Tagarchief: hemd

De eerste heteluchtballon in 1783 van Montgolfier

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

De uitvinding van de heteluchtballon staat op naam van de gebroeders Montgolfier. Joseph Michel Montgolfier (1740-1810) en Jacques Étienne Montgolfier (1745-1799) werden beide geboren in Annonay, een Frans plaatsje onder Lyon. De twee broers assisteerden hun vader Pierre Montgolfier van jongs af aan in zijn goedlopende papierfabriek. Ze koesterden allebei een grote wetenschappelijke interesse.

 

 

 

montgolfier_j

Jacques en Joseph Montgolfier

 

 

Opbollend hemd

 

Hoe de broers precies op het idee kwamen om een luchtballon te ontwerpen is niet duidelijk, maar het verhaal gaat dat het zien van een opbollend dichtgeknoopt hemd vlakbij het haardvuur één van de broers op een idee bracht. Daarnaast raakten zij vermoedelijk geïnspireerd door de Britse wetenschapper Joseph Priestley, die in diezelfde periode veel gasexperimenten uitvoerde. De gebroeders Montgolfier experimenteerden op hun beurt met zelfgemaakte ‘ballonnen’ van stof en papier, die zij probeerden te laten zweven met behulp van vuur en hete lucht.

 

 

 

 

 

Eerste demonstratie

 

Aan het begin van 1783 waren de Montgolfiers ver genoeg gevorderd in hun onderzoek om een volgende stap te zetten. Begin juni van dat jaar gaven ze op de markt van Annonay een demonstratie met een groter exemplaar. Deze ballon van negen meter doorsnee was gemaakt van zijde, werd bijeengehouden door tweeduizend knopen en was gevoerd met wit papier, waarover brandwerend aluin was gestreken. De onbemande luchtballon steeg tot zo’n twee kilometer hoogte en raakte achthonderd meter verderop weer de grond.

 

 

 

 

 

Opmerkelijke bemanning

 

Vanwege deze prestatie werden Joseph en Jacques Montgolfier op 19 september 1783 gevraagd hun uitvinding te presenteren aan het hof van Lodewijk XVI en Marie-Antoinette. Hun nieuwe ‘Montgolfier-ballon’, met een doorsnede van twaalf meter, steeg ditmaal vijfhonderd meter, maar overbrugde in acht minuten tijd wel een afstand van drie kilometer. Tijdens deze demonstratie was de ballon bovendien niet onbemand: een schaap, een haan en een eend vormden de gelukkige passagiers. Ze kwamen alle drie weer zo goed als ongedeerd aan land.

 

 

 

 

 

Eerste bemande ballonvluchten

 

Omdat de dierlijke bemanning deze demonstratietocht had overleefd, werd aangenomen dat het toch ook voor de mens niet onmogelijk moest zijn het luchtruim te trotseren. Voor de zekerheid bepaalde Lodewijk XVI dat in eerste instantie alleen misdadigers een proefvlucht mochten maken. Toch was het de enthousiaste Franse natuurkundige Jean-François Pilâtre de Rozier die op 15 oktober 1783 de geschiedenis in ging als de eerste persoon die een ballonvlucht maakte.

Zijn derde proefvlucht op 21 november was bovendien de eerste vrije vlucht, waarbij de luchtballon niet door middel van een koord met de grond was verbonden. Uiteindelijk zweefde op 19 januari een luchtballon met zeven inzittenden een tijdlang op een kilometer hoogte boven Lyon.

 

 

 

 

 

Montgolfière

 

Hun baanbrekende uitvinding leverde de gebroeders Montgolfier veel roem op. In het Frans wordt de heteluchtballon nog steeds Montgolfière genoemd. Nadat de heteluchtballon al vanaf het einde van de 18e eeuw een tijdlang werd overschaduwd door de uitvinding van de waterstofballon door Jacques Alexandre César Charles, werd de heteluchtballon rond 1960 weer populair als toeristische activiteit. Helaas is gebleken dat niet al deze pleziertochtjes net zo goed aflopen als de eerste bemande ballonvluchten.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u , de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus .‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’ 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Burgerlijk mannenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

Standaard

categorie : mode en kledij

.

 

 

Burgerlijk mannenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

 

 

 

 

Kleding speelde in de middeleeuwen al een belangrijke rol. Het liet het verschil zien tussen adellijken en burgers. Dit lieten ze zien door middel van technieken, maar ook door middel van kleur. Het dragen van kleding ging steeds meer klasse uitstralen, wat je in de hedendaagse samenleving ook nog wel eens terug ziet. Hoe zag de burgerlijke mannenkleding eruit in de late Middeleeuwen?

 

.

Korte beschrijving burgerlijke mannenkleding 1000-1200

 

De kleding van de burgerlijke mannen bestond uit een voorloper van een broek, ook wel braies genaamd, een overkleed en een mantel. De braies bestond uit een tussen de benen geslagen lap stof, die met een gordel omhoog word gehouden. De latere broek kwam tot aan de enkels. De mannen droegen ook kousen die omhoog gehouden werden door kruisbanden.

In de 12e eeuw kregen de kousen meer vorm en werden ze langer, zodat men ze over de braies ging dragen. De bovenbroek werd toen een onderbroek. Het overkleed werd korter gedragen dan dat van de adellijke mannen. Op deze manier konden de mannen beter op een paard rijden en vechten.

De stoffen die voor de burgerlijke mannen waren geschikt waren: wol, linnen en bont. De motieven die in de stof werden geweven waren cirkels of vierkantjes. De kleuren die werden gebruikt waren bruin, wit en grijs. Dit kwam doordat de burgerlijke mannen hun kleren zelf moesten verven.

 

 

 

 

 

 

Korte beschrijving burgerlijke mannenkleding 1200-1350

 

De kleding van de burgerlijke mannen bestond uit een braies, een overkleed en een mantel. Dit is hetzelfde als 200 jaar terug. De burgers konden niet veel veranderen aan hun kleding, omdat ze het zelf moesten maken en verven. De mantel in deze tijd was een wijd pelgrimskleed van bruine wol, dat over het hoofd werd getrokken.

De stoffen die geschikt waren voor de burgers waren wol, linnen, laken en bont. De kleuren van de stoffen kwamen al meer in de buurt van de adellijke kleuren zoals; rood, blauw en groen. Van de burgers waren de kleuren alleen doffer. Bruin, wit en grijs werd nog steeds door het merendeel van de burgers gedragen. De burgers hadden nu eenvoudige patronen op hun stoffen zoals: ruiten en strepen.

 

 

1250

 

 

 

Korte beschrijving burgerlijke mannenkleding 1350-1400

 

De kleding van de burgerlijke mannen bestond uit een braies, een hemd en een pourpoint (dit was een soort jasje). De poutpoint was getailleerd en afgezet met knopen. De lange mouwen van het hemd kwamen onder de poutpoint uit. De broek was bijna niet zichtbaar, net zoals het hemd wat eronder zat.

Aan het einde van de 14e eeuw kwam een nieuw type overkleed in de mode onder de burgers. Deze kwam tot net boven de knie, zodat de burgers nog gemakkelijk op hun paard konden zitten. De mantel was kort, zodat de burgers er geen last van hadden met paardrijden en had losse mouwflappen.

De stoffen die werden gebruikt voor de burgers kwamen nu ook meer in de richting van de adellijken. De stoffen waren namelijk gemaakt van: wol, linnen, katoen en tafzijde. In Frankrijk en Italië werd er door het volk ook geverfd bont en zijde gedragen. Onder de burgers zag je qua patronen vaak horizontale strepen of verticale strepen.

 

 

1350

 

 

 

Korte beschrijving burgerlijke mannenkleding 1400-1440

 

De burgerlijke mannen droegen een kort hemd en een korte braies. Ze droegen hierover een jasje dat bij de heupen strakker zat door middel van een riem. Aan deze riem konden ze hun wapens ook hangen, als ze moesten vechten voor de koning. De mannen droegen ook twee kousen, die nog steeds omhoog gehouden werden met een bandje net onder de knie.

De stoffen die nu ook gebruikt werden door de burgers waren: wol, linnen, katoen, zijde en brokaat. De burgers droegen nog steeds veel bruin, wit en grijs. De stoffen onder de burgers werden meer bedrukt, maar je zag nog steeds duidelijk verschil tussen adellijke en burgerlijke kleding.

 

 

 

1450 bis

 

 

 

Korte beschrijving burgerlijke mannenkleding 1440-1490

 

De burgerlijke mannen droegen over het hemd een jasje met of zonder riem met pofmouwen. Hoe hoger je stand was hoe groter de pofmouwen waren. De burgerlijke mannen hadden dus niet zo duidelijk grote pofmouwen, maar de mouwen werden wel strak gehouden door een touwtje aan de onderkant, waardoor de mouwen gingen poffen.

Het hemd kreeg aan het einde van de 15e eeuw een lagere hals. En tussen de kousen werd een lapje stof genaaid, zodat er een voorloper van de broek ontstond. Onder de adellijken bestond dit al wat langer, maar bij de boeren kwam dit pas aan het einde van de 15e eeuw.

De stoffen die werden gebruikt door de burgerlijke mannen was nog steeds hetzelfde als 40 jaar geleden, namelijk: wol, linnen, katoen, zijde en brokaat. De gegoede burgers kregen nu ook meer oosterse kleuren zoals: blauw, rood en groen. De burgers die niet zoveel hadden bleven nog steeds bruin, wit en grijs dragen. De patronen waren ook nog steeds hetzelfde als 40 jaar geleden.

 

 

1550 bis

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

De kledij in het oude Rome

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Toga en Tunica

 

De verschillende Romeinse kledingstukken waren heel eenvoudig. De basis vormde de tunica, een kledingstuk dat meestal geen mouwen had. Hij reikte tot aan de knieën of kuiten en was versierd met een purperen strook, clavus genoemd. Deze was breed voor de senatoren en smaller voor de ridders.

De tunica werd aangevuld met de toga, een grote, witte wollen, om het lichaam gewikkelde mantel, die de rechterarm vrij liet. Vrouwen droegen over de tunica een stola, een jurk met korte mouwen, om het middel vastgehouden door een riem en elegant in plooien gedrapeerd.

 

 

1grande_4586tunica tunica

 

 

 

 

220px-Pax_romana04 clavus tunica tunica  en clavus

 

.

 

 

romeinse-mannenkleding-togatus  toga

 

 

 

 

4fde7f3816c17a4391a5fda01d45910estola en palla stola en palla

 

 

 

De toga

.

De toga was een onpraktisch kledingstuk dat slechts diende als statussymbool. Het werd gedragen bij officiële gelegenheden zoals toespraken, plechtigheden, grote feesten en bezoek van deftige gasten. In het dagelijkse leven was dit kledingstuk niet zo van belang, omdat men zich er niet gemakkelijk in kon bewegen want dan vielen de plooien verkeerd.  De toga bestond uit een grote witte wollen doek, in trapeziumvorm. Deze doek werd op een ingewikkelde manier om het lichaam gedrapeerd.

Voor dit karwei hadden vele rijken zelfs een aparte slaaf. Jongens tot en met 16 jaar droegen een toga met een purperen rand. Dat heette een toga praetexta. Ook senatoren, de regering van het Romeinse rijk, droegen de toga praetexta.  Op hun 16e verjaardag leverden de jongens hem in voor een toga virilis, een onversierde, kale toga. Deze plechtigheid betekende dat de jongen nu volwassen was. Als een Romein zich kandidaat stelde in de verkiezingen voor een van de vele politieke functies, mocht hij een toga candida, een extra witte toga, dragen.

Als hij meedeed aan de verkiezingen werd hij een candidatus. Dat woord komt van candidus, wat blinkend wit betekend. De enige die een geheel purperen toga, een toga picta, mocht dragen was de keizer van het Romeinse rijk. Welgestelde Romeinse mannen werden vaak togati (togadragers) genoemd.

 

 

toga praetexta

toga praetexta

 

.

toga virilis

toga virilis

 

.

 

toga candida

toga candida

 

 

 

toga picta

toga picta

 

 

 

De tunica

.

De tunica werd door de plebejers, winkeliers en bouwvakkers de hele dag gedragen, omdat men zich in dit kledingstuk goed kon bewegen en niet hoefde op de plooien te letten. De tunica werd ook wel onder de toga gedragen. De tunica was een simpel lang hemd met primitieve mouwen. Het hemd werd met een riem een beetje opgebonden.

Onder de Tunica werd door de mannen een lendendoek of een ander soort broek gedragen. Welgestelde vrouwen droegen over hun tunica een palla, een omslagmantel, die lang genoeg was om over de schouders en of om het hoofd geslagen te worden en tegelijkertijd de knieën te bedekken. De Palla was evenals de Toga van wol. De meeste vrouwen kozen felle en contrasterende kleuren uit voor hun Stola en Palla. Het eenvoudige volk dat alleen een Tunica droeg, werd tunicati genoemd.

 

 

tunica en palla

tunica en palla

 

.

 

Schoeisel

 

De meest gedragen schoenen waren calcei, een soort halfhoge schoen uit leder.

 

 

calcei

calcei

 

 

 

Haardracht

.

De haarmode van de dames verschilde van periode tot periode. Het haar, in het midden gescheiden, werd bij elkaar gehouden in een haarknot achterin de nek of in een paardestaart, soms verfraaid door wat krullen op het voorhoofd. Onmisbare gereedschappen waren de kam, gemaakt van brons, been of ivoor en de holle krultang. De vrouwen gebruikten ook haarspelden, linten en pruiken om de hoeveelheid haar te vergroten.

 

 

62382066_1645764209o

 

.

 

Female_portrait_Louvre_Ma3452

 

.

 

Kapsel-van-Romeinse-maagden1

 

.

 

rondomvlecht

 

.

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria