Auteursarchief: tornado1961

Onbekend's avatar

Over tornado1961

Ik ben reikimaster en heb interesse voor religie, spiritualiteit, dieren, planten, techniek enz. Ik ben auteur van het boek " De Openbaring" waarin ik op een begrijpelijke manier de eindtijden uitleg.

Hazenpootje : Trifolium arvense

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de donzige, roze bloemhoofdjes

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Hazenpootje is een eenjarige klaversoort, die groeit op open tot grazige, droge, meestal kalkarme zandgrond, zoals in bermen, graslanden, de duinen, langs akkerranden en spoorwegen. Ze is plaatselijk algemeen voorkomend in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze wordt 5 tot 30 cm hoog en bloeit vanaf juli tot de herfst. De cylindervormige bloemhoofdjes bestaan uit talrijke witte vlinderbloemen, die voor een groot deel niet zichtbaar zijn door de beharing van de kelk. De kelktanden zijn roodachtig en samen met de lange beharing krijgen de hoofdjes daardoor een roze, donzig uiterlijk, wat het plantje heel herkenbaar maakt en goed geschikt voor droogbloemboeketten.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

Behalve de kelk zijn ook de stengel en de bladeren dicht behaard.

 

 

 

 

 

Toepassing

 

Sinds de Middeleeuwen wordt hazenpootje als geneeskruid gebruikt tegen diarree. Het bevat looistoffen en vluchtige olie.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)
– eenjarig
– plaatselijk algemeen
– 5 tot 30 cm hoog

Bloem
– roze, donzige hoofdjes met
– witte vlinderbloemen
– vanaf juli tot de herfst
– lang gesteeld
– 1 tot 2,5 cm

Blad

– verspreid
– handvormig samengesteld
– langwerpige deelblaadjes
– top toegespits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– veernervig
– behaard

Stengel
– rechtop of liggend
– dicht behaard
– sterk vertakt
– rolrond

zie wildebloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Onkruid soorten in ons land – letter D

Standaard

Categorie: Kamerplanten en bloemen

 

Onkruid soorten

 

Hieronder vindt u alle soorten onkruid die ons land kent. Een enorm groot overzicht maar netjes op alfabetische volgorde en met omschrijving. Veel succes met het herkennen en bestrijden van deze vaak hardnekkige planten.

 

 

Distels en Melkdistels (Compositae)

 

Akkerdistel

 

Cirsium arvense, de AKKERDISTEL, is een van de meest beruchte onkruiden, niet alleen in ons land maar ook in vele andere landen. De slanke penwortel vormt ver weg kruipende, witachtige uitlopers, die binnen een paar jaar een geweldige kolonie kunnen doen ontstaan – en dat alles uit een enkel zaadje. Zelfs uit een klein stukje van de wortel kan zo’n kolonie ontstaan. Naarmate het wortelstelsel zich uitbreidt worden ook steeds meer nieuwe stengels gevormd, zodat tegelijk volwassen, halfwassen en nieuwe scheuten aanwezig zijn.

Deze overblijvende plant wordt 0,60-1,20 m hoog. De bloemhoofdjes zijn naar verhouding klein en staan in schermvormige pluimen; de kleur is lichtpaars, een enkele maal wit. De bladeren aan de voet van de plant zijn lancetvormig en uitlopend in een korte steel met bochtige randen die uitlopen in stevige stekels. De bladeren die hogerop staan hebben ongeveer dezelfde vorm maar zijn stengelomvattend en dieper ingesneden. Alle bladeren staan afwisselend en zijn kaal of aan de onderkant enigszins behaard. De bloemen hebben een sterke honinggeur en worden door verschillende soorten insecten bezocht. De bloeitijd is juni-september.

Akkerdistel komt voor in geheel Europa en in Noord-Amerika. In ons land zeer algemeen langs wegen en dijken, op akkers en gestoorde terreinen. In verscheidene provincies in ons land is een zogenaamde Distelverordening van kracht, die bepaalt dat eigenaren en gebruikers van gronden deze en andere soorten distels moeten bestrijden. In andere landen zijn soortgelijke maatregelen genomen.

 

 

 

 

 

 

Speerdistel

 

Cirsium vulgare is de SPEERDISTEL, een tweejarige plant die zich uitsluitend vermeerdert door zaad. De plant heeft een grote vlezige penwortel en wordt net als de vorige soort 0,60-1,20 m hoog. In het eerste jaar vormen de planten alleen een rozet van bladeren; deze zijn langwerpig tot lancetvormig of elliptisch en ruw getand.

In het tweede jaar komen de gegroefde, stekelig gevleugelde stengels tevoorschijn. De bladeren zijn van boven stekelig behaard en de lobben dragen lange stekels. Van onderen zijn de bladeren – net als de stengel – kort behaard tot spinnenwebachtig. De bloemhoofdjes zitten in een rond of vaasvormig omwindsel. Dit is stekelig, enigszins spinnenwebachtig behaard en groen van kleur. De bloeitijd is juli-augustus.

Speerdistel komt net als de vorige soort voor in geheel Europa en in Noord-Amerika. In ons land algemeen in weilanden, langs wegen en dijken, op kapvlakten in het bos, in de duinen en op gestoorde gronden.

De Melkdistels hebben allemaal gele bloemen. Ze zijn lang niet zo stekelig als de bovengenoemde soorten. Hun naam hebben ze te danken aan het witte melksap dat bij beschadiging tevoorschijn komt.

 

 

 

 

 

 

Akkermelkdistel

 

De AKKERMELKDISTEL (Sonchus arvensis) heeft kruipende ondergrondse stengels en bereikt een hoogte van 0,60-1,50 m. De stengels zijn gegroefd, hol en sterk behaard. De afwisselend staande bladeren zitten op het onderste deel van de stengel dicht bijeen; ze zijn diep ingesneden, langwerpig tot lancetvormig en uitlopend in een gevleugelde bladsteel. De bovenste bladeren zijn gering in getal, vaak zonder insnijding en stengelomvattend. De bloemhoofdjes zitten dicht opeen aan de top van de stengel en zijn goudgeel van kleur; de bloemstengels zijn voorzien van vele gele haren, net als de groene omwindsels. De bloeitijd loopt van juni tot in de herfst.

Het verspreidingsgebied omvat vrijwel geheel Europa en Noord-Amerika. In ons land algemeen op akkers en in grasland.

 

 

 

 

 

 

Brosse Melkdistel of gekroesde melkdistel

 

BROSSE MELKDISTEL (Sonchus asper) is een van de stekeligste soorten uit dit geslacht; de Latijnse naam duidt daar al op: asper = ruw. De plant heeft een stevige penwortel en wordt gemiddeld 60 cm hoog (maximaal 90 cm). De stengels zijn kaal en vaak roodachtig; de afwisselend staande bladeren zitten ook hier dicht opeen langs de stengel, vooral aan de voet van de plant, waar ze tevens dieper ingesneden zijn. Alle bladeren zijn stengelomvattend en de twee lobben aan de voet hebben de vorm van een oor.

De bloemkroon is geel en het omwindsel is peervormig of rond. De lange stelen van de dicht opeenstaande bloemhoofdjes komen tevoorschijn aan de top van de stengel, bij een blad dat rond de stengel is gegroeid. De bloeiperiode is dezelfde als bij de vorige soort. Deze soort komt voor in geheel Europa en in Noord-Amerika. In ons land algemeen op akkers, in moestuinen en langs wegen.

 

 

 

 

 

 

Gewone melkdistel

 

GEWONE MELKDISTEL (Sonchus oleraceus) heeft een lange slanke penwortel en stevige kale, rechtop staande stengels van 30 tot 90 cm hoog. De stengels zijn vijfhoekig, hol (behalve bij de knopen) en van boven vertakt. De bladeren hebben een pijlvormige voet en spitse oortjes, meestal duidelijk gelobd met 2 tot 3 lobben ter weerszijden van de middennerf en een langere, bredere aan de top. De bovenste bladeren zijn vaak niet ingesneden. Alle bladeren staan afwisselend en de randen zijn zacht stekelig getand. De bloemhoofdjes komen tevoorschijn uit een blad dat aan de voet is ingesneden; ze staan dicht opeen en zijn lichtgeel. Bloeitijd en verspreiding zijn net als bij de voorgaande soort.

De gewone melkdistel zaait zich makkelijk uit door het pluizige zaad. Eerst wordt een rozet gevormd wat vrij snel doorschiet en in bloei heeft de plant gele halfgeopende bloemen. Na de bloei worden het wollige pluizen die door de wind verspreid worden. De lange penwortel is lastig te verwijderen en breekt ook snel af. Het blad
is stekelig maar niet zo erg als de gewone distel. Bij het breken van blad of stengel komt er wit melksap te voorschijn.

Het verspreidingsgebied omvat vrijwel geheel Europa en Noord-Amerika. In ons land algemeen op akkers en in grasland.

 

 

 

half geopende bloemhoofdjes

 

 

 

Doornappel (Solanaceae)

 

Van de DOORNAPPEL (Datura stramonium), die thans over de gehele wereld voorkomt, is bekend dat hij in 1577 in Spanje werd ingevoerd. In Engeland kweekte de kruidkundige John Gerard de plant al in 1599; hij schreef in zijn ‘Herball’ dat hij zaad had ontvangen van Lord Edward Zouche, die dat had meegebracht uit Constantinopel. Gerard gebruikte de plant om brandwonden en kwaadaardige zweren mee te genezen.

In de achttiende eeuw stond Doornappel in hoog aanzien als verdovend middel voor het verlichten van hoest en astma. De plant is uiterst giftig, vooral na het verwelken en wordt nog steeds als geneeskruid gebruikt.

Het is een eenjarige plant, die tot ongeveer een meter hoog wordt. De stengels zijn stevig en staan rechtop met spreidende takken, kaal, groen of paars. De bladeren, die afwisselend staan, zijn donkergroen en sterk geurend, ovaal tot driehoekig, met een grove tanding langs de rand en eindigend in een scherpe punt. Door hun gewoonte zich samen te vouwen hebben ze een stekelig uiterlijk.

Opvallend zijn de grote witte trompetbloemen, die 4-7,5 cm doorsnee bereiken en verschijnen tussen juni en september. Ze groeien in de oksels van de takken en worden gevolgd door ovale groene vruchten die bezet zijn met korte scherpe stekels. (Er zijn ook variëteiten met ongestekelde vruchten.) Iedere vrucht bevat 400 tot 800 zaden en de kiemkracht is gewoonlijk groot. Zelfs zaden die meer dan honderd jaar in de grond hadden gezeten bleken nog tot ontkieming te kunnen komen. Doornappel een vrij zeldzame verschijning. De plant komt voor op bouwland, in tuinen, op mesthopen en dergelijke.

 

 

 

 

 

 

Duivekervel (Fumariaceae)

 

De geslachtsnaam van de GEWONE DUIVEKERVEL (Fumaria officinalis) is afgeleid van het Latijnse fumus = rook. Dit wijst erop dat men vroeger geloofde dat de rook van deze plant de kracht had boze geesten te verdrijven. Gewone duivekervel is een sierlijk onkruid met trossen van meer dan 20 bloemen. Deze zijn buisvormig, roze, donkerder naar de top en afwisselend geplaatst langs de slanke bloemstengel. De zachte, grijsgroene bladeren, die rondom de stengels staan, zijn zo diep ingesneden dat er lijnvormige blaadjes ontstaan.

De hele plant heeft daardoor een teer uiterlijk. De bloeitijd is van mei tot in de herfst en iedere plant brengt ongeveer 800 zaden voort. Het verspreidingsgebied omvat Europa, West-Azië en Noord-Afrika; ingevoerd in Amerika. Het is een eenjarige plant die 10 tot 50 cm hoog wordt en een voorkeur heeft voor losse, voedselrijk en gewoonlijk kalkarme, lemige grond.

 

 

 

 

 

Duizendblad (Compositae)

 

GEWOON DUIZENDBLAD (Achillea millefolium) is weer zo’n onkruid waar we goed op moeten letten, want de wortels kunnen een heel eind weg kruipen en binnen korte tijd een massa stengels voortbrengen. De afwisselende bladeren zijn lancetvormig in omtrek en 2-3 maal ingesneden, zó fijn verdeeld dat ze er uit zien als verfrommelde veren. De plant bevat een etherische olie die er de aromatische geur aan geeft. De schermen witte (soms roze of rode) bloemhoofdjes verschijnen van juni tot en met oktober. Ze staan op 15-45 cm hoge stengels en hebben gewoonlijk vijf straalbloempjes.

De plant werd en wordt gebruikt als geneeskruid, vanwege de samentrekkende en daardoor bloedstelpende werking van de gekneusde bladeren. De geslachtsnaam heeft betrekking op Achilles, die de plant gebruikte om de wonden van Telephus te genezen. Deze soort komt voor in Europa en Noord-Amerika; hier te lande zeer algemeen langs wegen en dijken, tussen het gras en op ruige plaatsen.

 

 

 

 

 

Duizendknopen (Polygonaceae)

 

Deze groep is een fantasie in roze en groen-roze, soms groene, bloemen, roze kelk, roze meeldraden, roze zaden, roze knopen, te midden van bladeren in koel groen.

 

 

Perzikkruid

 

PERZIKKRUID (Polygonum persicaria) is een eenjarige plant die tot een meter hoog wordt. De stengels zijn boven de knopen verdikt en roodachtig van kleur. Uit de knopen komen zowel de bloemaren als de balderen tevoorschijn. Er bevindt zich hier een eigenaardig orgaan, het tuitje. Dit is een kokertje om de stengel, dat gevormd is uit aaneengegroeide steunblaadjes. Dit tuitje is roze van kleur en dient ter bescherming van de jonge aartjes. De aardige kleine bloempjes zitten dicht opeen en hebben vijf roze bloemblaadjes. De knoppen zijn donkerder roze. De lancetvormige, afwisselende bladeren hebben stelen die roodachtig zijn op de plaats waar ze – beneden het tuitje – uit de knopen komen.

Op de bladeren bevinden zich donkerrode tot zwarte vlekken die ongeveer de vorm van een halve maan hebben. Deze vlekken herinneren ons volgens de legende aan het bloed van Jezus. De plant groeide onder het kruis en ving met zijn bladeren het bloed op van zijn wonden. De bloeitijd loopt van juni tot in de herfst. De plant komt voor in Europa en Azië en is verwilderd in Noord-Amerika. In ons land zeer algemeen, vooral op akkers en in moestuinen.

 

 

 

 

 

Varkensgras

 

VARKENSGRAS (Polygonum aviculare) is een eenjarige, sterk vertakte, taaie plant, die rechtop groeit wanneer hij tussen andere planten staat en liggend wanneer hij zich op open grond bevindt. De stengels zijn geribbeld en hebben witachtige tuitjes. In de groene, afwisselende bladeren zit net zo veel variatie als in de groeiwijze van de plant, ze zijn bijna lijnvormig of breed elliptisch. De kleine bloemetjes groeien in aren die met 2-5 bijeen staan in de bladoksels; ze hebben vijf bloemblaadjes die eruit zien als kelkblaadjes, met een roze of witte rand.

Varkensgras is een kosmopolitisch onkruid, met andere woorden het kan in ieder werelddeel worden aangetroffen. Bij ons zeer algemeen langs wegen en op bebouwde grond. De bloeitijd is van mei tot en met november.

 

 

 

 

 

Knopige- en viltige duizendknoop

 

Polygonum lapathifolium is een zeer vormenrijke soort. Twee daarvan zijn algemeen, namelijk ssp. Lapathifollium, de KNOPIGE DUIZENDKNOOP en ssp. Pallidum, de VILTIGE DUIZENDKNOOP. Eerstgenoemde wordt 0,30-1,20 meter hoog of zelfs nog hoger, de laatste 0,30-0,60 meter. De stengels zijn gezwollen boven de knopen en gewoonlijk groenachtig; de bloemen zijn wit met groen, of alleen groen of wit, of roodachtig. De aren staan tros- of pluimvormig bijeen. De tuitjes hebben geen of zeer korte wimpers. De bladeren zijn kaal tot behaard, al naar gelang de groeiplaats. Ze staan afwisselend, zijn 5-20 cm lang en lancetvormig.

De viltige beharing – indien aanwezig – zit vooral aan de onderkant van de bladeren. Meestal zitten er donkere vlekken op de bladeren. De bloeitijd is van juni tot oktober en het verspreidingsgebied omvat geheel Europa. Knopige duizendknoop komt in ons land vooral voor op veen- en kleigrond. Viltige duizendknoop vooral op zandig bouwland.

 

knopige

 

knopige duizendknoop

 

knopige duizendknoop

 

viltige

 

viltige

 

viltige

 

 

Waterpeper

 

Zowel de wetenschappelijke als de Nederlandse benaming van WATERPEPER (Polygonum hydropiper) wijzen op de scherpe pepersmaak die bladeren en bloemen van deze soort bezitten. Van deze bijtende eigenschappen kunt u zich ook overtuigen door de plant met de hand aan te pakken en daarna met dezelfde hand in uw oog te wrijven! Deze sierlijke plant heeft enigszins knikkende aren, met bloemetjes die aan de voet groen en aan de top rood of wit zijn.

Waterpeper wordt 0,30-0,50 meter hoog en heeft afwisselende, smal lancetvormige bladeren. Die naar de top toe steeds smaller en kleiner worden. De korte roze tuitjes zijn al dan niet gewimperd. De naam van deze plant wijst er al op dat hij een voorkeur heeft voor vochtige plaatsen. Het verspreidingsgebied omvat geheel Europa en Noord-Amerika. In Vlaanderen algemeen, vooral op stikstofrijke plaatsen. De bloeitijd loopt van juni tot in de herfst.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

The underworld according to the Bible/De onderwereld volgens de Bijbel

Standaard

Category/categorie: religion/religie/video

 

 

The underworld according to the Bible

De onderwereld volgens de Bijbel

 

Robert Breaker

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Melisse olie

Standaard

Categorie: Gezondheid en gezondheidsproducten

.

.

.

.

Melisse etherische olie (citroenmelisse)

.

Melisse etherische olie, Melissa officinalis, ook bekend als citroenmelisse wordt gewonnen door stoom destillatie van de bladeren en bloemtoppen. De olie is lichtgeel van kleur en heeft een lichte, frisse citroengeur. Het wordt gebruikt vanwege zijn kalmerende en antivirale eigenschappen.

Melisse (citroenmelisse) olie is een van de meest kostbare oliën binnen de aromatherapie. Er is 8000 kg nodig om 1 liter olie te kunnen maken.Dit maakt melisse olie naast rozenolie de duurste etherische olie die te koop is. En daarom helaas ook een olie die vaak vervalst wordt.

.

.

Gebruik van melisse etherische olie in de aromatherapie

.

Melisse etherische olie wordt in de aromatherapie o.a. gebruikt bij; allergieën, astma, bronchitis, chronische hoest, gebrek aan eetlust, depressie, migraine, misselijkheid, ingewand stoornissen, postnatale problemen, hartkloppingen, onregelmatige menstruatie, opgeblazen gevoel, slapeloosheid, angst, spanning, shock, vertigo en stress.

Melisse kan in lage concentratie heel goed gebruikt worden om eczeem en andere huidproblemen te behandelen.

De olie kan ook verlichting geven bij allergieën en nerveuze hoofdpijn.

In de huidverzorging werkt melisse heel goed samen met roos of kamille, bij een gevoelige of geïrriteerde huid.

Heel nuttig bij overgeven, indigestie en buikkrampen. Brengt verlichting bij hartkloppingen en verlaagt de bloeddruk.

.

.

melisse etherische olie

.

.

Psychisch

.

Melisse etherische olie kalmeert de zenuwen en heeft een verzachtende, kalmerende en ontspannende werking.

Melisse heeft een affiniteit met zowel het zonnevlechtchakra als het hartchakra.

De olie heeft ook een grote waarde bij sterf- en rouwprocessen. Melisse staat van oudsher bekend om troost te kunnen geven aan mensen die een rouwproces doormaken, vooral in gevallen waarin een geliefd persoon onverwacht, bijvoorbeeld bij een ongeluk, overleden is.

Melisse kan ook troost bieden aan mensen die weten dat ze stervende zijn, en aan hun vrienden en bloedverwanten.

.

.

Combineren

.

Melisse kan goed gecombineerd worden met lavendelgeranium, roos, kamille en alle soorten citrus etherische olie.

.

.

Contra indicatie

.

Spaarzaam gebruiken of goed verdunnen in plantaardige olie, kan in hogere concentraties irritaties veroorzaken

.

.

Tips voor gebruik

.

Een bad bij slapeloosheid en migraine klachten: 5 druppels melisse etherische olie en 5 druppels lavendel etherische olie mengen met een beetje melk, een lepel dode zeezout of een lepeltje honing. Dit toevoegen aan een warm bad en na het baden meteen naar bed gaan.

Stip koortsblaasjes meer maal daags aan met een wattenstaafje met een druppeltje melisse olie.

Een paar druppeltjes verdampen in een diffuser, werkt ontspannend en laat spanningen verdwijnen. Helpt ook bij rouwverwerking en verdriet.

.

.

.

.

.

.

10 voedingstips voor beginnende recreatieve sporters

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

Beginnende recreatieve sporters, zij die bijvoorbeeld één tot driemaal per week een halfuurtje beginnen te joggen, beschouwen wedstrijd- of topsporters vaak als onvoorwaardelijke voorbeelden, ook voor wat hun voedingsgewoonten betreft. Onterecht, want topsporters verbruiken gemiddeld per dag veel meer energie dan recreatieve sporters. Bovendien houden topsporters er ook niet altijd de ideale eet- en drinkgewoonten op na.

 

 

 

 

 

Hoe ziet de optimale voeding van de recreatieve sporter eruit?

Wij vatten het samen in tien tips.

 

•Eet regelmatig en sla geen maaltijden over. Hou je aan 3 maaltijden en 2 tot 3 gezonde tussendoortjes per dag.

•Volg de aanbevelingen van de actieve voedingsdriehoek en varieer voldoende binnen de voedselgroepen.

•Maak binnen elke voedselgroep de meest gezonde keuze. Geef bijvoorbeeld de voorkeur aan volkoren graanproducten, mager vlees en magere melk en melkproducten.

•Drink voldoende water vóór en na het sporten. Sportdranken zijn geen must.

•Een gevarieerde en evenwichtig samengestelde voeding brengt alle noodzakelijke voedingsstoffen aan. Voedingssupplementen zijn dan overbodig.

•Neem ten laatste 2 tot 3 uur voor je gaat sporten een uitgebreide maaltijd met de juiste energiebronnen en weinig vet. Een bord pasta kan maar is geen must. Rijst en gekookte aardappelen kunnen even goed. Aardappelen brengen trouwens meer vitamine C aan. Andere interessante energiebronnen voor sporters zijn volkoren graanproducten, (gedroogd) fruit, groenten en (gezoete) melkproducten.

•Tot ongeveer een uur voor je gaat sporten kan je nog een licht tussendoortje zoals een stuk fruit of een potje magere yoghurt eten.

•Vul je energiereserves na een inspanning aan met bijvoorbeeld een boterham met zoet beleg, een stuk fruit of een mager melkproduct.

•Normale porties volstaan. Ga je intensiever en langer sporten, voer dan de aanbevolen hoeveelheden van de actieve voedingsdriehoek op, maar blijf de verhoudingen tussen de voedselgroepen respecteren.

•Hou vol! Verlies de moed niet als je bent beginnen te sporten omdat je wil vermageren en je niet direct resultaat boekt. Voor blijvende resultaten moet gezond bewegen samengaan met gezond eten. Wie volhoudt, wordt beloond: je zit beter in je vel, je bent slanker en vooral fitter en energieker.

Veel sportplezier!

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De celestijnse belofte ; 8ste inzicht

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

De celestijnse belofte is een boek van James Redfield. Op een eenvoudige manier en in een pakkende verhaallijn weet hij de basis van energiewerk zoals reiki uit te leggen. Als je het verhaal eraf haalt blijft een zeer overzichtelijke opbouw over hoe energie zich laat opbouwen en hoe je hiermee kunt werken. Het geheel beslaat 11 inzichten.

 

 

tarot_intuitie

 

 

 

1 – toeval
2 – kerk en wetenschap
3 – energiegericht denken
4 – de strijd om energie
5 – ontvankelijk worden voor de universele energie
6 – karakterstructuren
7 – transformatie
8 – intuïtie
9 – de toekomst
10 – het reïncarnatieproces
11 – alles is energie

 

 

Alle inzichten moet je begrijpen, maar ook voelen en ervaren. Het is geen theoretisch aanneembaar stuk, het moet echt gevoelsmatig binnenkomen. De verdere inzichten kan je pas ten volle begrijpen als je de voorgaande inzichten begrijpt, voelt en ervaart.

 

 

 

8e inzicht – intuïtie

 

We kennen nu allemaal onze karakterstructuur. Elke karakterstructuur heeft 2 kanten, een positieve kant en een negatieve kant. De negatieve kant van een karakterstructuur is het beheersingdrama. De positieve kant is de transformatie. Vaak blijven we standvastig in ons beheersingdrama omdat we ervaren dat dit de makkelijkste manier is om energie te ontvangen.

In de eerste paar inzichten hebben we echter geleerd dat deze energie overal om ons heen bevindt en dat we in theorie deze energie ook op een andere manier kunnen ontvangen. Daarnaast hebben we geleerd dat standvastigheid binnen je beheersingdrama bepaalde mensen met een ander drama uitsluit. Hoe vaster je zit in je beheersingdrama hoe minder open je staat voor intuïtie.

We weten welke drama de onze is en we weten wat de transformatie is. De rode lijn voor de komende inzichten is inzien hoe deze transformatie te maken is. We hebben reeds uitvoerig gekeken naar de vragen van een ander. Vaak ligt achter een vraag waarheid van diegene verborgen.

 

 

 

luisteren en aanvoelen

 

Het is heel belangrijk op intuïtief niveau te gaan luisteren naar de vragen van de ander. Maar wellicht nog belangrijker is het te gaan observeren wat onze eigen vragen zijn. Wat is je belangrijkste vraag op dit moment ? Wat speelt er nu en hoe wil je hieruit komen en welke vraag hoort hierbij ? Wat heb je nu nodig om hieruit te komen ? Op het moment dat je deze vraag vanuit je wezen kan stellen, komt deze vraag vanuit je Boeddha-natuur.

Het aanboren van deze vraag gebeurt intuïtief. Op rationeel, dogmatisch en zelfs emotioneel niveau zal je de vraag heel anders stellen. Dan zou je veel meer naar de randvoorwaarden gaan kijken van de vraagstelling en koppel je bijvoorbeeld gemis aan geluk aan de wens een nieuwe auto of vakantie te kopen of het aangaan van nieuwe vriendschappen.

Op intuïtief niveau beantwoord je de vraag naar wat werkelijk nodig is om dit gemis op te lossen en ga je kijken naar jezelf. Hoe los ik het gemis op in mezelf. Elke intuïtieve vraag heeft een antwoord. Dit antwoord wordt je ook gegeven. Op intuïtief niveau een vraag stellen is één, op intuïtief naar het antwoord luisteren is wat anders.

(Dag)dromen, abstracties, en andere signalen kunnen een antwoord herbergen die belangrijk voor je zijn. Luisteren naar deze antwoorden vereist een scherp intuïtief gevoel. Maar je kan nog zo’n scherp intuïtief gevoel hebben, op het moment dat je star in je beheersingdrama blijft zitten sluit je een groot deel van de mensen uit die wellicht juist dat ene antwoord voor jou hebben.

Het 8 inzicht gaat over de manier waarop we het contact met de Universele energie kunnen aanwenden. Het inzicht waarin we ervaren dat we het beheersingdrama niet nodig hebben om toch energie te kunnen blijven ontvangen. Het 8e inzicht haalt de reden weg om star vast te blijven houden aan je beheersingdrama en legt ook de verantwoordelijkheid bij de ouders om te zorgen dat deze hun kind niet uitnodigen een beheersingdrama te vormen.

Ouders die nog niet getransformeerd zijn blijven ook in hun relatie met hun kind vast zitten in hun beheersingdrama. Juist naar kinderen toe is het makkelijk je beheersingdrama te gebruiken om energie te stelen van het kind. Je kan zeer gemakkelijk autoritair en dwingend zijn naar een kind (bullebak), je kan een kind helemaal ondervragen en sturen (ondervrager), je kan ook een kind aanleren om je met rust te laten als je leest of in je eigen kamer bent (afstandelijke) en een kind kan een intens gevoel van medelijden genereren bij een Arme Ik.

Je steelt zodoende energie van het kind en het kind zal zich hier tegen wapenen door een bijbehorende drama voor zichzelf te maken. Zodoende begint alles weer opnieuw en opnieuw.

 

 

 

opvoeding

 

Zoals gezegd: Hoe vaster je zit in je beheersingdrama hoe minder open je staat voor intuïtie. Een kind staat nog in redelijke mate open voor de Universele energie en leeft grotendeels vanuit intuïtie. De ouder snapt het kind niet doordat deze ouders niet meer verbonden is met de intuïtie. Het is dus belangrijk dat ouder en kind op één lijn komen en voornamelijk de bullebak, ondervrager en arme ik zal het kind naar zijn hand willen zetten.

Het kind zal gaandeweg steeds meer het contact met de Universele energie gaan verliezen en beginnen een beheersingdrama aan te meten om op andere manieren energie te blijven ontvangen. De ouder heeft een belangrijke taak bij de zuivere opvoeding van het kind. Dit is een dusdanige belangrijke taak dat er één op één gewerkt moet worden tussen ouder en kind: één ouder op één kind.

Zijn er meerdere kinderen, dan zullen de kinderen gaan wedijveren om de aandacht van de ouder en maken ze zodoende reeds een beheersingdrama om de aandacht van de ouder te vangen. Kinderen leren het meeste van ouders die hun transformatie reeds begonnen zijn. Bij het 10e inzicht zien we dat kinderen bewust hun ouders uitgekozen hebben. Het zijn dan ook die ouders die de belangrijkste lessen kunnen geven aan het kind.

Het kind leert dus het meest van de ouders en wel in een relatief korte periode van 0 tot 21 jaar en dan voornamelijk van 7 t.m 14 jaar. Het kind moet voor een zo zuiver mogelijke opvoeding primair opgevoed worden door 1 of 2 ouders, de ouders die het kind zelf uitgekozen heeft. Secundair kunnen oppas, kinderdagverblijven of grootouders deze rol overnemen, maar slechts tijdelijk. De echte opvoeding ligt bij de ouders.

Een gezin behoort daarom ook nooit meer dan 2 kinderen te hebben. Is de vader veelvuldig weg slechts 1 kind. Een beheersingdrama bij een kind kan ook ontstaan doordat de ouder goedwillend denkt dat bepaalde informatie te ingewikkeld zal zijn voor een kind. Daarom gaat de ouder vanuit zijn of haar beheersingdrama een andere werkelijkheid neerzetten om het geheel te vereenvoudigen. Deze vorm van liegen gaat er vanuit dat het kind deels onwetend is terwijl het kind zelf kan aangeven of het materie snapt of niet.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Christian Dior – 2017 – spring couture

Standaard

Categorie : node en kledij

Christian Dior – 2017 – spring couture