Dagelijks archief: november 3, 2018

De 2de negentien van Bachbloesem : Star of Bethlehem

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

 

vogelmelk

 

 

 

Star of Bethlehem (Vogelmelk)

Ornithogalum umbellatum

Een van Bach’s tweede 19 remedies.
Bereid volgens de koken-methode.

 

 

 

 

bach-flower-remedie-29-star-bethlehem-vogelmelk-20ml-135x300

.
.
.
.

Indicatie

 

Voor degenen die in grote nood zijn, onder omstandigheden die voor enige tijd heel ongelukkig maken.

 

 

 

Affirmatie

 

Om in een zodanige staat van kalmte te blijven dat de beproevingen en de verstoringen van de wereld ons onberoerd laten, is werkelijk een grote prestatie nodig. Dat bezorgt ons die kalmte die begrip met zich meebrengt. En hoewel dat in eerste instantie buiten het bereik van onze dromen lijkt te liggen, is het in feite, met geduld en doorzettingsvermogen, bereikbaar voor ieder van ons.

 

 

 

 

Habitat

 

Vogelmelk groeit op grasvelden op de wat drogere bodems.

 

 

 

 

Emotionele toestand

 

Voor situaties van shock, verdriet, smart, voor hen die troost en bemoediging nodig hebben, voor slecht nieuws, een ongeluk, een schrik, voor hen die ternauwernood ontsnapt zijn, voor een vertraagde schok, om de gevolgen te neutraliseren van iedere schok, nu of in het verleden, zelfs de schok van de geboorte.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

John Astria

Advertenties

De celestijnse belofte : 7de inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

De celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

 

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

 

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

 

 

7e inzicht – transformatie

 

De inzichten volgen een bepaalde lijn. In het begin leren we dat we een energetisch wezen zijn welk één is met zijn omgeving, aangezien alles en iedereen is opgebouwd uit deze zelfde energie. Er is dus interactie mogelijk tussen jouw en anderen op energetisch niveau. Vaak gebeurt dat heel bewust, soms ook onbewust. Signalen op energetisch niveau ontvangen noemen we toeval, dagdromen, visioenen en gedachten.

 

 

 

kundalini-yoga-awakening-rising-experiences

 

 

 

’Namasté’ betekent: Mijn Boeddha-natuur groet de Boeddha-natuur in jou. Ofwel, ik kijk niet naar de ego, maar wie je werkelijk bent. Wie je werkelijk bent is dit energetische lichaam, je ziel, Christus-bewustzijn of Boeddha-natuur. Maar je bent hier geboren op deze plaats in deze tijd en hier zul je het moeten gaan doen. Je leert heel snel in je kinderjaren dat volledig openstaan voor energie niet genoeg is.

Er is een aardingproces en een ego nodig om je ding te kunnen doen hier en nu. Je bent geboren in een gezin met ouders die al een heel lang aardingproces achter zich hebben, een ego hebben gevormd en vanuit dat ego proberen zich staande te houden in deze maatschappij. Dit gaan we allemaal doen. Elke volwassene heeft zich geaard en een ego gevormd.

Daarbij zijn we vaak het contact met de Universele energie, ons contact met onze eigen Boeddha-natuur vergeten. Omdat de nadruk in het westen zo nadrukkelijk ligt op weten in plaats van voelen, leren in plaats van loslaten, en vertrouwen zoeken in status/macht/carrière/geld in plaats van vertrouwen zoeken in wie je werkelijk bent, zijn we die werkelijkheid deels kwijtgeraakt.

In plaats daarvan maken we een nieuwe werkelijkheid waarin gehechtheid aan jezelf (ik) en je omgeving (mijn en ons) centraal staan. Daarnaast staat ook afkeer centraal, afkeer naar datgene bedreigend is voor het ik, het Mijn en het Ons. Dit alles wordt veroorzaakt door onwetendheid, onwetendheid wie we werkelijk zijn, onwetendheid over onze Boeddha-natuur. Gehechtheid, afkeer en onwetendheid zijn binnen het Boeddhisme de drie vergiften waar negativiteit uit voortkomt.

We hebben dus een nieuwe werkelijkheid geschapen. Tegelijk zijn we nog steeds een energetisch wezen ook al beseffen we ons dat steeds minder. Dit energetische wezen heeft behoefte aan energie, alleen zijn we verleerd om deze energie vanuit het Universum te ontvangen omdat dit niet meer past in onze nieuwe werkelijkheid.

Daarom gaan we binnen onze nieuwe werkelijkheid op zoek naar manieren om toch energie te ontvangen. De eerste mensen waar we energie van ontvangen zijn onze ouders. In eerste instantie gaat dat vanzelf, een baby krijgt (bijna) altijd de aandacht en de liefde die het nodig heeft. De baby is de centrale factor binnen het gezin.

Maar als deze baby uitgroeit tot een kind is deze vanzelfsprekendheid veel minder. Je moet gaan vechten om je plaats en om aandacht. Het kind gaat bij zichzelf te raden op welke manier hij de meeste energie kan ontvangen van zijn ouders. Zoals we reeds weten zijn er vier karakterstructuren: bullebak, ondervrager, afstandelijke en arme ik.

 

 

voorbeeld

 

Stel het kind heeft 2 ouders die allebei bullebakken zijn. Het kind verlangt energie, liefst in positieve zin, lukt dat niet, dan in negatieve zin. Het kind kan uitgroeien tot  eveneens een bullebak, maar dan krijgt het voornamelijk negatieve energie (ruzie) en dat zal dus niet zijn eerste optie zijn. Veel logischer is het als het kind een arme ik wordt.

Dan krijgt het positieve aandacht omdat het kind dat gedrag vertoont waarin de bullebak zich graag in mengt. De bullebak overheerst, geeft adviezen, geeft sturing, en de arme ik ontvangt. Zo creëert elk beheersingssysteem een ander beheersingssysteem, in eerste instantie vanuit positieve energieoverdracht. Als dat niet lukt, dan vanuit negatieve energieoverdracht, zolang er maar energieoverdracht is.

Een bullebak zal in eerste instantie een arme ik creëren. Pas daarna een andere bullebak. Een bullebak zal niet snel een ondervrager creëren omdat de ondervrager de bullebak alleen maar woest en kwaad maakt met zijn vragen en de ondervrager ook geen voeding krijgt omdat hij geen antwoorden krijgt. Hij genereert woede terwijl hij juist het gesprek opzoekt.

Ook zal een bullebak niet snel een afstandelijke creëren, omdat een afstandelijke de bullebak helemaal niets geeft maar zich wel continu op de huid gezeten voelt zitten, terwijl de afstandelijke dat nu juist niet wil. De ondervrager schept voornamelijk afstandelijke kinderen. De ouder vraagt zo veel dat het afstompt bij het kind. De enige mogelijkheid van het kind om te ontkomen aan de vragenzee is een afstandelijke houding aan te nemen.

Hoe minder je je ouders vertelt, des te minder kennis hebben ze om vragen op te baseren. Daarnaast houdt het vragen stellen vanzelf op als er geen antwoord komt. In sommige gevallen creëert de ondervrager een arme ik. De afstandelijke ouders scheppen op hun beurt juist ondervragende kinderen. Als je vader en je moeder het enige referentiekader is (en dat zijn ze de eerste jaren van je leven ook) en je ouders zijn afstandelijk, dan ga je ze uithoren en ondervragen.

Zijn de ouders extreem afstandelijk, dan kan de dominantie van de ondervrager zelfs onvoldoende zijn en is er meer voor nodig, kan het kind zelfs zeer boos worden als het geen antwoorden krijgt en schiet door naar de bullebak of schiet door naar de arme ik, helemaal als het kind denkt dat het aan hem ligt dat zijn ouders niets zeggen. arme ik trekt voornamelijk een bullebak aan, in mindere mate een afstandelijke.

Natuurlijk zijn er altijd andere combinaties mogelijk. In onze kinder- en pubertijd creëren we dus een karakterstructuur. Ons ego is dus het ego van de bullebak, ondervrager, afstandelijke of arme ik. Om dit te bewerkstelligen kan een persoon zich een beheersingssysteem aanmeten die hij als middel gebruikt om zijn eigen karakterstructuur veilig te stellen.

Een afstandelijke (karakterstructuur) wilt met rust gelaten worden, houdt niet van verassingen en wendingen en kan de ondervragende rol  gebruiken om in zijn omgeving af te tasten waar iedereen mee bezig is. Op het moment dat hij dit weet en beseft dat er geen verassingen te wachten staan kruipt hij terug in zijn eigen karakterstructuur van afstandelijke.

Nu we ons eigen karakterstructuur en beheersingssystemen kennen, kunnen we er iets aan doen. Je weet nu hoe je energie ontneemt vanuit je omgeving. Vaak is het zo dat je (on)bewust je partner gekozen hebt op basis van je eigen beheersingssysteem. Waren je ouders bullebakken en ben jij een arme ik, dan kan het heel goed zijn dat je partner ook een bullebak is. Sterker nog, het kan heel goed zijn dat veel van je vrienden ondervragers of bullebakken zijn.

Je voelt je prettig bij dominante mensen en niet bij passieve mensen. Hierdoor ontneem je jezelf spirituele groei omdat je een groot deel van de mensheid buiten je sluit. Het niet omgaan met andere arme ikken en afstandelijke ontneemt je de mogelijkheid te leren van deze arme ikken en afstandelijken. Inzicht krijgen in wie je bent, hoe je je ego hebt gevormd is heel belangrijk wil je je karakterstructuur en beheersingssysteem transformeren in:

 

bullebak leider
ondervrager advocaat/ leraar/ adviseur
afstandelijk  onafhankelijk denker, neutraal iemand
arme ik  hervormer

 

Om dit te kunnen bewerkstelligen zijn meerdere technieken mogelijk. Al deze technieken hebben echter tot resultaat dat je intuïtiever gaat worden. Deze intuïtie doet zich voor in dromen, gedachten en visioenen. Het ontvangen van een intuïtie is één, de les eruit halen door de intuïtie te voelen is het vervolg.

 

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

   

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Jeans die bij jou past

Standaard

.

De juiste jeans kan wonderen verrichten: het belangrijkste is dat de jeans de juiste pasvorm heeft en goed bij het figuur en bij elke gelegenheid past! Wij trekken onze trukendoos open met alle tips en tools voor het vinden van de perfecte jeans. 

 

 

Bij het kiezen van een goede jeans zijn dus een aantal punten belangrijk:

 

welk figuurtype heb je?

welk materiaal?

hoe te stylen?

 

 

 

bootcut model

 

 

 

 

 

flair model

 

 

 

 

 

skinny model

 

 

 

 

Figuurtypes

 

 

Appel

Zorg dat je broek niet te hoog zit maar juist laag op de heupen als je figuurtype appel bent. Het model bootcut (rechte pijpen), het flairmodel (wijd uitlopende pijpen) en de skinny jeans zijn goede modellen voor je. Bij de skinny jeans komen je mooie slanke benen goed uit. Persoonlijk vinden wij het bootcut model niet heel erg vrouwelijk. Om meer vrouwelijkheid te krijgen bij dit model, draag je er een hak onder. Ook het flair model jeans draag je het liefst met een hak (enkellaarsje of pump); dit verlengt de benen en staat veel vrouwelijker!

 

 

 

Peer


Alle modellen jeans, dus de bootcut, flair en skinny, passen bij een peer figuur. Let op met zakjes, klepjes, plooitjes rondom de heupen en billen want dit kan meer volume (optisch) geven. Ook broeken met een print, als je benen vol zijn, is geen goede optie. Kies voor een jeans/broek die rustig is en in een wat donkere kleur. Hierdoor lijken de benen optisch smaller en langer.

 

 

 

Zandloper


Een zandloper kan ook alle modellen jeans hebben, alleen moet men bij dit figuurtype (als enige) de juist hoge taillebroeken dragen, dan komt de taille extra mooi tot zijn recht.

 

 

 

Aardbei


Het figuurtype aardbei met smalle heupen kan juist klepjes en stiksels op de kontzakken hebben. Ook plooitjes bij de tailleband of steekzakken zijn een goede keuze. Opzichtige stiksels rondom de heupen is ook goed. Zo maak je het heupgebied ‘voller’ en komen de schouders (die bij het aardbeitype breder zijn dan de heupen) weer in balans met de heupen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Tips

 

  1. How Lovely!
    Iedereen kent het: de love handles, omdat sporten er net iets te vaak bij inschiet of het ‘vet’ zich heel graag hier manifesteert. Een welbekend fenomeen en niet erg bevorderlijk voor het sexy jeans-gevoel. Draag corrigerend ondergoed onder je kleding zodat de ‘lovehandles’ minder opvallen.
  2. De zakken van een jeans zijn niet zomaar ‘zakken’!
    Appel of peer? Voor elk billentype geldt dat de keuze voor een jeans afhankelijk is van de positie van de achterzakken. Bij een wat rondere appelvorm geldt: des te dichter de zakken bij de middennaad, des te kleiner de bips oogt. Opgestikte zakken en grotere applicaties resulteren daarentegen in een ronder en voller formaat. ‘Peer’-billen die plat zijn, komen beter tot hun recht met midden- tot diepzittende achterzakken. In dit geval zijn klepjes op de billen een goede optie.
    Spits toelopende vijfhoekige zakken laat het achterwerk extra klein lijken.
  3. Probleemzones? Nee, bedankt!
    Donkere kleuren werken magisch voor dames met volle benen. Het is de troef voor een slanke look. Voor een volume boost aan het figuur zijn de zogenaamde stone bleached jeans (erg helder en ‘uitgewassen’) uitermate geschikt. Bij een voorliefde voor bijzondere wassing, is het goed om bewust te zijn van jouw ‘probleemzones’. De bedoeling is namelijk deze niet te benadrukken.
  4. Tight of loose? De keuze is aan jou!
    De keuze voor een strak of los jeans model, is een kwestie van persoonlijke smaak en je figuur. Elke pasvorm heeft een uniek effect. Een strakke Slim Fit of skinny bijvoorbeeld, benadrukt het figuur, met name de benen. Heb je korte benen dan is een ‘boy- of girlfriend’ model jeans niet de beste optie omdat door het laaghangende kruis je benen nog korter lijken.
  5. “Spiegeltje, spiegeltje aan de wand…”
    Een kijkje in de spiegel is essentieel bij de aankoop van een jeans. Een kritische self-check van voren en van achteren is een must. Een perfecte fit aan de voorkant, is geen garantie voor een geweldig achterwerk. Misschien zitten de zakken niet perfect? Doe altijd een double check!
  6. Klein en rond? Geen probleem!
    Voor personen met een kleine lichaamsbouw en veel rondingen, is het vinden van de perfecte pasvorm appeltje-eitje. Trek wederom de donkere kleuren uit de kast voor een slank effect. Verder is het raadzaam om toeters en bellen zoals opvallende zakken te vermijden.
  7. Lengte onder de loep!
    Lengte is een belangrijk criterium in de jacht naar de perfecte jeans. Te lang of te kort is ongeoorloofd. Vergeet bij het kopen van een jeans niet dat door het dragen plooien ontstaan en de jeans hierdoor tot twee centimeter korter wordt. Als de jeans een tikkeltje te lang is, is oprollen de oplossing. Deze tactiek heeft als gevolg dat de benen wat korter ogen. Een bezoekje aan het naaiatelier is in dit geval een uitkomst.
  8. Wow, die benen!
    Laat je slanke benen goed zien in de bekende skinny jeans! In combinatie met brede bovenstukken, zoals poncho’s en oversized truien laat je je benen nog slanker lijken en wordt contrast tussen je boven en onderlichaam groter.
  9. Perfecte premissen!
    Voor de dames gezegend met ellenlange benen en slanke armen, zijn er ontelbaar veel potentiële perfecte jeans. Van Slim Fit tot boyfriend, dit figuur kan alles hebben. Het is een kwestie van modegevoel en stemming.
    Een kleine tip: als je kiest voor een 7/8 model dan lijken je benen korter.
  10. De beste vriendin
    Gezien het mega immense jeans aanbod, is het logisch dat de onzekerheid toeslaat. Bij twijfel is het nemen van een zelfportret een gouden tip. Met behulp van een snapshot is een persoonlijk oordeel te vellen over de mogelijk perfecte jeans.

 

 

 

 

 

 

 

 

The Little Flower of Jezus – Saint Therese of Lisieux

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Saint Therese of Lisieux, the Little flower of Jezus / de heilige Theresia van Lisieux, de Kleine bloem van Jezus

 

 

 

 

 

 

 

  • Saint Thérèse of Lisieux, (2 January 1873 – 30 September 1897), also known as Saint Thérèse of the Child Jezus. She was a French Catholic Discalced Carmelite nun who is widely venerated in modern times. She is popularly known as “The Little Flower of Jesus” or simply “The Little Flower”.

 

  • Theresia van Lisieux is een Franse heilige en kerkleraar van de Rooms-katholieke kerk. Haar feestdag valt op 1 oktober. Theresia trad in het klooster bij de orde van de Ongeschoeide Karmelietessen. Zij  is bekend als “De Kleine Bloem van Jezus” of gewoon “De Kleine Bloem”. Ze wordt ter onderscheid van de heilige Theresia van Ávila ook wel “de kleine Theresia” genoemd. Geboren: 2 januari 1873, Alencon – Frankrijk.  Overleden: 30 september 1897, Lisieux – Frankrijk.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Is de vrees voor God terecht?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

hand-of-god-cloud-heaven-portugal-weather-nteb-933x445

 

 

 

 

De vrees voor God is het begin van begrip

 

In de hele Joodse Schrift lezen we dat de vrees voor God het begin is van begrip,wijsheid en kennis.” De vrees, vertaald als het ontzag voor God, is zelfs een hoofdthema in het gehele Oude Testament:

 

“Het begin van alle kennis is ontzag voor de Heer; een dwaas veracht de wijsheid en weigert elk onderricht” (Spreuken 1:7).

 

“Het begin van wijsheid is ontzag voor de Heer, wie leeft naar Zijn wet, getuigt van goed inzicht” (Psalm 111:10).

 

“Wijsheid begint met ontzag voor de Heer, inzicht is vertrouwdheid met de Heilige” (Spreuken 9:10).

 

“Wat Hij heeft besloten, voert Hij uit, en Hij heeft nog veel meer plannen. Daarom maakt Zijn aanwezigheid mij zo beducht; wanneer ik Hem beschouw, dan sidder ik. God heeft mijn hart verzwakt, de Ontzagwekkende heeft mij verlamd” (Job 23:13-16).

 

“Hebben jullie geen ontzag voor Mij? – spreekt de Heer. Beven jullie niet voor mij?” (Jeremia 5:22).

 

“Onderwerp u, toon de Heer uw ontzag, breng Hem bevend uw hulde” (Psalm 2:11).

 

“Het ontzag voor de Heer is zuiver, houdt stand, voor altijd” (Psalm 19:10).

 

“Laat heel de aarde vrezen voor de Heer, en wie de wereld bewonen Hem duchten” (Psalm 33:8).

 

“Kom, kinderen, luister naar mij, ik leer je ontzag voor de Heer” (Psalm 34:12).

 

“Wijs mij Uw weg, Heer, laat mij wandelen op het pad van Uw waarheid, vervul mijn hart met ontzag voor Uw naam” (Psalm 86:11).

 

“Alles wat je hebt gehoord komt hierop neer: heb ontzag voor God en leef Zijn geboden na. Dat geldt voor ieder mens” (Prediker 12:13).

 

 

 

 

De werkelijke betekenis

 

In deze teksten over Godvrezendheid is het woord ontzag afgeleid van Hebreeuwse woorden zoals yirah, yare en pachad , dat eigenlijk angst, schrik of er- tegenop zien betekent. Hoewel veel christelijke leraren de vrees voor God wat milder zullen overbrengen en in plaats daarvan woorden als respect, eerbied of eer zullen gebruiken, is de Hebreeuwse taal er vrij duidelijk over.

 

 

 

 De rest van het verhaal

 

Het goede nieuws is dat de vrees voor God pas het begin is van begrip. Het grote nieuws is dat de Liefde van God, door Jezus Christus weerspiegeld in het Nieuwe Testament, de macht heeft om deze angst te verwerpen en ons te bevrijden!

 

“De liefde laat geen ruimte voor angst; volmaakte liefde sluit angst uit, want angst veronderstelt straf. In iemand die angst kent, is de liefde geen werkelijkheid geworden” (1 Johannes 4:18).

 

“Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden. Geliefde broeders en zusters, als God ons zo heeft liefgehad, moeten ook wij elkaar liefhebben. Niemand heeft God ooit gezien. Maar als we elkaar liefhebben, blijft God in ons en is Zijn liefde in ons ten volle werkelijkheid geworden” (1 Johannes 4:7-12).

 

“Maar God bewees ons Zijn liefde doordat Christus voor ons gestorven is toen wij nog zondaars waren” (Romeinen 5:8).

 

“Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals Ik jullie heb liefgehad. Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden”Johannes 15:12-13).

 

 

 

 

De liefde van God

 

Hoe kunnen wij dat zo grote nieuws over Jezus Christus begrijpen als we niet eerst de vrees voor God bevatten? Kunnen wij zonder totaal ontzag voor een volmaakte Schepper werkelijk naar waarde beseffen wat Jezus Christus, de Zoon van God, voor ons deed op het kruis van Golgotha?

Pas als we het hele verhaal begrijpen en accepteren, kunnen we ons leven leiden met een bijzondere waardering voor twee waarheden die naast elkaar bestaan: de “vrees voor God” en de “Liefde van God.”

 

“.. wie de Heer  vreest, zeggen: ‘Eeuwig duurt Zijn trouw’” (Psalm 118:4).

 

“Vreugde vindt de Heer in wie Hem eren en in wie hopen op Zijn liefde en trouw” (Psalm 147:11).

 

“Luid riep hij: ‘Heb ontzag voor God en geef Hem eer, want nu is de tijd gekomen dat Hij Zijn oordeel zal vellen. Aanbid Hem die hemel en aarde, zee en waterbronnen geschapen heeft’” (Openbaring 14:7).

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

 

Het op schrift zetten van de Bijbel.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

en-de-i0-geboden

 

.

.

.

 

 

De eerste vermeldingen van schrijven

 

De Bijbel is het geschreven Woord van God. De oudste geschiedenis van de Bijbel hangt daarom samen met de geschiedenis van het schrift. Zonder schrift geen Bijbel. De Bijbel zelf spreekt voor het eerst over schrijven in het boek Exodus. De Tien Geboden werden door God zelf geschreven op stenen tafelen. En Mozes schreef de woorden van de wet op in een boek:

“Hierna schreef Mozes alles op wat de Heer had gezegd. Vervolgens nam hij het boek van het verbond en las dit aan het volk voor” (Exodus 24:4,7 ).

 

 

God gebood hem de geschiedenis met Amalek op te schrijven:

“En de Heer zei tegen Mozes: Leg deze overwinning in een oorkonde vast” (Exodus 17:14 ).

 

 

De namen van de twaalf stammen van Israël stonden gegraveerd in edelstenen op Aärons borstschild en schouderstukken; op zijn tulband zat een gouden plaat waarop stond geschreven: ‘Aan de Heer gewijd’ (Exodus 39:6,14, 30 ).

Toen God wilde tonen dat Hij Aäron tot hogepriester had gekozen, liet Hij de twaalf vorsten van Israël elk hun staf inleveren met hun naam daarop geschreven (Numeri 17:2,3,8). Ook in de wet komt het schrijven naar voren. In het voorschrift over jaloersheid moest de priester bijvoorbeeld een vervloeking opschrijven (Numeri 5:23).

 

 

 

image

 

 

 

 

 

Het ontstaan van schrift

 

Lange tijd werd ontkend dat men zo lang geleden kon schrijven. In de tijd van Mozes zou de schrijfkunst nog niet hebben bestaan. Intussen weten we beter. De oudste geschreven teksten die we bezitten stammen uit de tijd tussen 3500 en 3000 v.Chr. en Mozes leefde zo’n 2000 jaar later. Aanvankelijk was er sprake van een primitief beeldschrift dat zich geleidelijk ontwikkelde tot spijkerschrift.

 

 

 

spijkerschrift

spijkerschrift

 

 

 

 

Het eerste ons bekende spijkerschrift was Sumerisch, later volgden Assyrisch en Babylonisch evenals een aantal Semitische talen. In latere tijden zijn in andere delen van de antieke wereld andere schriftvormen ontstaan. Rond 3000 v. Chr. ontstond in Egypte het hiëroglyfenschrift. Deze schriftvormen zijn nauw verbonden met de materialen die men voorhanden had.

De gecompliceerde beeldschriftvormen en de daarvan afgeleide schriftvormen vereisten een langdurige schrijversopleiding. Er ontstond een aparte klasse van schrijvers. Jongens die hiervoor werden opgeleid gingen vanaf hun zesde jaar naar een schrijversschool, waar ze 10 tot 12 jaar moesten leren. Niet alleen schrijven, maar ook landmeten en andere wetenschappen waarbij schrijven of geschreven boeken te pas kwamen.

Alleen gegoede ouders konden zo’n langdurige opleiding betalen. Maar de jongen was dan ook verzekerd van een goede baan als ambtenaar of een soort notaris. De uitvallers van de opleiding werden dorpsschrijver. De goede schrijvers konden veel macht verwerven, omdat rijksbestuurders zelf vaak net zo min konden schrijven of lezen als het gewone volk.

De invoering van alfabetisch schrift heeft hierin echter grote verandering gebracht. Toen de richter Gideon een jongen uit Sukkoth in handen kreeg, schreef deze namen van vorsten en oudsten voor hem op. En dan niet met veel moeite één of enkele namen, maar een lange lijst van 77 (Richteren 8:14). De schrijver van het boek Richteren nam niet de moeite vooraf te vermelden dat de jongen kon schrijven. Dat sprak kennelijk vanzelf.

Toen Jesaja sprak over de ondergang van Assur, vergeleek hij dat met een bos waarvan zo weinige bomen overblijven dat ze “te tellen zijn, ja, een jongen zal ze kunnen opschrijven” (Jesaja 10:19). De beperkingen van het kind lagen hier niet in zijn schrijfkunst, maar in zijn vaardigheid tot tellen. Eerder had God tot Jesaja gezegd:

“Neem een groot schrijftablet en noteer daarop in leesbaar schrift…” (Jesaja 8:1 ).

 

De eventuele moeilijkheid om het te lezen lag in het al of niet duidelijk schrijven van Jesaja, niet in een mogelijke ongeletterdheid van het volk. De consequentie hiervan was dat de Israëliet zelf toegang had tot Gods Woord omdat hij het zelf kon lezen.

 

 

 

 

Het schrijven van de Pentateuch

 

 

Pentateuch

Pentateuch

 

 

 

Volgens de traditie heeft Mozes de eerste vijf boeken van de Bijbel geschreven. Aangezien ook Jezus zich hierbij aansloot, hebben we alle reden dit te geloven. Dat ligt echter anders met de bijbehorende gedachte dat met name het materiaal van Genesis tot aan Mozes mondeling zou zijn overgeleverd. Hiertegen worden door sommigen argumenten aangevoerd van drieërlei aard:

  1. Argumenten van aardrijkskundige aard. Namen of situaties die ten tijde van Mozes niet meer bestonden worden als nog bestaand beschreven.
  2. Aanhalingen uit het Nieuwe Testament waaruit blijkt dat bepaalde woorden uit Genesis al op schrift stonden voordat andere in Genesis beschreven gebeurtenissen plaatsvonden (Galaten 3:8 vgl Jakobus 2:23, Hebreeën 11:5).
  3. De argumenten van P.J. Wiseman, die stelt dat Genesis sporen draagt van oorspronkelijke teboekstelling op kleitabletten. Het verhaal van de schepping zou door God aan Adam zijn geopenbaard en door deze, of door God zelf, opgeschreven.

 

Wiseman wijst voor de onderbouwing van zijn theorie op frappante overeenkomsten in literaire stijl tussen Genesis en de bekende kleitabletten. Genesis begint met: “In den beginne schiep God de hemel en de aarde.” Hoofdstuk 2 begint met: “Alzo werden voltooid de hemel en de aarde en al hun heir.” Volgens Wiseman betekent dit:

“Hiermee is het verhaal voltooid van hemel en aarde’ en alle tabletten daarvan.”

 

 

 

kleitablet

kleitablet

 

 

 

 

De overgang op een nieuw kleitablet binnen een verhaal werd vaak gemarkeerd door herhaling van woorden, die aan het eind van het ene tablet stonden, aan het begin van het volgende tablet. Dit verschijnsel vinden we ook in bijvoorbeeld Genesis 11:26 en 27. Vanaf hoofdstuk 37 verdwijnen de genoemde kenmerken.

Het verhaal wordt dan ook breedsprakiger. Dit klopt met het feit dat de geschiedenis van Jozef in Egypte te boek moet zijn gesteld. Daar gebruikte men geen kleitabletten maar papyrusrollen waarop een doorlopende, en veel uitgebreidere, tekst kon worden geschreven.

 

 

 

papyrusrol

papyrusrol

 

 

 

 

Alles wat Mozes dan gedaan zou hebben is de verschillende verslagen tot één verhaal samenvoegen en er hier en daar wat aantekeningen aan toe voegen. Dat Mozes zelf kon schrijven hoeven we hier niet meer te betogen. Het schrift bestond, in tegenstelling tot wat men in de negentiende eeuw nog meende, ook in Egypte al meer dan 1500 jaar.

Hooguit kan men de vraag stellen of Mozes dan tot de schrijversklasse behoorde. Stephanus geeft ons daarop een antwoord:

“En Mozes werd onderwezen in alle kennis (wijsheid) van de Egyptenaren” (Handelingen 7:22).

 

 

Deze kennis/wijsheid steunde op de kennis van het geschreven woord, welke kennis ook zelf deel uitmaakte van die wijsheid.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

De ontmoeting met Maria, de moeder van Jezus

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Jezus uit en in Maria

Jezus uit en in Maria

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Lucas vertelt over twee bijzondere geboorten: de eerste van Johannes de Doper, de voorbode van de Here Jezus, en de tweede van Jezus zelf:

“In de zesde maand (van de zwangerschap van Elisabeth) zond God de engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje (maagd) dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria. Gabriël ging haar huis binnen en zei: ‘Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je’.

 

 

Maria schrikt en vraagt zich af wat dit te betekenen heeft. De engel gaat verder:

“Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen”.

 

 

Tot haar verbazing hoort zij dat ze zwanger zal worden voordat ze met Jozef getrouwd is. Ze stelt daarom de vraag:

“Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad”.

 

 

Waarop Gabriël haar vertelt:

“De Heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig worden genoemd en Zoon van God”.

 

 

Gabriël vertelt haar ook dat haar oude tante Elisabeth al zes maanden zwanger is. Heel nederig, en vol geloof, antwoordt zij:

“De Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd”.

 

 

Ze denkt niet aan alle problemen die er nu voor haar gaan komen. Wie zal haar geloven? Iedereen zal denken dat ze overspel heeft gepleegd. Hoe zal Jozef reageren? Als hij haar verlaat zal ze helemaal alleen zijn, niemand zal voor haar willen zorgen. Op overspel staat zelfs de doodstraf. Ze gelooft de woorden van Gabriël en besluit direct naar Elisabeth te gaan. De begroeting van Elisabeth klinkt haar als muziek in de oren. Ze krijgt hierdoor nog een bevestiging dat Gabriël de waarheid heeft gesproken:

“Toen Elisabeth de groet van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot; ze werd vervuld met de Heilige Geest en riep luid: ‘De meest gezegende ben je van alle vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot! Toen ik je groet hoorde, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot. Gelukkig is zij die geloofd heeft dat de woorden van de Heer in vervulling zullen gaan’.”

 

 

Deze woorden tonen dat Maria de woorden van Gabriël direct geloofde, in tegenstelling tot Zacharias, die als bewijs een teken vroeg. Maria antwoordt Elisabeth met een lofzang. Hierin laat zij voor het eerst haar grote blijdschap zien, om wat de Here voor haar heeft gedaan.

“Mijn ziel prijst en looft de Heer, mijn hart juicht om God, mijn redder: Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares. Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen, ja, grote dingen heeft de Machtige voor mij gedaan, heilig is zijn naam”.

 

 

Dit is alles wat zij over zich zelf zegt. Belangrijker voor haar is de vervulling van Gods heilsbeloften:

Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar, zoals hij aan onze voorouders heeft beloofd: hij herinnert zich zijn barmhartigheid jegens Abraham en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid.”

 

 

Uit de lofzang, waarin vele aanhalingen uit de psalmen en profeten staan, blijkt dat Maria de Schriften goed kende. Na haar terugkeer neemt Jozef zijn verloofde Maria bij zich in huis. God had hem in een droom de situatie uitgelegd. Jozef gelooft God en neemt de verantwoordelijkheid voor moeder en kind op zich. De geboorte vond plaats in een sombere stal. Het bezoek van de herders gaf grote blijdschap en maakte diepe indruk op Maria. Ze begreep niet alles van wat ze vertelden maar:

“bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken”(Lucas 2:19).

 

 

Deze houding was typerend voor Maria. Wanneer Jezus bij verschillende gelegenheden ‘vrouw’ en niet moeder zei, was dat niet koel en afstandelijk bedoeld. Het ging Jezus erom dat niet de biologische maar de geloofsband belangrijk is. De liefde van Jezus voor zijn moeder was groot. Bij de kruisiging gingen de woorden van Simeon (Lucas 2:35) in vervulling:

“en zelf zult u als door een zwaard doorstoken worden”.

 

 

Jezus troostte haar ; toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie hij veel hield, zei hij tegen zijn moeder:

‘Vrouw zie uw zoon’,

 

 

en daarna tegen de leerling:

‘Zie uw moeder’.

 

 

Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis”( Johannes 19:26-27). Vrouw niet moeder. Jezus wilde niet dat Maria alleen maar zou treuren om het verlies van een zoon, maar zou zien dat zij Hem terugkreeg als haar Heer. Samen met de discipelen in de bovenzaal toonde zij een groot geloof in haar Heiland:

“Deze allen bleven eendrachtig volharden in het gebed, met enige vrouwen en Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broeders”( Handelingen 1: 14).

 

Laten wij, net zoals zij, de Here aanbidden en uitzien naar zijn wederkomst!

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

Magnesiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Magnesiet is kleurloos, wit, geel, groen tot bruin. De steen is doorschijnend tot doorzichtig met een glasachtige glans. De steen kan, gepolijst, makkelijk verward worden met howliet. Magnesiet wordt soms turquoise geverfd als goedkope imitatie van turkoois. Het verschil tussen magnesiet en howliet is met het blote oog bijna niet te zien. De mineralen kunnen alleen betrouwbaar onderscheiden worden met behulp van een zuurtest waarbij mineraalpoeder voorzichtig in een verwarmde oplossing van 10% zoutzuur wordt gestrooid.

Magnesietpoeder ontwikkelt hierbij gasbelletjes en howliet veranderd in een gel-achtige massa. Uiterlijk is het enige verschil dat de aders in howliet eerder grijs zijn en in magnesiet meer bruin of zwart. Het verven van magnesiet maakt zijn energie of werking minder krachtig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: MgCO3

hardheid: 3,7-4,3

dichtheid: 3

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De gehaltes van juwelen

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Wie over de kwaliteit van juwelen spreekt, heeft het eigenlijk over gehaltes en legeringen. Die maken uiteindelijk, naast uiteraard het vakmanschap van de ontwerper en de zeldzaamheid van het sieraad, mee de prijs uit.

 

 

 

 

         Esthetisch aspect

 

Er zijn een aantal factoren die de waarde van een antiek juweel bepalen. Vooreerst is er het esthetisch aspect: een mooi, met vakmanschap uitgevoerd juweel heeft uiteraard een grotere waarde dan een juweel dat slordig werd gemaakt.

Ook speelt de zeldzaamheid van een juweel een rol om tot een waardebepaling te komen. Heeft u een juweel uit de oudheid waarvan er maar één meer bestaat, dan heeft u wellicht de jackpot gewonnen, zeker als het volgens de regels van de kunst gemaakt is. Laat het zeker schatten door een expert, die er u graag een correcte prijs voor zal geven.

 

 

 

Zeer mooi juweel

 

 

 

 

Gehalte of legering

 

Maar minstens even belangrijk als de leeftijd, de zeldzaamheid en het vakmanschap van de edelsmid is het gehalte van het juweel. Met gehaltes bedoelen we de mix van de verschillende metalen waarmee het juweel gemaakt werd. Voor juwelen geldt de minimale aanwezigheid van goud, zilver en platina of een mengeling van deze drie erg kostbare edelmetalen. Hoe meer en hoe zuiverder edelmetaal in het juweel, hoe hoger ook de prijs logischerwijze zal zijn.

 

 

 

Juweel uit een zilveren legering

 

 

 

 

Karaat

 

De waarde van goud wordt in karaat uitgedrukt. Het uitgangspunt is simpel: 24 karaat (of 100%) noemen we zuiver goud, 14 karaat wil zeggen dat 14 van de 24 delen uit puur goud bestaat en dat de overige 10 delen gevormd worden door andere metalen of edelmetalen die aan het goud worden toegevoegd om de eigenschappen van het goud te beïnvloeden.

We denken hierbij aan de hardheid van het goud, dat een zacht metaal is, maar ook de kleur, uitzicht, elasticiteit en zo verder. Al deze verschillende factoren worden door de expert die het juweel maakt of die het moet verkopen of aankopen in ogenschouw genomen om de juiste prijssetting te doen.
Ook speelt de functie van het goud een rol.

Goud in een stevig sieraad zal wellicht meer andere metalen bevatten omdat daar de stevigheid van belang is. Goud in een veer in een uurwerk of een veer zal misschien meer puur goud bevatten omdat het dan elastisch kunnen moet zijn. Het is dus niet  zo dat goud met een hoger karaat gehalte meer waard is dan een met minder karaat. Omwille van zijn zachtheid zal puur goud namelijk sneller verslijten dan goud waaraan ook andere metalen werd toegevoegd.

 

 

 

24 karaat goud

 

 

 

 

 

Verschillend van land tot land

 

De goudlegeringen verschillen van land tot land zonder dat daar duidelijke regels over bestaan. Het kan afhangen van de vlotte toegankelijkheid tot goud, maar evengoed van plaatselijke voorkeuren om juwelen met een bepaalde vorm of kleur te maken. Hetzelfde kunnen we zeggen van zilver, dat andere oogverblindende edelmetaal dat bij het maken van juwelen zo vaak gebruikt wordt. Hier spelen zeker ook sentimentele redenen mee. Platina bijvoorbeeld komt dan weer bijna altijd in een erg hoge legering van 950/1000 voor.

 

 

 

platina ringen

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA