Tagarchief: Frankrijk

Lodewijk 14, de zonnekoning van Frankrijk

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

.

“De staat, dat ben ik.” Hoewel historici inmiddels betwijfelen of Lodewijk XIV, de Zonnekoning van Frankrijk, deze woorden ooit zelf heeft gebezigd, vormen ze in ieder geval wel een prachtige omschrijving van zijn heerschappij. Tijdens zijn 72 jaar durende koningschap trok alle macht naar zich toe en onderwierp de adel aan zijn bewind, dat hij baseerde op zijn goddelijke recht om te besturen.

.

 

 

 

.

Lodewijk XIV werd geboren op 5 september 1638 als de zoon van de Franse koning Lodewijk XIII en diens vrouw, Anna van Oostenrijk. Zijn geboorte kwam als een grote verassing ,omdat zijn ouders al 23 jaar getrouwd waren, maar tot op dat moment nog geen kinderen hadden gekregen. Gedurende zijn jeugd werd hij dan ook vaak aangesproken als ‘Louis-Dieudonné’, ofwel ‘Lodewijk het Godsgeschenk’.

 

.

 

 

Mazarin en La Fronde

.

In 1643 kwam Lodewijk III te overlijden en werd de vijfjarige Lodewijk XIV koning van Frankrijk, met zijn moeder als regentes. De feitelijke macht over het bestuur kwam echter in handen van kardinaal Mazarin, de Eerste Minister van Frankrijk.

Hij slaagde er onder meer in de Dertigjarige Oorlog met Spanje tot een goed einde te brengen, waardoor Frankrijk uitgroeide tot de één van de machtigste naties van Europa. Lodewijk XIV was Mazarin echter vooral dankbaar voor het neerslaan van La Fronde (1648-1653), een opstand van de Franse adel gericht tegen het koninklijke bewind.

 

.

 

30 jarige oorlog

.

 

 

Droit Divin

 

Na de dood van kardinaal Mazarin in 1661 viel de macht volledig in handen van Lodewijk XIV. Mede door de ervaringen uit zijn jeugd was hij ervan overtuigd dat hij aangesteld was door God zelf, en dat hij dus regeerde op basis van het ‘Droit Divin’, het goddelijke recht. Dit hield onder meer in dat de bevolking geen inspraak kreeg op het bestuur en dat Lodewijk aan niemand verantwoording af hoefde te leggen over zijn besluiten.

De jonge koning begon vervolgens direct de Franse adel aan zich te onderwerpen, om zo een herhaling van de voor hem traumatische gebeurtenissen tijdens La Fronde te voorkomen. De belangrijkste edellieden werden verplicht bij hem aan het hof in Versailles te komen wonen, zodat ze voortdurend onder zijn controle stonden. Daarnaast moesten ze regelmatig deelnemen aan uitgebreide koninklijke rituelen, waarin de superioriteit van Lodewijk nog eens benadrukt werd.

.

 

 

Chateau de Versailles in 1668 geschilderd door Pierre Patel

.

.

 

Huwelijk en minnaressen

.

Ook in het privéleven van Lodewijk XIV stond de politiek nog steeds centraal. Zo trouwde hij in 1660 met Maria Theresa van Spanje, de dochter van de Spaanse vorst Filips IV. Zij schonk hem zes kinderen, maar slechts een daarvan, Dauphin Lodewijk, wist de kinderjaren te overleven.

Van echte liefde tussen het paar was overigens geen sprake, zo blijkt wel uit de vele affaires die Lodewijk erop na hield. De Franse koning ging tijdens zijn huwelijk onder meer een relatie aan met Madame de Montespan, met wie hij maar liefst 7 kinderen kreeg.

.

 

 

Maria Theresia van Spanje

 

.

 

 

Madame de Montespan

.

 

 

 

Machtsuitbreiding van Frankrijk

.

Op buitenlands gebied hield Lodewijk zich vooral bezig met de versterking van zijn machtspositie. Zo verklaarde hij in 1672 de oorlog aan de Nederlandse Republiek, omdat deze weigerde mee te werken aan het Franse plan om de Spaanse Nederlanden onderling te verdelen. Deze Hollandse Oorlog (1672-1678) resulteerde uiteindelijk in een grote overwinning voor Frankrijk, dat onder meer Franche-Comté veroverde.

In 1681 wist Lodewijk XIV vervolgens ook de Elzas aan zijn rijk toe te voegen, en tijdens de Herenigingsoorlog (1683-1684) tegen Spanje kwamen hier ook nog delen van de Spaanse Nederlanden bij. De oorlogszucht van Lodewijk werd mede mogelijk gemaakt door Jean-Baptiste Colbert, de geniale Franse minister van Financiën die dankzij het mercantilisme de staatskas van Frankrijk aanzienlijk wist aan te sterken.

 

 

 

Frankrijk van 1552 tot 1798

 

 

.

 

Ondergang van Lodewijk

.

 

Tegen het einde van de 17e eeuw keerde het lot zich echter tegen Lodewijk. In 1683 kwam Colbert te overlijden, en daarnaast werden de Europese mogendheden zich steeds meer bewust van het gevaar van een te machtig Frankrijk.

Maar liefst zeven landen keerden zich in 1688 tegen Frankrijk nadat Lodewijk had geprobeerd aanspraak te maken op de Palts, met de Negenjarige Oorlog tot gevolg (1688-1697). Eenzelfde resultaat volgde toen hij in 1700 probeerde zijn kleinzoon op de Spaanse troon te zetten, wat resulteerde in de Spaanse successieoorlog (1701-1713).

 

.

 

 

Nagedachtenis

.

Tegen het einde van ’de heerschappij van Lodewijk stond Frankrijk als gevolg van deze conflicten dan ook aan de economische afgrond. De belastingdruk was veel te hoog, de bevolking was ontevreden en de luxe van het koninklijke Versailles stak schril af tegen de armoede van het platteland.

Lodewijk zag zelf ook in dat het mis was gegaan, maar verontschuldigde zich met de uitspraak “Oorlogvoeren was mijn passie”. De Zonnekoning Lodewijk XIV stierf op 1 september 1715, vier dagen voor zijn 77ste verjaardag. Volgens de overlevering waren zijn laatste woorden gericht aan de treurende hovelingen rond zijn sterfbed: “Waarom huilen jullie, dachten jullie dat ik onsterfelijk was?”

Lodewijk XIV werd uiteindelijk opgevolgd door zijn achterkleinzoon Lodewijk XV, op dat moment ook vijf jaar oud. De andere troonopvolgers, waaronder zijn zoon Dauphin Lodewijk en zijn kleinzoon Lodewijk van Bourgondië, waren tijdens het 72-jaar durende koningschap van Lodewijk XIV namelijk al overleden.

 

 

.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’ 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Advertenties

De geschiedenis van de kledij deel 3: 16e eeuw tot 19e eeuw

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

       Kleding in de 2e helft van de 16e eeuw

 

Spanje was in deze periode het rijkste land van Europa. Dit kwam door de grote goudvondsten in het pas ontdekte Amerika. Spanje was hierdoor de trendsetter in de mode. Toch verwerkte ieder land de mode op een andere manier. Door de 80-jarige oorlog brachten de Spanjaarden hun mode mee naar Nederland. Filips II was op dat moment koning van Spanje en Heer der Nederlanden.

Filips II was een zwaar gelovige katholiek en hij verbood opzichtige kleding en laag uit gesneden kleding voor vrouwen. Zwart werd de meest gedragen kleur. Sommige delen van de kleding werden stijf opgevuld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

De meeste kleding van de vrouw blijft hetzelfde. Het decolleté verdwijnt echter. Dames dragen hoog gesloten japonnen, waaruit een klein geplooid kraagje komt. In Engeland werd de Spaanse mode niet overgenomen. Hier dragen vrouwen een rok in een tonvorm.

Deze vorm ontstond door een stijf opgevulde rol, die op de heupen werd gelegd onder de rok. Ook in Nederland draagt een enkeling deze rok, genaamd “beuling”. Een Engelse en Franse dame willen het Spaanse kraagje niet. Zij dragen de “Stuartkraag”, een grotere kraag gemaakt van kant.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Mannen in Spanje dragen, na het verbod op luxe van Filips II, een klein onversierd kraagje. In Spanje hebben de mannen een spits baardje en een snor. De schoenen zijn donker en gesloten. Veel mannen hebben schoudercapes.

 

 

 

 

 

 

 

Barok

 

De barok ontstond rond 1600 in Nederland en duurde tot aan de Franse Revolutie. Wat kleding betreft leek de baroktijd op de Renaissance. Dure, lichte stoffen, vele versieringen, sieraden, borduursels en veel kant werden gebruikt voor de kleding.

In Nederland was vooral de mode van de kooplieden populair. Door handel waren kooplieden rijk geworden en dit lieten ze zien. Het wordt in Nederland ook wel de Gouden eeuw genoemd. Onder Lodewijk de 14e werd de kleding van het hof van Versailles bepalend voor heel Europa. Parijs werd de hoofdstad van de haute-couture.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eerste helft 17e eeuw

 

In de 17e eeuw verminderde de macht van Spanje. Frankrijk werd steeds machtiger. Ook de Republiek der Verenigde Nederlanden werd een belangrijk land. Er werden handelsondernemingen opgericht. Door de toenemende handel steeg de welvaart.

De Spaanse kleding moest aangepast worden. De opvullingen verdwenen, waardoor kleding veel natuurlijker werd. Ook de kleuren werden lichter en vrolijker. De molensteenkragen werden zonder steun en stijfsel gedragen, waardoor het haar ook weer langer kon zijn.

Vooral de mannenkleding onderging hevige veranderingen. De mode werd sterk beïnvloed door officierskleding gedragen aan het Franse hof. De broeklengte bleef tot de knie, maar de spleten onderaan de broek, konden nu met knopen worden gesloten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eerste helft 17e eeuw in Nederland

 

De 17e eeuw was voor Nederland de Gouden eeuw. Een nieuwe klasse van jonge rijke kooplieden ontstond. Deze gingen zich kleden als adel. Ze gebruikten kleurrijke, dure stoffen met veel kant. Ouderen hielden echter nog lang vast aan de kleding van de Renaissance, het zwarte regentenkostuum, wat mode was tijdens de Spaanse overheersing.

 

 

 

 

 

 

 

vrouw

 

Kenmerkend voor Holland is de ‘vlieger’, een zware mantel voor de vrouw van zwarte stof. Het lijfje is een los kledingstuk dat aan de ‘vlieger’ zit vastgespeld. Het lijfje is versierd met pareltjes en edelstenen. Het haar zit onder een mutsje. Dit bestaat uit een ondermuts en daarboven een siermutsje.

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

De Hollandse man draagt een knielange pofbroek. Hij draagt een ‘kastoor’ op zijn hoofd. Dit is een hoed van beverhaar. De band van de hoed is van zilver en versierd met edelstenen. Voor mannenkleding zijn er in de 17e eeuw speciaal kleermakers. Voor dames- en kinderkleding kan men terecht bij de wollennaaister.

 

 

 

 

 

 

 

 

2e helft van de 17e eeuw

 

Het Franse hof onder leiding van Lodewijk XIV was heel belangrijk. De renaissance is nu echt overgegaan in het tijdperk van de Barok. Alle kleding werd statig, maar ook zeer indrukwekkend. Alle versieringen waren zwaar en symmetrisch. Men maakte veel gebruik van tegenstellingen in vormen en kleuren. Kleding straalde macht en trots uit, zowel voor mannen als voor vrouwen.

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Mannen dragen een grove jas die tot de knieën reikt. Deze jas heeft grote zakken en geweldige grote mouwen. Over de hele jas zijn knoopsgaten aangebracht, toch wordt de jas wordt open gedragen. Onder de jas draagt de man een vest met zakken, die even lang is als de jas.

De broek is meestal onzichtbaar door de lange jas en het vest. Om de hals draagt hij een lange witte shawl. De uiteinden van de shawl vallen over het vest. Later worden de uiteinden van de shawl door de knoopsgaten gestopt. Om groter te lijken dragen de mannen schoenen met hakken. Aan het franse hof zijn de hakken rood gekleurd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lodewijk XIV verloor zijn eigen haar en daarom schafte hij een pruik aan. Dit werd een rage. De pruik moest van golvend haar zijn en werd van voren opgekamd. Pruiken waren wit en bepoederd met krijt of meel. Ze werden steeds indrukwekkender. Gezichten werden wit geschminkt en op de wangen bracht men schoonheidsvlekjes, Tache-de Beauté, aan.

De lippen en wangen werden rood geschminkt. Wenkbrauwen werden als hoge bolle lijnen getekend.
De hoed werd met een punt naar voren gedragen. De punt werd gemaakt door de rand aan 2 kanten op te slaan, zo ontstond de driesteek.

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Ook de kleding van de vrouw wordt deftiger en stijver. De taille wordt ingesnoerd. De rok is weer stijf en kegelvormig, maar is aan de onderkant minder wijd dan in het begin van de 16e eeuw. De diepere kleuren worden veel gebruikt en men draagt vaak fluweel. De japon sluit netjes aan en de hals is diep uitgesneden. Rondom de diep uitgesneden hals is een smal stukje kant.

Het lijfje is versierd met een driehoekig borststuk en halflange mouwen met brede stroken kant.
De rok is van voren gespleten en naar achteren omgeslagen waardoor de voering zichtbaar wordt. Vaak is de kleur van de voering contrasterend met de kleur van de rok. Op de onderrug wordt een versteviging aangebracht. De rok sleept aan de achterkant over de grond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2e helft 17e eeuw in Nederland

 

Rijke Hollandse burgers kleedden zich volgens de mode, die bepaald werd door het Franse en Engelse hof.

 

 

Man

 

De heer draagt een nonchalant kostuum. Het is gemaakt van soepele stoffen en er worden heel veel linten, strikken, pluimen en kant gebruikt. Dit kostuum wordt het Rhingraven kostuum genoemd. Deze naam is ontstaan, omdat de Rijngraaf Pfaltz het pak introduceerde aan het franse hof.

De linten die het kostuum van de man versieren maakt men in de Nederlandse steden Haarlem en Leiden door middel van lintmolens. Ook  gebruikt men goud en zilverkant in deze periode om kleding te versieren.

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

De kleding van de vrouw is ook in Nederland wat gewaagder en eleganter geworden. De kleding wordt gemaakt van soepele, lichte stoffen zoals zijde en satijn. De mouwen zijn een stuk korter en ze heeft bijna ontblote schouders.

 

 

 

 

 

 

 

Rococo

 

In 1715 stierf Lodewijk XIV. Toen Lodewijk XV aan de regering kwam ging het niet goed met het franse hof. Lodwijk XV  interesseerde zich niet voor staatszaken of het volk dat steeds armer werd. Toen hij stierf kon Lodewijk XVI niet veel verbeteren aan de situatie. Het volk kwam in opstand en in 1789 barstte dan ook de franse revolutie uit. De invloed van de adel verminderde.

De kleding ging mee met deze ontwikkelingen. Tijdens de regeerperiode van Lodewijk XIV was de kleding statig, deftig en fors. Tijdens de regeerperiode van Lodewijk XV was de kleding vrouwelijk, lichtzinnig en luchtig. Er werd veel zijde in pastelkleuren gedragen. De symmetrie van de versiering verdween. Het tijdperk van de Rococo brak aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

18e eeuw : Rococo 1750-1780

 

 

vrouw

 

Frankrijk is toonaangevend voor de vrouwenmode. Het is een vrijere versie van de hofkledij. Het belangrijkste kenmerk van de kleding van de vrouw zijn de brede heupen. Aan de breedte van de heupen is de stand af te lezen waartoe de vrouw behoort. Hoe breder de heupen, hoe hoger de klasse. Het uiterlijk van de vrouw wordt in deze periode steeds extremer. Vooral kapsels trekken de aandacht. Pruiken worden steeds hoger en rijker versierd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Engeland is toonaangevend voor de mannenmode. De mannenmode bestaat nog steeds uit een driedelig pak met een kniebroek.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kindermode

 

Voor de eerste keer ontstaat er aparte mode voor kinderen. Voorheen droegen kinderen dezelfde kleding als volwassenen. Het kind mag zich makkelijker kunnen bewegen. Het meisje hoeft daarom geen korset meer te dragen en de jongens krijgen een lange broek aan. De belangrijkste oorzaak van deze verandering is het werk van Jean-Jacques Rousseau. Hij had vernieuwende ideeën over opvoeding en deze werden doorgevoerd in de kleding.

 

 

 

 

 

 

 

 

          18e eeuw : Franse Revolutie 1789-1800

 

De Franse revolutie begon in 1789 met de bestorming van de Bastille. Tijdens deze bestorming droegen de mannen lange broeken en liepen ze op klompen. Na de Franse Revolutie verdween de standenmaatschappij. De kleding werd hierdoor eenvoudiger.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

De man draagt lange broeken, een halsdoek en een lange gestreepte jas. Men wil niet te veel opvallen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Ook vrouwen willen niet opvallen. Haar jurk wordt eenvoudig. Borduurwerk, kant en de pruik verdwijnen. De favoriete kleuren zijn de kleuren van de Revolutie; rood, wit en blauw. De productie van kleding wordt simpeler door de machines. Kleding wordt hierdoor goedkoper. Kleding kan op voorraad gemaakt worden, omdat de kleding zo eenvoudig is. Zo ontstaat de eerste confectiekleding.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

       19e eeuw : Kleding tijdens de Empire ( 1800 – 1815 )

 

Na de Franse Revolutie kwam in Frankrijk Napoléon Bonaparte aan de macht. Deze legerbevelhebber veroverde delen van Italië en werd na een periode als consul door de senaat tot “Keizer der Fransen” uitgeroepen. Napoléon vergeleek zijn macht met die van de Romeinse keizers. Napoleon bracht zijn keizerlijke macht in beeld door symbolen van Romeinse keizers te imiteren, zoals adelaars en lauwerkransen. Er was sprake van een Klassieke opleving.

Deze Klassieke opleving zette zich ook door in de mode. Voor de dames werd nu het ideaal om gekleed te gaan als een Griekse of Romeinse dame uit de Oudheid.
De Franse dames probeerden dit na te volgen door zo min mogelijk ondergoed onder dunne soepele bovenkleding te dragen. Dat betekende geen korset of onderrok. Dit imiteren van de mode uit de oudheid werd wel de ”naakte mode” genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Zij dragen een eenvoudige vormloze japon met korte mouwtjes. De taille zit hoog, net onder de borsten. Vlak onder de buste en aan de wijd uitgesneden hals wordt de jurk met een bandje ingerimpeld. Dit doet denken aan de tunica die met een koord om het middel werd vastgebonden. Er worden doorzichtige stoffen gebruikt, zoals mousseline en tule.

Als de schaarsgeklede dames dan toch naar buiten gaan, dragen zij zoals de Romeinen, enorme rechthoekige shawls, ook wel stola’s genoemd. Geliefd zijn de kostbare kashmirsjaals, teken van een modieus statussymbool. Aan de voeten draagt men lichte zijden schoentjes zonder hak die zo laag waren uitgesneden dat zij met banden tegen het uitslippen moesten worden beschermd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

Ook de mannen krijgen hun eigen mode. Voor de herenkleding kijkt men naar Engeland. De man draagt een strakke kniebroek, een jas met lange achterpanden en een halsdoek, die losjes om het opstaande boord wordt geknoopt.

 

 

 

 

 

 

 

Haardracht

 

De dameskapsels uit deze tijd lijken veel op die van de Grieken en Romeinse dames. Vaak worden diademen gedragen. Evenals armbanden en oorsieraden zijn deze vaak versierd met cameeën, stenen waarin een antiek vrouwenkopje is uitgesneden.

 

 

 

 

 

 

 

  De 19e eeuw

 

Door de Franse revolutie kwam er een einde aan de overdadige versieringen van de kleding. In de tijd van Napoleon droeg men de zogenaamde ‘empirekleding’, maar ook daarna kwamen er weer grote veranderingen. De kleding van de vrouw veranderde helemaal. Jurken werden van dikker materiaal gemaakt en sloten hoger aan. Ook werd de rok weer wijder.

Na 1850 werden de rokken zelfs heel wijd. De onderrokken werden in die tijd verstevigd door paardenhaar. Natuurlijk was deze kleding erg onhandig en de ‘tournure’ deed zijn intrede. Dit was een rok, die alleen extra ruimte had aan de achterkant. Dit benadrukte het achterwerk van de vrouwen. Een erg belangrijk feit in de 19e eeuw is de opening van het eerste Haute-couture huis in 1858 in Parijs. Dit werd gedaan door modeontwerper Charles Frederick Worth.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Romantiek (1830-1860)

 

Vanaf de 19e eeuw begon de mode pas echt een rol te spelen binnen de kledingdracht. De periode van de Romantiek was daar een goed voorbeeld van. Door de industrialisatie ontstond werkloosheid. Er kwamen grote verschillen tussen arm en rijk. Niet langer bepaalde het hof het modebeeld, maar de burgers die rijk werden door de industrie.

 

 

 

vrouw

 

De romantiek staat voor heimwee naar het verleden. De modebewuste vrouw draagt in de Romantiek een zeer wijde rok en een grote luifelhoed. Bovendien wensen de vrouwen afhangende schouders  en een zeer smalle taille. Tegelijkertijd protesteren vrouwen tegen hun ongemakkelijke kleding. Daarom gebruikt men katoen, wol, zijde, tafzijde en batist.

Deze stoffen zijn een stuk beter te verwerken en veel lichter en soepeler dan de eerdere stoffen. Ook in de kleuren en patroon komt een verandering. Men gebruikt  pasteltinten en smalle strepen of kleine bloemetjes. Na 1850 wordt de crinoline populair, in de volksmond hoepelrok genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

man

 

Voor de man doet het pak zijn intrede. Dit tijdloze kledingstuk, een effen jasje en broek met vest, zou 150 jaar lang hetzelfde gedragen worden. Vaak heeft het vestje felgekleurde ruiten. Er was grote ophef toen George Sand, een Franse schrijfster, voor het eerst in het openbaar een lange broek droeg.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Fin-de-siècle

 

Aan het eind van de 19e eeuw hadden vrouwen het zwaar. De queque was in waardoor haar kont uitstak. Om een zeer smalle taille te krijgen werd het korset gedragen.  Het gevolg was dat vrouwen ademhalingsproblemen kregen en af en toe flauw vielen. Soms kwam het voor dat de ribbenkast vervormde of dat vitale organen verschoven werden.

De man droeg het driedelige pak. Typisch in deze tijd was  dat het modebeeld opnieuw bepaald werd door het hof. Hierbij speelde koningin Victoria van Groot-Brittannië een belangrijke rol. Haar kleding werd geïmiteerd wat door de komst van de naaimachine mogelijk werd. Bovendien konden mensen zich volgens de laatste mode kleden door de verkoop van kleding in warenhuizen.

Mode werd zo in een korte tijd toegankelijker voor een grote groep mensen. De vrouwen van hogere sociale standen wilden zich blijven onderscheiden. Zij gingen naar een haute-couturehuis. Hier kozen zij ontworpen kleding uit waarna de kleding op maat gemaakt werd.

 

 

 

man en vrouw

 

 

 

 

vrouw

 

 

 

vrouw

 

 

 

vrouw

 

 

 

 

man

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Goethiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Goethiet is een veelvoorkomend ijzer- en zuurstofhoudend mineraal dat een bekend ijzererts is. Het mineraal vormt vaak naaldachtige, bladderige kristallen, maar kan ook voorkomen als niervormige, geronde kristallen. Het heeft een bruinrode of zilvergrijze tot zwarte kleur. Naaldachtige kristallen hebben vaak een matte metaalglans. Ronde kristallen kunnen ook een iriserende glans hebben met vele verschillende kleuren.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Goethiet is vernoemd naar de Duitse schrijver en dichter Johann Wolfgang von Goethe, die zich interesseerde in mineralogie.

 

 

 

goethiet in kwarts

 

 

 

Vindplaats

 

Goethiet wordt onder andere gevonden in Duitsland, Frankrijk, Australië, Canada, Zuid-Afrika, Mexico en de VS.

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: α-Fe3+O(OH)

hardheid: 5 – 5,5

dichtheid: 4,3

 

 

 

 

Goethiet
Goethite.jpg
Mineraal
Chemische formule Fe3+O(OH)
Kleur geel tot donkerbruin
Streepkleur geelbruin
Hardheid 5 – 5,5
Gemiddelde dichtheid 3300 – 4300 kg/m3
Glans diamantglans tot mat
Opaciteit doorschijnend tot ondoorschijnend
Breuk oneffen, bros
Splijting [010] volledig
Habitus prismatisch, klein
Overige eigenschappen
Vergelijkbare mineralen hematietmagnetiet
Radioactiviteit niet radioactief

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Simon de Beauvoir, een wereldberoemde schrijfster

Standaard

categorie : beroemde mensen 

 

 

 

De meest middelmatige mannen voelen zich halfgoden in vergelijking met vrouwen’ , aldus Simone de Beauvoir. Toen ze veertien jaar oud was stond ze bekend als atheïst in haar gelovige, bourgeoisie familie. Niemand kon toen vermoeden dat Simone de Beauvoir een wereldberoemd schrijfster zou worden, wiens werk de basis werd voor de tweede feministische golf. De Beauvoir werd geboren op 9 januari 1908 in Parijs.

 

 

 

 

De familie van Simone de Beauvoir was afkomstig uit de bourgeoisie, maar raakte tijdens de Eerste Wereldoorlog bijna al hun geld kwijt. Om toch de schone schijn van welvarendheid op te houden stond Francoise de Beauvoir erop dat haar dochters Simone en Hélène naar een privéschool gingen. In haar vroege jeugd was De Beauvoir een vroom meisje en wilde ze zelfs non worden. Naar eigen zeggen maakte ze op 14-jarige leeftijd echter een geloofscrisis mee, waarna ze atheïst werd.

 

 

Sorbonne en Jean-Paul Sartre

 

Op de privéschool werd duidelijk dat De Beauvoir erg intelligent was. Haar vader stimuleerde haar intellectuele capaciteiten en ze ging na de middelbare school wiskunde, literatuurwetenschap en filosofie studeren aan de prestigieuze Sorbonne universiteit in Parijs.

Dit was ook een noodzaak, omdat het gezin De Beauvoir inmiddels nog sterker verarmd was. De Beauvoir moest dus doorleren, om later in haar eigen onderhoud te kunnen voorzien.  Ze studeerde af in 1928 en begon aan een lerarenopleiding. Hier ontmoette ze de man die haar levensgezel zou worden, Jean-Paul Sartre.

Sartre vroeg De Beauvoir in 1929 ten huwelijk. Ze had echter geen bruidsschat en het stel besloot een andere verbintenis te sluiten, een pact, waarbij ze allebei hun zelfstandigheid zouden bewaren en ook seksuele relaties zouden mogen aangaan met anderen.

 

 

Jean Paul Sartre

 

 

 

Marseille, WO II en eerste publicatie

 

In 1929, op 21-jarige leeftijd, rondde De Beauvoir de lerarenopleiding af, waarna ze een aanstelling als docent op een school in Marseille aannam. Hier ontwikkelde ze haar schrijfkunst, mede omdat ze zo ver verwijderd was van haar grote liefde Sartre. Volgens De Beauvoir ontstond literatuur namelijk uit een staat van ongelukkig zijn. In 1938 rondde ze haar eerste boek, L’Invitée af. Het werd echter pas in 1943 uitgegeven.

De Beauvoir, inmiddels diep ongelukkig omdat Sartre naar het front was gestuurd, werd in dat jaar ontslagen omdat ze een 17-jarige leerling verleid zou hebben. De oorlog, haar ontslag en de vermeende affaires van Sartre leidden ertoe dat De Beauvoir in de oorlogsjaren meerdere boeken schreef. Haar bekendste werk kwam echter pas uit in 1949.

 

 

 

De Tweede Sekse

 

Le deuxième sexe uit 1949 was het eerste echt feministische boek van De Beauvoir. Hierin legde ze uit dat in haar ogen de wereld gedomineerd wordt door mannen, die vrouwen domineren wanneer ze hun mannelijkheid bedreigd zien. Vrouwen zouden passieve objecten zijn terwijl mannen handelende subjecten zijn. De belangrijkste uitspraak uit het boek was dat iemand volgens De Beauvoir niet als vrouw geboren wordt, maar er één wordt.

Dit maakte haar een existentialistisch schrijfster, want de existentialistische stroming stelt de individuele vrijheid en verantwoordelijkheid voorop. Zoals Sartre het verwoorde, ‘bestaan gaat vooraf aan zijn’. Hij behoorde dan ook tot de existentialisten.

Le deuxième sexe sloeg in als een bom en werd door voorvechters van vrouwenrechten van de tweede feministische golf bijna als Bijbel vereerd. In de jaren ’70 werd de Beauvoir zelf ook actief in deze beweging in Frankrijk omdat het volgens haar een schande was dat sinds de invoering van het kiesrecht er niets wezenlijks meer was verbeterd in de positie van vrouwen.

 

 

 

Latere leven

 

Simone de Beauvoir schreef behalve De Tweede Sekse nog vele andere boeken, zoals Les Belles images (1966), La Femme rompue (1967), Quand prime le spirituel (1979) en een vierdelige biografie waarin ze zich afzette tegen het middenstandsleven van haar ouders. Na de dood van Sartre in 1980 ging het, ondanks de problemen die hun relatie had gekend, echter bergafwaarts met De Beauvoir. Haar reputatie werd echter steeds beter en groter en ze werd als dé feministe van de 20e eeuw gezien. Simone de Beauvoir stierf op 14 april 1986 in Parijs.

 

 

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Glaucofaan

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Glaucofaan is een inosilicaat dat tot de amfibool groep behoort. Het is een mineraal dat zeer algemeen is in vulkanische gesteenten. Het doorschijnende grijze, blauwe of blauwzwarte glaucofaan heeft een grijsblauwe streepkleur, een glas- tot parelglans en een goede splijting volgens de kristalvlakken [110] en [001]. De gemiddelde dichtheid is 3,07 en de hardheid is 6 tot 6,5. Het kristalstelsel is monoklien en het mineraal is niet radioactief.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

De naam glaucofaan is afgeleid van de Griekse woorden glaukos (=blauw, glinsterend) en phános (=lijken, schijnen).

 

 

.

.

.

Vindplaats

 

Glaucofaan wordt onder andere gevonden in Duitsland, Frankrijk, Canada, Zweden en de VS.

 

 

 

.

.

.

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Na2(Mg3Al2)Si8O22(OH)2

hardheid: 5 – 6

dichtheid: 3 – 3,2

 

 

 

 

 

 

Molybdeniet in glaucofaan

 

 

 

 

 

glaucofaan met molybdeniet kristal

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het mineraal git

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Git is een mineraloïde dat onder hoge druk ontstaan is uit hout. Het is zwart of donkerbruin van kleur

 

 

 

 

 

.

.

Naam

 

De naam komt van het Grieks Lithos Gagatès dat steen uit Gagas betekent. Gagas was een plaats en een rivier in het antieke Griekse LyciëKlein-Azië. Via het Oud-Franse jaiet werd de naam verder verbasterd tot git. De Nederlandse wetenschappelijke naam is gagaat.

 

 

 

 

.

.

Vindplaats

 

Git wordt o.a. gevonden in Engeland, Polen, Duitsland, Frankrijk, Spanje, Rusland, de Verenigde Staten en India.

 

 

 

 

Sieraden

 

 

 

Hallstatt-cultuur armbanden gemaakt van git en brons, opgegraven bij Magdalenenberg

.
.
.
.

Rouwjuweel: Broche van Whitby git, 19e eeuw.
.
.
.

Git is eenvoudig te polijsten en wordt voor sieraden en kunstvoorwerpen gebruikt. De lage dichtheid maakt het mogelijk om grote, maar niet te zware sieraden te maken. Git wordt traditioneel gebruikt voor rozenkransen van monniken.

 

.

.

Rozenkrans H. Peregrinus, bergkristal met git

 

.

.

Chemische eigenschappen

 

Git is een fossiel met een dichtheid van 1,23 kg/dm³ dat ten tijde van het Jura onder hoge druk in modder is ontstaan uit 135 miljoen jaar oud hout van de araucariaceae-boomfamilie. Het wordt in twee vormen gevonden, hard en zacht, met een hardheid van 4 resp. 3 op de hardheidsschaal van MohsDe harde soort is het resultaat van de koolstofcompressie in zout water, terwijl koolstofcompressie in zoet water de zachte soort oplevert.

 

.

.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Galeniet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

.

.

 

Galeniet

 

Het mineraal  galeniet of loodglans (ook wel galena) is een loodsulfide met de chemische formule PbS.

 

 

 

.

.

Eigenschappen

 

De galeniet-kristallen zijn over het algemeen kubisch, maar soms octahedrisch. Het mineraal komt vaak voor samen met sphaleriet(zinkblende) en fluoriet (vloeispaat).

 

 

 

.

.

Voorkomen

 

Afzettingen van galeniet worden aangetroffen in Duitsland, Frankrijk, Roemenië, Oostenrijk, België, Italië, Spanje, Schotland, Engeland, Australië, Mexico en de Verenigde Staten. Het mineraal voor Galeniet wordt primair aan- getroffen in hydrothermale aders en rond pegmatieten, alsook in aders in kalksteen en dolomiet samen met sfaleriet.

 

 

 

 

 

 

 

 

Geschiedenis

 

Galeniet was bij de Babyloniërs al bekend, en bij de Romeinen was het een begeerde stof zoals het gebruik in de aquaducten aantoont. De naam galena voor loodglans is van Romeinse oorsprong. In het oude Egypte werd het mineraal gebruikt in kralen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Galeniet of loodglans
Galena-2.jpg
Mineraal
Chemische formule PbS
Kleur loodgrijs
Streepkleur loodgrijs
Hardheid 2,5
Gemiddelde dichtheid 7400 tot 7580 kg/m3
Glans metaalglans
Opaciteit opaak
Breuk bros
Splijting perfect [100], [010] en [001]
Kristaloptiek
Kristalstelsel Kubisch
Brekingsindices Geen, opaak
Dubbele breking Geen, opaak
Pleochroïsme Geen, opaak
Overige eigenschappen
Chemisch gedrag oplosbaar in HNO3
Bijzondere kenmerken door verwering bedekt met anglesiet en later cerusseriet
smeltpunt 115 °C
wit onder opvallend licht

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Realgaar

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Eigenschappen 

 

Het mineraal realgaar is een arseen-sulfide met de chemische formule AsS. Het doorzichtige tot doorschijnende oranjegele of aurora-rode tot donkerrode realgaar heeft een submetallische glans, een oranje streepkleur en de splijting is goed volgens het kristalvlak [010]. Realgaar heeft een gemiddelde dichtheid van 3,56 en de hardheid is 1,5 tot 2. Het kristalstelsel is monoklien en het mineraal is niet radioactief. Het komt in de natuur voor als korrels en als goed ontwikkelde kristallen. Realgaar lijkt op cinnaber, maar is zachter en lichter. Het zeer giftige mineraal werd vroeger gebruikt in de geneeskundeleerlooierij en de glasbereiding en tegenwoordig bij het maken van vuurwerk en pesticiden.

 

 

 

 

 

 

 

 

Naamgeving

 

De naam van het mineraal realgaar is afgeleid van de Arabische woorden rahj al ghar, dat “mijnpoeder” betekent; dit omdat het een mineraal was dat in de zilvermijnen werd aangetroffen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorkomen

 

Realgaar is een algemeen voorkomend mineraal in hydrothermale arseen-antimoonertsen. Hier wordt realgaar (70% arseen) gevormd door de ontleding van andere arseenhoudende mineralen, zoals arsenopyriet. De type- locatie is de Zarshuran mijn, Azarbayjan-e KhavariTakab (Takan Tepe), Iran. Het mineraal wordt verder gevonden in DuranusAlpes-MaritimesFrankrijk, in de provincie Hunan het huidige China en in Allchar RoszdanMacedonië.

 

 

 

 

 

 

 

Realgaar
Realgar-Calcite-37467.jpg
Mineraal
Chemische formule AsS of As4S4
Kleur Oranjegeel tot donkerrood
Streepkleur Oranje
Hardheid 1,5 tot 3
Gemiddelde dichtheid 6 kg/dm3
Glans Submetallisch
Opaciteit Doorzichtig tot doorschijnend
Splijting [010] Goed
Kristaloptiek
Kristalstelsel Monoklien
Bijzondere kenmerken Zeer giftig

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gedriet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

 

Algemene informatie

 

Gedriet, ook wel gedritiet, is een mineraal dat tot de amfibool (hoornblende) groep hoort van de inosilicaten. Het mineraal kan wit, grijs, groen, bruin en zwart van kleur zijn, die in verschillende waaiervormige tekeningen op de steen voorkomen.

 

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Gedriet is vernoemd naar het de plaats Gèdres, in de Héas Vallei in Frankrijk.

 

 

 

 

 

.

.

Vindplaats

 

Gedriet wordt onder andere gevonden in Frankrijk, Scandinavië, Australië en de VS.

 

 

 

 

 

.

.

.

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Mg2(Mg3Al2)(Si6Al2)O22(OH)2

hardheid: 5,5 – 6

dichtheid: 3,25

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Picture stone, landschapsjaspis

Standaard

    categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen     

 

 

 

 

Jaspis Algemeen

 

Jaspis is een Chalcedoon variëteit die bestaat uit fijnkorrelige kwarts met een veelheid aan insluitsels. De oorspronkelijk kiezelzuuroplossing dringt door klei- of zandachtig gesteente, of hij zit vol met een veelheid aan zwevende deeltjes. Als het kiezelzuur stolt tot kwarts, blijven de klei, de zandachtige, of zwevende deeltjes in het zich vormende Jaspis ingesloten. Zo krijgt de Jaspis zijn kleur en tekening.
In rode Jaspis zit o.a. ijzeroxide Fe Oof  FeO4. De gele kleur ontstaat door ijzerhydroxide verbindingen Fe, O, OH. Groen ontstaat door ijzersilicaat Fe, Si en bruintinten door een menging van elementen van de gele en de groene Jaspis. Jaspis kan eigenlijk bijna overal op de wereld ontstaan en daarom is de tekening en kleurschakering zeer gevarieerd.

 

 

 

 

 

 

 

Belangrijke vindplaatsen:

 

Australië, Egypte, Duitsland, Frankrijk, India.

 

 

 

 

 

 

 

Mineraalgroep:

 

oxiden, kwartsgroep.

 

 

 

 

 

 

Vorming: 

 

 secundair.

 

 

 

 

 

 

 

 

Kristalstelsel:

 

trigonaal

 

 

 

 

 

 

 

 

   Hardheid; 

 

6,5 -7

 

 

 

 

 

 

 

 

Kleur; 

 

geel, geel-bruin met zwarte tekeningen

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische formule, mineraalvormende elementen; 

 

SiO+ Fe,O,OH,Si