Tagarchief: geel

Akkerkers : Rorippa sylvestris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

akkerkers-100822-051

 

 

Goed te herkennen aan
– trosjes helder gele bloemetjes met vier kroonbladen,
– die 2 x zo lang zijn als de kelkbladen en
– het diep veervormig ingesneden blad met een smalle, tamelijk
kleine eindslip, zonder oortjes

 

 

img_4173-gr-akkerkers

 

 

 

Algemeen

 

Akkerkers is een overblijvende, zeer algemeen voorkomende plant van 20 tot 45 cm hoog. Ze groeit op open tot grazige, natte tot vochtige, meestal omgewerkte grond, vooral in akkers en uiterwaarden.
Van oorsprong is akkerkers een rivierbegeleider. Daarbuiten is ze voor verspreiding aangewezen op de mens (aanvoer rivierzand).

 

 

 

 

 

Bloem

 

De plant bloeit vanaf juni tot en met september. De bloemen vormen losse trossen. De kroonbladen zijn ongeveer 2x zo lang als de geelgroene kelkbladen.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De gesteelde bladeren zijn diep veervormig ingesneden in 3 tot 7 paar grof getande slippen en hebben een smalle, tamelijk kleine eindslip. De slippen van hoger aan de stengel zittende bladeren kunnen lijnvormig zijn. Onderaan vormen een aantal bladeren een rozet. De stengel is enigszins zigzagsgewijs gebogen.

 

 

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Akkerkers vermeerdert zich voornamelijk door middel van ondergrondse uitlopers. Zo kan ze hele bestanden vormen. Omdat elk klein stukje uitloper kan uitgroeien tot een plantje is akkerkers moeilijk te bestrijden.

 

 

 

 

 

 

 

 

Herkennen Rorippa soorten

 

– zijn de kroonbladen ongeveer even groot als de kelkbladen ?
– nee …. heeft het blad oortjes ?
– nee …. is het blad diep veervormig ingesneden met een smalle eindslip ?
– nee …. is het blad diep veervormig ingesneden met een grote eindslip ?
ja
ja
ja
ja
anders
:
:
:
:
:
moeraskers
Oostenrijkse kers
akkerkers
valse akkerkers
gele waterkers
Valse akkerkers (Rorippa x anceps) is een kruising tussen gele waterkers en akkerkers, komt voornamelijk voor langs rivieroevers. Ze is van akkerkers te onderscheiden door de grote eindslip van het blad en van gele waterkers door de dieper ingesneden bladeren. De vruchten zijn korter dan die van akkerkers en langer dan die van gele waterkers.

Daarnaast komt er nog een kruising voor, ontstaan uit Oostenrijkse kers en akkerkers (Rorippa x armoracioides). De verspreiding van deze kruising is onvoldoende bekend en deze vorm wordt vaak verward met akkerkers.

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen voorkomend
– 20 tot 45 cm

Bloem
– geel
– juni t/m september
– tros
– stervormig
– 4 tot 6 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen, geelgroen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– veervormig ingesneden
– top spits
– rand getand
– veernervig

Stengel
– opstijgend
– glad en kaal, soms kort behaard
– meerkantig

zie wilde bloemen

 

 

deutschland-g

 

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

Advertenties

Weegbreezonnebloem : Doronicum plantagineum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

weegbreezonnebloem50

 

 

Goed te herkennen aan
– de grote, gele, lang gesteelde zonnebloemachtige bloemenhoofjes
– met lijnvormige omwindselblaadjes en
– de gesteelde, grote rozetbladeren met wigvormige voet

 

 

img_3399-gr-weegbreezonnebloem

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Weegbreezonnebloem is een overblijvende stinsenplant van 30 tot 90 cm hoog. Ze is oorspronkelijk afkomstig uit Zuidwest-Europa. Ze groeit op vochtige, zandige, voedselrijke grond op lichte plaatsen in loofbossen bij buitenplaatsen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Weegbreezonnebloem bloeit in mei en juni met opvallende, helder gele bloemenhoofdjes, die lijken op kleine zonnebloemen. De hoofdjes staan alleen of met 2 tot 3 op lange stelen. Ze richten zich naar het licht. De omwindselblaadjes zijn lijnvormig. De straal- en buisbloemen zijn geel, het stuifmeel en de stampers donkergeel, waardoor het hart donkerder kleurt.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– zeldzaam tot zeer zeldzaam
– stinsenplant
– 30 tot 90 cm

Bloem
– geel
– mei en juni
– hoofdje
– straal- en buisbloemen
– 5 tot 8 cm

Blad
– enkelvoudig
– netnervig
– behaard
– rozetbladeren :
– wortelstandig
– eirond tot ellipstisch
– top stomp
– rand gaaf of ondiep getand
– voet wigvormig
– gesteeld

Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond, gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

 

19093960605_6d660b66b1_b

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA

Castoriet / Petaliet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Petaliet of castoriet behoort tot de groep van veldspaten. Het kan kleurloos, geel, geelgrijs, roze en wit zijn. De kleurloze variant wordt vaak gebruikt als edelsteen. De steen is doorzichtig tot doorschijnend en heeft een glasachtige glans.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

De naam petaliet komt van het Griekse woord petalon wat blad betekent.

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Petaliet wordt o.a. gevonden in Zweden, Brazilië, VS en Namibië.

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: LiAlSi4O10,

hardheid: 6-6,5

dichtheid: 2,42

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wede : Isatis tinctoria

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

isatis-tinctoria-wede-02

 

 

Goed te herkennen aan
– de gele pluimen kleine bloemetjes en
– bruin-zwarte hangende vruchten en
– lancetvormige blauwgroene bladeren met witachtige middennerf

 

 

wede1

 

 

 

 

Algemeen

 

Wede is een overblijvende plant, die tot 1,20 meter hoog kan worden. Wede is zeer zeldzaam. Oorspronkelijk komt wede van de steppen uit Oost-Europa en Azië.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Wede bloeit in mei en juni met kleine gele bloemetjes.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De blauwachtig groene bladeren zijn glad en hebben een licht gekleurde middennerf. De onderste bladeren zijn gesteeld, de bovenste omvatten de stengel met een pijlvormige voet.

 

 

 

 

 

 

Vrucht

 

Opvallend zijn de vruchten van de wede. De vruchten hangen en zodra ze beginnen te rijpen worden ze bruin-zwart. Ze zijn 1 (of 2)-zadig.

 

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Wede is een waardplant van de oranjetip en het groot koolwitje. Tot in de 19de eeuw werd wede gekweekt voor de bereiding van blauwe verfstof. Deze kwekerijen verdwenen toen de Europeanen de kleurstof indigo uit India naar Europa brachten.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– overblijvend
– zeldzaam voorkomend
– 60 tot 120 hoog

Bloem
– geel
– mei en juni
– tros
– stervormig
– 2,5 tot 4 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lancet- of pijlvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet pijlvormig, (half)
stengelomvattend
– veernervig, middelste nerf licht
gekleurd
– blauwachtig groen

Stengel
– rechtop
– grijsgroen, soms wat paars
aangelopen
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

wede

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

mijne kop a4

Cancriniet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Cancriniet is een kleurloos, wit, geel, groen of blauw mineraal met een glasachtige glans. Het carbonaat silicaat mineraal behoort tot de veldspaten. Het heeft een glasglans, een grijswitte streepkleur en de splijting is perfect volgens het kristalvlak [1010]. De gemiddelde dichtheid is 2,45 en de hardheid is 6. Het kristalstelsel is hexagonaal en het mineraal is niet radioactief.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Cancriniet is vernoemd naar Jegor Frantsevitsj Kankrin (Georg von Cancrin). Cancrin was de Russische minister van financiën toen het mineraal in 1839 voor het eerst werd gevonden in het Oeral gebergte.

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Cancriniet wordt gewonnen o.a. in Rusland, Duitsland, Canada, Noorwegen, Roemenië en de Verenigde Staten.

 

 

 

.

.

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Na6Ca2Al6Si6O24(CO3)2

hardheid: 5 – 6

dichtheid: 2,4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

cactuskwarts

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Algemeen

 

Spiritkwarts of cactuskwarts wordt gekarakteriseerd door de vele kleine kristalletjes die langs het oorspronkelijke Kwartskristal groeien.  Deze kleinere kristalletjes kunnen uit Kwarts, Amethyst, Citrien of een combinatie van deze mineralen bestaan. Bij kwarts is dit vooral rookkwarts. De kleuren variëren van kleurloos/wit tot paars, geel, lavendel en ook dit alles bij elkaar en/of door elkaar.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Stinkende gouwe : Chelidonium majus

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

2131

 

 

Goed te herkennen aan
– de 4-tallige, helder gele bloemen met talrijke meeldraden en
– de licht blauwgroene onderkant van de tere bladeren

 

 

chistotel_bolshoi_i_ee_lechebnye_5

 

 

 

 

Algemeen

 

Stinkende gouwe is een zeer algemeen voorkomende overblijvende plant van 30 tot 90 cm hoog. De plant groeit op licht beschaduwde, voedselrijke, matig droge, omgewerkte grond, vooral in stedelijk gebied, ook in lichte loofbossen, langs heggen, onder struikgewas en op ruige plaatsen, soms op muren.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot de herfst met helder gele, lang gesteelde bloemen, die met twee tot zes in een losbloemige bloeiwijze staan. De bloemen hebben talrijke meeldraden, vier kroonbladen en twee al snel afvallende kelkbladen.

 

 

 

 

 

 

Blad

 

De tere bladeren zijn verspreid behaard (evenals de stengel) en oneven geveerd met een drie-lobbig eindblaadje. De onderkant is blauwgroen.

 

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Alle delen van de plant, ook de wortel, bevatten een oranje-geel melksap, dat een scherpe smaak heeft en bijtend werkt. Vroeger werd dat sap gebruikt om wratten te verwijderen. In de kruidengeneeskunde en homeopathie wordt de plant gebruikt bij aandoeningen van het maag- en darmstelsel, de galwegen en de lever.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

papaverfamilie (Papaveraceae)
– overblijvend
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 30 tot 90 cm

Bloem
– geel
– mei tot de herfst
– schermvormige tros
– 1 tot 2 cm
– stervormig
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 2 kelkbladen, die snel afvallen
– veel meeldraden, zelden meer dan 20
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– veervormig ingesneden
– top stomp
– rand gekarteld
– voet gevleugeld
– veernervig
– verspreid behaard
– onderkant licht blauwgroen

Stengel
– rechtop
– verspreid behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

stinkende-gouwe

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

mijne kop a4

Cacoxeniet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Cacoxeniet is een ijzer aluminium fosfaat en kan geel, geelbruin, geelrood of geelgroenig van kleur zijn. Het wordt vaak gevonden als insluitsel in amethyst. De steen is doorzichtig tot doorschijnend.

 

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Cacoxeniet komt uit het Grieks en betekent slechte gast. Met cacoxeniet vermengde ijzererts is vanwege het verhoogde gehalte aan fosfaat van mindere kwaliteit.

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Cacoxeniet wordt o.a. gevonden in Australië, Frankrijk, Duitsland, Spanje en de Verenigde Staten.

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Fe4(PO4)3(OH)3 – 12H2O

hardheid: 3-4

dichtheid: 2,3-3,4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schijnpapaver : Meconopsis cambrica

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

meconopsis_cambrica

 

 

Goed te herkennen aan
de gele en oranje klaproosachtige bloemen

 

 

p1060432

 

 

 

 

Algemeen

 

Schijnpapaver is een overblijvende stadsplant van beschaduwde, vochtige, vaak stenige plaatsen. Het is oorspronkelijk een tuinplant uit West-Europa, die zich makkelijk uitzaait en daardoor snel verwilderd langs heggen en muurtjes.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot en met juli met gele of oranje klaproosachtige bloemen, die 4 kroonbladen hebben en 2 snel afvallende, behaarde kelkbladen.

 

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn dubbel veerdelig en de stengel afstaand verspreid behaard.

 

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Schijnpapaver is een wachtkamersoort; een soort die eventueel opgenomen gaat worden op de Standaardlijst van de Nederlandse flora.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

papaverfamilie (Papaveraceae)
– overblijvend
– ingeburgerd
– 15 tot 60 cm

Bloem
– geel en oranje
– vanaf mei t/m juli
– lang gesteeld alleenstaand
– stervormig
– 5 tot 8 cm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 2 kelkbladen, snel afvallend
– meer dan 20 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– dubbel veerdelig
– top spits
– rand getand tot gaafrandig
– voet aflopend
– veernervig
– kaal

Stengel
– rechtop
– verspreid afstaand behaard

zie wilde bloemen

 

 

voorjaar2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA

Schijnaardbei : Potentilla indica

Standaard

categorie: kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

266px-duchesnea_indica7

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de op aardbeien lijkende schijnvruchten en
– de gele 5-tallige bloemen met brede, getande bijkelkbladen

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Schijnaardbei is een overblijvende plant van 5 tot 15 cm hoog, oorspronkelijk afkomstig uit Zuidoost-Azië. Ze groeit op vochtige, voedselrijke beschaduwde plaatsen in plantsoenen, loofbossen, tussen stoeptegels en in tuinen.

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot en met oktober met 5-tallige gele bloemen. Na de bloei groeien de 3- tot 5-tandige bijkelkbladen door en verschijnt er een op een aardbei lijkende rode ronde schijnvrucht.

 

 

schijnaardbei_0

 

 

 

 

Blad en stengel

 

Alle bladeren bestaan uit drie ovale deelblaadjes, die aan de onderkant wat zilverachtig behaard zijn op de nerven. De liggende stengels zijn behaard en wortelen op de knopen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

rozenfamilie (Rosaceae)
– overblijvend
– vrij zeldzaam
– 5 tot 15 cm

Bloem
– geel
– vanaf mei t/m oktober
– alleenstaand
– stervormig
– 1 tot 1,5 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 behaarde spitse kelkbladen
– 5 getande bijkelkbladen
– ongeveer 20 meeldraden
– meer dan 20 stijlen

Blad
– verspreid
– handvormig samengesteld
– ovale deelblaadjes
– top spits
– rand gezaagd
– handnervig
– onderkant licht behaard op de nerven

Stengel
– liggend
– bloemsteel rechtop
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA