Dagelijks archief: april 11, 2019

Is there marriage on the new earth?/ Zullen er huwelijken zijn op de Nieuwe Aarde?

Standaard

Category / categorie: video

 

 

 

Is there marriage on the new earth?

Zullen er huwelijken plaats vinden op de Nieuwe Aarde?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Advertenties

Hoe lang joggen om lekkers te verbranden?

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Een stuk chocolade? Dat is dan 51 minuten joggen

.

.

 .
.
.
.

Amerikaanse voedingskundigen pleiten ervoor om niet alleen het aantal calorieën weer te geven op voedingsproducten, maar ook hoe lang u moet sporten om het lekkers weer te verbranden. Daarover woedt momenteel een debat in de Verenigde Staten. ‘Mensen snappen dat eerste cijfer toch niet’, klinkt het.

Het debat werd geopend na een onderzoek bij tieners uit achtergestelde buurten in Baltimore. Onderzoekers van de Johns Hopkins Bloomberg School of Public Health plaatsten er in winkels vier verschillende billboards naast producten.

Op het eerste stond hoeveel lepels suiker een drankje bevatte, op het tweede het aantal calorieën, op het derde ‘je moet 50 minuten lopen om dit flesje frisdrank weg te sporten’ en op het laatste kwam de melding dat je een achttal kilometer moest stappen om datzelfde flesje frisdrank te verbranden.

Door alle billboards werd duidelijk minder naar calorierijke drankjes gegrepen, maar het effect was volgens de studie het grootst bij de laatste twee borden. Gemiddelde verbrand je zo’n 300 calorieën per uur dat je wandelt, en 600 per uur dat je loopt. Het totaal aantal calorieën deel je voor joggen door 10 en voor wandelen door 5, en zo heb je het aantal minuten bewegen.

 

 

Hoeveel moet u joggen om deze voedingsproducten opnieuw te verbranden?

.
.
.
.
    • Glas bier 113 kcal 11 minuten joggen
    • Blikje cola 139 kcal 13 minuten joggen
    • Witte boterham met confituur 140 kcal 14 minuten joggen
    • Frikandel 218 kcal 21 minuten joggen
    • Chocoladewafel van 100 gram4 72 kcal 47 minuten joggen
    • Stuk melkchocolade van 100 gram 514 kcal 51 minuten joggen
    • Big Mac 550 kcal 55 minuten joggen
    • Wit broodje Martino 549 kcal 59 minuten joggen
    • Worst met puree 596 kcal 59 minuten joggen
    • Pizza 818 kcal 81 minuten joggen
    • Zakje chips van 200 gram 1.040 kcal 104 minuten joggen
    • Groot pak frieten met mayonaise 1.100 kcal 110 minuten joggen

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

De 2de negentien van Bachbloesem : Wild Rose

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

detail

 

 

 

Wild Rose (Hondsroos)

Rosa canina

Een van Bach’s tweede 19 remedies.
Bereid volgens de koken-methode.

 

bach-bloesem-hondsroos-large

 

 

 

Indicatie

 

Zij die schijnbaar zonder voldoende reden zich overgeven aan alles wat gebeurt en gewoon maar door het leven heen glijden zoals het is, zonder dat ze ook maar enige moeite doen om iets te verbeteren en een beetje vreugde te vinden. Ze hebben zich zonder te klagen overgegeven aan de moeilijkheden van het leven.

 

 

 

Affirmatie

 

Berusting maakt ons tot niet meer dan een onoplettende passagier op de reis van het leven, en opent de deur voor talloze ongunstige invloeden die nooit de kans hadden gekregen om binnen te komen zolang ons dagelijks bestaan de bezieling en de vreugde van het avontuur hadden meegebracht.

 

 

 

Habitat

 

De Hondsroos kan groeien tot op een hoogte van 1300 m, van de zee tot in de bergen, op open plekken en niet gecultiveerde streken.

 

 

 

Emotionele toestand

 

Voor berusting, apathie, overgave, geen moeite doen, alleen maar met de stroom meedrijven, saaiheid, gebrek aan interesse, geen vonkje vitaliteit, gevoel van eentonigheid, uitdrukkingloze dreun in de stem, vermoeidheid, een saaie metgezel.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

John Astria

Christian Dior – 2010 – resort

Standaard

Categorie : mode en kledij

 

 

Christian Dior – 2010 – resort

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De geschiedenis van de kledij deel 5: 1940-heden

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

      Kleding tijdens de Tweede Wereldoorlog

 

Ondanks de grote textielschaarste en de tot stilstand gedwongen mode-industrie bleek zich toch tijdens de oorlogsjaren een nieuw modebeeld te ontwikkelen. Dit was vooral gebaseerd op vindingrijkheid. In Nederlandse damesbladen stonden zelfs aanwijzingen hoe men zelf schoenen kon vervaardigen. Een lippenstift was een begerenswaardig bezit, want met make-up werd het gemis aan variatie in de kleding gecompenseerd.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was voornamelijk praktisch. Deze was ook wat mannelijk door de verbrede schouders met schoudervullingen en de kordate rechte rokken. De japon was dikwijls van twee soorten stof gemaakt, twee oude jurken vormden één nieuwe. De mouwen waren vaak geplooid ingezet. Van vooroorlogse herenkostuums werden grijze mantelpakjes gemaakt. De zomerse dracht was een vooroorlogse jurk of een rimpelrok met een bloesje of een zelfgebreid kort truitje. Omdat er geen kousen waren droeg men veel pantalons. Dit was voor het eerst dagelijkse kleding voor vrouwen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man was uitsluitend bedoeld om te beschermen tegen weersinvloeden. Kostuums werden versteld en vermaakt, mantels werden gekeerd (de vaak nog goede binnenkant van de stof kwam dan aan de buitenzijde). Ze werden ook wel gebruikt om er kinderjassen van te maken. Mannen droegen bivakmutsen, dezelfde die in het leger werden gedragen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleding 1947 – 1955: New Look

 

West-Europa werd na de oorlog in de fase van de wederopbouw gesteund door Amerika. Hoge flatbouw, winkelcentra, de flipperautomaat, de jukebox en de nylonkous zijn sindsdien niet meer weg te denken uit de West-Europese samenleving.

Ondanks die grote Amerikaanse invloed was het toch Parijs dat de leidende rol in de modewereld weer op zich nam. In 1947 ontwierp Dior als reactie op de oorlogsmode een zeer vrouwelijke ligne corolle (bloemkroon), door de Amerikaanse modepers de new look genoemd, aanvankelijk sterk bekritiseerd omdat de nieuwe, lijn onverantwoordelijk veel stof vereiste.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw kreeg na 1947 een volledig ander silhouet: afgerond een taille en een wijde lange rok .
De rok was klokkend of gepasseerd en reikte in 1947 bijna tot de enkel; na 1950 kwam de rok tot tien centimeter onder de knie. Nieuw was ook de kimonomouw.

De mantel: vooral de wijde swagger met brede revers en pofmouwen.
De avondjurk: lang, vaak strapless met bijpassend jasje. Amerikaanse invloed: de cocktailjurk.
De sportkleding: strapless badpak, dito zonnejurk met bolero, driekwart broek.
Het haar: halflang, gekruld haar, ook wel opgestoken.
De hoed: grote ronde hoed (Dior) of zeer klein hoedje met veer (Fath) .
De accessoires: als reactie op de armoede tijdens de oorlog veel accessoires
De schoenen: pumps met hoge en lage hakken, moccasins of veterschoenen met profielzool, ballerina’s.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man voor overdag week niet af van het vooroorlogse beeld. Wel werden naast het driedelige pak veel combinaties gedragen: geruit of tweed jasje met effen broek.

De mantel: rechte jas, regenjas met ceintuur. Het haar: kort, achterovergekamd of met een scheiding opzij. De snor begon weer in de mode te komen.
De hoed: alleen oudere mannen droegen een hoed, meestal een deukhoed.
De schoenen: onder invloed van Italië smalle spits toelopende schoenen, bruine en zwarte molières.

 

 

Ed van der Elsken 1955 Nozems voor een accordeonwinkel

 

 

 

 

 

 

 

 

            Kleding 1955 – 1964: Rock ‘n’ Roll

 

Omdat de verschillende modelijnen tussen’55 en ’64 elkaar zeer snel hebben opgevolgd, worden hier alleen de meest typerende aspecten aangegeven. Enerzijds was er de Parijse haute couture met een mode die bekendheid kreeg door veelvuldig gefotografeerde vrouwen als Jacqueline Kennedy en Farah Diba.

Het voortbestaan van de haute couture werd gegarandeerd door – vooral Amerikaanse – inkopers van grote confectiehuizen. Anderzijds waren er film, televisie en rock ‘n’ roll die de jeugd inspireerden tot het dragen van kleding en kapsels zoals die van James Dean, Brigitte Bardot en Elvis Presley.

 

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw veranderde vooral tot 1960 ieder jaar van silhouet : in 1954 Dior met A-lijn, in 1955 H-lijn, in 1957 De Givenchy met ‘ligne sac’ en ‘ligne tulipe’, in 1958 Cardin met S-lijn en Yves St. Laurent met trapeziumlijn.

De mantel: sportieve rechte jas met grote zakken en een rugceintuur. Poplin regenjassen met hoedje, vaak gedragen als zomerjas. Korte of driekwart suède jasjes in vele kleuren.
De avondkleding: lang, strak lijfje, wijde rok. Na 1960 lange rok met blouse als informele avondkleding. De sportieve kleding: naar aanleiding van de spijkerbroek nu voor het eerst pantalons met een ritssluiting middenvoor. Na 1960 meer bikini’s. Tot 1960 de driekwart broek met sweater van badstof.
Het haar: sterk getoupeerd, opgestoken haar , voorzien van haarlak. Verder het enveloppenkapsel en de paardestaart. Veel oogmake-up: eyeliner, mascara en oogschaduw.
De hoed: minder hoeden. Bij een geklede jurk een dopje van dezelfde stof achter op het hoofd.
De accessoires: nieuw (1955) zijn de plastic tassen, soms twee modellen in één (schoudertas en beugeltas).
De schoenen: pumps met lage gebogen hakken of hoge naaldhakken. Een Italiaanse vinding was de stalen naaldhak. Bij wijde zomerjurken ballerina’s.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man werd wat eleganter onder invloed van de Italiaanse herenmode. We zien smallere jasjes, smalle broekspijpen en andere kleuren dan alleen blauw en grijs.

 

De mantel: rechte wollen jas, korter model. Jonge mensen monty-coat of jopper.
De sportieve kleding: De Amerikaanse rock ‘n’ roll bracht de spijkerbroek in de mode, gedragen met een T-shirt of een lange trui.

Het haar: kort met zijscheiding. Jongens een Elvis Presley-kuif. Geen hoeden.
De schoenen: smalle, puntig toelopende  schoenen en schoenen van juchtleer.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

           Kleding 1964 – 1970: De Beatles

 

1964 was een belangrijk jaar voor de ontwikkelingen in de mode. In Parijs trachtte Courrèges, geïnspireerd door de ruimtevaart, met zijn astronauten-look, het tanende gezag van de haute couture te herstellen. Hij kon echter niet verhinderen dat de sympathie van de jeugd uitging naar het ‘swinging London’ van Mary Quant, de Beatles en boetieks als Biba. Het schoonheidsideaal van zowel Quant als Courrèges was een slanke, jongensachtige vrouw in een minijurk.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was revolutionair kort, ongeveer twintig centimeter boven de knie. De minijurk was recht, vaak met halflange ingezette mouwen en een accent op de heupen.
Pas na 1968 kwam een langere mode: de midi (halflang) en de maxi (lang).
Er ontstond een verward modebeeld, waaruit de pantalon als noodoplossing naar voren kwam.

 

De mantel: kort, smal iets gerend model. Na 1968 de maxi-jas en de ,lange cape of de korte bontjas, voor het eerst ook van synthetisch bont. Regenjas van lakplastic en doorzichtig plastic .
De avondkleding: de formele avondjurk van kostbare stof werd vervangen door een rechte lange jurk (jersey of lurex), een fluwelen broekpak of een smokingpak (St. Laurent).
De sportieve kleding: kleine bikini’s; badpakken met ‘uitgeknipte’ stukken.
Het haar: kort pagekapsel of halflang haar met een golf naar buiten. Rage: pruiken van echt of synthetisch haar. Veel oogmake-up.
De hoed: grote pet of klein astronautenkapje, wollen muts met bijpassende shawl.
De accessoires: sieraden van zilver en (van Paco Rabane) halsornamenten, oorhangers en zelfs jurken van hardplastic plaatjes en metalen ringetjes. De jeugd droeg Indiase sieraden. Kleine schoudertassen en zeer grote zonnebrillen.
De schoenen: vooral opvallend dat laarzen in deze periode ook binnenshuis werden gedragen, o.a. zomerlaarzen van vinyl en linnen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man kreeg onder invloed van Italië meer variatie: onconventionele stoffen als fluweel en ribfluweel, gekleurde hemden met dessins, zijden en dunne wollen coltruien. Pierre Cardin ontwierp voor de Beatles pakken met kraagloze jasjes.

De mantel: na 1968 ook midi-jassen voor mannen. In plaats van een jas vaak een kort suède jack.
De avondkleding: bij een smoking vaak een brede gekleurde gordel en een speciaal hemd met kantjes. Een fluwelen pak met zijden coltrui kon de smoking vervangen.
Het haar: langer haar, bakkebaarden. Jonge mannen soms tot op of over de schouders.
De schoenen: suède booties, molières en instapschoenen.

De hippe kleding, voor jonge mensen in navolging van de ‘hippies’: spijkerpak, Indiaas hemd, Afghaanse jas, lange Indiase jurken met oosterse sieraden. Dit alles met sandalen of laarzen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

            Kleding 1970 – 1980: Nostalgie

 

De mode van de jaren zeventig was een afspiegeling van het verschil in mentaliteit met de voorafgaande perioden.
Europa werd geconfronteerd met de Derde Wereld, met milieuvervuiling en oliecrises. Niet dat men zuiniger ging leven; integendeel, aan kleding werd meer uitgegeven dan ooit. In de mode zien we veel uitheemse en folkloristische elementen en een voorkeur voor natuurlijke vezels.

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw was gevarieerder dan tijdens de periode van de mini-mode. Vlak na 1970 bestond de trend om kledingstukken over elkaar te dragen; een voorbeeld hiervan was de robe housse. Engelse invloeden op de mode hadden Mary Quant met hotpants en Laura Ashley met Victoriaanse romantische jurken.

Parijs deed van zich spreken door de japanse ontwerper Kenzo die Tibetaanse volksdracht tot mode maakte: doorgestikte jakken, overkousen en pofbroeken. Broeken werden overigens in allerlei lengten en modellen gedragen. De roklengte varieerde van net onder de knie tot halverwege het been.

De mantel: ruime mantels en regenjassen, poncho’s en bontjassen.
De avondkleding: kaftans, lurex truitjes en discokleding.
De sportieve kleding: skikleding voor het koude jaargetijde; trainingspakken om in te trimmen, maar ook voor in huis.

Het haar: rond 1970 nog veel pruiken. Daarna halflang haar. In 1974 afro-kapsels, onder invloed van de trend ‘black is beautiful’. Na 1975 kort in model geföhnd haar. Na 1978 lang, gepermanent haar en kapsels uit de oorlogsjaren.
De hoed: shawls om het hoofd geknoopt. Weinig echte hoeden, wel allerlei mutsen.
De accessoires: vingers vol ringen, armen vol armbanden, speldjes. Oorbellen door gaatjes in de oren: kleine knopjes en lange hangers.
De schoenen: geïnspireerd op de oorlogsjaren waren de plateauzolen en schoenen met sleehakken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man: invloeden van de jaren twintig en dertig met getailleerde krijtstreepkostuums. Verder ribfluwelen pakken, blazers en colbertkostuums.

De mantel: jassen van leer, suède en bont. Veel jacks. De jeugd droeg legerkleding.
Het haar: jongeren soms zeer lang. Na 1977 is lang haar geen mode meer. Men droeg veel korte baarden.
De accessoires: schoudertas of polstas. Meer verzorgingsartikelen voor mannen.
De schoenen: evenals bij de vrouw (tot 1974) verhoogde zolen. Halfhoge en hoge laarzen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

Kleding 1980 – 1985: De jaren tachtig

 

In de beginjaren van deze periode ondervond de westelijke wereld een duidelijke teruggang in de economie. Wellicht daardoor ontstond een algemene tendens van teruggrijpen naar oude waarden. Men werd weer ambitieus en prestatiegericht. Men hechtte opnieuw waarde aan omgangsvormen (etiquetteboeken!). Zelfs jonge mensen droegen weer klassiekere kleding, de vrouwen rokken, de mannen pakken.

 

 

 

De vrouw

 

De kleding van de vrouw: enerzijds zeer vrouwelijk als de kleding van filmsterren uit de jaren dertig. Duidelijk accent op buste en heupen, meer japonnen en rokken.
Anderzijds heel jongensachtig – Comme des Garçons – met veel te ruime mannenkleding: overhemd met stropdas, wijde met ceintuur bij elkaar gesjorde broek en ‘oversized’ blazer.

De mantel: lang en ruim. Veel driekwart en zevenachtste mantels.
De sportieve kleding: sportkleding wordt straatmode: skijacks, tennishaarbanden, golfbroeken, shorts, aerobic dancingpakjes. Broeken net boven de enkels.
De avondkleding: terugkeer van het officiële avondtoilet .
De badkleding: badpakken met hoog opgeknipte pijpen.
Het haar: sluik, op kaakhoogte in de bobbed-stijl van de jaren twintig. Piekige jongenskoppen met gel.
De hoed: meer hoeden. Vilten herenhoeden.
De accessoires: brede gedrapeerde ceintuurs. Veel kitschjuwelen. Tassen passend bij schoenen.
De schoenen: hakken laag tot geheel plat. Gymschoenen en laarzen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De man

 

De kleding van de man: twee duidelijke stromingen: een terugkeer naar de klassieke zakelijkheid en een grote invloed van allerlei sporten. Mannenkleding valt soepeler door minder stijf binnenwerk. Broeken met bandplooien. Aandacht voor mooie overhemden en dassen. Geruite golfbroeken.

De jas: nieuw zijn lange tweedjassen met ceintuur en herwaardering voor de klassieke trenchcoat.
Het haar: kort en ongeschoren, permanent en een coupe soleil. Baarden zijn ouderwets, een stoppelbaard van twee dagen zeer trendy.
De schoenen: jongeren basketbal- en trimschoenen. Terugkeer van de klassieke veterschoen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

Eenentwintigste Miniatuur : tweede visioen van het Derde Boek

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

 

 

 

 

 

Eenentwintigste Miniatuur: Tweede visioen van het Derde Boek

.

.

Scivias%20T%2021_Boek%20III,2

.

 

Deze miniatuur biedt ons het algemeen overzicht van de Stad Gods. Vóór de tweede Persoon van God, de Lichtende Gezetelde van wie al het licht uitgaat, strekt zich de plattegrond uit van een stad. De stad heeft een vestingwerk, is viervoudig ommuurd en verstevigd met torens.Trouw aan de tekst van Hildegard heeft de miniaturist gepoogd een overzicht te geven van zijn geheel en zijn onderdelen.

De figuur in het rood is Christus, de Lucidens Sedens of de lichtende gezetelde in het Oosten. Rechts van de Lucidens Sedens begint een muur die de meest lichtgevende van de vier is. Hij wordt dan ook in het zilver weergegeven. Deze muur, die de lucida pars genoemd wordt (het deel dat licht uitstraalt), loopt van het oosten naar het noorden.

Ongeveer in het midden ervan staat een brede toren met kantelen, die Hildegard de toren van het plan van het werk Gods ( de Turris praecursus voluntatis Dei ) noemt. Verderop verheft zich de kolom van het Woord Gods, een soort boom waarvan op iedere tak een menselijk hoofd is afgebeeld. Tussen deze twee torens zullen we straks een poort, die toegang geeft tot de stad zelf, zien open gaan.

Waar de lichtgevende muur in het noorden de driedelige muur welke naar het westen loopt raakt, zien we een hoogst merkwaardige kop omgeven door drie blauwwitte vleugels. Een zeer opvallend symbool van de Zelus Dei, de vurige ijver Gods, die met haar brandende ogen de duivel in het noorden bedreigt.

Op de plattegrond zien we, vanaf de Zelus Dei aan de noordzijde, in westelijke richting een schans opgeworpen van drie evenwijdige muren. Het gaat om muren die door de gelovige mensen opgetrokken worden. In de westhoek zien we een rode kolom uitgebeeld. Deze rode zuil is een zinnebeeldige weergave van de openbaring van het mysterie van de H. Drievuldigheid op het einde der tijden.

Immers toen de zon in het westen reeds onderging en de avond aanbrak, is dit grote geheim door het mensgeworden Woord geopenbaard. Tussen het westen en het zuiden zien we twee torens in aanbouw. De eerste is de toren van de Mensheid van het Woord en is bijna voltooid. Verderop in de zuidhoek wordt de grote toren van de Kerk van het Godsvolk opgetrokken door de gelovigen zelf, die langs ladders stenen naar boven brengen.

Zo vinden we in het zuiden, pal tegenover het noorden waar de duivel woont, de plaats waar de Kerk wordt opgetrokken. De torens worden in het zuiden gebouwd omdat daar de plaats gedacht werd van het oorspronkelijke aardse paradijs.

De laatste muur, nog in aanbouw,  is die van het zuiden terug naar het oosten, waar de Lichtende zetelt. Als deze voltooid is, zal de volledige openbaring van de wederkomst van de verrezen Heer plaats vinden. In de tien volgende visioenen en miniaturen wordt de symboliek van al die onderdelen van de Stad Gods verder uitgewerkt. We zien dat héél het bouwwerk gaat om een verdedigingswerk in de strijd tussen God en de duivel.

God wil de mensheid, door de duivel uit het paradijs geroofd en weggevoerd naar diens rijk der duisternis in het noorden, terugleiden naar het zuiden. Daar wil God samen met de mensen van goede wil het nieuwe paradijs, n.l. de Kerk, opbouwen. De gelovigen die vanuit het noorden naar het zuiden komen om de slottoren van de Kerk te bouwen, moeten evenwel verdedigd worden tegen de aanvallen van de vorst der duisternis, die in het noorden heerst.

 

 

 

De voorstelling van de miniatuur

 

God woont in het oosten, rechts van Hem in het noorden zetelt de duivel en links in het zuiden is het nieuwe paradijs gedacht. Het eerste wat God doet is een zware verdedigingsmuur bouwen in noordelijke richting om de eerste aanvallen van de duivel daaruit op te vangen.

Dan dreigt een dubbel groot gevaar vanuit de open westkant. Op dat ogenblik nodigt God de mens uit Hem te helpen en een driedubbele muur op te trekken van het noorden naar het westen.

In het westen komt de tweede Persoon van de H. Drievuldigheid zelf als mens ons te hulp. Hij voltooit, samen met hen die hiertoe geroepen zijn, de muur van het westen naar het zuiden. Daartussen rijst de hoge toren van Zijn Mensheid op.

Zo komen we in het zuiden, waar door alle gelovigen steentje voor steentje de grote slottoren van de Kerk wordt opgetrokken. Daar kunnen de gelovigen van het Nieuwe Testament, grotendeels beschermd tegen de aanvallen uit het noorden, doorwerken.

Maar het einddoel, de afronding en voltooiing van het bouwwerk liggen in het oosten. Deze nieuwe muur van het zuiden naar dat eindpunt wordt even als de noordwest muur door de gelovigen zelf opgetrokken. Het Rijk Gods is tenslotte als een bouwwerk tot stand gekomen in een samenwerking van God met de vrije wil van de mens.

Deze hoofdgedachte van een samenspel tussen God en mens tegen duivel en zonde is eigenlijk de leidraad van heel het betoog van Hildegard over de wegen des Heren. Maar zij wil, in dit samengaan van God en mens tegen de duivel, graag de alles overtreffende grootheid van God naar voren brengen.Daarom zullen we bij de uitwerking van de vierkante plattegrond een grote afwijking ontdekken.

De eerste muur, die door God de almachtige Vader en de derde die door Gods Zoon in Zijn Mensheid worden opgetrokken, zijn beide twee maal zo lang als de tweede en vierde muur die de gelovigen mogen op metselen.

 

 

 

De dynamiek in de symboliek van het bouwwerk

 

Nog andere grondgedachten spelen mee in de symboliek van dit bouwwerk. De dynamiek van de uitvoering komt helemaal overeen met de dynamische beweging van de Bijbelse geschiedenis.Eerst de openbaring aan Abraham en de profeten van oost naar noord. Dan de hiërarchie en de ascese van de joodse wet van noord naar west, welke uiteindelijk verwijzen naar de grote openbaring van Christus over het mysterie van de H. Drievuldigheid.

Het is de bekering tot het geloof in het geheim van Gods Zoon dat dan verder de drijfveer uitmaakt van de bouw van de Kerk in het zuiden. En het is het verlangen naar de wederkomst van de Heer, dat de gelovigen de wilskracht geeft om de laatste muur te voltooien van het zuiden naar het oosten.

Deze drijfveer naar de voltooiing is toch weer een werk van God en mens samen. God geeft hiertoe de genade en de mens ontleent er zijn kracht, zijn deugd aan. Dit laatste begrip van deugdbeoefening vormt één van de grondideeën van de hele verhandeling van Scivias, speciaal van het derde Boek.

 

 

Verband tussen de macro- en de micro-ecclesia

 

Door dit thema van de dynamische beweging van de Bijbelse geschiedenis krijgen we te maken met een merkwaardig parallellisme tussen wat we zouden kunnen noemen de macro- en micro-ecclesia. De geschiedenis van de kerkopbouw, gezien vanuit het Oude Testament over het Nieuwe Testament naar de parousia (de wederkomst des Heren), herhaalt zich in het klein voor iedere mensenziel.

Dezelfde ontwikkeling, welke Hildegard ons schildert van de krachten Gods in de macro-ecclesia, kan elke gelovige ontdekken in zijn eigen geloofs- en deugdenleven. Het is omwille van deze les dat Hildegard zo uitvoerig ingaat op de deugdenleer. Zij ziet bij die opbouw van de grote Kerk, waarin God en mens samenwerken, zes groepen van deugden die de mens tot steeds grotere rijpheid helpen brengen.

 

 

 

De deugden in Scivias

 

In de volgende miniaturen 22 tot en met 31 trekt een stoet van gepersonifieerde deugden aan ons voorbij, die samen een moraliteit in beelden vormen.In de tekst van de visioenen worden we overstelpt met lange allegorische verklaringen van de kleding en de gebaren van deze personificaties. Hildegard zelf moet deze uitleg als onbevredigend ervaren hebben.

Na de voltooiing van Scivias heeft zij immers een echte moraliteit (toneelstuk) geschreven en muziek ervoor gecomponeerd. Deze draagt als titel ‘Ordo Virtutum’, wat men zou kunnen vertalen met ” De ontwikkeling van het deugdenleven”. Deze moraliteit liet Hildegard bij bijzondere gelegenheden door haar monialen op het plein voor haar kerk spelen, waarschijnlijk voor de toegestroomde pelgrims.

Bij de verdere uitleg van de miniaturen gaan we nog dieper in op deze deugdengroepen, waarbij men zal merken dat de beeldspraak erg gecompliceerd is. Daarmee hebben de miniaturisten zeker moeite gehad wat waarschijnlijk de reden is waarom de miniaturen van het derde boek, artistiek gesproken, niet de kwaliteit hebben van de voorafgaande.

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

Gods tempel en de zevende bazuin : Openbaring 11

Standaard

categorie : de Openbaring

 

 

 

 

Gods tempel en de zevende bazuin : Openbaring 11

 

Gods tempel en de zevende bazuin

 

 

H11

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wat is het boek der Openbaring ?

 

De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps.

Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.

  • Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de  enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus. ‘’
  • Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij.‘’
  • Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit  boek onthoudt.‘’

 

Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft.

Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

 

God geeft kennis over

 

 

-zijn doel met deze wereld

-de toekomst van Israël en de wereld

-het mysterie van het goede en het kwade

-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het  kwade

-de toekomstige natuurrampen en oorlogen

-de wederkomst van de Messias

-de dag des oordeel

-het uitzicht in de hemel en zijn troon

-de nieuwe  hemel en de nieuwe aarde

 

 

De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA