Tagarchief: adel

Ludwig van Beethoven

Standaard

categorie : beroemde mensen 

 

 

 

 

Beethoven: componist van de Romantiek

 

 

Ludwig van Beethoven is één van de grootste componisten allertijden. Hij krijgt een muzikale opvoeding in Bonn, en vertrekt later naar Wenen, waar hij zijn hele leven verblijft. Beethoven laat zich inspireren door de ideeën van de Duitse Romantiek. De opvoering van zijn Negende Symfonie is een absoluut hoogtepunt in de geschiedenis van de muziek.

 

 

 

 

 

Het vroege leven van Beethoven

 

Ludwig van Beethoven wordt geboren op 16 of 17 december 1770 in een huis aan de Bonngasse nummer 18 in Bonn. Zijn geboortedatum is niet zeker. Wel is duidelijk dat hij is gedoopt op 17 december en dat het in katho-lieke kringen in die tijd verplicht was een pas geboren kind binnen vierentwintig uur te laten dopen. Beethoven kwam uit een Vlaamse familie die zich halverwege de achttiende eeuw in Bonn had gevestigd. Zijn vader, Johann van Beethoven, was beroepszanger aan het hof van de keurvorst van Keulen. Zijn moeder, Maria Magdalena kreeg voor en na de geboorte van Ludwig enkele kinderen die al vroeg stierven. Zijn twee jongere broers, Caspar Karl en Nikolaus Johann groeiden gezond op.

.

 

 

Beethoven als wonderkind

 

Beethoven groeide op in een muzikale familie. Zijn vader verdiende zijn geld met zingen, en ook zijn grootvader was muziekleraar geweest. Johann was een hardvochtige vader die de jonge Ludwig dwong om piano te leren spelen. Aan deze brute opvoeding hield Ludwig zowel muzikale discipline als argwaan tegenover menselijke mo-tieven over. Johann presenteerde zijn zoon graag als wonderkind, naar het model van Mozart, die al op zesjarige leeftijd optrad voor de Europese vorstenhoven. Beethoven gaf op 26 maart 1776 een concert in Keulen, maar werd door het publiek niet als wonderkind beschouwd.

 

 

.

Opleiding

 

Beethoven ging na dit optreden naar de Latijnse school, waar hij niet bijzonder goed presteerde. Hij ontwikkelde wel steeds meer interesse voor de piano en ging steeds meer improviseren in de muziek. Daar blonk hij het mees-te in uit. Hij oefende zich ook in vioolspelen en nam op eigen initiatief muziekles bij de organisten van Bonn. Hij kon nu op het orgel spelen van kapellen en kathedralen en speelde hoorn. Rond zijn tiende jaar ging hij zijn im-provisaties opschrijven. De muziekleraren hadden oog voor Ludwigs talent, en haalden hem van school. In de ja-ren die volgden, kreeg hij les van Christian Gottlob Neefe, de plaatselijke hoforganist.

Beethoven hield zich vooral met muziek bezig in zijn jonge jaren. Hij mocht al snel invallen voor Neefe, en werd opgenomen in de muzikale gemeenschap van Bonn. In 1787 overleed Ludwigs moeder, waardoor hij angstig en depressief werd. De rijke weduwe Hélène von Breuning nam hem onder haar hoede. Zij maakte deel uit van de hoogste culturele kringen in Bonn. De jonge Ludwig werd de pianoleraar van haar vier kinderen en leerde hier o-ver zaken die hij door zijn korte schooltijd gemist had. Hij leerde over de schoonheid van de Duitse literatuur, de lyrische poëzie, geschiedenis en natuurwetenschap. Even later behaalde hij een graad in de Wijsbegeerte aan de nieuw gestichte universiteit van Bonn. De waardering voor de mooie Duitse literatuur zou later in zijn werk nog terugkomen.

 

 

 

 

 

Verhuizing naar Wenen

 

Aan het einde van de achttiende eeuw was Wenen de politieke en culturele hoofdstad van Centraal  Europa. Hoe-wel het een kleine stad was –er woonden slechts 250.000 mensen- had het geheel een metropolitische uitstraling. Door de centralisatiepolitiek van Maria Theresia en Joseph II was de administratie van de stad en de omliggende gebieden van het rijk in Wenen gevestigd. Dat betekende dat een derde van de bevolking ambtenaar was. Maria Theresia en Joseph II hielden een sombere, en zelfs ascetische leefwijze aan die weerspiegeld werd in hun politiek.

Er werd nauwelijks geïnvesteerd in het culturele leven, waardoor deze taak door de adel van Wenen werd overge-nomen. De stad kende een aantal belangrijke adellijke families die hun tijd doorbrachten met concertbezoeken, theatervoorstellingen, wandelingen, bals en andere evenementen. Dankzij de grote interesse in muziek was de stad een trekpleister voor componisten en pianoleraren. Beethoven kwam op 10 november 1792 in Wenen aan. Hij huurde een piano en leerde dansen, om zo te kunnen  integreren in de aristocratische kring.

 

.

 

Componisten in Wenen

 

Beethoven was al eens eerder in Wenen geweest om een bezoek te brengen aan Mozart. Er wordt gezegd dat de twee elkaar ontmoet hebben, maar dat is niet zeker. Ze zouden muziek gespeeld hebben voor elkaar, en Beet-hoven zou over Mozart hebben gezegd dat zijn werk ‘hakkerig’ was. In werkelijkheid was Mozart op dat moment druk bezig met het componeren van zijn opera Don Giovanni. Beethoven zelf kreeg te horen dat zijn moeder ern-stig ziek was, en haastte zich terug naar Bonn. Toen Beethoven later opnieuw in Wenen arriveerde, was Mozart al overleden. Een andere beroemde inwoner van Wenen was de componist Haydn. Ludwig nam les bij hem, maar de twee konden het niet met elkaar vinden. Beethoven vond dat hij weinig leerde, en Haydn had weinig interesse in hem. Zijn eerste openbare concert in de stad gaf hij op 29 maart 1795 in het Burgtheater.

 

 

Wenen kohlmarkt 18 e eeuw

 

 

 

Mozart

 

 

 

Haydn

 

 

 

Verlichting en Romantiek in Europa

 

Beethoven had al kennis gemaakt met de Duitse literatuur van zijn tijd. Hij had bijzonder veel waardering voor de schrijvers Goethe en Schiller. Deze auteurs behoorden tot de literaire stroming van de Duitse Romantiek. Beet-hoven zou hun werk later gebruiken in zijn muziekstukken. De romantiek was een reactie op de Franse verlichting, die in Europa veel opschudding had veroorzaakt.  Het verlichtingsdenken was gericht op democratisering en ge-lijkheid, en leidde in 1789 tot de Franse revolutie, waarbij het Franse koningshuis op gewelddadige wijze ten val werd gebracht.

In Duitsland en Oostenrijk werd met afgrijzen gereageerd op de ontwikkelingen in Frankrijk. De adel vreesde te-recht voor de komst van de revolutionairen uit Frankrijk. In intellectuele kringen vond men de Fransen overdreven gewelddadig. De revolutie vormde ook voor Beethoven een bedreiging, aangezien hij leefde in de kringen van de Weense aristocratie. Beethoven was democratisch gezind, maar dreigde toch persoonlijke geraakt te wor-den van de revolutie. Hij vond zijn antwoord op de ontwikkelingen in de Duitse Romantiek.

 

 

 

De Duitse Romantiek

 

In de literaire kringen van Berlijn en Jena ontstond in 1797 de Duitse Romantiek. Deze intellectuele beweging werd gevormd door schrijvers als August Wilhelm Schlegel, Schelling en Novalis. Zij wilden, net als de verlich-tingsdenkers en revolutionairen ook de maatschappij veranderen, maar streefden naar een samenleving die meer esthetisch dan politiek was. Ze vonden het verlichtingsdenken kil en te rationeel. Er was geen ruimte meer voor emoties, of voor de natuur en de plek van de mens daarin. De verlichting had God vervangen door de rede, maar maakte daardoor van de rede zelf een nieuwe, strenge god.

Een te rationeel wereldbeeld zou tot nihilisme leiden, en de mens zijn plek in de natuur en in de maatschappij ontnemen. Tegenover deze strengheid en ontheemding streefden de romantici naar een herwaardering van de natuur. De sleutel naar de vrijheid was niet langer de politiek, maar de kunst. De esthetische staat werd het ideaal van de romantici. Immers, als de wereld zelf een kunstwerk werd, zou de mens daarin zin en betekenis vinden.

 

 

Natuur is belangrijke Inspiratie. het gaat om persoonlijk gevoel !!

 

 

 

Friedrich Schiller

 

Eén van de bekendste romantici is de filosoof en dichter Friedrich Schiller. Zijn boek Brieven over de esthetische opvoeding van de mens is één van de belangrijkste werken van de romantiek. Op bevlogen wijze schrijft Schiller dat hij geen heil meer ziet in de politiek, en dat alleen de kunst tot vrijheid zal leiden. Schiller staat bekend om zijn nadruk op het ‘spel’ van de kunst. Daarnaast is hij bekend van zijn gedicht Ode aan de Vreugde, een werk dat later door Beethoven nog beroemder zal worden gemaakt.

 

 

friedrich_schiller

 

 

 

Johann Wolfgang von Goethe

 

Schiller was zijn leven lang bevriend met de Duitse schrijver Goethe. Zijn werk Het leiden van de jonge Werther wordt gezien als een klassieker van de Duitse romantiek. In dit werk verlangt de jonge Werther hevig naar een onbereikbare liefde en pleegt uiteindelijk zelfmoord. Hoewel Goethe in de beginjaren sympathie had voor de ro-mantici, ging hij zich er later meer van distantiëren. Hij vond dat sommige romantici teveel geobsedeerd waren door de ik-cultus. Bovendien ambieerde hij wel een belangrijke rol in de politiek, iets waar de meeste romantici niet meer in geloofden.

 

 

Johann_Wolfgang_von_Goethe_(Josef_Stieler)

 

 

 

Beethoven en de romantiek

 

Beethoven had veel belangstelling voor het werk van Goethe en Schiller. In 1809 werd hij uitgenodigd om de mu-ziek te componeren bij een toneelstuk van Goethe, Egmont. Het hoftheater van Wenen had besloten om twee producties te programmeren: Schillers Wilhelm Tell en Goethes Egmont. De muziek bij Schillers stuk werd gecomponeerd door Gyrowetz.

 

 

De Negende Symfonie

 

Eén van de absolute hoogtepunten in de geschiedenis van de muziek, is de opvoering van Beethovens Negende Symfonie. Hij was in 1816 al begonnen aan het stuk, maar maakte het pas rond februari 1824 af. Deze legen-darische symfonie werd voor het eerst opgevoerd op 7 mei 1824 in het Kärntnertortheater in Wenen. De zaal zat tot de nok toe vol en de verwachtingen van de beroemde componist waren hoog. Beethoven was echter zelf niet de dirigent. Het ging al enige tijd niet goed met zijn gezondheid, en hij had last gekregen van geruis en gepiep in zijn oren. Dit leidde er uiteindelijk toe dat hij volledig doof werd.

Tijdens de opvoering van de symfonie stond Beethoven naast de dirigent. Het publiek was razend enthousiast en gooide met hoeden en zakdoeken. De onrust was zo groot, dat zelfs de politie eraan te pas moest komen. Ludwig kon het applaus niet horen, maar draaide zich om, zodat hij, tot zijn grote vreugde, de mensen kon zien klappen.

 

 

Ode aan de Vreugde

 

Het thema van de symfonie kon niet toepasselijker zijn. De vreugde van het publiek en de componist was gewel-dig groot. Voor het stuk had Beethoven een tekst gebruikt van Schiller, genaamd Ode aan de Vreugde. Het werd gezongen als koorfinale in een verder instrumentaal stuk. Het thema van de vreugde, de prachtige muziek en het romantische ideaal maken het stuk tot één van de meest gewaardeerde kunstwerken ooit. Het werd dan ook in 1972 gekozen als volkslied door de Raad van Europa. In 1985 werd het officieel het volkslied van de Europese Unie.

 

 

 

Ode1

 

 

 

Het afscheid van Beethoven

 

Beethoven was de laatste jaren van zijn leven regelmatig ziek. Hij had mogelijk in 1796 al tyfus opgelopen. Eind 1826 kreeg hij een longontsteking die hij nog te boven kwam. Hoewel het met zijn gezondheid bergafwaarts ging, bleef hij componeren zolang hij kon. In december werd er geelzucht en waterzucht (een levensbedreigend oedeem) geconstateerd. Beethoven bleef nog drie maanden ziek. Hij ontving nog vele vrienden en kennissen uit zijn tijd in Bonn en Wenen.

De mensen waren begaan met zijn lot en hij ontving mooie cadeaus. Op 26 maart 1827 overleed de grote com-ponist om vijf uur ’s middags, op dezelfde datum en tijd als waarop hij zijn debuut als wonderkind had gemaakt. Drie dagen later werd het lichaam van Beethoven vanaf de binnenplaats van het Schwarzpanierhaus naar het kerkhof gebracht. De kist werd gevolgd door een lange stoet mensen. Naar schatting liepen er tussen de tiendui-zend en dertigduizend mensen mee.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Advertenties

Adellijke vrouwenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

Kleding speelde in de middeleeuwen al een belangrijke rol. Het liet het verschil zien tussen adellijken en burgers. Dit lieten ze zien door middel van technieken, maar ook door middel van kleur. Het dragen van kleding ging steeds meer klasse uitstralen, wat je in de hedendaagse samenleving ook nog wel eens terug ziet. Hoe zag de adellijke vrouwenkleding eruit in de late Middeleeuwen

 

 

Adellijke vrouwenkleding in de late Middeleeuwen (1000-1490)

 

 

 Adellijke vrouwenkleding (1000-1490)

 

Bij de vrouwen is het verschil tussen de late middeleeuwen en de vroege middeleeuwen duidelijk te merken. De jurken zijn door de tijd heen wel altijd lang gebleven. De jurken hadden verschillende lagen over elkaar heen. Zo had je een onderhemd, onderjurk en een bovenjurk. Adellijke vrouwen droegen vaak ook nog een mantel. Het silhouet van de jurken was van boven smal en onder wijd uitlopend.

Door de tijd heen bleven de rokken wijd uitlopend en was er dus weinig verandering in. De mouwen waren anders dan dat je ze tegenwoordig ziet. Het overkleed van de vrouw had meestal geen mouwen, zodat het ook niet warm was in de zomer. Zodra het wat kouder werd, werd er een kort linnen mouwtje vastgespeld aan het overkleed.

Zodra het kouder werd in de winter hadden de vrouwen ook nog lange, warme, wollen mouwen die ze dan weer vastmaakten aan het korte mouwtje met een paar steken. Tussen 1000-1200 waren de mouwen lang en heel wijd. Wat later in de middeleeuwen (1200-1350) waren de mouwen nog steeds lang, maar ze waren nauwsluitend aan de arm.

Vijftig jaar later werden deze mouwen sierlijk afgezet met knopen of sierlijk gekleurde stoffen, net zoals bij de mannen. De mouwen tussen 1400 en 1440 leken veel op de mouwen van de mannen. Deze waren namelijk lang en sierlijk wijd en afgezet met bont. Zo lieten de adellijken zien dat ze rijk en machtig waren. Bont was namelijk niet te betalen voor de boeren.

De mouwen van de vrouwen waren in deze tijd wel minder gepoft dan die van de mannen. Je kon dus nog duidelijk verschil zien. Tussen 1440 en 1490 gingen de mouwen van de vrouwen weer deels terug naar 1000-1200. Ze liepen weer wijd uit, alleen niet zo wijd als in de vroege middeleeuwen.

De kleur werd gemaakt met natuurlijke producten zoals: uien (geel), gras (groen), bessen (rood). De kleuren van adellijken waren fleuriger, Oosterse stoffen. Dit konen adellijken zich veroorloven, omdat zij meer bezittingen hadden. Dat onderscheidde de adellijken van de boeren. De oosterse landen hadden betere kleurtechnieken, waardoor de kleuren van de adellijke kleding langer houdbaar bleef.

 

 

220px-Koningin_Marie_Louise_Gustaaf_Wappers

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1000-1200

 

De kleding van de burgerlijke vrouw bestond uit een lang onderhemd, een onderkleed en vaak een iets korter overkleed. De hals van het onderkleed was meestal rond. Het accent kwam op de taille en de buste te liggen. Er werden koorden kruiselings gedragen over de taille, zodat de vrouwelijke vormen beter uitkwamen. De mouwen werden na de 11e eeuw steeds wijder.

Soms kregen deze mouwen een strook tot op de grond waarin een knoop werd gelegd. De mantel had de vorm van een rechthoek of een halve cirkel dat met een sierspeld werd vastgemaakt. De mantel werd vaak voor de sier afgezet met bont of geborduurde randen.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt waren wol, linnen en bont. Zijde was heel zeldzaam, dus dat droegen de adellijke vrouwen veel. Na de 11e eeuw werd linnen ruimer verkrijgbaar, maar het was nog steeds heel erg kostbaar. De kleuren die veel werden gebruikt waren voornamelijk; felle kleuren met een betekenis, net als bij de mannen:

 

  • Wit: Zuiverheid.
  • Purper: Waardigheid.
  • Groen: Eeuwige jeugd.
  • Rood: Hemelse liefde.

 

De patronen die in deze tijd werden gebruikt waren ingeweven of geborduurde cirkels of vierkantjes. Ze hadden veel geborduurde randen en gebruikten veel motieven uit de klassieke oudheid.

 

 

slide_3 1200

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1200-1350

 

De kleding van de adellijke vrouw bestond uit een lang onderhemd, een onderjurk en een overkleed. Vaak droegen de vrouwen ook een mantel. Het silhouet was van boven smal en de rok was wijd uitlopend. De onderjurk had lange mouwen en een ronde hals. Het overkleed had geen mouwen. Als dit overkleed wel mouwen had, waren deze rond 1250 aangezet met een aantal steken en niet aangeknipt. De mantel bestond uit een cape dat werd vastgehouden door een kettinkje, of deze werd vastgespeld.

De rokken die in deze tijd veel werden gebruikt waren voornamelijk wol, linnen, bont en het fluweel werd nu ook meer gebruikt. Bont was heel kenmerkend voor de adellijke stand, omdat alleen zij mochten jagen. En als ze het konden kopen van westerse landen maakte de adellijke stand de handen nog niet een vuil. Veel gebruikte kleuren van de adellijke stand waren; rood, blauw, groen en roze.

Hoe meer kleur je jurk bezat, hoe hoger je stand was. Adellijke vrouwen konden zich namelijk veroorloven stoffen te kopen van de oosterse landen. Deze stoffen werden beter gekleurd dan in de westerse landen. In de westerse landen werden de stoffen gekleurd met natuurlijke producten, die als je ze wasten, snel vaal werden. Veel gebruikte patronen in deze tijd waren heraldische motieven. Alleen de randen van de jurken werden afgezet met deze motieven.

 

 

mac17r21300

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1350-1400

 

De kleding van de adellijke vrouw was strakker dan 100 jaar geleden, lang en laag uitgesneden. Het onderkleed was nu strak aangetrokken met veters of knopen. Over het onderkleed dat vaak liripipes, dit waren stukjes stof die sierlijk vielen, aan de onderkant van de mouw. De mouwen waren erg wijd uitgesneden. Deze gaven namelijk de nadruk op de lichaamsvormen van de vrouw. Het overkleed werd vaak afgezet met bont, dat stond voor klasse en elegantie.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt door adel waren voornamelijk wel, linnen, bont, katoen, zijde en nu ook geverfd bont. Het onderkleed werd maastal gemaakt van linnen en de mouwen van de jurken werden vaak afgezet met (geverfd) bont. Veel gebruikte kleuren door adel in deze tijd waren; rood, blauw, groen, roze en nu werd goudskleurig ook gebruikt.

Veel gebruikte patronen in deze tijd waren; bloemen en wijnranken. De patronen werden nu niet meer alleen gebruikt voor de randen, maar nu ook voor de gehele stof. Als er effen stoffen werden gebruikt, werden deze jurken vaak afgezet met sierlijke randen. Ook horizontale en diagonale strepen waren veel gebruikte patronen in deze tijd.

 

 

marie-christine 1400

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1400-1440

 

De kleding van de adellijke vrouw was in deze tijd vooral gericht op voortplanting. De jurken hadden nog steeds een onderkleed en een bovenkleed, maar het was allemaal ruimer. Bij het wijde bovenkleed werd het accent net onder de buste gemaakt. Dit werd gedaan door middel van een band. Deze overkleden hadden een hoge taille, zodat de bolle buik van de vrouw extra opviel. Het onderkleed werd aan de achterkant vastgemaakt met touwen.

Dit was een voorloper van de korset. Het enige wat nog overeenkomt met de korset tegenwoordig is dat het beide strak werd aangetrokken. Een gewone vrouw, die niet zwanger was, droeg een korset over het onderkleed met mouwen.

De stoffen die in deze tijd veel werden gebruikt waren; kleurenen zijde. Zijde was in deze tijd een zeer zeldzame stof en was dus moeilijk verkrijgbaar. Alleen adellijken konden zich dit soort stoffen veroorloven. Deze stoffen werden voor de adellijken (westen) in de oosterse landen geweven en gemaakt. De kleuren die werden gebruikt in deze tijd, waren hetzelfde als 50 jaar daarvoor.

Alleen het goud werd minder gebruikt. De patronen die veel gebruikt werden in deze tijd waren meer bedrukt. Deze werden voornamelijk bedrukt met kleine bloempatronen over de gehele stof. De jurken werden ook aan de randen afgezet met een soort van kant.

 

 

prev002prin01ill4161400

 

 

 

Korte beschrijving adellijke vrouwenkleding 1440-1490

 

Na de door van Karel de Stoute viel het Bourgondische rijk. Hierdoor kregen de jurken meer Italiaanse invloeden. De kleding van de adellijke vrouw bestond nu uit een onderjurk of een korset en een overkleed of een robe. Door de lage hals van het overkleed was een deel van het korset zichtbaar. Dit was vaak anders van kleur en vaak ook geborduurd met mooie patronen.

De mouwen van de jurk waren strak en liepen door tot op de hand. Het overkleed had nog steeds een hoge gordel. Deze werd vaak aam de achterkant van de jurk vast gegespt. Vrouwen van adel hadden ook nog een sleep aan het overkleed.

De stoffen die in deze tijd werden gebruikt waren; linnen, katoen, wol. Zijde, fluweel, brokaat en bont. Doordat de handel langzamerhand opkwam in deze tijd ontstond er concurrentie. In het geval van de stoffen kwam er concurrentie tussen Engeland en Vlaanderen met het bont.

De kleuren die werden gebruikt waren hetzelfde als een eeuw daarvoor, alleen bleef de kleur langer mooi, vanwege de betere kleurtechnieken van het buitenland. Veel gebruikte patronen in deze tijd waren; wijnranken en granaatappels. Deze patronen werden over de gehele stof bedrukt.

 

 

middeleeuwsekleding 1500

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Lodewijk 14, de zonnekoning van Frankrijk

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

.

“De staat, dat ben ik.” Hoewel historici inmiddels betwijfelen of Lodewijk XIV, de Zonnekoning van Frankrijk, deze woorden ooit zelf heeft gebezigd, vormen ze in ieder geval wel een prachtige omschrijving van zijn heerschappij. Tijdens zijn 72 jaar durende koningschap trok alle macht naar zich toe en onderwierp de adel aan zijn bewind, dat hij baseerde op zijn goddelijke recht om te besturen.

.

 

 

 

.

Lodewijk XIV werd geboren op 5 september 1638 als de zoon van de Franse koning Lodewijk XIII en diens vrouw, Anna van Oostenrijk. Zijn geboorte kwam als een grote verassing ,omdat zijn ouders al 23 jaar getrouwd waren, maar tot op dat moment nog geen kinderen hadden gekregen. Gedurende zijn jeugd werd hij dan ook vaak aangesproken als ‘Louis-Dieudonné’, ofwel ‘Lodewijk het Godsgeschenk’.

 

.

 

 

Mazarin en La Fronde

.

In 1643 kwam Lodewijk III te overlijden en werd de vijfjarige Lodewijk XIV koning van Frankrijk, met zijn moeder als regentes. De feitelijke macht over het bestuur kwam echter in handen van kardinaal Mazarin, de Eerste Minister van Frankrijk.

Hij slaagde er onder meer in de Dertigjarige Oorlog met Spanje tot een goed einde te brengen, waardoor Frankrijk uitgroeide tot de één van de machtigste naties van Europa. Lodewijk XIV was Mazarin echter vooral dankbaar voor het neerslaan van La Fronde (1648-1653), een opstand van de Franse adel gericht tegen het koninklijke bewind.

 

.

 

30 jarige oorlog

.

 

 

Droit Divin

 

Na de dood van kardinaal Mazarin in 1661 viel de macht volledig in handen van Lodewijk XIV. Mede door de ervaringen uit zijn jeugd was hij ervan overtuigd dat hij aangesteld was door God zelf, en dat hij dus regeerde op basis van het ‘Droit Divin’, het goddelijke recht. Dit hield onder meer in dat de bevolking geen inspraak kreeg op het bestuur en dat Lodewijk aan niemand verantwoording af hoefde te leggen over zijn besluiten.

De jonge koning begon vervolgens direct de Franse adel aan zich te onderwerpen, om zo een herhaling van de voor hem traumatische gebeurtenissen tijdens La Fronde te voorkomen. De belangrijkste edellieden werden verplicht bij hem aan het hof in Versailles te komen wonen, zodat ze voortdurend onder zijn controle stonden. Daarnaast moesten ze regelmatig deelnemen aan uitgebreide koninklijke rituelen, waarin de superioriteit van Lodewijk nog eens benadrukt werd.

.

 

 

Chateau de Versailles in 1668 geschilderd door Pierre Patel

.

.

 

Huwelijk en minnaressen

.

Ook in het privéleven van Lodewijk XIV stond de politiek nog steeds centraal. Zo trouwde hij in 1660 met Maria Theresa van Spanje, de dochter van de Spaanse vorst Filips IV. Zij schonk hem zes kinderen, maar slechts een daarvan, Dauphin Lodewijk, wist de kinderjaren te overleven.

Van echte liefde tussen het paar was overigens geen sprake, zo blijkt wel uit de vele affaires die Lodewijk erop na hield. De Franse koning ging tijdens zijn huwelijk onder meer een relatie aan met Madame de Montespan, met wie hij maar liefst 7 kinderen kreeg.

.

 

 

Maria Theresia van Spanje

 

.

 

 

Madame de Montespan

.

 

 

 

Machtsuitbreiding van Frankrijk

.

Op buitenlands gebied hield Lodewijk zich vooral bezig met de versterking van zijn machtspositie. Zo verklaarde hij in 1672 de oorlog aan de Nederlandse Republiek, omdat deze weigerde mee te werken aan het Franse plan om de Spaanse Nederlanden onderling te verdelen. Deze Hollandse Oorlog (1672-1678) resulteerde uiteindelijk in een grote overwinning voor Frankrijk, dat onder meer Franche-Comté veroverde.

In 1681 wist Lodewijk XIV vervolgens ook de Elzas aan zijn rijk toe te voegen, en tijdens de Herenigingsoorlog (1683-1684) tegen Spanje kwamen hier ook nog delen van de Spaanse Nederlanden bij. De oorlogszucht van Lodewijk werd mede mogelijk gemaakt door Jean-Baptiste Colbert, de geniale Franse minister van Financiën die dankzij het mercantilisme de staatskas van Frankrijk aanzienlijk wist aan te sterken.

 

 

 

Frankrijk van 1552 tot 1798

 

 

.

 

Ondergang van Lodewijk

.

 

Tegen het einde van de 17e eeuw keerde het lot zich echter tegen Lodewijk. In 1683 kwam Colbert te overlijden, en daarnaast werden de Europese mogendheden zich steeds meer bewust van het gevaar van een te machtig Frankrijk.

Maar liefst zeven landen keerden zich in 1688 tegen Frankrijk nadat Lodewijk had geprobeerd aanspraak te maken op de Palts, met de Negenjarige Oorlog tot gevolg (1688-1697). Eenzelfde resultaat volgde toen hij in 1700 probeerde zijn kleinzoon op de Spaanse troon te zetten, wat resulteerde in de Spaanse successieoorlog (1701-1713).

 

.

 

 

Nagedachtenis

.

Tegen het einde van ’de heerschappij van Lodewijk stond Frankrijk als gevolg van deze conflicten dan ook aan de economische afgrond. De belastingdruk was veel te hoog, de bevolking was ontevreden en de luxe van het koninklijke Versailles stak schril af tegen de armoede van het platteland.

Lodewijk zag zelf ook in dat het mis was gegaan, maar verontschuldigde zich met de uitspraak “Oorlogvoeren was mijn passie”. De Zonnekoning Lodewijk XIV stierf op 1 september 1715, vier dagen voor zijn 77ste verjaardag. Volgens de overlevering waren zijn laatste woorden gericht aan de treurende hovelingen rond zijn sterfbed: “Waarom huilen jullie, dachten jullie dat ik onsterfelijk was?”

Lodewijk XIV werd uiteindelijk opgevolgd door zijn achterkleinzoon Lodewijk XV, op dat moment ook vijf jaar oud. De andere troonopvolgers, waaronder zijn zoon Dauphin Lodewijk en zijn kleinzoon Lodewijk van Bourgondië, waren tijdens het 72-jaar durende koningschap van Lodewijk XIV namelijk al overleden.

 

 

.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

.

 

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.‘’

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij. ‘’ 

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt. ‘’ 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

De geschiedenis van de kledij deel 3: 16e eeuw tot 19e eeuw

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

 

       Kleding in de 2e helft van de 16e eeuw

 

Spanje was in deze periode het rijkste land van Europa. Dit kwam door de grote goudvondsten in het pas ontdekte Amerika. Spanje was hierdoor de trendsetter in de mode. Toch verwerkte ieder land de mode op een andere manier. Door de 80-jarige oorlog brachten de Spanjaarden hun mode mee naar Nederland. Filips II was op dat moment koning van Spanje en Heer der Nederlanden.

Filips II was een zwaar gelovige katholiek en hij verbood opzichtige kleding en laag uit gesneden kleding voor vrouwen. Zwart werd de meest gedragen kleur. Sommige delen van de kleding werden stijf opgevuld.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

De meeste kleding van de vrouw blijft hetzelfde. Het decolleté verdwijnt echter. Dames dragen hoog gesloten japonnen, waaruit een klein geplooid kraagje komt. In Engeland werd de Spaanse mode niet overgenomen. Hier dragen vrouwen een rok in een tonvorm.

Deze vorm ontstond door een stijf opgevulde rol, die op de heupen werd gelegd onder de rok. Ook in Nederland draagt een enkeling deze rok, genaamd “beuling”. Een Engelse en Franse dame willen het Spaanse kraagje niet. Zij dragen de “Stuartkraag”, een grotere kraag gemaakt van kant.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Mannen in Spanje dragen, na het verbod op luxe van Filips II, een klein onversierd kraagje. In Spanje hebben de mannen een spits baardje en een snor. De schoenen zijn donker en gesloten. Veel mannen hebben schoudercapes.

 

 

 

 

 

 

 

Barok

 

De barok ontstond rond 1600 in Nederland en duurde tot aan de Franse Revolutie. Wat kleding betreft leek de baroktijd op de Renaissance. Dure, lichte stoffen, vele versieringen, sieraden, borduursels en veel kant werden gebruikt voor de kleding.

In Nederland was vooral de mode van de kooplieden populair. Door handel waren kooplieden rijk geworden en dit lieten ze zien. Het wordt in Nederland ook wel de Gouden eeuw genoemd. Onder Lodewijk de 14e werd de kleding van het hof van Versailles bepalend voor heel Europa. Parijs werd de hoofdstad van de haute-couture.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eerste helft 17e eeuw

 

In de 17e eeuw verminderde de macht van Spanje. Frankrijk werd steeds machtiger. Ook de Republiek der Verenigde Nederlanden werd een belangrijk land. Er werden handelsondernemingen opgericht. Door de toenemende handel steeg de welvaart.

De Spaanse kleding moest aangepast worden. De opvullingen verdwenen, waardoor kleding veel natuurlijker werd. Ook de kleuren werden lichter en vrolijker. De molensteenkragen werden zonder steun en stijfsel gedragen, waardoor het haar ook weer langer kon zijn.

Vooral de mannenkleding onderging hevige veranderingen. De mode werd sterk beïnvloed door officierskleding gedragen aan het Franse hof. De broeklengte bleef tot de knie, maar de spleten onderaan de broek, konden nu met knopen worden gesloten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eerste helft 17e eeuw in Nederland

 

De 17e eeuw was voor Nederland de Gouden eeuw. Een nieuwe klasse van jonge rijke kooplieden ontstond. Deze gingen zich kleden als adel. Ze gebruikten kleurrijke, dure stoffen met veel kant. Ouderen hielden echter nog lang vast aan de kleding van de Renaissance, het zwarte regentenkostuum, wat mode was tijdens de Spaanse overheersing.

 

 

 

 

 

 

 

vrouw

 

Kenmerkend voor Holland is de ‘vlieger’, een zware mantel voor de vrouw van zwarte stof. Het lijfje is een los kledingstuk dat aan de ‘vlieger’ zit vastgespeld. Het lijfje is versierd met pareltjes en edelstenen. Het haar zit onder een mutsje. Dit bestaat uit een ondermuts en daarboven een siermutsje.

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

De Hollandse man draagt een knielange pofbroek. Hij draagt een ‘kastoor’ op zijn hoofd. Dit is een hoed van beverhaar. De band van de hoed is van zilver en versierd met edelstenen. Voor mannenkleding zijn er in de 17e eeuw speciaal kleermakers. Voor dames- en kinderkleding kan men terecht bij de wollennaaister.

 

 

 

 

 

 

 

 

2e helft van de 17e eeuw

 

Het Franse hof onder leiding van Lodewijk XIV was heel belangrijk. De renaissance is nu echt overgegaan in het tijdperk van de Barok. Alle kleding werd statig, maar ook zeer indrukwekkend. Alle versieringen waren zwaar en symmetrisch. Men maakte veel gebruik van tegenstellingen in vormen en kleuren. Kleding straalde macht en trots uit, zowel voor mannen als voor vrouwen.

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Mannen dragen een grove jas die tot de knieën reikt. Deze jas heeft grote zakken en geweldige grote mouwen. Over de hele jas zijn knoopsgaten aangebracht, toch wordt de jas wordt open gedragen. Onder de jas draagt de man een vest met zakken, die even lang is als de jas.

De broek is meestal onzichtbaar door de lange jas en het vest. Om de hals draagt hij een lange witte shawl. De uiteinden van de shawl vallen over het vest. Later worden de uiteinden van de shawl door de knoopsgaten gestopt. Om groter te lijken dragen de mannen schoenen met hakken. Aan het franse hof zijn de hakken rood gekleurd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lodewijk XIV verloor zijn eigen haar en daarom schafte hij een pruik aan. Dit werd een rage. De pruik moest van golvend haar zijn en werd van voren opgekamd. Pruiken waren wit en bepoederd met krijt of meel. Ze werden steeds indrukwekkender. Gezichten werden wit geschminkt en op de wangen bracht men schoonheidsvlekjes, Tache-de Beauté, aan.

De lippen en wangen werden rood geschminkt. Wenkbrauwen werden als hoge bolle lijnen getekend.
De hoed werd met een punt naar voren gedragen. De punt werd gemaakt door de rand aan 2 kanten op te slaan, zo ontstond de driesteek.

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Ook de kleding van de vrouw wordt deftiger en stijver. De taille wordt ingesnoerd. De rok is weer stijf en kegelvormig, maar is aan de onderkant minder wijd dan in het begin van de 16e eeuw. De diepere kleuren worden veel gebruikt en men draagt vaak fluweel. De japon sluit netjes aan en de hals is diep uitgesneden. Rondom de diep uitgesneden hals is een smal stukje kant.

Het lijfje is versierd met een driehoekig borststuk en halflange mouwen met brede stroken kant.
De rok is van voren gespleten en naar achteren omgeslagen waardoor de voering zichtbaar wordt. Vaak is de kleur van de voering contrasterend met de kleur van de rok. Op de onderrug wordt een versteviging aangebracht. De rok sleept aan de achterkant over de grond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2e helft 17e eeuw in Nederland

 

Rijke Hollandse burgers kleedden zich volgens de mode, die bepaald werd door het Franse en Engelse hof.

 

 

Man

 

De heer draagt een nonchalant kostuum. Het is gemaakt van soepele stoffen en er worden heel veel linten, strikken, pluimen en kant gebruikt. Dit kostuum wordt het Rhingraven kostuum genoemd. Deze naam is ontstaan, omdat de Rijngraaf Pfaltz het pak introduceerde aan het franse hof.

De linten die het kostuum van de man versieren maakt men in de Nederlandse steden Haarlem en Leiden door middel van lintmolens. Ook  gebruikt men goud en zilverkant in deze periode om kleding te versieren.

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

De kleding van de vrouw is ook in Nederland wat gewaagder en eleganter geworden. De kleding wordt gemaakt van soepele, lichte stoffen zoals zijde en satijn. De mouwen zijn een stuk korter en ze heeft bijna ontblote schouders.

 

 

 

 

 

 

 

Rococo

 

In 1715 stierf Lodewijk XIV. Toen Lodewijk XV aan de regering kwam ging het niet goed met het franse hof. Lodwijk XV  interesseerde zich niet voor staatszaken of het volk dat steeds armer werd. Toen hij stierf kon Lodewijk XVI niet veel verbeteren aan de situatie. Het volk kwam in opstand en in 1789 barstte dan ook de franse revolutie uit. De invloed van de adel verminderde.

De kleding ging mee met deze ontwikkelingen. Tijdens de regeerperiode van Lodewijk XIV was de kleding statig, deftig en fors. Tijdens de regeerperiode van Lodewijk XV was de kleding vrouwelijk, lichtzinnig en luchtig. Er werd veel zijde in pastelkleuren gedragen. De symmetrie van de versiering verdween. Het tijdperk van de Rococo brak aan.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

18e eeuw : Rococo 1750-1780

 

 

vrouw

 

Frankrijk is toonaangevend voor de vrouwenmode. Het is een vrijere versie van de hofkledij. Het belangrijkste kenmerk van de kleding van de vrouw zijn de brede heupen. Aan de breedte van de heupen is de stand af te lezen waartoe de vrouw behoort. Hoe breder de heupen, hoe hoger de klasse. Het uiterlijk van de vrouw wordt in deze periode steeds extremer. Vooral kapsels trekken de aandacht. Pruiken worden steeds hoger en rijker versierd.

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

Engeland is toonaangevend voor de mannenmode. De mannenmode bestaat nog steeds uit een driedelig pak met een kniebroek.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kindermode

 

Voor de eerste keer ontstaat er aparte mode voor kinderen. Voorheen droegen kinderen dezelfde kleding als volwassenen. Het kind mag zich makkelijker kunnen bewegen. Het meisje hoeft daarom geen korset meer te dragen en de jongens krijgen een lange broek aan. De belangrijkste oorzaak van deze verandering is het werk van Jean-Jacques Rousseau. Hij had vernieuwende ideeën over opvoeding en deze werden doorgevoerd in de kleding.

 

 

 

 

 

 

 

 

          18e eeuw : Franse Revolutie 1789-1800

 

De Franse revolutie begon in 1789 met de bestorming van de Bastille. Tijdens deze bestorming droegen de mannen lange broeken en liepen ze op klompen. Na de Franse Revolutie verdween de standenmaatschappij. De kleding werd hierdoor eenvoudiger.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

 

De man draagt lange broeken, een halsdoek en een lange gestreepte jas. Men wil niet te veel opvallen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Ook vrouwen willen niet opvallen. Haar jurk wordt eenvoudig. Borduurwerk, kant en de pruik verdwijnen. De favoriete kleuren zijn de kleuren van de Revolutie; rood, wit en blauw. De productie van kleding wordt simpeler door de machines. Kleding wordt hierdoor goedkoper. Kleding kan op voorraad gemaakt worden, omdat de kleding zo eenvoudig is. Zo ontstaat de eerste confectiekleding.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

       19e eeuw : Kleding tijdens de Empire ( 1800 – 1815 )

 

Na de Franse Revolutie kwam in Frankrijk Napoléon Bonaparte aan de macht. Deze legerbevelhebber veroverde delen van Italië en werd na een periode als consul door de senaat tot “Keizer der Fransen” uitgeroepen. Napoléon vergeleek zijn macht met die van de Romeinse keizers. Napoleon bracht zijn keizerlijke macht in beeld door symbolen van Romeinse keizers te imiteren, zoals adelaars en lauwerkransen. Er was sprake van een Klassieke opleving.

Deze Klassieke opleving zette zich ook door in de mode. Voor de dames werd nu het ideaal om gekleed te gaan als een Griekse of Romeinse dame uit de Oudheid.
De Franse dames probeerden dit na te volgen door zo min mogelijk ondergoed onder dunne soepele bovenkleding te dragen. Dat betekende geen korset of onderrok. Dit imiteren van de mode uit de oudheid werd wel de ”naakte mode” genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrouw

 

Zij dragen een eenvoudige vormloze japon met korte mouwtjes. De taille zit hoog, net onder de borsten. Vlak onder de buste en aan de wijd uitgesneden hals wordt de jurk met een bandje ingerimpeld. Dit doet denken aan de tunica die met een koord om het middel werd vastgebonden. Er worden doorzichtige stoffen gebruikt, zoals mousseline en tule.

Als de schaarsgeklede dames dan toch naar buiten gaan, dragen zij zoals de Romeinen, enorme rechthoekige shawls, ook wel stola’s genoemd. Geliefd zijn de kostbare kashmirsjaals, teken van een modieus statussymbool. Aan de voeten draagt men lichte zijden schoentjes zonder hak die zo laag waren uitgesneden dat zij met banden tegen het uitslippen moesten worden beschermd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Man

Ook de mannen krijgen hun eigen mode. Voor de herenkleding kijkt men naar Engeland. De man draagt een strakke kniebroek, een jas met lange achterpanden en een halsdoek, die losjes om het opstaande boord wordt geknoopt.

 

 

 

 

 

 

 

Haardracht

 

De dameskapsels uit deze tijd lijken veel op die van de Grieken en Romeinse dames. Vaak worden diademen gedragen. Evenals armbanden en oorsieraden zijn deze vaak versierd met cameeën, stenen waarin een antiek vrouwenkopje is uitgesneden.

 

 

 

 

 

 

 

  De 19e eeuw

 

Door de Franse revolutie kwam er een einde aan de overdadige versieringen van de kleding. In de tijd van Napoleon droeg men de zogenaamde ‘empirekleding’, maar ook daarna kwamen er weer grote veranderingen. De kleding van de vrouw veranderde helemaal. Jurken werden van dikker materiaal gemaakt en sloten hoger aan. Ook werd de rok weer wijder.

Na 1850 werden de rokken zelfs heel wijd. De onderrokken werden in die tijd verstevigd door paardenhaar. Natuurlijk was deze kleding erg onhandig en de ‘tournure’ deed zijn intrede. Dit was een rok, die alleen extra ruimte had aan de achterkant. Dit benadrukte het achterwerk van de vrouwen. Een erg belangrijk feit in de 19e eeuw is de opening van het eerste Haute-couture huis in 1858 in Parijs. Dit werd gedaan door modeontwerper Charles Frederick Worth.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Romantiek (1830-1860)

 

Vanaf de 19e eeuw begon de mode pas echt een rol te spelen binnen de kledingdracht. De periode van de Romantiek was daar een goed voorbeeld van. Door de industrialisatie ontstond werkloosheid. Er kwamen grote verschillen tussen arm en rijk. Niet langer bepaalde het hof het modebeeld, maar de burgers die rijk werden door de industrie.

 

 

 

vrouw

 

De romantiek staat voor heimwee naar het verleden. De modebewuste vrouw draagt in de Romantiek een zeer wijde rok en een grote luifelhoed. Bovendien wensen de vrouwen afhangende schouders  en een zeer smalle taille. Tegelijkertijd protesteren vrouwen tegen hun ongemakkelijke kleding. Daarom gebruikt men katoen, wol, zijde, tafzijde en batist.

Deze stoffen zijn een stuk beter te verwerken en veel lichter en soepeler dan de eerdere stoffen. Ook in de kleuren en patroon komt een verandering. Men gebruikt  pasteltinten en smalle strepen of kleine bloemetjes. Na 1850 wordt de crinoline populair, in de volksmond hoepelrok genoemd.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

man

 

Voor de man doet het pak zijn intrede. Dit tijdloze kledingstuk, een effen jasje en broek met vest, zou 150 jaar lang hetzelfde gedragen worden. Vaak heeft het vestje felgekleurde ruiten. Er was grote ophef toen George Sand, een Franse schrijfster, voor het eerst in het openbaar een lange broek droeg.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Fin-de-siècle

 

Aan het eind van de 19e eeuw hadden vrouwen het zwaar. De queque was in waardoor haar kont uitstak. Om een zeer smalle taille te krijgen werd het korset gedragen.  Het gevolg was dat vrouwen ademhalingsproblemen kregen en af en toe flauw vielen. Soms kwam het voor dat de ribbenkast vervormde of dat vitale organen verschoven werden.

De man droeg het driedelige pak. Typisch in deze tijd was  dat het modebeeld opnieuw bepaald werd door het hof. Hierbij speelde koningin Victoria van Groot-Brittannië een belangrijke rol. Haar kleding werd geïmiteerd wat door de komst van de naaimachine mogelijk werd. Bovendien konden mensen zich volgens de laatste mode kleden door de verkoop van kleding in warenhuizen.

Mode werd zo in een korte tijd toegankelijker voor een grote groep mensen. De vrouwen van hogere sociale standen wilden zich blijven onderscheiden. Zij gingen naar een haute-couturehuis. Hier kozen zij ontworpen kleding uit waarna de kleding op maat gemaakt werd.

 

 

 

man en vrouw

 

 

 

 

vrouw

 

 

 

vrouw

 

 

 

vrouw

 

 

 

 

man

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Viktor Hugo, een groot schrijver

Standaard

categorie : beroemde mensen

 

 

 

 

“Ik wil Chateaubriand zijn of niets”. Al op veertienjarige leeftijd wist de jonge Victor Hugo dat hij later schrijver wilden worden. Uiteindelijk groeide hij uit tot de invloedrijkste auteur van de Franse Romantiek met meesterwerken als ´De klokkenluider van de Notre Dame´ en ´Les Miserables´. Victor Hugo werd geboren op 26 februari 1802.

 

 

 

 

MTE1ODA0OTcxNjY2NzM2NjUz

 

 

Victor Marie Hugo werd geboren op 26 februari 1802 ten tijde van het Napoleontische Frankrijk.  Aanvankelijk volgde hij een wiskundige opleiding aan de universiteit, maar al snel realiseerde hij zich dat zijn echte passie lag bij het schrijven. In 1822 publiceerde Hugo de dichtbundel ´Odes et poésies diverses´, die hem een speciale toelage van koning Lodewijk XVIII opleverde.

Niet veel later begon hij ook met het schrijven van toneelstukken en boeken, het componeren van muziek en het maken van tekeningen. Zijn eerste grote succes behaalde hij in 1831 met het boek ´De klokkenluider van de Notre Dame´.

De eerste werken van Hugo waren sterk monarchistisch en religieus getint, maar door zijn lidmaatschap van de literaire kring ´Le Cénacle´, waar ook zijn grote held Chateaubriand lid van was, werd hij steeds liberaler en meer republikeins. Zo dreef hij in het toneelstuk ´Le roi s´amuse´ uit 1832 openlijk de spot met de Franse adel.

Tevens hield Hugo zich steeds meer bezig met de politiek. In 1841 werd hij ´pair´ van de Franse koning Louis Philippe. Hij maakte gebruik van deze positie om zich onder andere uit te spreken tegen de doodstraf en de sociale ongelijkheid.

In 1852 zag Hugo zich genoodzaakt Frankrijk te ontvluchten, nadat hij Napoleon III, die met een staatsgreep aan de macht was gekomen, openlijk had uitgemaakt voor een verrader. Hij vluchtte eerst naar Brussel en vestigde zich later op het eiland Guernsey.

Daar schreef hij een aantal van zijn beste werken, waaronder de dichtbundel ´Les Contemplations´ (1856) en het meesterwerk ´Les Miserables´ (1862), een aanklacht tegen de meedogenloosheid van de samenleving.

Na de oprichting van de Derde Franse Republiek in 1870 keerde Victor Hugo als een held terug in Frankrijk. Daar overleed hij vijftien jaar later, op 22 mei 1885, op 83-jarige leeftijd. Zijn dood leidde tot een periode van nationale rouw en zijn lijkkist stond enkele dagen tentoongesteld onder de Arc de Triomphe, waar naar schatting meer dan twee miljoen mensen afscheid van hem namen.

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus ‘’ .

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij ‘’.

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt: ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt ‘’.

 

 

 

 

 

mijne kop a4                                                                                    JOHN ASTRIA