Tagarchief: raaf

De Benedictusmedaille 

Standaard

     categorie : religie

 

 

 

 

 

Sint Benedictus was de vader van het Westelijke kloosterwezen. Hij was geboren in Nursia, Italië, in 480. Vanaf 520 richtte hij twaalf kloosters op in de streek van Subiaco. Het klooster in Monte Cassino (529) werd de wieg van zijn Orde. Benedictus stierf op 21 maart 542. St. Benedictus had diepgaande bewondering voor het Heilige Kruis en voor Jezus Christus. Men gelooft dat hij een aantal mirakels zou hebben teweeggebracht, vooral in de strijd tegen de duivel. In het teken van deze verregaande verering werd een medaillon vervaardigd die bijzondere krachten had bij het afweren van het kwade. De macht van de medaille worden gevormd door Christus, door de doeltreffende gebeden van St.Benedictus, door de zegen van de Kerk en in het bijzonder door het geloof en devotie van de persoon die het medaillon gebruikt.

 

.

De Benedictusmedaille 

 

De medaille van Benedictus is een aandenken waarop de geestelijke boodschap van Sint-Benedictus staat samengevat. Zowel zijn leven als de Regel getuigen van zijn aanhoudend gevecht met de machten van het kwaad. Daarbij stelt hij steeds zijn vertrouwen op het kruis van Christus, het teken van de definitieve overwinning op die machten. Zij die met geloof deze medaille dragen, mogen vertrouwen op een krachtige, geestelijke bescherming.

 

 

Afbeelding medaille kant Benedictus

 

Aan deze kant zien we Sint-Benedictus. Hij houdt het kruis, waarop hij zijn vertrouwen stelt in zijn rechterhand omhoog geheven.

.

 

benmedaille2

 

 

In zijn linkerhand toont hij de Regel, die allen die hem volgen door het kruis naar het licht zal voeren. Aan de ene zijde van Benedictus ziet u een gebroken beker, aan de andere zijde een raaf die vergiftigd brood wegneemt.

Deze afbeeldingen herinneren aan gebeurtenissen uit het leven van Benedictus. Toen hij abt was in het klooster van Vicovaro heeft men geprobeerd hem te vergiftigen, door hem een beker met vergiftigde wijn aan te reiken. Als hij een kruisteken maakt over deze beker, breekt hij.

Het vergiftigd stuk brood wordt door een vijandig priester aan Benedictus aangeboden. Deze laat het door een raaf wegbrengen naar een plaats waar niemand zal komen, opdat het geen schade kan doen.

Rondom de beeltenis van Benedictus staat de tekst:

“EJUS IN OBITU NOSTRO PRE­SEN­TIA MUNIAMUR”  :  dat wij bij onze dood door zijn aanwezigheid gesterkt mogen worden.

 

 

 

.

.

.

Afbeelding medaille kant Benedictuskruis

 

Op deze zijde zien we het zogenaamde Benedictuskruis. Hierop staan verschillende afkortingen:

 

.

 

 

 

 

In de vier hoeken van het kruis:
C.S.P.B.: Crux Sancti Patris Benedicti:
Kruis van de heilige vader Benedictus

Boven het kruis:
PAX: Vrede

Op het kruis, verticaal:
C.S.S.M.L.: Crux Sacra Sit Mihi Lux:
Dat het heilig kruis mijn licht zij

Op het kruis, horizontaal:
N.D.S.M.D.: Non Draco Sit Mihi Dux:
Dat de draak mij niet tot gids zij

 

.

De overige letters langs de rand betekenen:

V.R.S.: Vade Retro Satana: Ga weg, Satan
N.S.M.V.: Numquam Suade Mihi Vana: Verleid mij nooit tot ijdel gedrag
S.M.Q.L.: Sunt Mala Quae Libas: Wat je wil is vergif
I.V.B.: Ipse Venena Bibas: Drink zelf je gif

 

Deze afkortingen zijn zinnen die Sint-Benedictus gezegd heeft in ogenblikken van aanvechting en bekoring. De laatste twee zijn een herinnering aan de gebeurtenis met de gifbeker, die op de andere zijde staat afgebeeld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De raaf in de Bijbel.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

De raaf

 

De Here Jezus vermaande zijn discipelen te letten op de raven, als voorbeeld van onbezorgdheid:

 

“Kijk naar de raven: ze zaaien niet en oogsten niet, ze hebben geen voorraadkamer en geen schuur, het is God die ze voedt” (Lucas 12: 24).

 

Dit in tegenstelling tot de rijke dwaas. Zijn voorraadkamers en schuren waren niet groot genoeg om zijn oogst op te slaan, en hij maakte zich druk met het bouwen van nog grotere (Lucas 12: 16-21). Hij dacht bij zichzelf: ‘Ik heb het voor elkaar, ik hoef niet meer te werken’. Maar Jezus zei: ‘Je houdt geen rekening met God; als je dood gaat heb je niets’. En tegen zijn discipelen: “Weest niet bezorgd over uw leven” en “het leven is meer dan het voedsel” (Lucas 12: 22 – 24). Er zijn belangrijker dingen, namelijk de zorg hoe wij in het Koninkrijk van God komen (Lucas 12: 31).

 

 

Lucas 12: 16 – 21

 

16 Hij legde hun dat uit met een verhaal: “Er was eens een rijke man. Zijn akkers hadden een grote oogst opge-leverd. 17 En hij dacht bij zichzelf: ‘Wat zal ik doen? Want ik heb geen ruimte genoeg om de hele oogst op te bergen.’ 18 Hij bedacht: ‘Ik weet al iets. Ik zal mijn schuren afbreken en grotere schuren bouwen. Daar zal ik dan al mijn graan en al mijn rijkdommen in opbergen.

19 Nu heb ik heel veel. Het is genoeg voor járen. Nu kan ik rustig aan doen. Ik ga lekker eten en drinken en feestvieren.’ 20 Maar God zei tegen hem: ‘Jij dwaas! Vannacht nog zal je leven van je teruggevraagd worden. En voor wie heb je dan zoveel verzameld?’ 21 Zó zal het gaan met de mensen die voor zichzélf schatten verzamelen, maar geen schat hebben bij God.”

 

Lucas 12: 22 – 24

 

22 Jezus zei tegen zijn leerlingen: “Daarom zeg Ik tegen jullie: maak je nergens zorgen over. Niet of je wel te eten zal hebben. Ook niet of je wel kleren zal hebben om aan te trekken. 23 Het leven is toch belangrijker dan het eten? En het lichaam is toch belangrijker dan de kleding? 24 Kijk eens naar de vogels. Ze zaaien niet, ze maaien niet en ze bewaren niets in voorraadkamers of schuren. God geeft ze te eten. Jullie zijn toch veel belang-rijker dan de vogels?

 

 

Lucas 12: 31

 

31 Geef het Koninkrijk van God de eerste plaats in jullie leven. Dan zullen jullie al die andere dingen ook van je Vader krijgen.

 

 

De raaf is de eerste soort vogel die in de Bijbel bij name genoemd wordt. Noach heeft na de grote vloed zowel van zijn vliegkunst als zijn intelligentie gebruik gemaakt. Later in de geschiedenis van Israël, tijdens een droogte, heeft God raven gebruikt om zijn profeet Elia van voedsel te voorzien (1 Koningen 17: 1 – 6).
.
.

 

1 Koningen 17: 1 – 6

 

1 In Gilead woonde de profeet Elia uit Tisbe. Hij zei tegen koning Achab: “Ik zweer bij de Heer, de God van Is-raël, de God die ik dien, dat er jarenlang geen dauw of regen zal vallen, totdat ik het zeg.” 2 Daarna zei de Heer tegen hem: 3 “Vlucht naar het oosten. Verberg je bij de beek Krit die in de Jordaan uitkomt.

4 Je kan water uit de beek drinken en Ik heb de raven bevolen om je eten te brengen.” 5 Hij vertrok en deed wat de Heer hem had gezegd. Hij ging bij de beek Krit wonen, die in de Jordaan uitkomt. 6 De raven brachten hem ’s morgens en ’s avonds brood en vlees en hij dronk water uit de beek.

 

 

Elia wordt door raven gevoed

 

Ergens in een kaal, steil en verlaten bergdal ten oosten van de Jordaan, verborg deze man van God zich met geen ander gezelschap dan de God die hij diende en een groep raven. ’s Morgens en ’s avonds voorzagen zij hem van brood en vlees. Geen grote moeite voor raven, maar het blijft een wonder. God had hun geboden voedsel met hem te delen.Het is volkomen duidelijk dat God in staat is voor zijn dienaren te zorgen, al zijn de omstandighe-den nog zo moeilijk. Niets is te moeilijk voor Hem (Genesis 18: 14; Jeremia 32: 27; Matteüs 19: 26). Hij die tot in de verafgelegen rotsspleten ziet en voor het ravenjong zorgt (Job 39: 3; Psalm 147: 7 – 11), zal ook voor de gelovigen zorgen en hen niet vergeten. 

 

 

Genesis 18: 14

 

14 Voor de Heer is niets te wonderlijk! Op de juiste tijd, over een jaar, zal Ik bij jullie terugkomen. Dan zal Sara een zoon hebben.”

 

Jeremia 32: 27

 

27 “Ik ben de Heer, de God van alle mensen. Zou voor Mij iets te wonderlijk zijn?

 

 

Matteüs 19: 26

 

26 Jezus keek hen aan en zei: “Bij mensen is dat onmogelijk, maar bij God is alles mogelijk.”

 

 

Job 39: 3

 

3 Wie zorgt ervoor dat de raven te eten hebben? Als hun jongen hongerig door het nest kruipen en om eten roepen, wie zorgt er dan voor dat ze te eten krijgen?

 

 

Psalm 147: 7 – 11

 

7 Zing voor de Heer een danklied,
maak voor onze God muziek op de citer.
8 Zing voor Hem die de wolken maakt,
die regen geeft aan de aarde,
die het gras doet groeien op de bergen,
9 die het vee te eten geeft,
die de jonge vogels voert als ze roepen.
10 Hij wil niet dat je op mensen vertrouwt,
op de kracht van je leger,
op je aantallen paarden.
11 Maar Hij wil dat je ontzag voor Hem hebt
en vertrouwt op zijn liefde.

 

Zoals de apostel Paulus constateert: zelf hebben wij niets in deze wereld meegebracht, en wij kunnen er ook niets uit meenemen (1 Timotëus 6: 3 – 10). De mens is net zo afhankelijk van God als de vogels, al beroemt hij zich op zijn velerlei uitvindingen. Wij mogen de zorg voor onze dagelijkse behoeften rustig aan God overlaten: “Geef ons heden ons dagelijks brood”. Dan zullen wij door Gods woord en zijn liefde opgebeurd worden en ons, zoals de raven, verheugen in een thermiek, die ons dichter bij God brengt.

 

 

1 Timotëus 6: 3 – 10

 

3 Er zullen ook mensen komen die andere dingen aan de broeders en zusters leren dan ik hun geleerd heb. Dat zijn trotse en eigenwijze mensen. Zij willen zich niet houden aan de gezonde woorden van onze Heer Jezus Chris-tus. Ze houden zich niet aan de manier waarop we God moeten dienen. 4 Ze hebben er niets van begrepen. Ze maken ruzie en zeuren over onbelangrijke dingen. Ze veroorzaken jaloersheid, ruzies, geroddel en wantrouwen.

5 Al dat geharrewar ontstaat doordat ze niet meer helder denken en de waarheid zijn kwijtgeraakt. Ze denken dat het dienen van God een manier is om rijk te worden. Blijf bij zulke mensen uit de buurt. 6 Maar het dienen van God is wel een grote rijkdom, als we ook tevreden zijn met wat we hebben. 7 Want we hebben niets op de wereld meegebracht toen we geboren werden, en het is duidelijk dat we ook niets uit de wereld kunnen meene-men als we sterven.

8 Als we onderdak, eten, drinken en kleren hebben, moeten we tevreden zijn. 9 Maar mensen die graag rijk willen worden, lopen in de val van de duivel. Ze krijgen allerlei dwaze en verkeerde verlangens, waardoor het langzaam maar zeker slecht met hen afloopt. 10 Want het verlangen naar geld is de bron van al het kwaad. Sommige mensen zijn het geloof kwijtgeraakt en in allerlei ellende terecht gekomen, doordat ze zo graag rijk wil-den worden.

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget