Tagarchief: heilig

God heeft vele eigenschappen

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 De betekenis

 

In onze harten weten we dat het niet voldoende is om “God” te volgen. Het woord God kan tegenwoordig zo veel verschillende dingen betekenen dat het eigenlijk erg weinig betekenis meer heeft. Als we gewoon in ons eigen hoofd gaan bepalen hoe Hij is, dan doen we niets anders dan een afgod in onze gedachten scheppen.

 

 

memory-eigenschappen-van-god-225x300

 

 

 

De basis

 

Jezus kwam om de God van de Bijbel te openbaren, terwijl God Zichzelf in Zijn boek heeft geopenbaard. Elke afwijking daarvan in ons begrip van Hem is een verzonnen god. De Bijbel zegt dat we God moeten prijzen voor wie Hij is, vooral in gebed. Een groot gedeelte van de Psalmen legt zich hierop toe. De meeste mensen concentreren zich in hun lofprijzing te veel op een beperkt aantal aspecten, zoals Gods liefde, en gebruiken de rest van hun gebeden om dingen van Hem te vragen.

 

 

 

 De karakteristieken

 

 

Wijsheid

 

“Wijsheid is het vermogen om perfecte doelen te stellen en om deze doelen op de meest perfecte manier te bereiken”. God maakt geen fouten. Hij is de Vader die het echt het beste weet, zoals Paulus in Romeinen 11:33 uitlegt: “O onpeilbare rijkdom van Gods wijsheid en kennis! Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn beslissingen, hoe onnaspeurlijk zijn wegen!”

 

 

 

Oneindigheid

 

God kent geen grenzen. Hij is onmetelijk. Deze eigenschap heeft per definitie gevolgen voor alle andere eigenschappen van God. Omdat God oneindig is, moeten ook al Zijn andere eigenschappen oneindig zijn.

 

 

 

Oppermacht

 

Dit is “de eigenschap waarmee Hij over Zijn hele schepping heerst”. Het is de toepassing van Zijn andere eigenschappen van alwetendheid en almachtigheid. Deze eigenschap geeft Hem de absolute vrijheid om datgene te doen, waarvan Hij weet dat dit het beste is. God heeft de controle over alles wat er gebeurt. Maar de mens heeft nog steeds een vrije wil en is nog steeds verantwoordelijk voor de keuzes in zijn leven.

 

 

 

Heiligheid

 

Dit is de eigenschap die God onderscheidt van alle andere, geschapen wezens. Deze heeft betrekking op Zijn verhevenheid en Zijn perfecte morele reinheid. Er bestaat absoluut geen enkele zonde of boosaardige gedachte in God. Zijn heiligheid is de definitie van wat rein en rechtvaardig is, in het hele universum. Steeds als God zich ergens vertoont, zoals aan Mozes in de brandende doornstruik, dan wordt die plaats heilig omdat God er is geweest.

 

 

slide_16

 

 

 

Drie-eenheid

 

Ook al wordt dit woord niet in de Bijbel gebruikt, toch is de waarheid in de Bijbel opgenomen dat God Zichzelf in drie Personen openbaart. De Vader, de Zoon en de Heilige Geest worden alle drie God genoemd, worden als God aanbeden, bestaan eeuwig en zijn betrokken bij zaken die alleen God kan doen. Maar, ook al openbaart God Zichzelf in drie Personen, toch is God Eén en kan Hij niet worden gesplitst. De drie Personen zijn er allen volledig bij betrokken wanneer Eén van de Drie actief is.

 

 

 

Alwetendheid

 

“God weet alles en heeft daarom geen behoefte aan nieuwe kennis. God heeft nooit iets geleerd en kan niet leren.” Alwetendheid betekent “alles wetend”. God weet alles en Zijn kennis is daarom oneindig. Het is onmogelijk om iets voor God verborgen te houden.

 

 

 

Trouw

 

Alles wat God heeft beloofd zal plaatsvinden. Zijn trouw garandeert dit. Hij liegt niet. Wat Hij in de Bijbel over Zichzelf heeft gezegd is waar. Jezus zei zelfs dat Hij de Waarheid is. Dit is extreem belangrijk voor volgelingen van Jezus, omdat onze hoop op eeuwig leven juist op Zijn trouw berust. Hij zal Zijn belofte dat onze zonden zullen worden vergeven en dat wij eeuwig met Hem zullen leven in ere houden.

 

.

 

Liefde

 

Liefde is een zo belangrijk onderdeel van Gods karakter dat de apostel Johannes schreef: “God is liefde”. Dit betekent dat het welzijn van anderen Zijn grootste zorg is. Als je een volledige definitie van “liefde” wil ontdekken, lees dan 1 Korintiërs 13. Als wij liefde in actie willen zien, dan kunnen we het leven van Jezus bestuderen. Zijn offergave aan het kruis voor de zonden van anderen is de hoogst mogelijke liefdesdaad. Gods liefde is geen liefde die uit emoties bestaat, maar een liefde die uit daden bestaat. Zijn liefde wordt vrijelijk aan Zijn geliefden gegeven die er voor kiezen om Zijn zoon Jezus te volgen.

 

 

De Drievuldigheid en de mens

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Almachtig

 

Dit woord betekent letterlijk al-machtig. Omdat God oneindig is en omdat Hij macht heeft, heeft Hij oneindige macht. Hij staat weliswaar toe dat Zijn schepselen een zekere macht bezitten, maar dit doet op geen enkele manier af aan Zijn eigen macht. “Hij verbruikt geen hoeveelheid energie die weer aangevuld zou moeten worden”. Wanneer de Bijbel ons vertelt dat God op de zevende dag rustte, dan is dit om ons een voorbeeld te geven van de rust die wij nodig hebben, niet omdat Hij Zelf moe was.

 

 

 

Onveroorzaakt

 

Toen Mozes vroeg wie in de brandende doornstruik met hem in gesprek was, zei God: “IK BEN DEGENE DIE ER ALTIJD IS.” God heeft geen begin en geen einde. Hij bestaat gewoon. Niets anders in het hele universum is onveroorzaakt. Als er iets zou bestaan dat God had geschapen, dan zou dat andere iets Goddelijks zijn. Voor onze menselijke geesten is dit moeilijk te bevatten, omdat alle andere dingen in onze ervaringswereld uit iets anders dan zichzelf afkomstig zijn. De Bijbel zegt: “In het begin schiep God”. Hij was er al.

 

 

 

Zelfvoorzienend

 

De Bijbel zegt dat God in Zichzelf leven heeft (zie Johannes 5:26). Al het andere leven in het universum is een geschenk van God. Hij heeft nergens behoefte aan en er is geen enkele manier waarop Hij zou kunnen verbeteren. Voor God is niets anders noodzakelijk. Hij heeft onze hulp nergens voor nodig, maar vanwege Zijn barmhartigheid en Zijn liefde laat Hij ons deel uitmaken van de ontvouwing van Zijn plan op aarde en staat Hij ons toe om een zegen voor anderen te zijn. Wij zijn degenen die veranderen, God verandert nooit. Hij is zelfvoorzienend.

 

 

 

Rechtvaardig

 

De Bijbel zegt dat God rechtvaardig is, maar Zijn karakter is juist wat ons vertelt wat rechtvaardigheid werkelijk inhoudt. Rechtvaardigheid verschaft iedereen een morele gelijkheid. Wanneer slechte dingen worden gedaan, dan eist de gerechtigheid dat er een straf wordt uitgedeeld. Omdat God perfect is en nooit enig kwaad heeft begaan, zou er voor Hem nooit een straf nodig zijn. Vanwege Zijn grote liefde heeft God de straf voor onze kwaadaardige daden op Zich genomen door Zelf naar het kruis te gaan. Er moet aan Zijn rechtvaardigheid voldaan worden, voor alle mensen die in Jezus willen geloven heeft Hij hier Zelf voor gezorgd.

 

 

 

Onveranderlijk

 

Dit betekent eenvoudigweg dat God nooit verandert. Daarom zegt de Bijbel: “Jezus Christus is dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid.”

 

 

PUUR-Vandaag.28

 

 

 

Barmhartig

 

“Barmhartigheid is de eigenschap van God die Hem actief genadig maakt”. Omdat door Jezus aan Gods gerechtigheid werd tegemoetgekomen, staat het Hem vrij om genadig te zijn voor alle mensen die ervoor kiezen Hem te volgen. Deze genade zal nooit ophouden omdat het een onderdeel van Gods aard is. Barmhartigheid is de manier waarop Hij verlangt met de mensheid om te gaan. Hij zal dit daarom ook doen, tenzij een mens er zelf voor kiest om God te verachten of te negeren. Als dat het geval is, dan wordt Zijn gerechtigheid Zijn meest prominente eigenschap.

 

 

 

Eeuwig

 

Dit feit over God is in enkele opzichten eender aan Zijn zelfvoorzienigheid. God is er altijd al geweest en zal er ook altijd zijn, omdat Hij Zich in de eeuwigheid bevindt. De tijd is Zijn schepping. Daarom kan God het einde al vanaf het begin zien en daarom wordt Hij nooit door iets verrast. Als God niet eeuwig zou zijn, dan zou Zijn belofte van eeuwig leven voor de volgelingen van Jezus van weinig waarde zijn.

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Goed

 

“De goedheid van God is wat Hem vriendelijk, schappelijk, welwillend en vol goedheid ten opzichte van de mens maakt”. Deze eigenschap van God verklaart waarom Hij Zijn volgelingen zegent. Gods daden definiëren wat goedheid is en we kunnen dit zonder moeite waarnemen in de manier waarop Jezus met de mensen om Hem heen omging.

 

 

 

Genadig

 

God geeft graag grote geschenken aan de mensen die van Hem houden, zelfs als zij dat niet verdienen. Genadigheid is het woord waarmee we deze houding beschrijving. Jezus Christus is het kanaal waardoor Zijn genadigheid zich beweegt. De Bijbel zegt: “Want is de wet gegeven door Mozes, de genade en de waarheid zijn gebracht door Jezus Christus.”

 

 

 

Alomtegenwoordig

 

Deze term betekent: “altijd aanwezig”. Omdat God oneindig is kent Zijn wezen geen grenzen. Het is dus duidelijk dat Hij overal aanwezig is. Deze waarheid wordt ons door de Bijbel met de woorden “Ik ben met jullie” onderwezen, die in zowel het Oude als het Nieuwe Testament 22 keer worden herhaald. Dit waren zelfs Jezus’ geruststellende woorden juist nadat Hij Zijn discipelen de opdracht had gegeven om Zijn boodschap over de hele wereld te verspreiden. Dit is ongetwijfeld een geruststellende waarheid voor alle mensen die Jezus volgen.

 

 

 

De conclusie

 

Dit is de beschrijving van de God van de Bijbel. Alle andere ideeën over God zijn, volgens de Bijbel, afgoden. Zij komen voort uit het voorstellingsvermogen van de mens. Door over de eigenschappen van God te leren, kun je God prijzen voor wie Hij werkelijk is en voor de manier waarop al Zijn eigenschappen jouw leven op een positieve manier beïnvloeden.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

 

 

Franciscus van Assisi

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

Franciscus

 

 

Franciscus werd geboren in Assisi. Aanvankelijk was hij populair, maar nadat hij wegens een slechte gezondheid weinig mensen meer zag  raakte hij zijn vertrouwen in de mensheid kwijt. Hij besloot om zijn heil meer te zoeken in een goede band God. Hij trok zich terug uit het wereldse leven en leefde in volledige armoede. Hij ging vervolgens rondtrekken om het woord van God te verspreiden. De ideeën van Franciscus sloegen bij veel mensen aan en uiteindelijk stichtte Franciscus de Franciscaner orde.

Er gaan verschillende legendes over Franciscus’ liefde voor de natuur. Het beroemdste verhaal is dat hij eens een preek tegen de vogels heeft gehouden. Hij was onderweg met een aantal metgezellen en merkte dat de vogels om hen heen heel veel lawaai maakten. Toen besloot hij om een preek tegen de vogels te houden. Toen hij begon met preken stopten alle vogels met fluiten en gingen dicht om Franciscus heen zitten.

 

 

 

 

Een ander verhaal over Franciscus en zijn goede band met de dieren stamt uit de stad Gubbio. Daar was een agressieve wolf die veel mensen had aangevallen en de bewoners veel schrik aanjoeg. Daarom besloot Franciscus het bos in te gaan waar de wolf woonde. Hij vond de wolf, die op het punt stond om hem aan te vallen. Toen Franciscus een kruis omhoog hield en tegen de wolf begon te preken, ging het dier voor Franciscus zitten en luisterde aandachtig.

Franciscus vertelde de wolf dat hij op moest houden de mensen aan te vallen, waarop de wolf te kennen gaf dit inderdaad te zullen doen. Daarna had niemand in de stad Gubbio meer last van de wolf. Uiteindelijk hebben deze en andere verhalen er toe geleid dat Franciscus de beschermheilige van de dieren is geworden. Hij beschouwde alle schepsels in de natuur als zijn broeders en zusters, en niet alleen de mensen. Hij stierf als gevierd geestelijke op 4 oktober 1226. In 1228 werd hij heilig verklaard door de katholieke kerk.

 

 

Francisus van Assisi leidt de wolf naar het dorp Gubbion. Ilustratie uit 1912. (foto Wikimedia)

 

 

 

Preek voor vogels

 

Franciscus’ houding tegenover dieren komt mooi naar voren in het onderstaande citaat dat aan hem wordt toegeschreven:

“Alle schepselen op aarde voelen als wij, streven naar geluk als wij. God wenst dat wij de dieren bijstaan wanneer ze hulp nodig hebben. We hebben een hogere opdracht door ze van dienst te zijn wanneer ze ons nodig hebben. Mensen die enig schepsel Gods uitsluiten van hun compassie en medelijden zullen op soortgelijke wijze handelen tegenover hun medemensen.”

Naast Franciscus’ compassie voor dieren is er de legende dat hij met dieren kan praten. Zo zijn er verhalen over een preek van Franciscus voor een groep vogels. In plaats van weg te vliegen, luisteren ze – volgens het verhaal – aandachtig naar zijn redevoering.

 

 

 

 Waarom de openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij.‘’

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt.‘’

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

De diepere betekenis van cijfers in de Bijbel

Standaard

Categorie: religie

 

 

 

 

 

De symbolische betekenis van getallen in de Bijbel

 

In de verhalen van de Bijbel komen cijfers en getallen voor. Er wordt in veel verhalen geteld. De getallen en cijfers in het Oude en Nieuwe Testament van de Bijbel hebben soms een heel letterlijke en concrete betekenis, maar tegelijkertijd kunnen deze cijfers ook een symbolische, diepere betekenis hebben. Door het gebruik van getallen en cijfers hebben de Bijbelschrijvers een boodschap uit willen dragen. Tellen in de Bijbel heeft te maken met geloven. Getallen die veel gebruikt worden door de Bijbelschrijvers hebben hun eigen diepere betekenis voor de gelovigen.

 

 

De diepere betekenis van cijfers in de Bijbel

 

Veel getallen en cijfers die in de Bijbel voorkomen hebben een symbolische betekenis. Ze verwijzen naar een diepere geloofswerkelijkheid. Elk getal heeft zijn eigen betekenis.

 

 

Het getal één – 1

 

Het getal één is een kernwoord uit de geloofsbelijdenis van het volk van Israël: ‘Luister, Israël! De HEERE, onze God, de HEERE is één!’ (Deutoronomium 6: 4). In het getal één wordt de volmaaktheid en uniciteit van God benadrukt. Ook voor de apostel Paulus is het duidelijk dat God één is. Bij hem krijgt de eenheid van God ook gestalte in Jezus Christus. In de brief die hij schrijft aan Timoteüs staat: ‘Want er is één God. Er is ook één Middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus’ (1 Timoteüs 2:5). In de brief aan de gemeente van Efeze schrijft Paulus: ‘één lichaam en één Geest, zoals u ook geroepen bent tot één hoop van uw roeping, één Heere, één geloof, één doop, één God en Vader van allen’ (Efeze 4: 4-6).

 

 

Het getal twee – 2

 

Het getal twee duidt op gemeenschap. Het is een aanduiding van het paarsgewijs voorkomen. Het getal twee is het symbool van de eenheid tussen twee mensen. Deze eenheid is te zien in het huwelijk, waarin in twee tot één worden: ‘Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zich aan zijn vrouw hechten; en die twee zullen tot één vlees zijn, zodat zij niet meer twee zijn, maar één vlees’ (Marcus 10: 7-8). Twee is dan het getal van het contrast en de aanvulling: zon en maan, man en vrouw, dag en nacht, de dieren in de ark twee aan twee. Jezus zendt zijn leerlingen er paarsgewijs op uit om het Koninkrijk van God te verkondigen: ‘En Hij riep de twaalf bij Zich en begon hen twee aan twee uit te zenden’ (Marcus 6:7). Het getal twee komt ongeveer 564 keer voor in de Bijbel. Dat is het aantal verzen waarin het getal twee wordt genoemd. Het kan zijn dat dit getal hoger uitkomt, omdat bijvoorbeeld het getal twee meerdere malen gebruikt wordt in een Bijbelvers. Twee duidt ook in de Bijbel op getuigenis!

 

 

Het twee maal noemen van de naam

 

Op verscheidene plaatsen in de Bijbel wordt de naam van een persoon twee keer achter elkaar genoemd. Als dat gebeurt duidt dat een bijzondere roeping op een cruciaal moment aan. Toen Abraham zijn hand uitstrekte om zijn zoon met het mes te doden om hem zo te offeren, greep God in door het twee maal noemen van zijn naam: ‘Maar de Engel van de HEERE riep tot hem vanuit de hemel en zei: Abraham, Abraham!’ (Genesis 22:11). Mozes werd geroepen bij de brandende doornstruik: ‘Toen de HEERE zag dat hij ging kijken, riep God tot hem uit het midden van de doornstruik en zei: Mozes, Mozes!’ (Exodus 3: 6). Zo werd de naam geroepen van Samuël (1 Samuel 3:10), Martha (Lucas 10:41), Simon (Lucas 22:31) en Saul: ‘Saul, Saul, waarom vervolgt u Mij?’ (Handelingen 22:7).

 

 

 

Het getal drie – 3

 

Het getal drie wordt in de Bijbel op drie verschillende manieren gebruikt: als telwoord, als tijdsaanduiding en in de drievoudige herhaling als stijlfiguur. Als telwoord komt het getal drie het meest voor. Drie is het getal dat verwijst naar de drie personen die in God te onderscheiden zijn: de Drie-eenheid. Deze drie personen, Vader, Zoon en Heilige Geest noemt Jezus als hij zijn leerlingen uitzendt: ‘Ga dan heen, onderwijs al de volken, hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest’ (Matteüs 28:19). Het getal drie komt 305 keer voor in de Bijbel.

 

 

De kracht van de drievoud

 

In Prediker 4:12 staat: ‘En als iemand de één overweldigt, zullen die twee tegen hem standhouden. Een drievoudig snoer wordt niet snel gebroken’. Deze kracht van het drievoudige wordt in de Bijbel veelvuldig toegepast: ‘En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie’ (1 Korinthe 13: 13). ‘Want drie zijn er die getuigen in de hemel: de Vader, het Woord en de Heilige Geest; en deze drie zijn één. En drie zijn er die getuigen op de aarde: de Geest, het water en het bloed; en deze drie zijn één’ (1 Johannes 5: 7,8). Met enige regelmaat komen er in de Bijbel groepen van drie personen genoemd: de drie zonen van Noach, de drie goddelijke bezoekers bij Abraham, de drie vrienden van Job, de drie vrienden in de brandende oven (Daniël 3).

 

 

 

De derde dag

 

In de derde dag wordt het getal drie gebruikt als tijdsaanduiding. De derde dag is in de Bijbel de dag van de ommekeer. Het is een bijzondere dag. Een dag waarop ‘het’ gaat gebeuren. De derde scheppingsdag was de enige scheppingsdag waarop God tweemaal zag dat het goed was (Genesis 1: 9-12). De derde dag is de dag waarop Abraham aankomt op de plaats om zijn zoon te offeren (Genesis 22:4). De derde dag is in de Bijbel de dag van het definitieve. Dan wordt een periode van wachten afgerond. Alles wordt dan ten goede gekeerd. De derde dag is de dag van de opstanding. ‘Na twee dagen zal Hij ons levend maken, op de derde dag zal Hij ons doen opstaan. Dan zullen wij voor Zijn aangezicht leven´ (Hosea 6:2). Jezus is op de derde dag opgestaan uit de dood. ‘Hij is ten derde dage opgewekt naar de Schriften’ (1 Korinthe 15:4).

Jezus heeft het zelf veelvuldig over die derde dag gehad (Matteüs 16:21, Matteüs 17:23, Matteüs 20:19, Lucas 9:22, Lucas 18:33). Hij verwijst daarin bijvoorbeeld naar de profeet Jona (Matteüs 12:39). ‘Jona was drie dagen en drie nachten in het binnenste van de vis’ (Jona 1: 17)’. Verder was het de derde dag dat Jezus in Kana van water wijn maakte (Johannes 2:1). Jezus zei: ´en op de derde dag word Ik voleindigd´ (Lucas 13:32). Paulus vast nadat Jezus hem verscheen toen op weg naar Damascus was. ‘En gedurende drie dagen kon hij niet zien, en at en dronk hij niet’ (Handelingen 9:9). Op de derde dag komt de voltooiing, de vervulling. De derde dag is in de Bijbel de dag der dagen.

 

 

 

De drievoudige herhaling als stijlfiguur

 

In de Bijbel komen vaak herhalingen voor. Herhalingen komen in de Bijbel vaker voor dan in moderne literatuur. Deze herhalingen kunnen soms wel eens saai overkomen, maar ze zijn wel van betekenis. In het verhaal van de roeping van Samuël wordt de jonge Samuël drie keer door God geroepen. De eerste twee keer gaat Samuël naar Eli. De derde keer luistert Samuël naar God (1 Samuël 3). Een ander voorbeeld is Bileam. Hij is op reis om het volk Israël te vervloeken. De ezelin waarop hij rijdt wil niet naar hem luisteren omdat zij een engel op de weg ziet. De eerste twee keer slaat Bileam de ezelin zodat zij verder gaat. De derde keer gaat het anders: ‘Toen opende de HEERE de mond van de ezelin en ze zei tegen Bileam: Wat heb ik u misdaan, dat u mij nu driemaal geslagen hebt?’ (Numeri 22:28).

Net als bij de derde dag is het bij de drievoudige herhaling de derde keer dat de omslag komt. Na drie keer Jezus te hebben verzocht in de woestijn laat de duivel hem met rust (Matteüs 4: 1-11, Lucas 4: 1-13). Jezus bad in de tuin Gethsemané drie keer of het lijden aan hem voorbij mocht gaan, daarna wist hij zeker welke weg God met hem wilde gaan (Matteüs 26:30, 36-46, Marcus 14:26, 32-42, Lucas 22:39-46). Nadat Petrus Jezus drie maal verloochende, kraaide de haan (Johannes 13:38; 18:26, 27). De stadhouder Pontius Pilatus verklaart drie keer dat Jezus onschuldig is (Johannes 18:38, 19: 4, 6). Jezus vraagt na zijn opstanding drie keer aan Petrus of hij van Hem houdt (Johannes 21:15 en verder). Petrus krijgt drie maal het zelfde visioen (Handelingen 10:9-16).

 

 

Het getal vier – 4

 

Vier is het getal dat verwijst naar volkomenheid en wereldwijde boodschap. In de joodse traditie wordt de naam van God met vier letters weergegeven, het tetragram ‘JHWH’. Vier wijst naar de vier windrichtingen, de vier evangeliën. In het Bijbelboek Daniël komen vier dieren voor die verwijzen naar vier perioden in de wereldgeschiedenis. ‘Die grote dieren, die vier in getal zijn, zijn vier koningen’ (Daniël 7:17). Deze vier dieren zijn door de vroege kerk ook verbonden met de vier evangelisten, Matteüs, Marcus, Lucas en Johannes. Het getal vier wordt door de Bijbelschrijvers 177 keer gebruikt.

 

 

Het getal vijf – 5

 

Het getal vijf zou kunnen verwijzen naar de vijf boeken van Mozes, de Thora. De vijf broden en twee vissen (Johannes 6:1-15) die bij de wonderbaarlijke spijziging de mensen tot voedsel is, kan verwijzen naar de vijf boeken van Mozes en de twee stenen tafelen waar de Wet op geschreven staat. Het getal vijf wordt in de oudheid in verbinding gebracht met het huwelijk. De bruid en de bruidegom namen elk vijf vrienden mee naar het feest. Wellicht verwijst deze symboliek ook naar de gelijkenis van de vijf wijze en de vijf dwaze meisjes (Matteüs 25: 1-13). Het getal vijf komt in de Bijbel 131 keer voor.

 

 

Het getal zes – 6

 

Het getal zes staat symbool voor de mens als een onvolmaaktheid wezen. Zes staat in de Bijbel ook voor moeite en arbeid. God schiep de aarde in zes dagen (Genesis 1). In de tien geboden krijgt de mens de opdracht op zes dagen te werken. ‘Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen’ (Exodus 20: 9). Of zoals in het evangelie van Lucas staat: ‘Er zijn zes dagen waarop men moet werken’ (Lucas 13: 14). De onvolmaaktheid van de mens in het getal zes komt ten volle tot uitdrukking in het Bijbelboek Openbaring. Daar krijgt Johannes een visioen waar in het gaat over het beest: ‘Wie verstand heeft, laat hij het getal van het beest berekenen, want het is een getal van een mens, en zijn getal is zeshonderdzesenzestig’ (Openbaring 13:18). Het getal van het beest is drie zessen naast elkaar: 666. Het getal zes komt in de Bijbel 92 keer voor.

 

 

 

 

 

Het getal zeven – 7

 

Het getal zeven speelt een belangrijke rol in de Bijbel. Het getal zeven is een heilig getal. Het staat voor de volmaaktheid van Gods handelen: de zeven dagen van scheppingsweek (Genesis 1-2:3), de zeven dagen die er in een week zijn (Exodus 20: 15, Leviticus 23: 8). De zevende dag is heilig. Het is een dag voor gewijd aan God. Het zevende jaar is heilig en na zeven maal zeven jaar is er een jubeljaar (Leviticus 25: 7-13). Het feest van de ongezuurde broden duurt zeven dagen: ‘Eet zeven dagen lang ongedesemd brood, en vier op de zevende dag feest ter ere van de HEER’ (Exodus 13:6). Zeven is het aantal van de reine dieren die in de ark van Noach meegaan (Genesis 7: 2-9).

Simson de richter had zeven vlechten en hij liet zich boeien met zeven pezen (Rechters 16). Johannes krijgt als hij op Patmos is van Jezus de opdracht om zeven zendbrieven te schrijven (Openbaring 2-3). In datzelfde boek wordt gesproken over ‘de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn’ (Openbaring 1: 4). Het getal zeven komt veelvuldig voor in het boek Openbaring. Zo schrijft Johannes over zeven engelen, zeven zegels, zeven bazuinen, zeven schalen, zeven plagen. Johannes ziet Jezus als het lam van God met zeven horens en zeven ogen (Openbaring 5:6-10) Veel van wat in de Bijbel zevenvoudig wordt voorgesteld is heilig en heeft een bijzondere betekenis. Het getal zeven komt vaak voor in de Bijbel: 294 keer.

 

 

Het getal acht – 8

 

In het licht van het voorgaande getal zeven, heeft het getal acht vaak een letterlijke betekenis. In het bijzonder als de dag na een belangrijke periode van zeven dagen is de achtste dag, de dag van de overgang tussen de geheiligde tijd en het normale gewone leven, de dagelijkse realiteit. Op de achtste dag na de geboorte moet een zoon besneden worden: ‘Elk kind bij u van acht dagen oud, al wie mannelijk is, moet besneden worden, al uw generaties door’ (Genesis 17: 12). Voor runderen en kleinvee geldt dat ze zeven dagen bij hun moeder mogen blijven. ‘Op de achtste dag moet u ze Mij geven’ (Exodus 22: 10). In de wetten voor de reiniging van de melaatsheid moet er op de achtste dag een offer worden gebracht (Leviticus 14: 10, 23). De achtste dag is een dag van heiliging: ‘Zij begonnen met het heiligen op de eerste dag van de eerste maand; op de achtste dag van de maand kwamen zij in de voorhal van de HEERE. Zij heiligden het huis van de HEERE in acht dagen, en op de zestiende dag van de eerste maand waren zij klaar’ (2 Kronieken 29: 17). Het getal acht wordt in de Bijbel 155 keer gebruikt.

 

 

Het getal negen – 9

 

Het getal negen heeft in de Bijbel nauwelijks een symbolische betekenis. Het komt in de hele Bijbel maar vijftien keer voor.

 

 

Het getal tien – 10

 

Het getal tien neem in de Bijbel een bijzondere plek in. Het is de som van drie en zeven, beide bijzondere getallen in de Bijbel. Het getal tien staat voor wet, veelheid, compleetheid en perfectie. God gaf tien geboden, de decaloog (Exodus 20:1-17, Deuteronomium 5: 6-21). Egypte kreeg tien plagen te verduren (Exodus 7 – 12). Verder zijn er verhalen over de tien maagden (Matteüs 25:1-13), de tien melaatsen (Lucas 17: 11-19), de vrouw met de tien penningen (Lucas 15: 8-10) of de herder met de tien keer tien, honderd schapen (Lucas 15: 4). Het getal tien komt 146 keer voor in de Bijbel.

 

 

Het getal elf – 11

 

Elf is twaalf min een. Elf staat voor het tekort. Het Bijbelse ideaal is twaalf. De elf zijn de leerlingen van Jezus als Judas, die Jezus verraden had, ontbreekt (Matteüs 28: 16, Lucas 24: 9, 33, Handelingen 1: 13). Het getal elf komt maar 19 keer voor in de Bijbel.

 

 

Het getal twaalf – 12

 

Het getal twaalf staat veelvuldig in de Bijbel en staat voor perfect bestuur onder de leiding van God. Het volk van God, Israël, is verdeeld in twaalf stammen. Als er in de Bijbel een twaalftal voorkomt, dan verwijst dit vaak naar de twaalf stammen van Israël. Bijvoorbeeld de twaalf opgerichte stenen (Jozua 4: 8), de twaalf stenen op het borstschild van de hogepriester (Exodus 28: 21), twaalf runderen (Numeri 7: 3). De twaalf stammen worden weerspiegeld in de twaalf discipelen van Jezus. Jezus kon beschikken over twaalf legioenen engelen (Matteüs 26: 53). Na de wonderbaarlijke spijziging raapten ze ‘het overschot van de stukken brood op, twaalf manden vol’ (Matteüs 14: 20).

In de toekomstige nieuwe wereld, beschreven in het Bijbelboek Openbaring, is het getal twaalf ook veel aanwezig: twaalf poorten van het nieuwe Jeruzalem met de twaalf namen van de twaalf stammen (Openbaring 21: 12), twaalf fundamenten met de namen van de twaalf apostelen (Openbaring 21: 14), de boom des levens die twaalf maal per jaar vrucht draag (Openbaring 22: 2). In het Bijbelboek Openbaring wordt het getal twaalf ook gebruikt om de volmaakte voltalligheid aan te duiden: twaalf maal twaalf maal duizend. Dit getal 144000 komt twee keer voor in Openbaring. In Openbaringen 7 vers 3 tot 8 worden deze 144000 genoemd als de twaalf stammen van Israël, uit elke stam twaalfduizend. Het getal twaalf komt 149 keer voor in de Bijbel.

 

 

 

 

 

Het getal vijftien – 15

 

Vijftien is product van drie en vijf. Het getal vijftien verwijst in de Bijbel vaak naar handelingen van God die Hij doet door zijn genade. God beschermde Noach en de zijnen door de ark werd door de zondvloed vijftien el hoger dan de bergen te brengen (Genesis 7:20). Koning Hizkia kreeg vijftien jaar uitstel van dood (2 Koningen 20: 6). Door het kloeke optreden van koningin Ester werden de joden op de vijftiende dag van de maand van de dood verlost (Ester 9: 18, 21). Op de vijftiende dag van de eerste maand werd het feest van de ongezuurde broden gevierd (Leviticus 23: 6). Op de vijftiende dag van de zevende maand vieren de joden het Loofhuttenfeest (Leviticus 23: 34). Het getal vijftien komt in de Bijbel 15 keer voor.

 

 

Het getal veertig – 40

 

Het getal veertig heeft voornamelijk een symbolische betekenis als het gebruikt wordt als tijdsaanduiding. Bij het verhaal over de zondvloed regent het veertig dagen en veertig nachten (Genesis 7: 4, 12, 17). Veertig jaar zwerft het volk van God door de woestijn (Deuteronomium 29: 5, Handelingen 7: 23-36). Veertig dagen, veertig jaar, is een aanduiding voor een crisis, een tijd van boetedoening, een tijd van bezinning, vasten of beproeving. De Filistijn Goliath daagt veertig dagen lang het leger van koning Saul uit (1 Samuël 17: 16). De boodschap van de profeet Jona aan de goddeloze stad Nineve was kort maar krachtig: ‘Nog veertig dagen, dan wordt Nineve weggevaagd!’ (Jona 3:4). Jezus verbleef veertig dagen in de woestijn (Marcus 1: 13; Matteüs 4: 2; Lucas 4: 1). In 83 verzen van de Bijbel komt het getal veertig voor. In sommige verzen, waarin het gaat over ‘veertig dagen en veertig nachten’, wordt veertig wel twee keer per vers gebruikt.

 

 

Het getal tweeënveertig – 42

 

Tweeënveertig is het product van zeven en zes. Zeven staat voor de heiligheid en volmaaktheid van God en zes voor de onvolmaaktheid van de mens. Tweeënveertig wordt in de Bijbel gebruikt waar deze twee elkaar raken, in elkaar overgaan of als straf als God of zijn profeet niet eervol worden behandeld. Tweeënveertig geslachten zijn er van de mens Abraham tot Jezus de zoon van God (Matteüs 1: 17). In de getallensymboliek van het geslachtsregister van Jezus presenteert Matteüs de tweeënveertig geslachten als drie keer veertien (twee keer zeven).

 

 

Tweeënveertig en de strijd om de eer van God

 

Het Beest, de Antichrist, de mens die god wil zijn, heerst tweeënveertig maanden over de aarde (Openbaring 13: 5). Slechts een korte tijd duurt zijn heerschappij. Als God overwint is alle eer voor Hem. In de brief van Jacobus staat dat het volk Israël ten tijde van koning Achab op het gebed van Elia drie en een half jaar (= 42 maanden) droogte heeft gekend omdat het volk de Baal diende (Jakobus 5:17 en 1 Koningen 17 en 18). Vanwege deze afgoderij beval Jehu de broers van Achazja te grijpen en te doden. Het ging om tweeënveertig man, en niet één bleef in leven (2 Koningen 10:14). Tweeënveertig staat dan voor de straf voor afgoderij omdat God niet de eer krijgt die Hem toekomt. In het Bijbelboek 2 Koningen 2: 23-25 staat nog een afschuwelijk voorbeeld van straf. Tweeënveertig jonge mannen maken de profeet van God, Elisa, uit voor kaalkop. Elisa vervloekt deze jonge mannen. Vervolgens worden ze allen door twee beren verscheurd. Waarschijnlijk moet hun aantal symbolisch worden geduid. Het getal tweeënveertig komt zes keer in de Bijbel voor.

 

 

Het getal vijftig – 50

 

Het getal vijftig staat voor het jubeljaar. Het jubeljaar was een bijzonder jaar in het Oude Testament. Dit heilige jaar moest de Israëlieten eraan herinneren het land waarin zij woonden en de opbrengst ervan van God zelf was. Het jubeljaar werd na 49 jaar (zeven maal zeven) jaar gevierd ( Leviticus 25 ). Elk vijftigste jaar is een jubel jaar. Het getal vijftig komt 76 keer voor in de Bijbel.

 

 

Vijftig jaar en Abraham zien

 

In het Nieuwe Testament staat dat veel tijdgenoten niet geloofde wat Jezus zei. Als Jezus spreekt over Abraham zeggen ze tegen Hem: ‘U bent nog geen vijftig jaar en hebt U Abraham gezien?’ (Johannes 8: 57). Aan deze tekst is onze traditie van vijftig worden en Abraham (of Sara voor de dames) zien ontleed.

 

 

Het getal vierentachtig – 84

 

Vierentachtig is het product van zeven en twaalf. Beide getallen verwijzen naar volheid en veelvuldigheid. De evangelist schrijft over de kleine Jezus die in de tempel wordt gebracht. Er was daar ook een profetes, Hanna. ‘Ze was hoogbejaard; vanaf haar huwbare leeftijd had ze zeven jaar met haar man geleefd, en ze was nu al vierentachtig jaar weduwe’ (Lucas 2: 36b-37, NBV). Vierentachtig jaar weduwe geeft aan dat ze een zeer lange tijd weduwe was.

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

De Bijbel; een overzicht.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

De Heilige Bijbel

 

 

 

 

De Heilige Bijbel is een verslag van de geschiedenis. Het boek bestaat uit 66 delen die over een periode van ongeveer 1600 jaar door  40 verschillende auteurs zijn geschreven. Het Oude Testament (Oude Verbond) bevat 39 boeken die ongeveer tussen 1500 en 400 voor Christus zijn geschreven. Het Nieuwe Testament (Nieuwe Verbond) bevat 27 boeken die ongeveer tussen 40 en 90 na Christus werden geschreven.

De Joodse Bijbel (Tenach) is hetzelfde als het Oude Testament van de Christenen, met uitzondering van de rangschikking van de boeken. Het originele Oude Testament werd voornamelijk in het Hebreeuws geschreven, met sommige delen in het Aramees, terwijl het originele Nieuwe Testament in het Grieks werd geschreven.

 

 

 

Het Oude Testament

 

De Heilige Bijbel begint met de Joodse Geschriften. Het historische verslag van de Joden werd door de eeuwen heen op leren rollen en tafelen neergeschreven. Onder de schrijvers waren koningen, schaapherders, profeten en andere door God geïnspireerde leiders. In Exodus beveelt God Mozes om de Wet in een boek  op te schrijven, de Torah. Rond 450 voor Christus werden alle Joodse geschriften verzameld en gerangschikt door raden van rabbijnen, die vervolgens de complete verzameling erkenden als de geïnspireerde en heilige autoriteit van God.

Al in 250 voor Christus werd de Hebreeuwse Bijbel (Tenach) door Joodse schriftgeleerden in Alexandrië ( Egypte ) in het Grieks vertaald. Deze vertaling kwam bekend te staan als de Septuagint, wat ’70’ betekent, refererend aan de traditie dat de vertalingsgroep  uit 70  mannen bestond. Op dit moment werden de boeken van de Hebreeuwse Bijbel naar onderwerp gerangschikt. In 90 na Christus, tijdens de Raad van Jamnia, werd door de Joodse oudsten het uiteindelijke Hebreeuwse Bijbelse canon vastgesteld.

Hoewel de Joodse geschriften handmatig werden gekopieerd, waren deze van kopie tot kopie extreem nauwkeurig. De Joden hadden een fenomenaal systeem van schrijvers, die ingewikkelde en ritualistische methoden ontwikkelden om letters, woorden en paragrafen te tellen om zo te verzekeren dat er geen kopieerfouten zouden worden gemaakt. Deze schrijverstraditie werd feitelijk tot de uitvinding van de drukpers in 1455 gehanteerd. Wat betreft de nauwkeurigheid van de manuscripten heeft de recente ontdekking van de Dode Zee Rollen de opmerkelijke betrouwbaarheid van de teksten van het Oude Testament door de jaren bevestigd.

 

 

 

.

.

Het Nieuwe Testament

 

Door zijn leerstellingen heen citeert Jezus vaak het Oude Testament, verklarend dat Hij niet was gekomen om de Joodse Geschriften te vernietigen, maar om deze te vervullen. In Lucas 24:44, verkondigt Jezus aan zijn discipelen dat “alles wat in de Wet van Mozes, bij de Profeten en in de Psalmen over mij geschreven staat in vervulling moest gaan.”

Beginnend in ongeveer 40 na Christus en tot ongeveer 90 na Christus schreven de ooggetuigen van het leven van Jezus Christus, waaronder Matteüs, Marcus, Lucas, Johannes, Paulus, Jakobus, Petrus en Judas. Zij schreven de Evangelieboeken, de brieven en andere boeken die later het Nieuwe Testament zouden vormen. Deze auteurs citeren uit 31 boeken van het Oude Testament.

Zij verspreiden hun materiaal zo ver dat tegen 150 na Christus de vroege Christenen de verzameling geschriften het Nieuwe Verbond noemen. Gedurende de 3e eeuw na Christus worden de geschriften vertaald in het Latijn, Koptisch (Egypte) en Syriac (Syrië). Dan worden wijd verspreid.  Later, in 397 na Christus, worden de huidige 27 boeken van het Nieuwe Testament in de Synode van Carthago formeel bevestigd en gecanoniseerd.

 

 

 

 

Net als voor het Oude Testament hebben we nu significant bewijs dat het Nieuwe Testament  opmerkelijk nauwkeurig is wanneer dit wordt vergeleken met de oorspronkelijke manuscripten. Van de duizenden kopieën die vóór de uitvinding van de drukpers met de hand werden gemaakt, hebben we ongeveer 24000 manuscripten. De Bijbel is veel beter behouden dan de geaccepteerde geschriften van Homerus, Plato en Aristoteles.

Uiteraard werd de Bijbel, toen deze van land tot land werd verspreid, vertaald in talen die niet  de oorspronkelijke talen van het Grieks en Hebreeuws goed weerspiegelen. Maar naast grammaticale en culturele verschillen is Gods Woord door de jaren opmerkelijk goed behouden en vertaald. De Bijbel biedt nu inspiratie aan honderden miljoenen mensen over de hele wereld. Dat komt omdat de Bijbel daadwerkelijk het geïnspireerde Woord van God is (2 Timoteüs 3:16-17 en 2 Petrus 1:20-21).

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Het leven van Franciscus van Assisi

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Jeugd 

 

Franciscus wordt in 1181/2 geboren in Assisi als de zoon van een rijke koopman. Hij heeft een onbezorgde jeugd. Vaak is hij de aanvoerder van feesten met vrienden. Over geld hoeft hij zich nooit zorgen te maken. Er is meer dan voldoende voor een leven in luxe.

 

 

Ridder

 

Franciscus voelt er niet zo veel voor om zijn vader op te volgen in de zaak. Hij droomt ervan om ridder te worden. Daarom gaat hij vechten in de oorlog tegen Perugia in 1202. Assisi wordt echter al snel verslagen en Franciscus belandt in een gevangenis in Perugia.

 

 

 

Weer thuis

 

Na een jaar wordt hij vrijgekocht door zijn vader en komt hij weer thuis. In de kerker is hij al ziek geworden en zijn gezondheid laat hem nog een tijdje in de steek. In deze tijd begint Franciscus steeds vaker na te denken over zijn leven en over God. Toch kiest Franciscus er nog een keer voor om ridder te worden. Het is 1205 als hij zich aansluit bij een expeditie tegen Apulië.

 

 

 

Een beslissende droom in Spoleto

 

Onderweg naar Apulië voelt Franciscus zich niet zo fit. In de buurt van Spoleto besluit hij even te gaan rusten. Dan krijgt hij een droom. Een stem zegt tegen hem, dat hij terug moet gaan naar Assisi. Daar zal hem duidelijk worden wat zijn werkelijke bestemming is. Franciscus geeft zijn kostbare wapenrusting weg en gaat terug naar huis. Daarna zal hij nooit weer wapens opnemen.

 

 

 

De zoektocht

 

Na terugkomst zoekt Franciscus naar zijn bestemming. Soms brengt hij dagen door in de eenzaamheid van de Monte Subasio vlakbij Assisi. Af en toe viert hij nog feesten met zijn vrienden. Steeds vaker denkt Franciscus over God. Dan vinden er twee belangrijke gebeurtenissen plaats.

 

 

 

De ontmoeting met de melaatse 

 

Op een dag in 1205 rijdt Franciscus op zijn paard in de buurt van Assisi. Dan ziet hij een melaatse aankomen. Normaal zou hij hard weggereden zijn, maar nu stapt Franciscus van zijn paard af. Hij loopt naar de melaatse en kust zijn half weggerotte hand. Het maakt hem erg gelukkig en hij gaat zelf daarna ook geregeld melaatsen verzorgen. Deze gebeurtenis maakt grote indruk op Franciscus. Hij beschrijft het in zijn Testament. Vanaf dat moment zal Franciscus altijd partij kiezen voor de zwakkeren en verdrukten in de maatschappij.

 

 

 

Het kruis van San Damiano 

 

Vlak na de ontmoeting met de melaatse gaat Franciscus geregeld bidden in het kerkje van San Damiano. Hij bidt voor het kruis. Hier hoort hij een stem die zegt: “Ga, Franciscus, repareer mijn huis, want je ziet dat het op instorten staat”.

 

 

klooster

 

 

kerkje

 

 

Het klooster en het aangrenzende kerkje staan op een eenzame plek te midden van cipressen en olijfbomen. Hier werd Francisius zich bewust van zijn roeping en schreef hij het Zonnelied. Het strenge, sobere interieur vormt een ontroerend voorbeeld van een 13de eeuws franciscanenklooster.

 

 

 

Verkoop van stoffen en paard in Foligno 

 

Franciscus neemt de opdracht die hij in San Damiano kreeg heel letterlijk. Hij begint met het herstellen van dit kerkje. Hiervoor heeft hij geld nodig. Daarvoor neemt hij dure stoffen uit de winkel van zijn vader en gaat naar Foligno. Daar verkoopt hij de stoffen en zijn paard.

 

 

 

De breuk met zijn ouders

 

Zijn vader is woedend over de verkoop van de stoffen en het paard. Hij zegt dat het diefstal is en roept Franciscus op om voor het gerecht te verschijnen. Het proces vindt in 1206 plaats voor de bisschop. Als de aanklacht is voorgelezen, trekt Franciscus zijn kleren uit en terwijl hij het bundeltje kleding aan zijn vader geeft zegt hij: “Voortaan zeg ik alleen nog, Onze Vader die in de hemel is, en niet meer vader Pietro di Bernardone”. Franciscus doet afstand van alle bezit en ook zijn rechten op een erfenis.

 

 

 

Herstellen van kerkjes

 

Na het proces gaat Franciscus eerst naar een vriend in Gubbio, maar hij keert snel terug om verder te werken aan het herstel van de kerk van San Damiano. Van 1206 tot 1208 herstelt hij ook de kerken Santa Maria degli Angeli en San Pietro della Spina, allebei vlakbij Assisi.

 

 

Kerk van San Damiano

 

 

 

Franciscus vindt zijn bestemming

 

Begin 1208 hoort Franciscus op een dag het evangelie van de wegzending van de apostelen. De volgelingen van Jezus mogen geen goud en zilver bezitten, geen beurs, tas en stok meenemen onderweg en geen sandalen dragen. Nu weet Franciscus het. Hij trekt zijn sandalen uit, past zijn kleding aan en zal zich zijn leven lang verzetten tegen geld en bezit.

 

 

 

De eerste broeders

 

Op 16 april 1208 komen Bernardus van Quintavalle en Petrus Catani bij Franciscus. Bernardus is een rijk en geleerd man, Petrus is een rechtsgeleerde. Ze sluiten zich aan bij de leefwijze van Franciscus. Ze noemen zichzelf de boetelingen van Assisi. Een week later volgt Egidius en kort daarna volgen er meer mannen uit Assisi en omgeving.

 

 

 

Naar Rome

 

Als er twaalf broeders zijn besluiten ze naar Rome te gaan om de paus om goedkeuring te vragen voor hun manier van leven. Het is dan 1209. In die tijd waren er veel ketterse bewegingen. Franciscus wilde binnen de kerk blijven. De paus is verheugd dat er een groep broeders is die binnen de kerk de armoede willen beleven en de navolging van Christus in praktijk willen brengen. Het is het begin van de broederschap.

 

 

 

De stal in Rivotorto

 

Na terugkomst uit Rome gaan de broeders in een stal bij Rivotorto wonen. De omstandigheden zijn zeer primitief, maar de broeders zijn gelukkig en vol enthousiasme. Ze worden verjaagd uit de stal als op een dag een boer zijn ezel naar binnen stuurt.

 

 

 

Portiuncula

 

Na Rivotorto trekken de broeders naar Portiuncula. Hier staat het kerkje van Santa Maria degli Angeli dat Franciscus hersteld heeft. De broeders beleven ook hier een gelukkige tijd. Ze leven in volstrekte armoede en trekken rond om te preken en te werken. In het begin vonden de mensen de broeders maar rare lui, maar nu krijgen ze steeds meer waardering en liefde voor Franciscus en zijn broeders.

 

 

kerk van Santa Maria degli Angeli

 

 

 

Clara

 

Clara heeft Franciscus al vaak horen preken en wil hem ook volgen. In de nacht van 18 maart 1212 vlucht zij uit haar huis en gaat naar Franciscus en zijn broeders. Daarna volgen andere vrouwen. Clara en haar zusters gaan wonen bij het kerkje van San Damiano. Clara is daar tot haar dood in 1253 gebleven.

 

 

De heilige Clara van Assisi

 

 

 

Franciscus gaat naar de sultan

 

Franciscus gaat in 1219 naar Damiate in Egypte om het kruisvaarderskamp te bezoeken. Hij ziet zelfs kans bij de sultan, Melek el-Kamil te komen en met hem te spreken. De sultan wordt niet bekeerd tot het christendom, maar tijdgenoten vertellen wel dat el-Kamil na zijn gesprek met Franciscus veranderd is. Het is een unieke gebeurtenis. Franciscus brengt de boodschap van de vrede te midden van het strijdgewoel van de kruistochten.

Franciscus vertrekt hierna naar het heilige land om de plaatsen waar Jezus is geweest te bezoeken. Een broeder uit Italië komt naar het heilige land om Franciscus te waarschuwen dat er grote problemen in de orde zijn en hij keert zo snel mogelijk terug.

 

 

 

Franciscus treedt af als bestuurder van de orde 

 

De orde is inmiddels behoorlijk gegroeid en er zijn duizenden broeders. De vraag om voorschriften en regels wordt groter. Voor het aansturen van de orde is een sterke bestuurder nodig. Franciscus weet dat hij daar niet de geschikte persoon voor is en treedt af. Zijn broeder van het eerste uur, Petrus Catani, volgt hem op.

 

 

 

Het schrijven van een regel

 

In 1221 schrijft Franciscus een regel. Hierin zijn de besluiten die de broeders tussen 1209 en 1221 hebben genomen verwoord. Hierna wordt er nog behoorlijk aan deze voorlopige regel gewerkt, want men is nog niet tevreden over de inhoud. In 1223 trekt Franciscus zich een tijdje terug in Fonte Colombo om een nieuwe versie van de regel te schrijven. Deze regel wordt op 29 november 1223 door de paus goedgekeurd. Dit is de regel die ook nu nog voor de minderbroeders geldt.

 

 

 

De stigmata

 

De gezondheid van Franciscus gaat steeds verder achteruit. In het Midden-Oosten heeft hij een oogkwaal en waarschijnlijk ook malaria opgelopen. In 1224 besluit hij naar La Verna, een berg ten noorden van Umbrië, te gaan. Op 14 september ontvangt Franciscus hier de stigmata, de wonden van het lijden van Jezus.

 

 

 

 

 

Het Zonnelied 

 

Franciscus trekt in 1225 nog rond. Voor een behandeling van zijn oogziekte is hij in een kluizenarij in het Rieti-dal. Ook verblijft hij een tijdje in San Damiano. Ondanks zijn ernstige ziekte en pijnen schrijft hij zijn prachtige Zonnelied. Het Zonnelied getuigt van een grote liefde voor de schepping.

 

 

 

 

 

Franciscus schrijft zijn Testament

 

 In 1226 treffen we Franciscus op diverse plaatsen aan. Zo is hij een tijdje in het bisschopspaleis in Assisi. Als Franciscus voelt dat de dood nadert vraagt hij of ze hem naar Portiuncula willen brengen. Hier dicteert Franciscus zijn Testament.

 

 

 

Zuster dood 

 

Franciscus sterft op zaterdagavond 3 oktober 1226 in Portiuncula. Zijn lichaam wordt naar Assisi gebracht. Eerst gaat men langs San Damiano zodat Clara Franciscus nog één keer kan zien. Franciscus wordt in de kerk San Giorgio begraven.

 

 

 

Heilig 

 

Op 16 juli 1228 wordt Franciscus heilig verklaard. Direct daarna begint men met de bouw van de San Francesco in Assisi. Het lichaam van Franciscus wordt in mei 1230 naar deze kerk overgebracht.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

mijne-kop-a4