Tagarchief: schriften

Wat is het Christendom?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

het-symbool-van-het-christendom-11209247

 

.

 

Ontstaan

.

Het christendom is ontstaan binnen de Joodse geloofsgemeenschap als een opwekkingsbeweging die zich verzette tegen het al te wettische karakter van het toenmalige Jodendom. De Essenen zochten het eerder in de afzondering, zoals ook Johannes de Doper dit deed. Het is waarschijnlijk dat er bepaalde lijnen liepen van de Essenen via Johannes de Doper naar de eerste Christengemeenschap. De bezetting door de Romeinen was een andere reden dat het erg gistte in de toenmalige Joodse gemeenschap en de roep om de komst van de Messias sterk gevoeld werd.

 

 

.

Stichter

.

Jezus werd geboren uit betrekkelijk arme ouders, bleef ongehuwd en zocht op zijn dertigste levensjaar de openbaarheid op om zijn opvattingen over de Joodse leer duidelijk te maken. Reeds na drie jaar kwam er een einde aan zijn actieve leven en werd hij bewust vernederend ter dood gebracht. Met Jezus van Nazareth treedt een man naar voren die zich enerzijds zeer aan de Joodse gebruiken wilde houden maar anderzijds nadrukkelijk en soms zelfs provocerend de vrijheid nam daar ter wille van de naaste van af te wijken.

 

 

Jezus Christus, de Verlosser

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

Maria Domina Animarum

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Zijn volgelingen (waarvan hij er een twaalftal tot apostel had benoemd) meldden na zijn dood de verschijning van hun Heer en kwamen daarbij tot het besef dat Hij met hen voortleefde. Na een enerverende bijeenkomst (Pinksteren) waarbij ook zijn moeder Maria aanwezig was, trad de groep voor het eerst zelfbewust naar buiten. Vanaf dat moment is er sprake van Jezus als de Christus (= de Messias in het Hebreeuws).

.

 

 

God en goden

.

Er is één God, sinds het voorbeeldgebed van Jezus (het ‘Onze Vader’) ook ‘de Vader’ genoemd. God de Vader, Gods Zoon (Jezus) en de Heilige Geest vormen theologisch gesproken een Drie-eenheid. De Zoon wordt ook aangesproken als ‘de Messias’ en ‘de Heer’. Jezus kan worden opgevat als de incarnatie van God (de Vader), vandaar de ‘mensgeworden Zoon’.

.

 

De Drieëenheid

De Drieëenheid

 

 

 

De schriften

.

Het christendom erkent dezelfde boeken als het Jodendom als geopenbaard (het Oude testament) maar heeft daarnaast een eigen deel (het Nieuwe Testament), bestaande uit de vier Evangeliën, de Handelingen der Apostelen, de Brieven en de Apocalyps (of het Boek der Openbaring). De Handelingen en de brieven zijn de oudste delen van het Nieuwe testament en werden ca 60 jaar na de dood van Jezus geschreven. Drie van de vier evangeliën (Markus, Matheus en Lukas) gaan terug op eenzelfde bron, het evangelie van Johannus is wat later ontstaan en staat wat apart.

.

 

038596c0-ff0c-012d-2d67-0050569428b1testament

.

 

De door de kerk erkende boeken staan bekend als de ‘Canon’. Vooral in de begintijd is er veel discussie geweest over welke boeken er nu wel en niet bij hoorden en zijn er grote kerkvergaderingen (concilies) aan te pas moeten komen om knopen door te hakken. Mede naar aanleiding van de ontdekking van de Dode Zee rollen is er vrij recent is er een nieuwe belangstelling ontstaan voor de niet-canonieke boeken (als het Thomas-evangelie).

 

 

Leer

.

Terwijl de gelovige Jood nog uitziet naar de Messias is Hij voor de christen al gekomen in de persoon van Jezus van Nazareth. De (vele) voorschriften van de Joodse wet zoals de reinheidsvoorschriften en de besnijdenis zijn niet overgenomen. De leer wijkt op hoofdpunten verder niet sterk af van de Joodse leer.

Er ligt minder nadruk op beloning en straf (zeker in de Reformatorische richtingen waar het ‘Alléén uit genade’ geldt) en er is meer aandacht voor de Wederopstanding dan in het Jodendom.
Het heil staat principieel voor alle mensen en volkeren open en moet tot aan het einde der aarde verkondigd worden.

 

 

Leefregels

.

Net als in het Jodendom vormen de Tien Geboden de basisregels maar ligt er een groter accent op het principe ‘Bemin God en je naaste zoals je zelf’. Het ‘Oog om oog, tand om tand’ heeft niet het laatste woord. De actieve naastenliefde krijgt een grotere plaats. De Bergrede van Jezus met de twaalf zaligsprekingen (Zalig zij die …) plaatst het ideaal op een hoger niveau.

.

 

De 10 geboden maken de kerk met de mens

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

 

Richtingen

.

Reeds vanaf het eerste begin kende de christenen bepaalde stromingen. Zo was er al direct het verschil van mening of de uit de heidenen afkomstige christenen zich nu wel of niet aan de joodse wet dienden te houden. Toen de groep zich eenmaal als kerk gevormd had, deden zich allerlei nieuwe geschilpunten voor (Gnostici, Katharen, Arianen waren ooit belangrijke minderheidsgroepen binnen het christendom maar deze namen hebben nu nog slechts een historische betekenis).

De scheuring van de Kerk in 1051 in een westers Katholiek en een oosters Orthodox gedeelte was eerder politiek dan leerstellig van aard. Hetzelfde geldt voor de afscheiding van de Anglicaanse kerk in 1538 (een gevolg van een huwelijkskwestie van de al getrouwde koning Hendrik VIII).

Heel anders lag de situatie rond de Reformatie, die in eerste instantie een reactie was op de mistoestanden in de r.k.kerk maar die tevens op aantal punten een duidelijk breuk betekende met de moederkerk (afwijzing van een aantal sacramenten als biecht en priesterschap, afwijzing van de éénhoofdige leiding). De oecumenische beweging tracht de kerken en groeperingen weer dichter bij elkaar te brengen. De nationale en niet-r.k.kerken hebben zich sinds 1948 verenigd in de Wereldraad van Kerken.

 

 

Feesten en eredienst

.

Pasen, het centrale feest van de Christenheid, de opstanding van de Heer. Aangezien Jezus aan de vooravond van het Joodse Paasfeest (Pesach) werd gekruisigd, zijn beide feesten historisch met elkaar verbonden.
Pinksteren valt 40 dagen na Pasen en is de herdenking van het eerste openbare optreden van de leerlingen (en daarmee in zeker opzicht het begin van de christelijke kerk).
Kerstmis (in de westelijke kerken) en Epifanie= ‘Drie Koningen’ (in de Orthodoxe kerken) gedenken beide de symbolische bekendmaking van de geboorte (aan respectievelijk de herders en de wijzen uit het oosten).
Hemelvaart, de laatste verschijning van de Heer.
Allerheiligen (1 nov.) een feest dat in veel kerken wordt gevierd (niet in de protestante kerken).
Hervormingsdag (31 okt.) in een aantal protestante kerken.

In de eredienst van de orthodoxe en katholieke kerken ligt de nadruk veelal op de eucharistie (viering laatste avondmaal, vroeger ook ‘de Mis’ geheten). In de protestantse kerken ligt de nadruk op de woorddienst en is een avondmaalsviering eerder uitzondering dan regel.

.

 

Pasen

Pasen

 

 

Pinksteren

Pinksteren

 

 

Kerstmis

Kerstmis

 

 

Hemelvaart

Hemelvaart

 

 

Hervormingsdag

Hervormingsdag

 

 

Allerheiligen

Allerheiligen

 

 

 

Enkele teksten uit het Nieuwe testament

.

  • Bij het zien van al die mensen ging Hij de berg op. Toen Hij gezeten was, kwamen zijn leerlingen bij hem. Hij nam het woord en en begon hen in zijn leer te onderrichten: Zalig zijn de armen van geest, want aan hen behoort het Koninkrijk der hemelen. Zalig die treuren want zij zullen getroost worden. Zalig de zachtmoedigen want zij zullen het land bezitten. Zalig zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid want zij zullen verzadigd worden. Zalig zij de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden. Zalig zij de zuiveren van hart want zij zullen God zien” (uit het Evangelie volgens Matheus).
  • Als gij bidt, gebruik dan geen omhaal van woorden zoals de heidenen doen…Gij moet daarom zo bidden: ‘Onze Vader in de hemel. Uw naam worde geheiligd. Uw koninkrijk kome. Uw wil geschiedde op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schuld zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven. En leidt ons niet in bekoring maar verlos ons van het kwaad”(idem uit Matheus).
  • Is God soms alleen een God van de Joden en niet van de heidenen? Nee, ook van de Heidenen want er is slechts één God, die zowel de joden als de niet-joden zal rechtvaardigen door het geloof. Betekent dit dat ik mij van het geloof bedien om de (joodse) wet buiten werking te stellen? Integendeel, ik laat de wet juist tot haar recht komen” (brief Paulus aan de Romeinen).

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

Het bestaan van valse profeten

Standaard

categorie : religie

 

.

 

Heel wat toegewijde dienstknechten van Jezus Christus, die in de kracht van de Heilige Geest functioneren, worden neergezet als valse profeten. 

 

Het is niet erg als mensen weinig ervaring hebben met de gaven van de Geest en de kracht van Jezus Christus die genezing en bevrijding brengt. Iedereen is nog onderweg en we mogen groeien in onze wandel met God. Het is wel erg als je Gods oprechte dienaars openbaar belastert en roept dat zij valse profeten zijn, alleen maar omdat de kracht van God in hun bediening werkt. Dan maak je je schuldig aan lasterpraat.. Boven strijd je dan tegen Jezus Christus, die zijn dienaars heeft gestuurd om zijn verlossing te brengen.

“Wie naar jullie luistert, luistert naar mij, en wie jullie afwijst, wijst mij af.” (Lucas 10:16)

 

 

Vele profeten worden vals beschuldigd

 

Het is niets nieuws, want ook de schriftgeleerden in de tijd van Jezus Christus riepen dat Jezus een valse profeet en een dwaalleraar was. De apostelen, die vol vuur Jezus Christus dienden, werden te vuur en te zwaard vervolgd door de godsdienstige leiders van hun tijd. Het is kenmerkend voor iedereen die toegewijd Jezus Christus dient, dat ze vals beschuldigd zullen worden door de godsdienstige orde van hun tijd.

De schriftgeleerde Saulus deed alles wat hij kon om de volgelingen van Jezus Christus te doden en meende dat hij daarmee God diende.

Saulus was ervan overtuigd dat de eerste christenen een valse profeet volgden en dat het christelijk geloof een dwaalleer was. Maar hij was zelf ernstig misleid. Mensen die een geestelijke verblinding hebben, zullen altijd diegenen die in de waarheid wandelen ervan beschuldigen dat zij misleid zijn. En elke valse profeet zal ware profeten ervan beschuldigen dat zij vals zijn. Dat iemand over een ander zegt dat hij een valse profeet is, wil dus niets zeggen. Het is dan ook uiterst onverstandig om klakkeloos te geloven wat de velen beweren aangaande de waarheid over het geloof. Het kan in veel gevallen veel schade berokkenen.

 

 

 

 

 

God geeft Zijn Geest en doet wonderen

 

De Bijbel zegt duidelijk dat God Zijn Geest geeft aan christenen om wonderen onder ons te verrichten:

“God geeft u de Geest en brengt wonderen onder u tot stand.” (Galaten 3:5)

“God bevestigde hun woorden nog door tekenen, wonderen en allerlei machtige daden, en deelde de heilige Geest uit zoals hij dat wilde.” (Hebr. 2:4)

“Ik durf trouwens alleen maar te spreken over wat Christus door mij gedaan heeft … door machtige tekenen en wonderen en door de kracht van Gods Geest.” (Romeinen 15:18)

“Wat kenmerkend is voor een apostel, was aanwezig: de volharding waarmee ik alles verduurde, de wonderen en machtige daden die onder u werden verricht.” (2 Kor. 2:12)

“De boodschap die ik u verkondigde, overtuigde niet door mijn geleerdheid, maar bewees haar kracht door de Geest.” (1 Kor. 2:4)

“Maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zul je kracht krijgen.” (Handelingen 1:8)

“Want het koninkrijk van God is geen zaak van woorden maar van kracht.” (1 Kor. 4:20) Naast de werking van wonderen en krachten zijn er ook de bovennatuurlijke gaven van de Geest, die aan christenen worden gegeven: genezingen, tongentaal, profetie, onderscheiden van demonen, enz. zie 1 Kor. 12 en 14).

 

 

 

De Bijbel benadrukt dat een kenmerk van Gods aanwezigheid de werking van wonderen is.

 

Als er een dwaalleer in de kerk is, die hoognodig vernietigd moet worden, is het wel de leugen dat God vandaag geen wonderen meer doet en dat de gaven van de Geest niet meer voor deze tijd zijn. Dat is een leugen die regelrecht tegen de Bijbel indruist en die christenen krachteloos maakt. Mensen die de realiteit van Gods kracht niet (mogen) kennen zijn overgeleverd aan een verstandelijk, theoretisch en menselijke gecontroleerd christendom, waarin enkel over God gepraat wordt, maar waar God zelf nauwelijks aanwezig kan zijn. God wil mensen verlossen uit de greep van satan, die hen bindt met ziekte, zonde en demonen. Jezus Christus is gekomen om bevrijding en genezing te brengen. Daar hebben we de kracht van God voor nodig.

 

 

 

 

 Iemand die zich met hand en tand verzet tegen de Geest van God is een valse profeet.

 

God is een realiteit, een krachtige held die ook vandaag Zijn Geest geweldig sterk laat werken om mensen te bevrijden van de machten van duisternis. God is pure liefde, die zijn geliefde kinderen wil genezen en opbouwen. Als iemand dat bestrijdt, wordt je niet geleid door de Geest van God. Dan wordt je geleid door de duisternis, die niets liever wil dan dat Gods kracht verhinderd wordt, zodat mensen niet genezen en bevrijd worden.

 

 

 

Hoe herken je een valse profeet?

 

Hoe herken je dan wel een valse profeet? Jezus Christus vertelde heel eenvoudig dat we ze herkennen aan hun vruchten. Iemand die zijn leven inzet om de verlossing van de hemelse Vader bij mensen te brengen, die draagt goede vruchten.

 

De reddende liefde van God in actie, is de beste vrucht die er bestaat.

 

Verlorenen die tot inkeer komen, van dood naar leven, van zonde naar heiligheid, van duisternis naar licht, van ziekte naar gezondheid, van gebondenheid naar vrijheid. Dat zijn de vruchten die Jezus Christus droeg. Hij genas alle zieken die bij Hem kwamen, Hij dreef demonen uit en gaf mensen een nieuw leven met God. Natuurlijk zijn er ook valse profeten die eveneens wonderen doen en demonen uitdrijven (althans, zo lijkt het). Over hen zei Jezus Christus:

“Niet iedereen die “Heer, Heer” tegen mij zegt, zal het koninkrijk van de hemel binnengaan, alleen wie handelt naar de wil van mijn hemelse Vader.” (Matteus 7:21)

 

Wat is de wil van de Vader? De apostel Jakobus vat het heel eenvoudig voor ons samen:

“Zuivere en onbevlekte godsdienst voor God, de Vader, is: omzien naar wezen en weduwen in hun druk en zichzelf onbesmet van de wereld bewaren.” (Jakobus 1:27)

 

Een prediker die wel wonderen doet, maar niet gedreven wordt door diepe bewogenheid voor mensen in nood, kan misleid zijn. Liefde is immers het belangrijkste kenmerk van God.

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Leven in liefde

 

Omdat God liefde is, is het watermerk van iemand die waarachtig met God leeft, liefde voor je naaste:

“Wie niet liefheeft, heeft God niet leren kennen; God is immers liefde.” (1 Johannes 4:8)

 

Al denkt iemand God te dienen, als ze niet in liefde functioneren voor hun broeders, dan kennen ze God niet. Er zijn veel mensen, in allerlei sektes en religies die van harte geloven dat ze God dienen, maar die in diepe duisternis gebonden zitten en ver van God staan.

 

Dat iemand de Bijbel kan citeren betekent niet dat die persoon God kent.

 

Leef je in liefde voor je broeders? Geef je om je naaste? Heb je een hart van bewogenheid en ontferming? Heb je respect voor anderen en ben je nederig? Dat zijn kenmerken van iemand die God kent. Als je geen liefde voor een broeder hebt, ken je God niet.

“Als iemand zegt: Ik heb God lief, maar hij haat zijn broeder, dan is hij een leugenaar. Want hij kan God, die hij nooit gezien heeft, onmogelijk liefhebben, als hij zijn broeder niet liefheeft die hij wel ziet.” (1 Johannes 4:20)

 

Als je altijd kwaad spreekt over je broeders, heb je geen liefde. Dan ben je wel heel erg religieus, je bid wel en leest de Bijbel wel, maar God is niet in je leven. Religieuze activiteit is iets totaal anders dan een hart hebben dat nederig en liefdevol is.

 

 

 

Leven in waarheid

 

Naast liefde is er een tweede kenmerk dat wezenlijk is aan God, en dat dus ook kenmerkend is voor een ware profeet: de  waarheid spreken. God zal nooit liegen.

Er wordt geschreven dat de genezingen in diensten eigenlijk alleen maar psychogeen zijn en dat er geen echte lichamelijke wonderen gebeuren. De waarheid is dat talloze zieken genezen van kanker, blindheid, doofheid, verlamming, allergie, onvruchtbaarheid, hartkwalen, darmziekten, en noem maar op. Als een christen beweert mensen te behoeden voor dwaalleer maar zelf leugens schrijft, dan weet je dat de persoon niet door de Geest van God gedreven wordt. De Bijbel zegt  dat liegen het kenmerk is van Satan, de duivel.

“Hij hoort niet bij de waarheid, omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij liegt, spreekt hij zoals hij is: een aartsleugenaar, de vader van de leugen.” (Johannes 8:44)

 

Een valse profeet is iemand die liegt, maar doet alsof hij waarheid spreekt. Waarheid wordt verdraaid, licht wordt bestempeld als duisternis en duisternis wordt licht genoemd.

 

 

 

Toets je echt aan de Bijbel?

 

Christenen zeggen altijd dat we dwaalleer herkennen door een leer te toetsen aan de Bijbel. Maar dat is niet zo eenvoudig als het lijkt. Want velen die luid roepen dat ze alles aan de Bijbel toetsen, toetsen helemaal niet aan de Bijbel. Wat ze doen, is toetsen aan hun interpretatie van de Bijbel. Ze toetsen aan menselijke meningen en leringen over de Bijbel.  Als iemand een openbaring heeft over iets wat in de Bijbel staat en jij hebt dat inzicht nog niet, dan kun jij die ander niet toetsen aan de Bijbel.

 

De meesten die beweren dat ze toetsen aan de Bijbel, toetsen in werkelijkheid aan hun beperkte inzichten over bepaalde Bijbelteksten.

 

Elke christelijke stroming heeft een bepaalde openbaring over de Bijbel, maar heeft ook nog veel blinde vlekken en ziet nog niet alles zoals God het bedoeld heeft. Als we beweren aan de Bijbel te toetsen, moeten we proberen leeg te worden van onze leringen en tradities en proberen om open als een kind te lezen wat de Bijbel waarachtig zegt over een bepaald onderwerp.

Dan kan blijken dat de ware Bijbelse boodschap haaks staat op wat wij al zo lang geloven en horen in onze kerkstroming. Het is trouwens onmogelijk om in eigen kracht de Bijbel goed te begrijpen. Daarom zei Jezus Christus niet: ‘Ga veel in de Schriften lezen, want zo zul je in de volle waarheid komen.’ Neen. Jezus Christus zei:

“De Geest van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid.” (Johannes 16:13)

 

De enige manier om in de volle waarheid te komen is jezelf overgeven aan de heilige Geest, de Geest van de waarheid. Dat betekent dat je afhankelijk bent van wat Hij je wel en niet laat zien. Dat betekent ook dat je in diepe overgave moet zijn, weten dat alle wijsheid van Hem komt en niet van jezelf. Als de Geest van waarheid, die door Paulus ook de Geest van wijsheid en openbaring genoemd wordt, je niet onderwijst, blijf je blind. Daarom zei Jezus Christus tegen de schriftgeleerden, die dag en nacht in de schrift lazen:

“U bestudeert de Schriften en u denkt daardoor eeuwig leven te hebben. Welnu, de Schriften getuigen over mij, maar bij mij wilt u niet komen om leven te ontvangen.” (Johannes 5:39)

 

In eigen kracht vinden we geen waarheid. Het is door diep afhankelijk te worden van de heilige Geest, in ware vrees voor God, in diep ontzag voor God. Een nederig hart, dat gevormd wil worden, het hart van een leerling die beseft dat hij niets weet, een hart van een kind dat open is om te ontvangen, iemand die arm van geest is. Als we trots en eigenzinnigheid hebben, zullen we geestelijk verblind blijven.

 

Alles draait om Jezus Christus

 

Een laatste kenmerk van een ware profeet, is dat hij je altijd in diepe afhankelijkheid van Jezus Christus zal brengen. Mensen die je afhankelijk maken van henzelf, zijn verkeerd bezig. Een ware dienstknecht van Jezus Christus zal je altijd helpen om in volwassenheid te komen, leunend op Jezus Christus. De nadruk ligt altijd op Hem. Mensen die wel over Jezus Christus spreken, maar jou in verkeerde afhankelijkheid van henzelf brengen, zijn niet goed bezig. Een ware dienstknecht van de Heer zal een gezonde afstand van je bewaren, zodat jij zelf je leven kunt bouwen op Jezus Christus als de rots en niet op een mens.

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De vijf Bijbelse richtlijnen om te toetsen

 

 

Kijk naar de vruchten

 

“Pas op voor de valse profeten… U kunt hen herkennen aan hun vruchten… Een goede boom draagt goede vruchten, een slechte boom draagt slechte vruchten.” (Matteus 7:15,18)

 

 

 

Een leven in liefde

 

“Wie niet liefheeft, heeft God niet leren kennen; God is immers liefde.” (1 Johannes 4:8)

 

 

 

Een leven in waarheid

 

“Wanneer de duivel leugentaal spreekt, spreekt hij zoals hij is, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.” (Johannes 8:44)

 

 

 

Onderwerp je aan het Woord

 

“daar zij het woord met alle bereidwilligheid aannamen en dagelijks de Schriften nagingen, of deze dingen zo waren.” (Handelingen 17:11)

 

 

 

Focus op Jezus Christus

 

“Het getuigenis van Jezus is de geest der profetie.” (Openbaring 19:10)

 

 

 

Toets eerst jezelf

 

Het is van fundamenteel belang dat je niet alleen maar anderen toetst, maar dat je eerst en vooral jezelf onderzoekt. De meeste mensen hebben er een handje van om altijd anderen te ‘toetsen’, maar zitten zelf vol bitterheid, trots, eigenzinnigheid, liefdeloosheid en andere vormen van duisternis. Het bekende beeld van de balk en de splinter is hier volkomen van toepassing. Velen die constant de wereld waarschuwen voor vermeende splinters bij anderen, gaan zelf gebukt onder een heel bos bomen die uit hun ogen groeien.

 

Kijk naar je eigen hart, onderzoek jezelf meer dan wat ook.

 

Het is erg belangrijk dat je zelf je eigen vruchten, je eigen leven, je eigen bediening, je eigen relatie met Jezus Christus in het volle licht kunt plaatsen. Dat je zelf nederig bent, zelf open bent voor correctie, zelf afrekent met jaloezie en trots.

 

 

 

Je gelooft misschien zelf een dwaalleer

 

De Bijbel zegt bijvoorbeeld dat God ons wil zegenen, gelukkig en gezond wil maken. Een prediker die dat wezenlijke kenmerk van God in de Bijbel ontdekt en predikt, wordt door sommige christenen beschuldigd van ‘welvaarts-evangelie’ wat dan zogezegd een dwaalleer is. Terwijl Jezus duidelijk zegt dat Hij ons overvloedig leven wil geven.

Christenen die echter misleid zijn door een armoede-evangelie en die de leugen geloven dat de enige goede christen een arme en ellendige christen is, zullen de Bijbelse waarheid over voorspoedig leven zien als een dwaalleer. Dat is maar een van de vele voorbeelden.

Iets wat in onze oren als dwaalleer klinkt, kan soms juist een heel belangrijke Bijbelse openbaring zijn, uit het hart van God, om Gods kinderen in vrijheid en vruchtbaarheid te brengen.Toetsen is natuurlijk erg belangrijk, want er zijn inderdaad valse profeten en er is zeker dwaalleer. Alleen is de wijze waarop getoetst wordt en de reden waarom men toetst, niet altijd zo zuiver als men beweert.

Dikwijls is degene die roept over anderen dat ze valse profeten zijn, zelf degene die misleid is door een verkeerde theologie. Niet iedereen die de fout begaat om anderen verkeerd te beoordelen, bedoelt het verkeerd. Er zijn oprechte christenen die goedbedoeld veel schade aanrichten. De vraag is echter of iemand bereid is tot bezinning te komen.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

 

Leven wij in de eindtijd?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Openbaring hoofdstuk 22 : De Alfa en de Omega

Openbaring hoofdstuk 22 : De Alfa en de Omega

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

‘En mort niet, zoals sommigen van hen deden, en zij kwamen om door de verderfengel. Dit is hun overkomen tot een voorbeeld (voor ons) en het is opgetekend ter waarschuwing voor ons, over wie het einde der eeuwen gekomen is’ (1 Kor.10:10).

.

.

.

Inleiding

 

De hierboven vermelde tekst uit de eerste brief aan de Korinthiërs is duidelijk dat wij in het einde der tijden leven.

 

Er zijn jammer genoeg in de christelijke wereld veel gelovigen die in hun denken lijken op de boze slaaf in de gelijkenis van de goede en boze slaaf en niet geloven dat wij in de eindtijd leven die voorafgaat aan de komst van Christus, en in hun hart zeggen: ‘Mijn heer blijft uit!’ (Mat.24:49).

Er wordt op dat terrein nog weinig onderwezen op scholen, in theologische opleidingen en kerken. In gesprekken met de voorstanders van de idee dat we niet leven in de eindtijd bemerkt men zelfs een zekere afkeer aan de gedachte van een nabije wederkomst van Christus.

Zelfs in Petrus’ tijd waren er al mensen die de komst van de Christus in twijfel trokken.

‘Dit vooral moet u weten, dat er in de laatste dagen spotters met spotternij zullen komen, die naar hun eigen begeerten wandelen, en zeggen: Waar blijft de belofte van zijn komst? Want sedert de vaderen ontslapen zijn, blijft alles zó, als het van het begin der schepping af geweest is’ (2 Petr.3:3-4).

 

De kennis van Gods Woord in onze tijd is vaak ver zoek en zoals Jezus in zijn dagen tegen de  Sadduceeën zei:

‘Gij dwaalt, want gij kent de Schriften niet noch de kracht Gods’ (Mat.22:29).

 

De Bijbel is echter vol van verwachting naar de komst van Christus. Zelfs  de schepping ziet met reikhalzend verl-angen uit en verlangt naar het openbaar worden der zonen Gods en zucht en is in barensnood. (Rom.8:19,22). Het is te begrijpen dat bijvoorbeeld de ‘vervangingstheologie’ een gezond verstaan van de Schrift veel christenen in de weg staat en dat mens de wederkomst van Christus naar een verre toekomst schuift. Dit komt vooral voor in de RK-kerk en veel protestantse kerken. De vervangingstheologie of het substitutionalisme is de leer dat de Kerk het geestelijk Israël is en daarmee de plaats van Israël heeft ingenomen.

Maar daarmee is de vraag naar Jezus’ wederkomst niet opgelost, hoogstens naar de achtergrond gedrongen. Een ander probleem is het postmoderne denken, waarin ieder zijn eigen gelijk heeft en er geen absolute waarheid meer is. Indirect daarmee staat ook het gezag van Gods Woord ter discussie want veel christenen hebben dat postmoderne denken overgenomen:

‘Ieder zijn eigen waarheid!’

 

 

 

Het getuigenis van de Schrift

 

Het Nieuwe Testament geeft op meerdere plaatsen getuigenis van de spoedige komst van de Heer Jezus. Die verwachting hield niet op nadat de Heer ten hemel was gevaren. Paulus schrijft al in de brief aan de Romeinen:

‘Gij verstaat immers de tijd wel, dat het thans voor u de ure is om uit de slaap te ontwaken. Want het heil is ons nu meer nabij, dan toen wij tot het geloof kwamen. De nacht is ver gevorderd, de dag is nabij’ (Rom.13:11).

 

En in de brieven aan de Thessalonicenzen schrijft hij er uitvoerig over. Hij verwachtte Jezus’ komst nog tijdens zijn leven wanneer hij schrijft:

‘Want dit zeggen wij u met een woord des Heren: wij, levenden, die achterblijven tot de komst des Heren, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan, want de Here zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen van de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen het eerst opstaan; daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Here tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Here weze’ (1 Thes.4:15-18).

 

En dat ook Jakobus de Heer verwachtte in zijn de tijd blijkt wel uit het volgende:

‘Hebt dus geduld, broeders, tot de komst des Heren! Zie, de landman wacht op de kostelijke vrucht des lands en heeft geduld, totdat de vroege en late regen erop gevallen is. Oefent ook gij geduld, sterkt uw harten, want de komst des Heren is nabij. Broeders, zucht niet tegen elkander, opdat gij niet onder het oordeel valt; zie, de Rechter staat voor de deur’ (Jak.5:7-9).

 

Zo zijn er nog veel meer gedeelten uit het Nieuwe Testament te noemen. De apostel Paulus sprak in zijn brieven de verwachting uit dat Jezus spoedig en tijdens zijn leven zou wederkeren (Rom.16:20, 1 Kor.1:7-8, 10:11, 15:51;  Fil 1:10, 4:5; 1 Thes.3:13, 4:15, 4:17, 5:23; 1 Tim.6:14; Hebr.1:1-2, 10:37). Jacobus, Petrus en Johannes waren het met hem eens (Jak.4:5, 5:8; 1 Petr.1:5, 7, 20, 4:7; 1 Joh.2:18, 4:3, 2:28, 3:2).

Dat de Heer nog niet gekomen is en het ‘zie Ik kom spoedig’ nog niet vervuld is geworden heeft te maken met de houding van de christenen en de grote omwenteling die plaatsvond met de komst van Constantijn de Grote in het begin van de vierde eeuw. De verwachting van een spoedige komst van Christus kreeg een bestemming in een verre toekomst.

Echter in het begin van de negentiende eeuw is er weer licht gekomen op het profetische woord en is de komst van de Heer Jezus op de voorgrond gekomen. Momenteel zie je echter ook dat het wachten op Hem velen moe heeft gemaakt en weer in slaap gevallen zijn. Wat voor Christus spoedig is lijkt voor de mens lang omdat God en zijn Zoon tijd anders benaderen. Jezus is nu 2016 jaar geleden gekruisigd en gestorven wat voor de mens zeer lang lijkt! In vergelijking met de eeuwigheid die nog voor ons ligt is dat in de ogen van God zeer spoedig.

 

.

heilige-schrift-0a0b29fe-3cf7-4528-8208-9c33823f3cb3

 

.

 

 

Het getuigenis van de eerste christenen

 

De christenen die leefden in de tijd dat de apostelen nog onder hen waren geloofden in een nabije wederkomst van Jezus. Maar ook daarna vinden we deze verwachting! Het premillennialisme is een visie die gelooft dat Jezus fysiek aanwezig zal zijn bij zijn wederkomst, voordat het duizendjarig vrederijk aanbreekt. Het premillennialisme is grotendeels gebaseerd op een letterlijke uitleg van Openbaring 20:1-6. Deze profetie beschrijft Jezus wederkomst na een periode van geloofsvervolging. Satan is voor duizend jaar geketend in de diepte. Na afloop van de dui-zend jaar zal Satan nog voor korte tijd worden losgelaten. Deze periode zou voorafgaan aan het uiteindelijke laat-ste oordeel en de opstanding der gelovigen.

De eerste kerkvaders geloofden ook in een letterlijke uitleg van Openbaring 20:1-6. Justinus de Martelaar (100 / 114-165) en Ireneüs (140-202) kwamen bekend te staan als de felste uitdragers van dit idee. Met de komst van Constantijn (312) en de daarmee gepaard gaande vervangingstheologie (de kerk heeft de plaats van Israël inge-nomen) en later de geschriften van Augustinus verdween die verwachting totaal.

.

 

 

 

De tekenen der tijden

 

 

1. Israël

 

De Heer Jezus verweet de Farizeeën en de Sadduceeën dat ze het aanzien van de lucht wel wisten te onderschei-den, maar de tekenen der tijden niet (Mat.16:3). Het enige profetische boek van het Nieuwe Testament de Open-baring van Johannes is ons gegeven:

om zijn dienstknechten te tonen hetgeen weldra moet geschieden’ (Openb.1:1).

 

Samen met het Oude Testament en gedeelten uit de brieven en boeken van het Nieuwe Testament wordt het ons gegund een blik in de toekomst te kunnen werpen. Eén van die tekenen der tijden is de gedeeltelijke terugkeer van joden naar hun land van herkomst Israël dat in 1948 is ontstaan. Maar niet alleen Israël ook de landen rond-om Israël zijn de vorige eeuw weer ontwaakt en onafhankelijke staten geworden na jarenlange overheersing door het Ottomaanse rijk. Met het oog op die toekomstige gebeurtenissen ‘sprak Hij (Jezus) een gelijkenis tot hen:

Let op de vijgenboom en op al de bomen. Zodra zij uitlopen, weet gij uit uzelf, omdat gij het ziet, dat de zomer reeds nabij is. Zo moet ook gij, wanneer gij dit ziet geschieden, weten, dat het Koninkrijk Gods nabij is. Voorwaar, Ik zeg u, dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, voordat alles geschiedt. De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan’ (Luk.21:29-33).

 

Om Israël kan geen christen heen en wie zijn Bijbel een klein beetje kent weet dat deze terugkeer en ontstaan niet zonder profetische betekenis is. Het ontstaan van de staat Israël in 1948 heeft veel christenen aan het denken gezet en de eschatologie – de Bijbelse theologische leer aangaande de laatste dingen – heeft daardoor weer een plaats gekregen in de dogmatiek. De verovering van oud-Jeruzalem in 1967 gaf het nog een extra impuls.

 

 

 

2. Messias belijdende joden

 

Het ontstaan van de Messias belijdende gelovigen viel samen met de hierboven vermelde  gebeurtenissen. Voor de jaren tachtig van de vorige eeuw waren er nauwelijks Messias belijdende joden in Israël, vandaag wordt hun aantal boven de tienduizend geschat. Dit is nooit eerder voorgekomen in Israëls geschiedenis sinds haar ontstaan in 1948. De verovering van Jeruzalem in 1967 heeft daar zeker toe bijgedragen. Ook elders in de wereld zijn er ve-le Messias belijdende gemeenten ontstaan. De Bijbel leert dat er in de eindtijd een rest (overblijfsel) in het land aanwezig zal zijn om de Messias te verwelkomen bij zijn komst en wellicht mogen we in de Messias belijdende gelovigen daarvan een voorbode zien.

Na de opname van de Gemeente zal Israël weer als getuigenis van God dienen in deze wereld. Daarvoor is het nodig dat het volk Israël voorbereid wordt op de komst van de Messias; bekering en berouw zal nodig zijn. Wat we nu zien is een volk dat weer woont in het land van hun vaderen maar nog in ongeloof.

‘Ik nu profeteerde zoals mij bevolen was, en zodra ik profeteerde, ontstond er een geruis, en zie, een beweging, en de beenderen voegden zich aaneen zoals zij bij elkander behoorden; ik zag toe, en zie, er kwamen spieren op, en vlees, en er trok een huid overheen; maar geest was er nog niet in hen.’ (Ez.37:7-8).

 

 

46946201309191543pal

 

 

 

3. Ontstaan hersteld Romeinse rijk

 

In het boek Daniël vinden we de bekende beschrijving van de vier wereldrijken die in Gods bestuur met deze wereld de plaats van Israël hebben ingenomen:

‘totdat de tijden der volkeren zouden zijn vervuld’ (Luk.21:24).

 

Ná het vierde (Romeinse) rijk zou het rijk van de Messias komen. Uit de geschiedenis weten we dat met de ver-werping van de Messias dit rijk er (nog) niet gekomen is. Voor de komst van het Messiaanse rijk dient er weer een Romeins te zijn. Na de tweede wereldoorlog hebben we dit rijk dan ook gestalte zien krijgen in wat nu de Euro-pese Unie genoemd wordt.

De profetie van Daniël daaromtrent is dan ook veelzeggend:

‘En dat gij de voeten en de tenen gezien hebt deels van pottenbakkersleem en deels van ijzer, betekent, dat dit een verdeeld koninkrijk wezen zal: wel zal het iets van de hardheid van het ijzer aan zich hebben, juist zoals gij gezien hebt ijzer gemengd met kleiachtig leem, en de tenen der voeten deels van ijzer en deels van leem; ten dele zal dat koninkrijk hard zijn, en ten dele zal het broos zijn. Dat gij gezien hebt ijzer vermengd met kleiachtig leem, betekent: zij zullen zich door huwelijksgemeenschap vermengen, maar met elkander geen samenhangend geheel vormen, zoals ijzer zich niet vermengt met leem’ (Dan.2:41-44).

 

 

De huidige Europese Unie is werkelijk ontstaan door een vrijwillig samengaan – door huwelijksgemeenschap zegt Daniël – van vele landen maar ze vormen geen hechte eenheid, of met de woorden van Daniël: ‘geen samen-hangend geheel’. In het verleden zijn meerdere pogingen ondernomen om door geweld tot een verenigd Europa te komen. In 800 door Karel de Grote, in de negentiende eeuw door Napoleon en in de twintigste eeuw door Hit-ler maar geen van de drie is er in geslaagd. Vandaar dat de huidige Europese Unie een teken is dat we leven in de tijd die voorafgaat aan de komst van de Messias :

‘Maar in de dagen van die koningen zal de God des hemels een koninkrijk oprichten, dat in eeuwigheid niet zal te gronde gaan, en waarvan de heerschappij op geen ander volk meer zal overgaan: het zal al die koninkrijken verbrijzelen en daaraan een einde maken, maar zelf zal het bestaan in eeuwigheid, juist zoals gij gezien hebt, dat zonder toedoen van mensenhanden een steen van de berg losraakte en het ijzer, het koper, het leem, het zilver en het goud verbrijzelde. De grote God heeft de koning bekendgemaakt wat na dezen zal geschieden; de droom is waarachtig en zijn uitlegging betrouwbaar’ (Dan.2:44-45).

 

 

 

2993f8b7bf0ba9bd7256b7c957dfca4c

 

 

 

Ten slotte

 

We mogen er zeker van zijn dat wij leven in de laatste dagen, de tijd die voorafgaat aan de kost van de Heer Jezus voor de Gemeente en vervolgens voor Israël en de volken.

‘Nadat God eertijds vele malen en op vele wijzen tot de vaderen gesproken had in de profeten, heeft Hij nu in het laatst der dagen tot ons gesproken in de Zoon’ (Hebr.1:1-2).

 

Die verwachting betekent niet dat we maar rustig moeten afwachten, maar dat we actief bezig dienen te zijn met de verkondiging van het evangelie van de genade Gods. We dienen te zijn als waakzame slaven die hun lendenen omgord hebben en hun lampen brandende (Luk.12:35). Ook mogen we niet vervallen in speculaties over dag en uur.

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA