Tagarchief: vruchten

Korenbloem : Centaurea cyanus

Standaard

categorie ; kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de helder blauwe, eindstandige bloemhoofdjes met
– trompetvormige, stralende buitenste bloemen

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Korenbloem is een eenjarige plant van 30 tot 60 cm hoog. Ze komt vrij zeldzaam voor in de Lage landen en komt op de rode lijst voor als gevoelig. Ze groeit op open plaatsen met droge, voedselrijke zandgrond in graanakkers en bermen. Ook wordt ze uitgezaaid, dan vaak in afwijkende kleuren (roze en wit) of met dubbele randbloemen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Korenbloem bloeit vanaf juni tot en met augustus met helder blauwe (soms roze of witte) bloemhoofdjes, die bestaan uit een aantal grote, wijd trompetvormige, onregelmatig 5-9 spletige randbloemen en in het hart violette buisbloemen met een 5-tandige zoom.

De randbloemen zijn onvruchtbaar en dienen alleen om het bloemhoofdje aantrekkelijker te maken voor insecten. De bloemen in het hart zijn rijk gevuld met nectar en hebben tot een kokertje vergroeide meeldraden, waaruit de stijl omhoog komt. De bloemhoofdjes staan alleen aan het einde van de stengels en zijstengels.

De blaadjes van het onder het bloemhoofdje zittende eironde omwindsel hebben een vliezige bruin of witachtige rand, die franje-achtig is ingesneden. De binnenste omwindselblaadjes zijn vaak paars aangelopen. Het omwindsel blijft door de verdroogde bloemenhoofdjes geheel gesloten tot de vruchten rijp zijn en als er dan droog weer komt, opent het zich om de vruchten vrij te laten.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De onderste bladeren zijn veerspletig, de bovenste lancetvormig, maximaal 5 mm breed. Stengels en bladeren zijn spinnenwebachtig behaard.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

In de volksgeneeskunde wordt ze gebruikt voor haar urine drijvende werking, tegen maag- en darmstoornissen en als compres voor brandende rode ogen.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Korenbloem was een karakteristieke bloem van graanakkers, waar ze samen met klaprozen in de voorzomer bloeide. Door zaad-opschoning en intensieve onkruidbestrijding is ze daar zo goed als verdwenen. Je komt korenbloem nog het meest tegen in bermen, vaak uitgezaaid in “wilde-plantenmengsels”.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

composietenfamilie (Asteraceae)
– eenjarig
– vrij zeldzaam
– 30 tot 60 cm

Bloem
– blauw (soms wit of roze), in het hart   violet
– vanaf juni t/m augustus
– hoofdje, alleenstaand
– buisbloemen
– tot 3 cm

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– onderste veervormig ingesneden
– bovenste lancetvormig, max. 5 mm   breed
– top spits
– rand gezaagd
– 1-nervig
– behaard

Stengel
– rechtop
– behaard
– gegroefd

 

 

 

 

 

 

 

 

Grote egelskop : Sparganium erectum

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de bolvormige vrouwelijke of mannelijke hoofdjes
– aan een vertakte bloeistengel en
– de stekelige bollen van spitse vruchten en
– de lange, smalle (6-30 mm), rechtopstaande, gekielde bladeren en
– de groeiplaats in en aan ondiep zoet water

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Grote egelskop is een overblijvende, woekerende oeverplant van 30 tot 100 (180) cm hoog. Ze groeit aan en in zoet, voedselrijk, niet te diep, stilstaand of langzaam stromend water. Het is een zeer algemeen voor komende plant.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloeiperiode loopt vanaf juni tot en met september. De stengel van de bloeiwijze is vertakt. Dit onderscheidt grote egelskop van kleine, kleinste en drijvende egelskop. Zowel de hoofdstengel als de korte zijstengels zijn zigzag gebogen. Aan elke vertakking en aan het einde van de hoofdtak zitten een aantal bolvormige, ongesteelde bloeiwijzen. De onderste (1-4) bloeiwijzen zijn vrouwelijke hoofdjes en bestaan alleen uit vrouwelijke bloemen. De bovenste, kleinere hoofdjes bestaan uit mannelijke bloemen. Meestal zijn er veel meer mannelijke hoofdjes dan vrouwelijke.

De vrouwelijk bloemen hebben een lange, draadvormige, vuilwitte stijl en stempel (soms twee) en groen bruinachtige bloemdekblaadjes. De mannelijke bloemen bestaan uit 1-3 meeldraden, die omgeven worden door 4 vliezige bloemdekbladen. De bloemen stellen niet zoveel voor, idat is ook niet zo belangrijk omdat bestuiving door de wind plaatsvindt. Na bevruchting ontwikkelen de vrouwelijke hoofdjes gesnavelde vruchtjes, waar de plant haar naam aan dankt.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn 6 tot 30 mm breed, onderaan driehoekig in doorsnede, bovenaan plat, gekield en niet of nauwelijks gedraaid. De bladeren van lisdodden en zwanenbloem zijn wel gedraaid. De bladeren van grote egelskop worden door meerkoeten gebruikt als nestmateriaal.

 

 

 

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Een ondersoort van grote egelskop is blonde egelskop (Sparganium erectum subsp. neglectum), enkel van elkaar te onderscheiden door de vorm van de vruchtjes : rijpe vruchtjes van blonde egelskop zijn 2x zo hoog als breed. Rijpe vruchtjes van grote egelskop zijn iets hoger dan breed. Van alle egelskopsoorten (grote, kleine, kleinste en drijvende) heeft grote egelskop als enige een vertakte bloeistengel.

 

 

blonde egelskop

 

 

 

Algemeen

 

– egelskopfamilie (Asteraceae)
– overblijvende water-/oeverplant
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 30 tot 100 (180) cm

Bloem
– groen
– vanaf juni t/m september
– talrijke mannelijke hoofdjes
– 1 tot 4 vrouwelijke hoofdjes
– 1 tot 1,5 cm

Blad
– in 2 rijen
– enkelvoudig
– zwaardvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet (half) stengelomvattend
– parallelnervig

Stengel
– rechtop
– kaal

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Gele monnikskap : Aconitum vulparia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
de bleekgele, langwerpige bloemen, die in eindelingse trossen staan

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Gele monnikskap is een zeer giftige, overblijvende plant van 50 tot 125 cm hoog. Ze groeit op kalkrijke grond in vochtige loofbossen, meestal langs beken. Ze staat op de rode lijst en is uiterst zeldzaam. Ze wordt ook aangeplant.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Gele monnikskap bloeit vanaf juni tot en met augustus met lichtgele bloemen. Het bovenste kelkblad is helmvormig, meer hoog dan breed. Dat betekent dat er ook 1 of meerdere onderste kelkbladen zouden moeten zijn. Er is geen duidelijk onderscheid te maken tussen kelk- en kroonbladen. De bloemen bestaan uit 5 bleekgele, kort behaarde bloemdekbladen, waarvan het bovenste hoger is dan breed en helmvormig. De nectar zit bovenin het helmvormige deel. Alleen insecten met een lange tong (voornamelijk hommels) kunnen bij de nectar. De bloeiwijze is een tros aan het einde van de stengel en zijstengels. Per bloem ontstaat meestal 3 vruchten.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn in omtrek bijna rond, handvormig gedeeld, niet tot aan de basis ingesneden (de bladeren van blauwe monnikskap zijn wel geheel ingesneden). De slippen zijn breder dan 1 cm.

 

 

 

 

 

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– overblijvend
– uiterst zeldzaam
– op de rode lijst
– 50 tot 125 cm

Bloem
– bleekgeel
– vanaf juni t/m augustus
– tros
– buisvormig
– 15 tot 22 mm
– 5 bloemdekbladen, niet vergroeid
– meer dan 20 meeldraden
– 3 stijlen

Blad
– enkelvoudig
– handvormig gedeeld
– slippen in 3-en en breder dan 1 cm
– top spits
– rand onregelmatig gezaagd
– handnervig

Stengel
– rechtop
– kort behaard

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Liber Divinorum Operum : visioen 5

Standaard

categorie : Hildegard Von Bingen

 

 

 

Liber Divinorum Operum

 

Het boek van de goddelijke werken

met visioenen van

Hildegard van Bingen

 

 

Hildegard

 

.

“Der gläubige Mensch richtet sein Trachten immer auf Gott, dem er in Ehrfurcht begegnet. Denn wie der Mensch mit den leiblichen Augen allenthalben die Geschöpfe sieht, so schaut er im Glauben überall den Herrn.”

 

Liber divinorum operum (Boek van goddelijke werken) is een werk uit de tweede helft van de 12e eeuw van de Duitse Benedictijner Abdis en mystica Hildegard von Bingen. Het is haar laatste visionaire werk en het werd geschreven tussen 1163 en 1174. Het bevat tien visioenen waarin de liefde van God tot uitdrukking komt in de mensen en in de relatie van de mensen tot God.

 

.

Liber Divinorum Operum 5

 

 

Het vijfde visioen sluit aan bij de Apocalyps, die daarin nadrukkelijk wordt geciteerd. De beschrijving van het voornaamste beeld in dit visioen verschilt nogal van die in de andere.

“Ik zag de aardse kring onderverdeeld in vijf zones: de eerste in het oosten, de tweede in het westen, de derde en vierde in het zuiden en het noorden, de vijfde in het midden.”

Elk van deze zones ziet eruit als een gespannen boog.

Een van de zones, de oostelijke, straalt helderheid uit, terwijl de westelijke zone gedeeltelijk in duisternis is gehuld. De zuidelijke zone is onderverdeeld in drie sectoren.

“In twee daarvan vinden kastijdingen plaats, in de middelste is dat niet het geval, maar daar zijn afschuwelijke monsters te zien die hem iets schrikwekkends geven. In oostelijke richting zag ik op zekere hoogte boven de boog van de aarde een rode bol, omgeven door een hemelsblauwe kring. Uit de linker- en rechterkant van deze bol kwamen twee vleugels te voorschijn die zich opwaarts hieven, om zich vervolgens te buigen en tegenover elkaar te bevinden; ze verlengden zich tot halverwege de omtrek van de aarde die ze omringden. Vanuit de bol liep tot halverwege de vleugels een weg waarboven een schitterende ster straalde.”

Uit de uitleg die volgt maken we op dat het om de in vijf zones onderverdeelde aardbol gaat. Het geheel vormt overigens een mensengestalte.

“De aarde stelt de mens voor. De mens wordt, door de vijf zinnen die hem in staat stellen in al zijn behoeften te voorzien, tot zijn zieleheil geleid.”

Vervolgens baseert Hildegard zich op citaten uit de Apocalyps, om de verschillende tijdperken ter sprake te brengen. Er was een tijdperk van Adam, van de zondvloed en van het wachten op de komst van Christus.

Ten slotte verschijnt in de figuur van het zwarte paard de tijd die volgde op het lijden en sterven van Christus.

Daarna volgt het groenachtige paard:

“dat duidt op de tijd waarin alles wat beantwoordt aan de wet en de volheid van Gods gerechtigheid, in een soort uitzonderlijke bleekheid niet zal tellen. In die tijd zullen er overal op aarde degengevechten plaatsvinden, de vruchten der aarde zullen verdwijnen, de mensen zullen een plotselinge dood sterven, de dieren zullen hen dodelijke beten toebrengen. De oude slang verheugt zich in alle kastijdingen die de ziel en het lichaam van de mens zullen treffen; de slang zelf heeft de hemelse glorie verloren en zou willen dat ook de mens die niet bereikt. De slang verheugt zich en roept uit: “Schande aan hem die de mens geschapen heeft; de man geeft zijn eigen gedaante op, hij wijst de natuurlijke liefde, de liefde voor de vrouw, af.”

De duivelse verleiding zal dan ook misdadigers en verleiders, haat en de misdaad van de duivel, schurken en dieven voortbrengen. Maar in de ‘gelijkgeslachtelijkheid’ zal de zonde het onzuiverst en de wortel van alle ondeugden zijn. Als deze zonden bij alle volkeren in aantal zullen zijn toegenomen, zal de instelling van Gods wet verdeeld raken en zal de Kerk als een weduwe worden getroffen. De prinsen, edelen en rijken zullen door hun onderdanen worden verdreven, zij zullen van stad tot stad vluchten, de adel zal worden opgeheven en de rijken zullen arm worden. Zeker, de oude slang en de andere nietswaardige geesten hebben de schoonheid van hun uiterlijke verschijningsvorm verloren, maar de verheffing van hun verstand hebben zij niet opgegeven.”

Hildegard besluit deze opsomming overigens door nogmaals aan de Apocalyps te herinneren.

“Toen de tijd van de rode dageraad aanbrak, dat wil zeggen: de tijd van de volle gerechtigheid dank zij mijn Zoon, zei de oude slang, verbijsterd en versteld, dat ze volkomen door een vrouw, de Maagd, was misleid. Haar razernij richtte zich dan ook op haar. Maar de vrouw bevrijdde zich met behulp van de aarde, want mijn Zoon ontving van haar de kleren van de mens, mijn Zoon, die met de grootste smaad en het ergste lijden werd overladen om de slang tot zwijgen te brengen.”

Gerechtigheid en barmhartigheid zijn als het ware de mannelijke en de vrouwelijke kant van God. In de mens, die geschapen is naar Gods beeld en gelijkenis, zijn die beide hoedanigheden ingeprent in de man en de vrouw, die samen de mens zijn. In Liber Divinorum Operum is de verhouding tussen man en vrouw uiteengezet in het kader van het scheppingsverhaal.

Als Gods laatste ‘werkstuk’ op de ‘zesde dag’ is de mens gemaakt als eenheid van man en vrouw, om samen het mensengeslacht voort te brengen. Nuchter constateerde de ‘stem’: ‘Wanneer de man alleen zou zijn, of de vrouw alleen zou blijven, zou er geen mens (meer) kunnen ontstaan.’

In de twee-eenheid van het mensenpaar zal de man de gerechtigheid vertegenwoordigen, de vrouw de barmhartigheid. Beiden zijn zij geschapen met intelligentie begiftigd, de engelen gelijk. Samen zijn zij meer dan de engelen, omdat aan hen het beheer van de aarde is toevertrouwd. Deze gelijkenis van de mens met de Schepper is niet beperkt tot de verbondenheid van man en vrouw in huwelijk en voortplanting, maar omvat de totale samenwerking van man en vrouw, ook nadat zij hun paradijselijke staat verloren hebben door beiden Gods gebod te overtreden.

“De aarde stelt de mens voor. De mens wordt, door de vijf zinnen die hem in staat stellen in al zijn behoeften te voorzien, tot zijn zieleheil geleid.” Door de ervaringen die de mens opdoet, vindt geestelijke groei plaats.

Rood/blauwe bol: de menselijke geest op aarde.

Vleugels: de geestelijke vermogens (gerechtigheid, barmhartigheid).

Weg naar het oosten: geestelijke ontwikkelingsweg.

Ster: de ontwikkelde toestand.

Aarde: leerschool voor geestelijke ontwikkeling door beproevingen. Op aarde is licht en duisternis tegelijkertijd aanwezig.

Twintig jaar later: een gesloten stad

In de visioenbeelden van Scivias staat de heilsgeschiedenis van God met de mensen in het teken van verwachting en belofte. Weliswaar heeft Hildegard toen al gezien, dat er een definitieve scheiding zal komen tussen degenen die het geloof van de katholieke, christelijke Kerk trouw bewaren en degenen die de Mensenzoon in ongeloof verwerpen. Maar het Heilsgebouw is nog onvoltooid en open naar het zuiden, de toekomst. Binnen de muren gaan mensen af en aan, zij komen binnen door de spiegelkennis naar de toren van de Kerk toe. Zij blijven daar of vertrekken weer. De Mensenzoon waakt over het heil. Hij vermaant de mensen, maar veroordeelt alleen de verstokten.

In Hildegards laatste grote werk, Liber Divinorum Operum, is in drie visioenbeelden de betekenis van de heilsgeschiedenis beschreven. Hildegard schreef het boek na 1163, toen de pauselijke Stoel van Rome bezet was door handlangers van de op wereldmacht beluste Frederik I, die door Hildegard ‘de roomse Keizer’ genoemd werd. Zij zag alles wat zij in Scivias en later reeds beschreven had opnieuw, maar nu in het licht van het mysterie van de Incarnatie. Zij zag het wakend met de innerlijke ogen van de geest. Zij zag de scheiding der geesten scherper dan ooit tevoren. Zij zag de Stad van God bedreigd.

Hildegard zag een gesloten stad. Eén poort was er in het oosten, één ingang uitgehouwen in een harde rots. Binnen de stad zijn de muren licht waar het heil is. Buiten de stadsmuren is het duister. De bouwsels van de heilswerken, in Scivias vrij op de muren geplaatst, staan nu binnen de muren van de stad. Het is een gesloten stad, die verdedigd moet worden.

 

ldo25

.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

Het bestaan van valse profeten

Standaard

categorie : religie

 

.

 

Heel wat toegewijde dienstknechten van Jezus Christus, die in de kracht van de Heilige Geest functioneren, worden neergezet als valse profeten. 

 

Het is niet erg als mensen weinig ervaring hebben met de gaven van de Geest en de kracht van Jezus Christus die genezing en bevrijding brengt. Iedereen is nog onderweg en we mogen groeien in onze wandel met God. Het is wel erg als je Gods oprechte dienaars openbaar belastert en roept dat zij valse profeten zijn, alleen maar omdat de kracht van God in hun bediening werkt. Dan maak je je schuldig aan lasterpraat.. Boven strijd je dan tegen Jezus Christus, die zijn dienaars heeft gestuurd om zijn verlossing te brengen.

“Wie naar jullie luistert, luistert naar mij, en wie jullie afwijst, wijst mij af.” (Lucas 10:16)

 

 

Vele profeten worden vals beschuldigd

 

Het is niets nieuws, want ook de schriftgeleerden in de tijd van Jezus Christus riepen dat Jezus een valse profeet en een dwaalleraar was. De apostelen, die vol vuur Jezus Christus dienden, werden te vuur en te zwaard vervolgd door de godsdienstige leiders van hun tijd. Het is kenmerkend voor iedereen die toegewijd Jezus Christus dient, dat ze vals beschuldigd zullen worden door de godsdienstige orde van hun tijd.

De schriftgeleerde Saulus deed alles wat hij kon om de volgelingen van Jezus Christus te doden en meende dat hij daarmee God diende.

Saulus was ervan overtuigd dat de eerste christenen een valse profeet volgden en dat het christelijk geloof een dwaalleer was. Maar hij was zelf ernstig misleid. Mensen die een geestelijke verblinding hebben, zullen altijd diegenen die in de waarheid wandelen ervan beschuldigen dat zij misleid zijn. En elke valse profeet zal ware profeten ervan beschuldigen dat zij vals zijn. Dat iemand over een ander zegt dat hij een valse profeet is, wil dus niets zeggen. Het is dan ook uiterst onverstandig om klakkeloos te geloven wat de velen beweren aangaande de waarheid over het geloof. Het kan in veel gevallen veel schade berokkenen.

 

 

 

 

 

God geeft Zijn Geest en doet wonderen

 

De Bijbel zegt duidelijk dat God Zijn Geest geeft aan christenen om wonderen onder ons te verrichten:

“God geeft u de Geest en brengt wonderen onder u tot stand.” (Galaten 3:5)

“God bevestigde hun woorden nog door tekenen, wonderen en allerlei machtige daden, en deelde de heilige Geest uit zoals hij dat wilde.” (Hebr. 2:4)

“Ik durf trouwens alleen maar te spreken over wat Christus door mij gedaan heeft … door machtige tekenen en wonderen en door de kracht van Gods Geest.” (Romeinen 15:18)

“Wat kenmerkend is voor een apostel, was aanwezig: de volharding waarmee ik alles verduurde, de wonderen en machtige daden die onder u werden verricht.” (2 Kor. 2:12)

“De boodschap die ik u verkondigde, overtuigde niet door mijn geleerdheid, maar bewees haar kracht door de Geest.” (1 Kor. 2:4)

“Maar wanneer de heilige Geest over jullie komt, zul je kracht krijgen.” (Handelingen 1:8)

“Want het koninkrijk van God is geen zaak van woorden maar van kracht.” (1 Kor. 4:20) Naast de werking van wonderen en krachten zijn er ook de bovennatuurlijke gaven van de Geest, die aan christenen worden gegeven: genezingen, tongentaal, profetie, onderscheiden van demonen, enz. zie 1 Kor. 12 en 14).

 

 

 

De Bijbel benadrukt dat een kenmerk van Gods aanwezigheid de werking van wonderen is.

 

Als er een dwaalleer in de kerk is, die hoognodig vernietigd moet worden, is het wel de leugen dat God vandaag geen wonderen meer doet en dat de gaven van de Geest niet meer voor deze tijd zijn. Dat is een leugen die regelrecht tegen de Bijbel indruist en die christenen krachteloos maakt. Mensen die de realiteit van Gods kracht niet (mogen) kennen zijn overgeleverd aan een verstandelijk, theoretisch en menselijke gecontroleerd christendom, waarin enkel over God gepraat wordt, maar waar God zelf nauwelijks aanwezig kan zijn. God wil mensen verlossen uit de greep van satan, die hen bindt met ziekte, zonde en demonen. Jezus Christus is gekomen om bevrijding en genezing te brengen. Daar hebben we de kracht van God voor nodig.

 

 

 

 

 Iemand die zich met hand en tand verzet tegen de Geest van God is een valse profeet.

 

God is een realiteit, een krachtige held die ook vandaag Zijn Geest geweldig sterk laat werken om mensen te bevrijden van de machten van duisternis. God is pure liefde, die zijn geliefde kinderen wil genezen en opbouwen. Als iemand dat bestrijdt, wordt je niet geleid door de Geest van God. Dan wordt je geleid door de duisternis, die niets liever wil dan dat Gods kracht verhinderd wordt, zodat mensen niet genezen en bevrijd worden.

 

 

 

Hoe herken je een valse profeet?

 

Hoe herken je dan wel een valse profeet? Jezus Christus vertelde heel eenvoudig dat we ze herkennen aan hun vruchten. Iemand die zijn leven inzet om de verlossing van de hemelse Vader bij mensen te brengen, die draagt goede vruchten.

 

De reddende liefde van God in actie, is de beste vrucht die er bestaat.

 

Verlorenen die tot inkeer komen, van dood naar leven, van zonde naar heiligheid, van duisternis naar licht, van ziekte naar gezondheid, van gebondenheid naar vrijheid. Dat zijn de vruchten die Jezus Christus droeg. Hij genas alle zieken die bij Hem kwamen, Hij dreef demonen uit en gaf mensen een nieuw leven met God. Natuurlijk zijn er ook valse profeten die eveneens wonderen doen en demonen uitdrijven (althans, zo lijkt het). Over hen zei Jezus Christus:

“Niet iedereen die “Heer, Heer” tegen mij zegt, zal het koninkrijk van de hemel binnengaan, alleen wie handelt naar de wil van mijn hemelse Vader.” (Matteus 7:21)

 

Wat is de wil van de Vader? De apostel Jakobus vat het heel eenvoudig voor ons samen:

“Zuivere en onbevlekte godsdienst voor God, de Vader, is: omzien naar wezen en weduwen in hun druk en zichzelf onbesmet van de wereld bewaren.” (Jakobus 1:27)

 

Een prediker die wel wonderen doet, maar niet gedreven wordt door diepe bewogenheid voor mensen in nood, kan misleid zijn. Liefde is immers het belangrijkste kenmerk van God.

 

 

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Leven in liefde

 

Omdat God liefde is, is het watermerk van iemand die waarachtig met God leeft, liefde voor je naaste:

“Wie niet liefheeft, heeft God niet leren kennen; God is immers liefde.” (1 Johannes 4:8)

 

Al denkt iemand God te dienen, als ze niet in liefde functioneren voor hun broeders, dan kennen ze God niet. Er zijn veel mensen, in allerlei sektes en religies die van harte geloven dat ze God dienen, maar die in diepe duisternis gebonden zitten en ver van God staan.

 

Dat iemand de Bijbel kan citeren betekent niet dat die persoon God kent.

 

Leef je in liefde voor je broeders? Geef je om je naaste? Heb je een hart van bewogenheid en ontferming? Heb je respect voor anderen en ben je nederig? Dat zijn kenmerken van iemand die God kent. Als je geen liefde voor een broeder hebt, ken je God niet.

“Als iemand zegt: Ik heb God lief, maar hij haat zijn broeder, dan is hij een leugenaar. Want hij kan God, die hij nooit gezien heeft, onmogelijk liefhebben, als hij zijn broeder niet liefheeft die hij wel ziet.” (1 Johannes 4:20)

 

Als je altijd kwaad spreekt over je broeders, heb je geen liefde. Dan ben je wel heel erg religieus, je bid wel en leest de Bijbel wel, maar God is niet in je leven. Religieuze activiteit is iets totaal anders dan een hart hebben dat nederig en liefdevol is.

 

 

 

Leven in waarheid

 

Naast liefde is er een tweede kenmerk dat wezenlijk is aan God, en dat dus ook kenmerkend is voor een ware profeet: de  waarheid spreken. God zal nooit liegen.

Er wordt geschreven dat de genezingen in diensten eigenlijk alleen maar psychogeen zijn en dat er geen echte lichamelijke wonderen gebeuren. De waarheid is dat talloze zieken genezen van kanker, blindheid, doofheid, verlamming, allergie, onvruchtbaarheid, hartkwalen, darmziekten, en noem maar op. Als een christen beweert mensen te behoeden voor dwaalleer maar zelf leugens schrijft, dan weet je dat de persoon niet door de Geest van God gedreven wordt. De Bijbel zegt  dat liegen het kenmerk is van Satan, de duivel.

“Hij hoort niet bij de waarheid, omdat er geen waarheid in hem is. Wanneer hij liegt, spreekt hij zoals hij is: een aartsleugenaar, de vader van de leugen.” (Johannes 8:44)

 

Een valse profeet is iemand die liegt, maar doet alsof hij waarheid spreekt. Waarheid wordt verdraaid, licht wordt bestempeld als duisternis en duisternis wordt licht genoemd.

 

 

 

Toets je echt aan de Bijbel?

 

Christenen zeggen altijd dat we dwaalleer herkennen door een leer te toetsen aan de Bijbel. Maar dat is niet zo eenvoudig als het lijkt. Want velen die luid roepen dat ze alles aan de Bijbel toetsen, toetsen helemaal niet aan de Bijbel. Wat ze doen, is toetsen aan hun interpretatie van de Bijbel. Ze toetsen aan menselijke meningen en leringen over de Bijbel.  Als iemand een openbaring heeft over iets wat in de Bijbel staat en jij hebt dat inzicht nog niet, dan kun jij die ander niet toetsen aan de Bijbel.

 

De meesten die beweren dat ze toetsen aan de Bijbel, toetsen in werkelijkheid aan hun beperkte inzichten over bepaalde Bijbelteksten.

 

Elke christelijke stroming heeft een bepaalde openbaring over de Bijbel, maar heeft ook nog veel blinde vlekken en ziet nog niet alles zoals God het bedoeld heeft. Als we beweren aan de Bijbel te toetsen, moeten we proberen leeg te worden van onze leringen en tradities en proberen om open als een kind te lezen wat de Bijbel waarachtig zegt over een bepaald onderwerp.

Dan kan blijken dat de ware Bijbelse boodschap haaks staat op wat wij al zo lang geloven en horen in onze kerkstroming. Het is trouwens onmogelijk om in eigen kracht de Bijbel goed te begrijpen. Daarom zei Jezus Christus niet: ‘Ga veel in de Schriften lezen, want zo zul je in de volle waarheid komen.’ Neen. Jezus Christus zei:

“De Geest van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid.” (Johannes 16:13)

 

De enige manier om in de volle waarheid te komen is jezelf overgeven aan de heilige Geest, de Geest van de waarheid. Dat betekent dat je afhankelijk bent van wat Hij je wel en niet laat zien. Dat betekent ook dat je in diepe overgave moet zijn, weten dat alle wijsheid van Hem komt en niet van jezelf. Als de Geest van waarheid, die door Paulus ook de Geest van wijsheid en openbaring genoemd wordt, je niet onderwijst, blijf je blind. Daarom zei Jezus Christus tegen de schriftgeleerden, die dag en nacht in de schrift lazen:

“U bestudeert de Schriften en u denkt daardoor eeuwig leven te hebben. Welnu, de Schriften getuigen over mij, maar bij mij wilt u niet komen om leven te ontvangen.” (Johannes 5:39)

 

In eigen kracht vinden we geen waarheid. Het is door diep afhankelijk te worden van de heilige Geest, in ware vrees voor God, in diep ontzag voor God. Een nederig hart, dat gevormd wil worden, het hart van een leerling die beseft dat hij niets weet, een hart van een kind dat open is om te ontvangen, iemand die arm van geest is. Als we trots en eigenzinnigheid hebben, zullen we geestelijk verblind blijven.

 

Alles draait om Jezus Christus

 

Een laatste kenmerk van een ware profeet, is dat hij je altijd in diepe afhankelijkheid van Jezus Christus zal brengen. Mensen die je afhankelijk maken van henzelf, zijn verkeerd bezig. Een ware dienstknecht van Jezus Christus zal je altijd helpen om in volwassenheid te komen, leunend op Jezus Christus. De nadruk ligt altijd op Hem. Mensen die wel over Jezus Christus spreken, maar jou in verkeerde afhankelijkheid van henzelf brengen, zijn niet goed bezig. Een ware dienstknecht van de Heer zal een gezonde afstand van je bewaren, zodat jij zelf je leven kunt bouwen op Jezus Christus als de rots en niet op een mens.

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De vijf Bijbelse richtlijnen om te toetsen

 

 

Kijk naar de vruchten

 

“Pas op voor de valse profeten… U kunt hen herkennen aan hun vruchten… Een goede boom draagt goede vruchten, een slechte boom draagt slechte vruchten.” (Matteus 7:15,18)

 

 

 

Een leven in liefde

 

“Wie niet liefheeft, heeft God niet leren kennen; God is immers liefde.” (1 Johannes 4:8)

 

 

 

Een leven in waarheid

 

“Wanneer de duivel leugentaal spreekt, spreekt hij zoals hij is, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.” (Johannes 8:44)

 

 

 

Onderwerp je aan het Woord

 

“daar zij het woord met alle bereidwilligheid aannamen en dagelijks de Schriften nagingen, of deze dingen zo waren.” (Handelingen 17:11)

 

 

 

Focus op Jezus Christus

 

“Het getuigenis van Jezus is de geest der profetie.” (Openbaring 19:10)

 

 

 

Toets eerst jezelf

 

Het is van fundamenteel belang dat je niet alleen maar anderen toetst, maar dat je eerst en vooral jezelf onderzoekt. De meeste mensen hebben er een handje van om altijd anderen te ‘toetsen’, maar zitten zelf vol bitterheid, trots, eigenzinnigheid, liefdeloosheid en andere vormen van duisternis. Het bekende beeld van de balk en de splinter is hier volkomen van toepassing. Velen die constant de wereld waarschuwen voor vermeende splinters bij anderen, gaan zelf gebukt onder een heel bos bomen die uit hun ogen groeien.

 

Kijk naar je eigen hart, onderzoek jezelf meer dan wat ook.

 

Het is erg belangrijk dat je zelf je eigen vruchten, je eigen leven, je eigen bediening, je eigen relatie met Jezus Christus in het volle licht kunt plaatsen. Dat je zelf nederig bent, zelf open bent voor correctie, zelf afrekent met jaloezie en trots.

 

 

 

Je gelooft misschien zelf een dwaalleer

 

De Bijbel zegt bijvoorbeeld dat God ons wil zegenen, gelukkig en gezond wil maken. Een prediker die dat wezenlijke kenmerk van God in de Bijbel ontdekt en predikt, wordt door sommige christenen beschuldigd van ‘welvaarts-evangelie’ wat dan zogezegd een dwaalleer is. Terwijl Jezus duidelijk zegt dat Hij ons overvloedig leven wil geven.

Christenen die echter misleid zijn door een armoede-evangelie en die de leugen geloven dat de enige goede christen een arme en ellendige christen is, zullen de Bijbelse waarheid over voorspoedig leven zien als een dwaalleer. Dat is maar een van de vele voorbeelden.

Iets wat in onze oren als dwaalleer klinkt, kan soms juist een heel belangrijke Bijbelse openbaring zijn, uit het hart van God, om Gods kinderen in vrijheid en vruchtbaarheid te brengen.Toetsen is natuurlijk erg belangrijk, want er zijn inderdaad valse profeten en er is zeker dwaalleer. Alleen is de wijze waarop getoetst wordt en de reden waarom men toetst, niet altijd zo zuiver als men beweert.

Dikwijls is degene die roept over anderen dat ze valse profeten zijn, zelf degene die misleid is door een verkeerde theologie. Niet iedereen die de fout begaat om anderen verkeerd te beoordelen, bedoelt het verkeerd. Er zijn oprechte christenen die goedbedoeld veel schade aanrichten. De vraag is echter of iemand bereid is tot bezinning te komen.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

 

Wilde akelei : Aquilegia vulgaris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

2541480761_61680fe101-wilde

 

 

Goed te herkennen aan
de grote (3 – 5 cm), knikkende, paarsblauwe bloemen, met 5 uitstaande bloemdekbladen en 5 gespoorde nectariën in dezelfde kleur

 

 

60

 

 

 

Algemeen

 

Wilde akelei is een overblijvende plant van 45 tot 60 cm hoog. Ze groeit op vochtige, kalkrijke grond op lichte plekken in loofbossen, in beschaduwd grasland en in de duinen. Ze is vrij zeldzaam en wordt ook aangeboden als tuinplant. Als de kleur paarsblauw is, is het niet meer mogelijk om te bepalen of het gaat om wilde of door verwildering ontstane exemplaren. Andere kleuren, zoals wit, roze, rozerood of roodpaars, planten met gevulde bloemen of met bloemen met gereduceerd spoor zijn altijd exemplaren, die verwilderd zijn.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Wilde akelei bloeit vanaf mei tot en met juli met grote, paarsblauwe, knikkende bloemen, die in losse, armbloemige trossen aan het einde van de gebogen stengel en zijstengels staan. Na de bloei strekken de stengels zich en staan de vruchten rechtop. De bloemen hebben 5 uitstaande bloemdekbladen. De nectariën staan rechtop tussen de bloemdekbladen in, hebben dezelfde kleuren en aan de bovenkant een naar binnen gekromde spoor.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn gesteeld, bovenkant groen en kaal, onderkant blauwgroen en behaard. De wortelbladen zijn het langst gesteeld, dubbel 3-tallig met gelobde blaadjes, de bovenste zijn 3-tallig tot 3-spletig, de hoogste bijna zittend.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– overblijvend
– vrij zeldzaam tot zeldzaam
– ook als tuinplant
– 45 tot 60 cm

Bloem
– paarsblauw
– vanaf mei t/m juli
– armbloemige losse tros
– gespoord
– 3 tot 5 cm
– 5 bloemdekbladen, niet vergroeid
– meer dan 20 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– verspreid
– samengesteld
– (dubbel) 3-tallig tot 3-spletig
– top stomp
– rand gelobd of gaaf
– veernervig
– onderkant blauwgroen en behaard
– bovenkant groen en kaal

Stengel
– rechtop
– kort behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

mijne kop a4

 

Wede : Isatis tinctoria

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

isatis-tinctoria-wede-02

 

 

Goed te herkennen aan
– de gele pluimen kleine bloemetjes en
– bruin-zwarte hangende vruchten en
– lancetvormige blauwgroene bladeren met witachtige middennerf

 

 

wede1

 

 

 

Algemeen

 

Wede is een overblijvende plant, die tot 1,20 meter hoog kan worden. Wede is zeer zeldzaam. Oorspronkelijk komt wede van de steppen uit Oost-Europa en Azië.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Wede bloeit in mei en juni met kleine gele bloemetjes.

 

 

 

 

 

Blad

 

De blauwachtig groene bladeren zijn glad en hebben een licht gekleurde middennerf. De onderste bladeren zijn gesteeld, de bovenste omvatten de stengel met een pijlvormige voet.

 

 

 

 

 

Vrucht

 

Opvallend zijn de vruchten van de wede. De vruchten hangen en zodra ze beginnen te rijpen worden ze bruin-zwart. Ze zijn 1 (of 2)-zadig.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Wede is een waardplant van de oranjetip en het groot koolwitje. Tot in de 19de eeuw werd wede gekweekt voor de bereiding van blauwe verfstof. Deze kwekerijen verdwenen toen de Europeanen de kleurstof indigo uit India naar Europa brachten.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– overblijvend
– zeldzaam voorkomend
– 60 tot 120 hoog

Bloem
– geel
– mei en juni
– tros
– stervormig
– 2,5 tot 4 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– lancet- of pijlvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet pijlvormig, (half)
stengelomvattend
– veernervig, middelste nerf licht
gekleurd
– blauwachtig groen

Stengel
– rechtop
– grijsgroen, soms wat paars
aangelopen
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

wede

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

mijne kop a4

Invriezen: zo hoort het.

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Invriezen: zo hoort het

.

.

 

.
.
.
.

In augustus en september wordt er volop geoogst en geplukt. Wie slim is kijkt vooruit en vriest verse groenten en fruit in om er ook later nog van te kunnen genieten. De voedingswaarde van diepgevroren groenten en fruit is vergelijkbaar met die van verse producten, op voorwaarde dat de voedingsmiddelen correct worden ingevroren.

 

.

.

Invriestips

 

– Invriezen moet zo snel mogelijk en op een zo laag mogelijke temperatuur gebeuren, namelijk bij -24°C. De bewaartemperatuur in de diepvriezer bedraagt -18°C.
Bij sommige diepvriezers kan de capaciteit tijdelijk worden verhoogd om het invriezen te versnellen. Controleer of uw  naar behoren werkt. Leg een thermometer in het vriesvak en kijk de temperatuur na.

– Ga uit van verse producten van eerste kwaliteit.

– Blancheer verse groenten voor ze in de diepvriezer gaan. Dit om het verlies aan vitaminen en kleur onder invloed van de inwerking van enzymen te beperken. Dompel het voedsel een tweetal minuten in kokend water onder om de aanwezige enzymen te inactiveren. Spoel ze vervolgens kort met koud water af om het kookproces stop te zetten en verdere verslapping van het weefsel tegen te gaan.

– Groenten zijn beter bestand tegen invriezen dan vruchten, temeer omdat we ze in het algemeen na ontdooiing door middel van koken zachter maken. Fruit eten we liever stevig en ongekookt. Vruchten worden daarom zelden geblancheerd. De door enzymen veroorzaakte bruine verkleuring van ingevroren vruchten kan worden voorkomen door ze onder te dompelen in een suikeroplossing en/of ze met ascorbinezuur (vitamine C) te behandelen.

– Koel warme producten snel af voordat u ze in de vriezer plaatst (bijvoorbeeld door de pan/schaal in een bak met ijs te zetten).

– Gebruik geschikt verpakkingsmateriaal.

– Ga hygiënisch te werk.

– Maak kleine, platte pakketjes met zo weinig mogelijk lucht (maximaal 1 kg). Zo kan de koude sneller tot de kern doordringen en wordt ook vriesbrand vermeden. Vriesbrand ontstaat door verdamping van ijskristallen aan het oppervlak. Hierdoor worden zowel de structuur als de smaak van het product aangetast.

– Vries geen te grote hoeveelheden in één keer in.

– Voorzie elk diepvriespakje van een datum.

– Geblancheerde groenten bewaren 8 tot 9 maanden.

– Vries producten die al eerder bevroren zijn geweest, nooit opnieuw in. Hierdoor gaat de kwaliteit sterk achteruit en neemt de kans op een voedselvergiftiging toe.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Asperge / Liggende asperge : Asparagus officinalis

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

Goed te herkennen aan

– de kleine, licht geelgroene, klokvormige, hangende bloemetjes en
– de lijnvormige “bladeren” aan
– een sterk vertakte, struikvormige plant

 

 

gewone asperge

gewone asperge

 

 

 

liggende asperge

liggende asperge

 

 

 

Algemeen

 

Er komen twee soorten asperge voor : asperge en liggende asperge. De eerste soort wordt ook als groente gekweekt. De beide soorten lijken veel op elkaar. De foto met de groene vruchten is van liggende asperge, de andere van asperge.

Asperge en liggende asperge behoren tot de oorspronkelijke flora van de lage landen. Omdat asperge al eeuwen lang verbouwd wordt als groente, is het niet altijd vast te stellen of een in de natuur voorkomende aspergeplant oorspronkelijk wild dan wel een ontsnapte cultuurplant is. Men neemt aan dat de exemplaren langs de rivieren en in de duinen wilde planten zijn.

Asperge is algemeen voorkomend in de duingebieden en in Limburg. Elders is ze plaatselijk vrij algemeen. Ze groeit op droge tot vochtige, vaak geroerde zandgrond in duinstruikgewas, grindbanken en aan oevers.
Liggende asperge groeit op open plaatsen met droge, kalkrijke, grazige zandgrond in de duinen, vooral nabij bebouwing.

 

 

liggende asperge met bessen

 

.

 

Bloem

 

Beide asperge-soorten zijn overblijvende, sterk vertakte, struikvormige planten, die tot 2 meter hoog kunnen worden. Ze bloeien van mei tot en met juli met kleine, klokvormige, licht geelgroene, hangende bloemetjes.
Asperge is tweehuizig. Dat betekent dat een bloem mannelijk of vrouwelijk is en er aan een plant maar 1 soort bloem zit; er zijn mannelijke en vrouwelijke aspergeplanten.

 

 

asperge

 

 

 

liggende asperge

 

 

 

asperge

 

 

 

Blad en stengel

 

De naaldvormige “blaadjes” zijn geen blaadjes maar takjes. De eigenlijke bladeren zijn de kleine, schubvormige, driehoekige vliezen, die onderaan de stengel wat groter en daar duidelijker zichtbaar zijn.
In de herfst wordt de plant strokleurig en kleuren de bessen mooi oranjerood.

 

 

 

 

 

Insecten

 

De kleurrijke aspergehaantjes of aspergekevertjes (Crioceris asparagi) kunnen grote schade aanrichten. Zowel de volwassen kevers als de larven eten de groene delen van asperge en kunnen zo een hele plant kaal eten. Aspergetelers zijn daar uiteraard niet blij mee en bestrijden de kevers direct. De kevers zetten zwarte eitjes af loodrecht op de verschillende delen van de plant. Binnen een week komen de eitjes uit en zit de plant vol met grijze larven.

 

 

aspergekevertje

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

Zoals gezegd lijken asperge en liggende asperge erg op elkaar. De verschillen zitten in de stengel en de kleur en de lengte van de takjes. De stengel van liggende asperge is aan de voet geknikt, de takjes zijn grijsgroen en 5 tot 10 mm lang. Asperge heeft een rechtop staande stengel en de groene takjes zijn 5 tot 25 mm lang.

 

 

Algemeen

 

aspergefamilie (Asparagaceae)
– overblijvend
– algemeen tot zeer  zeldzaam
– 0,2 tot 2 meter

Bloem
– licht geelgroen
– vanaf mei t/m juli
– alleenstaand
– klokvormig
– 4 tot 6,5 mm
– 6 bloemdekbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– schubvormig
– top spits
– rand gaaf
– vliezig

Stengel
– rechtop of liggend
– kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

botanische-tekening-gr-asperge

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Akkervergeet-me-nietje : Myosotis arvensis

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

 

 

 

myoar-adultw-42_1344772939

 

 

Goed te herkennen aan
– trosjes kleine lichtblauwe, iets klokvormig verdiepte bloemetjes en
– de met afstaande haren bedekte kelkbladen en
– de vruchtstelen, die ongeveer 2x zo lang zijn als de vruchtkelk

 

 

myosotis_victoria_dsc00894

 

 

 

Algemeen

 

Akkervergeet-me-nietje is een zeer algemeen voorkomende, vrij dicht behaarde, eenjarige plant van 10 tot 60 cm hoog. Ze groeit op open, droge tot matig vochtige, voedselrijke grond in akkers, bermen, op dijken, aan bosranden en in de duinen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Akkervergeet-me-nietje bloeit vanaf mei tot in de herfst met kleine lichtblauwe bloemetjes, die in de knop roze zijn. In het begin van de bloei staan de bloemetjes in een opgerolde schichtvormige bloeiwijze aan het einde van de stengels en zijstengels.

In de loop van de bloeitijd ontrolt de schicht zich en verlengt de bloeistengel, zodat er uiteindelijk een langgerekte bloeiwijze ontstaat met aan de top bloeiende bloemen en lager aan de stengel vruchten, die verborgen zitten in de kelk.

De vruchtstelen zijn ongeveer 2 tot 3x zo lang als de vruchtkelk en staan in het midden van de bloeiwijze in een hoek van 45 tot 60 graden met de stengel.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn ongesteeld en zacht behaard. Vooral op zonnige plaatsen kunnen de bladeren wat gewelfd zijn en zijn de randen omgerold.

 

 

 

 

 

Toepassing

 

De medicinale werking van akkervergeet-mij-nietje tegen tuberculose is wetenschappelijk bewezen. Tuberculose komt gelukkig bijna niet meer voor.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

ruwbladigenfamilie (Boraginaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen
– 10 tot 60 cm

Bloem
– lichtblauw
– vanaf mei tot in de herfst
– schicht
– stervormig
– 2 tot 4(5) mm
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid en rozet
– enkelvoudig
– lancetvormig of langwerpig
– top spits of stomp
– rand gaaf
– 1-nervig
– behaard

Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond tot kantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria