Tagarchief: christendom

De twaalf apostelen.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De twaalf Apostelen

.

Het is een welsprekende getuigenis van de bekoring en de rechtschapenheid van het aardse leven van Jezus dat, hoewel hij de verwachtingen van zijn apostelen herhaaldelijk de bodem insloeg en niets heel liet van enig eerzuchtig streven naar persoonlijke verheffing, slechts één hem heeft verlaten. De apostelen leerden van Jezus over het koninkrijk des hemels. Deze twaalf mannen vertegenwoordigden vele verschillende typen menselijk temperament, en zij waren niet eender geworden door hun scholing.

Men mag zich niet vergissen door de apostelen als volkomen onwetend en onontwikkeld te beschouwen. Met uitzondering van de tweelingbroers Alfeüs ( Jacobus  en Judas, zonen van Alfeüs ) hadden zij allen de synagoge scholen doorlopen, waar zij grondig waren opgeleid in de Hebreeuwse geschriften en in veel van de gangbare kennis van die tijd.

Zeven van hen hadden de synagoge scholen in Kafarnaüm afgelopen, en betere Joodse scholen waren er in heel Galilea niet. Als in uw geschriften over deze boodschappers van het koninkrijk gesproken wordt als ‘onwetenden en onder ontwikkelden,’ was dit om het idee over te brengen dat ze leken waren, niet onderricht in de traditionele kennis van de rabbijnen en niet opgeleid in de methoden van de rabbijnse interpretatie van de Schrift.

Het ontbrak hun aan zogenaamd hoger onderwijs. In de moderne tijd zouden ze zeker als onontwikkeld worden beschouwd, en in bepaalde kringen van de samenleving zelfs als onbeschaafd.

 

.

 

De namen en bijnamen van de apostelen,

hieronder in alfabetische volgorde genoemd,

hebben de volgende betekenissen.

 

.

  • 1: Andreas = mannelijk, dapper: broer van Simon Petrus
  • 2: Bartholomeüs = zoon van Tolmai : wordt ook Nathanaël genoemd
  • Didymus = tweeling
  • 3: Filippus = liefhebber van paarden
  •  Iskariot = man van de stad Kerioth.
  • Jacobus – 4: zoon van Zebedeüs en broer van Johannes                                                                                 Jacobus – 5: zoon van Alfeüs,tweelingbroer van Judas; wordt                                                                                             ook Lebbeüs of Thaddeüs genoemd
  • Jacobus= hij die de hielen vasthoudt
  • 6: Johannes = Jahweh is genadig: broer van Jacobus
  • Judas – 7 : zoon van Alfeüs, tweelingbroer van Jacobus                                                                               Judas – 8 : Judas Iskariot
  • Judas = Godlof, hij zal geprezen worden
  • Kananiet = ijveraar
  • Lebbeüs = een man met hart
  • Levi = verbonden, ‘gehecht ben ik’ (Gen. 29:34)
  • 9: Mattheüs = gave van Jahweh: ook Levi genoemd
  • Nathanaël = door God gegeven, gave van God
  • 10:Simon Petrus = rotsblok: broer van Andreas
  • 11: Simon de Zeloot
  • 12: Thomas de twijfelaar
  • Simon = gehoord
  • Thaddeüs = ruimhartig, moedig
  • Thomas = tweeling
  • Zeloot = ijveraar

 

nota :

1:) De evangelist Lucas was  een Syriër uit Antiochië en was van beroep arts. Hij werd leerling van de apostelen en later volgde hij Paulus in het martelaarschap. Na de Heer voortdurend, ongehuwd en kinderloos, te hebben gediend, stierf hij, vervuld van de Heilige Geest op 84-jarige leeftijd.

2:) Marcus de evangelist is volgens de traditie de auteur van het evangelie van Marcus. Hij is ook de stichter van de Kerk van Alexandrië, één van de vier oorspronkelijke zetels in het christendom. Hij was oorspronkelijk geen apostel.

 

 

.

1. Andreas, de eerst gekozene

.

Andreas, het hoofd van het korps der apostelen van het koninkrijk, was in Kafarnaüm geboren. Hij was de oudste uit een gezin met vijf kinderen – hijzelf, zijn broer Simon en drie zusters. Toen hij apostel werd, was Andreas ongetrouwd, maar hij woonde bij zijn getrouwde broer Simon Petrus. Beiden waren vissers en compagnons van Jakobus en Johannes, de zonen van Zebedeüs.

Toen hij in het jaar 26 als apostel werd gekozen, was Andreas drie en dertig jaar en de oudste der apostelen. Hij was de begaafdste van de twaalf. In bijna alle denkbare bekwaamheden kon hij het opnemen tegen zijn mede-apostelen, behalve op het punt van welsprekendheid.

Jezus heeft Andreas nooit een bijnaam gegeven die ze onder elkaar gebruikten. Maar zoals de apostelen Jezus al spoedig Meester gingen noemen, gaven ze Andreas een naam die overeenkwam met Baas. Andreas was een goed organisator, maar een nog beter bestuurder. Hij was een van de vier apostelen die tot de kring van vertrouwelingen behoorden.

Tot het laatst toe bleef Andreas de deken van het korps der apostelen. Andreas was nooit een indrukwekkend prediker was, maar hij bracht als de eerst gekozen apostel onmiddellijk zijn broer Simon bij Jezus, die later één van de grootste predikers van het koninkrijk werd.

Of Jezus nu persoonlijk onderricht gaf aan de apostelen of dat hij predikte tot de menigte, Andreas was gewoonlijk goed op de hoogte van wat er zich om hem heen afspeelde.Hij besliste prompt in alle zaken die hem voorgelegd werden, tenzij hij vond dat het probleem zijn bevoegdheid te boven ging, in welk geval hij het rechtstreeks aan Jezus voorlegde.

Andreas en Petrus waren zeer verschillend van karakter en temperament, maar tot hun blijvende eer dient gezegd te worden dat ze het voortreffelijk samen konden vinden. Andreas was nooit jaloers op de welsprekendheid van Petrus. Zelden ziet men een oudere man van Andreas’ type zulk een diepgaande invloed uitoefenen op een jongere, getalenteerde broer.

Andreas en Petrus gaven nooit het minste blijk van jaloezie op elkaars gaven of prestaties. Andreas en Petrus vormden de uitzondering op de regel, en bewezen dat zelfs broers in vrede kunnen samenleven en effectief kunnen samenwerken.

Na Pinksteren was Petrus een beroemdheid, maar de oudere Andreas ergerde zich er nooit aan dat hij gedurende zijn gehele verdere leven aan anderen werd voorgesteld als ‘de broer van Simon Petrus.’ Van alle apostelen had Andreas de beste kijk op mensen. Hij wist dat er problemen broeiden in het hart van Judas Iskariot, ook toen geen van de anderen nog vermoedde dat er iets mis was met hun penningmeester.

De grote dienst die Andreas aan het koninkrijk bewees, was dat hij Petrus, Jakobus en Johannes van advies diende bij het uitkiezen van de eerste zendelingen die uitgezonden werden om het evangelie te verkondigen,

Al heel spoedig na de hemelvaart van Jezus begon Andreas een persoonlijk verslag te schrijven van veel van de uitspraken en handelingen van zijn vertrokken Meester. Na de dood van Andreas werden er meerdere afschriften van dit persoonlijke verslag gemaakt en deze circuleerden vrijelijk onder de eerste leraren van de christelijke kerk.

Andreas was een man met een helder inzicht, een logisch denker, die vastberaden was in zijn beslissingen en wiens grote sterkte van karakter bestond in zijn buitengewone stabiliteit. De handicap van zijn temperament was zijn gebrek aan enthousiasme.

Alle apostelen hielden van Jezus, maar het blijft een feit dat elk van de twaalf zich tot hem aangetrokken voelden vanwege een bepaalde trek van zijn persoonlijkheid die die betrokken apostel in het bijzonder aansprak. Andreas bewonderde Jezus omdat hij altijd oprecht was, om zijn ongekunstelde waardigheid.

Toen de apostelen uiteindelijk uit Jeruzalem verdreven en verstrooid werden door de latere vervolgingen, reisde Andreas door Armenië, Klein-Azië en Macedonië, en werd, nadat hij vele duizenden het koninkrijk had binnengeleid, ten slotte gevangen genomen en gekruisigd in Patrai in Achaea.

Twee volle dagen duurde het voordat deze stoere man aan het kruis de geest gaf en al deze tragische uren bleef hij op indrukwekkende wijze de blijde boodschap van het heil van het koninkrijk des hemels verkondigen.

.

 

Andreas

Andreas

 

.

 

2. Simon Petrus

.

Toen Simon Petrus zich bij de apostelen aansloot, was hij dertig jaar. Hij was getrouwd, had drie kinderen, en woonde in Betsaïda, dicht bij Kafarnaüm. Zijn broer Andreas en zijn schoonmoeder woonden bij hem in. Petrus en Andreas waren beiden vissers en compagnons van de zonen van Zebedeüs.

De Meester kende Simon al enige tijd voordat Andreas hem als de tweede apostel voorstelde. Toen Jezus Simon de naam Petrus gaf, glimlachte hij daarbij: hij was een beetje als bijnaam bedoeld. Simon stond bij al zijn vrienden immers bekend als een veranderlijk en impulsief mens.

Simon Petrus was een impulsief man, een optimist. Hij raakte voortdurend in moeilijkheden omdat hij steeds sprak zonder eerst na te denken. Dit soort onbezonnen optreden bracht ook al zijn vrienden en metgezellen telkens weer in moeilijkheden, en maakte ook dat de Meester hem vele malen mild berispte.

Petrus sprak zeer gemakkelijk, welsprekend en indrukwekkend. Hij was van nature ook een inspirerend leider van mensen, iemand die snel, doch niet diep kon denken. Hij stelde vele vragen, meer dan alle apostelen samen, en hoewel deze vragen merendeels goed en ter zake waren, waren vele andere ondoordacht en dwaas. Petrus’ denken ging niet erg diep, maar hij wist tamelijk goed wat er in hemzelf omging.

De eigenschap die Petrus het meest in Jezus bewonderde, was zijn verheven mildheid. Petrus kreeg er nooit genoeg van om na te denken over de verdraagzaamheid van Jezus. Nimmer vergat hij de les over het vergeven van degene die tegen u zondigt, niet slechts zeven keer, maar zevenenzeventig keer.

Het was bedroevend dat Simon Petrus zo wisselvallig was: hij kon plotseling van het ene uiterste in het andere vervallen. Eerst weigerde hij om Jezus zijn voeten te laten wassen en toen hij het antwoord van de Meester gehoord had, smeekte hij om helemaal gewassen te worden.

Maar alles bij elkaar genomen, wist Jezus dat de fouten van Petrus slechts met zijn hoofd te maken hadden, niet met zijn hart. Petrus hield werkelijk en waarlijk van Jezus. En toch, ondanks deze enorm sterke toewijding, was hij zo onstandvastig en veranderlijk, dat hij door de plagerijen van een dienstmeisje zijn Heer en Meester verloochende.

Hij was de eerste van de apostelen die van ganser harte beleed dat Jezus een menselijke en een goddelijke natuur in zich verenigde, en de eerste – op Judas na – die hem verloochende. Petrus was niet zozeer een dromer, maar het kostte hem moeite af te dalen uit de wolken van zijn vervoering en enthousiasme.

In het volgen van Jezus, zowel letterlijk als figuurlijk, liep hij òf aan het hoofd van de stoet òf hij sleepte zich achteraan voort. Hij deed meer voor de vestiging van het koninkrijk en het uitzenden van de boodschappers van het koninkrijk naar de einden der aarde dan enig ander mens in het tijdsbestek van één generatie.

Na zijn onbezonnen verloocheningen van de Meester hervond hij zichzelf en was de eerste om weer terug te keren naar de visnetten, terwijl de apostelen nog talmden en trachtten te bedenken wat er na de kruisiging diende te gebeuren.

Toen hij er geheel van verzekerd was dat Jezus hem had vergeven brandde het vuur van het koninkrijk met zo’n gloed in zijn ziel, dat hij een groot, reddend lichtbaken werd voor duizenden die in duisternis wandelden.

Nadat Petrus Jeruzalem had verlaten maakte hij vele, verre reizen, waarbij hij alle kerken bezocht, van Babylon tot Korinte toe. Hij bezocht en diende zelfs vele kerken die door Paulus waren gesticht. Hoewel Petrus en Paulus veel verschilden in temperament en opleiding, en zelfs in hun theologische opvattingen, werkten zij in latere jaren harmonisch samen ten behoeve van de opbouw van de kerken.

Petrus volhardde echter in de fout dat hij trachtte de Joden ervan te overtuigen dat Jezus per slot van rekening toch de werkelijke, ware Joodse Messias was.

De echtgenote van Petrus was een zeer bekwame vrouw. Toen Petrus uit Jeruzalem werd verdreven, vergezelde zij hem op al zijn reizen naar de kerken, alsmede op al zijn zendingstochten. En op de dag dat haar vermaarde echtgenoot stierf, werd zij in de arena van Rome voor de wilde dieren geworpen.

Zo trok deze man, Petrus, er vanuit Jeruzalem op uit om met kracht en glorie de blijde boodschap van het koninkrijk te verkondigen, totdat zijn dienst was volbracht; en hij achtte zich hogelijk geëerd toen zijn overweldigers hem mededeelden dat hij moest sterven zoals zijn Meester was gestorven – aan het kruis. En aldus werd Simon Petrus in Rome gekruisigd.

.

 

Simon Petrus

Simon Petrus

.

.

 

3. Jakobus Zebedeüs

.

Jakobus, de oudste van de twee apostel-zonen van Zebedeüs, aan wie Jezus de bijnaam ‘zonen des donders’ gaf, was dertig jaar toen hij apostel werd. Hij was getrouwd, had vier kinderen en woonde dichtbij zijn ouders in Betsaïda, aan de rand van Kafarnaüm. Hij was visser en oefende samen met zijn jongere broer Johannes dit beroep uit .

Deze bekwame apostel had een tegenstrijdig temperament. Hij kon opvliegend zijn wanneer daarvoor een goede aanleiding was, en wanneer de storm voorbij was, rechtvaardigde en verontschuldigde hij zijn boosheid steeds door voor te wenden dat zij niet meer dan een manifestatie van gerechtvaardigde verontwaardiging was geweest.

Afgezien van deze periodieke uitbarstingen van woede, kwam de persoonlijkheid van Jakobus veel overeen met die van Andreas. Hij bezat niet de tact van Andreas, maar hij was een veel beter redenaar. Na Petrus was Jakobus de beste spreker van de twaalf.

Hoewel Jakobus zeker niet humeurig was, kon hij de ene dag stil en zwijgzaam zijn en de volgende dag een vlot prater en verteller. Met Jezus sprak hij gewoonlijk vrijuit, maar te midden van de twaalf was hij soms dagenlang zwijgzaam.

Van alle twaalf had hij het meeste begrip van de werkelijke draagwijdte en betekenis van Jezus’ onderricht. In het eerst duurde het ook bij hem lang eer hij de bedoeling van de Meester begreep, doch voordat hun opleiding was voltooid, had hij zich een uitstekend begrip van de boodschap van Jezus verworven.

Ofschoon Jakobus en Johannes ook hun moeilijkheden hadden wanneer zij trachtten samen te werken, was het inspirerend te zien hoe goed zij met elkaar overweg konden. Maar hoe vreemd het ook moge lijken, deze twee zonen van Zebedeüs waren veel verdraagzamer jegens elkander dan jegens vreemden.

Het waren deze ‘zonen des donders’, die vuur uit de hemel wilden laten neerdalen om de Samaritanen te vernietigen die de euvele moed hadden geen respect voor hun Meester te tonen. Doch de vroegtijdige dood van Jakobus veranderde het opvliegende temperament van zijn jongere broer Johannes in sterke mate.

De kenmerkende eigenschap die Jakobus het meest in Jezus bewonderde, was de meevoelende genegenheid van de Meester. De belangstelling en het begrip van Jezus voor klein en groot, voor rijk en arm, oefenden een sterke aantrekkingskracht op hem uit.

Jakobus Zebedeüs  behoorde met Andreas tot de nuchtersten van de apostolische groep. Hij was een energiek man, maar nooit gehaast. Hij was een uitstekend tegenwicht voor Petrus.

Hij was bescheiden en niet theatraal, was dagelijks tot dienen bereid, werkte zonder pretenties en streefde geen bijzondere beloning na toen hij eenmaal iets van de werkelijke betekenis van het koninkrijk begreep.

Jacobus en zijn broer Johannes waren zich bewust van de gevaren die met de veronderstelde opstand van de Meester tegen het Romeinse gezag gepaard gingen, en zij waren ook bereid de prijs daarvoor te betalen. Toen Jezus hun vroeg of zij bereid waren de beker te drinken, antwoordden zij bevestigend.

Jakobus was de eerste der apostel die het martelaarschap onderging, en werd al vroeg door Herodes Agrippa met het zwaard ter dood gebracht. Herodes vreesde de vastberadenheid van Jacobus. Aldus werd Jakobus de eerste van de twaalf die zijn leven gaf in de nieuwe frontlinie van het koninkrijk.

Jakobus had een lang en rijk leven, en toen het einde kwam, gedroeg hij zich zo waardig en standvastig, dat zelfs degene die hem had beschuldigd en aangebracht en bij zijn veroordeling en terechtstelling aanwezig was, daar zo door werd getroffen, dat hij heensnelde van de plaats waar Jakobus was gestorven, om zich bij de discipelen van Jezus aan te sluiten.

.

 

Jacobus Zebedeüs

Jacobus Zebedeüs

 

.

 

4. Johannes Zebedeüs

.

Toen hij apostel werd, was Johannes vierentwintig jaar en de jongste van de twaalf. Hij was ongetrouwd en woonde bij zijn ouders in Betsaïda; hij was visser en werkte samen met zijn broer Jakobus.  Zowel voordat hij apostel werd als nadien, trad Johannes op als de persoonlijke zaakwaarnemer van Jezus bij de zorg voor de familie van de Meester, en hij bleef deze verantwoordelijkheid dragen zolang Maria, de moeder van Jezus, leefde.

Aangezien Johannes de jongste van de twaalf was en zo nauw verbonden met Jezus in diens familie-aangelegenheden, was de Meester zeer op hem gesteld, maar wij kunnen niet naar waarheid zeggen dat Johannes ‘de discipel was dien Jezus liefhad.’ Jezus hield van elke apostel evenveel.

Petrus, Jakobus en Johannes waren spoedig nadat zij apostelen waren geworden, aangesteld als persoonlijke adjudanten en helpers van Jezus. Om  te zorgen voor de dagelijkse behoeften van Jezus koos Andreas daarvoor de drie apostelen, die direct na hem tot apostel waren gekozen. Daarom wees hij onmiddellijk Petrus, Jakobus en Johannes aan om voortaan voor Jezus beschikbaar te zijn.

Johannes Zebedeüs had vele beminnelijke karaktertrekken, maar een niet zo beminnelijke trek was zijn goed verborgen gehouden eigendunk. Zijn lange omgang met Jezus bracht vele en grote veranderingen in zijn karakter teweeg. Zijn eigenwaan nam aanzienlijk af, doch toen hij oud en min of meer kinds was geworden, keerde deze zelfachting in zekere mate terug.

Johannes beschouwde zichzelf als de ‘discipel dien Jezus liefhad’, want hij wist heel zeker dat hij de discipel was op wie Jezus zo dikwijls rekende.         Misschien was hij een klein beetje verwend omdat hij de jongste in het gezin van zijn vader en de jongste van de groep der apostelen was.

De kenmerkende eigenschappen van Jezus die Johannes het meest waardeerde, waren de liefde en onzelfzuchtigheid van de Meester; deze eigenschappen maakten zulk een indruk op hem, dat zijn gehele verdere leven werd beheerst door het gevoel van liefde en broederlijke toewijding. Deze ‘zoon des donders’ werd de ‘apostel der liefde’. Zijn bekende woorden waren: ‘Kinderkens, hebt elkander lief.’

Johannes was een man van weinig woorden, behalve wanneer men hem boos maakte. Hij dacht veel na maar zei weinig.  Johannes had nog een andere kant die men niet bij deze stille, introspectieve man zou verwachten aan te treffen. Hij was enigszins dweepziek en buitengewoon onverdraagzaam. Toen Johannes enige vreemdelingen ontmoette die in Jezus’ naam onderrichtten, verbood hij hun dit prompt.

Johannes was moedig, koelbloedig en dapper, zoals weinigen van de andere apostelen. Hij was de apostel die in de nacht van de arrestatie aldoor met Jezus meeging en zijn Meester waagde te vergezellen, zelfs tot in de kaken van de dood. Johannes zat gewoonlijk aan de rechterhand van Jezus wanneer de twaalf samen aten.

Hij was de eerste van de twaalf die werkelijk en ten volle in de opstanding geloofde, en hij was de eerste die de Meester herkende toen deze na de opstanding aan de oever van het meer bij hen kwam. Jaren na de marteldood van Jakobus trouwde Johannes met de weduwe van zijn broer. De laatste twintig jaar van zijn leven werd hij verzorgd door een liefdevolle kleindochter.

Johannes werd meermalen gevangen gezet en werd voor een periode van vier jaar verbannen naar het eiland Patmos, tot er een andere keizer in Rome aan de macht kwam. Tijdens zijn tijdelijke ballingschap op Patmos schreef Johannes het Boek der Openbaring, dat men nu in sterk verkorte en verminkte vorm kent.

Dit Boek der Openbaring bevat de overgebleven fragmenten van een grote openbaring, waarvan grote gedeelten verloren gingen en andere gedeelten werden weggelaten, nadat Johannes haar op schrift had gesteld. Het is slechts in fragmentarische en verminkte vorm bewaard gebleven.

Johannes gaf zijn medewerker Natan in Efeze de opdracht om het zogeheten ‘Evangelie naar Johannes’ te schrijven toen hij negenennegentig jaar oud was. Van alle twaalf apostelen werd Johannes Zebedeüs uiteindelijk de eminente theoloog. Hij stierf een natuurlijke dood in a.d. 103 in Efeze, toen hij honderd en één jaar oud was.

 

.

Johannes Zebedeüs

Johannes Zebedeüs

 

.

 

5. Filippus de weetgierige

.

Filippus was de vijfde die tot apostel gekozen werd, daartoe geroepen toen Jezus en zijn eerste vier apostelen onderweg waren van de verzamelplaats van Johannes bij de Jordaan naar Kana in Galilea. Jezus zei: ‘Volg mij,’ en  Filippus werd zo een apostel.

Filippus was zevenentwintig jaar toen hij zich bij de apostelen aansloot.Kort daarvoor was hij getrouwd, maar kinderen had hij nog niet. De bijnaam die de apostelen hem hadden gegeven betekende ‘weetgierigheid’. Hij was niet zozeer onintelligent, maar het ontbrak hem aan verbeeldingskracht. Dit gebrek aan verbeeldingskracht was de grote zwakheid in zijn karakter.

Toen de apostelen zich organiseerden en ieder een speciale taak kreeg toegewezen, werd Filippus tot hofmeester aangesteld. Het was zijn taak te zorgen dat zij altijd voldoende proviand hadden.

De verwanten van Filippus waren vissers. Filippus was niet een man van wie men grote dingen kon verwachten, maar hij was iemand die gewone dingen op grootse wijze kon doen, goed en op bevredigende wijze. Slechts enkele malen in die vier jaar slaagde hij er niet in voldoende voedsel voorhanden te hebben om in aller behoeften te voorzien.

De sterke kant van Filippus was zijn methodische betrouwbaarheid; de zwakke kant van zijn natuur was zijn volslagen gebrek aan verbeeldingskracht. Er waren zeer velen van zulke mannen en vrouwen onder de menigten, die naar het onderricht en de prediking van Jezus kwamen luisteren, en zij werden zeer bemoedigd als zij zagen dat iemand zoals zijzelf tot zulk een eervolle positie onder de raadslieden van de Meester was verheven.

De eigenschap van Jezus die Filippus speciaal en voortdurend bewonderde, was zijn onuitputtelijke generositeit. Nooit vond Filippus iets in Jezus dat benepen, vrekkig of inhalig was, en hij had een diepe verering voor deze steeds aanwezige en onuitputtelijke vrijgevig heid.

De persoonlijkheid van Filippus was weinig indrukwekkend. Vaak aarzelde hij niet om de Meester midden in een van zijn meest diepgaande verhandelingen te onderbreken, om een ogenschijnlijk dwaze vraag te stellen. Jezus berispte hem echter nooit voor zo’n onbedachtzaamheid; hij had geduld met hem Boven alles stelde Jezus belang in mensen, mensen van allerlei aard.

Filippus kwam door de moeilijke tijd van de dood van de Meester heen, nam deel aan de reorganisatie van de twaalf, en was de eerste die uittrok om buiten de onmiddellijk Joodse gelederen zielen te winnen voor het koninkrijk, waarbij hij zeer veel resultaat had in zijn werk voor de Samaritanen en ook in al zijn latere arbeid ten behoeve van het evangelie.

De vrouw van Filippus raakte actief betrokken in het evangelisatiewerk van haar echtgenoot nadat zij uit Jeruzalem waren gevlucht vanwege de vervolgingen. Zijn vrouw kende geen vrees. Zij stond aan de voet van het kruis van Filippus om hem aan te moedigen de blijde boodschap zelfs aan zijn moordenaars te verkondigen.

Toen zijn krachten het begaven, begon zij te verhalen van de verlossing door het geloof in Jezus, en werd pas tot zwijgen gebracht toen de woedende Joden op haar aanstormden en haar stenigden. Hun oudste dochter, Leah, zette hun arbeid voort en werd later de vermaarde profetes van Hiërapolis.

.

 

Filippus

Filippus

 

.

 

6. De eerlijke Natanael ( Bartholomeüs )

.

Natanael, de zesde en laatste van de apostelen die door de Meester zelf waren uitgekozen, werd door zijn vriend Filippus naar Jezus gebracht.

Toen Natanael zich bij de apostelen aansloot, was hij vijfentwintig jaar en op één na de jongste van de groep. Hij was de jongste uit een gezin van zeven, ongetrouwd, en de enige kostwinner voor zijn bejaarde, zwakke ouders, bij wie hij woonde te Kana. Van de twaalf hadden Natanael en Judas Iskariot de beste opleiding genoten.

Jezus zelf gaf Natanael geen bijnaam, doch de twaalf duidden hem al spoedig aan met termen die eerlijkheid en oprechtheid aangaven. Hij kende ‘geen bedrog’. De zwakte van zijn karakter school in zijn trots: hij was zeer trots op zijn familie, zijn stad, zijn reputatie en zijn volk, hetgeen allemaal prijzenswaardig is als het niet te ver gaat.

Natanael evenwel had de neiging om in zijn persoonlijke vooroordelen in uitersten te vervallen. Hij was geneigd zich een voorbarig oordeel te vormen over de mensen, gebaseerd op zijn eigen persoonlijke opinies. Hij veranderde snel van mening toen hij eenmaal Jezus in de ogen had gezien.

In veel opzichten was Natanael het excentrieke talent van de twaalf. Hij was de filosoof en dromer onder de apostelen. Jezus genoot er zeer van Natanael te horen praten zowel over ernstige zaken als over meer luchtige aangelegenheden. Natanael nam Jezus en het koninkrijk steeds ernstiger, maar zichzelf nam hij nooit serieus.

De apostelen hielden allen van Natanael en hadden respect voor hem, en hij kon uitstekend met hen overweg, behalve met Judas Iskariot. Judas vond dat Natanael zijn apostelschap niet serieus genoeg nam. Jezus wist dat en zei tegen Judas: ‘Judas, bedenk wat je doet; overschat je ambt niet. Wie van ons is competent een oordeel te vellen over zijn broeder? Het is niet de wil van de Vader dat zijn kinderen zich alleen maar met de ernst des levens bezig houden.’

Het was Natanaels taak om voor de gezinnen van de twaalf te zorgen. Het was voor de twaalf een hele geruststelling te weten dat het welzijn van hun gezinnen bij Natanael in veilige handen was. Natanael vereerde Jezus het meest om zijn verdraagzaamheid. Hij werd nooit moede de ruimheid van opvatting en het grootmoedig medegevoel van de Zoon des Mensen te overdenken.

De apostel ging naar Mesopotamië en India, waar hij de blijde boodschap van het koninkrijk verkondigde en gelovigen doopte. Zijn broeders hebben nooit te horen gekregen wat er van hun voormalige filosoof, dichter en humorist is geworden.  Natanael stierf in India.

.

 

Bartholomeüs

Bartholomeüs

 

.

 

7. Matteüs Levi

.

Matteüs, de zevende apostel, was door Andreas gekozen. Matteüs kwam uit een familie van belastingontvangers, of tollenaars, maar zelf was hij ontvanger bij de douane in Kafarnaüm, waar hij ook woonde. Hij was eenendertig jaar, getrouwd, en had vier kinderen. Hij was de enige van het korps der apostelen die enigszins bemiddeld was.

Andreas stelde Matteüs aan als de financiële vertegenwoordiger van de apostelen. Hij was een goed mensenkenner en een zeer doeltreffend propagandist. Men kan zich moeilijk een beeld vormen van zijn persoonlijkheid, doch hij was een zeer ernstig discipel.  Jezus gaf Levi nooit een bijnaam, maar zijn mede-apostelen spraken gewoonlijk over hem als ‘degene die het geld binnen kreeg.’

Levi’s sterkste punt was dat hij de beweging met geheel zijn hart was toegewijd. Dat hij, een tollenaar, door Jezus en zijn apostelen in hun midden was opgenomen, stemde de voormalige belastingontvanger geweldig dankbaar. De zwakheid van Matteüs was zijn kortzichtige en materialistische kijk op het leven. Doch naarmate de maanden verstreken, boekte hij in al deze zaken grote vooruitgang.

Het was de vergevensgezindheid van de Meester die Matteüs het meest waardeerde. Steeds opnieuw vertelde hij dat geloof het enig noodzakelijke was in de zaak van het vinden van God. Hij sprak bij voorkeur over het koninkrijk als ‘deze zaak van het vinden van God.’

Hij was een van de apostelen die uitvoerig aantekeningen maakte van de uitspraken van Jezus, en deze aantekeningen vormden de basis voor het verslag dat Isador later maakte van de woorden en handelingen van Jezus, welk verslag bekend is geworden onder de naam van het Evangelie naar Matteüs.

Matteüs was werkelijk een scherpzinnig politicus, doch hij was intens trouw aan Jezus, en ten volle toegewijd aan zijn taak om te zorgen dat de boodschappers van het komende koninkrijk over voldoende financiële middelen konden beschikken.

Matteüs ontving vrijwillige bijdragen van de gelovige discipelen en de rechtstreekse toehoorders bij het onderricht van de Meester, doch hij vroeg nooit openlijk om geld bij de menigten. Hij schonk praktisch heel zijn bescheiden vermogen aan het werk van de Meester en diens apostelen, maar zij hebben nooit iets van deze vrijgevigheid geweten, behalve Jezus die er alles van wist.

Als er wel eens een blijk van minachting voor de tollenaar aan de dag trad, voelde hij een vurig verlangen om zijn vrijgevigheid aan hen te onthullen, doch hij slaagde er altijd in zich stil te houden. Wanneer de geldmiddelen voor de lopende week minder waren dan de geschatte behoefte, sprak Levi dikwijls zijn eigen, persoonlijke middelen fors aan.

Hij besefte niet in het minst dat de Meester dit alles wist. De apostelen stierven allen zonder te weten dat Matteüs in zulk een aanzienlijke mate hun weldoener was geweest, dat hij praktisch geen cent meer bezat toen hij, nadat de vervolgingen waren begonnen, uittrok om het evangelie van het koninkrijk te verkondigen.

Toen deze vervolgingen de gelovigen dwongen Jeruzalem te verlaten, reisde Matteüs naar het noorden, en predikte het evangelie van het koninkrijk en doopte hen die geloofden. Het was  in Tracië, te Lysimachia, dat zekere ongelovige Joden samenspanden met de Romeinse soldaten om hem ter dood te brengen.

.

 

Mattheüs

Mattheüs

 

.

 

8. Tomas , de twijfelaar

.

Tomas was de achtste apostel, gekozen door Filippus. In latere tijden is hij bekend geworden als ‘Tomas de twijfelaar’, maar zijn mede-apostelen beschouwden hem helemaal niet als een chronische twijfelaar.

Toen Tomas zich bij de apostelen aansloot, was hij negenentwintig jaar, getrouwd, en had vier kinderen. Eerst was hij timmerman en metselaar geweest, maar sinds kort was hij visser geworden. Hij had weinig onderwijs genoten, doch hij had een scherp, logisch denkend verstand. Tomas was de enige van de apostelen die echt analytisch kon denken.

Tomas had thuis een niet erg gelukkige jeugd gehad. Bij het opgroeien ontwikkelde zich bij hem een zeer onaangename en twistzieke gezindheid. Tomas had ook een achterdochtige trek, die het zeer moeilijk maakte de vrede met hem te bewaren.

Hij was volkomen oprecht en ontegenzeggelijk waarheidlievend, maar hij was iemand die van nature altijd iets aan te merken had, en toen hij volwassen was, was hij een echte zwartkijker geworden. Zijn analytisch denken ging gebukt onder de vloek van achterdocht.

Door de omgang met de Meester begon de gehele gemoedsgesteldheid van Tomas te transformeren en dat had een grote verandering in zijn mentale reacties op zijn medemensen tot gevolg. In de organisatie van de twaalf was aan Tomas het opzetten en de organisatie van het reisplan toegewezen. Hij kon goed leiding geven en was een uitstekend zakenman, doch hij werd gehinderd doordat hij onderhevig was aan vele stemmingen.

Jezus had veel plezier in Tomas en voerde vele lange, persoonlijke gesprekken met hem. Zijn aanwezigheid onder de apostelen was een grote steun voor vele eerlijke twijfelaars en moedigde vele piekeraars aan om het koninkrijk binnen te gaan. Het feit dat Tomas tot de twaalf behoorde, gaf permanent te kennen dat Jezus zelfs oprechte twijfelaars liefhad.

Tomas vereerde zijn Meester vanwege diens buitengewoon evenwichtig karakter. Tomas ging steeds meer bewondering en verering voelen voor iemand die zo vol liefde en mededogen was en toch zo onbuigzaam rechtvaardig en fair. Van alle twaalf apostelen had hij waarschijnlijk het diepste verstandelijke inzicht in, en waardering voor de persoonlijkheid van Jezus.

In de beraadslagingen van de twaalf was Tomas altijd behoedzaam en bepleitte hij een beleid van veiligheid vóór alles, doch indien zijn voorzichtige houding verworpen of overstemd werd, was hij steeds de eerste om erop uit te gaan om het plan waartoe besloten was uit te voeren. Hij kon goed tegen zijn verlies. Hij wist van geen rancune en koesterde geen gevoelens van gekrenktheid.

Steeds weer verzette hij er zich tegen dat Jezus zich aan gevaar zou blootstellen, maar wanneer de Meester toch besloot zulke risico’s te nemen, was het altijd Tomas die de apostelen op de been bracht met zijn dappere woorden: ‘Kom kameraden, laten we gaan en met hem sterven.’

Tomas kende enkele zeer moeilijke dagen; hij was bij tijden melancholisch en terneergeslagen. Wanneer hij het diepst in de put zat, trachtte hij jammer genoeg steeds het rechtstreeks contact met Jezus te ontlopen. De Meester wist hier echter alles van en had begrip en medegevoel voor zijn apostel wanneer deze zo aan neerslachtigheid leed en door twijfel werd gekweld.

Tomas is het grote voorbeeld van een mens die twijfelt, deze twijfel onder ogen ziet en overwint. Hij had een groot verstand; hij was niet een kleingeestige haarklover. Hij was een logisch denker; hij was als het ware de lakmoesproef voor Jezus en zijn mede-apostelen.

Tomas maakte een tijd van beproeving door in de dagen van het proces en de kruisiging. Een tijdlang was hij diep wanhopig, doch hij vermande zich, bleef bij de apostelen, en was met hen aanwezig om Jezus aan het meer van Galilea te verwelkomen.

Na Pinksteren gaf hij wijze raad aan de apostelen en toen de vervolgingen de gelovigen verstrooiden, ging hij naar Cyprus, Kreta, de kust van Noord-Afrika, en Sicilië, waar hij de blijde boodschap van het koninkrijk predikte en hen die geloofden doopte.

Tomas ging voort met prediken en dopen tot hij door de agenten van het Romeinse bestuur gevangen werd genomen en op Malta ter dood werd gebracht. Nog maar enkele weken voor zijn dood was hij begonnen het leven en de leer van Jezus op schrift te stellen.

.

 

Thomas

Thomas

 

.

 

9. en 10. Jakobus en Judas Alfeüs

.

Jakobus en Judas, de zonen van Alfeüs, de tweelingbroers die vissers waren en dicht bij Keresa woonden, waren de negende en tiende apostelen. Zij werden uitgekozen door Jakobus en Johannes Zebedeüs. Ze waren zesentwintig jaar en getrouwd; Jakobus had drie kinderen en Judas twee.

Er valt niet veel over deze twee alledaagse vissers te vertellen. Zij hielden van hun Meester en Jezus hield van hen, maar zij onderbraken zijn verhandelingen nooit met vragen. Zij begrepen maar heel weinig van de filosofische discussies of de theologische debatten van hun mede-apostelen, doch zij verheugden er zich in dat zij bij deze groep machtige lieden behoorden.

Andreas gaf hun de taak om toezicht op de menigten te houden en de orde te handhaven. Tijdens de uren van prediking waren zij de voornaamste plaatsaanwijzers, en in feite deden zij in het algemeen alle dingen die voor de twaalf gedaan moesten worden en waren zij hun loopjongens.

De menigten van het gewone volk voelden zich zeer bemoedigd door het feit dat twee mannen zoals zijzelf de eer genoten een plaats te hebben onder de apostelen. Door het feit dat deze middelmatige tweelingbroers als apostelen waren aangenomen, waren zij het middel waardoor een schare van beschroomde gelovigen het koninkrijk binnenging.

Jakobus en Judas, die ook Taddeüs en Lebbeüs genoemd werden waren ‘de minsten van alle apostelen’; zij wisten dit en voelden zich er wel bij.

Jakobus Alfeüs hield speciaal van Jezus om de eenvoud van de Meester. Deze tweelingbroers konden het denken van de Meester niet begrijpen, maar zij voelden de warme band tussen henzelf en het hart van hun Meester.

Zij geloofden in Jezus. De tweelingbroers waren goedhartige, eenvoudige helpers, en iedereen hield van hen. Jezus heette deze jonge mannen met slechts één talent welkom en gaf hun ereposities in zijn persoonlijke staf in het koninkrijk, omdat er talloze miljoenen van zulke eenvoudige zielen op de wereld zijn, die hij evenzo wil verwelkomen in de actieve geloofsgemeenschap. Jezus ziet niet neer op het kleine, alleen maar op het kwaad en de zonde.

De tweelingbroers dienden getrouw tot aan het einde toe, tot aan de donkere dagen van het proces, de kruisiging, en de wanhoop. In hun hart verloren zij nooit het geloof in Jezus, en zij waren (op Johannes na) de eersten die in zijn wederopstanding geloofden. Zij konden echter de vestiging van het koninkrijk niet begrijpen. Kort nadat hun Meester was gekruisigd, keerden zij terug naar hun gezinnen en visnetten: hun werk was afgelopen.

.

 

Jacobus Alpheüs

Jacobus Alpheüs

 

.

 

Judas Alpheüs

Judas Alpheüs

 

.

 

11. Simon de Zeloot

.

Simon Zelotes, de elfde apostel, was door Simon Petrus uitgekozen. Hij was een bekwaam man van goede afkomst en woonde bij zijn familie in Kafarnaüm. Hij was achtentwintig jaar toen hij zich bij de apostelen aansloot. Hij was een vurig agitator en ook een man die veel sprak zonder erbij na te denken.

Simon Zelotes werd belast met de afleiding en ontspanning van de groep der apostelen, en hij was een zeer doeltreffend organisator van spelen en ontspanningsactiviteiten voor de twaalf.

Simons sterke zijde was zijn inspirerende trouw. Wanneer de apostelen een man of vrouw tegenkwamen die onzeker was en aarzelde het koninkrijk binnen te gaan, riepen zij gewoonlijk Simon erbij.

Simons grote zwakte was zijn materiële gezindheid. Van een Joodse nationalist kon hij niet snel veranderen in een geestelijk gezinde internationalist. Vier jaar was een te korte periode om een zulk een intellectuele en emotionele transformatie te bewerkstelligen, maar Jezus had altijd geduld met hem.

Wat Simon vooral zo in Jezus bewonderde was de kalmte van de Meester, zijn zekerheid, zijn rustige evenwichtigheid, en zijn onbegrijpelijke zelfbeheersing.

Ofschoon Simon een fanatiek revolutionair was, een onbevreesde stokebrand en agitator, beteugelde hij geleidelijk zijn vurige aard, totdat hij een krachtig en doeltreffend prediker werd van ‘Vrede op aarde en welgezindheid onder de mensen.’ Simon hield werkelijk van debatteren.

En wanneer het legalistische soort denken van de ontwikkelde Joden of de intellectuele spitsvondigheden van de Grieken aangepakt moesten worden, werd deze taak steeds aan Simon toegewezen.

Hij was rebels van nature,  maar Jezus won hem voor de hogere begrippen van het koninkrijk des hemels. Hij had zich altijd vereenzelvigd met de partij van het protest, maar nu sloot hij zich aan bij de partij van de vooruitgang, onbeperkte, eeuwige vooruitgang van geest en waarheid.

Simon was een man met sterke loyaliteiten en warme, persoonlijke gevoelens van toewijding, en hij koesterde een diepe genegenheid voor Jezus. De Meester had vele gesprekken met Simon, doch hij slaagde er nooit geheel in van deze vurige Joodse nationalist een internationalist te maken.

Jezus zei dikwijls tegen Simon dat het juist was om de sociale, economische en politieke orde te willen verbeteren, maar hij voegde er steeds aan toe: ‘Dit is niet de zaak van het koninkrijk des hemels. Wij moeten ons wijden aan het doen van de wil van de Vader.’ Dit alles was voor Simon moeilijk te begrijpen, maar geleidelijk begon hij iets te verstaan van de betekenis van het onderricht van de Meester.

Na de verstrooiing vanwege de vervolgingen in Jeruzalem, trok Simon zich tijdelijk terug. Hij was letterlijk verpletterd. Als een nationalistische patriot had hij zich uit respect voor de leer van Jezus overgegeven: nu was alles verloren. Hij was wanhopig, maar na enkele jaren vatte hij de moed weer op en ging uit om het evangelie van het koninkrijk te verkondigen.

Hij ging naar Alexandrië en trok stroomopwaarts langs de Nijl, tot in het hart van Afrika; overal verkondigde hij het evangelie van Jezus en doopte hij de gelovigen. Zo arbeidde hij verder totdat hij oud en zwak was geworden. En hij stierf en werd begraven in het hart van Afrika.

 

.

Simon de Zeloot

Simon de Zeloot

 

.

 

12. Judas Iskariot

.

Judas Iskariot, de twaalfde apostel, was door Natanael uitgekozen. Hij was geboren in Keriot, een klein stadje in het zuiden van Judea. Toen hij nog een jongen was, verhuisden zijn ouders naar Jericho, waar hij bleef wonen en gewerkt had in de verschillende commerciële ondernemingen van zijn vader, totdat hij zich ging interesseren in de prediking en het werk van Johannes de Doper.

Toen Natanael Judas te Tarichea tegenkwam, was hij bezig werk te zoeken bij een visdrogerij aan het uiteinde van het meer van Galilea. Hij was dertig jaar en ongetrouwd toen hij zich bij de apostelen aansloot.

Hij had waarschijnlijk de beste opleiding gehad van alle twaalf, en was de enige man uit Judea in de apostolische familie van de Meester. Judas had geen opmerkelijke karaktertrek van persoonlijke kracht, ofschoon hij naar buiten de indruk wekte beschaafd en goed opgevoed te zijn.

Andreas stelde Judas aan als penningmeester van de twaalf, een post waarvoor hij uitstekend geschikt was en tot de tijd dat hij zijn Meester verried, kweet hij zich eerlijk, trouw en zeer efficiënt van zijn taak.

Er was geen speciale karaktertrek van Jezus die Judas meer bewonderde dan de algeheel aantrekkelijke en bijzonder innemende persoonlijkheid van de Meester. Judas kon de vooroordelen die hij als man uit Judea koesterde jegens zijn metgezellen uit Galilea nooit achter zich laten: in gedachten keurde hij zelfs veel in Jezus af.  Hij was werkelijk van mening dat Jezus beschroomd was en enigszins bang om zijn macht en autoriteit te laten gelden.

Judas was een goed zakenman. Hij was werkelijk een uitmuntend administrateur, een vooruitziend en bekwaam financier. En hij was een vurig voorstander van organisatie. Geen van de twaalf had ooit kritiek op Judas. Voor zover zij konden zien was Judas Iskariot een penningmeester zonder weerga, een ontwikkeld man, een loyale (ofschoon soms kritische) apostel en in alle opzichten een groot succes.

De apostelen hielden van Judas. Hij moet geloofd hebben in Jezus, doch wij betwijfelen of hij de Meester werkelijk met geheel zijn hart liefhad. Geld zou nooit het motief geweest kunnen zijn voor zijn verraad van de Meester.

Judas was de enige zoon van onverstandige ouders. Hij was een verwend kind. Toen hij groter werd, had hij overdreven ideeën van zijn eigen belangrijkheid. Hij kon slecht tegen zijn verlies. Hij had eigenaardige, verwrongen ideeën over wat fair was: hij gaf zich over aan gevoelens van haat en achterdocht.

Hij was zeer bedreven in het verkeerd uitleggen van de woorden en daden van zijn vrienden. Zijn hele leven had Judas de gewoonte gekoesterd om het de mensen betaald te zetten als hij dacht dat ze hem slecht hadden behandeld. Aan zijn gevoel voor waarden en loyaliteit ontbrak het een en ander.

Voor Jezus was Judas een geloofsavontuur. Vanaf het begin begreep de Meester ten volle de zwakheid van deze apostel en besefte hij heel goed de gevaren die de opname van Judas in de gemeenschap met zich meebracht.

Doch het ligt in de natuur van de Zoon van God om ieder geschapen wezen de volle en gelijke kans te geven op behoud en overleving. Er zijn geen beperkingen en geen voorwaarden behalve het geloof van degene die komt.

Dit is nu juist de reden waarom Jezus Judas toestond tot aan het einde toe door te gaan, waarbij hij steeds al het mogelijke deed om deze zwakke, verwarde apostel te transformeren en te redden. Wanneer het licht echter niet in oprechtheid wordt ontvangen en er niet naar geleefd wordt, heeft het de neiging tot zielen duisternis te worden.

Judas slaagde er niet in voldoende persoonlijke vooruitgang te boeken in geestelijke ervaring. Judas ging steeds meer piekeren over zijn persoonlijke teleurstellingen en ten slotte viel hij ten prooi aan wrok. Zijn gevoelens waren dikwijls gekwetst en hij werd abnormaal achterdochtig ten aanzien van zijn beste vrienden, zelfs de Meester.

Weldra werd hij geobsedeerd door de gedachte het hun betaald te moeten zetten, zich, hoe dan ook, te moeten wreken, ja zelfs zijn metgezellen en zijn Meester te moeten verraden. Deze kwaadaardige en gevaarlijke gedachten namen echter pas vaste vorm aan, toen op een dag een dankbare vrouw een kostbare kruik wierook aan de voeten van Jezus uitstortte.

Dit vond Judas verspilling en toen zijn openlijk protest door Jezus zo radicaal werd afgewezen ten aanhoren van allen, werd het hem teveel. Vele malen had de Meester Judas zowel onder vier ogen als openlijk gewaarschuwd dat hij afgleed, doch goddelijke waarschuwingen zijn gewoonlijk vruchteloos in de aanpak van de verbitterde menselijke natuur.

Jezus deed al het mogelijke om te voorkomen dat Judas zou verkiezen de verkeerde weg te gaan. De grote proef kwam ten slotte. De zoon van wrok faalde. Hij gaf toe aan de verzuurde, lage ingevingen van een trots en wraakzuchtig innerlijk dat zijn eigen belangrijkheid schromelijk overschatte en stortte zich snel in verwarring, wanhoop en verdorvenheid.

Judas begon toen heimelijk met het verachtelijke, schaamteloze gekonkel om zijn Heer en Meester te verraden, om spoedig daarna dit infame plan ten uitvoer te brengen. Tijdens het uitwerken van zijn in woede ontworpen plannen van trouweloos verraad, had hij momenten van spijt en schaamte en in deze heldere tussenpozen bedacht hij lafhartig, als verdediging in zijn eigen denken, dat Jezus misschien wel op het laatste ogenblik zijn kracht zou laten gelden en zichzelf zou bevrijden.

Toen het  zondige karwei achter de rug was, stormde deze afvallige sterveling, die er zo gemakkelijk toe kwam zijn vriend voor dertig zilverlingen te verkopen ter bevrediging van zijn dorst naar wraak, naar buiten en pleegde zelfmoord.

De elf apostelen waren van afschuw vervuld, met stomheid geslagen. Jezus bezag de verrader slechts met medelijden. Het is de werelden moeilijk gevallen Judas te vergeven en in heel een uitgestrekt universum schuwt men zijn naam.

 

 

Judas Iskariot

Judas Iskariot

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

Wat is het Christendom?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

het-symbool-van-het-christendom-11209247

 

.

 

Ontstaan

.

Het christendom is ontstaan binnen de Joodse geloofsgemeenschap als een opwekkingsbeweging die zich verzette tegen het al te wettische karakter van het toenmalige Jodendom. De Essenen zochten het eerder in de afzondering, zoals ook Johannes de Doper dit deed. Het is waarschijnlijk dat er bepaalde lijnen liepen van de Essenen via Johannes de Doper naar de eerste Christengemeenschap. De bezetting door de Romeinen was een andere reden dat het erg gistte in de toenmalige Joodse gemeenschap en de roep om de komst van de Messias sterk gevoeld werd.

 

 

.

Stichter

.

Jezus werd geboren uit betrekkelijk arme ouders, bleef ongehuwd en zocht op zijn dertigste levensjaar de openbaarheid op om zijn opvattingen over de Joodse leer duidelijk te maken. Reeds na drie jaar kwam er een einde aan zijn actieve leven en werd hij bewust vernederend ter dood gebracht. Met Jezus van Nazareth treedt een man naar voren die zich enerzijds zeer aan de Joodse gebruiken wilde houden maar anderzijds nadrukkelijk en soms zelfs provocerend de vrijheid nam daar ter wille van de naaste van af te wijken.

 

 

Jezus Christus, de Verlosser

 

Pasteltekening van John Astria

 

.

 

Maria Domina Animarum

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

Zijn volgelingen (waarvan hij er een twaalftal tot apostel had benoemd) meldden na zijn dood de verschijning van hun Heer en kwamen daarbij tot het besef dat Hij met hen voortleefde. Na een enerverende bijeenkomst (Pinksteren) waarbij ook zijn moeder Maria aanwezig was, trad de groep voor het eerst zelfbewust naar buiten. Vanaf dat moment is er sprake van Jezus als de Christus (= de Messias in het Hebreeuws).

.

 

 

God en goden

.

Er is één God, sinds het voorbeeldgebed van Jezus (het ‘Onze Vader’) ook ‘de Vader’ genoemd. God de Vader, Gods Zoon (Jezus) en de Heilige Geest vormen theologisch gesproken een Drie-eenheid. De Zoon wordt ook aangesproken als ‘de Messias’ en ‘de Heer’. Jezus kan worden opgevat als de incarnatie van God (de Vader), vandaar de ‘mensgeworden Zoon’.

.

 

De Drieëenheid

De Drieëenheid

 

 

 

De schriften

.

Het christendom erkent dezelfde boeken als het Jodendom als geopenbaard (het Oude testament) maar heeft daarnaast een eigen deel (het Nieuwe Testament), bestaande uit de vier Evangeliën, de Handelingen der Apostelen, de Brieven en de Apocalyps (of het Boek der Openbaring). De Handelingen en de brieven zijn de oudste delen van het Nieuwe testament en werden ca 60 jaar na de dood van Jezus geschreven. Drie van de vier evangeliën (Markus, Matheus en Lukas) gaan terug op eenzelfde bron, het evangelie van Johannus is wat later ontstaan en staat wat apart.

.

 

038596c0-ff0c-012d-2d67-0050569428b1testament

.

 

De door de kerk erkende boeken staan bekend als de ‘Canon’. Vooral in de begintijd is er veel discussie geweest over welke boeken er nu wel en niet bij hoorden en zijn er grote kerkvergaderingen (concilies) aan te pas moeten komen om knopen door te hakken. Mede naar aanleiding van de ontdekking van de Dode Zee rollen is er vrij recent is er een nieuwe belangstelling ontstaan voor de niet-canonieke boeken (als het Thomas-evangelie).

 

 

Leer

.

Terwijl de gelovige Jood nog uitziet naar de Messias is Hij voor de christen al gekomen in de persoon van Jezus van Nazareth. De (vele) voorschriften van de Joodse wet zoals de reinheidsvoorschriften en de besnijdenis zijn niet overgenomen. De leer wijkt op hoofdpunten verder niet sterk af van de Joodse leer.

Er ligt minder nadruk op beloning en straf (zeker in de Reformatorische richtingen waar het ‘Alléén uit genade’ geldt) en er is meer aandacht voor de Wederopstanding dan in het Jodendom.
Het heil staat principieel voor alle mensen en volkeren open en moet tot aan het einde der aarde verkondigd worden.

 

 

Leefregels

.

Net als in het Jodendom vormen de Tien Geboden de basisregels maar ligt er een groter accent op het principe ‘Bemin God en je naaste zoals je zelf’. Het ‘Oog om oog, tand om tand’ heeft niet het laatste woord. De actieve naastenliefde krijgt een grotere plaats. De Bergrede van Jezus met de twaalf zaligsprekingen (Zalig zij die …) plaatst het ideaal op een hoger niveau.

.

 

De 10 geboden maken de kerk met de mens

 

Pasteltekening van John Astria

.

 

 

Richtingen

.

Reeds vanaf het eerste begin kende de christenen bepaalde stromingen. Zo was er al direct het verschil van mening of de uit de heidenen afkomstige christenen zich nu wel of niet aan de joodse wet dienden te houden. Toen de groep zich eenmaal als kerk gevormd had, deden zich allerlei nieuwe geschilpunten voor (Gnostici, Katharen, Arianen waren ooit belangrijke minderheidsgroepen binnen het christendom maar deze namen hebben nu nog slechts een historische betekenis).

De scheuring van de Kerk in 1051 in een westers Katholiek en een oosters Orthodox gedeelte was eerder politiek dan leerstellig van aard. Hetzelfde geldt voor de afscheiding van de Anglicaanse kerk in 1538 (een gevolg van een huwelijkskwestie van de al getrouwde koning Hendrik VIII).

Heel anders lag de situatie rond de Reformatie, die in eerste instantie een reactie was op de mistoestanden in de r.k.kerk maar die tevens op aantal punten een duidelijk breuk betekende met de moederkerk (afwijzing van een aantal sacramenten als biecht en priesterschap, afwijzing van de éénhoofdige leiding). De oecumenische beweging tracht de kerken en groeperingen weer dichter bij elkaar te brengen. De nationale en niet-r.k.kerken hebben zich sinds 1948 verenigd in de Wereldraad van Kerken.

 

 

Feesten en eredienst

.

Pasen, het centrale feest van de Christenheid, de opstanding van de Heer. Aangezien Jezus aan de vooravond van het Joodse Paasfeest (Pesach) werd gekruisigd, zijn beide feesten historisch met elkaar verbonden.
Pinksteren valt 40 dagen na Pasen en is de herdenking van het eerste openbare optreden van de leerlingen (en daarmee in zeker opzicht het begin van de christelijke kerk).
Kerstmis (in de westelijke kerken) en Epifanie= ‘Drie Koningen’ (in de Orthodoxe kerken) gedenken beide de symbolische bekendmaking van de geboorte (aan respectievelijk de herders en de wijzen uit het oosten).
Hemelvaart, de laatste verschijning van de Heer.
Allerheiligen (1 nov.) een feest dat in veel kerken wordt gevierd (niet in de protestante kerken).
Hervormingsdag (31 okt.) in een aantal protestante kerken.

In de eredienst van de orthodoxe en katholieke kerken ligt de nadruk veelal op de eucharistie (viering laatste avondmaal, vroeger ook ‘de Mis’ geheten). In de protestantse kerken ligt de nadruk op de woorddienst en is een avondmaalsviering eerder uitzondering dan regel.

.

 

Pasen

Pasen

 

 

Pinksteren

Pinksteren

 

 

Kerstmis

Kerstmis

 

 

Hemelvaart

Hemelvaart

 

 

Hervormingsdag

Hervormingsdag

 

 

Allerheiligen

Allerheiligen

 

 

 

Enkele teksten uit het Nieuwe testament

.

  • Bij het zien van al die mensen ging Hij de berg op. Toen Hij gezeten was, kwamen zijn leerlingen bij hem. Hij nam het woord en en begon hen in zijn leer te onderrichten: Zalig zijn de armen van geest, want aan hen behoort het Koninkrijk der hemelen. Zalig die treuren want zij zullen getroost worden. Zalig de zachtmoedigen want zij zullen het land bezitten. Zalig zij die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid want zij zullen verzadigd worden. Zalig zij de barmhartigen, want zij zullen barmhartigheid ondervinden. Zalig zij de zuiveren van hart want zij zullen God zien” (uit het Evangelie volgens Matheus).
  • Als gij bidt, gebruik dan geen omhaal van woorden zoals de heidenen doen…Gij moet daarom zo bidden: ‘Onze Vader in de hemel. Uw naam worde geheiligd. Uw koninkrijk kome. Uw wil geschiedde op aarde zoals in de hemel. Geef ons heden ons dagelijks brood. En vergeef ons onze schuld zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven. En leidt ons niet in bekoring maar verlos ons van het kwaad”(idem uit Matheus).
  • Is God soms alleen een God van de Joden en niet van de heidenen? Nee, ook van de Heidenen want er is slechts één God, die zowel de joden als de niet-joden zal rechtvaardigen door het geloof. Betekent dit dat ik mij van het geloof bedien om de (joodse) wet buiten werking te stellen? Integendeel, ik laat de wet juist tot haar recht komen” (brief Paulus aan de Romeinen).

 

.

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 John Astria

John Astria

Is de moslimwereld een groot uniform blok?

Standaard

categorie : religie

 

 

.

Vormt de moslimwereld één groot uniform blok?

 

Het beeld dat de moslimwereld één uniform blok is van een miljard moslims, wordt naar voor geschoven in islamofobe kringen die de islam willen afschilderen als een gevaar. De (verkeerde) indruk van uniforme massa van 1 miljard mensen, komt uiteraard bedreigend over.

 

.

MasJid-kubah-Emas-islam-34673287-750-724

 

.

In werkelijkheid bestaat de moslimwereld uit een grote verscheidenheid aan bewegingen en strekkingen met soms erg uiteenlopende religieuze visies. Een beetje zoals men in het christendom de getuigen van Jehovah, katholieken, protestanten, anglicanen, de aanhangers van monseigneur Lefebvre enz heeft, die elkaar soms het licht in de ogen niet gunnen.

Ook op politiek vlak is er geen eenheidspositie, maar kent men bij moslims een spreiding gaande van links tot rechts, van progressief tot conservatief. Al deze verschillende bewegingen en strekkingen leveren nogal wat kritiek op elkaar, en geleerden uit diverse bewegingen en strekkingen publiceren fatwas (opinies) tegen de fatwas (opinies) van de andere geleerden.

Net zoals er een verschil is tussen wat er in de Bijbel staat, wat de verschillende strekkingen binnen het christendom aan leerstellingen hebben en hoe christenen zich in het dagelijks leven gedragen, is er ook in de islam een onderscheid tussen wat er in de Koran staat, hoe verschillende strekkingen dat interpreteren en de dagdagelijkse werkelijkheid.

Verder zijn er ook ettelijke groeperingen die zichzelf wel als islamitisch beschouwen en die zich bedienen van eigen (afwijkende) vertalingen en interpretaties van de Koran maar die door een meerderheid van moslims als niet-islamitisch beschouwd worden.

Voor iemand die niet vertrouwd is met de islam kan het dus allemaal een beetje verwarrend zijn en bestaat het risico dat men de leerstellingen of gedragingen van een kleine splintergroep verkeerdelijk aanziet voor ‘de’ islam. Het is belangrijk dat men dergelijke publicaties kan onderscheiden van deze van de islamitische hoofdstroom.

Wat één of andere beweging verkondigt is niet noodzakelijk representatief voor wat de meerderheid van de moslims geloven en wordt soms zelfs door andere groeperingen fel gecontesteerd, getuige waarvan talrijke publicaties van islamitische groeperingen die kritiek leveren op elkaar. Wat de ene moslimgroepering verkondigt, kan door de andere moslimbeweging verworpen worden als onislamitisch of zelfs anti-islamitisch.

Er is in de (soennitische) islam geen kerkinstituut, dus ook geen paus die iemand kan excommuniceren. Over iemands geloof kan volgens de islam alleen God oordelen. Men kan uiteraard wel oordelen over iemands gedrag – en ook in de moslimlanden worden mensen die misdaden of terreurdaden plegen door rechtbanken veroordeeld. Terrorisme wordt trouwens door de islam in krachtige bewoordingen verworpen en wordt in de Koran omschreven als een misdaad tegen de samenleving , het is één van de weinige misdaden waarvoor volgens de Koran de doodstraf kan uitgesproken worden.

 

.

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING VAN SATAN,

ALS ENGEL VAN HET LICHT,

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

Is Christianity the one true worldview ? / Is het christendom het enige ware wereldbeeld

Standaard

Category / categorie: video

 

 

How do you know that christianity is the one true worldview?

 

Is het christendom het enige ware wereldbeeld?

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

De Islam en Pasen

Standaard

categorie : religie 

 

 

 

De islam en het christendom hebben zeer veel met elkaar gemeen; ze verschillen ook op een aantal punten. Dat geldt ook voor Pasen. De Koran schrijft voor hoe moslims met deze gelijkenissen en verschillen moeten omgaan.

 

 

 

 

 

1. Gelijkenissen

 

Christenen en moslims geloven in dezelfde Ene God die in het Arabisch Allah genoemd wordt. Wat Jezus betreft, geloven moslims net als christenen in een maagdelijke verwekking van Jezus. Van alle profeten worden Jezus en Mohamed meest vermeld in de Koran. Moslims beschouwen Jezus als messias (‘christus’) en als een profeet van God. In de Koran wordt Jezus beschouwd als de profeet van het hart.

Volgens de koran deed hij met Gods tussenkomst mirakels; zo genas hij zieken, liet hij blinden weer zien en wekte hij mensen op uit de dood. Het is een geloofspunt van de islam dat men om moslim te zijn zonder onderscheid in alle profeten van God en in hun boodschap moet geloven. Van de vele duizenden profeten uit de geschiedenis vermeldt de koran er een 25-tal bij naam, zoals Adam, Noë, Mozes, Abraham, David, Solomon, Lot, Johannes de Doper alsook Jezus en Mohamed.

.

.

“Zeg: “Wij geloven in God, in wat naar ons is neergezonden en in wat naar Abraham, Isma’iel, Isaak, Jacob en de stammen is neergezonden en in wat aan Mozes en Jezus is gegeven en in wat aan de Profeten door hun Heer is gegeven. Wij maken geen verschil tussen één van hen en wij hebben ons aan Hem overgegeven.” (Koran, 2:136)
.
.
.

Het is voor moslims dan ook een vereiste dat men in Jezus gelooft. Zo niet is men geen moslim. Miljoenen moslims zijn overigens genoemd naar Jezus (‘Isa’) en Maria (‘Mariam’) wat aangeeft hoe hoog beiden aangeschreven staan in de islam.

Moslims geloven dat Jezus ten hemel opgenomen werd en dat hij van daar zal wederkeren. Zij verwachten dus, net zoals de christenen, de wederkomst van Jezus. Kortom, de islam en het christendom zijn de enige religies ter wereld die in Jezus geloven (het jodendom erkent Jezus niet als profeet of messias, de joden wachten nog steeds op de komst van de messias).

 

 

 

2.Verschillen

 

Er zijn weliswaar ook een aantal verschillen. Volgens de koran is God uniek; niets is aan hem gelijkwaardig. Hij heeft niet verwerkt en is niet verwekt, stelt de koran:

.

 

‘Zeg: Hij is God als enige. God de eeuwige. Hij heeft niet verwekt en is niet verwekt en niet één is aan Hem gelijkwaardig.’ (Koran, 112:1-4)
.
.
.
.

Jezus wordt door de islam dan ook niet gezien als (zoon van) God. Moslims geloven ook niet in de erfzonde (volgens de islam vergaf de genadevolle God de misstap van Adam en Eva nadat ze oprecht berouw toonden) zodat elk kind zonder zonden geboren wordt en op de oordeelsdag elk mens op het eigen gedrag beoordeeld zal worden.

Christenen daarentegen geloven dat God Adam en Eva hun misstap niet vergaf, en dat elk kind geboren wordt met deze oorspronkelijke zonde, de erfzonde genoemd. Zij geloven dat Jezus kwam om door diens dood de mensen (althans diegenen die hem volgen) van deze erfzonde en bijgevolg van alle daarop gebaseerde zonden te verlossen.

Moslims geloven dit niet. Zij stellen dat de dood van de ene niet de zonden van de andere kan opheffen maar dat elk mens hoofdelijk verantwoordelijk is voor wat hij doet en daarover op oordeelsdag verantwoording zal moeten afleggen. Volgens de Koran werd Jezus niet gekruisigd. God stond een zo vreselijke dood niet toe voor zijn profeet. Het leek de mensen alleen maar toe dat Jezus gekruisigd werd.

.

.

Zij hebben hem niet gedood en zij hebben hem niet gekruisigd, maar het werd hun gesuggereerd. (Koran 4:157)

.
.

Voor dit vers zijn verschillende interpretaties. Volgens sommigen zorgde God ervoor dat het gezicht van die persoon op Jezus leek. Anderen menen dat God het zicht van mensen vervormde zodat zij dachten Jezus te zien terwijl iemand anders gekruisigd werd.

 

 

 

3.Hoe omgaan met deze verschillen?

 

Moslims en christenen eren Jezus allebei, elk op hun eigen manier. De koran draagt de mensen van het Boek (joden, christenen en moslims) op hun aandacht te richten op hun spirituele verwantschap, op wat hen verenigt.

.

.

“Hij verordineert voor jullie van de godsdienst wat Hij aan Noë had opgedragen en wat Wij aan jou geopenbaard hebben en wat Wij aan Abraham, Moses en Jezus hadden opgedragen. Hou de godsdienst in stand en splits jullie niet op in groepen…” (Koran 42:13)
.
.

De Koran stelt immers dat ze allen in dezelfde Ene God geloven:

 

“Wij geloven in wat naar ons is neergezonden en in wat naar jullie neergezonden is. Onze God en jullie God, is één. En wij geven ons over aan Hem.” (Koran 29:46)
.
.
.
.

Volgens de Koran staan moslims en christenen het dichtst bij elkaar

 

“…en je zult merken dat zij de zeggen “Wij zijn christenen” in genegenheid het dichtst staan bij (de moslims)”. (Koran 5:82)
.
.
.
.

De Koran stelt dat het feit dat er verschillende godsdiensten bestaan, behoort tot de Wil van God en vermits gelovigen de Wil van God moeten eerbiedigen, moeten ze respect opbrengen voor elkaars geloofsovertuiging. Verder stelt de Koran dat aanhangers van de diverse religies zich het hoofd niet moeten breken over wat hen onderscheidt. God zal dat op de oordeelsdag wel uitleggen.

Wat in dit leven belangrijk is, zegt de Koran, is dat mensen van verschillende religies “met elkaar wedijveren in goede daden”, dwz elk vanuit hun eigen geloofsovertuiging het best mogelijke doen, om zo de samenleving als geheel naar een hoger niveau te tillen.

.

.

“En als God het gewild had, zou Hij jullie tot één gemeenschap gemaakt hebben, maar Hij heeft jullie in wat jullie gegeven is op de proef willen stellen. Wedijvert dan met elkaar in goed daden. Tot God is julie terugkeer, gezamenlijk. Hij zal jullie dan dat meedelen waarover jullie het oneens waren.” (Koran 5:48)

.
.
.
.

Godsdienstvrijheid behoort tot de kernleer van de islam en wordt door God zelf in de Koran ingesteld. Moslim zijn betekent zich overgeven aan God, zich in Zijn liefde inschrijven, en dat is onmogelijk wanneer men niet vrij is om dat te doen.

Moslims moeten dus in de eerste plaats ijveren voor godsdienstvrijheid en voor respect onder mensen die verschillende religies aanhangen. Zij mogen niemand proberen dwingen tot hun geloof, maar mogen alleen de boodschap overbrengen.

.

.

.

“In de godsdienst is er geen dwang.” (Koran, 2:256)
“Waarschuw de mensen, want jij bent slechts een waarschuwer. Je hebt niet de autoriteit om iemand te dwingen.” (Koran 88:22-23)
.
.
.
.

De Koran schrijft moslims voor alleen om de best mogelijke manier van mening te wisselen met mensen aanhangers van andere religies, dwz op een attente en respectvolle manier.

.

.

“En twist niet met de Mensen van het Boek behalve op de beste manier ” (Koran 29:46)

.
.
.
.

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING VAN SATAN,

ALS ENGEL VAN HET LICHT,

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

voorpagina openbaring a4
.
.
.

pijl-omlaag-illustraties_430109

.

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

.

.

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Meester Hilarion, beheerder van de vijfde straal

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Meester en Chohan van de vijfde straal – Groene straal – is verbonden aan het Derde oog Chakra en aan de Tempel van waarheid. Vorige incarnaties: De apostel Paulus in de tijd van Christus. Hij helpt om bewustzijn, spiritualiteit en ontvankelijkheid te brengen in alle gebieden van wetenschappelijke ontwikkeling. Hij is de grondlegger van het Anchoorse leven in Palestina.


Hilarion werd geboren in Tabatha, ten zuiden van Gaza, Palestina, rond het jaar 291 en stierf op het eiland Cypres in het jaar 371. Hij helpt ons onze vibratie te verhogen door ruimte te maken op het innerlijk vlak zodat we onszelf beter leren kennen. Hij helpt ons ook te herinneren wie onze ziel is en wat er opgeslagen ligt in de Akasha records.


Als jongen stuurde zijn ouders hem naar Alexandria om daar naar school te gaan. Daar bekeerde hij zich tot het christendom. Voordat hij stierf op gaf hij zijn enige bezit aan zijn trouwe leerling Hesychius. Zijn lichaam werd begraven dicht bij de stad Paphos, maar Hesychius haalde in het geheim zijn meester daar weg en bracht hem naar Majuma waar de heilige voor lange tijd had geleefd.

 


Goddelijke kwaliteiten

 

Waarheid, genezing, constantheid, verlangen om de overvloed van God te verwezenlijken door de ongerepte visie van de kosmische maagd.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

        

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

7 belangrijke ervaringen in het geloof

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het christendom levert heel wat verwachtingen op. Sommige verwachtingen zijn onrealistisch. We denken bijvoorbeeld dat doorgewinterde christenen altijd dichtbij God leven en nooit twijfelen. Maar je zult al gauw zien dat dit niet het geval is. Dan volgt het besef dat het volgen van Christus niet gaat zoals we hadden verwacht. War kan men ondervinden als men christen is geworden?

 

 

Geloof

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

1. Geloven is echt moeilijk

 

Het christenleven verbloemen als een gemakkelijk, vrolijk, succesvol en prachtig alternatief voor het ‘seculiere’ leven is een gevaarlijke tendens. Het christelijk geloof zal zeker haar gelukzalige momenten hebben, maar veel zaken vereisen dienstbaarheid, opoffering, toewijding, nederigheid, geduld, vergeving, genade, barmhartigheid en inzet. Met andere woorden, zaken die centraal staan voor de liefde van Jezus. Dit is over het algemeen erg moeilijk.

Het christendom wordt vaak gezien als een ontsnappingsmechanisme en een manier om de harde realiteit van het leven te vermijden. Maar in werkelijkheid is dit precies het tegenovergestelde. Deze reis confronteert mensen met eerlijke en vaak pijnlijke waarheden. Bereid je dus niet alleen voor op de goede, maar ook op de moeilijke dingen van het christelijk geloof.

 

 

 

2. Het geloof is geen antwoord op alle problemen

 

Na het horen van wonderbaarlijke getuigenissen van mensen die zijn genezen, verslavingen hebben overwonnen en Bijbelse verhalen over verlossing, hoop en verzoening, nemen de verwachtingen over het christendom enorm toe. Ja, God doet geweldige en onverklaarbare dingen, maar uiteindelijk zul je beseffen dat het geloof niet al je problemen zal oplossen. Ziekte zal niet altijd verdwijnen, niet alle relaties worden hersteld en je inkomen zal niet toenemen. Simpel gezegd worden je problemen er niet mee opgelost.

In plaats daarvan gaat het christelijk geloof veel meer over het bouwen aan een relatie met God dan het vinden van een magische oplossing voor alle moeilijkheden in het leven. Helaas beschouwen veel mensen het christelijk geloof nog steeds als een spirituele formule waardoor je alles kunt ontvangen wat je maar wilt. Maar wanneer je te maken krijgt met onvermijdelijke teleurstellingen, zal dit leiden tot gevoelens van verraad, cynisme, teleurstelling en boosheid. Dit heeft tot gevolg dat velen het christelijk geloof achter zich zullen laten, omdat het niet voldeed aan hun verwachtingen.

 

 

 

3. Je zult niet overal een antwoord op krijgen

 

Vaak wordt het Evangelie voorgesteld als een verhaal dat alle antwoorden heeft op alle diepste levensvragen. Maar het christendom zal er niet in slagen om alle twijfels, intellectuele worstelingen en filosofische vragen uit te roeien. In werkelijkheid levert het Evangelie zelfs nog meer vragen op dan antwoorden.

Duizenden predikanten, theologen en andere christenen debatteren over de Bijbelse inhoud. Iedere leer wordt geassocieerd met honderden theorieën, ideeën en tradities. Wanneer je op zoek bent naar overtuigende en onbetwistbare feiten, zal het christelijk geloof een aantal handvatten aanreiken. Maar uiteindelijk gaat het geloof over het vinden van God en zal het bewijs voor zichzelf spreken.

 

 

 

4. Je zult nooit stoppen met leren en je blijft veranderen

 

Je geloofsleven verandert keer op keer. We worden ouder, krijgen een baan, ontmoeten nieuwe mensen, gaan op reis, leren nieuwe culturen kennen en begrijpen, worden verliefd, trouwen en krijgen kinderen. Al die momenten beïnvloeden de manier waarop we nadenken over God.

Vaak benaderen we het geloof als iets onveranderlijks. God is eeuwig en onveranderlijk, maar ons geloof niet. We zien dit door de hele Bijbel. Zowel bij de Israëlieten in het Oude Testament en de discipelen in het Nieuwe Testament. Door verschillende gebeurtenissen en omstandigheden veranderde hun relatie met God voortdurend. Ons geloof is een pelgrimstocht met als z’n ups en downs. Veel gelovigen vinden verandering angstig en zien dit als een soort zonde. Maar we kunnen veranderingen niet vermijden, omdat we telkens opnieuw leren van Jezus.

 

 

 

5. Je zult fouten blijven maken

 

De meest gevaarlijke mensen zeggen van zichzelf dat ze niets verkeerd doen en hun fouten nooit zullen toegeven. Fouten maken is menselijk. Daar verandert het christelijk geloof niets aan. Je zult nog steeds falen, verkeerde beslissingen maken. Maar het verschil is de zekerheid van Gods genade, barmhartigheid en liefde.

 

 

 

6. Het is complex

 

De term ‘christelijk’ heeft voor alle mensen verschillende betekenissen. Er zijn honderden denominaties, duizenden verschillende kerken en een groot aantal tradities en theologie die daarin verweven zijn. Dit betekent dat het christendom enorm complex, gevarieerd en genuanceerd is. Er zijn discussies en conflicten, maar er is ook ruimte voor eenheid en dialoog. Kortom, het christelijk geloof is veel ingewikkelder dan de meeste mensen beseffen. Maar God werkt nog steeds daar doorheen.

 

 

 

7. Het is niet ‘wij tegen de rest’

 

Christenen strijden vaak tegen het secularisme, de ‘gevallen wereld’ en kwade krachten. Daardoor kunnen gelovigen het idee hebben dat ze in een strijd zijn verwikkeld, maar dat hoeft niet per se het geval te zijn. Christenen voeren een reële strijd tegen het kwaad (de satan), maar we moeten ervoor waken dat we ongelovigen als vijanden gaan beschouwen. Het is gemakkelijk om je te laten beïnvloeden door alles wat met het christelijk geloof te maken heeft en je te vervreemden van de rest van de mensheid.

Dit leidt tot zelfingenomen oordelen en het angstig vermijden van de wereld om ons heen. Maar God houdt van alle mensen. Deze boodschap is controversieel en absurd, maar wel Bijbels. Als volgelingen van Christus mogen we hetzelfde doen. Vraag God om de kracht en het vermogen om hieraan handen en voeten te kunnen geven.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De lijkwade van Turijn

Standaard

categorie : religie

 

 

]

Wat is de lijkwade van Turijn?

 

De lijkwade van Turijn is een linnen doek. Sommigen geloven dat dit het doek is waarmee het begraven lichaam van Jezus Christus werd bedekt. De volgelingen van Jezus wikkelden Zijn lichaam in een linnen doek. We kunnen hierover lezen in alle vier Evangeliën (Matteüs 27:59, Marcus 15:46, Lucas 23:53, Johannes 19:40).

 

 

bedevaart283

 

 

De lijkwade, waarvan de geschiedenis sinds 1353 bekend is, is meer dan 4 meter lang en ongeveer 1.20 meter breed. Het doek wordt “de lijkwade van Turijn” genoemd omdat het permanent in de stad Turijn, in Italië, wordt bewaard, hoewel het nu en dan ook elders wordt tentoongesteld.

Op de lijkwade staan markeringen die lijken op indrukken van de voor- en achterkant van een gekruisigde man. Blijkbaar werd de lijkwade dubbelgevouwen, één helft aan de bovenkant van de man en de andere helft aan de onderkant. Het is interessant dat de wonden van de man overeenkomen met de wonden die Jezus werden toegebracht tijdens de foltering die Hij voorafgaand aan Zijn kruisiging onderging.

Wonden rond de haarlijn doen denken aan de Bijbelse beschrijving van de doornen kroon. Verschillende kleine striemachtige wonden zijn zichtbaar van de schouders tot aan de onderbenen, wat overeenkomt met de Bijbelse beschrijving van de zweepslagen. Er is ook een wond dichtbij de borstkas te zien. Dat komt overeen met de beschrijving van de steekwond die vlak na Zijn dood aan Jezus zou zijn toegebracht.

 

 

lijkwade

 

 

 

Verklaringen van de experts

 

Wat denken de experts over de lijkwade van Turijn? Dat hangt er van af wie je het vraagt. Sommige experts zijn van mening dat de lijkwade van Turijn authentiek is, terwijl anderen geloven dat het slechts een knappe vervalsing is. Enkele mensen hebben zelfs beweerd dat de lijkwade slechts bedoeld was als een kunstwerk. Deze verklaring lijkt niet erg waarschijnlijk vanwege het unieke ontwerp van de lijkwade, een stijl die nog nooit eerder in een belangrijk kunstwerk werd aangetroffen.

De belangrijkste kritiek op de vermeende authenticiteit van de lijkwade is gebaseerd op proeven die uitgevoerd zijn met behulp van koolstofdatering. Volgens deze proeven kan de lijkwade niet veel ouder zijn dan zo’n 700 jaar, wat betekent dat het doek uit de 14e eeuw zou stammen.

De lijkwade zou dan veel te jong zijn om het doek te kunnen zijn waarin Jezus werd begraven. Andere geleerden suggereren dat deze conclusie mogelijk vertekend is, omdat de vezels van de lijkwade door de eeuwen heen vervuild zouden kunnen zijn met microscopische bacteriën en schimmels. Zij geloven dat de aanwezigheid van deze bacteriën en schimmels hebben geleid tot een gemeten leeftijd die op zijn minst duizend jaar jonger is dan de werkelijke leeftijd.

Maar een groeiend aantal wetenschappers vindt beide bovengenoemde standpunten irrelevant, omdat zij beweren dat de gebruikte C14-datering niet betrouwbaar genoeg is. Sceptici stellen eveneens dat de gelaats- en lichaamskenmerken van de man op de lijkwade niet juist geproportioneerd zijn. Aan de andere kant beargumenteren andere experts dat er veel mensen zijn met lichamelijke kenmerken die niet precies de juiste proporties hebben.

Er bestaan letterlijk tientallen argumenten vóór en tegen de authenticiteit van de lijkwade van Turijn. Deze tegenstrijdige beweringen zouden de leek tot de conclusie kunnen voeren dat de situatie rond de lijkwade een wetenschappelijke patstelling is. En dat lijkt inderdaad het geval te zijn. Wat moeten we dan denken van deze lijkwade van Turijn?

Jammer genoeg heeft de leek meestal de neiging om het seculiere standpunt in te nemen, omdat hij gelooft dat dit minder door godsdienst is beïnvloed en dus wetenschappelijker zou zijn. Maar seculiere geleerden proberen vaak het christelijke standpunt net zo vurig te weerleggen als de christelijke geleerden het proberen te bewijzen.

Het seculier gezichtspunt is dus vaak erg bevooroordeeld. Een goed praktijkvoorbeeld hiervan is de recente ontdekking van een oud ossuarium (een zogenaamd “knekelhuis”, een soort doos om beenderen te bewaren), waarop in het Aramees de volgende boodschap staat geschreven: Jakobus, zoon van Jozef, broer van Jezus.

Toen het nieuws over deze vondst naar buiten werd gebracht, probeerden sommige geleerden de historische geloofwaardigheid van het christelijke geloof te ondermijnen door te beweren dat deze doos een vervalsing was, voordat zij deze ook maar gezien hadden. De waarheid is dat niemand met enige zekerheid kan zeggen of de lijkwade van Turijn echt is. Het beste dat we kunnen doen is alle informatie analyseren en dan voor onszelf beslissen.

 

 

TR Shroud of Turin 091118

 

 

 

De realiteit van de lijkwade

 

Helaas gaat het alsmaar voortdurende debat over de lijkwade van Turijn alleen maar over de echtheid ervan. In werkelijkheid maakt het weinig uit of de lijkwade wel of niet het doek was waarin Jezus Christus werd begraven. Uiteindelijk is de lijkwade niets meer dan een linnen doek.

Jammer genoeg zijn veel mensen misleid; zij denken dat de lijkwade op de een of andere manier heilig is en hebben daarom hun geloof verbonden aan de authenticiteit van de lijkwade. Dat is een grote vergissing. Ongeacht de herkomst en de leeftijd van de lijkwade, een dergelijk doek is onze aanbidding of verering niet waardig. Als we aannemen dat het doek authentiek is, dan zou het zeker een belangrijk voorwerp uit de christelijke geschiedenis zijn, maar niets meer dan dat.

Jezus leidde een perfect leven, stierf voor de zonden van de mensheid, werd uit de dood opgewekt en werd vervolgens in de hemel opgenomen. Christenen hoeven hun geloof niet te baseren op de lijkwade van Turijn of enig ander artefact uit de oudheid. In plaats daarvan aanvaarden christenen deze dingen omdat zij geloven in de waarheid van de Bijbel.

Toch herinnert het debat over de lijkwade van Turijn ons aan één heel belangrijk feit, de historiciteit van het christelijke geloof. Het christendom is niet slechts een verzameling regels waar christenen naar leven. Het christendom is een persoonlijke relatie met een echte God die de menselijke geschiedenis als een sterfelijk mens binnenstapte, en toen in onze plaats stierf zodat wij het eeuwige leven kunnen hebben.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

John Astria

Het symbool van de regenboog

Standaard

categorie : religie

 

 

 

In vele culturen werd de regenboog beschouwd als een vriendelijk gebaar

van God of de goden aan de mensen

 

 

 

 

In het christendomvan de middeleeuwen werden de drie hoofdkleuren van de regenboog symbolisch uitgelegd: blauw als de kleur van de zondvloed, rood als de kleur van de wereldbrand en groen als de kleur van de nieuwe aarde. Anderen hebben meer aandacht voor de zeven kleuren en leggen ze uit als de zeven gaven van de Heilige Geest. Soms wordt de regenboog gezien als symbool voor Maria, die de voorspraak is voor de mensen op aarde bij God in de hemel. Zo ontstond de devotie voor Onze Lieve Vrouwe van de Hemelboog (= Iris). Volgens een Spaans voornaamwoordenboek is de vrouwennaam Iris daarvan afkomstig.

In de Bijbel verschijnt er na de zondvloed een regenboog, als teken dat God nooit meer een zondvloed over de aarde zal laten gaan; de regenboog is als het ware zijn handtekening van dit verbond tussen Hem in de hemel en zijn mensen op aarde. In de christelijke kunst wordt Christus vaak afgebeeld als wereldheerser, zittend op de regenboog. De regenboog geldt daar ook als symbool van verzoening tussen God en de mensen.

 

 

De Openbaring hoofdstuk 10 ; de blijde boodschap

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

In de Islam heeft de regenboog vier basiskleuren: rood, geel, groen en blauw, zinnebeelden van de vier elementen: vuur, aarde, lucht en water.

 

In het oude China beschouwde men de regenboog als de vereniging van yin en yang. Soms werd de regenboog daar voorgesteld als een slang met een kop aan allebei de uiteinden: de ene zoog het water op uit de noordelijke zee om het via de andere kop in de zuidelijke zee weer uit te spuwen.

 

 

 

 

In de culturen van Afrika, India en de indianenkomt dit gegeven ook voor: dan stelt men zich de regenboog voor als een draak, symbool van vruchtbaarheid, die zijn dorst lest in de zee. Bij sommige stammen in Afrika ziet men de regenboog ook als brenger of bewaker van schatten. Of als een beschermende arm om de hele aarde!De Inca-indianen hadden een bijzondere verering voor de regenboog. Zij had te maken met de zonnegod. De Inca-vorsten die zich beschouwden als afstammelingen van de zon, beeldden hem af op hun wapens en schilden.

Andere indianen-culturen zien in de regenboog een ladder waarlangs je naar de hemel kunt klimmen.

 

 

 

 

Hindoes en Boeddhisten geloven dat wie in het stadium van de regenboog aanbelandt, op de drempel staat om het ideaal te bereiken, en op te gaan in de gelukzalige stilte.

 

In het volksgeloof wordt vaak verteld dat de regenboog rijkdom en voorspoed zal brengen. Waar haar uiteinden de aarde raken zou een pot met goud te vinden zijn.

 

 

DE ISLAM IS DE GOEDSCHIKSE

TEGENBEWEGING VAN SATAN,

ALS ENGEL VAN HET LICHT,

TEGEN HET WARE CHRISTENDOM

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget