Category, categorie : A complete animated overview of the bible
.
.
Book of 1 Thessalonians, summary
.
Boek Thessalonicenzen, samenvatting
.
.
























































Zijn naam was eerst Abram (‘hoge vader’, ‘vader der hoogheid’), doch na de goddelijke belofte van een talrijk kroost (Gen. 12:2; 17:5), ontving hij op 99-jarige leeftijd de naam Abraham, welke hij de hele Bijbel door behoudt. De nieuwe naam betekent ‘vader van een grote menigte’. Hij zou worden ‘tot een groot volk’ (Gen. 12:2) en ‘een vader van menigte der volken’ (Gen. 17:5).
Terah en zijn zonen Abraham en Nahor hebben andere goden gediend. Jozua verhaalde daarvan:
Joz 24:2 Toen zei Jozua tegen heel het volk: Zo zegt de Heere, de God van Israël: Aan de overzijde van de rivier hebben uw vaderen van oude tijden af gewoond, Terah, de vader van Abraham, en de vader van Nahor; en zij hebben andere goden gediend.
Joz 24:14 Nu dan, vrees de Heere, dien Hem in oprechtheid en trouw, doe de goden weg die uw vaderen gediend hebben aan de overzijde van de rivier en in Egypte, en dien de Heere.
Joz 24:15 Maar als het in uw ogen kwalijk is de Heere te dienen, kies voor u heden wie u zult dienen: óf de goden die uw vaderen, die aan de overzijde van de rivier woonden,gediend hebben, óf de goden van de Amorieten, van wie u het land bewoont. Maar wat mij en mijn huis betreft, wij zullen de Heere dienen!
Joz 24:16 Toen antwoordde het volk en zei: Er is geen sprake van dat wij de Heere zouden verlaten om andere goden te dienen.
Abram werd door God geroepen om zijn land en familie te verlaten en te gaan naar een ander land dat God hem zou wijzen. Jahweh zou hem tot een groot volk maken, namelijk het volk van Israël. In hem zouden alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.
Ge 12:1 De Heere nu zei tegen Abram: Gaat u uit uw land, uit uw familiekring en uit het huis van uw vader, naar het land dat Ik u wijzen zal.
Ge 12:2 Ik zal u tot een groot volk maken, u zegenen en uw naam groot maken; en u zult tot een zegen zijn.
Ge 12:3 Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt, zal Ik vervloeken; en in u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.
Ge 12:4 Toen ging Abram op weg, zoals de Heere tot hem gesproken had, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar oud, toen hij uit Haran vertrok..
.
Hij zei eens van Abraham:
Ge 18:19 want Ik heb hem gekend, opdat hij gebieden zou, dat zijn zonen en zijn huis na hem de weg des Heeren zouden bewaren door gerechtigheid en recht te doen, opdat de Heere aan Abraham vervulle wat Hij over hem gesproken heeft.
De vrouwen van Abraham waren Sara, Hagar en Ketura. Hij nam Ketura tot vrouw nadat Sara, 127 jaar oud (Gen. 23:1) gestorven was; Abraham was toen 137 jaar oud. De naam “Ketura” betekent “reukwerk”. Abrahams zonen waren:
Sara’s overlijden in Hebron gaf hem aanleiding om een spelonk te kopen van de Hethiet Efron (Gen. 23). Hij kocht de spelonk en de akker van Efron voor 400 zilverstukken. Dat was zijn eerste, aangekochte eigendom in het land Kanaän. Na de dood van Sara heeft Abraham nog 38 jaar geleefd. Hij bereikte een leeftijd van 175 jaar. Door zijn zonen Izak en Ismaël werd hij begraven in de spelonk van Machpela.
God noemde Abraham tegenover de filistijnse vorst Abimelech “een profeet” (Gen. 20:7).
Ge 20:7 Nu dan, geef de vrouw van die man terug, want hij is een profeet! Hij zal voor u bidden, zodat u in leven blijft. Als u haar echter niet teruggeeft, weet dan dat u zeker zult sterven, u en al wat van u is.
Dat Abraham een profeet was, bleek uit zijn antwoord aan Izak, onderweg naar de offerplaats.
Ge 22:7 Toen sprak Izak tot zijn vader Abraham en zei: Mijn vader! Hij zei: Zie, hier ben ik, mijn zoon. Hij zei: Zie, hier is het vuur en het hout, maar waar is het lam voor het brandoffer?
Ge 22:8 Abraham zei: God zal Zichzelf voorzien van het lam voor het brandoffer, mijn zoon. Zo gingen zij beiden samen.
De profeet Abraham sprak tot zijn knecht, die de opdracht kreeg naar Abrahams familie te gaan en daar een vrouw voor Izak te vinden.
Ge 24:7 De Heere, de God van de hemel, Die mij uit mijn familie en uit mijn geboorteland weggehaald heeft, Die tot mij gesproken heeft en Die mij gezworen heeft: Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven -die God zal Zijn engel voor u uit sturen, opdat u voor mijn zoon daarvandaan een vrouw zult nemen.
Toen de aartsvader zich tegenover de Hethieten, van wie hij een gunst verzocht, “een vreemdeling en een inwoner bij u” noemde, noemden zij hem “een vorst Gods in het midden van ons’ (Gen. 23:6). God noemde hem tegenover zijn volk Israël “de rotssteen” waaruit de Israëlieten gehouwen zijn.
Jes 51:1 Hoort naar Mij, gij, die de gerechtigheid najaagt, gij, die den Heere zoekt! aanschouwt den rotssteen, waaruit gij lieden gehouwen zijt, en de holligheid des bornputs, waaruit gij gegraven zijt.
Jes 51:2 Aanschouwt Abraham, ulieder vader, en Sara, die ulieden gebaard heeft; want Ik riep hem, toen hij nog alleen was, en Ik zegende hem, en Ik vermenigvuldigde hem.
Jezus Christus wordt “de Zoon van Abraham” genoemd, omdat hij naar het vlees een afstammeling van Abraham is en evenals deze wandelde in geloof.
Mt 1:1 Geslachtsregister van Jezus Christus, Zoon van David, Zoon van Abraham.
Joh 8:39 Zij antwoordden en zeiden tot Hem: Onze vader is Abraham. Jezus zei tot hen: Als u kinderen van Abraham was, zou u de werken van Abraham doen.
Abraham kreeg de belofte van het land Kanaän. Hij was gegaan en gekomen in het land dat God hem ter bezitting aanwees. Het land was voor hem en zijn ‘zaad’, zijn nageslacht. De landbelofte wordt meermaals herhaald.
Ge 12:1 De Heere nu zei tegen Abram: Gaat u uit uw land, uit uw familiekring en uit het huis van uw vader, naar het land dat Ik u wijzen zal.
Ge 12:7 Zo verscheen de Heere aan Abram, en zeide: Aan uw zaad zal Ik dit land geven. Toen bouwde hij aldaar een altaar den Heere, Die hem verschenen was.
Ge 15:7 Voorts zeide Hij tot hem: Ik ben de Heere, Die u uitgeleid heb uit Ur der Chaldeën, om u dit land te geven, om dat erfelijk te bezitten.
Ge 17:8 En Ik zal u, en uw zaad na u, het land uwer vreemdelingschappen geven, het gehele land Kanaän, tot eeuwige bezitting; en Ik zal hun tot een God zijn.
Het beloofde land is zelfs groter dan Kanaän en strekt zich uit tot de rivier Eufraat (of Frath).
Ge 15:18 Ten zelfden dage maakte de Heere een verbond met Abram, zeggende: Aan uw zaad heb Ik dit land gegeven, van de rivier van Egypte af, tot aan die grote rivier, de rivier Frath.
Abraham bleef een vreemdeling in het land en woonde in tenten.
Hnd 7:5 En Hij gaf hem geen erfdeel daarin, zelfs geen voetbreed, en Hij beloofde het hem tot een bezitting te geven en zijn nageslacht na hem, terwijl hij geen kind had.
De landbelofte wordt door God aan Abrahams zoon Izak bevestigd
Ge 26:2 En de Heere verscheen hem en zeide: Trek niet af naar Egypte; woon in het land, dat Ik u aanzeggen zal;
Ge 26:3 Woon als vreemdeling in dat land, en Ik zal met u zijn, en zal u zegenen; want aan u en uw zaad zal Ik al deze landen geven, en Ik zal den eed bevestigen, dien Ik Abraham uw vader gezworen heb.
Ge 26:4 En Ik zal uw zaad vermenigvuldigen, als de sterren des hemels, en zal aan uw zaad al deze landen geven; en in uw zaad zullen gezegend worden alle volken der aarde,
Ge 26:5 Daarom dat Abraham Mijn stem gehoorzaam geweest is, en heeft onderhouden Mijn bevel, Mijn geboden, Mijn inzettingen en Mijn wetten.
Ook aan Jacob en Mozes werd de belofte door God bevestigd (Deut. 34:4).
Abraham kreeg ook de belofte van een talrijk nageslacht. Abraham is, overeenkomstig de belofte van God, een vader van vele volken geworden. De naam ‘Abraham’ betekent ‘vader van een grote menigte’ .
Ge 12:2 Ik zal u tot een groot volk maken, u zegenen en uw naam groot maken; en u zult tot een zegen zijn.
Ge 17:5 En uw naam zal niet meer genoemd worden Abram; maar uw naam zal wezen Abraham; want Ik heb u gesteld tot een vader van menigte der volken.
Ge 17:6 En Ik zal u gans zeer vruchtbaar maken, en Ik zal u tot volken stellen, en koningen zullen uit u voortkomen.
Ge 18:17 De Heere zei: Zal Ik voor Abraham verbergen wat Ik ga doen?
Ge 18:18 Immers, Abraham zal zeker tot een groot en machtig volk worden, en alle volken van de aarde zullen in hem gezegend worden.
Ge 18:19 Want Ik heb hem uitgekozen, opdat hij aan zijn kinderen en zijn huis na hem bevel zou geven om de weg van de Heere in acht te nemen, door gerechtigheid en recht te doen, opdat de Heere over Abraham zal brengen wat Hij over hem gesproken heeft.
God herhaalde Zijn belofte nadat Abraham zijn zoon offerde:
Ge 22:16 Hij zei: Ik zweer bij Mijzelf, spreekt de Heere: Omdat u dit gedaan hebt en Mij uw zoon, uw enige, niet onthouden hebt,
Ge 22:17 zal Ik u zeker rijk zegenen en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren aan de hemel en als het zand dat aan de oever van de zee is. Uw nageslacht zal de poort van zijn vijanden in bezit hebben.
Ge 22:18 En in uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden, omdat u Mijn stem gehoorzaam geweest bent.
De belofte van een talrijk nageslacht werd door God aan Izak herhaald:
Ge 26:4 Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel en uw nageslacht al deze landen geven. In uw nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden,
Ge 26:5 omdat Abraham Mijn stem gehoorzaamd heeft en Mijn voorschriften, Mijn geboden, Mijn verordeningen en Mijn wetten in acht genomen heeft.
Abraham heeft afstammelingen naar het vlees en naar het geloof. Van Abraham stammen af naar het vlees (lijfelijke nakomelingen):
Volgens de islamitische overlevering zijn de Arabieren de nakomelingen van Ismaël en daarmee kinderen van Abraham. Moslims zien Abraham als hun vader.
In figuurlijke of geestelijke zin, namelijk om hun geloof, worden gelovigen in de Bijbel kinderen van Abraham genoemd. Abraham geloofde God op het woord van Diens beloften en het werd hem tot gerechtigheid gerekend. Zo wordt ook ons geloof in Jezus Christus, de Zoon van God en de Heiland der wereld, ons tot gerechtigheid gerekend. In dat opzicht is de gelovige als Abraham en wordt hij door God als een zoon van Abraham beschouwd.
Ga 3:7 Erkent dan, dat zij die op grond van geloof zijn,zonen van Abrahamzijn.
Ga 3:29 En als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en volgens belofte erfgenamen.
Uit en door Abraham is dus een natuurlijk en aards volk (Israël) alsook een geestelijk en hemels volk (gemeente van Christus) ontstaan. Deze beide volken worden misschien aangeduid door de uitdrukkingen “de sterren aan de hemel” (gemeente van Christus) en “het zand aan de oever van de zee” (Israël).
Ge 22:16 Hij zei: Ik zweer bij Mijzelf, spreekt de Heere: Omdat u dit gedaan hebt en Mij uw zoon, uw enige, niet onthouden hebt,
Ge 22:17 zal Ik u zeker rijk zegenen en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren aan de hemel en als hetzand dat aan de oever van de zee is. Uw nageslacht zal de poort van zijn vijanden in bezit hebben.
Ge 22:18 En in uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden, omdat u Mijn stem gehoorzaam geweest bent.
Ge 26:4 Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel en uw nageslacht al deze landen geven. In uw nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden.
Abraham kreeg ook een belofte van zegen in hem: in hem zouden alle geslachten van het aardrijk gezegend worden.
Ge 12:3 Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt, zal Ik vervloeken; en in u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden.
God herhaalde Zijn belofte nadat Abraham zijn zoon offerde:
Ge 22:16 Hij zei: Ik zweer bij Mijzelf, spreekt de Heere: Omdat u dit gedaan hebt en Mij uw zoon, uw enige, niet onthouden hebt,
Ge 22:17 zal Ik u zeker rijk zegenen en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren aan de hemel en als het zand dat aan de oever van de zee is. Uw nageslacht zal de poort van zijn vijanden in bezit hebben.
Ge 22:18 En in uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden, omdat u Mijn stem gehoorzaam geweest bent.
De belofte van zegen wordt door God aan Izak herhaald:
Ge 26:4 Ik zal uw nageslacht zo talrijk maken als de sterren aan de hemel en uw nageslacht al deze landen geven. In uw nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden,
Ge 26:5 omdat Abraham Mijn stem gehoorzaamd heeft en Mijn voorschriften, Mijn geboden, Mijn verordeningen en Mijn wetten in acht genomen heeft.
Op de Pinksterdag herinnert Petrus zijn toehoorders aan deze belofte:
Hnd 3:25 U bent de zonen van de profeten en van het verbond dat God met uw vaderen heeft gemaakt, toen Hij tot Abraham zei: ‘En in uw nageslacht zullen alle families van de aarde gezegend worden’.
Deze zegen komt door een zoon van Abraham, namelijk Jezus Christus, tot alle volken van de aarde. Eén zegen is de rechtvaardiging uit geloof.
Ga 3:8 De Schrift nu, die voorzag dat God de volken op grond van geloof zou rechtvaardigen, verkondigde tevoren aan Abraham de blijde boodschap: ‘In u zullen alle volken gezegend worden’.
Nadat God aan Abraham meermaals de belofte van land, een talrijk nageslacht en zegen door hem voor de volken had gedaan, voegt Hij, nadat Abraham zijn eigen zoon offerde, er een nieuwe belofte bij.
Het zaad (nageslacht) van Abraham zou de poort van zijn vijanden in bezit nemen:
Ge 22:16 Hij zei: Ik zweer bij Mijzelf, spreekt de Heere: Omdat u dit gedaan hebt en Mij uw zoon, uw enige, niet onthouden hebt,
Ge 22:17 zal Ik u zeker rijk zegenen en uw nageslacht zeer talrijk maken, als de sterren aan de hemel en als het zand dat aan de oever van de zee is. Uw nageslacht zal de poort van zijn vijanden in bezit hebben.
Ge 22:18 En in uw Nageslacht zullen alle volken van de aarde gezegend worden, omdat u Mijn stem gehoorzaam geweest bent.
Wanneer wij Abrahams zaad (nageslacht) in het meervoud nemen, dus op zijn nakomelingen zien, dan zegt de belofte dat Abrahams nageslacht de poort van zijn vijanden (erfelijk) zal bezitten, hun steden innemen en het goed van hun land genieten. Een poortis in de Heilige Schrift het beeld van macht en sterkte (vgl. Matth. 16:18). In de poorten werden ook de rechtspraken gehouden. Jahweh wil daarmee dus aan Abraham zeggen, dat zijn nakroost over zijn vijanden zal heersen en zijn vijanden overwinnen zal.
Deze belofte ging in vervulling toen Israël zijn vijanden versloeg en het beloofde land innam. De volkomen vervulling geschiedt na de Grote Verdrukking en het geestelijke herstel van Israël. Israël zal dan niet langer de smaad en de staart, maar de eer en het hoofd der volken zijn.
Wanneer wij Abrahams zaad in het enkelvoud nemen, dus op zijn Nakomeling Jezus zien – zoals Paulus doet in Gal. 3:16 – dan zegt de belofte dat de Heer Jezus de poort van zijn vijanden zal innemen. De Heer Jezus is verhoogd aan Gods rechterhand totdat God al zijn vijanden tot zijn voetbank heeft gesteld.
Heb 1:13 Tot wie van de engelen echter heeft Hij ooit gezegd: ‘Zit aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden stel tot een voetbank voor uw voeten’?
Lu 19:27 Die vijanden van mij evenwel, die niet wilden dat ik over hen regeerde, brengt ze hier en slacht ze in mijn bijzijn af.
De Heer Jezus heeft door de dood de satan, die de macht over de dood had, teniet gedaan.
Heb 2:14 Daar nu de kinderen aan bloed en vlees deel hebben, heeft ook Hij op gelijke wijze daaraan deelgenomen, opdat Hij door de dood te niet zou doen hem die de macht over de dood had, dat is de duivel.
Hij heeft de sleutel van de dood en de hades (= dodenrijk).
Opb 1:18 en de levende; en Ik ben dood geweest, en zie, Ik ben levend tot in alle eeuwigheid, en Ik heb de sleutels van de dood en de hades.
Mt 16:18 En ook Ik zeg je dat jij Petrus bent, en op deze rots zal Ik mijn gemeente bouwen, en de poorten van de hades zullen haar niet overweldigen.
Hij zal bij zijn toekomstige verschijning in de wereld zijn vrederijk op aarde oprichten. Hij zal de wereld regeren, die voordien, na de zondeval, door satan werd geregeerd.
1Co 15:25 Want Hij moet regeren, totdat Hij al zijn vijanden onder zijn voeten heeft gelegd.
Pasteltekening van John Astria
“De HEER, je God, zal in je midden zijn, hij is de held die je bevrijdt. Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over jou, in zijn liefde zal hij zwijgen, in zijn vreugde zal hij over je jubelen”
“Van ver ben ik naar je toe gekomen. . .Ik heb je altijd liefgehad, mijn liefde zal je altijd vergezellen. Ik breng je weer tot bloei. Je zult weer dansen in de rei en de tamboerijnen laten klinken.”.
Mijn kind, zo zeker als het is dat de zon weer zal opkomen, zo is Mijn liefde voor jou. Bij aanvang van de dageraad slaat Mijn hart in opwinding over het vooruitzicht om de dag met jou door te brengen. In de nacht houd Ik de wacht en waak Ik over jou (Psalm 32:8). En in de nacht maak Ik de plannen die Ik met je wil delen. Jazeker, Mijn hart slaat de hele nacht met een blijde verwachting van de tedere momenten tussen ons.
Terwijl je ogen knipperen in een poging om wakker te worden, worden Mijn gedachten bekoord door herinneringen aan vroegere momenten. Dit vergroot Mijn verlangen om met jou te communiceren en te delen. Soms kan Ik niet tot de ochtend wachten. Dan giet Ik dromen en visioenen in jouw rust (Handelingen 2:17). Met jou samen zijn is wat Ik het liefst doe.
Wij bestaan voor elkaar. De één is niet compleet zonder de ander. Kind, je bent voor Mij de dauw in de ochtend, je neemt elk moment van Mijn bestaan in, je dringt diep door tot in de kern van wie Ik ben (Deuteronomium 32:2).
En toch ontbreekt er iets. Ik ben op de vleugels van de wind naar jou toe gekomen, alleen om te ontdekken dat er niemand thuis is. Mijn hart doet zeer, Mijn hart verlangt naar je. De kern van Mijn wezen verlangt ernaar om met jou samen te zijn. O, hoe zeer ik je heb gemist!
De drukte van het dagelijkse leven heeft jouw dagen opgeslokt en de levenspoel in je binnenste levenloos gemaakt. Ik kan er niet tegen. Ik kan er niet tegen om jou zo te zien leven, terwijl ik zo veel te bieden heb.
Jouw levenspoel wordt gevormd door ondergrondse bronnen van tedere toewijding tussen ons beiden. Ik kan niet langer wachten. Ik word gedreven door Mijn grote liefde, gedreven door de vreugde uit het verleden. Ik kom nu naar je toe, om je te raken, om je poel in beroering te brengen, zodat je uit de Bron van je redding kunt putten die zich in jou bevindt (Jesaja 12:3).
Jazeker, ik zie de vele dingen die je voor Me doet en dat zijn goede dingen, maar goede dingen voor Mij doen hetzelfde is niet hetzelfde als met Mij samen zijn. Denk dat nooit. Ik hou niet van je omdat je “doet”. Ik hou van je omdat je bent.
Open je hart, laat elk gevoel van onwaardigheid varen dat je zou kunnen hebben door gedane zaken. Ik wacht met open armen op je. Open je innerlijke geest, want ik ben bij je om herinneringen aan onze wederzijdse zoete fluisteringen aan te wakkeren, onze wederzijdse liefdesverklaringen. Ik zing over jou, Mijn dauw in de ochtend. O, hoe veel ik van je hou!
Tijm etherische olie helpt de natuurlijke weerstand te versterken, werkt positief en helpt vitaal en energiek te blijven. Tijm, Thymus vulgaris, is een groenblijvende plant van 20-30 cm. hoogte die behoort tot de Lipbloemigen, lamiaceae. Het half-heestertje met rijk vertakte houtige stengels stamt oorspronkelijk uit het Middellandse zeegebied en wordt nu overvloedig aangetroffen in o.a. Italië, Frankrijk, Spanje, Marokko, Turkije, China en Midden-Europa.
| Tijm heeft kleine spitse zeer aromatische blaadjes met lila bloemetjes en is zeer geliefd bij bijen.
Tijm wordt al sinds onheuglijke tijden voor medische doeleinden gebruikt. De Romeinen waardeerden dit plantje niet alleen als keukekruid maar ook om de medicinale werking. Om de desinfecterende werking maakten zij er zeep en toiletwater van. Zij brachten het kruid naar onze streken waar het al snel in kloostertuinen te vinden was. |
Tijm essentiële olie heeft krachtige anti-bacteriële en schimmelwerende eigenschappen en is vooral een bekend slijmoplossend middel. De olie wordt in de aromatherapie o.a. gebruikt bij;
abcessen, kneuzingen, blauwe plekken, eczeem, tandvleesinfecties, artritis, wratten, onreine huid, griep, bronchitis, vastzittende hoest, reumatische klachten, spierpijn, gewrichtspijn, haaruitval, (over)vermoeidheid, cellulitis, oedeem, verrekkingen, sportletsels, diarree, infecties aan de urinewegen, verkoudheid, infectieziekten, hoofdpijn, migraine, lage bloeddruk.
Tijm etherische olie kan goed gecombineerd worden met Anijs, Basilicum, Bergamot, Citroen, Den, Lavendel, Melisse, Patchouli, Rozemarijn.
| Tijm versterkt het afweersysteem en werkt ontsmettend bij infecties aan luchtwegen, urinewegen en de huid.
Kan ook verlichting brengen bij kinderziekten zoals bof en kinkhoest. Tijm is een zeer goede pijnstillende olie. Toevoegen aan een basisolie bij spierpijn en reumatische pijnen voor een massage. |
.
.
Van dezelfde botanische variëteit zijn er, afhankelijk van de groeiplaats (klimaat, bodemsoort, hoogte), tijmplanten mogelijk met een totaal verschillende samenstelling.
Achter de Latijnse naam wordt daarom de belangrijkste inhoudsstof (thymol, carvacrol, linalol, thuyanol) toegevoegd. Elk chemotype heeft een specifieke werking.
Tijm ct Thymol bijvoorbeeld is een zeer sterke, krachtige variant door het hoge aandeel aan thymol en daarom niet voor iedereen geschikt. Tijm ct Linalol is veel zachter en kan in principe door iedereen gebruikt worden.
Een belangrijk onderdeel van tijm olie is thymol. Thymol is zeer effectief in de behandeling van schimmels en virussen. De zuiverende eigenschap van deze olie overtreft die van vele synthetische kiemdodende middelen.
Tijm is dan ook een zeer goede olie om in schoonmaakproducten te gebruiken in combinatie met bijvoorbeeld tea-tree (Melaleuca) en citroen.
Nieuwe onderzoeken laten zien dat tijm ook anti-aging eigenschappen heeft door de ondersteuning van de lever en het stimuleren van het lichaam om het glutathion niveau ook bij het ouder worden op peil te houden.
Als voedingssupplement is tijm een sterke anti-oxidant.
Het beschermt een gezond DHA niveau, DHA ondersteunt onze hersenfunctie en de gezondheid van ons hart.
.
.
Bij vastzittende hoest: 3-5 druppels Tijm aan een schaal heet water toevoegen en 1-2x per dag stomen.
Bij verkoudheid: meng 20 druppels Tijm, 20 druppels Rozemarijn ct Verbenon, 20 druppels Tea Tree en 20 druppels Eucalyptus in een 10 ml. donker glazen flesje. Sprenkel 1-2 druppels van dit mengsel op een tissue en inhaleer meermaals per dag.
Of meng 1 druppel Tijm, 1 druppel Tea Tree, 2 druppels Pepermunt en 1 druppel Lavendel met een beetje melk of een lepeltje honing. Voeg dit mengsel toe aan een niet te warm bad en baad 10-20 minuten.
Een huidolie voor onreine huid: 5-10 druppels Tijm toevoegen aan 50 ml. Jojoba-olie, hiermee de huid ‘s ochtends en ‘s avonds insmeren.
Reumatische klachten, spier- en gewrichtspijn: 10 druppels Tijm toevoegen aan een eetlepel macadamianoot olie en hiermee de pijnlijke plaatsen naar behoefte masseren.
Verdampen: 6-8 druppels Tijm in een aromadiffuser verdrijven angst en depressies.
.
Deze steen is een mix van het groene malachiet met het blauwe azuriet. Azuriet is een zeer zeldzaam mineraal. De steen is vernoemd naar het Perzische woord ‘lazhward’ wat blauw betekent.
,
,
Hardheid: 3.5-4
Soortelijk gewicht: 3.8-4
Samenstelling: Cu3+2(CO3)2(OH)2
Edelsteen groep: Carbonaten
Plaats van herkomst: Marokko, U.S.A., Namibië, Mexico

Goed te herkennen aan
– de ronde tot kegelvormige trossen met witte tot geelwitte bloemhoofdjes en
– de vroege bloeiperiode
Algemeen
Wit hoefblad is geen inheemse plant. Ze behoort tot de stinsenplanten en komt oorspronkelijk uit de bergen van Midden-Europa en West-Azië, is hier te koop als sierplant en wordt aangeplant in parkbossen op schaduwrijke plaatsen met vochtige, voedselrijke grond, waar ze zich lang kan handhaven.
Bloem
Wit hoefblad is een overblijvende, geurende plant. Ze wordt 5 tot 30 cm hoog en bloeit in februari en maart met (geel)witte ronde tot kegelvormige trossen, die bestaan uit een aantal bloemhoofdjes, die op hun beurt weer samengesteld zijn uit een aantal buisbloemen.
Blad
Wit hoefblad is net als klein en groot hoefblad een naaktbloeier; de wortel-standige bladeren verschijnen aan het einde van de bloeiperiode. Ze zijn hartvormig, van onderen blijvend grijs-viltig en uitgegroeid tot 30 cm in doorsnee. Door de kruipende wortelstok breidt wit hoefblad zich uit en groeit ze in groepen.
Vergelijkbare soorten
Groot en wit hoefblad lijken op elkaar. Beiden hebben een ronde tot kegelvormige bloeiwijze en opvallend grote bladeren, die pas na de bloei verschijnen. Ze verschillen in de kleur van de bloemen; groot hoefblad is roze, wit hoefblad is wit tot gelig. Daarnaast bloeit wit hoefblad eerder dan groot hoefblad.
Algemeen
– composietenfamilie (Asteraceae)
– overblijvend
– voorkomend in parkbossen, soms
lang standhoudend
– 5 tot 30 cm
Bloem
– (geel)wit
– februari en maart
– ronde tot kegelvormige trossen
– buisbloem
– hoofdje circa 2,5 cm
Blad
– wortelstandig
– enkelvoudig
– top rond
– rand onregelmatig getand
– voet hartvormig
– hand- en netnervig
Stengel
– rechtop
– met bleke, smalle schutbladen
zie wilde bloemen


Meester en Chohan van de vijfde straal – Groene straal – is verbonden aan het Derde oog Chakra en aan de Tempel van waarheid. Vorige incarnaties: De apostel Paulus in de tijd van Christus. Hij helpt om bewustzijn, spiritualiteit en ontvankelijkheid te brengen in alle gebieden van wetenschappelijke ontwikkeling. Hij is de grondlegger van het Anchoorse leven in Palestina.
Hilarion werd geboren in Tabatha, ten zuiden van Gaza, Palestina, rond het jaar 291 en stierf op het eiland Cypres in het jaar 371. Hij helpt ons onze vibratie te verhogen door ruimte te maken op het innerlijk vlak zodat we onszelf beter leren kennen. Hij helpt ons ook te herinneren wie onze ziel is en wat er opgeslagen ligt in de Akasha records.
Als jongen stuurde zijn ouders hem naar Alexandria om daar naar school te gaan. Daar bekeerde hij zich tot het christendom. Voordat hij stierf op gaf hij zijn enige bezit aan zijn trouwe leerling Hesychius. Zijn lichaam werd begraven dicht bij de stad Paphos, maar Hesychius haalde in het geheim zijn meester daar weg en bracht hem naar Majuma waar de heilige voor lange tijd had geleefd.
Goddelijke kwaliteiten
Waarheid, genezing, constantheid, verlangen om de overvloed van God te verwezenlijken door de ongerepte visie van de kosmische maagd.
