Tagarchief: klooster

De Heilige Rita en de Heilige Theresia van Lisieux

Standaard

categorie : religie

 

 

De Heilige Rita en de Heilige Theresia van Lisieux

 

De Heilige Rita en de Heilige Theresia van Lisieux hebben een aantal dingen gemeen. Ze hebben allebei een grote devotie voor Jezus en Maria en ze worden allebei afgebeeld met een kruisbeeld en rozen.

 

 

Heilige Theresia

 

 

 

Heilige Rita

 

 

De Heilige Rita werd de heilige van de rozen door de legende van de roos die bloeide in haar tuintje van haar huis in Roccaporena, ondanks de dikke laag sneeuw in januari.

De Heilige Theresia, ook wel de kleine Theresia van het kindje Jezus genoemd, beloofde om het te laten rozen regenen na haar dood. En inderdaad, de gunsten die ze reeds verleent heeft, regenden als rozen over de mensen die hun toevlucht tot haar zochten

 


Nog iets dat de Heilige Rita en de kleine Theresia van het kindje Jezus gemeen hebben, was hun vurige wens om naar het klooster te gaan.

 

De Heilige Rita bleef ijveren tot ze aanvaard werd en dit duurde vijf jaar. De Heilige Theresia van Lisieux was veertien toen ze de beslissing nam om in te treden. Ze was echter nog te jong en de bisschop wilde haar niet toelaten. De Heilige Theresia legde zich hier niet bij neer en richtte zich tot de paus. Ze trad in het klooster in op vijftienjarige leeftijd, waar ze overleed aan tuberculose op vierentwintig jarige leeftijd. Er wordt gezegd dat de Heilige Theresia best wel koppig was, maar ook een heerlijk gevoel voor humor had.

Haar ouders, Louis en Zélie Martin, zijn heilig verklaard op 18 oktober 2015 door paus Franciscus. Haar geboorte-
huis staat er nog in Lisieux, niet zo ver van de basiliek die er ter ere van haar gebouwd werd. Zowel de Heilige Rita als de Heilige Theresia worden vereerd op een donderdag. Hier is een noveen dat kan gebeden worden voor de Heilige Theresia negen donderdagen achter elkaar. Daarna volgt nog een litanie voor haar.

 

 

GENADE NOVEEN GEDURENDE NEGEN DONDERDAGEN

TER ERE VAN DE HEILIGE KLEINE THERESIA

 

Deze noveen is zeer krachtig. Wie geestelijke of tijdelijke gunsten wil bekomen:  volbreng de Noveen op de negen Donderdagen in voorbereiding tot haar feest (1 oktober), of in de loop van het jaar.

 

Men mag deze Noveen ook op negen opeenvolgende dagen doen.

 

Hemelse Vader, die de Kleine Theresia aan de wereld hebt geschonken om de kinderlijke eenvoud van het Evangelie overal te verkondigen, geef ons de genade, dat wij, door haar voorbeeld voorgelicht, ons in alles met kinderlijk vertrouwen aan uw vaderlijke goedheid overgeven. Wees gegroet …

Minnelijke Jezus, die in de Kleine Theresia de wijsheid van uw Evangelie hebt doen uitschijnen om de dwaasheid van de geest van de wereld te veroordelen, geef ons de genade, dat wij, door uw goddelijk licht bestraald, mogen inzien dat alles ijdelheid is op aarde, behalve God te beminnen en Hem alleen te dienen. Wees gegroet …

Heilige Geest, die in de Kleine Theresia een ware bruid hebt gevonden aan uw barmhartige liefde gans overgeleverd, geef ons de genade, dat wij, door uw goddelijke liefde bezield, aan uw geheime inspraken gewillig geloof geven en uw heiligende werking getrouw volgen. Wees gegroet… Bid voor ons, Heilige Kleine Theresia, opdat we de beloften van Christus waardig worden.

Laten wij bidden, Heilige Kleine Theresia van het kind Jezus in wier hart Maria zulk een grote plaats innam, leer ons de Hemelse Moeder met een kinderlijke en betrouwvolle liefde beminnen. Onderwijs ons uw kleine weg der geestelijke kindsheid. Schenk ons uw geest van gebed en uw deugden: kinderlijke eenvoud, volle overgave aan Gods Wil, grenzeloos betrouwen. Gewaardig door de overvloed van uw verdiensten onze gebeden welgevallig te doen verhoren, door Christus Onze Heer.
Amen.

Heilige. Kleine Theresia, bid voor ons !

 


LITANIE VAN DE HEILIGE THERESIA VAN HET KINDJE JEZUS

 

Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Christus, hoor ons.
Christus, verhoor ons.
God, hemelse Vader, ontferm U over ons.
God Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God, heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.

Heilige Maria onbevlekt in uw ontvangenis, bid voor ons.
Heilige Maria, Moeder van Jezus,
Heilige Theresia, van uw eerste jeugd af door God met genade begunstigd,
Heilige Theresia, engel van onschuld,
Heilige Theresia, uitgelezen bruid van de Heer,
Heilige Theresia, nieuwe bloem van de Carmelus‘ Orde,
Heilige Theresia, onthecht aan alle aardse goederen en genoegens,
Heilige Theresia, kuis en rein als de engelen Gods,
Heilige Theresia, volmaakt voorbeeld van gehoorzaamheid,
Heilige Theresia, zeer duurbaar aan het allerheiligste Hart van Jezus,
Heilige Theresia, nederige dienares van de Heer,
Heilige Theresia, slachtoffer van de goddelijke liefde,
Heilige Theresia, onwrikbaar vertrouwend op God,
Heilige Theresia, brandend van zielenijver,
Heilige Theresia, waardige dochter van uw heilige geestelijke moeder Theresia,
Heilige Theresia, kleine bloem van onze Heer Jezus, voor eeuwig nu bloeiend in zijn hemels lusthof,
Heilige Theresia, die een overvloed van hemelse gunsten als rozen doet neerdalen over de wereld,
Heilige Theresia, zeer machtige beschermster van allen die u aanroepen,

Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt, ontferm U over ons.

Bid voor ons, Heilige Theresia van het Kindje Jezus. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

Laat ons bidden,

O God, die Uw dienares de Heilige Theresia door de gave van de wonderen verheerlijkt hebt, vergun ons, smeken wij U, op haar voorbede, dat wij naar haar voorbeeld, U steeds mogen dienen in onbeperkt vertrouwen en nederigheid. Door Jezus Christus, onze Heer, die met U leeft en heerst in alle eeuwen der eeuwen. Amen.

 

 

Heilige Rita

 

 

 

Heilige Theresia

 

 

Het gebeurt wel eens dat mensen bij het zien van een afbeelding of het zien van een beeldje van de Heilige Rita of van de Heilige Theresia van Lisieux niet goed weten wie het is. Ze worden beiden getoond in klooster habijt, met een kruisbeeld en rozen. Dit zorgt soms voor wat verwarring maar toch is het niet moeilijk om het verschil te zien. De Heilige Rita wordt meestal afgebeeld met de wonde op haar voorhoofd. Zij draagt het habijt van de Augustinessen waarin zwart de hoofdkleur is. Slechts rond de kap en rond de hals is er een beetje wit, verder is het habijt helemaal zwart.

De Heilige Theresia draagt het habijt van de Karmelietessen waarbij de kap ook zwart is maar verder is de hoofdkleur van het kleed bruin en wordt er een lichte mantel over gedragen. Heel soms zie je bij een afbeelding van de Heilige Rita bijen op haar habijt. De Heilige Theresia is één van de weinige heiligen waar foto’s van bestaan. Ze had een heel levendige, warme en vrolijke persoonlijkheid. Ze was gedreven, vastberaden en koppig maar ze bezat ook een heel fijn gevoel voor humor.

Zowel de Heilige Rita als de Heilige Theresia zijn heel nederige en eenvoudige vrouwen. Ze wilden allebei een kleine, eenvoudige weg bewandelen en helpen waar ze maar konden. Nu nog altijd helpen ze graag.
.
.
.


Gebeden Heilige Theresia en Heilige Rita

 

 

Heilige Theresia, kleine bloem, alsjeblief pluk voor mij een roos uit de Hemelse tuin en stuur ze naar mij met een boodschap van liefde. Vraag God om mij de gunst te verlenen die ik vraag en zeg Hem dat ik elke dag meer en meer van Hem zal houden.

Sainte Thérèse, petite Fleur, s’il te plait cueille une rose des jardins du ciel et envoie-la moi avec un message d’amour. Demande à Dieu de m’accorder la faveur que je te demande et dis lui que je l’aimerai chaque jour de plus en plus.

 

Theresia,
Je hebt beloofd
Je Hemel door te brengen met goed te doen op Aarde.
Bid met ons opdat in ons hart de rozen bloeien van een wakker geloof,
Een volhardend vertrouwen en een vurige wederliefde
Voor God en alle mensen
In de kleine dingen van elke dag.
Verhoor dit gebed, o Vader,
In de Geest van Jezus,
Die liefde en barmhartigheid is
Tot in de eeuwigheid
Amen

 

 

NOVEEN TOT DE HEILIGE THERESIA VAN HET KINDJE JEZUS

 

 

Eerste dag: ONS DOEL

 

“Wij blijven maar in vrede als we ons keren naar de hemel.   

God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen.

Eer aan de Vader en de Zoon en de H. Geest. Zoals het was in den beginne, zoals het nu is, zoals het altijd zal zijn in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Heer, Laat in het op en neer van mijn leven mijn geest verankerd zijn in U. Naar u ben ik op weg, samen met velen die mijn broers en zussen zijn. Al het aards gaat voorbij maar Gij blijft! Ook de zorgen die mij nu bedrukken, eens zullen ze er niet meer zijn. Help mij zolang mijn kruis te dragen. Help mij te vertrouwen als een kind. Gij zijt mij nabij. Gij laat mij nooit alleen!

Stille overweging wat onze zorgen of problemen zijn.

Onze Vader… Slotgebed.

SLOTGEBED voor elke dag.
God, hemelse Vader, Gij hebt de H. Theresia uitgekozen om ons nabij te zijn op de weg van grenzeloos vertrouwen. Zij is ons voorgegaan, zij ging diezelfde kleine weg van kind te worden, zodat ze kon zeggen: “Gebrek aan vertrouwen, dat alleen beledig t de Heer “ en “Mijn hoop werd nooit ontgoocheld”. Op voorspraak van deze heilige bid ik U, sta mij bij in mijn nood – noem hem- en sterk mij wanneer ik vertrouw op uw Goedheid alleen. Amen.

 

 

Tweede dag: ONZE VADER

 

“Ik overweeg het Onze Vader. Een wonder dat wij de goede God ‘Vader’ mogen noemen”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…
Heer Jezus, Gijzelf hebt ons geleerd God ‘Onze Vader’ te noemen en zelf zijt Gij de weg naar die Vader. Vermeerder in mij de liefde van een kind, en sterk die ervaring die mij vreugde geeft: Hij, de Vader, ziet wat mij nu bedrukt en angstig maakt. Leer mij, met U, uit heel mijn hart te zeggen: “Vader, neem alstublieft deze beker van mij weg: toch, laat niet mijn wil gebeuren, maar die van U”.

Stille overweging Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Derde dag: ONZE BROEDER

 

“Jezus is een verborgen schat, een verborgen weldaad”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….

Jezus, mijn Broer! Gij werd geheel aan ons gelijk om voor ons de Weg, de Waarheid en het Leven te zijn. Volg ik U na, dan dwaal ik niet in duisternis. Op de weg van het kruis ben ik zeker U te ontmoeten. Help mij om het verdriet dat op mij drukt met U te doorleven. Geef mij kracht om de last te dragen tot Gij die van mij af zult nemen.

Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Vierde dag: EUCHARISTIE

 

“Als ik voor het tabernakel kniel, heb ik Hem maar één ding te zeggen: Mijn God, Gij weet dat ik U bemin!”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….

Jezus, Mijn Heer en Meester, inde Eucharistie maakt Gij U voor ons tot voedsel Als ik één word met U, groeit in mij uw kracht en zie ik met nieuwe ogen hoe Gij mij nabij zijt. Wees voor mij de bron, Heer, Waaruit ik putten mag: moed, geduld en sterkte. Blijf mij geleiden, Heer, op de weg van het volle vertrouwen, op de smalle weg van de totale overgave aan Gods wil.

Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Vijfde dag: MARIA

 

“Ik begreep dat zij over mij waakte, dat ik Haar kind was”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…

Jezus, mijn Verlosser, aan het kruis hebt Gij mij Maria tot Moeder gegeven. Nu weet ik dat Zij ook mij nabij is op mijn lijdensweg. Zij vraagt voor mij de genade in alle omstandigheden stil en vol vertrouwen te bidden: “Ik bied mij aan als diena(a)r(es) van de Heer; laat met mij gebeuren wat U zegt”, Aan Haar hand geleid wil ik mijn weg gaan, onder Haar bescherming weet ik mij geborgen.

Stille overweging, Wees gegroet Maria … Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Zesde dag: ONZE BROEDER

 

“Ik voelde in mij een groot verlangen, mij in te zetten voor de bekering van de zondaars”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….

Heer, de H. Teresia hand niet de kans grote werken voor U te doen. Maar wat ze deed, deed ze met grote liefde, uit vreugde voor U, en tot redding voor U, en tot redding van de mensen. Ik heb dezelfde kans om wat zwaar en onaangenaam is op mijn weg in liefde aan te nemen en het U vol vol liefde aan te bieden. Help mij, te groeien in genegenheid en maak de liefde die ik U biedt vruchtbaar als Gij mensen tot de Vader keert.

Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Zevende dag: EUCHARISTIE

 

“Je moet altijd maar herhalen: Ja, arm en klein, zo wil ik blijven”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp. Heer haast u mij te helpen. Eer aan de Vader ….

Jezus, Mijn Heer en Meester, inde Eucharistie maakt Gij U voor ons tot voedsel Als ik één word met U, groeit in mij uw kracht en zie ik met nieuwe ogen hoe Gij mij nabij zijt. Wees voor mij de bron, Heer, Waaruit ik putten mag: moed, geduld en sterkte. Blijf mij geleiden, Heer, op de weg van het volle vertrouwen, op de smalle weg van de totale overgave aan Gods wil.

Stille overweging, Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Achtste dag: KERK ZIJN

 

“Ik hou van de Kerk, want zij is mijn moeder”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…

Heer, ik dank U dat de kerk ook mijn moeder mag zijn. Van haar wil ik houden en zó wil ik leven dat ik steeds met haar op weg mag zijn, tot over de grenzen van de dood. Zolang wil ik mij steeds voor ogen houden: Wie U navolgt door zijn kruis te dragen die zal delen in de vreugde die geen einde heeft.

Stille overweging … Onze Vader… Slotgebed.

 

 

Negende dag: VERTROUWEN

 

“De enige juiste weg, is die van eenvoudig en liefdevol vertrouwen”. (Theresia)

God, kom mij ter hulp, Heer haast U mij te helpen. Eer aan de Vader…

Jezus, mijn Heer en mijn Verlosser, ben ik ten einde raad, angstig en teneergeslagen, dan is het omdat ik niet vertrouwen kan. Hoe meer ik mij geef aan U, des te méér kom ik open voor uw hulp. Gij zegt het toch zelf: “Komt tot Mij, gij allen en zie hoe Ik u verkwikken zal”. Dát van U te horen, dat maakt mij blij, dat schenkt mij weer levensmoed. Dank U, Heer! Heer Jezus, ik vertrouw op, laat uw genade spoedig blijken.

Stille overweging. Onze Vader… Slotgebed.

 

 

 

.
.
.
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Maria Faustina Kowalska

Standaard

Categorie: religie

 

Maria Faustina Kowalska

 

Maria Faustina Kowalska
Sint Maria Faustina Kowalska van het Heilige Sacrament.
Sint Maria Faustina Kowalska van het Heilige Sacrament.
Geboren 25 augustus 1905 te GockowiceKeizerrijk Rusland
Gestorven 5 oktober 1938 te KrakauPolen
Verering Rooms-Katholieke Kerk
Zaligverklaring 18 april 1993 door paus Johannes Paulus II
Heiligverklaring 30 april 2000 door paus Johannes Paulus II
Schrijn Heiligdom van de Goddelijke Barmhartigheid in Krakau
Naamdag 5 oktober

 

 

Biografie

 

Helena Kowalska werd geboren als het derde kind van een arm Pools gezin met tien kinderen. Op vijftienjarige leeftijd, na slechts drie jaar school, begon ze te werken om het gezin te onderhouden. Op twintigjarige leeftijd volgde ze haar roeping om als non in de Katholieke kerk te dienen. Ze vertrok naar Warschau en bezocht diverse kloosters, maar werd telkens afgewezen. Uiteindelijk werd ze op 30 april 1926 aangenomen bij het klooster van de Congregatie van de Zusters van Onze Lieve Vrouw van Barmhartigheid met de naam Zuster Maria Faustina van het Heilige Sacrament.

 

 

De verschijningen

 

Zuster Faustina heeft gemeld een verschijning van Christus gezien te hebben in het vagevuur, en verschillende malen Jezus en Maria gezien en gesproken te hebben. Ze schreef dat Jezus aan haar de missie geopenbaard heeft om de devotie van de Goddelijke Barmhartigheid te verspreiden. In Płock verscheen volgens haar Jezus op 22 februari 1931 als de ‘Koning van Goddelijke Genade’, gekleed in een wit gewaad. Zijn rechterhand was in een teken van zegen opgeheven en de andere wees op de borst.

 

 

 

 

Vanonder het kledingstuk gingen twee stralen uit, de een rood en de ander wit, waarbij het rood bloed en het wit water zou voorstellen. Conform de opdracht welke ze zei te hebben ontvangen, liet zuster Faustina een schilderij van dit visioen maken. Met de hulp van pater Michał Sopoćko, liet ze de afbeelding vermenigvuldigen en verspreiden in Krakau en Vilnius. De boodschap die ze bij deze verschijning als opdracht kreeg luidt als volgt:

 

Aanhalingsteken openen “Schilder een afbeelding die overeenkomt met het voorbeeld dat je ziet, met het onderschrift: ‘Jezus, ik vertrouw op U’. Ik wil dat deze afbeelding vereerd wordt, eerst in jouw kapel en daarna over de hele wereld. Ik beloof je dat de ziel die deze afbeelding zal vereren, niet verloren zal gaan.” Aanhalingsteken sluiten

 

 

 Johannes 11: 24-27

 

Marta antwoordde: “Ik weet dat hij zal opstaan uit de dood, op de laatste dag, als alle doden weer opstaan.” 25 Jezus zei tegen haar: “IK BEN  de opstanding en het leven. Iedereen die in Mij gelooft, zal leven, zelfs als hij al gestorven is. 26 En iedereen die leeft en in Mij gelooft, zal nooit meer sterven. Geloof je dat?” 27 Ze zei tegen Hem: “Ja Heer, ik geloof dat U de Messias bent, de Zoon van God die op aarde zou komen.”

 

 

Ze hield ondanks haar gebrekkige taalkennis een dagboek bij. Dit dagboek is later gepubliceerd onder de titel ‘Goddelijke Genade in mijn Ziel: Het dagboek van Sint Faustina’. Ze verzocht om de oprichting van een ‘Congregatie die Goddelijke Genade zou gaan verkondigen aan de wereld en deze zou behouden door gebed’. Ze werd echter hierin herhaaldelijk afgewezen door haar superieuren. In de boodschap waarin Jezus aan zuster Faustina verzocht om ervoor te ijveren dat de zondag na Pasenhet feest van de Goddelijke Barmhartigheid zou worden gevierd was als volgt:

 

Aanhalingsteken openen “Op die dag staan de diepste diepten van Mijn tedere barmhartigheid open. Ik stort een hele oceaan van genaden uit over die zielen die tot de fontein van Mijn barmhartigheid naderen. De ziel die te biechten zal gaan en de heilige communie zal ontvangen, zal volledige vergeving van zonden en straf ontvangen. Op die dag staan alle sluizen van de hemel, waardoor de genade vloeit, open.” Aanhalingsteken sluiten

 

 

 

 

In 1935 had ze een visioen dat beschreef wat nu het ‘Rozenhoedje van de Goddelijke Genade’ wordt genoemd. In 1936 Werd Marie Faustine ernstig ziek; naar destijds aangenomen werd, leed ze waarschijnlijk aan tuberculose. Ze werd verplaatst naar het sanatorium in Prądnik. Ze bleef veel tijd doorbrengen in gebed en het bidden van haar Rozenhoedje voor de bekering van de zondaren. Daarnaast zou ze geleden hebben aan onzichtbare stigmata welke haar onbeschrijfelijke geestelijke pijnen bezorgden.

De laatste twee jaren van haar leven bracht ze door in gebed en met het bijhouden van haar dagboek. In juni 1938 kon ze hier niet meer in schrijven. Ze stierf op 5 oktober 1938. Toen haar priores de kamer van Faustina aan het leegruimen was, kwam ze in een lade de afbeelding van de Goddelijke Barmhartigheid tegen.

Na het overlijden van zuster Faustina werden de door haar geschreven teksten naar het Vaticaan gestuurd: tot in 1966 moesten alle verslagen van visioenen van verschijningen van Jezus en Maria eerst goedgekeurd worden door de Heilige Stoel alvorens ze werden vrijgegeven voor publicatie. Na een mislukte poging om paus Pius XII te overtuigen om zijn – afwijzende – beoordeling te ondertekenen, nam kardinaal Alfredo Ottaviani, secretaris van de Heilig Officie haar werk op in een lijst die hij in 1959 voorlegde aan de nieuwe paus Johannes XXIII.

De paus ondertekende het decreet waardoor haar werken op de Index der verboden boeken werden geplaatst; ze bleven meer dan twee jaar op deze lijst staan. Pater Sopoćko werd streng berispt, en al zijn werk werd onderdrukt. Maar Eugeniusz Baziak, de aartsbisschop van Krakau, stond het de nonnen toe om de originele afbeelding in hun kapel neer te hangen zodat degenen die dat wensten er bij konden blijven bidden.

De huidige verklaring van het Vaticaan is dat de aanvankelijke negatieve beoordeling door het Vaticaan een misverstand betreft dat veroorzaakt werd door verkeerde Italiaanse vertaling van Kowalska’s dagboeken en dat het twijfelachtige materiaal niet kon worden vergeleken met de originele Poolse versie als gevolg van problemen door de Tweede Wereldoorlog en het daaropvolgende communistische tijdperk.

Echter, een artikel in de National Catholic Reporter suggereert dat het verbod voortvloeide uit meer ernstige theologische kwesties. Bijvoorbeeld haar verklaring dat Jezus beloofd had om volledige vergeving van de zonde door bepaalde devotionele handelingen die alleen door de sacramenten geboden kunnen worden, wat door de Vaticaanse onderzoekers gevoeld werd als een overdreven focus op Faustina welke in strijd is met de zienswijze vanuit de Heilige Officie.

 

 

Zalig- en heiligverklaring

 

Toen Karol Józef Wojtyla (de latere paus Johannes Paulus II) aartsbisschop van Krakau werd, werd er een nieuw onderzoek gestart naar het leven en de dagboeken van zuster Faustina, en ook werd de devotie tot de Goddelijk Barmhartigheid weer toegestaan. Kardinaal Franciszek Macharski, de opvolger van Johannes Paulus II als aartsbisschop van Krakau, zei dat Faustina ons herinnert aan de werkelijkheid van het evangelie die we vergeten waren. Maria Faustina werd zalig verklaard op 18 april 1993 en heilig verklaard op 30 april 2000. Barmhartigheidszondag wordt gevierd op de tweede zondag van Pasen (= de eerste zondag na Pasen).

 

Aanhalingsteken openen Voorwaar de boodschap welke zuster Faustina bracht is het juiste en indringende antwoord dat God wil bieden op vragen en verwachtingen van de mensen in deze tijd welke gekenmerkt wordt door vreselijke tragedies. Aanhalingsteken sluiten

 

In mei 2020 heeft paus Franciscus de gedachtenis Faustina van 5 oktober op de liturgische kalender van de universele kerk laten zetten.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

De gebedstijden

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het Getijdenboek

Het Getijdenboek

 

  • Het getijdengebed stamt uit de tempel- en synagoge-dienst en was ook een praktijk die men thuis onderhield.
  • In het Oude Testament vindt men allerlei voorbeelden van het avond en morgengebed (Numeri 28, Psalm 55: 18).
  • .

Psalm 55: 18 >’s Avonds en ’s morgens en ’s middags kan ik niet anders dan van bezorgdheid blijk geven en ik kreun, En hij hoort mijn stem.

Numeri 28:1-2> verder sprak de Heere tot Mozes, zeggende: Gebied den kinderen Israëls, en zeg tot hen: Mijn offerande, Mijn spijze voor Mijn vuurofferen, Mijn liefelijken reuk, zult gij waarnemen, om Mij te offeren op zijn gezetten tijd.

 

.

  • De eerste christenen nemen dit gebruik over en komen in de tempel bijeen op geregelde gebedstijden. Volgens geschriften uit de eerste eeuwen werd er in groepen drie keer per dag gebeden in het huis van de gemeente. Wat gebeden werd is minder duidelijk, het Onze Vader wordt genoemd, maar gebeden uit de Joodse gebedstraditie zullen daar ook een plaats hebben gehad.
  • De drie dagelijkse momenten van gebed werden uitgebreid tot zeven of acht (1 Tessalonicenzen 5:17 bid onophoudelijk). Het is vooral Benedictus van Nursia die dit gebed een vaste vorm geeft in het klooster. In veel kloosters is tegenwoordig het aantal getijden beperkt tot vijf of  minder.

 

.

1 Tessalonicenzen 5:17-20 Bidt zonder ophouden. Dankt God in alles; want dit is de wil van God in Christus Jezus over u. Blust den Geest niet uit. Veracht de profetieën niet.
.
.
.
De mens in geloof

De mens in geloof

pasteltekening van John Astria

.

.

.

De acht getijden ( ook wel officie genoemd) zijn:

 

.

De Metten (ook wel Vigilie genoemd) rond 5 uur

 

De metten (matutinae) maken deel uit van het getijdengebed in de Rooms-Katholieke Kerk en de Orthodoxe Kerk. Het woord ‘metten’ komt van het Latijnse  woord ‘matutinum’, dat ‘ochtend’ betekent, maar de metten worden meestal ’s nachts of in de zeer vroege ochtend gebeden. Het aanvangstijdstip varieert van ongeveer 3.45 uur tot 6.15 uur. Omdat ze vaak ’s nachts gebeden worden, gebruikt men  tegenwoordig de term vigilie (“wake”).

 

 

De Lauden rond 6 uur

 

De lauden (laudes) vormen het ochtendgebed van het Heilig Officie  of getijdengebed. Het woord lauden is een vernederlandsing van het Latijnse  laudes, het meervoud van laus wat lof of lofprijzing betekent.

 

 

 

De Priem rond 7 uur (tegenwoordig voor de priesters en ook in de meeste kloosters afgeschaft)

 

De priem  is een vastgestelde gebedstijd in het traditionele getijdengebed. De priem (of in het Latijn ‘prima’) wordt meestal rond zes of zeven uur ’s ochtends gebeden. In de vernieuwde liturgie van na het Tweede Vatikaans Concilie is de priem komen te vervallen.

 

 

De Terts rond 9 uur

 

De terts is een van de kerkelijke getijden, een van de kleine getijden. Het staat voor het derde uur, dat vroeger varieerde omdat de uren ’s winters korter waren dan ’s zomers. Tegenwoordig wordt de terts meestal gebeden rond negen uur ’s morgens.

 

 

De Sext rond 12 uur

 

De sext is een van de kerkelijke getijden. De sext is een van de zogeheten kleine getijden. Het woord sext staat voor het zesde uur (Latijn: sexta hora), dat vroeger in lengte varieerde, omdat de uren ’s winters korter waren dan ’s zomers. Tegenwoordig wordt de sext meestal gebeden rond twaalf uur ’s middags.

 

 

De Noon rond 14 uur

 

De none (afgeleid van ‘negende’ in het Latijn) is een van de kerkelijke kleine getijden. Het staat voor het negende uur, dat vroeger varieerde omdat de uren ’s winters korter waren dan ’s zomers. Tegenwoordig wordt de none meestal gebeden rond drie uur ’s middags.

Het officie van de none begint zoals de meeste getijden met de aanroep:

God, kom mij te hulp, Heer, haast U mij te helpen.
Eer aan de Vader en de Zoon en de Heilige Geest, zoals het was in het begin, en nu, en altijd, en in de eeuwen der eeuwen.
Amen, Alleluja!
.

 

De Vespers rond 17 uur

 

De vespers (of het avondgebed) behoren tot de getijden in de kerk en worden gebeden om 17-18 uur. Het woord komt uit het Latijn, van vespera dat avond betekent. In enkele protestantse  kerken wordt de term ‘vespers’ gebruikt als aanduiding voor een avonddienst.

 

 

 

De Completen rond 20 uur

 

De completen vormen het laatste getijdengebed van de dag. Het woord is afkomstig van het Latijnse  completorium dat afronding betekent of complere = vullen. Het stamt uit de 6e eeuw.

 

  • In het kloosterlijk officie worden de honderdvijftig psalmen uit de Bijbel gebeden, verspreid over de week. Dit gebeurt niet in berijmde vorm, zoals bij de protestanten. In sommige kloosters worden elke week alle 150 psalmen gebeden, in andere verspreid over twee weken. In de Anglicaanse kerk worden ze sinds het Book of Common Prayer verspreid gebeden over een maand.
  • Alle getijden hebben een lezing uit de Bijbel en smeekgebeden.
  • De getijden worden ingedeeld in grote en kleine getijden. De Metten, Lauden en Vespers zijn grote getijden, de Priem, de Terts, de Sext en de Noon zijn kleine getijden. Ook Completen horen bij de kleine getijden.
  • De taal van de getijden was in de westerse traditie het Latijn, maar tegenwoordig wordt ook de volkstaal gebruikt.
  • De muziek van de kloosterlijke getijden is traditioneel het Gregoriaans. Waar Nederlands wordt gezongen is nieuwe muziek gecomponeerd die vaak sterk aan het Gregoriaans doet denken. In Nederland wordt de psalmvertaling van Ida Gerhardt en Marie van der Zeyde in de kloosters het meest gebruikt. Hiervoor zijn in het Abdijboek bijbehorende melodieën geschreven door verschillende monniken en zusters.

Het koorgebed van priesters noemt men breviergebed. Het boek waaruit priesters de getijden bidden heet brevier. Het middeleeuwse getijdenboek was bestemd voor de persoonlijke devotie van leken.

 

 

Het brevier

Het brevier

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

John Astria

John Astria

 

 

 

De helende werking van edelstenen volgens de Heilige Hildegard van Bingen

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

hildegardvonbingen

 

 

Wie was Hildegard van Bingen ?

 

Hildegard von Bingen werd geboren in 1098 in Bermersheim, bij Mainz. Hildegard was een Duitse Benedictijnse abdis. Zij geldt als de eerste vertegenwoordiger van de Duitse middeleeuwse mystiek. In haar jeugd verbaasde zij mensen met haar bijzondere helderziende en hemelse gaven. Hildegard ging op vroege leeftijd het klooster in. God openbaarde haar in visioenen de dimensies en achtergronden van de schepping en verlossing.

God gaf ook een hele geneeswijze door en Hij liet haar de zo belangrijke boeken schrijven. De paus bevestigde de zienswijze van Hildegard en met deze erkenning van de kerk werd zij beroemd. Hildegard werd ook bekend als de eerste componiste uit de geschiedenis van de klassieke muziek die bij naam bekend is.

 

 

Lichaam, geest en ziel

 

In haar geneeskunde wijst Hildegard nadrukkelijk op de samenhang van lichaam, geest en ziel. Zij beschrijft de geneeskrachten die in de natuur voor de mens verborgen liggen en geeft aanwijzingen voor een totale verzorging van de mens, zowel preventief als curatief. De Hildegard geneeswijze, door God aan haar geopenbaard, is een nieuwe toegankelijke natuurgeneeswijze.

Haar geneesmiddelen en methodes staan dicht bij de menselijke natuur, maar er komt ook een groot stuk filosofie en psychologie in naar voren. Genezen gaat bij haar tot in de diepte, veel verder dan slechts het onderdrukken van de symptomen.

 

 

Voeding en edelstenen

 

Hildegard gaat zeer uitgebreid in op voeding, wat gezond is voor de mens, en wat niet. Zij beschrijft bijvoorbeeld uitgebreid de gezonde werking van frambozen, rode bessen (aalbessen) en veel kruiden. Zij beschrijft verder de medicinale werking van planten en kruiden, zoals de mariadistel bij klachten en aandoeningen van de lever. Zij beschrijft ook de heilzame werking van edelstenen.

Een goede harmonie tussen lichaam, geest en ziel is nodig om gezond te blijven. Hildegard wijst op het belang om negatieve emoties om te zetten in positieve emoties. Voeding moet gezond zijn, zoals het gebruik van spelt in plaats van de huidige granen. Hildegard geeft manieren om het lichaam te ontgiften wat ook in onze tijd van grote waarde is.

Door de toevoeging van de vele chemische en toxische bestanddelen aan voedsel, de genetische manipulatie, de luchtvervuiling en de stapeling van zware metalen in het lichaam is de leer van Hildegard ook in de moderne tijd van onschatbare waarde. Haar recepten om ziektes te behandelen staan in haar medicinale handboek Causae et Curae. Deze medicijnen worden o.a. in een fabriek in Duitsland geproduceerd.

 

 

 EDELSTEEN en WATER   

 

Door het toevoegen van edelstenen aan het water krijgt het water een betere smaak en kwaliteit. Het wordt “levendiger”, en krijgt energie toegevoegd. Eventuele negatieve “informatie” verdwijnt en de houdbaarheid wordt verlengd. Dit alles is te verklaren door het gegeven dat water de “informatie” van de stenen via hun trilling kan opnemen. Deze informatie wordt een tijdje opgeslagen in het water.

Toonaangevende bron voor de ontwikkeling en toepassing van edelsteenwater was Hildegard von Bingen (1098-1179). Haar recepten worden nog steeds gebruikt. Enkele voorbeelden van de werking waaraan edelstenen hun kracht hebben afgegeven zijn:

Sardonyx-water tegen oorontsteking,

Chrysopaas-water om te ontgiften en ontslakken,

Smaragd-water bij ontstekingen en

Aquamarijn-water bij allergie.

 

Mede dankzij het wateronderzoek van Masaru Emoto is een bijdrage geleverd aan de verklaring van de werking. Gebruik zuiver (bron)water dat zo weinig mogelijk mineralen bevat en koolzuurvrij is. Goed geschikt is water met een gehalte aan minerale stoffen onder de 500 mg/l. De minimumduur is 2 uur, dan begint de werking op te treden. Maximumduur is 2 dagen. Voortdurend herbereiden tot 2 weken.

Bij voortdurend herbereiden wordt 80% van het edelsteenwater minstens 1x per dag in een gebruikskaraf overgegoten, de achtergebleven 20% wordt weer aangevuld. Na 2 weken dienen karaf en stenen te worden schoongemaakt. De gebruikte stenen afspoelen onder stromend water en droogmaken ter voorkoming van aanhechting algen, bacteriën.

Voor opnieuw gebruik: reinig de stenen energetisch met bijvoorbeeld salie of wierook. Meerder kleine stenen bij elkaar leveren vaak een intensiever edelsteenwater op dan grotere afzonderlijke exemplaren. Het uitwisselingsgebied van de informatie is dan groter. De stenen die genoemd staan bij categorie edelsteenwater zijn geschikt voor de bereiding: direct in het water leggen. De gewenste hoeveelheid edelstenen voor 1 liter water is afhankelijk van de werking van de steen: intensief, krachtig of milde werking en kwaliteit van de steen.

 

 

 

 

 

Edelsteenwater van bekende mineralen

 

 

Amethist

 

Met amethistwater kan je sneller ontspannen en ben je minder druk in het hoofd.  Het autonome zenuwstelsel wordt heel positief beïnvloed, je laat toe, dat je tot rust mag komen. Dus goed tegen stress en spanning. Je zal je rustig en ontspannen voelen.  Als je amethistwater drink voor je gaat slapen kan dit helpen voor een goede nachtrust. Amethistwater  is ook een heel goede steen bij hoofdpijnklachten, zelfs bij migraine.

 

 

Amethist_Brazilie

 

 

 

 

Bergkristal

 

Bergkristalwater reinigt je en heeft een heel goede reinigende werking op lichaam en geest. (Als je bergkristalwater verstuift in je aura zal het je aura gereinigen.   Ook planten en dieren hebben veel baat bij bergkristalwater. De energie van de bergkristal is activerend, maakt vitaler en werkt tegen pijn. Heldere gedachten en goede ideeën krijgen weer ruimte in je hoofd.

 

 

bergkristal-

 

 

 

 

Rozenkwarts

 

Rozenkwartswater brengt zachtheid en liefde, pure emoties. Het brengt vrede, liefde en gezelligheid. Bewerkstelligt een positieve emotionele uitwisseling onderling. Rust in het hart zorgt voor harmonie van binnenuit. Met de rozekwartswater leer je van jezelf en van de ander te houden. Ook zorgt water van rozekwartsdat je minder pijn hebt,  beter slaapt en helpt je om meer in balans en tot rust te komen.  Rozekwartswater stimuleert je een vredevol leven met kracht en harmonie te leven.

 

 

rozenkwarts-ruwe-steen

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

 

Vierde hoofdstuk van Scivias

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

hildegard

 

 

 

OVER HET DERDE DEEL VAN HET BOEK SCIVIAS

 

In het derde deel van Scivias worden twee onderwerpen behandeld. In de eerste tien visioenen wordt de bouw beschreven van de Stad Gods in de loop van heel de heilsgeschiedenis, vanaf de zondeval tot en met de wederkomst van de Heer. In de laatste drie visioenen wordt de gruwel van de antichrist verhaald, het laatste oordeel en tenslotte de gelukzaligheid in de hemel.

 

Deze dertien visioenen worden geïllustreerd met 16 miniaturen. Daarvan zijn er vier bestemd voor de laatste drie visioenen. Zo resten ons dus 12 miniaturen te bespreken die bedoeld zijn als illustratie van de bouw van de Stad Gods. Die Stad Gods heeft een enorme betekenis in de beeldspraak van onze visionaire.

Terwijl Hildegard in het tweede boek van Scivias uitvoerig gesproken heeft over het aandeel van God in onze verlossing, wil zij nu het aandeel van de mens in dit werk laten zien. Zij doet dit onder het beeld van een stadsbouw, een middeleeuwse stad. Het is een stad die vanaf een hooggelegen punt geheel te overzien is, en die volgens een eeuwenoud eenvoudig schema is uitgevoerd.

In Italië treft men nog dergelijke stadjes aan zoals bijvoorbeeld San Gimignano in de buurt van Siëna. Als men daar op de hoge stadhuistoren staat, kan men bijna de hele plattegrond in één blik vangen. Om de betekenis van een stadsbouw te begrijpen zou men zelf in het bouwvak gewerkt moeten hebben in een tijd waarin alles nog handwerk was zonder de moderne hulpmiddelen.

Toen waren samenwerking van velen en een groot geduld de voornaamste vereisten om tot resultaten te komen. Of Hildegard zelf gemetseld heeft is niet bekend maar gezien haar zwakke gestel waarschijnlijk niet. Het is zeker dat zij er wel veel bij betrokken is geweest.

De eerste betrokkenheid van Hildegards bouwwerken was op de Disiboodsberg. Daar heeft zij ongeveer dertig jaar gewoond naast een abdij van benediktijnermonniken die juist in die jaren een grote abdijkerk bouwden. Dan heeft zij de leiding gehad bij de bouw van haar nieuwe klooster op de Rupertusberg bij Bingen, en op het einde van haar leven bij de verbouwing van haar tweede klooster in Eibingen.

De sterkste ervaring welke men opdoet bij de uitvoering van een groot bouwwerk is het scheppen van ruimten door muren langzaamaan hoger op te trekken. Men neemt bezit van ruimten die aangepast zijn aan menselijke maat en die uiteindelijk te verdedigen zijn tegen vijanden en waar men zich meester voelt. Alle leven is strijd, ook het leven van de Kerk. Zelfs God vecht tegen Zijn vijand, de duivel, het kwaad.

Het derde boek van Scivias laat ons de strategie zien van deze strijd, maar dan in middeleeuwse symbolentaal. God houdt Zijn verblijf in het Oosten, de duivel legert steeds in het Noorden. Deze plaatsbepaling in windstreken is een oeroud gegeven dat we uitvoerig terugvinden in de symboliek van de Bijbel.

Dit houdt verband met de geografische ligging van het H. Land. Oostelijk lagen de woestijnen, oneindig groots. Daar ligt de Sinaï waar God woont. Noordelijk lag de weg naar Babylon en vandaar kwamen steeds de vijandige legers. In het zuiden ligt Jeruzalem, de stad van vrede. In het westelijk ligt de zee, de blauwe bron van verkoeling en vruchtbaarheid. Uit deze symbolenwereld put Hildegard haar beelden om de situatie en het grondplan van de te bouwen Stad Gods te beschrijven.

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

Elisabeth van de Drie-eenheid

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Biografie

 

 

 

 

Elisabeth Catez wordt als dochter van een officier geboren op 18 juli 1880 in het militair kamp van het Franse Avord bij Bourges (Midden-Frankrijk). Zij is de eerste dochter van de drieëndertig jarige Marie Rolland en de achtenveertig jarige Jozef Catez. Wanneer hij wordt gepromoveerd tot kapitein verhuist het gezin naar Dijon. Daar wordt op 20 februari 1883 de tweede dochter geboren; Marguerite.
.
De zussen groeien op in een bourgeois milieu. Wanneer Elisabeth zeven jaar oud is, sterft haar vader onverwachts aan een hartaanval. Mevrouw Catez verhuist met haar kinderen en huishoudster naar een kleinere woning. In dat nieuwe huis waar Elisabeth de rest van haar jeugd zal wonen, kan zij vanuit haar kamerraam het dichtbij gelegen klooster van de Karmel zien. Elisabeth is een begenadigd pianist. Op 24 juli 1893 wint zij de Premier Prix voor piano aan het conservatorium te Dijon (boverstaande foto is genomen in het kasteel van Gemeaux, begin augustus 1893).
.
Volgens de hagiografie zou Elisabeth al jong het verlangen hebben om in te treden in het genoemde slotklooster. Haar moeder houdt dit echter lange tijd tegen. Zij zegt haar te wachten tot ze eenentwintig is. Tot die tijd werkt Elisabeth als vrijwilliger in het patronaatswerk onder de arbeiders van een sigarenfabriek, leidt een jeugdclub voor hun kinderen en geeft catechese aan kinderen die in deze fabriek werken. Ook geeft zij catechese aan eerste communicanten van de parochie, bezoekt hun ouders, doet ziekenbezoek en is lid van het zangkoor.
.
Zij laat zich voor allerlei diensten aanspreken in de parochies Saint-Michel en Saint-Pierre te Dijon. Bij haar intreden op 2 augustus 1901 ontvangt Elisabeth de naam Élisabeth de la Trinité (foto boven Elisabeths kloostercel). Het is in een tijd dat verschillende kloostergemeenschappen zich, wegens de religieuze vervolging onder eerste minister Combes in de regering Waldeck-Rousseau, genoodzaakt zien om naar het buitenland uit te wijken.
.
Ook de karmelietessen van Dijon leven in een sfeer van onzekerheid en bedreiging, en leggen contacten in België en Zwitserland voor een mogelijk toevluchtsoord. Zij sluiten de kapel van 1903 tot in de lente van 1906 bij regeringsorder voor het publiek. De beelden uit die kapel brengen zij zolang onder in privé huizen. Afgezien hiervan zal deze Karmel niet lastig gevallen worden.
.
.
.

 

 

Op zondag 11 januari 1903 doet Elisabeth haar eeuwige geloften. Die zomer vertonen zich bij haar de eerste symptomen van de toen nog ongeneeslijke en vrijwel onbekende ziekte van Addison, een chronische insufficiëntie van de bijnierschors. In de lente van 1905 wordt haar wegens haar lichamelijke conditie streng vasten verboden. In augustus wordt ze ontslagen van haar taak als tweede portierster. In de vastentijd van 1906 moet ze haar intrek nemen in de ziekenkamer.

Sinds een aantal maanden ervaart ze al een grote uitputting. Aanhoudende maagpijnen verhinderen haar om voldoende voedsel tot zich te nemen. Op Palmzondag heeft ze een eerste crisis en ontvangt de ziekenzalving. Men denkt dat ze gaat sterven, maar de crisis gaat voorbij. Daarna volgen de crises elkaar steeds sneller op. Op 30 oktober kan ze de ziekenkamer niet meer verlaten. Op 9 november overlijdt Elisabeth op zesentwintigjarige leeftijd. Haar wijze van sterven wordt in de hagiografieën vol lof en als bovennatuurlijk beschreven.

Elisabeth wordt al tijdens haar leven als een heilige beschouwd. Dit blijkt onder meer uit verschillende brieven, onder andere van haar priorin. Nadat op 10 oktober 1930 haar stoffelijk overschot op het kerkhof te Dijon is opgegraven om de bewaring ervan te verzekeren, opent Mgr. Petit de Julleville, bisschop van Dijon, op 23 mei 1931 een Kerkelijk Tribunaal om haar canonisatie in gang te zetten. Op 25 november 1984 verklaart paus Johannes Paulus II Elisabeth zalig. Het proces tot heiligverklaring is in volle gang.
.
.
.
.

Geschriften van Elisabeth Catez

 

Gedurende haar korte leven zet Elisabeth haar gedachten regelmatig op papier. Omdat haar denken anderen aanspreekt, worden haar geschriften bewaard. Ze laat na:
– een dagboek (1899-1900)
– 124 gedichten
– 346 brieven aan 59 verschillende correspondenten, waaronder 40 leken
– 17 geestelijke aantekeningen, waaronder het gebed O mon Dieu Trinité (21 november 1904)
– 4 geestelijke traktaten:
1. Le Ciel dans la foi (eerste helft augustus 1906)
2. Dernière retraite (tweede helft augustus 1906)
3. La grandeur de notre vocation (september 1906)
4. Laisse-toi aimer (eind oktober 1906)
.
.
.
.
.
.
.

Enkele uitspraken van Elisabeth

 

“Meester, moge mijn leven een aanhoudend gebed zijn. “

“ Samen met Hem kun je alles. Hoe goed is het zich te verliezen en te verdwijnen in Hem.”

“Het is een afgrond waarin ik mij verlies, God in mij. Ik in Hem : dat is mijn leven.”

“Ik zou heel en al stilte willen zijn, heel en al aanbidding om steeds dieper in Hem te treden

en zo van Hem vervuld zijn dat ik Hem door mijn bidden kan doorgeven aan hen, die

de gave Gods niet kennen.”

 

 

In 1904 schrijft ze haar beroemde gebed

 

“ O mijn God, Drie-eenheid die ik aanbid ”, waarin

 

ze zich helemaal prijsgeeft.

 

.

O mijn God,

Drie-eenheid, die ik aanbid,
help mij mezelf helemaal te vergeten
om mij in U te vestigen,
roerloos en stil,
alsof ik reeds in de eeuwigheid was.
Niets moge mijn vrede verstoren,
niets mij uit U verwijderen,
mijn Onveranderlijke.
Maar elke minuut voere mij verder binnen,
in de diepte van Uw Mysterie.
Schep vredige stilte in mijn ziel,
maak er uw hemel van,
uw geliefde thuis,
de plaats waar Gij rusten kunt.
Dat ik U daar nooit alleen late,
maar er helemaal zij:
wakker in geloof,
heel en al aanbidding,
volkomen prijsgegeven
aan Uw scheppende kracht.
O Christus, mijn Geliefde,
uit liefde gekruisigd,
ik wil een bruid zijn voor Uw Hart,
U bekleden met heerlijkheid,
U beminnen… tot ik erbij sterf !
Maar ik voel mijn onmacht
en daarom vraag ik U:
“Bekleed mij met Uzelf”,
mijn ziel geheel afgestemd op de Uwe,
doordring mij,
overrompel mij,
neem Gij in mij alle plaats in.
Dan zal mijn leven enkel nog zijn
een afstraling van Uw leven.
Kom in mij als Aanbidder,
als Verzoener, als Verlosser.
O Eeuwig Woord ,
Woord van mijn God,
ik wil mijn leven doorbrengen
luisterend naar U:
heel volgzaam worden
om alles van U te leren.
Door alle nachten,
alle leegten,
alle onmacht heen,
mijn blik voortdurend op U,
blijven in uw grote licht.
O Zon, die ik bemin,
boei mij zozeer,
dat ik nooit meer weg kan
uit Uw lichtkrans.
O verterend Vuur,
Geest van Liefde,
kom over mij
opdat het Woord in mij
als het ware
opnieuw geboren kan worden.
Laat mij voor Hem
een nieuwe mensheid zijn,
waarin Hij heel zijn Mysterie
herbeleven kan.
En Gij, Vader,
buig U over Uw arme,
kleine schepsel neer.
Overdek haar met Uw schaduw.
Zie in haar slechts
de Veelgeliefde,
in wie Gij welbehagen hebt.
O mijn Drie,
mijn Al,
mijn Zaligheid,
oneindige Eenzaamheid,
Onmetelijkheid
waarin ik mij verlies,
ik lever mij aan U uit als een prooi.
Berg U diep in mij,
opdat ook ik mij bergen kan in U,
wachtend tot ik in uw licht ga schouwen
de eindeloze diepte van Uw heerlijkheid.
Amen.
.
.
.
.
.
3d-gouden-pijl-5271528
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 

JOHN ASTRIA

 

 

De eerste miniatuur: St. Hildegardis en Volmar

Standaard

categorie : Hildegard van Bingen

 

 

 

 

 

.

 

 

De eerste miniatuur:  St. Hildegardis en Volmar

 

.

.
.
.
.

Deze eerste miniatuur van het handschrift toont ons de schrijfster van het boek Scivias, juist zoals in de oude Evangeliaria de schrijvers van de vier evangelies werden afgebeeld. Dit kleine tafereel beantwoordt volledig aan de Praetestificatio, het voorwoord, waarmede haar boek begint.

 

We zien het kleine klooster uitgebeeld waarin Hildegard de verlichting te beurt viel. Twee kleine kamers met rode koepeltjes en vergulde vensters bevinden zich naast een grote ruimte. Het is daar dat onze zieneres gezeten is, gekleed in kovel (koormantel), opgehouden in de taille.

In een van de twee zijvertrekken buiten het slot, buigt door een spreekvenster de monnik Volmar zijn hoofd naar Hildegard om vol verbazing te luisteren naar wat hij van haar hoort. Hij houdt zijn ogen wijd open en op zijn knieën ligt een boek van perkament. Hij is gereed om over te schrijven, wat de heilige zelf met een stift op de wastabletten op haar knieën vastlegt.

Om het hoofd van Hildegard spelen vijf rode vlammen, waarvan er één reikt tot op haar borst. Het is de schittering van het vuur dat volgens haar eigen woorden in het voorwoord, plotseling vanuit de geopende hemel neerdaalde om haar hersenen te doordringen en haar hart te verwarmen.

De achtergrond, waartegen Hildegard afsteekt, is van het schitterendste bladgoud. We zullen in de volgende miniaturen nog dikwijls het goud tegenkomen als symbool van het bovennatuurlijke leven, uitgestort door Gods Geest, die de bron is van alle heiligheid.

Deze miniatuur, ontstaan onder toezicht van de heilige zelf, is een duidelijke aanwijzing van de persoonlijke overtuiging van deze nederige vrouw, dat zij een geroepene was, en dat zij als profetes moest optreden. Hoe had zij anders toegestaan op deze wijze uitgebeeld te worden?

Dit eerste miniatuurtje is één van de zorgvuldigst uitgevoerde werkstukken van deze serie. Dit is gemakkelijk te verklaren, omdat de voorstelling volledig kon steunen op traditionele voorbeelden en omdat de miniaturistengroep met veel ijver aan de opdracht begon en haar bewust of onbewust wilde tonen, waartoe zij in staat was.

 

 

.

3d-gouden-pijl-5271528

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

De heilige Charbel Makhlouf 

Standaard

categorie : religie

.

.

.

† 1898  Charbel Makhlouf

 

Charbel (ook Sjarbel; gedoopt JoessefMakhloef, Annaya, Libanon;

monnik; † 1898. Feest 24 juli & 24 & 25december.

 

.

 

 

.

.

Geografie

 

Ten noorden van Beyrouth, op 1600 m hoogte, bevindt zich Beqaa Kafra, het hoogstgelegen dorp van Libanon. Daar is het centrum van de Maronieten. Het zijn fiere, moedige en gastvrije mensen die sterk gehecht zijn aan hun christelijke overtuiging.

Sedert vele eeuwen vereren zij de H.Maagd Maria; ze bidden de Rozenkrans waar ze ook zijn: thuis, op het werk, op het veld. Ze hebben grote eerbied voor hun priesters. Als een Maroniet een priester ontmoet, kust hij zijn hand als uitdrukking van eerbied voor hem.

 

 

.

Youssef Anton Makhlouf

 

Youssef Anton Makhlouf is op 8 mei 1828 geboren, als vijfde kind van een arm gezin. Zijn ouders waren zeer vroom en godvrezend, inzonderheid zijn moeder, Brigitta. Zij vastte dikwijls. Vol genegenheid leerde zij haar kinderen de geloofswaarheden kennen en bracht ze elke avond samen voor het gezinsgebed. Ze ontbrak nooit in de dagelijkse H.Mis. Voor haar was dit het steunpunt van de dag. Ze ging ernaar toe met haar jongstgeborene in de armen.

Toen hij amper drie jaar was verloor Youssef zijn vader. Tanios, een oom aan moeders kant, deed zijn best om zijn zuster en de weeskinderen te helpen. Enkele jaren later besloot Brigitta opnieuw te huwen. Lahoud, de tweede man van Brigitta was zeer vroom. Hij nam het welzijn van het gezin ter harte. Hij droomde ervan priester te worden. Hij sprak erover met zijn vrouw. Zij stemde in. Na zijn studies werd hij priester gewijd. De orthodoxe godsdienst laat immers toe dat gehuwde mannen priester worden.

De jonge Youssef koesterde onmiddellijk genegenheid voor zijn stiefvader Lahoud. Toen deze priester werd kreeg hij de naam pater Dominicus. Hij nam het kind met zich mee overal waar hij ging om de mensen te helpen.

Als hij oud genoeg was werd hij zijn koorknaap en diende hem als hij de H.Mis opdroeg. Naast de dorpskerk werd er een school opgericht waar de jongens leerden lezen en schrijven, de H.Mis dienen en ze leerden er ook de H.Mis helemaal te zingen.

Naast zijn studies, moest de jonge Youssef de dieren hoeden en hij werkte op het veld. Zijn moeder leerde hem te bidden met het hart, maar ook bidden in de eenzaamheid. Hij nam de gewoonte zich terug te trekken in een grot, waar hij alleen was en waar hij bad voor een beeldje van O.L.Vrouw dat hij daar verborgen had. Aan de H.Maagd sprak hij zijn verlangen uit om in het voetspoor te treden van zijn twee ooms van moeders zijde, Augustin en Daniël die monniken en asceten waren. Vaak bracht hij hun een bezoek in het klooster en bad er met hen. Hij bewonderde hun leven van onthechting en volkomen overgave aan God.

Mariam, een jong meisje uit de buurt en zelfs een verre verwante van Youssef, werd verliefd op hem. Soms volgde ze hem ongemerkt tot aan de grot en sloeg hem gade terwijl hij in gebed verzonken was. In stilte leed ze eronder dat hij zo onthecht was aan het wereldse. Ze begreep dat hij zijn liefde enkel aan God zou geven. Het jonge meisje had de echte betrachting van Youssef begrepen.

Op de leeftijd van 23 jaar verliet Youssef zijn huis,’s nachts in het geheim, zich bewust dat zijn omgeving niet opgetogen zou zijn met zijn keuze. Zijn stiefvader en zijn oom rekenden op hem voor het werk op het veld en zijn moeder had twijfels in verband met zijn roeping. Mariam hield van hem en zijn broers en zussen verkozen dat hij bij hen bleef.

Om die reden nam Youssef afscheid van hen in de stilte van zijn gemoed. Zonder dat iemand het wist, ondernam hij een verre tocht naar het heiligdom van O.L.Vrouw van Mayfoug. Hij had besloten daar zijn eerste jaren noviciaat te doen.

Na enige ontreddering wegens het plotse vertrek van Youssef, gingen zijn oom Tanios en zijn moeder naar het klooster van Mayfoug om hem te overreden naar huis terug te keren. Maar dit bleek vergeefse moeite. Hij wilde monnik worden. Tenslotte zei zijn moeder:” Als je een slechte monnik wil worden, kom dan direct naar huis! Maar als je roeping van God komt, word dan een heilige.”

De jonge man was echter meer dan ooit overtuigd van zijn levenskeuze. Hij bleef in het klooster en kreeg de naam Charbel. Die naam verwijst naar een martelaar uit de tweede eeuw. Om God nog beter te dienen en Zijn Wil te doen, wijdde hij zich nog meer aan gebed en vasten, aan gehoorzaamheid en versterving.

Na dit eerste jaar noviciaat begaf de jonge Charbel zich naar het klooster van de heilige Maron (behoeder van de katholieke orthodoxie). Hij deed er zijn eeuwige geloften. Hij begon toen uitsluitend binnen de kloostermuren te leven. Het was aan vrouwen niet toegelaten er binnen te komen, zelfs niet aan familieleden. Zo kwam Brigitta, zijn moeder op zekere dag naar het klooster op bezoek bij haar zoon.

Maar ze kreeg hem niet te zien. Ze kon enkel zijn stem van achter de tralies horen en zei hem:

”Mijn jongen, wat doe je? Steek je je weg voor mij?”

“ Moeder, antwoordde Charbel, als God het wil, zullen we mekaar ontmoeten in de eeuwigheid en we zullen voor altijd verenigd zijn.”

 

 

 

.

Zijn leven als kluizenaar

 

Na zijn theologiestudies in het klooster van St Kobrianous en St Justin te Kfifan( Batroun), werd Charbel op 23 juli 1859 te Bkerkg priester gewijd.

Toen hij naar de stad Annaga werd gestuurd, kwamen alle familieleden en veel mensen uit zijn dorp daarheen.

Zij ontvingen er zijn zegen. Zo kwamen ook zijn oom Tanios en zijn oude moeder daar naartoe. Ook Mariam die intussen gehuwd was en vele anderen. Ze kusten zijn hand vol eerbied en vroegen hem naar het dorp te komen en er de H.Mis op te dragen. Maar hij weigerde. Hij was er zich van bewust dat de monnik die zijn klooster verlaat, het risico loopt de onthechting aan de voormalige levenswijze te schaden.

Onder leiding van zijn geestelijke leidsman, pater Hardini, wijdde hij zich aan de studie van de Heilige Schrift om zo te groeien in heiligheid. Hoe meer hij afstand nam van het leven, hoe meer zijn innerlijk leven groeide in eenheid met God.

Dit alles ging niet vanzelf. De duivel, de eeuwige vijand van de mens, kwelde hem voortdurend. Maar hij doorstond de pijnen, zuchtend en op de tanden bijtend. Wanneer de aanval van Satan voorbij was, herwon hij ogenblikkelijk zijn serene, onthechte ingesteldheid.

Charbel leidde een steeds ascetischer leven. Hij werd een voorbeeld van armoede, droeg de meest versleten kledij, altijd dezelfde en at geen vlees.

Op het veld deed hij het lastigste werk. Wanneer hij geld ontving om H.Missen op te dragen, gaf hij het onmiddellijk af aan zijn oversten, zonder zelfs te weten wat hij gekregen had. Hoewel hij voortdurend in de stilte leefde, in onthechting aan de wereld, kende men hem als een iemand die vol respect en liefde voor de medemens was.

Wanneer hij biecht hoorde, bleek dat hij de gave had om in de harten van de mensen te zien. Hij gaf strenge penitenties voor het herstel van de zonden, terwijl hij de biechteling met respect en liefde hielp om zijn levensstijl tegenover God en de naaste te verbeteren.

Op een zekere dag werd Charbel opgeroepen bij een zieke knaap. Hij begreep onmiddellijk dat het levenseinde van de jongen nabij was. Hij nam zijn biecht af en bereidde hem voor om sereen in Gods barmhartige Liefde te sterven. Naar verluidt heeft Charbel een andere jongeman genezen van typhus.

Bij een brutale aanval van de Turken werden 14.000 christenen samen met hun priesters gemarteld en gedood. Urenlang bleef hij geknield voor het tabernakel, bewegingloos, om God te bidden om hulp voor zijn volk. Hij smeekte de H.Maagd Maria om voorspraak bij haar Zoon om Libanon te redden.

 

.

Zijn toewijding aan de Moeder Gods was bekend.

Vaak zei hij : “ Als je wil dat je ziel gered wordt, bid dan tot de H.Maagd Maria opdat Zij voor jou ten beste spreekt. Zij zal je heil waarborgen.”

 

Na zestien jaar kloosterleven met de andere monniken, vroeg Pater Charbel de toelating om afgezonderd als kluizenaar te leven. Gedurende 23 jaar leefde hij in onthechting, strijdend tegen de zonde en tegen elke gedachte die niet op God was gericht. Hij at slechts éénmaal per dag en at slechts één soort voedsel tegelijk. Hij gebruikte geen vlees noch fruit.

Hij sliep ongeveer drie à vier uren per nacht op een schamele strozak op de grond; een houtblok diende als hoofdkussen. Hij kreeg toelating om in zijn cel slechts over een kan met water te beschikken. Tijdens zijn kluizenaarschap ging hij door met  eenvoudige en lastige handenarbeid. Hij bad veel. Om 11u , elke dag, droeg hij de Heilige Mis op. Die duurde drie uren. Daarna gebruikte hij zijn armoedige maaltijd. Als hij iets moest zeggen aan zijn confraters, sprak hij op gedempte toon en met weinig woorden. Hij stapte in stilte, met neergeslagen blik, terwijl hij de Rozenkrans of andere gebeden bad.

 

 

 

 

Anekdotes van zijn levensstijl

 

Op zekere dag kwam zijn broer op bezoek. Pater Charbel liet zijn broer binnenkomen, na toestemming van de overste, en stelde hem twee korte vragen: “ Hoe gaat het met de ganse familie? En beleven jullie de geboden van God?” Hiermede was het onderhoud afgelopen.

De kluizenaar gebruikte ook niet veel woorden als andere monniken hem kwamen bezoeken. Hij ontving hen met een glimlach die hun welkom betekende en zonder verder omhaal stak hij hun de biografie van een heilige in handen. Daarna wees hij hun een passage aan die ze moesten lezen als spirituele aansporing.

Verscheidene mensen kunnen getuigen dat Pater Charbel nooit een dier heeft gedood, zelfs niet als het om gevaarlijke dieren ging. In de wijngaard van het klooster vonden de monniken eens een grote giftige slang. Vol schrik riepen zij de kluizenaar te hulp. Hij kwam, stond recht tegenover de slang en terwijl hij zijn wijsvinger vooruit richtte, zei hij op kalme toon: “ Verdwijn van hier!” de slang kronkelde even en kroop weg in de richting die hij had aangewezen! Dit gebeurde volgens de manier van denken van de heilige. “Het behoort mij niet toe, maar alleen God, de Schepper, om al dan niet een slang van het leven te beroven.”

De overste van de kluizenarij, die vaststelde dat de lucht verduisterde door miljoenen dreigende sprinkhanen, vroeg aan Pater Charbel onmiddellijk water te wijden. Hij wijdde het en overal waar dit wijwater werd gebruikt waren de velden gered. Later hebben de bewoners van de nabij gelegen dorpen de gewoonte aangenomen wijwater van de Kluizenarij te gebruiken om ongedierte ( ratten, vossen) en ook muggen en andere schadelijke insecten te verdrijven.

 

Bij de christenen en de moslims was het vertrouwen in de macht van de wonderdoener, pater Charbel, zeer groot.

De genezing van een gevaarlijke mentaal zieke toont dit aan. Met veel moeite en met de hulp van verscheidene sterke mannen werd de zieke man tot aan de ingang van het klooster gebracht. Toen ze daar aankwamen was hij woest, hij beet, hij sloeg en schreeuwde en wou niet naar binnen. Maar toen de rijzige gestalte van de Kluizenaar aan de deur verscheen, knarsetandde de gekke man en hij snakte naar adem. Daarna werd hij rustig en liet zich naar de kapel leiden waar pater Charbel het Evangelieboek op zijn hoofd legde. Hij las er een bladzijde uit voor en de man was volkomen genezen.

 

 

.

De dood van de Kluizenaar

 

De laatste week van zijn leven lag hij vol pijn op een strozak op de grond. Ondanks het lijden en met de dood voor ogen, bad hij zonder ophouden. Hij weigerde versterkend voedsel en wilde trouw blijven aan zijn vroegere gelofte. In de heilige nacht even voor Kerstmis, na het sacrament van de zieken te hebben ontvangen, is hij gestorven om voor eeuwig in Gods Liefde opgenomen te worden.

Wenend droegen zijn medebroeders zijn lichaam op hun schouders. Stappend doorheen de tuin die met een laagje verse sneeuw was bedekt, brachten  ze hem binnen in de ijskoude kapel. Ze legden hem vóór het altaar en staken vier kaarsen aan. Bevend van de koude en helemaal verkleumd, hielden ze de hele nacht de wake bij de afgestorvene.

’s Anderendaags wikkelden zij het lichaam in een laken en begroeven het, zonder kist, in de grond van het kerkhof van Annaga, dat aan de kluizenarij paalt. Vijf maanden later werd een schitterende lichtstraal gezien tussen de begraafplaats van Pater Charbel en de kapel. De overste was hierover niet verbaasd. Hij wist dat pater Charbel reeds tijdens zijn leven een heilige was. Hij gaf opdracht het lichaam te ontgraven. Tot ieders verbazing bleek het lichaam ongeschonden.

Het laken was doordrenkt met een rooskleurig vocht dat op bloed geleek. Het leek alsof pater Charbel niet dood was, maar ingeslapen. Het lichaam was niet stijf maar soepel en beweeglijk alsof hij levend was. Ze trokken hem verse kleren aan. Kort daarna waren die kleren ook doordrenkt met hetzelfde eigenaardige vocht. Deze feiten konden niet onopgemerkt of onbesproken blijven. Weldra kwamen de mensen van overal toegelopen.

Er volgden toen tal van genezingen en duizenden bekeringen, en dit niet alleen bij de christenen.

Teneinde het lichaam te onttrekken aan de soms opdringerige mensen, legde men het in een stenen graf. Kort daarop begonnen de wanden van het graf bloederig zweet af te scheiden.

In 1927 werd een nieuwe opgraving bevolen. Opnieuw vond men een ongeschonden lichaam, soepel, dat hetzelfde mysterieus vocht afscheidde. Vanuit het klooster zond men een brief aan Paus Pius XI met verzoek tot zaligverklaring van Pater Charbel. Toen werd hij een derde maal begraven in een nieuwe graftombe.

 

 

 

.

Talrijke genezingen

 

Er werden talrijke genezingen door toedoen van de heilige uit Libanon vastgesteld. We staan even stil bij twee gevallen die met het oog op de zaligverklaring door de geneesheren nauwgezet onderzocht werden.

Het eerste geval betreft de plotse genezing van zuster Marie Abel Kamani. Door een landurige ziekte kon ze zich enkel in een rolstoel verplaatsen. Nadat ze het “ vocht” dat door de stenen wand van het graf naar buiten drong, had aangeraakt, was zij in staat uit haar rolstoel op te staan. Al 14 jaar leed zij aan de maag. Haar pancreas, blaas en nier waren aaneengekleefd en werkten bijna niet.

Ze moest dikwijls overgeven en ze was graatmager. Haar rechter arm was verlamd. Ondanks twee operaties voelde ze dat ze weldra zou sterven. Maar nadat ze het “ vocht” op de wand van het graf van Pater Charbel had aangeraakt, was ze ineens helemaal genezen. Toen de klokken luidden om dit heugelijk feit te verkondigen, was er ook een moslim naar de kerk gekomen; hij verklaarde meteen dat hij christen wilde worden. Hij zei tegen de genezen zuster:”uw genezing heeft me teruggebracht tot het christendom. Eigenlijk was ik naar hier gekomen om te genezen van mijn doofheid, maar God heeft mij geestelijk licht gegeven.”

De andere genezing betreft de heer Iskander Obeide die opnieuw kon zien nadat hij het graf van de heilige had bezocht. Nadat hij uit één oog blind was geworden, had hij vaak tot de heilige Charbel gebeden. Deze verscheen hem ‘s nachts in een droom en zegde hem zich naar zijn graf te begeven. Hij zou pijn voelen maar ook genezen. Toen hij daar aankwam, voelde die man een brandende pijn in zijn oog en toen hij zijn oog opende kon hij opnieuw zien.

Het nieuws over de buitengewone genezingen en bekeringen van vele mensen die het graf van Pater Charbel bezochten, ging tot ver over de grenzen van Libanon. Steeds meer mensen gingen er op bedevaart om meer van zijn leven te weten te komen en om zijn voorspraak te bekomen. Een jong meisje, Hosn Mohair had van toen ze nog klein was een been dat 5 à 6 centimeter korter was dan het andere. Hierdoor liep ze erg mank. Ze begaf zich naar Annaga en bracht wijwater en wat aarde, die ze nabij het graf van de heilige had genomen, mee naar huis. Met dit water en die aarde begon ze haar gebrekkig been te masseren. Haar verwanten probeerden haar daar vanaf te brengen omdat ze na verloop van enkele dagen geen enkel resultaat bespeurden. Maar het meisje was zo gedreven door een vast vertrouwen dat ze doorzette…. en stilaan werd het gebrekkige been langer tot het even lang was als het andere. De overheidspersonen van het dorp die tot de Druzen behoorden, kende haar persoonlijk. In 1950 verstrekten zij beëdigde verklaringen om dit wonderbare feit te bevestigen.

In de jaren 1950 werd het graf meerdere malen geopend. Eminente specialisten onderzochten het lichaam. Na meer dan een halve eeuw bleek het nog onaangetast. Er was geen enkel spoor van ontbinding en het was bedekt met een rooskleurig vocht, wat medisch onverklaarbaar was. Veel mensen die naar het graf kwamen werden genezen, niet alleen fysisch maar ook spiritueel.

Het nieuws over de talrijke mirakelen verspreidde zich als een lopend vuurtje. Er bestaat ook een miraculeuze foto. Deze kwam er tijdens één van de verschijningen van de heilige Charbel. Op die wijze kregen de komende generaties een duurzaam portret van de heilige.

 

 

 

Scapulier

 

 

 

Het scapulier van Sint Charbel (heeft de macht duivels te verdrijven).

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

De Benedictusmedaille 

Standaard

     categorie : religie

 

 

 

 

 

Sint Benedictus was de vader van het Westelijke kloosterwezen. Hij was geboren in Nursia, Italië, in 480. Vanaf 520 richtte hij twaalf kloosters op in de streek van Subiaco. Het klooster in Monte Cassino (529) werd de wieg van zijn Orde. Benedictus stierf op 21 maart 542. St. Benedictus had diepgaande bewondering voor het Heilige Kruis en voor Jezus Christus. Men gelooft dat hij een aantal mirakels zou hebben teweeggebracht, vooral in de strijd tegen de duivel. In het teken van deze verregaande verering werd een medaillon vervaardigd die bijzondere krachten had bij het afweren van het kwade. De macht van de medaille worden gevormd door Christus, door de doeltreffende gebeden van St.Benedictus, door de zegen van de Kerk en in het bijzonder door het geloof en devotie van de persoon die het medaillon gebruikt.

 

.

De Benedictusmedaille 

 

De medaille van Benedictus is een aandenken waarop de geestelijke boodschap van Sint-Benedictus staat samengevat. Zowel zijn leven als de Regel getuigen van zijn aanhoudend gevecht met de machten van het kwaad. Daarbij stelt hij steeds zijn vertrouwen op het kruis van Christus, het teken van de definitieve overwinning op die machten. Zij die met geloof deze medaille dragen, mogen vertrouwen op een krachtige, geestelijke bescherming.

 

 

Afbeelding medaille kant Benedictus

 

Aan deze kant zien we Sint-Benedictus. Hij houdt het kruis, waarop hij zijn vertrouwen stelt in zijn rechterhand omhoog geheven.

.

 

benmedaille2

 

 

In zijn linkerhand toont hij de Regel, die allen die hem volgen door het kruis naar het licht zal voeren. Aan de ene zijde van Benedictus ziet u een gebroken beker, aan de andere zijde een raaf die vergiftigd brood wegneemt.

Deze afbeeldingen herinneren aan gebeurtenissen uit het leven van Benedictus. Toen hij abt was in het klooster van Vicovaro heeft men geprobeerd hem te vergiftigen, door hem een beker met vergiftigde wijn aan te reiken. Als hij een kruisteken maakt over deze beker, breekt hij.

Het vergiftigd stuk brood wordt door een vijandig priester aan Benedictus aangeboden. Deze laat het door een raaf wegbrengen naar een plaats waar niemand zal komen, opdat het geen schade kan doen.

Rondom de beeltenis van Benedictus staat de tekst:

“EJUS IN OBITU NOSTRO PRE­SEN­TIA MUNIAMUR”  :  dat wij bij onze dood door zijn aanwezigheid gesterkt mogen worden.

 

 

 

.

.

.

Afbeelding medaille kant Benedictuskruis

 

Op deze zijde zien we het zogenaamde Benedictuskruis. Hierop staan verschillende afkortingen:

 

.

 

 

 

 

In de vier hoeken van het kruis:
C.S.P.B.: Crux Sancti Patris Benedicti:
Kruis van de heilige vader Benedictus

Boven het kruis:
PAX: Vrede

Op het kruis, verticaal:
C.S.S.M.L.: Crux Sacra Sit Mihi Lux:
Dat het heilig kruis mijn licht zij

Op het kruis, horizontaal:
N.D.S.M.D.: Non Draco Sit Mihi Dux:
Dat de draak mij niet tot gids zij

 

.

De overige letters langs de rand betekenen:

V.R.S.: Vade Retro Satana: Ga weg, Satan
N.S.M.V.: Numquam Suade Mihi Vana: Verleid mij nooit tot ijdel gedrag
S.M.Q.L.: Sunt Mala Quae Libas: Wat je wil is vergif
I.V.B.: Ipse Venena Bibas: Drink zelf je gif

 

Deze afkortingen zijn zinnen die Sint-Benedictus gezegd heeft in ogenblikken van aanvechting en bekoring. De laatste twee zijn een herinnering aan de gebeurtenis met de gifbeker, die op de andere zijde staat afgebeeld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wie was Hildegard von Bingen?

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

 

hildegard-von-bingen

 

 

 

Historisch levenverhaal

.

Hildegard von Bingen was een opmerkelijke vrouw en schrijfster wat uitzonderlijk was voor die tijd. Zij schreef belangrijke theologische werken en ze schreef ook over de natuur en de geneeskundige eigenschappen van planten, dieren en mineralen.

Bisschoppen, pausen, koningen en zelfs de keizer Frederik Barbarossas vroegen haar om advies. Veel hedendaagse uitgaven over kruiden en mineralen met geneeskundige krachten en esoterische eigenschappen zijn gebaseerd op haar werken.

Ze was de stichteres van het beroemde klooster Rupertsberg. Ze schreef en componeerde veel liederen en hield visionaire, soms apocalyptische preken die haar grote faam bezorgden.

De “arme, domme vrouw uit de Rijn” sprak ze over zichzelf maar toch was ze een van de belangrijkste morele pijlers die het geloof in die tijd voor de kerk herstelde. Volgens velen was zij het het beeld van een heilige en zuivere maagd sinds de Maagd Maria.

Nederigheid, bescheidenheid en ondergeschiktheid in het traditionele hiërarchisch systeem waren haar doelstellingen. Op basis van geloof moesten onderwijs en wetenschappelijk studie samen gaan voor het welzijn van iedereen. Zelfs tijdens haar leven werd zij als een heilige vereerd. Dit is terug te vinden in geschriften van katholieke kerk over martelaren en heiligen. Officieel is ze zalig maar nooit heilig verklaard.

Haar bijnaam was de Sibille van de Rijn.

 

 

           De abdij in Eibingen vandaag

 

Abtei_St._Hildegard_(Eibingen)

 

 

 

 

          Hildegard von Bingen

 

HidegardvonBingen-01

 

 

 

 

               Bernard van Clairvaux

 

Saint-Bernard

 

.

 

 De vroege jaren van Hiledagard van Bingen

.

Hildegard Van Bingen werd geboren in Bermersheim ( Midden- Duitsland ) in de zomer van 1098. Zij was het tiende kind van een adellijke familie die zeer toegewijd was aan God wat gebruikelijk was in die tijd. Drie van haar broers en zussen hebben ook hun leven gewijd aan de Kerk: één broer was deken in de kathedraal van Mainz, één broer was kanunnik in Tholey en haar zuster was non in hetzelfde klooster van Hildegard.

Op de leeftijd van drie jaar had Hildegard al visioenen met lichtverschijnselen die anderen niet zagen. Daarom verbergde ze haar gaven de daarop volgende jaren. Op achtjarige leeftijd stuurde haar familie Hildegard naar het Benedictijns klooster Disibodenberg nabij Bingen. Aan de buitenkant van het klooster was een soort gebouw met cellen opgetrokken en eenmaal dat men toetrad tot de gemeenschap werd de ingang dichtgemetseld.

In het klooster leidde men een streng religieus bestaan met een grote toewijding aan god. De kluizenares Jutta von Sponheim, een tante van Hildegard, was het hoofd van deze gemeenschap. Ook zij werd later heilig verklaard. Via een klein raam verbonden met het klooster bracht men hen eten en drinken en ook de ontlasting werd hierdoor verwijderd. De kloosterlingen mochten luisteren naar de dienst en de gezangen in de kerk. In hun simpele vertrekken besteedde men de tijd aan gebed en meditatie.

Onder het toeziende oog van Jutta werd Hildegard ingewijd in het kloosterleven. Haar eigenlijke titel was gravin. Jutta leerde haar lezen en schrijven in het latijn om Bijbelse teksten te interpreteren en de liturgie te bestuderen. In 1141 kreeg Hildegard ( 43 jaar )een visioen dat haar leven compleet zou veranderen.

Bij dit goddelijk visioen werd haar gevraagd notities te nemen van alles wat ze waarnam en die op papier te zetten. Hierdoor kreeg zij een opmerkelijk inzicht over geneeskundige krachten via het gebruik van kruiden en mineralen. In de jaren die daarop volgden vertelde Hildegard aan de monnik Volmar over haar visioenen en het goddelijke inzicht. Die monnik zou haar in het verdere leven steunen en begeleiden.

Hoewel Hildegard door haar eigen nederigheid nooit twijfelde over de goddelijke natuur van haar visioenen waren zij en Volmar bang om het aan de christelijke kerk mede te delen. Zij dachten dat het bezwarende geschriften konden zijn door het schisma uit die tijd. In plaats daarvan schreef ze een brief aan Bernard van Clairvaux om haar te adviseren waarop zij een wantrouwig antwoord terug kreeg.

Door de wonderbaarlijke genezing van Hildegard van een ernstige ziekte kregen haar visioenen plotseling een andere weerklank. Hildegard vertelde dat dit de wil van God was en plots werd er veel geloof gehecht aan wat zij schreef.

Bernhard van Clairvaux rapporteerde de geschriften aan paus Eugenius III op een synode (1145-1153). De paus toonde grote interesse voor de visioenen en geschriften van Hildegard. Hij riep Hildegard op om haar werk voort te zetten. Met deze pauselijke zegen heeft Hildegard haar eerste visionaire werk Scivias afgewerkt ( ken de wegen van de Heer ) wat haar een grote bekendheid bracht tot ver buiten de Duitse grenzen.

 

 

 

hildegard en volmar

 

Het reinigende vuur kom uit de hemel en omvat Hildegard’s gedachten en ziel.
Hildegard schrijft haar visioen op en haar secretaris en vertrouweling Volmar maakt kopijen.

 

 

.

 De latere jaren van Hildegard van Bingen

.

In 1150 Hildegard richtte zij met 30 andere nonnen een nieuw klooster op in de buurt van Bingen. Dit tot ergernis van de monniken van Disibodenberg die teleurgesteld waren door het verlies van een belangrijke bron van inkomen en roem. Later stichtte Hildegard aan de andere kant van de Rijn een klooster in Eibingen wat nu de huidige Abdij van St. Hildegard is.

Deze abdij verkeert in een goede staat maar het het klooster in de buurt van Bingen werd in de 30-jarige oorlog vernietigd. In de volgende jaren was Hildegard zeer productief. Na haar beroemde boek Scivias schreef ze twee boeken van profetische aard:

Liber vitae meritorum  > Boek van de verdiensten van het leven(11501163)

Liber  Divinorum Operum Boek van Goddelijke werken (1163.)

Ook zijn 300 brieven bijzonder goed bewaard gebleven. Deze waren aan haar gericht door pausen, abten, koningen, eenvoudige monniken, nonnen en doodgewone mensen. Dit gaf de historici de kans om een nauwkeurig beeld van haar leven en doelstellingen te bestuderen.

 

.

Scivias

Scivias

 

 

 

Liber Divinorum

Liber Divinorum

 

 

 

Andere werken

.

  • Van groot belang was haar muziek in die tijd. Hildegard componeerde vooral gregoriaans gezangen over de Maagd Maria en haar maagdelijkheid. Volgens de legende zijn de nummers gecomponeerd door engelen en werd het gezang van de engelen overgebracht via haar visioenen. De liederen die ze schreef en componeerde kregen veel weerklank.

 

  • Hildegard is ook de auteur van Physica en Causae et Cura. Dit gaat over de natuur en natuurlijke genezing gebaseerd op de Griekse kosmologie van de vier elementen aarde, water, vuur en lucht met hun respectieve kwaliteiten hitte, droogheid, vochtigheid en koude. Daarmee correspondeerden de vier temperamenten in het lichaam: cholerich (gele gal), sanguinisch (bloed), flegmatisch (slijm) en melancolisch (zwarte gal). De menselijke persoonlijkheid werd dan bepaald door het overwicht dat een of twee van die temperamenten had. Ziekte ontstond doordat het delicate evenwicht tussen deze temperamenten verstoord was, en kon enkel hersteld worden door de juiste plant of het juiste dier te eten dat de kwaliteit bezat die het lichaam nodig had. Hildegard had vooral belangstelling voor het beschrijven van planten, vogels, dieren en stenen om de kwaliteit van een object te achterhalen waaruit zij dan de geneeskrachtige toepassing afleidde.In haar medische boeken staan vele recepten gebaseerd op basis van kruiden en wijn. Als eerst vrouwelijke arts schreef zij haar bevindingen neer over gezondheid en ziekte symptomen.

 

  • Hildegard vond ook een eigen, alternatief alfabet uit. Zo tonen haar teksten en composities haar aanpassing van het middeleeuwse Latijn met zelfbedachte woorden en vervoegingen. Aanhangers van artificiële talen bekijken haar als een middeleeuwse voorganger. Hildegards Lingua Ignota geldt als een van de oudste kunsttalen uit de geschiedenis.

 

.

.

Physica

Physica

 

 

 

 

 

.

 

Hildegard over seksualiteit

.

Hildegard was de eerste vrouw die op een algemeen positieve manier schreef over seksuele relaties. Van haar is ook een geschrift overgeleverd wat zou kunnen gelden als de vroegst bekende beschrijving van het vrouwelijk orgasme:

(citaat) vert. uit het Engels: “Als een vrouw de liefde bedrijft met een man, voelt ze de warmte tot in haar brein. Dat brengt een zinnelijke verrukking teweeg…

 

Het was verwonderlijk hoe zij als maagdelijke vrouw met geen seksuele ervaring een bijzondere visie had op seksualiteit. Volgens haar moest men het seksuele genot als positiefs ervaren en dat seks niet het werk van de duivel was. Zij beschreef hoe de kracht van het zaad het geslacht van het kind bepaalt door het belangrijke liefdespel van het koppel.

Als de vrouw tijdens de paring innig verbonden is met de man volgt er een totale eenmaking. Tijdens het gezamenlijke orgasme en zaadlozing komt een sterke warmte naar de hersenen die het paren beïnvloedt wat een zalig gevoel van totale harmonie geeft. Haar duidelijk antwoord werd haar niet altijd in dank afgenomen. Daardoor kwam zij enkele keren in aanvaring met het kerkelijke gezag.

 

.

 

Overlijden en heiligverklaring

.

Hildegard is overleden op 81 jarige leeftijd in het klooster van Rupertberg nabij Bingen op 17 September 1179. Zij werd begraven op het kloosterkerkhof van de Parochiekerk in Eibingen. Toen Hildegard stierf meldden de aanwezigen dat op dat moment vanuit de hemel een helder licht op haar sponde viel, zoals ze zelf in een visioen had waargenomen:”Mijn ziel gloeit als omringd door een vlammenzee. De jeugdige kracht, vulkanische uitbarsting van lenteachtige gratie.” Haar relieken werden in 1642 overgebracht naar de parochiekerk in Eibingen.

Hildegard van Bingen was de eerste vrouw die in Rome voorgesteld werd voor een heiligverklaring (1228). Ze werd al vereerd als een heilige tijdens haar leven. De Heilige Hildegard wordt gevierd op 17 september in het bisdom Speyer, Mainz, Trier en Limburg en de abdij Solesmes. Tegen het einde van de 16e Eeuw werd zij opgenomen in het Romeinse martelaren boek.

Haar heiligverklaring dateert van 10 mei 2012. Op 7 oktober 2012 werd zij als kerklerares erkend. Beide verklaringen werden door Paus Benedictus XVI uitgevoerd.

 

 

Schrijn van de relieken van Hildegard van Bingen

Schrijn van de relieken van Hildegard van Bingen

 

 

 

tekening

 

 

 De tekening toont Hildegard tijdens het opnemen van een visie.

 

.

 

Mineralen als heelstenen

 

In het boek “Die  Heilsteine der Hildegard von Bingen” beschrijft Hildegard het nut van mineralen voor meditatie en de heilzame eigenschappen op de moderne mens. 850 jaar geleden is het voor het eerst gedrukt en de hedendaagse herdrukte versie is voor vele mensen nog steeds relevant.

.

 

Buch-Die-Heilsteine-der-Hildegard-von-Bingen-Autor-Michael-Gienger

 

 

Hildegard beschrijft in haar boek de mineralen agaat, amethist, barnsteen (ligiriussteen), bergkristal calciet  (kalksteen), carneool, chalcedoon, chrysoberyl, chrysopraas, diamant, gips (alabast) kalkolieth, (margariten ), magnetiet (magneetsteen), granaat (karbunkel), onyx, jaspis (heliotroop), peridoot, parel, prasemkwarts, sardonix, kwartsvarieteit, smaragd, topaas en zirkoon (hyacintsteen).

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA