Tagarchief: gedrag

Omgaan met rages en mode voor tieners

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Tommy

 

 

 

 Pubers en mode

 

Pubers willen vaak niets liever dan ‘erbij horen’. Dat betekent vaak dat ze bepaalde kleding dragen, een bepaald imago willen hebben, bepaalde woorden gebruiken en over muziek, tv-programma’s, films en websites mee moeten kunnen praten. Maar vaak gaat het nog een stap verder, bijvoorbeeld met rages als tatoeages en piercings. Voor ouders is het vaak moeilijk om te bepalen wat ze wel en niet moeten toestaan. Hieronder volgen een aantal tips over het omgaan met rages en mode.

 

 

Tip 1

 

Het is belangrijk om heel veel aandacht te hebben voor de dingen die je leuk vindt aan het gedrag van je puber; jouw goedkeuring is van groot belang voor zijn of haar gevoel van eigenwaarde;

 

 

Tip 2

 

Blijf verder op de hoogte van de trends voor tieners, vooral onder de groep die één of twee jaar ouder is dan je eigen tiener. Zo voorkom je dat je wordt verrast en te heftig reageert;

 

 

Tip 3

 

Sommige rages komen en gaan zo snel dat je ze zonder problemen kunt negeren. Andere duren langer en aan een aantal rages zijn risico’s verbonden. Bekijk daarom in elke nieuwe situatie opnieuw de mogelijke risico’s voor jouw kind;

 

 

Tip 4

 

Probeer niet elke vraag direct met nee te beantwoorden. Laat je tiener voelen dat je bereid bent te overleggen en dat de uitkomst ja, nee of op voorwaarde dat… kan zijn. Tieners moeten voelen dat ze serieus genomen worden;

 

 

Tip 5

 

Probeer situaties waarin direct een besluit moet worden genomen te vermijden. Het zou kunnen dat je eerder geneigd bent om toe te geven wanneer je wordt overvallen door een verzoek en dat je tiener hier misbruik van maakt. Stel in dat geval een besluit uit en kom er later op terug;

 

 

Tip 6

 

Overweeg de voordelen, kosten en risico’s van elke wens. Is het goed voor je kind, hoe groot zijn de risico’s, wie betaalt er, gaat het tegen de regels van de school in, gaat het tegen de normen en waarden van het gezin in, zullen eventuele broertjes en zusjes het voorbeeld willen volgen. Nadat je hier zelf over hebt nagedacht kun je deze zaken rustig bespreken met je zoon of dochter;

 

 

Tip 7

 

Bedenk welk gedrag je thuis acceptabel vindt. Gewelddadig of seksueel getint taalgebruik dat overgenomen wordt uit populaire muziek of tv-programma’s kan onwenselijk zijn. Ook tieners moeten rekening houden met jongere broertjes, zusjes en buurtgenoten;

 

 

Tip 8

 

Soms wil je kind meedoen aan een rage die kostbaar is, en waar je wel toestemming voor wil geven. Kijk of je zoon of dochter wat extra klussen kan doen om geld te verdienen om mee te betalen aan (of zelfs helemaal te betalen voor) de duurdere zaken waar je toestemming voor wil geven;

 

 

Tip 9

 

Sta liever geen dingen toe die in strijd zijn met de regels van school, zoals een bepaalde kledingstijl, het dragen van (opvallende) sieraden of het meenemen van bepaalde voorwerpen;

 

 

Tip 10

 

Praat erover met andere ouders. Tieners zullen hun ouders over proberen te halen met argumenten als ’Al mijn vrienden mogen…’ en ’Ik ben de enige die niet…’. Zorg ervoor dat je dit gedrag niet onbewust beloont door eraan toe te geven. Controleer eerst of het waar is wat ze zeggen. Praat met andere ouders, vooral de ouders van vrienden van je tiener en controleer met wie hij omgaat;

 

Conclusie

 

Het is onmogelijk je tiener te beschermen tegen de invloeden van modeverschijnselen, maar je kunt wel zorgen dat hij zich goed voelt over zichzelf zoals hij is, en je kunt positieve vriendschappen stimuleren. Motiveer hem ook voor leuke en leerzame activiteiten onder toezicht. En reageer niet overdreven of al te streng. Uitspraken als ’Zolang je in mijn huis woont, doe je wat ik zeg’ of (met wanhopig omhoog gestoken handen) ’Doe maar wat je wilt maar je zult er spijt van krijgen’ leveren alleen maar boosheid en frustratie op. Verzamel zoveel mogelijk informatie om in elke situatie een weloverwogen besluit te nemen en wees bereid om te altijd met je tiener in gesprek te gaan.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Misvattingen omtrent het christelijk geloof

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Niet alleen mensen buiten de kerk hebben misvattingen over het christelijk geloof. Men ziet dat velen een beeld van het ‘christelijk geloof’ hebben niet geïnspireerd vanuit het Woord van God. Hier vijf misvattingen op een rij als onderdeel van het geloofsleven van een christen.

 

 

1. Gods liefde hangt af van je gedrag

 

We zijn gauw geneigd om te denken dat we Gods goedkeuring en liefde ontvangen als we de door onszelf opgezette regels navolgen. Maar de waarheid is dat Gods liefde niet afhangt van jouw gedrag. Hij houdt van ons ondanks ons gedrag.

‘Christus is voor ons gestorven toen wij nog zondaars waren’ (Romeinen 5:8).

Gods liefde is niet gebaseerd op wat je wel of niet doet. Zijn liefde is gebaseerd op Zijn Zoon en jouw beslissing om Hem te aanvaarden.

 

 

 

2. De kerk betekent wekelijks samenkomen in een kerkgebouw

 

Wanneer je woont en naar de kerk gaat, kan dit als iets vanzelfsprekends worden gezien wat ‘iedereen’ doet. Het aanbidden van God wordt dan vaak in een apart hokje gezet waar we de rest van de week aandacht aan geven. Op zondag behoor je netjes gekleed in de kerk te zitten en gedraagt iedereen zich goed.

Maar God is geïnteresseerd in ons hart en niet in ons uiterlijk (1 Samuël 16:7).

Verder wordt de kerk vaak gezien als een gebouw en niet als het lichaam van Christus. De Bijbel spreekt over de kerk als iets waar leven in zit.

Efeze 5:19-22 spreekt over ‘een heilige tempel in de Heere’.

Het is dus meer dan een wekelijkse bijeenkomst met prediking en samenzang. De kerk is niet bedoeld om een gezamenlijk evenement te organiseren, maar om mensen lief te hebben.

 

 

 

 

 

 

3. Je mag geen uiting geven aan je moeilijkheden of twijfels

 

Soms is het leven als christen ingewikkeld. Op sommige momenten zijn er geen gemakkelijke antwoorden. In plaats van het onderdrukken van onze twijfels en worstelingen, mogen we ze neerleggen bij God en anderen vragen om hulp. David was een man naar Gods hart en uitte in tijden van tegenspoed vaak openlijk zijn worstelingen en twijfels. Eerlijk en open zijn over je strijd maakt je niet minder geestelijk. Sterker nog, je komt dichter bij God omdat dit proces je ontdoet van je eigen trots en zelfredzaamheid.

 

 

 

4. Alleen ‘superchristenen’ kunnen kerkleider worden

 

Wanneer je iedere week in de kerk zit en je predikant of voorganger hoort spreken, kun je denken dat hij geestelijk superieur of een betere christen is. Dit is ook de reden dat we vaak verbaasd reageren wanneer kerkleiders struikelen. Vaak vergeten we dat ook zij zondige mensen zijn. Net als iedereen hebben voorgangers evenveel behoefte aan genade.

De waarheid is dat je voorganger, aanbiddingsleider, groepsleider of iemand anders die veel ervaring heeft als christen, ook mensen zijn. Zij worstelen. Zij hebben behoefte aan vrienden om over zaken te praten die geen betrekking hebben op de kerk. God gebruikt onze zwakheid voor Zijn eigen eer. Je hoeft jezelf niet op te werken als een soort geestelijke superchristen op nog meer te dienen.

 

 

 

 

 

5. De Bijbel legt ons vooral regels op

 

Vaak maken we van de Bijbel een regelboek. Maar als we op die manier naar Gods Woord kijken, zullen we gauw onze interesse in de Bijbel kwijtraken. De Schrift gaat allereerst over Jezus en het doel van Bijbellezen is niet een bepaald hoofdstuk uit lezen, maar om Jezus te ontmoeten.

Als je één van bovenstaande gedachten gelooft, raad ik je aan om aan zelfonderzoek te doen. Je staat hierin niet alleen. Het goede nieuws staat in Johannes 8:32:

‘U zult de waarheid kennen, en de waarheid zal u vrijmaken.’

 

 

 

 

 

 

De ongelovigen volgens de Islam

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Wie zijn, volgens de islam, de ongelovigen?

En wie moet daarover oordelen?

 

 

wees-genadig

 

 

De islam onderscheidt een aantal manieren van zich te verhouden tot God. Ongelovigheid is daar eentje van. Eerst even stellen dat in de islam de relatie tussen mens en God rechtstreeks is, zonder tussenkomst van een priester of kerk. De islam heeft trouwens geen kerkinstituut. Een imam is geen ‘islamitisch priester’, hij wordt niet gewijd, hij wordt door de gemeenschap gekozen om hen voor te gaan in het gebed.

In de Koran wordt door God zelf  gesteld dat er aan zijn bestaan geen twijfel is, maar er wordt evenzeer gesteld dat het de mensen vrij staat daar het hunne van te denken. Het staat mensen vrij zich te verhouden tegenover God zoals ze dat zelf willen, in Hem te geloven, aan Hem te twijfelen, of zijn bestaan ronduit te ontkennen.

Eén van de centrale geloofspunten van de islam is godsdienst- of gewetensvrijheid. In de Koran verbiedt God moslims nadrukkelijk om te proberen anderen te dwingen zich tot de islam te bekeren. Immers, de zin van het leven is dat het een test is om te zien of mensen het goede of het kwade zullen doen. Op het einde van de rit zal iedereen daarop door God beoordeeld worden.

En een test vereist dat men in vrijheid kan kiezen. Ook in de  islam  veronderstelt dat men vrij is om dat te doen. Moslims moeten dus in de eerste plaats een samenleving tot stand brengen waarin godsdienstvrijheid heerst.

 

 

 

De islamitische leer onderscheidt een aantal vormen

van zich tot God te verhouden:

 

islam – moslims

 

Moslims zijn diegenen die zich aan God overgeven, die zich in zijn liefde inschrijven en proberen het goede, rechte pad te bewandelen  zoals de profeten hen dat voordeden of die dat althans naar best vermogen probeerden. Moslim wordt men door te belijden dat men gelooft dat er geen god is dan God, en dat Mohamed zijn profeet was. In de islam is er geen ‘doopritueel’ want er is geen kerkinstituut. Het volstaat de belijdenis af te leggen in het bijzijn van twee getuigen. Het is echter  niet omdat men zichzelf moslim noemt, dat men het ook is.

 

.

 

mensen van het boek (ahl al-kitab) – joden en christenen

 

Met het boek wordt bedoeld, de openbaringen van God aan de profeten (zoals Mozes, David, enz en Jezus). Mensen van het Boek genieten een bijzondere status in de islam, vermits moslims, joden en christenen volgens de islam in dezelfde ene God geloven. De mensen van het boek behoren tot de Ahl al dhimmah of de beschermde mensen . De moslimgemeenschap is verplicht de Ahl al Dhimmah (en dus ook de joden en christenen) in hun gemeenschappen en landen te beschermen. De islamitische rechtsgeleerden en tradities stellen:

“Het convenant van bescherming legt aan ons zekere verplichtingen op tegenover Ahl Adh-Dimmah. Zij zijn onze buren, onder onze beschutting en bescherming met de garantie van God, Zijn Boodschapper, vrede zij met hem, en de godsdienst van de islam. Wie ook deze verplichtingen tegen één van hen schendt, door zijn reputatie te schaden, of door hem een letsel te berokkenen, heeft het Convenant van God en Zijn Boodschapper, vrede zij met hem, verbroken, en zijn gedrag botst met de leerstellingen van de islam”. (Al-Furooq, door Al-Qarafi).

 

.

onwetenden (jahil)

 

Dit zijn de mensen die de islam niet kennen. Ook diegenen die een verkeerd beeld hebben van de islam op grond van verkeerde informatie of omdat zij misleid werden, worden tot de onwetenden (en niet tot de ongelovigen!) gerekend.

 

.

veelgodenaanbidders (shirk)

 

Dit zijn diegenen die naast God nog anderen aanbidden. Men kan ook het eigen ik tot godheid promoveren, de eigen overtuigingen tot absolute waarheid uitroepen. De strijd tegen de verwaandheid van het eigen ik wordt in de islam beschouwd als de hoogste vorm van jihad.

 

.

afvalligen (irtidad)

 

Dit zijn mensen die moslim waren maar die de islam verlaten hebben.

 

.

atheïsten, materialisten (dahriyah)

 

Zijn mensen die het bestaan van God, het paradijs en de hel ontkennen en die alle geluk en ongeluk exclusief aan de tijd, natuurwetten, aan het materiéle, toeschrijven.

 

.

hypocrisie (nifaq, munafiqun)

 

Dit is een term die in de islam voorbehouden wordt voor mensen die beweren muslim te zijn maar die dat in hun hart niet zijn. Hypocrisie is de ziekte van het hart. De koran verafschuwt onwaarachtigheid en stelt dat diegenen die beweren muslim te zijn maar wiens daden dat tegenspreken  in de diepste putten van de hel zullen terechtkomen (erger nog dan de plek gereserveerd voor de ongelovigen).

“De huichelaars komen in de laagste verdieping van het vuur en jij zal voor hen geen helper vinden.” (Koran 4:145)
.
.
.

kufr (ongeloof)

 

Als ongelovig worden beschouwd die mensen die nadat zij de islam leerden kennen en dit ook als de ware leer erkenden, de islam bewust verwerpen. Wanneer men de islam (en God) verwerpt op grond van een verkeerd begrijpen van de islam of van God, wordt men niet tot de ongelovigen maar tot de onwetenden gerekend.

 

 

.

En wie oordeelt daarover?

.

Vermits God uniek is en niets of niemand aan Hem gelijkwaardig is, kan geen mens 100% zeker weten wat God bedoeld heeft. Geen mens heeft het volledige overzicht. Ook kan alleen God in de harten van de mensen kijken. Daarom komt het oordeel over geloofsaangelegenheden volgens de islam alleen God toe. Gezien er geen kerkinstituut bestaat in de islam, kan niemand geëxcommuniceerd worden.

 

“Het oordeel komt alleen God toe.” ( Koran 12:67)
.

Het gaat zover dat wanneer een moslim een andere  ervan beschuldigt geen moslim te zijn, hij zichzelf buiten de islam stelt vermits hij zich op dezelfde hoogte stelt als God en daarmee het primaire geloofspunt dat er geen god is dan God schendt.

Een andere zaak dan geloof is uiteraard het gedrag van mensen. Gedrag dient in de samenleving via wetten gereguleerd te worden. Niets verplicht moslims ertoe de shariah in te voeren vermits de islam geen blauwdruk van een staatsvorm bevat (en zelfs mocht men dat willen doen, dan kan dat alleen bij een unanimiteit grenzende meerderheidsbeslissing.

Bovendien garandeert de shariah vrijheid van godsdienst). Moslims hebben als maatschappelijke opdracht een rechtvaardige samenleving voor iedereen tot stand te brengen. Via welke staatsvorm zij dat beogen, staat hen vrij, met dien verstande dat de koran wel een theocratie en een dictatuur uitsluit.

.

.

.

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De Celestijnse belofte : 6de inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

De Celestijnse belofte is een boek  van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

 

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

 

6e inzicht – karakterstructuren

 

 

1235030683Nhba

 

 

In het vierde inzicht hebben we geleerd dat mensen snel geneigd zijn energie van elkaar te onttrekken. In het zesde inzicht worden deze energiemanipulaties uitgewerkt tot vier karakterstructuren:

bullebak/leider
ondervrager
afstandelijke
arme ik

Ieder mens valt binnen één karakterstructuur, deze vormt hij in zijn jeugd en behoudt hij zijn gehele leven. Daarnaast gebruiken we alle 4 de structuren ook als beheersingssysteem om onze karakter- structuur te beschermen. Vooral bij een ouder/kind relatie is dit goed zichtbaar. Door naar je eigen karakterstructuur te kijken, zie je die van je ouders.

De Celestijnse belofte gaat er van uit dat elk ongeboren geest (toekomstig kind) zijn ouders bewust kiest, mede op basis van deze structuren. Dit doet deze om zo een goede voorwaarden te creëren om haar eigen levensvisie te kunnen voldoen (hierover meer in het 10e inzicht).

 

 

bullebak/leider

 

Elke karakterstructuur heeft 2 kanten, een positieve (de transformatie) en een negatieve (het beheersingsdrama). Deze 2 kanten komen het duidelijkst naar voren bij de meest dominante structuur, die van de bullebak/leider. Beiden stelen/ontvangen energie door middel van dominantie. Zij zijn de baas en bepalen wat er gebeurt.

De bullebak doet dit op een negatieve manier (intimidatie, luidruchtigheid, haantjesgedrag, egocentrisme en fysiek en/of communicatief agressief gedrag) en de leider op een positieve manier (stimulerend, een voorbeeld zijn, goede ideeën hebben).

De bullebak creëert de meeste schade omdat deze uitgaat van energieroof, hij kent geen communicatie op basis van gelijkwaardigheid en probeert altijd de belangrijkste te zijn en heeft geen interesse voor de ander. Een bullebak ‘zuigt’ werkelijk de energie uit een ander.

Het beheersingssysteem wordt gebruikt om de karakterstructuur te beschermen en dit is afhankelijk van de situatie waarin de persoon zich bevindt. Als een bullebak iedereen meekrijgt en iedereen luistert naar hem zal hij dit willen continueren. Als er veel oppositie is zal hij juist gaan overheersen en pressie geven. Dit ‘continueren’ of ‘overheersen’ doet hij dus middels een beheersingssysteem.

 

 

ondervrager

 

Ondervragers zijn net als bullebak/leider dominante personen en ze zijn communicatief zeer sterk. Ze proberen via de discussie  te overheersen, en zo energie van die ander te ontnemen. Ze zijn vaak negatief ingesteld, wijzen steeds op iemands zwakke plekken, bekritiseren de fouten of vergissingen van anderen. Een ondervrager kan dit ook uiten door overbezorgd, jaloers of perfectionistisch te zijn.

Een ondervrager kan moeilijk iets aardigs of liefs zeggen, zonder er direct een negatieve draai er aan te geven. Een ondervrager kan ook positiever ingesteld zijn, maar richt zich dan steeds op de buitenwereld, om zo zijn eigen problemen op het tweede plan te krijgen. Een veelgebruikt beheersingssysteem van de ondervrager is een ‘arme ik’ of een ‘afstandelijke’.

 

 

afstandelijke

 

Afstandelijke mensen denken dat ze anders zijn en dat niemand hun begrijpt. Zodoende sluiten ze zich geheel of gedeeltelijk af van de wereld om hun heen. In extreme gevallen creëren ze een eigen wereld waarin ze zich thuis voelen. Kinderen worden vaak afstandelijk door hun dominante gedrag van hun ouders (bullebak of ondervrager).

Door zich af te sluiten wapenen zij zich tegen dit gedrag, Ze sluiten zich echter ook af voor datgene waar ze juist zoveel behoefte aan hebben (aandacht, liefde, respect, sociale contacten). Wil een afstandelijke aandacht krijgen, dan verwordt hij vaak een ‘arme ik’ omdat hij niet de capaciteiten heeft om de dominante karakterstructuur aan te nemen.

Een niet-veelgebruikt beheersingssysteem van de afstandelijke is de ondervrager. Wordt een afstandelijke in zijn eigen wereldje bedreigt dan kan hij wel kortstondig een bullebak worden.

 

 

arme ik

 

Een pessimistisch ingesteld figuur die altijd de slachtoffer rol opzoekt. Heeft een groot zelfmedelijden. Door de aandacht die ze van andere vragen krijgen/eisen ontnemen ze energie van die anderen. Maar ze willen geen oplossing voor hun problemen, omdat dan hun energiebron opdroogt. Arme ik figuren blijven dus altijd klagen. Vaak zijn deze mensen labiel, en zoeken steun bij dominante figuren (bullebak en ondervrager).

Een veelgebruikt beheersingssysteem van de arme ik is de bullebak (als de ander te kritisch wordt) en de ondervrager (hoe gaat het met jou..? Niet zo goed, o meid, met mij gaat het veel slechter, moet je toch eens horen wat mij is overkomen…..”).

Wil je je Boeddha-natuur structureel gaan verbinden met de Universele energie (vijfde inzicht), dan moet je allereerst de energiemanipulaties onder ogen zien. De hierboven beheersingssysteem’s zijn en worden bepaald door je ego. Het ego is dus sterker dan je Boeddha-natuur en dat moet je zien om te draaien. Dat kan door juist die energiemanipulaties onder ogen te zien.

Mensen die sterk handelen vanuit hun beheersingssysteem verwachten een bepaalde rol van een ander. Als een bullebak  tegen je gaat brullen, dan ga je of terug brullen (bullebak), of je zoekt smoezen ( ja maar…’ (arme ik), of je stelt je erg afstandelijk op( laat maar lullen...’ (afstandelijke). Door anders te reageren kan de bullebak geen energie van jouw roven (voordeel 1), raakt hij in de war en gaat zich anders gedragen (voordeel 2) en de mogelijkheid bestaat dat hij zijn gedrag gaat inzien (voordeel 3).

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA