Tagarchief: mei

Gewoon speenkruid : Ficaria verna subsp. verna

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

Ranunculus_ficaria-01_speenkruid1-I2

 

 

Goed te herkennen aan
– de glanzend gele bloemen en
– de vlezige glanzende bladeren en
– de vroege bloei

 

 

 

 

 

Algemeen 

 

Gewoon speenkruid is een zeer algemeen voorkomend overblijvend plantje. Ze groeit voornamelijk op zonnige tot licht beschaduwde, vochtige, voedselrijke grond tussen hakhout, onder heggen, aan slootkanten, in weiden, bermen, tuinen en bossen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Een van de eerste bloemen die in het voorjaar verschijnen zijn de stervormige gele bloemen van gewoon speenkruid. Bij donker weer blijven de bloemen gesloten, maar zodra de zon schijnt spreiden de kroonblaadjes zich uit.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De iets vlezige, lang gesteelde blaadjes zijn glanzend groen en liggen dakpansgewijs over elkaar heen om zoveel mogelijk te profiteren van het zonlicht. Eind mei is gewoon speenkruid weer geheel verdwenen. Vermeerdering vindt voornamelijk plaats door middel van knolletjes, die door de mens, dier of de regen worden verspreid. Die knolletjes bevinden zich in de oksels van de onderste bladeren en zijn vooral na de bloei goed zichtbaar.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Ze bevatten veel vitamine C en kunnen gebruikt worden in salades. Neem dan wel de bladeren voor de bloei, want tijdens de bloei vormen zich giftige stoffen in de bladeren.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Vreemd speenkruid lijkt op gewoon speenkruid. Ze mist echter de knolletjes in de bladoksels en heeft bredere, meestal meer kroonblaadjes, die elkaar bedekken met de randjes. Vreemd speenkruid kun je op verscheidene buitenplaatsen tegenkomen. Ze is daar gekomen met ingevoerde bolplanten.

 

 

vreemd speenkruid

 

 

 

vreemd speenkruid

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 5 tot 30 cm hoog
– zodenvormend

Bloem
– geel
– vanaf maart t/m mei
– gesteeld alleenstaand
– 2 tot 3 cm
– stervormig
– 6 tot 12 kroonbladen, niet vergroeid
– 3 soms 4 kelkbladen
– meer dan 20 meeldraden
– meer dan 20 stijlen

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– hartvormig
– top stomp
– rand gaaf tot bochtig gekarteld
– voet hartvormig
– netnervig
– glanzend

Stengel
– liggend, aan het einde opgericht
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

gewoon speenkruid

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

Gevlekt longkruid ; Pulmonaria officinalis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

266px-pulmonaria_officinalis_gevlekt_longkruid

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de verschillend gekleurde bloemen en
– de gevlekte behaarde bladeren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Gevlekt longkruid is een overblijvende plant, die alleen in Zuid-Limburg in het wild voorkomt. Daar is ze zeldzaam. Elders in de Lage Landen is ze verwilderd vanuit tuinen (via tuinafval) of als stinsenplant aangeplant.
Ze groeit op vochtige, voedselrijke, lemige grond in loofbossen en op buitenplaatsen. De plant wordt 10 tot 30 cm hoog, is ruw behaard en groeit in pollen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Gevlekt longkruid bloeit vanaf maart tot en met mei. Aanvankelijk zijn de bloemen roze, later verkleuren ze naar blauw-paars.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De wortelbladeren verschijnen later en zijn lang gesteeld, de kleinere stengelbladeren zijn kort of niet gesteeld. Alle bladeren zijn licht gevlekt. De wortelstandige bladeren zijn in de winter blijvend.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Vroeger werd gevlekt longkruid beschouwd als een geneeskrachtige plant. Ze zou helpen tegen longziektes.
In de volksgeneeskunde wordt gevlekt longkruid gebruikt bij diarree en voor de verzorging van wonden.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– ruwbladigenfamilie (Boraginaceae)
– overblijvend
– zeer zeldzaam
– 10 tot 30 cm

Bloem
– roze tot blauw-paars
– vanaf maart t/m mei
– schicht
– trechtervormig
– 10 mm
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– eirond
– top toegespits
– rand gaaf
– veernervig
– licht gevlekt
– behaard
– wortelbladeren :
– lang gesteeld
– hartvormige voet
– stengelbladeren :
– kort of niet gesteeld
– voet half stengelomvattend

Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria
John Astria

Vroegeling : Erophila verna

Standaard

Vroegeling : Erophila vernacategorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

IMG_2906-m.vroegeling

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de vroege bloei en
– het kleine bladrozet en
– de tere kleine witte bloemetjes met 4 gespleten kroonbladen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Vroegeling is een tenger eenjarige plantje van 3 tot 15 cm hoog. Ze komt zeer algemeen voor op open, droge zandgrond, zoals in plantsoenen, bermen, open grasland en tussen bestrating. In de kustprovincies is ze wat minder algemeen.  Vroegeling kiemt in het najaar en gaat als rozet de winter door. In het vroege voorjaar verschijnen de bloemetjes en voor de zomer zijn de zaden al gevormd. Dan sterft het plantje af en zullen in het najaar de zaden ontkiemen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf februari tot en met mei met witte bloemetjes, die op onbebladerde, gladde stelen staan. De bloemetjes hebben vier diep gespleten kroonblaadjes. Vaak komt de plant massaal voor op haar groeiplaats. Deze krijgt dan vroeg in het jaar een witte waas van al die kleine bloemetjes. Voor sommige mensen is dit een teken dat het voorjaar eraan komt. Als de vruchtjes opengaan geven de witte tussenschotten weer een opvallend witte waas over de plantjes.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Naast vroegeling zijn er nog 5 andere (zeer) algemeen voorkomende, vroege voorjaarsbloeiers met 4-tallige, kleine witte bloemetjes en een bladrozet.

 

 

 

herderstasje : driehoekige vruchten.

 

 

 

 

 

 

 

vroegeling : gespleten kroonbladen en brede, platte vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

zandraket : lange, smalle, schuin afstaande vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

kleine veldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

bosveldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

klein tasjeskruid : ongelijke kroonbladen, eironde, platte, haaks afstaande vruchten, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen voorkomend
– 3 tot 15 cm

Bloem
– wit
– vanaf februari t/m mei
– tros
– stervormig
– 3 tot 5 mm
– 4 diep ingesneden kroonbladen
– kroon niet vergroeid
– 4 kelkbladen, behaard
– 6 meeldraden

Blad
– rozet
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits
– rand gaaf of getand
– voet gevleugeld
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– glad en kaal of verspreid behaard
– rolrond
– onbebladerd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

Bloeiend in mei in de Lage Landen

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

 

 

Bloeiend in mei in de Lage Landen. Elke bloem wordt in de categorie ” Kamerplanten en bloemen ” beschreven : zie zoeken

 

 

bosanemoon

 

 

 

 

 

gele anemoon

 

 

 

 

 

gevlekt longkruid

 

 

 

 

 

gewoon speenkruid

 

 

 

 

herderstasje

 

 

 

 

klein tasjeskruid

 

 

 

 

 

kleine veldkers

 

 

 

 

 

klimop ereprijs

 

 

 

 

 

maarts viooltje

 

 

 

 

paardenbloem

 

 

 

 

 

paarse dovenetel

 

 

 

 

 

prachtschubwortel

 

 

 

 

 

slanke sleutelbloem

 

 

 

 

winterpostelein

 

 

 

 

zandhoornbloem

 

 

 

 

 

klein kruiskruid

 

 

 

 

 

kluwenhoornbloem

 

 

 

 

madeliefje

 

 

 

 

vogelmuur

 

 

 

 

 

vroegeling

 

 

 

 

 

 

 holwortel

 

 

 

 

 

 akkerhoornbloem

 

 

 

 

 

bostulp

 

 

 

 

 

bosveldkers

 

 

 

 

 

daslook

 

 

 

 

 

deenslepelblad

 

 

 

 

 

donkersporig bosviooltje

 

 

 

 

 

duinreigersbek

 

 

 

 

 

duinviooltje

 

 

 

 

 

gehoornde klaverzuring

 

 

 

 

 

gewone dotterbloem

 

 

 

 

 

gewone ereprijs

 

 

 

 

 

gewone hoornbloem

 

 

 

 

 

gewone reigersbek

 

 

 

 

 

gewone smeerwortel

 

 

 

 

 

gewoon barbarakruid

 

 

 

 

 

grote ereprijs

 

 

 

 

 

grote muur

 

 

 

 

 

gulden boterbloem

 

 

 

 

 

gulden sleutelbloem

 

 

 

 

 

hoenderbeet

 

 

 

 

 

hondsdraf

 

 

 

 

 

hopklaver

 

 

 

 

 

kleine maagdenpalm

 

 

 

 

 

knikkende vogelmelk

 

 

 

 

 

kruipend zenegroen

 

 

 

 

 

kruisbladwalstro

 

 

 

 

 

kruishyacint

 

 

 

 

 

look zonder look

 

 

 

 

 

overblijvende ossetong

 

 

 

 

 

pinksterbloem

 

 

 

 

 

raapzaad

 

 

 

 

 

ronde ooievaarsbek

 

 

 

 

 

scherpe boterbloem

 

 

 

 

 

tijmereprijs

 

 

 

 

 

 

veldsla

 

 

 

 

 

voorjaarshelmkruid

 

 

 

 

 

witte dovenetel

 

 

 

 

 

witte klaverzuring

 

 

 

 

 

zandraket

 

 

 

 

 

zomerklokje

 

 

 

 

 

liggende asperge

 

 

 

 

 

akker vergeet me nietje

 

 

 

 

 

akkerviooltje

 

 

 

 

 

avond koekoeksbloem

 

 

 

 

 

basterdklaver

 

 

 

 

 

beekpunge

 

 

 

 

 

bermooievaarsbek

 

 

 

 

 

 

bittere veldkers

 

 

 

 

 

blaartrekkende boterbloem

 

 

 

 

 

blaassilene

 

 

 

 

 

blauwe waterereprijs

 

 

 

 

 

bleke klaproos

 

 

 

 

 

boksdoorn

 

 

 

 

 

bonte wikke

 

 

 

 

 

brem

 

 

 

 

 

dagkoekoeksbloem

 

 

 

 

 

donkere ooievaarsbek

 

 

 

 

 

drienerfmuur

 

 

 

 

 

echte koekoeksbloem

 

 

 

 

 

esparcette

 

 

 

 

 

 

fluitenkruid

 

 

 

 

 

geel nagelkruid

 

 

 

 

 

gele helmbloem

 

 

 

 

 

gele lis

 

 

 

 

 

gele morgenster

 

 

 

 

 

gele plomp

 

 

 

 

 

gevlekt longkruid

 

 

 

 

 

gewone brunel

 

 

 

 

 

gewone duivenkervel

 

 

 

 

 

gewone margriet

 

 

 

 

 

gewone ossentong

 

 

 

 

 

gewone rolklaver

 

 

 

 

 

gewone vogelmelk

 

 

 

 

 

gewoon speenkruid

 

 

 

 

 

glad walstro

 

 

 

 

 

groot streepzaad

 

 

 

 

 

grote klaproos

 

 

 

 

 

grote ratelaar

 

 

 

 

 

heggenwikke

 

 

 

 

 

hengel

 

 

 

 

 

herik

 

 

 

 

 

inkarnaatklaver

 

 

 

 

 

 

kleine klaver

 

 

 

 

 

kleine ooievaarsbek

 

 

 

 

 

kleine pimpernel

 

kleine pimpernel

 

 

 

kleine ratelaar

 

 

 

 

 

knolsteenbreek

 

 

 

 

 

krabbenscheer

 

 

 

 

 

kromhals

 

 

 

 

 

lelietje van dalen

 

 

 

 

 

liggende klaver

 

 

 

 

 

mannetjes ereprijs

 

 

 

 

 

melkkruid

 

 

 

 

 

middelste duivenkervel

 

 

 

 

 

moeras vergeet me nietje

 

 

 

 

 

moeraswolfsmelk

 

 

 

 

 

muizenoor

 

 

 

 

 

muurbloem

 

 

 

 

 

muurleeuwenbek

 

 

 

 

 

oosterse morgenster

 

 

 

 

 

phacelia

 

 

 

 

 

pijpbloem

 

 

 

 

 

ringelwikke

 

 

 

 

 

robertskruid

 

 

 

 

 

rode klaver

 

 

 

 

 

rood guichelheil

 

 

 

 

 

roze winterpostelein

 

 

 

 

 

schijnaardbei

 

 

 

 

 

schijnpapaver

 

 

 

 

 

slangenkruid

 

 

 

 

 

slipbladige ooievaarsbek

 

 

 

 

 

smalle weegbree

 

 

 

 

 

smalle wikke

 

 

 

 

 

stinkende gouwe

 

 

 

 

 

veldhondstong

 

 

 

 

 

veldsalie

 

 

 

 

 

vergeten wikke

 

 

 

 

 

vierzadige wikke

 

 

 

 

viltige hoornbloem

 

 

 

 

 

vingerhoedskruid

 

 

 

 

 

waterviolier

 

 

 

 

 

wede

 

 

 

 

 

weegbreezonnebloem

 

 

 

 

 

wilde akelei

 

 

 

 

 

wilde reseda

 

 

 

 

 

witte engbloem

 

 

 

 

 

witte klaver

 

 

 

 

 

witte krodde

 

 

 

 

 

witte waterlelie

 

 

 

 

 

 

zachte ooievaarsbek

 

 

 

 

 

zompvergeet me nietje

 

 

 

 

 

zwanenbloem

 

 

 

 

 

zilverschoon

 

 

 

 

Judaspenning (paars en wit)

 

 

 

 

witte Judaspenning

 

 

 

Gewone zandraket

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Witte klaverzuring : Oxalis acetosella

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– paars geaderde witte (soms roze) bloemen op lange stelen én
– het 3-delige klaverblad met breed hartvormige deelblaadjes

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Witte klaverzuring is een lage, tere, sappige, overblijvende plant van 10 tot 15 cm hoog. Ze komt vrij algemeen voor in de Lage Landen. Ze heeft weinig licht nodig en groeit op vochtige, matig voedselrijke grond in bossen en aan beschaduwde slootkanten. Ze vermeerdert zich middels een dunne, kruipende wortelstok, waaruit groepjes bladeren en bloemen groeien.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Witte klaverzuring bloeit in april en mei. De witte (soms roze) bloemen hebben 5 paars geaderde kroonbladen. De basis van de kroonbladen is geel, waardoor het hartje van de bloem geel is. De bloemen staan op een dunne, zacht behaarde steel. Halverwege de steel zitten 2 kleine schutblaadjes. Zowel de bloemen als de bladeren zijn grondstandig.

 

 

 

 

 

Blad

 

Het blad bestaat uit 3 breed hartvormige, behaarde deelblaadjes en doet denken een aan klaverblad. Toch is kla-verzuring geen klaversoort. De nieuwe bladeren zijn in het begin van de lente mooi lichtgroen. Later in het jaar worden ze donkerder en aan de onderkant paarsachtig. Ze zijn erg teer, maar ondanks dat blijven ze in de winter wel groen.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De bladeren van witte klaverzuring kunnen gebruikt worden in sauzen, soepen en salades. De zurige smaak ont-staat door oxaalzuur. Teveel van het blad is niet goed, omdat het oxaalzuur gal- en nierstenen veroorzaakt. Af en toe een paar blaadjes als smaakmaker kan geen kwaad. In de homeopathie wordt het blad gebruikt bij lever- en gal aandoeningen, spijsverteringsstoornissen en stofwisselingsziekten.

 

 

 

 

 

Weetje

 

Als het donker wordt en bij regenachtig weer gaan de bloemen dicht en worden de deelblaadjes van het blad sa-men gevouwen langs de middennerf. Zowel bloemen als blaadjes gaan dan naar beneden hangen. Dit wordt de slaapstand genoemd.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

klaverzuringfamilie (Oxalisdaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot ontbrekend
– 10 tot 15 cm
verspreiding

Bloem
– wit (soms roze) en paars geaderd
– april en mei
– alleenstaand, wortelstandig
– stervormig
– 1,5 tot 2,5 cm
– 5 kroonbladen
– niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– wortelstandig
– samengesteld
– breed hartvormig
– top uitgerand
– rand gaaf
– voet wigvormig
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– zacht behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Zandraket : Arabidopsis thaliana

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine (4 – 8 mm), witte 4-tallige bloemetjes en
– de lange, dunne, rolronde, schuin afstaande vruchten en
– het rozet van behaarde blaadjes met een grof getande rand

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Zandraket is een eenjarige plant van 5 tot 30 cm hoog. Ze is zeer algemeen voor komend in de Lage Landen. Zandraket groeit op open, droge, min of meer voedselrijke zandgrond in bermen, akkers, plantsoenen, op dijken en tussen tegels.

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit in april en mei met kleine witte bloemetjes. De zuiver witte bloemetjes zijn 4 tot 8 mm groot, hebben 4 kroonbladen, 4 geelgroene kelkbladen, 1 stijl en 6 meeldraden, 4 langere en 2 kortere. De bloemen staan in een tros aan het einde van de stengel en zijstengels.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Zandraket heeft een korte levenscyclus. De zaden kiemen in de herfst en de plant gaat als rozet de winter door. In het vroege voorjaar groeien uit het rozet een aantal al of niet vertakte bloeiende stengels. ’s Nachts en bij regen-achtig weer buigen de bloemtrossen zich om het stuifmeel te beschermen tegen vocht.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Zandraket is een grijsgroen plantje, dat fijner en smaller oogt dan herderstasje. Naast zandraket zijn er nog 5 andere algemeen voorkomende, vroege voorjaarsbloeiers met 4-tallige, kleine witte bloemetjes en een bladrozet.

 

 

 

herderstasje : driehoekige vruchten.

 

 

 

 

 

 

 

vroegeling : gespleten kroonbladen en brede, platte vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

zandraket : lange, smalle, schuin afstaande vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

kleine veldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

bosveldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

klein tasjeskruid : ongelijke kroonbladen, eironde, platte, haaks afstaande vruchten, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot zeldzaam
– 5 tot 30 cm

Bloem
– wit
– april en mei
– tros
– stervormig
– 4 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– enkelvoudig
– 1-nervig
– behaard
– rozetbladeren :
– eirond tot lancetvormig
– top stomp of afgerond
– rand grof getand
– voet versmallend in steel
– stengelbladeren :
– lancetvormig
– top spits
– rand gaaf of grof getand
– zittend

Stengel
– rechtop
– vooral onderaan behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Grote ereprijs : Veronica persica

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

266px-Veronica-211006-800-1grote ererpijs

 

 

Goed te herkennen aan
– de grote ereprijs bloemen op lange stelen in de bladoksels en
– de eironde bladeren groter dan 1 cm met diep gekartelde rand

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Grote ereprijs is een eenjarige plant van 15 tot 30 cm hoog.  De plant komt van nature voor in de Kaukasus en heeft zich van daaruit verder verspreid in Europa en Noord – Amerika. Ze komt zeer algemeen voor in de Lage Landen en groeit op open, vochtige, zeer voedselrijke grond in akkers, moestuinen en op mesthopen.

 

 

 

 

Bloemen

 

Grote ereprijs bloeit vanaf april tot de herfst met blauwe, donker geaderde bloemen, die in het hart wit zijn. Het onderste kroonblad is bleker van kleur of wit. De bloemen zijn 1 tot 1,5 cm breed.

 

 

 

 

 

Bladeren

 

De eironde bladeren zijn behaard, groter dan 1 cm en hebben een vrij diep getande rand.

 

 

266px-Veronica_persica_060403Cw big reprijs

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Er komen 24 soorten ereprijs voor die men kan verdelen in 3 groepen:

1. ereprijs met bloemtrossen in de bladoksels
2. ereprijs met eindelingse bloemtrossen
3. ereprijs met 1 alleenstaande bloem in de bladoksels : tot deze groep behoort grote ereprijs.

 

 

 

 

 

 

De verschillen tussen grote ereprijs en draadereprijs

 

grote ereprijs

 

– bloeit vanaf april tot in de herftst
– spitse kelkbladen
– met vruchtjes
– bladeren eirond, langer dan 1 cm en diep getand
– bladsteel 3 tot 8 mm lang
– stengel niet of op enkele knopen wortelend

 

 

 

 

 

draadereprijs

 

– bloeit in april en mei
– stompe kelkbladen
– zonder vruchtjes
– bladeren rond of niervormig , tot 1 cm lang, ondiep gekarteld
– korte bladsteel, 1 tot 2 mm lang
– stengel wortelend op de meeste knopen

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot zeldzaam
– 15 tot 30 cmBloem
– blauw, in het midden wit
– vanaf april tot de herfst
– gesteeld alleenstaand
– stervormig
– 10 tot 15 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

StengelBlad
– verspreid
– enkelvoudig
– eirond
– top spits
– rand vrij diep getand
– voet afgerond
– veernervig
– behaard

– opstijgend of liggend
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

grote ereprijs1

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

Kruishyacint : Hyacinthoides x massartiana

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
de tros met meestal meer dan 12 blauw-paarse, witte of roze, breed klokvormige, hangende, redelijk grote bloemen

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Aangenomen mag worden dat wilde hyacint in haar zuivere vorm niet meer in de Lage Landen voor- komt. De op wilde hyacint lijkende exemplaren zijn ontstaan door kruising van wilde hyacint (Hyancinthoides non-scripta) en Spaanse hyacint (Hyacinthoides hispanica) en worden kruishyacint genoemd (Hyacinthoides x massartiana). Zowel Spaanse als kruishyacint zijn te koop als tuinplant.

Kruishyacint groeit op vochtige, voedselrijke grond in loofbossen. Ze komt vrij algemeen voor langs de binnen-duinrand. Elders is ze zeldzaam. Ze bloeit vanaf half april tot begin mei en wordt 15 tot 50 cm hoog. Kruishyacint behoort tot de stinsenplanten.

 

 

Spaanse hyacint

 

 

 

Vergelijkbare soorten
  wilde hyacint
– 6 tot 12 bloemen in eenzijdige trossen, aangenaam geurend
– meeldraden en helmknoppen roomkleurig
– voornamelijk blauw-paars
– top van de tros gebogen
– bladeren tot 10 mm breed
– smal klokvormig, einde van de bloemdekbladen   teruggeslagen
  kruishyacint
– meer dan 12 bloemen aan alle kanten van de tros, reukloos
– meeldraden en helmknoppen roomkleurig of in de bloemkleur
– blauw-paars, wit of roze
– top van de tros recht
– bladeren tot 15 mm breed, soms nog breder
– wijd klokvormig, einde van de bloemdekbladen uitstaand

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

wilde hyacint

 

 

wilde hyacint

 

 

 

Algemeen

 

– aspergefamilie (Asparagaceae)
– overblijvend, bolgewas
– vrij algemeen tot zeldzaam
– 15 tot 50 cm

Bloem
– blauw-paars, roze of wit
– april en mei
– tros
– breed klokvormig
– 12 tot 20 mm lang
– 6 bloemdekbladen, niet vergroeid
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lijnvormig
– top stomp
– rand gaaf
– voet afgerond of wigvormig
– parallelnervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wilde kievitsbloem : Fritillaria meleagris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de blokvormig getekende, hangende, klokvormige, paarse bloemen (soms zijn ze geheel wit of wit/groenig)

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Wilde kievitsbloem is bolgewas van 20 tot 50 cm hoog. Ze groeit op vrij voedselrijke graslanden, die ’s winters drassig zijn of onder water staan en ’s zomers niet te veel uitdrogen. Ze is vrij zeldzaam en wordt ook als tuinplant aangeboden. Wilde kievitsbloem is één van de eerste planten die wettelijk beschermd werd. Ondanks de bescher-ming zijn er toch heel veel groeiplaatsen verdwenen door te zware bemesting, ontwatering, intensievere bewei-ding of omdat ze plaats moesten maken voor uitbreiding van steden.

 

.

 

 

 

Bloem

 

Wilde kievitsbloem heeft ongeveer 8 jaar nodig voordat ze tot bloei komt. Ze bloeit in april en mei. De bloemen zijn klokvormig, hangend en meestal alleenstaand, soms met 2 of 3. Ze zijn paars/wit geblokt, egaal wit of wit /groenig. Na de bloei vallen de bloemdekbladen af, verlengt de stengel zich en richt zich op. De vruchtdoos wordt gevormd, waarin de zaden rijpen. De zaden bevatten luchtholtes, waardoor ze op het water blijven drijven en zo verspreid worden.

 

 

vrucht

 

 

 

Blad

 

De lange, smalle bladeren zijn grijsgroen en gootvormig. Ze staan verspreid langs de stengel.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– leliefamilie (Liliaceae)
– overblijvend
– vrij tot zeer zeldzaam
– 20 tot 50 cm
– rode lijst
– ook als tuinplant

Bloem
– donker- tot licht paarsrood
– april en mei
– gesteeld alleenstaand
– 3 tot 4,5 cm
– klokvormig
– 6 bloemdekbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lijn- tot lintvormig
– top spits
– rand gaaf
– (half)stengelomvattend
– parallelnervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal
– rond

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kruisbladwalstro : Cruciata laevipes

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– vier in een krans staande bladeren met
– okselstandige trosjes kleine, gele, 4-tallige bloemetjes

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Kruisbladwalstro is een overblijvende, geel-groene plant van 15 tot 45 cm hoog, die groeit op min of meer voch-tige, voedselrijke grond aan heggen, bosranden, op dijken en in bermen. Ze is een typische rivier begeleidende soort. Ze staat op de rode lijst als sterk afgenomen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Kruisbladwalstro bloeit vanaf april tot en met juni (soms in augustus weer) met gele, geurende “walstro” bloe-metjes. Ze zijn klein (tot 3 mm) en hebben 4 bloemdekbladen met het voor walstro-soorten kenmerkende toegespitste topje.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De ruw behaarde, geel-groene bladeren staan kransgewijs om de stengel met 4 bij elkaar. In de oksels van de bla-deren groeien de bloemtrosjes, die korter zijn dan de bladeren. De stengels zijn (meestal) onvertakt, vierkantig, groen of rood aangelopen en behaard met lange afstaande haren. Ze zijn vrij zwak; omringend gras houdt ze rechtop. In andere gevallen ligt de stengel en staat alleen de top rechtop.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Er zijn verschillende walstro-soorten, zoals glad walstro, geel walstro, kleefkruid en lievevrouwebedstro. Allemaal hebben ze de kransstandige bladeren. De combinatie van gele bloemen met 4 bladeren in een krans onderscheidt kruisbladwalstro van de andere soorten.

 

 

glad walstro

 

 

 

geel walstro

 

 

 

kleefkruid

 

 

 

lievevrouwebedstro

 

 

 

Algemeen

– sterbladigenfamilie (Rubiaceae)
– overblijvend
– vrij tot zeer zeldzaam
– op rode lijst als sterk afgenomen
– 15 tot 45 cm hoog

Bloem
– geel
– vanaf april t/m juni
(soms in augustus weer)
– trosjes in een schijnkrans
– 2 tot 3 mm
– stervormig
– 4 bloemdekbladen met kort spits   topje
– bloemdekbladen vergroeid
– 4 meeldraden
– 2 stijlen

Blad
– kransstandig
– enkelvoudig
– elliptisch tot lancetvormig
– top vrij stomp
– rand gaaf
– 3-nervig
– ruw behaard

Stengel
– rechtop of opstijgend
– lang afstaand behaard
– scherp vierkantig

zie wilde bloemen