Tagarchief: toren

Vierentwintigste Miniatuur : vierde visioen van het Derde Boek

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

 

 

 

 

Vierentwintigste Miniatuur: Vierde visioen van het Derde Boek

 

 

Scivias%20T%2024_Boek%20III,4

 

 

Iets verder dan de toren van Gods raadsbesluiten vinden we tegen de lichtgevende muur een hoge driekantige kolom (zie min. 21) van het Woord Gods, die nu in deze 24ste miniatuur nog eens apart wordt uitgebeeld.

Zij is driekantig ter ere van de Triniteit. Hiermee wil Hildegard aantonen welke belangrijke plaats de hele H. Schrift inneemt in de ontwikkeling van de strijd tegen het kwade en in Gods overwinning door het goede.

Voor de eerste maal vinden we deze openbaring, na de zondeval in het paradijs, uitgesproken in de voorzegging dat er een Verlosser zal komen om de zondige mensheid te redden. De patriarchen ontwikkelden deze profetie en de zieners van Israël gaven er bloemen aan en deden haar vrucht zetten. Daarom is deze zuil voorgesteld als een boom met takken en op iedere tak zit een profeet.

Toch is het idee van zuil/toren door de miniaturist vastgehouden, want op de plaats van de boomtop heeft hij een kapiteel getekend waarop een duif zit die een lichtstraal in de vorm van de maan in haar snavel houdt.

Het is onder inspiratie van de H. Geest, de duif, dat de oude zieners geprofeteerd hebben. Maar ook na de Menswording van God is de openbaring doorgegaan. Apostelen, geestelijke vaders, martelaren, maagden en belijders hebben eveneens onder vurige leiding van de H. Geest door hun getuigenissen en profetieën de zuil van het Woord Gods volledig gemaakt.

Daarom zien we in de vlammen, welke aan de kolom ontspringen, kopjes uitgebeeld waarvan de drie bovenste met een boek. Het valt niet te ontkennen dat deze miniatuur gelijk een kindertekening moeilijk te ontcijferen is. Dit hoort wellicht bij het geloofsmysterie. Om dit te vatten hebben we hulp nodig van de Scientia Dei, de kennis of de wetenschap van God. Deze kracht Gods wordt apart uitgebeeld in de volgende miniatuur.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

Advertenties

Tweeëntwintigste Miniatuur : derde Visioen van het Derde Boek

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

 

 

 

 

Tweeëntwintigste Miniatuur: Derde Visioen van het Derde Boek

.

 

Scivias%20T%2022_Boek%20III,3

.

Zoals men ziet in miniatuur 21 is dit bouwwerk samengesteld uit vier muren en bij die muren zijn vijf torens (zuilen ) opgetrokken. In de eerste muur die van oost naar noord (uitgebeeld in de drie volgende miniaturen) staan de toren van Gods raadsbesluiten en de zuil van Gods Woord opgesteld.

Het verschil tussen zuil en toren moeten we waarschijnlijk zoeken in het feit dat zuilen door God zelf als één stuk neergezet worden, terwijl torens door de gelovigen met Gods hulp steen voor steen in de loop van de geschiedenis opgetrokken worden.

Bij iedere toren treffen we een groep gepersonifieerde deugden (ook wel krachten van God genoemd). We zullen nu de eerste groep deugden naderbij bezien en zien wat voor een ontwikkeling we daarin kunnen ontdekken.

In en vóór de toren van Gods raadsbesluiten ( het gouden vierkant ) staan opgesteld, beginnend van de onderste figuur en dan in tegenwijzerzin,

de liefde tot het hemelse,

de discipline,

de bescheidenheid,

de barmhartigheid

en de overwinning.

Deze vijf vormen als het ware Gods eerste werktekening voor heel het verlossingswerk. Het zijn eveneens deze deugden die we in groter verband in de volgende groepen deugden nader uitgewerkt tegen zullen komen.

Beneden aan de toren ( rechts )staan nog twee andere deugden die de houding van de gelovige tegenover het plan van God aangeven: de Patientia, het geduld en naast haar de Gemitus, de verzuchting.

Eerst komt het geduld dat ieder moet opbrengen tegen de aanvallen van de duivel, wanneer men zich voorgenomen heeft de begeerten van het vlees te overwinnen. Het geduld staat hier in het groen omdat het onder leiding van de H. Geest zich wil richten naar het voorbeeld van Gods Zoon. Zij staat onder een lage boog, eigenlijk altijd min of meer onder druk en zij draagt een rode kroon van het lijden des Heren.

Wanneer de gelovige zich eenmaal overgegeven heeft aan de plannen van God komt het verlangend verzuchten de Gemitus naar boven en wil zij ook in navolging van Christus het kruis dragen en is de Gemitus hier met een kruisbeeld voorgesteld.

De eerste kracht Gods die in dit bouwwerk optreedt is de Amor caelestis ( liefde tot het hemelse ) omdat zij de drijfveer is van alle actie naar het verlangen naar het einddoel, het verslaan van het kwade. In dit geval is het einddoel de overwinning van het goede op het kwaad en de satan. Dit plan, deze boodschap is het eerst verkondigd aan Abraham en de andere aartsvaders. Het is het begin van de goddelijke openbaring.

Daarom is de toren van Gods raadsbesluiten in de 22ste miniatuur in zilver uitgebeeld evenals de hele muur van het oosten naar het noorden en heet hij de lichtstralende muur. Zilver wijst zoals we gezien hebben op het goddelijk licht en op het menselijk antwoord in geloof daarop gegeven.

Samen met deze Amor caelestis staan de andere deugden in deze miniatuur boven op de toren in bustevorm uitgebeeld; bovendien in de volgende miniatuur nog eens apart en dan in volle lengte.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

De betekenis van Babylon

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Wat waren Babylon en Babel?

 

Babylon of Babel was de beroemdste, door Nimrod gebouwde stad van het oude Mesopotamië, de hoofdstad van het oude Babylonische rijk ( ca. 1800 tot 539 v.C ). Door Babel stroomde de rivier Eufraat, die de stad in twee helften deelde. Tegenwoordig heet de plaats Hillah. Onder leiding van de koning Nebukadnezar onderwierp het Juda.

 

 

1

 

 

 

2uDxA2I

 

 

 

Belangrijke goden van het Babylonische rijk

 

De opperste god van de Babyloniërs was Merodach . Hij droeg de titel ‘Bel’ (=’heer’). De Babyloniërs vereerden hem als de koning van hemel en aarde. Hij was de beschermgod van de stad Babel. De naam ‘Babel’ betekent ‘poort van Bel’.

 

 

Merodach

Merodach

 

 

Door de dienst van de profeet Jeremia kondigde God het strafgericht over Bel aan:

Jeremia 50:2 Verkondig onder de heidenvolken, laat het horen, hef een banier omhoog, laat het horen, verberg het niet, zeg: Babel is ingenomen, Bel staat beschaamd, Merodach is verpletterd. Zijn afgoden staan beschaamd, zijn stinkgoden zijn verpletterd.
Jeremia 51:44 Ik zal Bel in Babel straffen, Ik zal wat hij verzwolgen heeft, uit zijn muil halen. De heidenvolken zullen niet meer naar hem toestromen. Zelfs de muur van Babel is gevallen!

Een andere Babylonische god was Nebo, de zoon van de god Merodach. Nebo is de god van de wetenschap en de schrijfkunst. Ook wordt hem het wereldbestuur toegedicht. Veel namen van Babylonische koningen zijn samengesteld met de naam Nebo, zoals Nabonassar, Nabopolassar, Nebukadnezar en Nabunit.

 

 

Nebo

Nebo

 

 

De profeet Jesaja profeteerde over Nebo:

Jesaja 46:1 Bel is gekromd, Nebo neergebogen, hun afgodsbeelden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide dieren

 

 

 

De droom van koning Nebukadnezar

 

Koning Nebukadnezar kreeg eens een door God ingegeven droom (zie Dan. 2), waarin het rijk van Babel wordt geschilderd als het eerste van vier wereldrijken.

 

 

beeld

 

 

1 Babylonische rijk,

2 Medisch – Perzische rijk,

3 Grieks – Macedonische rijk,

4 Romeinse rijk.

Het Babylonische rijk wordt voorgesteld als het gouden hoofd van het statenbeeld dat Nebukadnezar in zijn droom zag. Het rijk van Babel is het hoofd, het is van zuiver goud.

In Dan.7 wordt het rijk voorgesteld als een leeuw. Ook Gods woord door de dienst van Jeremia noemt het rijk een leeuw.

Jer 4:7 De leeuw is opgekomen uit zijn haag, en de verderver der heidenen is opgetrokken, hij is uitgegaan uit zijn plaats, om uw land te stellen in verwoesting; uw steden zullen verstoord worden, dat er niemand in wone.

 

 

Babylonische leeuw

Babylonische leeuw

 

 

 

Het lijden van Israël onder het Babylonische rijk

 

Jeremia 50:17 Israël is een opgedreven schaap, leeuwen hebben het opgejaagd. Eerst heeft de koning van Assyrië het verslonden, en ten slotte heeft deze, Nebukadrezar, de koning van Babel, zijn beenderen verbrijzeld.

Het koninkrijk van Babel zou worden vernietigd in het oordeel dat God over alle vier bovengenoemde rijken (Dan. 2 en 7). Babel is gevallen en gebroken; het was niet te genezen (Jes.21:9; Jer.51:7-10).

Als onderdeel van het samenstel van vier wereldrijken zal het in de toekomst geheel en al vernietigd worden als Jezus Christus zijn rijk opricht (Dan.2 en 7).

 

 

 

Babel, de verwarring

 

‘Babylon’ is de Griekse vorm van het Hebreeuwse ‘Babel’. De naam Babel betekent in het Hebreeuws ‘verwarring’. De naam is ontleend aan de spraakverwarring die God teweegbracht toen de mensheid – nog één volk en één van spraak – een stad en een hoge toren bouwde en zich een naam wilde maken, om te voorkomen dat men over de hele aarde verstrooid zou raken, hoewel God Noach en de zijnen bevolen had de aarde te vervullen.

Ge 11:4 En zij zeiden: Kom, laten wij voor ons een stad bouwen, en een toren waarvan de top in de hemel reikt, en laten we voor ons een naam maken, anders worden wij over heel de aarde verspreid!
Ge 11:5 Toen daalde de Heere neer om de stad en de toren te zien die de mensenkinderen aan het bouwen waren,
Ge 11:6 en de Heere zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn.
Ge 11:7 Kom, laten Wij neerdalen en laten Wij hun taal daar verwarren, zodat zij geen van allen elkaars taal zullen begrijpen.
Ge 11:8 Zo verspreidde de Heere hen vandaar over heel de aarde, en zij hielden op met het bouwen van de stad.
Ge 11:9 Daarom gaf men haar de naam Babel; want daar verwarde de Heere de taal van heel de aarde, en vandaar verspreidde de Heere hen over heel de aarde.

 

 

Babel-1024x575

 

 

 

Petrus over Babylon

 

De apostel Petrus noemt Babylon in zijn eerste brief:

1Pe 5:12 Door Silvanus, die naar ik meen voor u een trouwe broeder is, heb ik in het kort geschreven om u te vermanen en te betuigen, dat dit de ware genade van God is waarin u moet staan.
1Pe 5:13 U groet de medeuitverkorene in Babylon, en mijn zoon Markus.

Sommige uitlegger menen dat in dit vers sprake is van de letterlijke stad Babylon, waar ten tijde van Petrus veel joden woonden. Andere uitleggers zien er een codewoord of figuurlijke aanduiding voor Rome in, de hoofdstad van het Romeinse rijk.

De Iraakse dictator Saddam Hussein (1937-2006) startte de bouw van een moderne stadBabylon, ongeveer 80 km ten zuiden van Bagdad.

 

 

 

Het Apocalyptische Babylon

 

In het laatste Bijbelboek komt een stad voor genaamd Babylon. Het is een grote stad.

Opb 14:8 En een andere, een tweede engel volgde en zei: Gevallen, gevallen is het grote Babylon, dat van de wijn van de grimmigheid van haar hoererij alle naties heeft laten drinken.
Opb 17:5 En op haar voorhoofd was een naam geschreven: Verborgenheid, het grote Babylon, de moeder van de hoeren en van de gruwelen van de aarde.
Opb 18:2 En hij riep met krachtige stem de woorden: Gevallen, gevallen is het grote Babylon, en het is een woonplaats van demonen en een bewaarplaats van elke onreine geest en een bewaarplaats van elke onreine en gehate vogel geworden.
Opb 18:10 terwijl zij uit vrees voor haar pijniging in de verte blijven staan en zeggen: Wee, wee de grote stad, Babylon, de sterke stad; want in een uur is uw oordeel gekomen.
Opb 18:21 En een sterke engel hief een steen op als een grote molensteen en wierp die in de zee en zei: Zo zal de grote stad Babylon met geweld neergeworpen worden en zij zal geenszins meer gevonden worden.

 

 

hoofdstuk 17 ; Babylon wordt geoordeeld

hoofdstuk 17 ; Babylon wordt geoordeeld

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De vernietiging van Babylon

De vernietiging van Babylon

Pasteltekening van John Astria

 

 

Vergelijk

Da 4:30 Sprak de koning, en zeide: Is dit niet het grote Babel, dat ik gebouwd heb tot een huis des koninkrijks, door de sterkte mijner macht, en ter ere mijner heerlijkheid! 

Sommige Bijbeluitleggers menen dat de stad Babylon in de Openbaring het herbouwde Babylon is, dat weer rijk en machtig zal worden. Volgens de meeste uitleggers echter heeft het apocalyptische Babylon een symbolische betekenis en verwijst het naar de stad Rome en de valse kerk van de eindtijd.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Dertigste Miniatuur : negende visioen van het Derde Boek

Standaard

categorie : Hildegard von Bingen

 

 

 

 

 

 

 

 

Dertigste Miniatuur: Negende visioen van het Derde Boek

 

Scivias%20T%2030_Boek%20III,9

.

De dertigste miniatuur is voor Hildegard heel belangrijk geweest, want opnieuw heeft zij de miniaturist opgedragen er een hele bladzijde aan te besteden. Aan de rechterkant kant zien we de bouw van een hoge toren. Deze toren is de Kerk en de bouwers zijn de gelovigen. Boven op de toren zien we vier gelovigen stenen neerleggen. Tegen de toren is een brede ladder geplaatst waarop wij een groep in rode gewaden zien, de martelaren, en een groep in het groen, de belijders.

Merkwaardigerwijze volgt de miniaturist niet de tekst die spreekt van gelovigen op de ladder in witte kleren met zwarte schoenen. Sommige onder hen, zegt Hildegard, overtroffen de anderen in grootte en glans. Daarom zouden de vier in rode gewaden deze geloofshelden voorstellen.

Aan de buitenzijde van de toren bevinden zich zes druk bewegende mensjes. Zij zijn de gelovigen die ondanks hun roeping de opbouw van de Kerk tegenwerken. We zien hoe één van hen zelfs het bruiloftskleed uittrekt dat hem aangereikt werd door de engelen, toen hij het kasteelplein betrad door de poort aan de Noordkant.

De gelovigen die de Kerk opbouwen hebben de medewerking van een groep van vier Godskrachten. Deze zijn groot uitgebeeld aan de linkerkant. Het is de Wijsheid, die op een voetstuk staat van zeven zuiltjes en geflankeerd wordt door de Justitia, de Fortitudo en de Sanctitas. We volgen nu de tekst van SCIVIAS:

“In het midden van het gebouw, zag ik een sokkel van zeven zuiltjes, en daarbovenop een schone gestalte: de Sapientia. Haar hoofd straalde als de bliksem en daarom is zij hier voorgesteld met een zilver hoofd. Zij was getooid met een gouden gewaad.”

We hebben reeds twee deugden ontmoet, n.l. de Castitas in miniatuur 29 en de Veritas in miniatuur 27. Zij dragen volgens de tekst gulden gewaden , maar zijn door de miniaturist in een geel kleed geschilderd. Het metaal goud is in de miniaturen zoveel gebruikt om de heiligheid in de hemelse sfeer aan te duiden, dat de kunstenaar moest uitzien naar een gewone kleur om het gouden gewaad weer te geven.

We zien op de miniatuur dat rondom de Sapientia op de sokkel zich gelijkvloers drie godskrachten bevinden. Het dichtst bij de Sapientia staat de Justitia. Zij werd door Hildegard als enorm groot beschreven, zodat zij over het gehele gebouw kon heen zien. Haar verschijning was verblindend wit, daarom dat de miniaturist deze deugd helemaal in het metaal zilver uitbeeldde.

In haar hand houdt zij een lange banderol, wat er op wijst dat deze deugd een lange toespraak houdt. Op deze niet beschreven banderollen komen we bij de bespreking van de miniaturen 33-35 terug. Dan blijven er nog twee andere godskrachten over, n.l. de Fortitudo en de Sanctitas. De Fortitudo kennen we reeds van de miniaturen 22 en 23. De harnassen vertonen grote overeenkomst.

Het enige verschil is dat de Fortitudo aan het begin van de bouw (miniatuur 22) het zwaard nog niet heeft getrokken. Bij de bouw der Kerk op het einde der tijden heft de Fortitudo fier zijn wapen omhoog. De Sanctitas verschijnt met drie hoofden, hetgeen de kunstenaar de ondankbare opdracht bezorgde een artistiek minder geslaagde figuur ten tonele te moeten voeren.

Twee hoofden in het zilver en een derde in een bleke witachtige kleur. Het middelste hoofd draagt op zijn hoofd de naam Sanctitas en zegt als verklaring: “Ik ben geboren uit de deemoed en deze heeft mij grootgebracht; mijn moeder, de deemoed, overwint alle tegenstand.” Het tweede hoofd noemt zich “wortel van het goede” en verklaart, dat het uit God zelf stamt.

Het derde hoofd met het bleke gezicht geeft zichzelf als naam “onvergeeflijk voor zich zelf”. Het heft een klaaglied aan dat het als schepsel zo weinig bijdraagt aan het goede. Het toont zijn goede wil doordat het de aanvechtingen van de duivel tracht te overwinnen.

We ontmoeten hier dus wel een heel merkwaardige voorstelling van de uiteindelijke heiligheid van de Kerk. Zij houdt het midden tussen de goddelijke en de menselijke inbreng, maar alleen de deemoed kan deze moeilijke verbintenis met succes bekronen. Deze zelfde drieëenheid zullen we tegenkomen in de volgende miniatuur.

In dit dertigste visioen maakt Hildegardis duidelijk wat zij onder mannelijk en vrouwelijk verstaat.

Bij de beschrijving van de Godskracht Sanctitas zegt zij:

“De heiligheid is met zulk een glans van de goddelijke genade overgoten, dat de diepte van haar mysterie ver boven het begrip van de mens uitgaat. Door de zwaarte van de sterfelijkheid kan de ziel noch haar vrijheid in Christus, de mannelijke vorm, noch haar onderwerping aan Hem, de vrouwelijke vorm, doorschouwen.”

Hildegard wijdt nog veel verder uit over het karakter van deze drie belangrijke deugden naast de Wijsheid Gods. Een uitsluitend in beelden vervatte uitleg van alle mysteries rondom de opgang van het geestelijk leven zowel in de Kerk als geheel valt ons moeilijk te begrijpen.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA