Tagarchief: heilige geest

De Heilige Geest

Standaard

categorie : spirituele prenten van John Astria

 

 

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

 

 

 

 

Hoe de Heilige Geest niet werkt

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Vier misverstanden over de Heilige Geest

 

 

 

 

Waar denk jij aan bij de Heilige Geest? Grote kans dat je sowieso de bekende verhalen weet van de vlammen en vreemde talen van Pinksteren. Maar als we de Bijbel er goed op nalezen, leren we nog veel meer kanten van de Heilige Geest kennen.

 

 

Er bestaan echter ook veel misverstanden over de heilige Geest. Daarom hier vier uitspraken op een rijtje, die de Bijbel niet altijd onderschrijft:

 

 

Misverstand 1: “De Geest komt bij vlagen


Wonderen, genezingen, opwekkingen: de Bijbel spreekt over bijzondere momenten waarop het werk van de Heilige Geest heel duidelijk is. Toch is dat één kant van het verhaal. Gods geest is soms ook onzichtbaar en subtiel. Dat blijkt bijvoorbeeld uit deze uitspraak van Job: “Zolang het leven in mij ademt, zolang Gods geest mij nog doortrekt, zullen mijn lippen geen onwaarheid spreken, zal geen leugen aan mijn tong ontsnappen.” 

Geloofsles: Gods geest was in Job zolang als hij ademde. Altijd dus. Ook toen hij alles kwijtraakte en God hem verlaten leek te hebben.

 

 

Misverstand 2: “De Heilige Geest werkt altijd spectaculair”


De verhalen over Heilige Geest die het nieuws halen, doen vermoeden dat de Geest met grootse gebaren en spectaculair werkt. Maar laten we eens kijken naar nog een Bijbels voorbeeld in Daniël. Al voor zijn wonderlijke belevenissen in de leeuwenkuil voelden goddeloze koningen en heersers zich aangetrokken door het bijzondere werk dat Gods Geest in Daniël deed. Waarom? Hij at sober, zocht niet naar macht en bad meerdere keren per dag. Hij was eerlijk en betrouwbaar.

Geloofsles: Richt je op de lange termijn. De Geest werkt in mensen die gaan voor een eenvoudig leven en voor nederigheid in plaats van macht en spektakel. Of, in het geval van Daniël, voor mensen die water en groenten kiezen in plaats van een extravagante levensstijl.

 

 

Misverstand 3: “De Geest is impulsief”


Zeker, er gebeurden wel spectaculaire dingen in het leven van Daniël. En zo zijn er nog talloze andere bijzondere voorbeelden van hoe Gods geest te werk gaat, bijvoorbeeld bij de kerk van Antiochië in het Bijbelboek Handelingen. Vanuit die kerk werden veel mensen in de omliggende regio’s bereikt met het evangelie. Maar hoe kwam dit werk van de Geest tot stand?

We lezen dat ze een jaar lang samen kwamen om de geschriften te bestuderen onder leiding van Paulus en Barnabas. Ook gaven ze veel geld weg aan slachtoffers van een hongersnood. Ze vastten en aanbaden.

Geloofsles: Blijf niet passief wachten op een goddelijk moment waarop de Heilige Geest ineens uit het niets iets doet. Bestudeer de Bijbel, bid, vast en wees gul.

 

 

Misverstand 4: “De geest is altijd vriendelijk


Nadat Jezus gedoopt was kwam de Geest op Jezus in de vorm van een duif. Dat klinkt vriendelijk. Maar wat deed de Geest? Hij dreef Jezus de woestijn in, zoals Jezus de geldwisselaars de tempel uit dreef. In de woestijn at Jezus veertig dagen niets. Hij werd verzocht door de duivel.

Geloofsles: Verwacht niet dat de geest altijd vriendelijk en voorzichtig is. Niet als je geestelijk wilt groeien. De Heilige Geest weet dat wij het beste groeien als we het moeilijk hebben. Soms hebben we een woestijn nodig in plaats van grazige weiden.

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

De gevolgen van de aanbidding van Satan

Standaard

categorie : religie

 

 

Trouw en onderscheidingsvermogen in onze aanbidding

 

 

Het getal 666 staat voor de mens die wil zijn als God. Satan voert zijn demonische strijd tegen de christenen via deze mens, die nu eens bruut geweld gebruikt dan weer massieve verleiding. Uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen zijn nodig om trouw te blijven in de aanbidding van God.

 

 

Openbaring 13

 

Het getal 666 is voor veel mensen het getal van de duivel. Een beladen getal. Een getal waar iets mis mee is. En net zoals sommige hotels geen kamernummer 13 hebben, zo heeft de opwekkingsbundel geen nummer 666. Volgens sommige mensen zit het getal ook verstopt in het embleem van 999-games. Op zijn kop, maar dat zou ook weer met de duivel te maken hebben.

Nu is in Openbaring 13 666 niet het getal van de duivel maar van het beest uit de zee. Door middel van dit beest strijdt satan tegen de christenen. Maar wie of wat op aarde is dan dit beest? Zijn getal -666- duidt volgens vers 18 op een mens. Dus satan zet bij zijn demonische strijd tegen de christenen een mens in.

Er is door de geschiedenis heen een stroom aan namen genoemd op wie dat dan wel slaat. Hitler was het beest van de 20 ste eeuw zegt men dan.

In de eerste eeuw was er ook zo’n menselijk beest: keizer Nero. Ook zijn naam kun je uit het getal 666 halen. De eerste lezers van het boek Openbaring kenden deze naam goed. Nero was een wrede tiran die de christenen vreselijk vervolgd heeft. Waarschijnlijk zijn de apostelen Paulus en Petrus door zijn toedoen gedood. Het kan goed zijn dat de 1e hoorders van het boek Openbaring aan deze keizer Nero gedacht hebben bij het getal 666.

Andere uitleggers wijzen erop dat het getal symbolisch moet worden opgevat. Het getal van de volheid, van Gods volkomenheid is 7. En 6 is dan net één minder. Oftewel, het is het bijna-goddelijke. Het is de mens geschapen naar het beeld van God. ‘U hebt hem bijna een god gemaakt’, zingt Psalm 8. Maar de mens neemt daar geen genoegen mee, hij wil zijn als God. Dat was de kern van de zondeval.

 

 

 

 

 

Het beest uit de zee

 

Het beest dat uit de zee komt is een mens, de antichrist. De zee staat symbool voor de naties, de volkeren. Het is iemand die uit een politiek stelsel komt, groeit, macht krijgt en bezeten wordt door de geest van Satan. Er komt een politiek leider die de autoriteit zal verwerven over de hele wereld gedurende 42 maanden of 3.5 jaar.

Hij zal de gave van het spreken hebben, de mogelijkheid om politieke leugens te verspreiden en in het bezit komen van demonische mogelijkheden. Deze persoon zal zwaar gewond worden en door een mirakel overleven waardoor iedereen hem zal volgen, behalve zij die in het boek des levens staan. De wereld verlangt naar de komst van die persoon omdat men een oplossing wil voor elk probleem.

Dit willen zijn als God kleurt Openbaring 13. Het beest uit de zee heeft een dodelijke wond aan één van zijn koppen, vers 3. Het zag eruit alsof het was geslacht. Dus net als het Lam, net als Christus. Johannes ziet Christus -in Openbaring 5- als een Lam dat geslacht is, maar het staat recht overeind. Het leeft. Dit beest kan dat ook. Zijn dodelijke wond geneest. Het beest imiteert Christus om de mens te verleiden en op het verkeerde been te zetten.

 

 

hoofdstuk 13 ; de komst van de antichrist en de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Eigenschappen van de antichrist

 

de grootste wereldleider ooit geweest

een satanisch bezetter ( Daniël 7: 8  ; een superintelligent iemand )

een groot spreker ( Openbaring 13: 2 )

een politiek genie ( Openbaring 17: 17 )

een commercieel genie ( Openbaring 13: 17 – Daniël 8: 25 )

een militair genie ( Openbaring 13: 4 – Daniël 8: 24 )

 

 

666 en de antichrist

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Het beest uit de aarde

 

Het beest dat uit de aarde komt is een mens, de valse profeet. Het krijgt grote macht, is gelijk een lam en communiceert als een draak. De valse profeet wil dat men de antichrist, het beest uit de zee, aanbidt. Door grote, indrukwekkende wonderen te doen volgt men de valse profeet. Velen denken dat, door toedoen van de valse profeet, de antichrist de Messias is. De valse profeet laat een groot beeld maken van de antichrist en laat het zelfs spreken, in tegenstelling tot God die het afbeelden van zichzelf ten strengste verbiedt.

 

 

De doelstelling van Satan

 

De doelstelling van Satan is om een perfecte imitatie te maken van de Drievuldigheid en om aanbeden te worden door de mens.

 

 

Satan 

 

De Valse Drievuldigheid

Satan de draak ( Openbaring 12 )

Satan de antichrist ( Openbaring 13 )

satan de valse profeet ( openbaring 13 )

 

 

God 

 

De Heilige Drievuldigheid

God de Vader

God de Zoon

God de Heilige Geest

 

 

de Ware- en de Valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Satan zoekt bewondering en dat lukt hem geweldig goed. Openbaring 13:4 zegt dat iedereen de draak aanbad. En ook het beest wordt aanbeden. Oftewel: machtige mensen worden vereerd als goden. Mensen gaan vol bewondering achter hen aan. En als het niet goedschiks gaat, dan maar kwaadschiks: het beest dat eruit ziet als een lam dwingt de mensheid om het beest te aanbidden, vers 12.

Hierbij zullen de eerste lezers van het boek Openbaring ongetwijfeld gedacht hebben aan de dwang om de keizer in Rome te vereren. Wie niet meedeed aan deze mensverering werd uitgesloten uit de samenleving. Zij konden niet meer kopen of verkopen, zegt vers 17. Zoals het goddelijk zegel van Openbaring 7 duidt op een door geloof gestempeld leven, zo laat het merkteken van Openbaring 13:16 zien dat het leven wordt gestempeld door mensverering. En alleen die mensen worden geaccepteerd.

Dus dit is de manier waarop de verslagen, maar woedende satan zich tegen de christenen keert. Door middel van de mens die zichzelf aanbidt. Deze mens gebruikt de ene keer bruut geweld, dat zit in de tekening van het eerste beest, een andere keer gebruikt hij verwarrende en indrukwekkende verleiding, daarop duidt het tweede beest. Voor dat brute geweld gebruikte satan de Romeinse keizers. En eerder al zette hij de Farao op tegen Gods volk.

Door dit brute geweld hebben vele christenen hun leven al verloren. En wat kun je dan schrikken van vers 7 van Openbaring 13: ‘Het beest mocht de strijd met de heiligen aanbinden en hen overwinnen.’ Het geweld van mensen tegen christenen laat God dus toe. Als christen ben je je leven niet zeker in deze wereld.

 

Dan die tweede manier waarop satan zijn venijnige strijd tegen de christenen voert. En dat is die van de verleiding. Ook daarvoor zet hij mensen in. Mensen die mooie woorden spreken. Mensen die grote dingen doen. En wat is dat verwarrend. Wonderen lijken de waarheid van hun woorden te onderstrepen. En ook achter deze tweede strategie zit satans streven om de aanbidding van God de nek om te draaien. Daarvoor ging hij lang geleden naar de hof van Eden. Daarom verleidde hij Adam en Eva. Zij waren geschapen om God te eren en te aanbidden. Om God te bewonderen en achter Hem aan te gaan, om dichtbij Hem te willen zijn. Dat is toch aanbidding? Maar satan wil God zijn aanbidding afnemen.

 

 

 

Het aanbidden van zichzelf

 

Er zijn heel veel mensen die zichzelf aanbidden. En daarmee heeft de satan net zo goed bereikt wat hij wil, want deze mensen aanbidden God niet meer. En wij leven te midden van deze mensen. Je aanbidt jezelf als je kiest voor jezelf. En wat zit dat diep in ons. En wat wordt ons dat ook nog eens verleidelijk aangepraat. Door de reclame: het gaat om jou. Dat jij er mooi uitziet. Dat het jou aan niks ontbreekt. Dat jij doet waar je zin in hebt.

Dat jij leeft als een god in Frankrijk, of waar dan ook. Dat is die verleidelijke, valse profetie. Het kenmerk van valse profetie is dat het ons ertoe beweegt te zijn als God. Ware profetie brengt altijd tot het aanbidden van God. Maar wanneer ik mee ga met die valse profetie, en mezelf in het middelpunt zet, vereer ik een beeld. De mens, geschapen naar Gods beeld. Zelfverering, aanbidding van ons eigen ik, is een grote verleiding voor ons.

Tegelijk voelen wij ook steeds meer die boycot van Openbaring 13. De uitsluiting uit de samenleving. Christelijke standpunten worden niet langer gedoogd. Die moeten weg uit het publieke leven. Bijbelse standpunten over het huwelijk, over homoseksualiteit, over zondagsrust, de afwijzing van menselijke zelfbeschikking, die standpunten worden steeds minder getolereerd.

Omdat de aanbidding van God mensen steekt. Wie niet meedoet aan de verering van de mens is immers een spelbreker. Die is afwijkend. De wereld is te verdelen in mensen die zichzelf aanbidden en mensen die God aanbidden. Dat gaat terug op de zondeval. Toen draaide het ook om die keus. En God aanbidden betekent mezelf verloochenen. Mijn eigen plannen, mijn eigen geluk, mijn eigen eer, willen opgeven voor God. Maar heel veel mensen vinden dit bizar. Zelfverloochening is hoogverraad tegen de aanbidding van de mens.

 

 

Satan wordt aanbeden in de sport

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De boodschap van Openbaring 13

 

De boodschap van Openbaring 13 is dat het aankomt op uithoudingsvermogen. Op uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen om trouw te blijven aan God. Om trouw te blijven in het aanbidden van Hem. Ook als Hij een weg met mij gaat die ik niet begrijp. Het zijn de verzen 9 en 10 en vers 18 die deze boodschap laten horen.

Vers 10: ‘Hier komt het aan op de standvastigheid en trouw van de heiligen.’ En vers 18: ‘Hier komt het aan op wijsheid.’ Christus spoort zijn kerk, en u en mij vandaag, aan tot uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen om trouw te blijven aan Hem.

Hiermee bereidt Christus ons voor op wat er op ons af kan komen, aan bruut geweld. En Hij leert ons doorzien wat er al op ons afkomt, aan verwarrende en vaak massieve verleiding. Christus wil ons ook bemoedigen. Kijk eens in vers 8. We schrokken van vers 7: het beest uit de zee -oftewel, de mens die wil zijn als God- krijgt de ruimte om de strijd met ons aan te binden en ons te overwinnen.

Maar vers 8 laat zien dat zij zullen standhouden van wie de naam vanaf het begin van de wereld in het boek van het leven staat. Dat wijst op de uitverkiezing. Hier wordt de volharding van de heiligen beschreven. Dat troost. Satan kan door middel van zijn menselijke handlangers wel ons lichaam doden, maar niet onze ziel (Matteüs 10:28). En in hoofdstuk 15:2 zullen we lezen over hen die ‘het beest, zijn beeld en het getal van zijn naam’ hebben overwonnen. Zij zijn trouw gebleven aan de verering van Christus, hun Heer.

 

 

Slotgebed

 

Laten wij bidden om uithoudingsvermogen en onderscheidingsvermogen. Laten we ons bewust zijn van het grote verschil tussen aanbidding van onszelf en aanbidding van God. Ik denk dat het goed zou zijn wanneer wij de aanbidding van God een grotere plaats geven in ons leven. Elke dag ruimschoots de tijd nemen om God te aanbidden in gebed, in bijbel lezen en daarover nadenken. Daardoor groei je in volhardende trouw. Amen.

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Klein overzicht van de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Waaruit bestaat de Bijbel?

 

Een goed overzicht / samenvatting van de Bijbel is lastig te bereiken. De Bijbel bestaat uit twee Testamenten, 66 verschillende boeken, 1189 hoofdstukken, 31.173 verzen en 773.692 woorden. De diverse boeken van de Bijbel beslaan verschillende onderwerpen en waren aan verschillende groepen mensen gericht. De Bijbelboeken zijn geschreven door ongeveer 40 verschillende mensen over een periode van ongeveer 1.500 jaar. Een samenvatting / overzicht is daarom een enorme opgave.

Tegelijkertijd is de Heilige Geest de “inspirerende” auteur van de Bijbel. God “ademde” Zijn Woord uit en gebruikte de profeten en apostelen om Zijn Woord op te Schrijven (2 Timoteüs 3:16-172 Petrus 1:21). Verder woont de Heilige Geest in iedereen die zijn of haar geloof in Jezus Christus geplaatst heeft (Romeinen 8:91 Korintiërs 12:13). De Heilige Geest verlangt ernaar ons te helpen de Bijbel te begrijpen (1 Korintiërs 2:10-16).

 

 

 

HOE ZIT DE BIJBEL IN ELKAAR?

 

De Bijbel is opgedeeld in testamenten, boeken, hoofdstukken en verzen. Wat betekent dat? Ook bestaat de Bijbel uit verschillende soorten teksten. Op deze pagina vind je hier wat uitleg over.

 

 

 

EEN VERZAMELING BOEKEN

 

Het woord Bijbel betekent ‘boeken’. Het komt van biblija, wat je waarschijnlijk wel kent van bibliotheek. De Bijbel is dus een verzameling boeken. Zo is bijvoorbeeld Genesis het eerste Bijbelboek, en Openbaring het laatste. In totaal zijn er 66 Bijbelboeken.

 

 

 

TWEE GEDEELTEN

 

De Bijbel is opgedeeld in twee onderdelen: het Oude Testament, en het Nieuwe Testament. Het Oude Testament bestaat uit 39 Bijbelboeken en speelt zich af voor de komst van Jezus Christus. Het Nieuwe Testament bestaat uit 27 Bijbelboeken, en speelt zich af vanaf de geboorte van Jezus.

 

 

 

DIVERSE SOORTEN BOEKEN

 

De Bijbel bestaat uit meerdere soorten boeken. Je vindt in de Bijbel onder andere verhalen, liederen, profetieën (stukken waar God zelf spreekt) en brieven aan christenen.

 

 

 

 

 

 

HOOFDSTUKKEN EN VERZEN

 

De meeste bijbelboeken hebben meerdere hoofdstukken. Wanneer hiernaar verwezen wordt zie je bijvoorbeeld staan Genesis 1 of Genesis 2. Elk hoofdstuk is ingedeeld in verzen. Een vers bestaat meestal uit een of twee zinnen. Het vers wordt vaak aangegeven door een dubbele punt. Bij een verwijzing naar een tekst kun je dus tegenkomen: Genesis 1:1.

 

 

 

 

 

 

 

 

Exorcisme

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Exorcisme

 

Het exorcisme is een ritueel binnen de Katholieke Kerk dat door een bevoegde priester wordt uitgevoerd. Het ritueel is bedoeld om mensen of dingen te ontdoen van demonen. De Kerk gelooft dat Satan zoveel invloed op een persoon kan uitoefenen, dat hij bezeten wordt van een duivelse macht.

 

 

Het uitvoeren van een exorcisme ritueel houdt in dat enkele gebeden worden uitgesproken en bepaalde handelingen worden verricht. De oorsprong van exorcisme ligt bij Jezus, hij verdreef demonen en boze geesten. Hij gaf zijn discipelen de macht om dit ook te doen, toen hij hen uitzond:

“Hij riep de twaalf bij zich en gaf hun macht en gezag over alle demonen, en de kracht om ziekten te genezen.” (Lucas 9:1)

 

De officiële definitie van exorcisme volgens de Catechismus van de Katholieke Kerk:

“’Men spreekt van exorcisme, wanneer de Kerk in naam van Jezus Christus vraagt dat een persoon of een voorwerp beschermd mag worden tegen de greep van de Satan en aan zijn macht onttrokken zal zijn. Het exorcisme gaat terug op Jezus zelf die het heeft toegepast. Ook de macht en de taak van de Kerk om het exorcisme toe te passen zijn gebaseerd op de woorden van Jezus zelf.” (nr. 1673)

 

Het exorcisme maakt geen deel uit van de zeven Sacramenten. Het behoort echter tot de sacramentalia, zegeningen die voorbereiden op het ontvangen van sacramenten of die heiliging brengen in de situatie waar een persoon zich in bevindt.

In de Katholieke Kerk bestaat het onderscheid tussen het doop exorcisme en het ‘groot exorcisme’. De doopkandidaten (catechumenen) zijn tot aan hun Doopsel nog niet van de Erfzonde verlost, en zijn ze dus bijzonder vatbaar voor de demonische machten. Tegenwoordig wordt voor de dopelingen gebeden om bescherming tegen het kwaad.

 

 

 

Het doop exorcisme

 

Bij de Kinderdoop wordt gebeden:

“Heer onze God:
Gij hebt uw Zoon naar de wereld gezonden
om de macht van de Boze te breken
en de kwade geest uit ons te drijven,
om de mens aan de duisternis te ontrekken
en over te brengen
naar het wonderlijke rijk van licht;
wij bidden U:
bevrijd deze kinderen
van de smet van de eerste zonde,
en maak hen tot woning van uw heerlijkheid,
tot tempel van de Heilige Geest.
Door Christus onze Heer.”

 

 

 

 

Het groot exorcisme

 

Het plechtige, zogenaamde groot exorcisme mag alleen door een priester en met toestemming van de bisschop worden uitgeoefend. De Kerk waakt erover om in deze materie de nodige voorzichtigheid aan de dag te leggen. Het exorcisme is immers bedoeld om in naam van Christus, duivels uit te drijven of om iemand te bevrijden van demonische overheersing.

De situatie ligt heel anders wanneer er sprake is van een psychische ziekte. De Kerk staat erop, om voordat men een exorcisme uitspreekt, na te gaan of het wel degelijk om een aanwezigheid van de duivel gaat en niet om een psychische ziekte, waarvan de behandeling onder de medische wetenschap valt.

De functie van exorcist ging in de Katholieke Kerk gepaard met de wijding tot exorcist, de laatste van de vier Lagere Inwijdingen.  Technisch gezien is exorcisme niet het verdrijven van de duivel of een demon, maar het plaatsen van de duivel of demon onder een eed. In sommige gevallen kan een persoon door meer dan één demon bezeten worden. “Exorcisme” is afgeleid van het Griekse voorzetsel ek (uit) met het werkwoord horkizo wat betekent “Ik laat iemand zweren” of ik bezweer”.

Bij het exorcisme werd gebruikgemaakt van formuleringen in het Latijn als de officiële kerktaal. Telkens opnieuw werden dezelfde latijnse teksten herhaald, zoals:

“Exercismo te, immunidisseme spiritus, omnis incursio adversarii, omne phantasma, omnis legio, in nomine Domini nostri Jesus Christi; eradicare et effugare ab hoc plasmate Dei”. Vertaald:

Ik drijf u uit, zeer onreine geest, elke aanval van de Tegenstander, elke spookverschijning, elk legioen, in de naam van onze heer Jezus Christus; gij wordt uitgerukt met wortel en al en verjaagd uit dit schepsel van God.

 

Of:

“Adjuro te, serpens antique, per Judicem vivorum et mortuorum, per factorem tuum, per factorem mundi, per eum qui habet potestatem mittendi te in gehennam, ut ab hoc famulo Dei, qui ad simun Ecclesiae recurrit, cum metu et exercitu furoris tui festinus discedas”. Vertaald:

Ik bezweer u, slang uit de begintijd, bij de Rechter van de levenden en doden, bij uw maker, bij de maker van de wereld, bij Hem die de macht heeft u in het Gehenna te storten, dat gij snel vertrekt uit deze dienaar van God met alle verschrikkingen en beproevingen van uw razernij, opdat hij zich terug kan spoeden in de boezem van de Kerk.

 

Overigens werden niet alleen mensen geëxorciseerd. Ook voorwerpen konden door de duivel in bezit zijn genomen. Zo werd in de middeleeuwen bij ketter- of heksenverbrandingen vaak ook het hout en zelfs het vuur geëxorciseerd. Dit omdat men dacht dat de duivel in het hout en het vuur ervoor kon zorgen dat de ketter of heks minder pijn zou lijden. Bekend is de formulering hiervan bij de verbranding van de priester Urbain Grandier:

“Ecce crucem Domini, fugite partes adversae, vicit Leo de tribu Juda, radix David. Exorciso te, creatura ligni, in nomine Dei patris omnipotentis, et in nomine Jesus Christi filii eius Domini nostri, et in virtute Spritus Sancti”. Vertaald:

Aanschouw het kruis van de Heer, en mogen zijn vijanden vluchten, de leeuw van de stam van Juda heeft overwonnen, de wortel van David. Ik exorciseer u, schepsel van hout, in de naam van God de almachtige vader, in de naam van Jezus Christus, zijn zoon en onze Heer, en in de macht van de Heilige Geest.

 

 

 

 

 

 

Namen van de duivel

 

 

Satan

De naam Satan betekent aanklager, tegenstander, tester. In het Bijbelboek Job is Satan aangesteld als tester in dienst van God. Hij krijgt toestemming van God om Job op de proef te stellen. Satan is in dit kader niet zozeer een eigennaam, maar meer de benaming van een ambt: aanklager.

 

Lucifer

Het woord Lucifer is Latijn voor ‘morgenster’. De naam Lucifer behoort oorspronkelijk toe aan de planeet Venus, vanwege diens helderheid. De Vulgaat (Bijbelvertaling in het Latijn, tot stand gekomen tussen 390 en 405 na Christus) gebruikt het woord voor het licht van de morgen (Job 11:17). Als metafoor wordt de benaming toegepast op de koning van Babylon (Jesaja 14:12), op de hogepriester Simeon (De wijsheid van Jezus Sirach 50:6), op de beloning die degene krijgt als hij Jezus navolgt en overwint, en tenslotte op Jezus Christus zelf, het ware licht van ons leven (2 Petrus 1:19, Openbaring 22:16).

 

 

 

 

 

Promovendus Ruben van Luijk over de duivel en het satanisme in de negentiende eeuw

 

 

Oorsprong van de duivel

 

In het Zoroastrianisme – gesticht door Zoroaster die omstreeks 1000-600 voor Christus geleefd zou hebben – is het voor het eerst in de geschiedenis dat we een figuur tegenkomen die het kwaad vertegenwoordigt. Het Zoroastrianisme, vernoemd naar de profeet Zoroaster, is een dualistische religie.

Goed en kwaad is compleet gescheiden en in gevecht met elkaar. De schepper Ahura Mazda is goed, Ahriman is duister en kwaad. Ahura Mazda beschermt en vernieuwt de schepping, het doel van Ahriman is juist om deze te vernietigen.

Maar pas aan de wieg van het christendom wordt de benaming ‘Satan’ voor het eerst gebruikt. Het is een Hebreeuws woord dat tegenstander of aanklager betekent. De naam komt een paar keer voor in het Oude Testament en wordt zowel voor mensen als andere wezens gebruikt.  Satan is de aartsengel en heer van het kwaad. In het Bijbelboek Job is Satan een tester, als zodanig aangesteld door God.

De heersende christelijke interpretatie is dat alle demonische figuren in de Bijbel voor of onderhorig zijn aan de duivel. Satan is binnen het christendom vrijwel synoniem aan al het kwaad geworden. Binnen dit kader ontstond de praktijk van het exorcisme, die door de alomtegenwoordigheid van de duivel noodzakelijkerwijs in het leven werd geroepen.

 

 

Zoroastrianisme

 

 

 

 

 

 

 

Satans imagoverandering

 

In de negentiende eeuw vond in bepaalde delen van de westerse samenleving een imagoverandering van Satan plaats. Van een negatief imago, kreeg de duivel een positieve uitstraling. Dit heeft te maken met de Franse Revolutie (1789). God werd gezien als een dictator, een autocratisch monarch. De revolutie, het in opstand komen tegen de gevestigde orde werd iets positiefs. De duivel werd een held voor de revolutionairen, een dappere voorvechter.

 

 

 

 

 

 

De kerk van Satan

 

Anton Szandor LaVey, eigenlijke naam Howard Stanton Levy (1930-1997), was de satanist die de Church of Satan oprichtte. Op 30 april 1966 (Walpurgisnacht) stichtte hij de Church of Satan, de eerste publieke satanische organisatie ter wereld. Deze gebeurtenis markeert het begin van het moderne satanisme.

Satanisten zien zichzelf als navolgers van Satan, de enige godheid die, naar hun zeggen, begrijpt wat mensen doormaken:

“Satan, by one name or another, haunted mankind, tempting him with sweet delights and enlightening him with blinding secrets intended only for gods. He was one who could be petitioned for powers of retribution and who gave deserved rewards. Instead of creating sins to insure guilty compliance, Satan encouraged indulgence. He was the single deity who could really understand us.”

 

Satanisten zijn voorstanders van de vooruitgang en het streven naar meer kennis, dat is de kern van het occultisme:

“We are explorers on the untrodden paths of science, human motivation and mystery – all that is most truly occult.”

 

Volgens hen wordt ontwikkeling tegengehouden door spirituele mensen en theïsten. Een satanist wil steeds meer op het grote voorbeeld, Satan, gaan lijken. De eigenschappen van Satan zijn deze:

“the imagination to confound and confuse, the wisdom to recognize the unseen in our society, the pragmatism of a skeptic, and the passions of a classical Romantic soul.”

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Boodschap 157 van ” Boodschappen uit kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

Keuze tussen goed en kwaad

Pasteltekening van  John Astria

ER BESTAAN GEEN KLEINE- EN GROTE

ZONDEN,

MAAR WEL VERGEEFLIJKE-  EN

.

ONVERGEEFLIJKE ZONDEN.

DE ENIGE ONVERGEEFLIJKE ZONDE

IS ZONDIGEN TEGEN DE HEILIGE GEEST,

HET NIET GELOVEN EN AANVAARDEN VAN

.

CHRISTUS’

ZOENOFFER OP HET KRUIS ALS ENIGE

.

REDDING VOOR DE MENS

JOHANNES 11 : 24 _ 26

” WIE IN MIJ GELOOFT ZAL IN EEUWIGHEID

NOOIT STERVEN”

.

OF LEES

.

” WIE IN MIJ NIET GELOOFT ZAL IN EEUWIGHEID

ALTIJD STERVEN “

3d-gouden-pijl-5271528

JOHN ASTRIA

Litanieën tot de Heilige Aartsengelen Michaël, Gabriël en Rafaël 

Standaard

categorie : religie

.
.
.

Litanieën tot de Heilige Aartsengelen Michaël, Gabriël en Rafaël

Heilige aartsengel Michaël

Bescherming, begeleiding, zuivering, loslaten van het verleden, voor kracht, bij hulpeloosheid en wanhoop, bij zelftwijfel, voor groei van het zelfvertrouwen, tegen nachtmerries, voor overwinnen angsten, voor rechtvaardigheid, voor hulp bij problemen, bij stervensbegeleiding, …



Litanie 1

Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons. God,
Hemelse Vader, ontferm U over ons.
God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God Heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Michaël,
Heilige Michaël, zeer verheven opperhoofd der hemelse heerscharen,
Heilige Michaël, verdediger van de heilige Stad,
Heilige Michaël, sterk en machtig in de strijd,
Heilige Michaël, beschermer van de H. Kerk,
Heilige Michaël, prins van de uitverkorenen,
Heilige Michaël, schrik van de hel,
Heilige Michaël, die de duivels verjaagt,
Heilige Michaël, door God uitverkoren om onze beschermer te zijn,
Heilige Michaël, die aan de storm gebiedt,
Heilige Michaël, hulp der christenen,
Heilige Michaël, brandend van ijver voor de glorie Gods,
Heilige Michaël, die de zielen uit het vagevuur vertroost,
Heilige Michaël, die tegenwoordig zijt bij ons oordeel,
Heilige Michaël, die ons steeds en overal beschermt,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons.

Bid voor ons, Heilige Aartsengel Michaël. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

Laat ons bidden,

Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als bewaker van de Heilige Kerk en opperhoofd van het paradijs, verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Litanie 2

Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Michaël, bid voor ons.
Heilige Michaël, vervuld met de wijsheid van God, bid voor ons.
Heilige Michaël, volmaakte aanbidder van het mensgeworden Woord, bid voor ons.
Heilige Michaël, gekroond met eer en heerlijkheid, bid voor ons.
Heilige Michaël, de machtigste vorst van de legers des Here, bid voor ons.
Heilige Michaël, vaandeldrager van de Heilige Drievuldigheid, bid voor ons.
Heilige Michaël, behoeder van het paradijs, bid voor ons.
Heilige Michaël, gids en trooster van het volk van Israël, bid voor ons.
Heilige Michaël, glorieuze vesting van de strijdende Kerk, bid voor ons.
Heilige Michaël, eer en vreugde van de triomferende Kerk, bid voor ons.
Heilige Michaël, licht van Engelen, bid voor ons
Heilige Michaël, bescherming van de orthodoxe gelovigen, bid voor ons.
Heilige Michaël, kracht voor hen die strijden in de naam van het Heilige Kruis, bid voor ons.
Heilige Michaël, licht en het vertrouwen van de zielen in het uur van de dood, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze voortdurende helper, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze hulp in alle tegenspoed, bid voor ons.
Heilige Michaël, heraut van de eeuwige straf, bid voor ons.
Heilige Michaël, trooster der zielen in de vlammen van het vagevuur, bid voor ons.
Heilige Michaël, die door de Heer bevolen werd om de zielen te ontvangen na de dood, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze prins, bid voor ons.
Heilige Michaël, onze advocaat, bid voor ons.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.

Christus hoor ons, Christus verhoor ons

Bid voor ons Heilige Aartsengel Michaël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.

Laat ons bidden,

Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de H. Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Heilige aartsengel Gabriël

Inspiratie, spiritualiteit, dromen, tegen depressie, hulp bij tegenspoed, positieve gedachten, meer vrolijkheid, voor creativiteit, voor als men vastgelopen is in situaties of patronen, vervulling van wensen, voor motivatie, tegen destructieve neigingen, troost, voor positieve veranderingen of om veranderingen te kunnen doen of om veranderingen aan te kunnen, bij het nemen van beslissingen en knopen door te hakken, dansen, helen innerlijke kind, visioenen, meditatie, zwangerschap,…

.
.
.

Litanie 1

Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons,
Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Gabriël,
Heilige Gabriël, die zijt afgedaald tot de drie jongelingen in de vuur oven om de brandende vlammen van hen verwijderd te houden,
Heilige Gabriël, die aan Zacharias zijt verschenen en hem de geboorte en glorierijke bediening van zijn zoon Johannes hebt verkondigd,
Heilige Gabriël, die door God aan de Maagd Maria te Nazareth gezonden werd om Haar de Menswording van het eeuwige woord aan te kondigen,
Heilige Gabriël, die aan de aarde de naam “Jezus” hebt gebracht,
Heilige Gabriël, die aan het mensdom het eerst de verheven groet “Wees gegroet, Maria,” hebt geleerd,
Heilige Gabriël, wiens naam betekent : Kracht Gods,
Heilige Gabriël, die aan de Allerhoogste onze gebeden overbrengt,
Heilige Gabriël, patroon der reine zielen,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons !

Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,

Bid voor ons, glorierijke aartsengel Gabriël, nu en in het uur van onze dood.

Laat ons bidden,

Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven ende glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

Litanie 2

Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons,
Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid,één God, ontferm U over ons,

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Gabriël, glorieuze aartsengel, bid voor ons.
Heilige Gabriël, kracht van God, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die voor de troon van God staat, bid voor ons.
Heilige Gabriël, toonbeeld in gebed, bid voor ons.
Heilige Gabriël, heraut van de incarnatie, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die de glorie van de Heilige Maagd geopenbaard hebt, bid voor ons.
Heilige Gabriël, Prins van de hemel, bid voor ons.
Heilige Gabriël, ambassadeur van de allerhoogste, bid voor ons
Heilige Gabriël, behoeder van de Onbevlekte Maagd, bid voor ons
Heilige Gabriël, die de grootsheid van Jezus voorspelde, bid voor ons.
Heilige Gabriël, vrede en licht van de zielen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, plaag van de ongelovigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, bewonderenswaardige leraar, bid voor ons.
Heilige Gabriël, kracht van de rechtvaardigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, beschermer van de gelovigen, bid voor ons.
Heilige Gabriël, verkondiger van het Woord van God, bid voor ons.
Heilige Gabriël, verdediger van het geloof, bid voor ons.
Heilige Gabriël, onvermoeibaar lof betuigend aan onze Heer Jezus Christus, bid voor ons.
Heilige Gabriël, die geprezen wordt door de Schrift als de engel die door God aan de maagd Maria gezonden werd, bid voor ons.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.

Christus hoor ons, Christus verhoor ons

Bid voor ons Heilige Aartsengel Gabriël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.

Laat ons bidden,

O gezegend Heilige Aartsengel Gabriël, wij smeken u, bemiddel voor ons voor Gods troon om genade te bekomen en om ons te helpen in onze noden. Gij die de menswording van onze Heer Jezus Christus aan de Maagd Maria hebt verkondigd, door uw voorspraak en bescherming, verleen ons de genade om de Goddelijk hulp te mogen ontvangen opdat we onze Heer eeuwig mogen loven, beminnen en danken.
Amen.

Heilige aartsengel Rafaël

Alles wat met genezing te maken heeft zowel fysiek als mentaal als het genezen van situaties of doorbreken van slechte gewoonten en patronen, voor innerlijke rust, voor als men zich in de steek gelaten voelt of eenzaam is, bij liefdesverdriet en het helen van een gebroken hart, tegen verbittering, als men niet tevreden is met zichzelf en voor hulp om zichzelf te aanvaarden, tegen moedeloosheid, bij gekwetste gevoelens, voor hulp in medische en psychische kwesties, stervensbegeleiding, bij uitputting en voor nieuwe krachten, voor vrouwen in de overgang, spirituele heling,…

Litanie 1 

Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Rafaël, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vervuld met de genade van God, bid voor ons.
Heilige Rafaël, perfecte bewonderaar van het Goddelijke woord, bid voor ons.
Heilige Rafaël, terreur van de demonen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, verdelger van de ondeugden, bid voor ons.
Heilige Rafaël, gezondheid voor de zieken, bid voor ons.
Heilige Rafaël, onze toevlucht tijdens al onze beproevingen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, gids van de reizigers, bid voor ons.
Heilige Rafaël, troost van de gevangenen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vreugde voor de bedroefden, bid voor ons.
Heilige Rafaël, vol ijver voor het behoud van onze zielen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, wiens naam betekent “God geneest”, bid voor ons.
Heilige Rafaël, liefhebber van de kuisheid, bid voor ons.
Heilige Rafaël, schrik van de duivels, bid voor ons
Heilige Rafaël, in ziekte, honger en oorlog, bid voor ons.
Heilige Rafaël, engel van vrede en welvaart, bid voor ons
Heilige Rafaël, begunstigd met de genade van de genezing, bid voor ons.
Heilige Rafaël, begeleider op de paden naar deugd en heiliging, bid voor ons.
Heilige Rafaël, helper van al diegenen die uw hulp afsmeken, bid voor ons.
Heilige Rafaël, die de gids en troost van Tobias was op zijn reis, bid voor ons.
Heilige Rafaël, die door de schriften geprezen wordt als: “Rafael, de heilige engel van de heer, die gestuurd werd om te genezen,” bid voor ons.
Heilige Rafaël, onze verdediger, bid voor ons.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld , verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden van de wereld, ontferm U over ons.

Christus hoor ons, Christus verhoor ons

Bid voor ons Heilige Aartsengel Rafaël, opdat wij de belofte van Christus waardig worden.

Laat ons bidden,

Onze heer, Jezus Christus, door het gebed van de Aartsengel Rafaël, geef ons de genade alle zonden te vermijden en te volharden in onze goede werken opdat wij ooit onze hemelse bestemming mogen bereiken, gij die leeft en heerst in de eeuwen der eeuwigheid.
Amen.

Litanie 2

Heer, ontferm U over ons, Christus, ontferm U over ons,
Heer, ontferm U over ons, Christus, hoor ons,
Christus, verhoor ons,
God, Hemelse Vader, ontferm U over ons,
God, Zoon, Verlosser der wereld, ontferm U over ons,
God, Heilige Geest, ontferm U over ons,
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons,

Heilige Maria, Koningin der Engelen, bid voor ons,
Heilige Aartsengel Rafaël
Heilige Rafaël, Hemelse Geneesheer
Heilige Rafaël, sterke bondgenoot op al onze wegen
Heilige Rafaël, trouwe vriend in nood
Heilige Rafaël, lieve trooster bij grote smart
Heilige Rafaël, ware gids die ons de juiste paden helpt bewandelen
Heilige Rafaël, leidsman van de jonge en deugdzame Tobias,
Heilige Rafaël, wiens naam betekent ‘God geneest’.
Heilige Rafaël, bron van wijsheid
Heilige Rafaël, vurige bestrijder van het kwade
Heilige Rafaël, engel van de Goddelijke liefde
Heilige Rafaël, engel van de smart en genezing
Heilige Rafaël, patroon van de artsen, de zwervers en de reizigers
Heilige Rafaël, brenger van oplossingen voor problemen
Heilige Rafaël, bedwinger van de boze vijand
Heilige Rafaël, vol medelijden voor allen die lijden
Heilige Rafaël, die onze gebeden liefdevol aanhoort
Heilige Rafaël, steeds bereid ons te helpen
Heilige Rafaël, bekom genezing voor ons lichaam en onze ziel

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer!
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons !

Christus, hoor ons, Christus, verhoor ons,

Bid voor ons, glorierijke aartsengel Rafaël, nu en in het uur van onze dood.

Laat ons bidden,

Almachtige en eeuwige God, die de Heilige Michaël hebt aangesteld als Bewaker van de Heilige Kerk en Opperhoofd van het Paradijs. Verleen genadig door zijn voorspraak: aan de Heilige Kerk voorspoed en vrede, aan ons Uw genade in dit leven en de glorie in de eeuwigheid.
Door Jezus Christus, onze Heer.
Amen.

kort gebed tot de Heilige Rafaël

Heilige Aartsengel Rafaël

Hemelse geneesheer en allertrouwste leidsman, Heilige Rafaël, die de oude Tobias het gezicht hebt terug gegeven en de jonge Tobias op al de wegen van zijn reis geleid en in gezondheid bewaard hebt, wees de geneesheer van mijn ziel en lichaam, verdrijf de schaduwen van mijn onwetendheid en sta mij voortdurend bij in alle gevaren van de pelgrimstocht van deze wereld, totdat gij mij gebracht hebt tot het Hemels vaderland, waar ik met U gelukkig in eeuwigheid het Goddelijke aanschijn moge aanschouwen, Amen.

 
.
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

.

Openbaring les 1: Johannes ontmoet een bruisende Christus

Standaard

Categorie: religie

 

 

Openbaring les 1: Johannes ontmoet een bruisende Christus

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

ACHTERGROND

 

Bij het benaderen van het boek Openbaring komen we aan bij het laatste hoofdstuk uit Gods verlossingsverhaal dat ons vertelt hoe alles eindigt. Van in het Oude Testament tot aan dit punt hebben we God Zijn verlossingsplan zien uitwerken doorheen Adam, de aartsvaders, de profeten en uiteindelijk Zijn geliefde Zoon Jezus Christus. Nu dat we aan het einde van dit verlossingsplan zijn geraakt, zien we deze Jezus weer opnieuw. Eigenlijk is het deze Jezus die het centrale thema vormt van het gehele boek. Het boek Openbaring onthult bovenal de majesteit en glorie van de Here Jezus. Doorheen het boek Mattheüs lezen we van Zijn geboorte als de Zoon van David, Zijn onderwijs en onderwijs, terwijl Hij hier op aarde verbleef en evenzeer Zijn dood en opstanding. Al deze dingen bevestigen Zijn goddelijkheid en dat Hij de Messias is. Maar waar het boek Mattheüs Christus presenteerde in Zijn eerste nederige komst, geeft het boek Openbaring Hem nu in Zijn tweede komst hoog en verheven weer. Ieder visioen en beschrijving van Hem in het boek Openbaring is vol van majesteit, macht en glorie. In dit boek worden de hemelen geopend en kunnen de lezers net zoals Stefanus (Hand.7:56) vooruitziende beelden zien van de opgestane verheerlijkte Zoon van God.

De context geeft aan dat we in het jaar 96n.C. zitten, tijdens de regeerperiode van Domitianus van Rome. De Gemeente onderging in deze periode een grote vervolging. Johannes was verbannen naar een eiland dat gekend stond als Patmos (Op.1:9). Ondanks deze vervolging groeide de Gemeente verder en verspreidde ze zich op een snel tempo doorheen de provincie Asia (niet beperkt tot de steden die genoemd worden in Openbaring). Het is aan deze lijdende gemeente in Asia dat het boek Openbaring is geschreven (1:4). Dit getuigenis over de komende heerlijkheid van Jezus Christus werd opgeschreven en de wereld in gestuurd door de apostel Johannes om Zijn lijdende gemeente aan te moedigen om te volharden te midden van deze vervolging. Hun harten en gedachten werden bepaald bij de bevestigende waarheid dat Christus op een dag zal komen en voor eens en altijd zal overwinnen, regeren en de zijnen tot Zichzelf nemen.

 

Christus’ openbaring ingeleid (Openbaring 1:1-3)

 

De discipel Johannes had een speciale plaats in het hart van Jezus. Hij had veel met Hem gewandeld en gepraat hier op aarde en wordt in de Evangeliën verschillende keren beschreven als de discipel die de Here liefhad (Joh.13:23; 20:2; 21:7,20). In het Evangelie van Johannes zien we veel van deze speciale relatie. Vele jaren zijn nu voorbij gegaan sinds de dood en opstanding van de Here Jezus en Johannes blijft trouw zijn Heer volgen (Joh.19:35; 21:24; 1 Joh.1:2; 4:14). Johannes is nu zelfs zijn oudere dagen al lijdend aan het doorbrengen omwille van zijn getuigenis van Christus (1:9). Doordat hij het onderwijs en de wonderen van Jezus van dichtbij had kunnen mee volgen, is Johannes nu een trouwe getuige van Gods Woord en Zijn Zoon Jezus Christus (Op.1:2). Met dit allemaal in gedachten is het haast vanzelfsprekend dat Jezus nu net hem, Zijn geliefde vriend en discipel, verkiest om deze openbaring van de komende dingen bekend te maken.

Johannes begint het weergeven van deze openbaring met een erg informatieve inleiding en vermaning. Deze brief is de openbaring die God heeft gegeven aan Zijn Zoon Jezus betreffende de dingen die in de toekomst nog staan te gebeuren. Christus, die reeds gekruisigd en opgestaan was, zit nu op Zijn plaats bij de Vader in de hemel (Heb.1:3). Het eerste bewijs dat de Vader het gehoorzaam leven van Zijn Zoon behaagde was Zijn opstanding; het tweede de hemelvaart en het derde was het sturen van de Heilige Geest. Doordat Hij Zijn Vader op elk mogelijke manier had behaagd, had God Jezus nu een openbaring gegeven om bekend te maken aan Zijn dienaren op aarde. Jezus had Zijn geliefde vriend Johannes gekozen om deze boodschap aan Zijn volk te delen.

Na deze boodschap door een engel van de Heer te hebben ontvangen, schreef Johannes trouw op wat hij over de verrezen Christus had gehoord en gezien. Omdat de gebeurtenissen die hierin beschreven staan spoedig zullen plaatsvinden, vermaant Johannes anderen die Christus volgen om deze woorden luidop te lezen, er gehoor naar te geven en ze te bewaren tot de wederkomst van Christus. De wetenschap dat de gebeurtenissen die worden weergegeven in het boek Openbaring spoedig zullen plaatsvinden zou iedere christen moeten motiveren (zowel nu als toen) om voor de Heer een heilig en gehoorzaam leven te leiden (2Pet.3:14). Degenen die gehoorzaam zijn aan zulk een waarschuwing worden in de ogen van God als gezegend aanschouwd.

 

 

Christus die verheerlijkt hoort te worden onder de 7 gemeenten te Asia (Openb1: 4-8)

 

Na de verzen 1-3 gaat Johannes verder met het uitbreiden van de inleiding van zijn brief. Het is in deze uitbreiding dat we aanwijzingen vinden over de verdere inhoud van de brief. Dat Johannes zo uitbreidt over de rol van Jezus in 1:5-6 suggereert de centrale plaats die Christus inneemt in dit boek en in de eindtijd. Een deel van die rol zal bestaan uit het meedelen van genade en vrede aan de zeven gemeenten van de Romeinse provincie Asia. Johannes herkende hier de vervolging die die Gemeente destijds meemaakte. Omwille van die vervolging begreep de apostel hoe nodig de zegen van zowel genade als vrede was in moeilijke tijden als deze. Nog interessanter is dat deze zegen van de complete drie-eenheid komt.

Hij “Die is en Die was en Die komt” omkadert de bron van de gehele zegen (1:4, 8). Dit was een punt dat Johannes graag benadrukte door dit gedeelte van het hoofdstuk in te kapselen met deze zin. “De zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn” verwijst mogelijk naar de zevenvoudige Geest uit Jesaja 11:2 of een andere analogie voor de Geest van God. De interpretatie laat ons toe om de “zeven Geesten” hier te zien als de derde persoon van de Drie-eenheid; het werk van de Heilige Geest in de 7 gemeenten!  Als we de zeven Geesten hier lezen als Gods Geest houden de verzen 4 en 5 een zegening in van de Drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. Ongeacht of Johannes al dan niet hiernaar verwijst, hij sluit op zijn minst af met Jezus omdat Zijn rol het centrale element is. Uiteindelijk is het ook net door hun trouw aan Jezus dat de lezers van Johannes tegenstand ondervinden uit de synagoge en van Rome.

Johannes geeft hier in vers 5 drie benamingen die weer die de persoon van Jezus beschrijven en in verzen 5-6 drie uiteenzettingen over Zijn werk. Iedere benaming van Jezus in vers 5 geeft een speciale bemoediging aan de lijdende Gemeente: Jezus had getuigd, was uit de dood verrezen en regeert nu. Dat Jezus “de Eerstgeborene uit de doden” wordt genoemd wil zeggen dat Hij de eerste was die ooit verrezen is uit de doden, en dat Hij van al degenen die ooit uit de dood zullen zijn verrezen Hij de grootste plaats inneemt. Deze opstanding was vooral relevant voor de christenen die weldra omwille van Zijn Naam de dood tegemoet zouden treden.

Als de “Eerstgeborene was Jezus’ opstanding een garantie dat degenen die Hem volgden in de dood ook verrezen zouden worden (1 Kor.15:20) – daarom hadden ze niets te vrezen, zelfs niet de dood (Op.1:17-18). Dat Christus ook heerst over de koningen van de aarde was ook verfrissend voor de Gemeente. Dit taalgebruik zinspeelt op Psalm 89:27 waar Gods “eerstgeboren zoon” regeert over “de koningen van de aarde.” Voor de gelovigen die leden onder de vertegenwoordigers van de machtige Caesar was deze benaming van Jezus inderdaad een grote bemoediging!

Bij het opsommen van drie benamingen van Jezus somt Johannes ook drie daden van Jezus op in verzen 5-6: Hij heeft ons lief; Hij bevrijdde ons van onze zonden; en Hij maakte ons tot koningen en priesters. Jezus’ liefde voor ons komt tot uiting in Zijn plaatsvervangende dood. Deze zekerheid van de liefde van Christus zou de lijdende gelovigen bemoedigen; Zijn dood geeft ook een voorbeeld aan degenen die geroepen werden om deel te hebben aan het offer van het Lam in dienst voor Gods missie in de wereld (Op.6:9).

In de verklaring dat Jezus ons tot koningen en priesters heeft gemaakt, herinnert Johannes zijn publiek aan wat God voor hen bewaard heeft; dat is om vertegenwoordigers en aanbidders te zijn (1:6). Als priesters zullen de volgelingen van Jezus aanbidden (Op.4:10-11, 5:8-10) en offeren, zowel de geur van gebed (5:8; 8:4) als het offer van hun eigen levens (6:9). Het plaatsvervangend werk van Jezus voor alle gelovigen gaf dat Johannes los barstte in lofzang voor de verrezen Christus. Door Zijn daad aan het kruis hadden Johannes en zijn lezers alle reden om zich te verheugen. Christus’ vergoten bloed had hun uiteindelijk verlost van hun zonden. Nu waren ze door het offer van Christus door God vergeven zondaren, bevrijd van zonden, dood en hel.

Johannes eindigt zijn groet aan de zeven gemeenten met een bemoedigende belofte (1:7), nog een andere bevestiging van Gods karakter (1:8). De belofte, dat Jezus komt! Dat Jezus zou terugkomen op de wolken geeft Daniël 7:13 en dat degenen die Hem doorstoken hebben rouw zullen hebben weerspiegelt Zacharia 12:10. Jezus zal komen om alles terug recht te zetten en de vervolgers van de Gemeente zullen dat moeten erkennen. Deze hoop dat Christus op een dag terug zal keren en de gelovigen mee zal nemen naar de hemel om voor eeuwig in Zijn nabijheid te leven geeft hoop en troost (Joh.14:1-3; Thess.4:18).

Aan het einde bevestigd Johannes nogmaals dat de gehele geschiedenis in de handen van de Heer is – zowel de toekomst als het heden (1:8). Zijn volk moeten dus niet vrezen dat er ook maar iets zal gebeuren dat buiten Gods plan valt. Hun God is “de Alfa en de Omega” een benaming die zinspeelt op het boek Jesaja waar God wordt aangegeven als de Eerste en de Laatste (Jes.41:4; 44:6; 48:12). Net als “Die is en Die was en Die komt”, is voor God de gehele geschiedenis van begin tot aan het einde hetzelfde.

God is niet enkel Heer over de tijd, maar regeert ook over het universum: Hij is “de Almachtige”, in dit boek een gebruikelijke naam voor God (1:8; 4:8; 11:17; 15:3; 16:7, 14; 19:6, 15; 21:22). Voor de christenen die leden onder Caesar, was de wetenschap dat ze “de Almachtige” dienden iets wat hun kracht verleende. Caesar mag dan wel zijn rijk voor een bepaalde periode hier op aarde regeren, maar God regeert zowel de wereld als haar verloop in de geschiedenis.

 

 

 

 

Christus voorzien (Openbaring 1:9-16)

 

Onmiddellijk na zijn groeten aan de zeven gemeenten begint Johannes met het beschrijven van zijn visioen van de verrezen Christus. Hier identificeert de apostel zichzelf nederig als iemand die het lijden van de Gemeente op dat moment deelde. Om wille van de getuigenis van Jezus was het christendom binnen het Romeinse Rijk een gehate en verachte religieuze sekte geworden. Johannes nam deel aan dit lijden is duidelijk omdat hij door de Romeinen verbannen werd op het het eiland Patmos. De leiders uit Johannes’ gemeenschap hadden hem verstoten uit alles wat hem bekend was.

Terwijl hij op de dag des Heren aanbad hoorde Johannes een luide stem hem instrueren: “Wat u ziet, schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea.” Johannes moest de openbaring van Jezus Christus op een strategische wijze bezorgen aan deze gemeenten, omdat dit zou zorgen voor een snelle en efficiënte verspreiding van de boodschap. Toen Johannes zich omkeerde en een stem “als van een bazuin” hoorde, zag hij ook “zeven gouden kandelaren” (1:12), die in vers 20 benoemt worden als de zeven gemeenten.

Deze kandelaren waren van goud, omdat goud het meest kostbare metaal was. De Gemeente is voor God de meest prachtige en waardevolle entiteit op aarde – zo waardevol dat Jezus bereid was om het te kopen met Zijn eigen bloed (Hand.20:28). Terwijl dit wezenlijke gemeenten waren op echte locaties, staan de zeven kandelaren symbool voor de soorten gemeenten doorheen de gehele kerkgeschiedenis.

In het midden van de gouden kandelaren zag Johannes “Iemand Die op de Zoon des mensen leek” (1:13). Dit is niemand anders dan de verheerlijkte Heer van de Gemeente, Jezus Christus. Wat het meest van belang is hier is dat Jezus verschijnt tussen de kandelaren (1:12-13; 2:1). Omdat Christus deze kandelaren uitlegt als zijnde de Gemeente in haar volheid (1:20), is Zijn verschijning in het visioen tussen de kandelaren een belangrijke bemoediging voor degenen die leden omwille van Zijn Naam. De bemoediging zit in het feit dat Hij hun niet verlaten heeft. Hij is trouw gebleven aan Zijn belofte die Hij maakte in het Evangelie naar Mattheüs: “Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld” (Matth.28:20; Heb.13:5).

Het eerste wat Johannes meedeelde was dat Christus gekleed was “in een gewaad tot op de voeten, en op de borst omgord met een gouden gordel” (1:13b). Het gewaad en de gordel verwijzen terug naar de hogepriester in de tempel in het Oude Testament (Ex.28:4; 39:29; Lev.8:7) en suggereert dat Jezus de Hogepriester is van Zijn volk (Rom.8:33-34). De wetenschap dat hun Hogepriester zich medelevend begaf in hun midden om hun te beschermen en verzorgen gaf extra hoop en troost aan de vervolgde gemeenten.

De rest van Johannes’ visioen van de Mensenzoon licht de goddelijkheid van de verrezen Christus toe, waarvan veel was voorzegd in het boek Daniël. Daniël 7:13-14 verwijst naar een figuur die lijkt op een “zoon des mensen” die zou regeren als Gods vertegenwoordiger. De haren als wol en vergelijking met witte sneeuw (1:14) zinspeelt op God zelf, de “Oude van Dagen” uit hetzelfde gedeelte in Daniël. De stem “als het geluid van vele wateren” (1:15; 19:6) verwijst naar de stem van God zelf als vele wateren in Ezechiël 1:24; 43:2.

Het punt van Jezus’ vlammende ogen, witte haar en bronzen voeten (1:14-15) was dat Hij licht of vuur straalde – enorm gelijkaardig aan vele andere visioenen van God in de Bijbel (Ez.1:27; Dan.7:9-10; Op.21:33; 22:5). Om die reden kon Johannes zijn gezicht enkel beschrijven “zoals de zon schijnt in haar kracht” (1:16c). Johannes’ visioen van de verheerlijkte Heer van de Gemeente bereikte haar hoogtepunt in deze beschrijving van de stralende heerlijkheid van Zijn gezicht. De verschijning van Jezus in Zijn verheerlijkte staat was van groot belang voor christenen van eender welke afkomst.

De verrezen Heer is machtig, zelfs goddelijk en kan Zijn volk daarom beschermen en kracht geven voor hun vervolgers. Dit is duidelijk in het zwaard dat uit Zijn mond kwam (1:16b) en dat Hij in Zijn rechterhand zeven sterren vasthoudt (of boodschappers/leiders van de Gemeente) (1:16a, 20a). Het doel van Jezus’ omschrijving was niet om aan de gemeenten Zijn voorkomen mee te delen, maar om Zijn macht te verkondigen. Hij was de regerende Heer van het universum, Degene met de macht over leven en dood (1:18). Johannes schreef naar de vervolgde christenen om hen eraan te herinneren dat God groter dan hun verzoekingen was.

 

 

Christus’ boodschap (Openbaring 1:17-20)

 

Terwijl het vooruitzicht van Christus bemoedigend zal zijn geweest voor de gemeenten, was Zijn boodschap van nog groter belang. Op een wijze gelijk aan zijn ervaring met de verheerlijking van Jezus op de berg (cf. Matt.7:6) werd Johannes opnieuw met schrik overweldigd bij de verschijning van Christus’ glorie en viel hij “als dood aan Zijn voeten” (1:17). Jezus “legde Zijn rechterhand op” Johannes en sprak tot de bange apostel de rustgevende woorden “wees niet bevreesd” (1:17). Overweldigd door de glorie en majesteit van Christus kon Johannes rust vinden in de zekerheid van Gods genadevolle liefde en barmhartige vergeving. Deze rustgevende boodschap en zekerheid die Jezus gaf is gebaseerd op zowel wie Hij is en het gezag dat Hij bezit.

Allereerst noemt Jezus Zichzelf “Ik ben” – de verbondsnaam van God (Ex.3:14). Het was met deze naam dat Hij de bevreesde discipelen die Hem op het meer van Galilea zagen lopen geruststelde (Mattheüs. 14:27). Daarna noemt Jezus Zichzelf “de Eerste en de Laatste” wat nog een andere benaming is die in het Oude Testament gebruikt wordt voor God (Jes.44:6; 48:12). Deze benaming bevestigd opnieuw aan Johannes en zijn lezers de goddelijkheid van Christus. Afgeleid van deze naam is het feit dat Jezus al bestond voor alle dingen er waren en zal blijven bestaan tot in de eeuwigheid. Jezus is veel groter en hoger verheven dan eender welke valse god van de omliggende volkeren. Wanneer deze allen zijn gekomen en gegaan, zal enkel Hij nog overblijven.

De hele boodschap van 1:18 heeft ook betrekking op Jezus’ overwinning van de dood. In de Bijbel en Joodse traditie is God de “Levende.” Jezus wordt hier specifiek de “Levende” genoemd omdat Hij, ondanks dat Hij stierf, Hij voor eeuwig leeft. Paulus schreef zelfs dat “Christus, nu Hij is opgewekt uit de doden, niet meer sterft. De dood heerst niet meer over Hem” (Rom.6:9). Door uit de dood op te staan garandeerde Jezus eeuwig leven aan al Zijn volgelingen, ook al zagen ze omwille van Zijn naam de dood in de ogen (20:4). Omdat Christus nu “altijd leeft om voor hen (Zijn volk) te pleiten,” “kan Hij ook volkomen zalig maken wie door Hem tot God gaan” (Heb.7:25). Ondanks zijn zondigheid in de aanwezigheid van de glorieuze hemelse Heer had Johannes (en al degenen die in Hem geloofden) niets te vrezen, omdat diezelfde Heer de straf voor zijn zonden had betaald met Zijn dood en verrezen was om nu voor eeuwig zijn advocaat te zijn.

Door Zijn overwinning over de dood heeft Jezus ook “de sleutels van het rijk van de dood en van de dood zelf” (Op.1:18). Dat Jezus de sleutels van het dodenrijk bezit geeft aan dat Hij alle macht heeft over de dood. Het zien van zulk een visioen van Christus moet voor Johannes en de Gemeente in de eerste eeuw van grote waarde zijn geweest. In de oude paleizen destijds waren degenen die de sleutels in handen hadden voorname gezagsdragers die konden bepalen of mensen al dan niet in de aanwezigheid van de koning mocht vertoeven. Christus heeft op gelijkaardige wijze het gezag om te beslissen wie sterft en wie leeft; Hij regeert over leven en dood. Door dit te bevatten hadden Johannes en al de verlosten niets te vrezen, omdat Christus hun al van de dood en het dodenrijk had bevrijd door Zijn eigen dood. Wetende dat Christus gezag heeft over de dood gaf aan hen die tot de Gemeente behoren rust en zekerheid, omdat gelovigen niets meer te vrezen hebben.

Aan het eind van het visioen wordt aan Johannes een herinnering gegeven van Zijn goddelijkheid. Op het eerdere gebod van Christus om te schrijven (Op.1:11), wordt nu verder gegaan en aan Johannes wordt gevraagd om drie aspecten op te schrijven. Als eerst “wat u (Johannes) hebt gezien”, het visioen dat hij dus net al gezien en opgeschreven had in verzen 10-16. Ten tweede “wat is”, wat een verwijzing is naar de brieven naar de zeven gemeenten die de toestand van de gemeenten weergaf. En als laatst moest Johannes opschrijven “wat hierna zal geschieden”, de profetische openbaring van de toekomstige dingen die zich ontvouwden in komende visioenen. Christus sluit hier het visioen met Zijn geliefde volgeling door hem te herinneren aan zijn plicht, om de waarheid die hij had geleerd door de visioenen, door te geven.

 

 

Conclusie

 

In het boek Openbaring heeft Christus Zijn Gemeente een erg bemoedigende, maar ook ontnuchterende boodschap gegeven. Doordat de apostel Johannes deze openbaring trouw heeft opgeschreven heeft de vervolgde Gemeente uit die tijd veel rust en zekerheid mogen ontvangen in het feit dat Christus, hun Messias, nu verheerlijkt is. Terwijl ze tegenstand ondervonden, of zelfs de dood door de hand van Caesar, werden ze bemoedigd in het feit dat Christus nog steeds leeft en regeert met Zijn Vader. Hij heeft de dood overwonnen door Zijn leven te geven voor de zonden van mensen. Nu de dood verslagen is blijft enkel de uiteindelijke dag over dat Hij voor de zijnen zal terugkeren. “Maar die dag en dat moment is aan niemand bekend” (Mc.13:32- 37; 1 Thess.5:2).

Om die reden roept Christus allen uit die tijd op om op Hem te wachten, wat zelfs de dag zelf kan betekenen. De terugkeer van Jezus zal uiteindelijk een einde brengen aan de rebellie van mensen – een gelukkig einde voor Gods volk, maar een tragisch einde voor allen die er voor kiezen om Hem te verwerpen. Omdat deze specifieke tijd onbekend en dichtbij is, mag niemand zijn bekering uitstellen. Er is nooit een goede gelegenheid voor de christenen om zich te hechten aan wereldse bezittingen of voorkomens, omdat Christus op eender welk moment kan terugkeren om rekenschap te vragen voor onze keuzes.

 

 

BEGELEIDENDE VRAGEN

 

 Wie kiest Christus om Zijn openbaring te geven?

 

Christus had van Zijn Vader een openbaring gekregen om aan de gemeente te geven. De boodschapper die Jezus koos om Zijn openbaring te geven, was niemand minder dan Zijn geliefde apostel Johannes. Hem zou de taak toevertrouwd worden van het brengen van deze openbaring van de dingen die zouden gebeuren aan de kerk. Wie in de toekomst deze openbaring luidop zou lezen, ernaar zou luisteren en het gehoorzaamt, zou in de ogen van God gezegend geacht worden.

 

 

 Wat ervoeren Johannes en de kerkelijke gemeente gedurende deze tijd?

 

Terwijl hij deze openbaring ontving, leed Johannes gevangenschap op een klein eiland, genaamd Patmos. Daar hielde de Romeinse overheid hem, omdat hij getuigenis had gegeven van Jezus Christus. Net als Petrus en Paulus voor hem, leed Johannes voor zijn toewijding aan Christus de Messias. De kerk ervoer een gelijke vervolging. Net als Stefanus jaren daarvoor, bleef de kerk te maken hebben met de tegenstand wegens hun trouw aan de Messias. Over de gehele wereld werden gelovigen gehaat voor het volgen van Jezus Christus.

 

 

 Naar waar stuurt de apostel Johannes de openbaring van Jezus Christus?

 

Terwijl Johannes op de dag des Heren aan het lofprijzen was, hoort Johannes een luide stem die tegen hem zegt: “Schrijf dat op een boekrol en stuur het aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: naar Efeze, naar Smyrna, naar Pergamus, naar Thyatira, naar Sardis, naar Filadelfia en naar Laodicea” (1:11). Deze zeven gemeenten waren gekozen, omdat ze in de zeven belangrijkste steden gelegen waren waarin Asia verdeeld was. Johannes moest de Openbaring van Jezus Christus strategisch aan de gemeenten brengen, omdat dit een doeltreffende en snelle manier was om de boodschap te sturen.

 

 

 Met welke boodschap groet Johannes de zeven gemeenten?

 

Aan het begin van de brief stuurt Johannes een zeer bemoedigende groet van God en Jezus zelf. De Heer God almachtig, de Alfa en Omega wilde dat ze wisten dat Hij nog de eeuwige Soevereine was. Hij had alles nog in Zijn hand, ongeacht de situatie. Christus wilde dat ze wisten dat Hij van hen hield, Hij hen van zonde bevrijdt had en hen koningen en priesters voor God maakte. Vanwege Zijn werk aan het kruis, hadden Johannes en zijn lezers de grootste reden om verheugd te zijn. Het gevloeide bloed van Christus had hen tenslotte bevrijd van hun zonden. Zij stonden nu als zondaren vergeven voor God, vrijgemaakt van zonden, dood en hel door het offer van Jezus Christus. Daarbij zou Jezus terugkomen voor Zijn volgelingen. Geen andere zekerheid zou een betere bemoediging geweest zijn voor de lijdende gelovigen, dan de wetenschap dat Jezus zou komen om dingen recht te zetten en dat de verdrukkers van de kerk tot de erkenning zullen komen van het verkeerde dat zij gedaan hebben aan Gods dienaren. Deze hoop, dat Christus op een dag zal terugkeren en gelovigen mee naar de hemel zal nemen om voor altijd in Zijn aanwezigheid te zijn, voorzag hen zowel van hoop als wel troost gedurende hun lijden.

 

 

 Wat zag Johannes toen hij zich naar de stem, die sprak, keerde?

 

Toen Johannes zich keerde naar de stem die was als een bazuin, zag hij een als “de Zoon des mensen” die te midden van zeven gouden kandelaren was. Dit is niemand anders dan de verheerlijkte Heer van de gemeente, Jezus Christus. Wat veelbetekenend hier is, is dat Jezus te midden van de kandelaars verschijnt (1:12-13; 2:1). Aangezien Christus uitlegt dat deze kandelaars zijn als de gemeenten in hun volheid (1:20), is Zijn verschijning te midden van de kandelaren Jezus aanwezigheid bij Zijn kerk (Joh.20:19). Dat Jezus in dit visioen aanwezig was bij de kerken, zou een geweldige bemoediging geweest zijn voor degene die lijden voor Zijn naam. De bemoediging hier is dat Christus hen niet verlaten had. Hij was getrouw geweest aan Zijn belofte die Hij in het evangelie van Mattheüs gemaakt had, “En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld” (Matt.28:20; ook Heb.13:5).

 

 

 Hoe zag de Zoon des mensen er uit in het visioen van Johannes?

 

De verschijning van Jezus in Zijn verheerlijkte toestand, zou voor iedere christen van groot belang zijn. De Een die wij dienen is de Een wiens haar als wit wol is en wiens stem is als geluid van vele wateren. Alles van Hem, van Zijn vurige ogen tot Zijn bronzen voeten straalde Zijn heerlijkheid af. Dat zulk een heerlijkheid gezien kon worden, betekende dat de verrezen Heer machtig is, zelfs God zelf en daarom kan Hij zijn kinderen beschermen en in staat stellen te midden van hun verdrukkers. Dit wordt zichtbaar bij het zwaard dat uit Zijn mond kwam (1:16b) en dat Hij de zeven sterren in Zijn rechterhand vasthoudt (of boodschappers/leiders van de kerk) (1:16a, 20a). Het punt van Jezus’ beschrijving hier was niet om de gemeenten van Zijn verschijning te vertellen, maar om Zijn macht te bekent te maken. Hij was de heersende Heer van het heelal, de Een met macht over leven en dood (1:18). Johannes schreef over de vervolgde christenen, hen eraan herinnerende dat God groter was dan hun beproevingen.

 

 

 Hoe reageert de apostel Johannes wanneer hij de Zoon des mensen ziet?

 

Op een manier gelijk aan zijn ervaring met de heerlijkheid van Jezus op de berg van de verheerlijking (cf. Matt.17:6), was Johannes weer overweldigd door angst bij de voorstelling van Gods heerlijkheid. De apostel Johannes schrijft dat hij als dood neerviel voor Zijn magnifieke Verlosser Jezus Christus. En net als Hij lang geleden gedaan had bij de verheerlijking op de berg (Matt.17:7), plaatste Jezus Zijn rechterhand op Johannes en gaf de bange apostel de bemoedigende woorden “Wees niet bevreesd” (1:17). Terwijl hij overweldigd is door de glorie en majesteit van Christus, kreeg Johannes de troost in de zekerheid van Gods genadevolle liefde en barmhartige vergeving.

 

 

 Hoe laat Christus weten wie Hij is, terwijl Hij troost schenkt aan de apostel Johannes?

 

Om Johannes te troosten zegt Jezus, “Ik ben de Eerste en de Laatste, en de Levende, en Ik ben dood geweest en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid” (1:17-18). Jezus maakt zichzelf bekend als de Een die de dood heeft overwonnen. Hoewel Hij aan het kruis stierf, kon het graf Hem niet vasthouden. Christus, die uit de doden is opgestaan, zal nooit weer sterven. Dus door op te staan uit de dood heeft Christus niet alleen de dood verslagen, maar garandeerde Hij eeuwig leven aan al Zijn volgelingen, ook al zagen zij de dood tegemoet vanwege Zijn naam. Dus ondanks Zijn zondeloosheid in de aanwezigheid van de glorieuze Heer van de hemel, hoefde Johannes niet bang te zijn, omdat dezelfde Heer de straf voor zijn zonden had gedragen (en voor degene die in Hem geloofden) en opgestaan was om zijn eeuwige Verlosser te zijn.

 

 

 Wat zegt de verheerlijkte Christus nu over wat Hij nu in bezit heeft?

 

Door Zijn overwinning over de dood, houdt Jezus ook de “sleutels van de dood en van het dodenrijk zelf” in handen (1:18). De mensen in die dagen geloofden dat het dodenrijk (Hades) een Griekse god was die heerste over het rijk van de dood, “het huis van Hades.” “Dood en Hades” vertegenwoordigen daarom de macht van de dood over de schepping. Dat Jezus de sleutel van het dodenrijk had, duidt het feit aan dat Hij alle macht en gezag over de dood heeft. Door dit begrepen te hebben, had Johannes geen angst, evenals al de verlosten, aangezien Christus hem al verlost had van de dood en het dodenrijk door Zijn eigen dood. Wetende dat Christus gezag heeft over de dood, voorzag grote zekerheid voor degene van de gemeenten, aangezien gelovigen niet langer een reden hebben om bang te zijn.

 

 

SAMENVATTING

 

Voordat God de Bijbel eindigde, verlangde Hij dat er nog een openbaring gegeven werd over de dingen die in de toekomst zouden plaatsvinden. Voor degenen uit de vroege gemeenten, zou zijn boodschap een grote bemoediging zijn tijdens de vervolging. Ondanks hun moeilijke omstandigheden blijft God over alle dingen de controle houden. Hij is de Almachtige, de Alfa en Omega, het begin en het einde. Zelfs Christus Zijn Zoon is daar om een bemoediging te geven. Hij die Hem liefheeft en hen bevrijdt heeft van zonden, blijft bij hen. Dit wordt gezien in het visioen van Johannes van de Mensenzoon. Christus, in Zijn volle glorie, verschijnt aan de apostel. In deze ontmoeting bevestigd Christus dat Hij de Levende is, die zonde en dood heeft overwonnen. Johannes schrijft alles wat Christus hem openbaart over de toekomst, getrouw en in gehoorzaamheid op. Van groot belang is het feit dat Christus spoedig zal komen om alle dingen nieuw te maken. Wat er nog rest is de openbaring van Jezus Christus zoals we kunnen zien in het laatst vermelde boek van het Nieuwe Testament.

Dat Christus stierf, is opgestaan en nu leeft blijft een wonderbare waarheid voor vele christenen vandaag. Ieder van ons zou dankbaar moeten zijn dat Christus ons heeft vrijgemaakt van onze zonden door Zijn bloed en dat Hij zijn gemeente blijft liefhebben en er zorg voor draagt. Nu dat de dood is verslagen, is de laatste dag dat Hij voor de Zijnen zal terugkomen, alles wat overblijft. Deze tijd komt spoedig en zal onverwacht zijn. Het is om die reden dat Christus degene oproept om gereed te zijn, want het kan vandaag zijn. Voor degene die niet bij Gods familie behoren, raakt het moment, om zich naar God te keren, op. Christus zal komen en snel, wanneer Hij komt terwijl men Hem nog afwijst, zal hun einde tragisch zijn. Omdat die tijd onbekend is en nader, zou niemand berouw moeten uitstellen.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

 

Boodschap 154 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

De Heilige Drievuldigheid

De Heilige Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

WIE GELOOFT IN 

 

GOD, CHRISTUS EN DE HEILIGE GEEST

 

STERFT IN VREDE.

 

WIE GELOOFT IN DE MENS EN ZICHZELF

 

STERFT IN ANGST

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

De ontmoeting met Maria, de moeder van Jezus

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Jezus uit en in Maria

Jezus uit en in Maria

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Lucas vertelt over twee bijzondere geboorten: de eerste van Johannes de Doper, de voorbode van de Here Jezus, en de tweede van Jezus zelf:

“In de zesde maand (van de zwangerschap van Elisabeth) zond God de engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje (maagd) dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria. Gabriël ging haar huis binnen en zei: ‘Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je’.

 

 

Maria schrikt en vraagt zich af wat dit te betekenen heeft. De engel gaat verder:

“Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen”.

 

 

Tot haar verbazing hoort zij dat ze zwanger zal worden voordat ze met Jozef getrouwd is. Ze stelt daarom de vraag:

“Hoe zal dat gebeuren? Ik heb immers nog nooit gemeenschap met een man gehad”.

 

 

Waarop Gabriël haar vertelt:

“De Heilige Geest zal over je komen en de kracht van de Allerhoogste zal je als een schaduw bedekken. Daarom zal het kind dat geboren wordt, heilig worden genoemd en Zoon van God”.

 

 

Gabriël vertelt haar ook dat haar oude tante Elisabeth al zes maanden zwanger is. Heel nederig, en vol geloof, antwoordt zij:

“De Heer wil ik dienen: laat er met mij gebeuren wat u hebt gezegd”.

 

 

Ze denkt niet aan alle problemen die er nu voor haar gaan komen. Wie zal haar geloven? Iedereen zal denken dat ze overspel heeft gepleegd. Hoe zal Jozef reageren? Als hij haar verlaat zal ze helemaal alleen zijn, niemand zal voor haar willen zorgen. Op overspel staat zelfs de doodstraf. Ze gelooft de woorden van Gabriël en besluit direct naar Elisabeth te gaan. De begroeting van Elisabeth klinkt haar als muziek in de oren. Ze krijgt hierdoor nog een bevestiging dat Gabriël de waarheid heeft gesproken:

“Toen Elisabeth de groet van Maria hoorde, sprong het kind op in haar schoot; ze werd vervuld met de Heilige Geest en riep luid: ‘De meest gezegende ben je van alle vrouwen, en gezegend is de vrucht van je schoot! Toen ik je groet hoorde, sprong het kind van vreugde op in mijn schoot. Gelukkig is zij die geloofd heeft dat de woorden van de Heer in vervulling zullen gaan’.”

 

 

Deze woorden tonen dat Maria de woorden van Gabriël direct geloofde, in tegenstelling tot Zacharias, die als bewijs een teken vroeg. Maria antwoordt Elisabeth met een lofzang. Hierin laat zij voor het eerst haar grote blijdschap zien, om wat de Here voor haar heeft gedaan.

“Mijn ziel prijst en looft de Heer, mijn hart juicht om God, mijn redder: Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares. Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen, ja, grote dingen heeft de Machtige voor mij gedaan, heilig is zijn naam”.

 

 

Dit is alles wat zij over zich zelf zegt. Belangrijker voor haar is de vervulling van Gods heilsbeloften:

Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar, zoals hij aan onze voorouders heeft beloofd: hij herinnert zich zijn barmhartigheid jegens Abraham en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid.”

 

 

Uit de lofzang, waarin vele aanhalingen uit de psalmen en profeten staan, blijkt dat Maria de Schriften goed kende. Na haar terugkeer neemt Jozef zijn verloofde Maria bij zich in huis. God had hem in een droom de situatie uitgelegd. Jozef gelooft God en neemt de verantwoordelijkheid voor moeder en kind op zich. De geboorte vond plaats in een sombere stal. Het bezoek van de herders gaf grote blijdschap en maakte diepe indruk op Maria. Ze begreep niet alles van wat ze vertelden maar:

“bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken”(Lucas 2:19).

 

 

Deze houding was typerend voor Maria. Wanneer Jezus bij verschillende gelegenheden ‘vrouw’ en niet moeder zei, was dat niet koel en afstandelijk bedoeld. Het ging Jezus erom dat niet de biologische maar de geloofsband belangrijk is. De liefde van Jezus voor zijn moeder was groot. Bij de kruisiging gingen de woorden van Simeon (Lucas 2:35) in vervulling:

“en zelf zult u als door een zwaard doorstoken worden”.

 

 

Jezus troostte haar ; toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie hij veel hield, zei hij tegen zijn moeder:

‘Vrouw zie uw zoon’,

 

 

en daarna tegen de leerling:

‘Zie uw moeder’.

 

 

Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis”( Johannes 19:26-27). Vrouw niet moeder. Jezus wilde niet dat Maria alleen maar zou treuren om het verlies van een zoon, maar zou zien dat zij Hem terugkreeg als haar Heer. Samen met de discipelen in de bovenzaal toonde zij een groot geloof in haar Heiland:

“Deze allen bleven eendrachtig volharden in het gebed, met enige vrouwen en Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broeders”( Handelingen 1: 14).

 

Laten wij, net zoals zij, de Here aanbidden en uitzien naar zijn wederkomst!

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA