Tagarchief: profeteren

Boodschap 301 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

 

De incarnatie van het beest, de antichrist, in de mens. Zijn teken is 666, driemaal de onperfecte mens

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

WAARZEGGEN IS EEN DUIVELSE PRAKTIJK VOOR GELD,

 

 

PROFETEREN IS GODDELIJK VOOR DE EEUWIGHEID VAN DE ZIEL

 

 

 

 

 

 

 

Bijbelteksten over Liefde

Standaard

Categorie : religie

 

 

 

liefde tussen man en vrouw

 

Pasteltekening van John Astria

.

De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan.

1 Korintiërs 13:4-5 |

.

.
.

Alles wat u doet, moet u met liefde doen.

1 Korintiërs 16:14 |

.

.
.
Laat mij in de morgen uw liefde horen,
in u stel ik mijn vertrouwen,
wijs mij de weg die ik gaan moet,
mijn ziel verlangt naar u.
.
.
.
.
Mogen liefde en trouw je nooit verlaten,
wind ze om je hals,
schrijf ze in je hart.
God en de mensen zullen je genegen zijn
en je zult waardering ondervinden.
.
.
.

En bovenal, kleed u in de liefde, dat is de band die u tot een volmaakte eenheid maakt.

.
.
.

Wij hebben Gods liefde, die in ons is, leren kennen en vertrouwen daarop. God is liefde. Wie in de liefde blijft, blijft in God, en God blijft in hem.

.
.
.

Wees steeds bescheiden, zachtmoedig en geduldig, en verdraag elkaar uit liefde.

.
.
.

Wij hebben lief omdat God ons het eerst heeft liefgehad.

.
.
.

Heb elkaar vóór alles innig lief, want liefde bedekt tal van zonden.

.
.
.

Ons resten geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de grootste daarvan is de liefde.

.
.
.

Moge hij vanuit zijn rijke luister uw innerlijke wezen kracht en sterkte schenken door zijn Geest, zodat door uw geloof Christus kan gaan wonen in uw hart, en u geworteld en gegrondvest blijft in de liefde.

.
.
.

Laat uw liefde oprecht zijn. Verafschuw het kwaad en wees het goede toegedaan.

.
.
.

Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen – had ik de liefde niet, ik zou niets zijn.

.
.
.
Maar kan een vrouw haar zuigeling vergeten
of harteloos zijn tegen het kind dat zij droeg?
Zelfs al zou zij het vergeten,
ik vergeet jou nooit.
Ik heb je in mijn handpalm gegrift,
je muren staan mij steeds voor ogen.
.
.
.
.

Mijn gebod is dat jullie elkaar liefhebben zoals ik jullie heb liefgehad.

.
.
.

Mannen, heb uw vrouw lief, zoals Christus de kerk heeft liefgehad en zich voor haar heeft prijsgegeven om haar te heiligen, haar te reinigen met water en woorden.

.
.
.

Heb elkaar lief met de innige liefde van broeders en zusters en acht de ander hoger dan uzelf.

.
.
.

Moge de Heer uw wil en verlangen richten op de liefde voor God en de standvastige trouw aan Christus.

.
.
.

Niemand heeft God ooit gezien. Maar als we elkaar liefhebben, blijft God in ons en is zijn liefde in ons ten volle werkelijkheid geworden.

.
.
.

Als iemand zegt: ‘Ik heb God lief,’ maar hij haat zijn broeder of zuster, is hij een leugenaar. Want iemand kan onmogelijk God, die hij nooit gezien heeft, liefhebben als hij de ander, die hij wel ziet, niet liefheeft.

.
.
.

Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden.

.
.
.
Jij bent zo kostbaar in mijn ogen,
zo waardevol, en ik houd zo veel van je
dat ik de mensheid geef in ruil voor jou,
ja alle volken om jou te behouden.
.
.
.
.

Maar het is zoals geschreven staat: ‘Wat het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bestemd voor wie hem liefheeft.’

.
.
.
 .
 Wees elkaar niets schuldig, behalve liefde, want wie de ander liefheeft, heeft de gehele wet vervuld.
.
.
.

De liefde laat geen ruimte voor angst; volmaakte liefde sluit angst uit, want angst veronderstelt straf. In iemand die angst kent, is de liefde geen werkelijkheid geworden.

.
.
.

Moge de Heer uw liefde voor elkaar en ieder ander groter maken, zodat uw liefde even overvloedig wordt als onze liefde voor u.

.
.
.
Wie rechtvaardigheid en trouw nastreeft,
ontvangt leven, rechtvaardigheid en eer.
.
.
.
.

Dan zullen we, door ons aan de waarheid te houden en elkaar lief te hebben, samen volledig toe groeien naar hem die het hoofd is: Christus.

.
.
.
Haat brengt ruzie voort,
liefde dekt alle fouten toe.
.
.
.
.

Ik ben ervan overtuigd dat dood noch leven, engelen noch machten noch krachten, heden noch toekomst, hoogte noch diepte, of wat er ook maar in de schepping is, ons zal kunnen scheiden van de liefde van God, die hij ons gegeven heeft in Christus Jezus, onze Heer.

.
.
.

Wie niet liefheeft kent God niet, want God is liefde.

.
.
.
.

Eenheid in de liefde

.

 

Pasteltekening van John Astria

.

.
.

Het op een na belangrijkste is dit: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’ Er zijn geen geboden belangrijker dan deze.

.
.
.
Draag mij als een zegel op je hart,
als een zegel op je arm.
Sterk als de dood is de liefde,
beklemmend als het dodenrijk de hartstocht.
De liefde is een vlammend vuur,
een laaiende vlam.
.
.
.
.
De Heer heb ik lief, hij hoort
mijn stem, mijn smeken,
hij luistert naar mij,
ik roep hem aan, mijn leven lang.
.
.
.
.

Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht.

.
.
.

Al sprak ik de talen van alle mensen en die van de engelen – had ik de liefde niet, ik zou niet meer zijn dan een dreunende gong of een schelle cimbaal.

.
.
.
Zijn woede duurt een oogwenk,
zijn liefde een leven lang,
met tranen slapen we ’s avonds in,
’s morgens staan we juichend op.
.
.
.
.

Immers: Wie het leven liefheeft en gelukkig wil zijn, moet geen laster of leugens over zijn lippen laten komen, hij moet het kwaad uit de weg gaan en het goede doen, en voortdurend vrede nastreven.

.
.
.

Wees niet op uzelf gericht, maar op de ander.

.
.
.

Sta niemand toe dat hij vanwege je jeugdige leeftijd op je neerkijkt, maar wees voor de gelovigen een voorbeeld in wat je zegt, in je levenswijze, in liefde, geloof en zuiverheid.

.
.
.
Genadig is de Heer: wij zijn nog in leven! Zijn ontferming kent geen grenzen.
Elke morgen schenkt hij nieuwe weldaden. Veelvuldig blijkt uw trouw!
.
.
.
.

God heeft ons niet een geest van lafhartigheid gegeven, maar een geest van kracht, liefde en bezonnenheid.

.
.
.
Liefdevol en genadig is de Heer,
hij blijft geduldig en groot is zijn trouw.
.
.
.
.

Wees niet haatdragend. Als je iemand iets te verwijten hebt, roep hem dan ter verantwoording en laad niet omwille van een ander schuld op je door je te wreken of wrok te blijven koesteren. Heb je naaste lief als jezelf. Ik ben de Heer.

.
.
.

Barmhartigheid zij u, vrede en liefde, in overvloed.

.
.
.

Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden.

.
.
.

En ik zeg jullie: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen.

.
.
.
Wat zal ons scheiden van de liefde van Christus? Tegenspoed, ellende of vervolging, honger of armoede, gevaar of het zwaard?
.
.
.
.

Al verkocht ik mijn bezittingen omdat ik voedsel aan de armen wilde geven, al gaf ik mijn lichaam prijs en kon ik daar trots op zijn – had ik de liefde niet, het zou mij niet baten.

.
.
.
Maar jij, een dienaar van God, moet je hier verre van houden. Streef naar rechtvaardigheid, vroomheid, geloof, liefde, volharding en zachtmoedigheid.
.
.
.
.

De liefde berokkent uw naaste geen kwaad, dus de wet vindt zijn vervulling in de liefde.

.
.
.
Overdag bewijst de Heer mij zijn liefde,
’s nachts klinkt een lied in mij op,
een gebed tot de God van mijn leven.
.
.
.
.

En ga de weg van de liefde, zoals Christus, die ons heeft liefgehad en zich voor ons gegeven heeft als offer, als een geurige gave voor God.

.
.
.
Toen ik dacht: Mijn voet glijdt weg,
hield uw trouw mij staande, Heer.
.
.
.
.

De wetgeleerde antwoordde: ‘Heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf.’

.
.
.

Dit is immers wat u vanaf het begin hebt horen verkondigen: dat we elkaar moeten liefhebben.

.
.
.

Houd de onderlinge liefde in stand en houd de gastvrijheid in ere, want zo hebben sommigen zonder het te weten engelen ontvangen.

.
.
.

Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.

.
.
.

Geliefde broeders en zusters, als God ons zo heeft liefgehad, moeten ook wij elkaar liefhebben.

.
.
.

En hierin is Gods liefde ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden, opdat we door hem zouden leven.

.
.
.

Ik geef jullie een nieuw gebod: heb elkaar lief. Zoals ik jullie heb liefgehad, zo moeten jullie elkaar liefhebben.

.
.
.
.
.

De zondeloze Adam en Eva

 

Pasteltekening van John Astria

.

.
.

Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem.

.
.
.
Uw liefde is meer dan het leven,
mijn lippen zingen uw lof.
U wil ik prijzen, mijn leven lang,
roepend uw naam, de handen geheven.
.
.
.
.
U, Heer, bent goed en tot vergeving bereid,
uw trouw is groot voor ieder die u aanroept.
.
.
.
.

Maar de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing. Er is geen wet die daar iets tegen heeft.

.
.
.

Maar omdat God zo barmhartig is, omdat de liefde die hij voor ons heeft opgevat zo groot is, heeft hij ons, die dood waren door onze zonden, samen met Christus levend gemaakt. Ook u bent nu door zijn genade gered.

.
.
.

Want de hele wet is vervuld in één uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’

.
.
.

En wij weten dat voor wie God liefhebben, voor wie volgens zijn voornemen geroepen zijn, alles bijdraagt aan het goede.

.
.
.

Broeders en zusters, wij moeten God altijd voor u danken. Het past ons dit te doen, omdat uw geloof sterk groeit en uw liefde voor elkaar groter wordt.

.
.
.

Iedereen die ik liefheb wijs ik terecht en bestraf ik. Zet u dus volledig in en breek met het leven dat u nu leidt.

.
.
.
Mijn zoon, een berisping van de Heer
mag je nooit terzijde schuiven,
zijn bestraffing moet je zonder afschuw ondergaan,
want de Heer straft wie hij liefheeft,
zoals een vader die houdt van zijn zoon.
.
.
.
.

‘Aan jullie liefde voor elkaar zal iedereen zien dat jullie mijn leerlingen zijn.’

.
.
.

Jezus antwoordde: ‘Wanneer iemand mij liefheeft zal hij zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen.’

.
.
.

Want: ‘Pleeg geen overspel, pleeg geen moord, steel niet, zet uw zinnen niet op wat van een ander is’ – deze en alle andere geboden worden samengevat in deze ene uitspraak: ‘Heb uw naaste lief als uzelf.’

.
.
.
Zo liefdevol als een vader is voor zijn kinderen,
zo liefdevol is de Heer voor wie hem vrezen.
.
.
.
.

Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden.

.
.
.

Broeders en zusters, u bent geroepen om vrij te zijn. Misbruik die vrijheid niet om uw eigen verlangens te bevredigen, maar dien elkaar in liefde.

.
.
.

Span daarom al uw krachten in om uw geloof te verrijken met deugdzaamheid, uw deugdzaamheid met kennis, uw kennis met zelfbeheersing, uw zelfbeheersing met volharding, uw volharding met vroomheid, uw vroomheid met liefde voor uw broeders en zusters, en uw liefde voor uw broeders en zusters met liefde voor allen.

.
.
.
Hij heeft recht en gerechtigheid lief,
van de trouw van de Heer is de aarde vervuld.
.
.
.
.
Luister, Israël: de Heer, onze God, de Heer is de enige!
Heb daarom de Heer, uw God, lief met hart en ziel en met inzet van al uw krachten.
.
.
.
.
Ik vraag aan de Heer één ding,
het enige wat ik verlang:
wonen in het huis van de Heer
alle dagen van mijn leven,
om de liefde van de Heer te aanschouwen,
hem te ontmoeten in zijn tempel.
.
.
.
.

‘Ik heb hun uw naam bekendgemaakt en dat zal ik blijven doen, zodat de liefde waarmee u mij liefhad in hen zal zijn en ik in hen.’

.
.
.

We hebben dan ook dit gebod van hem gekregen: wie God liefheeft, moet ook de ander liefhebben.

.
.
.

Geliefde broeders en zusters, laten wij elkaar liefhebben, want de liefde komt uit God voort. Ieder die liefheeft is uit God geboren en kent God.

.
.
.

Wat ons drijft is de liefde van Christus, omdat we ervan overtuigd zijn dat één mens voor alle mensen is gestorven, waardoor alle mensen zijn gestorven, en dat hij voor allen is gestorven opdat de levenden niet langer voor zichzelf zouden leven, maar voor hem die voor de levenden is gestorven en is opgewekt.

.
.
.
Niet ons, Heer, niet ons,
geef uw naam alle eer,
om uw liefde, uw trouw.
.
.
.
.
Zij verkregen het land niet met het zwaard,
niet hun eigen kracht heeft hen gered,
maar uw rechterhand, uw arm,
het licht van uw gelaat. U had hen lief.
.
.
.
.
Halleluja!
Gelukkig de mens met ontzag voor de Heer en met liefde voor zijn geboden.
.
.

Maar wij zegevieren in dit alles glansrijk dankzij hem die ons heeft liefgehad.

.
.
.

Wat liefde is, hebben we geleerd van hem die zijn leven voor ons gegeven heeft. Daarom horen ook wij ons leven te geven voor onze broeders en zusters.

.
.
.

Je blijft in mijn liefde als je je aan mijn geboden houdt, zoals ik me ook aan de geboden van mijn Vader gehouden heb en in zijn liefde blijf.

.
.
.
U, Heer,
u weigert mij uw ontferming niet,
uw liefde en uw trouw
zullen mij steeds bewaren.
.
.
.
.

Deze hoop zal niet worden beschaamd, omdat Gods liefde in ons hart is uitgegoten door de heilige Geest, die ons gegeven is.

.
.
.

Niet je kleren moet je scheuren, maar je hart. Keer terug tot de HEER, jullie God, want hij is genadig en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid.

.
.
.

In Christus Jezus is het volkomen onbelangrijk of men wel of niet besneden is. Belangrijk is dat men gelooft en de liefde kent, die het geloof zijn kracht verleent.

.
.
.
Laat het licht van uw gelaat over mij schijnen,
toon uw trouw en red uw dienaar.
.
.
.
.

Tot slot, broeders en zusters, groet ik u. Beter uw leven, neem mijn vermaningen ter harte, wees eensgezind, leef in ​vrede​ met elkaar – dan zal de God van de ​liefde​ en de ​vrede​ met u zijn.

.
.
.

Hoe kan Gods ​liefde​ in iemand blijven die meer dan genoeg heeft om van te bestaan, maar zijn ​hart​ sluit voor een broeder of zuster die hij gebrek ziet lijden?

.
.
.

‘Pleeg geen ​moord, pleeg geen ​overspel, steel niet, leg geen vals getuigenis af, toon eerbied voor uw vader en moeder, en ook: heb uw naaste lief als uzelf.’

.
.
.
.
.
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 

 

 

 

De gaven van de Heilige Geest: deel 2

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

.

Wat zijn de gaven van de Geest?

.

 

.

7d8f3ebc306877b9a8188b6d841afc7egeest

 

De gaven van de Geest zijn bijzondere vermogens die door de Heilige Geest aan christenen zijn gegeven met het doel om het lichaam van Christus op te bouwen. De lijst van geestelijke gaven in 1 Korintiërs 12:8-10 bevat: wijsheid, kennis, geloof, genezen, wonderen verrichten, profeteren, geestelijk onderscheidingsvermogen, klanktaal en het uitleggen van klanktaal. Soortgelijke lijsten vinden we in Efeziërs 4:7-13 en Romeinen 12:3-8.

De gaven van de Geest zijn eenvoudig de manier waarop God gelovigen in staat stelt om de dingen te doen waartoe Hij ons heeft geroepen. 2 Petrus 1:3 zegt: “Zijn goddelijke macht heeft ons alles geschonken wat nodig is voor een vroom leven, door de kennis van hem die ons geroepen heeft door zijn majesteit en wonderbaarlijke kracht”. De gaven van de Heilige Geest zijn een onderdeel van “alles wat nodig is” om Zijn doelen voor onze levens te vervullen.

 

.

Welke gaven heeft de Geest?

.

Men is het niet altijd eens over de exacte aard van elk van de gaven van de Geest, maar hier volgt een lijst van de geestelijke gaven en hun primaire definities.

  • De gave van wijsheid lijkt te bestaan uit het vermogen om beslissingen te nemen en anderen te leiden in overeenstemming met Gods wil.
  • De gave van kennis is het vermogen om een diep begrip te hebben van een geestelijk onderwerp of geestelijke situatie.
  • De gave van geloof is het vermogen om op God te vertrouwen en anderen aan te moedigen om ongeacht de omstandigheden op God te vertrouwen.
  • De gave van genezen is het wonderbaarlijke vermogen om Gods genezende kracht aan te wenden om iemand die ziek, gewond of mistroostig is te herstellen.
  • De gave van het verrichten van wonderen is het vermogen om tekenen en wonderen uit te voeren die Gods Woord en het Evangelie bekrachtigen.
  • De gave van profeteren is het vermogen om een boodschap van God te verkondigen.
  • De gave om te onderscheiden wat al dan niet van de Geest afkomstig is, is het vermogen om te kunnen vaststellen of een boodschap, mens of gebeurtenis al dan niet werkelijk van God afkomstig is.
  • De gave van klanktaal is het vermogen om in vreemde talen te spreken die je zelf niet eens beheerst, met als doel om met iemand te kunnen communiceren die zo’n vreemde taal spreekt.
  • De gave van het uitleggen van klanktaal is het vermogen om de klanktaal te vertalen en aan anderen in je eigen taal te kunnen communiceren.
  • De gave van beheer en bestuur is het vermogen om dingen op een georganiseerde manier en in overeenstemming met Gods principes te laten verlopen.
  • De gave van hulpverlening is een onophoudelijk verlangen om anderen te helpen en te doen wat er ook maar nodig is om een taak te voltooien.

 

 

De Heilige Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

.

Welke gaven heb ik?

.

De Heilige Geest verdeelt de gaven van de Geest zoals Hij wil (1 Korintiërs 12:7-11). God wil nooit dat we onwetend zijn over de manier waarop Hij graag wil dat wij Hem dienen. Maar we leggen soms een te grote nadruk op onze eigen geestelijke gaven. Het gevolg is dat we God dan alleen op dat gebied zullen dienen. Maar dat is niet hoe het zou moeten werken.

God roept ons op om Hem gehoorzaam te dienen. Hij zal ons uitrusten met de gaven van de Geest die wij nodig hebben om de taken uit te voeren waartoe Hij ons heeft geroepen. God roept sommigen op om anderen te onderwijzen en geeft hen daarom de gave van het onderwijzen, maar dat mag voor hem of haar geen excuus zijn om God niet ook op andere manieren te dienen. Is het nuttig om te weten welke geestelijke gave(n) God jou heeft gegeven? Natuurlijk is dat nuttig. Is het verkeerd om ons zo sterk op onze geestelijke gaven te concentreren dat we andere gelegenheden om God te dienen aan ons voorbij laten gaan? Ja!

Er bestaat geen magische formule en ook geen test om te bepalen welke gaven van de Geest jij bezit. We moeten ons concentreren op het dienen van God. Zie jij dat er in jouw gemeente een behoefte bestaat? Doe wat in jouw vermogens ligt om in die behoefte te voorzien. Is er een functie in een bediening die maar niet gevuld kan worden? Bid en vraag God of het Zijn wens is dat jij deze functie inneemt. Als we op zoek gaan naar Gods leidende hand en gehoorzaam zijn aan Zijn leiding, dan zal Hij ons uitrusten met alle gaven van de Geest die we hiervoor nodig hebben.

Er zijn toetsen die je kunt doen om te bepalen welke geestelijke gaven je hebt. Deze kunnen tot op zekere hoogte waardevol zijn om vast te stellen op welke gebieden God jou in het bijzonder heeft begiftigd. Maar je moet altijd meer nadruk leggen op Gods Woord en het onderwerpen van je eigen wil aan Zijn leiding dan op de uitslag van een dergelijke toets.

 

.

 Waar worden deze gaven voor gebruikt?

.

De Apostel Paulus gaf aan dat alle gaven van de Geest even deugdelijk zijn, maar dat zij niet alle even waardevol zijn. Hun waarde wordt vastgesteld aan de hand van hun waarde voor de kerk. Toen Paulus over dit onderwerp schreef, gebruikte hij de analogie van het menselijk lichaam. Alle delen van het lichaam hebben een functie, zo zei Paulus, maar sommige delen zijn belangrijker dan andere (1 Korintiërs 12:12-26).

De dienst van iedere Christen moet in verhouding staan tot de gaven die hij of zij heeft ontvangen (1 Korintiërs 12-14). Alle gelovigen moeten dan samen dienen, als delen van het lichaam van Christus, zodat het lichaam als geheel volledig kan functioneren. Daarom heeft een kerk voorgangers, onderwijzers, assistenten, dienaren, beheerders, mensen met een sterk geloof, enzovoorts nodig om te kunnen functioneren.

Alle gaven van de Geest moeten met elkaar samenwerken, zodat het volledige potentieel van de gemeente bereikt wordt. Omdat de gaven van de Geest gaven zijn die door Gods genade worden uitgereikt, moet het gebruik ervan beheerst worden door de liefde, de grootste van alle gaven van de Geest (1 Korintiërs 13).

 

 

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

 

 John Astria

John Astria