Tagarchief: wit

Witte klaverzuring : Oxalis acetosella

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– paars geaderde witte (soms roze) bloemen op lange stelen én
– het 3-delige klaverblad met breed hartvormige deelblaadjes

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Witte klaverzuring is een lage, tere, sappige, overblijvende plant van 10 tot 15 cm hoog. Ze komt vrij algemeen voor in de Lage Landen. Ze heeft weinig licht nodig en groeit op vochtige, matig voedselrijke grond in bossen en aan beschaduwde slootkanten. Ze vermeerdert zich middels een dunne, kruipende wortelstok, waaruit groepjes bladeren en bloemen groeien.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Witte klaverzuring bloeit in april en mei. De witte (soms roze) bloemen hebben 5 paars geaderde kroonbladen. De basis van de kroonbladen is geel, waardoor het hartje van de bloem geel is. De bloemen staan op een dunne, zacht behaarde steel. Halverwege de steel zitten 2 kleine schutblaadjes. Zowel de bloemen als de bladeren zijn grondstandig.

 

 

 

 

 

Blad

 

Het blad bestaat uit 3 breed hartvormige, behaarde deelblaadjes en doet denken een aan klaverblad. Toch is kla-verzuring geen klaversoort. De nieuwe bladeren zijn in het begin van de lente mooi lichtgroen. Later in het jaar worden ze donkerder en aan de onderkant paarsachtig. Ze zijn erg teer, maar ondanks dat blijven ze in de winter wel groen.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De bladeren van witte klaverzuring kunnen gebruikt worden in sauzen, soepen en salades. De zurige smaak ont-staat door oxaalzuur. Teveel van het blad is niet goed, omdat het oxaalzuur gal- en nierstenen veroorzaakt. Af en toe een paar blaadjes als smaakmaker kan geen kwaad. In de homeopathie wordt het blad gebruikt bij lever- en gal aandoeningen, spijsverteringsstoornissen en stofwisselingsziekten.

 

 

 

 

 

Weetje

 

Als het donker wordt en bij regenachtig weer gaan de bloemen dicht en worden de deelblaadjes van het blad sa-men gevouwen langs de middennerf. Zowel bloemen als blaadjes gaan dan naar beneden hangen. Dit wordt de slaapstand genoemd.

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

klaverzuringfamilie (Oxalisdaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot ontbrekend
– 10 tot 15 cm
verspreiding

Bloem
– wit (soms roze) en paars geaderd
– april en mei
– alleenstaand, wortelstandig
– stervormig
– 1,5 tot 2,5 cm
– 5 kroonbladen
– niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– wortelstandig
– samengesteld
– breed hartvormig
– top uitgerand
– rand gaaf
– voet wigvormig
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop
– zacht behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Zandraket : Arabidopsis thaliana

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine (4 – 8 mm), witte 4-tallige bloemetjes en
– de lange, dunne, rolronde, schuin afstaande vruchten en
– het rozet van behaarde blaadjes met een grof getande rand

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Zandraket is een eenjarige plant van 5 tot 30 cm hoog. Ze is zeer algemeen voor komend in de Lage Landen. Zandraket groeit op open, droge, min of meer voedselrijke zandgrond in bermen, akkers, plantsoenen, op dijken en tussen tegels.

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit in april en mei met kleine witte bloemetjes. De zuiver witte bloemetjes zijn 4 tot 8 mm groot, hebben 4 kroonbladen, 4 geelgroene kelkbladen, 1 stijl en 6 meeldraden, 4 langere en 2 kortere. De bloemen staan in een tros aan het einde van de stengel en zijstengels.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Zandraket heeft een korte levenscyclus. De zaden kiemen in de herfst en de plant gaat als rozet de winter door. In het vroege voorjaar groeien uit het rozet een aantal al of niet vertakte bloeiende stengels. ’s Nachts en bij regen-achtig weer buigen de bloemtrossen zich om het stuifmeel te beschermen tegen vocht.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Zandraket is een grijsgroen plantje, dat fijner en smaller oogt dan herderstasje. Naast zandraket zijn er nog 5 andere algemeen voorkomende, vroege voorjaarsbloeiers met 4-tallige, kleine witte bloemetjes en een bladrozet.

 

 

 

herderstasje : driehoekige vruchten.

 

 

 

 

 

 

 

vroegeling : gespleten kroonbladen en brede, platte vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

zandraket : lange, smalle, schuin afstaande vruchten, rozetbladeren gaaf of getand.

 

 

 

 

 

 

 

kleine veldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

bosveldkers : lange, smalle, rechtop staande vruchten, die niet of nauwelijks boven de bloemen uitkomen, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

klein tasjeskruid : ongelijke kroonbladen, eironde, platte, haaks afstaande vruchten, rozetbladeren veervormig.

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

– kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot zeldzaam
– 5 tot 30 cm

Bloem
– wit
– april en mei
– tros
– stervormig
– 4 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– enkelvoudig
– 1-nervig
– behaard
– rozetbladeren :
– eirond tot lancetvormig
– top stomp of afgerond
– rand grof getand
– voet versmallend in steel
– stengelbladeren :
– lancetvormig
– top spits
– rand gaaf of grof getand
– zittend

Stengel
– rechtop
– vooral onderaan behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ulexiet, tv-steen

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

.

Algemene informatie

 

Ulexiet is een hele zachte steen en is kleurloos, doorschijnend of wit. Het wordt ook wel tv-steen genoemd vanwege de optische eigenschappen van de steen. Een op de juiste manier vlak gemaakte ulexiet steen van goede kwaliteit kan een beeld van iets wat er aan de achterzijde van de steen bevindt, aan de voorzijde projecteren door haar vezels.

Ulexiet heeft een witte streepkleur en een perfecte splijting volgens de kristalvlakken [010] en [110]. De gemiddelde dichtheid is 2,95 en de hardheid is 2,5. Het kristalstelsel is triklien en het mineraal is niet radioactief.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Ulexiet is vernoemd naar de ontdekker van de steen Georg Ludwig Ulex.

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Ulexiet wordt in de Verenigde Staten gevonden.

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

Chemische samenstelling: NaCaB5O6(OH)6.5(H2O)

dichtheid: 2.9

hardheid: 2,5

 

 

Ulexiet
Ulexite-39574.jpg
Mineraal
Chemische formule NaCaB5O6(OH)6·5(H2O)
Kleur Kleurloos of wit
Streepkleur Wit
Hardheid 2,5
Gemiddelde dichtheid 1,95 kg/dm3
Opaciteit Doorschijnend
Splijting Perfect, [110] & [010]
Kristaloptiek
Kristalstelsel triklien
Overige eigenschappen
Vergelijkbare mineralen colemaniet

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Look-zonder-look : Alliaria petiolata (Alliaria officinalis)

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan 
– trossen 4-tallige witte bloemetjes en
– de uien- of knoflookgeur, die vrijkomt als de bladeren gewreven of gekneusd worden

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Look-zonder-look is een tweejarige plant. Ze komt zeer algemeen voor in de Lage Landen. Ze heeft een voorkeur voor vochtige, zeer voedselrijke, meestal zandige grond op half beschaduwde plaatsen in loofbossen en langs beken. Het eerste jaar wordt een rozet van lang gesteelde niervormige bladeren gevormd. Het tweede jaar gaat de plant vanaf april tot en met juni bloeien met witte bloemetjes en kan dan tot 90 cm hoog worden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloemetjes staan in trossen aan het einde van de stengel en in de bladoksels. Ze hebben 4 groene kelkbladen met witte rand, die vrij snel afvallen. Naarmate de bloei vordert vormt de plant een langgerekte tros met van bo-ven naar beneden de knoppen, bloemen, jonge vruchten en rijpe vruchten. Deze bloeiwijze is kenmerkend voor de kruisbloemenfamilie, waartoe look-zonder-look behoort.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn gesteeld en frisgroen van kleur. Als je het blad wrijft of kneust dan ruik je een uien- of knoflook-geur. Ook de zaden en wortels verspreiden deze geur. En dat is dan ook de enige overeenkomst met look, van-daar de naam.

 

 

 

 

 

Toepassing

 

In de keuken is look-zonder-look goed te gebruiken; alle delen van de plant bevatten knoflook- en mosterdolie.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– tweejarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 15 tot 90 cm

Bloem
– wit
– vanaf april t/m juni
– tros
– 8 tot 12 (18) mm
– stervormig
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid, eerste jaar rozet
– enkelvoudig
– rozetbladeren :
– niervormig
– grof gekarteld
– stengelbladeren :
– hartvormig
– onregelmatig getand
– netnervig
– bij wrijving of kneuzing geurend

Stengel
– rechtop
– niet vertakt
– rond met lengteribbels

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Topaas

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Een topaas is vaak wijnrood of strogeel maar kan ook wit, grijs, groen, blauw of oranje zijn. De steen is doorzichtig tot doorschijnend met een glasachtige glans. Goudtopaas wordt ook wel edeltopaas genoemd. Door geelbruine topaas te verhitten verandert deze in een roze of rode kleur. Door topaas bloot te stelling aan straling wordt een blauwe kleur verkregen. Mystieke topaas (mystic topaz) is geen kleurvariant, maar een topaas die met een dunne filmlaag gecoat is waardoor een regenboogeffect ontstaat.

 

 

 

 

 

 

 

 

mystic topaas

 

 

 

Voorkomen

 

Saksen was in de 18de eeuw een belangrijke leverancier van (gele) topazen: deze zogenoemde Saksische diamanten werden gewonnen in het Vogtland, waar de Schneckenstein grotendeels werd afgegraven. Topaas komt voor in de zandfractie van Nederlandse riviersedimenten. Het is onder andere een karakteristiek element van zanden van de Noordwest-Duitse rivieren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geschiedenis en gebruik

 

De naam van de steen is te herleiden tot het Grieks. Plinius de Oudere voerde de naam terug op een legendarisch eiland Topazius in de Rode Zee, waarvan de identiteit onzeker is, evenals de precieze aard van de stenen die ervandaan kwamen. De aanduiding topaas kreeg zijn huidige betekenis pas na de middeleeuwen. De topaas is een van de negen edelstenen in de Thaise Orde van de Negen Edelstenen. De Paus bezit een mijter, een zogenoemde mitra preciosa die met goud, topazen en parels is versierd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Al2(SiO4)(F,OH)2

hardheid: 8

dichtheid: 3,5-3,6

 

 

Topaas
Quartz-Topaz-k-153c.jpg
Mineraal
Chemische formule Al2SiO4(F,OH)2
Kleur Kleurloos, bleekblauw, geel, geelbruin of rood
Streepkleur Wit
Hardheid 8 (per definitie)
Gemiddelde dichtheid 3,55 kg/dm3
Glans Glasglans
Opaciteit Doorzichtig
Breuk schelpvormig, ruw
Splijting [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Orthorombisch
Brekingsindices 1,606 – 1,643
Dubbele breking + 0,008 tot + 0,016
Fluorescentie rose tot zwak bruinachtig
Luminescentie goudgeel, crèmekleurig, groen
Overige eigenschappen
Veredeling bestralen, verhitten
Bijzondere kenmerken zelden kattenoog

 

 

 

 

 

goudtopaas

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zilveroog

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

Algemene informatie

 

Een topaas is vaak wijnrood of strogeel maar kan ook wit, grijs, groen, blauw of oranje zijn. De steen is doorzichtig tot doorschijnend met een glasachtige glans. Goudtopaas wordt ook wel edeltopaas genoemd. Door geelbruine topaas te verhitten verandert deze in een roze of rode kleur. Door topaas bloot te stelling aan straling wordt een blauwe kleur verkregen. Mystieke topaas (mystic topaz) is geen kleurvariant, maar een topaas die met een dunne filmlaag gecoat is waardoor een regenboogeffect ontstaat.

 

 

 

 

 

 

 

 

mystic topaas

 

 

 

Voorkomen

 

Saksen was in de 18de eeuw een belangrijke leverancier van (gele) topazen: deze zogenoemde Saksische diamanten werden gewonnen in het Vogtland, waar de Schneckenstein grotendeels werd afgegraven. Topaas komt voor in de zandfractie van Nederlandse riviersedimenten. Het is onder andere een karakteristiek element van zanden van de Noordwest-Duitse rivieren.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geschiedenis en gebruik

 

De naam van de steen is te herleiden tot het Grieks. Plinius de Oudere voerde de naam terug op een legendarisch eiland Topazius in de Rode Zee, waarvan de identiteit onzeker is, evenals de precieze aard van de stenen die ervandaan kwamen. De aanduiding topaas kreeg zijn huidige betekenis pas na de middeleeuwen. De topaas is een van de negen edelstenen in de Thaise Orde van de Negen Edelstenen. De Paus bezit een mijter, een zogenoemde mitra preciosa die met goud, topazen en parels is versierd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: Al2(SiO4)(F,OH)2

hardheid: 8

dichtheid: 3,5-3,6

 

 

Topaas
Quartz-Topaz-k-153c.jpg
Mineraal
Chemische formule Al2SiO4(F,OH)2
Kleur Kleurloos, bleekblauw, geel, geelbruin of rood
Streepkleur Wit
Hardheid 8 (per definitie)
Gemiddelde dichtheid 3,55 kg/dm3
Glans Glasglans
Opaciteit Doorzichtig
Breuk schelpvormig, ruw
Splijting [001] Perfect
Kristaloptiek
Kristalstelsel Orthorombisch
Brekingsindices 1,606 – 1,643
Dubbele breking + 0,008 tot + 0,016
Fluorescentie rose tot zwak bruinachtig
Luminescentie goudgeel, crèmekleurig, groen
Overige eigenschappen
Veredeling bestralen, verhitten
Bijzondere kenmerken zelden kattenoog

 

 

 

 

 

goudtopaas

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Cerussiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

Algemene informatie

 

Cerussiet behoort tot de carbonaten en wordt ook wel loodcarbonaat of witte looderts genoemd. De kleur kan wit, grijs, blauw of groen zijn. Cerussiet is doorschijnend en heeft een diamant-, glas- of vetglans. Het mineraal heeft een witte streepkleur en de splijting van het mineraal is duidelijk volgens de kristalvlakken [110] en [021].

Het kristalstelsel is orthorombisch. Cerussiet heeft een gemiddelde dichtheid van 6,58, de hardheid is 3 tot 3,5 en het mineraal is niet radioactief. De dubbelbreking is 0,2730. Omdat cersussiet lood bevat, wordt aangeraden na aanraking de handen te wassen en inademing bij breken te vermijden.

 

 

 

 

 

Etymologie

 

De naam cerussiet is afgeleid van het Latijnse cerussa, dat “wit lood” betekent.

 

 

 

 

 

 

Vindplaats

 

Cerussiet is een zeer algemeen mineraal, dat gevormd wordt in gebieden waar loodhoudende vloeistoffen kalksteen doorsnijden. De typelocatie is niet nader gedefinieerd, maar het mineraal wordt onder andere gevonden in Tsumeb in Namibië. Cerussiet wordt nog gevonden in West Australië, Duitsland, VS en China.

 

 

 

barriet met cerussiet

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

Chemische formule: Pb [CO3]

hardheid: 3 – 3,5

dichtheid: 6,55

 

 

 

 

 

Cerussiet
Cerusite kristal - Frankrijk
Cerusite kristal – Frankrijk
Mineraal
Chemische formule PbCO3
Kleur Kleurloos, wit, grijs, blauw, groen
Streepkleur Wit
Hardheid 3 tot 3,5
Gemiddelde dichtheid 6,55 kg/dm3
Glans Diamant
Opaciteit Doorzichtig tot subdoorschijnend
Breuk Schelpvormig (bros)
Splijting Duidelijk, [110] & [021]
Kristaloptiek
Kristalstelsel orthorombisch
Brekingsindices 1,803 – 2,076
Dubbele breking 0,2730

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Duinreigersbek : Erodium cicutarium

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

49195191.050830001b

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de helder roze of witte bloemen met 5 kroonbladen,
– waarvan er 2 zijn kleiner en
– die hebben bij reigersbek een grijswitte vlek,
– bij duinreigersbek niet en
– het samengestelde, oneven, dubbel veervormige blad

 

 

 

1343977693-650670529

 

 

 

Algemeen

 

In sommige flora’s wordt reigersbek verdeeld in 2 ondersoorten : gewone reigersbek (subsp. cicutarium) en duinreigersbek (subsp. dunense Andreas) Reigersbek is een eenjarige plant van 5 tot 60 cm hoog. Ze groeit op open, droge, matig voedselrijke zandgrond in akkers, bermen en duinen. Duinreigersbek is vrij algemeen in de duinen, elders aangevoerd met duinzand.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Reigersbek bloeit vanaf april tot en met oktober met 5-tallige, licht helder roze of witte bloemen, die met 3 tot 7 een enkelvoudig scherm vormen. De kroonbladen zijn niet alle 5 even groot; 2 zijn kleiner. Bij gewone reigersbek hebben de kleinere kroonbladen een grijswitte vlek aan de basis. Bij duinreigersbek ontbreken die vlekjes.

 

.

 

Erodium cicutarium ssp dunense 8, Duinreigersbek, Saxifraga-Willem van Kruijsbergen

 

 

 

gewone reigersbek

 

 

 

Algemeen

 

ooievaarsbekfamilie (Geraniaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 5 tot 60 cm hoog

Bloem
– helder roze, zelden wit
– vanaf april t/m oktober
– enkelvoudig scherm
– 8 tot 17 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden, waarvan 5 met   helmknoppen
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven dubbel veervormig
– top spits
– rand gaaf
– voet afgerond
– veernervig
– zacht behaard

Stengel
– rechtop of opstijgend
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Stilbiet

Standaard

categorie : Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

.

.

Algemene informatie

 

Stilbiet kan kleurloos tot wit en rozig tot rood zijn. De steen is doorzichtig tot doorschijnend met een glas-achtige tot parelmoerglans. Stilbiet behoort tot de zeolieten.

 

 

 

 

 

 

 

 

Etymologie

 

Stilbiet is afgeleid van het Griekse woord stilbe wat glans betekent.

 

 

 

 

 

apophyliet met stilbiet

 

 

 

Vindplaats

 

Stilbiet wordt o.a. gevonden in Noord-Amerika, India, Engeland en Schotland.

 

 

stilbiet uit India

 

 

 

 

 

 

Chemische eigenschappen

 

samenstelling: NaCa4Al8Si28O72•30(H2O)

hardheid: 3,5 – 4

dichtheid: 2,12 – 2.22

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Madeliefje : Bellis perennis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

.

madeliefje

 

 

Een uitgebreide beschrijving is feitelijk niet nodig, want iedereen kent het madeliefje.

Het madeliefje is overblijvend en bloeit bijna het hele jaar door, behalve als het vriest. Ze groeit op vochtige, voedselrijke, betreden, beweide, of vaak gemaaide grasgrond.

De straalbloemen van de bloemhoofdjes zijn wit. Soms (men zegt, als het mooi weer wordt) zijn de toppen van de straalbloemen aan de onderkant roze/rood gekleurd.

 

.

22026

 

 

Zodra het donker wordt of als het regent sluiten de bloemenhoofdjes zich en gaan ze hangen. Zodra de zon zich weer laat zien, gaan de bloemenhoofdjes weer open. Ze draaien zelfs met de zon mee.

Ondanks veelvuldig maaien vormt het madeliefje hele tapijten in gazons en graslanden. In de oksel van de stengels vormen zich nieuwe stengels die op hun beurt weer een rozet vormen.

Waar frequent gemaaid en gelopen wordt, wordt de bloemsteel slechts enkele centimeters lang. Wordt er minder gemaaid en gelopen dan kan de stengel 15 cm lang worden.

In de volksgeneeskunde wordt madeliefje gebruikt tegen huidziekten en leveraandoeningen. In de homeopathie wordt ze toegepast bij verstuikingen, kneuzingen en eczeem. Het jonge blad kan in salades worden verwerkt.

 

.

botanische-tekening-extragr-madeliefje

 

.

Madeliefjes hebben ongeveer 13 lancetvormige, stompe omwindselblaadjes in 2 rijen.

Madeliefje groeit op vochtige, voedselrijke, betreden, beweide, of vaak gemaaide grasgrond.

Zodra het donker wordt of als het regent sluiten de bloemenhoofdjes zich.

Madeliefjes draaien met de zon mee.

 

.

 

.

 

 

.

De bloemhoofdjes bestaan uit gele buisbloemen in het hart en een straal van witte straalbloemen erom heen. Soms is de top van de straalbloemen aan de onderkant roze/rood.

 

 

Bellis perennis_Madeliefje1

 

 

.

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA