Categorie: video/religie
Corona en de profetie

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget





.
.
.
.
.

.
Een lieflijke, vergulde vrouwenfiguur staat hier omgeven door zes engelen. Rechts van haar naderen zes welwil-lende gelovigen terwijl zich links van haar drie personen vijandig gedragen. Deze mensen over wie we reeds spra-ken, komen vanuit het noordrijk van de duivel en het ongeloof de Stad Gods binnen door de poort die zich be-vindt tussen de toren van Gods raadsbesluiten en de zuil van Gods Woord. Hier gebeurt eigenlijk iets heel be-langrijks in de geschiedenis van de Verlossing. Hildegard geeft deze Godskracht of deugd de naam Scientia Dei wat betekent het ‘Weten of kennen van God’. Maar dit begrip van kennen wordt in dubbele zin gebruikt.
In de eerste zin heeft men het over de mens die aan Zijn uitnodiging gehoor geeft en geloof schenkt aan de openbaring. In de tweede zin heeft men het over diegene die kennis wil vergaren over God. Hier komt de schei-ding der geesten. Zij die goed willen, ontvangen als bij het bruiloftsmaal het feestkleed. Zij die zonder kleed wil-len binnen dringen worden teruggedreven. Het is waar dat de Heer de armen van de straat door zijn dienaars liet ophalen opdat zijn feestzaal vol zou raken. Van ieder wordt echter geëist dat hij zich presenteert in een feest-kleed. De uitnodiging is een genadegeschenk, maar men moet er gevolg aan willen geven.
Nog een ander belangrijk aspect van de roeping tot het koninkrijk Gods komt hier naar voren. Velen zijn geroe-pen maar weinigen uitverkoren, om deel te nemen aan de uitvoering van Gods plannen. God heeft enkelen uit-verkoren om zijn medewerkers te worden in de verwerkelijking van het grote bouwplan. Als God, in zijn godde-lijke ijver om de vijand te verslaan, gaat beginnen samen met de gelovigen de drie gemetselde muren op te trek-ken, dan heeft Hij bijzondere medewerkers nodig. Aanvankelijk roept hij het joodse volk en oefent het in strenge discipline.
Met de gegevens van de vorige miniaturen is de kleurencombinatie hier gemakkelijk te ontleden. Dat zilveren driehoekje is een gedeelte van de lichtgevende muur, welke we opgetrokken weten van het oosten naar het noorden. De overeenkomst tussen de vergulde vrouwenfiguur en een Maria-voorstelling is zeker niet toevallig.
.
.
.
.
.
.
.
.
1 O, domme Galaten! Wie heeft jullie betoverd? Hoe kan het dat jullie het goede nieuws niet langer gehoorzamen? Ik heb jullie toch zó duidelijk de gekruisigde Christus beschreven!
2 Laat mij jullie deze ene vraag stellen: hebben jullie de Geest gekregen doordat jullie je aan de wet van Mozes hielden? Of kregen jullie Hem doordat jullie het goede nieuws hebben gehoord en geloofd?
3 Zijn jullie dan zó dom? Jullie zijn je nieuwe leven begonnen met de Geest. Eindigen jullie dan nu met het houden van regels?
4 Is alle ellende die jullie vanwege het geloof overkomen is, dan helemaal voor niets geweest? Als jullie je nu weer aan de wet gaan houden, is het inderdaad helemaal voor niets geweest.
5 God heeft jullie zijn Geest gegeven en doet wonderen bij jullie. Doet Hij dat omdat jullie je zo goed aan de wet van Mozes houden? Of doet Hij dat omdat jullie geloven wat ik jullie heb verteld?
6 Ook Abraham heeft God geloofd. Daarom zei God dat Abraham leefde zoals Hij het wil.
7 Jullie moeten begrijpen dat alleen de mensen die in Jezus geloven kinderen van Abraham zijn.
8 De Boeken wisten van tevoren dat God de niet-Joodse volken door hun geloof zou vrijspreken van schuld. Daarom hebben de Boeken van tevoren aan Abraham het goede nieuws verteld: “Door de zegen die op jou is, zullen alle volken gezegend worden.”
9 De mensen die hetzelfde geloof hebben als Abraham, ontvangen dus samen met Abraham Gods zegen.
10 Veel mensen willen leven zoals God het wil en daarmee vrij zijn van schuld. Daarom proberen ze zich precies aan de wet van Mozes te houden. Ze vertrouwen er op dat dat hen zal redden. Maar zij zijn vervloekt! Want er staat in de Boeken: “Iedereen die zich níet precies houdt aan alles wat er in het boek van de wet van Mozes geschreven staat, is vervloekt.”
11 En er staat ook: “Maar mensen die leven zoals Ik het wil, leven door hun geloof in Mij.” Het is dus duidelijk: niemand kan ervoor zorgen dat hij geen enkele schuld heeft tegenover God, door zich aan de wet van Mozes te houden.
12 Want bij de wet van Mozes gaat het niet om geloof, maar om het doen van de wet. Want er staat in de Boeken: “Als je alles doet wat de wet van Mozes zegt, zul je leven.”
13 Maar Christus heeft ons bevrijd van de vervloeking van de wet van Mozes. Hoe? Door Zelf die vervloeking op Zich te nemen. Want er staat in de Boeken: “Vervloekt is iedereen die aan een hout hangt.”
14 Zo kon God de zegen die Hij aan Abraham had gegeven, ook aan niet-Joodse volken geven. Namelijk als ze in Jezus Christus geloven. En door dat geloof konden we de Heilige Geest ontvangen die God had beloofd.
15 Broeders en zusters, ik zal dit uitleggen met een voorbeeld. Als je met iemand een verbond sluit, zetten jullie er allebei je handtekening onder. Daarna kan niemand dat verbond nog veranderen. Gods belofte aan Abraham is een verbond.
16 Nu is het zo, dat God zijn belofte deed aan Abraham en aan zijn kind. God zei niet: ‘kinderen,’ in het meervoud. Maar: ‘kind’, in het enkelvoud. Met dat kind bedoelde Hij Christus.
17 Ik bedoel dit: God sloot met Abraham een verbond dat over Christus ging. Pas 430 jaar later werd de wet van Mozes gegeven. Dan kan die wet dat verbond niet veranderen. Dus de belofte is er nog steeds.
18 Stel dat we Gods erfenis (= onze redding) zouden kunnen krijgen door ons aan de wet van Mozes te houden. Dan zou die erfenis niets te maken hebben met Gods belofte aan Abraham. Maar juist door zijn belofte aan Abraham liet God zien dat Hij hem wilde zegenen.
.
.
.
.
.
19 Waarom gaf God dan de wet? Om aan de mensen te laten zien dat ze schuldig waren. Want ze konden zich niet aan de wet houden. Maar ze moesten zich aan de wet van Mozes houden tót het Kind was gekomen dat God aan Abraham had beloofd. Engelen hebben op bevel van God de wet gegeven aan iemand die tussen God en de mensen in stond, namelijk Mozes.
20 Zo iemand is er niet als er maar één partij is. Hij is er alleen als er meer partijen zijn. God is Eén en Hij was de enige partij toen Hij zijn belofte aan Abraham gaf. Maar de wet is een verbond tussen twee partijen: God en Israël.
21 Botst de wet van Mozes dan met de belofte van God? Helemaal niet! Want als de wet de mensen had kunnen redden, dan zouden de mensen inderdaad vrij van schuld zijn geweest als ze zich precies aan die wet hielden.
22 Maar dat konden ze niet. Dus door de wet gingen de mensen juist zien hoe slecht ze zijn. Zo zouden ze gaan begrijpen dat ze alleen door geloof in Jezus Christus hun deel van de belofte zouden krijgen en niet door zich aan de wet van Mozes te houden.
23 Maar voordat dit geloof er kwam, beschermde de wet ons. De wet hield ons op het rechte pad. Pas later zouden we begrijpen dat we geloof nodig hebben.
24 De wet van Mozes was dus bedoeld om ons te leiden en op te voeden totdat Christus zou komen. En door in Christus te gaan geloven, zouden we kunnen worden vrijgesproken van schuld.
25 En nu het geloof is gekomen, hoeven we niet meer door de wet van Mozes geleid en opgevoed te worden.
26 Want door jullie geloof in Jezus Christus zijn jullie allemaal kinderen van God geworden.
27 Want alle mensen die in Christus zijn gedoopt, worden met Christus bedekt. Hij bedekt je zoals een kledingstuk je bedekt.
28 Hierbij maakt het niet uit of je Jood of geen Jood bent, slaaf of vrij mens, man of vrouw. Jullie zijn namelijk allemaal één in Jezus Christus.
29 En als jullie van Christus zijn, zijn jullie kinderen van Abraham. Daarom erven jullie zijn belofte. Zo is de belofte die God vroeger aan Abraham deed, nu ook voor jullie.
.
.
.
.
Paulus eindigt het tweede hoofdstuk met te zeggen: 21 Ik doe de genade van God niet teniet; want als er gerechtigheid door de wet zou zijn, dan was Christus tevergeefs gestorven.
Hij haalt dit zo uit het gebied waarvan iedereen kan denken dat het maar een mening of een zienswijze is. Hij zegt dat als je door de werken van de wet gerechtvaardigd zou zijn, dan is Christus tevergeefs gestorven.
En dat zou hen zelfs buiten het gebied van het christendom plaatsen. Ze konden zichzelf geen christenen blijven noemen en ze konden God niet aan het dienen zijn. Hij maakte dit zo tot een onderwerp waarover niet onderhandeld kon worden. Hij maakte er een prioriteit van.
Er zijn dingen die het niet waard zijn om strijd over te voeren, en andere dingen juist wel. En Paulus vond duidelijk dat het verschil tussen gerechtvaardigd worden uit genade of gerechtvaardigd door werken als een kwestie van de hemel of de hel, waarover hij niet bereid was ook maar een duimbreed toe te geven.
Het gaat erom dat je echt de boodschap van het kruis begrijpt, niet vanuit een historisch standpunt, maar echt begrijpt dat God letterlijk is gekomen en voor ons is gestorven. Hij heeft niet slechts een deel van de verzoening gedaan, maar het kruis laat zien dat Jezus ALLES betaald heeft. Hij stierf en droeg onze zonden.
Hij heeft echt letterlijk onze zonden in zijn eigen lichaam genomen en aan het hout gebracht. Dat staat in 1 Petrus 2:24. Als iemand een echt begrip van het kruis krijgt, dat Jezus deze enorme prijs voor ons heeft betaald, zou dat onmiddellijk moeten leiden tot een relatie met God op basis van genade.
Welke boete kunnen wij nog betalen? Wat kunnen wij mogelijk nog toevoegen aan de verzoening die Jezus al voor ons heeft betaald? Gaat iemand dan nog prediken van ‘je haar moet een bepaalde lengte hebben, je mag géén make-up gebruiken, je mag geen juwelen dragen’? Iemand die dat soort dingen predikt, dat is allemaal zó futiel, zo klein in vergelijking met wat Jezus al voor ons heeft betaald, zo iemand heeft de boodschap van het kruis gemist.
Die hebben niet begrepen dat Jezus ALLES betaald heeft. Want Hij moest het allemaal betalen. Wij konden onze eigen schuld niet betalen. Jouw eigen maat van heiligheid, jouw leven volgens de normen van een of ander religieus gedrag kunnen nooit jouw zonden compenseren en jou voor God aanvaardbaar maken. Dat is wat Paulus hier dus zegt.
Hoe kan zoiets nu gebeuren met iemand die de boodschap van het kruis heeft begrepen? Je wist dat Jezus kwam en stierf, en deed wat Hij deed, omdat jij totaal onmachtig was, want je was voor geen meter in staat jezelf te redden. Dat is de reden dat Jezus deed wat hij deed.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Geestelijke oorlogvoering vindt plaats in de onzichtbare, bovennatuurlijke dimensie, waar God almachtig is en Satan in opstand is gekomen. Zoals iedere christen al snel ontdekt, is geestelijke oorlogvoering een absolute werkelijkheid, ook al is deze onzichtbaar. De Bijbel spreekt op vele plaatsen over geestelijke oorlogvoering, maar het duidelijkst in Efeziërs 6:12, waarin Paulus schrijft over het aantrekken van de wapenrusting van God:
“Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen.”
.
.
.
.
.
.
.
Geestelijke oorlogvoering is een idee dat velen onder ons liever zouden afwijzen. Maar omdat de Bijbel spreekt in termen van oorlogvoering, kunnen we Gods beeldspraken maar beter gewoon aanvaarden, zodat we voldoende zijn uitgerust voor het echte gevecht. Als christenen hebben we hier op aarde met meer te kampen dan slechts “worstelingen”; de voorstelling van een geestelijke oorlogvoering is waarschijnlijk de beste beeldspraak voor deze realiteit. Omdat het om oorlogvoering gaat, draagt God ons in Efeziërs 6:14-18op om een heel specifieke verzameling wapentuig te gebruiken:
Houd stand, met de waarheid als gordel om uw heupen, de gerechtigheid als harnas om uw borst, de inzet voor het evangelie van de vrede als sandalen aan uw voeten, en draag bovenal het geloof als schild waarmee u alle brandende pijlen van hem die het kwaad zelf is kunt doven. Draag als helm de verlossing en als zwaard de Geest, dat wil zeggen Gods woorden. Laat u bij het bidden leiden door de Geest, iedere keer dat u bidt; blijf waakzaam en bid voortdurend voor alle heiligen…”
Gods wapenrusting is uniek: het zijn “wapens van de vrede”.
.
.
.
Geestelijke oorlogvoering is een realiteit in het christelijke leven. Maar vergeet niet dat we de afloop kennen: Gods leger wint. Omdat de duivel al heeft verloren, heeft hij niets te verliezen in zijn pogingen om zoveel mogelijk mensen met zich mee te sleuren in zijn val. Daarom lezen we:
“Ten slotte, zoek uw kracht in de Heer, in de kracht van zijn macht. Trek de wapenrusting van God aan om stand te kunnen houden tegen de listen van de duivel. Onze strijd is niet gericht tegen mensen maar tegen hemelse vorsten, de heersers en de machthebbers van de duisternis, tegen de kwade geesten in de hemelsferen.” (Efeziërs 6:10-11)
.
.
.
.
.
.
.
Apofylliet is kleurloos, geelachtig, groen of roze van kleur. De steen is doorzichtig tot doorschijnend en heeft een glasachtige tot parelmoerglans. Het mineraal is een gehydrateerd Fluor-houdend kalium-calcium-silicaat met de chemische formule KCa4(Si4O10)2F·8H2O. Het behoort tot de fylosilicaten.
De splijting is perfect volgens het kristalvlak [001]. Apofylliet heeft een gemiddelde dichtheid van 2,34 en de hardheid is 4 tot 5. Het kristalstelsel is tetragonaalen de radioactiviteit van het mineraal is nauwelijks meetbaar. De gamma ray waarde volgens het American Patroleum Institute is 63,07.
.
.
.
.
.
.
.
De naam van het mineraal apofylliet is afgeleid van het Griekse woord apophyllisoo, dat “schilferen” betekent.
.
.
.
.
.
Apofylliet is een secundair mineraal dat voornamelijk voorkomt in basalten. De typelocatie is Lonault en Poona ten zuidoosten van Bombay, India. Het mineraal wordt ook gevonden in Duitsland, Canada, Japan en de VS.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
Agaven zijn van oorsprong gewend aan weinig water. De Agave bevat net als een cactus veel huidmondjes. Hierdoor verdampt het ‘blad’ water nauwelijks. In de winterperiode kan de Agave prima helemaal droog staan.
Laat de grond van de plant eerst geheel opdrogen en 1 á 2 weken droog staan alvorens je nieuw water geeft. Voorkom ten alle tijden dat de plant met zijn wortels in het water staat. Dit zal wortelrot veroorzaken.
Indien je de kamerplant opmaakt met vulcastrat en een watermeter veranderd de watergift. Hierbij geef je eenmaal per drie weken water, totdat de watermeter begint te bewegen. Des te kleiner de uitslag, des te beter. De watermeter geeft namelijk aan dat er te veel water in de pot staat. Je kunt dan ook het beste de watergift stoppen vlak voordat de watermeter uitslaat. In de winter kun je eenmaal per 6 weken water geven.
Sproeien ter compensatie van droge lucht is voor een Agave niet nodig. In de winter kan een nevel dienen als waterbeurt. De meeste soorten kunnen namelijk via de huid water opnemen.
De Agave is gek op zonlicht. De plant is hierdoor ook geschikt voor een standplaats in de volle zon. Wanneer je de plant gaat verplaatsen laat deze dan geleidelijk wennen aan het verschil in lichtintensiteit, anders is er kans op bladverbranding. De Agave wenst het liefst minimaal 5 uur direct zonlicht per dag. Plaats hem daarom het liefst direct voor het raam. Tocht kan beter worden vermeden bij het selecteren van een standplaats.
Het verpotten van stekelige Agaven is niet gemakkelijk. Verpot een Agave daarom alleen als het echt noodzakelijk is. Bijvoorbeeld als de pot te klein wordt of de grond begint te verzuren. Wikkel de plant in met kranten en gebruik handschoenen. Vul de nieuwe pot aan met speciale Cactusgrond of meng universele grond aan met zand en/of hydrokorrels. Verpot de Agave bij voorkeur in de lente.
Verwijder bij het verpotten alle dode wortels en snij dode bladeren weg. De scherpe stekels van de Agave kunnen afgedekt worden door er een kurk op te plaatsen. Let bij het verpotten op dat de Agave zijn sap giftig is, voorkom blootstelling hieraan.
De Agave groeit langzaam, daarom verbruikt deze binnenplant weinig voeding. Bemesten is niet nodig in de rustperiode (winter) en niet noodzakelijk in de herfst. De Agave verlangt geen voeding maar waardeert het wel. Er is speciale vloeibare voeding voor Cactussen die ook erg geschikt is voor deze plantsoort. Hanteer hierbij de gebruiksaanwijzing. Gebruik nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de kamerplant geen voeding heeft gehad.
Verkleurde bladeren duiden bij een Agave vaak op een te veel aan vocht. Laat de plant enkele tijd droog staan alvorens er opnieuw water gegeven wordt. Wanneer er een grijze gloed over de bladeren heen komt duidt dit vaak op schildluis.
De Agave groeit van nature erg langzaam. Hierdoor is snoeien niet snel nodig. Verwijder gele, droge en rotte bladeren met een scherp mes. Het liefst in het voorjaar dan heeft de plant meer energie om te herstellen. Let op bij het snoeien dat het sap van deze plant giftig is en vermijd blootstelling. De Agave houdt na het snijden een wond over. Deze zal vanzelf dicht groeien. Pas echter op met kinderen en huisdieren.
Het is mogelijk om de Agave te vermeerderen. Snij een schijf van de moederplant af met een scherp mes. Laat deze snijwond zo’n 4 weken goed drogen en helen. Plant de stek vervolgens in Cactusgrond of meng 2 delen zand met 1 deel potgrond. De plant zal hierin gaan wortelen zolang het mengsel niet te vochtig wordt gehouden.
Zaaien is ook mogelijk. Je kunt dit het beste in de zomer doen. Gebruik hierbi hetzelfde mengsel als hierboven beschreven staat. De zaadjes zullen vanzelf uitkomen en langzaamaan uitgroeien tot een grote Agave.
De Agave kan bloemen produceren. Dit proces gebeurt pas na 7 á 10 jaar. Na de bloei zal de Agave sterven. Tijdens de bloei produceert de plant zeer hoog zijn bloemen. Ook zorgt de plant voor nakomelingen rondom de basis van de plant. Deze nakomelingen zullen uitgroeien tot nieuwe planten.
Het sap uit de Agave is hoogst giftig. Voorkom aanraking met deze wolfsmelk en raadpleeg huisarts bij contact met de ogen. Hiernaast is de Agave erg scherp, pas hiermee op met kleine kinderen en huisdieren.
Stekels of doorns kunnen diep doordringen in de huid. Dit kan leiden tot irritatie of ontstekingen. Het is beter dit te (laten) verwijderen.
De Agave kan last krijgen van schildluis. Dit kan worden bestreden met een periodieke besproeiing. Voor ergere vormen van schildluis raden wij chemische bestrijding aan.
Goed te herkennen aan
– helder roze (zelden witte) niet geurende bloemen,
– die overdag open zijn en
– de behaarde stengel en
– de grote, eveneens behaarde bladeren
Algemeen
Dagkoeksbloem is een overblijvende zacht behaarde plant, die 30 tot 90 cm hoog kan worden. De plant groeit op vochtige plaatsen met een pH waarde tussen 6,1 en 7,8, op voedselrijke laagveen-of zandgrond. Enige schaduw is gewenst, maar volle zon is geen probleem wanneer de bodem voldoende vochtig is en blijft. Hoewel de bloemen overdag open zijn, is de plant voor bestuiving grotendeels afhankelijk van nachtvlinders. Het natuurlijke verspreidingsgebied beslaat Europa, West-Azië en in Noord-Afrika in Marocco. De plant is ingevoerd in Noord-Amerika.
Bloem
Dagkoekoeksbloem bloeit vanaf mei tot en met oktober (november) met helder roze (zelden witte) bloemen. De hoofdbloei valt in mei en juni, maar in de herfst kan een tweede bloei plaatsvinden. De bloemen hebben vijf diep ingesneden kroonbladeren. Op het eerste gezicht lijken het er tien. Ze groeien in losse vertakte bloeiwijzen. De kelkbladen zijn vergroeid tot een kelkbuis. De kelkbuis van de mannelijke bloemen is smaller dan die van de vrouwelijke bloemen.
.
Algemeen
– anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– overblijvend
– zeer algemeen, sommige delen vrij zeldzaam
– 30 tot 90 cm
Bloem
– helder roze
– vanaf mei tot de herfst (winter)
– bijscherm
– stervormig
– 1,8 tot 2,5 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen
Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– langwerpig of ei-rond
– top spits
– rand gaaf
– veernervig
– onderste gesteeld
– bovenste zittend of kort gesteeld
– behaard
Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond
zie wilde bloemen