Dagelijks archief: april 14, 2021

Wat elke christen moet weten over de Heilige Geest

Standaard

Categorie: video/religie

 

 

 

Wat elke christen moet weten over de Heilige Geest

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

The great secret of guardian angels / Het grote geheim van bewaarengelen

Standaard

Category / categorie: Video

 

 

 

The great secret of guardian angels 

Het grote geheim van bewaarengelen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Geloof, bekering en behoudenis; Vrucht dragen; Gods weg naar Zijn doel in ons leven

Standaard

Categorie: religie/video

 

 

 

Geloof, bekering en behoudenis;

Vrucht dragen;

Gods weg naar Zijn doel in ons leven

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

Boodschap 429 van ‘Boodschappen uit de kosmos’

Standaard

Categorie: Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

DE DUIVEL EN ZIJN DEMONEN

GELOVEN NIET IN GOD,

ZIJ WETEN DAT HIJ BESTAAT

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Boodschap 428 van ‘ Boodschappen uit de kosmos ‘

Standaard

Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

De Alfa en de Omega is alwetend en ziet alles

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

ONDERSCHAT NIET DE KRACHT VAN HET WOORD!

NEGATIEVE- EN POSITIEVE UITSPRAKEN HEBBEN ALTIJD GEVOLGEN!

DOOD EN LEVEN IS IN DE MACHT DER TONG

VERVLOEK NIEMAND!

 

 

Spreuken 18: 21

 

je tong heeft de macht over leven en dood.
Als je je mond zijn gang laat gaan, zul je daarvan de gevolgen dragen.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

 

Onverdiende zegeningen

Standaard

categorie : religie

 

.

.

Openbaring 1 : 3 

.

‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

 

op5 a4

 

pasteltekening van John Astria

 

 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt

 

 ‘’ ja, ik kom gauw . Gelukkig is hij die de profetische woorden

van dit boek onthoudt. ‘’

 

 

op22 a4

 

Pasteletekening van John Astria

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Johannes 12: 20-36; Jezus voorspelde zijn eigen dood

Standaard

Categorie: religie

 

 

Johannes 12

 

Een vrouw zalft Jezus’ voeten

 

1 Jezus kwam zes dagen vóór het Paasfeest naar Betanië, waar Lazarus woonde. Lazarus was de man die gestorven was en door Jezus weer levend gemaakt was. 2 Ze maakten een maaltijd voor Hem klaar. Marta bediende Hem. Lazarus zat samen met nog andere mensen met Hem aan tafel. 3 Maria nam een pond dure parfum, echte nardus-olie , en zalfde daarmee Jezus’ voeten. Daarna droogde ze zijn voeten af met haar haren. De heerlijke geur van de parfum was door het hele huis te ruiken. 4 Maar één van de leerlingen werd boos. Dat was Judas Iskariot, die Hem later zou verraden. 5 Hij zei: “Waarom is deze dure parfum niet voor 300 zilverstukken verkocht? Dan hadden we dat geld aan de arme mensen kunnen geven!” 6 Hij zei dat niet omdat hij zo graag de arme mensen wilde helpen, maar omdat hij een dief was. Hij bewaarde het geld dat ze van de mensen kregen, maar nam daarvan voor zichzelf. 7 Jezus zei: “Laat haar met rust. Ze doet dit alvast voor mijn begrafenis. 8 Want arme mensen zullen er altijd wel bij jullie zijn, maar Ik zal niet altijd bij jullie zijn.” 9 Heel veel Joden kwamen te weten waar Jezus was en gingen naar Hem toe. Maar niet alleen om Jezus te horen. Ze wilden ook graag Lazarus zien die door Jezus weer levend was gemaakt. 10 De leiders van de priesters waren daarom van plan om ook Lazarus te doden. 11 Want veel Joden die Lazarus zagen, geloofden in Jezus.

 

 

 

 

 

Jezus reist naar Jeruzalem

 

12 De volgende dag hoorden de mensen die voor het Paasfeest waren gekomen, dat Jezus naar Jeruzalem kwam. 13 Ze trokken takken van de palmbomen, gingen Hem tegemoet en riepen: “Hosanna! (= ‘Red toch!’) Gods zegen op de Man die door de Heer is gestuurd!” En: “Leve de Koning van Israël!” 14 Jezus liet een jonge ezel halen en ging er op zitten. 15 Dit staat ook in de Boeken: ‘Wees niet bang, Jeruzalem, want je koning komt op een jonge ezel.’ 16 Eerst begrepen de leerlingen dat niet. Maar toen Jezus uit de dood was opgestaan, herinnerden ze zich dat die woorden over Jezus gingen en dat het ook zo was gebeurd. 17 Iedereen die gezien had hoe Jezus Lazarus uit het graf riep, vertelde daarover. 18 Toen de mensen hoorden dat Jezus zoiets bijzonders had gedaan, gingen ze Hem in grote drommen tegemoet. 19 De Farizeeërs zeiden tegen elkaar: “Zie je dat ze helemaal niet naar ons luisteren? Kijk, de hele wereld loopt achter Hem aan!”

 

 

 

 

 

Jezus de graankorrel

 

20 Er waren ook een paar Grieken op weg naar het feest, om God te aanbidden. 21 Ze gingen naar Filippus die uit Betsaïda in Galilea kwam. Ze vroegen hem: “Heer, we zouden Jezus graag willen spreken.” 22 Filippus ging het tegen Andreas zeggen. Daarna gingen Andreas en Filippus het samen tegen Jezus zeggen. 23 Maar Jezus zei: “Binnenkort zal te zien zijn hoe machtig de Mensenzoon is. 24 Luister goed! Ik zeg jullie: als een graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij gewoon één enkele graankorrel. Maar als de korrel in de aarde sterft, levert dat een grote oogst op. 25 Iemand die aan zijn leven vasthoudt, raakt het kwijt. Maar als hij niet geeft om zijn leven in deze wereld, zal hij het eeuwige leven krijgen. 26 Als iemand Mij wil dienen, moet hij Mij volgen. En waar Ik ben, zal ook hij zijn als mijn dienaar. Als iemand Mij dient, zal de Vader hem prijzen.”

 

 

 

 

 

Jezus vertelt over zijn dood

 

27 Jezus zei: “Ik ben bang en ongerust. Ik weet niet wat Ik moet zeggen. Moet Ik zeggen: ‘Vader, red Mij van wat er nu gaat gebeuren’? Maar Ik ben juist gekomen om door te maken wat er nu gebeuren gaat. Vader, laat uw macht zien!” 28 Toen zei een stem uit de hemel: “Ik heb mijn macht laten zien, en zal die nóg een keer laten zien.” 29 De grote groep mensen die daar stond en de stem hoorde, zei dat het de donder geweest was. Andere mensen zeiden: “Er heeft een engel tegen Hem gesproken.” 30 Jezus antwoordde: “Die stem was er niet voor Mij, maar voor jullie. 31 Nu wordt over de wereld rechtgesproken. Nu zal de heerser van deze wereld veroordeeld en verslagen worden. 32 En als Ik boven de aarde ben opgeheven, zal Ik alle mensen naar Mij toe trekken.” 33 Hij zei dit om uit te leggen op welke manier Hij zou sterven. 34 De grote groep mensen zei tegen Hem: “We hebben in de Boeken gelezen dat de Messias voor eeuwig blijft. Waarom zegt U dan dat de Mensenzoon opgeheven gaat worden? Wie is die Mensenzoon?” 35 Jezus antwoordde: “Het licht is nog maar korte tijd bij jullie. Loop zolang het nog licht is, zodat jullie niet door het donker worden verrast. Iemand die in het donker loopt, weet niet waar hij heen gaat. 36 Geloof dus in het licht, zolang het licht bij jullie is. Want dan horen jullie bij het licht.” Nadat Jezus dit had gezegd, ging Hij weg en verborg Zich voor de mensen.

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Jesaja’s profetie over Jezus

 

37 De mensen hadden met eigen ogen Jezus heel veel wonderen zien doen. Maar toch geloofden ze niet in Hem. 38 Zo werd werkelijkheid wat de profeet Jesaja van tevoren had gezegd: ‘Heer, wie gelooft wat hij van mij heeft gehoord? En wie heeft werkelijk begrepen hoe machtig de Heer is?’ 39 Ze konden niet geloven, omdat Jesaja ergens anders had gezegd: 40 ‘Ik heb hun ogen blind gemaakt en hun hart koppig gemaakt. Zo kunnen hun ogen het niet zien en kan hun hart het niet begrijpen. Daardoor zullen ze niet bij Mij terugkomen en zal Ik hen niet genezen.’ 41 Dit had Jesaja gezegd omdat hij tóen al had gezien hoe goed en machtig God is. Hij sprak toen over Jezus. 42 Toch waren er ook veel mensen die wél in Hem geloofden. Zelfs veel van de leiders. Maar ze durfden dat niet te laten merken, omdat ze bang waren voor de Farizeeërs. Ze waren bang dat die hen dan zouden verbieden om nog in de synagoge te komen. 43 Want ze vonden het belangrijker wat de mensen van hen dachten, dan wat God van hen dacht.

 

 

 

 

Jezus roept de mensen op in Hem te geloven

 

44 Jezus riep luid: “Als je in Mij gelooft, geloof je eigenlijk in Hem die Mij heeft gestuurd! 45 En als je Mij ziet, zie je Hem die Mij heeft gestuurd! 46 Ik ben gekomen om een lamp te zijn in deze wereld. Iedereen die in Mij gelooft, kan in het licht leven. Hij hoeft niet langer in het donker te blijven. 47 Als mensen horen wat Ik zeg maar het niet geloven, veroordeel Ik hen niet. Want Ik ben niet op aarde gekomen om mensen te veroordelen. Ik ben gekomen om mensen te redden. 48 Mensen die niets van Mij willen weten en niet naar Mij willen luisteren, zullen op de laatste dag veroordeeld worden door de woorden die Ik heb gezegd. 49 Want Ik heb niet namens Mijzelf gesproken, maar namens de Vader, die Mij heeft gestuurd. Hij heeft Mij gezegd wat Ik moet zeggen. 50 En Ik weet dat zijn woorden eeuwig leven geven. Wat Ik zeg, zeg Ik precies zoals de Vader wil dat Ik het zeg.”

 

 

geloof

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Het leven van Franciscus van Assisi

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Jeugd 

 

Franciscus wordt in 1181/2 geboren in Assisi als de zoon van een rijke koopman. Hij heeft een onbezorgde jeugd. Vaak is hij de aanvoerder van feesten met vrienden. Over geld hoeft hij zich nooit zorgen te maken. Er is meer dan voldoende voor een leven in luxe.

 

 

Ridder

 

Franciscus voelt er niet zo veel voor om zijn vader op te volgen in de zaak. Hij droomt ervan om ridder te worden. Daarom gaat hij vechten in de oorlog tegen Perugia in 1202. Assisi wordt echter al snel verslagen en Franciscus belandt in een gevangenis in Perugia.

 

 

 

Weer thuis

 

Na een jaar wordt hij vrijgekocht door zijn vader en komt hij weer thuis. In de kerker is hij al ziek geworden en zijn gezondheid laat hem nog een tijdje in de steek. In deze tijd begint Franciscus steeds vaker na te denken over zijn leven en over God. Toch kiest Franciscus er nog een keer voor om ridder te worden. Het is 1205 als hij zich aansluit bij een expeditie tegen Apulië.

 

 

 

Een beslissende droom in Spoleto

 

Onderweg naar Apulië voelt Franciscus zich niet zo fit. In de buurt van Spoleto besluit hij even te gaan rusten. Dan krijgt hij een droom. Een stem zegt tegen hem, dat hij terug moet gaan naar Assisi. Daar zal hem duidelijk worden wat zijn werkelijke bestemming is. Franciscus geeft zijn kostbare wapenrusting weg en gaat terug naar huis. Daarna zal hij nooit weer wapens opnemen.

 

 

 

De zoektocht

 

Na terugkomst zoekt Franciscus naar zijn bestemming. Soms brengt hij dagen door in de eenzaamheid van de Monte Subasio vlakbij Assisi. Af en toe viert hij nog feesten met zijn vrienden. Steeds vaker denkt Franciscus over God. Dan vinden er twee belangrijke gebeurtenissen plaats.

 

 

 

De ontmoeting met de melaatse 

 

Op een dag in 1205 rijdt Franciscus op zijn paard in de buurt van Assisi. Dan ziet hij een melaatse aankomen. Normaal zou hij hard weggereden zijn, maar nu stapt Franciscus van zijn paard af. Hij loopt naar de melaatse en kust zijn half weggerotte hand. Het maakt hem erg gelukkig en hij gaat zelf daarna ook geregeld melaatsen verzorgen. Deze gebeurtenis maakt grote indruk op Franciscus. Hij beschrijft het in zijn Testament. Vanaf dat moment zal Franciscus altijd partij kiezen voor de zwakkeren en verdrukten in de maatschappij.

 

 

 

Het kruis van San Damiano 

 

Vlak na de ontmoeting met de melaatse gaat Franciscus geregeld bidden in het kerkje van San Damiano. Hij bidt voor het kruis. Hier hoort hij een stem die zegt: “Ga, Franciscus, repareer mijn huis, want je ziet dat het op instorten staat”.

 

 

klooster

 

 

kerkje

 

 

Het klooster en het aangrenzende kerkje staan op een eenzame plek te midden van cipressen en olijfbomen. Hier werd Francisius zich bewust van zijn roeping en schreef hij het Zonnelied. Het strenge, sobere interieur vormt een ontroerend voorbeeld van een 13de eeuws franciscanenklooster.

 

 

 

Verkoop van stoffen en paard in Foligno 

 

Franciscus neemt de opdracht die hij in San Damiano kreeg heel letterlijk. Hij begint met het herstellen van dit kerkje. Hiervoor heeft hij geld nodig. Daarvoor neemt hij dure stoffen uit de winkel van zijn vader en gaat naar Foligno. Daar verkoopt hij de stoffen en zijn paard.

 

 

 

De breuk met zijn ouders

 

Zijn vader is woedend over de verkoop van de stoffen en het paard. Hij zegt dat het diefstal is en roept Franciscus op om voor het gerecht te verschijnen. Het proces vindt in 1206 plaats voor de bisschop. Als de aanklacht is voorgelezen, trekt Franciscus zijn kleren uit en terwijl hij het bundeltje kleding aan zijn vader geeft zegt hij: “Voortaan zeg ik alleen nog, Onze Vader die in de hemel is, en niet meer vader Pietro di Bernardone”. Franciscus doet afstand van alle bezit en ook zijn rechten op een erfenis.

 

 

 

Herstellen van kerkjes

 

Na het proces gaat Franciscus eerst naar een vriend in Gubbio, maar hij keert snel terug om verder te werken aan het herstel van de kerk van San Damiano. Van 1206 tot 1208 herstelt hij ook de kerken Santa Maria degli Angeli en San Pietro della Spina, allebei vlakbij Assisi.

 

 

Kerk van San Damiano

 

 

 

Franciscus vindt zijn bestemming

 

Begin 1208 hoort Franciscus op een dag het evangelie van de wegzending van de apostelen. De volgelingen van Jezus mogen geen goud en zilver bezitten, geen beurs, tas en stok meenemen onderweg en geen sandalen dragen. Nu weet Franciscus het. Hij trekt zijn sandalen uit, past zijn kleding aan en zal zich zijn leven lang verzetten tegen geld en bezit.

 

 

 

De eerste broeders

 

Op 16 april 1208 komen Bernardus van Quintavalle en Petrus Catani bij Franciscus. Bernardus is een rijk en geleerd man, Petrus is een rechtsgeleerde. Ze sluiten zich aan bij de leefwijze van Franciscus. Ze noemen zichzelf de boetelingen van Assisi. Een week later volgt Egidius en kort daarna volgen er meer mannen uit Assisi en omgeving.

 

 

 

Naar Rome

 

Als er twaalf broeders zijn besluiten ze naar Rome te gaan om de paus om goedkeuring te vragen voor hun manier van leven. Het is dan 1209. In die tijd waren er veel ketterse bewegingen. Franciscus wilde binnen de kerk blijven. De paus is verheugd dat er een groep broeders is die binnen de kerk de armoede willen beleven en de navolging van Christus in praktijk willen brengen. Het is het begin van de broederschap.

 

 

 

De stal in Rivotorto

 

Na terugkomst uit Rome gaan de broeders in een stal bij Rivotorto wonen. De omstandigheden zijn zeer primitief, maar de broeders zijn gelukkig en vol enthousiasme. Ze worden verjaagd uit de stal als op een dag een boer zijn ezel naar binnen stuurt.

 

 

 

Portiuncula

 

Na Rivotorto trekken de broeders naar Portiuncula. Hier staat het kerkje van Santa Maria degli Angeli dat Franciscus hersteld heeft. De broeders beleven ook hier een gelukkige tijd. Ze leven in volstrekte armoede en trekken rond om te preken en te werken. In het begin vonden de mensen de broeders maar rare lui, maar nu krijgen ze steeds meer waardering en liefde voor Franciscus en zijn broeders.

 

 

kerk van Santa Maria degli Angeli

 

 

 

Clara

 

Clara heeft Franciscus al vaak horen preken en wil hem ook volgen. In de nacht van 18 maart 1212 vlucht zij uit haar huis en gaat naar Franciscus en zijn broeders. Daarna volgen andere vrouwen. Clara en haar zusters gaan wonen bij het kerkje van San Damiano. Clara is daar tot haar dood in 1253 gebleven.

 

 

De heilige Clara van Assisi

 

 

 

Franciscus gaat naar de sultan

 

Franciscus gaat in 1219 naar Damiate in Egypte om het kruisvaarderskamp te bezoeken. Hij ziet zelfs kans bij de sultan, Melek el-Kamil te komen en met hem te spreken. De sultan wordt niet bekeerd tot het christendom, maar tijdgenoten vertellen wel dat el-Kamil na zijn gesprek met Franciscus veranderd is. Het is een unieke gebeurtenis. Franciscus brengt de boodschap van de vrede te midden van het strijdgewoel van de kruistochten.

Franciscus vertrekt hierna naar het heilige land om de plaatsen waar Jezus is geweest te bezoeken. Een broeder uit Italië komt naar het heilige land om Franciscus te waarschuwen dat er grote problemen in de orde zijn en hij keert zo snel mogelijk terug.

 

 

 

Franciscus treedt af als bestuurder van de orde 

 

De orde is inmiddels behoorlijk gegroeid en er zijn duizenden broeders. De vraag om voorschriften en regels wordt groter. Voor het aansturen van de orde is een sterke bestuurder nodig. Franciscus weet dat hij daar niet de geschikte persoon voor is en treedt af. Zijn broeder van het eerste uur, Petrus Catani, volgt hem op.

 

 

 

Het schrijven van een regel

 

In 1221 schrijft Franciscus een regel. Hierin zijn de besluiten die de broeders tussen 1209 en 1221 hebben genomen verwoord. Hierna wordt er nog behoorlijk aan deze voorlopige regel gewerkt, want men is nog niet tevreden over de inhoud. In 1223 trekt Franciscus zich een tijdje terug in Fonte Colombo om een nieuwe versie van de regel te schrijven. Deze regel wordt op 29 november 1223 door de paus goedgekeurd. Dit is de regel die ook nu nog voor de minderbroeders geldt.

 

 

 

De stigmata

 

De gezondheid van Franciscus gaat steeds verder achteruit. In het Midden-Oosten heeft hij een oogkwaal en waarschijnlijk ook malaria opgelopen. In 1224 besluit hij naar La Verna, een berg ten noorden van Umbrië, te gaan. Op 14 september ontvangt Franciscus hier de stigmata, de wonden van het lijden van Jezus.

 

 

 

 

 

Het Zonnelied 

 

Franciscus trekt in 1225 nog rond. Voor een behandeling van zijn oogziekte is hij in een kluizenarij in het Rieti-dal. Ook verblijft hij een tijdje in San Damiano. Ondanks zijn ernstige ziekte en pijnen schrijft hij zijn prachtige Zonnelied. Het Zonnelied getuigt van een grote liefde voor de schepping.

 

 

 

 

 

Franciscus schrijft zijn Testament

 

 In 1226 treffen we Franciscus op diverse plaatsen aan. Zo is hij een tijdje in het bisschopspaleis in Assisi. Als Franciscus voelt dat de dood nadert vraagt hij of ze hem naar Portiuncula willen brengen. Hier dicteert Franciscus zijn Testament.

 

 

 

Zuster dood 

 

Franciscus sterft op zaterdagavond 3 oktober 1226 in Portiuncula. Zijn lichaam wordt naar Assisi gebracht. Eerst gaat men langs San Damiano zodat Clara Franciscus nog één keer kan zien. Franciscus wordt in de kerk San Giorgio begraven.

 

 

 

Heilig 

 

Op 16 juli 1228 wordt Franciscus heilig verklaard. Direct daarna begint men met de bouw van de San Francesco in Assisi. Het lichaam van Franciscus wordt in mei 1230 naar deze kerk overgebracht.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

mijne-kop-a4

 

Prediker 8 uit het Oude Testament

Standaard

categorie : religie

 

Wat is dit voor boek?

 

Het Hebreeuwse woord dat vertaald is met ‘prediker,’ is ook te vertalen met ‘filosoof,’ of ‘leraar,’ of ‘gespreksleider.’ De schrijver van dit boek denkt na over het leven. Daarbij noemt hij aldoor een ‘aan de ene kant’ en een ‘aan de andere kant.’ Zo redeneert hij als het ware met zichzelf over het onbegrijpelijke van het leven.

 

 

 

 

 

Wijsheid helpt je niet tegen de dood

 

1 Wie is wijs? Wie kan alles begrijpen? Als iemand wijs is, verandert dat zijn gezicht: het wordt vriendelijker.

2 Wees gehoorzaam aan de bevelen van de koning, omdat je aan God gezworen hebt dat je dat zal doen.

 

3 Wees niet bang voor hem, maar ga ook niet tegen hem in. Want de koning doet wat hij zelf wil.

 

4 Wat hij zegt, gebeurt. Wie zal hem vragen: “Wat doet u daar?”

 

5 Mensen die doen wat de koning beveelt, komen niet in moeilijkheden. Wijze mensen weten wat ze wanneer moeten doen.

 

6 Want alle dingen hebben hun eigen tijd. Want een mens overkomt veel ellende die hem door andere mensen wordt aangedaan.

 

7 Hij weet niet wat er in de toekomst gebeuren zal. Niemand kan hem dat vertellen.

 

8 Geen mens heeft macht over de wind. Niemand kan hem laten ophouden met waaien. En niemand heeft macht over de dood. Niemand kan hem tegenhouden wanneer hij komt. De strijd is al bij voorbaat verloren. Ook slechte mensen ontkomen niet.

 

 

 

Wijsheid helpt je niet om het leven te begrijpen

 

9 Dit heb ik allemaal gezien toen ik onderzocht wat er allemaal gebeurt onder de zon. Ik zag dat de ene mens macht heeft over de andere mens. En dat hij die macht misbruikt om die ander kwaad te doen.

10 Ook zag ik hoe slechte mensen een mooie begrafenis kregen. Maar dat goede mensen die eerlijk geleefd hadden, niet begraven werden. Ze werden door de bewoners van hun stad vergeten. Ook dat is maar lucht en iets onbegrijpelijks.

11 Slechte mensen worden niet onmiddellijk gestraft. Daarom denken de mensen dat ze ongestraft slechte dingen kunnen doen.

12 Want een slecht mens die honderd misdaden doet, blijft toch lang leven. Toch weet ik dat het goed zal gaan met de mensen die leven zoals God het wil, omdat ze ontzag voor God hebben.

13 Maar met de mensen die zich niets van God aantrekken, zal het uiteindelijk slecht aflopen. Hun leven zal niet lang worden zoals een schaduw lang wordt in de avondzon, omdat ze geen ontzag voor God hebben.

14 Ik heb op aarde nóg iets gezien wat maar lucht is, iets onbegrijpelijks: dat er goede mensen zijn met wie het net zo slecht afloopt als met slechte mensen. En dat er slechte mensen zijn met wie het zo goed gaat alsof ze goede mensen zijn. Ik vind dat dat lucht is, iets onbegrijpelijks.

15 Daarom denk ik dat je maar beter vrolijk kunt zijn. Er is onder de zon niets beters voor een mens dan te eten en te drinken en van het leven te genieten. Dat is het enige wat hij heeft bij al zijn gezwoeg in de tijd die God hem geeft onder de zon.

16 Ik was vast van plan geweest om wijs te worden. Ik wilde begrijpen wat de mensen allemaal doen. En waarom sommige mensen dag en nacht geen rust hebben.

17 Maar ik heb ontdekt dat de mens niets kan begrijpen van de dingen die God doet onder de zon. Hoe goed een mens ook zoekt, hij kan het niet begrijpen. Een wijs mens kan denken dat hij het begrijpt, maar toch is dat niet waar.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Muurleeuwenbek : Cymbalaria muralis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

img_4918

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine, licht paarse, gespoorde bloemetjes
– met in het midden twee gele vlekken en
– de glanzende bladeren, die op klimop-bladeren lijken en
– de plaats waar ze groeit; op muren en tussen stenen

 

 

Cymbalaria muralis - Muurleeuwenbek

Cymbalaria muralis – Muurleeuwenbek

 

 

 

Algemeen

 

Muurleeuwenbek is een overblijvende, liggende of hangende plant. Ze groeit op oude muren en tussen stenen van dijken. Ze kan 15 tot 60 cm lang worden. In de 17e eeuw is ze ingevoerd vanuit Zuid-Europa als sierplant voor op grachtmuren. Later heeft ze zich weten te verspreiden en nu is ze vrij algemeen in stedelijke gebieden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot en met oktober met licht paarse, gespoorde bloemetjes. Ze staan afzonderlijk op lange stelen in de bladoksels, waardoor ze juist boven de bladeren uitkomen. Ze hebben een 2 spletige bovenlip en een 3-lobbige onderlip met 2 verdikkingen met gele vlekken.

De verdikkingen sluiten de bloem af, waardoor meeldraden en stijl niet zichtbaar zijn. De vlekken wijzen de insecten de weg naar de nectar. Na de bloei buigen de vruchtstengels zich van het licht af en groeien spleten en gaten in, waar de omstandigheden tot kieming van het zaad ideaal zijn.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De op klimop-bladeren lijkende bladeren zijn rond-achtig, glanzend, hebben 5 tot 7 lobben en zijn aan de onderkant vaak paars aangelopen. De stengels zijn sterk vertakt en vormen op regelmatige afstand wortels.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– (plaatselijk) vrij algemeen tot zeer   zeldzaam
– 15 tot 60 cm

Bloem
– licht paars met geel
– vanaf mei t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– gespoorde lipbloem
– 9 tot 15 mm, incl. spoor
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– handvormig
– top stomp of toegespitst
– rand gelobd
– voet hartvormig
– handnervig

Stengel
– hangend of liggend
– kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA