Category, categorie : The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video
.
.
Matthew 28 – The resurrection of Jesus
.
Mattheüs 28 – De verrijzenis van jezus
.
Paul LeBoutillier
.
.




pasteltekening van John Astria
Bastnasiet is een fluorhoudend carbonaatmineraal. Het doorzichtig tot doorschijnend geel tot roodbruine bastnasiet heeft een glas- tot vetglans, een witte streepkleur en de splijting van het mineraal is imperfect volgens het kristalvlak [1011] en onduidelijk volgens [0001]. Het kristalstelsel is hexagonaal. Bastnasiet heeft een gemiddelde dichtheid van 4,97, de hardheid is 4 tot 5 en het mineraal is niet tot zwak radioactief.
De gamma ray waarde volgens het American Petroleum Institute ligt, afhankelijk van de exacte samenstelling, tussen de 0 (voor de Y-houdende variant) en de 60.386,61 voor de cerium-houdende variëteit. De brekingsindex is 1,717 tot 1,818 en de dubbelbreking is 0,1010.
.
Het mineraal bastnasiet is genoemd naar de Bastnäs-mijn in Zweden, waar het mineraal voor het eerst gevonden werd.
ruw
Bastnasiet is een mineraal dat gevormd wordt in de verweringszones van alkalische stollingsgesteenten. De typelocatie van bastnasiet is de Bastnäsmijn in het district Riddarhyttan in Västermanland te Zweden. Bastnasiet wordt momenteel gewonnen in Zweden, Noorwegen, de Balkan landen, Canada en de Verenigde staten.
| Mineraal | ||
| Chemische formule | (La,Ce,Y)CO3F | |
| Kleur | Geel tot roodbruin | |
| Streepkleur | Wit | |
| Hardheid | 4 tot 5 | |
| Gemiddelde dichtheid | 4,97 kg/dm3 | |
| Glans | Glas- tot vetglans | |
| Opaciteit | Doorzichtig tot doorschijnend | |
| Breuk | Oneffen | |
| Splijting | Imperfect, [1011], onduidelijk [0001] | |
| Kristaloptiek | ||
| Kristalstelsel | diagonaal | |
| Brekingsindices | 1,017 – 1,818 | |
| Dubbele breking | 0,1010 | |
| Overige eigenschappen | ||
| Radioactiviteit | Niet tot zwak radioactief; gamma ray; 0 – 60.386,61 API | |
.
.
.


.
.
.
Sint Benedictus was de vader van het Westelijke kloosterwezen. Hij was geboren in Nursia, Italië, in 480. Vanaf 520 richtte hij twaalf kloosters op in de streek van Subiaco. Het klooster in Monte Cassino (529) werd de wieg van zijn Orde. Benedictus stierf op 21 maart 542. St. Benedictus had diepgaande bewondering voor het Heilige Kruis en voor Jezus Christus. Men gelooft dat hij een aantal mirakels zou hebben teweeggebracht, vooral in de strijd tegen de duivel. In het teken van deze verregaande verering werd een medaillon vervaardigd die bijzondere krachten had bij het afweren van het kwade. De macht van de medaille worden gevormd door Christus, door de doeltreffende gebeden van St.Benedictus, door de zegen van de Kerk en in het bijzonder door het geloof en devotie van de persoon die het medaillon gebruikt.
.
.
De medaille van Benedictus is een aandenken waarop de geestelijke boodschap van Sint-Benedictus staat samengevat. Zowel zijn leven als de Regel getuigen van zijn aanhoudend gevecht met de machten van het kwaad. Daarbij stelt hij steeds zijn vertrouwen op het kruis van Christus, het teken van de definitieve overwinning op die machten. Zij die met geloof deze medaille dragen, mogen vertrouwen op een krachtige, geestelijke bescherming.
.
.
Aan deze kant zien we Sint-Benedictus. Hij houdt het kruis, waarop hij zijn vertrouwen stelt in zijn rechterhand omhoog geheven. In zijn linkerhand toont hij de Regel, die allen die hem volgen door het kruis naar het licht zal voeren. Aan de ene zijde van Benedictus ziet u een gebroken beker, aan de andere zijde een raaf die vergiftigd brood wegneemt.
Deze afbeeldingen herinneren aan gebeurtenissen uit het leven van Benedictus. Toen hij abt was in het klooster van Vicovaro heeft men geprobeerd hem te vergiftigen, door hem een beker met vergiftigde wijn aan te reiken. Als hij een kruisteken maakt over deze beker, breekt hij.
Het vergiftigd stuk brood wordt door een vijandig priester aan Benedictus aangeboden. Deze laat het door een raaf wegbrengen naar een plaats waar niemand zal komen, opdat het geen schade kan doen.
Rondom de beeltenis van Benedictus staat de tekst:
“EJUS IN OBITU NOSTRO PRESENTIA MUNIAMUR” : dat wij bij onze dood door zijn aanwezigheid gesterkt mogen worden.
.
.
.

.
.
.
Op deze zijde zien we het zogenaamde Benedictuskruis. Hierop staan verschillende afkortingen:
.

.
In de vier hoeken van het kruis:
C.S.P.B.: Crux Sancti Patris Benedicti:
Kruis van de heilige vader Benedictus
Boven het kruis:
PAX: Vrede
Op het kruis, verticaal:
C.S.S.M.L.: Crux Sacra Sit Mihi Lux:
Dat het heilig kruis mijn licht zij
Op het kruis, horizontaal:
N.D.S.M.D.: Non Draco Sit Mihi Dux:
Dat de draak mij niet tot gids zij
.
De overige letters langs de rand betekenen:
V.R.S.: Vade Retro Satana: Ga weg, Satan
N.S.M.V.: Numquam Suade Mihi Vana: Verleid mij nooit tot ijdel gedrag
S.M.Q.L.: Sunt Mala Quae Libas: Wat je wil is vergif
I.V.B.: Ipse Venena Bibas: Drink zelf je gifDeze afkortingen zijn zinnen die Sint-Benedictus gezegd heeft in ogenblikken van aanvechting en bekoring. De laatste twee zijn een herinnering aan de gebeurtenis met de gifbeker, die op de andere zijde staat afgebeeld.
.
.
.
.
.
.

.
.
.
.
Deze straal correspondeert met het derde oog chakra, die een Goddelijk instrument voor innerlijke visie en concentratie op het Goddelijke plan is. Op het pad van de 5de straal leert de ziel de Goddelijke visie en het onbevlekte concept van haar Goddelijke zelf voor het derde oog te houden. De kracht van de reiniging en de genezing van de ziel samen met de mystieke kennis van muziek wordt aan de adept van de 5de straal gegeven.
De opgevaren meester Hilarion sponsort religieuze leiders, missionarissen, genezers, muzikanten, en wetenschappers die gespecialiseerd zijn in de computer- en ruimtevaart technologie. Hij streeft ernaar de kracht van de Goddelijke Waarheid te verspreiden zodat iedereen de juiste visie over zijn Goddelijke natuur mag ontvangen en het spirituele pad mag bewandelen op weg naar zijn persoonlijke Christusschap. Ook is deze meester bezig de zielen te helpen die geen bewuste kennis hebben van het pad van het individuele meesterschap.
.
“The release of Truth is not just a series of words, concepts or ideas. It is a vibratory action that reaches up to the Godhead and brings the crystal flowing stream of that action into human affairs.”
Als de chohan ofwel de Heer van de 5e straal heeft Hilarion ontelbare legioenen engelen van genezing tot zijn beschikking. De aartsengel van de 5e straal die de leiding heeft over de engelen van de groene straal is aartsengel Rafael.
.
.
.
.
.
.
















































Deze Asana is een staande Yoga houding die tegelijkertijd gebruik maakt van een draaiende beweging.
Er zijn diverse voordelen te benoemen voor het uitvoeren van de omgekeerde zijwaartse hoekhouding.
Zo worden de benen, knieën en enkels niet alleen versterkt, maar ook gestretcht. Ook wordt de rug gestretcht, net zoals de borst en de schouders.
Daarbij krijgen de organen een massage op het moment dat je gebruik maakt van een gedraaide houding.
Ook vraagt deze houding om balans, waardoor je ook deze door middel van Parivrtta Parsvakonasana kunt ontwikkelen.
Als je hoofdpijn hebt of een hoge of juist lage bloeddruk, dan is deze houding niet aan te raden.
Daarbij kun je er bij schouderpijn bijvoorbeeld voor kiezen om de handpalmen samen te brengen voor de borst, in het centrum van het lichaam, in deze houding.
Op deze manier ontlast je de schouderspieren. Wel breng je beide armen en handen van de grond, waardoor er meer gevraagd wordt van je beenspieren, enkels en balans. Tegelijkertijd dus weer een nieuwe uitdaging .
Voor meer uitdaging kun je de voorste arm onder het bovenbeen brengen en je andere arm achterlangs via de rug richting je andere arm brengen. Zorg ervoor dat je hierbij goed in de houding blijft staan.
Het kan namelijk zo zijn dat je te ver draait omdat je handen elkaar niet raken. Simpelweg misschien ook wel omdat je armlengte dit niet toelaat. Gebruik in dit geval een yogariem om de optimale voordelen van deze houding te ervaren.
Zie dit vooral niet als falen, want tenslotte is ieder mens uniek en heeft dus ook een andere lichaamsbouw .
Goed te herkennen aan
– de lang gesteelde, kleine, roomwitte “viooltjes” bloemen, waarvan
– de zijdelingse kroonbladen schuin naar boven gericht staan en
– de toppen van de kelkbladen vaak buiten de kroon steken
Algemeen
Akkerviooltje is een eenjarige plantje, dat groeit op open, vochtige tot droge, matig voedselrijke zandgrond in akkers en bermen. Ze is zeer algemeen voorkomend op de zandgronden in de Lage Landen.
Bloem
Ze bloeit vanaf mei tot en met oktober. De bloemen zijn meestal roomwit, soms wit of bleekgeel.
Blad
De bovenste 2 kroonbladen kunnen geheel of gedeeltelijk paars zijn. Het onderste kroonblad heeft aan de basis een gele vlek. De kroonbladen zijn meestal korter dan de kelkbladen; de toppen van de kelkbladen steken voorbij de kroonbladen.
Het onderste kroonblad en de 2 zijdelingse hebben donkere lijntjes (honingmerk). De enigzins paarse spoor aan het onderste kroonblad is ongeveer even lang als de kelkaanhangsels en bevat nectar. De bladeren zijn weinig behaard, de onderste vrijwel rond, de bovenste langwerpig. De rand is gewimperd.
Toepassingen
In de volksgeneeskunde wordt akkerviooltje gebruikt bij de behandeling van huidaandoeningen, hoest en keelontstekingen.
Algemeen
– viooltjesfamilie (Violaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 5 tot 40 cm
Bloem
– wit, roomwit of bleekgeel
– vanaf mei t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– gespoord
– 8 tot 12 (15) mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl
Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– vrijwel rond tot langwerpig
– top stomp
– rand gekarteld
– voet gevleugeld
– veernervig
– gewimperd
– weinig behaard
Stengel
– rechtop
– niet of alleen onderaan vertakt
– kaal of weinig behaard
– rolrond
zie wilde bloemen
.
.
.
.
.
.

.
.
Deze miniatuur biedt ons het algemeen overzicht van de Stad Gods. Vóór de tweede Persoon van God, de Lichtende Gezetelde van wie al het licht uitgaat, strekt zich de plattegrond uit van een stad. De stad heeft een vestingwerk, is viervoudig ommuurd en verstevigd met torens.Trouw aan de tekst van Hildegard heeft de miniaturist gepoogd een overzicht te geven van zijn geheel en zijn onderdelen.
De figuur in het rood is Christus, de Lucidens Sedens of de lichtende gezetelde in het Oosten. Rechts van de Lucidens Sedens begint een muur die de meest lichtgevende van de vier is. Hij wordt dan ook in het zilver weergegeven. Deze muur, die de lucida pars genoemd wordt (het deel dat licht uitstraalt), loopt van het oosten naar het noorden.
Ongeveer in het midden ervan staat een brede toren met kantelen, die Hildegard de toren van het plan van het werk Gods ( de Turris praecursus voluntatis Dei ) noemt. Verderop verheft zich de kolom van het Woord Gods, een soort boom waarvan op iedere tak een menselijk hoofd is afgebeeld. Tussen deze twee torens zullen we straks een poort, die toegang geeft tot de stad zelf, zien open gaan.
Waar de lichtgevende muur in het noorden de driedelige muur welke naar het westen loopt raakt, zien we een hoogst merkwaardige kop omgeven door drie blauwwitte vleugels. Een zeer opvallend symbool van de Zelus Dei, de vurige ijver Gods, die met haar brandende ogen de duivel in het noorden bedreigt.
Op de plattegrond zien we, vanaf de Zelus Dei aan de noordzijde, in westelijke richting een schans opgeworpen van drie evenwijdige muren. Het gaat om muren die door de gelovige mensen opgetrokken worden. In de westhoek zien we een rode kolom uitgebeeld. Deze rode zuil is een zinnebeeldige weergave van de openbaring van het mysterie van de H. Drievuldigheid op het einde der tijden.
Immers toen de zon in het westen reeds onderging en de avond aanbrak, is dit grote geheim door het mensgeworden Woord geopenbaard. Tussen het westen en het zuiden zien we twee torens in aanbouw. De eerste is de toren van de Mensheid van het Woord en is bijna voltooid. Verderop in de zuidhoek wordt de grote toren van de Kerk van het Godsvolk opgetrokken door de gelovigen zelf, die langs ladders stenen naar boven brengen.
Zo vinden we in het zuiden, pal tegenover het noorden waar de duivel woont, de plaats waar de Kerk wordt opgetrokken. De torens worden in het zuiden gebouwd omdat daar de plaats gedacht werd van het oorspronkelijke aardse paradijs.
De laatste muur, nog in aanbouw, is die van het zuiden terug naar het oosten, waar de Lichtende zetelt. Als deze voltooid is, zal de volledige openbaring van de wederkomst van de verrezen Heer plaats vinden. In de tien volgende visioenen en miniaturen wordt de symboliek van al die onderdelen van de Stad Gods verder uitgewerkt. We zien dat héél het bouwwerk gaat om een verdedigingswerk in de strijd tussen God en de duivel.
God wil de mensheid, door de duivel uit het paradijs geroofd en weggevoerd naar diens rijk der duisternis in het noorden, terugleiden naar het zuiden. Daar wil God samen met de mensen van goede wil het nieuwe paradijs, n.l. de Kerk, opbouwen. De gelovigen die vanuit het noorden naar het zuiden komen om de slottoren van de Kerk te bouwen, moeten evenwel verdedigd worden tegen de aanvallen van de vorst der duisternis, die in het noorden heerst.
.
.
God woont in het oosten, rechts van Hem in het noorden zetelt de duivel en links in het zuiden is het nieuwe paradijs gedacht. Het eerste wat God doet is een zware verdedigingsmuur bouwen in noordelijke richting om de eerste aanvallen van de duivel daaruit op te vangen.
Dan dreigt een dubbel groot gevaar vanuit de open westkant. Op dat ogenblik nodigt God de mens uit Hem te helpen en een driedubbele muur op te trekken van het noorden naar het westen.
In het westen komt de tweede Persoon van de H. Drievuldigheid zelf als mens ons te hulp. Hij voltooit, samen met hen die hiertoe geroepen zijn, de muur van het westen naar het zuiden. Daartussen rijst de hoge toren van Zijn Mensheid op.
Zo komen we in het zuiden, waar door alle gelovigen steentje voor steentje de grote slottoren van de Kerk wordt opgetrokken. Daar kunnen de gelovigen van het Nieuwe Testament, grotendeels beschermd tegen de aanvallen uit het noorden, doorwerken.
Maar het einddoel, de afronding en voltooiing van het bouwwerk liggen in het oosten. Deze nieuwe muur van het zuiden naar dat eindpunt wordt even als de noordwest muur door de gelovigen zelf opgetrokken. Het Rijk Gods is tenslotte als een bouwwerk tot stand gekomen in een samenwerking van God met de vrije wil van de mens.
Deze hoofdgedachte van een samenspel tussen God en mens tegen duivel en zonde is eigenlijk de leidraad van heel het betoog van Hildegard over de wegen des Heren. Maar zij wil, in dit samengaan van God en mens tegen de duivel, graag de alles overtreffende grootheid van God naar voren brengen.Daarom zullen we bij de uitwerking van de vierkante plattegrond een grote afwijking ontdekken.
De eerste muur, die door God de almachtige Vader en de derde die door Gods Zoon in Zijn Mensheid worden opgetrokken, zijn beide twee maal zo lang als de tweede en vierde muur die de gelovigen mogen op metselen.
.
.
Nog andere grondgedachten spelen mee in de symboliek van dit bouwwerk. De dynamiek van de uitvoering komt helemaal overeen met de dynamische beweging van de Bijbelse geschiedenis.Eerst de openbaring aan Abraham en de profeten van oost naar noord. Dan de hiërarchie en de ascese van de joodse wet van noord naar west, welke uiteindelijk verwijzen naar de grote openbaring van Christus over het mysterie van de H. Drievuldigheid.
Het is de bekering tot het geloof in het geheim van Gods Zoon dat dan verder de drijfveer uitmaakt van de bouw van de Kerk in het zuiden. En het is het verlangen naar de wederkomst van de Heer, dat de gelovigen de wilskracht geeft om de laatste muur te voltooien van het zuiden naar het oosten.
Deze drijfveer naar de voltooiing is toch weer een werk van God en mens samen. God geeft hiertoe de genade en de mens ontleent er zijn kracht, zijn deugd aan. Dit laatste begrip van deugdbeoefening vormt één van de grondideeën van de hele verhandeling van Scivias, speciaal van het derde Boek.
.
.
Door dit thema van de dynamische beweging van de Bijbelse geschiedenis krijgen we te maken met een merkwaardig parallellisme tussen wat we zouden kunnen noemen de macro- en micro-ecclesia. De geschiedenis van de kerkopbouw, gezien vanuit het Oude Testament over het Nieuwe Testament naar de parousia (de wederkomst des Heren), herhaalt zich in het klein voor iedere mensenziel.
Dezelfde ontwikkeling, welke Hildegard ons schildert van de krachten Gods in de macro-ecclesia, kan elke gelovige ontdekken in zijn eigen geloofs- en deugdenleven. Het is omwille van deze les dat Hildegard zo uitvoerig ingaat op de deugdenleer. Zij ziet bij die opbouw van de grote Kerk, waarin God en mens samenwerken, zes groepen van deugden die de mens tot steeds grotere rijpheid helpen brengen.
.
.
In de volgende miniaturen 22 tot en met 31 trekt een stoet van gepersonifieerde deugden aan ons voorbij, die samen een moraliteit in beelden vormen.In de tekst van de visioenen worden we overstelpt met lange allegorische verklaringen van de kleding en de gebaren van deze personificaties. Hildegard zelf moet deze uitleg als onbevredigend ervaren hebben.
Na de voltooiing van Scivias heeft zij immers een echte moraliteit (toneelstuk) geschreven en muziek ervoor gecomponeerd. Deze draagt als titel ‘Ordo Virtutum’, wat men zou kunnen vertalen met ” De ontwikkeling van het deugdenleven”. Deze moraliteit liet Hildegard bij bijzondere gelegenheden door haar monialen op het plein voor haar kerk spelen, waarschijnlijk voor de toegestroomde pelgrims.
Bij de verdere uitleg van de miniaturen gaan we nog dieper in op deze deugdengroepen, waarbij men zal merken dat de beeldspraak erg gecompliceerd is. Daarmee hebben de miniaturisten zeker moeite gehad wat waarschijnlijk de reden is waarom de miniaturen van het derde boek, artistiek gesproken, niet de kwaliteit hebben van de voorafgaande.
.
.
.
.
.
.