Dagelijks archief: december 22, 2019

Doctor has life after death experience / Arts heeft bijna dood ervaring

Standaard

category / categorie : video

 

 

 

 

Doctor has life after death experience

.

Arts heeft bijna dood ervaring

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Cypres : etherische olie.

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

 

 

Cypres etherische olie wordt gewonnen door stoomdestillatie van vers geoogste twijgen van de Cypres boom, Cupressus sempervirens. 70 kilo plantenmateriaal levert 1 kilo olie op.

De kleur varieert van lichtgeel tot groen en de geur doet denken aan de frisse boslucht tijdens een wandeling.

De oorsprong van deze zuilvormige boom met een blauwgroene kleur, die tot 60 mtr. hoog en zelfs 500 jaar oud kan worden, ligt in Azië. De boom wordt nu vooral in het Middellandse -Zeegebied gekweekt en is kenmerkend voor de streek Toscane in Italië.

 

Cypres of Cipres etherische olie is zeer veelzijdig en onder meer effectief bij hooikoorts, zweetvoeten, spataderen en couperose.  De olie is ook doeltreffend bij pijnlijke menstruatie, overgangsklachten, spierpijn, gewrichtsreuma of artritis, bedplassen bij kinderen, oedeem en zware benen, haaruitval en om vocht af te drijven.

Cypres helpt ook goed bij heesheid, hoest en kramp.  De olie versterkt de afweerkrachten bij griep en verkoudheid en kan ook goed preventief toegepast worden. Hij werkt ontstekingsremmend en ontkrampend bij hoestaanvallen. Het inhaleren van 1-2 druppels vanaf een tissue of het verdampen op een aromalamp geeft snel verlichting. Het is een uitstekende toevoeging aan balsems voor ademweg problemen.

Het versterkt de aderen en werkt vaatvernauwend, daarom is deze etherische olie zeer geschikt bij de behandeling van aambeien, spataderen en couperose.

Regelmatige voetbaden met cypres etherische olie kunnen sterk zweten verminderen.

In de aromadiffuser werkt cypres bemoedigend en stimuleert een goede stemming.

 

 

 

Gebruik in de aromatherapie

 

De etherische olie wordt in de aromatherapie gebruikt bij:

heesheid, hoest, kramp, griep, astma, bronchitis, hooikoorts, stress, pijnlijke menstruatie, overgangsklachten, aambeien, cellulitis, spataderen, couperose, spierpijn, bedplassen bij kinderen, zweetvoeten, oedeem, zware benen, gewrichtsreuma, ernstige haaruitval en om vocht af te drijven.

 

 

 

 

Psychisch

 

Cypresolie is een goede steun bij grote veranderingen in het leven. Cypres kan troost en kracht geven bij treurige belevenissen, zoals bijv. de dood van een geliefd persoon of het einde van een relatie. Eveneens geeft de Cypres weer moed en het doorzettingsvermogen om nieuwe wegen in te slaan.

De olie onspant de zenuwen, als men mentaal of emotioneel uitgeput is kan het verdampen van Cypresolie weer kracht geven. De olie is vooral geschikt voor angstige en gedeprimeerde mensen.

contra-indicatie: bij puur gebruik op de huid kunnen huidirritaties ontstaan, daarom uitsluitend verdund met een basisolie toepassen. Overdadig gebruik kan schade aan de lever veroorzaken.

Cypres etherische olie kan goed gecombineerd worden met:

Ceder, Den, Lavendel, Limoen, Kardamom, Jeneverbes, Bergamot, Sinaasappel, Majoraan, Salie en Sandelhout.

 

 

 

Toepassingen met cypres etherische olie

 

Aambeien: vermeng 1 druppel Cypres met 1 eetlepel plantaardige olie. Of voeg 25 druppels Cypres en 25 druppels Lavendel toe aan 50 ml. St. Janskruid-olie. Behandel hiermee de pijnlijke plaatsen na iedere toiletgang.

 

Zweetvoeten: 10 druppels Cypres toevoegen aan een niet te warm voetbad en hierin 15 min. baden. Ook een paar druppels in de schoenen werken zeer goed.

Of voeg 10 druppels Cypres en 10 druppels Salie toe aan 50 ml. plantaardige basis olie, met dit mengsel de voeten dagelijks inwrijven.

 

 

 

.

Couperose:3 druppels Cypres etherische olie toevoegen aan 1 eetlepel rozenbottel olie met dit mengsel dagelijks de couperose plekken licht masseren.

Bij aanleg voor spataderen: 10 druppels Cypres aan 1 eetlepel zoete  amandel olie toevoegen en met dit mengsel dagelijks de benen insmeren. Dit verstevigt de vaatwanden.

Etherische oliën Cypres, Wierook en Mirre, toegevoegd aan je haardhout, zorgen voor een heerlijk aromatische geur. Druppel ongeveer 2-3 druppels olie of een combinatie van deze oliën op een gedroogd blok hout en laat de olie in het hout weken voordat het blok op het vuur gelegd wordt.

 

 

 

 

 

 

Cederhout : etherische olie.

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

Cederhout etherische olie komt van de Cederboom. Het is een hoge, majestueuze boom met pyramide vormige kroon die behoort tot de familie der naaldbomen. Een Cederboom kan wel zo’n 30-40 meter hoog worden.

 

 

 

In het oude testament gold de Ceder als en koninklijke boom en werd hij gezien als symbool voor schoonheid, jeugd en macht. Cederolie en cederhars waren goede conserveringsmiddelen en vele duizenden jaren zeer begeerd en kostbaar.

De cederboom wordt nooit aangevreten door insecten, daarom is de gedestilleerde etherische olie dan ook een goede insecten verdrijver en werkt prima tegen motten.

De echte ceder etherische olie wordt gewonnen uit de Atlas Ceder, Cedrus atlantica, die in het Atlasgebergte in Marokko groeit en de Himalaya Ceder, Cedrus deodora, welke in het berggebied van Noord-India voorkomt.

30 kilo hout levert 1 kilo olie. Het is een olie met een houtige, zoetige geur.

Vaak worden echter etherische oliën afkomstig van de Juniperus soorten ook cederolie genoemd, maar omdat deze oliën een hele andere biochemische samenstelling hebben is de werking niet vergelijkbaar.

De echte ceder etherische oliën hebben een hoog gehalte aan sesquiterpenen en zijn daarom huidvriendelijker.

 

 

De geur van echte ceder ethersiche olie werkt gunstig bij aandoeningen van luchtwegen, angst en depressies.

De olie doodt veel schimmels en bacteriën in de lucht.

Verdamp de olie in een aromadiffuser  in de woon- of slaapruimte bij luchtweginfecties, chronische bronchitis en verkoudheid.

 

 

In combinatie met sinaasappel etherische olie geeft cederhout zeer goede resultaten bij de behandeling van cellulite.

Het is ook een fijne olie om in de sauna te gebruiken, eventueel in combinatie met andere oliën zoals bijvoorbeeld lavendel of eucalyptus.

Cederhout olie is een sterk aardende olie met een verzachtende en zuiverende werking. Hij geeft kracht en waardigheid, kalmeert en verdiept de ademhaling. De olie werkt verwarmend en troostend bij moeilijke levensomstandigheden.

Omdat cederhout verwarmend werkt, het gevoel van eigenwaarde versterkt en helpt bij het loslaten van de door de omgeving opgelegde verwachtingspatronen is cederhout etherische olie ook heel geschikt voor meditatie.

De olie kan ons helpen een gevoel van evenwichtigheid en een gevoel dat wij ons eigen leven beheersen, te ontwikkelen en te handhaven.

Ceder kan goed gecombineerd worden met de volgende etherische oliën:

Bergamotcitroeneucalyptusgeraniumjeneverbeslavendelnerolirozemarijnsinaasappelvetiver  en  wierook.

 

 

 

Gebruik van cederhout etherische olie

 

  • Meng 5 druppels ceder en 5 druppels sinaasappel met 50 ml. basis olie . Gebruik dit als massageolie want dit werkt vitaliserend op het hele lichaam.
  • Doe een paar druppels cederhout etherische olie op een doekje of maak hiermee een luchtverfrisser en zet deze in je kledingkast om de motten weg te houden.
  • Bij huidaandoeningen en/of huiduitslag: 3-5 druppels ceder olie toevoegen aan een glas gekookt water en hiermee de huid meermaal dagelijks licht deppen.
  • Eczeem: 8 druppels ceder mengen met 20 ml. tarwekiem olie, met dit mengsel 3-4 maal per dag de aangetaste plekken insmeren.
  • Bij hoest en verkoudheid:  Voeg 1-2 druppels ceder olie toe aan een schaaltje heet water en naar behoefte als stoombadje gebruiken, dit werkt slijmoplossend bij verkoudheid.
  • Bronchitis: 5-8 druppels ceder verdampen in de kamer met een aromadiffuser. Dit kan je  eventueel combineren met citroen of salie etherische olie.  Of 1 druppel op een tissue doen en regelmatig inhaleren.
  • Tegen vliegen: 10-20 druppels ceder verdampen op plaatsen waar veel vliegen zijn.
  • Bij heftige emoties: 6 druppels ceder, 2 druppels geranium en 2 druppels citroen in de aromalamp verdampen brengen je weer tot rust.
  • Bij onrustige honden en paarden: verdamp 10-15 druppels ceder in de ruimte of voeg 20 druppels toe aan een basisolie en masseer het dier.

 

 

 

 

 

 

 

Yoga ; de kameel

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

Yoga ; kameel

 

 

 

51
.
.
.

De combinatie yoga en hardlopen biedt een gezonde balans tussen lichamelijke conditie, kracht, flexibiliteit en ontspanning. De kameel stimuleert een goede lichaamshouding, verbetert je ademhaling en bevordert de veerkracht van de wervelkolom.

 

 

 

Ustra = Kameel            Asana =  houding

 

 

 

 

Deze houding begint geknield op de grond, de bovenzijden van beide voeten liggen plat op de grond en de tenen wijzen naar achteren. De knieën drukken stevig in de grond. Breng de heupen naar voren, licht je staart-  beentje iets op en breng de borstkas omhoog. Adem in en leun naar achteren. Breng de armen achter het li-chaam en laat ze naar de hielen of de enkels zakken  en pak deze beet. Laat het hoofd naar achteren hangen en blijf enkele in- en uitademingen in deze houding.  Om uit deze houding te komen, breng  je best je handen van voor op je heupen en kom je eerst me je bovenlichaam recht en dan pas met je hoofd. Dit op een inademing. Rust hierna een paar ademhalingen. 
.
Deze houding kan helpen angstgevoelens te verdrijven, bij vermoeidheid en bij menstruele ongemakken.  Ze zorgt ervoor dat je een mooie rechte houding krijgt. Ondertussen wordt de hele voorkant van je lichaam ge-streched, net zoals je enkels en je dijen. Opletten wanneer je last hebt van hoge/lage bloeddruk, migraine en nekpijn.  De Kameel kan voorafgegaan worden door de Cobra en opgevolgd door de Plank, de Boog, de Brug of de Kaars. Al deze achterover buigingen zijn opwekkend, energiegevend.
.
.
.
.
.

 

voorpagina openbaring a4

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

Archimedes

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

Archimedes, Gr.: Archimèdès (Syracuse, Sicilië, 287 v.C. – aldaar 212 v.C.), de grootste Griekse wiskundige, heeft volgens de overlevering in Alexandrië gestudeerd en heeft verder in Syracuse als adviseur aan het hof van Hiero II vertoefd. Hij is een van de weinige wetenschappelijke persoonlijkheden van de Oudheid van wier leven enige details zijn overgeleverd.

 

 

Zo verhaalt Vitruvius dat hij, nadat hij in het bad de zgn. wet van Archimedes over ingedompelde lichamen had gevonden, ongekleed naar huis liep, roepend: ‘Heurèka’ (Ik heb het gevonden). Plutarchus en anderen vermeldden dat hij gedurende het beleg van Syracuse door de Romeinen (214–212) oorlogsmachines samenstelde (o.a. grote katapulten en brandspiegels) en dat hij bij de inneming van de stad door een soldaat werd gedood, ondanks het bevel van de Romeinse bevelhebber Marcellus hem te sparen.

.

 

 

 

Archimedes verenigde in zijn werk de strengheid van het Grieks meetkundige denken met de rekenvaardigheid van de Oosterse wiskunde. Zijn betekenis ligt in de eerste plaats in zijn behandeling van vraagstukken die nu tot de integraalrekening worden gerekend.

In de verhandeling Over de bol en de cilinder bewees hij o.a. dat de inhoud van de bol gelijk is aan die van de omschreven cilinder. In ‘Over conoïden en sferoïden’ (twee boeken) bewees hij vele stellingen over inhouden van omwentelingsoppervlakken van kegelsneden. In ‘Over spiralen’ vindt men theorema’s over raaklijnen aan en oppervlakken gevormd door de spiraal van Archimedes. Zijn bekendste verhandeling is Cirkelmeting.

Archimedes is een van de grondleggers van de statica van vaste en vloeibare lichamen. In zijn twee boeken ‘Over het evenwicht van vlakken’ vinden wij de wet van de hefboom en beschouwingen over zwaartepunten; in zijn twee boeken ‘Over drijvende lichamen’ wordt niet alleen de ‘wet van Archimedes’ afgeleid, doch ook een aantal eigenschappen over het gedrag van omwentelingsparaboloïden die in een vloeistof zijn gedompeld.

In de Zandrekening wordt een methode gegeven om grote getallen uit te drukken; zijn methode is decimaal en berust op eenheden van hogere orde. Archimedes benoemde ook de bepaling van de dertien zgn. halfregelmatige lichamen (Archimedische lichamen).

Aan Archimedes zijn ook verscheidene uitvindingen toegeschreven, o.a. de schroef van Archimedes. Met zijn onderzoekingen over de hefboom is zijn (onderstelde) gezegde verbonden: ‘Geef mij een standplaats en ik kan de aarde bewegen’ (dos moi pou sto kai kino tèn gèn). Ook wordt aan hem een planetarium toegeschreven, waarvan men bij Cicero een beschrijving vindt.

 

 

Archimedes
Archimedes door Domenico Fetti, 1620[1]
Archimedes door Domenico Fetti, 1620
Algemene informatie
Volledige naam Archimedes van Syracuse
Geboren Syracuse287 v.Chr.
Overleden Syracuse212 v.Chr.
Beroep Wiskundigenatuurkundigeingenieuruitvinder en sterrenkundige
Bekend van Wet van ArchimedesSchroef van Archimedeshydrostaticastatica

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Koran.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Al Qur’an is een Arabisch woord dat letterlijk betekent “lezen, reciteren”. Het is één van de Heilige Boeken van de islam, naast de andere aan de profeten geopenbaarde boeken in hun oorspronkelijke vorm (zoals het Boek der Psalmen, de Thora, de Evangeliën enz.).

 

 

koran-heilig-boek-19485836

 

 

De Koran brengt geen nieuwe godsdienst, maar bevestigt de boodschappen die voordien reeds neer gezonden werden aan andere profeten.

“Hij heeft u het Boek met de waarheid tot jou neergezonden, ter bevestiging van wat er voordien al was en Hij heeft ook de Thora en de Evangeliën neergezonden, vroeger al, als leidraad voor de mensen en Hij heeft het reddend onderscheidingsmiddel neergezonden…” (Koran 3:3-4)

Moslims geloven dat de Koran letterlijk het Woord van God (in het Arabisch: Allah) is zoals dat in het Arabisch stuk per stuk aan Mohammed geopenbaard werd gedurende een periode van 23 jaar. Het is geen geheel van absolute regels, maar een leidraad om in alle mogelijke omstandigheden in het leven de best mogelijke keuze te kunnen maken, om een onderscheid te kunnen maken tussen opties die men heeft, en daaruit de best mogelijke te kiezen. In de afgelopen 1400 jaar is er geen letter, zelfs geen leesteken, aan gewijzigd.

De taal van de oorspronkelijke boodschap was Arabisch en de woorden zijn letter per letter in goddelijke orde vastgelegd. Daar kan niets aan veranderd worden want dan is het geen Koran meer. Merk op dat een vertaling van de Koran geen Koran is maar een interpretatie door de vertaler van de Koran.

De Koran werd volgens moslims aan de mensheid doorgegeven via een keten die begon bij God via de Aartsengel Gabriël naar de Profeet Mohammed. De Koran wordt door de meeste moslims aanzien als laatste Boodschap van God aan de gehele mensheid, voor alle tijden, zonder beperkingen van ras of nationaliteit, als baken en gids voor iedereen die dat zelf wil tot het Einde der Tijden.

De geschreven woorden van de Koran worden als heilig beschouwd. Moslims worden dan ook geacht erg zorgzaam om te gaan met een afdruk van deze heilige woorden.  Met de opkomst van de moderne, vluchtige, media is dat wel enigszins veranderd.

 

 

Structuur van de Koran

 

De hoofdstukken van de Koran zijn gerangschikt volgens lengte, de langste hoofdstukken staan eerst, de kortste laatst. Mohammed kreeg zijn eerste Openbaring in het jaar 610 na Christus. Gedurende de daaropvolgende 23 jaar werd de Koran vers per vers aan hem geopenbaard.

Het eerste dat aan Mohammed geopenbaard werd waren de eerste vijf verzen van Surah Al-Alaq:

“Lees voor in de naam van jouw Heer die heeft geschapen”
Geschapen heeft Hij de mens uit een klonter.
Lees voor! Jouw Heer is de Edelmoedigste,
die onderwezen heeft met de pen.
Hij heeft de mens onderwezen wat hij niet wist.”(Koran 96:1-5)

Het allerlaatste laatste geopenbaarde vers luidt:

“Heden heb ik jullie godsdienst voor jullie voltooid” (Koran 5:3)

Daarmee is volgens een grote meerderheid van de moslims een einde gekomen aan de boodschappen van God aan de mensen, zoals ook de Profeet Mohammed zei tijdens zijn bekende Laatste Preek: “Geen Profeet of Apostel zal nog komen na mij.”

Volgens moslims is Mohammed  de laatste Profeet in de islam, en de Koran is dan ook het laatste geopenbaarde boek van God. Na Mohammed kunnen volgens de meeste Moslims geen openbaringen en profeten meer volgen tot aan het Einde der Tijden.

Surah Al-Fatiha, ook wel het Onze Vader van de islam genoemd, was het eerste volledig hoofdstuk dat geopenbaard werd, Surah an-Nasr het laatste. De Koran is onderverdeeld in 30 gelijke stukken die in het arabisch “juz” genoemd worden.

Er zijn 114 hoofdstukken van verschillende lengte. Het langste hoofdstuk is Al-Baqarah (286 verzen), het kortste Al-Kwathar (3 verzen). De verzen die geopenbaard werden voor de migratie worden Mekkaans genoemd, de verzen erna Medinish.

 

 

Bewaring van de Koranische Boodschap

 

De Koranische Boodschap wordt bewaard op twee manieren: via data-dragers (papier, CD enz) en via mensen die de Koran volledig memorizeren, wat als erg verdienstelijk wordt aanzien in de islam. Een Hafeez (meervoud: Huffaz) is een persoon die de Koran volledig van buiten kent.

Naar schatting zijn er vandaag de dag zo’n 10 miljoen Huffaz. Op die manier wordt ook voorzien voor noodgevallen, zoals grote overstroming of andere rampen waardoor gedrukte versies verloren zouden kunnen gaan.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Genezingen van Pater Pio

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Genezingen

 

 

padre_pio

 

 

 

 

In 1919 was er een 62-jarige man uit Foggia die steunde op twee stokken om te lopen. Door van een koets te vallen had hij zijn benen gebroken en de dokters slaagden er niet in hem te genezen. Pater Pio hoorde zijn biecht en zei hem daarna: “Sta op en vertrek! Die stokken moet je wegwerpen”. De man gehoorzaamde terwijl allen met verbazing toekeken.

 

 

 

 

 

Een opzienbarende gebeurtenis die alles in rep en roer zette overkwam een veertienjarige in 1919. Op vierjarige leeftijd getroffen door tyfus, was hij slachtoffer gebleven van een vorm van Engelse ziekte (rachitis) die zijn lichaam misvormde en twee opzichtige bochels veroorzaakte. Op een dag hoorde pater Pio hem de biecht en raakte hem daarna aan met zijn gestigmatiseerde handen. De jongen stond op van de bidstoel, kaarsrecht, zoals nooit tevoren.

 

 

 

 

 

Een jonge boerin van 29 jaar, genaamd Grazia en die blind geboren was, bezocht al een tijdje regelmatig de kleine kerk van het klooster. Op een dag vroeg Pater Pio haar of ze niet graag zou zien. “Natuurlijk zou ik dat willen,” zei ze, ” indien dat me niet tot de zonde zou brengen.” Hij antwoordde haar: “Dan zal je genezen.”

En hij stuurde haar naar Bari (Italië) om de vrouw van een briljant oogarts te ontmoeten. Na Grazia onderzocht te hebben, zei de oogarts aan zijn vrouw: “Ik kan niets doen voor dit meisje. Als Pater Pio een mirakel wil vragen, kan hij haar genezen. Maar ik moet haar naar huis sturen zonder een operatie.” De vrouw van de dokter stelde voor: “Aangezien Pater Pio haar gestuurd heeft, kan je niet één oog opereren?”

De dokter liet zich overtuigen en opereerde eerst één oog, daarna het anderen en Grazia was genezen. Terug in San Giovanni Rotondo, liep Grazia naar het klooster en wierp zich aan de voeten van Pater Pio. Deze zweeg een ogenblik, starend in de verte, terwijl hij het meisje geknield liet zitten; daarna zei hij haar recht te staan. Maar het meisje vroeg hem onophoudelijk: “Zegen mij, vader, zegen mij.”

Zelfs nadat Pater Pio een kruisteken over haar gemaakt had, wachtte Grazia onbeweeglijk. Toen ze blind was, zegende Pater Pio haar door haar de handen op te leggen. Omdat ze bleef herhalen: “Zegen mij, vader, zegen mij.” zei hij tot haar: “Wat wil je als zegening, meisje? Een emmer water over je hoofd?”

 

 

 

 

 

Een vrouw vertelde: “In 1947 was ik 38 jaar en op de radiografie hadden ze een tumor in mijn ingewanden vastgesteld. Een chirurgische ingreep was noodzakelijk. Alvorens naar het ziekenhuis te gaan, ging ik te biechten bij Pater Pio. Mijn man, mijn dochter en haar vriendin gingen mee naar San Giovanni Rotondo. Ik wou mijn probleem aan Pater Pio toevertrouwen, maar op een gegeven moment verliet hij de biechtstoel en ging weg.

Teleurgesteld omdat ik niet had kunnen biechten bij hem, begon ik te wenen. Mijn man vertelde aan een andere monnik de reden van onze pelgrimstocht. De monnik beloofde er met Pater Pio over te praten. Kort daarna, in de gang van het klooster, riep men mij. Pater Pio, omringd door velen, luisterde aandachtig naar mij. Hij vroeg naar de reden van mijn bezoek en stelde me gerust, zeggend dat ik in goede handen was en dat hij voor mij zou bidden, wat me verwonderde want Pater Pio kende me niet noch de chirurg.

Ik onderging de ingreep met hoop en sereniteit. De chirurg was de eerste die van een mirakel sprak. Met de radiografie in de handen, nam hij de appendix uit want er was geen spoor meer van de tumor. De chirurg, die niet gelovig was, bekeerde zich en liet in alle kamers van het ziekenhuis kruisbeelden plaatsen. Na een korte herstelperiode ging ik terug naar San Giovanni Rotondo om Pater Pio te zien.

Hij was op weg naar de sacristie maar toen hij me zag, draaide hij zich om en zei glimlachend: “Zoals je ziet, ben je teruggekeerd…” Ik kuste zijn hand en door de emotie hield ik zijn hand tussen de mijne.

 

 

 

 

Een man vertelde: “ik had al enkele dagen een zeer pijnlijke zwelling aan mijn linkerknie. De dokter had me gezegd dat het vrij gecompliceerd was en had me een reeks injecties voorgeschreven. Vooraleer aan deze behandeling te beginnen, kwam ik op het idee Pater Pio te consulteren. Na gebiecht te hebben, vertelde ik hem over mijn knie en vroeg hem voor mij te bidden.

Tegen het einde van de namiddag, toen ik bijna ging vertrekken, verdween de pijn plots. Ik bestudeerde mijn knie. Hij was niet meer gezwollen en zag er net hetzelfde uit als mijn rechterknie. Ik keerde terug al lopend om Pater Pio te bedanken. “Je moet mij niet bedanken, maar God.” zei Pater Pio. En met een glimlach voegde hij erbij: “Zeg aan je dokter dat hij zijn injecties aan zichzelf toedient.”

 

 

 

 

Een vrouw vertelde: “In 1952, na een normale zwangerschap, waren er bij de geboorte wat complicaties zodat men de forceps moest gebruiken om mijn zoon ter wereld te brengen. Men diende me in allerijl een bloedtransfusie toe die van een verkeerde bloedgroep bleek te zijn: men gaf me bloed van de groep A terwijl ik bloedgroep O heb. Deze vergissing bracht serieuze complicaties met zich mee: hoge koorts, stuipen, een longembolie, flebitis aan de onderste ledematen en bloedvergiftiging.

Een priester kwam me de laatste sacramenten toedienen. Ik ontving de H. Communie die ik met een beetje water moest nemen. Mijn ouders vergezelden de priester tot aan de uitgang en ik bleef alleen achter in mijn kamer. Pater Pio verscheen aan mij en zei: “Ik ben Pater Pio. Je zal niet sterven. Bid het Onze Vader en kom me later eens opzoeken.” Zieltogend deed ik de moeite me rechtop te zetten. Toen mijn ouders terugkeerden, vertelde ik hen over mijn visioen en ik vroeg hen samen met mij het Onze Vader te bidden.

Vanaf dat moment begon ik me beter te voelen. De dokters onderzochten me en oordeelden, rekening houdend met de ernst van mijn toestand, dat er een mirakel gebeurd was. Enkele maanden later ging ik naar San Giovanni Rotondo om Pater Pio te bedanken die me zijn hand gaf om te kussen. Terwijl ik hem bedankte, nam ik een doordringende viooltjesgeur waar.

Pater Pio zei: “Je hebt een mirakel verkregen, maar je moet mij niet bedanken, maar het H. Hart van Jezus die jou aan mij heeft toevertrouwd omdat je Hem trouw bent en je je devoties van de eerste vrijdag van de maand gedaan hebt.”

 

 

 

 

 

Een dame vertelde : “Wegens buikpijn moest ik in 1953 onderzoeken ondergaan. De resultaten toonden aan dat een dringende chirurgische ingreep noodzakelijk was. Een vriendin, die ik van mijn ziekte op de hoogte had gesteld, raadde me aan om naar Pater Pio te schrijven om zijn advies en gebed te vragen. Pater Pio raadde me aan om naar het ziekenhuis te gaan, en voegde eraan toe dat hij voor mij zou bidden.

Vooraleer ze de ingreep uitvoerden, voerden de artsen nog andere tests uit en stelden, tot hun grootste verbazing, vast dat ik niets meer mankeerde. Dit gebeurde veertig jaar geleden en niet alleen bedank ik Pater Pio nogmaals hiervoor, ik raad ook iedereen aan deze heilige, van wie de bemiddeling geen enkele twijfel lijdt, te aanroepen.”

 

 

 

 

 

Een vrouw vertelde:  “In 1954 werkte mijn vader, toen 47 jaar, als spoorwegbeambte. Hij werd door een vreemde ziekte getroffen die hem het gebruik van zijn onderste ledematen deed verliezen. De zorgen die hij ontving brachten geen enkele verbetering en, na twee jaar, vreesde mijn vader om zijn job te verliezen. Aangezien de situatie steeds verslechterde, raadde een van mijn ooms aan om naar San Giovanni Rotondo te gaan, naar een kapucijn, die, naar zijn mening, van de Heer uitzonderlijke krachten had ontvangen.

Met veel moeite, trok mijn vader, vergezeld van en geholpen door mijn oom, naar het kleine centrum in Gargano. Aan de kerk gekomen zag hij Pater Pio. Deze merkte op dat mijn vader zich met moeite door de menigte bewoog en zei hardop: “Laat deze spoorwegbeambte voorbijgaan!” Nochtans kende Pater Pio mijn vader niet, en evenmin wist hij dat hij een spoorwegbeambte was.

Gedurende ongeveer een uur onderhield Pater Pio zich broederlijk met mijn vader. Hij legde de hand op zijn schouder, troostte hem met een glimlach en gaf hem enkele bemoedigende woorden. Toen hij wou vertrekken, merkte mijn vader niet onmiddellijk dat hij was genezen, maar mijn oom, totaal verrast, volgde hem, terwijl hij zijn beide stokken droeg!”

 

 

 

 

 

In Puglia, in Italië, stond een heel materialistisch ingestelde man bekend voor zijn heftigheid waarmee hij de godsdienst bestreed. Zijn echtgenote was religieus, maar hij had haar formeel verboden om naar de kerk te gaan, of zelfs hun zonen over God te spreken. In 1950 werd deze man ziek. De diagnose was verpletterend: “ongeneeslijk gezwel aan de hersenen en aan het rechteroor”. De zieke vertelt: “Ik werd naar het ziekenhuis van Bari gebracht. Ik had schrik om te lijden en om te sterven.

Ik was zo bang dat mijn ziel begon te verlangen zich tot God te wenden, iets wat ik niet meer had gedaan sinds mijn kinderjaren. Van Bari werd ik naar Milaan gebracht om er een chirurgische ingreep te ondergaan die mij misschien het leven ging redden. Mijn arts deelde me mee dat het om een heel gewaagde ingreep ging, waarvan het onmogelijk was om de afloop te voorzien. Terwijl ik in Milaan was, droomde ik op een nacht van Pater Pio.

Hij legde me de handen op en zei me: “Binnen afzienbare tijd zul je genezen.” ’s Ochtends voelde ik me beter. De artsen waren verbaasd om me in een betere toestand te zien, maar oordeelden toch dat een tussenkomst absoluut noodzakelijk was. Even  voor de ingreep sloeg ik in paniek en ik vluchtte het ziekenhuis uit. Ik ging naar mijn ouders in Milaan, waar mijn vrouw zich eveneens bevond. Na enkele dagen kwam de pijn terug en die werd zo hevig dat ik naar het ziekenhuis moest terugkeren.

De artsen, die verontwaardigd waren over mijn vlucht, wilden me niet behandelen, maar volgden tenslotte hun professionalisme. Niettemin, alvorens de ingreep te beginnen, voerden ze nog enkele tests op me uit. Tot hun grote verbazing stelden zij geen enkel spoor meer vast van het gezwel. Ik was eveneens verrast, hoewel minder verbaasd dan de artsen, want terwijl ik de onderzoeken onderging, had ik een hevige geur van violettes, het teken van de aanwezigheid van Pater Pio, waargenomen.

Alvorens het ziekenhuis te verlaten, vroeg ik de rekening van de honoraria. Men antwoordde me: “U moet ons niets betalen, aangezien wij niets gedaan hebben om u te genezen.” Na mijn ontslag uit het ziekenhuis, besloot ik naar San Giovanni Rotondo te gaan, samen met mijn echtgenote, om Pater Pio te bedanken. Ik was er zeker van dat hij het was die me had genezen. Maar toen ik de kerk van het klooster van Notre-Dame-de-Grâces binnenging, verloor ik door een helse pijn het bewustzijn.

Twee mannen droegen me naar de biechtstoel van Padre Pio. Toen ik weer bij bewustzijn was, zei ik hem, nauwelijks ziende en nog altijd heel zwak: “Ik heb vijf zonen en ik ben zeer ziek; red mij, Pater, red mijn leven.” Hij antwoordde me: “Ik ben God niet – ik ben evenmin Jezus Christus; ik ben een priester zoals de anderen, niet meer en niet minder. Ik verricht geen wonderen.” Maar ik smeekte en huilde: “Alstublieft, Pater, red mij…” Pater Pio hield een moment stilte, hief vervolgens de ogen ten hemel en ik zag dat hij bad.

Opnieuw nam ik een hevige geur van violettes waar. Vervolgens zei Pater Pio me: “Keer naar huis terug en bid. Ik zal voor jou bidden. Je zult genezen.” Ik keerde naar huis terug en mijn ziekte verdween.”

 

 

 

 

 

Een man vertelde: “Verschillende jaren geleden, in 1950, werd mijn schoonmoeder in het ziekenhuis opgenomen met de bedoeling een kwaadaardig gezwel chirurgisch te verwijderen in de linker zijde. Enkele maanden later, moest zij een andere ingreep ondergaan, deze keer aan de rechterzijde. Aangezien het gezwel zich begon uit te zaaien, gaven de artsen van het ziekenhuis van Milaan de zieke nog slechts drie of vier maanden te leven. In Milaan sprak iemand ons over Padre Pio en over de wonderen die aan zijn bemiddeling worden toegekend.

Ik vertrok onmiddellijk naar San Giovanni Rotondo. Wanneer het mijn beurt om te biechten was, vroeg ik Padre Pio om de gunst van de genezing voor mijn schoonmoeder. Padre Pio zuchtte tweemaal en zei “Laten we allemaal bidden en zij zal genezen”. Zo gebeurde het ook. Na de tussenkomst herstelde mijn schoonmoeder  en ze ging Padre Pio bedanken die haar glimlachend zei: “Ga in vrede, meisje! Ga in vrede!”

In plaats van drie of vier maanden die de artsen haar hadden gegeven, leefde mijn schoonmoeder nog negentien jaar, Padre Pio voor eeuwig dankbaar.”

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

† 1253 Clara van Assisi

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Clara (ook Chiara, Clare of Klara) van Assisi, Italië; abdis; † 1253

 

 

SaintClare

 

.

 

 

Feest 11 (& 12) augustus

 

Volgens de jongste onderzoekingen werd zij geboren in 1195 en was afkomstig uit een adellijke familie te Assisi. Ze was een jaar of achttien op het moment dat Franciscus daar met zijn aanstekelijke beweging begon. Naar diens voorbeeld brak ze met thuis, wist aan de greep van haar familie te ontsnappen, huwde net als Franciscus met Vrouwe Armoede en liet zich door hem het kloosterhabijt aantrekken.

Spoedig voegden zich andere vrouwen bij haar, onder wie haar zus Agnes die zij op spectakulaire wijze had helpen ontsnappen uit het ouderlijk huis. Veertig jaar lang stond zij aan het hoofd van het kloostertje van San Damiano, even buiten Assisi. Intussen groeide er tussen Franciscus en haar een hechte en diepe geestelijke vriendschap. Als hij niet zeker was van een bepaalde beslissing of niet wist hoe te handelen, liet hij zuster Clara om raad vragen, ook in zaken van gebed, boete, geestelijke leiding en apostolaat.

Franciscus stierf al in 1226 op 42-jarige leeftijd, luid beweend door zuster Clara en haar medezusters. Zij ging voort in de geest van Broeder Franciscus. Zo wist zij rond 1240 door het innige gebed dat ze deed geknield voor een monstrans met de Heilige Hostie erin, een dreigende inval van de Saracenen in Assisi te verhinderen. Vanaf dat moment wordt zij beschouwd als de redster van Assisi en van San Damiano.

Latere legendes weten zelfs te vertellen, dat zij bij die gelegenheid met de monstrans in de hand, onverschrokken de Saracenen tegemoet gegaan zou zijn, waarop dezen onverwijld de vlucht zouden hebben genomen. Zij stierf op 59-jarige leeftijd.

 

.

 

Legende

 

Dit alles vinden wij als volgt terug in een middeleeuws legendeboek Passional, uitgegeven te Augsburg in 1471-1472.

In de stad Assisi woonde een rijke edelman met een zalige, vrome vrouw; zij heette Torculana. Zij werd zwanger van het heilige kind Clara. Toen de tijd van baren nabij was, stapte zij een kerk binnen en ging voor een kruisbeeld staan en bad in grote ernst tot God dat Hij haar zou helpen bij de komende geboorte. Toen klonk er een stem: “Vrouwe, u zult een heilzaam licht baren dat de wereld verlichten zal.”

Daar was die vrouw heel blij over. En toen het kind eenmaal geboren was, wilde zij dat het Clara zou heten, want zij leefde in de hoop dat het de wereld zou verlichten, zoals de stem in de kerk haar beloofd had. Toen het kind de volwassen leeftijd had bereikt, leidde het een deugdzaam leven; ze nam een minimum aan voedsel tot zich.

De kleren die zij droeg, waren aan de buitenkant heel elegant en sierlijk, maar op het lijf droeg zij een ruw haren hemd. Haar hart was zuiver en haar lichaam kuis. Ze leidde kortom een goed leven. Toen kwam de tijd dat haar vrienden voor haar een geschikte huwelijkspartner gingen uitzoeken, maar zij deed er niet aan mee.

Sint Clara hoorde van de heilige levenswandel van Sint Franciscus. Ze verlangde ernaar hem eens te zien. Op zijn beurt hoorde Sint Franciscus van haar heilige levenswandel. Ook hij verlangde ernaar haar eens te zien en met haar te kunnen spreken. Hij zocht haar dus op.

Zij was daar blij mee. Sint Franciscus sprak heel vriendelijk met haar. Hij maakte haar duidelijk dat zij de wereld de rug moest toekeren en God tot echtgenoot moest kiezen. Zij hield ijverig vast aan dit woord. Ze zocht hem regelmatig op om nog meer van hem te leren. Aldus begon ze ernaar te verlangen alleen God te dienen; voor de wereld had ze geen oog.

Zo was Clara eens bij Franciscus in het bos bij de Onze-Lieve-Vrouwekerk, die Portiuncula heet. Ze spraken met elkaar over het zielenheil. Bij die gelegenheid zagen de mensen dat vurige stralen uit de hemel op hen neerdaalden. Het was toen vlak voor Palmzondag. Hij zei tot haar: “Op Palmzondag moet je in je mooiste kleren naar de kerk gaan, maar diezelfde avond moet je je vaders huis verlaten en je aan God toewijden.”

Clara deed wat hij zei: zij ging in haar mooiste kleren naar de kerk. Terwijl iedereen naar voren liep om een palmtakje in ontvangst te nemen, bleef zij heel devoot op haar plaats zitten. Dat zag de bisschop. Hij kwam het altaar af en gaf haar het palmtakje persoonlijk in de hand.

Diezelfde avond ontglipte zij uit het huis van haar vader. Zij liet al haar vrienden achter en kwam bij het Onze-Lieve-Vrouwekerkje van Portiuncula. Daar werd zij opgewacht door de broeders, die haar vol vreugde ontvingen.

Ze schoren haar de haren af. Vervolgens geleidde hij haar naar de Pauluskerk en beval haar daar voorlopig te blijven. Maar toen dit alles tot haar vrienden begon door te dringen, werden zij heel kwaad. Ze zochten haar daar op en zeiden: “Je moet de schande die je op je geladen hebt, onmiddellijk opheffen, want zoiets past niet bij een familie van adel!”

Daarop zei Sint Clara: “Niemand kan mij afbrengen van de dienst aan de almachtige God.” Ze liet hun zelfs haar afgeschoren haren zien. Kortom, ze voegde zich niet naar de woorden van haar vrienden. Hoopvol richtte zij haar hart op God en bad dat de woede bij haar vrienden zou wegebben.

Toen verhuisde zij op aanraden van Franciscus naar het kerkje van San Damiano. Daar bracht zij een groep tezamen en zette een orde op van veel vrouwen. Van toen af prees ieder haar zalig; haar roep drong overal door, zodat hertoginnen en gravinnen door haar heiligheid werden bewogen en intraden in haar orde.

Sint Clara was een nederige vrouw. Zij was vol lof over Franciscus en gehoorzaamde hem altijd. Zij droeg hem in haar hart, maar niet op de wereldse manier. Ze stond klaar voor al haar zusters, ze droeg eenvoudige kleren, ze waste haar zusters de voeten en bediende ze aan tafel. Ook vroeg ze aan de paus, Innocentius, of hij haar orde officieel wilde goedkeuren. Die was daar heel blij mee. Hij schreef haar eigenhandig de gevraagde brief.

Eens op een vastenavond had Sint Clara heel graag haar medezusters iets lekkers voorgezet. Zij riep dus de kelderzuster en vroeg of ze nog iets hadden. Maar zij zei: “Ik heb niets.” Toen dekte Sint Clara toch de tafel en knielde erbij neer; vervolgens vroeg zij God in haar gebed of Hij iemand de gedachte in wilde geven een brood en twee vissen naar het kloostertje te brengen.

Op datzelfde moment verscheen er inderdaad een vrouw; haar aangezicht straalde als de zon. Ze ging goed gekleed en ze droeg een mandje op haar hoofd. Dat mandje overhandigde zij aan de portierster met de woorden: “Geef dit maar aan Sint Clara.” De zuster vroeg haar toen: “Wie heeft u hierheen gestuurd?” Waarop die vrouw antwoordde: “Clara weet wel wie dit naar jullie gestuurd heeft.”

Toen verdween de mooie vrouw. De portierster bracht nu het mandje naar Sint Clara, en vertelde haar wat de mooie vrouw erbij gezegd had. Toen Sint Clara het mandje openmaakte, vond zij er twee gebraden vissen in en wat brood. Ze was heel blij en dankte God om zijn goede gaven. Vervolgens deelde zij het onder haar zusters uit; ze hadden meer dan genoeg.

De lieve maagd Sint Clara at alleen maar water en brood, terwijl ze op maandag, woensdag en vrijdag nooit schoenen droeg. Ze sliep ook niet in een bed met zachte veren, maar gewoon op de grond. In plaats van een hoofdkussen had ze een stuk hout.

Dat deed ze zo gedurende de lange vasten. Na Sint Maarten vastte ze elke dag door alleen water en brood te eten, terwijl ze drie dagen in het geheel niets at. Ze tuchtigde haar lichaam dermate dat ze er doodziek van werd.  Daarop schreef de bisschop van Assisi haar voor, tezamen met Franciscus, dat ze geen enkele dag meer geheel in vasten door mocht brengen.

De heilige maagd besteedde veel tijd aan de lof van God; ze bad heel vurig en langdurig, waarbij ze vaak huilde. Toen ze eens ’s nachts zo aan het bidden was, verscheen haar de duivel in de gedaante van een zwart kindje met de woorden: “Je moet niet zoveel huilen, anders word je nog blind.” Waarop zij antwoordde: “Wie God wil zien, is niet blind.” Toen verdween de boze geest.

In die tijd had je een graaf, die Vitalis heette en heel flink was in het vechten. Hij had het op de stad Assisi gemunt. Hij had gezworen dat hij haar zou veroveren, en nu trok hij tegen haar op. De burgers waren doodsbenauwd. Toen Sint Clara ervan hoorde, sprak zij tot al haar dochters: “Wij hebben veel aan de stad te danken; we moeten dus vurig tot God bidden dat Hij haar spaart.”

Ze strooide as op haar hoofd; dat deden de anderen ook. “Nu bidden we allemaal vurig tot God, dat Hij de stad spaart voor haar vijanden.” Zij baden vurig. En God verhoorde hun gebed. Hij kwam te hulp, zodat de vijanden meteen al de dag erop ertussenuit gingen.

Sint Clara had een zus die rijk was en van wie ze veel hield. Zij bad nu vurig voor die zus bij Onze Lieve Heer dat Hij haar zou weten te bewegen tot een geestelijk leven. Dat deed Onze Lieve Heer. Op de zestiende dag koos zij voor het klooster. Die zus, Agnes, werd door de Heilige Geest geroepen en ze meldde zich bij haar zus met de woorden: “Mijn allerliefst zusje, ik wil van nu af Onze Lieve Heer dienen.” Daar verheugde Sint Clara zich over. Zo kwam Agnes bij haar in het klooster.

Toen dat doordrong tot haar vrienden, kwamen er twaalf van hen naar het klooster. Ze spraken haar heel vriendelijk aan: “Waarom ben je hier naar toe gegaan? Kom vlug weer met ons mee, terug naar huis!” Daarop zei Agnes: “Ik wil niet meer weg bij mijn lief zusje. Daarop werd één van de ridders zo kwaad dat hij handtastelijk werd en haar een vuistslag toediende.

Desnoods zou hij haar het klooster uitslepen, waarop hij haar aan haar haren vastpakte. Doodsbenauwd smeekte zei: “Toe lief zusje, help mij!” Sint Clara riep nu vurig de hulp in van Onze Heer. Nu bleek Sint Agnes ineens zo zwaar te zijn geworden, dat een hele mensenmenigte haar nog niet over het kleinste beekje zou hebben kunnen dragen.

Toen ze dat bemerkten, begonnen ze de spot met haar te drijven: “Ze heeft natuurlijk lood gegeten; daarom is ze zo zwaar.” Een neef hief al de vuist om haar desnoods een doodklap te verkopen. Toen vloeide er een ontzettende pijn in zijn arm. En dat bleef zo. Daarop smeekte Sint Clara dat ze zouden verdwijnen en haar zusje Agnes rustig bij haar zouden laten.

Die lag intussen voor lijk op de grond. Grommend gingen haar vrienden inderdaad weg. Toen stond ze vrolijk op. En Sint Franciscus gaf ook haar zijn zegen om in de orde te treden. Eens was Sint Clara ziek. Ze liet zich rechtop zetten met een steuntje in de rug. Ze vouwde een doek uit, waaruit men vijftig corporales moest maken ter ere Gods.

In de kerstnacht gingen alle vrouwen naar de metten, maar Sint Clare was er te ziek voor en bleef alleen achter. Toen bracht zij zich voor ogen hoe het kleine kind, onze Heer Jezus Christus, geboren werd. Ze had ook dolgraag de metten bijgewoond om God lof te brengen. Op datzelfde moment klonk het gezang dat de broeders van Franciscus ten gehore brachten, haar in de oren.

En ook het orgel hoorde ze, terwijl de kerk toch ver weg was. De volgende ochtend vertelde zij het haar dochters. En ze weende veel tranen, toen ze dat vertelde. Sint Clara had veertig jaar in het klooster doorgebracht, toen God besloot haar uit de wereld weg te nemen. Een maagd uit het Sint-Paulusklooster ontving er een visioen over: het was haar alsof zij zich in het klooster van Sint Clara bevond en ze zag hoe al haar dochters om haar huilden.

Toen verscheen er een bijzonder mooie vrouw aan het hoofdeinde van Sint Clara’s ziekbed met de woorden: “Je hoeft niet te huilen om Sint Clara, want zij zal niet sterven, totdat God zelf komt met zijn leerlingen.” Daarop verscheen de paus die haar het Lichaam van Christus uitreikte. Nu vroeg Sint Clara aan hem of hij zich persoonlijk het lot van de zusters zou willen aantrekken. Dat beloofde hij, en hij heeft zijn belofte ook gehouden. Zo lag zij daar doodziek achterover. Haar dochters zeiden haar dat ze iets moest eten.

Daarop antwoordde zij: “Als er wat kersen waren, zou ik het proberen.” Maar het was kerstmis. Dus die hadden ze niet. De broeder had een kersenboom, en hij zag er een tak aan vol met rijpe kersen. Die brak hij af en bracht hem haar. Zij at ervan, en liet er ook van brengen aan andere zieken. Hoewel zij alles bijeen zeventig dagen zo ziek gelegen had zonder te eten, wist zij toch haar zusters te bemoedigen en haar broeders te bevestigen in de dienst aan God en ze gaf ze allen haar zegen.

Spoedig daarna verschenen er vele maagden in witte gewaden aan haar bed met gouden kruisjes op. Onder hen bevond zich Onze Lieve Vrouw; ze droeg een kroon; er ging een zachte lichtglans van haar uit, met het gevolg dat het kloostertje midden in de nacht hel verlicht was. Toen boog Onze Lieve Vrouwe zich tot Clara voorover. Op dat moment gaf zij de geest; deze werd opgevoerd naar de eeuwige vreugde.

Haar dochters waren zeer verdrietig, ja alle mensen in de stad die ervan hoorden. Er kwamen veel mensen toelopen. Zes dagen daarna kwam de paus met zijn kardinalen; ze bezongen Sint Clara met grote devotie, en droegen haar naar de Sint-Joriskerk. Dan hadden de burgers van de stad haar dichter bij zich. Daar werd ze met grote plechtigheid begraven.

Later hoorde paus Alexander de Vierde van alle wondertekenen die Sint Clara bewerkstelligde. Hij kwam dus met het kollege van kardinalen, bisschoppen en priesters en verhief haar plechtig tot de eer der altaren. Dat gebeurde twee jaar na haar dood. Er werd vastgelegd dat men haar elk jaar zou vieren op de derde dag na Sint Laurentius.

 

.

 

Verering & Cultuur

 

Haar lichaam is nog steeds te zien in een glazen schrijn in haar basiliek te Assisi. Zij is medepatrones van Assisi (Italië) en van Santa-Clara op Cuba; in Nederland is er een St-Claraziekenhuis in Rotterdam; in Gorkum zijn een tehuis en een school naar haar genoemd. In Californië zijn er een plaats, een gebergte (‘sierra’) en een rivier naar haar genoemd; Bahia kent een stadje Santa Clara; Ecuador een eiland Isla Santa Clara en Utah een rivier.

 

 

08-11-1253-clara_6

 

 

Zij wordt afgebeeld als claris (met bruin- of zwartwollen habijt, dat om het middel enigszins is opgebonden), met de staf van de abdis, met een kruis, een lelie (symbool van maagdelijkheid), regelboek, en zeer vaak met een monstrans en soms met een brandende lamp (verwijzing naar haar naam en naar Jezus’ verhaal van de wijze maagden).

Zij is patrones van de wasvrouwen, naaisters en borduursters, en van de vergulders. Zij wordt ook aangeroepen tegen oogkwalen en koorts (zelf had zij daar 27 jaar last van). In 1958 werd zij door Paus Pius XII uitgeroepen tot patrones van de televisie: in het jaar voor haar dood was zij al zo verzwakt dat zij zelfs met kerstmis haar cel niet kon verlaten om in Assisi, drie kilometer verderop, de nachtmis bij te wonen.

Het verhaal vertelt dat zij vanaf het ziekbed in haar cel voor haar ogen de kerstplechtigheden in de kerk van Assisi zag gebeuren. Mede op grond van deze legende wordt haar voorspraak ingeroepen tegen oogkwalen; daar wordt ook de betekenis van haar naam (‘klaar’, ‘helder’) mee in verband gebracht. Zij helpt ook koortslijders; dat komt omdat het water uit haar bron, de ‘Fontaine de Sainte Claire’ in het Franse plaatsje Guéret geneeskrachtige werking bleek te hebben vooral voor koortspatiënten.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

                                                          

mijne kop a4 JOHN ASTRIA