Categorie: religie/video
23 Minutes in Hell (with Dutch subtitles)
23 minuten in de hel (Nederlandstalige ondertiteling)

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget


http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

Het blauwe, grijze, witte, groene of zwarte mineraal heeft een perfecte splijting volgens het kristalvlak [100], een witte streepkleur en een glas- tot parelglans. Het kristalstelsel is triklien, de gemiddelde dichtheid is 3,61 en de hardheid is 4 tot 7. Kyaniet is noch magnetisch, noch radioactief. Kyaniet of distheen is een hele kwetsbare steen.
Kyaniet is vernoemd naar het Griekse woord kyanos = blauw. Distheen komt van de Griekse woorden di = twee en stenos = kracht.
Kyaniet wordt momenteel nog gewonnen in o.a. de Verenigde Staten, Brazilië, Zwitserland en Frankrijk.

samenstelling: Al2SiO4
hardheid: 5-7
dichtheid: 3,6-3,7

groene kyaniet
| Kyaniet | ||
| Mineraal | ||
| Chemische formule | Al2SiO5 | |
| Kleur | Blauw, wit, grijs, groen of zwart | |
| Streepkleur | Wit | |
| Hardheid | 4 – 7 | |
| Gemiddelde dichtheid | 3,61 kg/dm3 | |
| Glans | Parelglans | |
| Opaciteit | Doorzichtig of doorschijnend | |
| Breuk | Splinterig | |
| Splijting | Perfect, [100] | |
| Kristaloptiek | ||
| Kristalstelsel | Triklien | |
| Dispersie | 0,020 | |
| Luminescentie | Niet-fluorescerend | |
| Pleochroïsme | Kleurloos tot blauw | |
| Overige eigenschappen | ||
| Vergelijkbare mineralen | Andalusiet, sillimaniet | |
| Bijzondere kenmerken | Zelden kattenoogeffect | |







pauw kyaniet
.
.
.
Vuuropaal is een soort oranje opaal met parelmoerglans. De beste kwaliteiten zijn helder doorzichtig en worden gefacetteerd. Ze zijn gevoelig voor elke vorm van druk
.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

witte vuuropaal
.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

.
.

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Goed te herkennen aan
– de pluimen kleine, gele, geurende bloemetjes en
– de zeer smalle bladeren, die in kransen om de stengel staan
Algemeen
Geel walstro is een overblijvende plant van 15 tot 120 cm hoog/lang, die groeit op open tot grazige, droge tot vrij natte, meer of minder voedselarme, meestal zandige grond. Ze komt zeer algemeen voor in de Lage Landen.

Bloem
Ze bloeit vanaf juni tot de herfst met lange, smalle, rijkbloemige pluimen. De kleine, geurende, gele bloemetjes hebben 4 bloemdekbladen met een toegespitst topje. Ze produceren veel nectar en worden daarom veelvuldig bezocht door verschillende insecten.

Blad en stengel
De bladeren staan in kransen van 8 tot 12 rond de stengel, zijn lijnvormig, hebben een tot de middennerf omgerolde, gave rand en zijn aan de onderkant wit door beharing. De bovenkant is glanzend groen.
De kort behaarde stengels lijken vierkant, maar ze zijn rond met 4 smalle ribben, staan soms rechtop, maar vaker liggen ze op de grond of over andere planten.

Toepassingen
Geel walstro kent vele toepassingen. In Schotland wordt uit de wortel een rode en uit de bloemen een gele verfstof gewonnen. De kleurstof uit de bloemen wordt ook gebruikt om Chesterkaas zijn kleur en smaak te geven. Verder bevat de plant een enzym, dat melk doet stremmen en daarom bij kaasbereiding wordt gebruikt. In de fytotherapie wordt geel walstro onder andere gebruikt vanwege haar bloedzuiverende werking.

Vergelijkbare soort
Van alle walstrosoorten is geel walstro makkelijk te herkennen aan de smalle, rijkbloemige, gele pluimen. Voor vergelijking met andere soorten zie glad walstro en kruisbladwalstro.

glad walstro

kruisbladwalstro
Algemeen
– sterbladigenfamilie (Rubiaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen tot zeldzaam
– 0,15 tot 1,2 meter
Bloem
– geel
– vanaf juni tot de herfst
– pluim
– stervormig
– 2 tot 4 mm
– 4 bloemdekbladen, vergroeid en
met kort topspitsje
– 4 meeldraden
– 2 stijlen
Blad
– kransstandig
– enkelvoudig
– lijnvormig
– top toegespitst
– rand gaaf en omgerold
– voet wigvormig
– 1-nervig
– glanzend
– onderzijde viltig behaard
Stengel
– rechtop of opstijgend
– glad en kaal
– rond met 4 smalle ribben
– kort behaard
zie wilde bloemen