Categorie archief: Religie

Evolutie of creatie?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Evolutie of creatie : oordeel zelf

.

.

 

 

 

 

Wat een ogen !

Dit is een adelaarsvlucht van de top van de hoogste wolkenkrabber,  de Burj Khalifa toren op 828 meter boven zeeniveau, in Dubai.
Zijn meester wacht op hem, op de grond. De adelaar is voorzien van een camera .


Hij heeft geen idee dat zijn coach staat op een eiland dat eruit ziet als veel andere eilanden en gebouwen van de stad. Vanuit deze hoogte herkent hij zijn meester tussen alle andere mensen.


Je ziet hem zoeken naar zijn meester, die helemaal onzichtbaar is voor het menselijk oog en ook voor de camera. Zodra de meester opgespoord  is, strekt de vogel zijn vleugels en vliegt rechtstreeks naar hem.


Wat de deskundigen verrast is niet alleen de efficiëntie waarmee de adelaar zijn meester vindt vanuit de hoogte, maar ook de snelheid van zijn vlucht zonder het verplaatsen van de
camera, zelfs tijdens de duik.

 

 

 

 

.

 

 

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

Advertenties

De stad Bethlehem

Standaard

categorie : religie

 

.

 

Bethlehem

Bethlehem in Juda

 

.

 

Bethlehem is in de Bijbel:

1. een stad in het stamgebied van Juda, ook Bethlehem Juda en Bethlehem Ephrata genoemd

2. een stad in het stamgebied van Zebulon. De naam “Bethlehem” (Hebr. Beit Lechem) betekent ‘huis des broods”. In Bethlehem Juda kwam de Zaligmaker, het ware Hemelbrood, ter wereld. Eerder was daar koning David geboren.

Bethlehem Juda ligt 2 uur gaans van Jeruzalem zuidwaarts. Een Bethlehemiet is iemand afkomstig van Bethlehem.

Uit Bethlehem kwamen Elimelech en Naomi, die met hun zonen naar Moab trokken, omdat er in Bethlehem hongersnood was. Nadat ze haar man en zonen had verloren, keerde ze met haar Moabietische schoondochter Ruth terug naar Bethlehem. Ruth huwt er met de vermogende Boaz, de overgrootvader van koning David, een voorvader van Christus Jezus.

In Bethlehem werd David geboren en tot koning gezalfd.

 

.

 

De ster van Bethlehem: de geboorteplek van Christus in de Geboortekerk

De ster van Bethlehem: de geboorteplek van Christus in de Geboortekerk

 

 

.

 

De Geboortekerk van Christus

De Geboortekerk van Christus

.

 

 

In Bethlehem werd later de Messias, de beloofde Verlosser van Israël, de zoon van David geboren. Nadat de wijzen uit het oosten, geleid door een ster, de woning van de pasgeboren koning (Jezus) gevonden hadden en hun geschenken hadden aangeboden, gingen ze langs een andere weg terug, zonder koning Herodes in te lichten over de verblijfplaats van het kind. Daarop liet de koning alle jongetjes tot twee jaar oud in Bethlehem vermoorden, met het oogmerk van de geboren Koning der Joden uit de weg te ruimen.

 

.

 

Bethlehem_hoofdstraat.jpg
Foto: Hoofdstraat in Bethlehem ca. 1915

 

 

.

In 1917 kwam Bethlehem met heel het land van Israël onder Brits bestuur. De eeuwen durende heerschappij van de Turken was voorbij.

In 1948 werd Bethlehem veroverd door de Jordaniërs. Jordanië regeerde over Bethlehem en de westelijke Jordaanoever tot 1967, toen het gebied door Israël werd veroverd.

In 1995 droeg Israël, krachtens de Oslo-akkoorden, Bethlehem over aan de Palestijnse Autoriteit.

 

.

 

Bethlehem_Bonfils.jpg
Foto: In de kersttijd trekt Bethlehem veel bezoekers (ca. 1890-1930).

 

.

 

In Bethlehem staat de Geboortekerk ter nagedachtenis aan de geboorte van de Heiland. De basiliek werd gebouwd in 339 n.C. door de christenkoning Constantijn de Grote en zijn moeder Helena, boven de grot die men voor de plaats van Jezus’ geboorte hield. In de loop der eeuwen werd de kerk verwoest en/of herbouwd door verschillende veroveraars: de Samaritanen, Perzen, Arabieren, Kruisvaarders, Mammelukken, Turken (Ottomanen) en Britten.

Bethlehem was van ouds een dorp met een christelijke meerderheid, gebouwd rond de Geboortekerk. Toerisme was de belangrijkste industrie. Echter, het percentage christenen in Bethlehem is gedaald van 85 procent in 1948 tot 54 procent in 1967 en tot circa 30 procent in 2013. Een belangrijke oorzaak is de druk van de zijde van agressieve Islamisten, waar ook andere christelijke gemeenschappen in het Midden-Oosten onder lijden, behalve in Israël.

 

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

John Astria

John Astria

Citaten in de Bijbel over egoïsme

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

 

De aanbidding van de Mammon, de geldgod

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

.

De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan.

.

 

 

Handel niet uit geldingsdrang of eigenwaan, maar acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf.

.
.
.

 

Wees niet op uzelf gericht, maar op de ander.

.
.
.

 

Waar jaloezie en egoïsme heersen, vieren wanorde en allerlei kwaad hoogtij.

.
.
.
.

 

Een gulle gever zal gedijen,
wie te drinken geeft, zal te drinken krijgen.
.
.
.
.
.
.

Laat ieder van ons zich richten op het belang van de ander, op wat goed en opbouwend voor hem is.

.
.
.
.

 

Een dwaas is niet geïnteresseerd in inzicht,
hij wil alleen zijn eigen mening kwijt.
.
.
.

 

 

Het op een na belangrijkste is dit: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.

.
.

 

 

Laat niemand zichzelf bedriegen. Wanneer iemand van u denkt dat hij in deze wereld wijs is, moet hij eerst dwaas worden; pas dan kan hij wijs worden.

.
.
.

 

Ik hecht echter niet de minste waarde aan het behoud van mijn leven, als ik mijn levenstaak maar kan voltooien en de opdracht uitvoeren die ik van de Heer Jezus ontvangen heb: getuigen van het evangelie van Gods genade.

.
.
.

 

Neig mijn hart naar uw richtlijnen
en niet naar winstbejag.
.
.
.
.

 

Ikzelf leef niet meer, maar Christus leeft in mij. Mijn leven hier op aarde leef ik in het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en zich voor mij heeft prijsgegeven.

.
.

 

 

Hij riep de menigte samen met de leerlingen bij zich en zei: ‘Wie mijn volgeling wil zijn, moet zichzelf verloochenen, zijn kruis op zich nemen en zo achter mij aan komen.’

.
.
.
.
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

Wat is bezetenheid ?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

 

774d75f6b1ee6d91a658c0926308c81f_medium

.

 

 

Bezetenheid is de toestand van in bezit genomen zijn door een of meer boze geesten. Een boze geest (demon) kan in een mens of dier varen en hem voortaan beheersen. Een bezetene is iemand die een boze geest in zich heeft (vgl. Joh. 10:20-21). De bezettende boze geest kan worden uitgedreven. De Heer Jezus dreef boze geesten uit en verleende die macht aan de leerlingen die hij uitzond.

Bezetenheid is meer dan beïnvloeding. Niet alle invloed van een boze geest wijst op bezetenheid. Bezetenheid is demonische beïnvloeding én bezetting. Simon Petrus sprak een woord dat door satan was ingegeven, maar deze ingeving maakte de leerling van Jezus niet tot een bezetene.

 

Mr 8:33 Hij keerde Zich echter om en terwijl Hij naar zijn discipelen keek, bestrafte Hij Petrus en zei: Ga weg, achter Mij, satan; want je bedenkt niet de dingen van God, maar de dingen van de mensen. 

 

Paulus spreekt van de ongelovigen als mensen in wie de geest van satan, de overste van de macht der lucht, werkt, d.w.z. hen beïnvloedt.

 

Efe 2:2 waarin u vroeger hebt gewandeld overeenkomstig de tijdgeest van deze wereld, overeenkomstig de overste van de macht der lucht, van de geest die nu werkt in de zonen van de ongehoorzaamheid.

 

De uitwerkselen van bezetenheid zijn ernstig. Bezetenen kunnen lijden aan bijzonder ernstige lichamelijke- of geestelijke ziekten, zoals verlamming, blindheid, doofheid, verlies van spraak, epilepsie, zwaarmoedigheid, krankzinnigheid, enz.. Een bezetene kan niet alleen met een ziekte geplaagd, maar ook van redelijk denken beroofd zijn. Zijn woorden en gedachten worden dan, tenminste deels, ingegeven door een of meer demonen die in hem wonen.

In het land van de Gadarenen woonden twee bezetenen, woestelingen die zich ophielden in graven. Ze waren ongekleed en niet goed bij hun verstand (Matth 8:28v, Marc. 5:15). De Heer Jezus bevrijdde hen. Eén van de ex-bezetenen smeekte Jezus bij hem te mogen blijven (Marc. 5:18).

In de synagoge te Kapernaüm was een man met een onreine geest, die door de mond van de man tot Jezus sprak.

 

Mr 1:23 En terstond was er in hun synagoge een mens met een onreine geest en hij riep de woorden uit:
Mr 1:24 Wat hebben wij met U te maken, Jezus, Nazarener? Bent U gekomen om ons te verderven? Ik weet Wie U bent: de Heilige van God.
Mr 1:25 En Jezus bestrafte hem en zei: Zwijg en ga uit van hem. 

Mr 1:26 En de onreine geest liet hem stuiptrekken en ging met luider stem roepend van hem uit.

 

In Matth. 12:22v wordt een bezetene bij Hem gebracht die niet als gevolg van organische gebreken, maar door zijn bezetenheid (vgl. Matth. 9:32) blind en stom was. De Heer genas hem door uitdrijving van de boze geest, zodat de blinde en stomme, die op zichzelf gezonde ogen en goede spraakorganen had, weer sprak en zag.

 

Mt 12:22 Toen werd een bezetene bij Hem gebracht, blind en stom; en Hij genas hem, zodat de stomme sprak en zag. 

 

Bij Hem brachten de mensen dikwijls bezetenen opdat hij ze zou genezen (Matth. 4:24).

 

Mt 4:24 En het gerucht van Hem ging uit tot in heel Syrie; en zij brachten bij Hem alle lijdenden die bevangen waren door allerlei ziekten en pijnen, bezetenen, maanzieken en verlamden; en Hij genas hen. 

 

Maria Magdalena was door Hem bevrijd van zeven boze geesten (Luc. 8:1-2). Een Kananese vrouw smeekte Hem haar dochtertje, dat ernstig bezeten was, te bevrijden (Matth. 15:22).

De Heer Jezus dreef de geesten uit met een woord (Matth. 8:16), door de Geest van God (Matth. 12:28) en door ‘de vinger van God’ (Luc. 11:20):

 

Mt 8:16 Toen het nu avond was geworden, brachten zij tot Hem vele bezetenen, en Hij dreef de geesten uit met een woord en Hij genas alle lijdenden.

Lu 11:20 Als Ik echter door de vinger van God de demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God tot u gekomen. 

 

Sommige tegenstanders van de Heer dichten Hem bezetenheid of macht van de duivel toe. Hij zou door de overste van de boze geesten de boze geesten uitdrijven. Anderen wezen deze verklaring en beschuldiging af en zeiden: “Dit zijn geen woorden van een bezetene; kan een demon soms ogen van blinden openen?” (Joh 10:21). De Heer gaat op de beschuldiging in:

 

Mt 12:22 Toen werd een bezetene bij Hem gebracht, blind en stom; en Hij genas hem, zodat de stomme sprak en zag.
Mt 12:23 En alle menigten waren buiten zichzelf en zeiden: Is Deze niet de Zoon van David?
Mt 12:24 Toen de farizeeen dit echter hoorden, zeiden zij: Deze drijft de demonen alleen maar uit door Beelzebul, de overste van de demonen.
Mt 12:25 Jezus echter kende hun gedachten en zei tot hen: Elk koninkrijk dat tegen zichzelf verdeeld is, wordt verwoest; en elke stad die of elk huis dat tegen zichzelf verdeeld is, zal niet standhouden.
Mt 12:26 En als de satan de satan uitdrijft, is hij tegen zichzelf verdeeld: hoe zal zijn koninkrijk dan standhouden?
Mt 12:27 En als Ik door Beelzebul de demonen uitdrijf, door wie drijven uw zonen ze uit? Daarom zullen die uw rechters zijn.
Mt 12:28 Als Ik echter door de Geest van God de demonen uitdrijf, dan is het koninkrijk van God tot u gekomen.
Mt 12:29 Of hoe kan iemand het huis van de sterke binnengaan en zijn huisraad roven, als hij niet eerst de sterke bindt? En dan zal hij zijn huis beroven.
Mt 12:30 Wie niet met Mij is, is tegen Mij, en wie niet met Mij bijeenbrengt, verstrooit.
Mt 12:31 Daarom zeg Ik u: elke zonde en lastering zal de mensen worden vergeven; maar de lastering van de Geest zal niet worden vergeven.
Mt 12:32 En wie een woord spreekt tegen de Zoon des mensen, het zal hem worden vergeven; maar wie tegen de Heilige Geest spreekt, het zal hem niet worden vergeven, niet in deze eeuw en niet in de toekomstige.

 

 

.

duivel

 

 

.

De Heer gaf zijn twaalf leerlingen macht om onreine geesten uit te drijven:

 

Mr 6:7  En Hij riep de twaalf bij Zich en begon hen twee aan twee uit te zenden en gaf hun macht over de onreine geesten.
Mr 6:12 En zij vertrokken en predikten dat men zich moest bekeren,

Mr 6:13 en zij dreven vele demonen uit en zalfden vele zieken met olie en genazen hen.

 

Mensen die niet aan boze geesten en hun inwerking op mensen geloven, zullen alle verschijnselen van bezetenheid op een andere (niet-demonologische) manier verklaren. Wie meent dat er alleen natuurelementen en natuurkrachten bestaan, zal bezetenheid alleen uit natuurlijke oorzaken trachten te verklaren, enkel uit de werking van de hersenen.

De dienst van uitdrijving noemt men exorcisme. Sommige evangelische gemeenten kennen bevrijdingspastoraat, een vorm van herderlijke zorg waarin mensen van demonische gebonden- en bezetenheid worden bevrijd. Het is daarbij belangrijk wel te onderscheiden en niet alle vreemde of excessieve verschijnselen op rekening van de duivel te schrijven, of alle geestelijke strijd als teken van bezetenheid of gebondenheid te duiden.

 

 

 

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria

Het beeld van het beest.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

Het Beeld van het Beest is het toekomstige beeld dat op bevel van het Beest uit de Aarde (= de valse profeet, de antichrist) door de mensen gemaakt wordt voor het Beest uit de Zee, een grote politieke leider. Als het beeld klaar is, krijgt het Aardebeest van hogerhand de macht om het beeld adem te geven, leven in te blazen. Het beeld moet aanbeden worden. Het zorgt ervoor dat iedereen die het beeld niet aanbidt, gedood wordt.

.

 

 

Openbaring 13 : de komst van de antichrist en de valse profeet

Openbaring 13 : de komst van de antichrist en de valse profeet

pasteltekening van John Astria

 

 

.

Openbaring 13:14. En het misleidt hen die op de aarde wonen, door de tekenen die hem gegeven zijn te doen in tegenwoordigheid van het beest, en het zegt tot hen die op de aarde wonen, dat zij voor het beest dat de wond van het zwaard had en weer leefde, een beeld moesten maken.


Openbaring 13:15. En het werd hem gegeven aan het beeld van het beest adem te geven, opdat het beeld van het beest ook zou spreken en maken dat allen die het beeld van het beest niet aanbaden, gedood zouden worden.

Het Beeld van het Beest wordt massaal aanbeden (vgl. Opb. 14:9; 14:11; 16:2; 19:20). Opvallend is dat het Beest uit de Zee deze beeldverering kennelijk goedvindt, hoewel hij zich verzet en zich verheft tegen al wat een voorwerp van verering is (2 Thess. 2:4). Een dergelijke tegenstrijdigheid betreft ook zijn afwijzing van al wat God heet, hoewel hijzelf “in de tempel van God gaat zitten en zichzelf vertoont dat hij God is” (2 Thess. 2:4). Vergelijk de voorzegging door de engel aan Daniël over een toekomstige koning:

Da 11:36.  Die koning zal handelen naar eigen goeddunken. Hij zal zich verheffen en zich groot maken boven elke god. Hij zal tegen de God der goden wonderlijke dingen spreken. Hij zal voorspoedig zijn tot de gramschap voltrokken is. Want wat vast besloten is, zal gebeuren.


Da 11:37.  En hij zal niet letten op de goden van zijn vaderen, [en] ook niet op het verlangen van de vrouwen. Hij zal op geen enkele god letten, maar zichzelf boven alles groot maken.


Da 11:38.  En hij zal de god van de vestingen in zijn standplaats eren. Hij zal namelijk de god die zijn vaderen niet gekend hebben, eren met goud, met zilver, met edelgesteente en met kostbaarheden.

Da 11:39.  Hij zal versterkte vestingen maken samen met een vreemde God. Voor hen die hij zal kennen, zal hij de eer laten toenemen en hen laten heersen over velen en hij zal het land uitdelen als beloning.

Aanbidding van het Zeebeest en zijn beeld is je reinste afgodendienst. Er zullen echter mensen zijn die er niet aan mee doen. Zij weten dat God een na-ijverig God is en geen aanbidding van mensen of beelden kan verdragen.

Exodus 20:2.  Ik ben de Heere, uw God, Die u uit het land Egypte, uit het slavenhuis, geleid heeft.


Exodus 20:3.  U zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben.


Exodus 20:4.  U zult voor uzelf geen beeld maken, geen enkele afbeelding van wat boven in de hemel, of beneden op de aarde of in het water onder de aarde is.


Exodus 20:5.  U zult zich daarvoor niet neerbuigen, en die niet dienen, want Ik, de Heere, uw God, ben een na-ijverig God, Die de misdaad van de vaderen vergeldt aan de kinderen, aan het derde en vierde geslacht van hen die Mij haten,


Exodus 20:6. Maar Die barmhartigheid doet aan duizenden van hen die Mij liefhebben en Mijn geboden in acht nemen.

Degenen die weigeren mee te doen aan de aanbidding van het Beeld en van het Beest en ook het merkteken van het Beest weigeren, al kost het ook hun leven, zijn overwinnaars en zullen opgewekt worden en met Christus in het duizendjarig Vrederijk regeren.

Openbaring 15:2.  En ik zag als een glazen zee met vuur gemengd, en hen die de overwinning behaald hadden over het beest en over zijn beeld en over het getal van zijn naam, op de glazen zee staan met harpen van God.

Openbaring 20:4.  En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven; en ik zag de zielen van hen die om het getuigenis van Jezus en om het woord van God onthoofd waren, en die het beest of zijn beeld niet hadden aangebeden en niet het merkteken aan hun voorhoofd en aan hun hand ontvangen hadden; en zij werden levend en regeerden met Christus duizend jaren.

 

 

 

Openbaring 20 : de eerste opstanding en de tweede dood

Openbaring 20 : de eerste opstanding en de tweede dood

 

pasteltekening van John Astria

 

 

.

Het Beeld van het beest dan wel het Beest zelf is waarschijnlijk gelijk aan de gruwel der verwoesting‘ waarvan door de profeet Daniël gesproken is. De Heer Jezus verwijst naar deze de gruwel, die in ‘de heilige plaats’ , de tempel in Jeruzalem, zal staan.

Mattheüs 24:14.  En dit evangelie van het Koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken, en dan zal het einde gekomen zijn.


Mattheüs 24:15.  Wanneer gij dan de gruwel der verwoesting, waarvan door de profeet Daniel gesproken is, op de heilige plaats ziet staan (wie het leest, geve er acht op)


Mattheüs 24:16.  laten dan wie in Judea zijn, vluchten naar de bergen.

 

.

(

Voorafschaduwing

.

Een historische voorafschaduwing van het Beeld is het gouden beeld dat de beroemde Babylonische koning Nebukadnezar liet oprichten en waarvoor iedereen moest buigen. Het was ongeveer 30 meter (60 el) hoog en 3 meter (6 el) breed. Wie weigerde te buigen, moest in een brandende oven geworpen worden.

Daniël 3:1.  Koning Nebukadnezar maakte een gouden beeld, waarvan de hoogte zestig el was, en zijn breedte zes el. Hij richtte het op in het dal Dura, in het gewest Babel.

Daniël 3:5.  Op het moment dat u het geluid hoort van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, panfluit, en allerlei muziekinstrumenten, moet u neervallen en het gouden beeld aanbidden dat koning Nebukadnezar heeft opgericht.

Daniël 3:6. Wie niet neervalt en aanbidt, zal op hetzelfde ogenblik midden in de brandende vuuroven worden geworpen.

Daniël 3:7.  Daarom, zodra al de volken het geluid hoorden van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, en allerlei muziekinstrumenten, vielen op datzelfde tijdstip alle volken, natiën en talen neer, [en] aanbaden het gouden beeld dat koning Nebukadnezar had opgericht.

.

 

 

Beeld van Nebukadnezar.jpg
Afbeelding: gedwongen verering van het beeld van Nebukadnezar.
Het 30 meter hoge beeld is naar verhouding nog te klein getekend.

.

.

.

.

Drie Joodse mannen, namelijk Sadrach, Mesach en Abed-Nego, die Nebukadnezar over het bestuur van het gewest Babel had aangesteld, weigerden het gouden beeld te aanbidden. Zij werden er dan ook van beschuldigd dat zij Nebukadnezars goden niet vereren en het gouden beeld niet aanbidden (Dan. 3:12). Zij antwoordden de koning:

Daniël 3:17.  Als het moet, kan onze God, Die wij vereren, ons verlossen uit de brandende vuuroven, en Hij zal ons, o koning, uit uw hand verlossen.


Daniël 3:18.  En zo niet, het zij u bekend, o koning, dat wij uw goden niet zullen vereren en het gouden beeld dat u hebt opgericht, niet zullen aanbidden.

Daarop werden ze in de brandende oven geworpen. In de oven verscheen een vierde persoon, een engel, en deze was bij de mannen en zij werden gespaard. Nebukadnezar zag hun wonderlijke bewaring en riep de Joden uit de oven terug. Hij noemde ze “dienaren van de allerhoogste God” (Dan. 3:26). Er was aan de mannen helemaal niet te merken dat ze in de oven waren geweest.

Daniël 3:27. Toen kwamen de stadhouders, de machthebbers, de landvoogden en de raadslieden van de koning bijeen. Zij zagen aan deze mannen dat het vuur geen vat had gekregen op hun lichaam: het haar van hun hoofd was niet geschroeid, en hun mantels waren niet verteerd, ja, er hing [zelfs] geen brandlucht aan hen.


Daniël 3:28.  Nebukadnezar nam het woord en zei: Geloofd zij de God van Sadrach, Mesach en Abed-Nego, Die Zijn engel heeft gezonden en Zijn dienaren heeft verlost, die op Hem hebben vertrouwd, het bevel van de koning hebben weerstaan en hun lichaam hebben overgegeven, omdat zij geen enkele god wilden vereren of aanbidden dan hún God.


Daniël 3:29.  Daarom wordt door mij een bevel uitgevaardigd dat elk volk, [elke] natie of taal die lasterlijke dingen zegt over de God van Sadrach, Mesach en Abed-Nego, in stukken zal worden gehouwen en dat zijn huis tot een mesthoop zal worden gemaakt, want er is geen andere god die zo redden kan.


Daniël 3:30.  Toen maakte de koning Sadrach, Mesach en Abed-Nego voorspoedig in het gewest Babel.

 

.

.

.

In meerdere opzichten schaduwt Nebukadnezars beeld het beeld van het Beest vooraf

.

  1. het beeld is een beeld van de grote Leider
  2. de gedwongen aanbiddig
  3. de massaliteit van de aanbidding
  4. de doodstraf bij weigering

Een eigentijdse voorloper van de verering van een mansbeeld is de eer die burgers in Noord-Korea dagelijks moeten bewijzen aan Kim Il-Sung, bij diens immense standbeeld in de hoofdstad van het land. Wie dat niet doet, riskeert het strafkamp.

 

 

Standbeeld-Kim_Il_Sung-John_Pavelka.jpg

Foto: eerbetoon bij het 23 meter hoge standbeeld van Kim Il-Sung.
Het beeld van Nebukadnezar was zo’n 7 meter hoger.

 

.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria

Wat is de islam?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

.

symbool van de islam

symbool van de islam

 

 

 

 

Ontstaan

.

Ontstaan in de handelsrepubliek Mekka, te midden van veel Arabische stammen (waaronder de monotheïstische Hanifen). Er waren ter plaatse ook veel Joden (in Medina zelfs de helft van de bevolking) en ook veel christenen aanwezig hetgeen van groot belang is geweest voor de vorming van de islam.

In het symbool van de islam (de wassende maansikkel van de maangod Sin) en in de rituelen in Mekka (rondgang rond de Kaába) zijn nog enkele pre-islamitische elementen te herkennen. De islam is pas laat in de historie ontstaan en is daarom – als enige van de grote religies – in historisch opzicht betrekkelijk goed gedocumenteerd.

 

 

.

Mekka

Mekka

.

 

 

Stichting

.

De stichting van de islam is geheel terug te voeren op één man, Mohammed. Hij werd geboren ± 570, verloor al vroeg zijn ouders en ging in dienst van een handelsfirma. Hij huwde op 25 jarige leeftijd een 40-jarige rijke weduwe. Tijdens een retraite kreeg hij een visioen. Hij werd opgeroepen om profeet te zijn en op te schrijven wat hem door de engel Gabriël werd gedicteerd.

Mohammed was een goed diplomaat en organisator en was anders dan andere religiestichters geen asceet of pacifist. Aanvankelijk leunde hij sterk tegen het Jodendom aan en zag in Mozes een belangrijk figuur. Later werd Abraham zijn favoriete profeet. Abraham’s weggezonden zoon Ismaël werd door Mohammed gezien als de stamvader van de Arabieren en de eerste moslim.

Toen de Joden hem niet wilden volgen (Jezus kreeg bij Mohammed de titel van profeet en zelfs Messias en dat was voor hen te veel) en de christenen hem afwezen (Jezus was alleen profeet onder de profeten en dat was voor hen weer te weinig), ging Mohammed zijn eigen gang en verruilde letterlijk en figuurlijk de oriëntatie op Jeruzalem in voor die op Mekka.

 

 

.

Mohammed

Mohammed

.

 

 

Schriften

.

De islam kent maar één openbaringsboek, de Koran. De tekst is door de engel Gabriël letterlijk letterlijk aan Mohammed gedicteerd die deze vervolgens heeft laten opschrijven. De tekst is dan ook heilig en onveranderlijk en de taal waarin het boek geschreven is eveneens heilig.

De verzen (soera’s) van de Koran zijn in volgorde van lengte gerangschikt, met uitzondering van de eerste soera staat de langste vooraan en de kortste achteraan. Het boek bevat veel elementen en personen uit de Joodse en de christelijke Bijbel. Mozes, Abraham, Isaak, de grote profeten, Maria, Jezus, ze hebben er allen een plaats gekregen.

De Koran is overigens pas lang na Mohammed’s dood voltooid. De verzen opgetekend in Mekka ademen een vriendelijker geest dan de latere meer agressieve verzen die in Medina zijn ontstaan.

 

 

.

Koran

Koran

.

 

Leer

.

De leer is betrekkelijk simpel samen te vatten: Er is één God en Mohammed is de (eind)profeet. De aan Mohammed gedicteerde Koran bevat heel de openbaring en is een kopie van het origineel dat bij God berust. De Koran moet dan ook heel letterlijk worden genomen en gelezen in de taal waarin deze gegeven is.

God dient nadrukkelijk eer te worden gebracht. Het rituele gebed is daarbij erg belangrijk.
De mens wordt beoordeeld op zijn goede en slechte daden. Er is een laatste oordeel en een opstanding van de doden.

De islam kent van origine geen scheiding tussen ‘kerk en staat’. Mohammed was imam én politiek leider tegelijk. Fundamentele moslims streven er naar de op de godsdienst georiënteerde staat weer in te voeren en de Shariá, de op de Koran gebaseerde rechtspraak te herstellen.

 

 

 

 

Leefregels

.

De algemene leefregels komen in een aantal opzichten overeen met die van het Jodendom en het christendom, maar er zijn ook duidelijke verschillen.
Zo zijn er een aantal specifieke voorschriften waar de islamiet zich aan te houden heeft:

– het reciteren van de geloofsbelijdenis (‘Er is een God en Mohammed is zijn profeet’)
– het dagelijkse rituele gebed (de salât, op vrijdag in de moskee)
– het geven van een verplichte bijdrage voor de armen (de Zakat)
– de deelnemen aan de ramadan (gedurende één maand, van zonsopgang tot zonsondergang)
– het op bedevaart gaan naar Mekka

De islamitische wet zoals deze in een aantal landen geldt, is gebaseerd op de Koran en wijkt aanzienlijk af van het westerse rechtenstelsel. Verder geldt dat kansspelen en alcohol uit de boze zijn en het afbeelden van God of de profeten wordt afgewezen.

 

 

 

Richtingen

.

Als gevolg van een opvolgingskwestie rond kalief Ali ontstond er ca 30 jaar na Mohammed’s dood een splitsing in Sjiieten, de aanhangers van Ali (nu in Irak, deel Iran, Syrië, Jemen) en Soenieten (de aanhangers van een tegen kalief (in Saoedi-Arabië en in veel Noord Afrikaanse landen waaronder het belangrijke Egypte).

In en vanuit India is een sterk mystiek gekleurde richting actief, de Soefi’s, die met name oordeel en opstanding zeer spiritueel opvatten.

De Wahabieten vormen een streng wettische richting die oorspronkelijk in Saoedie  Arabië sterk vertegenwoordigd was en welke nu in groepen als de Taliban (Afghanistan) een voortzetting vindt. Binnen de Wahabieten vormen de Salafisten de meest rechtzinnige en intolerante groepering.

Er is geen sterke vrijzinnige traditie vergelijkbaar met die in het Jodendom en het christendom. Landen als Turkije, Egypte en Indonesië kennen, mede onder invloed van niet-islamitische minderheden, wel een tolerantere vorm van de islam.

Mohammed werd als geestelijk en wereldlijk leider (niet als profeet, hij was de laatste!) opgevolgd door een kalief. Sinds de opheffing van het Turkse kalifaat in 1922 kent de islam geen centraal gezagspunt meer die de richtingen bijeen houdt.

.

 

 

 

 

b86901c2-f60c-11e3-aaa1-3e0fac44a009_web_scale_0.3067485_0.3067485__moslims wereld

 

 

 

 

.

Feesten en eredienst

.

Het islamitische jaar is een maanjaar en duurt daardoor 11 dagen korter dan het westerse zonnejaar. Het verschuift daardoor telkens anderhalve week ten opzichte van onze kalender.

– Geboorte van de profeet
– Begin en vooral het einde van de Ramadan (het bekende suikerfeest)
– Het Grote- of Offerfeest (gedenkt het offer van Abraham)
– Asjoera, feest waarop door de Shi’iten de dood van Hasan en Husein wordt herdacht.

De islam viert de sabbat niet op de zaterdag maar op de dag daaraan voorafgaand, de vrijdag.
De gebedsdiensten zijn typisch woorddiensten en spelen zich af in de moskee waarbij de imam (= voorganger in het gebed) en de khatib (= prediker bij het vrijdagmiddaggebed )  een belangrijke rol spelen.

 

 

.

Ramadan

Ramadan

.

 

 

 

Enkele teksten uit de Koran

.

  • Lof aan Allah, de Heer der wereldwezens. De barmhartige Erbarmer, de heerser op de dag van het Oordeel. U dienen wij en U vragen wij om bijstand. Leid ons langs het recht gebaande pad. Het pad van degenen die Gij uw weldaden schenkt, over wie geen toorn is en die niet dwalen” (uit Soera 1).
  • Zeg: Wij geloven in Allah en wat tot ons is geopenbaard en wat is gesproken tot Abraham, Ismaël, Izaak en Jacob en de stamvaders, en aan wat gezegd werd tot Mozes en Jezus, en aan wat gebracht werd tot de profeten vanwege hun Heer, zonder dat wij onderscheid maken tussen een van hen, en terwijl wij Hem overgegeven zijn” (uit Soera 2).
  • Niet is vroomheid dat gij uw gezichten wendt naar het Oosten en het Westen, maar vroom is wie gelooft in Allah en de laatste dag, en de engelen en de schrift en de profeten, en wie het bezit, ondanks zijn liefde daarvoor, geeft de nabestaanden en de wezen en de reizigers onderweg en voor de geknechten – en wie de salat verricht en de zakat opbrengt, en wie trouw zijn aan hun verbond” (eveneens Soera 2).

.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

 

Regeringen en corruptie

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

 

143826_962_1135610059353-judith-van-der-veer2-1

 

.

1. MACHT

.

PROBLEEM: Overheden halen hun inkomsten vooral uit belastingen die door burgers betaald worden. Sommige ambtenaren verduisteren dat geld, terwijl andere smeergeld aannemen van personen die belasting willen ontduiken. Zo kan er een vicieuze cirkel ontstaan. De overheid verhoogt de belasting om de verliezen te dekken, wat weer tot meer corruptie leidt. In zo’n maatschappij trekken eerlijke mensen meestal aan het kortste eind.

OPLOSSING: Gods Koninkrijk dankt zijn macht aan de almachtige God (Openbaring 11:15).  Het is niet afhankelijk van belastingen. Omdat God ‘sterk is in kracht’ en onzelfzuchtig en gul is, zal het Koninkrijk altijd goed voor zijn onderdanen zorgen (Jesaja 40:26; Psalm 145:16).

 

 

 

.

2. BESTUURDER

.

PROBLEEM: Inspanningen om corruptie uit te roeien ‘moeten bij de top beginnen’. Regeringen verliezen hun geloofwaardigheid als ze corruptie binnen de politie of de douane proberen uit te roeien maar bij topfunctionarissen een oogje dichtknijpen. En zelfs de meest integere bestuurder is onvolmaakt. De Bijbel zegt duidelijk: ‘Er is geen mens rechtvaardig op de aarde, die voortdurend doet wat goed is’ (Prediker 7:20).

OPLOSSING: In tegenstelling tot onvolmaakte mensen kan Jezus Christus, die door God gekozen is als Bestuurder van het Koninkrijk, niet worden verleid tot slechte dingen. Jezus bewees dit door de grootste omkoopsom ooit af te wijzen — ‘alle koninkrijken van de wereld in al hun pracht’.

Als hij de Duivel één keer zou aanbidden, zou hij al die koninkrijken in handen krijgen (Mattheüs 4:8-10, De Nieuwe Bijbelvertaling; Johannes 14:30). Zelfs toen Jezus doodgemarteld werd, was hij vastbesloten zijn integriteit te bewaren. Daarom weigerde hij een verdovend middel, dat de pijn onderdrukt zou hebben maar ook invloed op zijn denken zou hebben gehad (Mattheüs 27:34).

Jezus, die van God een opstanding tot leven in de hemel heeft gekregen, heeft dus bewezen dat hij de juiste persoon is om over het Koninkrijk te regeren (Filippenzen 2:8-11).

 

.

 

 

 

3. STABILITEIT

.

PROBLEEM: Bij verkiezingen kunnen corrupte ambtenaren in principe weggestemd worden. Helaas zijn ook campagnes en verkiezingen gevoelig voor corruptie, zelfs in zogenaamd ontwikkelde landen. Mensen met geld kunnen huidige en toekomstige overheidsfunctionarissen beïnvloeden door  de campagnekas te spekken. Het is dus niet vreemd dat mensen wereldwijd vinden dat de meeste corruptie bij politieke partijen voorkomt.

OPLOSSING: Bij Gods Koninkrijk zal campagne- of verkiezingsfraude niet meer voorkomen. Omdat de Bestuurder ervan door God is gekozen, is het niet afhankelijk van een achterban en kan het niet omvergeworpen worden. Omdat het Koninkrijk stabiel is, zullen de maatregelen ervan ook op langere termijn altijd in het beste belang van het volk zijn.

.

 

 

 

 4. WETTEN

 

Gods Koninkrijk is een echte regering in de hemel

PROBLEEM: Om een situatie te verbeteren, worden vaak nieuwe wetten ingevoerd. Maar experts hebben vastgesteld dat meer wetten vaak meer gelegenheid tot corruptie creëren. Bovendien is het heel duur om wetten tegen corruptie in te voeren, en er wordt maar weinig mee bereikt.

OPLOSSING: De wetten van Gods Koninkrijk zijn veel beter dan die van menselijke regeringen. Jezus kwam bijvoorbeeld niet met een waslijst van wat je allemaal wel en niet mag maar gaf de Gulden Regel: ‘Alle dingen dan die gij wilt dat de mensen voor u doen, moet ook gij insgelijks voor hen doen’ (Mattheüs 7:12). Wat misschien nog belangrijker is, de wetten van het Koninkrijk richten zich niet alleen op daden, maar ook op motieven. Jezus zei: ‘Gij moet uw naaste liefhebben als uzelf’ (Mattheüs 22:39).

.

 

 

.

5. MOTIEVEN

.

PROBLEEM: Achter corruptie gaan hebzucht en eigenbelang schuil. Die verkeerde motieven zie je terug bij zowel ambtenaren als burgers. Er zal alleen een eind aan corruptie komen als mensen leren om diepgewortelde eigenschappen als hebzucht en egoïsme te overwinnen. Maar regeringen willen en kunnen zo’n leerprogramma niet invoeren.

OPLOSSING: Gods Koninkrijk roeit corruptie met wortel en al uit door mensen te leren hoe ze de achterliggende verkeerde eigenschappen kunnen overwinnen. * Dit leerprogramma helpt hen  op een andere manier te gaan denken (Efeziërs 4:23). Mensen leren hebzucht en egoïsme te vervangen door tevredenheid en aandacht voor anderen (Filippenzen 2:4; 1 Timotheüs 6:6).

 

.

 

6. ONDERDANEN

.

PROBLEEM: Zelfs in de beste omgeving en met de beste opleiding in normen en waarden zullen sommige mensen ervoor kiezen oneerlijk en corrupt te zijn. Experts geven toe dat regeringen om deze reden geen eind kunnen maken aan corruptie. In het gunstigste geval kunnen ze de omvang ervan en de schade die erdoor wordt veroorzaakt, beperkt houden.

OPLOSSING: Het Verdrag van de Verenigde Naties tegen corruptie zegt dat regeringen ‘integriteit, eerlijkheid en verantwoordelijkheidsgevoel’ hoog op hun agenda moeten zetten om corruptie tegen te gaan. Dat is een mooi streven, maar Gods Koninkrijk gaat verder dan alleen het promoten van deze eigenschappen — ze zijn een vereiste voor zijn onderdanen. De Bijbel zegt dat ‘hebzuchtige personen’ en ‘leugenaars’ niet in aanmerking komen voor het Koninkrijk (1 Korinthiërs 6:9-11; Openbaring 21:8).

 

 

 

 

 

.

voorpagina openbaring a4

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

mijne kop a4 JOHN ASTRIA

Citaten over boosheid in de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

 

Keuze tussen goed en kwaad en de gevolgen

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

.

De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan.

.

Als u boos wordt, zondig dan niet: laat de zon niet ondergaan over uw boosheid, geef de duivel geen kans.

.

 

Haat brengt ruzie voort,
liefde dekt alle fouten toe.
.

 

Geliefde broeders en zusters, onthoud dit goed: ieder mens moet zich haasten om te luisteren, maar traag zijn om te spreken, traag ook in het kwaad worden.

.

 

Wees niet haatdragend. Als je iemand iets te verwijten hebt, roep hem dan ter verantwoording en laad niet omwille van een ander schuld op je door je te wreken of wrok te blijven koesteren. Heb je naaste lief als jezelf. Ik ben Heer.

.

 

Een vriendelijk antwoord doet woede bedaren,
krenkende woorden wakkeren toorn aan.
.
.

 

Wie geduldig is geeft blijk van groot inzicht,
wie onbesuisd is stapelt dwaasheid op dwaasheid.
.

Hij zei: ‘Wat uit de mens komt, dat maakt hem onrein. Want van binnenuit, uit het hart van de mensen, komen slechte gedachten, ontucht, diefstal, moord, overspel, hebzucht, kwaadaardigheid, bedrog, losbandigheid, afgunst, laster, hoogmoed, dwaasheid; al deze slechte dingen komen van binnenuit, en die maken de mens onrein.’

.

 

Betweters maken ruzie,
wie goede raad ter harte neemt, is wijs.
.

 

Het strekt een mens tot eer om ruzie te vermijden,
een dwaas stort zich in een woordenstrijd.
.

 

Kom terug, ontrouw Israël – spreekt de Heer –,
dan zal ik mijn woede laten varen,
want ik ben vol genade,
niet eeuwig duurt mijn toorn
– spreekt de Heer.
.

 

Een dwaas toont onmiddellijk zijn woede,
wie verstandig is, zwijgt als hij beledigd wordt.
.
.
.
.
.
.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

Waarom zijn er processies in de kerk?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Waarom houdt de Katholieke Kerk processies?

 

 

.
.
.
.

Een processie is vanouds een plechtige omgang van geestelijken en gelovigen binnen of buiten het kerkgebouw. Men zingt liederen en hymnen en bidt litanieën en andere gebeden.

.

 

Het eerste moment

.

We beginnen bij de Joodse traditie, het Loofhuttenfeest. Bij het Loofhuttenfeest wordt aan de doortocht van het bevrijde volk door de woestijn gedacht. Daarom moet men tijdens dit feest zeven dagen in een hut van bladeren wonen. Bij dit feest wordt een palmtak in de hand gehouden (Lev. 23: 40). Tijdens de dagelijkse rondgangen om het spreekgestoelte en tijdens het reciteren van de Hallel (de lofpsalmen 113-118).

Vóór de verwoesting van de Tempel, vond de dagelijkse rondgang plaats om het brandoffer altaar. De laatste dag liep men dan zevenmaal om het altaar. Er werden op die dag veel offers gebracht, Levitische gezangen gezongen en overal werd het plechtige geschal van de zilveren trompetten van de priesters gehoord.

’s Avonds werd het indrukwekkende schouwspel van de Tempel, met zijn drommen pelgrims, schitterend verlicht door de grote kandelaars in de voorhof der vrouwen en door de gloed van talloze fakkels die rondom in de voorhoven van de Tempel waren geplaatst.

Daarmee was het Loofhuttenfeest ook een echt lichtfeest. In later tijden is in Jeruzalem een uitbundig ‘waterschepfeest’ aan het Loofhuttenfeest toegevoegd. In een plechtige processie werd water, dat uit de Siloam-bron geschept was, naar het tempelplein gebracht om daar uitgegoten te worden. Dat ging gepaard met zeer grote vreugde. In de gebeden werd God gevraagd om Zijn zegen en om regen in het nieuwe seizoen.

 

 

 

Het tweede moment 

.

Later in de Bijbel lezen we ook over een processie. De ark van God was drie maanden in het huis van Obed-Edom geweest, tot David de ark feestelijk overbracht naar Jeruzalem. We lezen hierover in 2 Sam. 6:

“zo ging David heen en haalde de ark Gods uit het huis van Obed-Edom opwaarts in de stad Davids, met vreugde. En het geschiedde, als zij, die de ark des Heren droegen, zes treden voortgetreden waren, dat hij ossen en gemest vee offerde. En David huppelde met alle macht voor het aangezicht des Heren.  Alzo brachten David en het ganse huis Israëls de ark des Heren op, met gejuich en met geluid der bazuin.”

De bedoeling van de processie is duidelijk, God de eer brengen. De ingrediënten van Davids’ processie zijn hetzelfde als bij de huidige processies: muziek, offeren, plechtige optocht, speciale kleding, dansen en bidden. Op die wijze publiekelijk je geloof belijden en aan iedereen laten zien dat je God lief hebt kan aanstoot geven. zo kreeg David commentaar van zijn vrouw Michal:

“Als nu David wederkwam, om zijn huis te zegenen, ging Michal, Sauls dochter, uit, David tegemoet, en zeide: Hoe is heden de koning van Israël verheerlijkt, die zich heden voor de ogen van de dienstmaagden zijner dienstknechten heeft ontbloot, gelijk een van de ijdele lieden zich onbeschaamdelijk ontbloot? Maar David zeide tot Michal: Voor het aangezicht des Heren, Die mij verkoren heeft voor uw vader en voor zijn ganse huis, mij instellende tot een voorganger over het volk des Heren, over Israël; ja, ik zal spelen voor het aangezicht des Heren.”

Davids geloof was ook een publieke zaak. Heel het volk was erin betrokken en de intocht van de ark was een publieke gebeurtenis.

 

 

.

De 10 geboden voor de eeuwigheid

De 10 geboden voor de eeuwigheid op de arc van God

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

 

Het derde moment

.

 

Het derde moment is de plechtige intocht van Christus in Jeruzalem. In Joh. 12 lezen we:

“Des anderen daags, een grote schare, die tot het feest gekomen was, horende, dat Jezus naar Jeruzalem kwam, namen de takken van palmbomen, en gingen uit Hem tegemoet, en riepen: Hosanna! Gezegend Hij, Die komt in den Naam des Heeren, Hij, Die is de Koning Israëls!”

Ook hier een publieke optocht, midden door de stad, met gezang, feest, palmtakken en kleren op de weg.

Die palmtakken komen nog eens terug in Openbaringen 7:

“Na dezen zag ik, en ziet, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle natie, en geslachten, en volken, en talen, staande voor den troon, en voor het Lam, bekleed zijnde met lange witte klederen, en palmtakken waren in hun handen. En zij riepen met grote stem, zeggende: De zaligheid zij onzen God, Die op den troon zit, en het Lam.”

 

.

 

04-03_palm_2

 

.

 

 

Het huidige moment

.

Het Katholieke Paasfeest begint met Palmzondag waar de intocht van Jezus in Jeruzalem centraal staat. Op Palmzondag vervulde Jezus wat in het Oude Testament wordt voorspeld:

” Verheug u zeer, gij dochter Sions! juich, gij dochter Jeruzalems! Ziet, uw Koning zal u komen, rechtvaardig, en Hij is een Heiland; arm, en rijdende op een ezel, en op een veulen, een jong der ezelinnen.”(Zach. 9: 9).

Christus koningschap en zijn vorstelijke onthaal in Jeruzalem moeten gezien worden in het licht van het koninkrijk Gods, dat door Lijden en Opstanding nabij wordt gebracht. Christus intocht in Jeruzalem wordt in de christelijke traditie gevierd met een Processie. Uit pelgrim verslagen blijkt dat dit in Jeruzalem al in de 4e eeuw ingeburgerd was.

De Palmpasen processie vond langzaam maar zeker ook in het Westen ingang, het eerst in Spanje in de 7e eeuw, en stond tot aan de Reformatie in hoog aanzien. Tijdens de Palmpasen processie zwaaien de Katholieke gelovigen met een palmtak. Ze blijven dat doen, tot de tijd waarover Openbaringen schrijft, waarbij de schare zwaait met palmtakken gekleed in lange witte gewaden.

 

 

 

.

Processies voor heiligen

.

Een processie is ook een plechtige optocht van geestelijken en gelovigen, waarbij de godsvrucht, boetedoening en het richten van dank- of smeekbede tot God of een heilige versterkt wordt. Een belangrijk element van processies is dat een heilige of God vereerd wordt.

Een voorbeeld is de sacramentsprocessie waarbij het Allerheiligste in een monstrans op plechtige wijze door de priester door de straten van een stad of dorp gedragen wordt. Bij deze vorm is het doel de verering en aanbidding van God.

 

.

 

image

 

 

 

 

 

 Mogen we ook relikwieën ronddragen en vereren (NB niet aanbidden)

.

Allereerst is het belangrijk om bij heiligen, waarvan de relikwieën soms rondgedragen worden, te bedenken dat zij navolgers waren van Christus. In de verering van de heilige vereer je dus eigenlijk Christus die de heilige zo vroom navolgde. Verder is het lichaam een tempel van de Heilige Geest, geheiligd door de Geest die in ons woont, en daarmee alle eerbied en verering waardig.

Tenslotte is het vele malen zo geweest dat God wonderen gedaan heeft, waarbij Hij de relikwieën van heiligen gebruikte. Denk aan de botten van Elia (2 Kon 13), het kleed van Jezus (Matt. 9) en de zweetdoeken van Paulus (Hand. 19). Daarmee bezitten die relikwieën geen magische kracht, maar bedient God zich wel van materie die Hij zelf geschapen en geheiligd heeft.

Een processie is ook een publieke daad en getuigenis van ons geloof in God. Het is een teken dat er geen neutraal terrein bestaat. Het geloof is niet alleen iets van de binnenkamer, maar ook van de straat, alles behoort Hem toe.

Alle uiterlijkheden hebben hierbij een diepere betekenis. De lichaamshouding die vroomheid, eerbied, vreugde, of nederigheid uitdrukt. De kleding die past bij een feestelijke gebeurtenis of bij boetedoening. De muziek en het gezang. De palmtakken die verwijzen naar Christus Koninklijke intocht. Zo kan heel het volk de hulde zien die wij brengen aan onze Koning, zoals je een belangrijk koning groots inhaalt, met alle egards met muziek en vlaggen.

 

 

.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

De martelaren van de islam en de 72 maagden

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Inleiding

 

Martelaarschap wordt in verschillende religies erkend en hoog geprezen. In het christendom is dat niet anders. De vorige paus verklaarde in het jaar 2000 ( Johannes Paulus II ) 44 moderne martelaren zalig. Onlangs nog verklaarde de huidige paus, Benedictus XVI, 498 Spanjaarden zalig die slachtoffer geworden waren van religieuze vervolgingen tijdens de Spaanse burgeroorlog. Zij werden allemaal tot martelaar uitgeroepen. Martelaarschap in het christendom wordt in het Westen positief geassocieerd met mensen die sterven omwille van standvastigheid van hun geloof, iets wat als positief en lovenswaardig ervaren wordt.

 

.

 

Screen-Shot-2015-05-10-at-19.34.19

 

 

 

Het martelaarschap in de islam heeft in de hoofden van veel mensen uit het Westen een gans andere invulling. Men denkt daarbij direct aan moslims die zichzelf opblazen om anderen te doden als onderdeel van een vermeende campagne om de islam met geweld op te leggen aan een gemeenschap, een land of zelfs de hele wereld.

Volgens het cliché worden ‘martelaren’ daartoe gemotiveerd door een in het vooruitzicht gestelde beloning met 72 maagden in het paradijs, een beloning die hen door profeet Mohamed zou zijn toegezegd. Uit voorliggende analyse zal moeten blijken hoeveel er van dit stereotype overeind blijft na studie van martelaarschap vanuit de primaire bronnen van de islam.

.

1. Martelaarschap als getuigenis van geloof

.

1.1. Shahada: geloofsbelijdenis en martelaarschap

.

De islamitische geloofsbelijdenis luidt als volgt:

“Ik belijd dat er geen god is dan God en ik belijd dat Mohammed Zijn Boodschapper is”

 

Deze uitdrukking noemt men in het Arabisch de shahada. Het woord shahada heeft ook andere betekenissen waaronder getuigenis en martelaarschap.

Dit kan tot surrealistische verwarring kan leiden, waarmee misverstanden en vooroordelen gevoed worden. Eenieder die (strikt gesproken na een rituele reiniging en in het bijzijn van één of twee getuigen) de islamitische geloofsbelijdenis van harte uitspreekt, uit vrije keuze en bij volle verstandelijke vermogens uitspreekt treedt toe tot de moslimgemeenschap.

De rechtschapenen (‘salihun’) zijn volgens de Koran diegenen die in God geloven en goede daden stellen. De Koran beperkt dit niet tot moslims, maar stelt dat ook joden en christenen die in God en de Laatste Dag geloven en die goede daden stellen, op oordeelsdag niets zullen te vrezen hebben:

«Zij die geloven, zij die het jodendom aanhangen, de christenen en de sabiërs die in God en de laatste dag geloven en die deugdelijk handelen, voor hen is hun loon bij de Heer en zij hebben niets te vrezen noch zullen zij bedroefd zijn.» (Koran 2:62)

Dat men een eenvoudige uitdrukking van geloofsbelijdenis zonder gêne verdraait tot een steunbetuiging aan zelfmoordterrorisme illustreert hoe stereotiep, vooringenomen en afwijzend het westerse beeld van de islam is. Een onderzoek naar de ware betekenis van martelaarschap in de islam vereist dan ook in de eerste plaats dat men afstand neemt van deze stereotypen om met onbevangen blik de inhoud van dit concept in de islam te verkennen en in te vullen.

 

 

.

1.2. De eerste martelaar: een vrouw die stierf omdat ze de islam niet wou afzweren

.

De eerste martelaar van de islam was een vrouw, Sumayyah bint Khabbab. Zij was een Abessijnse, één van de eersten die zich bekeerde tot de islam. De profeet Mohamed begon zijn openbaringen van God te verkondigen en een eerste handvol mensen lieten zich tot de islam bekeren.

De jonge moslimgemeenschap was toen nog maar met dertig en werden beschermd door familie- en clan banden, behalve Summayyah en haar gezin die geen tribale banden hadden en dus niemand hadden om hen te beschermen. Toen de polytheïsten (Quraysh) van hun bekering hoorden, werden ze brutaal aangepakt.

De mannen van het gezin werden, aan hete rotsblokken gebonden, te koken gezet in de verzengende hitte van de Mekkaanse woestijn. Summayyah werd zwaar geslagen. Toen zij bleef weigeren de islam af te zweren greep het clanhoofd Abu Jahl op een gegeven moment een speer en stak die door haar onderbuik. De verwondingen werden haar fataal. Zodoende, werd zij de eerste martelaar van de islam.

Dit concept sluit naadloos aan bij het christelijke concept van martelaarschap van ‘getuigen van God’ en heeft duidelijk niets te maken met de tot in den treure opgevoerde islamofobe propaganda dat martelaren in de islam terroristen en moordenaars zijn die dan nog voor hun daden beloond zullen worden ook.

 

 

.

 

1300765713_179684399_1-Sumayyah-Fitrah-Anggun-Taman-Setiawangsa

 

.

 

 

 

1.3. Martelaarschap en godsdienstvrijheid

.

Martelaarschap in de islam houdt dus in eerste instantie al verband met het standvastig belijden van het islamitisch geloof, en daarom ook met een verdedigen van de vrijheid van keuze over hoe men zich tot God verhoudt. De islam is gebouwd op een pijler van godsdienstvrijheid. Islam betekent ‘overgave aan God’,  dit veronderstelt dat men vrij is om zich over te geven aan God. De Koran stelt, uitdrukkelijk:

«In de godsdienst is er geen dwang.» (Koran, 2:256)

Zonder godsdienstvrijheid, zonder vrijheid om voor God te kiezen, is islam niet mogelijk. Het behoort tot de kerntaken van moslims te werken aan het opbouwen van een gemeenschap die deze vrijheid verzekert.

In de Koran wordt de godsdienstvrijheid door God zelf ingesteld. Dit betekent dat elke afbreuk die men daaraan doet, elke inperking die men eraan oplegt, ingaat tegen de islam. Het is bijgevolg uitgesloten dan een echte martelaar ook maar iets zou (willen) te maken hebben met het zelfs maar pogen te dwingen van anderen tot de islam.

Het beeld dat islam met geweld de godsdienst aan de hele wereld wil opleggen, en dat de martelaren daarvan de proponenten zijn, is in tegenspraak met de islamitische leer. Moslims zijn niet verzekerd van een plaats in het paradijs. Als ze zich misdragen gaan ze naar de hel, terwijl joden en christenen die zich aan de voorschriften van de aan hun profeten geschonken openbaringen houden en goede daden verrichten, volgens de islam tot het paradijs kunnen toegelaten worden.

.

.

 

 

1.4. Martelaarschap, jihad en terrorisme

.

In de islam is geloof alleen niet voldoende, met moet ook handelen naar het geloof.  Moslims moeten met andere woorden ook in hun handelswijze getuigenis afleggen van hun geloof. Dit handelen vertaalt zich als ‘jihad’ die innig verweven is met martelaarschap.

Jihad betekent niets meer of minder dan ernaar streven het goede te doen. Jihad is een zaak van elk moment van de dag. Bij elke keuze die men maakt in het leven, kan men het goede of het slechte kiezen. Jihad betekent dat men kiest voor het goede. Wie dat laatste doet, is een mujahid.

Wanneer een moslimgemeenschap aangevallen wordt en na uitputting van alle middelen om de aanval op een vreedzame wijze  af te slaan, kan de beste manier van reageren erin bestaan de wapens op te nemen om de gemeenschap te verdedigen.  Een strijder in zo een wettige, defensieve oorlog, is ook een mujahid.

Merk op dat ook in deze gevallen van militaire defensie het bij jihad nooit de bedoeling is anderen met dwang het geloof te willen opleggen, maar wel het voortbestaan te vrijwaren van de “gemeenschap van de middenweg”;  en de vrede en godsdienstvrijheid te beschermen zonder dewelke men ook de eigen godsdienst niet kan beleven.

In veruit de meeste gevallen evenwel heeft jihad niets met oorlog te maken en is geweld zelfs verboden. Met terrorisme heeft jihad niets van doen. De islam verwerpt terrorisme als een misdaad tegen de samenleving. Terrorisme is ten andere één van de weinige misdrijven waarvoor volgens de islam de doodstraf kan uitgesproken worden.

Zijn er mensen die zichzelf moslim of zelfs jihadi noemen en zichzelf opblazen om daarbij burgerslachtoffers te maken? Ja. Handelen zij volgens wat bij zeer ruime meerderheidsopvatting de Koranische boodschap is? Ondubbelzinnig neen. Wat ook hun motieven zijn, hun daden druisen in tegen de islam. Gaat men mee in hun logica, dan heeft de terrorist het ideologisch pleit gewonnen.

Na de aanslagen van 11 september is er in alle geledingen van de moslimgemeenschap, zowel door geleerden als door andere moslims, een krachtige veroordeling gekomen van die aanslagen en werden er fatwas gelanceerd die terrorisme afkeuren en verwerpen als strijdig met de islam.

 

.

 

jihad-nafs

 

.

 

 

 

1.5. Definitie van martelaarschap in de islam

.

Een mujahid, vanuit de leer die naam waardig, is iemand die tijdens zijn (of haar) leven als enige intentie heeft God te dienen door er consequent naar te streven voor het goede te kiezen, om geen andere reden dan dat God het waard is Hem te dienen. Vanuit de zuivere intentie God te dienen legt hij in zijn woorden en daden standvastig getuigenis af van ‘de waarheid’ waarin hij gelooft.

Een mujahid sterft de dood van een “shaheed” (een ‘martelaar’), op voorwaarde dat hij deze waarheid getrouw blijft. Het martelaarschap kent verschillende elementen:

  • getuigen (in woord en daad) van de waarheid (m.a.w. resoluut kiezen voor het goede);
  • met als enige en zuivere intentie God te dienen;
  • en met de bereidheid het leven te geven voor die getuigenis zonder evenwel de dood actief op te zoeken en zonder de noodzaak ervoor gedood te worden.

Bekijken we nu even die elementen:

  • getuigen (in woord en daad) van de waarheid .  Dat getuigenis van God een cruciale rol speelt in het martelaarschap, bleek reeds uit het relaas van de eerste martelares van de islam. Martelaarschap, geloof (in de zin van getuigen van de waarheid) en jihad (in de zin van het daadwerkelijk beleven van dit geloof in woord en daad door een standvastig streven om het goede te doen in alle aspecten van het leven) zijn dan ook begrippen die onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
  • met als enige en zuivere intentie God te dienen. Alles wat men doet zal op de Oordeelsdag geëvalueerd worden op grond van de intenties die men had. Wie het martelaarschap nastreefde voor bijvoorbeeld de eer die hem te beurt zou vallen, in plaats van om God te dienen, mag zich aan een enkele reis naar de hel verwachten.

    «De eerste persoon die op Oordeelsdag ongunstig beoordeeld zal worden, is de valse martelaar. Hij wordt voorgeleid, en de beloningen die hij gekregen zou hebben en die hij herkent, worden hem getoond. Dan vraagt God hem: “Wat deed je om deze beloningen te krijgen?” Hij antwoordt: “ik streed omwille van U tot ik de marteldood stierf”. Dan beveelt God: “Je liegt! Je streed opdat de mensen zouden zeggen: ‘Wat een dapper man!’ En dat zeiden ze ook in deze wereld [m.a.w.: je kreeg al wat je wou]”. Dan wordt het bevel gegeven dat deze persoon op zijn gezicht naar de hel gesleept wordt.»

  • en met de bereidheid het leven te geven voor die getuigenis zonder evenwel de dood te zoeken en zonder er noodzakelijk voor gedood te worden. Merk op dat er een wezenlijk verschil bestaat tussen de bereidheid voor God te sterven, en actief de dood te zoeken. Het eerste is in samenhang met de twee vorige factoren. Het laatste  is zelfmoord, wat door de islam verboden wordt. Wie zelfmoord pleegt, wordt de toegang tot het paradijs ontzegd:

    «De Profeet zei: “En hetgeen iemand gebruikt om zelfmoord mee te plegen in deze wereld, daarmee zal hij gefolterd worden in het Hellevuur”.» (gemeld door Thabit bin Ad-Dahhak, in: Bukhari)«Een man werd verwond en pleegde zelfmoord, en dus zei God: Mijn dienaar heeft snel zijn dood veroorzaakt, dus verbied Ik het Paradijs voor hem.» (Bukhari)

    Het is mogelijk dat men op een andere, zelfs ‘banale’ manier aan zijn einde komt maar toch als martelaar beschouwd wordt:

    «Op een dag vroeg de Profeet: “Wie noemen jullie zelf martelaars?”. De mensen rondom hem antwoordden: “Diegenen die gedood worden door een wapen.” Zijn reactie hierop was: “Er zijn er veel die gedood worden door wapens, en ze zijn geen martelaars; er zijn er veel die in hun bed sterven, maar die beloond worden met de zegeningen van de siddiqs (de eminent oprechten) en de marterlaren” » (al-Isfahani 8, 251)

     

Het is duidelijk dat het zich opblazen in een terreuraanslag strijdig is met de islam en dus evenmin een daad van religieus martelaarschap kan zijn, hoe graag sommigen in het Westen dat ook zo voorstellen en hoe graag sommige terreurgroepen hun leden dat ook willen doen geloven.

 

.

 

 

Mohammed de profeet

Mohammed de profeet

 

 

.

 

1.6. Soorten martelaren

.

Ruwweg kan men van 3 categorieën van martelaren spreken, die als volgt gedefinieerd worden:

  • Martelaren van deze wereld en van het hiernamaals. Dit zijn moslims die het leven laten in een wettige strijd tegen onrecht.Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer zij als strijder het leven laten in een wettige oorlog. Het betreft hier dus gelovigen die het verdedigen van islamitische kernwaarden zoals vrede, rechtvaardigheid, broederlijkheid, godsdienstvrijheid enz. met hun leven betaald hebben. Tot dergelijke martelaren behoren diegenen die het opnamen tegen een tiran en daarvoor door de tiran gedood werden:

    « De meester van de martelaren is Hamzah Ibn ‘Abdul-Muttalib, een man die zich verzette tegen een tiranniek leider, en die hem instrueerde met het goede en hem het slechte verbood, als gevolg waarvan [de tirannieke leider] hem doodde. » (hasan, al-Haakim en adh-Dhiyaa`)

     

    «Iemand die gedood wordt bij het afweren van verdrukking is shaheed» (an-Nisaa`i en adh-Dhiyaa`)

    Het gaat hier telkens om moslims die gedood werden in omstandigheden waarbij zij de grondwaarden van de islam verdedigden binnen de grenzen van het toelaatbare, zonder dat ze de dood zochten en zonder dat ze eigen eer of een beloning nastreefden.

  • Martelaren van het hiernamaals.  Dit betreft mensen die om andere redenen dan de voorgaande stierven en in het huidige leven niet als martelaar beschouwd worden, maar in het hiernamaals toch de status van martelaar krijgen. Een paar voorbeelden:

    «Er zijn vijf overlijdens als gevolg waarvan iemand een martelaar is: diegene die gedood wordt op het pad van God is een martelaar, diegene die verdrinkt op het pad van God is een martelaar, diegene die sterft ten gevolge van een maagziekte op het pad van God is een martelaar, diegene die sterft ten gevolge van de pest op het pad van God is een martelaar, en de vrouw die stierf in het kraambed is een martelaar.» (saheeh, an-Nisaa`i, al-Jami)

    Het is dus niet het geval dat iedereen die verdrinkt een martelaar is. Het ligt eraan hoe hij geleefd heeft. Ook niet elke moslim die overlijdt ten gevolge van een ziekte in de buik is een martelaar. Als hij deze ziekte opliep door slechte, buitensporige leefgewoonten en geen rechtschapen leven leidde, zal hij geen martelaar zijn.

  • Martelaren van deze wereld.  Dit zijn moslims die hier en nu als martelaar beschouwd worden, maar in het hiernamaals niet als martelaar zullen beschouwd worden. Bijvoorbeeld iemand die als soldaat in een wettige oorlog zou sneuvelen maar aan de strijd deelnam omwille van de eer die hem te beurt zou vallen, zal hier als martelaar beschouwd worden maar in het hiernamaals naar de hel gaan.

Vanuit islamitisch perspectief heeft het eigenlijk geen zin iemand een martelaar te noemen (anders dan in het christendom is er in de islam geen kerkinstituut dat iemand tot ‘martelaar’ kan uitroepen) omdat alleen God hierover kan oordelen. Men kan hoogstens zeggen dat iemand ‘met grote waarschijnlijkheid’ een martelaar is, maar de beslissing daarover komt alleen God toe. Een martelarencultus is dan ook niet aan de orde in de islam.

.

.

1.7. Beloning voor de martelaren

.

Volgens de islam worden martelaren in het hiernamaals bedacht met de grootste beloningen. Zo zal hun overgang naar het hiernamaals  zo goed als pijnloos zijn. De stervenspijn zal zodanig verkleind worden dat het maar zal aanvoelen als een muggenbeet.

«Abu Hurayrah vertelde dat profeet Mohamed zei: “Een martelaar voelt maar evenveel van het effect van gedood te worden als iemand die zou gestoken zijn door een mug.”» (Tirmidhi, Nasa’i en andere – gemeld door Abu Hurayrah)

Hoewel mensen die als mujahid leven en naar het martelaarschap verlangen zich als doel stellen tijdens het leven in alles het goede te doen ten einde God te dienen, struikelt iedereen al eens. Daarbij krijgen martelaren vergiffenis voor de zonden die zij in hun nobel streven onvrijwillig toch begingen (tenzij het om zware zonden gaat zoals hypocrisie). Zodoende, krijgen martelaren het eeuwig leven in het hiernamaalse paradijs.

«En denk van hen die op Gods weg gedood worden niet dat zij dood zijn; zij zijn juist levend bij hun Heer, waar in hun onderhoud wordt voorzien terwijl zij zich verheugen over wat God hun van Zijn Genade geeft en zich verblijden dat de achterblijvers die zich nog niet bij hen gevoegd hebben niets te vrezen hebben noch bedroefd zullen zijn. Zij verblijden zich over een genade en gunst van God, en dat God het loon van de gelovigen niet verloren laat gaan.» (Koran 3:169-171)

In het paradijs zullen zij de mooiste plekken krijgen.

« Samurah Ibn Jundub vertelde dat de Profeet zei: “Vorige nacht ontving ik een (goddelijke) ingeving (via een droom); ik zag twee mannen naar mij komen en me meenemen naar een boom (in het Paradijs), en vervolgens naar een plek die het beste was dat ik ooit gezien had; zij informeerden me dat dit de verblijfplaats was van de martelaren.” » (Bukhari)

 

 

 

 

1.8. De ’72 maagden’

 

Naast vergeving van alle zonden en weldadige paradijselijke beloningen spreekt de Koran ook over de hoor al ayn’ voor diegenen die het paradijs bereiken.

«Zo is het! En Wij geven hun gezellinnen met sprekende grote ogen ten huwelijk.”» (Koran 44:54)

“Hoor al ayn” zijn speciale schepselen die enkel in het paradijs wonen. Volgens de enen gaat het om bijzondere vrouwelijke gezellen voor mannen die het paradijs bereiken, volgens anderen hebben de “hoor al ayn” geen geslacht, ze zijn noch mannelijk, noch vrouwelijk, maar wezens met een uitzonderlijk zuivere spiritualiteit die gereflecteerd wordt in hun ogen waaruit hun puurheid straalt. Er bestaat zelfs een omstreden theorie die zegt dat “hoor al ayn” eigenlijk gewoon ‘druiven’ betekent, wat aansluit bij de andere grafische omschrijvingen van de weelderigheid die het paradijs kenmerkt.

 

De Koran vermeldt bovendien nergens een aantal. De ’72’ is afkomstig van de volgende hadith:

«Men hoorde profeet Mohamed zeggen: “De kleinste beloning voor de mensen van het Paradijs is een plaats waar er 80.000 dienaren en 72 vrouwen zijn, waarboven een koepel staat die versierd is met parels, aquamarijn en robijn, zo breed als de afstand van Al-Jabiyyah (een voorstad van Damascus) tot Sna’a (in Jemen).”» (Tirdmidhi)

Enkele bedenkingen hierbij:

Deze hadith is omstreden, de authenticiteit ervan staat niet vast. Dit wil zeggen dat het niet zeker is dat profeet Mohamed deze woorden ooit gesproken heeft. Ze maken bijgevolg geen deel uit van de kernleer van de islam. De verzen en hadith die het paradijs beschrijven moet men net zo min letterlijk nemen als de bij ons alom bekende spreekwoordelijke rijstpap die ons in de hemel met gouden lepeltjes zal geserveerd worden.

Waar het in deze verzen en hadiths om te doen is, is het schetsen van de uitzonderlijkheid van de beloning die iedereen die in het paradijs terechtkomt te beurt zal vallen. Wie zich nu aan de voedingsvoorschriften houdt, wie zich nu aan voorschriften van matiging houdt, wie zich aan de seksuele beperkingen houdt, zal hierna rijkelijk beloond worden.

En hoewel naargelang van de interpretatie ervan de term ‘hoor’ een seksuele connotatie kan hebben, in die zin dat de term als ‘maagd’ kan opgevat worden , dan nog wordt er nergens gesteld dat mannen effectief seksuele relaties zullen onderhouden met deze schepselen. Nogal logisch, vermits de bestaansvorm van een gans andere orde zal zijn dan het aardse bestaan.

Zelfs als men deze hadith voor waar zou aannemen, én wanneer men “hoor al ayn” letterlijk als ‘maagden’ interpreteert, staat er nergens in dat terroristen met 72 maagden beloond zullen worden.

Zoals eerder gezegd, zijn moslims niet zeker van een plek in het paradijs. Als zij zich misdragen hebben kunnen zij naar de hel gaan. Anderzijds, stelt de Koran dat ook joden en christenen die in God geloven en zich gedragen in overeenstemming met de aan hun profeten geopenbaarde boodschap, eveneens in het paradijs kunnen toegelaten worden.

En ten slotte, de hele discussie over de beloning van het martelaarschap is eigenlijk een zinloze discussie, want zodra men iets doet voor de beloning en niet vanuit de zuivere intentie God te dienen, ziet men de beloning aan zijn neus voorbij gaan.

Getuige de volgende lange maar lezenswaardige hadith over het oordeel dat gereserveerd wordt voor geleerden, welstellenden en (vermeende) mujahids die beweren het martelaarschap na te streven maar in werkelijkheid uit zijn op een beloning in de vorm van eerbetuigingen.

« Op de Laatste Dag wanneer God zal zetelen om te oordelen en elke gemeenschap voor Hem zal knielen, zullen de eersten die geoordeeld zullen worden de geleerden van het Heilige Boek zijn, of diegenen die gedood werden in een jihad of diegenen die rijk en welvarend waren op aarde.


God zal aan de geleerde vragen: ‘Werd jou niet alles geleerd dat geopenbaard werd aan de Profeet? Wat deed je met deze kennis?’ Hij zal antwoorden: ‘O Heer! Ik placht de Koran dag en nacht te reciteren in mijn gebeden.’ God zal zeggen: ‘Je bent een leugenaar.’ En zodoende zullen de engelen hem als leugenaar beschouwen, en God zal het oordeel vellen dat deze man dit alles enkel deed om geprezen te worden als een zeer groot geleerde.

Het lof dat hij ontving op aarde was het doel waar hij op mikte, dus is er hier voor hem niets. Vervolgens zal de rijke man aangesproken worden en God zal zeggen: ‘Heb ik je niet welvarend gemaakt en onafhankelijk van anderen? Wat deed je met die welvaart?’ Hij zal antwoorden: ‘O God, ik gaf aan de behoeftigen en was liefdadig.’

God zal zeggen: ‘Je bent een leugenaar’, en de Engelen zullen hem ook een leugenaar noemen. God zal zeggen: ‘Je was niet liefdadig in de geest, je reikte liefdadigheid uit met als enige drijfveer geprezen en geëerd te worden. Je werd geprezen en geëerd, dus heb je al de beloning gekregen waarop je mikte. Er is hier niets voor jou’.


Dan zal een man gebracht worden die gedood werd in een jihad. Hij verwacht dat God hem zal eren als een martelaar, maar deze aanspraak zal hem ontzegd worden door God die zal zeggen: ‘je vocht enkel om geprezen te worden als een dapper man. Je kreeg het lof dat je in de wereld nastreefde. Hier is er niets voor jou’.


De Profeet voegde hier aan toe: ‘Dit zijn de personen die in hel geworpen zullen worden vóór de anderen.’
» (Tirmidhi, gemeld door Abu Hurairah)

 

.

 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

 

 

.

 

2. Seculariserend extreem nationalisme van militante jihadi’s en zelfmoordterroristen

.

In ‘Islam Hijacked’ stelt Rabbi Reuven Firestone, professor Middeleeuws Judaisme en Islam, aan de Hebron Union College van Los Angeles  :

«Wat zelfmoord en het schade berokken aan onschuldigen betreft, is islam ondubbelzinnig. De vier scholen van islamitische wet verbieden uitdrukkelijk het schade berokken aan niet-strijders.» 

 

De professor laat er geen twijfel over bestaat, de islam verbiedt terreurdaden. Maar waarom sleuren de zelfmoordterroristen er dan God en de islam bij? Professor Robert Pape werpt daar enig licht op. Hij houdt een databank bij van zelfmoordaanslagen.

Op grond van de gegevens die hij verzamelde over zelfmoordaanslagen gepleegd tussen 1980 en 2003, concludeert hij dat niet de moslims, maar wel de Tamil Tijgers van Sri Lanka de kop aanvoeren inzake zelfmoordaanslagen.

De Tamil Tijgers zijn een seculiere marxistische groep die voornamelijk rekruteert bij Hindoe families. Zij zijn uitvinders van de ‘zelfmoordvest’ die later door de Palestijnse plegers van zelfmoordaanslagen overgenomen werd.

Zelfs bij de zogenoemde ‘islamitische’ aanslagen nemen luidens professor Pape de seculier georiënteerde groepen 2/3den van de aanslagen voor hun rekening. Deze professor stelt verder dat terrorisme geen zaak is van individuele fanatici, maar een strategische zet is van groepen die campagne voeren voor een specifiek politiek doel, met name “het dwingen van moderne democratieën om betekenisvolle toegevingen te doen inzake nationale zelfbeschikking”.

Volgens diezelfde professor is er overweldigend bewijs dat zelfmoordterrorisme weinig verband houdt met religie. Hij omschrijft zelfmoordterrorisme als “een extreme strategie voor nationale bevrijding” en dus een extreme strijd voor nationalisme. Wereldwijd, hebben 95% van al dergelijke incidenten dit centrale doel. Met andere woorden: terrorisme dient een politiek doel.

Niet alle bezettingen evenwel van landen leiden tot zelfmoordterrorisme. En hier speelt religie wel een rol, in die zin dat zelfmoordaanslagen vooral plaatsvinden wanneer er een religieus verschil is tussen de bezetter en de bezette gemeenschap. Het is door dit religieverschil, dat de terroristenleiders er beter in slagen de bezetter te demoniseren vanuit een verwrongen lectuur van de eigen religie.

In tegenstelling tot de gangbare opvatting, dat militante ‘jihadi’s’ religieuze fanatici zijn, kan men dus stellen dat het integendeel juist gaat om mensen die de islam proberen te seculariseren om nationalistische belangen te dienen, en dit terwijl de islam geen notie van nationaliteit kent en zelfs elke vorm van hypernationalisme verwerpt.

 

.

 

al-aqsa-martyrs-brigades-31

 

.

.

 

3. Besluit

.

Martelaarschap is het ‘getuigen van God’ door in alle omstandigheden, in woord en daad, ernaar te streven het goede te doen, met als enige intentie God te dienen om geen andere reden dan dat God dat waard is, waarbij men bereid is voor het getuigen van die waarheid zijn leven te geven, zonder evenwel de dood te zoeken en zonder er noodzakelijkerwijs voor gedood te worden.

Omdat de intentie (niyya) een grote rol speelt en alleen God in de harten kan kijken, zijn mensen niet geplaatst om te beoordelen wie ‘martelaar’ is en wie niet. Dat “oordeel” komt alleen God toe. Een martelaren cultus geeft dan ook geen pas in de islam.

Het is in de islam trouwens niet hoe men sterft, dat iemand tot martelaar maakt, het is hoe men lééft. Ook wie een natuurlijke dood sterft kan men ‘martelaar’ zijn. Het maakt niet uit hoe men sterft  zo lang men noch in het leven, noch in de dood iets onwettig nastreeft. Dat maakt een zelfmoordaanslag tot iets wat ingaat tegen de islam.

Niet alleen is zelfmoord verboden, de aanslag is bovendien een criminele daad waarbij men onschuldigen van het leven berooft met als doel angst te zaaien. Een zelfmoordterrorist kan geen ‘martelaar’ zijn, vermits hij de grenzen van het wettige te buiten gaat in de manier waarop hij sterft.

Het concept van islamitisch martelaarschap wordt dan ook beklad en gekaapt, zowel door terroristen als door diegenen in het Westen die meegaan in de ideologie van de terroristen en hen “martelaar” noemen.

Dat de profeet Mohamed voorgesteld wordt als een terroristenleider die plegers van zelfmoordaanslagen beloont, is voor moslims zeer schokkend. Hij vertegenwoordigt voor hen de nobelste waarden die door een mens kunnen nagestreefd worden. Hem als terroristenleider voorstellen, is een omkering van de moraal.

Het martelaarschap daarenboven degraderen tot iets dat gedreven wordt door seksuele driften is een dehumanisering van moslims tot wezens die, gedreven door seksuele driften, geweld verheerlijken. Een dergelijke beeldvorming is vernederend, denigrerend, dehumaniserend.

Ze moedigt polarisatie aan, niet alleen bij diegenen die het beeld voor waar aannemen en die zich dus afkeren van moslims, maar ook bij de moslims zelf die zich volkomen onrechtvaardig getypeerd weten. Bovendien verhinderen dergelijke mythes een gedegen analyse en dus ook een daadkrachtige, doeltreffende strijd tegen het terrorisme.

Zijn er moslims die terreurdaden plegen? Ja. Er zijn ook niet-moslims die terreurdaden plegen. Het probleem is complex, de oplossing niet eenvoudig. De strijd tegen door moslims gepleegde terreur ligt in elk geval niet in het demoniseren van de islam. Integendeel.

De islam, met de echte martelaren ervan op kop, erkennen als een bondgenoot in de strijd tegen het terrorisme zou al een grote stap in de goede richting zijn. Het zou in elk geval op zijn minst diegenen die er aan beide kanten van dit verhaal belang bij hebben een botsing der beschavingen uit te lokken, de wind uit de zeilen nemen.

 

 

.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria