Dagelijks archief: maart 17, 2019

Angels, basic angelology / Engelen, basis engelenkunde

Standaard

Category / categorie ; video

 

 

 

Angels, basic angelology / Engelen, basis engelenkunde

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Advertenties

De 12 genezers van Bachbloesem : Chicory

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

cichorei-2

 

.

Chicory (Wilde Cichorei)

.

Chicorium intybus

Een van Bach’s eerste 12 genezers.
Bereid volgens de zonne-methode.

 

.

 

.

Indicatie

 

Degenen die alsmaar bezig zijn met de noden van anderen. Ze hebben de neiging om overvol van zorg te zijn voor kinderen, familieleden, vrienden, en ze vinden altijd wel iets dat rechtgezet moet worden. Ze zijn voort-durend bezig om te corrigeren wat ze fout vinden, en doen dat graag. Ze hebben de wens dat degenen om wie ze geven dicht bij hen horen te zijn.

 

 

 

Affirmatie

 

Onszelf verliezen in de liefde en zorg voor degenen om ons heen. Als we deze goede eigenschap maar voldoende ontwikkelen, en plezier beleven aan het zalige avontuur van kennis vergaren en anderen helpen, dan komen onze persoonlijke smarten en noden snel tot een einde. Het is het grootse ultieme doel: onze eigen belangen verliezen ten dienste van menslievendheid.

 

 

 

.

 

Habitat

 

Wilde Cichorei groeit op ongebruikte grond, met name aan de randen van gecultiveerde grond, korenvelden of in bermen van wegen (wanneer ze niet gemaaid zijn). Op wat zuurdere grond zijn de bloemen niet zo intens blauw. Ze zijn zo gevoelig als lakmoes-papier en zien er soms bleek of zelfs roze uit na regen, door de zuurtegraad.

 

.

 

Hoe iemand dan is

 

Deze mensen maken zich zorgen over anderen als ze ziek zijn, kinderen, vrienden, familie. Ze maken zich zorgen dat ze te warm zijn, te koud, niet gelukkig, geen plezier hebben. Ze vragen voortdurend hoe het met ze gaat en wat ze zouden willen. Ze zijn te gretig in hun pogingen om het hen naar de zin te maken. Blijven maar vragen naar hun wensen en behoeften. Zo’n situatie brengt geen rust en vermoeit de patiënt.

Soms hebben de patiënten medelijden met zichzelf, hebben het gevoel dat ze het niet verdiend hebben om ziek te zijn; dat ze slecht behandeld worden en genegeerd, dat anderen niet voor hen zorgen. Vaak hebben ze een goede kleur wanneer ze ziek zijn; de mensen die met hun uiterlijk geen meelij wekken.

 

 

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

De celestijnse belofte ; derde inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

De celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

.

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

 

131-1748%20vlindervrouw

 

.

 

3e inzicht – energiegericht denken

.

Het energiegericht denken wat vanaf het 3e inzicht zijn intrede doet in de Celestijnse belofte wordt op wetenschappelijk niveau onderbouwt door de kwantummechanica en de werken van Albert Einstein. Albert Einstein liet zien dat materie niets anders is dan lege ruimten omgeven door een energiepatroon.

De kwantummechanica ging hierop verder en liet zien dat je deze energie verder kunt uitsplitsen tot elementaire, subatomaire deeltjes. Deze deeltjes zijn beïnvloedbaar door de observatie, alsof een verwachting de richting van de elementaire deeltjes mede bepaald.

Uit deze onderzoeken blijkt dat de waarneming de richting mede kan bepalen van de elementaire deeltjes waaruit materie is opgebouwd, waardoor de mens met zijn gedachte dus materie kan beïnvloeden.

Hoe dat precies in zijn werk gaat wordt beschreven vanaf het 3e inzicht. Waar we binnen de Celestijnse belofte van uit gaan is dat alles energie is en dat deze energie ook beïnvloedbaar is. De mens is ook niet meer dan een manifestatie van energie in een bepaalde vorm en in een bepaalde trilling.  We weten en beseffen als mens dat energievol prettiger aanvoelt dan energieloos.

En omdat energie beïnvloedbaar is beseffen we ook dat we met deze energie kunnen spelen, dat overdracht mogelijk is. In het 4e inzicht gaan we kijken naar de strijd om energie, een strijd die vaak op manipulatief niveau plaatsvindt. Maar voor we kunnen kijken naar deze interactie van energie moeten we eerst kijken naar de energie zelf.

We moeten leren deze energie te zien, te beseffen en te voelen. Pas dan kunnen we ermee werken. Het zien, beseffen en voelen van deze energie is het gebied van het 3e inzicht. Het 3e inzicht laat ons twee belangrijke dingen zien. Dat alles opgebouwd is uit energie, ook de mens, en dat deze energie beïnvloedbaar is, ook bij de mens. Er zijn meerdere technieken om de energie in en om een mens te zien. Binnen de Chakra’s en de auraleer worden ook verschillende manieren aangereikt:

.

 

methode 1 – kijken naar de eigen handen

.

Ga in een ruimte zitten waar het schemerig is. Zorg dat er geen direct licht op je handen en/of in je ogen schijnt. Zorg ook dat het licht constant is, dus geen knipperend licht of een wapperende vlam. Spreid nu je handen uit, langzaam naar elkaar toe bewegend, de handpalmen naar elkaar toe gericht.

Laat de vingertippen van de linker- en rechterhand elkaar zachtjes raken, zo dat de handpalmen elkaar niet raken. Kijk nu door de handen of naar de vingertoppen. Kijk niet heel strak of geconcentreerd, meer wazig, hou je hoofd leeg.

Speel nu een beetje met je handen en ook met het vizier, verplaats beide een beetje heen en weer. Op een gegeven moment zal je of bij de palmen van je handen of bij de vingertoppen iets gewaarworden.  Verwacht niet gelijk schitterende effecten, kleuren en prachten.

In eerste instantie zal het lijken of je handen dampen, als hete drank. Je kan ook een krans om je handen heen zien in grijstinten. De kleur die je ook nog zou kunnen zien is blauw, alsof er energiedraden overschieten in een elektrische lichtbol.

.

 

methode 2 – kijken naar bomen

.

Het voorjaar is het uitgelezen moment om dit te gaan doen. De hele natuur begint weer krachten te verzamelen om nieuw loof, bloemen, takken en wortels te vormen. De sapstroom in de hout- en zeefvaten zijn enorm en dat is waar te nemen als een enorme energieveld om een boom heen.

Ga ook hier naar de boom kijken als er geen direct licht op de boom valt. Kies een oude en grote boom uit, liefst een loofboom. Staar voor een langere tijd wat wazig naar de boom, neem hem helemaal in je op. Ook hier zul je op een gegeven moment een stralingskrans zien. Oefen hiermee, na verloop van tijd ga je verschillen zien in de aura van je handen of een boom.

Je kan ook merken dat de aura van de boom op een bepaalde plek indeukt of juist uitpuilt. Als je deze boom na enige weken nog eens gaat bezien zal je merken dat juist op die plek een tak is gestorven of een nieuwe scheut is ontstaan.

De indianen uit native America gingen de natuur in als ze wilde nadenken. Nog steeds gaan mensen vaak het bos in of een strandwandeling maken als ze willen nadenken of als ze een goed gesprek willen voeren met iemand. Onbewust weet de mens dat daar extra energie te ontvangen is.

 

 

energie en gemoedstoestand

.

Dat is het tweede wat het 3e inzicht ons leert, dat het mogelijk is ons eigen trillingsgetal (fluctuaties van de amplitude per tijdseenheid) te veranderen.  Een indicatie hiervan is schoonheid. Iets wat je energie kan geven ervaar je als mooi. Als de schoonheid verdwijnt (voor jou) verdwijnt ook de energieoverdracht.

Ben je dus op zoek naar een bron die de mogelijkheid geeft om jouw trillingsgetal te doen verhogen, observeer vanuit je intuïtie naar datgene jij als schoonheid ervaart. In de latere inzichten komen we hier zeer uitgebreid op terug.

De energie in ons lichaam (trillingsgetal) beïnvloedt onze gemoedstoestand, maar ook andersom. Het is dus uitermate belangrijk dat je in balans blijft zodat er een juiste wisselwerking is tussen trillingsgetal en je gemoedstoestand. De ademhaling is daarin een hele goede indicator, je bent zoals de ademhaling zich gedraagt. Je gemoedstoestand kan je direct beïnvloeden door met je eigen energie aan de slag te gaan zoals:

Adem bewust energie naar alle delen van het lichaam. Doe voor 15 minuten yoga of stretch-oefeningen, wees fysiek bezig.  Luister naar muziek met natuurgeluiden of percussie. Kijk aandachtig naar de schoonheid van een boom, dier of bloemstuk. Ga naar de natuur toe, maak een grote wandeling, ga tuinieren. Mediteer of  dans. Plaats jezelf in een bol van licht, jij bent het middelpunt van deze bol.

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

De geschiedenis van de kledij deel 4 : 1900-1940

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Kleding 1900 – 1909: Jugendstil

 

De Jugendstil was een reactie op het eclecticisme van de 19de eeuw. Deze stijl met vloeiende lijnen en gestileerde bloemen werd na 1900 toegepast op meubels, vazen, sieraden, stoffen en affiches. Iets dergelijks zien we in de ontwikkeling van het kostuum. Na een eeuw van kostuums met een fraaie buitenkant over een ongemakkelijke binnenkant zou de vrouwenkleding in de 20ste eeuw steeds meer rekening gaan houden met het comfort en de persoonlijkheid van de draagster. Een begin hiervan werd gemaakt met de reformkleding

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was een weerspiegeling van de luxueuze levensstijl in het begin van deze eeuw. De reformjapon werd spottend ‘hobbezakjurk’ genoemd , want hij was recht van snit en werd vaak zonder korset gedragen. De enige garnering was opgestikt band in slingermotieven. Een groot contrast hiermee vormden de luxueuze namiddagjaponnen in pasteltinten met veel kant en elegante tailleurs in de S-lijn. Deze lijn werd verkregen door het gezondheidskorset of droit- devant. Het was even weinig gezond als de vroegere korsetten; het maakte de buik plat, achterwerk en boezem staken uit.

 

De mantel: vooral driekwartmantels met ruime mouwen.
De onderkleding: hemd en onderbroek of combination, droit- devant korset. Voor jonge meisjes het zg. schoolkorset.
Het haar: opgestoken haar, bol rondom het hoofd.
De hoed: platte hoed met veel kunstbloemen. Ook kinderen droegen buitenshuis altijd iets op het hoofd, jongens een pet, meisjes een hoed.
De accessoires: paraplu, handschoenen, kam van schildpad, kragen en shawls van bont, waaiers van veren boord.
De schoenen: elegante instapschoenen met strikjes. Knooplaarsjes onder voetvrije sportsokken

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man had als kleine verandering dat het costume-veston, het gewone pak voor overdag, wat meer zakken met zakkleppen vertoonde.

De mantel: de rechte overjas was iets korter dan vroeger en werd vaker gedragen dan de pardessus. Warme bontjassen voor autorijdende mannen.
De sportkleding: steeds meer speciale kleding voor bepaalde sporten. Bijvoorbeeld: voor tennis een lange lichte flannel broek in een streepdessin, gedragen met wit hemd met slappe boord en witte pet met grote klep. Roeien, hardlopen en voetballen werd gedaan in kniebroek en flanellen hemd.
Accessoires bij het sportieve pak waren strohoed en felgekleurde wollen das.
Het haar: tamelijk kort. Opvallend grote snorren.
De hoed: voor overdag vooral de bolhoed en de Homburghoed.
De schoenen: voor ’s zomers tweekleurige molières (bruin met wit of zwart met wit). Minder knooplaarzen, meer veterschoenen.

 

 

 

 

 

Kleding 1909 – 1914: Poiret

 

De opvoering van Rimski-Korssakovs Sheherazade door het Russische ballet in Parijs, heeft een onmiskenbare invloed gehad op de mode na 1910. De door Leon Bakst ontworpen exotische, fel gekleurde kostuums vormden voor Paul Poiret een nieuwe inspiratiebron. Zijn ontwerpen zoals tunieken en kimono’s gaven blijk van oosterse invloeden en hij creëerde een nieuw silhouet: slank en soepel.

 

 

 

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw kreeg een volledig ander silhouet: van boven breed, naar onder toe smal uitlopend. Het lichaam werd niet langer in de taille ingesnoerd. Japonnen hadden een hoge taille, een ‘strompelrok’ en dikwijls een tunica (lampekapsilhouet).

De mantel: minder mantels maar veel mantelkostuums met een tamelijk lang jasje en een zeer nauwe rok, vaak voorzien van splitten. Zeer modieus: het kimonojasje dikwijls afgezet met bont of struisveren.
De sportkleding: voor het eerst badkostuums uit één stuk, met pijpen tot de knieën, gemaakt van wollen tricot en gedragen met zwarte kousen en badschoentjes.
Het haar: losjes opgestoken, soms gekrulde pony.
De hoed: aanvankelijk erg groot met veel garnering. Poiret bracht ook kleine tulbandkapjes met aigrettes.
De accessoires: ceintuurs, hoedenspelden, Jugendstil sieraden van vensteremail. De eerste lippenrouge uit een potje. Poiret creëerde een eigen parfum.
De schoenen: nog veel knooplaarsjes, maar meer en meer laag uitgesneden schoentjes met halfhoge hakken (pumps).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man onderging slechts summiere veranderingen. Het kostuum bestond nog steeds uit jasje, broek en vest van dezelfde stof, een wit hemd met losse boord en een strikje of geknoopte das .
De mantel: voor op reis een lange, rechte jas; voor de stad een wat kortere, getailleerde jas.
De hoed: bolhoed, Homburghoed, hoge hoed en strohoed. Petten voor sportieve doeleinden en op reis.
De accessoires: dasspeld, horlogeketting, manchetknopen, wandelstok met ivoren of zilveren knop, handschoenen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

    Kleding 1914 – 1919: Eerste Wereldoorlog

 

In deze periode was West-Europa in beroering door de Eerste Wereldoorlog. De afwezigheid van de mannen vereiste van de vrouwen zelfstandigheid. Dit had uiteraard invloed op de mode. We zien dan ook na 1914 dat de strompelrok werd vervangen door een meer praktische wijde, kortere rok.  Voor het eerst zien we Amerikaanse invloeden op de Europese cultuur, vooral uit de wereld van het amusement. De dixiland jazz  en de stomme film  werden snel populair.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was in enkele jaren volledig van silhouet veranderd. De japon had brede schouders, brede revers aan een kraag die opvallend hoog in de nek opstond, een wijde rok en een slanke taille. Omdat veel vrouwen in de rouw waren lag in de modetijdschriften de nadruk vooral op zwarte kleding, rouwsluiers enz.
Coco Chanel werkte tijdens de Eerste Wereldoorlog in een veldhospitaal in Deauville, Frankrijk.

De donkerblauwe wollen jakken en pullovers van de mariniers inspireerden haar. Ze versierde ze met stiksels en hier en daar een broche en flaneerde ermee op de Promenade de Deauville. Veel dames uit die tijd volgden haar voorbeeld en schaften de oorlogscrinolines af. Ook al omdat ze in de shawlkraagjasjes met ceintuur en wollen jakken gemakkelijker hun werk konden doen. Een nieuw type jasje met een shawlkraag en een ceintuur werd veel gedragen.

De mantel: wijd model met hoog opstaande kraag, soms gedragen met een ceintuur.
Het haar: losjes opgestoken haar door een permanent gekruld.
De hoed: hoge toque of grote platte hoed met lint.
De accessoires: grote paraplu, handschoenen, mof.
De schoenen: onder de kortere rokken veel knooplaarzen. Schoenen met hakken en vetersluiting.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man kreeg in deze oorlogsperiode nog minder de aandacht dan al tientallen jaren het geval was geweest. Het jasje van het meestal grijze, zwarte of gestreepte costume-veston kon zowel van één als twee rijen knopen zijn voorzien. De lange pantalon had pijpen met ingeperste plooien en met omslagen.

De hoed: deukhoed, bolhoed, strohoed en (geruite) pet. Voor het eerst zag men mannen zonder hoofddeksel buitenshuis.
De accessoires: zie vorige periode.
De schoenen: veterschoenen, soms tweekleurig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.  

Kleding 1919-1924 : de naoorlogse jaren

 

In tien jaar tijds was in het modebeeld niets meer te bespeuren van de wat decadente elegance van het begin van de twintigste eeuw. De vereenvoudiging die in de oorlog noodzaak was geweest, groeide nu uit tot een nieuwe stijl waarin de nadruk werd gelegd op bewegingsvrijheid.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was recht en sluik, met het accent op de heupen . De roklengte reikte aanvankelijk tot de enkel, na 1921 tot de kuit en werd na 1923 geleidelijk korter. De japon was meestal kraagloos met een V-hals, een ronde of een vierkante hals. Veelgedragen: het deux-pièces, dat bestond uit een rechte of geplooide rok met een lange blouse óver de rok.

 
De mantel: recht en lang. Meer mantelpakken, vaak gegarneerd met bont.
De avondjurk: rechte halflange japon, laag decolleté of alleen maar schouderbanden, de rok in ongelijke punten vallend.
Het haar: losjes opgestoken of strak weggekamd in een knotje op het hoofd .
De hoed: grote, platte hoed met garnering van bloemen of ver
De accessoires: kraag en mof van vossenbont , imitatiesieraden, bijvoorbeeld lange glazen of parelkettingen in combinatie met goudkleurige schakelkettingen, lange oorhangers.
De schoenen: laag uitgesneden pumps met spitse neuzen en banden over de wreef.

 

 

 

 

 

 

 

 

          Kleding 1924 – 1929: Charleston

 

De mode van de jaren twintig werd sterk beïnvloed door de kunst en de architectuur. De golvende lijnen van de Jugendstil waren onder invloed van het kubisme (Picasso, Mondriaan) vervangen door strakke, rechthoekige vormen.n De nieuwe stijl heette: art déco.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was recht en kort. In 1927 was de rok het kortst, en wel tot op de knie.

 

De mantel: eveneens kort, met een brede schouderlijn, een diepe shawlkraag en vaak gegarneerd met vos.
De avondjurk: in deze periode werden voor het eerst korte avondjurken gedragen. Meestal een recht hemdjurkje met schouderbanden, vaak van doorzichtige stof. Avondmantels waren van zijde met struisveren; typerend voor deze tijd: het smokingjasje gedragen over de avondjapon.
De sportkleding: wollen badpak zonder mouwen, met halve pijpen. De eerste speciale skibroeken, een lang of driekwart pofbroekmodel.
Het haar: omstreeks 1925 hebben alle jonge en zich jong voelende vrouwen hun haar afgeknipt. Voor het eerst werd een door de zon gebruinde huid mode.
De hoed: cloche (pothoed) of helmhoed. Bij zomerjaponnen grote doorzichtige hoeden.
De accessoires: zeer belangrijk vanwege de eenvoudige kleding.
Lange shawls, art déco broches en poederdozen in email. Broches en armbanden van schildpad en ivoor. Lange Chanel-kettingen, oorhangers, enveloppetas (afb. 3), sigarettenpijpje. Klein model paraplu met geometrische motieven. De schoenen: iets minder puntige bandschoenen.

Door de belangstelling voor uitheemse culturen kwam slangen- en krokodillenleer in de mode .

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man begon voor het eerst sinds honderd jaar wat meer variatie te vertonen. Het colbertjasje was korter en getailleerd. Men droeg veel blazers met grijze broeken..

Het haar: midden- of zijscheiding; smalle snor.
De hoed: vilten deukhoed, geruite wollen of linnen pet.
De accessoires: leren broekriem met gesp, vlinderdasje, pochet, zegelring met monogram, sigarettenkoker en sigarettenpijpje.
De schoenen: molières met ronde neuzen, vaak tweekleurig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

      Kleding 1929 – 1940: De jaren dertig

 

De ineenstorting van Wall Street (1929) en de economische noodsituatie waarin daarmee ook West-Europa kwam te verkeren, maakte een einde aan de ‘gay twenties’. Sterren werden geïdealiseerd en geïmiteerd. Kenmerkend voor de mode was dat de natuurlijke lichaamsvormen werden geaccentueerd en niet veranderd, zoals de modegeschiedenis tot dusver liet zien.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw had een slank silhouet verkregen. De schouders waren enigszins verbreed.
Omstreeks 1939 japonnen met draperieën over boezem en heupen. Het driedelige  Chanelpak was nu vaker van tweed  dan van jersey en afgebiesd met tress.

De mantel: lang en smal, met een brede, schuine overslag. 
De
avondjurk:
altijd langer dan de japon voor overdag.
De sportieve kleding: voor het eerst een tweedelig badpak.

Het haar: golven en krullen, halflang haar, ook opgestoken of gepermanent. Veel platinablond haar, weggeschoren wenkbrauwen en grote rood gestifte mond.
De hoed: klein, schuin op het hoofd geplaatst hoedje. Veel baretten. Herenhoed à la Garbo.
De accessoires: lange shawl, grote broches en oorknoppen, sieraden van email, ivoor en bakeliet. Met het zonnebaden kwam de zonnebril in de mode.
De schoenen: minder bandschoenen, meer pumps met dunne hakken. Slangenleer, krokodillenleer en suède Schoenen met open hiel en teen .

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

De man

 

De kleding van de man was breed in de schouders en smal in de heupen. Het geklede pak met vest had een getailleerd jasje, sportieve colberts waren rechter van model.

De mantel: rechte wollen jas of demi (dunnere stof); gabardine regenjas met ceintuur.
Het haar: kort haar zonder scheiding of met een zijscheiding, glad gekamd met brillantine.
De hoed: deukhoed, pet.
De accessoires: dasspeld, handschoenen, sigarettenkoker, broekriem, polshorloge.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Boodschap 202 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie: Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

DE MENS IN GELOOF

DE MENS IN GELOOF

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

CHRISTUS IS DE ZOON VAN GOD

 

EN DE MESSIAS

 

DIE SATAN OVERWON TOT AAN HET KRUIS.

 

HIJ HEEFT NOOIT GEZONDIGD

 

EN IS VEEL MEER

 

DAN EEN ONPERFECTE PROFEET.

 

WIE IN HET CHRISTENDOM OF EENDER

 

WELK ANDER GELOOF

 

DAT NIET AANVAARDT IS EEN TEGENSTREVER

 

VAN GOD

 

EN KAN NIET GERED WORDEN.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

JOHN ASTRIA

 

 

Het jaartal 2016

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

 

de ware en de valse Drievuldigheid

de ware en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

3 x 666 = 1998

3 x 666 =1998 + 18 = 2016

 

 

God bestaat uit De Vader, De Zoon en De Heilige Geest. Dit is de ware Drievuldigheid. Het heilige getal dat bij God hoort is 999.

Satan is een spiegelbeeld van God en bestaat uit Lucifer, de antichrist en de valse profeet. Dit is de valse Drievuldigheid. Het demonische getal dat bij Satan hoort is 666.

Wanneer we het Heilige getal 3 vermenigvuldigen met het getal van de duivel 666, bekomt men 1998. Tellen we daar 3 x het getal 6 van de onperfecte mens bij, dan verkrijgen we 2016.

Satan verkrijgt vanaf 2016 meer en meer greep op de wereld. Geweld, oorlogen, ziektes, natuurrampen en mensonterende toestanden zullen alleen maar toenemen.

 

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

.

voorpagina openbaring a4

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

mijne kop a4

Waarom is varkensvlees verboden in de islam ?

Standaard

categorie : religie

 

 

.

Het is bekend dat de islam het eten van varkensvlees verbiedt en als zonde beschouwt. De islam moedigt de moslims aan de voor- en nadelen, maar ook de wijsheid achter zo’n verbod, wetenschappelijk te onderzoeken.

 

.

domuzcuk_1

.

 

Verbod

.

Het verbod van varkensvlees kan rechtstreeks in de koran gevonden worden. Het is in vier hoofdstukken genoemd:
Hoofdstuk 2: Surah “De Koe”,
Hoofdstuk 5: Surah” De gespreide Tafel”,
Hoofdstuk 6: Surah “Het Vee”,
Hoofdstuk 16: Surah “De Bij”, .

.

In hoofdstuk 2, vers 173 zegt, Allah:

“Hij heeft voor u slechts verboden het kadaver, bloed, varkensvlees en datgene waarover een andere naam dan die van Allah is aangeroepen. Maar als iemand door noodzaak gedwongen is, niet uit begeerte of om te overtreden, dan is hij niet schuldig, want Allah is zeer zeker vergevensgezind en genadevol.”

.

.

In hoofdstuk 5, vers 3 zegt, Allah:

“Verboden voor u zijn: het kadaver, bloed, varkensvlees en al datgene waarover een andere naam dan die van Allah is aangeroepen; dat wat gedood is door wurging, het doodgeslagene, het doodgevallene, het doodgestokene, dat wat is aangevreten door wilde dieren; behalve als u in staat bent (naar de eis) te slachten; dat wat op een altaar (voor afgoden) geofferd is, het is ook verboden vlees te verdelen door loting met pijlen: dat is een zondige daad.”

.

.

 

In hoofdstuk 6, vers 145 zegt, Allah:

“Zeg: In datgene wat mij geopenbaard is, vind ik geen voedsel dat verboden is voor degene die ervan wenst te eten behalve het kadaver, uitgestroomd bloed, of varkensvlees, want dat is een gruwel, of iets schandelijk, en waarover een andere dan Allah’s naam is aangeroepen.
Maar als iemand door noodzaak ertoe gedwongen wordt, niet uit begeerte om te overtreden, dan is uw Rabb (Heer) zeer zeker vergevensgezind, genadevol.”

.

.

In hoofdstuk 16, vers 115, zegt Allah:

“Hij heeft voor u slechts verboden het kadaver, bloed, varkensvlees, en al het voedsel waarover een andere naam dan die van Allah is aangeroepen. Maar als iemand door grote behoefte ertoe gedwongen wordt, niet uit begeerte of om te overtreden, dan is Allah zeer zeker vergevensgezind en genade vol. “Uit deze vier haast identieke verzen kan men opmaken dat varkensvlees in de islam absoluut verboden is. In hoofdstuk 6 is het duidelijk als Allah zegt: “…verboden te worden gegeten door iemand die het wenst te eten,…” dat dit vers niet alleen voor de moslims bedoeld is, maar voor alle mensen.

.

.

 

Algemene redenen voor het verbod

 

De exacte redenen en de diepe wijsheid van ‘het waarom” bij het verbod op varkensvlees zijn alleen bekend bij Allah:
De gelovige moslim zegt:

“Wij geloven erin (de openbaringen).
Het is geheel van onze Rabb (Heer)…”
(vers 3:7)

Toch moeten we de redenen hiervan onderzoeken. We kunnen in de koran zien dat Allah het eten van varkensvlees verbiedt omdat het goddeloos en een zonde is. Hierbij wordt het woord “ridjs” (gruwel) gebruikt, dit woord wordt in verschillende contexten achtmaal gebruikt in de koran, onder andere in de volgende regel:

.

In hoofdstuk 5, vers 90-91, zegt Allah:

“0 gelovigen! Alcohol, het kansspel, wijding van stenen (afgoden) en toekomstvoorspelling door middel van (tover) pijlen zijn een gruwel, het werk van de duivel. Vermijdt die dus, opdat het u goed zal gaan. Het plan van de duivel bestaat eruit vijandigheid en haat onder u te verwekken met alcohol en het kansspel en u af te houden van het gedenken van Allah en het gebed. Zult u dan ophouden?”

.

Daarom is de betekenis van dit woord “ridjs” uiteengezet als: vuil of smerig en onrein.

 

.

 

Alleen vlees of het hele dier?

.

In de Arabische taal betekent vlees alles wat eetbaar is aan het dier. Wij kunnen dit uit vele regels in de koran afleiden, onder andere de volgende:

.

1) In Surah 2, “De Koe”, ayat 259:
“En kijk verder naar de beenderen, hoe Wij ze samenvoegen en dan met vlees bekleedden…

.

.

2) In Surah 16, “De Bij”, ayat 14:
“En Hij is het, Die de zee aan u dienstbaar heeft gemaakt om er vers vlees uit te eten… “

.

.

3) In Surah 23, “De Gelovigen”, ayat 14:
“Daarna maken Wij de druppel tot een bloedklonter, dan schiepen Wij de bloedklonter tot’ een vleesklomp, dan schiepen Wij de vleesklomp tot beenderen en dan bekleedden Wij die beenderen met vlees. “

.

.

Het is hierdoor duidelijk dat het woord vlees ook het vet inhoudt. Daarom is alles dat eetbaar is aan het dier verboden om te eten.

.

 

.

Varkensvlees of ander vlees

 

Niet alleen het varken is verboden, maar het vlees van alle carnivoren (vleesetende dieren) en van mensen is niet toegestaan voor consumptie. Het vlees van een kat, hond, rat, muis, tijger, vos, leeuw, arend, valk, havik, etc. is verboden, terwijl het vlees van herbivoren (plantenetende dieren) zoals schapen, koeien, kamelen, herten geiten, kippen, eenden, ganzen, konijnen is toegestaan mits het dier geslacht is volgens de regels van de islam. Het paard en de ezel zijn in de islam edele dieren en het vlees hiervan wordt alleen in noodgevallen gegeten.

.

 

 

Microbiologisch bewijs

 

Er zijn een behoorlijk aantal bacillen, parasieten en bacteriën waardoor varkens geplaagd worden en die in zijn vlees leven waardoor, als het gegeten wordt, ziekten worden overgedragen aan de mens.
Deze parasieten zijn o.a. lintwormen, mijnwormen, ronde wormen, faciolopsis buski, paragonimus etc.

Er zijn twee soorten lintwormen. Taenia Saginata teistert het vee en Taenia Solium teistert het varken. Er is enig verschil in vorm en levensloop en ook in de schade die zij aan het menselijk lichaam berokkenen als het zieke vlees is gegeten.

De Saginata blijft bijvoorbeeld in de darmen van de mens en voltooit zijn leven daar en de schade is beperkt. De Solium daartegen kan zijn leven niet in de darmen voltooien en gaat door de darmwand met de bloedstroom naar alle kanten van het lichaam. De kiemen nestelen zich in de vitale organen van het menselijk lichaam zoals het hart, de ogen, de hersenen, de longen en lever.

Om hun leven voort te kunnen zetten vonnen zij blaasjes ter grootte van een erwt of groter. Als zo’n blaasje of blaasjes in de hersenen gevormd worden veroorzaken ze schade, krampen, verlies van bewustzijn, hysterie en zelfs krankzinnigheid. Als die blaasjes het hart bereiken veroorzaken ze verhoogde bloeddruk en zeer waarschijnlijk een hartaanval.

 

.

.

Religieus bewijs

.

Alle wereldreligies verbieden de consumptie van varkensvlees. Het Judaïsme, het christendom in het algemeen en de islam in het bijzonder, verbieden het allemaal. Het is ironisch te zien dat de christenen varkensvlees eten omdat ze veronderstellen dat het aan hen toegestaan is door de discipel Petrus: “Petrus had geen onrein gegeten, de stem zei om te eten.” (Handelingen 11:11)

Maar als we de boeken erop naslaan, zien we dat Jezus tijdens zijn leven de Joodse wetten volgde en kwam om die te bevestigen, te reinigen en uit te breiden. (Vlg. Mattheus 5:17)

Na het heengaan van Jezus, en door het verwerpen van Jezus door de Joden, zochten bepaalde discipelen van Jezus naar nieuwe wegen. Om zoveel heidense Romeinen en Grieken te bekeren, werden de spijswetten, zoals het vlees van dieren offeren aan afgoden, en de besnijdenis afgeschaft. Dit alles was om de nieuwkomers het makkelijk te maken.

.

I) I Korinthiers 8:4-10

2) I Korinthiers 7:19 

3) Handelingen 11:2-3:

“En toen Petrus naar Jeruzalem gegaan was, verschilden zij, die uit de besnijdenis waren, met hen van mening, en zij zei- den gij zijt binnen gegaan bij onbesnedenen en hebt met hen gegeten.”

.

Nergens wordt gezegd dat Jezus varkensvlees heeft gegeten tijdens zijn leven.

.

Leviticus 11:7-8 :

“Ook het zwijn want het heeft wel gespleten hoeven en de hoeven vertonen wel een volledige kloof, maar het herkauwt niet. Het is voor u onrein.
Van hun vlees moogt gij niet eten, en hun dode lichaam moogt gij niet aanraken. Ze zijn voor u onrein.

.

Leviticus 7:23 :

“Gij moogt in het geheel geen vet en gij moogt in het geheel geen bloed eten”

.

Leviticus 7:26-27 :

“Elke ziel die enig bloed eet, die ziel moet van zijn volk worden afgesneden.”

 

.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

 

Koolstofdatering

Standaard

Categorie: religie

 

 

 

 

 

Wat is de koolstofdatering en hoe werkt het?

 

Hoe werkt koolstofdatering, ook wel C14-datering genoemd? Koolstof (C14) is een natuurlijk element dat in overvloed voorkomt in de atmosfeer, in de aarde, in de oceanen en in elk levend wezen. C12 is veruit het meest voorkomende isotoop, terwijl slechts één op elke triljoen koolstofatomen een C14-atoom is. C14 wordt in de hogere atmosfeer geproduceerd wanneer stikstof-14 (N14) onder de invloed van kosmische straling wordt veranderd; een proton wordt door een neutron vervangen en het netto resultaat is een transformatie van het stikstofatoom tot een koolstofisotoop.

Het nieuwe isotoop wordt “radioactieve koolstof” genoemd omdat het, zoals de naam zegt, radioactief is (maar ongevaarlijk). C14 is instabiel en zal daarom na verloop van tijd spontaan weer vervallen tot N14. Het duurt ongeveer 5730 jaar voordat de helft van een bepaalde hoeveelheid radioactieve koolstof tot stikstof is vervallen. Het duurt vervolgens weer 5730 jaar voordat de helft van de resterende koolstof is vervallen, en dan weer 5730 voor de helft van dat restant, enzovoorts. De tijdsduur die nodig is om de helft van een hoeveelheid koolstof te laten vervallen wordt de “halfwaardetijd” genoemd.

Radioactieve koolstof oxideert (dat wil zeggen, verbindt zich met zuurstof) en komt de biosfeer binnen via natuurlijke processen zoals ademhaling en voeding. Planten en dieren nemen zowel het overvloedige C-12 en het veel zeldzamer C-14 in hun weefsel op, in ongeveer dezelfde verhouding als de C14/C12 verhouding in de atmosfeer. Wanneer een dier sterft, wordt er geen radioactieve koolstof meer opgenomen, maar de C14 die reeds in het lichaam aanwezig was blijft vervallen tot stikstof.

Als we dus de resten van een dood wezen vinden waarin de verhouding tussen C12 en C14 de helft is van wat het zou moeten zijn (dat wil zeggen één C14 atoom op elke twee triljoen C12 atomen in plaats van één op elke triljoen), dan kunnen we aannemen dat het dier al ongeveer 5730 jaar dood is (omdat de helft van de radioactieve koolstof ontbreekt en het ongeveer 5730 jaar duurt voordat de helft van de radioactieve koolstof tot stikstof vervalt). Als de verhouding een kwart is van wat het zou moeten zijn (één op vier triljoen), dan kunnen we aannemen dat het dier al zo’n 11.460 jaar dood is (twee keer de halfwaardetijd).

Na tien keer de halfwaardetijd is de resterende hoeveelheid radioactieve koolstof niet meer meetbaar. Deze techniek is daarom niet bruikbaar voor de datering van dieren die meer dan 60.000 jaar geleden stierven. Een andere beperking is dat deze techniek alleen toegepast kan worden op organisch materiaal zoals botten, vlees of hout. De techniek kan niet gebruikt worden om gesteente rechtstreeks te dateren.

 

 

 

 Het uitgangspunt van de koolstofdatering

 

Koolstofdatering is een dateringsmethode die afhankelijk is van de volgende drie zaken:

  • De snelheid waarmee het onstabiele radioactieve C14 tot de stabiele niet-radioactieve N14 isotoop vervalt,
  • De verhouding tussen C12 en C14 die in het monster wordt aangetroffen,
  • En de verhouding tussen C12 en C14 die in de atmosfeer wordt aangetroffen ten tijde van de dood van het monster.

 

 

 De controverse van de koolstofdatering

 

Koolstofdatering is controversieel om verschillende redenen. Ten eerste is de methode afhankelijk van enkele twijfelachtige aannames. We moeten bijvoorbeeld aannemen dat de vervalsnelheid (dat wil zeggen, de halfwaardetijd van 5730 jaar) in het verleden altijd constant is gebleven. Maar dat kan niet gemeten worden. Er bestaat zelfs krachtig bewijs voor een sterke toename van de radioactieve vervalsnelheid in het verleden.1 We moeten bovendien aannemen dat de verhouding tussen C12 en C14 in de atmosfeer in het verleden altijd constant is gebleven (zodat we kunnen weten wat deze verhouding was op het moment van de dood van het monster).

En toch weten we dat “radioactieve koolstof 28-37% sneller wordt gevormd dan het vervalt”2. Dat betekent dat er nog geen evenwicht is bereikt; deze verhouding is vandaag de dag dus groter dan in het niet-waarneembare verleden. We weten ook dat deze verhouding drastisch steeg ten tijde van de industriële revolutie, als gevolg van de drastische toename van CO2 dat door de fabrieken werd geproduceerd. Deze door de mens veroorzaakte fluctuatie was geen natuurlijk verschijnsel, maar het toont aan dat fluctuaties mogelijk zijn en dat ook natuurlijke verstoringen deze verhouding sterk zouden kunnen beïnvloeden.

Vulkanen stoten CO2 uit, wat zou kunnen leiden tot een afname van deze verhouding. Dieren die in een periode van hoge vulkanische activiteit leefden en stierven, zouden ouder lijken dan ze werkelijk waren als we hun leeftijd met deze techniek zouden bepalen. De verhouding kan verder worden beïnvloed door de productiesnelheid van C14 in de atmosfeer, die op zijn beurt weer wordt beïnvloed door de hoeveelheid kosmische straling die de atmosfeer van de aarde binnendringt. En deze hoeveelheid straling is zelf weer afhankelijk van factoren zoals het magnetische veld van de aarde (dat kosmische straling kan doen afbuigen).

Nauwkeurige metingen die over de afgelopen 140 jaar hebben plaatsgevonden, hebben aangetoond dat de sterkte van het magnetische veld van de aarde gestaag afneemt. Dit betekent dat er een gestage toename van de productie van radioactieve koolstof heeft plaatsgevonden (wat de verhouding zou doen toenemen).

Tenslotte kunnen we zeggen dat deze dateringsmethode controversieel is omdat de data die hiermee bepaald worden vaak gruwelijk inconsequent zijn. Bijvoorbeeld: “Eén lichaamsdeel van Dima [een beroemde babymammoet die in 1977 werd ontdekt] was 40.000 RCY [radioactieve koolstofjaren] oud, maar een ander was 26.000 RCY, en ‘hout dat in de onmiddellijke omgeving van het kadaver werd gevonden’ bleek 9000-10.000 RCY jaar oud te zijn.” (Walt Brown, In the Beginning, oftewel “In het begin”, 2001, p. 176)

 

  1. D. R. Humphreys, J. R. Baumgardner, S. A. Austin, en A. A., Snelling, “Helium diffusion rates support accelerated nuclear decay”, oftewel Helium diffusiesnelheden ondersteunen een versneld nucleair verval, in Proceedings of the Fifth International Conference on Creationism, R. Ivey, Ed., Creation Science Fellowship, Pittsburgh, PA, 2003. Zie ook: Walt Brown, In the Beginning, oftewel In Het Begin, 2001, p. 75, onder “Constant Verval?”
  2. Brown, Idem, p. 246.

 

 

 

 

Koolstofdatering – Dendrochronologie

 

Om de C14-datering te kunnen gebruiken , moeten we – zoals we reeds gezien hebben – weten wat de verhouding tussen C12 en C14 is op het moment van de dood van het monster. Als deze verhouding in het (niet-waarneembare) verleden gefluctueerd heeft (en we kunnen er zeker van zijn dat dit het geval is geweest), hoe kunnen we dan bepalen wat deze verhouding was tijdens het leven van een organisch proefdier, dat leefde en stierf vóórdat we deze verhouding konden meten?

Voorstanders van de C14-dateringsmethode hebben zich tot de “dendrochronologie” (“jaarringenonderzoek” genoemd) gewend om hun tijdschaal te kalibreren (door geschatte fluctuaties van de verhouding tussen C12 en C14 hierin te verwerken). Wanneer de leeftijd van een stuk hout op twee manieren bepaald wordt, enerzijds met koolstofdatering en anderzijds door de jaarringen te tellen, kunnen wetenschappers een tabel opstellen waarmee zij de twijfelachtige C14-jaren naar werkelijke kalenderjaren kunnen omzetten.

Dit werkt als volgt: wetenschappers beginnen met een levende boom of een proefstuk van dood hout waarvan de leeftijd met betrouwbare methoden kan worden vastgesteld. Vervolgens gaan zij op zoek naar stukken dood hout die ouder zijn dan dat eerste proefstuk, maar met overeenkomstige, overlappende jaarringen (jaarringen kunnen onder invloed van verschillende omgevingsfactoren een grote variatie in breedte vertonen en zo een patroon vormen waarmee we proefstukken uit dezelfde omgeving kunnen vergelijken). De wetenschappers gaan vervolgens op zoek naar nog meer stukken dood hout die met dit tweede proefstuk overlappen, enzovoorts.

En tenslotte worden alle jaarringen geteld, waarbij de overlappende patronen worden gebruikt om alle stukken met elkaar te verbinden. Op deze manier wordt uiteindelijk de leeftijd van het oudste stuk hout bepaald. Dit wordt een “lange chronologie” genoemd. Het oudste stuk hout wordt dan ook gedateerd met de koolstofdateringsmethode. Door de twee data te vergelijken, kunnen wetenschappers de noodzakelijke bijstellingen in hun berekeningen maken.

Helaas heeft het gebruik van jaarringenonderzoek als kalibratiemiddel van de C14-dateringsmethode  zijn eigen tekortkomingen. Dr Walt Brown legt dit uit: “…verbanden worden gelegd op basis van het oordeel van een jaarringspecialist. Soms worden ‘ontbrekende’ ringen toegevoegd.1… Eenvoudige statistische berekeningen zouden kunnen vaststellen in welke mate het dozijn overlappende jaarringen werkelijk met elkaar overeenkomen. Maar jaarringspecialisten weigerden om hun bevindingen aan dergelijk statistisch onderzoek te onderwerpen en wilden hun data niet vrijgeven zodat anderen deze statistische proeven zouden kunnen uitvoeren” (Walt Brown, In the Beginning,, oftewel “In het begin”, 2001, p. 246).

Deze weigering om medewerking te verlenen aan verder onderzoek is reden genoeg voor scepticisme, vooral in het licht van de duidelijke cirkelredenering die door de onderzoekers wordt toegepast. “De leeftijd van houten proefstukken die voor ‘lange chronologieën’ worden gebruikt, wordt eerst met behulp van koolstofdatering bepaald. Als die leeftijd hoog genoeg genoeg is (mogelijk door een verkeerde aflezing), dan kijken jaarringspecialisten naar de breedte van de ringen om te kijken of de ‘lange chronologie’ verder kan worden doorgetrokken. Deze chronologie wordt vervolgens gebruikt als garantie dat de koolstofdatering gekalibreerd is met een ononderbroken reeks jaarringen.”

[Deze praktijk wordt ook beschreven door Henry N. Michael en Elizabeth K. Ralph, “Quickee” 14C Dates, Radiocarbon, Vol. 23 No. 1, 1981, pp. 165-166].” (Brown, idem, p. 246; Zie ook Gerald E. Aardsma, “Myths Regarding Radiocarbon Dating”, oftewel Mythen over de koolstofdateringImpact, No. 189, maart 1989)

 

 

 

 

 

Wat zeggen de experts?

 

Robert Lee gaf in zijn artikel “Radiocarbon, Ages in Error” (oftewel Radioactieve koolstof; verkeerde leeftijden) in het Anthropological Journal of Canada een samenvatting van de controverse rond de koolstofdatering: “De problemen van de koolstofdateringsmethode zijn onmiskenbaar diepgaand en ernstig. Ondanks 35 jaar technische verfijning en toenemend begrip worden de onderliggende aannames  sterk in twijfel getrokken. Men waarschuwt dat de radioactieve koolstofdatering zich binnenkort wel eens in een crisistoestand zou kunnen bevinden.

Een verder gebruik van de methode is afhankelijk van een benadering die feitelijk stelt: ‘we lossen problemen wel op wanneer we ze tegenkomen’; een benadering die open staat voor afwijkingen, gesleutel met factoren, en kalibratie wanneer het ook maar mogelijk is. Het is dan ook niet verbazingwekkend dat maar liefst de helft van de verkregen data wordt afgewezen. Maar er moet toch zeker wel verwondering bestaan over het feit dat de andere helft wél aanvaard wordt. Maar ongeacht hoe ‘bruikbaar’ de radioactieve koolstofmethode is, ze is nog steeds niet in staat om nauwkeurige en betrouwbare resultaten te geven.

Er bestaan aanzienlijke discrepanties, de chronologie is ongelijkmatig en relatief, en de aanvaarde data zijn eigenlijk geselecteerde data” (Robert E. Lee, “Radiocarbon, Ages in Error”, oftewel Radioactieve koolstof; verkeerde leeftijdenAnthropological Journal of Canada, Vol. 19, No.3, 1981, pp. 9, 29).

 

  1. Zie Harold S. Gladwin, “Dendrochronology, Radiocarbon and Bristlecones,” Anthropological Journal of Canada, Vol. 14, No. 4, 1976, pp. 2-7.)

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Gods beloften in de Bijbel : deel 3

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De beloften van God

 

 

Welke zijn voor mij?

 

Zijn er manieren om erachter te komen welke beloften van God voor ons vandaag gelden? Er staan honderden beloften in de Bijbel. Hoe kunnen we weten welke algemene beloften voor ons allemaal gelden, en welke specifieke beloften voor een specifiek persoon zijn?

 

1 Johannes 1:9 is een geweldig voorbeeld van een algemene belofte: “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

Deze belofte is een algemene belofte aan alle gelovigen. Een voorbeeld van een meer specifieke belofte staat in 1 Koningen 9:5, waar wordt geschreven aan Koning Salomo: “… dan zal Ik ervoor zorgen dat altijd één van jouw zonen koning van Israël zal zijn.”Door de context te bestuderen is het duidelijk dat de belofte gedaan wordt aan koning Salomo.

 

 

 

 

Richtlijnen om te onthouden:

 

    • – Bestudeer de context.

 

    • – Is het een voorwaardelijke belofte? Kijk of het woord ‘als’ in de context staat.

 

    • – God geeft ons beloften om ons te helpen ons te onderwerpen aan Zijn wil; niet om Zichzelf te buigen naar onze wil.

 

             – Ga er niet van uit dat je kunt weten wanneer de belofte vervuld zal worden.
    .
    .
    .

Welke zijn er zoal?

 

Hieronder staan enkele beloften die te maken hebben met het dagelijkse leven van een christen:

 

Matteüs 11:28-29 – “Kom naar Mij als je moe bent. Kom naar Mij als je gebogen gaat onder het gewicht van je problemen! Ik zal je rust geven. Doe wat Ik je zeg. Leer van Mij. Want Ik ben vriendelijk en geduldig en bescheiden. Daarom zul je bij Mij innerlijke rust vinden.”

 

 

Filippenzen 4:19 – “Mijn God zal jullie in alles overvloedig geven wat jullie nodig hebben. Want Hij geeft overvloedig omdat Hij Zelf overvloedig bezit. Hij geeft ons in Jezus Christus van zijn rijkdom.”

 

 

Romeinen 10:9 – “Want als je met je mond hardop zegt dat Jezus de Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft teruggeroepen en levend heeft gemaakt, ben je gered.”

 

 

Romeinen 6:23 – “Het kwaad brengt altijd de dood: het is je loon voor wat je hebt gedaan. Maar de liefdevolle goedheid van God geeft een geschenk: het eeuwige leven, door onze Heer Jezus Christus.”

 

 

1 Korintiërs 10:13 – “Maar als je in de verleiding komt om iets verkeerds te doen, bedenk dan dit. Geen één verleiding is zó groot, dat je er niet tegenop zou kunnen. Want God laat je nooit in de steek. Hij zal niet toestaan dat je het zó moeilijk krijgt, dat je het niet meer aankan. Want Hij zal, als er verleidingen komen, ook voor de oplossing zorgen. Daardoor zul je sterk genoeg zijn om de juiste beslissingen te nemen.”

 

 

Johannes 10:10 – “Maar een dief komt alleen maar om te stelen en te doden en te vernietigen. Ik ben gekomen om leven te geven en overvloed.”

 

 

1 Johannes 1:9 – “Maar als we het aan God vertellen als we verkeerd hebben gedaan en Hem om vergeving vragen, dan vergeeft Hij ons. Dan wast Hij ons weer schoon van elke ongehoorzaamheid, zoals Hij heeft beloofd.”

 

 

 

 

 

Waarom zijn ze belangrijk?

 

De beloften van God zijn een gesproken of geschreven toezegging. Als God zegt dat Hij iets zal doen, dan doet Hij het ook. Als God zegt dat Hij iets niet zal doen, dan houdt Hij zich ook daar aan. Jozua 21:45 zegt: “Alles wat de Heer aan het volk Israël had beloofd, heeft Hij ook gedaan. Er is niets wat Hij niet gedaan heeft.”

 

 

 

God doet twee soorten beloften

 

De onvoorwaardelijke beloften – Dit zijn beloften die gedaan worden zonder enige voorwaarde.

De voorwaardelijke beloften – Deze soort beloften houden bepaalde kwalificaties of vereisten in. Daarom is het belangrijk om de context van een belofte te begrijpen. Het is niet verstandig om er zomaar een belofte uit te pikken en die ons toe te eigenen. Misschien was dat juist een voorwaardelijke belofte en kunnen we niet aan de eisen voldoen.

 

 

 

 

 

 

3 Gods beloften zijn door geloof 

 

Matt.9:22 Maar Jezus keerde Zich om, zag haar en zeide: Houd moed, dochter, uw geloof heeft u behouden. En de vrouw was behouden van dat ogenblik af.

 

 

Matt.13:58 En Hij deed daar niet vele krachten wegens hun ongeloof.

 

 

Matt.14:29 En Hij zeide: Kom! En Petrus ging uit het schip en liep over het water en ging naar Jezus. 30 Maar toen hij zag op de wind, werd hij bevreesd en begon te zinken en hij schreeuwde: Here, red mij! 31 Terstond stak Jezus hem de hand toe en greep hem en zeide tot hem: Kleingelovige, waarom zijt gij gaan twijfelen?

 

 

Matt.17:19 toen zij met Hem alleen waren: Waarom hebben wij hem niet kunnen uitdrijven? 20 Hij zeide tot hen: Vanwege uw klein geloof Want voorwaar, Ik zeg u, indien gij een geloof hebt als een mosterdzaad, zult gij tot deze berg zeggen: Verplaats u van hier daarheen en hij zal zich verplaatsen en niets zal u onmogelijk zijn.

 

 

Marc 9:23 Jezus zeide tot hem: Als Gij kunt! Alle dingen zijn mogelijk voor wie gelooft.

 

 

Mar.9:28 En Jezus zeide tot hen: Gelooft gij, dat Ik dat doen kan? Zij zeiden tot Hem: Ja, Heere! Toen raakte Hij hun ogen aan, zeggende: U geschiede naar uw geloof.

 

 

Mar.10:52 En Jezus zeide tot hem: Ga heen, uw geloof heeft u behouden. En terstond werd hij ziende en volgde Hem op de weg.

 

 

Luc.8:48 En Hij zeide tot haar: Dochter, uw geloof heeft u behouden, ga heen in vrede.

 

 

Luc.8:24 Toen kwamen zij en maakten Hem wakker en zeiden: Meester, Meester, wij vergaan! En Hij, wakker geworden, bestrafte de wind en de wilde wateren. En zij kwamen tot rust en het werd stil. 25 En Hij zeide tot hen: Waar was uw geloof?

 

 

Luc.8:50 Maar Jezus hoorde het en antwoordde hem: Wees niet bevreesd, geloof alleen, en zij zal behouden worden.

 

 

Luc.18: 42 En Jezus zeide tot hem: Word ziende; uw geloof heeft u behouden. 43 En terstond werd hij ziende en hij volgde Hem, God lovende.

 

 

Matt.8:13 En Jezus zeide tot de hoofdman: Ga heen, u geschiede naar uw geloof. En de knecht genas, juist op dat uur.

 

 

Matt.9:29 Toen raakte Hij hun ogen aan en zeide: U geschiede naar uw geloof.

 

 

Matt.15:28 Toen antwoordde Jezus en zeide tot haar: O, vrouw, groot is uw geloof, u geschiede gelijk gij wenst! En haar dochter was genezen van dat ogenblik af.

 

 

Joh.11:40 Jezus zeide tot haar: Heb Ik u niet gezegd, dat gij, indien gij gelooft, de heerlijkheid Gods zien zult.

 

 

Hand 14:9 Deze man luisterde naar Paulus, wanneer hij sprak, en Paulus keek hem scherp aan en zag, dat hij geloof had om genezing te vinden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget