Categorie archief: Mode en kledij

De kledij in het oude Rome

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

 

Toga en Tunica

 

De verschillende Romeinse kledingstukken waren heel eenvoudig. De basis vormde de tunica, een kledingstuk dat meestal geen mouwen had. Hij reikte tot aan de knieën of kuiten en was versierd met een purperen strook, clavus genoemd. Deze was breed voor de senatoren en smaller voor de ridders.

De tunica werd aangevuld met de toga, een grote, witte wollen, om het lichaam gewikkelde mantel, die de rechterarm vrij liet. Vrouwen droegen over de tunica een stola, een jurk met korte mouwen, om het middel vastgehouden door een riem en elegant in plooien gedrapeerd.

 

 

 

.

 

1grande_4586tunica tunica

 

 

 

 

 

 

220px-Pax_romana04 clavus tunica tunica  en clavus

 

.

 

 

 

 

romeinse-mannenkleding-togatus  toga

 

 

 

 

 

 

4fde7f3816c17a4391a5fda01d45910estola en palla stola en palla

 

 

 

 

 

 

De toga

.

De toga was een onpraktisch kledingstuk dat slechts diende als statussymbool. Het werd gedragen bij officiële gelegenheden zoals toespraken, plechtigheden, grote feesten en bezoek van deftige gasten. In het dagelijkse leven was dit kledingstuk niet zo van belang, omdat men zich er niet gemakkelijk in kon bewegen want dan vielen de plooien verkeerd.  De toga bestond uit een grote witte wollen doek, in trapeziumvorm. Deze doek werd op een ingewikkelde manier om het lichaam gedrapeerd.

Voor dit karwei hadden vele rijken zelfs een aparte slaaf. Jongens tot en met 16 jaar droegen een toga met een purperen rand. Dat heette een toga praetexta. Ook senatoren, de regering van het Romeinse rijk, droegen de toga praetexta.  Op hun 16e verjaardag leverden de jongens hem in voor een toga virilis, een onversierde, kale toga. Deze plechtigheid betekende dat de jongen nu volwassen was. Als een Romein zich kandidaat stelde in de verkiezingen voor een van de vele politieke functies, mocht hij een toga candida, een extra witte toga, dragen.

Als hij meedeed aan de verkiezingen werd hij een candidatus. Dat woord komt van candidus, wat blinkend wit betekend. De enige die een geheel purperen toga, een toga picta, mocht dragen was de keizer van het Romeinse rijk. Welgestelde Romeinse mannen werden vaak togati (togadragers) genoemd.

 

 

 

 

 

toga praetexta

toga praetexta

 

.

 

 

toga virilis

toga virilis

 

.

 

 

 

 

toga candida

toga candida

 

 

 

 

 

 

toga picta

toga picta

 

 

 

 

 

De tunica

.

De tunica werd door de plebejers, winkeliers en bouwvakkers de hele dag gedragen, omdat men zich in dit kledingstuk goed kon bewegen en niet hoefde op de plooien te letten. De tunica werd ook wel onder de toga gedragen. De tunica was een simpel lang hemd met primitieve mouwen. Het hemd werd met een riem een beetje opgebonden.

Onder de Tunica werd door de mannen een lendendoek of een ander soort broek gedragen. Welgestelde vrouwen droegen over hun tunica een palla, een omslagmantel, die lang genoeg was om over de schouders en of om het hoofd geslagen te worden en tegelijkertijd de knieën te bedekken. De Palla was evenals de Toga van wol. De meeste vrouwen kozen felle en contrasterende kleuren uit voor hun Stola en Palla. Het eenvoudige volk dat alleen een Tunica droeg, werd tunicati genoemd.

 

 

 

 

tunica en palla

tunica en palla

 

.

 

 

 

Schoeisel

 

De meest gedragen schoenen waren calcei, een soort halfhoge schoen uit leder.

 

 

 

 

calcei

calcei

 

 

 

 

 

Haardracht

.

De haarmode van de dames verschilde van periode tot periode. Het haar, in het midden gescheiden, werd bij elkaar gehouden in een haarknot achterin de nek of in een paardestaart, soms verfraaid door wat krullen op het voorhoofd. Onmisbare gereedschappen waren de kam, gemaakt van brons, been of ivoor en de holle krultang. De vrouwen gebruikten ook haarspelden, linten en pruiken om de hoeveelheid haar te vergroten.

 

 

 

62382066_1645764209o

 

.

 

 

 

Female_portrait_Louvre_Ma3452

 

.

 

 

 

Kapsel-van-Romeinse-maagden1

 

.

 

 

 

rondomvlecht

 

.

 

 

 

.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria

 

 

 

Advertenties

Kleding van de laagste klassen in de late middeleeuwen

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

.

Bedelaars, keuterboertjes en de laagste ambachtslieden en winkeliers droegen vaak tweedehandse kleding waar een levendige handel in was. Kleding werd gedragen totdat ze tot op de draad versleten was en dan nog werden de “goede” stukken eruit geknipt om eventueel in een ander kledingstuk genaaid te worden.

 

 

.

 

 

.

 

 

Boeren

.

We weten iets van de kleding die boeren en boerinnen droegen uit de inventarisaties die notarissen na hun overlijden maakten. Hun basiskleding bestond uit drie delen:

  • Een overkleed. Vrouwen droegen een robe in plaats van een overkleed. De mannen droegen ook nog een broek, hoewel wij die broek eerder een maillot zouden noemen.
  • Een pelsjas: een jas van dierenvellen of konijnenbont waarbij de harige zijde aan de binnenkant gedragen werd. Bij de rijken was het bovenstuk gevoerd met kattenbont.
  • Een hoed of kap. De vrouwen droegen een linnen kap die meestal rood was, soms blauw of wit. De kappen van de mannen waren meestal blauw.

Soms ontbreekt een van die kledingstukken in de inventarisatie. Dan is dat stuk waarschijnlijk verkocht om de begrafenis van te betalen. Mannen en vrouwen droegen baaien kleren (dik en grof wollen weefsel dat op molton leek). Die stof was van middelmatige kwaliteit maar wel warm.

Voor de mannen was die stof ongebleekt (beige) en voor de vrouwen vaak blauw. Men droeg ook nog ondergoed: linnen hemden en manshemden met twee pijpen. In Toscane droeg men in die tijd twee tunieken over elkaar heen en daarover eventueel nog een mantel.

Op het platteland werd de rijkdom afgemeten aan het aantal kledingstukken dat men bezat en de mate waarin die versierd waren. Die versieringen werden door marskramers naar het platteland gebracht. Zilveren ceintuur- en schoengespen, metalen sluitingen voor beurzen en knopen voor de kappen.

Over het algemeen echter waren sieraden op het platteland zeldzaam behalve ringen. Een rijke boerin kon wel vijf hoeden bezitten. Als een boer handschoenen droeg, liep het hele dorp uit om ze te bewonderen. Een jonge boer droeg ze wel eens als hij een vrouw het hof wilde maken.

.

 

 

   Hiëronymus Bosch, boeren die zich volvreten, 1485, olie op hout

 

 

.

Hieronymus_Bosch-_The_Seven_Deadly_Sins_and_the_Four_Last_Things_-_Gluttony

 

 

 

 

 

.

Pieter Breugel de Oude, boerendans 1568

 

 

 

boerendans

.

 

 

 

 

 

 

Pieter Breugel de Oude, boerenbruiloft 1567   

 

 

 

DTR114681

.

 

 

 

 

.

Pieter Breugel de Oude, boerenbruiloft 1568

 

 

266px-Pieter_Bruegel_the_Elder_-_Peasant_Wedding_-_Google_Art_Project1568

 

 

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Schoenmaten en kledijmaten voor baby’s

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

Kledingmaten en schoenmaten voor baby’s

 

.

babys-en-peuters

 

 

 

Het eerste jaar na de geboorte verandert de kledingmaat van een baby regelmatig. De meeste baby’s zullen vlak na de geboorte in maat 50 passen, terwijl dit aan het einde van het eerste levensjaar soms al maat 80 is. Lees in dit artikel alles over kledingmaten voor baby’s.

 

 

.

 

Het gemiddelde

.

Bij kledingmaten voor baby’s (en kinderen) wordt vrijwel altijd uitgegaan van ‘het gemiddelde’. Ieder kind, en iedere baby, is natuurlijk anders. Zo kan kledingmaat 50 net na de geboorte te groot zijn voor een kleine, lichte baby, en juist weer veel te klein voor een grote, zware baby. Het gewicht, de lengte en de omvang van de baby spelen ook een belangrijke rol.

Een baby met stevige armen en benen zal sneller in een grotere maat passen, terwijl een tengere baby langer in een kleinere maat kan passen. In de onderstaande maattabel wordt uitgegaan van ‘de gemiddelde baby’. Dit houdt in dat de baby na de geboorte zo’n 6 á 7 pond weegt, en rond de 50 centimeter lang is.

Overigens is het lastig om ‘een gemiddelde’ voor het einde van het eerste levensjaar te rekenen. Baby’s hebben namelijk regelmatig groeispurtjes, en de ene baby zal in maat 80 passen, terwijl de andere aan 74 toe is.

 

 

 

.

Maattabel kleding

.

In onderstaande maattabel staat welke kledingmaat bij de leeftijd (in maanden) van een baby past:

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
maat 50 maat 56 maat 62 maat 68 maat 74 maat 80

 

 

 

.

In onderstaande maattabel staat welke sok- of schoenmaat bij de leeftijd (in maanden) van een baby past:

 

0-1 maand 1-4 maanden 4-9 maanden 9-12 maanden
maat 10-12 maat 13-15 maat 16-18 maat 19-21

 

 

 

 

Buitenlandse maten

 

In bepaalde landen wordt een iets andere maatvoering gebruikt als in Nederland. In de onderstaande tabellen staat de maatvoering voor Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk (Engeland) en de Verenigde Staten.

 

 

.
Maattabel Frankrijk

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
Newborn 1-3 m 3-6 m 6-9 m 9-12 m 12-18 m

 

.

 

 

Maattabel Verenigd Koninkrijk en Verenigde Staten

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
Newborn 3 m 6 m 9 m 12 m 18 m

 

.

 

 

Toelichting maten

.

Kledingmaten en sok- of schoenmaten kunnen per kledingmerk of winkelketen soms (behoorlijk) verschillen. De verschillen zijn niet alleen te merken in de lengte van de kleding, maar soms ook in de pasvorm. Het is daarom aan te raden om de kleding te passen of te vergelijken met een ander kledingstuk. Ook kan de maat voor het onderlichaam verschillen van de maat voor het bovenlichaam; een baby kan bijvoorbeeld in verhouding vrij lange benen hebben en een wat korte romp.

De kledingmaten zijn overigens gelijk aan het aantal centimeters (de lengte) van de baby. Tijdens het eerste levensjaar groeien baby’s heel erg snel. De ontwikkeling gaat in een rap tempo; van zo’n 50 centimeter na de geboorte tot wel 80 centimeter aan het einde van het eerste jaar.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Weeldeverordeningen in de middeleeuwen

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

.

In de veertiende en vijftiende eeuw vaardigden de stadsbestuurders strenge weeldeverordeningen uit om het dragen van buitensporige kleding door vrouwen tegen te gaan. Deze wetgeving kwam beslist mede voort uit misogynie (vrouwenhaat) bij de stadsbesturen maar het was ook een poging om iedereen op zijn door God bepaalde plaats in de maatschappij te houden.

 

.

 

Meister des Hausbuches  1480

.

 

Zo gauw een meisje “huwbaar” was geworden (vaak al op haar zestiende), probeerden haar ouders via haar een goede huwelijkskandidaat binnen te halen. Ze hoopten op die manier een paar treetjes op de maatschappelijke ladder te kunnen stijgen. Zij werd dus mooi uitgedost om veel huwelijkskandidaten te lokken waaruit de ouders dan de “beste” gingen kiezen en doorgaans was dat een wat oudere man (vaak al tegen de dertig).

Dat “mooi uitdossen” kon wel eens te ver gaan. De weeldeverordeningen dienden dan ook tevens om de uitgaven aan de kleding van de aanstaande bruid binnen de perken te houden. En ook wilden de stadsbesturen de uitgaven voor de bruidsschat binnen de perken houden, want de concurrentie op de huwelijksmarkt was groot en daardoor waren deze twee uitgaveposten flink gestegen.

.

 

 

1500

 

.

Als de burger echter eenmaal getrouwd en gevestigd was, hield hij er gauw mee op om zijn vrouw en zichzelf zo buitenissig en duur uit te dossen. Zijn jonge vrouw mocht zich dan binnenshuis niet meer optutten, alleen nog maar bij openbare feesten en plechtigheden. Ze mocht niet meer met zichzelf te koop lopen, haar vormen werden verhuld en de kleuren van haar kleren werden saaier.

De edelstenen van de bruidsschat werden opgeborgen in de kisten. De volmaakte koopman had weliswaar een vriendelijk gezicht maar toch ook een strenge uitdrukking, hij droeg stijlvolle kleding, hij had een weloverwogen optreden en gebaren met een berekende elegantie.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

voorpagina openbaring a4

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De mode in de 20ste eeuw

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Geschiedenis van de mode

.

Het is onmogelijk om precies de toekomst van de mode te voorspellen. Rages volgen elkaar snel op en elk jaar zijn er nieuwe trends. De mode verandert dus steeds. In de geschiedenis zijn de veranderingen beter te bekijken. Vaak blijkt het wel mogelijk aan te geven welke mode heerste.

.

.

1920-1930

 

Vrouwen knippen hun haar kort en gaan broeken dragen. Voordien was het onmogelijk dat vrouwen broeken konden dragen, enkel mannen mochten dit. Vrouwen dragen rokken en mannen dragen broeken, dat was de regel.

Mannen kunnen met hun kleding laten zien tot welke sociale klasse ze behoren.

 

.

1925

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1930-1940

 

In deze periode ontstaat er een degelijke vrouwenmode: de kleding volgt de lijnen van het lichaam, enkel de rok loopt naar onder wijd uit. De rokzoom daalt tot de kuit. Er zijn vele militaire invloeden : Twee rijen knopen, epauletten(schouderversiering), grote opgestikte zakken, baretten en een brede schouderlijn.

Bij de mannenmode komt er weinig verandering : De broek wordt gewoon iets smaller, met omslagen. De colberts worden iets meer gedetailleerd. Op straat dragen de mannen wijde lange jassen.

 

 

.

1935

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1940-1950

 

Na 1945 is de smalle taille, met een lange, wijde, zwierige rok opvallend. De mannen dragen een kostuum : een lange, hoogesloten jas met een strakke broek.

 

 

.

i3591945

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1950-1960

 

In deze periode ontstaat de rock-‘n-roll met bijhorende kleding. Voor meisjes zijn dat wijde rokken met onderrokken, truitjes met boothals met breedtestrepen, een paardenstaart en platte schoentjes.( nylon kousen worden algemeen)

Voor jongens zijn dat spannende broeken en de vetkuif. De herenmode blijft traditioneel : strakke broek, colbert, overhemd en stropdas.

 

 

1955

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1960-1970

 

Bij de vrouwenkleding komt eindelijk de de rokzoom boven de knie. Er ontstaat zelfs de mini rok : tot 20 cm boven de knie. ‘Hotpants’ worden gedragen eind de jaren 60, dat zijn nl. zeer korte strakke broekjes.

In de mannenkleding is er veel meer kleur en er worden veel coltruien gedragen. In deze periode ontstaat ook de uni-seks-mode : mode die voor mannen en vrouwen hetzelfde is.

 

 

.

1965

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1970-1980

 

Vele werkkleding wordt gebruikt als dagelijkse kleding. Rokken tot op de enkel komen in de mode.Broekspijpen lopen vanaf de knie wijd uit. Aan het eind van de jaren zeventig ontstaat er een punk-beweging: jongeren met kapotgescheurde kleding en het haar in een hanenkam. Als sieraden : metalen kettingen. Sommige hebben zelfs een piercing.

 

 

 

1975

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1980-1990

 

Bij de vrouwenmode is er een zakleijke, breedgeschouderde kledingvorm en veel Japanse invloeden : geinspireerd op de kimono. Sportkleding wordt steeds meer als gewone kleding gedragen en de gewone kleding wordt sportiever. Kledingvormen uit alle delen v/d wereld worden in combinatie met elkaar gedragen ( = cultuurmix ).

 

 

 

1985

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

1990-2000

 

Moderne kunststoffen worden zeer veel gebruikt.De kleding volgt de lijnen van het lichaam .
Punk komt nog steeds voor in de mode, in de vorm van geverfd haar, zwarte leren jacks, overdadig gebruik van ritsen, piercings.

Manen dragen colberts, vooral met één rij knopen en kleine schoudervulling. In hun vrije tijd dragen mannen katoenen overhemden, truien of sweatshirts en jacks. Vrijetijdskleding op het werk wordt steeds meer geaccepteerd. Naveltruitjes en heupbroeken worden algemeen voor meisjes, soms hoort daar zelfs een navelpiercing bij.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Harajuku in Tokyo

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Harajuku; een mengelmoes van straatmode

 

Deze eclectische kledingstijl vrolijkt de straten van Tokyo al een aantal jaren op. Waar komt het vandaan, wie draagt het en misschien vooral, waarom?

 

 

.

 

.

 

 

De wijk Harajuku

.

Harajuku is de naam van een wijk in Tokyo, in welke zich enkele belangrijke winkelstraten en ontmoetingsplekken bevinden. Er ligt een treinstation, enkele parken, zoals het veelbezochte Yoyogi park, en woonwijken in de vorm van flats. Alles is er te vinden, van de duurste laatste mode tot heerlijk eten en snacks. Ook kun je er straat- en andere vormen van theater en vermaak vinden.

Er zijn veel westerse producten, zowel materièle spullen als eten, te vinden. Dit groeit hier hand in hand met de eigen levenswijze en ideeèn. Deze mengelmoes heeft bijgedragen aan het ontstaan van de speciefieke harajuku kledingstijl.

 

 

 

 

 

 

 

Wild kledende jeugd

.

De jeugd doet zoals de jeugd overal en altijd doet, en zich afzettend tegen de heersende tradities, de maatschappij en de politiek, zijn de jongeren zich in deze wijk door de jaren heen steeds opvallender gaan kleden, geïnspireerd door het zeer brede scala aan beschikbare stijlen. De kledingstijlen lopen uiteen van jaren ’50 vetkuiven tot aan door manga geïnspireerde ruimtepakken. Gothic, punk, lolita´s, hip hop, pluche beesten, maffiapakken, je ziet het allemaal in Harajuku.

Sommigen houden het bij één stijl, anderen gebruiken van alles door elkaar heen, alsof ze op zoek waren naar een eigen identiteit, overstelpt werden met een overdaad aan invloeden en niet meer konden kiezen. De term “Harajuku” omvat al deze stijlen, of liever gezegd de mengelmoes ervan, die in deze befaamde wijk zijn ontstaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Harajuku-outfit

.

Wat erg populair is in de harajuku wereld, is het aanpassen van bestaande, liefst tweedehands, kleding aan je wensen. Met scharen, lijm, stickers, speldjes, verschillende soorten stoffen en wat naaiwerk wordt er een persoonlijk ensamble in elkaar gestoken. De nadruk ligt op originaliteit en individualisme.

Dit geldt ook zeker voor het haar; de meest waanzinnige kapsels passeren de Harajuku-revue. Blonderen is populair in Japan sinds ze kennis hebben gemaakt met de westerse cultuur, maar de aanhangers van de Harajuku stijl houden het daar niet alleen bij: het haar kan in alle kleuren van de regenboog geverfd zijn, soms tegelijk, het wordt in de wildste kapsels gestilleerd en anders kan er altijd nog een pruik worden gedragen.

Alles aan deze stijl is over de top. De make-up wordt niet vergeten natuurlijk, net als de kleding is deze vaak extravagant. Er worden glitters, liters mascara en eyeliner, veertjes, kleurlenzen, stoffen en papieren vormpjes (bloemetjes etc.) en noem maar op gebruikt om het gewenste effect te creëren.

De accesoires worden niet vergeten; de harajuku volgelingen maken hun outfits compleet door bijpassende schoenen, sokken, tasjes, hoofddeksels, parasols, belletjes en allerlei andere attributen. Als het niet te koop is, wordt het zelf gemaakt.

 

 

 

 

 

 

 

Voortzetting van tradities

.

Met zijn veelkleurige opvallendheid doet deze stijl denken aan het rijk-gekleurde kabuki theater, of de uitbundig uitgedoste maiko, oiran en andere traditionele Japanse vormen van vermaak. Deze tradities, in welke ook de moderne Japanse entertainment zijn wortels heeft, zoals de manga en anime, hebben ook hun deel bijgedragen aan het inspireren van de Harajuku beweging.

Het is duidelijk dat het rijke kleurgebruik en het mixen van patronen, of stijlen in dit geval, het Japanse volk in het bloed zit. In de Japanse cultuur zijn er twee met elkaar botsende stijlen: Aan de ene kant heerst er een serene zen-achtige stijl, wat met het woord iki wordt aangeduid en de essentie vormt van gracieuze kalmte. Aan de andere kant is er de oogverdovende “herrie” van Japan’s meer eclectische stijlen.

Van oudsher werd dit verschil geassocieerd met het klassenverschil; hoe bonter, hoe informeler, of hoe meer “volks” iets was. Harajuku blijft een interessant fenomeen welke Japanse moderne en traditionele cultuur verenigt met de  westerse moderne cultuur. Naast de culturele en andere betekenissen die het heeft, is het een artiestieke uitingsvorm waar ook de vele toeristen graag naar kijken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

De geschiedenis van de kledij deel 1: van de oertijd tot de Romeinen

Standaard

categorie : mode en kledij

 

Het is niet helemaal duidelijk wanneer de kleding zijn intrede doet. Er zijn wetenschappers die denken dat het zo’n 500.000 jaar geleden al moet zijn geweest, maar recent onderzoek beweert dat kleding veel jonger is. Zo’n 170.000 jaar geleden zou de mens pas behoefte hebben gekregen aan kleding. De onderzoekers baseren die conclusie op de geschiedenis van de luis. Het dier ontwikkelde zich zo’n 170.000 jaar geleden van hoofdluis tot een luis die ook op kleding kon overleven. Kou was waarschijnlijk de reden dat de mens zich ging kleden en de luis de carrièreswitch kon maken.

 

 

 

De oertijd

 

In het allereerste begin droegen de mensen geen kleding. Ze liepen eerst op handen en voeten en waren vrij zwaar behaard. Kleding hadden ze niet nodig. Het leven bestond er vooral in om te overleven. De hele dag waren ze op zoek naar voedsel. De oermens dacht enkel aan zichzelf en overleven. Naarmate het klimaat kouder werd, stelden ze vast dat de vacht van de dieren waarop ze joegen, dichter werd. Hun beharing volstond op een bepaald moment niet meer en daarom gingen ze vacht van gedode beesten gebruiken om rond zich te hangen. Stilaan ontstonden er alzo kleding stukken om zich te verwarmen.

 

 

 

 

 

 

Decoratief

 

Wanneer de mens kleding voor het eerst als louter decoratie ging zien, is onduidelijk. Vaststaat dat de mens de noodzakelijke kleding wel graag aan de eigen wensen aanpaste. Archeologen hebben geverfde vezels gevonden die zo’n 36.000 jaar oud zijn. Door de jaren heen werd de mens ook steeds creatiever in het gebruik van grondstoffen. Bestonden de eerste gewaden nog vooral uit dierenhuid en dierenvellen, later werd ook vlas, wol en leer geïntroduceerd en soms zelfs gecombineerd. Ondertussen is kleding niet meer weg te denken uit de (moderne) geschiedenis.

 

.

 

 

De Egyptenaren

 

Het Oude Egypte was een beschaving die in de vallei van de Nijl ontstond rond 3000 v. Chr. De beschaving ging ten onder na de verovering van Egypte door Alexander de Grote in 332 voor Christus. De essentiële factor in het overleven van beschaving was de irrigatie van het landbouwgebied rond de Nijl. Het rijk kwam tot bloei en bleef jarenlang stabiel dankzij dit water dat ervoor zorgde dat het land veel opbracht.

De Egyptenaren waren hierdoor erg gericht op de jaarlijkse terugkeer van de droogte en de jaarlijkse overstroming van de Nijl. De samenleving van de Egyptenaren was erg gestructureerd. De Egyptenaren waren op allerlei gebieden enorm vooruitstrevend voor hun tijd. Zo werd Egypte geregeerd door farao’s die door ambtenaren werden bijgestaan. Deze ambtenaren inden de belastingen en spraken recht.

De Egyptenaren hadden veel goden en geloofden dat zij na hun dood in een andere wereld verder leefden. Daarom lieten de farao’s graven bouwen waarvan de enorme piramiden het bekendst zijn. Als de farao stierf werd zijn lichaam gebalsemd en in stroken katoen of rameh gewikkeld.

Dit gebeurde omdat men geloofde dat het lichaam na de dood als woonplaats voor de ziel bewaard moest blijven.
Ook op het gebied van wetenschap waren de Egyptenaren de rest van de wereld al een stap voor. De Egyptenaren hun kleding was erg kenmerkend door hun opvallende vorm.

Omdat het Egyptische rijk zo lang heeft bestaan, verdelen wij de geschiedenis in drie perioden:
-het Oude Rijk: vanaf 2700 v. Chr.
-het Middenrijk: vanaf 2000 v. Chr.
-het Nieuwe Rijk: vanaf 1400 v. Chr.

 

.

.

 

Het Oude Rijk

 

De Egyptenaren droegen vanwege de warmte niet veel kleding. De mannen droegen alleen een soort heupschort, de slaven gingen zelfs vaak naakt. De vrouwen droegen kokervormige jurken van de oksels tot de enkels, soms versierd met geplooide stroken. Over deze jurken werd soms een soort poncho gedragen, de kalasiris. Dit was een hemdvormig, nauw kledingstuk.

Deze kon korte mouwtjes hebben of mouwloos zijn, maar had ook vaak alleen maar twee draagbanden die tussen de borsten door liepen en voor in het midden bij elkaar kwamen. Op deze manier had de vrouw haar armen vrij tijdens het werk. De kleding was vaak gemaakt van katoen, linnen of rameh.

 

 

 

 

 

 

.

Het Midden- en het Nieuwe Rijk

 

In het Midden- en in het Nieuwe Rijk werd er meer kleding gedragen, vooral meer wikkelkleding. De weefsels, die al bijzonder fijn waren, werden nu ook nog geplisseerd. De rijkere mensen droegen soms sandalen. Deze waren gemaakt van gevlochten bladeren van de papyrusplant, die in de Nijl groeide. De mensen uit de hogere stand droegen halskragen die vaak met goud en met edelstenen waren versierd. Mooie sieraden als armbanden, ringen, enkelbanden en halssieraden werden door zowel de mannen als de vrouwen gedragen.

 

 

 

 

 

 

 

De Farao

 

  • De koningen beschouwden zichzelf ook als goden op aarde en daarom zorgden zij voor een zorgvuldige reinheid. Haar werd als onrein beschouwd en afgeschoren, daarom droegen de farao’s pruiken. Deze pruiken werden gemaakt van mensenhaar, vlas of palmvezels. Ze werden met bijenwas vastgeplakt. Als teken van koningschap droeg de farao een valse baard. De farao droeg een dubbele kroon. Enerzijds droeg hij de kroon van beneden-Egypte, wat leek op een rode haarbandkroon. Anderzijds droeg hij de kroon van boven-Egypte, wat leek op een een vierkant gevouwen hoofddoek. Zo werd de samenvoeging van beide gebieden gesymboliseerd.

 

  • De vrouw van de farao, die evenals de farao kaalgeschoren was, droeg een pruik met geborduurde haarbanden versierd met lotusbloemen. Zij droeg bovenop haar hoofd een parfumketeltje van was. Deze smolt langzaam en verspreidde zo een aangename geur.
  • De ogen waren omrand met kohl. Een ander make-up artikel was henna. Hiermee werden de lippen en de nagels gekleurd.

 

  • De farao droeg over de heupschort aan de voorkant een met koningssymbolen versierd driehoekig onderscheidingsteken. Hier overheen droeg hij een hemdvormig gewaad.
  • De koningin droeg een lange kalasiris met een gordel die twee keer om het lichaam werd gewikkeld. Het kleed werd van voren vastgeknoopt, de uiteinden hingen tot bijna op de grond. Ook droeg zij de zogenaamde ‘koninginnekap’. Deze had de vorm van een valk met de vleugels naar beneden geklapt (deze bedekten de oren van de vorstin) en de kop naar voren. Ook de farao en zijn vrouw droegen met edelstenen versierde halskragen.

 

  • De koninklijke familie en andere rijke personen hadden vaak de voorkeur voor fijn, sluierachtig linnen om schoon en koel te blijven en zich prettig te voelen. Dit heeft ook te maken met de waarde die men hechtte aan de reinheid van het lichaam. Deze halfdoorschijnende stof werd ook wel ‘koningslinnen’ genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

De Grieken

 

Vanuit Egypte nemen we een grote stap richting Griekenland. Rond 800 voor Christus ontstond in Griekenland de eerste grote Europese beschaving. Deze werd gevormd uit de Griekse stadstaten zoals Athene, Sparta en Milete. Het Grieks gebied rondom de Ionische Zee noemden de Grieken Hellas. De oude Grieken hebben de wiskunde en het Alfabet ontwikkeld en indrukwekkende (tempels) bouwwerken, zoals het Parthenon opgericht.

De kleding die beelden uit het oude Griekenland vaak droegen lijken op het eerste gezicht wat rommelig. Het zijn meestal wijde gewaden met veel plooien die overvloedig gedrapeerd zijn. De Griekse kleding bestond ook uit wikkelkleding of draperiekleding.

Al deze gewaden bestaan uit een rechthoekige lap stof die op een bepaalde manier omgeslagen en vastgespeld wordt. Het verschil tussen een doorsnee en bijzonder statig kledingstuk wordt vooral gevormd door de manier van dragen  en door de kwaliteit en versiering van de stof.
Er zijn een aantal soorten gewaden te onderscheiden:

 

.

 

 

De peplos

 

De peplos is de typische kledij van vrouwen in het antieke Hellas. Het werd gemaakt van een wollen rechthoekige lap met een afmeting van circa twee bij drie meter. De bovenzijde van de lap werd omgeslagen. Deze omslag werd apotygma genoemd. De lap werd vervolgens tot een koker gevormd, waarbij de zijnaad dichtgenaaid kon worden of open kon blijven. Het gewaad werd op de schouders met kledingspelden (ook wel fibula genoemd) vastgespeld en rond het middel bond de drager een koord of ceintuur. De kledingspelden waren vaak van brons.

 

 

 

 

 

 

 

 

De chiton

 

De chiton is een kledingstuk dat oorspronkelijk voor mannen bestemd was, maar later ook door vrouwen werd gedragen. De chiton werd evenals de peplos gevormd uit een grote rechthoekige lap. Er waren twee soorten chiton, de Dorische en een Ionische chiton. De Dorische chiton was van wol, terwijl de Ionische chiton van linnen was. Deze was fijner en duurder.

Ook de chiton werd tot een soort koker gevormd. Alleen werd de omslag achterwege gelaten. De zijnaden werden van boven tot beneden gesloten. Op de schoudernaad werden knoopjes gezet, waarbij drie openingen werden uitgespaard voor het hoofd en de beide armen. Het kledingstuk kom met een ceintuur omgord worden. De stof kon over de ceintuur heen getrokken worden, zodat een sterke overbloezing (Grieks: kolpos) ontstond.

De chiton kon zeer wijd zijn wat ervoor zorgde dat hij in duizenden prachtige plooitjes rond het lichaam viel. De chiton van de man was meestal minder wijd omdat die meer bewegingsvrijheid gaf. Bij speciale gelegenheden en door oudere mannen werd de lange chiton gedragen. De chilton is iets luxer uitgevoerd dan de exomis.

 

 

 

 

 

 

 

De himation

 

Over de peplos en de chiton heen, kon door mannen en vrouwen een mantel, de himation, worden gedragen. Ook dit was een rechthoekige lap, die op zeer veel verschillende manieren om het lichaam gedrapeerd kon worden, al dan niet vastgespeld op de schouder. Soms kon ook het hoofd met de himation worden bedekt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De clamys

 

De clamys was een ander kledingstuk voor mannen. Dat was een lap die de linkerschouder en linkerarm bedekte en die op de rechterschouder werd vastgemaakt.

 

 

 

 

 

 

 

 

De exomis

 

De meeste eenvoudige mannen droegen een exomis. De exomis zit alleen om de linkerschouder vast.

 

 

 

 

 

 

 

Schoenen

 

Op bedelaars en enige filosofen na liep iedereen uit het oude Griekenland op schoenen. Meestal waren dit sandalen (sandaloi). Deze waren gemaakt van een flexibele zool met leren riempjes om de voet. Voor de lange afstand waren er ook echte schoenen, die helemaal dicht zijn.

 

 

 

 

 

 

.

Haardracht

 

Mannen hadden lang haar, omdat het in de mode was. Zo konden ze zich onderscheiden van slaven, die kortgeknipt haar moesten hebben. Later gaan ook de normale mannen kort haar dragen. Meestal vinden de vrouwen hun eigen haar niet mooi genoeg. Daarom dragen de chique dames vaak een pruik of een kunstig kapsel. Ze hadden hun haar vaak opgestoken met een paar vlechtjes of een soort clip.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoeden

 

Vrouwen droegen om het hoofd een hoofddoek. Mannen hebben vaak een hoge, naar boven spits oplopende muts op, de pilos. Mannen die op reis gingen droegen vaak een ‘petasos’; een strooien hoed met een brede rand en een band om de kin.

 

 

 

 

 

De Romeinen

 

Rond 754 voor Christus is, volgens de legende, door Romulus en Remus de stad Rome gesticht. Deze stad zou al snel uitgroeien tot het centrum van een machtig rijk. Vanaf 510 voor Christus werd Rome een republiek. In de hierop volgende eeuwen veroverden de Romeinen heel Italië. Later moest ook een groot deel van Europa buigen voor de macht van Rome. Het Romeinse Rijk zou in de geschiedenis het grootste rijk in Europa worden.

Typerend voor het Romeinse Rijk was de politiek. De Volksvergadering waarin alle burgers stemrecht hadden maakte de wetten en benoemde de hoge ambtenaren (magistraten). De Senaat, waarin alleen oud-magistraten zaten, hield zich vooral bezig met buitenlandse zaken. Om te voorkomen dat ze teveel macht zouden krijgen benoemden de Romeinen hun magistraten maar voor één jaar. De laagste waren de aedielen.

Daarop volgden de quaestoren, de praetoren en twee consuls . De censor, de hoogste ambtenaar, hield toezicht op het gedrag van de Romeinse burgers. In tijden van nood kon voor zes maanden een dictator worden benoemd. Hij had alle  macht. Ook in ons land kwamen de Romeinen tot aan de grote rivieren. Zij brachten hun beschaving mee naar het noordenen dus ook de typische Romeinse kledij.

 

 

 

De tunica

 

De Tunica was een lang en mouwloos kledingstuk van linnen of katoen dat rond het middel met een gordel was vastgesnoerd. Het is te vergelijken met een simpel lang hemd met primitieve mouwen. Dit hemd werd met een riem een beetje opgebonden.

De tunica werd door de proletariërs, winkeliers en bouwvakkers gedragen, omdat je je in dit kledingstuk goed kon bewegen. Het eenvoudige volk, dat altijd een Tunica droeg, werd tunicati genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De toga

 

Een toga is een witte, wollen lap stof van ongeveer 20 m2. Deze doek werd op een ingewikkelde manier om het lichaam gedrapeerd. Het omslaan van dit kleed was  zó ingewikkeld, dat veel rijkelui voor dit karwei een aparte slaaf hadden. De toga was een standenkleed. Aan de manier waarop de toga gedragen werd, kon je zien wat voor rang en stand de drager had.

Het was ook erg ingewikkeld om te dragen. In het dagelijkse leven was dit kledingsstuk niet zo van belang door zijn beperkte bewegingsvrijheid. De Toga diende vooral als statussymbool en  werd dus alleen bij officiële gelegenheden gedragen.

Een toga werd vaak gekleurd, omdat dat er leuk uitzag. De kostbaarste kleurstof was purper. Die was afkomstig van de purperslakken. Er waren ongeveer 10.000 slakken nodig om een mantel purper te verven. Sommige rijke Romeinen hadden een streep purper op hun mantel. De enige die een geheel purperen toga mocht dragen was de keizer van het Romeinse rijk. Welgestelde Romeinse mannen werden togati genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

De kleding van de Romeinse vrouw lijkt op die van de Griekse, maar is veel rijker. Als basis werd de tunica gedragen. Deze kwam bij vrouwen altijd tot de grond. Vrouwen droegen in plaats van een toga een soort wit wollen gewaad, de stola genaamd.

Over het hoofd werd soms een sluier gedragen. Welgestelde vrouwen droegen over hun tunica de palla, een omslagmantel, die lang genoeg was om over de schouders en of om het hoofd geslagen te worden en tegelijkertijd de knieën te bedekken. De palla was evenals de toga van wol. De meeste vrouwen kozen felle en contrasterende kleuren uit voor hun stola en palla.

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

De mannen droegen als basis een tunica die tot de knieën kwam. Onder de Tunica werd door de mannen een lendendoek of een ander soort broek gedragen. Over de tunica mochten alleen de vrije Romeinen een groot wikkelkleed dragen, de toga.Een soortgelijk kledingstuk voor de mannen was de paenula.

Dit was een grote rechthoekige wollen lap die over de linker schouder werd gedrapeerd en onder de rechter arm door voor de borst werd getrokken. Bij slecht weer droegen de mannen een wollen cape met capuchon.

 

 

 

 

 

 

 

Kinderen

 

Kinderen droegen verkleinde uitgaven van de kleding der volwassenen.

 

 

 

 

Schoenen

 

De sandaal was bij de Romeinen veruit favoriet, zowel bij mannen als bij vrouwen. Deze sandalen waren  uit één stuk leer gesneden. Boeren droegen de carbatina, een schoen die van een stuk ossenhuid is gemaakt en met riempjes wordt vast gegespt. De Caligae is een ‘marssandaal’. Het zijn sandalen met spijkertjes in de zolen ter voorkoming van een glijpartij.

 

 

 

 

 

 

 

gladiator – sandalen

 

 

 

 

Haar

 

Het kapsel van de Romeinse leek op dat van de Griekse. Er werden vaak diademen en parels in gedragen. De Romeinse vrouwen waren dol op ingewikkelde kapsels. Ze zaten urenlang bij de kapper, en lieten soms hun haar rood of zwart verven. Soms droeg men blonde pruiken van haar van Germaanse slavinnen. Ook blondeerden de dames hun haar met bleekmiddel. De Romeinse man droeg het haar kort en evenwijdig aan de wenkbrauwen afgeknipt, en had geen baard.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

Bivolino.com

 

 

 

 

 

 

 

Patronen in de Japanse kledij

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

Patronen, thema’s en motieven zijn altijd een belangrijk communicatiemiddel in de Japanse cultuur geweest. Door de eeuwen heen hebben ze zich ontwikkeld tot de gestileerde weergaven die wij vandaag de dag kennen, maar niet per se altijd herkennen. Bij deze een vertaling van enkele van de vaakst voorkomende Japanse motieven en patronen.

 

 

 

 

 

 

Veel van de huidige Japanse patronen komen voort uit het Shintoïsme, de oudste godsdienst in Japan. De filosofie ervan draait om de natuur en de eerbied ervoor. Daarom stellen veel van de motieven planten, dieren of landschapselementen voor zoals rivieren. Enkele motieven zoals wolkjes zijn in de loop van tijd uit China overgenomen, net als het boeddhisme en de bijbehorende motieven.

Zelfs in deze moderne tijden zit er nog een stukje natuurverering in het Japanse volk; ze passen hun huisversieringen en kleding aan het seizoen aan. Ze zullen bijvoorbeeld in de lente nooit een kimono of ander kledingstuk met een wintermotief dragen. Naast het in de gaten houden van in welk seizoen iets thuishoort, wordt er ook rekening gehouden met symbolische betekenissen, leeftijden en gelegenheden.

 

 

 

Bomen en bloemen

 

Momiji

 

Dit zijn bladeren van de esdoorn of ahorn. Ze staan symbool voor de herfst, bezinning en rust. Deze bomen zijn erg populair vanwege hun spectaculaire bladkleuren in de herfst, het is dus niet vreemd dat mensen ze al snel vereeuwigden op afbeeldingen en er poëzie over schreven. Vaak worden deze fel roodoranje bladeren afgebeeld in combinatie met contrasterende kleuren zoals zwart of paars, om het dramatische effect ervan te versterken.

 

 

 

56-141_663momiji

 

 

 

 Kiku

 

De chrysant, dit is sinds de Meiji periode het familiewapen van de keizerlijke familie, het symboliseert de belichaming van de eenheid van het Japanse volk, oftewel de keizer. Het is ook een herftsymbool, en staat daarom ook voor bezinning, vergankelijkheid van het leven en eindes.

 

 

 

kiku

 

 

 

 

Ume

 

Pruimbloesem, welke staat voor de winter en een belofte voor nieuw leven en een nieuwe lente. De gestileerde ume lijkt op de kersenbloesem maar heeft altijd ronde bloemblaadjes, die van de kers zijn hartvormig.

 

 

 

ume

 

 

 

 

Matsu

 

Dit stelt de den voor, deze symboliseert ook de winter. Omdat hij altijd groen is, herinnert hij aan het leven tijdens de barre wintermaanden en geeft hoop en de verwachting voor nieuw leven.

 

 

 

matsu

 

 

 

 

Take

 

Bamboe, buigzaam en altijd groen, symboliseert standvastigheid en hoop. Zijn seizoen is winter of vroege lente. Samen met de ume en matsu behoort take tot de “Drie vrienden in de Winter”, een combinatie die in China is ontstaan. De groepsbetekenis is een lang leven, het winterseizoen en de cultured gentleman. Dit motief kan overal waar elegantie nodig is, worden gebruikt.

 

 

 

take

 

 

 

Sakura

 

De beroemde kersenbloesem. “Uitbundige doch tere schoonheid welke van korte duur is maar het hart warmte en vreugde schenkt, met de wetenschap dat het weer zal terugkomen, in grotere getale”.  De Japanse kers bloeit in de vroege lente en staat daarom ook symbool voor dit seizoen. Het is een van de meest geliefde motieven, vooral bij meisjes en jonge vrouwen, wiens frisse schoonheid wordt geassocieerd met deze mooie bloesem.

Vanwege de uitbundigheid en snelle vergankelijkheid van deze bloesem, wordt het motief ook door beoefenaars van de krijgskunsten gebruikt, zoals bijvoorbeeld op wapens en uitrustingen van de samurai.

 

 

 

sakura

 

 

 

 

Asanoha

 

Dit motief stelt het hennepblad voor en staat symbool voor de zomer. In oude tijden werd hennep voor religieuze offergaves gebruikt. Het is niet helemaal zeker wat de oorspronkelijke betekenis was, tegenwoordig worden er betekenissen als kracht en duurzaamheid aan gegeven. Van de hennepplant worden al lang zomerkleren gemaakt, vooral kleding voor werk, de symboliek heeft er geheid iets mee te maken.

 

 

 

asanoha

 

 

 

 

 

 Water

 

Kawa

 

De verkoeling brengende rivier, duidelijk een zomersymbool. Verder staat hij voor de bron van (levens)kracht en de stroom des levens. Irissen staan vaak om de rivier met dezelfde betekenis, om het als waterplant te accentueren. Soms is alleen de iris afgebeeld die dan het water symboliseert. Kawa komt veel voor samen met het seigaiha motief, zie het stukje hieronder.

Waterpatronen worden ook op dingen als houten daken gebruikt om brand weg te houden. Daarnaast kunnen ze in hun wildere vormen ook mannelijkheid en durf symboliseren, zo komen ze bijvoorbeeld  voor op schorten van sumo worstelaars.

 

 

 

kawa

 

 

 

Seigaiha

 

Dit patroon stelt golven voor, ze symboliseren steeds terugkerende beweging; van het aan- en terugrollen van de golven en de rusteloosheid van de zee. Op het theebekertje hieronder wordt het samen met kawa, de rivier, gebruikt om water te accentueren. De symbolische betekenis zou kunnen zijn; een moment van rust tijdens het theedrinken in een anders turbulent dagelijks leven.

In het midden zit een mannetje vanuit een boot te vissen, er vliegen vogels en er zijn rustieke bergtoppen in de verte; deze beelden roepen rust op. De symboliek wordt verder verstekt door het letterlijke rustmoment te plaatsen in een venster, omgeven door het drukke seigaiha motief. Het idee van thee als levengevend elixer wordt ook versterkt door de rivier.

 

 

 

seigaiha

 

 

 

 

 Dieren

 

Kame

 

Een schildpad. Een sterk gelukssymbool; het staat voor 10.000 jaar geluk en gezondheid, en ook voor volharding en doorzetting. Het abstractere kame patroon bestaat uit zeshoeken of hexagrammen die op verschillende manieren uitgewerkt kunnen zijn. De naam voor de hexagonale patronen is kikko. Bishimon kikko is een aaneensluitend patroon van een soort driepootjes.

De naam Bishomon komt van een van de geluksgoden, ook wel Hachiman genoemd. Hij beschermt de boedhisstische wetten en brengt geluk, vooral aan de armen, volgens de legendes. Dit patroon komt vaak op harnassen en wapenuitrustingen voor omdat deze geluksgod altijd als een krijger werd afgebeeld.

 

 

 

kame

 

 

 

 

 

Tsuru

 

Een van de meest favoriete Japanse motieven, de kraanvogel, is net als de schildpad ook een sterk symbool voor geluk en gezondheid. Ze worden dan ook vaak samen afgebeeld. Bij een ongeluk roepen Japanners dan ook niet god aan, maar “tsuru-kame!” een paar keer achter elkaar om de schade te beperken. Volgens legendes zou deze vogel duizend jaar leven en de metgezel zijn van verschillende onsterfelijken en geluksgoden. De kraanvogel wordt verder geassocieerd met Nieuwjaar en met trouwceremonies.

 

 

 

tsuru

.

.

.

.

Kanoko

 

De betekenis van deze zou te maken hebben met een kern, of oorsprong. Als je het woord letterlijk vertaalt zou het “babyhert” betekenen. Jonge herten hebben stippen op hun rug dus het is mogelijk dat het daarvandaan komt. Sommigen zeggen dat het afkomt van het patroon van sommige soorten koi karpers. Het zou misschien te maken kunnen hebben met de oorsprong van (het) leven, sinds deze in de zee  ontstaan zou zijn en de woorden “oorsprong” en “baby” verweven zijn met dit patroon.

 

 

 

SONY DSC

 

 

 

 

Andere  symbolen

 

Yasaguri

 

Dit stelt gestileerde pijlpunten voor, welke staat voor moed, trefzekerheid en vastberadenheid van de krijger en ieder mens wat zijn doel nastreeft. Traditionele kleding voor mannen heeft vaak dit soort patronen.

 

 

 

yasaguri

 

 

 

 

Sensu

 

Een waaier, het symbool voor verfijning, moed en kunstenaarschap, maar ook van hoge rangen en adel. Ze werden veel in ka mon’s verwerkt. Tijdens de Edo periode werden ze populair als Nieuwjaars symbool en werden ze met die gelegenheid vaak cadeau gedaan.

Tegenwoordig komen ze veelvuldig voor op kleding en decoratieve spullen maar ook op geschenkverpakkingen e.d. Met sensu wordt altijd de uitvouwbare waaier bedoeld. De waaier die bestaat uit een gespannen velletje papier of zijde heet de uchiwa en symboliseert altijd een religieus persoon of iemand uit China.

 

 

 

sensu

 

 

 

 

Kasuri

 

Dit zijn kleine bamboehekjes met kleine bamboeblaadjes er tussenin. Bamboe is het symbool voor standvastigheid, volharding en taaiheid. Het kasuri patroon kan uitlopen tot een bijna onherkenbare abstractie, het heeft soms meer weg van een ruitjespatroon dan bamboeblaadjes. In welke vorm dan ook, het is een geliefd motief op mannenkleding.

 

 

 

Front view of indigo blue kasuri dirndl skirt with turquoise basketweave pattern

 

 

 

 

Temari

 

Temari zijn handgemaakte speelgoedballen, het is een uit China overgewaaide traditie. Meestal vind je ze op kinderkimono’s, maar ze duiden ook speelsheid en vrolijkheid aan op kleding voor wat ouderen.

 

 

 

temari

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

De bikini

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

Vandaag mag de bikini 66 kaarsjes uitblazen. Het minuscule kledingstuk werd geïntroduceerd in 1946 door ontwerper Louis Réard in Parijs. De bikini werd met weinig enthousiasme onthaald, omdat het de erogene zones van de vrouw sterk benadrukt. Réard vreesde dan ook dat geen enkel model zijn uitvinding zou willen dragen. Vandaag kijken we niet meer vreemd op wanneer we iemand op het strand zien flaneren in bikini en is het kledingstuk een gevestigde waarde geworden binnen de badmode.

 

 

 

Het tweedelige badpak stamt al van ver voor de 20e eeuw. Op muurschilderingen uit de 4e eeuw na Christus in het Siciliaanse dorpje Piazza Armerina zijn ook een soort bikini’s te zien, die gedragen worden door de tien Romeinse sportschoonheden.

 

 

 

 

 

 

 

In 1946 presenteerde auto-ingenieur Louis Réard de eerste bikini op de catwalk in Parijs. Hij omschreef het kledingstuk als ‘kleiner dan het kleinste badpak’. Voor de naam van de bikini haalde Réard de mosterd bij het Bikini-eiland in de de Stille Oceaan, waar er in 1946 door de Amerikaanse overheid atoomproeven werden uitgevoerd.

 

 

 

 

 

De introductie van de bikini sloeg in als een bom en het viel aanvankelijk niet in de smaak bij het grote publiek omwille van het expliciete erotische karakter. In Portugal, Spanje en Italië werd de bikini zelfs verboden en het Vaticaan beschouwde hem als immoreel.

Vanaf de jaren zestig veranderde het imago van de bikini onder invloed van Amerikaanse filmsterren en feministen. Het poseren in bikini betekende voor veel jonge sterretjes de weg naar een carrière in de filmindustrie en opende de deuren naar de glamour van Hollywood. Zo werd Rita Hayworth gefotografeerd in een bikini voor de cover van het tijdschrift Life en verscheen Ursula Andress in de film Dr.

No uit 1962 in een witte bikini terwijl ze uit de golven tevoorschijn komt. Toen actrices als Marilyn Monroe, Brigitte Bardot en zich in bikini vertoonden, leek de strijd gewonnen. De bikini ging deel uitmaken van de populaire cultuur en in 1960 bezong popzanger Brian Hyland het tweedelige badpak met ‘Itsy bitsy teenie weenie yellow polka dot bikini’.

 

 

 

 

 

 

Ondanks de stormachtige start is de bikini een algemeen aanvaard kledingstuk geworden in het Westen en is het een vast onderdeel van onze zomergarderobe. Er zijn ook variaties gekomen op het traditionele bikini-model door de introductie van het materiaal lycra. Voorbeelden hiervan zijn de monokini, microkini en tankini.

 

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Omgaan met rages en mode voor tieners

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

Tommy

 

 

 

 

 Pubers en mode

 

Pubers willen vaak niets liever dan ‘erbij horen’. Dat betekent vaak dat ze bepaalde kleding dragen, een bepaald imago willen hebben, bepaalde woorden gebruiken en over muziek, tv-programma’s, films en websites mee moeten kunnen praten. Maar vaak gaat het nog een stap verder, bijvoorbeeld met rages als tatoeages en piercings. Voor ouders is het vaak moeilijk om te bepalen wat ze wel en niet moeten toestaan. Hieronder volgen een aantal tips over het omgaan met rages en mode.

 

Tip 1

Het is belangrijk om heel veel aandacht te hebben voor de dingen die je leuk vindt aan het gedrag van je puber; jouw goedkeuring is van groot belang voor zijn of haar gevoel van eigenwaarde;

 

 

Tip 2

Blijf verder op de hoogte van de trends voor tieners, vooral onder de groep die één of twee jaar ouder is dan je eigen tiener. Zo voorkom je dat je wordt verrast en te heftig reageert;

 

 

Tip 3

Sommige rages komen en gaan zo snel dat je ze zonder problemen kunt negeren. Andere duren langer en aan een aantal rages zijn risico’s verbonden. Bekijk daarom in elke nieuwe situatie opnieuw de mogelijke risico’s voor jouw kind;

 

 

Tip 4

Probeer niet elke vraag direct met nee te beantwoorden. Laat je tiener voelen dat je bereid bent te overleggen en dat de uitkomst ja, nee of op voorwaarde dat… kan zijn. Tieners moeten voelen dat ze serieus genomen worden;

 

 

Tip 5

Probeer situaties waarin direct een besluit moet worden genomen te vermijden. Het zou kunnen dat je eerder geneigd bent om toe te geven wanneer je wordt overvallen door een verzoek en dat je tiener hier misbruik van maakt. Stel in dat geval een besluit uit en kom er later op terug;

 

 

Tip 6

Overweeg de voordelen, kosten en risico’s van elke wens. Is het goed voor je kind, hoe groot zijn de risico’s, wie betaalt er, gaat het tegen de regels van de school in, gaat het tegen de normen en waarden van het gezin in, zullen eventuele broertjes en zusjes het voorbeeld willen volgen. Nadat je hier zelf over hebt nagedacht kun je deze zaken rustig bespreken met je zoon of dochter;

 

 

Tip 7

Bedenk welk gedrag je thuis acceptabel vindt. Gewelddadig of seksueel getint taalgebruik dat overgenomen wordt uit populaire muziek of tv-programma’s kan onwenselijk zijn. Ook tieners moeten rekening houden met jongere broertjes, zusjes en buurtgenoten;

 

 

Tip 8

Soms wil je kind meedoen aan een rage die kostbaar is, en waar je wel toestemming voor wil geven. Kijk of je zoon of dochter wat extra klussen kan doen om geld te verdienen om mee te betalen aan (of zelfs helemaal te betalen voor) de duurdere zaken waar je toestemming voor wil geven;

 

 

Tip 9

Sta liever geen dingen toe die in strijd zijn met de regels van school, zoals een bepaalde kledingstijl, het dragen van (opvallende) sieraden of het meenemen van bepaalde voorwerpen;

 

 

Tip 10

Praat erover met andere ouders. Tieners zullen hun ouders over proberen te halen met argumenten als ’Al mijn vrienden mogen…’ en ’Ik ben de enige die niet…’. Zorg ervoor dat je dit gedrag niet onbewust beloont door eraan toe te geven. Controleer eerst of het waar is wat ze zeggen. Praat met andere ouders, vooral de ouders van vrienden van je tiener en controleer met wie hij omgaat;

 

 

Het is onmogelijk je tiener te beschermen tegen de invloeden van modeverschijnselen, maar je kunt wel zorgen dat hij zich goed voelt over zichzelf zoals hij is, en je kunt positieve vriendschappen stimuleren. Motiveer hem ook voor leuke en leerzame activiteiten onder toezicht. En reageer niet overdreven of al te streng. Uitspraken als ’Zolang je in mijn huis woont, doe je wat ik zeg’ of (met wanhopig omhoog gestoken handen) ’Doe maar wat je wilt maar je zult er spijt van krijgen’ leveren alleen maar boosheid en frustratie op. Verzamel zoveel mogelijk informatie om in elke situatie een weloverwogen besluit te nemen en wees bereid om te altijd met je tiener in gesprek te gaan.

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA