Tagarchief: mineraal

Tremoliet

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemeen

 

Het mineraal tremoliet is een calciummagnesiuminosilicaat met de chemische formule Ca2Mg5Si8O22(OH)2. Het behoort tot de amfibolen. Het kleurloze, witte, bruine of lichtgroene tremoliet heeft een glas- tot parelglans en een witte streepkleur. Het kristalstelsel is monoklien en de splijting is perfect volgens kristalvlak [110] en duidelijk volgens [010]. De gemiddelde dichtheid is 3,05 en de hardheid is 5 tot 6. Tremoliet is niet radioactief.

Sommige vormen van tremoliet hebben een naaldachtige vezelstructuur en het mineraal is één van de zes verschijningsvormen van asbest, en wordt ook wel grijze asbest genoemd. Het is een zeldzaam toegepaste vorm in verhouding tot blauwe-, witte- en bruine asbest. Tremoliet zit soms in kit en plaatmateriaal, en meestal in lage concentraties.

 

 

 

 

 

Naamgeving

 

Het mineraal tremoliet is genoemd naar de Tremola vallei in de Italiaanse Alpen, waar het voor het eerst beschre- ven werd.

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Tremoliet is een van de meest voorkomende amfibolen en komt voor in stollings- en metamorfe gesteenten.. Met name in calcium-rijke gesteentes, die contactmetamorfose ondergaan, wordt tremoliet gevormd.

 

 

 

 

 

Tremoliet
Tremolite Campolungo.jpg
Mineraal
Chemische formule Ca2Mg5Si8O22(OH)2
Kleur Bruin, kleurloos, grijs, wit of lichtgroen
Streepkleur Wit
Hardheid 5 – 6
Gemiddelde dichtheid 3,05 kg/dm3
Glans Parelglans
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Splijting [110] Perfect, [010] Onduidelijk
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Titaniet, sfeen

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemeen

.

Het mineraal titaniet of sfeen is een fluor-houdend calciumtitaniumsilicaat met de chemische  formule CaTiSiO5. Zeldzame aardelementen als lanthaniumceriumpraseodymiumsamarium en neodymium komen in kleine hoeveelheden in het mineraal voor. Het mineraal behoort tot de nesosilicaten.

Het grijze, groene, gele, rode of roodbruine titaniet heeft een diamantglans, een rood-witte streepkleur en de splijting van het mineraal is duidelijk volgens het kristalvlak [110] en imperfect volgens [100] en [112]. Het kristalstelsel is monoklien. Het mineraal heeft een gemiddelde dichtheid van 3,48, de hardheid is 5 tot 5,5 en het mineraal is, door de insluitsels van de zeldzame aardelementen, mild radioactief. De gamma ray waarde volgens het American Petroleum Institute is 3805,77.

.

.

.

.

Naamgeving

.

De naam van het mineraal titaniet is afgeleid van de samenstelling; het bevat het element titanium.

.

.

.

.

Voorkomen

.

Het mineraal titaniet is een algemeen voorkomend mineraal in felsische dieptegesteenten, pegmatieten, gneisen, schisten en skarns. De typelocatie is Passau, Beieren, Duitsland. Titaniet komt ook voor in de zandfractie van Nederlandse Kwartaire riviersedimenten. In de zware metaalanalyse, zoals dat in Nederland bij de Rijks Geologische Dienst gedurende de tweede helft van de twintigste eeuw plaats vond, wordt het mineraal ingedeeld bij de zogenoemde instabiele groep. Het wordt daarin tot de vulkanische mineralen gerekend. Er worden verschillende variëteiten onderscheiden waarvan er een karakteristiek voor Maaszanden is.

.

.

.

.

Titaniet
Titanite crystals on Amphibole - Ochtendung, Eifel, Germany.jpg

.

.

Mineraal
Chemische formule CaTiAlFe3+SiO5F
Kleur Grijs, groen, geel, rood of roodbruin
Streepkleur Roodwit
Hardheid 5 – 5,5
Gemiddelde dichtheid 3,48 kg/dm3
Glans Diamantglans
Splijting [110] Duidelijk, [100] Imperfect, [112] Imperfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Realgaar

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Eigenschappen 

 

Het mineraal realgaar is een arseen-sulfide met de chemische formule AsS. Het doorzichtige tot doorschijnende oranjegele of aurora-rode tot donkerrode realgaar heeft een submetallische glans, een oranje streepkleur en de splijting is goed volgens het kristalvlak [010]. Realgaar heeft een gemiddelde dichtheid van 3,56 en de hardheid is 1,5 tot 2. Het kristalstelsel is monoklien en het mineraal is niet radioactief. Het komt in de natuur voor als korrels en als goed ontwikkelde kristallen. Realgaar lijkt op cinnaber, maar is zachter en lichter. Het zeer giftige mineraal werd vroeger gebruikt in de geneeskundeleerlooierij en de glasbereiding en tegenwoordig bij het maken van vuurwerk en pesticiden.

 

 

 

 

 

Naamgeving

 

De naam van het mineraal realgaar is afgeleid van de Arabische woorden rahj al ghar, dat “mijnpoeder” betekent; dit omdat het een mineraal was dat in de zilvermijnen werd aangetroffen.

 

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Realgaar is een algemeen voorkomend mineraal in hydrothermale arseen-antimoonertsen. Hier wordt realgaar (70% arseen) gevormd door de ontleding van andere arseenhoudende mineralen, zoals arsenopyriet. De type- locatie is de Zarshuran mijn, Azarbayjan-e KhavariTakab (Takan Tepe), Iran. Het mineraal wordt verder gevonden in DuranusAlpes-MaritimesFrankrijk, in de provincie Hunan het huidige China en in Allchar RoszdanMacedonië.

 

 

 

 

 

Realgaar
Realgar-Calcite-37467.jpg
Mineraal
Chemische formule AsS of As4S4
Kleur Oranjegeel tot donkerrood
Streepkleur Oranje
Hardheid 1,5 tot 3
Gemiddelde dichtheid 6 kg/dm3
Glans Submetallisch
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Splijting [010] Goed
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien
Bijzondere kenmerken Zeer giftig

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gedriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Gedriet, ook wel gedritiet, is een mineraal dat tot de amfibool (hoornblende) groep hoort van de inosilicaten. Het mineraal kan wit, grijs, groen, bruin en zwart van kleur zijn, die in verschillende waaiervormige tekeningen op de steen voorkomen.

 

 

 

Etymologie

 

Gedriet is vernoemd naar het de plaats Gèdres, in de Héas Vallei in Frankrijk.

 

 

 

 

Vindplaats

 

Gedriet wordt onder andere gevonden in Frankrijk, Scandinavië, Australië en de VS.

 

 

 

.

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Mg2(Mg3Al2)(Si6Al2)O22(OH)2

hardheid: 5,5 – 6

dichtheid: 3,25

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pyromorfiet

Standaard

Categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Eigenschappen 

.

Het mineraal pyromorfiet is een chloor-houdend loodfosfaat met de chemische formule Pb5(PO4)3Cl. Het meestal groene of bruine pyromorfiet heeft een diamantglans, een witte streepkleur en het mineraal kent een imperfecte splijting volgens het kristalvlak [1011]. Het kristalstelsel is hexagonaal. Pyromorfiet heeft een gemiddelde dichtheid van 6,85, de hardheid is 3,5 tot 4 en het mineraal is niet radioactief.

.

.

.

.

Naamgeving

.

De naam van het mineraal pyromorfiet is afgeleid van de Griekse woorden πῦρ, pur (“vuur”) en μορφή, morphē, dat “vorm” betekent. Het mineraal werd zo genoemd vanwege de aard van de rekristallisatiereactie als het gesmolten werd.

.

.

.

.

Voorkomen

.

Pyromorfiet is een mineraal dat als secundair mineraal voorkomt in de geoxideerde zones van lood-houdende ertsen. De typelocatie is niet gedefinieerd, maar het mineraal wordt onder andere gevonden in de San Andrés mijn in Villaviciosa, provincie CórdobaSpanje.

.

.

.

.

Pyromorfiet
Pyromorphiteussel1.jpg

.

Mineraal
Chemische formule Pb5(PO4)3Cl
Kleur Grijswit, geel, groen of bruin
Streepkleur Wit
Hardheid 3,5 tot 4
Gemiddelde dichtheid 6,85 kg/dm3
Glans Diamant
Splijting [1011] Imperfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Hexagonaal

 

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

Pyrolusiet

Standaard

Categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Eigenschappen

 

Het mineraal pyrolusiet is een mangaan-oxide met de chemische formule MnO2. Het opaak blauw- tot staalgrijze pyrolusiet heeft een submetallische glans, een zwarte streepkleur en het mineraal kent een perfecte splijting volgens het kristalvlak [110]. Het kristalstelsel is tetragonaal. Pyrolusiet heeft een gemiddelde dichtheid van 4,73, de hardheid is 6 tot 6,5 en het mineraal is niet radioactief.

 

 

 

 

 

Naamgeving

 

De naam van het mineraal pyrolusiet is afgeleid van de Griekse woorden πῦρ, pur (“vuur”) en λούειν, louein, dat “wassen” betekent. Het mineraal werd vroeger gebruikt om de groene kleur van tweewaardige ijzer-oxiden van glas te wassen.

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Pyrolusiet is een algemeen mineraal dat voorkomt in sedimentaire en hydrothermale gesteenten en als secundair mineraal gevormd kan worden. De typelocatie is niet gedefinieerd. Het wordt onder andere gevonden in Hori BlatnaTsjechië.

 

 

 

 

 

Pyrolusiet
Pyrolusite botryoidal.jpg
Mineraal
Chemische formule MnO2
Kleur Blauw- tot staalgrijs
Streepkleur Zwart
Hardheid 6 tot 6,5
Gemiddelde dichtheid 4,73 kg/dm3
Glans Submetallisch
Opaciteit Opaak
Splijting [110] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Tetragonaal

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Flogopiet

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Flogopiet, ook wel magnesium mica genoemd, is een aluminium houdend mineraal dat tot de mica familie van de fylosilicaten behoort. De doorzichtig tot doorschijnende kristallen zijn kleurloos tot roodbruin, oranje, geel of groen van kleur, met een parelachtige glans.

Het mineraal heeft een witte streepkleur. Het kristalstelsel is monoklien en de splijting is perfect volgens kristalvlak [001]. De gemiddelde dichtheid is 2,8 en de hardheid is 2 tot 2,5. Zoals meer mica’s, is flogopiet zwak radioactief.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

De naam flogopiet is afgeleid van het Griekse phlogopos, wat ‘lijkend op vuur’ betekent.

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Flogopiet wordt onder andere in Groenland, Rusland, Canada en de VS gevonden.

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: KMg3AlSi3O10F(OH)

hardheid: 2 – 2,5

dichtheid: 2,8

 

 

Mineraal
Chemische formule KMg3AlSi3O10F(OH)
Kleur Bruin, grijs, groen, geel of roodbruin
Streepkleur Wit
Hardheid 2 – 2,5
Gemiddelde dichtheid 2,8 kg/dm3
Glans Parelglans
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Splijting [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Piemontiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemeen

 

Piemontiet is een lid van de epidootgroep. De mineralengroep epidoot bestaat uit een aantal sorosilicaten, waarvan de belangrijkste het mineraal epidoot is. Het mineraal epidoot is een calciumijzeraluminiumsilicaat met de chemische formule  Ca2(Fe3+,Al)Al2(SiO4)(Si2O7)O(OH).

 

piemontiet – ruw

 

 

 

Eigenschappen

 

Het geel- tot bruingroene, grijze of zwarte epidoot heeft een glasglans, een grijswitte streepkleur en de splijting is perfect volgens kristalvlak [001]. Het kristalstelsel is monoklien. De gemiddelde dichtheid is 3,45 en de hardheid is 7. Epidoot is niet radioactief. Piemontiet heeft een zachte roze, rode kleur.

 

 

piemontiet

 

 

 

Leden van de epidootgroep

 

Clinozoisiet

Epidoot

Piemontiet

Niigatiet

Tweddilliet

Mukhiniet

Androsiet

Allaniet

Hancockiet

Zoisiet

 

 

Naamgeving

 

De naam epidoot is afgeleid van het Griekse epidosis, dat “toevoeging” betekent.

 

 

 

 

 

Epidoot
Epidote Oisans.jpg
Mineraal
Chemische formule Ca2(Fe3+,Al)Al2(SiO4)(Si2O7)O(OH)
Kleur Geelgroen, bruingroen, zwart, geel of grijs, roze, rood
Streepkleur Grijswit
Hardheid 7
Gemiddelde dichtheid 3,45 kg/dm3
Glans Glasglans
Opaciteit Doorzichtig, doorschijnend tot opaak
Splijting [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien

 

 

piemontiet – ruw

 

 

 

Voorkomen

 

Epidoot is een wereldwijd zeer veelvoorkomend mineraal, met name in metamorfe gesteenten. Het wordt gevormd in kristallijne kalksteen en in schisten. Vooral in de Knappenwand te Salzburg (Oostenrijk) worden mooie epidootkristallen gevonden. Epidoot komt algemeen voor in de zandfractie van Nederlandse kwartaire riviersedimenten. 

 

 

piemontiet – donut

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Fenakiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Eigenschappen

 

Het kleurloze, blauwige, witte, gele, roze of bruine fenakiet heeft een witte streepkleur en een glasglans. De hardheid van het mineraal is 8 op de schaal van Mohs en het doorzichtig tot doorschijnende mineraal komt voor in kristallen of korrelige of radiale aggregaten. Het soortelijk gewicht van fenakiet is 2,98 en het mineraal heeft een trigonaal kristalstelsel.

 

 

 

 

Naam

 

De naam van het mineraal fenakiet is afgeleid van het Griekse  phenax, dat “bedrieglijk” betekent want het werd met kwarts verwisseld.

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Fenakiet komt voor in pegmatieten en is zeldzaam. De typelocatie is Takovaya in het Oeralgebergte in Rusland waar men tot 18 centimeter grote kristallen gevonden heeft. Gele en rode kristallen komen voor in Brazilië  en in de VS. Grote kristallen (tot 8 centimeter) komen voor in het Habachdal in Oostenrijk.

 

 

 

 

 

Mineraal
Chemische formule Be2SiO4
Kleur Kleurloos, wit, blauwig, geel, roze, bruin
Streepkleur Wit
Hardheid 7,5 – 8
Gemiddelde dichtheid 2,98 kg/dm3
Glans Glas
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Breuk Schelpvormig (bros)
Splijting Duidelijk, [1020]
Kristaloptiek
Kristalstelsel Trigonaal
Brekingsindices 1,654 – 1,670
Dubbele breking 0,0160
Dispersie 0,015
Fluorescentie Bleek groenachtig, blauw
Luminescentie Soms violet tot roze
Pleochroïsme Duidelijk, kleurloos tot oranjegeel

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Euklaas

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemene informatie

.

Eigenschappen

.

Het doorzichtige tot doorschijnende kleurloze, witte, (licht)blauwe of lichtgroene euklaas heeft een witte streep- kleur, een glasglans en de splijting is perfect volgens kristalvlak [010]. De gemiddelde dichtheid is 3,04 en de hardhheid is 7,5. Het kristalstelsel is monoklien en het mineraal is niet radioactief.

.

.

.

.

Naamgeving

.

De naam van het mineraal euklaas is afgeleid van de Griekse woorden eu en  klasis goed breken. Deze naam lijkt opvallend, omdat de hardheid van het mineraal 7,5 bedraagt. Breken is echter niet afhankelijk van hardheid.

.

.

.

.

Geschiedenis

.

Hoewel euklaas al in 1792 is beschreven wordt het nog niet zo lang als edelsteen gebruikt.

.

Voorkomen

.

Euklaas is, zoals andere berylliumhoudende mineralen, een algemeen mineraal in pegmatieten, maar het wordt ook gevonden in gebieden met hydrothermale activiteit. De typelocatie is het Orenburg district in de Zuidelijke-Oeral, Rusland. Het wordt ook gevonden in Colombia. Rijke vindplaatsen van blauwe en groene euklaaskristallen bevinden zich in Brazilië. Grote euklaas kristallen worden ook gevonden in ZimbabweOegandaKongoZuid-AfrikaNoorwegen en Oostenrijk.

.

.

.

.

Chemische eigenschappen

.

chemische samenstelling: AlBe(OH)SiO4)

hardheid: 6,5 – 7,5

.

.

Euklaas
Euclase 1.jpg
Mineraal
Chemische formule AlBe(OH)SiO4)
Kleur kleurloos, groenachtig, blauw
Streepkleur wit
Hardheid 6,5-7,5
Glans glasglans, diamantglans
Breuk schelpvormig
Splijting zeer goed
Kristaloptiek
Brekingsindices Np 1,652, Nm 1,656, Ng 1,672
Dubbele breking 0,019-0,025
Dispersie 0,016
Luminescentie soms donkerrood, onduidelijk
Pleochroïsme zwak tot sterk, geelachtig tot blauwgroen
Overige eigenschappen
Veredeling niet bekend
Bijzondere kenmerken geen

 


.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.

.