Dagelijks archief: maart 26, 2019

Angels, the saints, devotions and the conclusion / Engelen, de heiligen, devoties en de conclusie

Standaard

Category / categorie : video

 

 

 

Angels, the saints, devotions and the conclusion

Engelen, de heiligen, devoties en de conclusie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Advertenties

De 7 helpers van Bachbloesem : Olive

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

post-561-0-43150700-1401362467_thumb

 

.

Olive (Olijf)

Olea europaea

Een van Bach’s 7 helpers.
Bereid volgens de zonne-methode.

 

 

Indicatie

.

Degenen die veel geleden hebben, mentaal of fysiek, en zo uitgeput zijn en gesleten dat ze het gevoel hebben dat ze niet meer de kracht hebben om ook maar enige moeite te doen. Het dagelijks leven is voor hen zware ar-beid, zonder vreugde.

 

 

Affirmatie

.

Zoals we ieder een Goddelijke missie in deze wereld hebben, zo ook gebruikt onze ziel onze geest en ons lichaam als instrumenten om dit werk te doen, zodat een eendrachtige samenwerking tussen alle drie resulteert in een perfecte gezondheid en in perfect gelukkig zijn.

 

 

089835_a

 

 

 

Habitat

.

Olijfbomen komen uit het gebied van de Middellandse Zee. Ieder land waar wilde olijfbomen groeien kan dienen als een plek om de essence van de remedie te maken. Commerciële olijfplantages, die het land uitputten, zijn niet geschikt. Het is beter om de bergen in te gaan. Waar een grote variëteit aan wilde bloemen groeit, kun je er zeker van zijn dat de grond gezond en sterk is.

 

 

Chronische houding

.

Voor degenen die bleek zijn, uitgeleefd en uitgeput, misschien na veel zorgen, ziekte, verdriet of een lange strijd. Ze zijn in alle opzichten moe en hebben het gevoel alsof ze geen kracht meer hebben om door te vechten, en bij momenten weten ze helemaal niet meer hoe ze nog verder kunnen. Ze kunnen zeer afhankelijk zijn van hulp van anderen. Bij sommigen is de huid erg droog en deze kan ook gerimpeld zijn.

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

John Astria

De 7 helpers van Bachbloesem : Oak

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

zomereik

.

 

Indicatie

.

Voor degenen die hard worstelen en knokken om beter te worden, of in verband met hun dagelijkse bezigheden. Ze zullen alsmaar doorgaan het een na het ander te proberen, hoewel hun situatie misschien hopeloos lijkt.

.

 

Affirmatie

.

Ons hele doel is om ons te realiseren wat onze fouten zijn. We moeten ons inspannen om de tegengestelde deugd te ontwikkelen, opdat die fouten ons zullen verlaten zoals sneeuw voor de zonneschijn. Vecht niet tegen je zorgen, ga geen strijd aan met je ziekte, worstel niet met je zwakheden: In plaats daarvan kun je ze beter vergeten omdat je je toelegt op het ontwikkelen van de deugd die je nodig hebt.

 

.

quercus-robur_6808

 

.

 

Habitat

.

De zomereik groeit op neutrale of kalk-rijke grond, zware klei en leem.

 

 

Chronische houding

.

Oak is voor het type mensen die, hoewel ze geen enkele hoop op herstel hebben, blijven vechten en zich ergeren aan het feit dat ze ziek zijn. Deze mensen hebben lichamelijke klachten die soms jaren kunnen blijven hangen. Hoewel ze de hoop voor zichzelf verloren hebben gaan ze maar door met proberen en worstelen. De ziektes van deze mensen typeren zich door veel balansverlies, mentaal en fysiek. Mentaal bijvoorbeeld met ernstige zenuw-instortingen, of het type krankzinnigheid dat beschreven kan worden als helemaal uit evenwicht (met een groot controleverlies). Op lichamelijk gebied kan de patiënt de controle verliezen over delen van het lichaam of van de lichaamsfuncties.

 

.

oak_large

 

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

John Astria

 

De celestijnse belofte ; 4de inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

De celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

.

lateralus

 

 

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

.

4e inzicht – de strijd om energie

 

Een mens is een energetisch wezen. Energie kan fluctueren. De mens kan fluctueren. Als je in balans bent dan merk je dat. Je voelt je goed, fijn, prettig. Niet overdreven uitbundig en niet depressief. Je staat met beide benen op de grond en je voelt de grond ook, je bent helemaal in balans.

 

 

Enkele voorbeelden

 

Stel dat je de hele middag bezig bent geweest in huis. Met mooie muziek op de achtergrond heb je het huis gestoft, gedweild en gepoetst. Normaal gesproken zou je dit een rotklus hebben gevonden, maar  nu je alleen bent met mooie muziek, de lentezon die schijnt en de ramen open met hier en daar al een vogeltje, was het juist lekker om op je eigen tempo de boel een beetje schoon te maken.

Als je klaar bent kijk je voldaan rond, je voelt je goed, je bent helemaal in balans. Dan komt je huisgenoot van werk binnen, deze loopt rond, en zegt geïrriteerd tegen jeJe had wel even mogen afwassen .! Het ene moment was je in balans, het volgende moment niet meer.

Je staat met je auto voor het stoplicht. Je droomt over iets aardigs en merkt niet gelijk op dat het licht op groen is geschoten. De achterliggende auto toetert 2 keer. Wat voel je ?

Je staat voor de kassa in een winkel. Achter je staat een lange rij en je kan je portemonnee niet vinden. Je zoekt en je zoekt en je weet dat hij ergens is, maar waar. Dan zegt iemand achter je “zeg  schiet eens op..!” Wat voel je ?

Je staat weer voor de kassa in een winkel. Achter je staat weer een lange rij en je kan weer je portemonnee niet vinden. Je zoekt en je zoekt en je weet dat hij ergens is, maar waar. Dan zegt iemand achter je “Doe maar rustig aan hoor, ik ben hem ook altijd kwijt.” Wat voel je ?

Je bent deelgenoot van een gesprek. Het gesprek gaat over een onderwerp waar je zelf een duidelijke mening over hebt en je wilt graag je zegje inbrengen. Meerdere keren probeer je ertussen te komen maar de anderen zijn zo met het gesprek gaande dat ze je niet eens opmerken. Op een gegeven moment is het even stil en je begint, maar na 2 woorden praat iemand dwars over je heen alsof je helemaal niet aanwezig bent.

Je zit weer te luisteren naar een gesprek. 2 personen praten over een onderwerp waar jij ook een mening over hebt en je merkt dat de 2 er zelf niet uitkomen. Als het stil is begin je te praten en je merkt dat de andere 2 vanaf het begin zeer aandachtig en vol geïnteresseerd naar je luisteren zonder je te onderbreken.

Situatie 3: Wederom een gesprek vergelijkbaar met situatie 2. Eén van de twee personen vind je zeer aantrekkelijk en ook heel aardig. Juist diegene luistert vol aandacht naar je en stelt nadien ook meerdere vragen en bereikt meerdere inzichten door datgene jij vertelt. Verplaats jezelf in elk van de drie situaties. Hoe zou je je voelen in die situatie, zowel op emotioneel, energetisch als fysiek niveau.

 

 

Stelen van energie

 

Een mens is elke dag meerdere keren uit balans. Is dat gedurende een langere periode dan ben je in onbalans. Je bent dan in onbalans in één of meerdere Chakra’s en dat geeft een bepaald emotioneel veld weer en daarmee een bepaalde gewaarwording. Zo staat de Keelchakra voor creativiteit. Een excessieve Keelchakra uit zich in machtsspelletjes, liegen, roddelen en manipuleren.

Communicatie en creativiteit worden dan een verdedigingsmethode. Een deficiënte Keelchakra is teruggetrokken, praat weinig en met een kleine stem. Men is bang voor de communicatie en de creativiteit. Dit, in onbalans zijn, levert een bepaalde gemoedstoestand op.

Binnen deze gemoedstoestand ervaren we dat we in onbalans zijn en willen we energie ontvangen. Deze energie hebben we nodig om terug te keren naar de staat van balans, maar dat is niet altijd zo eenvoudig. De gemoedstoestand zit dan wel eens in de weg. Als we een excessief Keelchakra hebben en ons manipulatief gedragen, dan is dat tevens onze gemoedstoestand: willen overheersen.

We worden dan zo in beslag genomen door deze gemoedstoestand dat we vergeten om terug te keren naar de staat van balans. We blijven in deze excessieve staat en middels de manipulatie proberen we onszelf boven iemand anders te zetten zodat we van diegene energie kunnen onttrekken. Energie die we nodig hebben om deze staat te behouden en de onrust in ons systeem te voeden. Een manipulatief iemand kan zodoende verworden tot een Bullebak (6e inzicht).

Waarom wordt iemand manipulatief of een bullebak ? Vaak heeft dat te maken met de ouders. De ouders zijn een allesbepalende factor voor onze karakterstructuur of, zoals het in de Celestijnse Belofte genoemd wordt: beheersingdrama’s.

Ter illustratie hiervan een tekst uit het dagboek van Anne Frank:

“Bij vader is dat een ander geval. Als hij Margot voortrekt, Margots daden goedkeurt, Margot prijst en Margot liefkoost, dan knaagt het binnen in me, want op vader ben ik dol. Hij is mijn grote voorbeeld, van niemand anders in de hele wereld hou ik. Hij is zich niet bewust, dat hij met Margot anders omgaat dan met mij. Margot is nu eenmaal de knapste, de liefste, de mooiste en de beste. Maar een beetje recht op ernst heb ik ook. Ik was altijd de clown en de deugniet van de familie, moest altijd voor alle daden dubbel boeten, één keer met standjes en één keer met de wanhopigheid binnen in mezelf. Nu bevredigt dat oppervlakkige geliefkoos niet meer, evenmin de zogenaamde ernstige gesprekken. Ik verlang iets van vader dat hij niet in staat is me te geven… ik zou alleen zo graag vaders echte liefde, niet alleen als kind maar als Anne-op-zichzelf voelen.”

 

Kinderen spiegelen zich enorm aan hun ouders en nemen ook vaak de karakterstructuur of beheersingdrama van hun ouder over. Hierover meer in het 6e inzicht. Dit 3e inzicht laat zien dat een mens een energetisch wezen is dat behoefte heeft aan energie. Deze energie is nodig voor 2 zaken: Productie of activiteiten. We willen dingen doen en hebben daar energie voor nodig.

Het 4e inzicht laat zien hoe we geneigd zijn aan deze energie te komen en dat is meestal basaal gebaseerd op onze beheersingdrama of onze onbalans op dat moment (hoewel deze onbalans weer gebaseerd is op het beheersingdrama). Manipulatie is één methode om energie te ‘stelen’ van een ander. Zo zijn er zeer vele methoden die allemaal gebaseerd zijn op onze beheersingdrama. Ons gedrag zegt dus iets over het drama dat we meedragen.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Adellijke vrouwenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Kleding speelde in de middeleeuwen al een belangrijke rol. Het liet het verschil zien tussen adellijken en burgers. Dit lieten ze zien door middel van technieken, maar ook door middel van kleur. Het dragen van kleding ging steeds meer klasse uitstralen, wat je in de hedendaagse samenleving ook nog wel eens terug ziet. Hoe zag de adellijke vrouwenkleding eruit in de late Middeleeuwen

 

 

Adellijke vrouwenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

 

 

 Adellijke vrouwenkleding (1000-1490)

 

Bij de vrouwen is het verschil tussen de late middeleeuwen en de vroege middeleeuwen duidelijk te merken. De jurken zijn door de tijd heen wel altijd lang gebleven. De jurken hadden verschillende lagen over elkaar heen. Zo had je een onderhemd, onderjurk en een bovenjurk. Adellijke vrouwen droegen vaak ook nog een mantel. Het silhouet van de jurken was van boven smal en onder wijd uitlopend.

Door de tijd heen bleven de rokken wijd uitlopend en was er dus weinig verandering in. De mouwen waren anders dan dat je ze tegenwoordig ziet. Het overkleed van de vrouw had meestal geen mouwen, zodat het ook niet warm was in de zomer. Zodra het wat kouder werd, werd er een kort linnen mouwtje vastgespeld aan het overkleed.

Zodra het kouder werd in de winter hadden de vrouwen ook nog lange, warme, wollen mouwen die ze dan weer vastmaakten aan het korte mouwtje met een paar steken. Tussen 1000-1200 waren de mouwen lang en heel wijd. Wat later in de middeleeuwen (1200-1350) waren de mouwen nog steeds lang, maar ze waren nauwsluitend aan de arm.

Vijftig jaar later werden deze mouwen sierlijk afgezet met knopen of sierlijk gekleurde stoffen, net zoals bij de mannen. De mouwen tussen 1400 en 1440 leken veel op de mouwen van de mannen. Deze waren namelijk lang en sierlijk wijd en afgezet met bont. Zo lieten de adellijken zien dat ze rijk en machtig waren. Bont was namelijk niet te betalen voor de boeren.

De mouwen van de vrouwen waren in deze tijd wel minder gepoft dan die van de mannen. Je kon dus nog duidelijk verschil zien. Tussen 1440 en 1490 gingen de mouwen van de vrouwen weer deels terug naar 1000-1200. Ze liepen weer wijd uit, alleen niet zo wijd als in de vroege middeleeuwen.

De kleur werd gemaakt met natuurlijke producten zoals: uien (geel), gras (groen), bessen (rood). De kleuren van adellijken waren fleuriger, Oosterse stoffen. Dit konen adellijken zich veroorloven, omdat zij meer bezittingen hadden. Dat onderscheidde de adellijken van de boeren. De oosterse landen hadden betere kleurtechnieken, waardoor de kleuren van de adellijke kleding langer houdbaar bleef.

 

 

220px-Koningin_Marie_Louise_Gustaaf_Wappers

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1000-1200

 

De kleding van de burgerlijke vrouw bestond uit een lang onderhemd, een onderkleed en vaak een iets korter overkleed. De hals van het onderkleed was meestal rond. Het accent kwam op de taille en de buste te liggen. Er werden koorden kruiselings gedragen over de taille, zodat de vrouwelijke vormen beter uitkwamen. De mouwen werden na de 11e eeuw steeds wijder.

Soms kregen deze mouwen een strook tot op de grond waarin een knoop werd gelegd. De mantel had de vorm van een rechthoek of een halve cirkel dat met een sierspeld werd vastgemaakt. De mantel werd vaak voor de sier afgezet met bont of geborduurde randen.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt waren wol, linnen en bont. Zijde was heel zeldzaam, dus dat droegen de adellijke vrouwen veel. Na de 11e eeuw werd linnen ruimer verkrijgbaar, maar het was nog steeds heel erg kostbaar. De kleuren die veel werden gebruikt waren voornamelijk; felle kleuren met een betekenis, net als bij de mannen:

 

  • Wit: Zuiverheid.
  • Purper: Waardigheid.
  • Groen: Eeuwige jeugd.
  • Rood: Hemelse liefde.

 

De patronen die in deze tijd werden gebruikt waren ingeweven of geborduurde cirkels of vierkantjes. Ze hadden veel geborduurde randen en gebruikten veel motieven uit de klassieke oudheid.

 

 

slide_3 1200

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1200-1350

 

De kleding van de adellijke vrouw bestond uit een lang onderhemd, een onderjurk en een overkleed. Vaak droegen de vrouwen ook een mantel. Het silhouet was van boven smal en de rok was wijd uitlopend. De onderjurk had lange mouwen en een ronde hals. Het overkleed had geen mouwen. Als dit overkleed wel mouwen had, waren deze rond 1250 aangezet met een aantal steken en niet aangeknipt. De mantel bestond uit een cape dat werd vastgehouden door een kettinkje, of deze werd vastgespeld.

De rokken die in deze tijd veel werden gebruikt waren voornamelijk wol, linnen, bont en het fluweel werd nu ook meer gebruikt. Bont was heel kenmerkend voor de adellijke stand, omdat alleen zij mochten jagen. En als ze het konden kopen van westerse landen maakte de adellijke stand de handen nog niet een vuil. Veel gebruikte kleuren van de adellijke stand waren; rood, blauw, groen en roze.

Hoe meer kleur je jurk bezat, hoe hoger je stand was. Adellijke vrouwen konden zich namelijk veroorloven stoffen te kopen van de oosterse landen. Deze stoffen werden beter gekleurd dan in de westerse landen. In de westerse landen werden de stoffen gekleurd met natuurlijke producten, die als je ze wasten, snel vaal werden. Veel gebruikte patronen in deze tijd waren heraldische motieven. Alleen de randen van de jurken werden afgezet met deze motieven.

 

 

mac17r21300

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1350-1400

 

De kleding van de adellijke vrouw was strakker dan 100 jaar geleden, lang en laag uitgesneden. Het onderkleed was nu strak aangetrokken met veters of knopen. Over het onderkleed dat vaak liripipes, dit waren stukjes stof die sierlijk vielen, aan de onderkant van de mouw. De mouwen waren erg wijd uitgesneden. Deze gaven namelijk de nadruk op de lichaamsvormen van de vrouw. Het overkleed werd vaak afgezet met bont, dat stond voor klasse en elegantie.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt door adel waren voornamelijk wel, linnen, bont, katoen, zijde en nu ook geverfd bont. Het onderkleed werd maastal gemaakt van linnen en de mouwen van de jurken werden vaak afgezet met (geverfd) bont. Veel gebruikte kleuren door adel in deze tijd waren; rood, blauw, groen, roze en nu werd goudskleurig ook gebruikt.

Veel gebruikte patronen in deze tijd waren; bloemen en wijnranken. De patronen werden nu niet meer alleen gebruikt voor de randen, maar nu ook voor de gehele stof. Als er effen stoffen werden gebruikt, werden deze jurken vaak afgezet met sierlijke randen. Ook horizontale en diagonale strepen waren veel gebruikte patronen in deze tijd.

 

 

marie-christine 1400

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1400-1440

 

De kleding van de adellijke vrouw was in deze tijd vooral gericht op voortplanting. De jurken hadden nog steeds een onderkleed en een bovenkleed, maar het was allemaal ruimer. Bij het wijde bovenkleed werd het accent net onder de buste gemaakt. Dit werd gedaan door middel van een band. Deze overkleden hadden een hoge taille, zodat de bolle buik van de vrouw extra opviel. Het onderkleed werd aan de achterkant vastgemaakt met touwen.

Dit was een voorloper van de korset. Het enige wat nog overeenkomt met de korset tegenwoordig is dat het beide strak werd aangetrokken. Een gewone vrouw, die niet zwanger was, droeg een korset over het onderkleed met mouwen.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt waren; kleurenen zijde. Zijde was in deze tijd een zeer zeldzame stof en was dus moeilijk verkrijgbaar. Alleen adellijken konden zich dit soort stoffen veroorloven. Deze stoffen werden voor de adellijken (westen) in de oosterse landen geweven en gemaakt. De kleuren die werden gebruikt in deze tijd, waren hetzelfde als 50 jaar daarvoor.

Alleen het goud werd minder gebruikt. De patronen die veel gebruikt werden in deze tijd waren meer bedrukt. Deze werden voornamelijk bedrukt met kleine bloempatronen over de gehele stof. De jurken werden ook aan de randen afgezet met een soort van kant.

 

 

prev002prin01ill4161400

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1440-1490

 

Na de door van Karel de Stoute viel het Bourgondische rijk. Hierdoor kregen de jurken meer Italiaanse invloeden. De kleding van de adellijke vrouw bestond nu uit een onderjurk of een korset en een overkleed of een robe. Door de lage hals van het overkleed was een deel van het korset zichtbaar. Dit was vaak anders van kleur en vaak ook geborduurd met mooie patronen.

De mouwen van de jurk waren strak en liepen door tot op de hand. Het overkleed had nog steeds een hoge gordel. Deze werd vaak aam de achterkant van de jurk vast gegespt. Vrouwen van adel hadden ook nog een sleep aan het overkleed.

De stoffen die in deze tijd werden gebruikt waren; linnen, katoen, wol. Zijde, fluweel, brokaat en bont. Doordat de handel langzamerhand opkwam in deze tijd ontstond er concurrentie. In het geval van de stoffen kwam er concurrentie tussen Engeland en Vlaanderen met het bont.

De kleuren die werden gebruikt waren hetzelfde als een eeuw daarvoor, alleen bleef de kleur langer mooi, vanwege de betere kleurtechnieken van het buitenland. Veel gebruikte patronen in deze tijd waren; wijnranken en granaatappels. Deze patronen werden over de gehele stof bedrukt.

 

 

middeleeuwsekleding 1500

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Boodschap 220 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

GOD, CHRISTUS EN DE HEILIGE GEEST 

 

ZIJN DOOR DE DRIEVULDIGHEID

 

GESCHEIDEN MAAR 

 

VORMEN TOCH EEN GEHEEL.

 

WIE NIET GELOOFT DAT CHRISTUS OP

 

HET KRUIS GESTORVEN IS

 

ALS ZOENOFFER VOOR DE

 

ZONDEN VAN DE MENS,

 

VERLOOCHENT DUS OOK GOD EN 

 

IS DAAROM EEN VERLOREN ZIEL

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

JOHN ASTRIA

Het Boeddhisme.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

symbool boeddhisme

symbool boeddhisme

.

 

 

Ontstaan

 

Ontstaan als reactie op en hervorming van het hindoeïsme. Het boeddhisme wijst het hele hindoeïstische goden-pantheon af en is daarmee geen godsdienst in de strikte zin van het woord. Het kastensysteem en priesterbemiddeling worden afgewezen. Heilige boeken worden niet erkend en dus is er ook geen taak meer voor het Sanskriet. De kringloop der wedergeboorten kan op eigen kracht worden doorbroken waarmee het Nirwana binnen het bereik komt.

 

 

toestand van Nirwana

toestand van Nirwana

 

.

 

De stichter

 

Anders dan het hindoeïsme gaat het boeddhisme terug op een historische stichter, Sidharta Goutama. Hij werd geboren 560 v.C., als zoon van een rijk stamhoofd, huwde een weduwe en had bij haar een zoon. Op 29-jarige leeftijd kwam hij in een ernstige religieuze crisis, verliet huis en haard en probeerde eerst door een strenge ascese en zelfkastijding een oplossing te bereiken.

Na zes jaar aldus geleefd te hebben en na een periode van 49 dagen van eenzame meditatie kwam de verlossing in de vorm van de verlichting. Gautama werd tot Boeddha (= dé Verlichte) en daarmee tot het centrum van de mensheid en zijn geschiedenis. Boeddha verzamelde een groep monniken om zich heen aan wie hij zijn (mondeling) leer doorgaf.

.

 

Gautama Buddha

Gautama Buddha

 

 

 

De leer

 

Boeddha leerde aan zijn volgelingen de volgende vier waarheden:

(1) Leven is lijden

(2) De oorzaak van het lijden is het verlangen of de begeerte.

(3) Het verlangen moet worden overwonnen.

(4) Het geëigende middel daartoe is het achtvoudige pad.

Het achtvoudige pad geeft, in een opklimmende reeks, een leidraad voor het leven:

(1) het juiste pad,

(2) de juiste doelstelling,

(3) het juiste woord,

(4.) het juiste gedrag (niet stelen, niet doden),

(5) het juiste middel voor het levensonderhoud,

(6) de juiste inspanning (wilskracht, training),

(7) het juiste bewustzijn (kennen van de drijfveren) en tenslotte

(8) de juiste meditatie.

 

.
Wie de uiteindelijke verlichting bereikt, geniet het Nirwana, enerzijds beschreven als een staat van grootste volheid maar anderzijds ook als een staat van volledige leegte. De centrale levensfilosofie is dat het bestaan eigenlijk een illusie is (wanneer de materiële vorm zich voegt bij het gevoel ontstaat er een idee dat zich verdiept tot het bewust zijn van iets en dat laatste brengt voor een ogenblik de illusie van het bestaan voort).

In zijn zuiverste vorm laat het geen ruimte voor aanbidding aangezien er geen wezen is tot wie de aanbidding kan worden gericht. In latere ontwikkelingen is hierop toch ten dele teruggekomen.
Anders dan het hindoeïsme is het boeddhisme overtuigd het ‘goede nieuws’ voor de gehele mensheid te zijn. Het is dan ook zeker in de beginperiode sterk missionair geweest.

 

 

Ontwikkeling

 

Nadat Boeddha zijn monniken zijn lering had bijgebracht, volgde een voorspoedige start van het boeddhisme. Na enige tijd ontstond de behoefte toch de leer in geschriften te formuleren. Er werden concilies gehouden. In 300 jaar bereikte het boeddhisme heel India (de onderlaag blijf het hindoeïsme trouw).

Honderd jaar later breidde het zich uit over Sri Lanka, later over China waar het de cultuur diepgaand beïnvloed heeft. Rond het begin van onze jaartelling bereikte het boeddhisme Japan en Korea waar het zich mengde met de plaatselijke shinto. In Tibet kreeg het boeddhisme een geheel eigen vorm (het tantrisme).

Rond 900 na Chr. volgde een teruggang en won het hindoeïsme althans in India weer vrijwel alle terrein terug (pas in deze eeuw is er weer sprake van een kleine opleving van het boeddhisme in India).
Recent is vooral het zen-boeddhisme in het westen bekend geworden. Van de meditatievormen is met name de Yoga buiten het boeddhisme populair (en in sommige katholieke kloosters gepraktiseerd).

 

 

Heilige boeken

 

Het boeddhisme is een ‘godsdienst’ zonder heilige geopenbaarde boeken. Wel zijn de leringen van de Boeddha in later tijd vastgelegd. In de loop van de tijd is aan de overlevering over het leven en de leer van Boeddha veel toegevoegd. De teksten werden alleen in de kloosters bewaard en zijn in de meeste gevallen met de invallen van de islam verloren gegaan. Een reconstructie van de leer in zijn meest oorspronkelijke vorm is daarom echter niet goed mogelijk.

 

 

De leefregels

 

De leefregels volgen uit de opgaven van het achtvoudige pad. In de oorspronkelijke vorm van het boeddhisme is de mens sterk op zichzelf betrokken. Maar men mag de naaste geen schade berokkenen. De boeddhist zal overdaad mijden. Het is aan te bevelen een kortere of langere tijd als monnik te leven.

 

 

monniken

monniken

 

 

Richtingen

 

Rond 100 na Chr. splitste het boeddhisme zich in twee scholen: Hinayana (‘kleine voertuig’), de meest oor-spronkelijke en zuivere richting, tegenwoordig beter bekend onder de naam Theravada, en Mahayana (‘grote voertuig’).

Het Hinayana leert dat de verlossing maar voor weinigen is weggelegd (= kleine voertuig). Het is een verdraagzame groep die met name Sri Lanka, Thailand, Birma, Cambodja en Laos te vinden is.
Het Mahayana leert daarentegen dat de verlossing voor velen is weggelegd. God keert terug in de vorm van de Oer-Boeddha.

Er komen helpers voor de mens, de Bodhisatva’s (heiligen). Hemel en hel worden aanvaard. Er wordt een plaats ingeruimd voor toekomstige Boeddha’s. De eredienst krijgt de trekken van een kerk. Plaatselijk vermengt deze vorm van boeddhisme zich gemakkelijk andere religies zoals dat in Japan (Shinto) en in Tibet het geval is geweest.

Het zen-boeddhisme ( vajrayana of tantrisch boeddhisme)  is rond 500 v.C. in China tot ontwikkeling gekomen vorm van het boeddhisme welke nadien ook in Japan vaste voet aan de grond heeft gekregen. Het zen-boeddhisme is nogal afkerig van theorie, is meer betrokken op de dienst aan de naaste en legt sterk de nadruk op geestelijke en lichamelijke discipline en op training.

Na de Tweede Wereldoorlog is deze vorm van het boeddhisme ook in het Westen bekend en populair geworden. Yoga is een ander in het Westen bekend geworden boeddhistisch fenomeen dat dateert uit de vijfde eeuw n.Chr. Het is een methode om door ascese en geestelijke concentratie een hogere bewustzijnstoestand te bereiken.

.

slide_10

.

 

 

.

mapbuddh (1)

.

 

 

Feesten en kalender

 

De Boeddhistische kalender is (met uitzondering van Japan) een maankalender. Het jaar is 11 dagen korter en de feestdagen verschuiven derhalve ten opzichte van onze op de zon gebaseerde kalender. Veel feesten zijn sterk regionaal bepaald. Om er enkele te noemen:

Geboortefeest van Boeddha (d.w.z. zijn verlichting en eerste preek)

– Feest van de Boeddha’s (Japan)

– Dodenfeest (soort Allerzielen, alleen Japan)

– Boeddha’s Hemelvaart (alleen Tibet).

 

 

 

Enkele teksten uit de boeken

 

  • Er zijn twee doelen die een rondtrekkende niet dient na te streven… Het vervullen van begeerten en de vreugden die uit deze begeerten voortkomen. Dit is laag bij de gronds, ordinair en leidt tot wedergeboorte, hetgeen schandelijk en bovendien onvoordelig is . . .”
  • En dit is de edele waarheid van het leed: geboorte is leed, ouderdom is leed, ziekte is leed, niet vervuld zien van wensen is leed …”
  • En dit is de edele waarheid van het opheffen van het leed: het is het opheffen van de begeerte, zodat er geen hartstocht meer is. En dit is de edele waarheid van de weg die leidt naar het opheffen van het leed. Het is het edele achtvoudige pad.” (uit de Theravada, Boeddha’s preek te Benares).

 

.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 John Astria

John Astria

 

De engel Gabriël

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

archangel-gabriel-for-website

 

.

 

Wie is Engel Gabriël

 

Gabriël is de boodschapper van God. Hij doet in de Bijbel voor het eerst van zich spreken in Daniël (8:16, 9:21, 10:4 en 12:6). Volgens Lucas was Gabriël zowel de aankondiger van de geboorte van Johannes de Doper als van Jezus Christus. In de joodse geschriften is hij bovendien de engel des doods.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

John Astria

Het hindoeïsme

Standaard

categorie : religie

 

 

.

 

symbool van het hindoeisme

symbool van het                    hindoeisme

.

 

Ontstaan

.

Het hindoeïsme vind zijn oorsprong in de godsdienst van de Indo-Germanen. Het dankt zijn bestaan niet aan een bepaalde stichter maar heeft zich gedurende een lange periode van meer dan duizend jaar gevormd uit de plaatselijke religies, onder opname van een aantal elementen van de godsdienst van een binnenvallend Arisch Indo-Germaans volk.

Via deze Ariërs is er enige verwantschap met de religies van de oude Germanen, Grieken en Romeinen. De Indo-Germanen kenden een sociale opbouw in drie kasten: heersers, krijgers en voeders (waaraan later een vierde als ‘niet-kaste’ is toegevoegd).

Hun belangrijkste goden (Waroena, Agni en Indra) waren daarvan een afspiegeling. In de Indo-Germaanse godsdienst speelde overigens ook een moedergodin een rol van betekenis.
De oudst bekende heilige schriften, de Veda’s (lofzangen, teksten voor offerrituelen) dateren van ca 1200 v.C. Het Sanskriet (een oude Indo-Germaanse taal) van de Veda’s is tot op heden de rituele taal gebleven.

.

 

God / Goden

.

Vanaf ca 1200 voor Chr. verschuift het goden-pantheon langzaam naar een nieuw drietal, Brahma, Sjiva en Visnu, zonder dat de oorspronkelijke goden hiermee geheel uit het zicht verdwijnen.

Brahma wordt het onpersoonlijke opperwezen, alles doordringend, bron en schepper
Shiva, wordt de ‘vernietiger’ en de asceet (vgl herfst/winter). Hij is in bepaalde opzichten de opvolger van Waroena. (een bekende beeltenis van Shiva is die als de balancerende vierarmige danser).
Visnu wordt de ‘bewaarder’ (vlg de winter/lente).

.

 

Brahma, Vishnu,Shiva

Brahma, Vishnu, Sjiva

 

.

Daarnaast komen er vele andere goden of incarnaties van goden op zoals Ganesja (de wijze, afgebeeld met een olifantenkop), de zoon van Sjiva. In Durga, (ook Kali of Parvati geheten) welke wordt gezien als Shiva’s vrouw, komt rond 500 v.C. de oude Indo-Germaanse godinmoeder weer boven water. Onder invloed van de islam en het christendom is er in de meer recente tijd opnieuw een tendens om alle Goden als afgeleid (als facet) van de ene absoluut opgevatte God Brahma te beschouwen.

.

 

Ontwikkeling

.

Het hindoeïsme heeft zich zo tussen 1200 en 800 v.C. ontwikkeld uit een Indo-Germaanse godsdienst, onder opname van veel elementen uit de plaatselijke religies. De leer van het Karma en de zielsverhuizing (incarnatie) komt in deze tijd op. Nieuwe goden verschijnen. Tegelijk wordt er gezocht naar de eenheid achter de veelheid van de dingen. Het fundamentele beginsel van het heelal (het Ene) en het ik (het Eigene) worden min of meer gelijkgesteld.

Het offer wordt steeds belangrijker en niet de degene aan wie het geofferd wordt. Daarmee stijgt het belang van de priesterkaste, de Brahmanen, die immers de taal en het ritueel van het offer beheersen. Het kastenstelsel ontwikkelt zich tot een allesomvattend sociaal systeem. Rond 500 voor Chr. tekent zich een reactie af tegen het verstarrende van het hindoeïsme.

Nieuwe stromingen als het jaïnisme  en het bhoedisme zien het licht. Een groot deel van India gaat (tijdelijk) over naar het boeddhisme. In de periode van zo rond 800 tot 1000 na Chr. zien we een heropleving van het hindoeisme. Visnoe en Sjiva winnen aan betekenis en worden door bepaalde groepen zelfs als enige god vereerd (de Shivaïsten, o.a. op Bali).

De filosofie wordt uitgebreid met nieuwe scholen. Boeddha, Krisjna en zelfs Christus worden als incarnaties van Visjnoe in het goden-pantheon opgenomen. Het hindoeisme heeft zich aldus gevormd tot een uiterst rekbare religie waarin alles kan worden opgenomen. In maatschappelijk opzicht blijft het de basis van het verstarrende kastensysteem.

Met de invallen en de overheersing van de arabieren en later de turken en de bloei van het Mongoolse rijk breekt er een moeilijke periode aan voor het hindoeisme. De bovenlaag gaat over naar de islam, de onderlaag blijft het hindoeisme echter trouw. Vermenging vindt, mede dank zij het kastensysteem, nauwelijks plaats.

Onder de Engelse heerschappij zet ook het christendom voet aan wal. De dubbele bedreiging leidt hier en daar tot een fundamentalistisch teruggrijpen op het oude hindoeisme.
Er is geen centrale organisatie. Wel speelt de priesterkaste (=Brahmanen) een centrale en grote rol.

.

 

Sociale systeem

.

Het sociale systeem, d.w.z. het kastenstelsel, is nauw verbonden met het hindoeïsme dat er de legitimatie voor levert. Van een eenvoudige driedeling, later vierdeling van de maatschappij, is er een allesomvattend systeem ontwikkeld dat alle zaken als beroep, omgang, huwelijk enz . regelt en vastlegt. Bovenaan staat de priesterkaste der Brahmanen, onderaan de kaste van de onaanraakbaren.

 

.

kasten stelsel

.

 

 

Heilige boeken

.

De Veda is al genoemd. Rond 1200 voor Chr. ontstaan er een nieuwe serie boeken, eigenlijk filosofische geschriften, de Upanisjaden. Omstreeks 500 na Chr. komt een een nieuw geschrift bij, de Bagavad Ghita, een epos dat de strijd van Krisna beschrijft en dat zeer populair is.

.

 

unnamed bagavad gita

 

.

 

De leer

.

De grondgedachten zijn als volgt te omschrijven:
(1) Karma, de wet van oorzaak en gevolg en de onvermijdelijke uitwerking van iemands daden die niet ophoudt bij de dood maar overgaat in een volgend leven in een hogere of lagere positie.
(2) Dharma, de plichten die men moet nakomen overeenkomstig de plaats in de samenleving (kaste).
(2) Samara, de kringloop van de wedergeboorten die ook de dieren betreft.

.

 

Leefregels

.

Zoals te begrijpen valt uit het voorafgaande hangen de leefregels sterk samen met het kastensysteem.
Het prijzen van de Goden en het brengen van al dan niet symbolische offers behoort tot de verplichte rituelen van de Hindoe. De koe wordt als heilig dier ontzien.
Ten aanzien van de relatie met naaste kent het hindoeïsme voornamelijk algemene regels. Verdraagzaamheid en tolerantie volgen uit het grote opnemend vermogen van het hindoeïsme.

.

 

Eredienst/Feesten

.

Door de veelheid van Goden en Godinnen en hun verschijningsvormen, de grote regionale verschillen en het feit dat bepaalde feesten alleen binnen bepaalde kasten gevierd worden, is het moeilijk , zo niet onmogelijk aan te geven wat de belangrijkste feesten zijn.

Toch hier enkele voorbeelden:

Holi-feest, uitbundig voorjaarsfeest, heeft verband met Visnu.
Divali of Lichtfeest, wordt wel door alle kasten gevierd.
Durga Pura, feest ter ere van de Godin Durga.
Eredienst vindt plaats in tempels of gewoon thuis. Ritueel gebed en offers nemen een centrale plaats in. De omgang met de goden(beelden) is zeer familiair.

 

.

 

Holifeest

Holifeest

 

 

 

 Divali feest

Divali feest

 

 

 

Godin Durga Pura

Godin Durga Pura

 

.

 

Enkele teksten uit de heilige boeken

.

  • Milddadig is hij die iets geeft aan de bedelaar, die verzwakt naar hem toekomt op zoek naar voedsel. In het strijdgewoel zal hij succes hebben. Hij maakt hem tot vriend voor moeilijkheden in de toekomst”.
  • In overeenstemming met zijn handelwijze, in overeenstemming met zijn gedrag, zo wordt iemand. Die goed doet, wordt goed. Die slecht doet wordt slecht . . .” (uit de Rig Veda).
  • Derhalve is het vooruitzicht van hen, die hier een prettig leven leiden dan ook dat zij een plezierige moederschoot zullen binnengaan, hetzij die van een Brahmin, hetzij die van een Ksjatrija of die van een Vaisjia. Maar zij die een verfoeilijk leven leiden zullen waarlijk een verfoeilijke moederschoot binnengaan, hetzij die van een hond, hetzij die van een varken of die van een uitgestotene” (uit de Oepanisjaden).

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

 John Astria

John Astria