Tagarchief: drinken

Schaap en herder in de Bijbel

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Eeuwig leven gevend water of de eeuwige dood

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Schaap en herder

 

Wij lezen in de Bijbel vaak over schapen en herders. De bekendste van alle psalmen (Psalm 23) gebruikt hen als beeld van de zorg die God (en zijn Zoon) voor zijn volk heeft:

 

“De Heer is mijn herder, het ontbreekt mij aan niets.”

 

 

Psalm 23

 

1 Een lied van David.
.
De Heer zorgt voor mij zoals een herder voor zijn schapen zorgt.
Ik kom niets tekort.
2 Hij laat mij rusten in groene velden.
Hij laat mij drinken uit rustige stroompjes.
3 Hij geeft me kracht.
Hij helpt me om te leven zoals Hij het wil,
omdat Hij dat heeft beloofd.
4 Zelfs als ik door een diep, donker dal ga,
een dal van moeilijkheden,
ben ik nergens bang voor, want U bent bij mij.
Met uw stok en uw herdersstaf
beschermt U mij en stuurt U mij bij.
Het troost mij dat U dat doet.
5 Mijn vijanden zien hoe goed U voor mij bent:
U zet een feestmaaltijd voor mij neer.
U zalft mijn hoofd met zalf-olie.
U schenkt mijn beker zó vol dat hij overloopt.
6 Uw goedheid en liefde zijn mijn leven lang bij mij.
Ik mag mijn hele leven dicht bij U zijn.

 

 

De goede herder

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Maar de taak van de traditionele herder in het Midden-Oosten verschilt enorm van die van een West-Europese herder. Om een begrip te vormen van de betekenis van wat hierover in de Bijbel wordt verteld, is het nuttig eens te kijken naar die oude gewoonten, die de Arabieren in het moderne Israël nog steeds vasthouden. Omdat Psalm 23 van de hand van David komt, weerspiegelt het de herderspraktijken in de heuvels van Judea, ten zuiden van Jeruzalem. Het terrein is er ruig en schraal, met diepe ravijnen die naar de Dode Zee afdalen. Vers 2 zegt:

 

“Hij laat mij rusten in groene weiden en voert mij naar vredig water (‘rustige wateren’, NBG ’51).”

 

Hier ontbreekt het niet aan groene weiden, en de boer kan de schapen er gewoon op loslaten. In de heuvels van Judea moest de herder het groen echt zoeken. Hij moest er ook op letten dat de schapen daar bleven, en niet af-dwaalden naar verlaten streken, waar geen gras groeide. Beken in dat gebied vloeien snel met cascades en water-vallen. Maar de herder heeft daar niets aan, want schapen houden niet van harde geluiden en het wilde water weerhoudt ze te drinken. Dus zijn de herder en zijn schapen aangewezen op poelen, of de zacht vloeiende delen van een beek.

Desnoods creëert hij zulke drinkplaatsen, door de stroom met stenen af te dammen. Of, hij haalt water uit een put en giet het in een drinkbak, zoals wij in Exodus 2:16 lezen. Wij zien dus hoe God in zijn wijsheid schapen op een zodanige manier geschapen heeft, dat zij een passend beeld voor ons mensen zijn. Net als zij, hebben wij een Herder nodig, die ons naar rustige plekken kan brengen, en te verfrissen door het water des levens.

 

 

 

 

 

 

Gezonde voeding is belangrijk.

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

Gezond eten en drinken vormt net als bewegen de basis van een gezonde levensstijl. Uit onderzoek is gebleken dat een multi-vitamine pil fruit en groente niet kan vervangen. Om inzichtelijk te maken hoeveel vitamines en mineralen dagelijks moeten worden geconsumeerd heeft de gezondheidsraad voor bijna alle vitamines en mineralen de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid bepaalt. Om deze hoeveelheden te halen zal er gevarieerd gegeten en gedronken moeten worden.

 

 

 

 

 

Waarom gezond eten

 

Het menselijk lichaam kan naast lichaamsbeweging onderhouden worden door gezond en gevarieerd te eten en te drinken. Iedere maaltijd moet voldoende vitamines, eiwitten, koolhydraten, vetten en mineralen bevatten. Het menselijk lichaam heeft voor al deze stoffen een toepassing. De eiwitten worden gebruikt als bouwstenen voor het lichaam en de koolhydraten en vetten als brandstof.

Mineralen worden net als vitamines in kleine hoeveelheden opgenomen door het lichaam en zijn belangrijk voor een goede gezondheid en een normale ontwikkeling en groei. De vitamines E en C worden antioxidanten genoemd. De antioxidanten vangen agressieve stoffen in het lichaam op die in bepaalde gevallen schade hadden kunnen brengen aan cellen en weefsels. Hierdoor voorkomen antioxidanten op de lange termijn bepaalde ziekten zoals kanker en hart- en vaatziekten.

 

 

 

De schijf van vijf

 

Het advies van het voedingscentrum is om gevarieerd te eten. Een hulpmiddel hiervoor is de schijf van vijf, deze bestaat uit:

 

Groente en fruit

Aardappelen, brood, rijst en pasta

Zuivel, vlees, vis en vervangers

Halvarine, margarine en vetten

Water

 

 

 

 

Iedere dag moet er vanuit iedere schijf worden gegeten en gedronken. Binnen iedere schijf is er natuurlijk ook een rangorde met gezonde en minder gezonde voeding. Om aan de behoeften van je lichaam te voldoen moet er gevarieerd worden gegeten. Het advies van het voedingscentrum is om elke dag 200 gram groenten en twee stuks fruit te eten. Hiernaast moet er ook veel brood worden gegeten en het liefst de vezelrijke soorten zoals volkoren- of bruinbrood. Probeer verzadigde vetten zoveel mogelijk te vermijden.

 

 

 

 

 

 

De voedingsdriehoek: de basis van elk voedingsadvies

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Wat is de actieve voedingsdriehoek?

 


De actieve voedingsdriehoek geeft een idee van wat je dagelijks zou moeten eten om voldoende voedingsstoffen in te nemen. Daarnaast maakt de actieve voedingsdriehoek ook duidelijk hoeveel je per dag dient te bewegen. De voedingsaanbevelingen zijn opgesteld voor de gemiddelde persoon ouder dan 6 jaar, die matig fysiek actief is.

Als je intensief sport, zware lichamelijke activiteit verricht of je arts je een bepaald dieet voorschrijft, kan je best advies vragen aan een diëtist(e) over de juiste hoeveelheid, de keuze en de variatie van voedingsmiddelen. Sportinspanningen vragen bijvoorbeeld een grotere vochtinname dan de aanbevolen 1,5 liter die we in normale omstandigheden zouden moeten drinken.

 

 

.
.

Elk voedingsmiddel op zich levert een aantal voedingsstoffen. Eén enkel voedingsmiddel levert echter nooit alle vereiste voedingsstoffen. In de actieve voedingsdriehoek vind je 7 groepen die elk hun aandeel leveren in een gezonde levensstijl via voldoende beweging enerzijds en een gezonde, gevarieerde en evenwichtige voedingskeuze anderzijds.

Het topje van de actieve voedingsdriehoek, de restgroep, is een toemaatje. Naast een goede voeding is ook bewegen een belangrijk onderdeel van de actieve voedingsdriehoek. Zowel evenwichtig eten en als dagelijks voldoende bewegen is essentieel voor de gezondheid.

 

 

 

Wat zit er in elke groep?

 

 

LICHAAMSBEWEGING


is naast een goede voeding erg belangrijk voor een goede gezondheid. Met lichaamsbeweging worden inspanningen bedoeld met een matige intensiteit of inspanningen waarbij je hartfrequentie stijgt, je ademhaling iets sneller gaat dan normaal en waarbij je licht zweet. Voor een goede gezondheid moeten volwassenen dagelijks minstens 30 minuten per dag lichaamsbeweging nemen.

Dit mag verspreid worden over de dag, bijvoorbeeld door tweemaal 15 minuten te bewegen. Voor kinderen en jongeren luidt de aanbeveling om minstens 60 minuten per dag lichaamsbeweging te nemen. Kies voor activiteiten die passen in je dagelijkse bezigheden zoals fietsen, stevig doorstappen, zwemmen, dansen, met de bal spelen, de trap nemen of een sport die je graag doet.

Allemaal activiteiten die je gemakkelijk in het dagelijkse leven kan inpassen en die je gezondheid bevorderen. Ben je ouder dan 35 jaar, sinds lange tijd inactief, of heb je gezondheidsproblemen, raadpleeg dan even je huisarts voor je intensief begint te sporten.

 

 

 

 

 

WATER


Vocht is een onmisbaar deel van ons lichaam. Bijgevolg vormt water een essentieel bestanddeel van een gezonde voeding. De totale vochtbehoefte bedraagt voor volwassenen ongeveer 2,5 liter. Vaste voeding brengt ongeveer 1 liter vocht aan. De rest moeten je opnemen via dranken. In normale omstandigheden zou je dus minstens 1,5 liter water per dag moeten drinken. Bij warm weer en aan mensen die sporten of zware lichamelijke arbeid verrichten en meer vocht verliezen door transpiratie, wordt aanbevolen om meer te drinken, best water.

Beperk de inname van cafeïne, die eerder een vochtafdrijvende werking heeft. Vocht wordt grotendeels uit drank gehaald. Dranken die tot de watergroep behoren zijn water, koffie, thee en bouillon. Andere dranken, zoals melk en fruitsap, leveren ook vocht, maar bevatten ook andere voedingsstoffen. Zij horen daarom in andere groepen van de actieve voedingsdriehoek thuis.

 

 

 

 

 

GRAANPRODUCTEN EN AARDAPPELEN


leveren meervoudige koolhydraten, voedingsvezels, vitaminen en mineralen. Zij vormen je basisvoeding. Dat betekent dat graanproducten en aardappelen een belangrijk deel moeten uitmaken van elke maaltijd. Deze groep omvat aardappelen en alle soorten graanproducten zoals brood, beschuit, ontbijtgranen, rijst en deegwaren. Volkorenproducten krijgen de voorkeur. Zij bevatten meer voedingsvezels, vitaminen en mineralen dan de witte soorten.

Hoeveel graanproducten en aardappelen je per dag nodig hebt, hangt af van hoe actief je bent. Iemand die zware lichamelijke arbeid verricht, verbruikt meer energie dan iemand die een zittend beroep uitoefent en heeft dus ook meer energie en bijgevolg meer graanproducten en aardappelen nodig. Daarom varieert de aanbeveling van 5 tot 12 sneden brood (van 175 tot 420 gram) en van 3 tot 5 aardappelen (210 tot 350 gram).

 

 

 

 

 

GROENTEN


Groenten leveren voedingsvezels, vitaminen, mineralen en meervoudige en enkelvoudige koolhydraten. Omdat niet alle groenten dezelfde vitaminen en mineralen bevatten is afwisseling heel belangrijk. Groenten eet je nooit teveel. In totaal zou je 300 gram groenten per dag moeten eten. Deze hoeveelheid kan je bereiken door zowel bereide groenten als rauwkost te eten, verspreid over de verschillende maaltijden.

De warme maaltijd zou steeds een ruime portie groenten moeten bevatten: minstens 200 gram na bereiding of 250 gram rauw gewicht. Bij de broodmaaltijd kan dan bijvoorbeeld 100 gram rauwkost worden genomen. Ook de tussendoortjes of het ontbijt kunnen best wat groenten gebruiken.

 

 

 

 

 

FRUIT


Fruit levert net zoals groenten voedingsvezels, vitaminen, mineralen en (enkelvoudige) koolhydraten. Groenten en fruit onderscheiden zich van elkaar door de aanwezigheid van verschillende soorten en hoeveelheden vitaminen en mineralen. Daarom moet je dagelijks zowel groenten als fruit eten. Fruit kan bij het ontbijt, als tussendoortje of snack, als broodbeleg en als dessert gegeten worden. Eet bij voorkeur 2 tot 3 stuks per dag. Gebruik liever vers fruit dan fruit uit blik of gedroogd fruit.

 

 

 

 

 

MELKPRODUCTEN EN CALCIUMVERRIJKTE SOJAPRODUCTEN


Dit zijn een belangrijke bron van calcium, eiwitten en vitaminen van de B-groep. Calcium is een essentiële voedingsstof die bijdraagt tot de opbouw en het behoud van sterke botten.

3 tot 4 glazen melk (450 – 600 ml), afgeleide melkproducten of met calcium en vitamine B2 verrijkte sojaproducten en 1 tot 2 sneden kaas (20 – 40 gram) per dag volstaan om aan onze calciumbehoefte te voldoen.

Onder melkproducten verstaan we naast melk ook afgeleide producten zoals yoghurt, alle kaassoorten (smeerkaas, platte kaas, …) en karnemelk. Je kiest best voor halfvolle en magere producten.

 

 

 

 

 

VLEES, VIS, EIEREN EN VERVANGPRODUCTEN


Dit zijn een bron van eiwitten, vitaminen en mineralen. Vervangproducten van vlees, vis en eieren zijn onder andere sojaproducten, peulvruchten en noten. Toch dient men op te merken dat plantaardige levensmiddelen geen vitamine B12 aanbrengen. Bovendien zijn plantaardige voedingsmiddelen minder goede ijzerbronnen. Noten (behalve kokosnoten) zijn rijk aan onverzadigde vetzuren, maar leveren omwille van hun hoog vetgehalte ook veel energie. Je kiest best voor walnoten en hazelnoten, die ook een goede bron zijn van omega-3-vetzuren.

Om in een vegetarische voeding vlees volwaardig te vervangen is het nodig om plantaardige eiwitbronnen aan te vullen met granen of melkproducten. Per dag volstaat 100 gram vlees of vleeswaren. Voor vis, eieren en sojaproducten geldt dezelfde 100 gram. Zet best één tot twee maal per week vis op het menu. Denk daarbij ook aan vette vis, die een goede bron van onverzadigde vetzuren vormt.

 

 

 

 

 

SMEER- EN BEREIDINGSVET


levert in de eerste plaats energie. Daarnaast is smeer- en bereidingsvet belangrijk voor de aanbreng van essentiële vetzuren en vetoplosbare vitaminen. Onder smeer- en bereidingsvet verstaan we minarines, margarines, boter, halfvolle boter, bak- en braadvet en oliën. Je kiest best voor olie en margarine of minarine arm aan verzadigde vetzuren, omdat die hart- en vaatziekten helpen voorkomen.

De voedingsmiddelen uit de andere groepen (bv. vlees, melkproducten, koekjes,…) leveren al wat vetten op. Een mespuntje smeervet op de boterham en 1 eetlepel bereidingsvet per persoon voor de warme maaltijd is dan ook voldoende.

 

 

 

 

 

DE RESTGROEP


Het topje van de voedingsdriehoek bevat DE RESTGROEP, een afzonderlijk “zwevend“ gedeelte waarin je alle voedingsmiddelen kunt plaatsen die strikt genomen niet nodig zijn in een evenwichtige voeding. Dit topje is eigenlijk een toemaatje. Je vindt er zoetigheden, snoepjes, alcoholische en suikerrijke dranken, vette sauzen, …. Het spreekt voor zich dat deze voedingsmiddelen met mate moeten worden geconsumeerd.

Zij leveren doorgaans veel energie in de vorm van vet en suiker, en in verhouding tot de aangebrachte energie weinig of geen voedingsstoffen, zoals vitaminen en mineralen. Voedingsmiddelen uit deze groep passen in een gezonde voedingswijze als ze in kleine hoeveelheden worden geconsumeerd en je er rekening mee houdt in de samenstelling van je menu voor de rest van de dag.

 

 

 

VARIATIE!!!

 

Als je elke dag uit elke groep hetzelfde voedingsmiddel zou kiezen, zou je voeding enorm eentonig en daarom ook onevenwichtig worden. Elke groep biedt een ruime keuze aan voedingsmiddelen die als je ze afwisselt voor een evenwichtige, gezonde voeding zorgen. Dagelijks variëren binnen elke groep is dus de boodschap.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Zin en onzin van Sportdranken

Standaard

categorie :  Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

Sportdranken zijn in. Ze worden niet alleen gebruikt door topsporters, maar door vrijwel iedereen die op een of andere manier met sport bezig is, en zelfs door mensen die zelden of nooit aan sport doen. Volgens de producenten verbeteren ze de prestaties en bevorderen ze het herstel na een inspanning. Maar klopt dat ook? Of kan men net zo goed water of vruchtensap drinken?

 

 

 

GEZ_sportdranken-limo-recla-170_400_08

 

 

Lichamelijke inspanningen gaan onvermijdelijk gepaard met vochtverlies, niet alleen doordat u zweet, maar ook doordat er water verdampt met de lucht die u uitademt. Hoe harder en langer u bezig bent, en hoe warmer en vochtiger de omstandigheden zijn, hoe meer vocht u kwijtraakt. Tijdens één uur lichaamsbeweging verliest de gemiddelde persoon ongeveer één liter vocht. In warme, vochtige omstandigheden kan dat het dubbele bedragen.

 

 

Waarom drinken?

 

Vochttekort zorgt er voor dat de spieren minder functioneren waardoor o.m. krampen kunnen optreden. Als het vocht niet snel aangevuld wordt, kan het tot dehydratie (uitdroging) leiden. Dat vermindert niet alleen het prestatievermogen, maar schaadt ook uw gezondheid. Daarom is het belangrijk om zowel voor, tijdens als na een inspanning voldoende te drinken om het vochtverlies te compenseren. Hoe meer u zweet, hoe meer vocht u moet aanvullen.

•Bij activiteiten met een tijdsduur van minder dan een half uur is het gevaar dat u uitgedroogd raakt klein, zodat tussendoor drinken minder belangrijk is. Niettemin moet u ervoor te zorgen dat u met voldoende vocht in uw lichaam begint en na afloop genoeg drinkt.

 

•Bij langere inspanningen moet u proberen om zoveel te drinken als u zonder problemen aankunt: streef naar tussen 125 en 250 ml per kwartier. Een dergelijk vast drinkschema leer je best aan op training, begin er niet mee tijdens een wedstrijd.

 

•Hoe groter het volume van het vocht in uw maag, des te sneller de maag geleegd wordt in de darm en des te sneller het verloren vocht in uw lichaam dus wordt vervangen. Dat is de reden waarom u het best al vroeg tijdens uw lichaamsbeweging zoveel mogelijk moet proberen te drinken en daarna geregeld vocht moet blijven opnemen.

 

•Het is beter op geregelde tijdstippen grote hoeveelheden te drinken, dan voortdurend kleine hoeveelheden. De hoeveelheid drank die ingenomen wordt, bepaalt namelijk ook de snelheid waarmee de maag geledigd wordt en waarmee het vocht dus via de darmwand in het bloed terecht komt : hoe meer men drinkt (tot 700 ml), hoe sneller de maag lediging gebeurt. De hoeveelheid die vlot verdragen wordt varieert van 300 ml tot 600 ml, maar uiteraard zal iedereen voor zichzelf tijdens de training moeten uitmaken wat de ideale hoeveelheid is. Boven 700 ml treden er vaker maag- en darmklachten op.

 

•Matig koude dranken (10°C tot 15°C) genieten de voorkeur omdat ze sneller de maag verlaten en dus ook sneller worden opgenomen. Bovendien hebben zij een warmte regulerend effect: een koude drank warmt op in het maag darmkanaal, waardoor het lichaam warmte kan afgeven. IJskoude dranken (minder dan 10°C) en erg warme dranken (meer dan 50°C) verlaten veel trager de maag. Tenslotte smaken koude dranken doorgaans beter, zodat men er spontaan meer van kan drinken.

 

•Wacht niet tot u dorst krijgt, aangezien dat betekent dat u al uitgedroogd bent. Dorst is geen goede graadmeter voor het gehalte aan lichaamsvocht. Uw urine vormt een betere graadmeter: ze zou waterig en bleekkleurig moeten zijn. Ziet uw urine er geel en ‘dik’ uit, dan kunt u uitgedroogd zijn. Ook frequent plassen wijst op een goede hydratie.

 

 

 

 

.

Waarom een sportdrank?

 

Voor de gewone amateursporter vormt water de enige echt noodzakelijke drank bij elke inspanning. Voor sporters met een intensief trainingsschema kunnen speciale sportdranken wel aangewezen zijn. Gewoon water heeft namelijk het nadeel dat het dorstgevoel snel verdwijnt, waardoor men spontaan minder zal drinken, en dat de urineproductie wordt gestimuleerd, waardoor men bijkomend vocht verliest.

Ook voor de amateursporter die langer dan één uur intensief sport, kan een speciale rehydraterende sportdrank (of dorstlesser) aangewezen zijn. Deze bevatten (een beperkte hoeveelheid) koolhydraten, zodat de glycogeenreserves van het lichaam gespaard worden en de bloedglucosespiegel op peil blijft. Dit is belangrijk (vooral voor inspanningen die langer dan één uur duren) omdat glycogeen en glucose de belangrijkste energieleverancier is.

En tekort aan koolhydraten heeft onvermijdelijk een negatieve weerslag op de prestaties. Ze bevatten ook mineralen (elektrolyten) zoals Natrium (Na+), Kalium (K+), Magnesium (Mg2+) en Chloor, waardoor het vocht sneller in het bloed opgenomen wordt dan bij gewoon water, en het bloedvolume beter gehandhaafd blijft.

Vooral dat laatste is belangrijk bij langdurige inspanningen die gepaard gaan met veel vochtverlies. Andere substanties worden vaak toegevoegd, maar dat is grotendeels om de smaak van de drank of de houdbaarheid te verbeteren (bv. citroenzuur).

Als algemene richtlijn kan worden gegeven:
• Tot een duurinspanning van 1/2 – 1 uur is geen speciaal drankregime nodig. In veel gevallen kan volstaan worden met water.
•Als de duurinspanning langer duurt, verdienen sportdranken de voorkeur.
•Drink zo’n 1/4-1/2 uur voor aanvang van de duurinspanning zo’n 250-500 ml.
•Drink ieder kwartier of om de 5 kilometer 150-200 ml.
•Zorg ervoor dat de drank die je drinkt koel is (zo’n 12-15°C).

 

 

 

 

 

Welke sportdrank?

 

De ideale sportdrank die in alle omstandigheden aan alle eisen voldoet bestaat niet. Bovendien zijn er persoonsgebonden verschillen en verschillende omstandigheden waarin men sport, zodat de concrete aanbeveling van persoon tot persoon en van tijdstip tot tijdstip kan verschillen.

Sportdranken worden vaak in twee categorieën ingedeeld: dorstlessers of rehydraterende dranken en energiedranken. Wanneer een drank 40 tot 80 gram koolhydraten per liter bevat, wordt het een dorstlesser genoemd. Onderzoek heeft aangetoond dat een drank die 60 tot 80 gram koolhydraten per liter bevat in veel gevallen ideaal is voor de aanvoer van zowel vocht als energie.

Een energiedrank bevat tussen 80-200 gram koolhydraten. Het nadeel van een energiedrank is dat deze de maaglediging kan remmen en daardoor de vochtopname kan remmen. Energiedranken zijn daarom alleen geschikt in situaties met minimaal vochtverlies (bv. koud weer) maar waar vooral een bijkomende aanvoer van koolhydraten nodig is.

 

 

 

 

 

Hypotoon, Isotoon, hypertoon

 

Een belangrijke factor bij de keuze van een sportdrank is de osmolaliteit of de osmotische druk. Dit duidt op het aantal deeltjes in een drank. Een hoge osmolaliteit betekent dat er veel deeltjes in zitten. Osmose is het verschijnsel dat water beweegt tussen de binnenzijde en buitenzijde van de celwand. Het water beweegt van het deel met minder opgeloste stoffen naar het deel met meer opgeloste stoffen.

De osmotische druk van een drank bepaalt in welke richting de vloeistof zich door een celmembraan heen (bijv. de darmwand) verplaatst. Drinkt men iets met een relatief grote osmotische druk, dan stroomt er water vanuit de bloedbaan en darmwandcellen naar de darmen. Bij een drank met een relatief lage osmotische druk is de richting omgekeerd: nu wordt er water (het drankje) uit de darmen opgenomen in de darmwandcellen en bloedbaan.

Op dit verschijnsel is het verschil in sportdrankjes hoofdzakelijk gebaseerd. De hoeveelheid opgeloste stoffen in sportdrank (zouten en suikers) wordt aangegeven met de termen hypotoon, hypertoon en isotoon.

1.Een hypotone drank heeft een relatief lage osmotische druk, wat betekent dat hij per 100 ml minder deeltjes (suikers en elektrolyten) bezit dan de eigen vochten van het lichaam. Doordat de drank meer verdund is, wordt hij sneller opgenomen dan water. Gemiddeld bevat een hypotone drank minder dan 4 g suiker per 100 ml.

2. Een isotone drank heeft dezelfde osmotische druk als het lichaamsvocht, wat betekent dat hij ongeveer hetzelfde aantal deeltjes (suikers en elektrolyten) bevat per 100 ml en daardoor even snel of sneller wordt opgenomen dan water. De meeste commerciële isotone dranken bevatten tussen 4 en 8 g suiker per 100 ml. In principe vormen isotone dranken het ideale compromis tussen het weer aanvullen van vocht en energie. Of u een hypotone dan wel isotone drank kiest, is tot op grote hoogte een kwestie van persoonlijke smaak. Sommigen vinden een isotone drank te geconcentreerd of krijgen er buikpijn van.

3. Een hypertone drank heeft een grotere osmotische druk dan het lichaamsvocht, aangezien hij per 100 ml meer deeltjes (suikers en elektrolyten) bevat, dat wil zeggen, geconcentreerder is. Daardoor wordt hij langzamer opgenomen dan gewoon water. Een hypertone drank bevat doorgaans meer dan 8g suikers per 100 ml.

 

De osmolaliteit van een drank kan een effect hebben op de maaglediging. Een hypertone drank zal langer in de maag blijven en daardoor minder vocht toevoeren dan een isotone of hypotone drank. Dranken met een hele hoge osmolaliteit moeten daarom vermeden worden, zeker in warme weersomstandigheden. Bovendien verhogen ze het risico op maag- en darmklachten.

Om die reden is vruchtensap geen goede sportdrank omdat de osmolaliteit veel te hoog ligt. Bovendien kan de aanwezige fructose voor darmklachten zorgen. Indien je toch vruchtensap drinkt, moet je het verdunnen met gewoon water.

 

 

 

 

 

Soorten koolhydraten

 

De meest voorkomende koolhydraten in sportdranken zijn glucose, fructose (vruchtensuiker) en maltodextrines. Een aantal dranken bevatten zetmeel (bv. Isostar Long Energy) of sucrose (bv. Gatorade). Maltodextrines en glucose zijn de beste energiebronnen en deze moeten het hoofdbestanddeel van de koolhydraten vormen.

Glucose (en saccharose) hebben het nadeel dat ze heel zoet zijn en een hoge osmolariteit hebben. Een oplossing van meer dan 5,5% glucose wordt hypertoon. Maltodextrine is een goede koolhydraatbron omdat het minder effect heeft op de osmolaliteit dan glucose en omdat het bijna geen smaak heeft. Zeker voor hoge concentraties koolhydraten verdienen maltodextrines de voorkeur.

Fructose heeft een zoete, fruitige smaak, maar heeft als nadeel dat het maag-darm problemen veroorzaakt wanneer het in grotere hoeveelheden wordt geconsumeerd. Daarnaast wordt fructose ook minder snel geoxideerd in het lichaam. Een kleine hoeveelheid fructose wordt vaak toegevoegd voor de smaak.

 

 

 

 

 

Natrium

 

Natrium is een essentieel bestanddeel van een sportdrank. Het verbetert de wateropname omdat natrium en koolhydraten samen geabsorbeerd worden in de darmen. Voor de absorptie van elke molecule glucose is een molecule natrium nodig. Wanneer glucose en natrium over de darmwand worden getransporteerd gaat dit gepaard met een beweging van water in dezelfde richting (osmose). Natrium en glucose trekken als het ware water met zich mee.

Ten tweede stimuleert natrium het dorstgevoel en zet daardoor tot drinken. Ook zorgt natrium er voor dat vocht beter wordt vastgehouden in het lichaam en niet verloren gaat via urine. Als men alleen water drinkt tijdens inspanning dan zou dit de natriumconcentratie in het bloed doen dalen, met als gevolg een toename van de urineproductie en dus ook een toename van vochtverlies.

Onderzoek heeft aangetoond dat de natriumverliezen tijdens inspanning tussen de 400 en 1100 mg per liter zweet bedragen. De inname van natrium zou daarom tussen de 400 en 1100 mg moeten liggen. Teveel natrium kan de maaglediging vertragen door een toename van de osmolaliteit.

Idealiter zou een sportdrank ongeveer 2,4 g NaCl (keukenzout) per liter moeten bevatten. Verdunde oplossingen van vruchtensappen of softdrinks voldoen niet aan die eis. Ook de commerciële sportdranken bevatten meestal minder NaCl.

.

 

 

 

Andere elektrolyten

 

De andere elektrolyten (o.a. Calcium, Kalium, Magnesium en Chloor) zijn minder belangrijk dan natrium. Bovendien verhogen ze de osmolaliteit met mogelijke maagdarmproblemen tot gevolg.Tenzij in extreme omstandigheden is het verlies aan elektrolyten tijdens inspanning zo miniem, dat ze gerust na de inspanning kunnen aangevuld worden.

Alleszins mag de hoeveelheid elektrolyten in een sportdrank niet hoger liggen dan wat normaal verloren gaat. Zo is bijvoorbeeld de aangeraden hoeveelheid kalium in sportdranken is 121- 225 mg per liter. Er zijn sportdranken op de markt die meer dan 5 keer zoveel kalium bevatten.

 

 

Vitamines

Vitamines hebben geen enkele functie in een sportdrank. Een vitaminetekort ontstaat niet binnen een tijdsspanne van enkele uren en een extra vitamineopname tijdens een inspanning heeft geen enkele invloed op het prestatievermogen. Bovendien verhogen vitamines de osmolaliteit van de drank, en hebben dus een negatieve invloed op de maaglediging.

 

 

Zuurtegraad

Vaak wordt citroenzuur of andere organische zuren toegevoegd om de smaak te verbeteren en de houdbaarheid te verhogen.
Een verhoogde zuurtegraad remt echter de maaglediging en kan maag-darmproblemen veroorzaken. Bovendien is een hoge zuurtegraad schadelijk voor het gebit.

 

 

 

 

 

 

De ideale dorstlesser tijdens sportbeoefening

 

•smaakt goed
•bevat 60 tot 80 gram koolhydraten
•40-110 mg% natrium
•12-22,5 mg% kalium
•heeft een osmolaliteit van <500 mOsmol/l
•bevat geen andere toevoegingen (gas, cafeïne, alcohol, vitamines, …).

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Kuren om het lichaam te ontgiftigen heeft weinig zin

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

Het aanbod aan kuren om het lichaam te ontzuren, te ontgiften of te ontslakken is groot. Wat wordt hiermee juist bedoeld? Meestal duidt het op een methode om het lichaam te zuiveren van schadelijke afvalstoffen, ook slakken genoemd.

 

 

 

 

Men doelt dan op onder meer conserveringsmiddelen, kleur- en smaakstoffen, nicotine, alcohol, koffie en andere zogenaamd verzurende voedingsmiddelen (zie ‘Kan je lichaam verzuren?’) maar ook op de vervuilde lucht die we inademen.

Door de aanwezige afvalstoffen zou het energieniveau van onze cellen verstoord worden wat vermoeidheid, futloosheid en andere vervelende ziektetoestanden tot gevolg kan hebben. Ontslakken is volgens sommigen nodig om de cellen te zuiveren, het energieniveau van ons lichaam te herstellen en onze gezondheid te bevorderen.
.
.
Hiertoe worden allerhande dranken en plantenextracten aanbevolen. Deze stellingen worden echter niet ondersteund door erkend wetenschappelijk onderzoek. Wanneer artsen, diëtisten en andere hulpverleners in de (para)medische sector met zulke informatie en vragen van de patiënten worden geconfronteerd is het belangrijk het kaf van het koren te kunnen scheiden. Een overzicht van de feiten en de fabels kan meer klaarheid brengen over dit populaire onderwerp.
.
.
.
.

Natuurlijke bescherming

 

Een gezond lichaam beschikt over de nodige capaciteiten om ongewenste stoffen buiten te houden en weg te werken. Het is quasi onmogelijk en ook niet nodig om deze processen extra te stimuleren. Om zo goed mogelijk in conditie te blijven, is het belangrijk dat er gezond wordt gegeten: voldoende, gevarieerd en evenwichtig. Zo krijgt het lichaam alle noodzakelijke voedingsstoffen binnen om optimaal te kunnen functioneren, dus ook inzake afvalverwerking.

De lever en de nieren spelen een belangrijke rol in het wegwerken van ongewenste stoffen die vervolgens via de urine of de gal worden uitgescheiden. Op die manier raakt het lichaam ook afvalstoffen kwijt die het zelf produceert. Volgens de richtlijnen van een goede voeding is matig zijn met alcohol belangrijk om beschadiging van de lever te vermijden.

In geval de lever of de nieren zijn aangetast door ziekte kunnen zij hun belangrijke taken minder goed of niet meer uitvoeren en kunnen lichamelijke klachten ontstaan. Desgevallend is een aangepaste behandeling nodig en geen ontslakkingskuur. Wie zich vermoeid en futloos voelt, wordt aangeraden zijn lichaam eens grondig te reinigen aan de hand van een ontslakkingskuur.

De oorzaak ligt dikwijls echter niet bij te veel afvalstoffen in het lichaam, maar aan te weinig slaap,
beweging of ontspanning of een tekort aan essentiële voedingsstoffen door een onevenwichtige of eenzijdig samengestelde voeding. Het feit dat men rustig de tijd neemt om een dergelijke kuur te volgen kan op zich al ontspannend, relaxerend en vitaliserend werken, los van de kuur.

 

 

Voldoende drinken

 

Water is niet alleen noodzakelijk als oplos- en transportmiddel van essentiële voedingsstoffen naar de diverse weefsels en cellen in het lichaam, maar ook van de afvalstoffen of metabolieten van de stofwisseling. Zonder dit transportsysteem en dus voldoende water kan het lichaam niet functioneren.

De wateruitscheiding wordt hoofdzakelijk door de nieren geregeld. Normaal wordt gemiddeld 1500 ml urine per dag uitgescheiden; dit kan meer of minder zijn naargelang er meer of minder vocht wordt opgenomen. Het minimumvolume dat dagelijks via de urine moet worden uitgescheiden is 300 tot 500 ml, zoniet kunnen de aanwezige afvalstoffen onvoldoende worden uitgescheiden.

Onder normale omstandigheden moet het lichaam per dag ongeveer 2,5 liter water aangeboden krijgen om het verlies aan vocht te compenseren, zijn waterbalans in evenwicht te houden en dus optimaal te kunnen functioneren. De vaste voeding brengt ongeveer 1 liter vocht aan. Dat betekent dat er nog anderhalve liter moet worden gedronken, bij voorkeur water.

 

 

Gezonde darmen

 

 

 

Ook een goede darmwerking is van belang. Een gezonde darm houdt schadelijke stoffen tegen. Een gezonde darmflora en voldoende voedingsvezels kunnen tevens schadelijke effecten van ongewenste stoffen neutraliseren of ze samen met de ontlasting naar de uitgang begeleiden. Eet daarom elke dag voldoende groenten, fruit en volkoren producten.

 

 

Kan je lichaam verzuren?

 

Er wordt gezegd: “Net zoals zure regen schadelijk is voor het milieu, zou een te hoge zuurtegraad schadelijk zijn voor het lichaam. Als het natuurlijke zuur-base-evenwicht in ons organisme te veel doorslaagt naar zuur, kunnen we uiteindelijk ziek worden. Diabetes, jicht en reuma zouden voor een groot deel door zo’n acidose worden veroorzaakt.

Daarom is een ontzuringskuur voor iedereen één keer per jaar aan te raden. Bovendien moet er worden gestreefd naar een basenrijke voeding. Tot de basische voedingsmiddelen behoren onder meer bijna alle groenten (behalve spruitjes,artisjokken, savooiekool en rijpe erwten), alle soorten kropsla, melk (het beste rauw en vers), fruit (vooral zoet fruit zoals bananen, vijgen, zoete appels, peren, rozijnen).

Zuurrijke voedingsmiddelen zijn koffie, thee, alcohol, vlees, vis, eieren, de meeste melkproducten (maar niet de melk zelf), zoetigheden, alle graansoorten behalve gierst en spelt, en noten. De zuurheid van een voedingsmiddel heeft met de smaak niets van doen.”

 

 

Wat is hiervan aan?

 

Het zuurgehalte van het bloed wordt op geen enkele manier beïnvloed door voedingsmiddelen die veel of weinig zuur bevatten. De zuurtegraad (de pH) van het bloed wordt los van de voeding door een aantal controlemechanismen in ons lichaam zeer nauw geregeld tussen 7,35 en 7,45. Een verhoging van het zuurgehalte in het bloed komt slechts voor in zeer ernstige, acute ziektetoestanden.

Bijvoorbeeld in het geval van een diabetische keto-acidose.  Door een tekort aan insuline wordt glucose niet opgenomen in de lichaamscellen en gaat het lichaam voor haar broodnodige energie over op de verbranding van vetten. Als gevolg hiervan ontstaan grote hoeveelheden acetonzuur en ketonlichamen die de zuurtegraad van het bloed negatief kunnen beïnvloeden en uiteindelijk tot een coma kunnen leiden.

Wie een strikt koolhydraatarm dieet volgt, kan ook verhoogde ketonwaarden in het bloed vertonen. Deze ketonlichamen verlaten het lichaam via de urine en de lucht die wordt uitgeademd. Deze ketose is op zich niet schadelijk zolang er geen acidose optreedt die gepaard gaat met extra verlies van natrium en kalium via de urine.

Een tweede type zuur dat het zuur-base-evenwicht van het lichaam kan wijzigen is melkzuur geproduceerd tijdens zeer zware spierinspanningen of afkomstig van weefsels die te weinig zuurstof krijgen (bijvoorbeeld in een toestand van shock bij een zeer lage bloeddruk).

 

 

Jicht en reuma

 

Er wordt nog al te vaak en volkomen onterecht een link gelegd tussen ‘zuur’ bloed en jicht en reuma. De bewering dat zure voedingsmiddelen jicht of andere reumatische aandoeningen zouden veroorzaken is uit de lucht gegrepen. Reuma is een verzamelnaam voor verschillende ziektebeelden die gepaard gaan met ontstekingsachtige processen in en rond spieren en gewrichten. De precieze oorzaken zijn niet altijd even duidelijk. Idem voor de rol van de voeding.

Jicht is een stofwisselingsziekte gekenmerkt door een langdurig verhoogd urinezuurgehalte in het bloed. Dit heeft echter niets te maken met het zuurgehalte van het bloed. In het bloed is 99 % van het urinezuur bovendien aanwezig in de vorm van uraat, het neutrale zout van urinezuur.

Naast urinezuur verlagende medicatie en het eventueel vervangen van risicoverhogende medicatie kunnen bijkomende voedingsrichtlijnen helpen de urinezuur waarden in het bloed onder controle te houden. Dat betekent twee tot drie liter per dag drinken (vooral water), geen alcohol en het gebruik van purinerijke voedingsmiddelen beperken (bv. orgaanvlees, sommige vissoorten, peulvruchten).

 

 

Besluit

 

Een of enkele keren per jaar een ontslakkingskuur kan ongezonde eet- en leefgewoonten niet goedmaken. Verschillende dagen niet eten, maaltijden overslaan of extreem weinig eten, zoals ontslakkingskuren meestal voorschrijven, is bovendien ongezond en kan zonder medische begeleiding of opvolging zelfs gevaarlijk zijn. Het idee van gewoon eens een dagje wat minder eten na een dagje te veel is een betere optie.

Wie gezond is, evenwichtig en gevarieerd eet en voldoende drinkt, kan op de natuurlijke en efficiënte afvalverwerking door het lichaam zelf rekenen. Extra hulpmiddelen zijn dan overbodig. Wanneer de natuurlijke afvalverwerking door het lichaam faalt door ziekte, is een medische behandeling nodig.

De beste manier om de blootstelling aan schadelijke hoeveelheden ongewenste stoffen te beperken is ten slotte gevarieerd eten en hygiënisch en veilig met het voedsel omgaan. Het Voedselagentschap (FAVV) kijkt erop toe dat de voedselproductie en -distributie aan de voorgeschreven veiligheidsnormen voldoet. De consument rest alleen nog om uit het ruime aanbod een evenwichtige en gevarieerde voeding samen te stellen volgens de richtlijnen van de actieve voedingsdriehoek.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Minder eten door kleine hapjes

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Eet je minder als je langzaam eet?

 

 

 

.
.
.
.

Kleine hapjes, af en toe je vork neerleggen, helpt dat echt om minder te eten? Ja, denken onderzoekers uit Engeland, Frankrijk en Nederland in een artikel in The American Journal of Clinical Nutrition. Zij bekeken 22 studies waarin de eetsnelheid werd gemanipuleerd. Hierna werd gekeken in welke situatie mensen het meest aten en of ze daarna nog hongergevoelens hadden.

Uit de analyse bleek dat langzaam eten inderdaad leidt tot een lagere calorie-inname, vergeleken met snel eten. De proefpersonen gaven aan dat ze geen honger meer hebben. Of ze nou snel hebben gegeten, of langzaam en dus minder. Het Nederlandse Voedingscentrum stipt aan dat deze onderzoeken zijn uitgevoerd in een onderzoeksomgeving, dus niet bij de mensen thuis aan de keukentafel.

Dus welke methoden om langzamer te eten echt werken, moet nog beter onderzocht worden. Maar met deze tips kunt u zelf proberen wat voor u werkt:

• Richt uw aandacht op uw eten en niet op de televisie, computer, telefoon of krant.
• Kauw elke hap goed.
• Kies niet voor makkelijk hap-slik-weg-eten, maar kies voor voedingsmiddelen die u goed moet kauwen.
• Gebruik een kleine lepel, dan neemt u kleinere hapjes.
• Eet met stokjes of met uw linkerhand, vooral in het begin gaat dit een stuk langzamer.
• Eet met mes en vork en leg het bestek na elke hap even neer.
• Neem pas de volgende hap als u de vorige hap hebt doorgeslikt.
• Drinken gaat veel sneller dan eten: pas daarom op met dranken met veel calorieën, dit kan heel snel aantikken.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Verdunningen en de inname van Bachbloesems

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

pipetflesjedef2

 

.

 

De verschillende vormen van Bachbloesem verdunningen

.

Een Bachbloesem doorloopt drie stappen voordat hij wordt ingenomen. Je kunt dit verdunning noemen, maar omdat het energie-middelen zijn neemt de kracht hierdoor niet af. De drie stappen zijn:

.

Stap 1: de moedertinctuur.
Elders op deze blog wordt vermeld hoe een moedertinctuur wordt gemaakt.
De moedertinctuur is normaliter niet te koop, maar wordt door de producenten gebruikt voor stap 2.

Stap 2: het voorraadflesje.
Dit zijn de flesjes zoals ze in de winkel te koop zijn. Bach maakte de voorraadflesjes door 2 druppels moedertinctuur toe te voegen aan 30 ml cognac (“brandy”).
Meestal neem je deze druppels niet rechtstreeks in, maar gebruik je ze voor stap 3.

Stap 3: het behandelflesje.
Dit zijn de flesjes zoals een Bach-therapeut ze meestal klaarmaakt. Als je weet welke remedies je nodig hebt kun je dat natuurlijk ook zelf. Eén of meer remedies worden toegevoegd aan schoon bronwater, en zijn dan klaar voor gebruik. Voor de houdbaarheid kun je nog 1 of 2 ml (4-8 druppels) cognac toevoegen. Meestal is het een flesje van 30 ml, en dat is bij “normaal” gebruik genoeg voor ca. 30 dagen.

 

.

Een Bachbloesem innemen

.

Bachbloesems kun je op verschillende manieren innemen, vanuit een voorraadflesje of vanuit een behandelflesje. Voorraadflesjes zijn de flesjes zoals je die in de winkel koopt, een behandelflesje maak je zelf.

 

1.
Wanneer je even ondersteuning nodig hebt bij een kortdurende situatie, dan kun je van iedere remedie die je wil gebruiken twee druppels uit het voorraadflesje toevoegen aan een glas water, en in de loop van de dag steeds een klein slokje uit dat glas nemen.

 

2.
Voor een langdurige situatie maak je eerst een behandelflesje, als volgt:
Vul een 30 ml pipetflesje bijna met schoon, niet bruisend bronwater (bijv. Spa blauw) en voeg van iedere remedie die je wil gebruiken twee druppels uit het voorraadflesje toe.

Voor de houdbaarheid kun je nog een klein beetje cognac toevoegen. Een halve milliliter (=8 druppels) is al genoeg. Vanuit dit behandelflesje neem je 4 keer per dag 4 druppels. Dat kan rechtstreeks uit het pipetje, maar ook door ze in koffie, thee of water te doen. Pas op dat het pipetje schoon blijft.

Vier keer per dag betekent bij het opstaan, bij het slapen gaan, en op twee momenten gedurende de dag, bijvoorbeeld bij het middag- en avondmaal. Je mag dat combineren met eten en drinken, maar het is goed om ze wel met aandacht te nemen. Richt je aandacht op de situatie die je wil veranderen.

 

3.
In plaats van 4 druppels uit het behandelflesje mag je ook ook 2 druppels (per remedie) uit het voorraadflesje gebruiken. Dit is echter veel duurder, en het werkt NIET krachtiger. Als je even geen pipetflesje hebt, kies dan voor methode 1.

Alleen van “Rescue Remedy” (of “Five Flower Remedy”) neem je vier druppels i.p.v. twee.

 

 

Het heeft geen zin om de genoemde hoeveelheden te vergroten, daar wordt de werking niet krachtiger van. Bachbloesems zijn energetische remedies, de werking is gebaseerd op het in aanraking komen met de energie en dat is voldoende. Wat wel kan helpen is om een Bachbloesem vaker in te nemen. In een crisis-situatie mag dat best iedere 5 minuten zijn. Naarmate de situatie verbetert kun je dan de tussenpozen vergroten, totdat je op vier keer per dag uitkomt.

Ook wanneer je de situatie tegenkomt waar de remedie voor bedoeld is, kun je gerust een keer extra gebruiken. In sommige gevallen kunnen Bachbloesems onmiddellijk resultaat hebben, in andere gevallen is langduriger gebruik nodig. Zeker bij situaties die al lang bestaan kan één tot drie maanden gebruik nodig zijn. Wanneer een situatie verandert kan het zinvol zijn om ook de samenstelling van de remedie aan te passen.

 

.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

 

 

 

De Dahlia

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Dahlia

 

Een verzameling kleine blaadjes die samen een prachtig geheel vormen: dat is de dahlia. Deze veelzijdige seizoensbloem biedt in kleur, vorm en grootte heel wat keuze.

 

 

 

 

 

 

 

 

Waar komt de dahlia vandaan?

 

De dahlia is een van oorsprong Mexicaans knolgewas dat rond 1800 meegenomen werd van Amerika naar Europa. Hier werd de blaadjesbol vernoemd naar de Zweedse botanicus Andreas Dahl. Sinds 1813 wordt de dahlia door professionele kwekers geproduceerd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleuren en vormen van de dahlia

 

Het meest opvallend aan de dahlia zijn de bloemblaadjes: soms effen van kleur, maar vaak opvallend fel met spikkels of streepjes. Sommige bloemen hebben één rij met blaadjes, andere bestaan uit tientallen blaadjes. De prachtige bloem heeft echt veel kleur- en vormvariaties. De blaadjes zijn bijvoorbeeld rond, sprietig of opgerold. Er zijn dahlia’s die wel 1,5 meter lang zijn en een bloemdiameter hebben van meer dan 20 cm.

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe dahlia’s verzorgen?

 

Met deze tips geniet je optimaal van je dahlia’s:

 

Vul een schone vaas met kraanwater op kamertemperatuur.

Voeg snijbloemenvoedsel aan het water toe voor een langere houdbaarheid.

Snijd de bloemstelen 3-5 cm schuin af met een scherp en schoon mesje.

Zorg ervoor dat er geen bladeren in het water hangt.

Zet dahlia’s niet in de tocht, in de volle zon, bij de verwarming of dicht bij een fruitschaal.

Vul de vaas regelmatig bij met kraanwater, want dahlia’s drinken bijzonder veel.

 

 

 

 

 

 

 

 

Zo maak je een boeket met dahlia’s

 

De Viburnum, Leucospermum nutans en Senecio cineraria combineren perfect met de stralende kronen van de dahlia. De prachtige felle kleuren komen nog beter uit tussen het warme groen. Zo creëer je een Mexicaans feestje in je vaas.

 

 

 

 

 

 

 

 

Symboliek van de dahlia

 

Dahlia’s staan symbool voor weelde, kracht en voor de boodschap ‘voor altijd de jouwe’. Met de vele bloemkleuren en -vormen kan je met de dahlia je attentie nog persoonlijker maken.

 

 

dahlia en clematis

 

 

bruidsboeket