Dagelijks archief: mei 4, 2022

De waarheid over de islam

Standaard

Categorie: religie/video

 

 

 

De waarheid over de islam

 

 

 

 

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

 

 

De 7 helpers van Bachbloesem : Gorse

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

gaspeldoorn-100421-663

.

.

Gorse (Gaspeldoorn)

Ulex europaeus

Een van Bach’s 7 helpers.
Bereid volgens de zonne-methode.

 

 

 

Indicatie

.

Heel diepe hopeloosheid. Ze hebben het geloof opgegeven dat er nog iets voor hen gedaan kan worden.

.

 

Affirmatie

.

Laten we eens denken aan degenen die al een tijdje ziek zijn, of zelfs lange tijd. Ook nu is er alle reden om hoop-vol te zijn dat het zal baten, voor verbetering of genezing. Laat nooit iemand de hoop opgeven om beter te wor-den.

.

gasleldhaasp

 

 

.

Habitat

 

Gaspeldoorn groeit op de meeste bodems maar zal kalk en krijt vermijden, terwijl het een voorkeur heeft voor de licht-zure heidegronden en droge zanderige gemeentegronden. In de zomer springen de rijpe zaden open en op die manier zal zich langzaam een dikke kluit Gaspeldoorn verspreiden en een gebied domineren. Het groeit voor-al aan de westelijke rand van Europa, en kan door strenge vorst gedood worden.

 

 

.

267_400_600-height

 

 

 

Chronische houding

 

Gorse is voor degenen die veel hebben geleden en bij wie de moed het als het ware begeven heeft. Het is voor zij die de moed verloren hebben om nog iets te proberen. Ze zeggen dat hen verteld is dat er niets meer gedaan kan worden, dat medische hulp hen niet meer zal baten. Zelfs als ze aan een behandeling beginnen zeggen ze dat ze al zoveel maanden of jaren ziek zijn en dat ze lange tijd geen verbetering verwachten. Mensen die behoefte hebben aan Gorse zijn meestal vaal en een beetje donker van teint, vaak met donkere strepen onder de ogen. Ze zien eruit alsof ze in hun leven meer zonneschijn hadden kunnen gebruiken om de wolken te verdrijven.

.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

mijne kop a4

De 12 genezers van Bachbloesem : Water Violet

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

waterviolier1

 

.

Water Violet (Waterviolier)

Hottonia palustris

Een van Bach’s eerste 12 genezers.
Bereid volgens de zonne-methode.

 

.

 

 

.

Indicatie

.

Voor degenen die in gezondheid of in ziekte graag alleen zijn. Heel rustige mensen, die geluidloos rondlopen, weinig spreken, en dan nog zachtjes. Heel onafhankelijk, bekwaam en vol zelfvertrouwen. Bijna vrij van de mening van anderen. Ze zijn gereserveerd, laten mensen met rust en gaan hun eigen gang. Vaak slim en getalenteerd. Hun rust en kalmte is een zegen voor de mensen om hen heen.

.

 

Affirmatie

.

Je leert om helemaal alleen te staan in de wereld, en verdient daarmee de intense vreugde van volledige vrijheid, en daarmee van perfecte dienstbaarheid aan de mensheid. En als je hierin geslaagd bent is het niet langer een of-fer, maar de volmaakte vreugde van behulpzaamheid, ongeacht de omstandigheden.

.

.

 

Habitat

.

Waterviolier groeit in sloten en ander langzaam stromend water. Veel van de oorspronkelijke leefgebieden zijn ver-woest. Het mechanisch schoonmaken van sloten heeft de vaargeulen te efficiënt opgeruimd, veel van de moerasgebieden zijn droog komen te staan omdat het waterpeil omlaag gebracht is en diverse chemicaliën ver-vuilen de wateringen.

.

 

Hoe iemand dan is

.

Deze mensen zijn prachtig van geest en vaak ook van lichaam. Ze zijn vriendelijk, rustig en heel verfijnd en be-schaafd, en toch zijn ze hun lot meester en leiden hun leven met een rustige beslistheid en zekerheid. Willen graag veel alleen zijn. Als ze ziek zijn kunnen ze een beetje trots en afstandelijk zijn, en als dat zo is dan heeft dat een uitwerking op hen.

Ondanks dat zijn ze heel dapper en proberen ze om alleen en zonder hulp te winnen, en geen zorgen of moeilijkheden te veroorzaken voor hun omgeving. Het zijn echt dappere zielen die hun taak in het leven lijken te kennen en uit te voeren met een rustige zekere wil. Ze vormen meestal geen sterke band, zelfs niet met wie hen het dierbaarst zijn. Ze dragen tegenslag en ziekte kalm, rustig en dapper, zonder te klagen.

 

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

John Astria

De Kosmische Wet van karma

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

 

De Kosmische Wet van karma

 

 

De mens is een spiritueel wezen van licht die in de stoffelijke wereld van de materie geïncarneerd is. Ieder mens beschikt over de vrije wil en het vermogen om eigen ervaringen in de materie te onthouden en te analyseren. Het gehele evolutieproces is gebaseerd op het feit dat wij de vrije wil op een goede, juiste manier leren gebruiken. Dat betekent dat vrije keuzes gemaakt moeten worden zonder schade te brengen aan geen enkel deel van het Leven.

 

 

karma-1

 

.

.

De Kosmische Wet van Karma is ons leermiddel

van het aardse bestaan

 

Dankzij deze Universele wet kunnen wij op de meest natuurlijke en persoonlijke wijze leren welke gevolgen onze dagelijkse keuzes met zich mee brengen. Karma in Sanskriet betekent letterlijk ‘daad’ of actie’. Karma maken betekent eigenlijk in actie komen. Uit iedere actie die wij ondernemen vloeit het gevolg die gunstig of schadelijk zou kunnen zijn voor onszelf en voor onze medemens.

Op deze verbinding tussen de daad en de consequenties daarvan is de Kosmische Wet van Karma gebaseerd. Als de gevolgen van de keuzes die wij maken gunstig zijn voor het leven, maken wij een goed ofwel positief karma. Als de gevolgen een schade aan enkel deel van het leven brengen, dan maken wij een slecht, negatief karma. Wij zijn 100% verantwoordelijk voor de gevolgen van onze daden en zijn verplicht om alle schade te herstellen die wij ooit verricht hebben.

 

 

De Karmische Cirkel

 

Om beter te kunnen ervaren of onze keuzes een goede invloed op onze medemens hebben, is de Kosmische Wet van Karma op een gesloten cirkel gebaseerd. Alle energie die wij door onze vrije wil uitzenden keert altijd naar ons terug. Zo kunnen wij altijd de smaak van onze eigen creaties proeven en daar veel van leren. De keuze die wij maken vanuit vrije wil is het startmoment van een bepaalde karmische cirkel.

De gevolgen van onze handelingen of niet handelingen leren begrijpen is de beste manier om jezelf te ontwikkelen. Daarom is de Karmische wet niet als een strafmiddel bedoeld, maar als een leerschool. De belangrijkste les die wij van onze karma kunnen leren is het volgende: “Wat is de beste manier om te reageren op alles wat op ons afkomt?”

Als je begrijpt dat je de oorzaak van een bepaalde situatie bent, ben je beter in staat om met die situatie om te gaan en op te lossen. Als je eindelijk de terugkerende cirkel van je karma wilt breken probeer eens dan in eerste instantie de karmische gevolgen vooral niet te ontwijken. Accepteer de situatie met kalmte, moed en liefde. Ga opzoek naar de kern van de karmische omstandigheden en neem de wijze beslissingen om met de nieuwe cyclus in je leven te beginnen.

 

.

Leer je les,

zet dingen recht,

vergeef jezelf en de anderen

en…laat het los.

 

 

 

De Karmische Magneet

 

Karma heeft niet allen de eigenschap van de cirkel (de terugkerende energie), maar ook de kwaliteit van een magneet. De sterkste aantrekkingskracht in de menselijke wereld is de magnetische kracht van karma die gevormd wordt door de gevolgen van onze keuzes. Deze magneet bepaalt de belangrijkste richtlijnen in ons leven: in welke land, bij welke ouders, in welke familie en in welke omstandigheden wij geboren zullen worden.

Maar ook onze beroeps- en partnerkeuzes inclusief vriendenkring en de kinderen worden altijd karmisch bepaald. Karma is een onafwerende kracht die mensen in bepaalde situaties bij elkaar brengt. In die zin lijkt karma op een persoonlijke levensformule waar alles bij elkaar wordt berekend: hoeveel kansen, talenten en geluk je kunt krijgen en hoeveel beperkingen, beproevingen en tegenspoed jou in het leven staat te wachten.

 

 

karma2

 

 

 

Hoe karma oplossen

 

Ons ‘karmische script’ is een verplicht deel in ons levensplan dat samengesteld wordt voordat wij in reïncarnatie komen. Oplossen van een bepaald percentage van negatief karma is onze plicht. Daar zijn wij dus niet vrij in. Karma lost zich op door twee aan elkaar gebonden momenten:

– door het dienen aan het slachtoffer van onze negatieve handelingen

– door in een pijnlijke of beperkte omstandigheid voor bepaalde tijd te leven.

 

Maar toch ligt de belangrijkste oplossing van karma bij grondige veranderingen in onze psychologie. Onze reactiepatronen in de karmische situaties vormen het fundament van onze diepste psychologische problemen die wij van één reïncarnatie naar het andere steeds meenemen. Dat zorgt ook voor de herhaling van de karmische situaties en het vermeerderen van negatief karma.

Het is dus niet genoeg om alleen je karma te balanceren, want je moet de reactiepatronen in de karmische situatie kunnen veranderen. Zo word je eindelijk bevrijdt van die vicieuze cirkel. Zelfobservatie, zelfanalyse en goede professionele psychologische hulp zijn de beste middelen om jezelf van verleden fouten los te maken.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

Christian Dior – 2015 – fall – couture

Standaard

categorie : mode en kledij

Christian Dior – 2015 – fall – couture

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Raf Simons

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De eerste heteluchtballon in 1783 van Montgolfier

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

De uitvinding van de heteluchtballon staat op naam van de gebroeders Montgolfier. Joseph Michel Montgolfier (1740-1810) en Jacques Étienne Montgolfier (1745-1799) werden beide geboren in Annonay, een Frans plaatsje onder Lyon. De twee broers assisteerden hun vader Pierre Montgolfier van jongs af aan in zijn goedlopende papierfabriek. Ze koesterden allebei een grote wetenschappelijke interesse.

 

 

 

montgolfier_j

Jacques en Joseph Montgolfier

 

 

Opbollend hemd

 

Hoe de broers precies op het idee kwamen om een luchtballon te ontwerpen is niet duidelijk, maar het verhaal gaat dat het zien van een opbollend dichtgeknoopt hemd vlakbij het haardvuur één van de broers op een idee bracht. Daarnaast raakten zij vermoedelijk geïnspireerd door de Britse wetenschapper Joseph Priestley, die in diezelfde periode veel gasexperimenten uitvoerde. De gebroeders Montgolfier experimenteerden op hun beurt met zelfgemaakte ‘ballonnen’ van stof en papier, die zij probeerden te laten zweven met behulp van vuur en hete lucht.

 

 

 

 

 

Eerste demonstratie

 

Aan het begin van 1783 waren de Montgolfiers ver genoeg gevorderd in hun onderzoek om een volgende stap te zetten. Begin juni van dat jaar gaven ze op de markt van Annonay een demonstratie met een groter exemplaar. Deze ballon van negen meter doorsnee was gemaakt van zijde, werd bijeengehouden door tweeduizend knopen en was gevoerd met wit papier, waarover brandwerend aluin was gestreken. De onbemande luchtballon steeg tot zo’n twee kilometer hoogte en raakte achthonderd meter verderop weer de grond.

 

 

 

 

 

Opmerkelijke bemanning

 

Vanwege deze prestatie werden Joseph en Jacques Montgolfier op 19 september 1783 gevraagd hun uitvinding te presenteren aan het hof van Lodewijk XVI en Marie-Antoinette. Hun nieuwe ‘Montgolfier-ballon’, met een doorsnede van twaalf meter, steeg ditmaal vijfhonderd meter, maar overbrugde in acht minuten tijd wel een afstand van drie kilometer. Tijdens deze demonstratie was de ballon bovendien niet onbemand: een schaap, een haan en een eend vormden de gelukkige passagiers. Ze kwamen alle drie weer zo goed als ongedeerd aan land.

 

 

 

 

 

Eerste bemande ballonvluchten

 

Omdat de dierlijke bemanning deze demonstratietocht had overleefd, werd aangenomen dat het toch ook voor de mens niet onmogelijk moest zijn het luchtruim te trotseren. Voor de zekerheid bepaalde Lodewijk XVI dat in eerste instantie alleen misdadigers een proefvlucht mochten maken. Toch was het de enthousiaste Franse natuurkundige Jean-François Pilâtre de Rozier die op 15 oktober 1783 de geschiedenis in ging als de eerste persoon die een ballonvlucht maakte.

Zijn derde proefvlucht op 21 november was bovendien de eerste vrije vlucht, waarbij de luchtballon niet door middel van een koord met de grond was verbonden. Uiteindelijk zweefde op 19 januari een luchtballon met zeven inzittenden een tijdlang op een kilometer hoogte boven Lyon.

 

 

 

 

 

Montgolfière

 

Hun baanbrekende uitvinding leverde de gebroeders Montgolfier veel roem op. In het Frans wordt de heteluchtballon nog steeds Montgolfière genoemd. Nadat de heteluchtballon al vanaf het einde van de 18e eeuw een tijdlang werd overschaduwd door de uitvinding van de waterstofballon door Jacques Alexandre César Charles, werd de heteluchtballon rond 1960 weer populair als toeristische activiteit. Helaas is gebleken dat niet al deze pleziertochtjes net zo goed aflopen als de eerste bemande ballonvluchten.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u , de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus .‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’ 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Boodschap 136 van ” Boodschappen uit de kosmos ”

Standaard

Categorie : Boodschappen uit de kosmos ”

zeker-84-doden-aanslag-nice

.

.

DE AANSLAG IN NICE IS VERWERPELIJK.

WIE DOODT IN DE NAAM VAN DE SCHEPPER IS

BEZETEN DOOR DE DUIVEL.

MAAR VERGIS U NIET!

AL ZOU DE WERELD COLLECTIEF

ZELFMOORD PLEGEN,

BEHALVE DE LEZER VAN DEZE BOODSCHAP,

DAN NOG DEUGDE DE WERELD NIET

666 en de antichrist

Pasteltekening van John Astria

3d-gouden-pijl-5271528

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

Standaardvertalingen van de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

.

.

Standaardvertalingen

 

Was het vertalen en uitgeven van Bijbels ten tijde van de reformatie vooral een zaak van particulier initiatief, in de tweede helft van de zestiende eeuw begon de behoefte op te komen aan officiële, door de kerk geautoriseerde vertalingen. In Nederland leidde dit tot het ontstaan van de Staten-vertaling, die drie eeuwen de standaard Bijbel werd van protestants Nederland. De katholieken kregen hun Moerentorfbijbel, die zich echter nooit een verge-lijkbare status heeft verworven. De reformatie had de Bijbel hersteld als maatstaf van het geloof. Maar na verloop van tijd begon men te beseffen dat een nauwkeurige vertaling daarvoor een eerste voorwaarde was. Hoe kon men een strijdpunt beslissen, als men niet zeker kon zijn dat de Nederlandse vertaling de juiste weergave was van het origineel.

Het probleem was dat vertalingen het werk waren van één man, en vaak het resultaat van particulier initiatief. Reeds halverwege de zestiende eeuw begon de kerk te beseffen dat zij hier een eigen verantwoordelijkheid bezat. De kerk betekende Nederland de calvinistische, hervormde kerk. Maar er kwam niets van de grond. Men wilde het werk niet overlaten aan één enkele vertaler, en het lukte niet om een aantal vertalers bijeen te krijgen, die zich volledig aan deze zaak konden wijden. De zaak werd op diverse synodes besproken, maar er kwam niets gereed. Op de eerste nationale synode, te Dordrecht in 1618, kwam de zaak opnieuw ter tafel. Het feit dat een aantal jaren tevoren (1611) in Engeland een officiële vertaling was uitgekomen onder auspiciën van de koning (de zgn. King James vertaling), zal wel voor een extra stimulans hebben gezorgd.

Men besloot om ook in het Nederlandse geval de overheid om hulp te vragen. Als zij het project financieel wilde steunen, kon men een aantal predikanten vrijstellen van hun gewone dienst, zodat zij zich geheel aan deze zaak konden wijden. Het duurde tot 1625 voordat de “Hoogmogende Heeren” overstag gingen en besloten het werk financieel te steunen. De vertalers moesten zich dan wel in Leiden vestigen, om daar in de nabijheid van de unive-rsiteit gezamenlijk hun werk te doen. De vertaling van het Oude Testament begon in 1626 en die van Nieuwe Tes-tament in 1628. Aan elk der beide Testamenten werd door drie predikanten gewerkt, die regelmatig vergaderden en alles in onderling overleg deden.

Wanneer een deel gereed was, werd het in overleg met een aantal revisoren besproken en uiteindelijk goed-gekeurd. Het duurde tot 1635-36 voordat op deze manier alles doorgenomen was. Om na dit vele werk te voor-komen dat er door onzorgvuldig drukken toch weer fouten zouden insluipen in de definitieve Bijbel, werd be-paald dat de druk eveneens te Leiden diende te geschieden, onder supervisie van de vertalers. De Amsterdamse drukker van Ravensteyn verplaatste zijn drukkerij naar Leiden, en begon aan het karwei, waarvoor hij een octrooi kreeg van 15 jaar. In 1637 werd het eerste exemplaar, in fluweel gebonden, aangeboden aan de Staten- Generaal. Het was, evenals alle latere edities, voorzien van een opdracht aan de Staten-Generaal, en de vertaling is dan ook de geschiedenis ingegaan als ‘de Staten-vertaling’.

Men schat dat deze de Staten ca. 75.000 gulden (ongeveer 35.000 euro) heeft gekost. De Staten eisten dat de uitgave voor een redelijke prijs op de markt zou worden gebracht. Dit werd ca. 27,50 gulden (12,50 euro) in een tijd dat een jaarloon van een geschoold vakman ca. 300 gulden bedroeg; dus ca. een maand loon. Het vertaalwerk was zo grondig gedaan, dat de Statenvertaling 300 jaar lang de standaard-vertaling van protestants Nederland is geweest.

 

 

Moerentorfbijbel

 

 

 

Statenvertaling van van Ravensteyn, het woord YHVH is duidelijk leesbaar

 

 

 

De herziening van 1655

 

Helaas bleek al spoedig na het in gebruik nemen van de nieuwe vertaling, dat er ondanks alle zorgvuldigheid toch fouten in de tekst waren ingeslopen. Omdat van de oorspronkelijke vertalers en revisoren intussen de meesten waren overleden, leidde dit tot nieuwe heftige discussies over de juistheid van de uitgave. Een uitgebreide her-ziening leidde tenslotte tot een register van verbeteringen, dat in 1655 door van Ravensteyn werd uitgegeven. Aan de hand hiervan werd in 1657 een herziene uitgave gedrukt, die daarna als standaard werd beschouwd waaraan alle latere uitgaven dienden te worden getoetst.

Er werd bovendien een predikant aangewezen, die de drukker hierop moest controleren, en die elk exemplaar van een goedgekeurde editie van zijn handtekening moest voorzien, als een waarmerk van betrouwbaarheid. De ver-plichting hiertoe is door de nationale synode eerst in 1867 ingetrokken.

 

 

herziende Bijbeldruk 1557

 

 

 

Ongeautoriseerde uitgaven

 

Het privilege dat van Ravensteyn verkreeg om gedurende 15 jaar als enige de geautoriseerde uitgave te drukken, werd later nog eens 25 jaar verlengd. Dit zette andere drukkers langdurig buiten spel. Die hadden toch al te lijden gehad van het feit, dat de verwachte komst van een nieuwe vertaling de kopers aarzelend had gemaakt een Bijbel aan te schaffen. En nu viel er nog steeds niets te verdienen. Dit leidde er vooral in Amsterdam toe dat er talloze ongeautoriseerde uitgaven verschenen. Het feit dat deze met minder zorgvuldigheid waren gezet, en vaak talloze fouten bevatten, leidde tot heftige discussies tussen de kerk en de plaatselijke gemeentebesturen.

Het was tevens een van de redenen de officiële edities exemplaar voor exemplaar te signeren. Wel werden zulke piratenuitgaven vaak eenvoudiger uitgevoerd, en tegen een lagere prijs op de markt gebracht, wat bijdroeg aan een grotere verspreiding van de Statenvertaling. Tussen 1637 en 1900 zijn 675 uitgaven bekend, waarvan 395 complete Bijbels en 268 Nieuwe Testamenten.

 

 

Statenvertaling

 

 

 

Bijbelcompagnieën

 

Het uitgeven van een complete Bijbel was een kostbare onderneming, Het vereiste een grote investering. Er moest veel gedrukt worden voordat er kon worden uitgegeven. En als het zetsel moest worden bewaard, lag er veel kapitaal vast in loden letters. Dit bracht in betere tijden de drukkers er toe de handen ineen te slaan en het karwei gezamenlijk aan te pakken. Elk drukte dan een deel en ieder gaf het totale resultaat uit, voorzien van een eigen titelblad. Zulke samen-werkingsverbanden werden Bijbelcompagnieën genoemd. Deze constructie is tot in onze dagen blijven bestaan.

 

 

Nederlandse Bijbelcompagnie – Statenvertaling 1865

 

 

 

Herziening

 

De Statenvertaling is tot in onze dagen in gebruik gebleven, zij het in de loop van de tijd niet onveranderd. Vooral aan het eind van de 19e eeuw ontstond er ontevredenheid met het verouderde taalgebruik. De taal van de Sta-tenvertaling, die beslist modern was in de zeventiende eeuw, begon na 250 jaar wat sleets te worden. Dit leidde tot een aantal revisies. De spelling is enkele malen drastisch aangepast en een aantal verouderde woorden is ver-vangen door modernere varianten.

Wat het eerste betreft vergelijke men de variant van 1637:

 

Ende hy seyde, Een seker mensche hadde twee soonen: Ende de jonghste van haer seyde tot den vader, Vader geeft my het dele des goets dat my toekomt.

 

met die van de NBG-editie van 1977:

En hij zeide: Een zeker mens had twee zonen. En de jongste van hen zeide tot de vader: Vader geef mij het deel van het goed, dat mij toekomt.

 

Wat het tweede betreft zijn woorden als ‘wijf’ en ‘onnozel’ vervangen door ‘vrouw’ en ‘onschuldig’, ‘bagge’ werd ‘ring’ en ‘herre’ werd ‘scharnier’.

Niet iedereen is hierin overigens even ver gegaan. De Gereformeerde Bijbelstichting streeft naar een vertaling die zo dicht mogelijk aansluit bij de Ravensteyn-editie van 1657, terwijl de laatste revisie van het NBG bijvoorbeeld weer wat verder gaat. Zo handhaaft de GBS het woord ‘geweer’ in Nehemia 4:17 terwijl de NBG- editie van 1977 hiervoor ‘wapen’ geeft, kennelijk omdat een geweer in onze taal een vuurwapen is gaan aanduiden (de NBG51 vertaling heeft hier, evenals een aantal andere vertalingen: ‘werpspies’).

Daarentegen handhaaft ook de NBG-editie van de Statenvertaling de beschrijving van de Ethiopiërs in Jesaja 18:2 als een ‘volk van dat getrokken is en geplukt’ (NBG-vertaling: ‘een rijzig en glanzend volk’); wijziging hiervan zou neerkomen op wijziging van de vertaling.

 

 

Statenvertaling – Dordtse synode 1618/1619

 

 

 

De Leuvense Bijbel

 

In 1548 verscheen te Leuven een officiële katholieke vertaling van de Vulgaat. Al snel bleek echter dat de ge-bruikte tekst verre van foutloos was. Na een grondige herziening hiervan werd een nieuwe vertaling gemaakt door Jan Moerentorf (Jan Moretus). Deze verscheen op de drempel van de nieuwe eeuw in 1599. Het is eeuwen-lang de standaardvertaling van de Nederlandse katholieken geweest. Moerentorf was de schoonzoon van de Vlaamse drukker Plantijn, en het drukkersgeslacht Plantijn-Moretus is tot laat in de negentiende eeuw in Ant-werpen actief geweest. Toch heeft deze Bijbel nooit de status kunnen evenaren die de Statenvertaling bij de protestanten had. Tussen 1599 en 1846 zijn er maar 18 edities verschenen van de volledige Bijbel, en 45 van het Nieuwe Testament.

De laatste groot-formaat complete Bijbel is uitgegeven in 1743. Daarna is er nog zes keer een Nieuw Testament uitgegeven en twee keer een Oud Testament. Tenslotte is er in 1837 nog een octavo-uitgave van de complete Bijbel geweest. Na het midden van de 19e eeuw is het stil geworden rond de Moerentorfbijbel. Katholieken werden niet geacht de Bijbel te lezen. Deze situatie bleef bestaan tot na de eerste wereldoorlog.

 

 

Leuvense Bijbel

 

 

 

 

 

Meditatie in de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Bijbel roept op om te mediteren. In Jozua 1:8, geeft God zijn volk opdracht om dag en nacht over zijn woord te mediteren om gehoorzaam te zijn. De psalmdichter prijst gelukkig wie ” vreugde vindt in de wet van de Heer en zich verdiept in zijn wet, dag en nacht.” (Psalm 1:2).

 

 

candele_20120703_1564393456 meditatie in de bijbel

 

.

Mediteren komt zo’n twintig keer in de Bijbel voor. Het stamt van het Latijnse meditari, dat in de antieke cultuur het woord was voor militaire oefening en training. In de Latijnse Bijbelvertaling is het een vertaling van het He-breeuwse HGH, dat een herhaaldelijk half luid lezen van Gods Woord aanduidt, zoals in Jozua 1:8 en Psalm 1:2. Het was toen gebruikelijk de heilige teksten halfluid te mompelen en door continue herhaling uit het hoofd te leren. In het Grieks werd het vertaald met meletao (zorg dragen voor, aandacht wijden aan, koesteren, beharti-gen). In het Nederlands is de vertaling vaak zoiets als overpeinzen. Meer dan het verstand was bij meditari be-trokken zoals bijv. de adem, de mond, de tong, het verstand, het geheugen en het hart.

De joodse mondelinge traditie is model geworden voor de christelijke persoonlijke overweging van de Bijbeltekst. Deze geestelijke lezing maakte ruim gebruik van de allegorische uitleg, zoals die met name in Alexandrië geleerd werd door Clemens van Alexandrië en Origenes. De christelijke meditatie putte vooral uit de bijbel en was vaak het biddend overwegen van Bijbelteksten. Jezus leerde zijn discipelen het Onzevader bidden. Dit staat centraal in de christelijke gebedspraktijk. Daarnaast hadden en hebben de Psalmen een fundamentele betekenis voor het christelijke gebed. Hoewel Jezus zei dat men tot God de Vader moest bidden, in zijn naam, werd het gebruikelijk om tot Jezus zelf te bidden.

Daarbij speelde het gebed van de blinde Bartimeüs (zie Marcus 10: 48) een grote rol: `Heer Jezus, Zoon van God, ontferm u over mij zondaar’. Dit ‘Jezus-gebed’, is een mantra-gebed, de eindeloze herhaling van een gebedstekst. Het doel is om het rationele denken tot zwijgen te brengen en het hart te openen voor de aanwezigheid van Christus. Het gezamenlijk, liturgisch gebed speelde ook een belangrijke rol. Net als in de joodse traditie van drie-maal daags bidden, werd het in de christelijke kerken een gewoonte om geregeld getijdengebeden te bidden. Daarbij werden psalmen gereciteerd en christelijke hymnen gezongen. De kloosters speelden hierbij een grote rol.

 

 

Clemens van alexandrië

 

 

 

Origenes

 

Een belangrijke geestelijk leider van de kluizenaars was Origenes, die van 185-254 leefde en de catechetenschool in Alexandrië leidde. Later deed hij dat in Caesarea waar hij bij een vervolging gemarteld werd. Hij schreef over het gebed en pleitte voor staande bidden, met opgeheven handen, of, desnoods, zittend, liggend of geknield. Hij gaf als aanwijzing dat men daarbij het hoofd leeg moest maken van alle andere gedachten. Hij bepleitte een ge-wijde plek thuis om te bidden, gericht op het oosten. Daarbij moest men vasten, aalmoezen geven en het doen van gerechtigheid. Op die manier kon het leven `een groot, ononderbroken gebed’ zijn.

Het Bijbellezen en bidden moest minstens driemaal daags gedaan te worden. `De voorkeur moet gegeven wor-den aan ervaringen die optreden door het verheffen van de ziel tot God, gepaard met zelfonderzoek, boven de zichtbare weldaden die de bidders hier en nu te beurt vallen’ . Hij moedigt aan het gebed te beginnen door eerst God te loven, dan te danken voor zijn weldaden, en vervolgens om vergeving voor zonden te vragen. Men mag om grote en hemelse dingen  bidden om vervolgens het gebed af te sluiten met het verheerlijken van God.

Bij de kluizenaars in de woestijn was meditatie en gebed één, zij reciteerden de Psalmen, het Onze vader en het Jezus-gebed terwijl zij handwerk verrichtten. Zij probeerden Paulus’ gebod om onophoudelijk te bidden (1Thess. 5, 17) uit te voeren. Zij kenden naast dit gebed ook het morgen- en avondgebed en de nachtwake. De lezing van de Heilige Schrift deden zij biddend en leerden grote stukken uit het hoofd. De hele dag door prevelden zij gebe-den en noemden dat meditari (Latijn) of (Grieks) meletao.

 

 

OrigenesAdamantius

 

 

Cassianus

 

Cassianus, (365-435) beschrijft hoe de woestijnmonniken leven en denken. Hij gebruikt het woord meditari voor het persoonlijke, ononderbroken gebed. Tijdens het werk reciteert men uit het hoofd een psalm of een schrift-tekst waardoor intriges en boze raadgevingen geen enkele kans krijgen om het hart binnen te dringen. De stille overweging betreft het louter inwendig, woordeloos met God bezig zijn.  In dat ene ogenblik vangt de ziel zoveel op dat dit alle menselijk voelen te boven gaat. De geest drukt zich niet uit in enge, menselijke bewoording, maar wordt door een hemels licht overstraald.

Dikwijls brengt de geest de weldadige vruchten van een vurig gebed voort in onuitsprekelijke vreugde en blijd-schap, zozeer dat ze zelfs kreten doet slaken van onverdraaglijke, onmetelijke blijdschap. Soms echter wordt de ziel gehuld in het geheim van een grote stilte en een diep zwijgen. De plotselinge verlichting doet de stem dan totaal verstommen. De geest geraakt in verrukking en stort zijn verlangens uit bij God. Soms wordt de geest zo hevig getroffen door smart dat er hevige tranen kan vloeien.

Dit vurige gebed kan men bereiken door een kort gebed te bidden, namelijk `God kom mij te hulp; Heer, haast U mij te helpen’ (Ps 69). Door het voortdurend herhalen van deze woorden worden alle andere gedachten tot zwijgen gebracht en bereikt men de door Christus zalig gesproken armoede van geest.

 

 

cassianus07

 

 

 

Evagrius van Pontus

 

Ook Evagrius van Pontus (ca. 345-399) heeft grote invloed gehad op de leer van het gebed. Hij leefde zelf de laat-ste veertien jaar van zijn leven in de woestijn en werd sterk beïnvloed door Origenes. Zijn visie schreef hij in een religieuze verhandeling en  is een vormende factor geweest voor de plaats van het gebed en de meditatie in de kloosters. Het geschrift bestaat uit 153 spreuken, woorden die woestijnvaders spraken tot leerlingen. Het funda-ment om dicht bij God te komen is de beoefening van de deugden die leiden tot vrij zijn van hartstochten en tot liefde. Dit gaat een belangrijke rol spelen in het contemplatieve gebed. Zelfzuchtige begeerten komen tot rust en de zuiverheid van hart wordt gevonden. Dit is volgens Evagrius de voorwaarde om God te zien, (verg. Jezus in de zaligsprekingen).

Het is het fundament waarbij men in de schepping de Schepper zelf ziet. Men komt in de staat van gebed, wat een voortdurende geestesgesteldheid met God is zowel bij het bidden, mediteren als  andere bezigheden. Ook kan men, als God het geeft, God zelf aanschouwen. De kerk noemt dit de contemplatie. Evagrius waarschuwt voor schijngestalten van de contemplatie omdat demonen dit kunnen bewerkstelligen. Hij wijst met nadruk op de noodzaak van geestelijke onderscheiding. De beste voorbereiding voor de contemplatie is het psalmengebed, want dat brengt de geest tot rust. Als de psalmen rustig gereciteerd worden, leiden ze tot het stilzwijgende ge-bed.

 

 

 

 

Augustinus

 

Augustinus (354-430) heeft veel geschreven over het gebed. In zijn boek De grootte van de ziel beschrijft Augustinus zeven niveaus van het zielenleven.

1-3: de biologische, zintuiglijke en vakbekwame capaciteiten van de mens

4: de morele orde met corresponderende deugden of ondeugden

5: de ziel komt tot rust door inkeer in zichzelf

6: het oog van de ziel wordt gereinigd van alle begeerlijkheid

7: de contemplatie, het schouwen van de goddelijke waarheid

 

Augustinus beschrijft het gebed als een opgang tot God, net als Origenes en Evagrius. Bidden volgens Augustinus is het lezen en be-mediteren van Gods Woord in vier fasen:

  • aandachtig luisteren
  • in het geheugen opslaan
  • door nadenken herkauwen
  • door daden uitvoeren.

 

Maar wij moeten boven de meditatie in ons eigen hart uitstijgen naar de contemplatie, een opvlucht naar God zelf toe, die tijdens dit aardse leven gebrekkig blijft, maar toch al een voorsmaak van de eeuwigheid bevat.

 

 

35019431 augustinus

 

 

 

 

 

Benedictus

 

De middeleeuwse kloosters die zich hielden aan de regel van Benedictus (circa 480-550) praktiseerden meditatie in het getijdengebed en in de gezamenlijke of persoonlijke lectio divina. Het getijdengebed hield in dat men zevenmaal per dag en een keer ’s nachts samen kwam in de kapel om hymnen te zingen, Psalmen te reciteren en naar de Schrift te luisteren. Benedictus heeft meerder hoofdstukken in de regel aan het getijdengebed, ofwel het officie, gewijd. Daarin was ook ruimte voor persoonlijk stil gebed. Ook hadden de monniken en nonnen elke dag gelegenheid tot geestelijke lezing, lectio divina.

Men las bij de lectio divina in de bijbel of in boeken van kerkvaders, niet vanwege te verwerven kennis, maar om het persoonlijke geestelijk leven te voeden. Men las met het hart, minder met het hoofd en mediteerde daar per-soonlijk over. Soms mondde de schrift meditatie spontaan uit in gebed en hun gebed mondde soms uit in een eenvoudige concentratie op God. Deze woordeloze liefde voor God noemden ze Contemplatie. Mediteren ge-beurt vanuit de menselijke inspanning, contempleren is een gave van God, die plaats vindt in rust in een sfeer van verwondering en vreugde. De hoogste vormen van contemplatie zijn een vorm van extase.

 

 

Benedictus-fresco

 

 

 

Opkomst van het beeld in de meditatie

 

Vanaf Bernardus van Clairvaux (1090-1153) neemt de betekenis van beelden bij de meditatie toe. Bernardus gaf meer aandacht voor Jezus als mens en gaf er aanleiding toe dat de meditatie zich verdiepte in allerlei details van Jezus’ leven en lijden. Na zijn tijd werd dit versterkt door het gebruik van beeldende kunst, zowel in de getijden-boeken als in het koor van abdijkerken, maar ook in de eigen cel van de monniken en vooral ook de nonnen. Zo ontstond ook het eigen devotiebeeld, vooral om vrome gevoelens op wekken. Deze affectieve vroomheid, ge-voed door zulke meditatievormen, werd soms beschouwd als iets voor beginnelingen, de gevorderden wijdden zich bovendien aan de contemplatie. Er waren ook stromingen die direct door wilden stoten naar het mystieke, beeldloze schouwen.

.

 

 

 

 

The Cloud of Unknowing (De Wolk van niet-weten, 14e eeuw)

 

The cloud of unknowing, een anoniem geschrift dat in Engeland geschreven werd in de 14e eeuw, is een beknopt en praktisch boekje over het contemplatieve gebed. De auteur gaat ervan uit dat om God te ervaren men moet streven naar een “duisternis om je geest, of als het ware, een wolk van niet-weten.” Om dit te doen moet je je hart op God fixeren en al het andere vergeten. De samenhang van meditatie en contemplatie in het voortdurende gebed, zoals deze beleefd was vanaf de tijd van de woestijnkluizenaars, wordt hier doorbroken.

 

 

 

 

Over het algemeen wordt in de hoge middeleeuwen geen scherpe onderscheiding maakte tussen lezing, over-weging, gebed en contemplatie. Het zijn verschillende elementen in een proces, waarbij de hoogste vormen van contemplatie vooral gekenmerkt werden door het genade-karakter ervan. Alleen God geeft wanneer Hij het wil. De mens moet zich daarbij van zijn kant inzetten, ook met zijn inlevingsvermogen (fantasie). Dit laatste werd door Geert Grote benadrukt en speelde een rol in de moderne devotie, vooral in de vorm van een inlevende overwe-ging van het lijden van Jezus.

Deze leidden tot de navolging van Christus. Geert Grote, Floris Radewijns en Gerard Zerbolt van Zutphen droegen veel bij aan de methodische meditatie van de moderne devoten, die veel invloed had en leidde tot meditatie en gebed door leken. Geert Grote gaf een Nederlands getijdenboek uit dat veel gebruikt werd. Het getijdenboek is een verkorte versie van de getijden in de kloosters. Het gaf de leek die lezen kon de mogelijkheid om persoonlijk te bidden en te mediteren.

 

 

Geert Groote

 

 

 

Bewaarde schedels van Geert Grote en Floris Radewijns tentoon gesteld in de Waag.

 

 

 

Geschriften van Gerard Zerbolt

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria