Tagarchief: liefde

Gods eeuwige moederliefde

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

.

 

hildegard

.

 

 

 

Een psalm van Hildegard: Laus Trinitati:

 

Geloofd zij de Drieëenheid, die klank en leven geeft

.

in het bestaan van alle schepselen 

 

.

 

 

scivias-t-11

 

 

Het mooiste visioen uit de Scivias is dat van de Drieëenheid (T 11 II,2): een mensengestalte omgeven door een cirkel van rood trillend vuur met daar omheen een cirkel van helder licht.

Hildegard heeft zelf geen titel aan dit visioen gegeven. Wel beschrijft ze in de tekst de Moederliefde van God: de ‘materna dilectio amplexionis Dei’ (de moederlijke liefde van Gods omhelzing).
Ze duidt de Vader aan door het zilver (trillend, levend licht), de Heilige Geest door goud (trillende, levende warmte) en het Mensgeworden Woord door saffierblauw, de Zoon (daaruit voortgekomen).

Hildegard ervaart in het visioen van de drie-enige God een levend licht. Dit levende licht komt naar haar toe en opent voor haar de geheimen van God. In dit visioen wordt voor haar een verborgen werkelijkheid getoond. Ze wordt betrokken in een diepte die alomvattend is en waarin de hele werkelijkheid ligt besloten.

Ze moet dit opschrijven: “Zoals het overeenkomt met de wil van degene, die alles weet, alles ziet en alles in de verborgenheid van zijn geheimenissen ordent.” (God, de algeest, alwetend, alwijs, alliefhebbend, almachtig) God werkt. God openbaart zich in haar visioenen, die zichtbaar worden door een goddelijke kracht. Ze ziet een volheid, die een dynamiek in zich heeft en die alles uit zichzelf tevoorschijn brengt en het een eigen bestaan geeft.

In dit visioen geeft de levende God aan zich te ervaren als oerkracht. God openbaart zich als een volheid die met een scherpe kracht overal ‘stroompjes van kracht’ (L. ‘rivulos fortium’: stroom van kracht, krachtstroom; van ‘rivus’ stromen) heeft geplant.

Deze ‘volheid’ verwijst naar de geheimen van God, de grond van alle dingen, waarin ‘al wat is’ leeft, beweegt en is. Alle schepselen zijn in hun oorsprong geplant door de levende God. In ieder mens, dier en ding bevindt zich een stroompje, een klein beekje (een stromende krachtbron, de geest) dat door Gods kracht is aangelegd.

 

 

 

Het stroompje van kracht

.

Dat betekent, dat al het geschapene niet in zichzelf bestaat. De oorsprong van alles ligt in de hand van de schepper, die de schepping ontworpen en geordend heeft. In hun oorsprong zijn alle schepselen verbonden met hun schepper. Ieder schepsel heeft een geheim in zich, dat in zijn oorsprong verwijst naar de levende God.

Dit geheim duidt Hildegard aan als ‘het beekje van kracht’ (de geest als stromende bron). Ieder schepsel heeft daardoor de mogelijkheid ontvankelijk te zijn voor de levende God. Ieder beekje is verbonden met de volheid, die de grote stroom van Gods leven is.

Deze ‘beekjes van kracht’ zijn altijd aanwezig en gaan aan alles vooraf. Door dit beekje ondergaat ieder schepsel de werking van Gods geheimen, ook de mens. De mens kan er niet over beschikken. Het geheim is er altijd, ook als de mens zich ervan afkeert, ervan vervreemd is en in zonden leeft.

 

 

.

levenskracht

levenskracht

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

De moederliefde van God

.

De levende God wil werkzaam zijn als scheppende kracht. Zolang de beekjes onder stenen bedolven zijn en met ijs bedekt (de toestand van onbewuste vereenzelviging), kan de volheid niet naar het beekje toestromen. Zolang de mens in zichzelf besloten is (de stroom voor zichzelf houdt), kan de levende God de mens niet herscheppen en vernieuwen.

Hildegard beschrijft in dit visioen, hoe wij weer in verbinding met dit beekje van kracht kunnen komen. Daarvoor is het belangrijk dat dit beekje van kracht bevrijd wordt. In dit visioen beschrijft Hildegard hoe zij ziet, hoe God zichzelf opent en zich aan ons geeft (als Jezus, Gods Zoon). Dit aanbod krijgt gestalte in moederliefde. Deze moederliefde beschrijft Hildegard als natuurlijk, gevoelsmatig en opvoedend.

Als moederliefde stelt God zich geheel beschikbaar als voedende en behoedende. Als opvoedster leert de moederliefde van God de mens boetvaardigheid, opdat de band met de levende God wordt hersteld. De moederliefde van God opent de mens, waardoor hij deze liefde kan ontvangen en bevrijd wordt van de zonde.

Het is de moederliefde van God die ons weer in contact brengt met het beekje van kracht, waardoor wij ons kunnen openen voor de werking van Gods geheimen.  Dit proces beschrijft Hildegard in dit visioen. Hildegard ziet in dit visioen dat God werkt als een scheppende kracht in drie Personen: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Deze dynamiek openbaart zich door met ons iets te doen en door ons om te vormen.

Deze omvorming heeft als doel dat wij weer contact krijgen met het oorspronkelijke leven dat ons is ingeschapen, namelijk het beekje van kracht, het geheim dat verbonden is met de geheimen Gods. Deze omvorming wordt door de moederliefde Gods in gang gezet. Hildegard gebruikt het moederbeeld om de verlossing te beschrijven.

.

 

 

Het visioen vanuit de spiritualiteit benaderd

.

Onder spiritualiteit wordt verstaan de voortgaande omvorming van een persoon, betrokken op een onvoorwaardelijke aanspraak. Er is sprake van spiritualiteit waar iemand antwoord geeft op de uitnodiging en het appèl, die de Eeuwige onontwijkbaar op hem of haar richt. Aan Mozes openbaarde deze Aanspraak zich als ‘Ik ben er’. Voor Jezus droeg zij de naam Abba, Vader.

Voor Hildegard van Bingen draagt zij de naam: het Levende Licht. Zij wordt door dat licht persoonlijk geroepen. Haar antwoord hierop krijgt vorm in haar leven, werk en haar geschriften. In het visioen van de Drieëenheid ontstaat er een betrokkenheid tussen de drie goddelijke personen, die zich als één licht en één kracht wil geven aan Hildegard.

Deze betrokkenheid is een uitnodiging aan Hildegard om zich te laten betrekken in Gods levende licht, dat aan haar de geheimen Gods openbaart. Het visioen is een mystieke ervaring. Mystiek betekent de ervaring van een verborgen zin of onzichtbare werkelijkheid, waarin iemand binnengevoerd wordt. De betekenis van de geheimen wordt aan haar getoond, doordat zij in deze verborgen werkelijkheid betrokken wordt.

Deze ervaring zet een proces in gang en brengt een verandering teweeg. Dit proces wordt vanuit de spiritualiteit een omvorming genoemd. Dit proces houdt in: loskomen uit de oude vorm (de oude mens) en ingaan in de nieuwe vorm (de nieuwe mens). Deze omvorming voltrekt zich als een geestelijk proces. De oude mens is een mens die nog ongevormd is ten aanzien van de vorm die als mogelijkheid aanwezig is (het beekje van kracht) en ongeordend voor zover hij hiervan afwijkt.

In dit visioen is het de moederliefde Gods die de oude mens bevrijdt en hem in contact brengt met het ‘stroompje’ van goddelijk leven (de menselijke geest), opdat de ‘volheid’ van Gods kracht (de algeest) de mens kan herscheppen naar Gods beeld en gelijkenis. Er is een voortdurende werking van de goddelijke kracht die de mens omvormt van ‘onvolmaaktheid’ naar ‘volmaaktheid’.

De goddelijke kracht duidt Hildegard in haar visioen aan als ‘volheid waaraan niets ontbreekt’ (de algeest). Deze werkt en ontvouwt zich in de ervarende persoon, opdat ‘al wat leeft’ tot ontwikkeling en voltooiing komt. Dit proces is daarom niet alleen dynamisch, maar ook structurerend, wat zich verwerkelijkt in de ervarende persoon.

In deze omvorming zijn de goddelijke dynamiek en de menselijke ervaring op elkaar betrokken. Als schering en inslag zijn ze voortdurend met elkaar verweven. Dit is een nooit eindigend proces. In het eerst visioen ‘De Verlosser’ heeft Hildegard gezien dat de schepping geschied door de drie goddelijke personen. De Vader ziet ze als een hellicht vuur, de Zoon als een hemelsblauwe vlam die in de zachte adem van de heilige Geest brandt.

Van deze goddelijke personen gaat een neerdalende beweging uit naar de mensheid op aarde. Deze beweging zet de geschiedenis in gang vanaf de schepping ‘in den beginne’ tot aan de menswording van de Zoon van God. De menswording van de Zoon van God is de openbaring van dit visioen: God deelt zichzelf mee.

In het visioen van de drie-enige God is er geen neerdalende beweging te zien van God uit naar de mensheid, maar een innerlijke beweging tussen de drie personen. Er is een levende dynamiek tussen hen. De personen van de goddelijke Drieëenheid werken op elkaar in, om zichzelf te openen als drie-enige God voor de mens.

Hildegard ziet dit als een dynamisch proces tussen het heldere licht en het rode vuur. Ze stromen door elkaar heen. ‘Dit heldere licht doorstroomt het hele rode vuur en dit rode vuur doorstroomt weer heel het heldere licht. En dit heldere licht en dit rode vuur stromen door heel deze mensengestalte zodat het één licht en één kracht van mogelijkheden vormt’.

Verder valt op dat er in het visioen van de drie-eenheid van God gesproken wordt over ‘een allerhelderst licht’ en een ‘allerzoetst rood vuur’. In dit visioen hebben het licht en het vuur een intensiteit in de hoogste mate. Ook valt op dat de hemelsblauwe vlam zich ontwikkeld heeft tot een ‘mensengestalte’ in de kleur van saffierblauw.

 

 

 

de ware en de valse Drievuldigheid

de ware en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

De tekst van het visioen over de drie personen :

Daarom zie je een allerhelderst licht, dat zonder smet van begoocheling (misleiding, onwaarheid), zonder smet van verduistering (gebrek aan inzicht) en zonder smet van bedrog (onwaarheid) de Vader aanduidt. (‘Vader’, licht, komt overeen met: denken).

En daarin de mensengestalte in de kleur van saffierblauw, die zonder smet van verharding (harteloosheid), zonder smet van (gevoelens van) afgunst en zonder smet van onrechtvaardigheid de Zoon openbaart, die voor de tijden als God uit de Vader is geboren en in de tijd als mens is geïncarneerd. (‘Zoon’, komt overeen met: voelen)

Datgene wat geheel brandt met een allerzoetst rood vuur, een vuur zonder smet van dorheid (levenloosheid), zonder smet van sterfelijkheid (levenskracht) en zonder smet van duisternis (bewustzijn) wijst op de heilige geest (‘Heilige Geest’, komt overeen met: bewuste kracht, waarnemen en willen), waaruit dezelfde eniggeborene van God, naar het vlees ontvangen en uit de maagd in de tijd geboren, een licht van ware helderheid in de wereld uitgoot.

Maar dat dit heldere licht geheel dit rode vuur doorstroomt en ditzelfde heldere licht en rode vuur weer samen de hele mensengestalte doorstromen, zodat het één licht in één kracht van mogelijkheden vormt. Dat betekent dat de Vader, die de rechtvaardigste gelijkheid is, niet zonder de Zoon en niet zonder de heilige Geest bestaat de goddelijke eenheid is onafscheidelijk in deze drie personen van kracht .

.

Waar dit Woord (Jezus) al het goede tot stand bracht, hen (de mensen) door zijn zachtmoedigheid naar het leven terugvoerde, die door de onreinheid van zonde (door de onbewuste vereenzelviging) verworpen waren en die niet meer in de heiligheid, die zij verloren hadden, in staat waren terug te keren (Jezus, komt overeen met voelen).

Want door deze levensbron (Jezus) kwam de moederliefde van Gods omhelzing tot ons die ons tot leven voedde en die onze helpster (parakleitos) in gevaren is en die de diepste en allerzoetste liefde is, door ons boetvaardigheid te leren (Jezus, komt overeen met voelen).

.

 

 

Gods krachtstroom in de mens

.

Hildegard wordt betrokken in een diepte, die alomvattend is en waarin de hele werkelijkheid ligt besloten. In deze diepte doorschouwt ze de grond van alle dingen. Hildegard ziet dat de geheimen van God de absolute oorsprong zijn van alle schepselen. In de diepte ziet ze een oerkracht die al het geschapene heeft geplant: ‘Deze volheid heeft met een scherpe kracht stroompjes van kracht geplant’. De volheid van Gods levenskracht heeft beekjes geplant.

Ieder schepsel heeft een ‘beekje van kracht’, dat ontspringt aan de volheid van Gods levensstroom. In dit visioen ziet ze dat de schepping niet is ontstaan uit een niets of uit een oerknal. Ze schouwt de geheimen van God als een levensbron, als een volheid waar al wat leeft uit voortkomt. Hildegard schouwt dat de oorsprong van de dingen niet in de dingen zelf ligt. De schepping bestaat niet in zichzelf. God is de bron van al wat bestaat.

Het stroompje van kracht (de geest als bron) bevindt zich in ieder schepsel. Daar bevindt zich de levenskracht. Door dit stroompje is ieder schepsel met de volheid van Gods geheimen verbonden. Door dit stroompje kan God naar het geschapene stromen. Ieder heeft de mogelijkheid om ontvankelijk te zijn voor en om deel te nemen aan de volheid van Leven. Iedereen kan deelnemen aan deze goddelijke levenskracht. God is een stuwende kracht, die zich wil openen om naar de stroompjes toe te stromen.

Hildegard schouwt in haar visioen, dat er een relatie is tussen God en heel Gods schepping. De relatie tussen God en al wat geschapen is, is wezenlijk, opdat God zich kan ontvouwen in de schepselen. Goddelijk leven is overal aanwezig als een stroompje van kracht, waardoor Gods levenskracht in alle schepselen werkzaam kan zijn. God verhoudt zich tot heel de schepping als een volheid tot alle stroompjes van kracht, die in al het zichtbare en onzichtbare leven aanwezig zijn.

 

 

 

God in drie personen

.

Het goddelijke leven laat zich zien als een allerhelderst licht, als rood vuur (warmte) en een mensengestalte in de kleur van saffierblauw. Het rode vuur duidt op de Heilige Geest. Het is een vuur zonder smet van dorheid. Dit lijkt een tegenstrijdigheid, omdat vuur immers door hitte alles verdort. Het voorafgaande visioen over de verlosser werpt een licht op deze tegenstrijdigheid. Daar wordt dit rode vuur in verband gebracht met de plaats, waar het goddelijke woord kan incarneren.

Deze plaats wordt aangeduid als ‘morgenrood’, het vuur, waarin God zijn ‘Woord vol verlangen’ zond. God gaf dit woord als een ‘vruchtbrengende vrucht’ en liet het ‘als een geweldige bron tevoorschijn komen. Wie van deze bron drinkt, zal nooit meer van dorst vergaan. In dit licht van het morgenrood ontbrandde een buitengewone wil. Want in de glans van het rode licht toonde zich de groene kracht (viriditas, levenskracht, de Heilige Geest komt overeen met: willen) van het grote oude raadsbesluit.

 

 

.

De oneindigheid van de Drievulkdigheid

De oneindigheid van de Drievulkdigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Samengebundelde kracht van goddelijk leven

.

Nu gaat er iets nieuws gebeuren. In het visioen ontstaat beweging. Het heldere licht en het rode vuur (de ongevormde oertoestand) stromen door elkaar heen en worden één om samen de gehele mensengestalte te doorstromen (de gevormde toestand). In het goddelijke leven is beweging zichtbaar. Het licht en het vuur en de mensengestalte stromen zo door elkaar heen, dat ze worden tot één krachtbundel: ‘Dit heldere licht doorstroomt het hele rode vuur en dit rode vuur stroomt weer door heel het heldere licht.

En dit heldere licht en en dit rode vuur stromen door geheel deze mensengestalte, zodat het één licht in een kracht van mogelijkheden vormt’. Deze samengebundelde kracht van goddelijk leven is een beginsel, een concentratie van mogelijkheden. Dit beginsel is een stuwende kracht die in beweging zet; een krachtbron voor al wat leeft (door de geestelijke vermogens). Deze kracht heeft een rijkdom aan mogelijkheden.

 

 

 

God werkt in drie personen

.

God is werkzaam als een dynamische kracht in drie personen (drie vormen). De Vader is werkzaam als ‘rechtvaardigste gelijkheid’. Rechtvaardig staat in verband met trouw en goedheid. Als ‘rechtvaardigste gelijkheid’ laat de Vader ieder schepsel tot zijn recht komen op ‘gelijke’ wijze. Ieder schepsel heeft eenzelfde ‘krachtstroom’.

De Heilige Geest maakt een beweging naar de gelovigen. Zij worden aangeraakt en in vuur en vlam gezet door de Geest. De Zoon is de ‘volheid van de vruchtbaarheid’. Hij draagt de mogelijkheid in zich heel de schepping vruchtbaar te doen zijn: ‘alles is door hem geworden en zonder hem is niets geworden wat geworden is’. Deze volheid van vruchtbaarheid is in alle dingen.

Het is een alomvattende kracht die met heel de schepping is verbonden en die ‘al wat is’ leven geeft. Alles is met de Zoon in de oorsprong verbonden. De hele schepping draagt een kiem van deze volheid. De Vader als de rechtvaardigste gelijkheid, de Heilige Geest als de ontsteker van de harten van de gelovigen en de Zoon als de volheid van de vruchtbaarheid, bestaan niet zonder elkaar.

Ze werken samen. De drie goddelijke personen vormen een eenheid en zijn als personen met elkaar verweven en op elkaar betrokken. In de goddelijke natuur zijn ze met elkaar verbonden. De drie personen van de Drieëenheid zijn tot een eenheid samengevoegd. De ene persoon staat niet boven de ander, ‘ze zijn één God in een onverdeelde majesteit’.

Ze zijn niet verdeeld, maar werken wel afzonderlijk als personen (de geestelijke vermogens). Als personen staan ze met elkaar in relatie. De Vader wordt kenbaar gemaakt door de Zoon. De Zoon weerspiegelt het allerhelderste licht dat de Vader is. ‘De Zoon wordt kenbaar gemaakt door de oorsprong van de schepselen’.

De volheid van de vruchtbaarheid van de Zoon is aanwezig in alle schepselen. ‘De heilige Geest wordt kenbaar gemaakt door dezelfde menswording van de Zoon’. De Vader bracht zijn Zoon voort in eeuwigheid. Dit is niet aan tijd gebonden: de Vader schept in eeuwigheid. Bij de Zoon begint de schepping. Door hem worden alle schepselen geboren uit de Vader.

Alle dingen hebben hun oorsprong in de Zoon. In de Zoon komen alle schepselen aan het licht (de gevormde toestand). De volheid van de vruchtbaarheid van de Zoon kan zich in alle schepselen openbaren. Ieder schepsel is vruchtbaar en kan tot voltooiing komen, dat is: worden zoals de Vader het in zijn allerhelderste licht heeft bedoeld. De Heilige Geest wordt kenbaar gemaakt door de menswording van Gods Zoon. De Heilige Geest, die zichtbaar werd als een duif bij de doop in de Jordaan, maakt Jezus Mensenzoon.

 

.

 

God verlangt naar de mens

.

God verbindt zich tot één licht en één kracht, als de ene God in drie personen, die verlangt naar een relatie met de mensen. De ene God wil zich openen en de mensen uitnodigen zich te laten betrekken in Gods leven: ‘De mens mag nooit vergeten, mij, de ene God in deze drie personen, aan te roepen’.
God wordt persoonlijk en verlangt naar een relatie met de mens: de mens mag mij aanroepen.

In het Latijn staat ‘invocare’, wat zowel aanroepen als inroepen betekent. De ene God aanroepen is vragen om contact en zich toewenden (het streven naar de hereniging). God inroepen is zich openen om God binnen te laten komen. God neemt er geen genoegen mee verzonken te zijn in zichzelf en wil betrokken zijn op mensen. God wil zichzelf te buiten gaan.

God wil zich niet opsluiten in zijn eigen wezen, in tegendeel, deze ene God in drie personen wil bestaan in een onbegrensde openheid naar de mensen toe, ‘want daartoe heb ik hen aan de mens geopenbaard, opdat de mens des te heviger aangeraakt in liefde tot mij ontbrande’. De bedoeling van Gods openbaring is dat de mens aangeraakt wordt in liefde en dat er een verlangen wakker wordt gemaakt, waardoor onze liefde tot God ontwaakt.

De mens is als schepsel in aanleg geschapen om de volle diepte van Gods liefde te ontvangen en van daaruit te leven. Daarnaar verlangt God en daartoe openbaart God zichzelf in de drie personen … opdat zij beseffen, dat de diepste beweging tussen God en mens er een is van liefde.

 

 

.

Eer aan God in de Hoge

Eer aan God in de Hoge

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

.

Gods initiatief

.

Het initiatief van de liefde ligt niet bij de mensen, maar bij God. Deze liefde duidt Hildegard aan met ‘caritas’ (liefdadigheid), de liefde die in God woont. Deze liefde openbaart zich, doordat God zijn eniggeboren Zoon aan de mensheid schenkt. Het doel hiervan is, dat wij zullen leven. De zelfgave van God in zijn Zoon betekent leven voor ons. God deelt zichzelf mee en schenkt liefde aan de mensheid door de menswording van zijn Zoon, die hij heeft gezonden ‘tot verzoening van onze zonden’.

Christus is mens geworden opdat wij wegtrekken uit de duisternis van de zonde. De zonde is dat de mensen zich hebben afgewend van God (door de onbewuste vereenzelviging met de stof). Zij hebben geen contact meer met ‘het stroompje dat God zelf in hen heeft geplant’. Zij zijn hiervan vervreemd (ze zijn onbewust geworden, vervreemd van zichzelf als geest) en hebben dit goddelijke bewustzijn verloren. God wil deze relatie herstellen door zichzelf te geven in zijn Zoon, om zo de oorspronkelijke verbinding te herstellen.

Deze liefde duidt Hildegard aan met het woord ‘dilectio’. Deze liefde leidt tot het schenken van genade (‘genade’: welwillendheid). Het woord dilectio komt van ‘diligere’, dat uitkiezen en liefhebben betekent. God kiest ons uit door ons te beminnen en zo aan ons onze oorspronkelijke waarde terug te geven. Doordat God ons heeft bemind ‘is een ander heil ontstaan, dan wat wij bij onze eerste oorsprong bezaten’.

Onze eerste oorsprong duidt op de schepping van de eerste mensen in het paradijs, die leefden in verbondenheid met hun goddelijke oorsprong en die de erfgenamen waren van onschuld en heiligheid.
De eerste mensen konden nog geen onderscheid maken tussen goed en kwaad. Daarom kon het niet anders dan dat onze onschuld en heiligheid beproefd werden (op de aarde als leerschool).

Deze beproevingen zijn een kans om te groeien. Want in de beproevingen heeft de hemelse Vader aan ons zijn liefde laten zien, zegt Hildegard. Deze liefde duidt Hildegard aan met ‘caritas’. De liefde van God ervaren wij als een beproeving. Over deze beproevingen schrijft ze in het visioen van de oorsprong van het kwaad: ‘De grote heerlijkheid en eer, die aan de mensen gegeven is, kan niet zonder beproeving blijven, anders zou de mens nietig en ijdel zijn.

Goud moet in het vuur gelouterd worden, kostbare stenen moeten gereinigd en geslepen worden. Ook de mens, die volgens beeld en gelijkenis van God is geschapen, moet, om te kunnen bestaan, beproefd worden. Meer dan ieder wezen moet de mens beproefd worden en zijn toetsstenen zijn (zijn omgang met) de schepselen.

De geest toetst zich aan de geest (in de ontmoeting met medemensen), het vlees aan het vlees. Zo wordt de mens door ieder schepsel beproefd in het paradijs, op aarde en in de onderwereld. Willen wij groeien naar Gods beeld en gelijkenis, dan is het noodzakelijk dat wij (onze zelfstandigheid en vermogen de juiste keuzes te maken) worden beproefd, anders zouden wij nietig en ijdel blijven.

.

 

 

In de ban van de zonde

.

God laat zijn liefde zien als een beweging naar de mensen toe: Hij openbaart zijn ene Woord voor de mensenkinderen als een mogelijkheid voor hen om zich te laten betrekken in het goddelijke leven (de hereniging). Ze blijven ontvankelijk voor dit Woord, ondanks hun duisternis: ‘En het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet aangenomen’ (Joh. 1:5).

De mensen kunnen niet zelf uit hun duisternis (onbewustheid) breken. Toch wil God hen openen om opnieuw met hen de relatie aan te gaan. Dat kan enkel gebeuren ‘door een hemelse kracht’ die de Vader naar de wereld zendt, in zijn ene Woord, namelijk door de menswording van het ene Woord in Jezus Christus: ‘Het ware licht, dat ieder mens verlicht, kwam in de wereld’ (Joh. 1:9).

Dit mensgeworden Woord werkt al het goede uit: ‘door zijn zachtmoedigheid voert het Woord de mens terug tot het leven’. Niet door hardheid, niet door de macht, maar door zachtheid en mildheid wordt de mens teruggevoerd naar het leven.

Ondanks hun duisternis (onbewustheid) blijven de mensen de mogelijkheid behouden om open te staan voor deze hemelse kracht. Door de zonde zijn zij ervan af gekeerd en vervreemd, en kunnen niet op eigen kracht terugkeren, omdat de macht van de zonde hen in de ban heeft (door de onbewuste vereenzelviging met de stof).

 

 

.

Vader liefde en moeder liefde

Vader liefde en moeder liefde

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

.

De moederliefde van God

.

De levensbron van God ontsluit zich als moederliefde, die als een omhelzing tot ons komt. De levensbron opent zich voor ons, opdat wij open worden voor God. De liefde, die uit deze levensbron stroomt, biedt een opening voor ons. Gods liefde maakt zich kenbaar als moederliefde. Deze liefde maakt een verbinding naar ons, opdat er tussen God en ons een relatie kan ontstaan.

Zoals een moeder zichzelf beschikbaar stelt met lichaam en ziel, opdat haar kind zal leven, zo voedt de moederliefde van God de mens ten leven. Zoals de moeder haar kind behoedt, zo is de moederliefde van God onze helpster (parakleitos, de heilige Geest) in gevaren. Hildegard duidt deze aspecten van moederliefde aan met het woord ‘dilectio’: de liefde, die de mens bevrijdt uit de duisternis, de liefde die werkt als een genade.

Waar de mens geopend is, kan Gods liefde naar de mens toestromen. Waar de mens kan ontvangen, kan God geven. Dit is één gebeuren. Dit wordt ervaren als ‘de diepste en allerzoetste liefde’. De moederliefde van God is er voor de mensen en nodigt hen uit tot leven. In deze relatie kan de mens bij zichzelf en bij God komen.

In deze aanwezigheid van God kan het besef doorbreken van zondig zijn, dat wil zeggen: van vervreemd zijn van God, afgesneden en niet zichzelf. Dit besef zet de mens op de weg naar terugkeer en herstel (bekering), ‘zo leert God ons te leven in boetvaardigheid’.

 

 

.

De innerlijke bewogenheid van God met de mens

.

God wil de relatie met de mens herstellen en dat gebeurt doordat God zich de mens herinnert. God heeft immers de mens geschapen uit liefde. Het beeld van de mens ligt onuitwisbaar in het geheugen van God getekend. Het is de herinnering aan het grote werk van God, die de mens geboetseerd heeft uit het slijk der aarde. God heeft de mens geschapen uit goddelijke kracht als ‘zijn kostbaarste parel’. De schoonheid van de mens ligt als een parel in het binnenste van God getekend.

De mens is geschapen als een parel én de parel ligt in de herinnering van God. Hier raken God en mens elkaar (het streven naar de hereniging). God heeft de mens tot leven gewekt door hem levensadem in te blazen. Zo werd de mens bezield met goddelijke geest. God heeft de mens gewekt, maar hij is nog niet tot voltooiing gekomen. Het krachtstroompje ligt nog bedolven. De kostbare parel, die in de diepte verborgen ligt, is nog niet aan het licht gekomen (door de onbewuste vereenzelviging).

Een parel groeit in de zee als parelmoerstof in het lichaam van een pareloester. Door onze(!) stroompjes zijn we verbonden met de ‘zee’, met de volheid (de goddelijke algeest), waaraan onze ‘stroompjes’ ontspringen. Door middel van onze stroompjes kunnen we op zoek gaan naar de parel (jezelf als geest) die daar in de diepte (van de ziel) verborgen ligt.

Gods herinnering aan de mens is vol barmhartigheid. God is bewogen met de mens, die hij tot leven heeft gewekt. Zoals een moeder de vrucht draagt tot haar dagen vervuld zijn, zo draagt God de mens in zijn innerlijk tot de vruchten voldragen zijn. God zet met zijn scheppende liefde een proces in gang en gaat een verbintenis aan met het leven, dat verwekt is. Gods barmhartigheid, die gestalte krijgt als moederliefde van God, voedt en behoedt als een zwangere vrouw dit komende leven opdat deze verbintenis tot voltooiing komt.

God verlangt naar ons en is met ons begaan. Deze bewogenheid is een stuwende kracht van verlangen, die naar ons kan toestromen als we worden bevrijd (van onze toestand van vereenzelving met de stof). Dan kan de volheid, waar alle leven uit voortkomt, naar onze stroompjes toestromen en ons herscheppen.

 

 

.

In de spiegel van Gods barmhartigheid

.

Gods moederliefde stelt zich beschikbaar voor ons en nodigt ons uit tot leven. Gods liefdevolle aanwezigheid betekent niet dat alles wordt toegedekt. We mogen onszelf tegenkomen in heel ons doen en laten (bewustworden door zelf ervaringen op te doen en te verwerken met onze vermogens). Gods barmhartigheid houdt ons een spiegel voor en confronteert.

In deze spiegel beseffen we onze zelfgenoegzaamheid, onze zelfzuchtigheid (door de onbewuste vereenzelviging met de stof). Deze houding noemt Hildegard hoogmoed en deze schrijft zij toe aan de duivel. Hier staan God en duivel tegenover elkaar. God die de mens wil verlossen en de duivel die hoogmoedig is en de mens in zijn ban heeft.

In aanwezigheid van Gods moederliefde kunnen we uit deze ban worden bevrijd en afdalen, opdat we nederig worden. In de Latijnse tekst van Hildegard staat ‘humilitas’, nederigheid. Dit woord is afkomstig van ‘humus’ en ‘humilis’. Humus betekent ‘grond’. Humilis betekent ‘laag bij de grond’, eenvoudig, deemoedig, nederig.

Nederigheid betekent: bij de grond zijn, buigen naar de aarde. Nederigheid maakt ontvankelijk (de geest is daardoor een ‘leegte’ en staat open voor God). Iemand die nederig is, vervult zichzelf niet met alles wat hij heeft en is. De duivel kent geen nederigheid. Die wil zelf op de plaats van God zitten. Dit zijn de hoogmoedige verzinsels van de listige slang.

Hoogmoed staat tegenover nederigheid. Hoogmoed verbeeldt zichzelf heel wat, terwijl nederigheid zichzelf ontledigt. Hoogmoed vervult zichzelf en is gericht op zichzelf (zelfgerichtheid), nederigheid is een houding van louter ontvangen in verbondenheid met de grond van het bestaan, waar onze stroompjes van kracht ontspringen.

 

 

 

Herschepping door liefde

.

Het initiatief tot onze verlossing neemt God als moederliefde die naar ons toekomt en ons bevrijdt. Barmhartigheid raakt de naam van God in het hart: Ik ben er. Barmhartigheid is teder én houdt ons een spiegel voor. Barmhartigheid omvat zowel de tedere kant als de confronterende kant van God. Deze twee aanzichten heeft de moederliefde van God. Gods moederliefde is een bron van genade, die uitnodigend is, opdat wij leven én houdt ons een spiegel voor, waarin wij onszelf kunnen tegenkomen (en zo tot zelfkennis kunnen komen).

Gods liefde is nabij én schept afstand. Zo komen wij in aanraking met ons stroompje van kracht en kunnen naar binnen keren om de diepte in te gaan, waar het diepste leven gewekt kan worden: de parel (geest) die vanaf onze oorsprong in ons aanwezig is (die wij vanaf onze oorsprong zelf zijn, maar onbewust).

Als barmhartige keert God zijn hart naar ons toe en verlangt ernaar ons te betrekken in zijn scheppende liefde, opdat wij worden tot wie wij zijn: schepsel naar het beeld van de ene God. God noemt Hildegard hier Schepper en Heer. De Zoon duidt Hildegard aan als Hoofd en Verlosser. Zijn levenskracht is van eeuwigheid werkzaam in alles wat leeft en omvat hemel en aarde.

Christus is een Verlosser, die onze zonden heeft afgewassen. Hij is onze zielverzorger, die ons verpleegt en verzorgt (voelen). Hij maakt onze wonden schoon. De Zoon van God is werkzaam als een verpleegkundige, een arts, die de mens geneest. Uit Christus komt het geneesmiddel voort, waardoor wij geheeld worden.

Deze werkzaamheid van het goddelijke leven is er altijd, zegt Hildegard. De geheimen van God zijn van eeuwigheid werkzaam. God kan ons ieder moment herscheppen. De mens heeft de mogelijkheid om door het krachtstroompje (de menselijke geest) deel te nemen aan de volheid, die oneindig diep is en waaraan niets ontbreekt (de goddelijke algeest). Deze kan zich ontvouwen in ieder schepsel en het voltooien (door geestelijke ontwikkeling).

De stroompjes blijven altijd aanwezig, ondanks het feit dat wij aan tegenslagen en veranderlijkheid onderhevig zijn. Door de stroompjes kunnen wij steeds weer opnieuw in contact komen met de geheimen van God waarin de drie goddelijke personen bewegen en die ‘ondeelbaar levend in de eenheid van de goddelijkheid’ zijn.

 

.

 

Slotbeschouwing

.

Als zwangere gaat Gods moederliefde een verbintenis aan met de mens, opdat het leven, dat gewekt is, voldragen wordt. Als zwangere draagt God het vruchtwater in zich, waarin mensen gedragen worden tot de tijden zijn vervuld, opdat zij opnieuw geboren worden (zelfverwerkelijking en hereniging).
Ook heel de schepping wacht op voltooiing: ‘De hele natuur kreunt en lijdt in barensweeën, altijd door’ (Rom. 8:23).

Waar God ons herschept, ervaren we dat we niet zelf de oorsprong en ontwerper zijn van het leven. Ons leven kent een dieper geheim. Betrokken op dit levensgeheim beseffen we dat we verbonden zijn met een alomvattende kracht die in heel de schepping aanwezig is en die ‘al wat is’ leven geeft (de goddelijke algeest). In ons zit dit geheim als een parel verborgen (wijzelf als de menselijke geest), die de belofte is van een nieuwe schepping.

 

 

.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

.

voorpagina openbaring a4

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

JOHN ASTRIA

Advertenties

Boeddha wijsheden : deel 7

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Het is voor ons belangrijk om goede gedachten

te hebben, want wij worden wat wij denken

 

 

 

gedachten

 

 

 

 

 

 

Haat wordt niet door haat overwonnen;

haat wordt  door liefde overwonnen,

zo is van eeuwigheid de orde der dingen

 

 

 

Liefde

 

 

 

 

 

 

Wie is een groot mens?

 

Die het sterkst is in het

 

uitoefenen van geduld

 

 

 

Geduld-is-de-Sleutel-tot-Succes-Easy-Branches

 

 

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Boeddha wijsheden : deel 6

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Er komt een dag dat de grote aarde verbrandt,

vergaat en niet meer is,

maar ik verzeker u

dat de wezens die ronddolen en zwerven,

bevangen in onwetendheid

en geprangd door de

dorst om te leven, geen einde zullen vinden

 

 

 

 

In deze wereld zal haat nooit beëindigd worden door haat,

maar door liefde; dit is een eeuwige waarheid

 

 

 

 

Overwin woede met liefde, overwin het kwade met het goede.

 

 

 

 

 

Overwin de vrek met vrijgevigheid, overwin de leugenaar

met de waarheid.

 

 

 

 

 

 

Boeddha

 

 

buddha_orange

 

 

 

 

 

 

 

 

Het boek "De Openbaring"

Het boek “De Openbaring”

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria

Wat ongelovigen nooit zullen begrijpen

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De Heilige Geest is de Geest van God die zich openbaart in de wedergeboren volgelingen van Jezus Christus. Hij is de geestelijk plaatsvervanger van Jezus hier op aarde, nadat Jezus zelf uit de dood is opgestaan en opgevaren is naar de hemel.

 

 

De Helige Drievuldigheid: God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 


De Heilige Geest is geen vage afschaduwing van Jezus, evenmin een tastbare kracht. Hij is een onderdeel van de Enige, naast God de Vader en God de Zoon. Het is aan een niet-gelovige praktisch onmogelijk uit te leggen wat Hij bewerkstelligd en hoe Hij werkt door volgelingen van Jezus heen. Wanneer je zelf Gods Geest ervaart weet je hoe Zijn Geest werkt, Hij geeft je op een onvatbare manier rust, zekerheid, onderricht, vrijmoedigheid en blijdschap. Maar hoe dat nu uit te leggen? Hoe iets uit te leggen wat niet van deze wereld is? Iets wat niet bedoeld is om tastbaar te zijn voor deze wereld?

 

 

Jezus legde het als volgt aan Zijn discipelen:

 

“Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere
pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn:
de Geest van de waarheid. De wereld kan hem
niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent
hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont
in jullie en zal in jullie blijven. Ik laat jullie niet als
wezen achter, ik kom bij jullie terug.”

Johannes 14:16-18

 

 

De Geest leert je het onderscheid te maken tussen wat goed en wat fout is. Hij geeft je inzicht in je eigen zonden en Hij doet je beseffen dat er zonder Jezus geen weg naar de hemel is. Dat er buiten Jezus geen enkele rechtvaardiging is dat wij met onze zonden maar in de buurt kunnen komen van God de Vader. En de Heilige Geest is het die jou vrijmoedig maakt om openlijk, en in blijdschap en zonder schaamte, over Jezus te kunnen getuigen.

 

 

Jezus kwam dichterbij en zei tegen hen:

 

“Ik heb
alle macht in hemel en op aarde gekregen.Ga
er daarom op uit om alle volken tot mijn discipelen
te maken. Doop hen in de naam van de Vader en
van de Zoon en van de Heilige Geest. Leer hen
altijd te doen wat Ik u heb gezegd. En vergeet dit
niet: Ik ben altijd bij u, tot het einde van de tijd.”


Mattheüs 28:18-20

.

.

 

God is Vader, Zoon en Heilige Geest. En toch is Hij 1, Hij is echat (het hebreeuwse woord voor één). Ter verduidelijking: je kunt het misschien enigzins vergelijken met de zon. Hij is werkelijk daar, te zien voor iedereen: groot en rond, met andere menselijke woorden: de bron van het leven op aarde. Daarnaast geeft deze bron licht en warmte af. In dit vergelijk kun je het zien als de bron / zon = God de Vader, het licht = Jezus de Zoon en de warmte = de Heilige Geest.

 

 

Wanneer iemand wedergeboren wordt door het geloven in Jezus als de Messias, zal God door Zijn Geest, de Heilige Geest, in hem of haar komen wonen.

 

Maar allen die Hem wel aanvaard hebben,
heeft Hij het recht gegeven kinderen van God
te worden. Door geloof in Zijn naam worden
zij opnieuw geboren, natuurlijk niet als mens,
maar geestelijk uit God.

Johannes 1:12-13

 

 

 

 

Zoals Jezus het zelf zegt is het zelfs een bittere noodzaak om wederomgeboren te worden:

 

“Toch is het zoals Ik zeg. Als iemand na
zijn natuurlijke geboorte niet ook
geestelijk geboren wordt, kan hij
onmogelijk in het Koninkrijk van God
komen. Uit mensen komt menselijk
leven voort, maar uit de Geest van God
komt geestelijk leven voort.”

Johannes 3:5-6

 

 

 

De Heilige Geest heeft kennis over God
die wij alleen via de Heilige Geest te
weten kunnen komen: Zoals alleen de
geest van een mens weet wat in een
mens omgaat, weet ook alleen de
Geest van God wat er in God is.


1 Corinthiërs 2:11

 

 

 

Een belangrijke taak van de Heilige Geest is dat Hij getuigt over Jezus Christus. Hij getuigt, onderwijst en geeft inzicht over de waarheid van Jezus de Messias:

 

“Als Ik bij de Vader ben, zal Ik mijn
Plaatsvervanger sturen. Dat is de Heilige
Geest, de bron van alle waarheid. Hij komt
uit de Vader en zal u alles over Mij vertellen.”
Johannes 15:26

Maar als de Heilige Geest komt, zal Hij u
de weg wijzen naar de volledige waarheid.
Wat Hij u zal zeggen, heeft Hij niet uit
Zichzelf, maar Hij geeft door wat Hij hoort.
Hij zal vertellen wat er in de toekomst gaat gebeuren.
Door u te vertellen wat Hij van Mij hoort, zal Hij Mij grootmaken.

Johannes 16:14

 

 

 

 

Dat staat ook in de Boeken: “Wat niemand heeft
gezien, niemand heeft gehoord en wat niemand
ooit bedacht, dat heeft God allemaal klaar voor
hen, die Hem liefhebben.”

God heeft het ons door de Geest duidelijk gemaakt.
Want voor de Geest is niets verborgen, zelfs het
diepste wezen van God niet.
Zoals alleen de geest van een mens weet wat in een
mens omgaat, weet ook alleen de Geest van God
wat er in God is.

En wij hebben niet de geest van de wereld ontvangen,
maar de Geest van God om zo te weten wat God ons
in genade gegeven heeft. Daarover spreken wij dan
ook niet met menselijke welsprekendheid, maar met
woorden die de Geest ons ingeeft.

Wij gebruiken dus de woorden van de Geest om de
gedachten van de Geest over te brengen. Maar iemand
die niet gelovig is (de natuurlijke mens) heeft geen oog
voor wat de Geest van God doet. Voor hem is dat allemaal
onzin. Hij begrijpt er niets van, omdat het alleen geestelijk
te doorzien is.

1 Corinthiërs 2:9-14

 

 

De Geest onthult Gods wil en Gods waarheid voor een christen, met als doel Gods karakter in toenemende mate door het leven van een gelovige heen te laten schijnen. En wel op zo’n manier dat duidelijk blijkt dat we dat onmogelijk zelf kunnen doen.

 

 

De Heilige Geest geeft het karakter van een wedergeboren christen liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, mildheid, trouw, tederheid en zelfbeheersing.


Galaten 5:22

 

 

In plaats van proberen liefdevol en geduldig te zijn, vraagt God ons om volledig op Hem te vertrouwen teneinde Hij zelf deze kwaliteiten en eigenschappen in ons leven kan geven. Ons volledig, in vertrouwen, open te stellen voor Hem, onze Schepper die zoveel liefde voor ons heeft. Daarom wordt, o.a. in Galaten 5:25, ons christenen gezegd ons te laten leiden door, en zodoende vol te zijn van, de Geest (Efeze 5:18).

 

 

 

De ware – en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De Heilige Geest heeft ook een belangrijke taak ten opzichte van niet-gelovigen.

 

 

Hij is het die de harten van de mensen overtuigt van eigen zonde. Dat wij Gods vergeving nodig hebben en dat dit alleen te vinden is door het offer van Jezus. Dat Hij voor onze plaats gestorven is, voor onze zonden en voor het oordeel dat anders ieder mens had getroffen. Dit oordeel dat nu voorbijgaat aan een ieder die zijn vertrouwen op de Messias Jezus gesteld heeft.

De Heilige Geest klopt op onze harten en vraagt ons elke keer weer, met een liefdevol geduld, om ons te bezinnen, onze zonden te belijden en ons te keren naar God onze Vader voor vergeving van onze fouten en een nieuw leven met Hem te beginnen. Een leven die eeuwigdurend en vol van Zijn liefde zal zijn.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Boodschap 94 van ” Boodschappen uit de kosmos ”

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

angst

.

.

 

WIE ANGST HEEFT OM TE FALEN,

 

HEEFT SCHRIK OM TE SLAGEN.

 

WIE ANGST HEEFT OM GEKWETST

.

TE WORDEN,

 

HEEFT SCHRIK OM LIEFDE TE GEVEN.

 

WIE ANGST HEEFT VOOR DE DOOD,

 

HEEFT SCHRIK OM TE LEVEN

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Saint Germain, de houder van de violette vlam

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Wie mij kent, kent zichzelf.

 

 

 

Saint_20Germain_20kaart

 

 

 

IK BEN uw broeder Saint Germain. IK BEN wie IK BEN. En wie IK BEN is wie u bent in waarheid.

 

 

Wie mij kent, kent zichzelf. Ten Hemel gevaren door verlichting en verheffing te brengen. Wie ik was is niet zo belangrijk als wie IK BEN. Maar om u als ziel in een mensenleven te tonen hoe de menselijke evolutie beweegt door de tijden heen, zal ik de sluier oplichten en u een beeld geven van enkele van mijn levens en hoe ik ben gekomen tot wie IK BEN.

Vele van mijn levens, mijn stoffelijke levens, heb ik in onbekendheid en stilte doorgebracht. In stilte, ter voorbereiding van de levens in openbaarheid. Reeds ver voordat deze jaartelling haar intrede deed, verbleef mijn ziel in een stoffelijk lichaam op de Aarde. Stille levens heb ik geleefd, maar ook levens waarin ik heb mogen meewerken aan de evolutie van de mensheid. Als hogepriester, als zonnekoning, als discipel van de toen in aardse trilling verblijvende Heer Sanat Kumara, heb ik de beschaving van Atlantis en Lemuria tot hun hoogtepunten zien groeien.

Als discipel en als ingewijde heb ik ook de reden voor het vallen van deze tijdperken aanschouwd. Mijn hart en mijn ziel hebben intens verdriet gekend, maar ook intense vreugde. Als Samuel heb ik, vanuit dit weten, profetieën mogen geven over de komst van Christus op Aarde. Om door het leren kennen van Christus en de Christusenergie, de hoogmoed en het verval, gekend in vorige tijden, in het bewustzijn van de mensheid te brengen ter voorkoming van een herhaling.

Als Jozef, de timmerman, heb ik het Christuskind in mijn armen mogen ontvangen. Gezien, geleerd in stilte. Mijn ziel kwam weder op Aarde en gaf gestalte aan het leven van Constantijn de Grote. Samen met Keizerin Helena, die de Heilige Graal uit de handen van Jozef Van Arimathea mocht ontvangen, kon ik er wederom aan bijdragen om de Christusenergie verder in de trilling van de Aarde te brengen ter openbaring van de Heilige Graal en ter bescherming hiervan.

Als zevendestraalwezen kwam mijn leven als Merlijn de tovenaar tot stand, samen met Koning Arthur hebben wij het verbond van de Ronde Tafel en de Ridders van de Heilige Graal opgericht. Maar helaas was de mensheid toen nog niet klaar om de volledige kracht van de Heilige Graal te ontvangen en te begrijpen. Veel van de wijsheid die toen aanwezig was, is weder naar het onbewuste teruggekeerd, om op de juiste plaats op en het juiste moment terug te keren.

Mijn leven als Christopher Columbus bracht mij naar een nieuwe wereld en mijn zielenroep was aanhoord. Dankbaar en intens vreugdevol heb ik meegewerkt aan de totstandkoming van deze nieuwe wereld en van de vrijheid en gelijkheid die hieraan ten grondslag lagen, hoewel dit soms in deze tijden in de vergetelheid geraakt. De werken van William Shakespeare zijn via mijn hand uit mijn pen gevloeid; vele mysteriën worden hierin opgeheven. Vele leringen over het leven als leerschool worden hierin tot uitdrukking gebracht.

Als Saint Germain heb ik in de 17e eeuw mijn Hemelvaart volbracht na het nemen van 7x7x7x7x7x7x7000 beslissingen, juiste beslissingen. Nemende de naam die ik mijzelf heb toegeschreven Saint Gerrnain of Sanctus Germanus. Ook na mijn hemelvaart ben ik in de trilling van de Aarde gebleven en heb getracht om openheid te brengen en nog immer tracht ik om de magische werking en de magische schoonheid van de trilling van het Universum aan u als mensheid bekend te maken. Om u te tonen hoeveel zaken in uw leven overbodig zijn en hoe ze eenvoudig te verwijderen, te overwinnen, te transformeren en zelfs te transmuteren in uw leven. Als uw broeder blijf ik aanwezig in de atmosfeer van de Aarde en zal dit blijven doen tot u allen zich in deze trilling van het Universum bevindt, allen als broeders en zusters in de Verheven staat, in wijsheid en in onvoorwaardelijke liefde want hiervoor ben ik.

Uw Broeder Saint Germain.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

De heilige Theresia van Lisieux : † 1897

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

 

Thérèse Martin werd op 2 januari 1873 geboren in de Normandische plaats Alençon. Op zeer jonge leeftijd verlangde ze al naar het kloosterleven. Theresia was als kind een dwingeland; hysterisch, zeggen zelfs sommige schrijvers. Als ze haar zin niet kreeg kon ze woedend en stampvoetend reageren. Des te indrukwekkender dat ze bij haar overlijden op 24-jarige leeftijd was uitgegroeid tot een groot heilige.

 

 

 

 

 

 

Toen ze vier was, had ze haar moeder verloren; dat deed haar veel verdriet. Dat herhaalde zich toen haar op één na oudste zus, die de plaats van moeder had ingenomen, intrad bij de karmelietessen. Thérèse wilde dat ook, maar was pas veertien en ze moest minstens zestien zijn. Met haar vader ging ze de bisschop vragen om reeds nu te mogen intreden. Zij had haar haar opgestoken en zich ouder opgemaakt. De bisschop zei nee. Maar het lukte haar toch om reeds op 15-jarige leeftijd in te treden.

Ze was vastbesloten een heilige te worden. Op haar 21e werd ze al gekozen tot novicenmeesteres, een verantwoordelijke functie, want zij moest de nieuwelingen in het kloosterleven inwijden. Ze was haar tijd ver vooruit. Ze wilde Hebreeuws leren, want dat was immers de taal die Jezus zelf gesproken had. Op die manier zou ze Hem nog beter leren kennen en nog meer kunnen beminnen. Maar ze was ook modern door het feit dat ze herhaaldelijk werd overvallen door inktzwarte geloofstwijfels.

Ze leefde in haar gebed intens mee met de missionarissen in verre landen. In het twaalfde hoofdstuk van Paulus’ eerste Korintiërsbrief las ze dat ieder lid van de kerk een eigen taak heeft, net zoals ieder lichaamsdeel. Het oog kan niet tegen het oor zeggen: “Ik heb je niet nodig.” Alles heeft zijn plaats en samen vormen ze het ene lichaam.

“Maar”, schrijft Thérèse, “ik wil juist wel alles tegelijk zijn.” Het antwoord op haar moeilijkheid vond ze in het vervolg van Paulus’ brief. Hij schrijft dat alles bijeengehouden wordt door de liefde. “Want zonder de liefde zou geen apostel nog het evangelie verkondigen, geen martelaar zou nog zijn leven geven enz.” Dat wilde ze zijn: de liefde die vanuit het hart alle ledematen doorstroomt.

Op 29 april 1923 werd Theresia zalig verklaard. Haar heiligverklaring volgde op 17 mei 1925. In 1997 werd Theresia, als derde vrouw in de geschiedenis, door paus Johannes Paulus ll tot kerkleraar  uitgeroepen. Haar leven is in verschillende boeken beschreven. Een bekende uitspraak van haar is: “Ik wil het rozen [= zegeningen] laten regenen op aarde”. Daarom wordt ze afgebeeld als karmelietes die een crucifix en rozen tegen de borst houdt. Ze werd de patrones van missionarissen en het missiewerk. Ze is ook patrones van Frankrijk en Rusland.

Ze wordt ‘de kleine Theresia’ genoemd om haar te onderscheiden van de ‘grote’ Theresia van Avila.

 

 

 

 

 

 

 

De kleine weg van de kleine Theresia.

 

Op haar ziekbed was ze soms ten prooi aan de zwartste geloofstwijfels. Zo was ze. Elk gevoel drong diep haar ziel binnen; doorleefde ze; ook de negatieve.

“Als je eens wist welke afschuwelijke gedachten in mij rondspoken. Het zijn die materialistische redeneringen die zeggen: ‘Wacht maar af, als de wetenschappen nog wat verder zijn, zal overal een natuurlijke uitleg voor te vinden zijn; voor alles bestaat een gewone verklaring. Nu weten we nog niet alles, maar ooit zullen we dat allemaal ontdekken… enz.”

Dergelijke gedachten omschrijft ze zelf als een zwart gat. Ze is zelfs bang dat ze in haar geloofstwijfel God beledigt en heiligschennis pleegt. Niets blijft haar over dan het besef heel klein te zijn en volkomen aangewezen op Gods liefde die ze soms geruime tijd niet voelt; er blijft haar niets anders over dan er zwart in te geloven.

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Akiane Kramarik maakt schilderijen van haar visioenen

Standaard

categorie: religie

 

 

 

Akiane Kramarik maakt schilderijen van haar visioenen

 

‘Door mijn kunst wil ik laten zien dat er hoop is’

 

 

.
.
.

Sinds haar kleutertijd krijgt de Amerikaanse Akiane Kramarik indrukwekkende visioenen, die ze vastlegt op het schildersdoek. Haar schilderijen hebben grote invloed op haar leven en op dat van anderen.

 

Akiane Kramarik is 4, als ze indrukwekkende visioenen krijgt van de hemel. Deze blijven komen, wekenlang. Om niet te vergeten wat ze gezien heeft, maakt Akiane er, zo jong als ze is, tekeningen van. Ze tekent onder andere ‘haar’ engel en Jezus. Ze vertelt haar moeder, die atheïst is, ook over haar visioenen. Akianes moeder is er erg in geïnteresseerd, het leidt zelfs tot haar bekering.

.

 

.

God is mijn leraar

 

Op haar 5e begint Akiane veelkleurige pasteltekeningen te maken. ’s Nachts als ze wakker wordt, werkt ze verder aan haar tekeningen, die ze zo nu en dan ook op kunstbeurzen exposeert. Als haar visioenen stoppen, verliest ze inspiratie om met kunst bezig te zijn. Dit duurt tot haar 8e. Dan begint Akiane zichzelf in het schilderen te bekwamen, hoewel ze er geen les in krijgt. “God is mijn leraar,” zegt ze later over deze tijd. Met de inspiratie om te schilderen, komen ook haar visioenen weer terug en schildert ze doeken met namen als The Prince of Peace en Vader, vergeef hen.

 

 

prince of peace

 

 

 

father forgive them

 

 

 

.

Media-aandacht

 

Haar schilderkunst blijft niet onopgemerkt. Als 9-jarige krijgt Akiane een uitnodiging van Oprah Winfrey. Ze mag in de Oprah Winfrey-show over haar schilderkunst komen vertellen en neemt daarvoor een aantal doeken mee. De aandacht die Akiane krijgt, zorgt voor een geweldige boost van haar carrière. Talloze schilderijen gaan voor meer dan 40.000 dollar per stuk over de toonbank. Ook andere televisiestations nodigen haar uit.

 

 

 

Ambities van Akiane Kramarik

 

Hoe jong ze ook is, Akiane weet wat ze wil. “Toen ik 3 was, had ik een visioen om de hele wereld te helpen,” zegt ze. “Ik wil arme en dakloze kinderen in de wereld helpen.”

Inmiddels is Akiane 24 en nog steeds heeft ze grote ambities. “Door mijn kunst wil ik laten zien dat er hoop is. Ik hoop dat ik door mijn werk mensen kan verenigen en eenheid kan bereiken,” vertelt ze op internet. Ook wil ze een kunst- en wetenschapsacademie starten en is ze op zoek naar nog onbekende artiesten die bekend willen worden. “Ik hoop hen door mijn kunstgalerij handvatten te kunnen geven. Ik wil hen helpen hun doel te bereiken.”

 

 

 

Geloof

 

Hoewel Akiane in een atheïstisch gezin is opgegroeid en niet naar een kerk gaat, weet ze dat Jezus haar hoogste autoriteit is. “Hij is de enige weg naar God, de enige weg naar de hemel en naar vreugde. Alleen Liefde kan ons dichter bij Gods almachtige waarheid, wijsheid en geluk brengen,” schrijft ze. Mijn persoonlijke opvattingen over Jezus zijn sinds mijn 4e jaar volwassen geworden en verdiept. Naarmate ik groei, zie ik hoe enorm en onbegrensd Zijn liefde is.”

 

 

 

Werken van Akiane Kramarik

 

 

art, fantasy, and galaxy afbeelding
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
Afbeelding van Tirzaaa
water life dance akiane afbeelding
jesus, painting, and akiane afbeelding
dolphin, fish, and painting afbeelding
animals, painting, and sky afbeelding
dress, girls, and painting afbeelding
akiane kramarik afbeelding
girl and akiane kramarik afbeelding
akiane kramarik afbeelding
painting and akiane kramarik afbeelding
akiane kramarik afbeelding
heaven and akiane kramarik afbeelding
bible, pretty, and christian afbeelding
jesus, god, and heaven is for real afbeelding

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De 10 Deugden Van Maria

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

De 10 Deugden Van Maria

 

 

 

tuiniersterparadijs mda

.

.

.

De 10 Deugden Van Maria

 

 

  1. Vurige Liefde: Haar liefde voor God de drijvende kracht achter iedere beslissing laten zijn
  2. Diepe Nederigheid: Weten wie ze is voor God, niets meer en niets minder
  3. Universele Versterving: Zoekend om haar leven en haar wil op ieder moment neer te leggen
  4. Contstant Innerlijk Gebed: Altijd bewust zijn van Gods aanwezigheid
  5. Blinde Gehoorzaamheid: Gods roeping volgend zonder de kosten te tellen
  6. Goddelijke Wijsheid: Altijd vragend voor Gods Geest om haar te leiden
  7. Overstijgende Zuiverheid: Een hart hebben dat onbevlekt schoon en onbevlekt door zonde is
  8. Engelachtige Zoetheid: Vreugde en vrede uitstralend naar iedereen die ze ontmoette
  9. Levend Geloof: Contstant zoeken voor Gods wil en nooit toegeven aan middelmatigheid
  10. Heldhaftig Geduld: Altijd vertrouwend dat God aan het werk was; meer geloof hebben in Zijn plannen dan in die van haarzelf

 

 

Bid en werk aan het groeien in deze deugden. Raak niet overweldigd. Kies 1 deugd per keer, misschien is het er één waartoe je je echt voelt aangetrokken of juist één waarmee je erg worstelt.

Maria is niet alleen maar iemand uit het verleden is, ze is vandaag nog steeds onze Moeder en ze bidt altijd voor ons, steunt ons en leidt onze dichter naar haar Zoon toe.

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria