Tagarchief: doctrine

Confucius (551 v. Chr. – 479 v. Chr.)

Standaard

categorie: beroemde mensen

 

 

 

Confucius was een Chinees filosoof. De Chinezen vieren zijn verjaardag op de 27ste dag van de 8ste maand, maar volgens de westerse kalender werd Confucius geboren op 24 september 551 voor Christus.

 

 

chinese-school-confucius

 

In zijn jeugd werkte Confucius onder andere als boekhouder en ontwikkelde hij een sterke ethische visie. Toen hij de volwassen leeftijd bereikte besloot hij het ouderlijk huis te verlaten en rond te gaan trekken om zijn leer te ver-spreiden. Confucius bezocht verschillende krijsheren met als doel hen ervan te overtuigen dat zij hun volk op een deugdelijke manier moesten regeren, maar zij wezen hem af.

Een deel van de lokale bevolking geloofde echter wel in zijn leer en al snel kreeg Confucius een grote schare vol-gelingen. De belangrijkste opvatting van Confucius was de Gulden Regel: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”. Na zijn dood in 479 voor Christus verspreidden zijn volgelingen het Confucianisme over een groot deel van Azië.

 

 

 

Confucius staat bekend om zijn vele wijze uitspraken

 

‘Wanneer je de toekomst wilt weten, bestudeer dan het verleden.’

‘Wat u voor uzelf niet wenst, wens dat een ander niet.’

Alleen de aller wijsten en de aller dwaasten veranderen nooit van mening.’

‘Een wijs man zoekt het in zichzelf, een dwaas zoekt het in anderen.’

 

 

Confucius was het grootste gedeelte van zijn leven privéleraar. Hij zag het als zijn taak mensen te inspireren tot het goede en de teloorgang van de zeden tegen te gaan. Bij elkaar heeft Confucius 3000 studenten gehad. Stu-deren om kennis over jezelf en over de buitenwereld op te doen was zeer belangrijk in de leer van Confucius. Dit probeerde hij over te brengen op zijn studenten. Veel Chinezen noemen hem dan ook de Grote Leraar.

De leer van Confucius had één Gulden Regel. Deze regel draait om vergeving. De wijsheid die hierbij hoort is: ‘Wat u voor uzelf niet wenst, wens dat ook een ander niet.’ Tegenwoordig is het confucianisme een filosofie die de leer van Confucius volgt, welke een zeer grote invloed heeft gehad in Oost-Azië. De zes deugden waar de leer op stoelt, zijn :

 

 

menselijkheid,

kinderlijke gehoorzaamheid,

rechtvaardigheid,

fatsoen,

trouw,

wederkerigheid.

 

 

Zijn vele wijsheden zijn algemeen bekend en Confucius uitte deze om zijn leer te verduidelijken. Tijdens zijn leven heeft hij nooit de kans gehad om zijn filosofie in de praktijk te brengen. Zijn studenten zijn zeer belangrijk ge-weest bij de verspreiding van het gedachtegoed van het confucianisme na de dood van Confucius.

Tijdens de heerschappij van de Han-dynastie, van 206 voor Christus tot 220 na Christus, was de leer van Confucius in China een prominente doctrine. Het confucianisme heeft een sterke invloed gehad op de culturen van China, Taiwan, Korea, Singapore, Vietnam en Japan. De morele waarden van Confucius zijn tegenwoordig nog steeds van groot belang in het oosten van Azië.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Is de paus onfeilbaar?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De 10 geboden voor de eeuwigheid

De 10 geboden voor de eeuwigheid

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

 

De Katholieke Kerkleer betreffende de pauselijke onfeilbaarheid wordt door mensen buiten de Kerk vaak verkeerd begrepen. Fundamentalisten  verwarren het charisma van de pauselijke onfeilbaarheid vaak met foutloosheid.

.

Velen denken dat de Katholieken geloven dat de paus niet kan zondigen. Anderen, die deze elementaire blunder weten te vermijden, denken dat de paus een soort amulet of magische kracht bezit wanneer er een onfeilbare uitspraak gedaan wordt.

Gezien deze veel voorkomende misverstanden over de basisbeginselen van de pauselijke onfeilbaarheid, is het noodzakelijk om uit te leggen wat deze onfeilbaarheid niet is. Onfeilbaarheid is niet de afwezigheid van zonden.

Het is geen charisma dat alleen aan de Paus toebehoort. Onfeilbaarheid behoort ook toe aan het gehele orgaan van bisschoppen, wanneer ze in dogmatische eenheid met de Paus, in alle ernst een bepaalde doctrine als waar bestempelen. We weten dit van Jezus zelf, toen hij zijn apostelen en hun opvolgers beloofdt:

“Wie u hoort, die hoort Mij” (Luc. 16: 10), en

“Al wat gij op de aarde binden zult, zal in de hemel gebonden wezen” (Matt. 18: 18).

 

.

Uitleg van het tweede Vaticaanse Concilie

.

Het tweede Vaticaans Concilie legt de onfeilbaarheid als volgt uit:

“De afzonderlijke bisschoppen bezitten weliswaar niet het privilege der onfeilbaarheid; wanneer zij echter, ook al zijn zij verspreid over heel de wereld, maar in gemeenschap leven met elkaar en met de opvolger van Petrus, een officiële leer geven over geloof en zeden en hierbij gezamenlijk komen tot één definitief te aanvaarden uitspraak, dan verkondigen zij op onfeilbare wijze de leer van Christus. Dit is nog duidelijker het geval, wanneer zij, in een oecumenische concilie bijeen, voor geheel de Kerk optreden als leraars en rechters van geloof en zeden; dan moet men aan hun uitspraken de instemming geven van het geloof.”

Onfeilbaarheid behoort op een speciale wijze toe aan de paus als hoofd van de bisschoppen (Matt. 16:17-19; Joh. 21:15-17). Zoals Vaticanum II opmerkt is het een charisma van de paus om :

“krachtens zijn ambt, wanneer hij als opperste herder en leraar van alle gelovigen, die zijn broeders versterkt in het geloof, een leer omtrent geloof of zeden door een definitieve act proclameert. Daarom worden zijn definitieve uitspraken terecht onveranderlijk genoemd uit zichzelf en niet krachtens de instemming van de Kerk, omdat ze zijn geschied onder de bijstand van de Heilige Geest, die hem in de persoon van de heilige Petrus is beloofd”.

De onfeilbaarheid van de paus is niet een doctrine die plotseling in de leer van de Kerk verscheen, het is een doctrine die impliciet ook al in de vroegchristelijke Kerk aanwezig was. Het is alleen ons begrip van de onfeilbaarheid die ontwikkeld is en die in de loop van de tijd duidelijker begrepen werd. In feite is de leer van de onfeilbaarheid impliciet beschreven in de Petrus-teksten:

Joh. 21: 15-17 : “Weid Mijn schapen. . .

Luc. 22: 32 : “Maar Ik heb voor u gebeden, dat uw geloof niet ophoude”

Matt. 16: 18 : “dat gij zijt Petrus. . . “.

 

 

pope_francis_in_march_2013

 

.

 

Gebaseerd op Christus mandaat

.

Christus instrueert de Kerk om alles te leren wat Hij geboden had (Matt. 28: 19-20) en beloofde de bescherming van de Heilige Geest die zal “u in al de waarheid leiden” (Joh. 16: 13). Dat mandaat en die belofte garanderen dat de Kerk nooit zal falen in het verkondigen van Zijn leer (Matt. 16: 18, 1 Tim. 3: 15), zelfs wanneer dit wel het geval is bij een individuele Katholiek.

Toen de christenen een duidelijker zicht kregen op het leergezag van de Kerk en op het primaat van de paus, ontwikkelden ze een duidelijker begrip van de onfeilbaarheid van de paus. De ontwikkeling van het gelovig begrijpen heeft haar wortels duidelijk in het vroege begin van de Kerk.

Cyprianus van Carthago stelde bijvoorbeeld, in ongeveer 256 na Christus, de volgende vraag: “Durven de ketters te naderen tot de stoel van Petrus, waar vandaan het apostolische geloof is ontstaan, en waar vandaan geen fouten komen?“ (Brieven 59 [55], 14). In de vijfde eeuw vatte Augustinus de vroegchristelijke houding kort samen toe hij zei: “Rome heeft gesproken, de zaak is beslist” (Preken 131, 10).

.

 

Opheldering

.

Een onfeilbare uitspraak, gedaan door de paus alleen of door een oecumenisch concilie, wordt gewoonlijk gedaan wanneer een bepaalde doctrine in twijfel getrokken wordt. De meeste doctrines zijn nooit in twijfel getrokken door de grote meerderheid van Katholieken.

Neem nu de catechismus en kijk eens naar het grote aantal doctrines, de meeste hiervan zijn niet formeel gedefinieerd. Maar veel punten zijn in het verleden al eens gedefinieerd, en dat niet alleen door de paus. Er zijn in feite veel belangrijke onderwerpen waarover de paus onmogelijk een onfeilbare uitspraak kan doen, zonder gevaar te lopen om vroegere onfeilbare verklaringen van oecumenische concilies en het gewone magisterium van de kerk te herhalen.

Ten minste de hoofdlijn van het zojuist geciteerde zal bekend voorkomen voor belezen Katholieken, voor wie het duidelijke taal is. Maar dat ligt geheel anders voor ‘Bijbelchristenen’. Voor hen lijkt de pauselijke onfeilbaarheid eerder een warboel, omdat naar hun idee veel van wat deze pauselijke onfeilbaarheid inhoud onjuist is.

Sommigen vragen hoe het kan dat pausen onfeilbaar kunnen zijn, terwijl sommigen van hen een schandelijk leven hebben geleid. Dit bezwaar illustreert de veel voorkomende verwarring tussen onfeilbaarheid en foutloosheid. Er is geen garantie dat een paus geen zonde zou doen of een slecht voorbeeld geven. Het is opmerkelijke dat er door de eeuwen heen een grote mate van heiligheid gevonden wordt onder de pausen; slechte pausen vallen op, juist omdat ze zo zeldzaam zijn.

Andere mensen vragen zich af hoe deze onfeilbaarheid mogelijk is wanneer de ene paus het soms niet eens is met de andere paus. Ook dit laat zien dat er een verkeerd beeld is van de onfeilbaarheid die alleen betrekking heeft op officiële leerstukken van geloof en moraal, niet op disciplinaire maatregelen en zelfs niet op onofficiële commentaren op geloof en moraal. De theologische privéopvattingen van een paus zijn niet onfeilbaar.

Zelfs fundamentalisten en evangelisten die deze misvattingen niet hebben, denken toch vaak dat de onfeilbaarheid betekent dat de paus een speciaal soort genade heeft gekregen die hem toestaat te leren wat hij maar voor nodig acht, maar dat is eveneens niet correct. Onfeilbaarheid is niet een vervanging voor de theologische studie door de paus.

Wat de onfeilbaarheid betekent is dat de paus bewaard wordt om formele leerstellingen als de ‘waarheid’ te verkondigen, die in de ogen van sommige gelovigen in feite dwalingen zijn. De paus moet de waarheid leren door studie, hoewel hij hiervoor natuurlijk wel een voordeelt kent, door zijn bijzondere positie.

.

 

Was Petrus niet onfeilbaar?

.

Als Bijbels bewijs voor de feilbaarheid wijzen fundamentalisten graag op Petrus leiding in Antiochië, waar hij weigert om met de heidense christenen te eten, om de Joden uit Palestina maar niet tegen het hoofd te stoten (Gal. 2: 11-16). Paulus vermaant Petrus ervoor. Dit toont niet aan dat de pauselijke onfeilbaarheid niet bestaat, omdat Petrus’ handeling had te maken met een disciplinaire kwestie, niet met zaken omtrent geloof en moraal.

Verder waren het Petrus handelingen die problemen veroorzaakten, niet zijn leer. Paulus erkent dat Petrus de juiste leer zeer goed kende (Gal. 2: 12-13). Het probleem was dat hij niet leefde volgens hetgeen hij zelf leerde. In dit geval leerde Petrus dus niet iets, en er is al helemaal geen sprake van gezaghebbend definiëren van geloofs- of morele kwesties.

Fundamentalisten moet ook erkennen dat Petrus een bepaalde onfeilbaarheid had. Ze kunnen immers niet ontkennen dat hij twee Bijbelboeken heeft geschreven waarbij hij bewaard werd voor het schrijven van een fout. Het gedrag van Petrus in Antiochië was verkeerd, wat niet in strijd is met de vorm van onfeilbaarheid. Daarom hoeft het verkeerde gedrag van een paus dus ook niet in strijd te zijn met zijn onfeilbaarheid.

Kijkend naar de geschiedenis citeren sommige critici van de Kerk bepaalde fouten van een paus. Hun argumentatie heeft betrekking op de drie pausen Liberius, Vergilius en Honorius.  Het heeft geen zin om alle details te noemen omdat elke goede kerkgeschiedenisbeschrijving de feiten kan weergeven. Het is genoeg om te zeggen dat geen van deze zaken voldoet aan de eisen omtrent pauselijke onfeilbaarheid zoals gegeven in Vaticanum I.

.

 

Hun favoriete zaak

.

Volgens de fundamentalistische commentatoren is hun beste zaak die van paus Honorius. Ze zeggen dat hij de dwaalleer verkondigde dat Christus alleen een goddelijke en geen menselijke wil had, zoals alle orthodoxe christenen wel geloven.

Maar dat is niet wat Honorius deed. Zelfs een snelle blik op de geschiedkundige stukken toont aan dat hij simpelweg helemaal geen beslissing wilde nemen. Zoals Ronald Knox uitlegt:

“naar zijn beste weten dacht hij dat het beter was om in deze zaak geen beslissende uitspraak te doen, dit voor de vrede in de Kerk. Wij vinden dat hij verkeerd gehandeld heeft, maar achteraf is dat gemakkelijk te zeggen. Maar niemand zal toch claimen dat de paus onfeilbaar is, in het niet verdedigen van een doctrine.”

De ontkenning van de pauselijke onfeilbaarheid bij ‘Bijbelchristenen’ komt voort uit hun visie op de Kerk. Ze geloven niet dat Christus een zichtbare Kerk heeft geïnstitueerd, wat ook betekent dat ze niet geloven in een hiërarchie van bisschoppen met de paus aan het hoofd.

Het is eenvoudig om te wijzen naar het Nieuwe Testament waar de apostelen een zichtbare organisatie opzetten, volgens bevel van hun Meester. Alle christelijke schrijvers vanaf de eerste eeuwen hebben ten volle erkend dat Christus een voortdurende organisatie opgezet heeft.

Een voorbeeld van dit aloude geloof vinden we bij de persoon van Ignatius van Antiochië. In zijn brief uit de tweede eeuw aan de Kerk te Smyrma schrijft hij:

“Waar de bisschop verschijnt, laten de mensen daar zijn, net als overal waar Christus is, daar is de Katholieke Kerk” (Brieven aan de Smyrnarezen 8 ).

Wanneer Christus een dergelijke organisatie opzet, moet Hij toch ook voorzien hebben in:

de continuering ervan,

de zichtbaarheid om gevonden te kunnen worden en

in een methode om Zijn leer getrouw te bewaren.

Dit alles is bereikt door de apostolische successie van de paus als individu samen met de bisschoppen. Zij, te samen met alle gelovigen, vormen de kerk die de bewaring van de christelijke boodschap, in zijn volheid en onfeilbaarheid garandeert.

Het is de Heilige Geest die de paus bewaart voor het officieel leren van fouten. Wanneer, zoals Christus zelf leert, de poorten van de hel de Kerk niet zullen overweldigen, dan moet ze ook beschermd worden tegen het vallen in dwalingen en daarmee het afvallen van Christus. Ze moet blijken een perfecte en vaste gids te zijn in zaken van onze zaligheid.

De onfeilbaarheid geeft geen garantie dat een bepaalde paus niet nalaat om de waarheid te prediken, of dat hij zonder zonde is, of dat een enkele disciplinaire beslissing niet op verstandige wijze gemaakt wordt. Het zou natuurlijk prettig zijn wanneer hij foutloos en alwetend zou zijn, maar dat hij dat niet is wil nog niet zeggen dat de vernietiging van de Kerk op handen is.

De paus moet in staat zijn om goed te leren, aangezien het onderwijs tot redding van de mens, de primaire taak van de Kerk is. Mensen moeten, om gered te worden, weten wat ze moeten geloven omtrent de zaligheid. Ze moeten een volledig betrouwbare rots hebben om op te bouwen en hierop te kunnen vertrouwen als bron van de enige christelijke leer. En dat is waarom de pauselijke onfeilbaarheid bestaat.

Aangezien Christus gezegd heeft dat de poorten van de hel de Kerk niet zullen overweldigen (Matt. 16: 18b), betekent dit dat Zijn Kerk nooit kan ophouden te bestaan. Daarom kan de Kerk geen dwaling leren, wat betekent dat alles wat ze als volkomen waar definieert de waarheid is. Deze realiteit wordt ook weerspiegeld in wat de apostel Paulus zegt over de Kerk als “pilaar en vastigheid der waarheid” (1 Tim. 3: 15).

Wanneer de Kerk het fundament van de religieuze waarheid in deze wereld is, dan is ze Gods eigen woordvoerder. Zoals Christus zijn discipelen leerde:

Wie u hoort, die hoort Mij; en wie u verwerpt, die verwerpt Mij; en wie Mij verwerpt, die verwerpt Dengene, Die Mij gezonden heeft.” (Luc. 10: 16).

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

JOHN ASTRIA

Signatuur van Planten

Standaard

Categorie: Gezondheid en gezondheidsproducten

 

Signatuur van Planten

 

Kennis van de geneeskundige krachten van kruiden en planten is duizenden jaren oud. Een van de oudste kruidenboeken is de Shennong Bencao Jing uit China en dateert uit de derde eeuw voor onze jaartelling. Naast een uitgebreide en systematische beschrijving van honderden kruiden, planten en mineralen, bevat het ook gedetailleerde beschrijvingen van hun geneeskrachtige eigenschappen en nauwgezette voorschriften voor hun gebruik en toepassingen.

 

 

 

Een vergelijkbaar systeem bestond in India: de Ayurvedische kennis van de natuurlijke wereld stond op eenzelfde niveau qua detail, beschrijving, receptuur en systematiek.

 

 

 

In de Klassieke Oudheid genoten vooral Imhotep in Egypte en Hippocrates in Griekenland bekendheid om hun geneeskundige inzichten. Voorschriften voor behandeling werden gebaseerd op nauwkeurig omschreven diagnostieke methoden en op de toenmalige kennis van kruiden, planten en mineralen.

 

 

 

In de elfde eeuw van onze jaartelling werd in Arabië het Unani systeem van geneeskunde ontwikkeld. Avicenna  bouwde voort op de traditionele kennis uit Griekenland, Iran en India. Zijn methodische experimenten met geneesmiddelen in diverse stadia van een ziekte proces vormen de grondslag voor de hedendaagse klinische pharmacologie. Hij legde zijn bevindingen neer in het 14-delige ‘Canon Der Geneeskunde’.

 

 

 

Avicenna

 

In het Avondland zien we in de Middeleeuwen en in de Renaissance de verschijning van de ‘Cruydenboecken’ van Hildegard Von Bingen, Hondius, Culpeper – om er maar enkelen te noemen.

 

 

 

Modern laboratorium onderzoek naar de chemische bestanddelen van deze natuurlijke geneesmiddelen bevestigt in vele gevallen wat honderden en duizenden jaren geleden al bekend was. Hoe kwamen ze vroeger aan deze kennis, die nu pas ‘bewezen’ kan worden? Door een combinatie van observeren, proeven, voelen, ruiken, intuïtie en natuurlijk zorgvuldig doordacht experimenteren. Hieruit is de leer van de Signatuur der Planten ontstaan.

 

 

De signatuurleer

 

De signatuurleer is een niet-wetenschappelijke theorie die inhoudt dat uiterlijke kenmerken van (met name) planten die overeenkomsten vertonen met delen van het menselijk lichaam, aanwijzingen geven over de delen van het menselijk lichaam waarvoor deze gebruikt kunnen worden. Deze doctrine stelt dat de overeenkomst met opzet is aangebracht door de Schepper dan wel de natuur. De moderne wetenschap stelt dat het hier gaat om een bijgeloof, en dat eventuele gevallen waarin het klopt op louter toeval berusten: dat wil zeggen dat tegenover elk geval waarin de signatuurleer opgaat, een veelvoud van gevallen is aan te geven waarin ze niet opgaat.

 

 

Signaturen

 

Diverse uiterlijke kenmerken worden genoemd. Zo wijzen ronde stengels op vrouwelijke eigenschappen, dus een verzachtende en harmoniserende werking, terwijl hoekige en vierkante stengel mannelijk zouden zijn, en dus goed zijn voor weerstand en stevigheid. Een holle stengel komt in deze visie overeen met de slokdarm en de luchtpijp. Nog een aantal signaturen:

Bloemkleur

  • Geel: voor lever en spijsvertering
  • Rood: voor bloed en hart
  • Blauw: geeft verkoeling en werkt op de luchtwegen
  • Paars: werkt stimulerend én kalmerend op het zenuwstelsel
  • Groen: kalmerend op inwendige organen
  • Wit: verzachtend en harmoniserend

Bloeiwijze

  • naar boven gericht: stimulerend voor de levenskracht
  • naar beneden gericht: harmoniserend op de bovenpool
  • horizontaal gericht: werken op de bloed en zuurstofcirculatie

Blad

  • Kleine, fijngevormde blaadjes: werken ontkrampend
  • Grote bladeren: werken samentrekkend
  • Bladvorm: niervormig voor de nier; hartvormig voor het hart enz.
  • Beharing: werkzaam op huid, haren en slijmvliezen

Doornen

  • weerstand verhogend, prikkelend en koortsopwekkend

Stengel

  • Behaarde stengel: het kruid is werkzaam op huid, haren en slijmvliezen.
  • Ronde stengel: de werking is verzachtend en harmoniserend.
  • Hoekige en vierkante stengel: het kruid geeft weerstand en stevigheid.
  • Holle stengel: komt overeen met de slokdarm en de luchtpijp.

 

 

 

Plantennamen

 

Van veel planten verwijst de naam naar hun toepassing. Als er sprake is van een uiterlijke gelijkenis met een orgaan kan de naam wijzen op toepassing van de signatuurleer. Het enige voorbeeld in het Nederlandse taalgebied is longkruid (afgebeeld).

 

 

longkruid

 

 

 

Interactie met christendom

 

De Europese christelijke metafysica legde een verband met de theologie: de Schepper is verantwoordelijk voor de vorm van alle levende wezens en laat daarin zien wat hun kwaliteiten zijn. Voor de late middeleeuwer was de wereld vol van dergelijke Godsbewijzen. De wet van Correspondentie van het Hermetisme “As above, so below; as below so above” wordt uitgedrukt als de relatie tussen de macrokosmos en de microkosmos.

De filosoof Michel Foucault gaf aan dat deze doctrine breder werd toegepast, zoals bij de exegese van de Bijbel en andere teksten, in de symboliek en de kennis van het zichtbare en het onzichtbare. In die tijd werd het als heel werkelijk en samenhangend beschouwd.

 

 

Michel Foucault

 

 

Betrouwbaarheid van de signatuurleer

 

Ter verdediging van de signatuurleer worden diverse gevallen genoemd waarbij een verband aangewezen kan worden tussen de vorm van een plant en de werking ervan. Zo bevat de door Coles genoemde walnoot, waarvan de vorm doet denken aan hersenen in een hersenpan, werkelijk vetzuren die belangrijk zijn voor het functioneren van de hersenen.

 

walnoot

 

Critici wijzen erop dat dit soort verbanden louter toeval zijn, en dat er net zo goed voorbeelden zijn waarbij een schijnbare overeenkomst geen aanwijzing is voor een medicinale werking. Zo is geen van de aan vrouwenmantel toegeschreven medische werkingen bij vrouwenkwalen wetenschappelijk aantoonbaar, en ook het longkruid is volgens onderzoek niet werkzaam tegen longkwalen. De vetzuren die maken dat de walnoot goed is voor de hersenen kunnen ook gevonden worden in andere noten, die helemaal geen gelijkenis met hersenen vertonen.

 

vrouwenmantel

 

Geneeswijzen zoals de door Nicolas Lemery in een uit 1697 daterend boek aangeraden toepassing van een gedroogde en tot poeder vermalen schedel van een door geweld om het leven gekomen mens, tegen hersenziekten zijn niet op empirisch onderzoek gebaseerd, maar op analogie-denken. Voor wetenschappers geldt de signatuurleer nu dan ook als een pseudowetenschap.

 

 

Nicolas Lemery

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget