Tagarchief: bijbel

Hoe is de Bijbel tot stand gekomen?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De namen van Bijbelboeken worden in het aangeven van de Bijbelteksten altijd voluit geschreven met het oog op hen die niet zo met de Bijbel bekend zijn.

 

 

 

het-dwars-leggen-over-de-bijbel-ontstaan-38708938

.

.

.

Onder alle boeken neemt de Bijbel een bijzondere plaats in. Niet alleen wat de inhoud betreft, maar ook wat zijn ontstaan aangaat.

 

 

Meestal wordt een boek door één auteur geschreven in een betrekkelijk kort tijdsverloop. Soms komt een boek tot stand door samenwerking van een paar schrijvers, die dan nauwkeurig voeling met elkaar houden. Met de Bijbel is dat echter totaal anders. We zullen dat  nagaan en zien dat de Bijbel wat zijn ontstaan betreft al een wonder op zichzelf vormt.

 

01. De Bijbel is eigenlijk niet één boek. Hij bestaat uit 66 boeken. Dit aantal is in twee groepen verdeeld, te weten de boeken van het Oude Testament en de boeken van het Nieuwe Testament. Het Oude Testament heeft 39 boeken en het Nieuwe Testament 27 boeken.

02. De boeken van het Oude Testament verdelen we als volgt:
a. de geschiedkundige boeken te weten Genesis tot en met Esther
b. de poëtische of dichterlijke boeken, dat zijn de boeken van Job tot en met Hooglied
c. de profetische boeken te weten Jesaja tot en met Maleachi

03. De Joden hebben een andere indeling en spreken van:
– de wet (Genesis tot en met Deuteronomium);
– de profeten (Jozua, Richteren, Samuël, Koningen, Jesaja, Jeremia, Ezechiël, 12 kleine profeten;
– de geschriften (Job, Spreuken, Psalmen, Hooglied, Ruth, Klaagliederen, Prediker, Esther, Ezra, Nehemia, Kronieken, Daniël. Iets van deze indeling vinden we in Lukas 16:16. De twee aanduidingen die daar gebruikt worden zijn de wet en profeten. De benamingen die in Lukas 24:44 opgesomd worden zijn de profeten en de  psalmen.

04. Het Nieuwe Testament wordt meestal in vier delen verdeeld, te weten:
a. De vier evangeliën. Dat zijn Mattheüs, Marcus, Lukas, Johannes;
b. De Handelingen ;
c. De Brieven Romeinen tot en met Judas ;
d. De Openbaring.

05. Nu iets over de schrijvers en de tijd waarin zij leefden. De eerste vijf boeken van het Oude Testament zijn Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium. Ze zijn geschreven (zie Daniël 9:11; Lukas 16:31; 24:44) door Mozes. De schrijver van die boeken leefde zo’n 1400 jaar voor Christus. De Joden noemen deze vijf boeken de ‘Thora'(= aanwijzing, wet). Van het Griekse woord ‘pentateuchos’ (= vijfdelig boek: ‘pente’ = vijf, ‘teuchè= rollen) is de naam Pentateuch afgeleid.

06. Als we zeggen dat Mozes de schrijver is van de eerste vijf boeken van de Bijbel, bedoelen we daarmee niet, dat er in die boeken geen notities van latere schrijvers of samenstellers voorkomen. Zo’ n latere toevoeging hebben we kennelijk in Genesis 36: 31. Daar wordt van de koningen van Edom gezegd dat ze regeerden voordat er een koning over de Israëlieten regeerde.

07. Ook Deuteronomium 34 moet van een latere hand zijn. De gebeurtenis van Mozes dood wordt er beschreven. Het is toch niet aannemelijk dat Mozes daarover bij voorbaat, als profetie, geschreven zou hebben.

08. Heel wat Jongelui komen van school thuis met het verhaal dat deze boeken pas veel later zijn ontstaan. Zo zou Deuteronomium dateren uit de tijd van koning Josia (ca 630 v. Chr.). Bij de tempelrestauratie vond men toen (2 Kronieken 34:14) het boek van de wet des Heren gegeven door Mozes.

Uiteindelijk zou de Pentateuch pas in de vijfde eeuw voor Christus voltooid zijn en door Ezra met zijn gezag zijn gedekt. Bij de samenstelling zou materiaal van diverse ‘bronnen’ zijn samengevoegd. Van Ezra lezen we in Ezra 7: 6 dat hij een schriftgeleerde was, bekwaam in de wet van Mozes.

09. De argumenten die men voor deze en soortgelijke opvattingen aanvoert, missen echter elke grond van degelijk bewijs en zijn ingegeven door vooringenomenheid. De beide genoemde teksten zeggen niets in de richting van wat deze geleerden beweren, integendeel. In het wetboek in de tijd van Josia staat dat het gevonden werd. Dat geeft aan dat het boek al bestond. Ezra kende de wet. Er staat niet dat hij de wet schreef, of dat hij de wet samenstelde.

10. Vroeger ontkende men dat Mozes de schrijver was op grond van het lichtvaardige argument, dat in zijn dagen de schrijfkunst nog niet zou zijn uitgevonden. Latere opgravingen hebben aangetoond hoe totaal onhoudbaar deze mening was. Er zijn beschreven kleitabletten gevonden van meer dan 5000 jaar oud!

Hoewel de Bijbel die bevestiging niet nodig heeft, laat een dergelijke vondst de betrouwbaarheid zien van mededelingen zoals in Numeri 33: 2 waar staat daar dat Mozes namelijk  hun tochten beschreef van pleisterplaats tot pleisterplaats. Zelfs een jongeman, zomaar aangetroffen in het veld in de tijd van de Richteren kon schrijven. Dit blijkt uit vers 14 van Richteren 8.

11. De jongste boeken van de Bijbel moeten we natuurlijk in het Nieuwe Testament zoeken, het zijn de brieven van de apostel Johannes. Die zijn omstreeks 100 na Christus geschreven. Als we de hiervoor vermelde tijdsaanduidingen als juist aannemen is de hele Bijbel dus tot stand gekomen in ( 1400 + 100 ) 1500 jaar.

12. Het is al een zeldzaam iets dat zo’n veertig mensen over verloop van tientallen eeuwen 66 boeken schrijven, die op elkaar aansluiten en volmaakt met elkaar in harmonie zijn.

 

 

 

document van Jesaja

document van Jesaja

 

 

 

Dat veertig mensen over een tijdsverloop van zo’ n 1500 jaar zesenzestig boeken schrijven, die een eenheid vormen, is al een wonder op zichzelf. Maar dat is nog niet alles. Deze veertig schrijvers waren namelijk geen veertig mensen met eenzelfde opleiding, ingewijd in eenzelfde vak. Ook stemden ze niet overeen in karakter of levensomstandigheden en ondanks die verschillen leveren ze één magistrale compositie van 66 boeken. 

 

 

01. Mozes heeft als jongeman zijn opvoeding genoten (Exodus 2:10; Handelingen 7: 21) aan het hof van Farao. Hij werd daar opgevoed in (Handelingen 7:22) wijsheid door de Egyptenaren.

02. Toen hij veertig jaar was (Handelingen 7:23) vluchtte hij naar Midian en bleef daar veertig jaar (Handelingen 7: 30). Hij verbleef daar bij (Exodus 2:18-21) Rehuël  die ook wel (Exodus 18:1) Jethro noemde.  Deze man was een (Exodus 3:1) schaapsherder.

03. Vervolgens voerde Mozes het volk Israël uit Egypte en leidde het veertig jaar door de (Handelingen 7:36) woestijn. Tijdens die reis moet hij de Pentateuch (Genesis tot en met Deuteronomium) hebben samengesteld.
Aanwijzingen voor zijn activiteiten als schrijver treffen we o.a. aan in Exodus 17:14. Daar gaat het over de strijd met welk volk Amalek. Ook is er sprake van het oordeel dat God over die volksstam uitspreekt (vgl. ook het reeds genoemde Numeri 33: 2).

04. Een heel andere achtergrond dan Mozes heeft bijvoorbeeld Amos. Volgens zijn eigen getuigenis was hij  (Amos 7:14) veehouder en kweker van moerbeivijgen.

05. Daniël was van afkomst? (Daniël 1: 3,4) koninklijk. Hij leefde in Babel maar in de burcht die lag in (Daniël 8:2) het gewest Elam. Dat hij de dromen en gezichten die hij kreeg opschreef, lezen we in Daniël 7 in vers 1. Daniël legde zijn profetieën vast in een boek.

06. Mattheüs was van beroep tollenaar voordat hij een discipel van Jezus werd (Mattheüs 9:9). Dit beroep stond onder Israël niet hoog aangeschreven (Denk aan Mattheüs 11:19).

07. Marcus heet de schrijver van het tweede evangelie. Zoals vaker het geval was, werd hij ook nog met de andere naam Johannes aangeduid (Handelingen 12: 12). Hij was een neef van (Kolossen 4: 10) Barnabas. Met deze man maakte Paulus de eerste zendingsreis. Marcus heeft zich op die reis niet erg gunstig (Handelingen 13: 13). Daardoor ontstaat er later een verwijdering (Handelingen 15: 36-41). Gelukkig is dat later weer bijgelegd. Paulus zegt in 2 Timotheüs 4:11. immers van Marcus dat hij van heel veel nut was voor de dienst.

 

 

 

Het-ontstaan-van-de-Bijbel-van-kleitablet-tot-boekdrukkunst-Back

 

 

 

08. Petrus was net als Johannes een (Mattheüs 4:18-22) visser. Het waren ongeletterde mensen blijkens Handelingen 4:13. Van Petrus weten we dat hij ‘dialect’ sprak. Men zei van hem (Mattheüs 26:73) dat hij een eenvoudig man was.

09. Petrus schreef blijkens het slot van 1 Petrus 5 zijn eerste brief in Babylon. Volgens sommigen zou dit een symbolische naam zijn waarmee dan Rome bedoeld werd. Er is echter niet voldoende reden om niet aan het bekende landschap Babylon te denken. In dit vers is ook weer sprake van Marcus die  door Petrus genoemd zijn zoon genoemd wordt.

10. We treffen ook een ontwikkeld man onder de schrijvers van het Nieuwe Testament aan. We hebben het over (Kolossen 4) Lucas, de geneesheer. Hij schreef het evangelie van Lucas en de Handelingen der apostelen.

11. Ook Paulus kan bogen op een behoorlijke ontwikkeling. Hij was een (Filippi 3:5) farizeeër die opgevoed werd aan de voeten van (Handelingen 22: 3) Gamaliël.  Dit was onder de Joden een heel bekend en geacht persoon. Paulus schreef de brief aan Filémon  (Filémon::23; Handelingen 28:16) in de gevangenis te Rome.

12. De diverse schrijvers verschillen dus wat betreft:
– de tijd waarin ze leefden,
– het land waar ze woonden,
– het beroep dat ze uitoefenden,
– de opvoeding die ze hadden genoten,
– het milieu waaruit ze voorkwamen.

13. Maar dit is nog niet alles. De schrijvers verschillen ook sterk wat hun karakter betreft. Volgens Numeri 12 was  Mozes zachtmoedig van karakter. Van de beide discipelen Johannes en Jakobus kan dat blijkbaar niet gezegd worden. De Heer Jezus noemt ze in Marcus 3:17: ‘Boanérges’ wat zonen des donders betekent. Hoe juist die naam is, blijkt uit Lukas 9: 54.

14. Onder de schrijvers treffen we oude mensen aan, maar ook jeugdige personen. Mozes was 40 jaar toen hij uit Egypte trok (Handelingen 7: 23). Hij verbleef 40 jaar in Midian blijkens Handelingen 7. Hij was dus minstens 80 jaar toen hij begon te schrijven. Jeremia was geen oud man toen hij tot profeet geroepen werd (Jeremia 1: 6). Eerst later lezen we van het opschrijven van zijn profetieën. Dat gebeurde in (Jeremia 36) het vierde jaar van Jojakim. Toen was hij nog vrij jong, want dit was nog geen twintig jaar later.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Advertenties

De economische vernietiging van Babylon : Openbaring 18

Standaard

categorie : de Openbaring

 

 

 

 

De Openbaring uit het Nieuwe testament : hoofdstuk 18

 

 

.

De economische vernietiging van Babylon

 

.

H18

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

.

Wat is het boek der Openbaring?

.

De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps.

Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.

  • Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’
  • Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’
  • Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’

.

Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft.

Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

.

God geeft kennis  over

.

-zijn doel met deze wereld

-de toekomst van Israël en de wereld

-het mysterie van het goede en het kwade

-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het  kwade

-de toekomstige natuurrampen en oorlogen

-de wederkomst van de Messias

-de dag des oordeel

-het uitzicht in de hemel en zijn troon

-de nieuwe  hemel en de nieuwe aarde

.

De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Dinosaurussen volgens de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Dino’s, prehistorisch?

 

Dat mensen en mammoeten samen geleefd hebben zal niemand betwijfelen, maar mensen samen met een Tirannosaurus of een Triceratops? Op het plaatje hiernaast zie je hoe botten van dinosauriërs waarschijnlijk in elkaar gezeten hebben. Deze foto komt uit het Natural History Museum in Los Angeles. Ze worden niet in deze stand in de grond gevonden dus het is een zo goed mogelijke benadering.

Aangezien we deze beesten niet meer in levende lijve aantreffen, zullen we moeten proberen er een voorstelling van te maken. We kunnen het uiterlijk van dinosauriërs benaderen door ze te vergelijken met bijvoorbeeld olifanten. Daarom werden ze door kunstenaars vaak grijs afgebeeld (zie tweede plaatje).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tegenwoordig zien we afbeeldingen van dinosauriërs vaak in allemaal bonte kleuren, versierd met riggeltjes en andere kleine aanhangsels, omdat wetenschappers en kunstenaars in toenemende mate beseffen dat het eigenlijk hele grote hagedissen waren. De meeste wetenschappers geloven dat dinosauriërs 65 miljoen jaar geleden zijn uitgestorven en dat ze daarna niet meer voorkwamen. De vroege voorloper van de mens verscheen volgens hen pas enkele miljoenen jaren geleden op het toneel.

Dino’s en mensen zouden elkaar dus nooit gezien hebben. Stel nu dat God de dinosauriërs en de mensen ongeveer 6000 jaar geleden samen gemaakt heeft en dat mensen en dinosauriers wel samen geleefd hebben. We zouden in ieder geval verhalen moeten hebben van mensen die grote reptielen gezien hebben. Wellicht zullen we kunstobjecten met afbeeldingen van dinosauriërs vinden. Heel misschien fossiele resten van dino’s en mensen samen, maar dat is erg onwaarschijnlijk. De meeste fossielen zijn volgens ons tijdens de zondvloed ontstaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

Als er tijdens de zondvloed mensen in de buurt van dino’s waren, zouden ze logischerwijs toch op verschillende manieren gevlucht zijn voor het wassende water, waardoor ze niet bij elkaar in het fossielenbestand terecht kwamen.  Bedenk ook dat er in verhouding veel minder mensen waren dan beesten.

Mensen zullen door hun intelligentie en mobiliteit sowieso niet snel door sediment bedekt en gefossiliseerd worden  omdat het aantal potentiële menselijke fossielen in verhouding tot de hoeveelheid fossielhoudend gesteente heel erg klein moet zijn. Stel dat er 10 miljoen mensen waren ten tijde van de zondvloed en dat al hun lichamen bewaard zouden zijn gebleven.

Er is 700 miljoen kubieke kilometers fossieldragend sediment. Dat betekent dat bij een gelijkmatige verdeling maximaal één menselijk fossiel per 70 kubieke kilometers sediment gevonden kan worden. Dat maakt het al onwaarschijnlijk om er één te vinden, laat staan een mens samen met een dinosaurus.

 

 

 

 

Volgens de Bijbel

 

Als de Bijbel betrouwbaar is, dan moet geen enkel wetenschappelijk feit een juiste interpretatie van de tekst van de Bijbel tegenspreken. De aarde en alles wat daarop leeft, werd volgens Gods eigen woorden (in Exodus 20:11) in zes dagen geschapen. We hebben ook al gezien dat we via verschillende geslachtsregisters kunnen bepalen hoe oud de aarde volgens de Bijbel zou moeten zijn.

Ongeveer 6000 jaar als er in de geslachtsregisters namen van onbelangrijke personen weggelaten zijn. Dat betekent dan dat Adam en Eva samen met de dinosauriërs, zo’n 6000 tot 10.000 jaar geleden geschapen moeten zijn. Deze gigantische reptielen passen op zich goed in de beschrijving van grote land- en zeedieren die in de Bijbel genoemd worden. De vloek die over de aarde kwam vanwege de keuze van Adam, bracht ziekte en dood.

Toen alles net geschapen was, noemde God het ‘zeer goed’. Alles is in dezelfde week geschapen, dus de dinosauriërs kunnen volgens het Bijbelse wereldbeeld niet ‘uitgestorven’ zijn voordat de mens ten tonele verscheen. De botten van dinosauriërs die gevonden zijn laten ons zien dat ze vaak onder gewelddadige omstandigheden om het leven gekomen zijn. Er zijn in fossielen ook sporen van ziektes gevonden. Dat kun je toch niet ‘zeer goed’ noemen.

Sommige mensen proberen de 6 dagen van de Bijbel op te rekken tot miljoenen jaren, maar dat laat de tekst niet toe, want dan zouden de planten miljoenen jaren zonder zonlicht hebben gezeten, aangezien de zon maan en sterren na de planten gemaakt werden.

Bovendien laat de Hebreeuwse tekst niet toe dat de dagen als lange perioden geïnterpreteerd moeten worden. Een ‘dag’ in die tekst is gewoon een dag zoals wij die vandaag de dag ook nog meemaken. Dus volgens de Bijbel moeten mensen en dinosauriërs ongeveer 6-10.000 jaar geleden samen geleefd hebben.

Het is zeer onwaarschijnlijk dat alle dinosauriërs al voor de zondvloed verdwenen waren, dus moeten ze meegegaan zijn in de Ark van Noach . Het woord ‘dinosaurus’ is nog niet zo lang geleden bedacht. Als we in oude literatuur kijken, moeten we niet zoeken naar het woord ‘dinosaurus’, maar bijvoorbeeld ‘draak’ of ‘monster’. In Genesis 1:21 staat: “En God schiep grote zeemonsters”.

In het Hebreeuws staat Tannim. In oude vertalingen werd dit woord met ‘draak’ vertaald en een paar keer met ‘slang’. Het woord komt 23x in de Bijbel  voor. Ook in andere oude literatuur komen beschrijvingen van draken voor. Zouden dinosauriërs misschien de oorsprong van drakenverhalen kunnen zijn?

 

 

 

 

 

 

 

 

Deze varaan wordt in het Engels ‘komodo dragon’ genoemd. Als dit dier drie of vier meter hoog zou worden, dan zou je de indruk krijgen van een dinosaurus. We hebben al gezien dat veel organismen vóór de zondvloed groter werden dan nu. De gemiddelde dinosaurus  had ongeveer de grootte  van een schaap. Je had hele grote dino’s, maar ook heel veel kleintjes. De varaan zou je kunnen zien als één voorbeeld van een dinosaurus die nog niet uitgestorven is. Hetzelfde zou je kunnen zeggen van de leguaan en de krokodil.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De apocriefe boeken vind je in een katholieke bijbel. Daniel heeft daarin een aantal extra hoofdstukken.
Daniël 14:22-27: “En er was een grote draak in die streek en de Babyloniërs aanbaden hem. En de koning zei tegen Daniël: ‘Luister, u kunt toch niet zeggen dat dit geen levende god is? Aanbid hem dan’. En Daniël zei: ‘Ik aanbid de Here mijn God, want Hij is de levende God.

Maar dat is geen levende god. Maar als u mij toestaat, o koning, zal ik deze draak doden zonder zwaard of knuppel’. En de koning zei: ‘Ik sta het u toe’. Toen nam Daniël pek, vet en haar, kookte het mengsel, maakte er bundeltjes van en stopte ze in de bek van de draak. En de draak barstte uit elkaar. En toen zei hij: ‘Kijk nu eens naar hem die jullie aanbidden.’

Daniël was slim, hij nam pek (kleverig spul), vet (bijna alle dieren houden van vet) en haar ( verteert niet). Toen de draak dat gegeten had, kreeg hij natuurlijk een verstopping van de darmkanalen. Het beest indrukwekkend geweest zijn, anders zouden ze hem niet aanbeden en gevreesd hebben.

In Job 40:15-24 wordt “Behemoth” (beest der beesten) beschreven: “Machtige spieren in zijn lendenen en buik”, hij “beweegt zijn staart als een ceder”, “de pezen van zijn liezen zijn gevlochten”, “zijn botten als bronzen buizen, als ijzeren staven”, “hij is de voornaamste van Gods ondernemingen”, “hij ligt onder de lotusplanten, verbergt zich in moerassen”, “hij staat stevig in een sterk stromende rivier”, “niemand kan hem temmen”.

Deze beschrijving in het boek Job ,waarvan wordt aangenomen dat het uit de tijd vlak na de zondvloed stamt, zou heel goed op een dinosaurus kunnen slaan.

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik acht het waarschijnlijk dat Job over een Brachiosaurus of Diplodocus schreef. Die staarten komen qua vorm dicht in de buurt van een boom. Ze voldeden in ieder geval uitstekend aan de titel “hoofd” of “voornaamste van Gods ondernemingen”

Job 41 beschrijft “Leviathan” (groot zeemonster): “Afschrikwekkende tanden rondom”, “sterke schilden”, “lichtschijnsel als hij niest; zijn ogen lichten op als de dageraad”, “uit zijn bek komen vlammen en vurige vonken”, “uit zijn neusgaten komt rook, zijn adem laat kolen ontbranden”, “het zwaard van zijn belager doet hem niets en hij laat de diepte borrelen als in een kookpot”, “op de aarde is niets met hem te vergelijken”, “hij kijkt overal op neer, hij is de koning van alle trotse dieren”.

Waarom zou God geen vuurspuwende hagedis- of krokodilachtige kunnen maken? Wie weet had de pliosaurus wel de mogelijkheid om vuur en rook te produceren. Het feit dat een dergelijk beest serieus beschreven wordt in een oud boek als Job, geeft aan dat wij het ook serieus kunnen nemen. Dan is hij dus nog door mensen beschreven en is hij niet ‘prehistorisch’ (van voor de geschreven geschiedenis).

 

 

 

 

 

 

 

 

Dat er grote zeemonsters in onze oceanen hebben rondgezwommen is een feit. Misschien was dat wel het beest waarop de Vikingen hun drakenkoppen hebben gebaseerd. Het is waarschijnlijk en ook logisch dat een aantal in het water levende dinosauriërs de zondvloed overleefd hebben.

Noach hoefde de waterbeesten niet mee te nemen in de ark en ondanks de gigantische omvang van de ramp moeten er plaatsen op aarde geweest zijn waar het tumult iets minder was, zodat ze konden overleven. Het overleven van die oude ‘zeemonsters’ kan vanuit een bijbels wereldbeeld makkelijk verklaard worden.

 

 

 

 

 

 

 

 

Sommige mensen zullen zeggen dat het hier om mythologische afbeeldingen gaat, maar is het niet logisch om te concluderen dat het om beesten gaat die daadwerkelijk door mensen gezien zijn?

In 326 voor Christus waren de soldaten van Alexander de Grote in wat nu India is. Ze zeiden bang te zijn voor grote draken die daar in grotten leefden. Een zekere Beowulff zou draken gedood hebben en werd uiteindelijk zelf gedood tijdens een gevecht met een gevleugelde draak (pterodactilus?).

Zouden we moeten concluderen dat er nooit zulke beesten samen met mensen bestaan hebben, alleen maar omdat we ze nu niet meer in dierentuinen kunnen bewonderen? Zouden echt al die verhalen moeten worden toegeschreven aan de bijgelovigheid of de sensatiezucht van de vertellers?

 

 

 

 

 

 

 

Uit de kunst van oude culturen kunnen we de conclusie trekken dat ze bekend waren met draken (dinosauriërs). We kunnen drakenkunst terugvinden in Indiaanse Petrogliefen. Rots- en kliftekeningen in Utah en Colorado tonen ruwe afbeeldingen van bepaalde dinosaurussoorten (gedateerd tussen 400 en 1300 na Christus). Kijk ook eens naar het Gilgamesh epos, Fafnir, Beowulf en andere Legenden.

Dinosaurus-achtige wezens worden voorgesteld op Babylonische markeringen, Romeinse mozaïeken, Egyptische gewaden voor begrafenissen, en vele andere kunst verspreid over de hele oudheid.
Er zijn ook heel recente verhalen van draakachtige wezens. Marco Polo schreef aan het einde van de dertiende eeuw over draken die hij zag op een van zijn reizen door China.

Hij beschreef enorme slangen van tien passen lang, met een lichaamsomtrek van tien handlengten. Aan de voortkant, dicht bij het hoofd, twee korte poten, elk met drie klauwen als van een tijger, met ogen groter dan een brood van vier denari, die je intens aanstaarden. De kaken waren breed genoeg om een man te verslinden en grote, scherpe tanden.

Overdag leefden ze in grotten en in de nacht gingen ze op zoek naar voedsel. Hij beschreef nauwkeurig hoe ze werden gejaagd, geslacht en welke delen werden gegeten. Hij wist zelfs te vertellen dat de galblaas een geneeskrachtige werking had.

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

De schrift is onbreekbaar

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Hoe moeten we opvatten dat de Bijbel het Woord van God is? Is de hele Bijbel het Woord van God en zijn dus alle mededelingen volkomen betrouwbaar, of zijn alleen bepaalde gedeelten van de Bijbel Goddelijk? Of is slechts de boodschap, die uit de Bijbel tot ons komt, Gods Woord?

 

 

 

libros-de-la-biblia

 

 

 

 

 

De zelfgetuigenis van de Bijbel

 

Wie zal op deze vragen het beslissende antwoord geven? Wel, dat doet de Bijbel zelf. Nu, en niet eerder, komt de zelfgetuigenis van de Bijbel aan de orde. Als we door de boodschap van de Bijbel tot bekering en geloof in Jezus Christus zijn gekomen, zal de getuigenis dat de Bijbel over zichzelf geeft, voor ons beslissend moeten zijn. We zullen dit getuigenis nu gaan onderzoeken.

01. Het heeft geen zin met ongelovigen te spreken over het gezag van de Bijbel. Men moet eerst de kracht van de Schrift hebben ervaren om over zijn gezag te kunnen praten. Iets anders wordt het, wanneer met belijdt dat de Bijbel een Goddelijk boek is. Dan is er namelijk een basis om van uit te gaan. Hier valt een vergelijking te trekken met het optreden van Paulus. In Handelingen 17:16-31 vinden we een verslag van zijn toespraak tot de heidenen te Athene. Hij haalt hij in deze rede geen Schriftplaatsen aan.

 

02. Vergelijken we daarmee nu eens de wijze waarop hij in de synagoge te Antiochië de Joden toespreekt, die het Goddelijke karakter van de Schrift erkenden (Handelingen 13:16-41). Er komen 5 aanhalingen uit het Oude Testament in die toespraak voor. In dit geval was het dus op zijn plaats om de bewijskracht van de Schrift te laten voelen. Zo kunnen wij ieder uit de Schrift bewijzen dat de Bijbel het onfeilbaar, onaantastbare Woord van God is. Of men dit getuigenis wil aanvaarden is natuurlijk een andere zaak.

 

03. Welnu, wat zegt de Bijbel over zichzelf? We beginnen met het getuigenis van het Oude Testament. Zo vinden we in Psalm 119 uitspraken over de wet of Thora, de vijf boeken van Mozes.

  • in vers 2 heeft hij het over het bewaren van zijn getuigenissen,
  • In vers 1 spreekt de dichter over de wet des Heren,
  • in vers 3 over wandelen in zijn wegen,
  • in vers 4 over uw bevelen,
  • in vers 5 over het onderhouden van uw inzettingen,
  • in vers 6 gebruikt hij de term uw geboden,
  • in vers 7 heeft hij het over rechtvaardige verordeningen, 
  • in vers 8 over uw inzettingen,
  • in vers 9 duidt hij diezelfde wet, die inzettingen, die geboden, enz., aan als woord, dat de jongeling op het rechte pad houdt.

Dit doet de psalmist niet één keer, maar vele malen.

 

04. Vaak ook getuigt iemand in de Bijbel van zijn eigen mondelinge of schriftelijke mededelingen dat het Gods Woord is.

David in 2 Samuël 23: ‘De Geest des Heren spreekt door mij, zijn woord is op mijn tong’

Amos 1: 3: ‘zo zegt de Heer’

Haggaï 1: 3: ‘en eht Woord des Heren kwam door de dienst van de profeet Haggaï

Zacharia 9:1: ‘Godsspraak, het Woord des Heren’.

Hier zouden talloze voorbeelden aan toe te voegen zijn.

 

05. De Heer Jezus zei over het Oude Testament in het slot van Johannes 5 :

  • ‘Want indien gij Mozes geloofde zoudt gij ook Mij geloven’, en
  • ‘Maar indien gij zijn geschriften niet gelooft, hoe zult gij dan mijn Woorden geloven?’

Hier stelt de Heer het gezag van de geschriften van Mozes even hoog als dat van de woorden die Hij zelf spreekt. Zo Sprak de Heer Jezus de woorden van God. (zie Johannes 7:16; 12: 49). Welnu, dan zijn de boeken van Mozes ook Gods Woord.

 

06. De volkomen betrouwbaarheid van Mozes en de profeten blijkt ook uit Lukas 16. Wat antwoordt Abraham aan de rijke man? ‘Indien zij niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen zij ook indien iemand uit de doden opstaat, zich niet laten gezeggen’. De boeken van het Oude Testament hebben dus, volgens dit woord van de Heer, een nog groter gezag dan een boodschap, die rechtstreeks door een persoon, die uit de doden zou zijn opgestaan, zou worden gebracht.

 

07. Dat de geschriften van de profeten het absolute Woord van God zijn, volgt ook uit het verwijt dat de Heer de Emmaüsgangers maakt: ‘O, onverstandigen en tragen van hart, dat gij niet gelooft alles wat de profeten gesproken hebben'(Lukas 24).

 

08. Er zijn twee heel sterk sprekende uitdrukkingen uit de mond van de Heer Jezus, die laten zien hoe onfeilbaar de Schrift is. In Johannes 10: 35 lezen we: ‘De Schrift kan niet gebroken worden’. Zelfs de kleinste lettertekens, de ‘jota’ en de ‘tittel’ staan er niet tevergeefs. Dit blijkt uit de tweede uitspraak, vermeld in Mattheüs 5 vers 18.

 

09. In al Zijn gesprekken met de Joden heeft de Heiland nooit het gezag van de Schriften aangetast. Integendeel, voor Hem had de Schrift het laatste woord. Regelmatig komen we tegen, dat Hij zegt: ‘Hebt gij nooit of niet gelezen ‘(zie: Mattheüs 21:16; 22:31) en dan citeert hij een tekst uit de Schrift.

 

10. Zelfs bij de verzoeking in de woestijn verslaat de Heer de satan niet met Zijn eigen woorden. Hij beroept zich tot driemaal toe op de Schriften met: ‘er staat immers geschreven’ (Mattheüs 4). En de satan moet daarvoor wijken.

Laten ook wij, ondanks alles wat er tegenwoordig geleerd wordt, dit voorbeeld van onze Heiland volgen, opdat we bewaard blijven voor een dwaalweg die tot oneer is van Zijn Naam en waarop we ‘schipbreuk lijden aangaande het geloof'(1 Timotheüs 1:19).

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

 

 

 

Bestaat Satan echt?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Problemen waar we mee te maken hebben
.
.
.
.
.

 

Wie is Satan? Bestaat hij echt?

 

Sommige moderne wetenschappers zeggen dat Satan niet echt bestaat. Ze beweren dat hij gewoon aan de fantasie van mensen is ontsproten. Deze controverse is niet nieuw. „De sluwste streek van de Duivel”, schreef de negentiende-eeuwse dichter Charles Baudelaire, „is dat hij ons ervan probeert te overtuigen dat hij niet bestaat.”

Bestaat Satan echt? En zo ja, wat is dan zijn oorsprong? Is hij de onzichtbare kracht achter de problemen die onze wereld teisteren? Hoe kunnen we zijn slechte invloed vermijden? Is Satan de onzichtbare kracht achter de problemen die onze wereld teisteren?

 

 

 

Wat de Bijbel zegt

 

De Bijbel beschrijft Satan als een bestaand persoon die zich in het onzichtbare geestenrijk bevindt ( Job 1: 6 ). Er wordt in verteld over zijn kwaadaardige en meedogenloze eigenschappen en zijn slechte daden ( Job 1: 13-19 ;  Job 2: 7 en 8 ; 2 Timotheüs 2 : 26 ). Er staan zelfs gesprekken in die Satan met God en met Jezus heeft gevoerd. (  Job 1 : 7 – 12 ; Mattheüs 4: 1 – 11 ).

Wat is de oorsprong van dit slechte wezen? Lang voordat de mens bestond, schiep God zijn ’eerstgeboren’ Zoon, die ten slotte bekend kwam te staan als Jezus ( Kolossenzen 1: 15 ). Na verloop van tijd volgde de schepping van andere „zonen Gods”, engelen genoemd ( Job 38: 4 – 7 ). Die waren allemaal volmaakt en integer. Maar een van die engelen werd later Satan.

De naam Satan kreeg hij niet toen hij werd geschapen. Het is een beschrijvende naam die  „Tegenstander, Vijand of Beschuldiger” betekent. Hij werd pas later Satan genoemd omdat hij een levenswijze koos waarmee hij tegen God in opstand kwam.

In het hart van dit geestelijke schepsel ontwikkelden zich gevoelens van trots en wedijver tegenover God. Hij wilde dat anderen hem gingen aanbidden. Toen Gods eerstgeboren Zoon, Jezus, op aarde was, probeerde Satan hem zelfs zover te krijgen dat hij „een daad van aanbidding” voor hem verrichtte ( Mattheüs 4: 9 ).

Satan „stond niet vast in de waarheid” ( Johannes 8: 44 ). Hij suggereerde dat God een leugenaar was, terwijl hij in feite zelf de leugenaar was. Hij zei tegen Eva dat ze als God kon zijn, terwijl hij zelf als God wilde zijn. En door zijn leugenachtige gedrag verwezenlijkte hij zijn zelfzuchtige verlangen. Voor Eva werd hij iemand die hoger was dan God. Door Satan te gehoorzamen, aanvaardde Eva Satan als haar god ( Genesis 3: 1 – 7 ).

Door tot opstand aan te zetten maakte deze engel, in wie ooit vertrouwen werd gesteld, zichzelf tot een tegenstander en vijand van God en de mens. Ook de naam „Duivel”, die „Lasteraar” betekent, werd aan de beschrijving van dit goddeloze wezen toegevoegd.

Deze aanstichter van de zonde beïnvloedde ten slotte andere engelen op zo’n manier dat ze God ongehoorzaam werden en zich bij hem aansloten in zijn opstand ( Genesis 6: 1 en 2 ; 1 Petrus 3: 19 en 20 ). Die engelen maakten de situatie van de mensheid er niet beter op. Omdat ze Satans zelfzuchtige gedrag navolgden, werd de aarde „met geweldpleging vervuld” ( Genesis 6: 11 ; Mattheüs 12 : 24 ).

 

 

 

 

Satan in de sport

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

Hoe krachtig is Satans invloed?

 

Een misdadiger zal op de plaats van een misdrijf misschien zijn vingerafdrukken verwijderen in een poging geen sporen van zijn identiteit achter te laten. Maar als de politie arriveert, weten ze dat als er een misdaad is gepleegd, er ook een misdadiger moet zijn. Satan, de oorspronkelijke „doodslager”, probeert te voorkomen dat hij sporen van zijn identiteit achterlaat ( Johannes 8: 44 ; Hebreeën 2: 14 ).

Toen hij met Eva sprak, verborg hij zijn identiteit achter een slang. In deze tijd probeert hij zich nog steeds te verbergen. Hij heeft ’de geest van de ongelovigen verblind’, zodat de reikwijdte van zijn krachtige invloed wordt verhuld ( 2 Korintiërs 4: 4 ).

Maar Jezus zei dat Satan het criminele meesterbrein is achter de corrupte wereld waarin we leven. Hij noemde hem „de heerser van deze wereld” ( Johannes 12: 31 en 16: 11 ). „De gehele wereld ligt in de macht van de goddeloze”, schreef de apostel Johannes ( 1 Johannes 5: 19 ).

Satan ’misleidt de gehele bewoonde aarde’ en maakt daarbij een doeltreffend gebruik van „de begeerte van het vlees en de begeerte der ogen en het opzichtige geuren met de middelen voor levensonderhoud die men heeft” ( 1 Johannes 2: 16 ; Openbaring 12: 9 ). Hij is degene die door de mensheid in het algemeen wordt gehoorzaamd.

Net als Eva maken degenen die Satan gehoorzamen, hem eigenlijk tot hun god. Daarom is Satan „de god van dit samenstel van dingen” ( 2 Korintiërs 4: 4 ). De gevolgen van zijn overheersing omvatten huichelarij en leugens; oorlog, marteling en vernieling; misdaad, hebzucht en corruptie.

 

 

 

Satan, de tegenstrever

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

 

Hoe we zijn invloed kunnen vermijden

 

De Bijbel waarschuwt: „Houdt uw zinnen bij elkaar, weest waakzaam, omdat ’uw tegenstander, de Duivel, rondgaat als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden ” ( 1 Petrus 5: 8 ). Hoewel dit een ernstig stemmende Schriftplaats is, is het geruststellend te weten dat alleen degenen die niet hun zinnen bij elkaar houden — zij die niet waakzaam blijven — „door Satan zullen worden overmeesterd” ( 2 Korintiërs 2 : 11 ).

Het is van levensbelang dat we erkennen dat Satan echt bestaat en dat we ons door God ’standvastig en sterk laten maken’. Op die manier kunnen we ons standpunt tegen Satan innemen en ons aan Gods kant opstellen ( 1 Petrus 5: 9 en 10 ).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Door wie is de Bijbel geïnspireerd?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

bijbellezen_38432584-1-575x333

 

.

.

Dat de zesenzestig boeken van de Bijbel één geheel vormen is te danken

.

aan het feit, dat de schrijvers door de Geest van God werden geïnspireerd.

 

 

Hoe dat gebeurde weten we niet, dan zouden we namelijk zelf de werking van de inspiratie hebben moeten meemaken. Toch weten we wel wat van inspiratie, doordat namelijk de Schrift zelf er iets over onthult. We moeten er dan wel aan denken dat het Bijbels begrip ‘inspiratie’ of ‘ingeving’ iets anders is dan wat we in gewoon spraakgebruik eronder verstaan.

Zo zegt men bijvoorbeeld dat een schilder door een bepaald voorval geïnspireerd werd tot het maken van een schilderij. Bij het bedenken van spelletjes kan je soms een goede ingeving krijgen. Het Bijbels begrip ‘inspiratie’ gaat echter veel verder.

 

01. De profetie is tot stand gekomen doordat mensen door de Heilige Geest gedreven werden (2 Petrus 1 vers 21).

 

02. Een ander getuigenis over de werking van de Heilige Geest lezen we in Johannes 14: 26 : ‘u te binnen brengen al wat Ik u gezegd heb’. De Geest van God zou de discipelen nauwkeurig in herinnering brengen wat de Heer gezegd had. De schriftelijke neerslag daarvan vinden we in het Nieuwe Testament in de vier evangeliën?

 

03. Vervolgens zou de Geest der waarheid getuigen van Christus (Johannes 15: 26). De discipelen zouden ook getuigen en door de Geest gebruikt worden (Johannes 15: 27).  Het verslag hiervan vinden we in het boek de Handelingen der apostelen.

 

04. Daarna lezen we dat de Heilige Geest de discipelen de weg zou wijzen tot de volle waarheid. (Johannes 16:13 ). Deze leer treffen we aan in de brieven van Paulus, Petrus, enz.

 

05. Tenslotte wordt er in Johannes 16:13 genoemd dat ‘de toekomst zal Hij u verkondigen’. We denken dan vooral aan het Bijbelboek ‘De Openbaring’.

 

 

d19f4e1e7751cd5a994811334eaca72f

 

 

 

 

06. Een schriftgedeelte dat in dit verband uitvoerig over het werk van de Geest spreekt, is 1 Korinthe 2: 7-16. In vers 7 zegt Paulus dat wat hij spreekt is als een geheimenis, de verborgen wijsheid Gods, die God reeds van eeuwigheid voorbeschikt heeft tot onze heerlijkheid. Deze wijsheid van God is niet langs natuurlijke weg te verkrijgen. Je kunt ze niet waarnemen: ‘Wat geen oog heeft gezien’. Je kunt ze ook niet van anderen vernemen, het voorgeslacht weet er ook niets van: ‘Wat geen oor heeft gehoord ‘. De menselijke wijsbegeerte heeft er niet van kunnen dromen, je kunt ze niet uitdenken: ‘Wat in geen mensenhart is opgekomen ‘.

 

07. Hoe weet Paulus er dan toch wat van? Wel, omdat God het geopenbaard heeft door de Geest  (vers 10). Paulus zelf zou in de gedachten van God niet kunnen doordringen, maar zoals de menselijke geest weet wat in de mens is, zo weet de Geest van God wat in God is.

 

08. Het is echter niet alleen nodig dat Paulus en de andere apostelen de gedachten van God kennen, ook alle andere gelovigen moeten ze kennen. Welnu, Paulus en de anderen hebben wat God hen openbaarde niet voor zichzelf gehouden, maar er over gesproken.
Hoe die mededeling in zijn werk is gegaan zegt vers 13, namelijk met woorden ‘die niet door menselijke wijsheid, maar die door de Geest geleerd zijn: Wat Paulus spreekt beantwoordt dus nauwkeurig aan wat God hem heeft geopenbaard! Met andere woorden: het water dat door het kanaal vloeit, is even zuiver als het water van de bron!

 

09. Daar komt nu nog wat bij. Zij, die het woord horen of lezen, moeten het verstaan. Wie aanvaardt echter niet hetgeen van de Geest van God is? ‘Een ongeestelijk mens’. En wie beoordeelt wel alle dingen in de goede gezindheid? ‘De geestelijke mens’. Dit gedeelte behandelt dus:
a. het onvermogen van de mens om de plannen en gedachten van God te kennen en mee te delen; wetenschap (waarnemen), historie (vernemen) en filosofie (opkomen in het hart) waren daartoe niet in staat;
b. de openbaring van die plannen aan de apostelen;
c. de weergave van de openbaring onder de leiding van de Geest, inspiratie;
d. het vermogen van de geestelijke mens om de meegedeelde openbaring te verstaan, ook wel verlichting genoemd.

 

10. Niet alleen van de schrijvers wordt gezegd dat ze geïnspireerd werden, maar volgens 2 Timotheüs 3:16 geldt dit ook van wat ze geschreven hebben. Bij deze inspiratie werd de persoonlijkheid van de schrijver niet uitgeschakeld. De schrijvers waren geen ‘schrijfstiften van de Heilige Geest. Zo is er duidelijk verschil in stijl e.d. tussen de profetie van Jesaja en die van Amos, evenals tussen de brieven van Paulus en die van Petrus. De volgende illustratie helpt om dat te begrijpen:

Veronderstel dat een veelzijdig musicus diverse instrumenten gaat bespelen. Elk instrument geeft de muziek weer, die de musicus speelt, en zoals hij die speelt. Maar de piano geeft geen orgelklank en de trompet niet het geluid van de fluit.

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

 

Waarom laat God de duivel mensen kwellen?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het einde van de draak (666) door het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Als u het lijden van een ander kon verlichten, dan zou u dat vast doen. Reddingswerkers haasten zich vaak naar de plaats van een natuurramp om lijden te verlichten en het leven van volslagen onbekenden te redden. Iemand zou zich daarom kunnen afvragen: waarom bevrijdt God ons eigenlijk niet van de Duivel, die verantwoordelijk is voor onnoemelijk veel menselijk leed?

Die vraag zou beantwoord kunnen worden aan de hand van een illustratie over een belangrijke rechtszaak. De moordenaar, die wanhopig probeert het proces stil te leggen, beweert dat de rechter zijn gezag in de rechtbank op een oneerlijke manier uitoefent. Hij zegt zelfs dat de rechter getuigen heeft omgekocht. Daarom worden er talloze extra getuigen aan het woord gelaten.

De rechter weet dat de uitgebreide procedures veel moeite gaan kosten en hij wil graag dat de zaak zonder onnodig uitstel afgehandeld wordt. Tegelijkertijd beseft hij dat als hij tot een oordeel wil komen dat een precedent schept voor mogelijke toekomstige zaken, beide partijen voldoende tijd moeten krijgen om hun kant van het geschil te laten horen.

Om tot een oordeel te komen dat een moreel precedent schept, moeten beide partijen voldoende tijd krijgen om hun kant van het geschil te laten horen.

Wat heeft deze illustratie te maken met een beschuldiging die de Duivel, ook „draak”, „slang” en „Satan” genoemd, inbracht tegen God, ’de Allerhoogste over heel de aarde’? (Openbaring 12:9 ; Psalm 83:18) Wie is de Duivel eigenlijk? Waarvan heeft hij God beschuldigd? En wanneer zal God zich van hem ontdoen?

 

 

 

 

De Alfa en de Omega : strijd met de duivel

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

 

Er wordt een moreel precedent geschapen

 

Oorspronkelijk was degene die de Duivel werd een volmaakt geestelijk schepsel, een van Gods engelen (Job 1:6, 7). Hij maakte zichzelf tot de Duivel toen hij geobsedeerd raakte door een egoïstisch verlangen naar aanbidding door mensen. Daarom trok hij Gods recht om te regeren in twijfel en insinueerde hij zelfs dat God het niet verdient gehoorzaamd te worden. Hij beweerde dat mensen God alleen dienen wanneer ze met zegeningen omgekocht worden. Volgens Satan zouden alle mensen hun Schepper „vervloeken” als ze te maken kregen met moeilijkheden (Job 1:8-11; 2:4, 5).

Om die beschuldigingen van Satan te weerleggen, was een simpel machtsvertoon niet voldoende. Als Satan meteen was terechtgesteld, zou dat voor sommigen misschien zelfs een aanwijzing zijn geweest dat hij gelijk had. Daarom ondernam God, die absolute autoriteit bezit, gerechtelijke stappen om die kwesties in de geest van alle toeschouwers op te lossen.

God gaf aan dat er, in overeenstemming met zijn beginselen en met volmaakte gerechtigheid, door beide partijen getuigen zouden worden opgeroepen om een ondersteunende verklaring af te leggen van hun kant van de controverse. In de toegestane tijd hebben Adams nakomelingen de gelegenheid gekregen te leven en bij te dragen aan dit getuigenis ten gunste van God door hem uit liefde trouw te blijven ondanks moeilijkheden.

 

 

 

Hoe lang duurt het nog?

 

God is zich er sterk van bewust dat het lijden van mensen voortduurt terwijl deze gerechtelijke stappen plaatsvinden. Maar hij is vastbesloten de zaak zo snel mogelijk af te handelen. De Bijbel beschrijft hem als „de Vader der tedere barmhartigheden en de God van alle vertroosting” (2 Korinthiërs 1:3).

Het is duidelijk dat „de God van alle vertroosting” de Duivel niet langer zal laten leven dan nodig is, en ook niet zal toelaten dat de gevolgen van zijn invloed blijven bestaan. Aan de andere kant zal Hij de Duivel niet vroegtijdig vernietigen, dus niet voordat de universele rechtszaak volledig ten einde is.

Wanneer de kwesties ten slotte opgelost zijn, zal Gods recht om te regeren volledig gerechtvaardigd zijn. Het rechtsgeding tegen Satan zal tot in alle eeuwigheid als toetssteen dienen. Als iemand dat recht om te regeren ooit weer zou aanvechten, kan er naar Satans voorbeeld verwezen worden als een precedent dat niet herhaald hoeft te worden.

Te zijner tijd zal God zijn Zoon Jezus opdracht geven de Duivel te verwijderen en alles wat hij veroorzaakt heeft ongedaan te maken. De Bijbel heeft het over een tijd waarin Jezus „het koninkrijk aan zijn God en Vader overdraagt, wanneer hij alle regering en alle autoriteit en kracht heeft tenietgedaan. Want hij moet als koning regeren totdat God alle vijanden onder zijn voeten heeft gelegd. Als laatste vijand wordt de dood tenietgedaan” (1 Korinthiërs 15:24-26).

Gelukkig belooft de Bijbel dat er wereldwijd paradijselijke omstandigheden zullen zijn. In overeenstemming met Gods oorspronkelijke bedoeling zullen mensen in een vredig paradijs leven! Psalm 37:11 zegt: „De zachtmoedigen  zullen de aarde bezitten, en zij zullen inderdaad hun heerlijke verrukking vinden in de overvloed van vrede.” En in vers 29 staat: „De rechtvaardigen, die zullen de aarde bezitten, en zij zullen er eeuwig op verblijven.”

Sta eens stil bij het prachtige vooruitzicht dat de Bijbel schetst voor Gods aanbidders: „Zie! De tent van God is bij de mensen, en hij zal bij hen verblijven, en zij zullen zijn volken zijn. En God zelf zal bij hen zijn. En hij zal elke traan uit hun ogen wegwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, noch geschreeuw, noch pijn zal er meer zijn. De vroegere dingen zijn voorbijgegaan” (Openbaring 21:3, 4).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Babylon wordt geoordeeld : Openbaring 17

Standaard

categorie : De Openbaring

 

 

 

 

De Openbaring uit het Nieuwe Testament : hoofdstuk 17

 

.

Babylon wordt geoordeeld

 

.

H17

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

.

Wat is het boek der Openbaring ?

.

De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps.

Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.

  • Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus. ‘’
  • Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’
  • Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’

 

Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft.

Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

 

.

God geeft kennis over

.

-zijn doel met deze wereld

-de toekomst van Israël en de wereld

-het mysterie van het goede en het kwade

-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het  kwade

-de toekomstige natuurrampen en oorlogen

-de wederkomst van de Messias

-de dag des oordeel

-het uitzicht in de hemel en zijn troon

-de nieuwe  hemel en de nieuwe aarde

 

 

 

De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.

 

 

 

 

 

 

.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

.

JOHN ASTRIA

Het vleesgeworden Woord en het geschreven Woord

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De mens in de Drievuldigheid

De mens in de Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De term Schriften over de Bijbel wijst naar de veelheid van schrijvers en legt dus ook nadruk op de menselijke kant van de Bijbel. Deze laatste uitdrukking kan gemakkelijk aanleiding geven tot misverstand. In onze tijd wordt meestal over het menselijke element in de Bijbel gesproken om aan te geven dat de Bijbel niet in alles gezaghebbend en betrouwbaar zou zijn.

Zo zien sommigen de Bijbel als een gemengde verzameling van Goddelijke en menselijke uitspraken, waarbij we de Goddelijke er als het ware uit te ziften hebben. Anderen beschouwen de boodschap van de Bijbel als het Goddelijke element dat verpakt zit in menselijke bewoordingen.

 

In deze beschouwingen wordt er een tegenstelling gemaakt tussen het menselijke en het Goddelijke element. Men ziet de Bijbel als een menselijk getuigenis met alle gebreken daarvan.

Zo is het echter niet.

 

 

We kunnen in dit verband een vergelijking trekken tussen:

  • De Heer Jezus——-het vleesgeworden Woord, en
  • De Bijbel————–het geschreven Woord.

 

 

 

maxresdefaulwoord is vlles gewoorden

 

 

 

 

1.12-schrijven-met-veer

 

 

 

 

De Heer Jezus is de Zoon van God, maar tevens is Hij waarachtig Mens. Zo is de Bijbel van Goddelijke afkomst en tevens een echt menselijk boek, maar zonder het onvolkomene van het menselijke. 

 

 

01. Jezus Christus is in de wereld gekomen zoals ieder mens. Galaten 4: 4 zegt dat God Zijn Zoon uitgezonden heeft, geboren uit een vrouw. De Bijbel is niet uit de hemel komen vallen, zoals de Efeziërs beweerden van het beeld van de godin Artemis (Handelingen 19: 35), maar is ontstaan net als alle andere boeken. Mensen namen schrijfmateriaal en legden wat ze te zeggen hadden schriftelijk vast.
Hier hebben we in beide gevallen het menselijke element.

 

02. Jezus van Nazareth is op volkomen natuurlijke wijze geboren, maar werd op een bovennatuurlijke wijze bij de maagd Maria verwekt. Hij is namelijk verwekt door de Heilige Geest (Mattheüs 1:18; Lukas 1: 35).
Zo is de Bijbel geschreven door mensen, maar niet voortgebracht door de wil van de mens. 2 Petrus 1: 21 zegt in dit verband dat de profetie nooit is voortgekomen uit de wil van een mens maar dat deze mensen ‘door de Heilige Geest gedreven’ werden. David zegt in 2 Samuël 23: 2  >De geest des Heren spreekt door mij, zijn woord is op mijn tong. Heel duidelijk zien we hier in beide teksten het Goddelijke element.

 

03. Jezus Christus is geboren uit het volk Israël? (Romeinen 9: 4, 5) In vers 5 wordt de menselijke kant aangegeven met de woorden: wat het vlees betreft. Die menselijke afkomst in Hebreeën 7:14 vermeldt dat onze Heer uit Juda is gesproten. Ook de Bijbel hebben we aan het volk Israël te danken als het gaat om de menselijke kant van zijn ontstaan.

 

04. Christus kwam dus niet als volwassen mens in deze wereld, maar als kind en groeide op of nam toe. Hij nam volgens Lukas 2: 52  toe in wijsheid en grootte en genade bij God en mensen. Ook de Bijbel kwam niet als compleet boek onder de mensen, maar werd in de loop van ongeveer 1500 jaar samengesteld. Ook de Bijbel groeide op om zo te zeggen. Dit is ook een menselijk element.

 

05. Toch was Christus reeds in Zijn jeugd volmaakt voor God en als 12 – jarige jongen wijzer dan zijn leermeesters. Men ontzette zich (verbaasde zich) over zijn verstand, zoals Lukas 2 vers 47 (slotverzen) laat zien (vgl. Psalm 119: 99). De eerste vijf boeken van de Bijbel, die je de Bijbel als kind zou kunnen noemen, bevatten reeds alle Goddelijke beginselen en vormen een bron van Goddelijk onderricht. Dit is weer de Goddelijke kant bij beide.

 

06. De Joden hebben in hun ongeloof de Here Jezus niet anders gezien dan als Jezus, de zoon van de timmerman (Mattheüs 13 slot). Ze hebben Hem zelf ook ‘de timmerman’ genoemd, zoals blijkt uit Marcus 6 vers. Daarbij stelden ze Hem op één lijn met Zijn broers en zussen. Een oprecht zoeker als Nathanaël kwam echter na één ontmoeting met Jezus tot de erkenning: Rabbi, Gij zijt de Zoon van God, Gij zijt de koning van Israël (Johannes 1). Zo beschouwt het ongeloof de Bijbel slechts als een verzameling menselijke geschriften, die men op één lijn stelt met alle andere literatuur. Daarentegen neemt ieder die gelooft de Bijbel aan, zoals de Thessalonikers het gepredikte woord van Paulus aannamen, namelijk ‘niet als een woord van mensen, maar als een woord van God (Thessalonika 2:13).

 

07. Slechts als ‘de man van smarten, veracht door het volk’ kon de Heer de heilaanbrenger worden voor elk die gelooft. Zo kan ook de zondaar alleen behouden worden door ‘het woord des kruis’, dat voor hen die verloren gaan ‘een dwaasheid’ is (1 Korinthe 1).

 

08. Hoe weinig de mensen van de afkomst van Jezus Christus en dus van Zijn Goddelijke zending wisten, blijkt uit Johannes 7:41 en 42. Ze wisten namelijk niet, dat Jezus van Nazareth te Bethlehem geboren was. Zo staren velen zich wat de Bijbel betreft blind op het menselijke en zien niet zijn koninklijke afkomst.

 

09. Christus is in alle dingen aan de mensen gelijk geworden, met één uitzondering dat hij niet zondigde (Hebreeën 4:15). Letterlijk staat daar ‘zonder zonde’, dat wil zeggen dat Hij de inwonende zonde niet kende. In Lukas 1: 35 wordt Hij dan ook het Heilige genoemd. Zo komt de Bijbel tot ons in menselijke bewoordingen, echter zonder fouten of ongerechtigheden. Spreuken 30: 5 zegt daarvan: ‘Alle woord Gods is gelouterd ‘ en Psalm 12 vers 7 noemt de woorden des Heren zuivere woorden en vergelijkt ze met gedegen zilver dat zevenvoudig gelouterd is.

 

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

 

 

Fouten in de Bijbel.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Fouten in de Bijbel

 

 

jezus_bijbel

 

 

De Bijbel spreek voor zichzelf en dat is ook zo. God is heel goed in staat om zichzelf te verdedigen. Denk maar eens aan het bijbelboek Job, waar hij precies denkt te weten wat God met de hele situatie te maken heeft. Uiteindelijk laat God heel duidelijk horen hoe Hij erover denkt, waarna Job zich bekeert en de situatie een positieve wending krijgt.

Mensen die hun mening al hebben klaarliggen en de Bijbel al afgeschreven hebben,  zullen hun antwoord wel van God krijgen. Laat ons hopen dat het voor hen dan niet te laat is en dat ze Zijn stem zullen horen voordat het laatste oordeel aanbreekt. Volgens de Bijbel komt er een moment dat de tijd op is. Ieder mens krijgt een eerlijke kans van God.

De Bijbel spoort ons aan om nu te leven en in het hier en nu te reageren op de stem van God. (Hebr 3-7 : Daarom, gelijk de Heilige Geest zegt: Heden, indien gij Zijn stem hoort, verhardt uw harten niet )
Toch zijn er nog steeds veel mensen die met vragen zitten en serieus willen weten hoe het zit met bepaalde moeilijk te begrijpen Bijbelgedeelten.

  • Het eerste gedeelte in de Bijbel waar mensen vaak over vallen is de veronderstelde herhaling van het scheppingsverhaal. In hoofdstuk 1 van Genesis wordt verteld in welke volgorde God het heelal, de aarde en het leven erop maakte.
  • Dan komt hoofdstuk twee, waar het net lijkt alsof de schepping voor een tweede keer, in een andere volgorde verteld wordt. Het gaat in het tweede gedeelte echter over het land waar Adam in woont, waardoor het verhaal een andere lading krijgt. Er is een duidelijk verschil in woordgebruik: ‘de aarde’ (erets – Gen. 1:11) en ‘het land’ (sadeh – Gen. 2:4-5).

 

Genesis 2:18-20 beschrijft hoe God beesten naar Adam brengt zodat hij ze namen kan geven. Van het vee wordt niet gezegd dat God het op dat moment maakte, dus dat was er blijkbaar al. “God bracht de dieren die hij gevormd had.”

Dan is er nog het opmerkelijke verschil in de woorden die gebruikt worden om God aan te duiden. In het eerste deel wordt Elohim gebruikt en in het tweede deel Yahweh Elohim. Dit kan erop duiden dat er twee schrijvers zijn geweest. Het is mogelijk om op basis van stijl heel Genesis op te delen in 10 delen van 10 verschillende schrijvers.

Later zouden die delen door Mozes samengevoegd zijn, zonder er iets aan te veranderen, zodat de schrijfstijl behouden bleef. Het tweede scheppingsverhaal is slechts een probleem als je er vanuit gaat dat het een tweede scheppingsverhaal is. Als je het leest met de instelling dat het om werkelijke geschiedenis gaat, vallen alle puzzelstukjes in elkaar.

 

 

 

 

Algemene regels bij vermeende fouten in de Bijbel:

 

  1. Kijk naar de context
  2. Kijk naar de historische context. Begrijp je het gebruik of de uitspraak zoals hij toen begrepen werd.
  3. Kijk naar wie er spreekt in het gedeelte. Is het God zelf, een mens namens God, of een mens met zijn eigen wijsheid.
  4. Zoek andere plaatsen in de Bijbel waar over hetzelfde gesproken wordt. Daar zit vaak al een antwoord of een breder inzicht in.
  5. Kijk ook eens in andere vertalingen en zoek commentaren

 

 

 

De vrouw van Kaïn (Gen. 4:1-17)

 

Adam en Eva krijgen 2 zoons, Kaïn en Abel. Kaïn slaat Abel dood en God verbant Kaïn. Kaïn gaat wonen in Nod en trouwt! Maar met wie? Waren er dan toch al meer mensen? Dit is heel eenvoudig op te lossen door verder te lezen in Genesis 5:4,  “En Adam leefde, nadat hij Seth verwekt had, nog achthonderd jaar; en hij kreeg zonen en dochters.” Kaïn trouwde dus met een zus. Dit was geen inteelt en incest omdat er toen nog geen mutaties waren en de wet tegen incest kwam pas in de tijd van Mozes.

 

Dit is een schriftgedeelte waarbij vaak meerdere denkfouten tegelijk gemaakt worden:

1. Men gaat er vanuit dat Adam en Eva nog geen dochters hadden, en misschien terecht, want of Kaïn toen al een zus had is op dat moment in het verhaal nog niet duidelijk. Maar het is zo dat vrouwen in geslachtsregisters  niet genoemd werden. Bedenk ook dat ze toen wel 900 jaar oud werden en dat zijn toekomstige vrouw nog niet geboren hoefde te zijn.

2. Men veronderstelt dat het land Nod al bewoond was, maar dat hoeft niet het geval te zijn geweest. De naam kan zelfs later zijn bedacht en toegevoegd aan het verhaal.

3. Men denkt dat trouwen met een zus in strijd was met de wetten van Exodus. Dat Adam de eerste mens was lijkt mij duidelijk. Als eerste mens had hij dus het meest perfecte DNA, hij was net door God zelf gemaakt. Vanwege de foutjes en vermindering in rijkdom en diversiteit die het genetisch materiaal van de individuele mens in de loop der tijd opdeed, is het nu niet meer verstandig dat naaste familieleden samen kinderen krijgen. De kinderen lopen dan teveel risico om mismaakt of ziek ter wereld te komen. Het is door God pas ten tijde van Mozes verboden om seks te hebben met een familielid, omdat het eerder niet nodig was dit te verbieden.

 

 

 

Midianieten of Ismaelieten?

 

Gen. 37:36 – “En de Midianieten verkochten hem (Jozef) in Egypte, aan Potifar, een hoveling van Farao…”
Gen. 39:1 – “Jozef werd naar Egypte afgevoerd; en Potifar, een hoveling van Farao … kocht hem van de Ismaelieten, die hem daar naartoe gebracht hadden.”

Werd Jozef nou verkocht door de Midianieten of door de Ismaelieten?

Dit is een gevalletje ‘gelijksoortige teksten zoeken’. Zie Gen. 37:28 – “Toen de Midianietische kooplieden voorbijtrokken, haalden zij Jozef uit de put, en verkochten hem aan deze Ismaelieten voor twintig zilverlingen; die brachten Jozef naar Egypte.” Het blijkt dat het hier om dezelfde groep mensen gaat.

Het kan zijn dat Ismaelieten optrokken met de Midianieten en samen handel bedreven, of dat deIsmaelieten een stam van de Mideanieten waren. In Richteren 8 staat ook dat Gideon de Midianieten heeft verslagen maar in vers 24 worden ze ook Ismaelieten genoemd. de Bijbel verklaart hiermee zichzelf.

 

 

 

Een herkauwende haas? (Lev. 11:6)

 

“En de haas is onrein omdat hij herkauwt, ook al heeft hij geen gespleten hoef.”

Hazen en konijnen draaien af en toe drolletjes die nog niet helemaal verteerd zijn en waar nog veel goede voedingsstoffen in zitten. Die eten ze dan weer op, herkauwen dus. Het is dus soms belangrijk dat we ook wat weten van de natuur. Denk aan de vleermuizen, die in de Bijbel onder de vogels gerekend worden, terwijl men tegenwoordig de vleermuizen onder de zoogdieren rekent. Dit heeft puur te maken met een keuze.

Noem je het een vogel omdat het vliegt, of noem je het een zoogdier omdat het zoogt? Zo zou  een dolfijn in de Bijbel waarschijnlijk een vis genoemd zijn, terwijl men dolfijnen tegenwoordig ook onder de zoogdieren rekent. We hadden ook een indeling kunnen maken op basis van het aantal poten, vinnen of de vorm van de oren.

 

 

 

 

Klopt het getal PI in de Bijbel niet? (2 Kron. 4:2)

 

 

 

 

 

 

 

 

Eenvoudig gezegd: de omtrek van een cirkel is altijd 3,14 maal de diameter. Als je de diameter van het wasvat vermenigvuldigt met 3.14 komt er 31.4 uit en geen 30, dus dat klopt niet met de tekst. 30 gedeeld door 3.14 komt schijnbaar wel beter uit, maar dan houd je jezelf een beetje voor de gek, want verhoudingsgewijs is de afwijking hetzelfde. De oplossing is eenvoudig: Met de handbreedte uit vers 5 kunnen we de berekening precies laten kloppen.

 

 

 

 

Problemen met aantallen?

 

Num. 25:9 – “Degenen die aan de plaag stierven, waren vier en twintig duizend.”
1 Kor. 10:8 – “En laten wij geen overspel plegen, zoals sommigen van hen deden, want toen vielen er op een dag drie en twintig duizend.”

Waren het er nou 24000 of 23000?

Goed lezen. In 1 Kor. Staat: “op één dag” dus de rest stierf later. Probleem opgelost. Sommige problemen worden zo makkelijk door de critici opgeworpen. De enige echte tegenstrijdigheden in de Bijbel zijn die tussen goed en kwaad, leven en dood, geloof en ongeloof, enz. Gods woord blijft ongeschonden.

 

 

 

Gergesenen of Gaderenen? (Mattheus 8:28)

 

Jezus steekt het meer van Gennesareth over en komt in het land van de Gergesenen, waar Hij twee bezeten mannen ontmoet. Markus (5:1) zegt echter dat hij in het land van de Gaderenen komt, waar Hij één bezeten man ontmoet. Weer een schijnbare tegenstrijdigheid.

Er komen twee mannen vanaf een begraafplaats naar Hem toe. Begraafplaatsen lagen vaak een eind buiten de steden. Gadera en Gergesa waren twee steden die ongeveer 20km uit elkaar lagen. Jezus kwam aan in het gebied dat daartussen lag. Mar.(5:2) en Luk.(8:27) noemen maar één man. Ze zeggen echter niet dat er niet meer waren.

Ze richten hun aandacht gewoon op de man die het meest berucht was of wiens verhaal het meest spectaculair was. Als de evangelieschrijvers ons hadden willen misleiden hadden ze er wel voor gezorgd dat hun verhalen overeenstemden.  Lukas beschrijft de man die ‘uit de stad’ kwam en ‘tussen de graven verbleef’. De ander was niet zo bekend. In dit soort gevallen moet je dus iets weten over de geschiedenis en de plaats waar het voorval zich afspeelde.

 

 

 

Maakte God het kwaad? (Jes. 45:7)

 

“Ik formeer het licht, en schep de duisternis; Ik maak vrede en schep het kwaad, Ik, Yahweh, doe al deze dingen.

Het woord kwaad is hier het Hebreeuwse woord ra, wat tegenstand, wanhoop, of het tegenovergestelde van vrede kan betekenen.

Vergelijk:

Jakobus 4:6 – “Ja, Hij geeft meer genade. Daarom staat er: God weerstaat de hoogmoedigen, maar de nederigen geeft Hij genade.”

En: Spr. 3:33,34 – “De vloek van Yahweh is in het huis van de goddelozen; maar de woning van de rechtvaardigen zal Hij zegenen. Zeker, de spotters zal Hij bespotten, maar de zachtmoedigen zal Hij genade geven.”

 

God maakt geen kwaad. Het kwaad is een logische tegenhanger van vrede. God heeft mensen en engelen gemaakt met de mogelijkheid in zich om tegen Hem te kiezen, waardoor er een tegenstand ontstaat. En God zelf keert zich weer tegen de tegenstand. Zo komt er onvrede vanwege de ongehoorzaamheid van het schepsel.

Je bent niet voorbestemd om slecht te zijn. Dat laat je zelf toe en dan doet God er nog een schepje bovenop door het hart nog verder te verharden. Maar als je met je mond belijdt dat Jezus jouw Heer is, en met je hart gelooft dat God Hem uit de dood heeft opgewekt, zul je gered worden. (Rom. 10:9).

 

 

Er zijn meer schijnbare tegenstrijdigheden, maar ze zijn altijd verklaarbaar door logisch denken, verder te lezen of te kijken naar de brontekst.

 

Bijvoorbeeld :

  • 1Ko.7:26 en 2Kron. 4:5:

Was de inhoud van het wasvat van Salomo 2000 of 3000 bath?
– Het was 3000, maar het was niet altijd vol

  • 1Ko. 9:28, 2Kron. 8:18:

Hoeveel goud kwam er uit Ophir, 450 of 420 talenten?
– De ene keer 450 en de andere keer 420, want ze gingen vaker

  •  Genas Jezus nou 1 of 2 blinden bij Jericho?

– Allebei. Jezus genas wel vaker blinden, het zijn gewoon 2 verschillende ontmoetingen.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA