Dagelijks archief: november 11, 2018

Meer overgewicht, meer kanker

Standaard

categorie :  gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Meer overgewicht, meer kanker

 

 

 

 

Een hogere BMI vergroot de kans op diverse veel voorkomende vormen van kanker. Dat wordt bevestigd door een grote studie onder meer dan vijf miljoen Britse volwassenen, waarvan de resultaten zijn verschenen in The Lancet.

Elke 5 kg/m² toename in BMI (een toename met ca 13 tot 16 kg) gaf een hoger risico van onder meer baarmoederkanker (62% toename), galblaaskanker (31%), nierkanker (25%), leverkanker (19%), colonkanker (10%), baarmoederhalskanker (10%), schildklierkanker (9%), borstkanker na de menopauze (9%), en leukemie (9%).

Hoe hoger de BMI hoe hoger ook het risico op lever-, darm-, eierstok- en borstkanker, maar het verband is iets minder duidelijk. Bij sommige kankers, zoals prostaatkanker, longkanker en borstkanker bij vrouwen voor de menopauze, bleek overgewicht echter beschermend te werken.

De onderzoekers hebben berekend dat ongeveer 41% van de baarmoederkankers en 10% van de galblaaskankers rechtstreeks verband houden met overgewicht. Ze schatten dat een toename in de populatie van het gemiddelde BMI met 1 kg/m² over een periode van twaalf jaar (dat is ruwweg 3 tot 4 kg per volwassene) leidt tot 3800 extra gevallen van kanker in het Verenigd Koninkrijk.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Etherische oliën : deel 4

Standaard

categorie : meditatie en yoga

 

 

 

 

Roos – Rosa damascena

 

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Is heel heilzaam voor de spijsvertering en eczeem. Regelt de bloedsomloop en is goed tegen bloedarmoede. Is heel nuttig bij de behandeling van impotentie en geeft verlichting bij pms.
Is fantastisch voor de droge en gevoelige huid. Verjongt en herstelt de huid.

Emotionele & psyche behandelingen: De roos brengt rust voor mensen die geestelijk overspannen zijn door stress en/of depressie. De roos is ook erotisch en sensueel, als je ze hier voor wil gebruiken. Roos pept het zelfvertrouwen op en brengt het gevoel van geluk en vrede.

Ook schept de roos een harmonieuze en vredige sfeer. De geur van roos ondersteunt het loslaten en opent je voor de liefde naar de wereld en de liefde naar jezelf. Roos werkt verzachtend bij emotionele irritaties en verdriet.

Spiritueel – Energetisch: Roos brengt genezing voor de hartchakra en helpt deze chakra zich te openen als ze zich door verdriet en pijn heeft gesloten. Maar als de hartchakra al open is, versterkt deze olie de energie ervan en laat ze de liefdesenergie naar buiten uitstralen.  Dit is een heel liefdevolle olie.

Maar je kan roos ook inzetten voor de heiligbeenchakra, het centrum van scheppingsdrang, seksualiteit en conceptie. De roos is een mild afrodisiacum.. De hoogste trillingen van de roos komen overeen met die van de kruinchakra, de zetel van de innerlijke meester

 

 

 

 

 

Salie – Salvia Officinalis

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Helpt tegen diarree, verkoudheid, griep, hoest en keelpijn. Ontspant spieren en is goed tegen vermoeidheid. Menstruatieopwekkend en helpt bij pms.

Emotionele & psyche behandelingen: Uitstekend middel bij depressie en verdriet.  Salie geeft weerstand en wilskracht. Deze olie heeft een stimulerende, opwekkende, versterkende en verwarmende invloed. De olie is nuttig om te verdampen bij lusteloze mensen die hun zelfvertrouwen kwijt zijn of geestelijk overspannen zijn.

Spiritueel – Energetisch: Vroeger dacht men dat salie wijsheid schonk. Ook ging men er van uit dat salie de verlosser van lichamelijke kwalen was. Je kan salie in combinatie met meditatie of visualisaties toepassen om inzicht en wijsheid te ontwikkelen. Salie werkt zeer goed bij mensen die veel onderdrukte woede in zich voelen. Ook voor mensen die “last” hebben met autoriteit en geen gelegenheid laten voorbij gaan om daar tegen in opstand te komen.

Deze houding vindt zijn oorsprong in de angst om afgewezen te worden door de omgeving of de maatschappij.
Deze gevoelens en gedachten werden in de jeugd vaak onderdrukt. Daarom is het nu moeilijk om deze ideeën op een neutrale, duidelijke manier te formuleren.

Salie is goed om gevoelens van onmacht te verwerken. Zeker als de omgeving kritiek geeft. Salie geeft de kracht om mensen die niet meer kunnen communiceren te leren hun gevoelens voor zichzelf te analyseren en ze dan op een evenwichtige manier naar buiten te laten komen.

 

 

 

 

 

Scharlei – Salvia Sclarea

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Is heel nuttig bij menstruatiepijn en bij de behandeling van PMS. Kan ook heilzaam zijn bij de behandeling van onvruchtbaarheid.

Emotionele & psyche behandelingen: Kalmeert paranoia en stimuleert seksualiteit.

Spiritueel – Energetisch: Scharlei brengt je in contact met de wereld van de dromen, waaruit men zoveel spirituele lessen kan halen. Scharlei zorgt ervoor dat we ons onze dromen beter kunnen herinneren. Ze kan gebruikt worden in een bad voor het naar bed gaan of in een aromaverstuiver. Een druppel op het kussen is ook mogelijk.

Hou bij je bed een boekje zodat je je dromen kunt opschrijven als je wakker bent. Schenk ook zeer veel aandacht aan dromen die opkomen zonder dat je daarom gevraagd hebt, want die dromen kunnen misschien wel licht werpen op zaken die je op bewust niveau niet in de gaten hebt. Op fijnstoffelijk niveau is scharlei een olie die ons innerlijke gezichtsvermogen versterkt en die ons helpt duidelijker te ‘zien’.

 

 

 

 

 

Zoete Sinaasappel – Citrus Sinensis

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Geeft verlichting bij verstopping en is goed tegen hartkloppingen. Gebruik zoete sinaasappel bij hoofdpijn, koorts, spanningen, angst, maagklachten, reisziekte, vertraagd hartritme, hartkloppingen, gebrek aan eetlust, koorts, nervositeit, spijsverteringsproblemen, slecht slapen, nervositeit, sterke transpiratie, hartbeklemming en eczeem.

Emotionele & psyche behandelingen: Maakt vrolijk en verdrijft neerslachtigheid, verdriet en angsten. Brengt de positieve dingen van het leven naar voor.

Spiritueel – Energetisch:  Zoete sinaasappel vormt samen met neroli (uit de bloesem) en petitgrain (uit de bladeren) het trio van oliën die de sinaasappelboom ons levert. Geen andere boom of plant schenkt ons drie verschillende oliën. Zoals de vrucht het lichaam voedt, zo voedt de olie de ziel en geeft ze haar een gevoel van vreugde.

Zoete sinaasappel kan je het best gebruiken als je je blij en gelukkig voelt en ervaar hoe ze overeenkomt met je eigen geluk. Maar als je ze gebruikt als je je ongelukkig voelt, dan zal ze je verwarmen en opvrolijken.

 

 

 

 

Sandelhout – Santalum Spicatum

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Goed voor de huid en verhoogt de weerstand. Is heel nuttig bij keelpijn en bronchitis. Heeft een antiseptische werking. Werkt goed bij blaasontstekingen. Ondersteunt de circulatie in de benen. Samentrekkend en versterkend voor de huid, verzacht en zuivert een droge en geïrriteerde huid.

Emotionele & psyche behandelingen: Helpt om het verleden los te laten en is zeer ontspannend. Werkt als een afrodisiacum, verdrijft neerslachtigheid en angst. Ontspannend en rustgevend. Sandelhout draagt bij tot een serene en positieve instelling.

Spiritueel – Energetisch: Sandelhout is een grote steun bij meditatie. De zeer speciale waarde ontleent de olie aan de eigenschap dat ze het ‘mentale gebabbel’ tot zwijgen brengt. Doordat het bewuste denkproces tot stilstand wordt gebracht, krijgt het denken de kans een diepere meditatieve staat te bereiken. Dit is natuurlijk ook van grote waarde bij de voorbereiding van genezings- en zelfgenezingssessies.

Ook visualisatie wordt gemakkelijker als het bewuste denken een tijdje opzij gezet kan worden. Sandelhout heeft een affiniteit met de wortelchakra. Maar de olie werkt ook op het niveau van de kruinchakra, waar ze de spirituele ontwikkeling bevordert. Sandelhout heeft ook bindingen met de hart- en de keelchakra.

De afrodisiacale eigenschappen van de olie, die zeer uitgesproken aanwezig zijn, wijzen op een werking op het niveau van de heiligbeencakra. Sandelhout beïnvloedt heel de chakra-energie en heeft veel verschillende effecten op subtiel niveau. Een van de belangrijkste eigenschappen van de olie is dat ze een verbinding tot stand brengt tussen de wortel- en de kruinchakra en alle chakra’s onderling harmoniseert.

 

 

 

 

 

Strobloem – Helichrysum Italicum

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Is zeer geschikt bij de behandeling van spierletsels en verstuikingen waarbij hematomen ontstaan. Strobloem wordt soms de Arnica onder de etherische oliën genoemd. Helpt goed bij blauwe plekken, ontstekingen, eczeem, neusverkoudheid en sinusitis, aderontstekingen, bacteriële infecties, griep, koorts, stress, astma, bronchitis, allergische huiduitslag, een te hoge bloedsuikerspiegel, leverklachten en helpt voor een betere doorbloeding.

Emoties & psyche behandelen: Strobloem activeert de intuïtieve zijde van de hersenen wat zeer belangrijk is voor het beoefenen van meditatie- en visualisatieoefeningen. Brengt inspiratie bij het beoefenen van muziek, schilderen en poëzie.

Spiritueel – Energetisch:  strobloem brengt je in contact met het gevoel van mededogen.
Meng twee druppels roos en een druppel strobloem (in 30 ml basisolie).  Deze combinatie brengt het denken (hoofd) en het voelen (hart) bij elkaar.

 

 

 

 

 

Tea Tree – Melaleuca Alternifolia

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Is goed voor het immuunsysteem, werkt uitstekend bij schimmels, tegen bacteriën en virussen. Verhelpt wratten en luizen. Werkt uitstekend tegen alle soorten vaginale infectie en jeuk aan de genitaliën of anus.

Emotionele & psyche behandelingen: Verheldert de geest en maakt de geest vrij van negatieve gedachten.

Spiritueel – Energetisch: Goed bij blokkade op de wortelchakra en wanneer de emoties te snel de overhand nemen.

 

 

 

 

 

Tijm – Thymus Vulgaris

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Helpt bij een trage spijsvertering en verhoogt een te lage bloeddruk. Werkt goed tegen keelinfecties.

Emotionele & psyche behandelingen: Geeft moed en voorkomt nachtmerries. Helpt om te concentreren. Verdrijft angst en depressies.

Spiritueel – Energetisch: Helpt mensen die wispelturig zijn en een onvermogen voelen zich te “herpakken”. Ook zeer nuttig bij conflicten met zichzelf en/of de omgeving.

 

 

 

 

 

 

Venkel – Foeniculum Vulgare var. Dulce

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Helpt zeer goed bij kneuzingen, etterende wonden, vette huid, cellulitis, oedeem, reuma, astma, bronchitis, anorexia, misselijkheid, problemen met menopauze, vastzittende hoest, verkoudheid, buikpijn, blauwe plekken, maag- en darmkrampen en gal koliek.

Emoties & psyche behandelen: Venkel geeft evenwicht en vriendelijkheid in de atmosfeer.

Spiritueel – Energetisch: Helpt het “negatieve” te weren. Als je je ooit bedreigd voelt op spiritueel gebied, doe dan enkele druppels in je handen (met een beetje basisolie) en ga ermee door de aura (op korte afstand van je lichaam).

 

 

 

 

 

Wierook – Boswellia Carterii

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Verjongt de huid en werkt heel goed tegen rimpels. Helpt bij astma.

Emotionele & psyche behandelingen:  Vermindert spanning en stress. Verbetert de stemming. Deze olie is ideaal om voor het mediteren te verdampen.

Spiritueel – Energetisch: Wierook olie wordt geassocieerd met onze hoogste spirituele idealen. Deze etherische olie doet ons dieper en langzamer ademen, waardoor lichaam en geest in een meditatieve staat worden gebracht. Dit is, samen met concentratie op de ademhaling, van grote waarde bij alle vormen van meditatie.

Wierook helpt ons banden met het verleden te breken, speciaal als die onze persoonlijke groei in de weg staan.
Gebruik de olie in een bad met de bewuste bedoeling alle oude banden die een belemmering vormen als het ware weg te wassen (samen met visualisatie).

 

 

 

 

 

Ylang-Ylang – Cananga Odorata

 

 

 

 

 

Op het lichaam: Verlaagt bloeddruk en hartslag. Brengt de hormonen in evenwicht. Goed tegen stress. Is een uitstekend middel voor de huid, reguleert de talgafscheiding.

Emotionele & psyche behandelingen: Geeft rust en verdrijft koppigheid. Werkt uitstekend bij depressie en kwaadheid. Brengt zelfvertrouwen terug.

Spiritueel – Energetisch: De zoete geur van deze olie roept gevoelens van vrede op en verdrijft kwaadheid. Kwaadheid vormt een obstakel voor meditatie, healing, genezing en andere spirituele activiteiten. Ylang-ylang kan slaapverwekkend zijn, dus niet aan te raden vlak voor het begin van een meditatiesessie.

De zoetheid van de geur kan voor sommige mensen een beetje zwaar zijn, het is dus beter de olie te mengen met bergamot of melisse. Dit zal de kalmerende eigenschappen versterken maar ook de geur minder zwaar maken.

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Aristoteles

Standaard

categorie : Beroemde mensen

 

 

 

Aristoteles (Stagira 384 – Chalcis 322 v.C.), één van de grootste

wijsgeren uit de oudheid



Aristoteles was in de oudheid, waar filosofie en wetenschap nog niet van elkaar gescheiden waren, een veelzijdig wetenschapper. Vooral zijn logica heeft een grote invloed gehad op de latere filosofie. Het belangrijkste element van deze logica is de leer van de oordelen. Aristoteles ging ervan uit dat alle zintuiglijke kennis in principe waar is. Pas in ons verstand leggen wij echter verbanden tussen de ervaringen, in de vorm van oordelen. Wij zien bijvoorbeeld: vrouw, zwart haar. En we vormen ons vervolgens het oordeel, de vrouw heeft zwart haar. Waarover wij spreken (vrouw) is het subject, wat wij ervan zeggen (zwart haar) is het predicaat.

Het meest algemene predicaat is ‘zijn’. Van alle dingen kan men immers zeggen dat ze zijn. Verder introduceerde Aristoteles de termen syllogisme, inductie en deductie. Van de logica zei Aristoteles dat hij deze opvatte als een leerschool voor het denken. Het is de leer van de principes waarop ons denken gebaseerd moet zijn, willen wij de juiste conclusies trekken uit onze waarnemingen. Aristoteles hield zich ook bezig met biologie. Ook dacht hij na over de wetmatigheid waaraan de natuur onderworpen is (hetgeen wij nu natuurkunde zouden noemen). Zo stelde hij bijvoorbeeld dat ‘worden’ niet de overgang is van niets naar iets, maar van potentie (het zaadje) naar verwerkelijking (de boom).

 

 

 

 

 

 

 

1.Leven

 

Zijn vader Nicomachus schreef  boeken over medische en fysische onderwerpen. Aristoteles is vroeg wees geworden. Op zijn zeventiende jaar vertrok hij naar Athene en werd in de Academie van Plato opgenomen, die hij na Plato’s dood (347) verliet. Daarna kwam hij aan het hoofd van een platonische gemeenschap in Assos te staan, trok echter spoedig naar Lesbos, en werd in 342 door koning Philippus naar Macedonië ontboden om de opvoeding van de veertienjarige Alexander te verzorgen. Hij keerde in 335 naar Athene terug, waar hij dertien jaar lang in de Peripatos (wandelgang) van het Lykeion heeft gedoceerd.

Ten gevolge van een anti-Macedonische reactie na Alexanders dood (323) werd hij als collaborateur beschouwd en aangeklaagd wegens goddeloosheid. Anders dan Socrates, die de gifbeker dronk, verliet hij de stad, zeggende dat hij de Atheners een tweede vergrijp aan de filosofie wilde besparen. Een jaar later stierf hij in Chalcis.
Persoonlijke bijzonderheden over hem zijn nauwelijks bekend. Uit zijn testament leren wij hem als een zorgzaam huisvader kennen en als een humaan meester voor zijn slaven. Van enkele vrienden weten wij alleen dat zij hem zijn leven lang trouw gevolgd hebben.

De overgeleverde briefwisseling met Alexander is vermoedelijk een vervalsing, en ongeloofwaardig is het bericht dat de koning zijn studies met een enorm bedrag steunde en op zijn expedities een staf van geleerden meenam om dieren en planten voor hem te verzamelen. De twee boeken die Aristoteles aan Alexander opdroeg, zijn verloren gegaan, maar wel is bekend dat hij daarin o.a. schreef dat het voor een koning niet nodig was om filosoof te zijn (dit tegen Plato), maar wel om naar het advies van een wijsgeer te luisteren.

 

 

2. Leer

 

De wijsbegeerte van Aristoteles draagt een sterk speculatief karakter en toont voortdurend de invloed van Plato, maar daarnaast is een uitgesproken belangstelling voor de empirische werkelijkheid merkbaar, die hem ertoe bracht om vrijwel alle gebieden van wetenschap in zijn filosofie te betrekken (wis- en geneeskunde zijn opvallende uitzonderingen).

 

 

 

2.1 De logica 

 

De logica beschouwt Aristoteles zelf niet als onderdeel van de filosofie: het is een leerschool voor het denken, en de daarop betrekking hebbende geschriften hebben later de naam Organon (= werktuig) gekregen. Evenals Plato heeft ook Aristoteles de sofisten bestreden, maar hij deed dat door een systematisch overzicht te geven van de oorzaken van hun valse redeneringen. Hij gaat ervan uit dat het oog de dingen ziet zoals zij zijn, dat het gehoor de werkelijke geluiden hoort, enz. Onze waarnemingen zijn op zichzelf waar, en zij geven ons een afbeelding van de werkelijkheid; fouten ontstaan doordat wij die waarnemingen verkeerd met elkaar verbinden en daardoor foute conclusies trekken.

Voor een adequate kennis van de werkelijkheid moeten de begrippen in hun samenhang met de werkelijkheid overeenkomen. De niet verder te herleiden elementen van de kennis zijn de Categorieën, dwz. de verschillende vormen waarin men zich uitspreekt over het bestaande. Wanneer wij een oordeel uitspreken, is datgene waarover wij spreken ‘subject’, wat wij ervan zeggen is het predicaat. Om dat predicaat tot uitdrukking te brengen beschikken wij over een aantal categorieën:

de substantie (ousia), bijv. mens of paard;

de kwantiteit, bijv. twee ellen lang;

de kwaliteit, bijv. rood of blauw;

de relatie, bijv. dubbel, groter;

en verder de categorieën: plaats, tijd, handelen en ondergáán.

Wanneer zij zonder verbinding gebruikt worden, drukken zij geen bevestigend of ontkennend oordeel uit (man, blank, gisteren); daartoe moeten zij verbonden worden (de man is blank), en het oordeel is waar of onwaar naarmate de verbinding overeenkomt met de verbindingen in de werkelijkheid. De eenvoudigste vorm van een oordeel is: A is B (kataphasis, bevestiging) of: A is niet B (apophasis, ontkenning). Uit twee oordelen (premissen genaamd), die één term (de ‘middenterm’) gemeen hebben, kan een syllogisme gevormd worden (= sluitrede bijv. A is B; B is C: ± A is C).

De mogelijkheden van het syllogisme zijn door Aristoteles zorgvuldig afgebakend, en het zeer verfijnde systeem van vormen van syllogismen heeft zich nog tot na Immanuel Kant kunnen handhaven. Steeds gaat hij van het algemene naar het bijzondere (deductie). Van de omgekeerde weg, die van het bijzondere uitgaat om tot conclusies ten aanzien van het algemene te komen (inductie), heeft hij in zijn natuurwetenschappelijke geschriften gebruikgemaakt. Strikt genomen zou alleen volledige inductie, waarbij alle bijzondere gevallen bekend zijn, geldig zijn.

Hij redeneert dat de afzonderlijke dingen uit algemene oorzaken zijn ontstaan; om ze te leren kennen moet men daarom eerst kennis van de algemene oorzaken verwerven. Die kennis is met het verstand door redenering te bereiken. De meest algemene oorzaken zijn onherleidbaar, anders zouden zij een nóg algemenere oorzaak hebben, en zo tot in het oneindige voort. In overeenstemming daarmee zijn de eerste, algemene premissen onbewijsbaar; zij zijn echter zonder meer duidelijk.

De voornaamste is het principium identitatis: A is A en kan niet op hetzelfde ogenblik en ten aanzien van hetzelfde niet-A zijn. Alleen dan is er sprake van een strikt bewijs als het syllogisme uitgaat van ware premissen. Dikwijls moet men echter uitgaan van meningen, waarvan de waarheid niet volstrekt zeker, maar wel waarschijnlijk is. De zgn. praktische filosofie, ethiek, politiek en redekunst, maakt van min of meer waarschijnlijke redeneringen gebruik, en kan daarom niet als strenge wetenschap gelden.

 

 

 

 

 

 

 

 

2.2 Ontologie 

 

Het meest algemene kenmerk van alle dingen is het Zijn, en het Zijn als zodanig is het onderwerp van wat Aristoteles de ‘eerste filosofie’ noemde, die thans metafysica heet. Het woord ‘zijn’ wordt in vele betekenissen gebruikt ( ‘de man is blank’: koppelwerkwoord; ‘de man is’ duidt op het bestaan, enz.). Het blijkt dat kwaliteit, kwantiteit en alle andere categorieën niet kunnen zijn in de betekenis van bestaan: dat kan men alleen zeggen van een ousia (substantie, of wezen); een mens bestaat op zichzelf, maar blank op zichzelf bestaat niet.

Nu is ons weten volgens Aristoteles afhankelijk van de waarneming die aan het weten voorafgaat. Wij nemen echter alleen afzonderlijke dingen waar (de eigenlijke substanties). Dus zou ons weten slechts betrekking kunnen hebben op afzonderlijke dingen. Plato had gesteld dat het algemene (de Idee) het wezenlijke was en dat de afzonderlijke dingen daar deel aan hadden. Volgens Aristoteles bestaat het algemene niet buiten de dingen (als idee), maar in de dingen; het is voor het verstand te begrijpen.

 

 

 

2.3 Natuurfilosofie 

 

De dingen om ons heen zijn in een voortdurend wordingsproces betrokken. Worden is een beweging van de ene toestand naar de andere. Fysica is de leer van de bewegingen en de oorzaken daarvan. Oorzaken (aitia) zijn materie, vorm, bewegende oorzaak en doel. Bij een huis kan men de vorm onderscheiden van het doel (beschutting van de bewoners), bij een levend wezen vallen vorm en doel samen. Anderzijds is de bewegende oorzaak van een huis de vorm in de gedachte van de architect, die dezelfde is als de actuele vorm van het huis.
Vandaar dat de vier oorzaken vaak gereduceerd worden tot twee: vorm en materie. De eerste is actief, de tweede passief, en de ongevormde materie staat tot de gevormde als potentie, mogelijkheid (dynamis) tegenover actualiteit (energeia): worden is een overgang (beweging) van potentialiteit naar actualiteit (zie ook act).

Parmenides van Elea krijgt daardoor een afdoend antwoord: worden is niet de ondenkbare overgang van het niets naar het iets, maar van nog-niet-iets-zijn naar verwezenlijking. Uit zaad + voedsel ontstaat de actuele boom. De vier elementen: aarde (droog en koud), water (vochtig en koud), lucht (vochtig en warm), vuur (droog en warm) kennen ook voortdurende overgangen. Zij hebben hun eigen bewegingen: aarde en water rechtlijnig naar beneden, lucht en vuur evenzo naar boven, en daar zij ieder een eigen ‘plaats’ hebben, bestaat er een natuurlijke stratificatie. Door verandering van één van de twee eigenschappen (bijv. van koud naar warm) kunnen zij in elkaar overgaan. Die verandering wordt o.a. door reflectie van de zonnewarmte op aarde en door afkoeling in de hogere lagen veroorzaakt, en daardoor ontstaan de weersverschijnselen.

Boven de sfeer van de maan heerst een ander element, de aether, dat niet verandert (de aether wordt ook ‘vijfde lichaam’ genoemd, de quinta essentia van de middeleeuwen). Om die maansfeer heen ligt een groot aantal sferen, wier gecompliceerde kringlopen de voor ons ongelijkmatig schijnende bewegingen van de planeten veroorzaken; zij worden alle omsloten door de gelijkmatig bewegende uiterste sfeer van de vaste sterren, en het rustend middelpunt is de aarde. De hemellichamen, ‘goddelijk’ geheten, zijn uit aether gevormd, maar hun goddelijkheid is niet volmaakt, omdat zij bewegen.

Beweging is altijd een overgang van potentialiteit naar actualiteit, en de godheid kan niets potentieels meer hebben: dat zou aan zijn volmaaktheid afdoen. God is dus buiten de sferen en Hij is indirect de oorzaak van hun bewegingen. De sferen bewegen zich uit verlangen naar God, die de Onbewogen Beweger is. De enige activiteit die God kan uitoefenen, is het denken. Niet aan andere dingen – want dan zou Hij zich met materie bezighouden: Hij denkt de volmaakte actualiteit, en dat is Hij zelf: zijn denken is denken van het denken.

Terwijl Aristoteles de ruimte als begrensd denkt door de buitenste hemelsfeer, poneert hij dat de tijd oneindig is. Daar tijd en beweging onafscheidelijk samengaan, heeft de beweging van de kosmos geen begin gehad en zal nooit ophouden. Deze leer van de eeuwigheid van de wereld is voor latere Aristotelici een schooldogma geweest, dat zowel in het christendom als in de islam aanleiding was tot polemieken. Hier op aarde kan door de beperkte mogelijkheden van de materie een ononderbroken kringloop niet plaatsvinden, maar de natuur tracht deze zo goed als het in haar vermogen ligt te imiteren. Door de zon is er dag en nacht, door de ecliptica (de cirkel aan de hemel die de zon in één jaar schijnt te doorlopen) de wisseling van de seizoenen. Vandaar de mutatie van elementen en de weersverschijnselen. Het leven kent opgang en neergang, geen complete kringloop, maar de ononderbroken opeenvolging van ontstaan en vergaan is de best mogelijke nabootsing daarvan.

 

 

 

 

2.4 Biologie 

 

In de levende natuur zijn de individuen vergankelijk, maar de soorten eeuwig en onveranderlijk. Wel kent Aristoteles de geleidelijke overgang van het net-niet-meer-levenloze, via planten, tussenvormen tussen planten en dieren, naar hogere dieren, tot de mens toe. Maar hij verwerpt de mogelijkheid van het ontstaan van nieuwe soorten: kruisingen, zoals muildieren, kunnen zich als soort niet handhaven. Lager en hoger gaan samen met de aard van de psychè (ziel, in de zin van levensbeginsel). De laagste vorm is de plantenziel (alleen voeding en voortplanting); dieren hebben de waarnemende ziel, de mens daarenboven het verstand. In de hogere ziel zijn de lagere altijd aanwezig.

Centrum van de levensfuncties én van de waarneming is het hart: de (koude) hersenen dienen als regulateur om de bloedtemperatuur gelijkmatig te houden. Volgens Aristoteles is het mannelijke warm en actief, het vrouwelijke koud en passief. Bij de voortplanting is het mannelijke de vormgever, en in het sperma is de ziel in potentie aanwezig. Het vrouwelijke draagt alleen de materie bij. Toch weet Aristoteles van parthenogenese (voortplanting zonder bevruchting).

In het algemeen komt hij in de nadere uitwerking vaak veel verder dan een star dogmatisme. Hij heeft ruim 500 dieren beschreven en observaties gedaan die soms in onze eigen tijd pas bevestigd zijn, bijv. de beschrijving van de levendbarende gladde haai (Mustelus laevis). In zijn nauwkeurig uitgewerkte erfelijkheidstheorie anticipeert hij op Gregor Mendel met een goed begrip voor dominerende en recessieve factoren. Hij geeft een opmerkelijke schets van een indeling van de dierenwereld op grond van de embryologie. Ook heeft hij herhaaldelijk bepaalde soortkenmerken aangewezen, en is hij zijn tijd vooruit geweest door bijv. sponsen, zeeanemonen e.d. van planten, en walvisachtigen van vissen te onderscheiden.

 

 

 

 

 

 

 

 

2.5 Waarneming 

 

Uitvoerig is de behandeling van de zintuigen, en vooral ook van de vraag hoe verschillende waarnemingen gecoördineerd worden (de waarnemingen van een roos bijv. gaan langs totaal verschillende wegen: men ziet de bloem, ruikt de geur en voelt de doornen). Volgens Aristoteles is dit coördineren het werk van een gemeenschappelijk waarnemingsorgaan. Het complex van de waarnemingen vormt het materiaal voor de herinnering.

Opvallend is in dit verband zijn inzicht in het associatieproces. De mens beschikt niet over natuurlijke wapens (slagtanden, klauwen, horens) en ook het waarnemingsvermogen is slechter dan dat van sommige dieren. Maar alleen de mens bezit verstand. Zeer betwist is de leer van het passieve intellect dat de denkinhoud aan voorafgaande waarnemingen ontleent, en het actieve intellect, dat het denken activeert. Het passieve intellect is met de andere delen van de ziel aangeboren, maar het actieve ‘komt van buiten af’ en is alleen onsterfelijk.

 

 

 

 

2.6 Ethiek 

 

Het doel ‘waarnaar alles streeft’ is het goede, en het gemeenschappelijk einddoel is de eudaimonia, het geluk. Dat ligt niet in het verwerven van rijkdom, eer of genot, en ook niet in werkloosheid, maar in activiteit. Het hoogste goed is activiteit van de ziel in overeenstemming met haar eigen deugd, en als er meer deugden zijn, met de hoogste. Aristoteles’ leer dat een deugd in het midden ligt tussen twee ondeugden (le juste milieu) is beroemd geworden. Dapperheid bijv. ligt tussen roekeloosheid (te veel) en lafheid (te weinig) in. Dapper zijn is niet: alles te wagen zonder vrees; men dient ook te weten wanneer men moet wijken. Wie goed wil handelen moet een keuze (prohairesis) maken, en wel een meervoudige keuze, die rekening houdt met persoon, tijd, plaats en omstandigheden.

Boven de karakterdeugden staan de verstandelijke. De wijze kiest de hoogst mogelijke deugd die ligt in de intellectuele activiteit, dwz. contemplatie. Het zuivere denken plaatst hem boven het menselijke niveau: de mens bereikt dat niet als mens, maar door het goddelijke in hem. Op de hoge waarde van de vriendschap wordt veel nadruk gelegd, en sociale deugden, zoals de rechtvaardigheid, staan bovenaan, in overeenstemming met de opvatting dat de leer van de samenleving (politikè) in het verlengde van de ethiek ligt. De mens is een gemeenschapswezen (zooion politikon): de staat streeft naar het geluk van de burgers.

Aristoteles wil toezicht op het gezin met het oog op eugenese (verbetering van de erfelijke eigenschappen van het menselijk ras) en geboortebeperking, maar ziet anderzijds de slavernij als een door de natuur gegeven noodzakelijk instituut. Hij overweegt de voor- en nadelen van de verschillende mogelijke constitutievormen, maar blijft merkwaardigerwijze in de tijd waarin door de veroveringen van Alexander enorme statencomplexen ontstonden, staan bij de oude, beperkte stadstaat.

 

 

 

 

2.7 De retorica 

 

Deze ligt, als verhandeling over de redekunst, gedeeltelijk in het verlengde van de logica, maar komt herhaaldelijk op het terrein van de literatuurbeschouwing. Dit laatste onderwerp is uiterst beknopt behandeld in de Poetika, die van alle werken van Aristoteles het meest gelezen is, en vooral door de leer van de drie eenheden (tijd, plaats en handeling) een verreikende invloed heeft gehad.

 

 

 

 

3. Werken 

 

Naar het voorbeeld van Plato schreef Aristoteles een aantal dialogen, die in de oudheid druk gelezen zijn, maar verdrongen werden door de wetenschappelijke werken (de fragmenten zijn verzameld door R. Walzer, 21963, en W.D. Ross, 1955). Ook van de grote, onder zijn leiding tot stand gebrachte documentenverzamelingen (o.a. lijsten van opvoeringen van tragedies in Athene, staatsinstellingen van 158 steden, atlas van vergelijkende anatomie, en andere) is alleen een studie over de Staat van de Atheners in 1891 op een papyrus gevonden. De rest is, op een aantal meestal zeer korte fragmenten na, verloren gegaan (laatstelijk uitgegeven door V. Rose in 1886).

Bewaard gebleven zijn de wetenschappelijke werken, die geen literair karakter dragen, maar als min of meer uitgewerkte leerstof voor zijn colleges dienden. Uit een aantal citaten naar niet meer vertegenwoordigde werken blijkt dat de door Andronicus geredigeerde verzameling niet volledig meer is, terwijl anderzijds dictaten en excerpten van leerlingen, geschriften van latere peripatetici (o.a. de Problemata) en opzettelijke vervalsingen (zoals De mundo) erin zijn opgenomen. De bewaard gebleven hoofdwerken van Aristoteles zijn de volgende:

Logica: Categoriae; De interpretatione; Analytica priora en posteriora; Topica.

Ontologie: Metaphysica.

Natuurfilosofie: Physica; De caelo; De generatione et corruptione; Meteorologica; Historia animalium; De partibus animalium; De generatione animalium; De anima, Parva Naturalia.

Praktische filosofie: Ethica Nicomachea; Politica; Rhetorica; Poetica.

 

 

 

Plato-Socrates-Aristoteles

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De arend in de Bijbel.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Bescherming van een arend tegen een demon

Bescherming van een arend en een wolf tegen een demon

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

De arend

 

De weg van de adelaar langs de hemel is bijna te wonderlijk om te begrijpen (zie Spreuken 30:18-19).

 

Met enorme uitgespreide vleugels zweeft deze koning van de vogels moeiteloos urenlang hoog in de lucht, op zoek naar een prooi: een konijn, een hert of een schaap. Omdat hij vier tot vijf maal zo scherp kan zien als een mens, ontkomen weinig dieren aan zijn blik. Na zijn prooi eenmaal ontdekt te hebben, duikt hij er met 200 km per uur op af.

Zo’n vliegkunst wordt niet gemakkelijk geleerd. Een kleine vergissing kan de dood betekenen. Daarom blijven de ouders heel dicht in de buurt, totdat het jong zijn gewicht in de lucht weet te beheersen. Als hij dreigt te vallen, gaat één van zijn ouders onder hem vliegen en draagt hem naar een veilige plaats. Deze ouderlijke zorg gebruikt God als beeld voor zijn zorg voor de Israëlieten toen zij uit Egypte kwamen:

“Als een arend, die zijn broedsel opwekt, over zijn jongen zweeft, zijn wieken uitspreidt, er een opneemt en draagt op zijn vlerken, zo heeft de Here hem alleen geleid” (Deuteronomium 32:11-12).

 

Net als het arendsjong de natuurwetten moet leren om in leven te blijven, zo moet Gods volk Gods wetten leren om zijn voortbestaan te verzekeren. God zorgt ook nu voor zijn kinderen. Hij kan ons “voor struikelen behoeden en onberispelijk doen staan voor zijn heerlijkheid in grote vreugde” (Judas 24)

Het meest voorkomende beeld in de Bijbel is dat van de arend. De grootmachten, Assur, Babel en Egypte worden alle met arenden vergeleken, maar het beeld wordt ook toegepast op verschillende aspecten van het persoonlijke leven. Zo snel als de legers van Assur en Babel aanstormden, zo snel gaan ook onze dagen voorbij. Dat was de ervaring van Job:

“Zij glijden voorbij als een arend die toeschiet op de prooi” (Job 9:26).

 

Daarom was het gebed van Mozes: “Leer ons zo onze dagen tellen dat wij een wijs hart bekomen” (Psalm 90:12). Salomo waarschuwde tegen het zoeken naar rijkdom, omdat die zo snel kan verdwijnen.

“Als een arend vliegt hij ten hemel” (Spreuken 23:4,5).

Gods wijsheid leert ons Hem dankbaar te zijn, die onze ziel verzadigt met het goede, zodat onze jeugd zich vernieuwt als die van een arend (Psalm 103:5).

 

De gelovige mag dankzij Gods genade naar een nog mooiere tijd uitzien:

“Wie de Here verwachten, putten nieuwe kracht; zij varen op met vleugelen als arenden; zij lopen, maar worden niet moede; zij wandelen, maar worden niet mat.” (Jesaja 40:31).

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

De Koran is tegen geweld

Standaard

 categorie : religie

 

 

 

 

Vrede is de wenselijke toestand

 

 

symbool van de islam

symbool van de islam

 

 

 

 

1 Erbarmen en barmhartigheid

 

De eerste woorden waarmee we geconfronteerd worden wanneer we de Koran openslaan, en die meteen de relatie tussen de lezer en de Auteur vestigen, zijn ‘Bismillah al Rahman al Rahim’. Dit is in de Naam van God, de Erbarmer, de Barmhartige.

De draagwijdte van deze woorden, kan niet overschat worden. Erbarmer en Barmhartige zijn twee van de ‘mooie namen’ of ‘attributen’ van God. Door daarmee de Koran te openen, wordt alles wat in dit boek zal volgen, gekaderd binnen goddelijk erbarmen en barmhartigheid.

  • Bismillah betekent : in de naam van God, aan wie niets of niemand gelijkwaardig is.
  • Al Rahman (de Erbarmer, Genadevolle) verwijst naar de eindeloze liefdevolle genade die God voortdurend aan al zijn schepselen schenkt, zonder dat ze er ook maar iets moeten voor doen, geheel onafhankelijk van hun daden, dus ook als ze Zijn genade niet verdienen. Ook als God mensen straft voor hun zonden en misstappen, kunnen ze nog altijd rekenen op deze rahmah, op deze liefdevolle genade van God.
  • Al Rahim (de Barmhartige) heeft betrekking op het medelijden dat God schenkt aan de gelovigen die door hun daden Zijn genade verdienen. Al Rahim slaat tevens op de genade die God de gelovigen zal schenken in het hiernamaals. Het heeft ook betrekking op de vergeving die God schenkt aan gelovigen die berouw tonen.

 

De openingszin van de Koran zet dus al meteen de volledige islamitische levensvisie neer. Eerst en vooral, wordt de uniciteit van God gevestigd, zonder wie niets of niemand zou bestaan. Vervolgens wordt zijn kenmerk Al Rahman geëvoceerd, een kenmerk dat refereert aan Gods veelvuldige goedheid voor alle mensen, altijd en overal, ongeacht hoe ze zich gedragen.

Daar wordt Gods genade aan toegevoegd voor diegenen die Hem verheerlijken en om leiding, hulp of vergiffenis vragen. Het is een uitdrukking die daarom warmte, hoop en geborgenheid in zich draagt. Alles wat daarna volgt, wordt binnen dit kader gedefinieerd en moet binnen dit kader begrepen worden. Elk vers, wat er ook de individuele betekenis van is, krijgt pas zijn volledige draagkracht binnen dit kader, ook de bestraffende verzen.

Een eerste gevolg hiervan is dat moslims in hun omgang met anderen zich evenzeer moeten laten kennen door barmhartigheid, genade en vergevingsgezindheid. De islam geeft moslims de levenslange opdracht aan de eigen persoonlijkheid te werken in de richting van een ideaal dat zich kenmerkt door gematigdheid, naastenliefde, discretie, nederigheid, oprechtheid en minzaamheid. Hoe dichter men dat ideaal benadert, hoe groter de innerlijke vrede, hoe groter de kans dat men in het hiernamaals tot het paradijs toegelaten wordt.

 

 

 

 

hqdefault

 

 

 

 

 

2 Rechtvaardigheid

 

Volgens de islam, leidt overgave aan God tot innerlijke vrede, en vrede in de samenleving. Om die toestand te bereiken, speelt naast eerder genoemde barmhartigheid en vergevingsgezindheid, ook rechtvaardigheid een centrale rol. De Koran schrijf voor rechtvaardig te zijn zelfs wanneer het eigen belang daardoor geschaad zou worden:

 

«Jullie die geloven! Weest standvastig in de gerechtigheid als getuigen voor God, al is het tegen jullie zelf of de ouders of de verwanten. Of het nu om een rijke of om een arme gaat, God staat hen beiden zeer na. Volgt dus niet je geneigdheid om niet rechtvaardig te zijn. Maar als jullie verdraaien of jullie afwenden, dan is God welingelicht over wat jullie doen. » (Koran 4:135)

 

 

Ook een afkeer tegenover mensen mag rechtvaardigheid niet in de weg staan:

 

«Jullie die geloven! Weest standvastig voor God als getuigen van de rechtvaardigheid. En laat de afkeer van bepaalde mensen jullie er niet toe brengen niet rechtvaardig te zijn. Weest rechtvaardig, dat is dichter bij Godvrezendheid. En vreest God. God is welingelicht over wat jullie doen.» (Koran 5:8)

 

 

 

 

 

3 Godsdienstvrijheid

 

In de Koran nodigt God iedereen uit deelachtig te worden in de vrede:

 

«En God roept naar het tehuis van Vrede en leidt wie Hij wil naar het rechte pad.» (Koran 10:25)

 

 

 

Dwang wordt evenwel uitgesloten, het staat diegenen die zich niet aangesproken voelen vrij de uitnodiging in de wind te slaan want:

 

«In de godsdienst is er geen dwang.» (Koran 2:256)
en
«Waarschuw de mensen, want jij bent slechts een waarschuwer. Je hebt niet de autoriteit om iemand te dwingen.»(Koran 88:22-23)

 

 

 

In weerwil van het in het Westen heersende misverstand, is een islamitische samenleving dus geen samenleving waarin iedereen gedwongen wordt zich tot de islam te bekeren, maar is het integendeel een samenleving die godsdienstvrijheid garandeert.

Men kan hier opmerken dat de vrijheid toch niet volledig is vermits in de Koran de ‘ongelovigen’ geregeld met straffen door God bedacht worden. Vooreerst is het evenwel zo dat het in dergelijk verzen stuk voor stuk God is die straft; nergens geeft de Koran mensen de toestemming anderen te straffen voor hun ongeloof.

Alleen God kan immers oordelen over geloof en kan daar gevolgen aan vastknopen. Maar zelfs dan is het zo dat in eerste instantie de bestraffing bestaat uit het onthouden van de goddelijke liefde aan mensen die dit onwenselijk gedrag stellen.

 

 

 

 

Geloof naar waarheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

 

4 Pluralisme en verdraagzaamheid

 

Omgekeerd aan het onthouden van liefde en het bestraffen voor mensen die slecht gedrag stellen, wordt devote mensen die rechtschapen handelen als beloning bijzondere liefde van God en vrede in het vooruitzicht gesteld. Ook hieruit blijkt dat de gewenste toestand vrede is.

 

«God leidt daarmee wie Zijn welgevallen navolgen op de wegen van de vrede, brengt hen met Zijn toestemming uit de duisternis naar het licht en leidt hen op een juiste weg.» (Koran 5:16)
En:
«Waarlijk, in het gedenken van God vinden de harten rust » (Koran 13:28)

 

 

Merk op dat deze ‘beloning’ met vrede niet alleen moslims toekomt, maar alle mensen die in God geloven en goede werken doen. Vroomheid wordt niet gedefinieerd in termen van de gebedsrichting waarin men bidt (m.a.w. de naam van de godsdienst waartoe men zich bekent), maar in termen van geloven in God en stellen van goede daden voor de medemens:

 

«Vroomheid is niet dat jullie je gezicht naar het oosten en het westen wendt, maar vroom is wie gelooft in God, in de laatste dag, in de engelen, in het boek en in de profeten en wie zijn bezit, hoe lief hij dat ook heeft, geeft aan de verwanten, de wezen, de behoeftigen, aan hem die onderweg is, aan de bedelaars en voor de (vrijkoop van) de slaven, en wie de salaat [gebed] verricht en de zakaat [verplichte liefdadigheid] geeft en wie hun verbintenis nakomen en wie volhardend zijn in tegenspoed en rampspoed en ten tijde van strijd. Zij zijn het die oprecht zijn en dat zijn de godvrezenden.» (Koran 2:177)

 

 

De Koran erkent daarmee uitdrukkelijk dat er verschillende wegen zijn om tot God te komen. Meer nog, net zoals de Koran moslims aanmoedigt om volgens de Koran te leven, moedigt de Koran christenen aan om te leven volgens de Evangeliën, en worden Joden aangemoedigd om te leven volgens de Thora (dat een boek van ‘licht’ genoemd wordt) :

 

« En wij hebben de Thora neergezonden met een leidraad erin en een licht, waarmee de profeten die zich [aan God] overgeven oordeel vellen voor hen die het jodendom aanhangen. (…) Vreest dan de mensen niet maar vreest Mij en verkwanselt Mijn tekenen niet. En wie niet oordeel vellen volgens wat God heeft neergezonden, dat zijn de ongelovigen.» (Koran 5:44)

«En wij hebben Jezus, de zoon van Maria, in hun spoor laten volgen als bevestiger van wat er van de Thora voor zijn tijd al was. Wij gaven hem de Evangeliën met een leidraad erin en een licht ter bevestiging van wat de Thora voor zijn tijd al was en als een leidraad en een aansporing voor de godvrezenden. En laten de mensen van de Evangeliën oordeel vellen volgens wat God heeft neergezonden. En wie dat niet doen, dat zijn de verdorvenen. » (Koran 5:46-47)

 

 

 

Christendom ; pasteltekening van John Astria

Christendom ; pasteltekening van John Astria

 

 

 

De islam verwerpt daarmee het assimileren van andersgelovigen, maar schrijft integendeel waarachtigheid binnen het eigen geloof voor. Dat gaat zover dat in een maatschappij die op islamitische leest geschoeid is, andersgelovigen eigen rechtbanken mogen opzetten voor zaken als familierecht en erfenisrecht zodat zij werkelijk in staat zijn hun geloof zo getrouw mogelijk te beleven. De islam verfoeit hypocrisie. Hypocrieten worden de diepste putten van de hel toegezegd, erger nog dan waar de ongelovigen terecht zullen komen:

 

«De huichelaars komen in de laagste verdieping van het vuur en jij zal voor hen geen helper vinden.» (Koran 4:145)

 

 

 

Net zoals moslims die zich niet houden aan hun geloofsvoorschriften met afkeuring bedacht worden, omschrijft de Koran joden en christenen die zich niet aan hun geloof houden, als ongelovigen en verdorvenen. Maar net zoals er bij moslims mensen zijn die zich wel aan hun geloof houden en die daarvoor beloond zullen worden, erkent de Koran dat er ook hij joden en christenen gelovigen zijn die hun beloning niet zullen mislopen:

 

«Onder de mensen van het boek zijn er die in God geloven, in wat naar jullie is neergezonden en in wat tot hen is neergezonden, terwijl zij zich deemoedig aan God onderwerpen. Zij verkwanselen Gods tekenen niet. Zij zijn het voor wie hun loon bij hun Heer is. …» (Koran 3:199)

 

 

 

Op die manier, schrijft de Koran respect voor eenieders eigenheid voor. Het bestaan van de verschillende godsdiensten wordt immers beschouwd als een aspect van de goddelijke wil. Het is God zelf die voor de verschillende godsdiensten gezorgd heeft, daarom moet men die verschillende godsdiensten respecteren:

 

«… En als God het gewild had, zou Hij jullie tot één gemeenschap gemaakt hebben, maar Hij heeft jullie in wat jullie gegeven is op de proef willen stellen. Wedijvert dan met elkaar in goed daden. Tot God is jullie terugkeer, gezamenlijk. Hij zal jullie dan dat meedelen waarover jullie het oneens waren.» (Koran 5:42-47)
En:
«”Ieder heeft een richting waarheen hij zich wendt. Wedijvert dan met elkaar in goede daden. Waar jullie ook zijn, God zal jullie te samen brengen.”» (Koran 2:148)

 

 

 

Dergelijke verzen schrijven meteen ook voor hoe men met die diversiteit in religies moet omgaan: men zal elkaar niet bestrijden, maar met elkaar wedijveren in goede daden. Moslims wordt dan ook voorgeschreven attent, vriendelijk en voorkomend om te gaan met alle mensen, ook met niet-moslims.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Bidden, zoeken en kloppen.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

 

 

 

 

Bidden, zoeken, kloppen

 

 

Zo leert Jezus in de bergrede:

Bidt en u zal gegeven worden; zoekt en u zult vinden; klopt en u zal opengedaan worden (Matteüs 7:7).

We moeten bidden, zoeken en kloppen hier opvatten als een continue actie, niet als een eenmalige handeling. Jezus vertelt hier niet dat een eenmalig gebed voldoende is om te krijgen wat je wil hebben, maar dat wie verhoord wil worden, voortdurend tot God moet smeken.

Niet dat God anders niet zou luisteren, of niet de moeite zou willen nemen op zo’n verzoek in te gaan. Maar door voortdurend op de zaak terug te komen, toon je dat het je inderdaad ter harte gaat, en je leert je ook af te vragen of je zelf de zaak echt wel zo belangrijk vindt.

Dat is ook de betekenis van zijn gelijkenis over de ‘onrechtvaardige rechter’ (Lucas 18:1-8). Ook daar gaat het om blijven volharden en dag en nacht tot God roepen. Evenzo is zoeken niet even rondkijken maar net zolang blijven zoeken, tot je het gevonden hebt, zoals de herder in de gelijkenis van het verloren schaap (Lucas 15).

En dat kloppen is ook niet maar een bescheiden klopje op de deur, maar er net zolang op blijven bonzen tot er eindelijk iemand open doet: zoals Petrus toen hij voor de deur stond en de slavin Rhode hem vergat binnen te laten (Handelingen 12:16).

 

 

 

Gewoon doorgaan, of af en toe even doen als voeger

 

Paulus betoogt dat de Wet niet kan redden, en daar ook nooit voor bedoeld was. De Wet liet de Israëlieten zien dat ze tekortschoten. Redding is er alleen door het verlossingswerk van Christus. Maar de apostel is kennelijk voor de voeten geworpen dat zo’n standpunt er op neer komt dat het dan helemaal niet meer uit zou maken hoe we leven; wanneer we eenmaal verlost zijn, zouden we die hele Wet dan aan onze laars kunnen lappen, en alles doen wat God verboden heeft.

Dat is uiteraard een drogreden, maar wel een verleidelijke, omdat de aard van de denkfout niet onmiddellijk duidelijk is. Paulus geeft het antwoord in twee ‘etappen’. Het argument van zijn tegenstanders was in feite dat je dan, door te zondigen, God de kans zou geven des te meer genade te tonen. Dat formuleert hij als volgt:

Betekent dit nu dat we moeten doorgaan met zondigen om de genade te laten toenemen? Dat in geen geval. Hoe zouden wij, die dood zijn voor de zonde, nog in zonde kunnen leven? (vs 1-2).

Hij legt dan uit dat de doop een symbolisch sterven met Christus is, waar je als een volkomen nieuwe mens weer uit op dient te staan. Wie dan maar doorgaat met zijn oude leven, is geen nieuwe mens, en dus niet in Christus. En die oude mens was en is niet verlost.

We kunnen niet doorgaan met ons oude leven, zelfs niet met als argument dat we daarmee God de gelegenheid zouden geven meer genade te betonen. Maar we zouden toch in elk geval niet zo verschrikkelijk ons best hoeven te doen, want onze fouten worden ons toch wel vergeven omdat we nu recht hebben op Gods genade:

Betekent dit nu dat we zonder bezwaar kunnen zondigen omdat we toch niet onder de wet staan, maar onder de genade leven? Absoluut niet (vs 15).

Dat argument bestrijdt hij door erop te wijzen dat wij zijn als slaven die uit het eigendom van de ene meester (de zonde) zijn losgekocht, en zijn overgegaan in eigendom van een andere meester (gehoorzaamheid). En een slaaf is nu eenmaal verplicht zijn huidige heer met alle loyaliteit te dienen. Hij kan zich niet permitteren af en toe nog wat bij te klussen voor zijn vroegere meester: het is alles of niets! In hoofdstuk 8 zal hij dan uitleggen dat aankomt op onze mentaliteit, die hij aanduidt als de geest of de gezindheid van Christus.

 

 

 

Bewust zondigen of falen

 

We moeten ons er goed van bewust zijn dat het hier gaat om hetwillens en wetens zondigen. Paulus zegt niet dat Gods genade begrensd is, maar dat wij van onze kant wel de plicht hebben ons best te doen. Wij kunnen niet maar onze gang gaan en vervolgens een beroep doen op Gods genade.

Dat was nu juist het argument van zijn tegenstanders in die zin dat zij hem die opvatting in de schoenen schoven, om er dan vervolgens op te wijzen dat een dergelijke opvatting te zot voor woorden is, en dat Paulus dus onzin verkondigde. Wat Paulus in werkelijkheid bestreed, was de opvatting dat je alleen behouden kon worden door het stipt in acht nemen van de Wet, dus precies het tegenovergestelde.

Zijn tegenstanders proberen zijn leer tot in het belachelijke door te trekken, om die dan als absurd ter zijde te kunnen schuiven. Paulus probeert hier niet de omvang van Gods genade in te perken, maar bestrijdt het valse argument dat je er dan zonder bezwaar op los zou kunnen leven.

 

 

 

Zoeken en vinden

 

Na zijn uitspraak over bidden, vinden en kloppen in de bergrede vermaant Jezus zijn gehoor:

Gaat in door de enge poort, want wijd is de poort en breed de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die daardoor ingaan; want eng is de poort, en smal de weg, die ten leven leidt, en weinigen zijn er, die hem vinden (Matteüs 7:13-14)

Wanneer we, met bovenstaande taalles in ons achterhoofd, eens naar de werkwoordsvormen kijken, constateren we het volgende:

  • ‘Gaat in’ is eenmalig. Het beschrijft het einde van de levensweg, wanneer men ingaat in de uiteindelijke bestemming. De gebiedende wijs is hier een dringende raadgeving: zorg ervoor dat het ook de juiste bestemming is.
  • ‘Velen zijn er die daardoor ingaan’: dit ingaan is een continu proces dat beschrijft niet de voortdurende stroom beschrijft die bezig is naar binnen te gaan. De nadruk ligt op dat velen.
  • ‘Weinigen zijn er die hem vinden’is hier een continu proces. Het beschrijft niet het uiteindelijke ontdekken ervan, maar de speurtocht die daartoe leidt. De nadruk ligt hier ligt op het aantal: de vindenden zijn weinig.

Jezus zegt, ‘zoekt en u zult vinden’ waarmee hij bedoelt dat men daar continu, zijn hele leven lang, mee bezig moet zijn om dan aan het eind voor de goede poort te staan. Maak niet de fout achter de grote massa aan te lopen, want die gaan met zijn allen juist door de verkeerde poort naar binnen.

De groep die bereid is serieus op zoek te gaan, zal maar uit weinigen bestaan, dus wees je daar van bewust. Het argument dat ‘zoveel miljoenen die zich gelovigen noemen kunnen het toch niet allemaal mis hebben’ is letterlijk levensgevaarlijk. Het kan niet alleen, het zal zelfs met zekerheid zo zijn, want Jezus vertelt ons dat hier. Wij moeten voortdurend blijven zoeken en dan zullen we ook vinden. Want ook dat heeft Hij ons met nadruk verzekerd.

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

Amethistkwarts

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

 

 

Belangrijke vindplaatsen

 

Brazilië, India, Uruguay, Mexico, USA

 

 

 

16448188-amethist-kwarts-semigem-geode-kristallen-geafa-soleerd-geologisch-mineraal

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mineraalgroep

 

 

 oxiden, kwartsgroep

 

 

 

 

 

 

 

Vorming

 

Amethist-kwarts ontstaat hydrothermaal uit zwak ijzerhoudende kiezelzuuroplossingen in holten in vulkanische gesteenten. Deze holten worden door gasbelletjes gevormd. Een kleine holte die bekleed is met Amethist heet een Amehist-geode en een grote holte wordt Amethist-druse genoemd. Sporadisch wordt Amethist ook gevormd in rotskloven, scheuren en gangen.

 

 

 

 

23-amethist-kwarts-zuid-afrika-4664048

 

 

 

 

 

Kristalstelsel

 

 

 trigonaal 

 

 

 

 

 

 

 

 

  Hardheid

 

 

 7

 

 

 

 

.

.

 

.

.

Kleur

 

 

violet-wit gebande kristalkwarts van zeer licht tot heel donker paars. De Uruguay- Amethist is een van de donkerste variëteiten.

 

.

 

 

 

 

.

 

 

Chemische formule, mineraalvormende elementen

 

SiO2 + (Al,Fe,Ca,Mg,Li,Na)

 

 

 

amethistkwarts

 

 

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

mijne kop a4

melkkwarts of sneeuwkwarts

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Sneeuwkwarts is opaak en melkachtig wit van kleur. De steen behoort tot de kwarts-familie. Sneeuwkwarts wordt ook wel melkkwarts genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: SiO2

hardheid: 7

dichtheid: 2,6

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Alocasia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

De Alocasia komt van oorsprong uit de tropen van Azië, voornamelijk India. Alocasia soorten behoren tot de familie Araceae. Deze kamerplanten worden ook wel Taro, Reuzentaro of Olifantsoor genoemd. Deze laatste naam is gemakkelijk af te leiden aan de enorme bladeren.

 

 

 

Alocasia-c-1

 

 

 

Water geven

 

Vochtig houdenVochtig houden

 

 

Alocasia’s gedijen het best wanneer de grond constant licht vochtig is. Controleer daarom regelmatig met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. In de winter verbruikt deze kamerplant minder water, maar laat de Alocasia niet helemaal uitdrogen. Bij voorkeur niet te grote hoeveelheden water per keer geven, dan gaat blad namelijk druppelen.

De hoeveelheid water is afhankelijk van verschillende factoren zoals luchtvochtigheid en hoeveelheid licht, daarom is het verstandig om te beginnen met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond binnen 2 dagen droog, geef dan iets meer. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder water per keer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Sproeien

 

Het is noodzakelijk om een Alocasia meerdere keren per week te sproeien. Hoe vaker hoe beter. Hiermee neemt de kans op spint sterk af.

 

 

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

Zonnig

 

 

De Alocasia wenst veel licht. Bij gebrek aan zonlicht kan de woonkamerplant snel naar het licht toe gaan groeien. Dit heeft als nadeel dat de plant scheef gaat groeit. Plaats de Alocasia een meter dichterbij het raam wanneer deze scheef groeit. Daarnaast is het raadzaam om de plant regelmatig een kwartslag te draaien. Minimaal 5 uur direct zonlicht. Dit betekent dat de Alocasia 2-3 meter voor een raam op het zuiden mag of voor een raam op het westen of oosten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 20 °C
‘S nachts: +/- 15 °C

 

 

 

 

 

Verpotten

 

De Alocasia elke 2 á 3 jaar verpotten, bij voorkeur in de lente. Dit zorgt voor nieuwe voedingsstoffen, luchterige grond en ruimte voor wortelgroei. Na aanschaf kan de kamerplant direct worden verpot. Gebruik een plantenbak met een diameter van minimaal 20% meer als de vorige. Gebruik gewone universele potgrond en probeer zo min mogelijk wortels te beschadigen. Gebruik een inzethoes bij hoge potten. Dit voorkomt rottend water buiten bereik van de wotels.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voeding

 

De Alocasia eens per 2 weken vloeibare voeding geven. Wanneer de plant nauwelijks groeit (herfst, winter) is bemesten niet nodig. Gebruik nooit een overdosis, ook niet ter compensatie. Beter teweinig dan teveel.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Alocasia’s kunnen gevoelig zijn voor koud water, koude lucht of tocht. Dit kan een oorzaak zijn voor bruine vlekken op het blad.

 

 

 

 

 

Snoeien

 

Het onderste blad van deze binnenplanten wordt op den duur minder mooi. Door deze 4cm van de basis af te snijden zal de plant geen energie meer in het lelijke blad stoppen. Dit bevordert de groei van nieuw blad. Het laatste gedeelte zal afsterven en is later eenvoudig van de basis te trekken. Het vocht dat de plant verliest door de snede is geen probleem.

 

 

 

 

 

Vermeerderen

 

Alocasia’s zijn te kweken door middel van zaad of door wortelstokken met blad van de moederplant af te snijden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bloemen

 

De bloem van een Alocasia wordt niet vaak aangetroffen. Een bloeiende Alocasia is vaak een teken dat het niet goed gaat met de plant. Om energie bij de kamerplant te besparen is het beter de bloem af te snijden.

 

 

 

 

alocasiacupreaplant2

 

 

 

 

 

Giftig?

 

Het sap van een Alocasia is irriterend voor huid en slijmvliezen. De wortelstokken worden in Azië gegeten. Hiervoor is het noodzakelijk dat de wortelstokken eerst worden gekookt. Uit voorzorg raden wij dit af.
(123kamerplanten bepaalt of een plant giftig is door het raadplegen van verschillende bronnen)

 

 

 

 

Ziektes

 

De Alocasia kan last hebben van spint indien de lucht te droog is. Regelmatig sproeien werkt preventief. Plaats de plant buiten wanneer spint is waargenomen. Wind en vocht zal de spint snel verdrijven. Dit is alleen mogelijk indien de temperaturen het toelaten. Daarnaast moet de plant buiten in de schaduw staan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA