Tagarchief: leugen

Wordt iedereen zalig in zijn eigen geloof?

Standaard

categorie : religie

 

 

.

GELUKKIG WORDT IEDER ZALIG
IN ZIJN EIGEN GELOOF ! ?
DUS ALLES komt WEL GOED!
zegt men…. OF NIET ?

.

 

kruis-in-muur

.

 

Wat een geruststelling is dat in onze tijd met al zijn kerken, stromingen en sekten. Gelukkig leidt elk geloof ons toch tot God. Men zegt immers :
Wie de waarheid heeft, is niet zo belangrijk, al die godsdiensten geven ons toch eeuwig leven bij God
En het komt allemaal toch op hetzelfde neer. Als we maar rustig blijven leven, en niemand kwaad doen, elkaars mening respecteren dan zal alles wel goed komen.

.

Echter…
DE HEILIGE SCHRIFT , GODS WOORD, ZEGT IETS HEEL ANDERS.
Velen menen, dat de woorden : « Ieder wordt in zijn geloof zalig, » in de Bijbel staan, maar Petrus zegt duidelijk
« En de behoudenis is in niemand anders (dan Jezus), want er is ook onder de hemel geen andere naam aan de mensen gegeven, waardoor wij moeten behouden worden. »

.

Paulus zegt
« Wij prediken een gekruisigde Christus. »

en ook
«Al zouden wij, of een engel uit de hemel, u een evangelie verkondigen, afwijkende van hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt !»

 

En Jezus zelf zegt
«Voorwaar voorwaar, Ik zeg u, wie mijn woord hoort en Hem gelooft, die Mij gezonden heeft, heeft eeuwig leven en komt niet in het oordeel, want hij is overgegaan uit de dood in het leven.»

 

.

Wel wordt ieder nog zalig in zijn geloof?

 
DE HEILIGE SCHRIFT, GODS WOORD ZEGT
Door Petrus :
« …alleen door Jezus Christus… »

Door Paulus :
« …wie het anders zegt, is onder de vloek… »

Door Jezus :
« …als u niet naar mij luistert, komt het oordeel »

de Heilige schrift toont ons een uniek evangelie

Niemand anders kan u zaligheid geven (gelukkig maken) dan de Here Jezus alleen
– Niet de kerk…
– Niet uw goeden werken…
– Niet Maria…
– Niet de Heiligen…
ALLEEN JEZUS CHRISTUS

 

.

 

GELUKKIG WORDT IEDER ZALIG IN ZIJN EIGEN GELOOF !

 

Laat u zich nu nog langer in slaap sussen en gaat u met deze geruststelling de hel tegemoet? De heilige schrift ontmaskert deze woorden als een gevaarlijke leugen ! God zoekt uw behoud. Er is echter één voorwaarde : het kan alleen op Zijn wijze. Hij gaf daarvoor Zijn Zoon, die stierf op het kruis van calvarie. Jezus Christus gaf daar zijn bloed tot verzoening van uw zonden. Naar aanleiding van dit feit, geven verschillende mensen in de Heilige Schrift ons een raadgeving.

.

Petrus zegt :
« Bekeert u. » (Keer u terug naar God’s beloften)
«Laat u behouden uit dit verkeerde geslacht. » (Doe wat God zegt)

 

Paulus zegt « Stel uw vertrouwen op de Here Jezus en gij zult behouden worden. »

Jezus zegt : « Komt tot Mij allen die vermoeid en belast zijt en ik zal u rust geven. » (ware innerlijke rust)

 

.

 

Ziet u wat God zegt over zaligmakend geloof ?

 

Alleen een persoonlijke geloof in Jezus Christus, door Hem te aanvaarden als uw verlosser en Heer van uw leven, doet iemand zalig worden. (En als toemaatje krijgt m’n een persoonlijke relatie met God). De heilige Schrift zegt dat al het ander misleiding is!

.

DE GROTE FOUT DIE MENSEN MAKEN IS JEZUS CHRISTUS TE AANVAARDEN ALS EEN PROFEET ZOALS ER ZOVELEN ZIJN GEWEEST. HIJ WAS EEN PROFEET, DE ZOON VAN GOD, MAAR HIJ WAS OOK DE MESSIAS DIE DE LOSPRIJS BETAALDE OP HET KRUIS VOOR DE ZONDEN VAN DE MENSEN. DAARDOOR OVERWON HIJ HET KWADE EN WERD HIJ EEN BRUG TUSSEN GOD EN DE MENS. ZO WERD IEDEREEN DIE IN HEM GELOOFT GERED VAN DE EEUWIGE VERDOEMENIS.

 

 

the_only_way

 

.

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

mijne kop a4                                                                                    JOHN ASTRIA

 

 

Leugens die misleiden

Standaard

Categorie: religie

 

.

Misleidende leugens

 

1 Ze (de slang) zei tegen de vrouw: “Heeft God werkelijk gezegd dat je van geen enkele boom in de tuin mag eten?”
2 De vrouw zei tegen de slang: “Wij mogen wel eten van de vruchten van de bomen in de tuin.”
3 God heeft alleen gezegd: “Van de vruchten van de boom die midden in de tuin staat mag je niet eten; je mag haar zelfs niet aanraken; anders zul je sterven.”
4 Maar de slang zei tegen de vrouw: “Je zult helemaal niet sterven!” (Gen. 3:1-4, Willibrordvertaling)

 

 

Satan, de tegenstrever, de vader van de leugen

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De keuze van Adam en Eva om tegen Gods onderwijzing in te gaan heeft verschrikkelijke gevolgen gehad voor de hele schepping. Het was een daad van rebellie, een gewillige overtreding van Gods gebod. Het gevolg was dat alle harmonieuze relaties die er tot dan toe waren, werden verstoord. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Hoe is het mogelijk dat Adam en Eva, terwijl ze zo veel van de Here hadden ontvangen en zo gelukkig waren, toch in zonde zijn gevallen? Laten wij eens kijken naar hoe de slang hen hiertoe heeft verleid. Het is de moeite waard hier kennis van te nemen, omdat de duivel nog steeds dezelfde tactieken hanteert om de mens onderuit te halen. Hoe meer wij begrijpen van de listen van satan, hoe beter wij in staat zullen zijn om zijn vurige pijlen af te ketsen. Het betreft eigenlijk allemaal leugens. Hieronder twee beproefde leugens van de vader der leugen.

 

 

1. God wil je leven beperken!

 

De slang komt niet gelijk met een directe opmerking, maar hij stelt Eva een vraag. Het is wel een venijnige vraag, omdat er een leugen in verwerkt is: “Heeft God werkelijk gezegd dat je van geen enkele boom in de tuin mag eten?” De Here had helemaal niet gezegd dat zij van geen enkele boom mochten eten. Zij mochten van álle bomen in de tuin eten, behalve van die ene. God wordt hier dus negatief afgeschilderd: ‘Hij heeft jullie in die tuin geplaatst om jullie te plagen. Hij verbiedt jullie van alles. Wat saai als je dat allemaal niet mag. Wat gemeen van God dat Hij van alles voor jullie neerzet en jullie er niet aan mogen komen. Wat worden jullie beperkt, dat is toch niet leuk meer! Er is veel meer te beleven!’

Met deze leugen verslaat de vijand nog steeds zijn tienduizenden: Als je God gehoorzaamt dan mag je bepaalde dingen niet, die nou juist zo leuk zijn. God dienen betekent dat je beperkt wordt en daardoor niet gelukkig kan zijn. Hoe vaak hoor ik mensen niet zeggen: Ja, echt mijn leven aan Christus geven, dat betekent dat ik sommige dingen moet opgeven en dat kan ik (nog) niet. Alsof Christus je roept tot een saai leven. Alsof wat God geeft niet genoeg is om gelukkig te kunnen zijn. Alsof de duivel een leuker en beter leven voor ons heeft.

 

 

Keuze tussen Satan en Christus en de eeuwige gevolgen

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

2. God laat je toch niet doodgaan?

 

Eva voelt zich genoodzaakt om het voor God op te nemen nadat de slang een verkeerde voorstelling van zaken heeft gegeven. Daarom corrigeert zij de slang ten aanzien van wat God heeft gezegd. Maar alleen al door het ingaan op zijn vraag treedt de eerste verduistering van haar verstand op. Door het gesprek alleen al wordt ze al een beetje vergiftigd in haar denken. Ten eerste voegt ze iets toe aan het verbod van de Here, namelijk dat ze de boom in het midden van de hof niet eens mogen aanraken. Onbewust wordt ze dus toch een beetje meegezogen in de suggestie van de slang dat God heel veel heeft verboden, want nu voegt ze ook zelf toe aan wat God heeft verboden. Ook vandaag de dag voegen mensen soms allerlei niet door God uitgesproken verboden toe aan het dienen van de Here, net als de Farizeeërs hadden gedaan in de tijd van Jezus.

Ten tweede zwakt ze het oordeelswoord van de Here af: “Als wij wel eten van de boom die in het midden staat, dan zullen wij sterven.” De Here had echter gezegd: “zul je onherroepelijk sterven” (NBV), “zul je voorzeker sterven” (NBG) (Gen. 2:17). Het Hebreeuws heeft zoiets van ‘stervende zul je sterven’. De duivel springt daar gelijk bovenop en zegt: “’Je zult helemaal niet sterven!” ‘God zal toch niet zo wreed zijn dat Hij jullie veroordeelt voor het eten van een appel of zoiets?! Eva, luister! God is goed! Hij is één en al barmhartig. Hij zal je toch niet laten doodgaan?! Je gelooft toch niet dat Hij een korte tijd van zonde straft met eeuwige ellende en dood?!’

Ook deze gedachte is springlevend onder de mensen vandaag de dag. Ik ben bang dat zelfs veel kerkmensen in deze leugen zijn gaan geloven. Er is geen besef van de ernst van de zonde omdat er geen geloof is in het oordeel over de zonde. We willen liever niet geloven dat het loon van de zonde de dood is. We spreken liever niet meer zo duidelijk over het oordeel dat komen gaat en de werkelijkheid van de hel. We benadrukken liever Gods barmhartigheid en genade. Maar wat betekent genade nog als we het oordeel weglaten?

Het blijkt dus dat het verhaal van Genesis 3 zijn relevantie niet heeft verloren. Daarom blijft het ook voor ons van levensbelang om nauwkeurig naar het Woord van God te luisteren.

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

Boodschap 260 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos

 

 

 

5 voor 12

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

VELE KERKEN VERKONDIGEN

 

VALSE WAARHEDEN

 

EN STAAN ONDER DE INVLOED

VAN DE DUIVEL.

 

ZIJ PREDIKEN DE REDDING VAN ELKE

 

ZIEL DOOR DE

 

BARMHARTIGHEID VAN GOD.

 

DIT IS EEN DEMONISCHE LEUGEN

 

 

 

 

 

 

 

Boodschap 210 van ” Boodschappen uit de kosmos “

Standaard

categorie : Boodschappen uit de kosmos 

 

 

 

 

SATAN KAN ZICH VOORDOEN ALS EEN ENGEL VAN HET LICHT.

 

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

  • HIJ IS SLUW EN VERLEIDT DE MENS.

 

  • ZIJN GROOTSTE TROEF IS ONTKENNEN DAT HIJ ALS DEMON BESTAAT, WAARDOOR HIJ AANTOONT DAT GOD OOK NIET BESTAAT.

 

  • HIJ WIL DOOR MIDDEL VAN DE LEUGEN ALS GOD AANBEDEN WORDEN.

 

  • SATAN LAAT VALSE PROFETEN VERKONDIGEN DAT ER VREDE OP AARDE ZAL KOMEN, TERWIJL GOD EEN EINDTIJD MET EEN OORDEEL AANKONDIGT.

 

  • HIJ NEEMT MENSELIJKE VORMEN AAN OM ZONDEN TE MINIMALISEREN, DE KERK BELACHELIJK TE MAKEN EN VALSE BOODSCHAPPEN, DIE NIET STROKEN MET DE BIJBEL, DE WERELD IN TE STUREN.

 

  • HIJ LAAT UITSCHIJNEN DAT CHRISTUS EEN GEWONE PROFEET IS MAAR NIET DE MESSIAS DIE HEM OVERWONNEN HEEFT OP HET KRUIS.

 

  • SATAN DOET PARANORMALE WONDEREN EN GENEZINGEN IN GODS NAAM OM ZIELEN MET VALSE WAARHEDEN TOT ZICH TE WINNEN.

 

  • HIJ VERKONDIGT DAT GOD MENSEN MATERIALISTISCH BELOONT TERWIJL JEZUS ZEI DAT ZIJN KONINKRIJK EEN GEESTELIJKE WERELD IS.

 

  • SATAN SCHILDERT DE SACRAMENTEN AF ALS RITUELEN TERWIJL ZE VOOR GOD VAN ESSENTIEEL BELANG ZIJN.

 

  • HIJ LAAT MENSEN PREKEN DAT ER GEEN HEL IS WANT GOD IS ONEINDIG GOED

 

  • SATAN VERKONDIGT DAT IEMAND DIE DOODT IN DE NAAM VAN GOD EEN HEILIGE IS

 

  • HIJ GEBRUIKT VOORWENDSELS ZOALS NEW_AGE OM GOD BUITEN SPEL TE ZETTEN. DE MENS HEEFT ZIJN EIGEN LOT IN HANDEN.

 

  • HUMANITAIRE DADEN ZIJN BEPALEND OM EEUWIG LEVEN TE KRIJGEN, TERWIJL ENKEL HET GELOOF IN DE KRUISDOOD VAN CHRISTUS ALS ZOENOFFER VOOR DE ZONDEN REDDEND IS.

 

  • SATAN MAAKT MISBRUIK VAN HET ZWAKKE VLEES EN WIL VAN DE MENS OM TE ZONDIGEN.

 

  • HIJ IS EEN STERKE DEMON DIE NOOIT SLAAPT EN ALTIJD EN OVERAL OP EEN PROOI LOERT OM ZE ALS EEN BRULLENDE LEEUW TE VERSLINDEN.

 

  • EEN VERSCHIJNING DIE NIET PREDIKT OM TE BIDDEN EN ZICH TE BEKEREN VAN DE ZONDEN STAAT ONDER INVLOED VAN EEN DEMON.

 

  • WANNEER MEN EEN BENAUWD GEVOEL HEEFT EN DENKT TE MAKEN TE HEBBEN MET EEN DEMON VAN HET VALSE LICHT, ROEP DAN “LEVE JEZUS EN LEVE MARIA” EN HIJ ZAL ONMIDDELLIJK WIJKEN.

 

  • SATAN LAAT VALSE ENGELEN AANBIDDEN ZOALS VEDETTEN IN DE SPORT, MUZIEK EN DE FILMINDUSTRIE.

 

  • SATAN HEEFT INVLOED OP ELKE POLITICUS TER WERELD OMDAT ZIJ EEN ZWAK HEBBEN VOOR MACHT, RIJKDOM EN AANZIEN. HET ZIJN MOOIE VERSCHIJNINGEN IN WOLVENKLEREN.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

Contradicties in de bijbel : deel 5

Standaard

categorie : religie 

 

 

 

 

jezus_bijbel

 

.

1 Koningen 4:26 vs. 2 Kronieken 9:25

 

1 Koningen 4:26 (Statenvertaling)
26 Salomo had ook veertig duizend paardenstallen tot zijn wagenen, en twaalf duizend ruiteren.

2 Kronieken 9:25 (Statenvertaling)
25 Ook had Salomo vier duizend paardenstallen, en wagenen, en twaalf duizend ruiteren; en hij legde ze in de wagensteden, en bij den koning te Jeruzalem.

(In sommige vertalingen, waaronder de Nieuwe Bijbel Vertaling 2004 en de Groot Nieuws Bijbel, is 1 Koningen 4:26 geclassificeerd als 5:6.)

Dit is opnieuw de Statenvertaling, want in de NBG ’51 vertaling staat er ‘veertigduizend kribben.’ In de NBG dus geen tegenstrijdigheid. Maar in de grondtekst staat in beide verzen precies hetzelfde woord in precies dezelfde context, dus denk ik niet dat hierin de oplossing ligt.

Waarschijnlijk is de contradictie ontstaan door een kopieerfout in Koningen. 4000 paardenstallen is een realistisch aantal voor een land van die grootte en past beter bij het aantal ruiters.

Het is slechts een klein verschil in spelling, dus deze oplossing is niet onredelijk.

 

 

 

1 Koningen 5:16 vs. 2 Kronieken 2:2

 

1 Koningen 5:16
16 behalve Salomo’s hoofdopzichters over de arbeid, drieduizend driehonderd, die aangesteld waren over het volk dat de arbeid verrichtte.

2 Kronieken 2:2
2 En Salomo wees een getal aan van zeventigduizend man lastdragers, tachtigduizend steenhouwers in het gebergte en drieduizend en zeshonderd opzichters over hen.

Er zijn verschillende oplossingen geopperd, maar ik zou toch gaan voor een kopieerfout in 1 Koningen, waar oorspronkelijk ook 3.600 stond. Dit wordt ondersteund door de LXX, waar in beide verzen 3.600 genoemd wordt.

 

 

 

1 Koningen 7:26 vs. 2 Kronieken 4:5

 

1 Koningen 7:26
26 Haar dikte was een handbreed en haar rand was in de vorm van een bekerrand, een leliekelk. Zij had een inhoud van tweeduizend bath.

2 Kronieken 4:5
5 Haar dikte was een handbreed en haar rand had de vorm van een bekerrand, van een leliekelk. Zij had een inhoud van drieduizend bath.

Koningen en Kronieken zijn niet op hetzelfde moment geschreven en maten kunnen veranderen, dat is over de eeuwen regelmatig gebeurd en zou in dit geval ook gebeurd kunnen zijn. Maar er zijn andere mogelijkheden.

‘Die hard’ aanhangers van de ‘KJB’ (zij noemen het de King James Bible, maar over het algemeen is deze vertaling bekend als King James Version, dus KJV) zijn van mening dat de King James de enige goede vertaling is. Ze doen uitspraken als:

One of the proofs of the true Holy Bible, which in English is the King James Bible of 1611, is that it contains no proveable errors.
Will Kinney

Ze lossen de contradictie als volgt op:

1 Koningen 7:26
26 And it was an hand breadth thick, and the brim thereof was wrought like the brim of a cup, with flowers of lilies: it contained two thousand baths.

2 Kronieken 4:5 (King James Bible)
5 And the thickness of it was an handbreadth, and the brim of it like the work of the brim of a cup, with flowers of lilies; and it received and held three thousand baths.

2 Kronieken 4:5 bevat een extra werkwoord, namelijk ‘received.’ In de grondtekst staat dat extra werkwoord er inderdaad (‘chazaq’), hier rood gedrukt:

Letterlijk staat er: ‘chazaq bath drie duizend bevat.’

De KJV aanhangers zeggen, op grond van dit extra werkwoord, dat de ‘zee’ (zoals het genoemd werd) in Kronieken tot haar maximale capaciteit gevuld werd, terwijl 1 Koningen aangeeft hoeveel water de ‘zee’ normaal bevatte.

 

 

full11893219

 

.

 

1 Koningen 8:15,16 vs. 2 Kronieken 6:4-6

 

1 Koningen 8:15,16
15 En hij zeide: Geprezen zij de HERE, de God van Israël, die met zijn hand volbracht heeft, hetgeen Hij met zijn mond aldus tot mijn vader David gesproken had: 16 van de dag af, dat Ik mijn volk Israël uit Egypte leidde, heb Ik geen stad uit alle stammen van Israël verkoren om er een huis te bouwen, opdat mijn naam daar zijn zou, maar Ik heb David verkoren om over mijn volk Israël te heersen.

2 Kronieken 6:4-6
4 En hij zeide: Geprezen zij de HERE, de God van Israël, die met zijn handen volbracht heeft, hetgeen Hij met zijn mond aldus tot mijn vader David gesproken had: 5 van de dag aan, dat Ik mijn volk uit het land Egypte leidde, heb Ik geen stád uit alle stammen van Israël verkoren, om er een huis te bouwen, opdat mijn naam daar zijn zou, en geen mán verkoren, om vorst te zijn over mijn volk Israël; 6 maar nu heb Ik Jeruzalem verkoren, opdat mijn naam daar zijn zou, en heb Ik David verkoren, opdat hij over mijn volk Israël zou heersen.

Dit zijn twee citaten van God, die iets verschillen. Maar dit is niet tegenstrijdig, Kronieken is een aanvulling op Koningen. Dat betekent niet dat Koningen fout is, maar dat betekent simpelweg dat de schrijver van Koningen een kleiner gedeelte van Gods uitspraak geselecteerd heeft dan de auteur van Kronieken. Zie ook Matteüs 27:37 vs. Markus 15:26 vs. Lukas 23:38 vs. Johannes 19:19.

Merk wederom op dat veel Bijbelse citaties in feite parafrases zijn en dus niet exact weergeven wat er gezegd is. Waar het om gaat is dat de inhoud correct wordt weergegeven.

 

 

 

1 Koningen 16:8 vs. 2 Kronieken 16:1

 

1 Koningen 16:8
8 In het zesentwintigste jaar van Asa, de koning van Juda, werd Ela, de zoon van Basa, koning over Israël te Tirsa; twee jaar.

2 Kronieken 16:1
1 In het zesendertigste jaar der regering van Asa trok Basa, de koning van Israël, op tegen Juda en versterkte Rama, om alle verkeer van en naar Asa, de koning van Juda, te verhinderen.

De contradictie is hier dat Basa in het 26ste jaar van Asa stierf, maar in het 36ste jaar van Asa nog de stad Rama liet fortificeren. En dat is onmogelijk, want toen was hij al 10 jaar dood.

Deze tegenstrijdigheid wordt over het algemeen opgelost door te veronderstellen dat 2 Kronieken 16:1 eigenlijk spreekt over het zesendertigste jaar sinds het bestaan van het Zuidelijke Koninkrijk. Het Hebreeuwse woord voor ‘regering’ is ‘malkuwth,’ wat ook ‘koninkrijk’ kan betekenen.

In dat geval zou het om het 16de jaar van Asa gaan, dus tien jaar voor Basa’s dood.

 

 

 

1 Koningen 22:23 vs. Hebreeën 6:18

 

1 Koningen 22:23
23 Nu dan, zie, de HERE heeft een leugengeest gegeven in de mond van al deze profeten van u, en de HERE heeft onheil over u besloten.

Hebreeën 6:18
18 opdat door twee onveranderlijke dingen, waarbij het onmogelijk is, dat God liegen zou, wij, die (tot Hem de) toevlucht genomen hebben, een krachtige aansporing zouden hebben om de hoop te grijpen, die voor ons ligt.

Ik raad iedereen aan de context van 1 Koningen 22 te lezen.

In Deuteronomium 28:20 staat dat de straf voor Israëls goddeloosheid verwarring zou zijn. Zo is de verwarring die God sticht aan het hof van koning Achab Gods oordeel voor zijn goddeloosheid.

Als je het verhaal in 1 Koningen 22 leest, zie je dat Achab eigenlijk helemaal niet geïnteresseerd is in de waarheid (net als in de tijd van Jeremia). Hij verzamelde valse profeten om zich heen, omdat die hem vertelden wat hij wilde horen. De Bijbel zegt over zulke mensen:

Ezechiël 14:4
4 Daarom spreek met hen, en zeg tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE: Een  ieder man uit het huis Israels, die de drekgoden in zijn hart opzet, en  den aanstoot zijner ongerechtigheid recht voor zijn aangezicht stelt,  en komt tot den profeet, Ik, de HEERE zal hem, als hij komt, antwoorden  naar de menigte zijner drekgoden;

Principe: de straf voor graag in de leugen verkeren, is in de leugen blijven. De straf komt overeen met de misdaad.

Maar merk op dat zowel in Jeremia’s tijd, als in dit geval van koning Achab, God de Israëlieten niet over liet aan de leugens die de valse profeten hen vertelden. Ze kregen alsnog de waarheid te horen, in Achab’s geval via de dienst van de profeet Micha.

Samenvatting:

  • De straf voor goddeloosheid is verwarring (en Achab was zeer goddeloos).
  • Achab wilde de waarheid niet horen.
  • De straf voor graag in de leugen verkeren is in de leugen blijven.
  • Ondanks alles vertelt God alsnog de waarheid, zelfs over de manier waarop de profeten bij hun leugens kwamen.

Als God werkelijk wilde liegen, zou Hij de waarheid niet openbaar gemaakt hebben.

 

 

 

2 Koningen 8:26 vs. 2 Kronieken 22:2

 

 

2 Koningen 8:26
26 Tweeëntwintig jaar was Achazja oud, toen hij koning werd; hij regeerde een jaar te Jeruzalem; zijn moeder heette Atalja; zij was de kleindochter van Omri, de koning van Israël.

2 Kronieken 22:2
2 Achazja was tweeënveertig jaar oud, toen hij koning werd, en hij regeerde één jaar te Jeruzalem. Zijn moeder heette Atalja; zij was de kleindochter van Omri.

Opnieuw een kopieerfout, zou ik zeggen. Tweeëntwintig is het juiste getal, dit wordt ondersteund door sommige LXX en Syrische manuscripten.

 

 

 

2 Koningen 24:8 vs. 2 Kronieken 36:9

 

2 Koningen 24:8 (Statenvertaling)
8 Jojachin was achttien jaren oud, toen hij koning werd, en regeerde drie maanden te Jeruzalem; en de naam zijner moeder was Nehusta, een dochter van Elnathan, van Jeruzalem.

2 Kronieken 36:9 (Statenvertaling(
9 Acht jaren was Jojachin oud, als hij koning werd, en regeerde drie maanden en tien dagen te Jeruzalem, en deed dat kwaad was in de ogen des HEEREN.

Eén van de mogelijke verklaringen die hiervoor gegeven wordt is dat Josia, Jojakin’s grootvader (ik gebruik de NBG namen, dus Jojakin i.p.v. Jojachin), Jojakin benoemde als opvolger, vlak voordat Josia optrok tegen de Egyptenaren, waarbij hij om het leven kwam. Toen zou Jojakin ongeveer acht jaar oud geweest moeten zijn.

Josia zag dat zijn zonen (1 Kronieken 3:15) goddeloos waren en hoopte dat Jojakin het er beter van af zou brengen. Hij zou er geen probleem mee gehad hebben een achtjarige op de troon te zetten, aangezien Josia zelf acht was toen hij koning werd (2 Koningen 22:1).

De enige manier waarop een kleinzoon troonopvolger kon zijn, terwijl zijn vader en ooms nog in leven waren, was via een adoptie waardoor hij ‘officieel’ de zoon werd van Josia. Zijn vader en ooms werden dus tevens zijn broers. Deze oplossing geniet Bijbelse ondersteuning:

Matteüs 1:11
11 Josia verwekte Jechonja en diens broeders ten tijde van de Babylonische ballingschap.

Jechonja is een andere naam voor Jojakin (zie 1 Kronieken 3:16). De broeders in dit vers zijn eigenlijk zijn ooms en vader.

2 Kronieken 36:10 (NBV 2004)
10 Bij het aanbreken van het voorjaar liet koning Nebukadnessar hem en ook de kostbaarheden uit de tempel van de HEER naar Babel brengen. Nebukadnessar stelde Jojachin’s broer Sedekia als koning van Juda en Jeruzalem aan.

Hier wordt Sedekia, een oom van Jojakin, zijn broer genoemd. Dit kan alleen als Josia hem als zoon aangenomen heeft. (Er moet toegegeven worden dat het woord voor ‘broer’ een wat bredere betekenis heeft en ook bloedverwant kan betekenen. Maar in veruit de meeste gevallen is het gewoon broer.)

Maar het volk koos Joachaz als Josia’s opvolger, die maar drie maanden regeerde. Daarna regeerde Jajokim voor elf jaar (dit moet dan een naar boven afgerond getal zijn). Toen besteeg Jojakin eindelijk de troon, op zijn achttiende.

Dus volgens deze uitleg geeft 2 Kronieken 36:9 de leeftijd waarop hij officieel koning werd, terwijl 2 Koningen 24:8 aangeeft wanneer hij werkelijk de troon besteeg.

Het alternatief voor deze enigszins speculatieve oplossing is een kopieerfout in één van de teksten. Het betreft een getal, en getallen zijn extra kwetsbaar voor kopieerfouten.

 

 

 

2 Koningen 25:8,9 vs. Jeremia 52:12,13

 

2 Koningen 25:8,9
8 Daarna, in de vijfde maand, op de zevende van de maand – dat was het negentiende jaar van koning Nebukadnessar, de koning van Babel – kwam Nebuzaradan, de bevelhebber van de lijfwacht, de dienaar van de koning van Babel, te Jeruzalem, 9 en verbrandde het huis des HEREN en het koninklijk paleis; alle huizen in Jeruzalem, althans alle huizen der aanzienlijken, verbrandde hij met vuur.

Jeremia 52:12,13
12 Daarna, in de vijfde maand, op de tiende van de maand – dat jaar was het negentiende jaar van koning Nebukadressar, de koning van Babel – kwam Nebuzaradan, de bevelhebber van de lijfwacht, die voor het aangezicht van de koning van Babel stond, te Jeruzalem, 13 en verbrandde het huis des HEREN en het koninklijk paleis; alle huizen van Jeruzalem, althans alle huizen der aanzienlijken, verbrandde hij met vuur.

De 17de-eeuwse historicus Archbishop James Ussher sprong flexibel om met deze schijnbare tegenstrijdigheid:

3416d AM, 4126 JP, 588 BC
850 On the seventh day of the fifth month (Wednesday, August 24), Nebuzaradan, captain of the guard, was ordered by Nebuchadnezzar to enter the city. {2Ki 25:8} He spent two days preparing provisions. On the tenth day that month (Saturday, August 27), he carried out his orders. He set fire to the temple and to the king’s palace. He also burned all the nobleman’s houses to the ground, with all the rest of the houses in Jerusalem. {Jer 52:13 39:8}
James Ussher, Annals of the World, The Fifth Age, p. 104

Er zijn allicht wel meer verklaringen te bedenken. Het is, zoals altijd, aan de scepticus om te bewijzen dat de twee verslagen werkelijk niet te harmoniseren zijn.

 

 

 

2 Koningen 25:19 vs. Jeremia 52:25

 

2 Koningen 25:19
19 en uit de stad nam hij één hoveling, die het bevel had over de krijgslieden, en vijf mannen uit de onmiddellijke omgeving van de koning, die in de stad aangetroffen werden, en de schrijver van de legeroverste, die het volk des lands tot de krijgsdienst opriep, en zestig mannen uit het volk des lands, die binnen de stad aangetroffen werden.

Jeremia 52:25
25 en uit de stad nam hij één hoveling, die het bevel had over de krijgslieden, en zeven mannen uit de onmiddellijke omgeving van de koning, die in de stad aangetroffen werden, en de schrijver van de legeroverste, die het volk des lands tot de krijgsdienst opriep, en zestig mannen uit het volk des lands, die binnen de stad aangetroffen werden.

Vijf mannen uit de onmiddellijke omgeving van de koning, of zeven? Een vroege kopieerfout schijnt de enige oplossing, aangezien ook de LXX deze contradictie bevat. Dit is ook één van de weinige gevallen waarin we niet kunnen bepalen welk getal correct is en welke niet, aangezien beiden even waarschijnlijk zijn.

 

 

 

2 Kronieken 36:1 vs. Jeremia 22:11

 

2 Kronieken 36:1
1 Daarop nam het volk des lands Joachaz, de zoon van Josia, en maakte hem koning in Jeruzalem, in de plaats van zijn vader.

Jeremia 22:11
11 Want zo zegt de HERE van Sallum, de zoon van Josia, de koning van Juda, die na zijn vader Josia koning is geworden, die uit deze plaats vertrokken is: Hij zal daar niet weer terugkeren,

Joachaz en Sallum waren één en dezelfde persoon. Archbishop James Ussher schrijft hierover in zijn Annals of the World:

3371c AM, 4081 JP, 633 BC
732 In this year, Josia had a son called Shallum or Jehoahaz by Hamutal, the daughter of Jeremiah of Libnah. He was made king after his father at the age of twenty-three years. The people chose him as king, passing over his older brothers. {2Ki 23:30,31} [E79] It seems the name of Shallum was changed to Jehoahaz for good luck, as the other Shallum, the son of Jabesh, only ruled one month before he was murdered by Menahem. {2Ki 15:13,14}

James Ussher, Annals of the World, The Fifth Age, p. 91

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Het verhaal van Lucifer

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

.

.

Het verhaal van Lucifer – Zijn oorsprong

 

Om de oorsprong van Lucifer te kunnen vinden, richten we ons tot het Oude Testament. De naam Lucifer is vertaald uit het Hebreeuwse woord “helel”, wat “helderheid” betekent. Deze aanduiding, die dus op Lucifer betrekking heeft, is de uitlegging van de “morgenster” of “zoon des dageraads” die in Jesaja wordt voorgesteld.

Jesaja 14:12-14 :

“O morgenster, zoon van de dageraad, hoe diep ben je uit de hemel gevallen. Overwinnaar van alle volken, hoe smadelijk lig je daar geveld. Je zei bij jezelf: Ik stijg op naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon. Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar de Allerhoogste” 

De context van deze passage slaat op de koning van Babylon zoals hij in zijn trots, zijn pracht en zijn val wordt voorgesteld. Maar de tekst is feitelijk gericht aan de macht die achter de boosaardige Babylonische koning steekt. Geen enkele sterfelijke koning zou beweren dat zijn troon zich boven die van God bevindt of dat hij de Allerhoogste evenaart. De boze macht achter de Babylonische koning is Lucifer, de “zoon des dageraads”.

 

 

LUCIFER-BOOK-FOUR-Cv_534f20ce29ac55.68373294 (1)

 

 

 

Het verhaal van Lucifer – Zijn geschiedenis

 

Lucifer is gewoon een andere naam voor Satan, die als hoofd van het boosaardige wereldbestel de werkelijke, maar onzichtbare macht is achter de opeenvolgende heersers van Tyrus, Babylon, Perzië, Griekenland, Rome en alle andere kwaadaardige heersers die we in de geschiedenis van de wereld hebben zien komen en gaan. Deze passage gaat verder dan de menselijke geschiedenis en markeert het begin van de zonde in het universum en de val van Satan in het reine, zondeloze firmament vóór de schepping van de mens.

We zien ditzelfde thema in : Ezechiël 28:11-19

“De HEER richtte zich tot mij: ‘Mensenkind, hef over de koning van Tyrus een dodenklacht aan: “Dit zegt God, de HEER: Eens was jij een toonbeeld van perfectie, vervuld van wijsheid en volmaakt van schoonheid. Je leefde in Eden, in de tuin van God, en je was bekleed met een keur van edelstenen: met robijn, topaas en aquamarijn, met turkoois, onyx en jaspis, met saffier, granaat en smaragd, gevat in gouden zettingen. Op de dag dat je geschapen werd lagen ze klaar. Je was een cherub, je vleugels beschermend uitgespreid, je was door mij neergezet op de heilige berg van God, waar je wandelde tussen vurige stenen. Je was onberispelijk in alles wat je deed, vanaf de dag dat je was geschapen tot het moment dat het kwaad vat op je kreeg. Door al het handeldrijven raakte je verstrikt in onrecht en geweld, en je zondigde; daarom, beschermende cherub, verbande ik je van de berg van God en verdreef ik je van je plaats tussen de vurige stenen. Je schoonheid had je hoogmoedig gemaakt, je had je wijsheid en luister verkwanseld. Daarom heb ik je op de aarde neergeworpen, als een schouwspel voor andere koningen. Door je grote schuld, door je oneerlijke handel, waren je heiligdommen ontwijd. Daarom liet ik een vuur in je oplaaien dat je heeft verteerd, ik maakte van jou een hoop as op de grond, voor ieder die het wil zien. Alle volken die je kenden staan verbijsterd; je bent een schrikbeeld geworden, tot in eeuwigheid zul je er niet meer zijn.”

Deze passage lijkt gericht tot de “koning van Tyrus”. In werkelijk is het echter gericht aan degene die achter de boosaardige koning van Tyrus schuilgaat. Deze passage bevat tevens profetieën – op zowel de korte als de lange termijn – over Lucifer/Satan, omdat zijn laatste einde nog niet heeft plaatsgevonden en pas na het laatste oordeel zal plaatsvinden ( zie Openbaring 20), ook al is het zeker dat dit einde op deze manier zal plaatsvinden. Deze passages in Jesaja en Ezechiël hebben beide niet zozeer betrekking op Lucifer/Satan zelf, maar op zijn werk en zijn planning via aardse koningen en heersers die zichzelf een goddelijke eer toekennen. Zij heersen, bewust of onbewust, feitelijk in de geest van Satan en voor de doelen van Satan.  Satan is de vorst achter de machten van dit bedorven wereldbestel.

Efeziërs 6:12 :

“Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen” . Satan is de vorst achter de machten van dit bedorven wereldbestel ”.

Let vooral eens op de volgende uitspraak in de passage uit Ezechiël: “de gezalfde cherub”. Een dergelijke uitspraak zou nooit van toepassing kunnen zijn op een menselijke koning. Nee, deze heeft betrekking op Lucifer/Satan die achter de menselijke koning zit. Deze engel is het hoogste wezen dat de Heer ooit heeft geschapen.

De Heer zegt over hem:

“Eens was jij een toonbeeld van perfectie, vervuld van wijsheid en volmaakt van schoonheid”.

Satan was het meest wijze schepsel dat God ooit had geschapen. Geen enkele andere engel en geen enkel ander wezen werd geschapen met de intelligentie die God aan dit schepsel had gegeven. God zegt dat dit schepsel “volmaakt van schoonheid” is. Na de Heilige Drie-eenheid – de Vader, de Zoon en de Heilige Geest – is dit wezen tegenwoordig het hoogste wezen.

Ezechiël 28:14 :

“Gij waart een gezalfde, overdekkende cherub”.

Dit vertelt ons dat we het niet over een menselijke koning hebben. Het woord cherub is enkelvoud voor cherubim. De cherubim zijn een symboliek voor Gods Heilige aanwezigheid en Zijn onbereikbare grootheid. Deze cherubim nemen een unieke positie in. De “gezalfde, overdekkende cherub” is het beeld dat in de Hof van Eden voor ons geschetst wordt, nadat Adam en Eva waren weggestuurd en God de cherubim had opgesteld om de weg naar de levensboom te bewaken.

Ook toen Mozes de verzoeningsplaat ( de Arc van het Verbond ) maakte en deze in het Allerheiligste van de tabernakel plaatste, kwam Gods heerlijkheid er naartoe en ontmoette Hij Mozes tussen de cherubim. Zij “overdekten” de verzoeningsplaat met hun vleugels. We zien dus dat Satan een cherub was en dat zijn taak bestond uit het bewaken van de troon van God Zelf. Zijn taak was de bescherming van Gods heiligheid. Satan nam de hoogste van alle posities in, een positie die hij verachtte en verloor.

We zien hier in Ezechiël een beschrijving van de hoogste van Gods schepsels, een musicus met perfecte wijsheid en onbeschrijflijke schoonheid, en bovendien met een verheven functie. Maar, dit schepsel met al zijn prachtige eigenschappen had ook een vrije wil. Op een dag zei God tegen dit schepsel: “Er is ongerechtigheid in jou gevonden”.

 

 

lucifer_embrace_by_jdelnido-d6d1en8

 

 

 

Het verhaal van Lucifer – Zijn status

 

Wat voor ongerechtigheid werd er in hem gevonden? In het boek Ezechiël laat God ons in het prille begin als het ware over Zijn schouder meekijken, zodat we de oorsprong en de schepping van Satan kunnen zien. Maar waarom zegt God dit? Wat is deze ongerechtigheid?

Jesaja 14:13-14 :

“Ik stijg op naar de hemel, boven Gods sterren plaats ik mijn troon. Ik zetel op de toppen van de Safon, de berg waar de goden bijeenkomen. Ik stijg op tot boven de wolken, ik evenaar de Allerhoogste.”

Heb je gemerkt hoe vaak Satan in deze passage eigenlijk “ik zal” zegt? Hij zegt dat hij zijn troon boven Gods sterren zal plaatsen. Het woord “sterren” verwijst hier niet naar de sterren die we ’s nachts kunnen waarnemen. Hiermee worden de engelen van God bedoeld. Met andere woorden: “Ik zal de hemel overnemen, ik zal God zijn”. Dat is de zonde van Lucifer/Satan en dat is de ongerechtigheid die er in hem werd gevonden. Hij wil geen dienaar van God zijn. Hij wil de dingen niet doen waar hij voor geschapen werd. Hij wil zelf gediend worden en er zijn miljoenen mensen die ervoor gekozen hebben om juist dat te doen: hem dienen. Zij hebben naar zijn leugens geluisterd en ervoor gekozen om hem te volgen. Eva geloofde de leugen dat zij net als God zou zijn. De reden dat Lucifer/Satan haar met die leugen verleidde was dat dit precies datgene is wat hij zelf wil: God zijn.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

De geestelijkheid van geld

Standaard

categorie : religie

 

 

 

het aanbidden van de Mammon, de geldgod

het aanbidden van de Mammon, de geldgod

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-3-638 (1)

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-4-638 (1)

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-5-638

3d-gouden-pijl-5271528

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-6-638

3d-gouden-pijl-5271528

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-7-638

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-8-638

3d-gouden-pijl-5271528

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-11-638 (1)

 

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-22-638 (1)

 

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-23-638

 

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-24-638 (1)

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-25-638

3d-gouden-pijl-5271528

fff-de-geestelijkheid-van-geld-9-638 (2)

 

 

 

 

 

10 symptomen van Mammon’s invloed

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-12-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-13-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-14-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-15-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-16-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-17-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-18-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-19-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-20-638

 

 

 

fff-de-geestelijkheid-van-geld-21-638

 

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

Handelingen 20:35 “Geven maakt gelukkiger dan ontvangen.”

 

 

Samenvatting

 

Samengevat krijgen we dus  lessen over hoe God wil dat we omgaan met onze middelen en mogelijkheden, die niet meer zijn dan een rentmeesterschap over tijdelijke dingen. De Here beschouwt de mammon als toevertrouwd in onze handen, in de verwachting dat wij er Hem welgevallig en in het volle besef van ons rentmeesterschap mee zullen omgaan. Hoewel de mammon gebonden is aan het aardse en tijdelijke, kunnen wij er met betekenis voor de hemel en de eeuwigheid mee omgaan.

 

1. Hoewel de mammon aan ons is toevertrouwd, kunnen wij het beheren ten dienste van onze naasten.
2. In plaats van de mammon ten dienste te stellen van onszelf, kunnen we deze aanwenden voor het koninkrijk van God.
3. In plaats van slaaf te worden van de mammon, kunnen wij erover heersen als rentmeesters.
Mag God ons in genade geven dat wij, naar het verlangen van de Here zelf, de ons toevertrouwde mammon beheren als goede, verstandige en trouwe rentmeesters!

 

 

einde van de geldgod door Maria op de laatste dag

einde van de geldgod door Maria op de laatste dag

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Efeziërs 6 : 10 – 20

Standaard

categorie : religie

 

 

 

WVG_1_intro

 

.

Wapenuitrusting, Efeze 6

 

10 Verder, mijn broeders, word gesterkt in de Heere en in de sterkte van Zijn macht. 

11 Bekleed u met de hele wapenrusting van God, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel.

12 Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers van de duisternis van dit tijdperk, tegen de geestelijke machten van het kwaad in de hemelse gewesten.

13 Neem daarom de hele wapenrusting van God aan, opdat u weerstand kunt bieden op de dag van het kwaad, en na alles gedaan te hebben, stand kunt houden.

14 Houd dan stand, uw middel omgord met de waarheid, en bekleed met het borstharnas van de gerechtigheid,

15 en de voeten geschoeid met bereidheid van het Evangelie van de vrede.

16 Neem bovenal het schild van het geloof op, waarmee u alle vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen.

17 En neem de helm van de zaligheid en het zwaard van de Geest, dat is Gods Woord,

18 terwijl u bij elke gelegenheid met alle gebed en smeking bidt in de Geest en daarin waakzaam bent met alle volharding en smeking voor alle heiligen.

19 Bid ook voor mij, opdat mij het woord gegeven wordt bij het openen van mijn mond, om met vrijmoedigheid het geheimenis van het Evangelie bekend te maken,

20 waarvan ik een gezant ben in ketenen, opdat ik daarin vrijmoedig mag spreken, zoals ik moet spreken.

 

 

battleofgoodandevil

 

 

Er is een grote strijd aan de gang, een onzichtbare strijd in de hemelse gewesten. Een strijd tussen Satan en God, een strijd tussen engelen en demonen, een strijd om de gelovigen, een strijd om de gemeente, een strijd tussen licht en duisternis. Het is een strijd om de glorie van God, om de vervulling van het heilsplan van God. God zet Zijn engelen in om Zijn glorie te bewerken.

God wil ook ons gebruiken om Zijn glorie te weerspiegelen. God wil ons gebruiken om de boodschap van redding aan de wereld te verkondigen. Ook wij worden opgeroepen als gelovigen om te strijden, om te strijden voor de glorie van God (2 Tim. 2:3-4).

Beseffen we wel de enorme opdracht die we hebben? De strijd in de hemelse gewesten is niet zomaar een strijd ver van ons af. Neen, God wil ons gebruiken als soldaten in de strijd. Hij heeft ons uitgekozen om te strijden voor Zijn koninkrijk en Zijn boodschap van redding te verkondigen.

Wat een enorme waarheid komen we hier tegen in Efeze 6 vers 12:

“Wij hebben niet te worstelen tegen vlees en bloed”.

 

 

twee

 

 

We hebben niet te strijden tegen mensen, we hebben te strijden tegen de boze. Wanneer mensen ons pijn doen, wanneer ruzie, twist, verdeeldheid in de gemeente komt. Wanneer ruzie en twist in ons huwelijk komt, wanneer ons geloof begint te wankelen en we aan God gaan twijfelen, vecht dan niet tegen mensen.

De Satan probeert er alles aan te doen om ons van God af te trekken, hij probeert er alles aan te doen om verdeeldheid en ruzie te zaaien. Hij probeert er alles aan te doen om ons in leugens te doen geloven. We leven in een wereld die beheerst wordt door de boze. De Satan is nog steeds de overste der wereld. Wanneer we tot bekering komen worden we overgeplaatst van het koninkrijk van de duisternis, naar het koninkrijk van het licht.

God wil als een Vader voor ons zorgen, onze zonden worden vergeven, we hebben eeuwig leven. Maar de duisternis zal er alles aan doen om ons terug te trekken naar de duisternis.
De grootste leugen die de duisternis ons wil aanpraten is dat hij niet bestaat, en als hij al bestaat, dat hij geen macht heeft, maar de bijbel leert ons in 1 Petrus 5:8 het volgende:

“Uw tegenstander de duivel gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.”

De Satan is geen poesje dat even grauw, grauw zegt, de Satan is een brullende leeuw, zoekende wie hij kan verslinden.

 

 

 

Efeze 6:12-13, Neem daarom de wapenrusting Gods aan

 

Wat een geweldig en liefdevol God hebben we toch. God laat ons niet aan ons lot over, God wil ons helpen in de strijd tegen de boze. Toen Jezus aan het kruis stierf en na de derde dag weer uit de doden op stond, heeft Hij de macht van de duisternis gebroken. Hij heeft de macht van de dood en de macht van de zonde overwonnen. Jezus is overwinnaar. Hij heeft de duisternis overwonnen. En met diezelfde kracht waarmee Hij de duisternis heeft overwonnen en is opgestaan uit de dood, met die kracht wil Hij naast ons staan, wil Hij met ons strijden.

Paulus zegt het als volgt: “Gelovigen, neem de wapenuitrusting van God ter hand. God heeft u alles gegeven om in Jezus de overwinning op de duisternis te halen”.

Wanneer je dus aangevallen wordt, neem Gods wapens ter hand. Laat u niet doen, maar strijdt in Gods kracht tegen de duisternis.  De Bijbel geeft een hele mooie belofte ( Jac. 4:7 ) :

“Biedt weerstand aan de duivel, en hij zal van u vlieden.”

Wat moeten we doen wanneer de duisternis ons probeert aan te vallen? We moeten een actieve houding aannemen. We moeten niet vechten tegen mensen, situaties of tegen onszelf, we moeten weerstand bieden aan de duivel. Paulus zegt ons: “Doet de wapenen van God aan en gij zult door Jezus overwinnen”.

 

 

 

wapenrusting Efeze2

 

 

De onzichtbare strijd van Satan

 

Sta je op scherp? Elke gelovige bevindt zich namelijk midden in een oorlog. Paulus zegt namelijk aan het einde van zijn brief aan de gemeente van Efeze dat we in de strijd zijn. En het is noodzakelijk om eens even heel bewust hierbij stil te staan. Juist omdat dit de realiteit is van het geloofsleven en dat het je wellicht helpt om alles in het juist licht te zien.

Wij kunnen soms heel erg bang zijn voor alles dat ons overkomt of als we zien wat er in de wereld om ons heen gebeurt. Maar ook kunnen we zomaar een gevoel tegen mensen hebben die ons iets aandoen, waardoor het voor ons soms heel erg moeilijk kan zijn om met die mensen om te gaan. Maar Paulus wil ons in Efeze 6 iets anders leren. Iets dat wij heel vaak vergeten. Paulus zegt ons namelijk dat wij niet de strijd tegen vlees en bloed hebben. Dat gevoel hebben we vaak wel, want het zijn meestal mensen die iets doen, waardoor wij het gevoel hebben dat er een soort onderlinge strijd is.

Paulus zegt echter dat we niet de strijd hebben tegen vlees en bloed. Het zijn niet de mensen, die ten diepste hier op aarde de strijd voeren. Paulus wil ons iets anders leren, hij wil ons dieper laten kijken dan dat wat wij voor ogen zien. Hij zegt dat we de strijd hebben tegen de overheden, machten en wereldbeheersers van de duisternis. En nog duidelijker: we hebben de strijd tegen de geestelijke machten in de hemelse gewesten.

De Bijbel gaat uit van meerdere hemelen. Waar Paulus het hier over heeft is de atmosfeer waar de duivel met zijn demonen de strijd aangaat met de engelen van God. Het is de plaats waar de strijd plaatsvindt tegen het Koninkrijk van God. En dat is niet een plaats die ver van ons afstaat, maar wij zijn er eigenlijk in betrokken. We zien die geestelijke wereld niet, maar we zien wel de uitwerking er van en soms kun je die strijd ook voelen. Dan merk je dat er een geestelijke strijd is, die er alles aan doet om Gods Koninkrijk te verstoren. Dat kan te maken hebben met je persoonlijke geloof, maar deze strijd is ook veel breder. Het raakt ten diepste het hele wereldgebeuren.

Op het moment dat we dit gaan inzien, merken we dat er achter alles dat we zien, er veel meer aan de hand is. Het is oorlog om ons heen. Dan is de strijd in het Midden Oosten, geen strijd van mensen, maar ten diepste de strijd waar de wereldbeheersers van het rijk van de duisternis leiding aan geven. Maar dat komt ook veel dichterbij. Het gebeurt ook als Gods werk in onze omgeving wordt tegengewerkt.

En satan wil heel graag dat zijn strijd liever niet op die manier gezien wordt. Veel liever ziet hij dat wij denken dat het de mensen zijn tegen wie wij moeten strijden. Want dan loopt de strijd stuk op mensen onderling. En degene die echt de oorzaak achter al deze strijd is, kan gewoon doorgaan.

 

 

stand-houden-de-wapenrusting-2-11-728

 

 

Maar Gods Woord zegt ons vandaag dat we een laag dieper moeten kijken. We moeten zien wat er werkelijk gebeurt. En tegen die strijd moeten we ons wapenen zodat we beschermd zijn. Anders worden we persoonlijk geraakt en raken we verwond. Elke aanval van satan is af te keren met de verdedigingswapens die Paulus noemt. Elke aanval is te keren als we de vijand die verdedigingswapens voorhouden: de Waarheid  tegen over de leugens die satan wil dat jij gelooft.

De gerechtigheid die je in het geloof hebt gekregen tegenover de ongerechtigheid waar satan je mee beschuldigt. De bereidheid van vrede  tegenover onvergevingsgezindheid en haat. Het schild van het geloof tegenover elke aanval waarmee satan je laat geloven dat je geen heil hebt. Een schild werd vroeger bekleed met een lap die nat werd gemaakt met water, zodat brandende pijlen werden geblust. Het geloof is het schild dat is gedompeld in het bloed van Jezus.

Dat blust elke vurige pijl van satan. En tenslotte de helm van de hoop op de zaligheid. Het is je uitzien dat terwijl je nog midden in de strijd bent, dat de overwinning je al is gegeven. Je bent in Christus, meer dan overwinnaar! En naast al deze verdedigingswapens is er ook een heel belangrijk aanvalswapen. Het is niet de bedoeling van Paulus om te zeggen dat omdat er zoveel verdedigingswapens zijn, dat je de strijd maar over je heen moet laten komen. Paulus zegt dat we in deze strijd rechtop moeten staan! Strijdend dus. En voor die strijd heeft elke gelovige het zwaard van het Woord gekregen.

Daarmee zal satan altijd het onderspit gaan delven. Waar hij je aanvalt mag jij je verdedigen met de Waarheid en met geloof. Maar je wordt opgeroepen om de strijd aan te gaan zodat Gods Koninkrijk meer en meer de overwinning zal krijgen. En het zwaard van het Woord is dodelijk voor satan. Jezus sloeg Zelf, tijdens de verzoeking in de woestijn ook op die manier terug.

En het woord dat Paulus hier gebruikt is niet het woord waarmee hij het geschreven of gelezen Woord bedoeld. Hier gebruikt hij een ander woord. Het gaat hier om het gesproken, of nog beter, het geproclameerde Woord van God. Je moet het Woord van God, hardop uitspreken in de aanval tegen de machten van de duisternis.

De strijd is gewonnen door Jezus. Wij mogen nu, in het geloof, de overwinning opeisen en tegen alle machten van de duisternis weerstand bieden in de Naam van Jezus. Dan is de overwinning zeker. Heb goede moed, zegt Jezus, want Ik heb de wereld overwonnen.

 

 

 

De wapenuitrusting!

 

 

armadura_022-1-300x326

 

 

 

Wapens die we al aanhebben:

.

De eerste drie delen van onze wapenuitrusting hebben we al van God gekregen toen we tot bekering kwamen. Wanneer we God aannemen als onze redder en verlosser worden we kinderen van Hem. Maar we worden ook strijders, soldaten in Gods koninkrijk. Het eerste wat God doet is ons als soldaten kleden. We krijgen een gordel, een pantser en schoenen. De werkwoorden die genoemd worden staan in de verleden tijd: we zijn al omgord, bekleed en geschoeid.  Maar wat hebben we eigenlijk van God gekregen?

 

 

1) Uw lendenen omgord met de waarheid

 

Een gordel is een ontzettend nuttig kledingstuk. Een gordel dient om onze klederen bij elkaar te houden, zodat we ons vrij kunnen bewegen. Zo is ook de gordel van onze wapenuitrusting heel belangrijk. De gordel van de waarheid is Jezus Zelf en Zijn woord. Toch is het niet altijd gemakkelijk om in de waarheid te wandelen, onze tegenstander is namelijk de vader van de leugen. Hij zal er alles aan proberen te doen om ons in de leugen te doen geloven.

Om vast in de waarheid te staan moeten we alles wat we doen en denken aan de waarheid toetsen. Jezus bidt voor ons in Joh. 17:17:  “Heilig hen in Uw waarheid, Uw woord is de waarheid.”. Alleen in het licht van de Gods waarheid, de Bijbel kunnen we de satan verjagen.
> Steek uw Bijbel in de lucht om te getuigen dat u Gods waarheid wilt volgen.

 

 

2) Pantser der gerechtigheid

 

De Bijbel leert ons dat God ons gerechtvaardigd heeft. Doordat Jezus voor onze zonden gestorven is zijn wij heil en rein. Het pantser der gerechtigheid is de vergeving van onze zonden. God wil al onze zonden vergeven, hoe groot die ook zijn, hoe vaak we die ook gedaan hebben. Wanneer we onze zonden belijden, zal God onze zonden vergeven! Onze zonden belijden is ze eerlijk en oprecht uitspreken naar God toe.
> 1 Joh. 1:9 luidop lezen.

 

 

3) Voeten geschoeid met de bereidvaardigheid van het evangelie des vredes

 

Dit wil zeggen dat we de kracht gekregen hebben om Gods boodschap van vrede uit te dragen in het leven van elke dag. Wat is deze boodschap? “Heb God lief boven alles en uw naaste als uzelf.” We staan in de liefde. God heeft Zijn liefde in onze harten uitgestort. Laten we als de duisternis ons of onze gemeente aanvalt staan in de liefde. Laten we niet ophouden om elkaar lief te hebben, te dienen, de ander hoger te achten dan onszelf.
> Laten we naar elkaar kijken in liefde.

 

 

 

Verdedigingswapens die we moeten aantrekken:

 

 

4) Het schild des geloofs

 

In het nieuwe testament komt het woord schild maar eenmaal voor en dat is in Efeze 6:16. In het oude testament komt het woord schild verschillende keren voor: de eerste keer komen we het tegen in Gen 15, waar God tot Abraham zegt: “Vrees niet Abraham, Ik ben uw schild”. Wat een heerlijke belofte is het niet, God is onze schild, Hij wil ons beschermen tegen de brandende pijlen van de vijand. “onze ziel verwacht de Here, Hij is onze hulp en ons schild” Ps.33:20.

Het schild van het geloof is ons vertrouwen in God. Hoe meer we God leren kennen, hoe zekerder, vaster ons vertrouwen en geloof in Hem worden. Persoonlijke studie in de bijbel, preek, Bijbelstudie, enz. vergroot onze kennis over God en dus ook ons vertrouwen op God. Wanneer de duisternis ons aanvalt, laten we opzien naar Christus. Hij is altijd bij ons. Hij geeft ons wat we nodig hebben!
> Samen zeggen “Ik wil Christus vertrouwen.”

 

 

 

5) De helm des heils

 

De helm des heils is onze positie in Christus. Toen we kinderen van God werden hebben we verschillende beloften van God gekregen: we zijn Gods kinderen, we zijn heilig en rein door de vergeving, we zijn het zout der aarde.
Het is belangrijk dat we beseffen welke positie we hebben in Christus. Om in de positie van Christus te wandelen moeten we ons laten leiden door Gods Geest. De helm beschermt ons meest kwetsbare deel van ons lichaam, ons hoofd, onze gedachten.  Laten we er ons steeds van bewust zijn wie we zijn in Christus, laten we ons laten leiden door Gods Geest!
> Samen Rom 8:38 lezen.

 

 

Aanvalswapens die we moeten aantrekken:

 

6) Het zwaard des Geestes, dat is het Woord van God

 

Het zwaard is het middel waar we de duisternis met aanvallen. Wat is het zwaard des Geestes? Het Woord van God! Het gebruikelijke woord dat in het Grieks gebruikt wordt voor “woord” is Logos. Maar in deze context staat het woord “RHEMA”  Dit woord kan het best vertaald worden door: ‘luidop proclameren’. Het woord van God is het luidop proclameren van Gods waarheid. Om de duisternis te verslaan moeten we weerstand bieden, dit kunnen we door hem openlijk te verwerpen en luidop weg te sturen in Jezus’ naam. Waarom? De duisternis kan onze gedachten niet lezen.
> Ik bied weerstand in Jezus’ naam.

 

 

7) Ten alle tijden bidden

 

Het belangrijkste wapen dat wij hebben is het gebed. Door het gebed is de christensoldaat in voortdurend contact met zijn aanvoerder, de Here Jezus Christus. Daar de vijand zijn tegenstand nooit opgeeft, mogen ook wij niet verslappen in het gebed. God roept ons op om ten alle tijden te bidden.Tevens moeten we bidden in overeenstemming met de Heilige Geest die ons in ons gebed zal leiden wanneer we ons voor Hem open zetten.

Jezus zegt tegen Zijn discipelen in de tuin van Getsemane: “Waakt en bidt opdat gij niet in verzoeking komt.” Mat.25:41. We zijn als leden van een lichaam, de gemeente, met elkaar verbondenen vormen we een doelwit voor de aanvallen van de vijand, daarom moeten we elkaar voor de troon der genade opdragen. Zo moeten we in ons gebed niet alleen gericht zijn op onze eigen noden, maar ook op de noden van de gemeente en op de noden van alle heiligen en ongelovigen. Laten we daarom nooit ophouden voor elkaar en de mensen rondom ons te bidden.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Volgens sommigen bestaat de hel niet.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Het laatste oordeel : de hel of eeuwig leven

 

Pasteltekening van John Astria

 

“Er is geen hel”

 

Helaas komt het voor dat mensen, die geloven dat de Bijbel Gods woord is en dat Jezus ook voor hen stierf en het oordeel droeg, beweren dat er geen hel is. Niet alleen vindt  men deze dwaalleer in diverse sekten, maar ook bij anderen vindt men soms deze opvatting

 

Het gevolg is dat onbekeerden, die zich soms verschuilen achter deze uitspraken, de gevolgtrekking maken: als er toch geen hel is, waarom zouden we ons dan bekeren ? In de volgende teksten, die Gods woord citeren, wordt er wel degelijk de hel geciteerd als een plek van eeuwig lijden. Indien u zich daardoor niet laat overtuigen, maar toch vasthoudt aan uw menselijke overleggingen dat een liefhebbend God geen hellestraf kan instellen, weet dan, dat u straks verantwoordelijk zult staan voor God die u zo ernstig liet waarschuwen.

 

 

 

Hier volgen dan deze duidelijke uitspraken:

 

1 . Gaat weg van mij, vervloekten in het eeuwige vuur, dat de duivel en zijn engelen bereid is. (Matth. 25: 4l).
2. En deze zullen gaan in de eeuwige pijn. (Matth. 25 : 46).
3. Het is u beter kreupel tot het leven in te gaan, dan twee voeten hebbende, geworpen te worden in de hel, in het onuitblusbaar vuur, waar hun worm niet sterft, en het vuur niet uitgeblust wordt. (Marc.
9: 45, 46).
4. Werpt de onnutte slaaf uit in buitenste duisternis, daar zal wening zijn en knersing der tanden. (Matth. 25: 30).
5. Maar de vreesachtigen, en ongelovigen, en gruweldaders, en moordenaars, en hoereerders, en tovenaars, en afgodendienaars en alle leugenaars, hun deel is in de poel, die met vuur en zwavel brandt, hetwelk is de tweede dood (Openb. 21 : 8).
6. Buiten zijn de honden, en de tovenaars, en de hoereerders, en de moordenaars, en de afgodendienaars, en een iegelijk, die de leugen liefheeft en doet (Openb. 22: 15).
7. Die tot straf zullen lijden het eeuwig verderf van het aangezicht des Heren en van de heerlijkheid zijner sterkte (2 Thess. 1:9).

 

 

 

En dat deze straf eeuwig-durend is en er geen omkeer mogelijk is blijkt ook nog uit:

 

Opdat gij niet bedroefd zijt evenals de anderen, die geen hoop hebben (1 Thess. 4: 13 ).

Maar wie de Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hen, (Joh. 3 : 36).

En zij zullen gepijnigd worden dag en nacht tot in alle eeuwigheid (Openb. 20: 10).

Wel is er dus alle reden de mensen te wijzen op Hem, die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel (Matth. 10: 28).

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget