Tagarchief: geloof

Geloof, wetenschap en logica

Standaard

categorie : religie

.

Geloof en wetenschap staan soms lijnrecht tegenover elkaar.

wetenschapisookgeloof

Denk maar aan de wonderen die in de Bijbel beschreven staan, die tarten meestal elke wetenschappelijke uitleg. Die wonderen zijn door de mensen die ze gezien hebben opgeschreven voor het nageslacht. Die dingen moet je op grond van hun getuigenis geloven of niet. Toch komen we in de Bijbel dingen tegen die controleerbaar zijn door middel van oudheidkundig, biologisch of sterrenkundig onderzoek.

Als die dingen niet zouden kloppen, wordt daarmee dan geen afbreuk gedaan aan de betrouwbaarheid van de Geschriften als geheel? Wat heeft het voor zin om de wonderen en de wijsheden uit bepaalde Bijbelboeken serieus te nemen en bijvoorbeeld de natuurkundige observaties daarin niet. “De Bijbel gaat over geloof en niet over wetenschap”, hoort men vaak.

Maar waar de Bijbel serieuze uitspraken doet over astronomische objecten of over het gedrag en uiterlijk van dieren, wiskundige feiten, oude volken, taal, psychologie en andere wetenschappelijk controleerbare feiten, zou het natuurlijk wel moeten kloppen om het boek als geheel geloofwaardig te laten zijn. Er is dus een gebied waar de Bijbel, het geloof in God en de wetenschap overlappen.

Het kosmologisch argument

We kunnen stellen dat alles wat begint te bestaan een oorzaak moet hebben. Het heelal heeft een begin, dus moet het een oorzaak hebben. We lezen in de Bijbel dat alles een begin had en dat God de Veroorzaker was (Gen.1:1 – “In het begin schiep God de hemel en de aarde.”)

Zo zien we dat de Bijbel in ieder geval met betrekking tot het begin logische uitspraken doet. Hieruit volgt evenwel dat God geen oorzaak hoeft te hebben, omdat Hij zelf de Veroorzaker is. Hij heeft ruimte en tijd gemaakt, waaruit volgt dat Hij zelf niet afhankelijk kan zijn van ruimte en tijd. Zo heeft Hij dus geen begin in ruimte en tijd zoals wij die ervaren.

In Kolossenzen 1:16,17 staat: “Want door Hem (Jezus Christus) zijn alle dingen gemaakt die in de hemel zijn en die op de aarde zijn, zichtbaar en onzichtbaar… door Hem en voor Hem. En Hij is voor alle dingen en door Hem bestaan alle dingen.” Dit moet je aannemen in geloof en vertrouwen, want het is niet wetenschappelijk te bewijzen.

Woorden

In Joh 1:1-3 staat: “In het begin was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God… Alle dingen zijn door Het Woord gemaakt, en zonder Het Woord is geen ding gemaakt, dat gemaakt is. In Het Woord was het Leven, en het Leven was het Licht van de mensen.”

En in Hebreeën 11:3 staat: “Door het geloof begrijpen wij, dat de wereld door het woord van God is gemaakt, dat de zichtbare dingen niet ontstaan zijn uit wat waarneembaar is.”

In deze teksten uit de Bijbel vinden we twee stellingen die wetenschappelijk onderbouwd kunnen worden. Hoewel we de scheppingsdaden van God niet meer kunnen herhalen, is wel met zekerheid vastgesteld dat al het zichtbare inderdaad uit onzichtbare dingen bestaat.

Het zijn de elementaire deeltjes waaruit atomen zijn opgebouwd. De ‘deeltjes’ waaruit atomen bestaan kunnen niet met het blote oog gezien worden, sterker nog, veel van die onderdeeltjes zijn even groot als of kleiner dan een lichtstraal. Er zijn wel technieken waaruit we de mogelijke samenstelling of aard van de deeltjes enigszins kunnen bepalen, maar echt zien kunnen we ze niet. Die uitspraak in de Bijbel is dus juist.

Er staat ook dat de wereld door het woord gemaakt is. We zien in alles om ons heen dat het opgebouwd is uit codes of woorden. Er zijn ongeveer honderd basisstoffen, atomen, die als chemische letters gezien kunnen worden. Deze letters zijn in veel stoffen samengevoegd als woorden en zinnen die moleculen vormen.

De chemische formule voor water is H2O. In feite is dat een soort woord. HOH is twee atomen waterstof en één zuurstof in een bepaalde volgorde. Zo heeft elke stof een bepaalde moleculaire samenstelling die je zou kunnen zien als een woord, een zin, een boek, of zelfs een complete encyclopedie, het DNA.

Je zou kunnen zeggen dat ons hele bekende universum bestaat uit woorden, gevormd door basiselementen die zodanig gerangschikt zijn dat je zou kunnen spreken van een taal met een vaste zinsbouw, grammatica en bedoeling. Dat God alles tot stand heeft gebracht door te spreken is een concept dat we op meer plaatsen in de Bijbel tegenkomen en we zien in de natuur dat dit ondersteund wordt door de feiten.

Natuurlijke selectie

Darwin toonde aan dat bepaalde dieren en planten aan elkaar verwant zijn, dat er verandering plaatsvindt in de basissoorten en dat de best aangepaste soort overleeft. Hij heeft nooit bewezen dat bijvoorbeeld de ene basissoort afstamt van een andere basissoort. Een soort is moeilijk te definiëren. We maken er afspraken over, in een vakgebied dat we taxonomie noemen.

Men moet over hetzelfde kunnen praten. Er zijn afspraken over wat een zoogdier, een vogel en een vis is. De bevindingen van Darwin zijn niet per definitie een bewijs voor evolutie, maar passen net zo goed in het raamwerk van de schepping: God schiep basisvormen, waaruit alle huidige soorten zijn ontstaan. Darwin beschreef slechts het mechanisme dat voor deze diversificatie zorgt en noemde dat natuurlijke selectie.

Dit is juist een sterk bewijs van de voorzienigheid van God. Het is het mechanisme dat soorten in staat stelt om in een veranderende omgeving te blijven voortbestaan, wat veel eerder duidt op een goed ontwerp.

Je moet geloven in Natuurlijke selectie

Evolutiegelovigen evangeliseren vandaag de dag uitbundig in de media en in wetenschappelijke lectuur. De logica die ze gebruiken laat wel wat te wensen over. Echt bewijs voor een evolutie van eenvoudige organismen naar meer complexe en beter aangepaste organismen is er niet, laat staan een goede verklaring voor hoe dat allemaal begonnen zou moeten zijn. De filosofie achter evolutie blijft dus een geloof.

Oorsprong

Het heelal heeft een begin en dat begin kan niet iets materieels veroorzaakt zijn. Er is geen bevredigende naturalistische verklaring voor het begin van de materie. De oorzaak van het stoffelijke moet de stof ontstijgen. En dat is in ieder geval één van de eigenschappen van God. Hij staat boven of buiten de materie.

Het waarneembare moet zijn oorsprong in het onzichtbare hebben. Dan moeten de eigenschappen van het waarneembare hun oorsprong hebben in de eigenschappen van het onzichtbare. Dat wat ontworpen is kan niet uitstijgen boven zijn ontwerper.

Als we kijken naar de eigenschappen van mensen, moeten we concluderen dat de onzichtbare Ontwerper intelligenter moet zijn, sterkere emoties moet hebben, in staat moet zijn om te spreken, te zien en te luisteren en dat Hij rechtvaardig kan oordelen.

Als ons gevoel voor rechtvaardigheid al zo sterk is, hoe sterk moet dat van onze Maker dan wel zijn. Als wij ons goed kunnen uiten, dan moet onze Architect dat zeker kunnen. Als wij kunnen horen en zien, waarom zou onze Schepper dat dan niet beter kunnen? In de Bijbel worden al deze kenmerken toegeschreven aan God.

Het Boek der boeken

Modern microbiologisch onderzoek laat steeds meer zien hoe verbazingwekkend precies en doelmatig de cellen ontworpen zijn. Met al hun ingewikkelde machines, processen, een eigen energievoorziening, bibliotheek en transport. Als er een dergelijk ontwerp is, dan moet er een Ontwerper zijn die dat verzonnen heeft.

Deze Ontwerper moet logischerwijs ook een reden gehad hebben om ons te maken. Het is de God van de Bijbel die ons heeft gemaakt en tot ons heeft gesproken door de Bijbel. Met name omdat de Bijbel het enige boek is waarin God wordt beschreven als persoonlijk betrokken Schepper, op een manier die je van Hem zou mogen verwachten. Tegen de tekst van de Bijbel is wetenschappelijk niets in te brengen.

Alles in het boek klopt en is logisch. In de Bijbel vinden we vele voorzeggingen die ook daadwerkelijk uitgekomen zijn zoals bijvoorbeeld de opkomst en ondergang van verschillende koninkrijken en veel details van het leven en sterven van Jezus Christus. Dit is een sterk bewijs dat de oorsprong van de tekst buiten ons ruimte-tijd continuüm ligt.

De God van de Bijbel

Dan blijft natuurlijk voor de meeste mensen wel de vraag of de Bijbelse God wel de enige echte God is. Het begrip god varieert van geen God (atheïsme), via vele goden (polytheïsme), naar alles is God en God is alles (pantheïsme). Welk concept van God wordt echter door de wetenschap ondersteund?

Als er geen God is, dan zijn het leven en het bestaan fundamenteel irrationeel, voortgekomen uit chaos en eindigend in de hittedood van het universum. Als alles God is, dan is niets de ultieme God, en je hebt dan hetzelfde probleem. Goed en kwaad zijn dan verschillende zijden van dezelfde munt wat ook het irrationeel is.

Als er vele goden zijn, dan zijn goed en kwaad samen gelijkwaardig eeuwig en dus gelijkwaardig geldig en gelijkwaardig zinloos. Bij deze culturen is het menselijk leven een nutteloze poging om die god tevreden te stellen die op een bepaald ogenblik de grootste dreiging vormt.

De christelijke God

De christelijke God daarentegen is rationeel. Hij bezit de eigenschappen van persoonlijkheid, Hij beheerst alles, is alomtegenwoordig, staat buiten ruimte en tijd en Hij is onveranderlijk. Daarnaast heeft Hij de morele eigenschappen van eerlijkheid, rechtvaardigheid, heiligheid, wijsheid, liefde, rechtschapenheid, gratie, genade en goedheid.

Hij heerst soeverein, maar niet impulsief. Hij kan alles doen behalve dingen die in strijd zijn met Zijn eigen aard. Hij is transcendent, leeft eeuwig, maar is iets anders dan de natuur en het universum dat hij geschapen heeft.Tenslotte is Hij de Wetgever, dat wil zeggen dat Zijn heerschappij overeenstemt met morele en natuurlijke wetten.

Het christelijke concept van God ondersteunt daarom de wetenschappelijke gedachte, omdat rationaliteit, orde, logica, rede, waarheid, wetten, eenheid, diversiteit, persoonlijkheid en doelen in het universum zijn ingebouwd, voortgekomen uit de gedachten van een Wezen dat door deze eigenschappen wordt gekenmerkt.

De mens in geloof

Pasteltekening van John Astria

Andere godsdiensten

Griekse denkers verheerlijkten het verstand en trachtten de dingen alleen door middel van rede op te lossen. Voor een Christen is dit een oefening in zinloosheid, omdat het verstand van de mens door de zonde is vertroebeld. Rationaliteit moet bij God beginnen.

Het Islamitische concept van God lijkt wellicht het meest op de Christelijke kijk.Net als de Christelijke God is Allah soeverein en almachtig, maar de Koran benadrukt Zijn soevereiniteit zo krachtig dat Zijn rationaliteit wordt verminderd, en dat verschuift de balans van het geloof in de regelmatigheid van het universum dat bestudeerd kan worden naar de onzekerheid over wat Zijn volgende stap zal zijn.

Balans

Aan het andere uiteinde heeft de materialist nog een probleem. Als het universum bestaat uit materie in beweging, zonder doel, en mijn brein dus bestaat uit dergelijke atomen, dan heb ik geen objectief criterium meer dat ik kan gebruiken om te geloven dat mijn brein uit atomen bestaat.

Het leven wordt dan een zoektocht, niet naar het begrip van de wereld, maar naar het negeren van de wereld en het bereiken van nirvana of een andere hogere vorm van bewustzijn. De Christen daarentegen kent een balans tussen geest en materie. De natuur is niet God, maar een mechanisme dat door God is geschapen.

De natuur is een op goddelijke wijze geordende schepping van een alwetend, almachtig Wezen en weerspiegelt daarom Zijn ordelijkheid, wijsheid, creativiteit en rationaliteit. Als we geloven dat God rationeel is, en dat Hij door middel van wetten regeert, dan kunnen we verwachten dat we elegante natuurwetten kunnen vinden die aan Zijn vakmanschap ten grondslag liggen.

De Bijbel leert ons dat de natuur vanwege de zonde onderworpen is aan de vloek van God. We zien een wereld vol goed en kwaad, vol schoonheid en pijn. Maar de Bijbel leert ons dat God in het begin alles wat Hij gemaakt had zeer goed noemde, en dat dit eens in de oorspronkelijke staat terug gebracht zal worden.

geloof en wetenschap

Wonderen

Christenen geloven in wonderen. Is het Oude Testament niet gevuld met plagen en vloedgolven die door een boze, veroordelende God worden veroorzaakt? Als wonderen de norm waren, dan zouden ze normaal zijn en geen wonderen. Wanneer je de Bijbelse wonderen bestudeert, dan zie je dat deze juist opmerkelijk waren vanwege hun zeldzaamheid.

Zij kwamen in groepjes voor in de levens van Mozes, enkele profeten, Jezus Christus en de twaalf apostelen. De extreme zeldzaamheid van echte natuurlijke wonderen dienden hun doel als tekenen van God op bijzondere ogenblikken in Zijn plan, zoals dit door de Bijbel wordt geopenbaard.

God kan en zal nog steeds ingrijpen als antwoord op gebeden, maar meestal door de normale loop van de natuurwetten te wijzigen, zoals het om een biddende dienaar heen leiden van een storm of plaag.

God vult de gaten?

Dan is er nog de ‘God vult de gaten’ misvatting. Er zijn mensen die bepaalde onverklaarde fenomenen aan de ‘hand van God’ toekennen. Evolutionisten kennen bijna goddelijke krachten toe aan natuurlijke selectie, een principe dat niets te maken kan hebben gehad met de oorsprong van de cel of de DNA code. Dit grenst aan pantheïsme. Het toekennen van intellect aan levenloze objecten.

Of ze wuiven de vraag weg met een geloof in wat de wetenschap ooit zal doen, het wordt nog wel ontdekt. In beide gevallen dwingt de toewijding aan materialisme de atheïst tot het negeren van bewijs dat God bestaat. Terwijl de wetenschap zich zou moeten bezighouden met hedendaagse fenomenen, is het verklaren van de oorsprong van dingen een heel ander onderzoeksgebied.

En als er een God is, dan zijn verhoorde gebeden gebeurtenissen die niet onderworpen kunnen worden aan wetenschappelijke proeven en zijn dus heel anders dan bliksem, vloedgolven, kometen en ziekten. Het christelijke geloof is dus niet een geloof dat een god nodig heeft om onbegrepen dingen te verklaren, maar eerder een geloof dat zich richt op een God die de normale, door Hem ingestelde natuurwetten kan doorbreken wanneer wij Hem daarom vragen en wanneer Hij dat zo verkiest.

Hoop

De Judeo-Christelijke kosmologie is er een van lineaire tijd: schepping, geschiedenis en schriftvervulling. Er was een begin en er is een geschiedenis die naar een uiteindelijke vervulling van de Schrift toesnelt. Het is waar dat Christenen geloven dat deze wereld en alles er in zal vergaan, maar niet de ziel.

Er zullen beloningen zijn voor de trouwe dienaren van God, en een nieuwe hemel en een nieuwe aarde uit de hand van dezelfde Schepper die nooit verandert. Dit geeft ons de hoop dat onze levens wel degelijk een verschil uitmaken.

Vanzelf

Door aan te nemen dat het allemaal vanzelf is gegaan, maak je de materie zelf zijn eigen god. Deze denkwijze probeert een religieuze benadering van ons universum uit te bannen door een filosofisch concept ervoor in de plaats te zetten dat elke inbreng van een goddelijk wezen wegredeneert. De God van de Bijbel mag in dit wereldbeeld niet meedoen. Alles moet op een materialistische en naturalistische manier worden verklaard.

En als iets niet verklaarbaar is, dan hoopt men mogelijk in de toekomst iets te ontdekken dat het wel verklaart. Al met al is evolutie een prachtig sluitend geheel van filosofische kronkels, waar je jezelf heerlijk in kunt verstoppen. Dat God verantwoordelijk zou zijn voor ons bestaan maakt ons afhankelijk van hem en heeft consequenties voor ons gedrag.

De Schepper zou ons wel eens ter verantwoording kunnen roepen. Daarom zijn veel mensen bang voor God of willen niets met Hem te maken hebben, omdat ze dan niet meer hun eigen zin kunnen doen. De boodschap van de Bijbel is echter dat Hij onze Vader is en een relatie met ons wil hebben om ons te leren goed met onszelf, elkaar en de schepping om te gaan.

Wetenschap

Volgens de huidige definitie moet wetenschap :

1. alleen zichtbare, tastbare, meetbare dingen gebruiken bij het verklaren van de feiten.

2. geen hogere macht gebruiken om de oorzaak of het doel van dingen te verklaren.

3. vrij zijn van vooroordelen.

Feiten kunnen ook veroorzaakt worden door iets wat niet te meten is. Voor het ontstaan van de eerste cellen die de basis zouden moeten hebben gevormd van vroege levensvormen is geen enkel bewijs aan te voeren. Er zijn geen metingen die de mogelijkheid van het spontaan ontstaan van leven bevestigen.

Er zijn alleen maar veronderstellingen of het getuigenis van de Bijbel. Je kunt een beslissing nemen op grond van de feiten, maar de feiten zelf rechtvaardigen het geloof in evolutie niet. Voor het ontstaan van het heelal is geen natuurlijke verklaring te geven.

Astronomen en wetenschappers die zich bezig houden met theoretische fysica komen met vage theorieën maar dat zijn filosofische en wiskundige modellen, en geen waarneembare realiteit. Dat God alles gemaakt heeft en in stand houdt is een net zo gerechtvaardigd uitgangspunt, dat heel goed als basis gebruikt kan worden voor wetenschappelijk onderzoek.

De regel ‘vrij van vooroordelen’ klinkt erg ironisch. Het hele concept van evolutie is doorspekt van vooroordelen. Vanwege de aannames en veronderstellingen waarbij de rol van God niet eens overwogen wordt, worden vaak zoveel voorbarige conclusies getrokken. ‘Vrij van vooroordelen’ is dan meer iets waarbij de wens de vader van de gedachte is.

Veel wetenschappers hebben God vervangen door een evolutiefilosofie, die ons bestaan moet verklaren. Hiermee leggen ze zichzelf onnodig aan banden. Een wetenschapper kan mijns inziens heel goed in God geloven. De invloed van het bovennatuurlijke is niet altijd aantoonbaar, maar voor velen wel merkbaar. Het is volkomen verantwoord om in het wetenschappelijk denken rekening te houden met een dergelijke invloed.

Geen logische basis

De evolutiefilosofie heeft geen logische basis. Men neemt aan:

1 . dat iets zonder aanwijsbare oorzaak uit niets tevoorschijn kwam,

2. dat de huidige samenstelling en organisatie van dingen zonder Ontwerper tot stand kwam,

3. dat uit levenloze materie leven ontstond,

4. dat eencellige wezens vanzelf meercelligen werden,

5. dat macro-evolutie heeft plaatsgevonden terwijl daar geen bewijs voor is,

6. dat vitale organen zich verbonden met andere organen en gingen samenwerken (denk aan ogen en oren die via zenuwen signalen geven aan de hersenen, het hart dat bloed door aderen en vaten pompt, waarbij stoffen uitgewisseld worden in bijvoorbeeld longen en lever) Deze logica maakt alles wat bestaat eigenlijk zijn eigen god. De ‘schepping’ heeft zichzelf ‘geschapen’. De evolutietheorie wordt vaak gedreven door het humanisme en naturalisme. De mens en de natuur bepalen wat waar en goed is, niet een god, zeker niet de God van de Bijbel.

Organisatie en informatie

Een levende cel ziet er op het eerste gezicht uit als een ongeordende warboel, een krioelende massa kleine wriemelende dingetjes zonder doel of structuur. Maar het is een zeer goed georganiseerde, complexe machinerie van functionele componenten. Voor het spontaan ontstaan van een dergelijke organisatie is informatie nodig die vertaald wordt en gebruikt wordt voor de bouw van de onderdelen.

Er zijn ook instructies nodig die bepalen waar en wanneer de verschillende onderdelen moeten worden in- en aangezet. Deze informatie vinden we in het DNA. Het DNA zit zo vol met specifieke informatie, dat wetenschappers het in de afgelopen 50 jaar, sinds de ontdekking ervan, nog niet hebben kunnen doorgronden.

De informatie op het DNA wordt van boven, van onder, in stukjes en beginnend op verschillende plaatsen gelezen door ingewikkelde machines. Vervolgens wordt die informatie nog weer verder verwerkt en gebruikt voor de bouw van diezelfde en andere machines. Dit is doelbewuste informatieoverdracht die leidt tot specifieke functionaliteit. Dat dit zonder programmeur tot stand gekomen zou zijn is ondenkbaar.

Onmogelijk

Ook het ontstaan van levende organismen vanuit dode materie is nooit waargenomen en in principe onmogelijk. Er zouden spontaan enkele aminozuren kunnen ontstaan, maar er is nog niemand die deze bouwstenen van het leven spontaan heeft zien samenkomen om een simpele levensvorm te produceren, zelfs niet in een gecontroleerde laboratoriumomgeving.

Bij ongeslachtelijke voortplanting maakt een organisme klonen van zichzelf, maar bij seksuele voortplanting wordt er van beide ouders genetisch materiaal overgebracht op het nakroost. Er zijn beesten die het allebei kunnen, maar hoe het één uit het ander zou moeten zijn ontstaan is vanuit naturalistisch oogpunt een raadsel.

Voor mensen die geen Goddelijk ontwerp accepteren is de perfecte samenwerking van organen of delen van organen ook niet te verklaren. Bepaalde systemen worden ook wel aangeduid als onherleidbaar complex. Alle onderdelen moeten er tegelijkertijd zijn, anders kan het geheel niet werken. Een geleidelijke ontwikkeling naar het werkende geheel is onmogelijk.

Tijdens die ontwikkeling zou het organisme alleen maar profijt moeten hebben van elke afzonderlijke stap, maar totdat alle onderdelen goed samenwerken is elke tussenstap alleen maar ballast en zullen die tussenvormen door natuurlijke selectie worden uitgeroeid, wat de overgang naar een volgend, beter werkend, beter aangepast organisme alleen maar belemmert.

Het ware geloof

Pasteltekening van John Astria

Conclusie

De filosofie van het vanzelf ontstaan en verder evolueren van het leven is onlogisch. Schepping uit het niets door een Schepper die buiten tijd en ruimte staat ligt veel meer voor de hand. De Bijbel geeft mijns inziens van alle ‘heilige boeken’ de wetenschappelijk meest verantwoorde kijk op de geschiedenis en organisatie van onze kosmos.

voorpagina openbaring a4

pijl-omlaag-illustraties_430109

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Door het Woord kwam alles tot stand.

Standaard

categorie : religie

slide_8

.

.

.

Hebreeën 11:3 > Het Boek

Door het geloof weten wij dat het heelal door een woord van God gemaakt is; dat het zichtbare uit het onzichtbare is voortgekomen.

Hebreeën 11:3 > Staten Vertaling

Door het geloof verstaan wij, dat de wereld door het woord Gods is toebereid, alzo dat de dingen, die men ziet, niet geworden zijn uit dingen, die gezien worden .

Geloof is het instrument waardoor wij verstaan, begrijpen en inzien dat de zichtbare dingen ontstaan zijn uit de onzichtbare dingen. Voordat de schepping zichtbaar werd, was ze reeds aanwezig in het hart van God. God is Geest. Eerst was het aanwezig in de geestelijke wereld alvorens het zichtbaar werd in de natuurlijke wereld.

Hoe werden dingen die zich in de geestelijke wereld bevonden, zichtbaar ?


Alvorens God de aarde met alles er op en eraan schiep, had Hij een plan, hoe die schepping eruit zou zien. Net als in het brein van een schilder, een uitvinder, een architect wordt het meesterstuk eerst in hun denken gecreëerd.

Hoe maakte God wat Hij wilde en reeds bestond in de onzichtbare wereld, zichtbaar ? Hij sprak het tot stand ! Door geloof weten en verstaan wij dat God door te spreken alles tot stand heeft gebracht. Door Zijn Woord, door te spreken kwam alles tot stand.

Want Hij sprak en het was er, Hij gebood en het stond er. (Psalm 33:9 )

Alles ontstond door Zijn Woord. Zonder Hem is niets ontstaan; al het bestaande heeft Hij gemaakt. (Johannes 1:3 Het Boek)

Alles is ontstaan door het Woord van God. We lezen in Genesis dat in het begin alles woest en ledig was. Maar er kwam verandering toen God doelgericht begon te zeggen wat Hij wilde. De schepping is niet door toeval ontstaan, neen, het is een bewuste keuze geweest van God. Hij wist precies wat Hij wilde en dat heeft Hij tot stand gesproken.

  • En God zeide: Er zij licht; en er was licht. (Genesis 1:3)
  • God heeft alle dingen in de zichtbare wereld tot stand gesproken en zichtbaar gemaakt door Zijn Woord. (Genesis 1:6;9;14;20;24;26).
  • Gods Geest zweefde over de aarde (Genesis 1:2)

en samen bracht de Drie-enige God alles tot stand.

.

.

GEBED

“Hemelse Vader, dank U wel, dat door Uw Woord alle dingen gecreëerd zijn. Alles wat ik met mijn zintuigen kan waarnemen, is vanuit de onzichtbare wereld tot stand gesproken. Het is zichtbaar geworden door Uw Woord. Uw Woord is de Verbinding tussen de geestelijke en de natuurlijke wereld. Dat wat reeds bestond in de geestelijke wereld werd zichtbaar, toen U begon te spreken. Hemelse Vader, ik geloof Uw Woord en daarom spreek ik in geloof wat Uw Woord zegt en zie mijn genezing tot stand komen, in Jezus Naam.”

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

John Astria

Het paradijs volgens de Islam

Standaard

categorie : religie

Moslims geloven dat God Adam en Eva hun zonde vergaf. Zij geloven dus niet in de Erfzonde. Volgens de islam wordt elk kind geboren als een blanco blad, zonder zonde. Wanneer een mens gedurende zijn leven leeft volgens de leidraad van God kan hij naar het paradijs gaan. Wanneer zijn gedrag strijdig is met de boodschap aan de profeten en dus met de leidraad die God zelf gaf kan men naar de hel gaan, tenzij men berouw betoont en God hem vergeeft.

Allah wil je in het Paradijs zien

Het verwerven van het eeuwig leven in de paradijselijke tuinen is volgens de islam dus niet zozeer afhankelijk van de naam van het geloof waartoe men behoort, maar wel van hoe men zich gedraagt tegenover andere mensen, de dieren en het milieu.

Elk mens is volledig verantwoordelijk voor eigen gedrag, en zal daarop beoordeeld worden. Elk mens is ook vrij in zijn keuze van hoe hij zich tegenover God verhoudt. In die zin schrijft elk mens het scenario van de eigen oordeelsdag, wanneer men zich tegenover God zal moeten verantwoorden.

Het criterium waartegenover het gedrag zal beoordeeld worden, is het Woord van God, zoals het door de Profeten werd verkondigd. Volgens de islam kenmerkt een gelovige zich door naastenliefde, het delen van de eigen welvaart met de behoeftigen,  het bewandelen van de middenweg en schuwen van extremen,  het doen van goede werken,  verantwoordelijkheidszin, nederigheid, trouw aan een gegeven woord, oprechtheid, waarachtigheid, vergevingsgezindheid,  werklust, zachtmoedigheid, vriendelijkheid, verzoeningsgezindheid, het vermijden van conflicten, hulpvaardigheid,  het afwijzen van hoogmoed, onrecht, racisme en afgunst, geduld en respect voor de anderen en voor hun geloofsovertuiging enz.

Dit zijn een paar van de houdingen en gedragingen waarmee men in het leven de weg effent naar het paradijselijke hiernamaals wat neerkomt op het uitdragen van een hoogstaand moreel gedrag. Deze idealen uit de Koran en de Sunnah zijn dezelfde als deze welke in de Bijbel vermeld worden. Een jood of een christen die volgens de Bijbel leeft kan dus volgens de islam naar het paradijs gaan, terwijl een moslim die zich misdraagt in de hel kan terechtkomen.

“Zij die geloven, zij die het Jodendom aanhangen, de christenen en de sabiërs die in God en de laatste dag geloven en die deugdelijk handelen, voor hen is hun loon bij de Heer en zij hebben niets te vrezen noch zullen zij bedroefd zijn.” (Koran 2:62)

Dat volgens de islam ook christenen of joden naar het paradijs kunnen gaan, hangt samen met het islamitisch geloof dat zij allemaal in dezelfde ene God geloven die in het Hebreeuws Jahweh genoemd wordt en in het Arabisch Allah (zoals hij in het Frans Dieu genoemd wordt en in het Nederlands God).

De Koran moedigt christenen aan om te leven volgens de Evangeliën,

moedigt joden aan te leven volgens de Thora

“En wij hebben de Thora neer gezonden met een leidraad erin en een licht, waarmee de profeten die zich [aan God] overgeven oordeel vellen voor hen die het jodendom aanhangen.  Vreest dan de mensen niet maar vreest Mij en verkwanselt Mijn tekenen niet. En wie niet oordeel vellen volgens wat God heeft neer gezonden, dat zijn de ongelovigen.” (Koran 5:44)
“En wij hebben Jezus, de zoon van Maria, in hun spoor laten volgen als bevestiger van wat er van de Thora voor zijn tijd al was. Wij gaven hem de Evangeliën met een leidraad erin en een licht ter bevestiging van wat de Thora voor zijn tijd al was en als een leidraad en een aansporing voor de Godvrezenden. En laten de mensen van de Evangeliën oordeel vellen volgens wat God heeft neer gezonden. En wie dat niet doen, dat zijn de verdorvenen.” (Koran 5:46-47)

Ter vergelijking: het christendom gelooft dat alleen christenen naar de hemel zullen gaan. Het verwerven van het Eeuwig Leven vereist volgens het christendom dat men zich bekeert tot volgeling van Jezus. Dit komt omdat christenen geloven in de erfzonde (volgens het christendom heeft God Adam en Eva nooit hun zonde vergeven, zodat elk kind zondig – als drager van de erfzonde – geboren wordt).

Omdat christenen geloven dat de verlossingsdood van Jezus deze erfzonde en dus alle daarop gebaseerde zonden ongedaan gemaakt heeft voor zijn volgelingen, kunnen alleen christenen naar het paradijs en is missioneringswerk zo belangrijk om zielen te redden.

Moslims geloven echter dat elk kind zonder zonden geboren wordt en dat elk mens die vroom is en goede daden stelt  tot het paradijs toegelaten kan worden. Daarbij zijn moslims slechts overbrengers van de Boodschap. Het is moslims ten zeerste verboden om anderen te dwingen zich tot de islam te bekeren.

Overigens is daar theologisch  geen dwingende reden toe vermits volgens de islam ook niet-moslims naar de hemel kunnen gaan. In de islam gebeurt de beoordeling op Oordeelsdag, niet op basis van de kerkgemeenschap waartoe men behoort, maar op basis van de vroomheid, het gedrag en de intenties voor dat gedrag.

De islam benadrukt herhaaldelijk het belang van waarachtigheid, in die mate dat de diepste putten in de hel voorbehouden worden voor de ‘hypocrieten”. Volgens de koran zijn dat moslims die beweren dat zij gelovig zijn, maar wiens daden dit tegenspreken. Het zijn moslims die het ene zeggen en het andere doen.

“De huichelaars komen in de laagste verdieping van het vuur

en jij zal voor hen geen helper vinden.” (Koran 4:145)

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

voorpagina openbaring a4
.
.
.
.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

                                             

Is de Bijbel een sprookjesboek?

Standaard

categorie : religie

.

.

Het waarheidsgehalte van de Bijbel,

.

of is het een sprookjesboek?

.

 

.
.
.
.
.
.

In de oudheid zijn veel boeken geschreven met mythische verhalen over goden, helden en hun zoektocht naar ‘het beloofde land’. Waarom zou de Bijbel wel waar zijn en geen sprookjesboek?

.

 

Gebruik je verstand

De Bijbel vertelt over God. Met onze wetenschappelijke methoden kun je niet vaststellen of dat waar of onwaar is. Daar is geloof voor nodig. Maar niemand vraagt je om sprookjes achterna te lopen. Gebruik je verstand: je kunt op z’n minst nagaan, of de Bijbel door betrouwbare mensen opgeschreven is.

.

 

Betrouwbare mensen

De mensen, die gedeeltes van de Bijbel opgeschreven hebben, schrijven heel eerlijk over hun leven en stellen zich niet mooier voor dan zij zijn. Ook hun zwakke kanten en fouten worden belicht. Dat is in antieke teksten heel ongewoon. De Farao’s van Egypte lieten bijvoorbeeld alleen hun goede daden vastleggen. De eerlijkheid waarmee de Bijbelschrijvers over zichzelf vertellen, geeft een duidelijk signaal over hun betrouwbaarheid.

.

 

Voorkennis

Eén van de meest opvallende kenmerken van de Bijbel is profetie. Van tevoren worden gebeurtenissen aangekondigd, die geen mens kan weten. Er is een Bijbelboek, waarin een periode van tientallen jaren uit de geschiedenis beschreven wordt. Daarbij worden familiedetails van 2 koninklijke huizen alsmede hun onderlinge vetes en oorlogen nauwkeurig verhaald. Maar wel ruim 300 jaar voordat het gebeurde.

.

 

Jezus

Ruim 700 jaar voordat Jezus geboren werd, was al veel van hem bekend: zijn familie (het huis van David), zijn geboorte uit een maagd, zijn geboorteplaats (Bethlehem), de landstreek waar hij zou opgroeien (Galilea), de wonderen die hij zou doen, het verraad door een vriend, de wijze waarop hij zou sterven, de plaats waar hij begraven zou worden. Ja, zelfs het wonderbaarlijke feit, dat hij zou opstaan uit de doden.

.

 

Fantasie?

Misschien dat je een dergelijk verhaal zou kunnen verzinnen. Maar zo’n veertig mensen hebben in de loop van 1000 jaar elementen aan het verhaal toegevoegd. ’t Is al een wonder als zo’n verhalenbundel een samenhangend geheel vormt. Maar helemaal onvoorstelbaar is het, dat dit verhaal werkelijkheid werd. Dat kan onze fantasie niet voor elkaar krijgen.

.

 

Getuigenverklaringen

Veel mensen getuigen dat de profetieën over Jezus werkelijkheid werden. Toen een hooggeplaatste Romein, Teofilus, dat betwijfelde, heeft Lucas aan de hand van getuigenverklaringen de feiten voor hem op een rij gezet. Paulus deed ongeveer hetzelfde. Hij vermeldde erbij, dat het bij veel van die getuigen na te vragen was, omdat ze nog in leven waren. Het Nieuwe Testament is dus een ooggetuigenverslag en toont aan, dat de schrijvers van het Oude Testament dingen opschreven, die hun kennis en inzicht verre te boven ging.

.

 

Geloof

Er zijn dus sterke aanwijzingen, dat de Bijbel geen mensenwerk kan zijn. Toch wordt het doel waarvoor de Bijbel geschreven is, niet bereikt door uitsluitend vast te stellen, dat het een naar alle waarschijnlijkheid betrouwbaar verslag geeft van de geschiedenis van God met de mensen. Het doel is, dat we God leren kennen als betrouwbaar, liefdevol en genadig, zodat we ons graag aan zijn zorgen willen toevertrouwen. In Bijbelse taal heet dat geloven.

.

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

Is godsdienstvrijheid mogelijk in de Islam?

Standaard

categorie : religie

Wanneer er in de islam godsdienstvrijheid bestaat, dan moet deze ingesteld zijn door God zelf. Immers, islam betekent overgave aan God en moslims geloven dat de koran het letterlijke Woord van God is zoals dat door de aartsengel Gabriël geopenbaard werd aan profeet Mohamed.

dyn009_original_750_531_jpeg_41830_cdebb02474fd920f8bef855b935dabb1

Het is inderdaad God zelf die in de Koran elke dwang inzake godsdienst verbiedt:

In de godsdienst is er geen dwang” (Koran, 2:256)
.
.
.

Met dit vers verbiedt God moslims uitdrukkelijk te proberen anderen tot de islam te dwingen. Daartoe bestaat trouwens ook geen theologische reden, vermits ook niet-moslims volgens de Koran naar het paradijs kunnen gaan. Volgens de islam is het verwerven van het paradijselijk eeuwig leven immers niet gebonden aan lidmaatschap van een kerkgemeenschap, maar wel van vroomheid en hoe men zich gedraagt. Mensen die zich gedragen volgens de leringen van de Profeten die in hun midden gestuurd werden, kunnen naar het paradijs gaan.

“Zij die geloven, zij die het Jodendom aanhangen, de christenen en de Sabiërs die in God en de laatste dag geloven en die deugdelijk handelen, voor hen is hun loon bij de Heer en zij hebben niets te vrezen noch zullen zij bedroefd zijn.” (Koran 2:62)
.
.
.

Het christendom gelooft dat God Adam en Eva hun zonde nooit vergaf. Deze zonde wordt volgens het christendom overgedragen op de nakomelingen zodat elk kind geboren wordt met de erfzonde waarvan men slechts verlost kan worden door volgeling van Jezus te worden. Vandaar ook de sterke missioneringsdrang van het christendom. Het is de enige manier om zielen te redden.

De islam daarentegen gelooft dat God Adam en Eva hun zonde wèl vergaf nadat zij berouw toonden. Elk kind wordt dan ook geboren als een onbeschreven blad, begiftigd met verstand, gevoel en een elementair inzicht in goed en kwaad. Wanneer men zich tijdens het leven laat inspireren door God en zich gedraagt volgens zijn leidraad, kan men in het hiernamaals, mits God’s genade,  toetreden tot het paradijs.

Volgens de islam kunnen moslims die zich misdragen naar de hel gaan, terwijl christenen die leven volgens de aan hen geopenbaarde boodschap naar het paradijs kunnen gaan.

In een op de islam geïnspireerde samenleving kan elkeen vrij zijn geloof belijden. In de islam wordt gesteld dat mensen zich het hoofd niet moeten breken over de verschillen tussen godsdiensten. Dat er verschillende godsdiensten bestaan wordt immers geacht de wil van God te zijn, en God zal op de oordeelsdag wel uitleggen hoe de vork in de steel zat.

In afwachting daarvan draagt de islam mensen van verschillende godsdiensten op met elkaar te wedijveren in goede daden, dwz elk vanuit het eigen geloof het best mogelijk te doen om zo een rechtvaardige samenleving voor iedereen (zijnde het maatschappelijk doel van de islam) tot stand te brengen:

“… En als God het gewild had, zou Hij jullie tot één gemeenschap gemaakt hebben, maar Hij heeft jullie in wat jullie gegeven is op de proef willen stellen. Wedijvert dan met elkaar in goed daden. Tot God is jullie terugkeer, gezamenlijk. Hij zal jullie dan dat meedelen waarover jullie het oneens waren.” (Koran 5:48)
.
.
.

Het staat iedereen vrij te geloven wat men wil of ongelovig te zijn:

“Wie het wil, die moet dan geloven en wie het wil, die moet maar ongelovig zijn.” (Koran 18:29)
.
.
.

Immers, islam betekent zich overgeven aan God of in het Arabisch Allah. Dit kiezen voor God veronderstelt dat men vrij is om het te doen. Zonder godsdienstvrijheid is islam niet eens mogelijk.

Er wordt vaak  gedacht dat islamitische landen oorden zijn waar mensen verplicht zijn zich tot de islam te bekeren. Dit is niet het geval. Moslims worden aangemoedigd om een vrije samenleving uit te bouwen die voor iedereen rechtvaardig is.

In veruit de meeste moslimlanden geldt trouwens de shari’ah niet. Zelfs met de shar’iah garandeert deze godsdienstvrijheid  dat andere religies een reeks geloofsgebonden zaken zoals familierecht zelf kunnen ordenen via eigen rechtbanken.

Moslims zijn slechts waarschuwers, overbrengers van de Boodschap. Het is hen uitdrukkelijk verboden anderen te dwingen tot de islam:

“Waarschuw de mensen, want jij bent slechts een waarschuwer. Je hebt niet de autoriteit om iemand te dwingen.” (Koran 88:22-23)
.
.
.

Moslims mogen ook niet oordelen over het geloof van anderen. Dit gaat zelfs zo ver dat er een islamitische uitdrukking is die zegt dat wanneer een moslim een andere moslim van ongeloof beschuldigt, er al minstens één ongelovige is, nl. diegene die de andere beschuldigt van ongeloof.

Oordelen over geloof is iets dat alleen God toekomt. De islam is gebouwd rond het centrale concept dat er geen god is dan God. Zich een goddelijke taak aanmeten, komt neer op zich gelijkstellen aan God en is dus de zwaarste zonde die men zich kan inbeelden. Oordelen over het geloof van anderen, betekent het zich aanmeten van een taak die alleen God toekomt en is dus een zware zonde.

Het centrale belang van godsdienstvrijheid, in samenhang met een totaal afwijzen van elke vorm van racisme, maakt dat de islam eigenlijk zelf een soort van multicultureel model is. Moslims hanteren inderdaad waarden en normen die zeer dicht aansluiten bij de joodse en christelijke waarden waaruit het Westerse model gegroeid is.

Dat is niet verwonderlijk vermits moslims in dezelfde God (in het Arabisch: Allah, in het Hebreeuws: Jahweh) geloven als de christenen en de joden.  Mensen die in dezelfde God geloven, kijken allemaal naar diezelfde God voor de bepaling van wat goed en verkeerd is en delen dus allemaal dezelfde normatieve basis.

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

voorpagina openbaring a4

pijl-omlaag-illustraties_430109

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Thomas van Aquino, de Christelijke Aristoteles

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

De pogingen van onder meer Augustinus en Anselmus om filosofie en religie nader tot elkaar te brengen, vond vanaf de 12e eeuw navolging in de zogeheten Scholastiek (circa 1200-1350). In deze periode ontstond bovendien een hernieuwde interesse in het werk van Aristoteles. Zo beweerde de 13e-eeuwse theoloog en filosoof Thomas van Aquino dat hij met behulp van Aristoteles het bestaan van God kon aantonen.

 

 

thomas-aquinas

   Thomas van Aquino

 

 

 

aristoteles

   Aristoteles

 

 

Vanaf het einde van de 12e eeuw werden de eerste Europese universiteiten opgericht. De wetenschapsbeoefening aan deze middeleeuwse onderwijsinstituten wordt wel de ‘scholastische methode’ genoemd. In de 13e eeuw werd deze universitaire leermethode sterk beïnvloed door de filosofie van Aristoteles.

Thomas van Aquino (1225-1274), afkomstig uit het Italiaanse Aquino, was halverwege deze eeuw als docent werkzaam aan de universiteit van Parijs. Hij was degene die er het beste in slaagde een synthese tussen Aristoteles en het christelijke geloof tot stand te brengen.

 

 

 

Natuurlijke theologische waarheden

 

Aquino was van mening dat er geen tegenstelling bestond tussen de verhalen van de religie en die van de filosofie. Hij was er van overtuigd dat er nu eenmaal sprake was van ‘natuurlijke theologische waarheden’, die met behulp van zowel de Bijbelse openbaring als met het verstand verklaard konden worden.

Eén van deze natuurlijke theologische waarheden was voor hem het bestaan van God. Hoe zag hij voor zich dat we niet alleen in God konden geloven, maar God ook konden ‘verklaren’?

 

 

 

Aristoteles en de waarneming

 

Thomas van Aquino ontwikkelde allereerst een visie op de mens en wereld die radicaal anders was dan het idee dat Augustinus er in navolging van Plato op na had gehouden. Aquino baseerde zich namelijk op het gedachtegoed van Aristoteles, in wiens filosofie de zintuiglijke waarneming een belangrijke rol vervulde.

Op dit idee bouwde Aquino voort. Hij legde niet de nadruk op introspectie, maar was juist naar buiten gericht: kennis ligt niet ergens opgeslagen in ons hoofd maar halen we uit de dingen die we zien.

 

 

 

Vergaren van kennis

 

Vervolgens stelde Aquino vast dat de wereld zoals hij die waarnam, puur bestond uit individuele dingen. Hij kon wel een vrouw zien lopen en kolibries zien vliegen, maar het was simpelweg niet zo dat hij ergens de algemene begrippen mens of vogel zag zweven. Op basis van zijn waarneming kon hij echter in zijn hoofd die algemene begrippen construeren en categorisch ordenen.

Dit betrof een proces van abstractie: hij was in staat het algemene begrip ‘dier’ af te leiden uit individuele verschijnselen van schapen, paarden en honden. Ook de menselijke ziel, die volgens Aquino in principe leeg was, werd als het ware gevuld met behulp van de zintuiglijke waarneming.

 

 

 

Belang van het geloof

 

Aquino was van mening dat we met de wisselwerking tussen waarneming en verstand slechts een deel van de werkelijkheid konden bevatten. Een essentiële aanvulling hierop was het geloof. In religie vond hij de bevestiging en zekerheid van veel dingen die hij grotendeels ook met zijn verstand kon beredeneren.

Filosofie en religie waren als twee ‘indrukken’ die elkaar aanvulden: zoals een dove aan de hand van bliksem kan zien dat het onweert, komt een blinde door het horen van de donder tot dezelfde conclusie. De twee indrukken sluiten elkaar niet uit; de vereniging van beide, zien én horen, maakt de ‘kennis’ juist tot een krachtiger geheel. Zo werkte het volgens Aquino ook met geloof en rede.

 

 

 

Verklaring voor God’s bestaan

 

Aristoteles beschreef God dan wel niet letterlijk, maar het idee van God kon volgens Aquino gemakkelijk op diens filosofie worden geprojecteerd. Om Gods creatie te zien hoefde Aquino alleen maar om zich heen te kijken: Gods schepping was waarneembaar, maar directe kennis over God was slechts uit de bijbel te halen. Hij verwierp hiermee het ‘ontologisch godsbewijs’ van Anselmus: God is immaterieel, niet waarneembaar, en dus kunnen we geen directe kennis over hem krijgen.

Toch dacht Aquino het bestaan van God op een ‘logisch-empirische’ manier te kunnen verklaren, alleen al aan de hand van verandering: we zien immers dat alles continu verandert. Deze verandering moet wel ergens in gang zijn gezet, en wel door de Onbewogen Beweger, oftewel God. Hetzelfde geldt voor oorzakelijkheid: alles wordt veroorzaakt door iets. Er moet dus ook een ‘Eerste Oorzaak’ zijn.

 

 

 

 

Kritiek op Thomas van Aquino

 

Kortom: als we naar de wereld om ons heen kijken en alle verschijnselen proberen te verklaren, komen we volgens Aquino uiteindelijk onvermijdelijk uit bij die ene conclusie: God bestaat. Op dergelijke gedachtegangen van Aquino is in latere eeuwen wel de nodige kritiek gekomen.

Hoe weten we bijvoorbeeld zo zeker dat veranderingen niet oneindig zijn? Waarom bevinden oorzaken zich niet in een circulaire, herhalende keten? De fout die Aquino maakte in zijn theorie, net als Anselmus dat deed, is dat hij in zijn argumentatie al veronderstelde wat hij wilde bewijzen, namelijk het bestaan van God.

 

 

 

Spanning geloof en rede

 

In de loop van de 13e eeuw kwam er tegelijkertijd toenemende kritiek op de vele verzoeningspogingen die tussen geloof en rede plaatsvonden. De spanning tussen de heidense leer van Aristoteles en de christelijke leer leidde in 1277 zelfs tot een veroordeling van het werk van Aquino door de bisschop van Parijs. Er gingen veel stemmen op dat beide denktradities simpelweg hun eigen domein moesten hebben. Deze kritiek zou geloof en rede langzaam maar zeker weer uit elkaar drijven.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek de openbaring: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

De hoekstenen van de Islam

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Wat zijn de pijlers van de islam?

 

 

De islam is gebaseerd op volgende pijlers welke in dit artikel besproken worden:

1. Imaan (geloof)
2. Salaat (bidden)
3. Ramadan (vasten)
4. Zakaat (liefdadigheid)
5. Hajj (bedevaart)

 

 

MasJid-kubah-Emas-islam-34673287-750-724

 

 

 

 1.  Imaan (Geloof)

 

1.1. Shahada (Geloofsverklaring)

De islamitische geloofsverklaring  luidt als volgt:

Ik belijd dat  er geen andere  god is dan God, en ik belijd dat Mohammed zijn Profeet is.

Deze eenvoudige formule, bestaat uit volgende delen:

  • ik beleid dat – dit houdt een geloofsverklaring in, een belijden van het geloof
  • er geen god is dan…: dit is de “ontkenning” (Nafi): men ontkent het bestaan van om het even welke andere god(en) – (en dat betekent alles wat men in de plaats zou kunnen stellen van God, zoals het eigen ik, weelde, macht, enz.)
  • …God : dit is de “aanvaarding” (Asbaat) van God, bron van de gehele Schepping
  • en dat Mohamed boodschapper is van God”: men erkent dat God een leidraad openbaarde aan een mens zoals wij. Dit onderdeel bevat meteen ook een onderscheidende stelling, namelijk dat de mens verschillend is van God (God is uniek), en niet (één met) God kan worden.

1.2. Geloofsartikelen

De islam bestaat uit volgende zes geloofsartikelen

  • geloof in één God
  • geloof in de Engelen
  • geloof in de boodschap van God (heilige boeken)
  • geloof in de boodschappers van God (profeten)
  • geloof in het leven na de dood en in het laatste oordeel
  • geloof in de predestinatie

 

 

 

2. (Gebed)

 

Salah is een Arabisch woord en betekent rechtstreekse spirituele relatie en communicatie tussen het schepsel en zijn Schepper. Rechtstreeks, want in de islam is er geen hiërarchische structuur, zijn er geen priesters (een imam is iemand die door de gemeenschap van gelovigen verkozen  wordt om het gebed te leiden).

De speciale communicatie (Salah) neemt vijf keer per dag plaats, na het zich hebben gereinigd (“wudu”) om tot God te komen, bescherming te vragen tegen het kwade en in deemoed vergiffenis te vragen, en wel zo vroeg mogelijk bij het aanvatten van volgende periodes:

  • Fajr (vroege ochtend): na aanbreken van dag en voor zonsopgang
  • Zuhr (middag): Nadat de zon van het zenit begint te dalen tot wanneer ze ongeveer halverwege is op haar traject naar zonsondergang
  • ‘Asr (midden van de namiddag): Nadat de tijd verstreken is, tot zonsondergang
  • Magrib (zonsondergang):Direct na zonsondergang tot de rode gloed aan de westelijke horizon verdwijnt
  • ‘Isha (late nacht): Na het vestrijken van de vorige periode tot het aanbreken van de dag

 

Het ritme van de gebeden bepaalt dan ook het ritme van de gehele dag. Het gebed schenkt aan het individu de herleving en een nieuwe bevestiging van het geloof die gebaseerd is op innerlijke stilte en rust. Men kan bijna overal bidden (op kantoor, universiteit, op het veld,… ).

Het gebed wordt bij voorkeur in groep gebeden. De sociale implicatie van het gebed is de gelijkheid van alle mensen wanneer zij voor het aangezicht van hun Schepper staan; rijk of arm, machtig of bescheiden, ongeacht afkomst of ras.

Het gebed, dat een vorm is van innerlijke reiniging, maant de moslim en de gemeenschap vijf maal per dag aan tot nederigheid, innerlijke rust, dankbaarheid en tevredenheid.

 

 

img_pod_ramadan-strasbourg-mosque-muslim-religion-pod-1007

 

 

 

3. Ramadan (Vasten)

 

Ramadan is de naam van de negende maand van de islamitische (Hijri) kalender. Gedurende deze maand houden moslims overal ter wereld vasten. Van ochtendschemering tot zonsondergang gedurende de hele negende maand (Ramadan) van het maanjaar, is voor alle volwassen mannelijke en vrouwelijke moslims over de hele wereld het vasten verplicht.

In deze maand onthoudt de moslim zich van ochtendschemering tot zonsondergang niet enkel van eten, drinken en seks, hij/zij vermijdt ook onzinnig taalgebruik en slechte daden en wijdt zichzelf aan gebed, recitaties van de koran en goede daden.

Er zijn uitzonderingen voor zieken, zwangere vrouwen enz die later hun vasten kunnen inhalen. Als dat fysisch niet mogelijk is, moet men een behoeftige persoon voeden voor elke gemiste vastendag.

Vasten leert de mensen hoop, devotie, geduld, belangeloosheid, matiging, wilskracht, flexibiliteit, gezond overleven, discipline, een sociaal gevoel van samenhorigheid, eenheid en broederschap.

Eén van de nachten van de Ramadan is erg bijzonder, en beter dan duizend maanden (“De nacht van de beslissing is beter dan duizend maanden” (Koran 97:3)). Goede daden die gedurende deze ene nacht worden beoefend zijn gelijk aan deze beoefend over duizend maanden. Dit is de nacht van Laylatul Qadr, wanneer de Koran geopenbaard werd.

Het is een heel bijzondere nacht, een viering om de komst van de laatste leidraad van God aan de mensheid te vieren (de meeste moslims beschouwen Mohamed als laatste boodschapper, en de Koran als laatste Boodschap van God aan de gehele mensheid).

Deze nacht is een eerbetoon aan het begin van die Boodschap die door de Schepper werd geopenbaard, een Boodschap waarin God de mensen toont hoe men het geluk, vrede en rechtvaardigheid in beide werelden (hier en in het hiernamaals) kan verwerven.

Ramadan is een periode van geestelijke opleving. Niet alleen werd de Koran gedurende die maand neergezonden, volgens een hadiths werden ook de andere heilige Boeken gedurende deze maand neergezonden. Door zich  te onthouden van wereldlijke genoegens, ervaart men meer begrip en medeleven met diegenen die niet door keuze, maar door armoede in honger verkeren.

Dit verstevigt de broederschapsbanden. Deze samenhorigheid wordt verstevigd door de verplichte liefdadigheidsbijdrage die op het einde van de Ramadan wordt betaald.

Aan het einde van de vastenmaand vieren moslims over de gehele wereld feest met gebeden en feestelijkheden. Dit feest noemt ‘Eid ul Fitr’ en  betekent letterlijk een zich herhalende gebeurtenis. In de islam wordt dit woord gebruikt voor de islamitische feesten. Eid ul Fitr huldigt het einde van de maand Ramadan. Fitr betekent het breken van de vastentijd.

Men viert het geluk bij het bereiken van een geestelijke opleving na een maand van vasten. Eid ul Fitr begint als de nieuwe maan te zien is en duurt drie dagen. Men trekt nieuwe kleren aan, veel meisjes en vrouwen kleuren hun handen met henna. ’s Morgens gaat men eerst naar de moskee om God te danken.

Er worden veel bezoeken afgelegd bij familie en vrienden en er worden zoetigheden meegenomen. Moslims die elkaar op straat tegenkomen feliciteren elkaar. Het is een feest waarbij iedereen heel blij is.

 

 

 

4.  Zakah (Liefdadigheid)

 

Een belangrijk principe van de islam is dat alles toebehoort aan God. ‘Bezit’ is dus niet echt van de mensen, die de weelde slechts in bewaring hebben. Het delen van deze weelde, is een belangrijk sociaal aspect van het geloof, dat zorgt voor een soort herverdeling van de welvaar van rijken naar armen toe.

Het woord Zakah betekent zowel purificatie als groei. De bezittingen worden dus als het ware gereinigd door een deel ervan te schenken aan de armen en andere sociaal zwakkere groepen en voor de gemeenschap in het algemeen. Dit reinigt niet alleen het bezit van de schenker, maar reinigt ook zijn/haar hart van zelfzucht of hebzucht. Deze liefdadigheid reinigt ook het hart van de ontvanger van afgunst, jaloersheid of haat voor de schenkers.

Zakah heeft voor moslims een diepe humanitaire en sociaal-politieke waarde. De islam verhindert privé onderneming niet, en veroordeelt evenmin het privé-bezit, maar het staat ook geen zelfzucht en hebzucht toe. Zoals in alles, bewandelt de islam een middenweg tussen de noden van het individu en de samenleving, tussen materialisme en spiritualisme, tussen kapitalisme en socialisme enz.

Zakag is een vorm van ‘armenbelasting’. 2,5% van de spaargelden  van één jaar  gaan naar de armen , de afrekening vindt plaats  in de maand  van de Ramadan. Gedurende de Ramadan krijgt men door het vasten een dieper medeleven met de behoeftigen. De Zakah verstevigt deze band nog. Elke Moslim berekent zelf het bedrag, dat bij voorkeur anoniem gegeven wordt.

 

 

 

5. Hajj (bedevaart)

 

De bedevaart naar Makkah (Mekka) – de Hajj genoemd – is enkel verplichtend voor diegenen voor wie dit fysisch en financieel mogelijk is. Toch maken elk jaar ongeveer 2 miljoen mensen van overal ter wereld, van alle etniciteiten en naties, de bedevaart naar Makkah. Het overheersende thema hier is dat van de vrede.

Vrede met God, vrede met zichzelf, vrede met elkaar en met alle levende wezens. De vrede van elkaar of van om het even welk levend wezen verstoren is er strikt verboden. Moslims gaan naar Mekka om God te verheerlijken, niet om een persoon te aanbidden. Het bezoeken van het graf van de profeet Mohammed is hoog aanbevolen, maar niet essentieel om de Hajj geldig en volledig te maken.

De jaarlijkse Hajj begint de twaalfde maand van het islamitisch jaar (volgens de Hijri kalender). Bedevaarders dragen eenvoudige kledij zodat alle onderscheid volgens afkomst van afkomst of cultuur wegvalt, en iedereen als gelijke voor God staat.

De rites van de Hajj gaan terug tot aan de Profeet Abraham. De moslim  wandelt 7 maal rond de Ka’ba  en 7 maal tussen de bergen van Safa en Marwa , zoals de vrouw van de Profeet Abraham, deed in haar zoektocht naar water. Vervolgens komen de bedevaarders samen op de open vlakte van Arafat en vervoegen zij elkaar in gebeden tot God en smeken voor vergiffenis.

Aan het einde van de Hajj of bedevaart viert men het offerfeest of Eid ul Adha,  zowel door de bedevaarders in Mekka als door alle moslims ter wereld. Het feest is een instelling van liefdadigheid waarbij diegenen die zich een offerdier kunnen veroorloven voorgeschreven worden dit te delen met de behoeftigen zodat ook zij kunnen deelnemen aan dit feest. Men hoeft echter niet per se een dier te offeren, men kan ook geld geven aan de behoeftigen die zich daar dan eten kunnen mee aanschaffen.

 

 

mekka

 

 

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Gebed om verlossing.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

bidden-tongentaal

 

 

Ons eerste echte gesprek met God

 

Het “gebed om verlossing” is het belangrijkste gebed dat we ooit zullen bidden. Wanneer we er klaar voor zijn om een christen te worden, zijn we er ook klaar voor om ons eerste echte gesprek met God te hebben, met de volgende componenten:

 

 

 

Het begint met geloof in God

 

Wanneer we het gebed om verlossing bidden, dan laten we God weten dat we geloven dat Zijn woord waar is. Door het geloof dat Hij ons heeft gegeven kunnen we er voor kiezen om in Hem te geloven. De Bijbel vertelt ons:

 

“Zonder geloof is het onmogelijk God vreugde te geven; wie hem wil naderen moet immers geloven dat hij bestaat, en wie hem zoekt zal door hem worden beloond.” (Hebreeën 11:6)

 

Wanneer we bidden, vragen we God dus om het geschenk van onze verlossing. We gebruiken onze vrije wil om te erkennen dat we in Hem geloven. Deze uiting van geloof behaagt God, omdat we er in alle vrijheid voor gekozen hebben om Hem te leren kennen.

 

 

Onze zonden belijden

 

Wanneer we het gebed om verlossing bidden, moeten we toegeven dat we gezondigd hebben. Zoals de Bijbel over iedereen, behalve Christus, zegt:

 

Iedereen heeft gezondigd en ontbeert de nabijheid van God.” (Romeinen 3:23)

 

Zondigen is niets anders dan tekort schieten, als een pijl die de roos maar niet kan raken. Wij schieten tekort tegenover de heerlijkheid van God, die alleen in Jezus Christus kan worden gevonden:

 

De God die heeft gezegd: ‘Uit de duisternis zal licht schijnen,’ heeft in ons hart het licht doen schijnen om ons te verlichten met de kennis van zijn luister, die afstraalt van het gezicht van Jezus Christus. (2 Korintiërs 4:6)

 

Het verlossingsgebed erkent dus dat Jezus Christus de enige mens is die ooit zonder zonde heeft geleefd:

 

 God heeft hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat wij door hem rechtvaardig voor God konden worden. (2 Korintiërs 5:21)

 

 

Bevrijding van de zonden

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 Geloof in Jezus Christus als Heer en Redder belijden

 

Met Christus als onze standaard voor perfectie, erkennen we nu ons geloof in Hem als God, in overeenstemming met wat de woorden van de Apostel Johannes:

 

In het begin was het Woord [Christus], het Woord was bij God en het Woord was God. Het was in het begin bij God. Alles is erdoor ontstaan en zonder dit is niets ontstaan van wat bestaat (Johannes 1:1-3)

 

Omdat God alleen een perfect, zondeloos offer kon aanvaarden en omdat Hij wist dat wij dat doel onmogelijk zouden kunnen bereiken, stuurde Hij Zijn Zoon om voor ons te sterven en de eeuwige prijs te betalen.

 

Want God had de wereld zo lief dat hij zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.” (Johannes 3:16)

 

 

Alleen Christus redt

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 Bid het en meen het nu!

 

Ben jij het eens met alles wat je hierboven hebt gelezen? Als dat zo is, begin je nieuwe leven in Jezus Christus dan nu meteen. Bid het volgende met ons:

 

“Vader, ik weet dat ik Uw wetten heb overtreden en dat mijn zonden mij van U hebben weggehouden. Het spijt me echt en ik wil nu van mijn vroegere zondige leven tegenover U weglopen. Vergeef mij alstublieft en help me om niet meer te zondigen. Ik geloof dat Uw zoon, Jezus Christus, voor mijn zonden stierf, dat Hij uit de dood is opgestaan, leeft en mijn gebeden hoort. Ik nodig Jezus uit om de Heer van mijn leven te worden, om vanaf vandaag in mijn hart te heersen. Stuur alstublieft Uw Heilige Geest om mij te helpen U te gehoorzamen en voor de rest van mijn leven Uw wil te volbrengen. Ik bid hiervoor in de naam van Jezus. Amen.”

 

 

 Ik heb het gebeden, wat nu?

 

Als je dit gebed om verlossing met ware overtuiging en met heel je hart hebt gebeden, dan ben je nu een volgeling van Jezus. Dit is een feit, zelfs als jij je nu niet anders voelt dan voorheen. Godsdiensten hebben jou misschien ooit doen geloven dat je nu iets zou moeten voelen; een warme gloed, een rilling of een soort mystieke ervaring. De werkelijkheid is dat je zoiets zou kunnen voelen… of niet.

Als je het verlossingsgebed hebt gebeden, en je meende het echt, dan ben je nu een volgeling van Jezus. De Bijbel vertelt ons dat je eeuwige redding nu veilig gesteld is!

 

Als uw mond belijdt dat Jezus de Heer is en uw hart gelooft dat God hem uit de dood heeft opgewekt, zult u worden gered.” (Romeinen 10:9)

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

De 9 Bijbelse eigenschappen

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Vrucht van de Geest

 

 

 

slide_15vruchten

 

 

 

De zichtbare groei in Jezus Christus

 

De “vrucht van de Geest” is een Bijbelse term die de negen zichtbare eigenschappen van een waar christelijk leven samenvat. Volgens Galaten 5:22-23 zijn deze eigenschappen: liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.

We leren uit de Schrift dat deze eigenschappen geen individuele vruchten zijn waaruit we zomaar kunnen kiezen. In plaats daarvan is de vrucht van de Geest een negenvoudige vrucht, die een karakteristiek is van alle mensen die oprecht door de Heilige Geest worden geleid. Gezamenlijk zijn deze vruchten datgene wat door alle christenen in hun nieuwe levens met Jezus Christus zou moeten worden voortgebracht.

 

 

 

De negen Bijbelse eigenschappen

 

De vrucht van de Geest is een tastbare manifestatie van een christelijk getransformeerd leven. Om als gelovigen naar volwassenheid te kunnen groeien, moeten wij de eigenschappen van de negenvoudige vrucht bestuderen en begrijpen:

 

Liefde “Wij hebben Gods liefde, die in ons is, leren kennen en vertrouwen daarop. God is liefde. Wie in de liefde blijft, blijft in God, en God blijft in hem” (1 Johannes 4:16). Jezus Christus is ons grootste doel om alle dingen liefdevol te doen. “De liefde is geduldig en vol goedheid. De liefde kent geen afgunst, geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid. Ze is niet grof en niet zelfzuchtig, ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan, ze verheugt zich niet over het onrecht maar vindt vreugde in de waarheid. Alles verdraagt ze, alles gelooft ze, alles hoopt ze, in alles volhardt ze. De liefde zal nooit vergaan.” (1 Korintiërs 13:4-8)

 

Vreugde “…de vreugde die de Heer u geeft, is uw kracht” (Nehemia 8:10). “Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof: denkend aan de vreugde die voor hem in het verschiet lag, liet hij zich niet afschrikken door de schande van het kruis. Hij hield stand en nam plaats aan de rechterzijde van de troon van God.” (Hebreeën 12:2)

 

Vrede “Wij zijn dus als rechtvaardigen aangenomen op grond van ons geloof en leven in vrede met God, door onze Heer Jezus Christus” (Romeinen 5:1). “Moge God, die ons hoop geeft, u in het geloof geheel en al vervullen met vreugde en vrede, zodat uw hoop overvloedig zal zijn door de kracht van de heilige Geest.” (Romeinen 15:13)

 

Geduld (verdraagzaamheid) – Wij hebben “door zijn luisterrijke macht de kracht ontvangen om alles vol te houden en alles te verdragen” (Kolossenzen 1:11). “Wees steeds bescheiden, zachtmoedig en geduldig, en verdraag elkaar uit liefde.” (Efeziërs 4:2)

 

Vriendelijkheid Wij zouden moeten leven “door oprechtheid en kennis, door geduld en vriendelijkheid, door de gaven van de heilige Geest en ongeveinsde liefde, door de verkondiging van de waarheid en de kracht van God. We vallen aan en verdedigen ons met de wapens van de gerechtigheid.” (2 Korintiërs 6:6-7)

 

Goedheid “Wij danken God altijd voor u allen: wij noemen u onophoudelijk in onze gebeden en gedenken dan voor onze God en Vader hoeveel uw geloof tot stand brengt, hoe krachtig uw liefde is” (1 Tessalonicenzen 1:2). “Het licht brengt goedheid voort en gerechtigheid en waarheid.” (Efeziërs 5:9)

 

Geloof (trouw) – “Heer, u bent mijn God. Ik zal u hulde bewijzen, uw naam loven. Want wonderbaarlijk zijn uw daden, u hebt uw beleid sinds mensenheugenis trouw en betrouwbaar uitgevoerd” (Jesaja 25:1). “Moge hij vanuit zijn rijke luister uw innerlijke wezen kracht en sterkte schenken door zijn Geest, zodat door uw geloof Christus kan gaan wonen in uw hart, en u geworteld en gegrondvest blijft in de liefde.” (Efeziërs 3:16-17)

 

Zachtmoedigheid “Broeders en zusters, wanneer u merkt dat één van u een misstap heeft begaan moet u, die door de Geest geleid wordt, hem zachtmoedig weer op het rechte pad brengen. Pas op dat u ook zelf niet tot misstappen wordt verleid” (Galaten 6:1). “Wees steeds bescheiden, zachtmoedig en geduldig, en verdraag elkaar uit liefde.” (Efeziërs 4:2)

 

Zelfbeheersing – “Span daarom al uw krachten in om uw geloof te verrijken met deugdzaamheid, uw deugdzaamheid met kennis, uw kennis met zelfbeheersing, uw zelfbeheersing met volharding, uw volharding met vroomheid, uw vroomheid met liefde voor uw broeders en zusters, en uw liefde voor uw broeders en zusters met liefde voor allen.” (2 Petrus 1:5-7)

 

 

 

Een oefening voor alle christenen

 

De vrucht van de Geest is een prachtige studie voor christenen op elk geestelijk niveau. We hopen dat dit artikel een uitdagende gedachteoefening en een springplank voor verdere groei biedt.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria