Tagarchief: dieren

De vier dieren uit de Openbaring van hoofdstuk 4

Standaard

categorie : religie

 

 

De vier dieren

 

“En het eerste dier leek op een leeuw, het tweede dier leek op een kalf, het derde dier had het gezicht als van een mens, en het vierde dier leek op een vliegende arend. En de vier dieren hadden elk voor zich zes vleugels rondom, en van binnen waren die vol ogen. Ze hadden geen rust en zeiden dag en nacht: Heilig, heilig, heilig is de Heere God, de Almachtige, Die was, Die is, en Die komt!” (Op 4:7,8)

 

 

 

 

 

 

 

Deze vier dieren zijn vier cherubs. Koning Salomo vervaardigde twee cherubs die hij vervolgens in de tempel van God plaatste. Dit kan je lezen in 1 Koningen hoofdstuk 6.  Maar deze cherubs komen ook voor in Ezechiël 1 en in 10. In Ezechiël hoofdstuk 1 krijgt Ezechiël het visioen van de levende wezens. Deze wezens vertonen veel gelijkenissen met die van Openbaringen.

“Hun gezicht leek op het gezicht van een mens, bij alle vier van rechts op de kop van een leeuw, bij alle vier van links op de kop van een rund, en alle vier hadden zij de kop van een arend.” (Ez 1:10)

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 4 ; de troonsheerlijkheid van God

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

De Cherubs hebben allemaal een symbolische betekenis en wijzen ons naar Christus zelf

 

De eerste was als een leeuw, wat zijn koningschap symboliseert. Christus wordt ook vergeleken met een leeuw. Hij is een brullende leeuw (Amos 1:2), (Jl 3:16).

De tweede was als een kalf wat zijn priesterschap symboliseert. In Leviticus 9 kunnen we lezen dat Aaron een kalf moest offeren als zonde-offer toen hij als priester ging dienen. Dat kalf wat geslacht moest worden als zonde-offer staat ook weer symbool voor het offer die Christus heeft gegeven voor de zonde van de mens aan het kruis.

De derde was als een mens. Wat Christus als mens symboliseert toen hij hier was als onze zaligmaker, dienaar, herder, onze leermeester, De zoon des mensen, Het vlees geworden woord.

En het vierde was als een arend, wat bescherming symboliseert. In Openbaringen 12:14 lezen we de vrouw die vleugels als van een arend krijgt en de woestijn in vliegt om buiten het bereik van de slang te blijven.

“En aan de vrouw werden twee vleugels van een grote arend gegeven, opdat zij naar de woestijn zou vliegen, naar haar plaats, waar zij gevoed wordt, een tijd en tijden en een halve tijd, buiten het gezicht van de slang.” (Op 12:14)

Deze vrouw symboliseert de kerk die beschermt wordt tegen de duivel.
Deze vier Cherubs vertonen karakter eigenschappen van Christus. Namelijk Koning, Priester, Zaligmaker en Beschermer.

 

 

 

 

De 4 cherubs en de 4 evangelisten

 

Er zit zelfs parallellisme tussen deze vier karakter eigenschappen en de vier evangelies.

Mattheüs schrijft vooral over zijn koningschap en het koninkrijk der hemelen,

Markus legt de nadruk meer op zijn priesterlijke kant. Als dienaar van de mens. De taak van de aardse priesters was om het volk te dienen als ze hadden gezondigd.

Lukas beschreef vooral zijn menselijke kant. De zoon des mensen.

En Johannes beschrijft vooral zijn Goddelijke kant. God als beschermer.

In de laatste drie verzen uit Openbaringen 4 lezen we hoe deze vier dieren en de 24 ouderlingen God aanbidden, hun kronen voor zijn troon neergooien, en Christus vereren als schepper van alle dingen.

“U bent het waard, Heere, te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de kracht, want U hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil bestaan zij en zijn zij geschapen.” (Op 4:11)

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Advertenties

Boodschap 97 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie :  Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

 

dieren

 

 

 

 

PLANTEN EN DIEREN

 

LEVEN BEWUST,

 

MENSEN OVERLEVEN

 

VAAK ONBEWUST

 

 

 

 

 

timthumb

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 John Astria

John Astria

Pater Pio en de openbaring van Christus over de drie donkere dagen

Standaard

categorie : religie

.

.

 

 

 

De vertaling is afkomstig op basis van de persoonlijke brief geschreven door Pater Pio zelf gericht aan de commissie van Heroldsbach die werd aangeduid door het Vaticaan dat onderzoek deed naar de waarachtigheid rond de openbaring rond deze 3 dagen duisternis.

 

 

 

hoofdstuk 20 van de Openbaring; de eerste opstanding en de tweede dood

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

28 januari 1950

 

Houd vensters goed bedekt en kijk niet naar buiten. Ontsteek een gezegende / gewijde kaars die meerdere dagen zal blijven branden. Bid de rozenkrans. Lees uit godsdienstige boeken. Ervaar bij wijze van oprechte toewijding de geestelijke communie alsook naastenliefde die ons zoveel goed doen.

Bid met uitgestrekte armen, of in totale overgave uitgestrekt op de grond zodat vele zielen zullen mogen gered worden. Begeef u niet buitenshuis. Voorzie uzelf van voldoende voedsel. De krachten van de natuur zullen zich laten voelen en een regen van vuur zal de mensen doen beven van angst. Maar houd goede moed! Ik ben temidden van jullie.

 

 

 

 

 

 

 

7 februari 1950

 

Draag zorg voor de dieren als die dagen eraan komen. Ik ben de Schepper en bewaarder van zowel dier als mens. Ik zal tekenen geven wanneer meer voedsel te voorzien voor de dieren. Ik zal het eigendom van enkele uitverkorenen sparen, alsook hun dieren omdat deze nodig zijn om achteraf in eigen levensonderhoud te kunnen voorzien. Ga niet naar buiten gedurende de duisternis, zelfs niet om de dieren te voederen.

Diegene die een stap buiten zet zal vergaan! Bedek jullie ramen zorgvuldig. Mijn uitverkorenen zullen mijn toorn niet te zien krijgen. Heb vertrouwen in Mij en Ik zal jullie bescherming zijn. Jullie vertrouwen verplicht Mij om jullie ter hulp te komen en bij te staan.

Het uur van Mijn Wederkomst is dichtbij! Maar Ik zal genade tonen. Een vreselijke kastijding zal over de aarde komen zoals er voorheen nog nooit geweest is. Mijn engelen die de straf zullen uitvoeren op aarde, staan reeds klaar met hun gericht zwaard!

Mijn engelen zullen diegenen vernietigen die Mij bespotten en niet geloven in Mijn openbaringen. Orkanen en stormen van vuur zullen neerkomen uit de lucht over de gehele aarde! Stormweer, onweersbuien en aardbevingen zullen de aarde bedekken gedurende 2 dagen. Een ononderbroken regen van vuur zal neerdalen! Het zal beginnen tijdens een zeer koude nacht. Dit zal gebeuren om te bewijzen dat God de Meester is van de schepping.

Diegenen die hun hoop op Mij vestigen, geloven in Mijn woorden en evangeliseren, hebben niets te vrezen, omdat Ik hun niet in de steek zal laten. Geen kwaad zal geschieden over diegenen die in een staat van genade verkeren en die de bescherming zoeken van Mijn Moeder. Zodat jullie mogen voorbereid zijn op deze beproevingen, zal Ik jullie volgende tekenen en instructies geven:

 

De nacht zal zeer koud zijn, de stormwind zal opsteken. Donder en bliksem zullen volgen. Sluit de deuren en vensters. Praat met niemand buiten de woning.

 

Kniel neer voor het kruis, beleid je zonden en smeek de bescherming af van Mijn heilige Moeder. Kijk niet naar buiten gedurende de aardbeving, de toorn van God is heilig!

 

Jezus wenst niemand toe de toorn van God te willen aanschouwen, omdat Hij de enige is waarvoor we ontzag voor moeten hebben. Diegenen die dit advies in de wind slaan zullen onmiddellijk sterven. De wind zal giftige gassen met zich mee vervoeren en verspreiden over de hele wereld. Diegenen van jullie die lijden en onschuldig te sterven komen, zullen als martelaar in Mijn Koninkrijk komen.

Satan zal triomferen, maar na 3 nachten zal de aarde stoppen met beven en het vuur doven. De volgende dag zal de zon weer schijnen. Engelen zullen uit de hemel neerdalen en de geest van vrede over de aarde verspreiden. Diegenen die deze beproeving – die met God over de aarde komt – overleven, zullen vervuld worden met een onmeetbare dankbaarheid!

Ik heb meerdere zielen uitgekozen onder meer in België, Zwitserland en Spanje aan wie Ik deze boodschappen heb geopenbaard zodat andere landen zich ook kunnen voorbereiden. Bid de rozenkrans met je hart zodat je gebed de hemel zal bereiken. Weldra zal een nog grotere catastrofe de aarde treffen, ongezien in de geschiedenis van de wereld zal deze kastijding zijn. Een oorlog zal de aanloop zijn naar deze gebeurtenissen.

De mensheid ligt er echter niet van wakker. Velen zullen het niet verwachten dat deze dingen op korte tijd zullen gebeuren. Hoe onverschillig blijven ze in zelf voorzorgen te nemen voor deze buitengewone gebeurtenissen. Mijn Vader kan het niet langer aanzien, Zijn toorn zal over de gehele aarde komen. Zoals meermaals in de geschiedenis waarschuw Ik jullie ook nu opnieuw.

De zonden van de mens hebben buitengewone proporties aangenomen; het gebrek aan respect in een kerk (oneerbiedigheid), de hoogmoed en trots, gebrek aan oprechte naastenliefde, onfatsoenlijke klederdracht en gedrag vooral in de zomer; de wereld is overspoeld door ongerechtigheid. Deze catastrofe zal over de aarde komen als een bliksemschicht op het moment dat het ochtendgloren als een zwarte duisternis zal zijn!

Niemand zal van dan af buiten willen komen of naar buiten willen kijken. Ik zal zelf neerdalen te midden donder en bliksems. Alleen de ‘gekken’ [gelovigen zijn als gekken in de ogen van ongelovigen.] zullen Mijn goddelijk Hart aanschouwen. Er zal grote onrust heersen vanwege deze duisternis die over de hele aarde zal komen en velen, ja velen zullen sterven van angst en wanhoop. Diegenen die om Mijnentwil strijden zullen genade kennen door Mijn goddelijk Hart. De kreet:

 

“De allerhoogste zijt Gij God!” zal voor velen een bescherming bieden.

 

Echter zullen velen als dor gras in een open veld verbranden. De goddelozen zullen worden vernietigd zodat de rechtvaardigen kunnen herleven. De duisternis zal een dag duren en een nacht, gevolgd door nog een dag en nacht en nog een dag maar de nacht die dan volgt zullen de sterren terug schitteren aan de hemel en de volgende morgen zal de zon terug opkomen en zal het lente zijn!

Tijdens deze donkere dagen zullen Mijn uitverkorenen niet slapen, net zoals Mijn apostelen met Mij deden op de Olijfberg. Ze zullen onophoudelijk bidden en ze zullen hierin niet teleurgesteld worden door Mij. Satan in zijn hel zal geloven in bezit te komen van de aarde, maar Ik zal de aarde terug opeisen! Bid, bid! Ik verlang naar uw gebeden. Mijn moeder Maria, de heilige Jozef, de heilige Elizabeth, de heilige Conrad, de heilige Petrus, de kleine Theresia, jullie beschermengelen zullen voor jullie tussenkomen. Roep hun bijstand op!

Wees moedige strijders in Jezus Christus naam! Wanneer dan de dageraad na de duisternis terug zal aanbreken laat dan iedereen in grote dankbaarheid zich richten tot de heilige Drievuldigheid voor de ontvangen bescherming! De verwoesting zal desastreus zijn, maar Ik – jullie God – zal de aarde gereinigd hebben.

Ik ben met u. Heb Vertrouwen!

 

 

 

 

padrepio333a

 

 

 

Heilige Pater Pio, bid voor ons!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Prediker 3 uit het Oude Testament

Standaard

categorie : religie

 

.

.

Wat is dit voor boek?

 

Het Hebreeuwse woord dat vertaald is met ‘prediker,’ is ook te vertalen met ‘filosoof,’ of ‘leraar,’ of ‘gespreksleider.’ De schrijver van dit boek denkt na over het leven. Daarbij noemt hij aldoor een ‘aan de ene kant’ en een ‘aan de andere kant.’ Zo redeneert hij als het ware met zichzelf over het onbegrijpelijke van het leven.

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor alles is een tijd

 

1 Er is voor alle dingen een moment en voor alle dingen onder de hemel is er een tijd.
2 Er is een tijd om geboren te worden en er is een tijd om te sterven.
Er is een tijd om te planten en er is een tijd om uit de grond te trekken.
3 Er is een tijd om te doden en er is een tijd om te genezen.
Er is een tijd om af te breken en er is een tijd om op te bouwen.
4 Er is een tijd om te huilen en er is een tijd om te lachen.
Er is een tijd om te treuren en er is een tijd om te dansen.
5 Er is een tijd om stenen weg te gooien en er is een tijd om stenen te verzamelen.
Er is een tijd om te omhelzen en er is een tijd om afstand te houden.
6 Er is een tijd om te zoeken en er is een tijd om te verliezen.
Er is een tijd om te bewaren en er is een tijd om weg te gooien.
7 Er is een tijd om te scheuren en er is een tijd om dicht te naaien.
Er is een tijd om te zwijgen en er is een tijd om te spreken.
8 Er is een tijd om van iemand te houden en er is een tijd om iemand te haten.
Er is een tijd voor oorlog en er is een tijd voor vrede.

9 Wat voor nut heeft een mens van zijn gezwoeg? 10 Zwoegen is een trieste bezigheid die God aan de mensen heeft gegeven om zich mee te vermoeien. 11 Maar Hij heeft het zó gemaakt, dat alles op zijn tijd goed is. Ook heeft Hij de mensen een besef van de eeuwigheid gegeven. Maar toch kunnen ze niets begrijpen van wat God vanaf het begin tot aan het einde heeft gedaan.

12 Ik heb wel begrepen dat het ’t beste is voor een mens om blij te zijn en goede dingen te doen in het leven. 13 Ik bedoel dit: als iemand eet en drinkt en van goede dingen geniet bij al zijn gezwoeg, dan heeft hij dat niet aan zichzelf te danken, maar is het een geschenk van God.

14 Ik heb begrepen dat alles wat God doet, voor eeuwig is. Je kan er niets aan toevoegen of er iets vanaf halen. God doet het, met de bedoeling dat de mensen diep ontzag voor Hem zullen hebben. 15 Wat er nu is, was er al lang. En wat er zal zijn, is al lang geweest. God laat steeds weer de dingen gebeuren die al eerder gebeurd zijn.

 

 

 

 

Het leven is oneerlijk

 

16 Ook zag ik dat er onder de zon geen eerlijke rechtspraak is. De rechters oordelen niet rechtvaardig. Ze veroordelen onschuldige mensen. 17 Ik zei bij mezelf: “God zal oordelen over goede en slechte mensen. Want er is voor alles een tijd.” 18 En ik zei bij mezelf: “God zal de mensen laten zien dat ze zonder Hem net als de dieren zijn. 19 Want het lot van de mensen is hetzelfde als van de dieren. Ze worden allebei door hetzelfde lot getroffen. Want dieren en mensen sterven allebei. Allebei hebben dezelfde soort adem. De mensen zijn niet anders dan de dieren. Ze zijn maar lucht, tijdelijk, voorbijgaand.

20 Mensen en dieren gaan naar dezelfde plaats. Beiden zijn van stof gemaakt en beiden worden uiteindelijk weer stof. 21 Wie ziet dat de adem van de mensen omhoog gaat naar de hemel en de adem van de dieren naar beneden, de aarde in? 22 Daarom denk ik dat de mens maar het best kan genieten van wat hij doet. Want dat is het enige wat hij heeft. Want als hij eenmaal is gestorven, wie kan hem dan laten terugkeren om hem te laten zien wat er ná hem op aarde gebeurt?

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Boodschap 38 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

Close-Emily-en-M1

 

 

 

 

 

Hoed u voor mensen

 

die door dieren gemeden worden,

 

want zij voelen de koelte van deze

 

personen in hun hart.

 

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

mijne kop a4                                                                                JOHN ASTRIA

Boodschap 32 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

 

hd-honden-wallpaper-portret-foto-van-een-zwarte-hond-met-bruine-ogen-op-het-gras-achtergrond-foto

 

 

HEB RESPECT VOOR DIEREN,

 

WANT ZE KUNNEN ALLEEN

 

MET HUN OGEN PRATEN

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

                        preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

mijne kop a4                                                                                   JOHN ASTRIA

Dieren in het hiernamaals

Standaard

categorie : religie

 

 

Gaan dieren naar de hemel?

 

Voor veel christenen die een huisdier verliezen is het een moeilijke vraag. Is mijn huisdier nu in de hemel? En ga ik hem of haar daar weer terugzien? Het lijkt er op dat de Bijbel erop wijst dat er ook voor dieren een plaats is in de hemel, en dat de dieren die daar zullen zijn dezelfde zijn als de dieren die nu op aarde zijn. Dieren dragen mede de gevolgen van de relatie tussen God en de mens en zij zullen ook verlost worden. Een troost voor gelovigen die een huisdier verliezen.

 

 

 

 

Hoe dieren de gevolgen van de relatie tussen God en de mens merken

 

In het Bijbelboek Genesis wordt het lot van dieren meerdere malen gekoppeld aan dat van mensen en dragen dieren mede de gevolgen van de relatie tussen God en de mens. Namelijk bij de zondeval, tijdens de zondvloed en op het moment dat God het Noachitisch verbond sluit met Noach. Het zou vreemd zijn als de dieren op aarde de gevolgen merken van deze zaken, maar in de hemel ineens niet meer.

 

 

 

De zondeval

 

Met de zondeval, beschreven in Genesis 3, kwamen dood en vervloeking de wereld in. Voor de mensen hield dit in dat zij vanaf dat moment onvermijdelijk zouden sterven, dat het leven veel zwaarder zou worden en dat alle mensen in zonde geboren zouden worden (Ps. 51:7). Voor de dieren betekende dit echter ook een einde aan het goede leven. Dieren zouden jagers en prooien worden, ook van de mens. Dit alles was het gevolg van de zonde van de mens.

 

 

 

De zondvloed

 

Wanneer God vanwege de slechtheid van de mensen besloot tot de zondvloed had dit vanzelfsprekend niet alleen impact op de mens, maar ook op de dieren. God besloot echter dat Noach, zijn gezin en zijn schoondochters een uitzondering moesten vormen (Gen. 6:18). Naast deze uitzondering zouden er echter ook onder de dieren uitzonderingen zijn.

Van elke diersoort een mannetje en een vrouwtje, van de reine dieren zeven paar (Gen. 7:2). Door de zonde van de mens werden de dieren ook hier het slachtoffer, maar door de rechtvaardigheid van Noach waren er ook dieren die gespaard werden.

 

 

 

Het Noachitisch verbond

 

In Genesis 9:8-17 sluit God een verbond met Noach, waarin Hij, onder andere, belooft dat er nooit meer een zondvloed zal zijn. In dit verbond wordt echter niet alleen de mens als verbondspartner genoemd, maar ook de dieren. God sluit het verbond met Noach en met “alle levende wezens die bij u zijn: het gevogelte, het vee en het wild gedierte” (Gen. 9:10).

Het bijzondere aan het verbond is dat er veel nadruk op de dieren wordt gelegd. Tot vijf maal toe spreekt God over Noach én al wat op aarde leeft (Gen. 9:10; 12; 15; 16; 17). Het verbond dat God met de mens sloot gold dus ook voor de dieren.

 

 

 

het paradijs

 

 

 

 

 

Teksten over verlossing en vernieuwing voor dieren

 

Onder christenen is het algemeen bekend dat de Bijbel verlossing voorzegt voor mensen, maar het lijkt erop dat niet alleen mensen verlost zullen worden. Als het gaat over de vraag wie er verlost en vernieuwd zullen worden wordt er namelijk gesproken over ‘alle vlees’, ‘de hele schepping’ en ‘alle dingen’.

 

 

Alle vlees

 

In Lucas 3:4-6 citeert Jezus een profetie van Jesaja (Jes. 40:3-5) waarin hij voorzegde dat alle vlees het heil van God zou zien. Dit roept de vraag op wat Jesaja, en later Jezus, bedoelde met ‘alle vlees’. Doorgaans wordt dit geïnterpreteerd als ‘alle mensen’, maar het is niet duidelijk waarom het zo wordt geïnterpreteerd, omdat theologen doorgaans niet aangeven waarom zij het zo interpreteren.

Als het alleen over mensen had moeten gaan dan had er ook kunnen staan ‘alle mensen’, maar zowel in Jesaja als in Lucas wordt gesproken over ‘alle vlees’. Daardoor lijkt het ook dieren te omvatten, omdat die ook van vlees gemaakt zijn.

 

 

 

De hele schepping

 

Volgens de apostel Paulus zouden niet alleen de mensen bevrijd worden, maar zou de schepping worden bevrijd van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid (Rom. 8:21-23). Als dieren ook bevrijd worden van vergankelijkheid dan moet er een link zijn tussen dieren in het hiernamaals en dieren in dit leven. Is die link er niet (als dieren hier sterven en als er in de hemel andere dieren zullen zijn, of geen dieren), dan zijn de dieren (en daarmee een deel van de schepping) niet bevrijd.

 

 

 

Alle dingen

 

In Openbaringen 21:5 zegt Jezus dat Hij alle dingen nieuw zal maken. Ook hier lijken dieren deel te zijn van de vernieuwde schepping, omdat het vreemd zou zijn als dieren niet onder ‘alle dingen’ zouden vallen.

 

 

 

 

 

 

 

Maar dieren hebben toch geen ziel?

 

Onder christenen leeft het idee dat dieren geen ziel hebben. Een reden hiervoor is dat dieren in de Bijbel redeloos genoemd worden (Ps. 32:9; 73:22 – bron 2). De vraag is echter of ‘redeloos’ ook zielloos betekent. Dit lijkt niet het geval.

In het Genesis 1 en 2 staat dat niet alleen de mens levensadem ingeblazen kreeg en een levend wezen (nephesh) werd (Gen. 2:7), maar dat ook dieren de ‘adem van de levensgeest’ in hun neus hadden en daardoor levend (nephesh) zijn (Gen. 1:20; 30; 7:22).

Als mensen die nephesh zijn dus een ziel hebben, dan hebben dieren er ook één.

 

 

 

De term nephesh

 

De Hebreeuwse term ‘nephesh’ kan worden vertaald als ‘adem’ of ‘leven’, maar ook als ‘ziel’. Daardoor wordt het inblazen van de levensadem in de neus van Adam door christenen gezien als het moment dat hij een ziel kreeg. Als dit zo is dan moet men stellen dat ook dieren een ziel hebben.

Men zou kunnen stellen dat ‘nephesh’ zijn betekent dat je daadwerkelijk leeft, omdat je adem haalt en dat het in het scheppingsverhaal niets zegt over het al of niet hebben van een ziel. Het lastige hieraan is dat toen de mens nephesh was geworden hij volledig af was. Hij moet op dat moment dus een ziel gehad hebben, want nadat de mens nephesh werd zien we niet meer dat God hem verder vormde.

 

 

 

 

Het gedrag van dieren in de hemel en op de nieuwe aarde

 

Er staan in de Bijbel in ieder geval twee teksten over de manier waarop dieren in de hemel zich gedragen. Volgens die teksten zullen ze vredig zijn en zullen ze God aanbidden.

 

 

Vrede

 

“Dan zal de wolf bij het schaap verkeren en de panter zich neder leggen bij het bokje; het kalf, de jonge leeuw en het mestvee zullen tezamen zijn, en een kleine jongen zal ze hoeden; de koe en de berin zullen samen weiden, haar jongen zullen zich tezamen neder leggen, en de leeuw zal stro eten als het rund; dan zal een zuigeling bij het hol van een adder spelen en naar het nest van een giftige slang zal een gespeend kind zijn hand uitstrekken.” (Jesaja 11:6-8 )

In de hemel zullen dieren die voorheen elkaar aanvielen en zelfs opaten vredig naast elkaar leven. Ook mensen zullen volledig veilig zijn en hoeven zich geen zorgen te maken over hoe dieren zich gedragen. Een wonderlijke situatie, helemaal omdat die dieren in hun vorige leven elkaars vijand waren.

 

 

 

 

Aanbidding

 

“En alle schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en op de zee en alles wat daarin is hoorde ik zeggen: Hem, die op de troon gezeten is, en het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden.” (Openbaring 5:13 )

In een deel van zijn Openbaring hoort Johannes dat alle schepselen, inclusief dieren, de Vader (die op de troon zit) en de Zoon (het Lam) aanbidden. Het meest bijzondere in deze openbaring is niet eens dat de dieren God aanbidden, maar dat Johannes hen kan verstaan. De vraag die dit oproept luidt of mensen en verschillende soorten dieren in de hemel met elkaar kunnen praten.

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

 

Een vaak gestelde vraag

 

Wij houden van onze huisdieren en we willen weten wat er met hen zal gebeuren. Wat Gods Woord zegt over de dood van de dieren is te vinden in Prediker 3 vers 1:

 

 “Wie bemerkt, dat de adem der mensenkinderen opstijgt naar boven en dat de adem der dieren neerdaalt naar beneden in de aarde ?” 

 

Bemerk, dat dit werd geschreven door Salomo, de wijste mens die ooit had geleefd, maar die deze uitspraak afsloot met een vraagteken. Zelfs Salomo wist het antwoord op deze vraag niet. Daarom is het fout te concluderen uit deze tekst dat de dieren na hun dood geen bestemming zullen krijgen, ze hebben een ziel. Het vraagteken is uitermate belangrijk.

Laten we daarom eens kijken naar een heel andere tekst:

“Wat geen oog heeft gezien, geen oor heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bereid voor wie Hem liefhebben.” 1 Korintiërs 2 vers 9

en

“Hij heeft ons samen met Hem laten opstaan en laten zetelen in de hemelse regionen, in Christus Jezus, om in de toekomstige eeuwen de overgrote rijkdom van zijn genade te tonen, door zijn goedheid jegens ons in Christus Jezus.”  Efeziërs 2 vers 7

 

 

 

De wensen van ons hart?

 

De Here God houdt van ons. Hij wil ons zegenen. “verlustig u in de Here; dan zal Hij u geven de wensen van uw hart.”  Psalm 37 vers 4  Hoe veel betekent de Here voor jou? Verlustig jij jezelf in de Here? Is Hij de ‘nummer Een’ van jouw leven? Houdt met je hele hart van de Heer; Hij houdt van jou. Hij kent de wensen van ons hart. Misschien dat de wens van jouw hart, dat je je geliefde dier zult terugzien, ook door Hem wordt gezien?

 

 

 

Een getuigenis van dieren in de hemel

 

Een meisje van ongeveer drie jaar werd ernstig ziek en naar het ziekenhuis gebracht, waar haar hart stopte. Gedurende zeven minuten werd zij gereanimeerd voordat haar hart weer ging kloppen. Gelukkig herstelde zij. Enkele maanden daarna zat het kind aan tafel, toen het plotseling tegen haar moeder zei: ‘ik wilde dat ik de Heer Jezus weer kon zien’.

De moeder’s adem stokte, ‘wanneer heb jij de Heer Jezus dan gezien?’ vroeg ze. ‘Toen ik zo ziek was, in het ziekenhuis’ antwoordde het meisje. De moeder vroeg door en vroeg wat ze dan gedaan had. ‘We hebben gewandeld en ik hield Zijn hand vast’ zei het meisje. ‘en we hebben gespeeld met de jonge hondjes. Daarna zei de Heer Jezus dat ik terug moest gaan en toen werd ik wakker in het ziekenhuisbed’.

 

 

 

Geldt dit ook voor jou?

 

Ik geloof voor geen moment dat de Here God Zijn kinderen de simpele en blijde genoegens zal onthouden (zoals liefde voor en van onze dieren) die tijdens ons leven zo’n zegen waren. Maar trek je eigen conclusies. Hoe dan ook: een ieder die de Heer Jezus niet kent als zijn/haar Verlosser, en die sterft in de zonden, zal de onuitsprekelijke zegeningen missen die God aan Zijn kinderen heeft beloofd! De tijd, waarin verlorenen alsnog gered kunnen worden, loopt ten einde. Maak er ernst mee!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

De hof van Eden

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

345

 

.

 

 

De hof van Eden is voor de mensheid geschapen

 

De hof van Eden wordt in hoofdstukken 2 en 3 van het boek Genesis beschreven. De Heer schiep de hof specifiek voor Adam, de eerste mens die door God was geschapen. In Genesis 2:8-9 lezen we:

“Daarna legde de Heer God een tuin aan in Eden, ergens in het oosten, en daarin plaatste Hij de mens die Hij geboetseerd had. De Heer God liet uit de grond allerlei bomen opschieten, aanlokkelijk om te zien en heerlijk om van te eten”.

 

Sommige mensen geloven dat de hof zich op een bergtop bevond of dat er mogelijk zoetwaterbronnen ontsproten, omdat we het volgende kunnen lezen:

“In Eden ontspringt de rivier die water geeft aan de tuin; zij splitst zich in vier armen” (Genesis 2:10).

 

De hof van Eden was perfect, bood de mens schoonheid en voeding en was de thuisplaats van allerlei bomen die “aanlokkelijk om te zien en heerlijk om van te eten” waren. De hof was een bron van zoet drinkbaar rivierwater. God plaatste de mens “in de tuin van Eden, om die te bewerken en te beheren” (Genesis 2:15).

 

 

 

Is de hof van Eden een Bijbelse tegenstrijdigheid?

 

De hof van Eden, zoals deze in het boek Genesis wordt beschreven, wordt door critici vaak genoemd omdat deze een schijnbare tegenstrijdigheid bevat. Critici vergelijken de “scheppingsweek” in Genesis hoofdstuk 1 (de schepping van planten op dag 3 en van dieren en mensen op dagen 5 en 6) met de schepping van de hof van Eden in Genesis hoofdstuk 2 (de hof werd voor de mens geschapen nadat de mens reeds door God was voortgebracht).

We lezen:

“Zo werden de hemel en de aarde voltooid, en alles waarmee ze toegerust zijn. Op de zevende dag bracht God het werk dat Hij verricht had tot voltooiing. Hij rustte op de zevende dag van al zijn werk dat Hij verricht had. God zegende de zevende dag en maakte hem heilig, want op die dag rustte God van al het werk dat Hij scheppend tot stand had gebracht. Dit is de geschiedenis van het ontstaan van de hemel en de aarde, zoals ze geschapen zijn. Toen de Heer God aarde en hemel maakte, waren er op aarde nog geen wilde planten en groeide er geen enkel veldgewas, want de Heer God had nog geen regen op de aarde laten vallen en er was nog geen mens om de grond te bebouwen” (Genesis 2:1-5).

 

Critici wijzen erop dat Genesis 1 beweert dat planten op dag 3 werden geschapen, terwijl de mens op dag 6 werd geschapen. Waarom lezen we dan in Genesis 2 dat er geen planten waren omdat de mens nog niet gevormd was? De sleutel tot het antwoord is dat we Genesis 1 en Genesis 2 in de juiste context moeten lezen.

Genesis 2:1-4 beëindigt de “scheppingsweek” terwijl Genesis 2:5 begint met het verslag over de hof van Eden. Dit wordt duidelijk uit de volledige context van Genesis hoofdstuk 2 en het feit dat de hof nog niet door God was aangelegd. Hij had de mens nog niet geschapen die de Hof moest “bewerken en beheren” (Genesis 2:15).

We lezen dat God in de hof van Eden, die Hij voor de mens had geschapen, elk dier uit de aarde boetseerde en naar Adam bracht om van hem een naam te krijgen. Critici stellen dat dit een tegenstrijdigheid is, omdat we lezen dat God de dieren op dagen 5 en 6 van de scheppingsweek schiep. Dit was dus voordat de hof door God was geschapen.

Deze schijnbare tegenstrijdigheid kan gemakkelijk verklaard worden. God schiep de wereld en alle dieren in de wereld. Daarna schiep Hij de mens. En daarna toonde Hij elk dier aan de mens zodat de mens elk dier een naam kon geven (en waarschijnlijk ook om de mens te laten zien dat God inderdaad de dieren had geschapen, omdat de mens later werd geschapen dan de dieren en hier dus geen getuige van was geweest).

“De mens gaf dus namen aan alle tamme dieren” (Genesis 2:20).

 

Het afzonderlijk lezen van de twee verslagen (de schepping van de aarde als een biosfeer in Genesis 1 en de schepping van een enkele hof en wat daarin gebeurde in Genesis 2) en vervolgens de verschillen tussen deze twee verslagen een “tegenstrijdigheid” noemen, getuigt van een zwakke hermeneutiek (interpretatie van de Bijbel).

conclusie : na de schepping van hemel en aarde schiep God op de derde dag de planten. Op dag 5 schiep hij de dieren en op dag 6 de mens. Dan maakte God op aarde een paradijs voor de mens, de hof van Eden. Dan plaatste God de dieren en de mens in de hof. De mens mocht de hof bewerken en de dieren een naam geven.

 

 

 

maxresdefault

 

 

.

 

Het paradijselijke land

 

God gaf de hof van Eden aan de mens om deze te beheren en te bewerken. En hoewel de hof ongetwijfeld spectaculair was, was deze nog niet het paradijs. Het mooiste juweel in de kroon van perfectie, het toppunt van aardse schoonheid, ontbrak nog. God verkondigde:

Het is niet goed dat de mens alleen blijft…” (Genesis 2:18).

 

En ook al gaf Adam “dus namen aan alle tamme dieren en aan alle vogels van de lucht, en aan al de wilde beesten”, toch was hij niet in staat om een hulp te vinden die bij hem paste. Daarom

liet de Heer God de mens in een diepe slaap vallen; en terwijl hij sliep, nam Hij één van zijn ribben weg en zette er vlees voor in de plaats. En de Heer God vormde de rib die Hij uit de mens had weggenomen tot een vrouw, en bracht haar naar de mens. Toen zei de mens: ‘Eindelijk, dit is been van mijn gebeente en vlees van mijn vlees! Mannin zal zij heten, want uit een man is zij genomen.’ Daarom zal een mens zijn vader en zijn moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn. Ze waren beiden naakt, de mens en zijn vrouw, maar ze voelden geen schaamte voor elkaar” (Genesis 2:21-25).

 

Terugkomend op de vermeende tegenstrijdigheid die we hierboven noemden, is het belangrijk om op te merken dat Jezus Christus de verslagen in Genesis1 en 2 letterlijk nam. In Matteüs 19:3-6 lezen we:

“Er kwamen farizeeën op Hem af om Hem op de proef te stellen. Ze zeiden: ‘Is het een man geoorloofd zijn vrouw te verstoten om een willekeurige reden?’ Hij gaf ten antwoord: ‘Hebt u niet gelezen dat de schepper hen vanaf het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt? En dat Hij gezegd heeft: Daarom zal een mens zijn vader en moeder verlaten en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één zijn? Ze zijn dus niet meer twee, maar één. Dus, wat God heeft verbonden, moet de mens niet scheiden.’

 

Hier citeerde Jezus uit Genesis 1 -27 en 2-24, wat aantoont dat Hij Genesis1 en 2 niet zag als tegenstrijdige scheppingsverhalen die gecorrigeerd zouden moeten worden.

 

 

.

 

Het land van de keuze

 

De mens werd geschapen om een ware liefdesrelatie met zijn Schepper God te hebben in de hof van Eden. Een noodzakelijk ingrediënt van een oprechte liefdesrelatie is een vrije wil. Ware liefde kan per definitie niet bestaan als hier niet vrijwillig voor wordt gekozen. Zonder een keuzemogelijkheid is het dus niet mogelijk om werkelijk lief te hebben.

Een misvatting die mensen vaak hebben, is dat liefde een emotie of een verlangen zou zijn. Begeerte is een emotie of een verlangen, liefde is een beslissing. Liefde is jouw beslissing om de verlangens van die ander op de eerste plaats te stellen in plaats van je eigen verlangens.

En dus gaf God de mens het vermogen om te kiezen om God lief te hebben of om zichzelf op de eerste plaats te stellen.

“En de Heer God gaf de mens dit gebod: ‘Je mag van alle bomen in de tuin overvloedig eten, maar van de boom van de kennis van goed en kwaad mag je niet eten'(Genesis 2:16-17).

 

De mens had dus een keuze, God gehoorzamen of God niet gehoorzamen. De mens had de keuze om Gods wensen voorrang te geven of om zijn eigen verlangen voorrang te geven; zijn verlangen om eerst van de verboden vrucht te eten. De mens at van deze vrucht nadat Satan de mens door een leugen om de tuin leidde. De mens zou volgens Satan gelijk worden aan God en kennis krijgen van goed en kwaad na het eten van de verboden vrucht.

 

 

 

Satan die via de slang de mens in de verleiding bracht om te zondigen

Satan die via de slang de mens in de verleiding bracht om te zondigen

 

 

 

Door het toedoen van een geestelijk schepsel zondigde de mens en werd daarom door God uit de hof van Eden verbannen. Het paradijs ging verloren. Vanwege de opstandigheid van de mens vervloekte God de wereld, in het belang van de mens. God schiep de mens met het potentieel om te zondigen, maar Hij schiep de zonde niet.

De eerste man en de eerste vrouw zetten dat potentieel om in een werkelijkheid en brachten zo de zonden in de wereld. Sindsdien zijn alle mannen en vrouwen verraderlijk, roekeloos, verwaand en meer genotzuchtig dan godvruchtig geweest (2 Timoteüs 3:4).

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

John Astria

Boodschap 15 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

Mens-en-dier

 

 

.

.

.

DE MENS

 

IS GEMAAKT

 

OM OVER DIEREN TE HEERSEN

 

OP EEN

 

RESPECTVOLLE MANIER.

 

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Tweeëndertigste Miniatuur : elfde visioen van het Derde Boek

Standaard

categorie ; Hildegard Von Bingen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tweeëndertigste Miniatuur: Elfde visioen van het Derde Boek

 

 

.

Scivias%20T%2032_Boek%20III_11

.

.

.

 

Vier miniaturen verluchten de laatste visioenen van het boek Scivias. Het zijn het elfde, twaalfde en dertiende visioen die gaan over het einde der tijden, de Wederkomst van Christus, het Laatste Oordeel en tenslotte de Hemelse Glorie.Miniatuur 32 is wel een van de merkwaardigste van alle 35 illustraties. Men beziet dit met een zekere huiver.

In de linkerbovenhoek zijn de vijf apocalyptische beesten weergegeven welke Hildegard vanuit het noordoosten ziet oprukken. De dieren zijn een hond, een leeuw, een paard, een varken en een wolf. Uit hun bekken komen donkere koorden die in het Westen aan de vijftoppige heuvel zijn vastgemaakt.

Een merkwaardige voorstelling, die velen in de middeleeuwen fascineerde. Elk van de vijf dieren verzinnebeeldt één van de tijdperken die nog moeten komen in de geest van de toekomstvoorspelling in het Boek Daniël. Daarom zijn deze dieren afgebeeld tegen een achtergrond van zilver, het beeld van de almacht van God en van Zijn Alwetendheid en Voorzienigheid.

Dit alles immers vraagt van ons een geest van geloof. Vooral de hier afgebeelde toekomstvoorspellingen van Hildegard hebben door de eeuwen heen een grote invloed gehad. In de middeleeuwen zijn deze voorspellingen veel geraadpleegd vanuit een veel verspreid handschrift ‘de Pentachronon’ of het Vijftijdenboek. Dit boek was in 1220 samengesteld door Prior Gebenon van Eberbach uit verschillende geschriften van Hildegard. Het bezorgde Hildegard de titel van Profetes.

Rechts bovenaan zien we weer de Mensenzoon gezeten in het Oosten waar de muren van het hele gebouw samenkomen. Maar op het einde der tijden zien we Hem volledig met op zijn schoot een muziekinstrument dat op een lier gelijkt. Volgens de tekst wijst dit op de vreugdezang die de heldhaftige martelaren doen weerklinken, als zij, vervolgd door de antichrist, hun leven geven voor de Heer.

De onderkant van de Christusfiguur is wel zichtbaar maar donker van kleur. Dit wijst op de donkere tijd van de antichrist, wanneer veel gelovigen door hem tot afval verleid worden. Waarom Christus hier met een boek in de hand is voorgesteld, is niet uit de tekst op te maken. Het is de vrijheid van de miniaturist om Christus hier met de Bijbel uit te beelden, zoals we Hem kennen van de mozaïeken in de basilieken der eerste eeuwen.

Nu verschijnt in de benedenhelft van de voorstelling de verheerlijkte Kerk, zoals we haar kennen van de miniatuur twaalf. Maar tot onze schrik baart zij een afschuwelijke monsterkop met ezelsoren, terwijl haar onderlichaam hevig gewond is. We hebben gezien dat bij de opbouw van het kasteel alle uitwendige verdedigingswerken tegen de duivel in het Noorden waren gericht en dat de Kerk onoverwinnelijk leek.

Maar nu zien we hoe de Kerk van binnenuit bedreigd wordt. Op het moment dat de laatste muur van het Zuiden naar het Oosten afgebouwd wordt, heeft ook de laatste en tevens de gevaarlijkste aanval op het geloof van de Kerk plaats en wel vanuit de gelovigen zelf.

Hier grijpt Hildegard terug op het kerkbeeld van het tweede boek van Scivias en wel op dat van de bruid. Thans baart zij echter geen kinderen door haar mond tot het eeuwig leven, maar brengt zij langs natuurlijke weg de afschuwelijke antichrist ter wereld.

De enige hoop die ons voor de toekomst van de Kerk overgelaten wordt, is dat de voeten van de vrouw weer stralen van verblindend licht. Dat is de kracht van het geloof (hier weer door zilver aangeduid) waarop de bruid van Gods Zoon gegrondvest is en overeind blijft staan. De antichrist zal in overmoed en tot grote verbazing van de mensen opstijgen tot de hoogste bergen om te trachten de hemel te bestormen.

Maar een vuurstraal uit de hemel doet hem op aarde neerstorten. Alles samen een vreselijke voorstelling waaruit de oerangst van de middeleeuwen voor de laatste tijden duidelijk naar voren komt. Hildegard veroordeelde op krachtige toon het zedelijke verval, dat in haar tijd in de kerk al zichtbaar werd. Haar werd in een visioen duidelijk getoond waaruit dit verval in de eindtijd van het huidige tijdperk zou bestaan.

De kerk zou een zedelijk verval krijgen door perverse seksualiteit. We zien het zwarte monster dat door de kerk zelf wordt gebaard en zich betekenisvol ‘in haar kruis’ bevindt. Op verschillende plaatsen in de literatuur wordt over de vijf dieren geschreven die vijf tijdperken vertegenwoordigen.

 

 

 

hildegard-einde-der-tijden-2

 

 

 

De tijd van het ‘zwarte monster’ is onze tijd, waarin het zedelijke verval en het onvermogen tot zelfkritiek van de Rooms-Katholieke Kerk onverbloemd tot uiting komt.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA