Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video
.
Job 3-14 : Job and his friend talk (Part 1)
.
Job 3-14 : Job en zijn vrienden spreken (Deel1)
.
Paul LeBoutillier
.


.
.
.
.




.
.
.
Wij zien hier Jezus Christus genoemd als de Auteur van de Openbaring. Deze openbaring is door God gegeven “om zijn dienstknechten te tonen”.
Daarom is er ook geen excuus, geen verontschuldiging ten aanzien van enig verzuim onzerzijds, ons wordt hier van Godswege getoond ” de dingen, die haast geschieden moeten”.
Wanneer wij hierover in vers 1 lezen, dan merken wij op, dat dit betrekking heeft op de tijdbedeling, waarin wij thans leven, dus op die van de Gemeente. Het betreft in het bijzonder die gebeurtenissen, die in zo nauw en onverbrekelijk verband staan met:
· de tweede (zichtbare) komst van Jezus Christus in heerlijkheid (zie Openb. 1:7),
.
.
Wanneer wij vers 3 in nadere beschouwing nemen, dan ontdekken wij met welk een ernst de Heilige Geest de inhoud van de Openbaring ons allen toevertrouwt. Hoezeer worden wij aangemoedigd om ” de woorden van deze profetie ” ijverig en nauwkeurig te onderzoeken “. Wij worden tevoren gewaarschuwd tegen de nalatigheid in het lezen en onderzoeken.
Laten wij in dit opzicht eerlijkheid betrachten; de Gemeente heeft zich – helaas! – eeuwenlang schuldig gemaakt aan dit feit, en velen in onze dagen veronachtzamen nòg steeds de kostelijke inhoud van deze profetie. Voor dezulken blijft de Openbaring een gesloten Boek. De woorden van dit vers weerspreken absoluut elke tegenspraak en hiervan elke overweging, ieder argument, welke opkomende gedachte ook. Het is de duivel, die er op uit is om onze blik af te wenden van de toekomende gebeurtenissen, wel wetende, dat zoiets noodwendig leiden moet tot een algehele verslapping in de geestelijke toestand van de kinderen Gods.
Het is dan ook in het bijzonder met de toekomende tijd voor ogen,dat een ieder, die gelooft zoals de schrift zegt, doet wat er geschreven staat in 1 Johannes 3: 3: ” en ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich zoals hij rein is.” Immers, is Hij de hoop van hun ziel. Maar dan is ook het tegendeel waar: wie deze hoop uit het oog verliest, vergeet zichzelf te reinigen. En, daar is geen andere reiniging dan die in en door het badwater van het woord. ( zie Efeze 5 : 26 ).
De Openbaring is het enige Boek in de Bijbel, dat een bijzondere zegen bevat voor de gehoorzame hoorder en lezer. Deze zegen, die wij hier in dit vers, dus in het begin van de Openbaring lezen, vinden wij eveneens uitgesproken aan het slot; en ook dáár bevestigen deze woorden in allen dele ons opnieuw de belangrijkheid en de heerlijkheid van alle profetische waarheden : ” en zie, ik kom spoedig. Zalig is hij die de profetie van dit boek in acht neemt.” ( Openbaring 22 : 7 ).
Het spreekt vanzelf, dat waar de Here Jezus Christus zulke woorden tot ons richt, en verder ook nog heeft bevolen: ” verzegel de woorden van de profetie van dit boek niet, want de tijd is nabij” (Openbaring :22 : 10 ), dat de inhoud van dit Boek door ons moet kunnen worden verstaan. Daar is overvloedige genade om de profetische woorden van dit Boek te horen, te lezen, en ook te verstaan en te bewaren – halleluja! – echter niet met het alledaags, menselijk verstand, en niet in eigen kracht; maar in de kracht van de Heilige Geest, van Wie Jezus zei, dat “Hij (d.i. Gods Heilige Geest) Zijn discipelen in alle waarheid zou leiden en hun de toekomende dingen verkondigen zou” (zie Joh. 16:13). Laat ons daarom bidden om ook te ontvangen; laat ons zoeken om te vinden, laat ons volhardend kloppen om te worden opengedaan!
“Het profetische Woord is als een lamp die schijnt in een duistere plaats” (zie 2 Petr. 1:19 ). En deze lamp is hard nodig, want de tijd is nabij. Met andere woorden : het beslissende ogenblik nadert metv rasse schreden, al heeft ook onze trouwe God eeuwen lang de ‘vaten van zijn toorn’ ( zie Rom. 9:22 ), die tot het verderf zijn toebereid, met barmhartigheid en schier onuitputtelijk geduld verdragen.
“De tijd is nabij…” géén nieuwe, géén andere Openbaring zal er meer gegeven worden. Laten wij ervan verzekerd zijn: God heeft ten aanzien van Zijn verlossingsplan Zijn laatste woord gesproken, en de tijd van de volvoering ervan is dicht nabij. “Want: nog een hele korte tijd en Hij die komt, zal komen en niet uitblijven” ( Hebr. 10:37 ).
Glorie voor God!
Dit derde vers ( van Openbaring 1 ) stelt daarenboven voor altijd vast dat de gehele Openbaring één profetie is.
.
.
.
.
.
Siberische blauwe kwarts is een in een laboratorium gekweekte kwarts vorm waaraan kobalt is toegevoegd wat een diepe blauwe kleur geeft.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
samenstelling: SiO2
hardheid: 6,5 – 7
dichtheid: 2,6
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Goed te herkennen aan
de kleine, oranje bloemetjes met 5 gewimperde kroonbladen
Algemeen
Rood guichelheil is een eenjarig plantje van 5 tot 50 cm, oorspronkelijk afkomstig uit het Middellands Zeegebied. Ze groeit op open, vochtige tot droge (omgewerkte) grond in akkers en moestuinen, op zandplaten en in de duinen. De plant komt voor in alle werelddelen, in gebieden met een gematigd of warm klimaat.
Bloem
Rood guichelheil bloeit vanaf mei tot in de herfst met lang gesteelde, alleenstaande, oranje bloemetjes. Zelden zijn ze vleeskleurig, lila, paars, blauw of groenachtig. De bloemen gaan open om een uur of 8 en sluiten ’s middags rond 3 uur. Is het bewolkt weer dan blijven ze gesloten.
De kroonbladen hebben aan de basis een paarse vlek. De rand is licht gekarteld en dicht bezet met klierharen, die niet met het blote oog te zien zijn. Meestal raken of overlappen de kroonbladen elkaar. De meeldraden zijn onderaan met elkaar vergroeid, paars van kleur en behaard, waardoor het hart van het bloemetje een paarse indruk geeft.
Blad en stengel
De liggende of opstijgende stengels wortelen niet, zijn vierkant en kaal. De bladeren zijn eirond en hebben aan de onderkant zwarte klierpuntjes. Meestal staan ze tegenover elkaar, soms in een krans van 3.
Bijzonderheden
Rood guichelheil is giftig. Niet bloeiend lijkt ze veel op vogelmuur, dat gebruikt wordt als vogelvoer.
Algemeen
– sleutelbloemfamilie (Primulaceae)
– eenjarig
– algemeen tot zeldzaam
– 5 tot 50 cm
Bloem
– oranje, soms blauw
– mei tot in de herfst
– alleenstaand
– stervormig
– 1 tot 1,5 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl
Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond
– 3 tot 5 nervig
Stengel
– liggend of opstijgend
– kaal
zie wilde bloemen