zeven plooien, die ook door samurai en bepaalde hoogwaardigheidsbekleders werden gedragen. De zeven plooien staan voor de zeven deugden. Eroverheen gaat een haori, een soot kimonojasje, de officiële versie met alle ka mon op hun plek.

 

 

 

 

hikifuiro

 

 

 

.

De hakama

 

Thuis en om het huis kan de man een yukata dragen. Bij meer formele gelegenheden zullen mannen de hakama dragen. Hoewel er ook hakama zijn voor vrouwen, kun je meestal aan de kleuren en patronen zien voor welke sekse het kledingstuk in kwestie is bedoeld. Er bestaan ook speciale hakama voor bij het afstuderen, het is een speciale outfit vergelijkbaar met de afstudeerkloffies in Amerika, maar dan op zijn Japans. Verder worden deze wijde broeken nu nog veel gedragen in allerlei Japanse vechtsporten zoals kendo en iaido.

 

 

 

 

hakama

 

 

 

 

Mofuku

 

Mofuku is de naam voor Japanse rouwkleding. Alles is in het zwart, inclusief alle accesoires en schoenen. Alleen de tabi, de sokjes, en het zichtbare kraagrandje van de nagajuban zijn wit. Dit geldt voor zowel mannen als vrouwen.

 

 

 

mofuku

 

 

 

 

Maiko, geisha, oiran en theater

 

Naast de dagelijks gedragen kimono’s zijn er ook nog de speciale kimono’s voor artiesten zoals acteurs in Japanse theaters en entertainers zoals maiko’s en geisha’s. Deze kleding is natuurlijk opvallender dan de normale, met ingewikkeld gestrikte obi’s en prachtige kleuren.

 

 

 

Maiko kimono

Maiko kimono

 

 

 

 

 

Geisha kimono

Geisha kimono

 

 

 

 

 

Oiran kimono

Oiran kimono

 

 

 

 

 

Susohiki

 

Maiko’s, leerling geisha’s, dragen een susohiki. Deze kimono’s hebben net iets kortere mouwen dan de furisode en zijn wat langer met een sleepje zodat erin gedanst kan worden op de traditionele manier. Hierdoor krijgt het ook de typische beweging die je ziet als erin wordt gelopen, het heeft een zwevend effect. De maiko’s leren dit loopje op speciale geta, de okobo. Op het schuine deel van deze geta, daar waar de stof uitkomt, zit een bel vast.

 

 

 

susohiki

 

 

 

 

Hikizuri

 

De kimono van een geisha (of geiko zoals ze heten in Kyoto) heet de hikizuri, deze lijkt op een tomesode kimono, maar is ook langer met een sleepje. De mouwen zijn net iets langer dan bij de tomesode. Voor een geisha hetzelfde als voor iedere andere Japanse vrouw; hoe ouder ze wordt, hoe rustiger en simpeler haar kleding wordt. Gelukkig voor haar ook haar schoeisel; geisha’s lopen op zori of geta, afhankelijk van de gelegenheid. Het dansen van de geisha of maiko gebeurt op hun sokjes, de tabi.

 

 

 

 

hikizuri

 

.

.

.

 

Oiran of tayuu

 

Dit is van oudsher een hoge courtisane, zeker niet te verwarren met een geisha. De haardrachten zijn ingewikkeld en uitgebreid met een typerend groot aantal haarspelden. Een oiran draagt de strik van haar obi aan de voorkant, dat was vroeger het gebruik bij getrouwde vrouwen en prostituees.Over de kimono heen wordt een rijkversierde uchikake gedragen.

Ze lopen in nog zelfs hogere klompen dan de maiko, daarom hebben ze altijd begeleiders bij zich om ze te helpen niet op hun plaat te gaan, met alle stof en klompen is het zwaar tillen. Ook hebben ze een parasoldrager in hun nabijheid die een grote rode parasol boven het hoofd van de oiran houdt.

Het lopen gaat met een karakteristieke ronde voetbeweging naar buiten, dit is mede om niet over de kimono te struikelen als ie over de grond wordt gedragen. Er zijn tegenwoordig nog maar zo’n vier vrouwen in heel Japan die deze traditie in leven houden, het gaat hierbij om de levensstijl, niet zozeer de sexuele aspecten.

 

 

 

 

Kabuki en noh

 

Dit zijn oude Japanse theatervormen waarin men traditionele kleding draagt. Kabuki komt vanuit de shintoreligie en is een kleurrijk theater voor alle bevolkingslagen. Noh is ontstaat in de aristocratsche kringen en is door het uitheemse boeddhisme beïnvloed. In noh theater worden naast uitbundige kimono’s ook maskers gebruikt om personages weer te geven, in kabuki worden de gezichten van de acteurs beschilderd.

Sommige kimono’s bedoeld voor dit soort theater vertellen hele verhalen met hun motieven, zodat ze alleen maar voor een speciefiek stuk bruikbaar zijn. Ze zijn zo karakteristiek dat kenners aan alleen de kimono al kunnen zien om welk stuk het gaat.

 

 

 

 

nakubinoh

.
.
.
.

Accessoires bij de kimono

 

 

Obi

 

Een obi is het stuk stof van ongeveer 30 cm breed en minstens twee meter lang, wat als strik om het kadootje heen om de kimono heen gaat. De “strik” zelf, op de achterkant kent vele varianten, van simpel tot ingewikkeld, ook per gelegenheid en formaliteit verschillend. De meer ingewikkelde formen moeten door een tweede persoon worden geörigamied, de te kleden persoon kan dat onmogelijk zelf. Er zijn fijne, zijden obi’s voor in de zomer tot ceremoniële zware brocaten obi’s.

 

 

 

 

obi

 

.

.

.

Obijime

 

De obijime is een decoratief koord wat nog over de obi heengaat. Het wordt op de voorkant met een platte knoop, sierknoop of door middel van een obidome, een soort broche-achtig klemmetje, vastgemaakt. De losse einden worden meestal om de obijime heen om het middel geslagen naar achter toe.

 

 

 

Kimono_obijime_04

 

 

 

 

Aan de bovenzijde van de obi steekt een stuk stof uit, fijne zijde vaak bewerkt met speciale knoop- en verftechnieken waardoor de stof geribbeld wordt. Dit effect heet shibori, dat letterlijk “gekreukeld” betekent. Een shibori stof kun je nooit meer wassen omdat dan de ribbeltjes eruitgaan. Een sjaaltje van deze stof wordt langs de bovenkant van de obi gewonden en aan de voorkant vastgemaakt, de uiteinden worden onder de obi weggewerkt.

 

 

 

 

Japans traditioneel schoeisel en sokken

 

 

Geta en zori

 

Wat voor schoenen trek je aan onder een kimono? De geta bijvoorbeeld. Dit zijn houten teenslippers, het koord wat over je voet heengaat is van zijde of katoen gemaakt.De formelere zori zijn slippers van stof, tegenwoordig worden veel kunststoffen gebruikt die makkelijker zijn om schoon te houden.

 

 

 

 

Geta

Geta

 

 

 

 

 

 

Zori

Zori

 

 

 

 

 

 Tabi

 

Het was vroeger in Japan onfatsoenlijk om als vrouw je blote voeten te laten zien, daarom worden tabi gedragen; sokjes met een “losse” grote teen, zodat ze makkelijk in teenslippers gedragen kunnen worden. Meestal zijn ze wit, maar je ziet ze ook regelmatig in het zwart of andere kleuren, met en zonder patroon. Vroeger waren dit stugge sokjes die je met clipjes vastmaakte, tegenwoordig hebben ze tabi in alle mogelijke kleuren, patronen en stoffen, incllusief van rekbaar katoen zoals in het westen.

 

 

 

 

tabi

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Yoga ; de opwaartse hond

Standaard

categorie : meditatie en yoga

 

 

 

 

De opwaartse hond

 

 

Een houding die je veel ziet in routines en zo ook in de zonnegroet. Hij is goed voor het stretchen van je rug. Vanuit de voorover buiging zet je je handen heupbreedte neer op de vloer, je zet je voeten ver achter je neer in een plank en langzaam zak je door je armen en leg je je voeten neer laat je handen voor je staan en kom met je bovenlichaam omhoog en maak je zo lang mogelijk.

 

 

 

 

 

 

 

 

Opwaartse hond (Urdhva Mukha Svanasana)

Ga op je buik liggen met je voorhoofd op de grond.

Houd je benen gestrekt tegen elkaar met de bovenkant van je voeten tegen de vloer.

Plaats je handen naast je middel en houd de ellebogen dicht bij het lichaam.

Adem in en duw je handen in de grond, zodat je omhoog komt.

Strek je armen, met de binnenkant van je armen naar voren.

Rol je schouders naar achter en omlaag.

Open je borstkas door het borstbeen naar boven te tillen.

Draai je hoofd licht omhoog.

Blijf 5-10 ademhalingen in deze houding.

Kom op een uitademing omlaag.

 

 

 

 

Het verschil tussen cobra en opwaartse hond

De yogahoudingen cobra (bhujangasana) en opwaartse hond (urdhva mukha svanasana) kunnen op het eerste gezicht nogal op elkaar lijken, maar er zijn een aantal belangrijke verschillen.

Hoewel beide achterwaartse buigingen (backbends) zijn en voornamelijk gericht op het versterken van de rug, is het gedeelte van de rug waarop de nadruk ligt verschillend. In de uitvoering zit het verschil vooral in de plaatsing van de handen en gebruik van de armen.

 

 

 

De cobra

 

 


In de cobra worden de handen onder de schouders geplaatst, hoofd en borst komen omhoog terwijl de heupen in de mat geduwd worden door de buikspieren stevig aan te spannen, hoofd en schouders worden zo gelift vanuit rug en buik. De armen ondersteunen de houding en blijven steeds (licht) gebogen, de kijkrichting is omhoog. Deze houding opent en strekt borst en schouders, vergroot de flexibiliteit van de onderrug, versterkt vooral de rugspieren, de buikspieren en de bilspieren.

 

 

 

Opwaartse hond

 

 

In de opwaartse hond worden de handen naast het lichaam geplaatst, dichter bij de heupen. Vanuit de armen wordt het bovenlichaam omhoog geduwd totdat de schouders direct boven de handen zijn. Heupen en benen worden van de mat getild, zodat het gewicht rust op de handen en de bovenkant van de voeten.

De borst wordt naar voren geduwd, schouders zijn krachtig en de blik is naar voren of licht omhoog. Deze houding opent en strekt de borst en schouders en vergroot de flexibiliteit van de bovenrug en versterkt vooral de rugspieren, beenspieren, schouders, armen en polsen. In beide houdingen is het belangrijk de schouders steeds krachtig in de rug te blijven duwen.

 

 

 

 

 

 

.

voorpagina openbaring a4
pijl-omlaag-illustraties_430109

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Boodschap 309 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid.

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

HET MENSDOM BEWEERT BESCHAAFD TE ZIJN MET DE TONG,

 

 

MAAR DE MENSHEID BEWIJST HET TEGENDEEL IN DE DADEN.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De boekdrukkunst voor de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

.

.

 

De komst van de boekdrukkunst

 

De uitvinding van de boekdrukkunst, halfweg de 15e eeuw, betekent een omwenteling in de kennisoverdracht. Die omwenteling raakt ook de verspreiding van de Bijbel. Toch lijkt er aanvankelijk weinig te gebeuren. Het nieu-we proces heeft als het ware een incubatietijd tot de gevolgen in de 16e eeuw in volle omvang losbarsten. De boekdrukkunst maakt een eind aan duizend jaar scheiding tussen volk en Bijbel.

.

.

 

 

drukpers 15 e eeuw

 

 

.

 

De boekdrukkunst

 

Halfweg de 15e eeuw werd een uitvinding gedaan die de wereld zou veranderen: de uitvinding van de boek-drukkunst. Op zich was het drukken al niet onbekend meer. Prenten werden in hout uitgesneden en gedrukt. Ook tekst werd wel op deze wijze vermenigvuldigd; men spreekt dan van blokdruk. Het bezwaar van blokdruk was dat de houten “moeder” snel sleet en het gedrukte beeld na een eerste serie vervaagde.

Voor prenten was dit niet zo’n bezwaar, maar tekst werd snel onleesbaar. De uitvinding hield in feite in het “zet-ten” van een tekst uit losse letters. Deze letters werden gegoten uit een metaallegering van lood en tin in daar-voor gemaakte gietmallen. Ze konden bij slijtage gemakkelijk omgesmolten worden en opnieuw gegoten. Zo ont-stond een gedrukte tekst die zich kon meten met de beste handschriften.

.

 

 

boekdrukkunst 15 e eeuw

 

 

 

 

boekdrukkunst 16 e eeuw

.

.

.

 

 

Gutenberg

 

De eerste van wie wij weten dat hij zo gewerkt heeft is de Duitser Johannes Gutenberg uit Mainz. In de vroege ja-ren vijftig van de 15e eeuw werkte hij aan de uitgave van een Bijbel. Deze Bijbel moest de fraaiste uitgave worden die er ooit was geweest. Maar omdat hij met zijn nieuwe procédé veel sneller kon werken dan de monniken in de kloosters, die de Schrift geheel met de hand moesten schrijven, kon hij toch relatief goedkoop leveren. Vijftig gul-den (ongeveer twintig euro) vroeg hij voor een editie op perkament. Dat was tweemaal het jaarloon van een ge-schoold ambachtsman, maar veel goedkoper dan een handschrift dat, afhankelijk van de uitvoering, des-tijds rond de 100 euro moest kosten. Drie jaar was Gutenberg bezig, van 1450 tot 1453. Om het werk gaande te hou-den moest hij telkens geld lenen.

Daar zijn later processen over gevoerd want toen de geldschieters doorkregen waar Gutenberg mee bezig was claimden zij de eigendomsrechten op de nieuwe vinding. Het is door deze processen en uit de processtukken dat wij nu zo precies weten wat Gutenberg deed. Om intussen brood op de plank te krijgen drukte Gutenberg ook een editie op papier. Die kostte destijds slechts 35 gulden. De oplage bedroeg enige tientallen exemplaren, zowel van de perkamentuitgave als van de papieruitgave. Deze zogenaamde 42-regelige Gutenbergbijbel is het oudste gedrukte boek dat wij kennen. En hoe zit dat dan met Laurens Jansz. Koster? Het is jammer, maar van hem bezit-ten wij geen enkel gedrukt boek. Volgens deskundigen is het zelfs niet zeker of hij heeft bestaan. Het oudste vol-gens de nieuwe techniek gedrukte boek dat wij in ons land kennen, is de Delftse Bijbel van 1477 (dat is 25 jaar na de Gutenbergbijbel) en die is niet van Koster.

De 42-regelige Gutenbergbijbel wordt beschouwd als een hoogtepunt van de boekproductie. Hoewel de tekst zelf is gedrukt, is er nog erg veel handwerk aan verricht. Hoofdstuktitels, ondergeschikte hoofdletters en paginakoppen zijn met de hand in rode inkt toegevoegd. Beginhoofdletters zijn uitgevoerd in de fraaiste miniatuurtechnieken en vele bladzijden zijn voorzien van kostbare randversieringen. Gutenberg mikte op de rijke burgerij, de welgestelde kooplui, die zijn boek konden betalen. Massaproductie was niet zijn doel. En het besef dat je met de nieuwe techniek een eigen weg kunt gaan, moest nog doorbreken. Zijn Bijbel was ook een Bijbel in het Latijn. Dat was immers de officiële versie en zijn clientèle kende best Latijn.

Het werd al even aangeduid: Gutenberg drukte niet alleen op perkament, maar ook op papier. Papier was een be-trekkelijk nieuwe uitvinding, van Arabische oorsprong. Juist rond deze tijd begonnen hier en daar in Europa aar-zelend de eerste papiermolens te verschijnen. Een schijnbaar ondergeschikte ontwikkeling, maar wel een die be-palend was voor de ontwikkeling van de boekdrukkunst. Gutenberg had voor het drukken van één perkament-Bijbel 340 vellen perkament nodig. Eén kalfshuid leverde twee vellen; dat was dus 170 kalfshuiden per Bijbel. Voor zijn oplage van slechts 50 exemplaren waren duizenden kalfshuiden nodig. Het vraagt weinig fantasie om te zien dat het met die hele boekdrukkunst nooit iets was geworden als de nieuwe papiermolens niet in het benodigde papier hadden kunnen voorzien.

 

 

 

 

Gutenberg

 

 

 

 

Gutenbergbijbel

 

 

.

 

 

De Delftse Bijbel

 

In 1477 verschijnt in ons land het eerste boek (voor zover wij weten) dat volgens het nieuwe procédé is gedrukt. Ook dit is een Bijbel; maar anders dan de Bijbel van Gutenberg is dit er één in de landstaal. Naar de plaats van drukken staat hij bekend als de “Delftse Bijbel”. In 1977 is er in Delft een grote tentoonstelling aan gewijd ge-weest: 500 jaar Delftse Bijbel (en dus waarschijnlijk ook: 500 jaar boekdrukkunst in Nederland). De verschillen met de Bijbel van Gutenberg zijn opvallend. En dat geldt niet alleen voor de taal. De uitvoering is sterk vereenvoudigd: geen illustraties, geen rijk versierde hoofdletters. Het handwerk is sterk teruggebracht. De beide drukker /uitge-vers mikken kennelijk op een veel groter publiek. Om de kosten nog verder te drukken geven zij niet eens een complete Bijbel uit. Ze beperken zich tot het Oude Testament, en dan nog zonder de psalmen.

Dit weerspiegelt nog de middeleeuwse houding: een stukje Bijbel is al heel wat, want wie kan zich een complete Bijbel veroorloven. Bovendien bestonden de evangeliën al in enige omvang in handschrift en ook losse psalteria waren bekend. De beide Delftenaren dachten kennelijk dat er wel markt zou zijn voor de rest. Door dit alles kwam de prijs omlaag tot circa 12½ gulden (ongeveer 5 euro), destijds een half jaarsalaris. Toch is de uitgave kennelijk geen groot commercieel succes geweest, want hij is niet herhaald. De vertaling van de Delftse Bijbel was overi-gens een oude bekende. Het was die van de Vlaamse Historiebijbel van 1360; een vertaling die redelijk populair was in de Nederlanden.

 

.

 

 

Delftse Bijbel

 

 

 

 

Vlaamse Historiebijbel

 

 

 

.

 

De Keulse Bijbel

 

Korte tijd na de Delftse Bijbel is in het oosten van ons land de zogenaamde Keulse Bijbel verschenen. Anders dan de Delftse Bijbel was dit een complete Bijbel. Hij werd gedrukt in Keulen in twee versies: een Hoogduitse en een West-Nederduitse. Die laatste taal werd in het oosten van ons land gesproken, maar sprak de burger elders in de Nederlanden minder aan, wat een grote verspreiding in de weg heeft gestaan. Ook nu nog merken wij dat de Delftse Bijbel gemakkelijker te lezen is dan de Keulse Bijbel. De vertaling voor de Keulse Bijbel werd speciaal voor dat doel gemaakt. Maar het boek Hooglied werd onvertaald gelaten en bleef in het Latijn afgedrukt. Een inleiding vertelt ons dat de inhoud van Hooglied minder geschikt werd geacht voor al te jeugdige personen. De veronder-stelling was kennelijk dat wie Latijn heeft geleerd intussen de jaren des onderscheids heeft bereikt.

De Keulse Bijbel oogt aantrekkelijker dan de Delftse Bijbel omdat hij op diverse plaatsen geïllustreerd is. Wie hem doorbladert, merkt ook op dat de uitgever er bij de toenmalige oplagen niet tegenop zag zetfouten in de hele op-lage met de hand in rode inkt te laten verbeteren. Al deze Bijbels waren vertalingen van de Vulgaat, de offi-ciële Latijnse kerkbijbel. Aan de eventuele juistheid van de Vulgaat werd toen nog door niemand getwijfeld. Dat kwam pas later, in de 16e eeuw, ten tijde van de reformatie. Ook ontbrak in deze Bijbels nog de indeling van de hoofdstukken in verzen wat pas ontstond rond 1560. Wel waren de hoofdstukken in grotere delen ingedeeld die werden aangegeven met hoofdletters in de kantlijn: A, B, C enz.

 

 

 

 

Keulse Bijbel

 

 

.

 

 

De betekenis van de boekdrukkunst

 

De invloed van de uitvinding van de boekdrukkunst lijkt aanvankelijk niet zeer groot te zijn. Gedurende de tweede helft van de 15e eeuw is er nog geen sprake van een massale verspreiding van Bijbels. Er waren slechts enkele uit-gaven en de oplagen waren klein. Toch is de uitvinding van immense betekenis geweest, al zou deze zich pas in de volgende eeuw openbaren. Als in de 16e eeuw het volk in opstand komt tegen de gevestigde orde, is het de drukpers die het proces ondersteunt. Ideeën hoeven niet langer van mond tot mond te worden doorgegeven. Hun verspreiding is niet langer uitsluitend afhankelijk van de reissnelheid van hun predikers, die de boodschap persoonlijk moeten komen verkondigen.

Ook wordt het volk onafhankelijk van de kerkelijke en wereldse overheid. Het kan nu langs andere wegen kennis nemen van ideeën. In de vroege 16e eeuw zal dit leiden tot de reformatie, en tot tal van andere omwentelingen. Sommige overheden zagen dit reeds vroeg en trachtten het drukkersambt te binden aan een vergunningsysteem. Maar dat is nooit gelukt. En tot in onze dagen begint elke revolutionaire beweging zijn activiteiten met de verwer-ving van een kopieermachine of een drukpers. Het is door de drukpers dat in de 16e eeuw het contact tussen volk en Bijbel na duizend jaar weer hersteld wordt.

 

.

 

 

drukpers 16e eeuw

 

 

 

.

 

 

 

 

.

 

 

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Wat is devotie?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Met devotie wordt in het algemeen de toewijding aan een hogere macht of waarheid bedoeld.

 

 

 

Meer specifiek wordt met devotie bedoeld de vormgeving van de toewijding aan God door middel van religieuze gewoonten: persoonlijke devotie of vroomheid.

 

 

devotie

 

 

 

 

 

vormen van devotie

 

Persoonlijke devotie of vroomheid kan allerlei vormen aannemen. De kerk reikt vormen aan in het verlengde van of verbonden met de kerkelijke vormen van eredienst, zoals de getijden.

 

 

 

Boek van de getijdengebeden in de abdij van Tongerlo ( 1522 )

 

 

 

 

 

overzicht van de geschiedenis van devotie

 

 

Middeleeuwen

 

In de middeleeuwen is de groepsgewijze persoonlijke devotie een zaak van de kloosterorden (Getijden en me-ditatie) en van de geestelijken geworden. Het volk beperkte zich tot de Apostolische Geloofsbelijdenis, het Onze Vader en het Ave Maria en tot het bidden van de rozenkrans.

 

 

 

rozenkrans

 

 

 

 

 

getijdenboek in de middeleeuwen

getijdenboek in de middeleeuwen

 

 

 

 

 

De Moderne Devotie

 

Aan het einde van de Middeleeuwen, in de dertiende en veertiende eeuw, ontstaan bewegingen die zich ont-trekken aan de druk van de sociale en kerkelijke hiërarchie. Een belangrijke vrouwenbeweging is die van de Be-gijnen. Daarnaast is er de beweging van de ‘Broeders van het Gemene Leven’ onder leiding van Geert Groote.

 

.

 

 

.

.

.

.

Tegelijkertijd treden tot de verbeelding sprekende mystici op als Catharina van Siëna, Julia van Norwich en Eck-hart. De nadruk hierbij ligt op de persoonlijke vroomheid. Veel mensen blijken gevoelig voor deze ontwikkeling.

 

 

 

 

Julia van Norwich

 

 

 

 

 

Catharina van Siëna

 

 

Geert Groote en zijn ‘broeders des gemenen levens’, waar ook zusters bij horen,  vormen een invloedrijke bewe-ging in de tijd van de opkomende steden en handel. De broeders en zusters vormden religieuze gemeenschap-pen zonder zich aan een regel te binden. Zij waren dus niet aan de geestelijkheid gebonden, maar beoogden een integratie van clerus en leken.

 

 

 

Geert Groote

 

 

 

Sterke nadruk viel op innerlijke persoonlijke vroomheid, die een protest was tegen de grote uiterlijke vroomheid van die tijd. Het bidden van de getijden nam bij de Broeders een voorname plaats in. Het getijdenboek van Geert Groote moet één van de meest gelezen Middelnederlandse boeken zijn geweest.

 

 

 

boek ten tijde van de moderne devotie

boek ten tijde van de moderne devotie

 

 

 

 

 

De Reformatie

 

De Reformatie is daarom niet zozeer een breukvlak als wel een voortzetten en doorzetten van bepaalde reeds be-staande tradities. Ook daar neemt het onophoudelijk bidden een centrale plaats in. Dit gebed kan voor de refor-matoren evenwel geen zaak voor een bepaalde kerkelijke stand zijn. Men bidt als leden van Gods volk en van één lichaam, en dus participeert iedereen in dat gebed. Ten aanzien van de vormgeving van het gebed is de Refor-matie niet eenduidig, maar zij is eensgezind in haar kritiek op de wijze waarop het getijdengebed zich in de Rooms-Katholieke kerk heeft ontwikkeld. Luther wil bijvoorbeeld de getijden behouden voor de gemeente, maar gezuiverd en aangepast. Het aantal diensten wordt gereduceerd, de vaste orde vervalt, de voertaal wordt Duits. Een nieuw brevier komt er niet en in de praktijk bloedt het getijdengebed langzaam dood.

In Nederland blijven de getijdengebeden, ondanks synodebesluiten die het tegendeel willen vooral in de steden, nog lang na de Reformatie gehandhaafd. Ontmoedigingsbeleid van de synode van Dordrecht (1618/1619) leidt ertoe dat bijvoorbeeld in 1627 in Amsterdam het laatste avondgebed te midden van de andere diensten sneuvelt, hoewel de avondgebeden populair waren bij het volk en goed bezocht werden. Als reden wordt genoemd dat zij afbreuk deden aan de gewone woorddienst, aan de huisgebeden die de vader in zijn gezin behoorde te doen en aan de vastendagen.

 

 

 

Geloofsovertuigingen ten tijde van de reformatie

Geloofsovertuigingen ten tijde van de reformatie

 

 

 

 

 

De Reformatie is eensgezind in haar verzet tegen een aantal elementen

 

  • Ten eerste oordeelt men dat de vorm van de getijden een veruiterlijking van de godsdienst in de hand werkt en ten koste van de inhoud gaat. Het volbrengen van een gebedspensum (opdracht) wekt de gedachte aan zelfrechtvaardiging.
  • Ten tweede is men van menig dat de getijden worden overwoekerd door on Bijbelse elementen, zoals de heiligenverering.
  • Ten derde is het getijdengebed door een zwaar en onbegrijpelijk pensum slechts haalbaar voor de enkelen, waardoor bidden een eindeloos gemummel wordt en de kloof tussen clerus en volk steeds groeit.

 

Deze elementen tastten de kern van het geloof aan, namelijk de onverdiende genade en de overtuiging dat Woord en sacrament de enige middelen tot heil zijn. De wijze waarop de ontaarding bestreden wordt wisselt naar omstandigheden en staat onder de  invloed van bepaalde reformatoren en de volksaard. Ten behoeve van de ‘echtheid’ geeft men later de voorkeur aan het vrije gebed boven de geformuleerde gebeden (gebeden psalmen en formuliergebeden). Alleen het vrije gebed is, naar men veronderstelde, door de heilige Geest geïnspireerd. De Reformatie ontmoedigde aldus het getijdengebed als vorm van persoonlijke vroomheid en verving het door per-soonlijk gebed en Bijbellezing in huiselijke kring. De huisvroomheid, met het gezin als dragende factor, wordt de belangrijkste traditie naast de openbare eredienst. Daarbij zij wel aangetekend dat de openbare eredienst van Woord en gebed in met name de calvinistische kerken verwantschap vertoont met bepaalde vormen van getijdengebeden.

 

 

 

 

huisgodsdienst ten tijde van de reformatie

huisgodsdienst ten tijde van de reformatie

 

 

 

 

 

De Nadere Reformatie

 

In de Nadere Reformatie verschijnen tal van boeken en traktaten die de huisvroomheid stimuleren en onder-steunen. Het gezin wordt beschouwd als kleine huisgemeente met eigen gebedsuren. Nederlandse predikanten stellen de Engelse puriteinen aan hun gemeenten ten voorbeeld. De Middelburgse predikant Willem Teellinck (1579-1629) raakte in Engeland diep onder de indruk van de family worship (de familiegodsdienst) bij de puri-teinen die zich in de gevestigde kerk niet erg thuis voelden. Teellinck schreef op grond van deze ervaringen zijn Huysboeck dat in veel gezinnen een plaats kreeg.

 

 

 

 

Willem Teellinck

 

 

 

 

Bijbellezing, bijbelstudie en catechese zijn belangrijke elementen in de huisdevotie. Duidelijke orden, zoals bij de getijden, treffen we nauwelijks meer aan, maar gebed en het zingen van enkele psalmverzen of een geestelijk lied geeft een zekere structuur. Onder verwijzing naar Psalm 55:18, Psalm 141:2 en Daniël 6,11 komt men alweer tot een morgen-, middag- en avondgebed. Teelinck en anderen bepleiten ook meditatie en methodisch beoefende vroomheid, waarbij zij teruggrijpen op schrijvers uit de kring van de Moderne Devotie.

Wilhelmus a Brakel (1635-1711) realiseert zich dat soms wel veel wordt gevraagd van de gezinnen, en dat niet ieder gezin dezelfde mogelijkheid heeft. Hij adviseert om dan maar wat korter te bidden. Voor het Onze Vader is altijd wel gelegenheid, zegt hij, en ‘daar is alles in vervat, als ’t maar wel verstaan, ende van harte tot God gebeden is’.

 

 

 

Wilhelmus_à_Brakel

 

 

 

 

De 19e eeuw

 

In de 19e eeuw ontstond ook in de Rooms-Katholieke kerk een nieuw, persoonlijker soort vroomheid. In de achttiende eeuw had de religieuze praktijk voornamelijk bestaan uit de collectieve uitdrukking van de vrome sentimenten van een hiërarchische maatschappij. Men nam deel aan religieuze uitingsvormen en plechtigheden samen met de maatschappelijke groep waartoe men behoorde, het dorp of het gilde. De kerk begon een belij-dende vroomheid te stimuleren. Men nam niet langer deel aan het ritueel als lid van een traditioneel sociaal li-chaam, maar als individu en beleed zo tevens een bepaalde culturele en politieke stellingname. De ontwikkeling impliceerde een individualisering van het geloof dat zich al eerder in het protestantisme had voorgedaan, zoals dat de 18e eeuwse Rooms Katholieke hervormers voor ogen had gestaan.

De kerk paste zich veel meer dan voorheen aan bij het populaire verlangen naar spectaculaire geloofsvoorvallen en een direct ingrijpen van het goddelijke in het dagelijks leven. Buitengewone verhalen over wonderbaarlijke ge-beurtenissen, die onder het ancien regime onmiddellijk tot een onderzoek door de Inquisitie zouden hebben geleid, werden nu door de kerk met graagte ontvangen en verspreid. Allerlei populaire vormen van vroomheid die de clerus sinds de zestiende eeuw afstandelijk had bejegend, zoals de verering van heiligen en van het Heilig Hart, werden nu door de geestelijkheid gestimuleerd. Al het uiterlijke en uitbundige werd benadrukt.

Zowel de kerken van de Afscheiding en Doleantie als de Rooms-Katholieke kerk leerden verder de middelen te beheersen die de liberale politici al veel langer gebruikt hadden om het volk te mobiliseren. Men ontwikkelde een professionele pers. Een stortvloed van traktaten, devotionele werken en ander propagandamateriaal werd ver-spreid. Men organiseerde volkspetities en agressieve missionaire campagnes. Het liberale streven naar een kerk die zich zou beperken tot haar spirituele en pastorale taak had gezegevierd, maar bleek een tweesnijdend zwaard toen de kerk in de stimulering van de persoonlijke vroomheid een middel vond om de leken voor haar strijd te organiseren.

 

 

 

 

bidstond prent van de 19 e eeuw

bidstond prent van de 19 e eeuw

 

 

 

 

 

 

De 20e eeuw

 

Veel uit de 19e eeuw gaat door, individualisering en secularisering. Er komen echter ook tegenbewegingen op gang met herbronning van de persoonlijke vroomheid in Vroege kerk en Mystiek, of in Oosterse en Westerse niet-christelijke stromingen (New Age).

 

 

 

 

 

new age

new age

 

 

 

 

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria

 

Bergkristal.

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Bergkristal

 

Bergkristal is waterheldere kwarts. Het is een zeer veel voorkomend mineraal. Het is vaak onderdeel van ander gesteente.

 

 

Bergkristal is de kleurloze en meest voorkomende variant van het mineraal kwarts. De naam ‘bergkristal’ is afge-leid van het Griekse  woord “Krustallos” dat ijs betekent. Men geloofde dat bergkristal door de goden vormge-geven ijs was. Het mineraal is volkomen doorzichtig als glas, tot melkachtig wit door ingesloten piepkleine lucht-belletjes. Is het helemaal wit, wordt het melkkwarts of sneeuwkwarts genoemd. De meest transparante vorm wordt het meest gewaardeerd.

De kristallen van bergkristal zijn duidelijk zichtbaar en zeshoekig. De top heeft vaak schuin aflopende vlakken, die elkaar ontmoeten in een punt. De zes zijden en de top kunnen regelmatig zijn, of juist zeer onregelmatig. Elke kristalpunt heeft ziin eigen karakter en zijn eigen werking. Zie het overzicht kwartskristalpunten en hun werking op deze website. Laat je een bergkristal liggen, dan kun je hem in een paar maanden tijd zien groeien. Lucht be-vat namelijk zeer fijngemalen kwartsdeeltjes (stof), die neerslaan en vastkitten op het kristal.

 

 

 

bergkristal2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Door de eeuwen heen

 

Bergkristal was al in de Midden-Steentijd (Mesolithicum, 8000-4000 v.Chr.) in gebruik als sier- en heelsteen. In de Romeinse tijd was een bergkristal een krachtig amulet voor de reiziger. Hij zou beschermen tegen ziektes, on-gevallen en bevriezing. Sabbelen op een bergkristal was goed tegen de dorst. Romeinse keizers, zoals Caligula, dronken hun wijn uit bokalen van bergkristal. Zij geloofden dat bergkristal eventuele vergiftiging ongedaan zou maken. Inderdaad verkleurt bergkristal bij het gebruik van de toen bekende vergiften.

In Tibet wordt bergkristal al eeuwen verwerkt in geneeskrachtige instrumenten, zoals bollen en dorjes (symbo-lisch tweesnijdend zwaard, zie afbeelding links). Heel bekend zijn de genezende Kristallen Schedels, die vooral gevonden zijn in Midden-Amerika en die meer dan 2000 jaar oud zouden zijn. Door de eeuwen heen heeft berg-kristal kunstenaars geïnspireerd tot het maken van prachtige voorwerpen. Van ringen, armbanden en kettingen tot drinkbekers, schalen en grotere siervoorwerpen.

Zo heeft de befaamde Russische goudsmid Fabergé (1846-1920) veel bergkristal gebruikt in zijn beroemde siera-den en voorwerpen. Bijvoorbeeld in het Ei met de Roterende Miniatuurtjes uit 1896, gemaakt in opdracht van tsaar Nicolas II. Bergkristal geeft energie, concentratie, inzicht en inspiratie in moeilijke situaties. Daarom is de kristallen bol waarin waarzeggers en zieners al eeuwen proberen de toekomst te ontrafelen, uiteraard van berg-kristal. Door te mediteren met een grotere of kleinere bol van bergkristal, is het ieder af en toe vergund om een blik op verleden of toekomst te werpen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1_rookkwarts en kristal 244 [Desktop Resolutie]

 

 

 

 

Voorkomen

Bergkristal is in de natuur wijdverbreid, maar niet altijd in edelsteenkwaliteit. Historisch bekende vindplaatsen zijn India en Sri Lanka (de omgeving van Tatnaputi). Fraaie kristallen komen uit Kenia Madagaskar, Brazilië, Goisas, Ba-hia en Frans – Guyana. In de VS komt bergkristal voor in Maine, New York, North Carolina, Arkansas en Californië. Van bijzondere betekenis zijn voorkomens in de Alpen. Bergkristallen worden daar gevonden in Zwit- serland, bijvoorbeeld bij Urim waar een kristal van 135 kg  gevonden is. Ook in Oostenrijk werd in 1965 een kristal van bijna 1000 kg gevonden. Bergkristallen komen nog voor in Duitsland, Tsjechië, Polen en  Frankrijk.

 

 

 

SONY DSC

 

 

 

 

 

 

Spiritueel

 

* Bergkristal is niet alleen een versterker van het fysieke lichaam. Ook reinigt en versterkt het alle fijnstoffelijke lichamen. Bergkristal lost energetische blokkades in de chakra’s, de ida en pingala, de tussenliggende meridianen en nadi’s op en voert ze af. Als de energetische blokkades vrijkomen, circuleren ze in het fysieke lichaam en moeten ze op natuurlijke wijze afgevoerd worden. Goed drinken! Bij voorkeur natuurlijk bergkristalwater. Zo wordt het zelfhelend vermogen van ons lichaam optimaal ondersteund.
* Regelmatig mediteren met bergkristal helpt je je intuïtie en je innerlijk oog te ontwikkelen.
* Bergkristal maakt energiek, wilskrachtig, doelgericht.
* Bergkristal maakt liefdevol, harmonieus en puur. Dit gebeurt omdat door het dragen van bergkristal (sieraden) het hartchakra geopend wordt, Met name de kleurrijke regenboogkristallen ondersteunen dit proces.
* Helder inzicht in eigen motieven en drijfveren krijg je door bergkristal regelmatig te beschouwen of ermee te mediteren. Vooral de fantoomkwarts helpt hierbij.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische samenstelling

 

Samenstelling: SiO2. Waterhelder kwarts. Het kan insluitsels van andere mineralen bevatten, zoals chloriet, dumortieriet en goethiet
Hardheid: 7
Glans: glasglans
Transparantie: transparant
Breuk: schelpvormig, splinterig
Splijtbaarheid: onduidelijk
Dichtheid: 2,65
Kristalstelsel: trigonaal, hexagonaal

 

 

 

Bergkristal
Geslepen bergkristal 22 cm
Geslepen bergkristal 22 cm
Mineraal
Chemische formule SiO2
Kleur kleurloos, soms iets troebel
Streepkleur wit
Hardheid 7
Glans glasglans
Breuk schelpvormig, zeer bros
Splijting geen
Kristaloptiek
Kristalstelsel Trigonaal zeszijdige prisma’s
Brekingsindices No 1,544- Ne 1,553
Dubbele breking 0,009
Luminescentie geen
Bijzondere kenmerken iriseren, aventurisatie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria