Categorie archief: Mode en kledij

Christian Dior catwalkshow A/W 2008

Standaard

Dior-20RF8-205188_reference 1     Dior-20RF8-205201_reference 2     Dior-20RF8-205211_reference 3     Dior-20RF8-205222_reference 4

 

Dior-20RF8-205236_reference 5     6     7     Dior-20RF8-205278_reference 8

 

Dior-20RF8-205293_reference 9     Dior-20RF8-205309_reference 10     Dior-20RF8-205323_reference 11     Dior-20RF8-205339_reference 12

 

Dior-20RF8-205353_reference 13     Dior-20RF8-205366_reference 14     Dior-20RF8-205377_reference     Dior-20RF8-205393_reference

 

Dior-20RF8-205406_reference     Dior-20RF8-205420_reference     Dior-20RF8-205436_reference     Dior-20RF8-205450_reference

 

Dior-20RF8-205468_reference     Dior-20RF8-205482_reference     Dior-20RF8-205498_reference     Dior-20RF8-205512_reference

 

Dior-20RF8-205527_reference     Dior-20RF8-205544_reference     Dior-20RF8-205557_reference     Dior-20RF8-205575_reference

 

Dior-20RF8-205589_reference     Dior-20RF8-205605_reference     Dior-20RF8-205622_reference     Dior-20RF8-205635_reference

 

Dior-20RF8-205655_reference     Dior-20RF8-205668_reference     Dior-20RF8-205682_reference     Dior-20RF8-205701_reference

 

Dior-20RF8-205717_reference     Dior-20RF8-205728_reference     Dior-20RF8-205742_reference     Dior-20RF8-205755_reference

 

Dior-20RF8-205768_reference     Dior-20RF8-205787_reference     Dior-20RF8-205800_reference     Dior-20RF8-205701_reference

 

Dior-20RF8-205815_reference     Dior-20RF8-205830_reference     Dior-20RF8-205844_reference     Dior-20RF8-205859_reference

 

Dior-20RF8-205874_reference     Dior-20RF8-205889_reference     Dior-20RF8-205903_reference     Dior-20RF8-205917_reference

 

Dior-20RF8-205926_reference     Dior-20RF8-205937_reference     Dior-20RF8-205943_reference     Dior-20RF8-205953_reference

 

Dior-20RF8-205965_reference     Dior-20RF8-205980_reference     Dior-20RF8-205991_reference     Dior-20RF8-206006_reference

 

Dior-20RF8-206020_reference   Dior-20RF8-206093_reference

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

HET BOEK DER OPENBARING IS TE VERKRIJGEN VIA :

 

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

 

Waarom de openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de   enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus. ‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt:”ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’ 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

10 modetrends die volgens de mannen niet kunnen

Standaard

categorie : mode en kledij

 

De Engelse krant The Telegraph heeft een onderzoek gedaan naar modegrills onder vrouwen waar mannen echt totaal niks van snappen. Dit zijn de top 10 modetrends die volgens de mannen echt niet kunnen.

.

 

10. Harembroek

.

Harembroek

 

.

 

 

9. Dr. Martens

 

dr martens schoenen

 

.

 

 

 

8. Boyfriend jeans

 

Boyfriend jeans

 

.

 

 

7. Jumpsuits

 

jumpsuits

 

.

 

 

6. Luipaardprint

 

luipaardprint

 

.

 

 

5. Sokken in hakken

 

sokken in hakken

 

.

 

 

4. Klompjes

 

klompjes

 

.

 

 

3. ‘Oma-kledij’

 

omajurken

 

.

 

 

2. Schoudervullingen

 

schoudervullingen

 

.

 

 

1. Tuinbroek

 

tuinbroek vrouw

 

 

.

 

.

 

voorpagina openbaring a4

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Accessoires vrouwen in de late Middeleeuwen (1000-1490)

Standaard

categorie : mode en kledij

 

.

Accessoires vrouwen in de late Middeleeuwen (1000-1490)

.

Accessoires vrouwen in de late Middeleeuwen (1000-1490)

.

 

Accessoires van de vrouwen zijn een nog belangrijker aspect in de kledingstijl dan bij de mannen. Deze accessoires geven nadruk op de vrouwelijke vormen. Tegenwoordig word er gebruikt gemaakt van oorbellen, armbanden, kettingen, riemen etc. en in de middeleeuwen hadden ze daar hele ander ideeën over. De haren van een vrouw uit de middeleeuwen zegt veel over uit welke eeuw van de middeleeuwen zij komt.

 

.

 

Accessoires vrouwen 1000-1200

.

De mantel had dezelfde vorm als die van de man. Dit was een losse cape in de vorm van een rechthoek of een halve cirkel. Bij de adellijke vrouwen werd deze mantel vastgezet op één of twee schouders met een sierspeld. De mantel werd ook bij de adellijke vrouwen afgezet met bont. Bij de burgerlijke vrouwen werd deze mantel vastgezet met steekjes en deze had een capuchon.

Het haar van de vrouwen was geheel anders dan dat van de man. Getrouwde vrouwen droegen een hoofddoek of een stuk van hun mantel over hun hoofd heen. Vrouwen die niet waren getrouwd droegen hun haren in vlechten. De accessoires van de vrouw bestonden uit een gordel met juwelen of metalen plaatjes.

Ze hadden een haarband om hun hoofd heen afgezet met juwelen of metalen plaatjes, sierspelden, een gordeltasje voor aalmoezen en grote oorhangers. De schoenen van de adellijke vrouwen waren van leer of van zijde en waren met gouddraad versierd. De burgerlijke vrouwen liepen op blote voeten of op houten zolen met riemen, ook wel patins genoemd.

 

.

 

1200.

.

 

 

Accessoires vrouwen 1200-1350

.

De mantel van de vrouw bestaat uit een cape, dat met een kettinkje bij elkaar word gehouden. Vaak worden deze capes ook vastgespeld met sierspelden, maar dat is afhankelijk van de stand van de vrouw. Adellijke vrouwen hadden kettinkjes en sierspelden en burgerlijke vrouwen hadden de cape met steekjes op de schouder vast gezet.

Alle vrouwen droegen in deze tijd iets op het hoofd. Los haar werd namelijk beschouwd als verleidelijk. Koninginnen, jonge adellijke vrouwen en ongetrouwde vrouwen werden meestal afgebeeld zonder iets op het hoofd. Hun haar werd gevlochten en bijeengehouden door een crespine, dat is een soort haarnet.
De hoeden die de vrouwen droegen heet een kaproen.

Dit is een openstaande haarband met siersteken en juwelen (voor de adellijke vrouwen) erop. Bij de kaproen waren meestal twee torentjes van het haar zichtbaar. Oudere vrouwen droegen het meestal met een sluier. Later kwam er hoofdbedekking voor nonnen. De schoenen van de vrouwen waren plat en puntvormig.

 

.

1300

.

.

 

 

Accessoires vrouwen 1350-1400

.

De mantel van de vrouw was in deze tijd hetzelfde als die van eeuw daarvoor. Het bestond namelijk uit een cape, dat bijeen werd gehouden door een kettinkje of sierspelden. Het haar van de vrouwen in deze tijd bestond uit opgerolde vlechten in een soort van kokertjes. Deze kokertjes hadden een vorm van zuilen en zaten in de buurt van de slapen. Dit werd ook wel templettes genoemd. Vaak droegen de vrouwen deze templettes met hoofdband en sluier.

De sluier werd voornamelijk gebruikt door oudere vrouwen. Veel gebruikte accessoires in deze tijd door de vrouwen waren; een gordel met daaraan edelstenen en een dolkje. De handschoenen werden nog steeds gedragen en vaak werden er ringen overheen gedragen. Verder werden er veel sierspelden en knopen gebruikt. De schoenen waren in deze tijd eigenlijk overbodig, net als kousen. De jurken waren zodanig lang dat je de schoenen of de kousen niet eens zag zitten.

 

 

.

1350

.

 

 

Accessoires vrouwen 1400-1440

.

De mantel van de vrouw was in deze tijd hetzelfde als die van eeuw daarvoor. Het bestond namelijk uit een cape, dat bijeen werd gehouden door een kettinkje of sierspelden. Het haar van de vrouwen werd gevlochten in twee horentjes boven de oren vastgezet met metaaldraad. Dit leek een beetje op duivelsoren. Het schoonheidsbeeld was een dik en glad gezicht, daarom werd er wel eens een stukje van de haargrens weggeschoren.

De hoed was hetzelfde als de haren, namelijk breed. De adellijken hadden deze hoeden uitgebreid. De boeren vrouwen droegen deze hoeden met een sluier. Veel gebruikte accessoires door vrouwen uit deze tijd waren; een gordel om de taille, sierspelden, broches, beurs, ringen en handschoenen. Een nieuw soort accessoire in deze tijd voor de vrouwen was een gouden halsketen met parels.

 

.

 

1450

.

 

 

Accessoires vrouwen 1440-1490

.

De mantel van de vrouwen uit deze tijd bestond uit een cape vastgezet met sierspelden. Er bestonden waarschijnlijk in deze tijd ook al jassen met mouwen. De randen van de mantel en de jassen werden bij de adellijke vrouwen afgezet met bont. Het haar van de vrouwen in deze tijd was weggeschoren bij de haargrens en bij de wenkbrauwen. Bij vrouwen die nog niet getrouwd waren was het haar zichtbaar. Het schoonheidsbeeld was nog steeds een dik en glad gezicht.

De hoeden van de vrouwen tot 1470 heetten atouren. Dit was een punthoed of kap met een sluier. Op het voorhoofd zat een lusje, dit was waarschijnlijk een stukje metaaldraad van de hoed, waar het op rustte.
Veel gebruikte accessoires in deze tijd waren; veel ringen, handschoenen, halsketens, dunne kettingen tot aan de buste en gouden broches met parels. De schoenen waren nog steeds plat en puntvormig.

 

.

 

1550

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

De geschiedenis van de kledij deel 2 : van de middeleeuwen tot de 16e eeuw

Standaard

                 categorie : mode en kledij        

Kleding in de Middeleeuwen

Iedereen heeft wel een bepaald beeld over de kleding en mode uit de Middeleeuwen met zijn lange jurken en dure opzichtige stoffen. In werkelijkheid was er maar een beperkte groep van de bevolking, die zich dit soort kleding kon permitteren. Het gewone volk moest improviseren om zichzelf te kunnen kleden en hun kleding bestond dan ook vaak uit enkele lappen.

 

.

Toch bestond er in de hogere sociale lagen van de samenleving een modebeeld. In het begin van de middeleeuwen, rond de 11e en 12e eeuw, leek de kleding nog erg op die van de Romeinse tijd. Er werd gebruik gemaakt van grof en eenvoudig materiaal, maar door de groeiende handel met het Oosten ontstonden er nieuwe technieken en patronen om in de kleding te verwerken. Er werden weefsels gemaakt met Chinese patronen en de stoffen werden lichter van kleur en ingeweven met gouddraad.

 

.

De kleding tussen:900-1200

.

Dit is de tijd in de Middeleeuwen die we kennen van de ridders, kerken, jonkvrouwen en kastelen. De kleding van zowel de mannen als de vrouwen was wijd en viel in plooien tot op de grond. In de hogere sociale standen werden cotte, bliaud en een cape in felle kleuren gedragen. Waarschijnlijk was de kleding van het gewone volk korter en minder wijd, omdat zij moesten werken. Zij droegen hun kleding af totdat het versleten was.

In deze periode werd er veel gebruik gemaakt van materialen als wol,linnen en bont. Zijde, katoen en fluweel droegen de hogere klassen omdat deze materialen erg kostbaar waren omdat ze uit het Verre Oosten moesten worden gehaald. In de loop van de Middeleeuwen kwamen er door kruistochten contacten tussen Europa en het Oosten, waardoor deze stoffen makkelijker verkrijgbaar waren.
Over de kleding van het gewone volk en de rijke mensen hebben wij, via afbeeldingen op schilderijen, een goed idee over het uitzicht. Een korte beschrijving van de kleding in de hogere sociale lagen.

 

 

De kleding van de vrouw

Cotte
Dit is een onderkleed tot op de grond.

.

 

 

Hozen
Dit zijn wijde kniekousen tot over de knie. Ze werden met lange banden kruislings bevestigd aan de gordel. Hozen zijn te vergelijken met jarretels en hadden ongeveer dezelfde functie als sokken.

 

 

 

Chainse
Een chainse is een eenvoudig onderhemd. Het was lang en kwam tot halverwege het dijbeen.

 

 

 

Bliaud
Dit is een overkleed met wijde mouwen en soms met lange stroken. Deze waren vaak voor het gemak opgeknoopt. De kleding was lang in die tijd en dus sleepte de Bliaud over de grond. Het accent lag op de boezem en de taille, doordat het deel rond het middel gesmokt was.

 

 

 

 

Schoeisel
De Middeleeuwse vrouwen droegen een soort schoenen. Deze worden trippen genoemd. Trippen bestonden uit houten zolen met leren of zijden riemen. Soms waren deze versierd met gouddraad.

.

 

 

 

Haardracht
De haardracht gaf informatie over de burgerlijke staat van de vrouw. Getrouwde vrouwen droegen een sluier of een haarband. Als versiering konden hier juwelen op verwerkt zijn. Ongetrouwde vrouwen vlochten hun haar met of zonder linten.

 

 

 

Accessoires
Een veel gedragen accessoire was een gordel versierd met juwelen.

 

.

 

Kleding van de man

Cotte
Dit kledingstuk was vrijwel hetzelfde als bij de vrouwen. Het enige verschil is dat de cotte van een man tot aan de enkels kwam.

 

 

 

Hozen

Dit zijn wijde kniekousen tot over de knie. Ze werden met lange banden kruislings bevestigd aan de gordel. Hozen zijn te vergelijken met jarretels en hadden ongeveer dezelfde functie als sokken.

 

 

 

Chainse

Een chainse is een eenvoudig onderhemd. Het was lang en kwam tot halverwege het dijbeen.

 

 

 

Braies
Dit is een lap, die tussen de benen door werd geslagen. Hij werd omhooggehouden door een gordel. Braies diende als onderbroek.

 

 

 

Bliaud
De bliaud van de man had veel plooien en sleept niet over de grond. Er is dus een verschil met de bliaud van de vrouw. Ook droeg de man dit kledingstuk anders. Hij draagt de bliaud zo, dat hij door de gordel opgetrokken wordt, waardoor een groot deel van de cotte te zien is.

 

 

 

cape
Een Middeleeuwse man droeg een cape. Deze had de vorm van een rechthoek of een halve cirkel. Een cape was een simpel kledingstuk, dat met een sierspeld op de schouder werd vastgezet. Vaak had de cape felle kleuren.

 

Schoeisel
Als schoenen droegen de mannen estivaux. Dit zijn korte leren laarsjes of perkamenten schoenen.

 

 

 

Haardracht
Het haar van de man werd halflang gedragen en vaak hadden de mannen een baard en/of snor.

 

Accessoires
Ook de mannen kenden accessoires. Zij droegen een gordel, net zoals de vrouwen, en een kaproen. Dit is een hoofddeksel, dat gedragen werd door het gewone volk.

 

 

 

 

De kleding tussen 1400-1440

.

Toen de Middeleeuwen ten einde liepen was er een duidelijke ontwikkeling te zien in de kleding en het modebeeld. Dit had ook te maken met het schoonheidsideaal van die tijd, dat erg bepaald werd door de opvallende kleding van de hertogen van Bourgondië. De vrouwen leken altijd zwanger te zijn, want dikke buiken en een hoge taille waren in. Mannen moesten er stoer en breed uitzien, daarom droegen zij wijde gewaden met extra lange mouwen. Het schoeisel werden tootschoenen. Dit waren schoenen met lange punten die vrijwel alleen gedragen werden in de hogere kringen.

In deze tijd werd nog veel gebruik gemaakt van de materialen wol en linnen. Men begon ook steeds zwaardere en duurdere stoffen te gebruiken zoals brokaat, gouddraad en zijde. Gouddraad en zijde waren al bekend, maar ze waren erg kostbaar. In deze periode begon men  stoffen uit Italië in te voeren, wat er voor zorgde dat ze beter betaalbaar werden. Men ontdekte in deze tijd de printen en versieringen op de stof. De stoffen werden bedrukt door houten blokken, waarin kleine motieven gesneden waren, zoals bloemen. De belangrijkste kleuren waren groen, rood en blauw.

.

 

Kleding van de vrouw

.

Houppelande
Een houppelande is een lang overkleed met wijde mouwen afgezet met bont. Een houppelande is wijduitlopend. Door de hoge taille lijkt het of de vrouw zwanger is. Bij de mouwen is de cotte te zien.

 

 

 

Schoeisel
Tootschoenen van stof of leer. Buiten werden ter bescherming trippen gedragen.

 

Haardracht
Het haar werd in deze periode nog steeds ingevlochten en werden als ‘torentjes’ boven de oren gedragen. Deze torentjes werden verstevigd met metaaldraad. Een vrouw had de gewoonte de haargrens en wenkbrauwen weg te scheren.

 

Accessoires
De rijkere middeleeuwse vrouwen droegen een atour. Dit is een hoge punthoed met een sluier. Verder waren handschoenen en veel sieraden gebruikelijk zoals ringen, broches en kettingen.

 

.

 

 

Kleding van de man

Houppelande
Deze droeg de man tot op de knieën. Doordat het schoonheidsideaal voor een man ‘stoer en breed’ was, was de houppelande zeer wijd. De mouwen waren ook wijd en lang. Om de taille werd een gordel gedragen.

 

 

 

Schoeisel
De schoenen waren gelijk aan die van de vrouw.

 

Haardracht
De Middeleeuwse mannen hadden een typisch opgeschoren kapsel, de pagekapsel . Oudere mannen hadden vaak lang haar en een baard.

 

Accessoires
Naast juwelen en de gordel hadden mannen ook nog andere accessoires. De kaproen, maar deze werd anders gedragen dan in het begin van de Middeleeuwen. De kaproen had in deze periode een gezichtsopening op het hoofd. Ook hadden de mannen een misericorde. Dit was een kleine dolk, die aan de riem of met een koord aan de hals werd gedragen.

De onderkleding uit deze periode was vrijwel gelijk gebleven aan die van het begin van de Middeleeuwen. Soms was de bevestiging iets anders, maar de kledingstukken waren hetzelfde.

.

 

Renaissance

.

Rond 1500 begint een nieuw tijdperk dat de Renaissance wordt genoemd. Renaissance is het Franse woord voor wedergeboorte.In Italië wordt de Klassieke Oudheid herontdekt. Mensen bestuderen nauwkeurig de overblijfselen uit de Romeinse tijd. De kennis verspreidt zich iets later snel over Europa. Naast de kerk ontstaat er aandacht voor de mens en het leven op aarde. Het humanisme ontstaat. Mensen denken meer aan zichzelf en vinden het leven op aarde belangrijk.

Ze worden zelfbewuster en gaan genieten van het leven. Omdat de mensen meer aandacht aan hun uiterlijk besteden wordt de kleding opvallender. Er ontstond een scheuring in de Rooms-katholieke- en protestantse kerk onder invloed van Maarten Luther. De reformatie is tegen rijkdom en uitbundigheid. Kleding moet daarom netjes en onopvallend zijn. De calvinisten in Nederland dragen daarom eenvoudige kleding.

 

.

 

Kleding in de 1e helft van de 16e eeuw

.

De mens van de renaissance was de nauwe, strakke kleding van de middeleeuwen zat. Mensen wilde zich vrijer kunnen bewegen in hun kleding. Ze knipten de kleding open en maakten ze wijder. Dit was voor het eerst zichtbaar bij de Zwitserse en Duitse soldaten rond 1500 die hun mouwen doorknipten.
Hiermee begint de spletenmode die de gehele 16e eeuw duurde. Alle onderdelen zoals mouwen, broekspijpen, hoeden en schoenen werden van spleten voorzien. Bij rijken werden deze weer vastgemaakt met sieraden.

Landsknechten droegen een broek die zo erg gespleten was dat hij vaak uit banden bestond. De onderbroek was tussen de spleten door zichtbaar. Deze broek werd ‘Plunderhose’ genoemd. Zij gingen nog verder met de spletenmode. Ze knipten namelijk de rand van hun baretvormige hoed in. Ook versierde ze de hoed met een wilde bos struisveren.

Vooral in Duitsland vond deze “landsknechtenmode”navolging. De mode werd bepaald door de rijke kooplieden. De kleding werd aangepast aan het volk waadoor in ieder land de kleding een beetje verschilde. In Nederland was de kleding bijvoorbeeld eenvoudiger dan in andere landen.
Duitsland maakte in de eerste helft van de 16e eeuw een bloeiperiode door. Rijk geworden burgers bepaalde hierdoor de mode in Duitsland.

Deze burgerlijke mode was behoorlijk lomp. In Frankrijk was de kleding fijn, kleurrijk en smaakvol. In Spanje was de kleding stijf, somber en vooral zedig. De kleding in de Renaissance was opzichtig en pronkerig. Er werden veel kleuren gebruikt, waardoor de kleding opviel. Veel gebruikte stoffen waren fluweel, damast, zijde en brokaat. Sieraden zoals gouden kettingen en ringen werden zowel door vrouwen als door mannen gedragen.

.

 

Kleding van de Vrouw

.
Vrouwen droegen ijzeren korsetten. Hierdoor was het bovenstuk van de jurk erg strak. Rokken waren juist heel wijd en werden gesteund door hoepels. De hoepels werden gemaakt van wilgeroeden. De rokken werden ‘verdugado’genoemd. De wijde rok had geen sleep meer. De kegelvormige rok is van voren opengespleten, zodat een driehoek van de onderrok te zien is. De mouwen plooien.

Het decolleté van de jurk van de vrouwen was vierkant. Door een korset werden de borsten platgedrukt. Vaak werd een mooi borstsieraad gedragen en een gordel. De hoofdbedekking bestaat uit een laag kapje, waardoor een gedeelte van het haar zichtbaar was. In Nederland droegen de vrouwen vaak een molensteenkraag. Deze kraag was heel mooi geplooid.

.

 

 

 

Kleding van de man

Voor de man waren er in de Renaissance twee verschillende soorten kleding. In Engeland en Duitsland was de mannenkleding erg breed, bijna vierkant. De brede jassen waren vaak gevoerd met bond. In de mouwen zaten spleten, waardoor de voering zichtbaar was. De jassen hebben een grote kraag en reiken tot de knieën. De jas wordt ook wel ‘Schaube”genoemd. In Spanje droegen mannen korte ballonbroekjes met spleten. Onder deze broeken droegen ze strakke kousen.

Hierbij werd meestal een stijve molensteenkraag gedragen met een korte cape. De mannen droegen een baret met veren. Om het bovenlichaam draagt de man een buis met lange mouwen. Deze mouwen zijn ook versierd met spleten. Ook de schoenen veranderden. In plaats van snavelschoenen komen er nu plompe koeienmuilen. De man draagt een braguette, een verstevigd kruisstuk. Door het breder worden van de kleding lijken de mensen kort en breed.

 

 

 

Hygiëne

In de Renaissance wordt hygiëne steeds belangrijker. De mensen wassen zich niet vaak, maar proberen nare luchtjes te voorkomen. Dit doen ze door kruiden mee te dragen in een pommander, een soort zakje. Ook droegen de mensen een vlooienbandje over hun schouders. Alle vlooien kwamen op het stukje bond af, waardoor de rest van de kleding en de persoon zelf schoon bleven.

.

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kledij in het oude Rome

Standaard

categorie : mode en kledij

.

.

Toga en Tunica

 

De verschillende Romeinse kledingstukken waren heel eenvoudig. De basis vormde de tunica, een kledingstuk dat meestal geen mouwen had. Hij reikte tot aan de knieën of kuiten en was versierd met een purperen strook, clavus genoemd. Deze was breed voor de senatoren en smaller voor de ridders.

De tunica werd aangevuld met de toga, een grote, witte wollen, om het lichaam gewikkelde mantel, die de rechterarm vrij liet. Vrouwen droegen over de tunica een stola, een jurk met korte mouwen, om het middel vastgehouden door een riem en elegant in plooien gedrapeerd.

 

.

 

1grande_4586tunica tunica

 

 

 

 

220px-Pax_romana04 clavus tunica tunica  en clavus

 

.

 

 

romeinse-mannenkleding-togatus  toga

 

 

 

 

4fde7f3816c17a4391a5fda01d45910estola en palla stola en palla

 

.

 

 

De toga

.

De toga was een onpraktisch kledingstuk dat slechts diende als statussymbool. Het werd gedragen bij officiële gelegenheden zoals toespraken, plechtigheden, grote feesten en bezoek van deftige gasten. In het dagelijkse leven was dit kledingstuk niet zo van belang, omdat men zich er niet gemakkelijk in kon bewegen want dan vielen de plooien verkeerd. De toga bestond uit een grote witte wollen doek, in trapeziumvorm. Deze doek werd op een ingewikkelde manier om het lichaam gedrapeerd. Voor dit karwei hadden vele rijken zelfs een aparte slaaf.

Jongens tot en met 16 jaar droegen een toga met een purperen rand. Dat heette een toga praetexta. Ook senatoren, de regering van het Romeinse rijk, droegen de toga praetexta. Op hun 16e verjaardag leverden de jongens hem in voor een toga virilis, een onversierde, kale toga. Deze plechtigheid betekende dat de jongen nu volwassen was. Als een Romein zich kandidaat stelde in de verkiezingen voor een van de vele politieke functies, mocht hij een toga candida, een extra witte toga, dragen.

Als hij meedeed aan de verkiezingen werd hij een candidatus. Dat woord komt van candidus, wat blinkend wit betekend. De enige die een geheel purperen toga, een toga picta, mocht dragen was de keizer van het Romeinse rijk. Welgestelde Romeinse mannen werden vaak togati (togadragers) genoemd.

 

.

 

 

 

.

 

toga praetexta

toga praetexta

 

.

toga virilis

toga virilis

 

.

 

 

 

toga candida

toga candida

 

.

 

 

toga picta

toga picta

 

.

 

De tunica

.

De tunica werd door de plebejers, winkeliers en bouwvakkers de hele dag gedragen, omdat men zich in dit kledingstuk goed kon bewegen en niet hoefde op de plooien te letten. De tunica werd ook wel onder de toga gedragen. De tunica was een simpel lang hemd met primitieve mouwen. Het hemd werd met een riem een beetje opgebonden.

Onder de Tunica werd door de mannen een lendendoek of een ander soort broek gedragen. Welgestelde vrouwen droegen over hun tunica een palla, een omslagmantel, die lang genoeg was om over de schouders en of om het hoofd geslagen te worden en tegelijkertijd de knieën te bedekken. De Palla was evenals de Toga van wol. De meeste vrouwen kozen felle en contrasterende kleuren uit voor hun Stola en Palla. Het eenvoudige volk dat alleen een Tunica droeg, werd tunicati genoemd.

 

.

 

tunica en palla

tunica en palla

 

.

 

Schoeisel

De meest gedragen schoenen waren calcei, een soort halfhoge schoen uit leder.

 

.

 

calcei

calcei

 

.

 

Haardracht

.

De haarmode van de dames verschilde van periode tot periode. Het haar, in het midden gescheiden, werd bij elkaar gehouden in een haarknot achterin de nek of in een paardestaart, soms verfraaid door wat krullen op het voorhoofd. Onmisbare gereedschappen waren de kam, gemaakt van brons, been of ivoor en de holle krultang. De vrouwen gebruikten ook haarspelden, linten en pruiken om de hoeveelheid haar te vergroten.

 

.

 

 

.

 

 

62382066_1645764209o

 

.

 

Female_portrait_Louvre_Ma3452

 

.

 

Kapsel-van-Romeinse-maagden1

 

.

 

rondomvlecht

 

.

 

 

 

.

 

 

voorpagina openbaring a4

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria

 

 

 

Kleding van de laagste klassen in de late middeleeuwen

Standaard

categorie : mode en kledij

.

Bedelaars, keuterboertjes en de laagste ambachtslieden en winkeliers droegen vaak tweedehandse kleding waar een levendige handel in was. Kleding werd gedragen totdat ze tot op de draad versleten was en dan nog werden de “goede” stukken eruit geknipt om eventueel in een ander kledingstuk genaaid te worden.

 

.

 

 

.

 

Boeren

.

We weten iets van de kleding die boeren en boerinnen droegen uit de inventarisaties die notarissen na hun overlijden maakten. Hun basiskleding bestond uit drie delen:

1) Een overkleed. Vrouwen droegen een robe in plaats van een overkleed.
1a) De mannen droegen ook nog een broek, hoewel wij die broek eerder een maillot zouden noemen.
2) Een pelsjas: een jas van dierenvellen of konijnenbont waarbij de harige zijde aan de binnenkant gedragen werd. Bij de rijken was het bovenstuk gevoerd met kattenbont.
3) Een hoed of kap. De vrouwen droegen een linnen kap die meestal rood was, soms blauw of wit. De kappen van de mannen waren meestal blauw.
Soms ontbreekt een van die kledingstukken in de inventarisatie. Dan is dat stuk waarschijnlijk verkocht om de begrafenis van te betalen.

Mannen en vrouwen droegen baaien kleren (dik en grof wollen weefsel dat op molton leek). Die stof was van middelmatige kwaliteit maar wel warm. Voor de mannen was die stof ongebleekt (beige) en voor de vrouwen vaak blauw.

Men droeg ook nog ondergoed: linnen hemden en manshemden met twee pijpen.

In Toscane droeg men in die tijd twee tunieken over elkaar heen en daarover eventueel nog een mantel.

Op het platteland werd de rijkdom afgemeten aan het aantal kledingstukken dat men bezat en de mate waarin die versierd waren. Die versieringen werden door marskramers naar het platteland gebracht. Zilveren ceintuur- en schoengespen, metalen sluitingen voor beurzen en knopen voor de kappen. Over het algemeen echter waren sieraden op het platteland zeldzaam behalve ringen. Een rijke boerin kon wel vijf hoeden bezitten. Als een boer handschoenen droeg, liep het hele dorp uit om ze te bewonderen. Een jonge boer droeg ze wel eens als hij een vrouw het hof wilde maken.

.

 

   Hiëronymus Bosch, boeren die zich volvreten, 1485, olie op hout

.

Hieronymus_Bosch-_The_Seven_Deadly_Sins_and_the_Four_Last_Things_-_Gluttony

 

.

Pieter Breugel de Oude, boerendans 1568

 

boerendans

.

 

 

 

Pieter Breugel de Oude, boerenbruiloft 1567   

 

DTR114681

.

 

 

.

Pieter Breugel de Oude, boerenbruiloft 1568

 

266px-Pieter_Bruegel_the_Elder_-_Peasant_Wedding_-_Google_Art_Project1568

 

 

.

 

 

voorpagina openbaring a4

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Schoenmaten en kledijmaten voor baby’s

Standaard

categorie : mode en kledij

 

Kledingmaten en schoenmaten voor baby’s

.

babys-en-peuters

 

 

Het eerste jaar na de geboorte verandert de kledingmaat van een baby regelmatig. De meeste baby’s zullen vlak na de geboorte in maat 50 passen, terwijl dit aan het einde van het eerste levensjaar soms al maat 80 is. Lees in dit artikel alles over kledingmaten voor baby’s.

.

 

Het gemiddelde

.

Bij kledingmaten voor baby’s (en kinderen) wordt vrijwel altijd uitgegaan van ‘het gemiddelde’. Ieder kind, en iedere baby, is natuurlijk anders. Zo kan kledingmaat 50 net na de geboorte te groot zijn voor een kleine, lichte baby, en juist weer veel te klein voor een grote, zware baby. Het gewicht, de lengte en de omvang van de baby spelen ook een belangrijke rol.

Een baby met stevige armen en benen zal sneller in een grotere maat passen, terwijl een tengere baby langer in een kleinere maat kan passen. In de onderstaande maattabel wordt uitgegaan van ‘de gemiddelde baby’. Dit houdt in dat de baby na de geboorte zo’n 6 á 7 pond weegt, en rond de 50 centimeter lang is.

Overigens is het lastig om ‘een gemiddelde’ voor het einde van het eerste levensjaar te rekenen. Baby’s hebben namelijk regelmatig groeispurtjes, en de ene baby zal in maat 80 passen, terwijl de andere aan 74 toe is.

 

.

Maattabel kleding

.

In onderstaande maattabel staat welke kledingmaat bij de leeftijd (in maanden) van een baby past:

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
maat 50 maat 56 maat 62 maat 68 maat 74 maat 80

 

.

In onderstaande maattabel staat welke sok- of schoenmaat bij de leeftijd (in maanden) van een baby past:

0-1 maand 1-4 maanden 4-9 maanden 9-12 maanden
maat 10-12 maat 13-15 maat 16-18 maat 19-21

 

.

 

Buitenlandse maten

.

In bepaalde landen wordt een iets andere maatvoering gebruikt als in Nederland. In de onderstaande tabellen staat de maatvoering voor Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk (Engeland) en de Verenigde Staten.

 

.
Maattabel Frankrijk

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
Newborn 1-3 m 3-6 m 6-9 m 9-12 m 12-18 m

 

.

Maattabel Verenigd Koninkrijk en Verenigde Staten

.

0-1 maand 1-2 maanden 2-4 maanden 4-6 maanden 6-9 maanden 9-12 maanden
Newborn 3 m 6 m 9 m 12 m 18 m

 

.

 

Toelichting maten

.

Kledingmaten en sok- of schoenmaten kunnen per kledingmerk of winkelketen soms (behoorlijk) verschillen. De verschillen zijn niet alleen te merken in de lengte van de kleding, maar soms ook in de pasvorm. Het is daarom aan te raden om de kleding te passen of te vergelijken met een ander kledingstuk. Ook kan de maat voor het onderlichaam verschillen van de maat voor het bovenlichaam; een baby kan bijvoorbeeld in verhouding vrij lange benen hebben en een wat korte romp.

De kledingmaten zijn overigens gelijk aan het aantal centimeters (de lengte) van de baby. Tijdens het eerste levensjaar groeien baby’s heel erg snel. De ontwikkeling gaat in een rap tempo; van zo’n 50 centimeter na de geboorte tot wel 80 centimeter aan het einde van het eerste jaar.

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Weeldeverordeningen in de middeleeuwen

Standaard

categorie : mode en kledij

.

In de veertiende en vijftiende eeuw vaardigden de stadsbestuurders strenge weeldeverordeningen uit om het dragen van buitensporige kleding door vrouwen tegen te gaan. Deze wetgeving kwam beslist mede voort uit misogynie (vrouwenhaat) bij de stadsbesturen maar het was ook een poging om iedereen op zijn door God bepaalde plaats in de maatschappij te houden.

.

 

Meister des Hausbuches  1480

.

 

Zo gauw een meisje “huwbaar” was geworden (vaak al op haar zestiende), probeerden haar ouders via haar een goede huwelijkskandidaat binnen te halen. Ze hoopten op die manier een paar treetjes op de maatschappelijke ladder te kunnen stijgen. Zij werd dus mooi uitgedost om veel huwelijkskandidaten te lokken waaruit de ouders dan de “beste” gingen kiezen en doorgaans was dat een wat oudere man (vaak al tegen de dertig).

Dat “mooi uitdossen” kon wel eens te ver gaan. De weeldeverordeningen dienden dan ook tevens om de uitgaven aan de kleding van de aanstaande bruid binnen de perken te houden. En ook wilden de stadsbesturen de uitgaven voor de bruidsschat binnen de perken houden, want de concurrentie op de huwelijksmarkt was groot en daardoor waren deze twee uitgaveposten flink gestegen.

.

 

1500

 

.

Als de burger echter eenmaal getrouwd en gevestigd was, hield hij er gauw mee op om zijn vrouw en zichzelf zo buitenissig en duur uit te dossen. Zijn jonge vrouw mocht zich dan binnenshuis niet meer optutten, alleen nog maar bij openbare feesten en plechtigheden. Ze mocht niet meer met zichzelf te koop lopen, haar vormen werden verhuld en de kleuren van haar kleren werden saaier. De edelstenen van de bruidsschat werden opgeborgen in de kisten. De volmaakte koopman had weliswaar een vriendelijk gezicht maar toch ook een strenge uitdrukking, hij droeg stijlvolle kleding, hij had een weloverwogen optreden en gebaren met een berekende elegantie.

 

.

 

voorpagina openbaring a4

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De mode in de 20ste eeuw

Standaard

categorie : mode en kledij

 

Geschiedenis van de mode

 

Het is onmogelijk om precies de toekomst van de mode te voorspellen. Rages volgen elkaar snel op en elk jaar zijn er nieuwe trends. De mode verandert dus steeds. In de geschiedenis zijn de veranderingen beter te bekijken. Vaak blijkt het wel mogelijk aan te geven welke mode heerste.

 

1920-1930
Vrouwen knippen hun haar kort en gaan broeken dragen. Voordien was het onmogelijk dat vrouwen broeken konden dragen, enkel mannen mochten dit. Vrouwen dragen rokken en mannen dragen broeken, dat was de regel.
Mannen kunnen met hun kleding laten zien tot welke sociale klasse ze behoren.

.

1925

 

.

1930-1940
In deze periode ontstaat er een degelijke vrouwenmode : de kleding volgt de lijnen van het lichaam, enkel de rok loopt naar onder wijd uit. De rokzoom daalt tot de kuit.
Er zijn vele militaire invloeden : Twee rijen knopen, epauletten(schouderversiering), grote opgestikte zakken, baretten en een brede schouderlijn.
Bij de mannenmode komt er weinig verandering : De broek wordt gewoon iets smaller, met omslagen. De colberts worden iets meer gedetailleerd. Op straat dragen de mannen wijde lange jassen.

.

1935

 

.

1940-1950
Na 1945 is de smalle taille, met een lange, wijde, zwierige rok opvallend.
De mannen dragen een kostuum : een lange, hoogesloten jas met een strakke broek.

.

i3591945

 

.

1950-1960
In deze periode ontstaat de rock-‘n-roll met bijhorende kleding.
Voor meisjes zijn dat wijde rokken met onderrokken, truitjes met boothals met breedtestrepen, een paardenstaart en platte schoentjes.( nylon kousen worden algemeen)
Voor jongens zijn dat spannende broeken en de vetkuif
De herenmode blijft traditioneel : strakke broek, colbert, overhemd en stropdas.

.

1955

 

.

1960-1970
Bij de vrouwenkleding komt eindelijk de de rokzoom boven de knie. Er ontstaat zelfs de mini rok : tot 20 cm boven de knie. ‘Hotpants’ worden gedragen eind de jaren 60, dat zijn nl. zeer korte strakke broekjes.
In de mannenkleding is er veel meer kleur en er worden veel coltruien gedragen.
In deze periode ontstaat ook de uni-seks-mode : mode die voor mannen en vrouwen hetzelfde is.

.

1965

 

.

1970-1980
Vele werkkleding wordt gebruikt als dagelijkse kleding. Rokken tot op de enkel komen in de mode.Broekspijpen lopen vanaf de knie wijd uit.
Aan het eind van de jaren zeventig ontstaat er een punk-beweging: jongeren met kapotgescheurde kleding en het haar in een hanenkam. Als sieraden : metalen kettingen. Sommige hebben zelfs een piercing.

.

1975

 

.

1980-1990
Bij de vrouwenmode is er een zakleijke, breedgeschouderde kledingvorm en veel Japanse invloeden : geinspireerd op de kimono.
Sportkleding wordt steeds meer als gewone kleding gedragen en de gewone kleding wordt sportiever. Kledingvormen uit alle delen van de wereld worden in combinatie met elkaar gedragen ( = cultuurmix ).

.

1985

 

.

1990-2000
Moderne kunststoffen worden zeer veel gebruikt.De kleding volgt de lijnen van het lichaam .
Punk komt nog steeds voor in de mode, in de vorm van geverfd haar, zwarte leren jacks, overdadig gebruik van ritsen, piercings.
Manen dragen colberts, vooral met één rij knopen en kleine schoudervulling. In hun vrije tijd dragen mannen katoenen overhemden, truien of sweatshirts en jacks. Vrijetijdskleding op het werk wordt steeds meer geaccepteerd.
Naveltruitjes en heupbroeken worden algemeen voor meisjes, soms hoort daar zelfs een navelpiercing bij.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Harajuku in Tokyo

Standaard

categorie : mode en kledij

Harajuku; een mengelmoes van straatmode

 

Deze eclectische kledingstijl vrolijkt de straten van Tokyo al een aantal jaren op. Waar komt het vandaan, wie draagt het en misschien vooral, waarom?

 

 

.

 

.

 

 

De wijk Harajuku

.

Harajuku is de naam van een wijk in Tokyo, in welke zich enkele belangrijke winkelstraten en ontmoetingsplekken bevinden. Er ligt een treinstation, enkele parken, zoals het veelbezochte Yoyogi park, en woonwijken in de vorm van flats. Alles is er te vinden, van de duurste laatste mode tot heerlijk eten en snacks. Ook kun je er straat- en andere vormen van theater en vermaak vinden.

Er zijn veel westerse producten, zowel materièle spullen als eten, te vinden. Dit groeit hier hand in hand met de eigen levenswijze en ideeèn. Deze mengelmoes heeft bijgedragen aan het ontstaan van de speciefieke harajuku kledingstijl.

 

 

 

 

Wild kledende jeugd

.

De jeugd doet zoals de jeugd overal en altijd doet, en zich afzettend tegen de heersende tradities, de maatschappij en de politiek, zijn de jongeren zich in deze wijk door de jaren heen steeds opvallender gaan kleden, geïnspireerd door het zeer brede scala aan beschikbare stijlen. De kledingstijlen lopen uiteen van jaren ’50 vetkuiven tot aan door manga geïnspireerde ruimtepakken. Gothic, punk, lolita´s, hip hop, pluche beesten, maffiapakken, je ziet het allemaal in Harajuku.

Sommigen houden het bij één stijl, anderen gebruiken van alles door elkaar heen, alsof ze op zoek waren naar een eigen identiteit, overstelpt werden met een overdaad aan invloeden en niet meer konden kiezen. De term “Harajuku” omvat al deze stijlen, of liever gezegd de mengelmoes ervan, die in deze befaamde wijk zijn ontstaan.

 

 

 

 

De Harajuku-outfit

.

Wat erg populair is in de harajuku wereld, is het aanpassen van bestaande, liefst tweedehands, kleding aan je wensen. Met scharen, lijm, stickers, speldjes, verschillende soorten stoffen en wat naaiwerk wordt er een persoonlijk ensamble in elkaar gestoken. De nadruk ligt op originaliteit en individualisme.

Dit geldt ook zeker voor het haar; de meest waanzinnige kapsels passeren de Harajuku-revue. Blonderen is populair in Japan sinds ze kennis hebben gemaakt met de westerse cultuur, maar de aanhangers van de Harajuku stijl houden het daar niet alleen bij: het haar kan in alle kleuren van de regenboog geverfd zijn, soms tegelijk, het wordt in de wildste kapsels gestilleerd en anders kan er altijd nog een pruik worden gedragen.

Alles aan deze stijl is over de top. De make-up wordt niet vergeten natuurlijk, net als de kleding is deze vaak extravagant. Er worden glitters, liters mascara en eyeliner, veertjes, kleurlenzen, stoffen en papieren vormpjes (bloemetjes etc.) en noem maar op gebruikt om het gewenste effect te creëren.

De accesoires worden niet vergeten; de harajuku volgelingen maken hun outfits compleet door bijpassende schoenen, sokken, tasjes, hoofddeksels, parasols, belletjes en allerlei andere attributen. Als het niet te koop is, wordt het zelf gemaakt.

 

 

 

 

 

 

Voortzetting van tradities

.

Met zijn veelkleurige opvallendheid doet deze stijl denken aan het rijk-gekleurde kabuki theater, of de uitbundig uitgedoste maiko, oiran en andere traditionele Japanse vormen van vermaak. Deze tradities, in welke ook de moderne Japanse entertainment zijn wortels heeft, zoals de manga en anime, hebben ook hun deel bijgedragen aan het inspireren van de Harajuku beweging.

Het is duidelijk dat het rijke kleurgebruik en het mixen van patronen, of stijlen in dit geval, het Japanse volk in het bloed zit. In de Japanse cultuur zijn er twee met elkaar botsende stijlen: Aan de ene kant heerst er een serene zen-achtige stijl, wat met het woord iki wordt aangeduid en de essentie vormt van gracieuze kalmte. Aan de andere kant is er de oogverdovende “herrie” van Japan’s meer eclectische stijlen. Van oudsher werd dit verschil geassocieerd met het klassenverschil; hoe bonter, hoe informeler, of hoe meer “volks” iets was.

Harajuku blijft een interessant fenomeen welke Japanse moderne en traditionele cultuur verenigt met de  westerse moderne cultuur. Naast de culturele en andere betekenissen die het heeft, is het een artiestieke uitingsvorm waar ook de vele toeristen graag naar kijken.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA