Category, categorie: religion, religie, video
The Mark of the Beast
Het teken van het beest
Robert Breaker
preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget


.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
In de Bijbel worden tatoeages maar één keer genoemd, in Leviticus 19:28, waar staat:
God gaf dit gebod aan het volk Israël en zonderde het daarmee af van de omringende volken die in hun huid tekens aanbrachten met de namen of de symbolen van hun goden (Deuteronomium 14:2). Hoewel de Wet die aan Israël werd gegeven niet bindend is voor christenen, is het de moeite waard om goed na te denken over het principe achter dit gebod.
De volgende Bijbelteksten kunnen een hulp zijn bij het nemen van een beslissing:
1 Timotheüs 2:9 geeft vrouwen de raad zich ’met bescheidenheid te sieren’. Maar dat principe geldt ook voor mannen. Het is goed om respect te hebben voor de gevoelens van anderen en geen ongepaste aandacht op onszelf te richten.
Sommigen willen met een tatoeage hun identiteit of onafhankelijkheid laten zien. Anderen nemen een tatoeage om duidelijk te maken dat ze zelf bepalen wat ze met hun lichaam doen. Maar christenen krijgen in Romeinen 12:1de aansporing: ’Bied uw lichaam aan als een slachtoffer dat levend, heilig en God welgevallig is, een heilige dienst met uw denkvermogen.’ Het is goed om dat denkvermogen te gebruiken om te analyseren waarom je een tatoeage wilt. Als je er een rage mee wilt volgen of wilt laten zien dat je bij een bepaalde groep hoort, bedenk dan dat je mening misschien minder blijvend is dan de tatoeage. Het onderzoeken van je motieven kan je helpen een verstandige beslissing te nemen (Spreuken 4:7).
„Ieder die haastig is, stuurt waarlijk aan op gebrek” (Spreuken 21:5). De beslissing om een tatoeage te nemen wordt vaak impulsief genomen, terwijl het langetermijngevolgen kan hebben voor je relaties en je werk. Ook kan het duur en pijnlijk zijn om een tatoeage weer te laten verwijderen. Onderzoek — en het feit dat klinieken waar tatoeages worden verwijderd zo goed lopen — laat zien dat veel mensen die een tatoeage hebben genomen, er uiteindelijk spijt van hebben.
Pasteltekening van John Astria
De herder is in het Oude Testament een bekend beeld voor de zorg van God voor zijn volk, voor de enkeling (Psalm 23), maar vooral voor de natie, die Hij uit slavernij leidde en voedde en beschermde (Psalm 74:1; 79:13; 80:2; 95:7; 100:3; Jesaja 63:5).
Het was geen toeval dat zowel de grote leider, Mozes, als de grote koning, David, herders waren voordat God hen riep om zijn volk te hoeden. Toen het volk Israël door zijn herders te gronde werd gericht, beloofde God dat Hij zelf zijn kudde zou redden via de Messias. God zou David aanstellen als hun herder: “Dan zal ik één herder over hen aanstellen, die hen weiden zal: mijn knecht David. Die zal hen weiden, die zal hun herder zijn” (Ezechiël 34:23).
Micha zei eveneens van Jezus die in Bethlehem geboren zou worden: “Dan zal hij staan en hen weiden in de kracht van de Here, zijn God”( Micha 5:3);
en Jesaja:
“Hij zal als een herder zijn kudde weiden, in zijn arm de lammeren vergaderen…”(Jesaja40:11).
Jezus was die goede herder die door de profeten aan Israël was beloofd. Gedurende zijn leven was zijn werk beperkt gebleven tot “de verloren schapen van het huis van Israël”( Mattheüs 15:24; 10:6). Pas na zijn dood en opstanding kregen zijn discipelen de opdracht om behoudenis in Hem in de hele wereld te gaan prediken.
Voortaan werden ook de heidenen geroepen om deel te hebben aan Gods beloften: ook zij waren binnen de kudde van Israël gebracht. In de woorden van Paulus in Efeziërs 2:13: “Thans in Christus Jezus bent u, die eertijds veraf was, dichtbij gekomen door het bloed van Christus”. De toekomstige niet-Joodse gelovigen werden dus de “andere schapen die niet van deze stal zijn”. Zij zouden aan Gods volk toegevoegd worden, om één kudde te vormen; en “het Lam, dat in het midden van de troon is, zal hen weiden en hen voeren naar waterbronnen des levens”(Openbaring 7:17).
| Numeri 20 | 1 – 1 | Dood van Mirjam |
|---|---|---|
| 2 – 13 | De wateren van Meriba | |
| 14 – 21 | De Edomieten weigeren Mozes de doortocht | |
| 22 – 29 | Dood van Aäron |


.
.
.
Laat ik mezelf aan u voorstellen. Ik ben mgr. John Esseff, priester uit het bisdom Scranton, Pensylvania, gewijd in het jaar 1953. In 1959 werd pater Pio mijn geestelijk leidsman. Ik ben bevoorrecht om geestelijk leider te mogen zijn van honderden zielen op alle niveaus van het geestelijk leven. Sommigen zijn beginnelingen, anderen zijn gevorderden en sommigen zijn mystici.

Msgr John Esseff
.
.
.Liggen er nog meer geheimen in het centrum van mijn hart? Ja, maar velen daarvan zijn oorzaak van droefenis voor mij. Toch moet ik zelfs deze delen, zodat sommigen worden gered van de duisternis.
Wanneer mijn grote lichten voortgaan, zullen zij hulp en redding bieden aan de hele wereld. Echter, er zullen vijanden opstaan tegen mijn bijzondere boodschapper. Zij zullen zeggen, net als de huurlingen in de parabel, “laten we hem vermoorden”. Er zal intense oppositie opkomen, waardoor velen zich zullen afkeren. Wees niet ontsteld, wanneer mijn boodschapper in de ogen van de wereld volledig in diskrediet is gebracht. Toch zal de boodschap voortgaan.
Andere oppositie zal opkomen. “Hoe kunnen deze boodschappen waar zijn? Hoe zullen ze tot stand gebracht worden?” Deze woorden zullen velen ontmoedigen en mijn woorden uit hun hart stelen, net als de vogels uit de lucht de zaadjes van de grond stalen.
Anderen zullen kracht gebruiken. Ze zullen vervolgen en zelfs degenen doden, die mijn licht proberen te verspreiden. Ze zullen worden verbannen en belachelijk gemaakt. Toch zullen ze weten, dat mijn boodschappen essentieel zijn voor de redding van de wereld van de komende duisternis. Ze zullen het geloof hebben van de eerste gelovigen, die terecht het Evangelie zagen als het reddende Woord van God en de Naam van Jezus als de enige Naam, die redding brengt.
Mijn laatste droefheid is dat, hoewel het licht voortgaat in volheid en de bijzondere boodschapper met vele anderen trouw zijn, het licht toch niet heel de wereld zal redden.
Door mijn woorden begint u te zien tot hoe ver ik zal gaan, de grootheid van de voorbereidingen en de wereldwijde genaden, die ik zal vrijgeven. De huidige lichten zijn niet genoeg tegenover de duisternis, die de menselijke geschiedenis al in haar greep krijgt. Vrees niet. Veel machtiger en wereldwijde lichten worden reeds uitgestort. Geloof en laat niets je geloof wegnemen.
.
.
.
| Numeri 18 | 1 – 32 | Plichten en rechten van priesters en Levieten |
|---|---|---|
| Numeri 19 | 1 – 22 | De verbrande rode koe en het reinigingswater |

