Tagarchief: bloemen

De Japanse kimono’s.

Standaard

categorie : mode en kledij

 

 

 

In ontwerp is het één van de meest simpele kledingstukken van de wereld, en toch bestaat er zo veel verschil en subtiliteit tussen de vele verschillende uitvoeringen en hun betekenissen. Dit artikel gaat over de algemene en huidige dracht van kimono’s.

 

 

 

Het woord kimono betekent letterlijk “ding om te dragen”; ki = aantrekken, dragen, mono = ding. Ze worden al eeuwen door de Japanse geschiedenis heen in vele vormen gedragen. Tegenwoordig draagt men in Japan vooral Westerse kleding, maar op bepaalde gelegeheden en een aantal festivals worden er door jong en oud nog steeds kimono’s uit de kast gehaald om het straatbeeld op te vrolijken.

 

 

Kleuren

 

Eerst wat over kleurengebruik in Japanse kleding en cultuur in het algemeen. Elk jaargetijde heeft zijn eigen traditionele kleurenschema’s, dit is zowel in de kunst als de kleding terug te vinden. De kleuren zelf hebben ook hun eigen betekenissen en associaties, net als hier in het westen.

 

 

56-141_663momiji

   momiji : japanse esdoorn, typische herfstkleuren in Japan.

 

 

 

asanoha asanoha

 

 

Het asanoha patroon is een populair zomerpatroon in Japan en stelt het hennepblad voor. Hennep wordt van oudsher veelal gebruikt voor zomerse werkkleding, de betekenis van het patroon heeft te maken met de sterkte en duurzaamheid van hennep. Men hoopt dus dat door het dragen van dit patroon in werkkleding wat van de goede eigenschappen van de plant in de drager worden opgenomen, hij wordt in elk geval steeds aan de boodschap herinnerd.

 

 

 

 De soorten kimono’s

 

 

De hadajuban

 

Dit is een onderkledingstuk, meestal van fijne katoen of linnen gemaakt. Het is wit of lichtroze van kleur en wordt op het naakte lichaam gedragen, niet alleen voor wat extra warmte maar ook om de bovenliggende zijden kledinglagen schoon te houden van zweet, zijde is immers moeilijk wasbaar. De hadajuban wordt onder zowel yukata’s als formele kimono’s gedragen.

 

 

DCF 1.0

.

.

De nagajuban

 

Dit is een tweede onderkimono, hij wordt alleen onder formele(re) kimono’s gedragen. De nagajuban is van zachte zijde en heeft een verstevigde kraag. Hij dient om de bovenliggende lagen alvast vorm te geven. Deze ondekleding  komt in allerlei gekleurde varianten voor, wit of lichtroze kom je het vaakst tegen. Het randje van de kraag van de nagajuban blijft te zien onder, of eigenlijk: boven de buitenste kledinglaag uit.

 

 

nagajuban

 

 

 

De yukata

 

De meest informele kimono is de yukata. Ze worden gemaakt als dagelijks kledingstuk, van katoen, zodat ze makkelijk in de was kunnen.Yukatas zijn voor alle leeftijden en beide sekses een makkelijk en luchtig kledingstuk voor de dagelijkse bezigheden. Het is een zomerkimono, maar er zijn wat dikkere varianten verkrijgbaar. Met een onderkimono of in laagjes zijn ze ook in de andere seizoenen te dragen. Ook wordt de yukata als pyama gebruikt, om in te slapen.

 

 

yukata

 

 

Vrouwen in Tokyo kunnen hun waaier, de uchiwa, in hun obi steken zodat ze hun handen vrij hebben. Dit zijn voorgestrikte “kant-en-klaar” obi’s, die makkelijk en snel voor dagelijks gebruik zijn. Yukatas hebben meestal drukkere patronen dan formelere kimono’s.

Deze patronen bedekken de hele kimono en kunnen van alles bevatten maar meestal zijn het bloemen of geometrische patronen. Voor kinderen zijn er vaak yukatas met konijntjes, usagi, of modernere varianten zelfs met Hello Kitty. Mannen dragen effen kleuren of geometrische patronen, kleuren zoals donkerblauw, zwart of grijs zijn geliefd.

 

 

 

De furisode

 

De letterlijke vertaling van furisode is “wiegende mouwen”. Dit is de meest formele kimono voor meisjes en ongetrouwde jonge vrouwen. Bruiden trekken vaak nog een laatste keer deze vrijgezellenkimono aan op de receptie van hun bruiloft. De patronen en kleuren zijn bijpassend voor jonge vrouwen; veel bloemen, vlinders en rozetinten. Vaak wordt de furisode door elkaar gehaald met de kimono’s die artiesten als maiko’s (leerling geisha’s) dragen, omdat ze ook lange mouwen hebben, maar de furisode heeft geen sleepje.

 

Ook hele jonge meisjes dragen deze plechtige kimono bij officiiële gelegenheden: De kimonos zijn nu nog wat aan de ruime kant, maar de kinderen zullen deze kledingstukken de komende jaren nog kunnen dragen. De patronen zijn passend bij de gelegenheden.

 

 

 

 

 

 

 

De houmongi

 

Dit is de formele kimono voor getrouwde vrouwen. Hij straalt boven alles netheid en degelijkheid uit, wat verwacht werd van de Japanse huisvrouwen, maar is ook een prima kimono om de stad in te gaan of wat te gaan eten. De kleuren en vooral de patronen zijn rustiger dan die van de furisode kimono’s, wat men meer bijpassend achtte voor getrouwde mensen.

 

 

houmongi

 

 

De irotomesode

 

Deze kimono kan door zowel vrijgezelle als door getrowde vrowen worden gedragen, bij officieuze alswel officiële gelegenheden. Het woord iro betekent “kleur”, dat wil zeggen dat de basiskleur van dit kledingstuk alles behalve zwart kan zijn. De mouwen hebben dezelfde standaardlengte als de houmongi, maar deze kimono is meer chique. De patronen zijn bij formele versies alleen op de onderkant aangebracht.

Bij sommige formele gelegenheden kan deze kimono worden gedragen in plaats van de formelere tomesode, in dat geval moet er op de aanwezigheid van ka mon worden gelet; familiewapens die in getale van één, drie of vijf op het kledingstuk kunnen voorkomen. Hoe meer het er zijn, hoe officiëler de gelegenheid waar de kimono voor bedoeld is. Deze ka mon of mon staan afgebeeld op de rugzijde, de mouwen en aan beide kanten van de borst. De kleur van de slippers en het tasje is bij formeel gebruik van deze kimono altijd zilver of goud.

 

 

 

Iroiro

 

 

De kurotomesode

 

De meest formele kimono voor allerlei serieuze gelegenheden en bepaalde familiebijeenkomsten. Kuro betekent zwart; deze kimono’s zijn zwart van kleur, maar er kunnen op de onderkant, zeker wat patronen op staan. De regel is: hoe formeler, hoe minder patroon, ook onder de meest formele kimono’s ondeling geldt dat. De ka mon zijn natuurlijk ook aanwezig.

 

 

kurotomesode

 

.

.

De shiromuku, irouchikaki en hikifurisode

 

Shiromuku

 

De shiromuku is de Japanse versie van de trouwjurk. Deze trouwkimono is sinds de Muromachi periode (1333-1568) een gekoesterde traditie. De trouwoutfit is compleet in het wit, met opgestoken haar vol met mooie spelden en een “hoedje”, er is ook een bijbehorende sluier of cape. De kleding bestaat uit de uchikake, de buitenste kimono en een voor daaronder; de kakeshita.

 

 

shiromuku

 

 

Irouchikake

 

Er kan ook een irouchikake worden gedragen in plaats van traditioneel wit; het is een rijkgekleurde en versierde uchikake. Vaak staan er gelukssymbolen zoals schildpadden en kraanvogels op.

 

 

uchikake_example

 

 

Hikifurisode

 

De hikifurisode, is een furisode met een sleepje. Het ontstond in de Edo periode (1603 – 1868) als formele trouwkleding voor samuraivrouwen. De mannen dragen hakama als ze gaan trouwen, dat is een wijde broek met zeven plooien, die ook door samurai en bepaalde hoogwaardigheidsbekleders werden gedragen. De zeven plooien staan voor de zeven deugden. Eroverheen gaat een haori, een soot kimonojasje, de officiële versie met alle ka mon op hun plek.

 

 

hikifuiro

 

 

De hakama

 

Thuis en om het huis kan de man een yukata dragen. Bij meer formele gelegenheden zullen mannen de hakama dragen. Hoewel er ook hakama zijn voor vrouwen, kun je meestal aan de kleuren en patronen zien voor welke sekse het kledingstuk in kwestie is bedoeld. Er bestaan ook speciale hakama voor bij het afstuderen, het is een speciale outfit vergelijkbaar met de afstudeerkloffies in Amerika, maar dan op zijn Japans. Verder worden deze wijde broeken nu nog veel gedragen in allerlei Japanse vechtsporten zoals kendo en iaido.

 

 

hakama

 

 

Mofuku

 

Mofuku is de naam voor Japanse rouwkleding. Alles is in het zwart, inclusief alle accesoires en schoenen. Alleen de tabi, de sokjes, en het zichtbare kraagrandje van de nagajuban zijn wit. Dit geldt voor zowel mannen als vrouwen.

 

 

mofuku

 

 

Maiko, geisha, oiran en theater

 

Naast de dagelijks gedragen kimono’s zijn er ook nog de speciale kimono’s voor artiesten zoals acteurs in Japanse theaters en entertainers zoals maiko’s en geisha’s. Deze kleding is natuurlijk opvallender dan de normale, met ingewikkeld gestrikte obi’s en prachtige kleuren.

 

 

Maiko kimono

Maiko kimono

 

 

 

Geisha kimono

Geisha kimono

 

 

 

Oiran kimono

Oiran kimono

 

 

Susohiki

 

Maiko’s, leerling geisha’s, dragen een susohiki. Deze kimono’s hebben net iets kortere mouwen dan de furisode en zijn wat langer met een sleepje zodat erin gedanst kan worden op de traditionele manier. Hierdoor krijgt het ook de typische beweging die je ziet als erin wordt gelopen, het heeft een zwevend effect. De maiko’s leren dit loopje op speciale geta, de okobo. Op het schuine deel van deze geta, daar waar de stof uitkomt, zit een bel vast.

 

 

susohiki

 

 

Hikizuri

 

De kimono van een geisha (of geiko zoals ze heten in Kyoto) heet de hikizuri, deze lijkt op een tomesode kimono, maar is ook langer met een sleepje. De mouwen zijn net iets langer dan bij de tomesode. Voor een geisha hetzelfde als voor iedere andere Japanse vrouw; hoe ouder ze wordt, hoe rustiger en simpeler haar kleding wordt. Gelukkig voor haar ook haar schoeisel; geisha’s lopen op zori of geta, afhankelijk van de gelegenheid. Het dansen van de geisha of maiko gebeurt op hun sokjes, de tabi.

 

 

hikizuri

 

.

.

Oiran of tayuu

 

Dit is van oudsher een hoge courtisane, zeker niet te verwarren met een geisha. De haardrachten zijn ingewikkeld en uitgebreid met een typerend groot aantal haarspelden. Een oiran draagt de strik van haar obi aan de voorkant, dat was vroeger het gebruik bij getrouwde vrouwen en prostituees.Over de kimono heen wordt een rijkversierde uchikake gedragen.

Ze lopen in nog zelfs hogere klompen dan de maiko, daarom hebben ze altijd begeleiders bij zich om ze te helpen niet op hun plaat te gaan, met alle stof en klompen is het zwaar tillen. Ook hebben ze een parasoldrager in hun nabijheid die een grote rode parasol boven het hoofd van de oiran houdt.

Het lopen gaat met een karakteristieke ronde voetbeweging naar buiten, dit is mede om niet over de kimono te struikelen als ie over de grond wordt gedragen. Er zijn tegenwoordig nog maar zo’n vier vrouwen in heel Japan die deze traditie in leven houden, het gaat hierbij om de levensstijl, niet zozeer de sexuele aspecten.

 

 

Kabuki en noh

 

Dit zijn oude Japanse theatervormen waarin men traditionele kleding draagt. Kabuki komt vanuit de shintoreligie en is een kleurrijk theater voor alle bevolkingslagen. Noh is ontstaat in de aristocratsche kringen en is door het uitheemse boeddhisme beïnvloed. In noh theater worden naast uitbundige kimono’s ook maskers gebruikt om personages weer te geven, in kabuki worden de gezichten van de acteurs beschilderd.

Sommige kimono’s bedoeld voor dit soort theater vertellen hele verhalen met hun motieven, zodat ze alleen maar voor een speciefiek stuk bruikbaar zijn. Ze zijn zo karakteristiek dat kenners aan alleen de kimono al kunnen zien om welk stuk het gaat.

 

 

nakubinoh

.
.
.

Accessoires bij de kimono

 

 

Obi

 

Een obi is het stuk stof van ongeveer 30 cm breed en minstens twee meter lang, wat als strik om het kadootje heen om de kimono heen gaat. De “strik” zelf, op de achterkant kent vele varianten, van simpel tot ingewikkeld, ook per gelegenheid en formaliteit verschillend. De meer ingewikkelde formen moeten door een tweede persoon worden geörigamied, de te kleden persoon kan dat onmogelijk zelf. Er zijn fijne, zijden obi’s voor in de zomer tot ceremoniële zware brocaten obi’s.

 

 

obi

 

.

Obijime

 

De obijime is een decoratief koord wat nog over de obi heengaat. Het wordt op de voorkant met een platte knoop, sierknoop of door middel van een obidome, een soort broche-achtig klemmetje, vastgemaakt. De losse einden worden meestal om de obijime heen om het middel geslagen naar achter toe.

 

 

Kimono_obijime_04

 

 

Aan de bovenzijde van de obi steekt een stuk stof uit, fijne zijde vaak bewerkt met speciale knoop- en verftechnieken waardoor de stof geribbeld wordt. Dit effect heet shibori, dat letterlijk “gekreukeld” betekent. Een shibori stof kun je nooit meer wassen omdat dan de ribbeltjes eruitgaan. Een sjaaltje van deze stof wordt langs de bovenkant van de obi gewonden en aan de voorkant vastgemaakt, de uiteinden worden onder de obi weggewerkt.

 

 

Japans traditioneel schoeisel en sokken

 

Geta en zori

 

Wat voor schoenen trek je aan onder een kimono? De geta bijvoorbeeld. Dit zijn houten teenslippers, het koord wat over je voet heengaat is van zijde of katoen gemaakt.De formelere zori zijn slippers van stof, tegenwoordig worden veel kunststoffen gebruikt die makkelijker zijn om schoon te houden.

 

 

Geta

Geta

 

 

 

Zori

Zori

 

 

 Tabi

 

Het was vroeger in Japan onfatsoenlijk om als vrouw je blote voeten te laten zien, daarom worden tabi gedragen; sokjes met een “losse” grote teen, zodat ze makkelijk in teenslippers gedragen kunnen worden. Meestal zijn ze wit, maar je ziet ze ook regelmatig in het zwart of andere kleuren, met en zonder patroon. Vroeger waren dit stugge sokjes die je met clipjes vastmaakte, tegenwoordig hebben ze tabi in alle mogelijke kleuren, patronen en stoffen, incllusief van rekbaar katoen zoals in het westen.

 

 

tabi

.
.

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Bloeiend in juli in de Lage Landen : deel 2

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

.

.

Bloeiend in juli in de Lage Landen. Elke bloem wordt in de categorie ” Kamerplanten en bloemen ” beschreven : zie zoeken

.

.

aardaker

.

.

baluwe monnikskap

.

.

akkerwortel

.

.

akkerdistel

.

.

akkerkers

.

.

akkerwinde

.

.

akkermelkdistel

.

.

basterdwederik

.

.

beenbreek

.

.

berganie

.

.

bezemkruiskruid

.

.

rode ogentroost

.

.

reuzenbalsemien

.

.

boekweit

.

.

blauwe zeedistel

.

.

bont boonkruid

.

.

bolderik

.

.

bosrank

.

.

brede lathyrus

.

.

duizendblad

.

.

roze vetkruid

.

.

echte valeriaan

.

.

franjekelk

.

.

gekroesde melkdistel

.

.

geel hartje

.

.

ruig klokje

.

.

gele ganzenbloem

.

.

gele maskerbloem

.

.

gele kamille

.

.

gewone agrimonie

.

.

gele monnikskap

.

.

gewone bereklauw

.

.

gewone melkdistel

.

.

grijskruid

.

.

gewoon biggenkruid

.

.

groot spiegelklokje

.

.

groot kaasjeskruid

.

.

grote egelskop

.

.

grote centaurie

.

.

grote pimpernel

.

.

grote engelwortel

.

.

grote wederik

.

.

grote teunisbloem

.

.

harig knopkruid

.

.

haagwinde

.

.

harig wilgenroosje

.

.

hokjespeul

.

.

jacobskruiskruid

.

.

hondsroos

.

.

kartuizer anjer

.

.

kale jonker

.

.

kikkerbeet

.

.

kattendoorn

.

.

klein springzaad

.

.

klein kaasjeskruid

.

.

klimopbremraap

.

.

klein streepzaad

.

.

knopig helmkruid

.

.

knoopkruid

.

.

korenbloem

.

.

koekruid

.

.

moederkruid

.

.

luzerne

.

.

moeraskers

.

.

moeraskruiskruid

.

.

moerasspirea

.

.

moerasrolklaver

.

.

muurpeper

.

.

moeraswespenorchis

.

.

oranje havikskruid

.

.

oostenrijkse kers

.

.

peen

.

.

penningkruid

.

.

puntwederik

.

.

poelruit

.

.

reuzenbereklauw

.

.

rechte ganzerik

.

.

schijfkamille

.

.

rimpelroos

.

.

stijve klaverzuring

.

.

steenanjer

.

.

tripmadam

.

.

teer guichelheil

.

.

tuinbingelkruid

.

.

trosglidkruid

.

.

vijfvingerkruid

.

.

veldlathyrus

.

.

vlas

.

.

vildganzerik

.

.

vlasbekje

.

.

vogelwikke

.

.

watermuur

.

.

waterkruiskruid

.

.

wilde kamperfoelie

.

.

waterpunge

.

.

wilde weit

.

.

wilgenroosje

.

.

wit vetkruid

.

.

wilde klaver

.

.

zandblauwtje

.

.

wouw

.

.

zeeaster

.

.

zeeraket

.

.

zwarte toorts

.

.

zwarte mosterd

.

.

schermhavikskruid

.

.

speerdistel

.

.

tweekleurig springzaad

.

.

struikhei

.

.

vertakte leeuwentand

.

.

viltig kruiskruid

.

.

watergentiaan

.

.

watermunt

.

.

wegdistel

.

.

wilde bertram

.

.

wilde cichorei

.

.

wilde marjolein

.

.

wolfspoot

.

.

witte honingklaver

.

.

zegekruid

.

.

zeepkruid

.

.

zomerfijnstraal

.

.

gewone zandraket

.

.

.

.

Bloeiend in juli in de Lage Landen : deel 1

Standaard

categorie :  Kamerplanten en bloemen

.

.

Bloeiend in juli in de Lage Landen. Elke bloem wordt in de categorie ” Kamerplanten en bloemen ” beschreven : zie zoeken

.

.

 herderstasje

 .

.

boerenwormkruid 

.

.                                                                                                                                                                

bleke droogbloem

.

.   

  paardenbloem

.

.                                                           

   paarse dovenetel

.

.

slanke sleutelbloem

.

.

winterpostelein

.

.

klein kruiskruid

.

.

kluwenhoornbloem

.

.

madeliefje

 .

.

vogelmuur    

 

.

.

akkerhoornbloem

.

.

kleine veldkers

 

.

.

canadese fijnstraal

.

.

duinreigersbek

 

.

.      

duinviooltje

.

.

gehoornde klaverzuring

.

.

gewone hoornbloem

.

.

gewone engelwortel

.

.

gewone reigersbek

.

.

gewone smeerwortel

.

.

grote ereprijs

.

.

grote kaardebol

.

.

grote muur

.

.

gulden sleutelbloem

.

.

hoenderbeet

.

.

hondsdraf

.

.

hazenpootje

.

.                                                             

hopklaver

.

.

klein vlooienkruid

.

.

heelblaadje

.

.

knikkende distel

.

.

koninginnekruid

.

.

korenbloem

.

.

overblijvende ossetong

.

.

ronde ooievaarsbek

.

.

raapzaad

.

.

scherpe boterbloem

.

.

tijmereprijs

.

.

kruisdistel

.

.

witte dovenetel

.

.

late guldenroede

.

.

lange ereprijs

.

.

liggende asperge

.

.

engelwortel

.

.

akker vergeet me nietje

.

.

akkerviooltje

.

.

avondkoekoeksbloem

.

.

basterdklaver

.

.

beekpunge

.

.

bermooievaarsbek

.

.

bittere veldkers

.

.

blaartrekkende boterbloem

.

.

blauwe waterereprijs

.

.

bleke klaproos

.

.

boksdoorn

.

.

brem

.

.

bonte wikke

.

.

dagkoekoeksbloem

.

.

donkere ooievaarsbek

.

.

echte koekoeksbloem

.

.

drienerfmuur

.

.

moerasandoorn

.

.

geel nagelkruid

.

.

muskuskaasjeskruid

.

.

gele helmbloem

.

.

gele morgenster

.

.

gele plomp

.

.

gewone brunel

.

.

gevlekt longkruid

.

.

gewone duivenkervel

.

.

gewone margriet

.

.

gewone ossentong

.

.

gewone rolklaver

.

.

.

gewone vogelmelk

.

.

speenkruid

.

.

glad walstro

.

.

groot streepzaad

.

.

grote klaproos

.

.

grote ratelaar

.

.

heggenwikke

 

 

hengel

.

.

herik

.

.

inkarnaatklaver

.

.

kleine ooievaarsbek

.

.

kleine klaver

.

.

.

kleine ratelaar

.

.

kleine pimpernel

.

.

knolsteenbreek

.

.

kromhals

.

.

liggende klaver

.

.

oranje springzaad

.

.

mannetjesereprijs

.

.

melkkruid

.

.

moerasvergeet me nietje

.

.

middelste duivenkervel

.

.

parnassia

.

.

muizenoor

.

.                                                                                                                                             

muurleeuwenbek

.

.

muurbloem

.

.

oosterse morgenster

.

.

phacelia

.

.

wilde wikke

.

.

pastinaak

.

.

rode klaver

.

.

robertskruid

.

.

roze winterpostelein

.

.

schijnpapaver

.

.

schijnaardbei

.

.

slibbladige ooievaarsbek

.

.

slangenkruid

.

.

smalle weegbree

.

.

smalle wikke

.

.

veldhondstong

.

.

stinkende gouwe

.

.

vergeten wikke

.

.

veldsalie

.

.

viltige hoornbloem

.

.

vingerhoedskruid

.

.

waterviolier

.

.

wede

.

.

weegbreezonnebloem

.

.

wilde akelei

.

.

wilde reseda

.

.

witte klaver

.

.

witte engbloem

.

.

witte waterlelie

.

.

witte krodde

.

.

zompvergeetme nietje

.

.

zachte ooievaarsbek

.

.

zwanebloem

.

.

zilverschoon

.

.

.

.

Bloemen bij speciale gelegenheden

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

Speciale gelegenheden

 

Natuurlijk kun je ook zonder speciale aanleiding bloemen laten bezorgen (of gewoon zelf geven), maar daarnaast zijn er toch een paar “speciale gelegenheden” die —althans binnen onze cultuur— onlosmakelijk met bloemen verbonden lijken:

 

 

  • Huwelijk (bruidsboeket)
    Een bruiloft zonder bloemen lijkt haast ondenkbaar. Toch is sprake van een vrij recente traditie: pas in de 19de eeuw ontstond de gewoonte om een bruidsboeket mee te dragen.

 

bruidsboeket-fel-roze

 

 

  • Moederdag
    Deze feestdag werd oorspronkelijk populair gemaakt door een Amerikaanse vrouw die de nagedachtenis aan haar moeder wilde eren, maar inmiddels heeft de commercie (van bloemisten tot banketbakkers) zich geheel van de dag meester gemaakt.

 

 

moederdag

 

 

 

  • Overlijden (rouwbloemen)
    Hoewel je de laatste tijd steeds vaker ziet dat nabestaanden liever iets geven aan een goed doel waarmee de overledene zich verbonden voelde, spelen rouwbloemen nog steeds een belangrijke rol bij begrafenissen en crematies.

 

 

bloemwerken-romana-063_

 

 

 

  • Valentijnsdag
    Sommigen schenken een sieraad vol diamanten, terwijl anderen bloemen sturen of een (al dan niet anoniem) gedicht schrijven voor hun geliefde… Deze feestdag, oorspronkelijk afkomstig uit de Angelsaksische wereld, wordt tegenwoordig ook bij ons enthousiast gevierd.

 

 

valentijnsboeket%20sjoeke3

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

De Arecapalm

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

Deze Areca palm heeft velen namen, zoals: Arekapalm, Goudpalm, Dypsis, Goudvruchtpalm en Chrysalidocarpus Lutecens. De Areca komt van oorsprong uit de vochtige tropen van Madagaskar. De Areca behoort tot de familie Araceae ook wel Palmae. De Areca is redelijk voordelig omdat de palm snel groeit en daardoor voordelig te kweken is. Daarentegen vraagt de snelle groei voor meer onderhoud, omdat ouder blad sneller lelijk wordt.

 

 

areca_palm_1

 

 

De grond moet altijd vochtig blijven, zonder dat de Areca met zijn wortels in een laagje water staat. Wanneer de grond uitdroogt beschadigd dit de palm. Het is daarom raadzaam om regelmatig water te geven. Bijvoorbeeld eens per week in de winter en 2x per week in de zomer. Regelmatig kleine beetjes is beter dan eens heel veel. Steek een vinger in de grond om te controleren of de grond vochtig aanvoelt.

Bij een nieuwe huiskamerplant is het verstandig dit regelmatig te doen. Na enkele keren water geven leer je vanzelf hoeveel en hoe vaak jouw Areca nodig heeft. Het is van belang dat de Areca lauw water krijgt bovenop de wortelkluit en niet vanaf onder per schaal. Zo voorkom je dat de kleinere palmpjes met kortere wortels niet uitdrogen.

De hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren zoals standplaats en grootte van de palm. Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 4 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder per gietbeurt.

 

 

 

Watersysteem

 

Indien je de kamerplant opmaakt met vulcastrat en een watermeter veranderd de watergift. Hierbij geef je eenmaal per week water, totdat de watermeter begint te bewegen. Des te kleiner de uitslag, des te beter. De watermeter geeft namelijk aan dat er te veel water in de pot staat. Je kunt dan ook het beste de watergift stoppen vlak voordat de watermeter uitslaat. In de winter kun je eenmaal per twee weken water geven.

 

 

 

Sproeien

 

Hoe meer hoe beter. Sproei een Areca het liefst dagelijks. Vooral in de winter wanneer de kachel aan staat is sproeien zeer raadzaam. Geef de Areca eens een douche, de badkamer ruikt dan heerlijk naar jungle. Dit werkt preventief tegen ongedierte en verwijdert stof. Gebruik warm water en dek de grond af met huishoudfolie.

 

 

220px-Dypsis_lutescens1

 

 

Licht en Warmte

 

Als woonkamerplant verdraagt een Areca niet te lang direct zonlicht. De palm wenst echter wel veel licht. Daarom gedijt de Goudpalm het beste voor een raam op het noorden. Een raam op het westen of oosten is niet ideaal maar wel geschikt wanneer de standplaats ongeveer 2 meter van het raam is. Indien er alleen een raam op het zuiden is, plaats de Areca dan 3 tot 4 meter van het raam. Bovenstaande afstanden zorgen ervoor dat de plant ongeveer 3-5 uur direct zonlicht ontvangt. Bij te veel direct zonlicht kleuren de bladeren geel.

 

 

 

Mnimale temperatuur

 

Overdag:21 ℃’S

nachts:18

 

 

 

Verpotten

 

Een Areca verpotten kan direct na aanschaf, maar bij voorkeur in het voorjaar. Een grotere pot geeft de Areca een grotere waterbuffer, omdat de grond vocht kan absorberen. Hiermee is de kans op verdroging kleiner. Neem een sierpot met een diameter van minimaal 20% breder als de vorige. Gebruik gewone universele potgrond of speciale palm grond. Probeer hierbij zo min mogelijk wortels te beschadigen. Gebruik bij hoge vazen een inzethoes. Dit voorkomt rottend water onderin de pot, wat buiten het bereik van de wortels is. Wanneer de wortels al het water kunnen opnemen, is de kans op rot minder.

 

 

 

 

 

Voeding

 

De Areca groeit snel, daarom is regelmatige voeding aan te raden. Bemesten is niet nodig in de rustperiode (winter) en niet noodzakelijk in de herfst. Geef eens per week vloeibare voeding voor palmen. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de binnenplant geen voeding heeft gehad.

 

 

 

Onderhoud

 

Verkleurde bladeren

 

De Areca verkleurt snel geel bij te veel direct zonlicht. In dat geval is het raadzaam de palm een meter verder van het raam te plaatsen. Bruine puntjes zijn vaak niet te voorkomen. Ook Areca’s in de natuur hebben deze bruine punten. Vooral het oudere blad wat onderaan de palm hangt zal hiervan last krijgen. Meer sproeien zal het verse blad langer mooi houden.

 

 

 

Snoeien

 

Zoals hierboven beschreven zal het blad van een palm op den duur lelijk worden. Een palm maakt namelijk bovenaan in de kern nieuw blad aan en de onderste bladeren sterven af. Bij een Areca gaat dit proces relatief snel, dit heeft als nadeel dat er regelmatig gesnoeid moet worden. Het oudere blad dat niet meer mooi is kan je het beste bij de stam afknippen. Dit zal namelijk nooit meer herstellen en kost de plant alleen maar energie. De stam zelf kan niet gesnoeid worden. Hierdoor zal de palm sterven.

 

 

 

Vermeerderen

 

Areca’s zijn alleen te vermeerderen uit zaad.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

De Areca palm gaat pas bloeien wanneer de plant een bepaalde leeftijd heeft bereikt. Exemplaren voor in de woonkamer zullen dit stadium niet behalen.

 

 

Giftig

 

De Areca is niet giftig.

 

 

 

Ziektes

 

De Areca groeit van nature in vochtige omstandigheden. Een droge lucht maakt de kamerplant vatbaarder voor spint daarnaast kan tocht leiden tot wolluis.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

De Phoenix Canariensis of de Canarische Dadelpalm

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

Phoenix Canariensis is afkomstig van de Canarische eilanden.

Vandaar ook de naam Canarische Dadelpalm.

De plantenfamilie is Araceae.

 

 

1130

 

 

Phoenix Canariensis onderhoud

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

Phoenix Canariensis palmen zijn planten die veel water verbruiken. De grond mag nooit uitdrogen. Maar pas op dat de palm niet met zijn wortels in het water staat. Controleer geregeld met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. Wanneer de grond droger wordt kan je de Phoenix Canariensis opnieuw water geven.

De hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren zoals de standplaats en grootte van de kamerplant. Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder per gietbeurt.

Wanneer de Phoenix Canariensis buiten staat zal de palm nog meer water verbruiken. Vooral op warme dagen is dagelijks water noodzakelijk.

 

 

Sproeien

 

De Phoenix Canariensis is gevoelig voor spint wanneer de palm binnen staat. Vooral op kantoren waar de lucht droger is. Het is daarom raadzaam om deze palm 2x per week te sproeien. Dit werkt preventief tegen spint. De palm geregeld verwennen met een zomers regenbuitje is nog beter.

 

 

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

 

Zonnig

 

Plaats de Phoenix Canariensis op een zonnige standplaats. Het blad verdraagt direct zonlicht. Ook buiten kan de palm in de volle zon staan. Ouder blad kan verbranden in het directe zonlicht, maar het nieuwe blad is hier prima tegen bestand. Wanneer de Phoenix Canariensis te donker staat, zal de palm geen nieuw blad aanmaken.

Plaats deze kamerplanten 1 tot 2 meter voor het raam. Zodat de palm minimaal 5 uur direct zonlicht ontvangt.

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 6 °C

‘S nachts: +/- 1 °C

 

Het komt de palm ten goede wanneer deze in de winter koeler staat dan de normale kamer temperatuur

 

 

 

 

 

Verpotten

 

Je kunt de Phoenix Canariensis verpotten direct na aanschaf, maar doe dit bij voorkeur in het voorjaar. Gebruik universele potgrond of palm grond. Gebruik een sierpot waarbij de diameter minimaal 20% breder is dan de vorige. Geef na het verpotten iets minder water zodat de wortels opzoek gaan naar water. Dit zal het herstel van eventuele beschadigde wortels versnellen. Bij hogere temperaturen groeien wortels sneller, dit is de reden dat de lente het ideale moment is om te verpotten. Een grotere wortelkluit komt de gezondheid ten goede, verpot daarom eens per 3 jaar.

 

 

phoenix_p_40_met_hoogte_1

.

.

Voeding

 

Geef eens per week vloeibare voeding voor palmen in de groei periode. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de palm geen voeding heeft gehad. Het is aan te raden om de plant in zomer en het voorjaar te bemesten. Dit is niet nodig in de rustperiode (winter) en de herfst. Gedurende deze perioden groeit de plant namelijk niet. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste dosering mest.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Bruine of gele bladeren (of bladpunten) zijn vaak de onderste bladeren van een palm. Meestal is er niets mis met de gezondheid van de palm, maar is dit het natuurlijke proces. Bovenin vormen zich weer mooie verse groene bladeren.

Indien veel bladeren, en niet alleen de onderste krans, bruin of geel worden. Kan dit het gevolg zijn van teveel of te weinig water. Ook kan een plotseling overgang naar teveel direct zonlicht de oorzaak zijn.

Dichtgeknepen blad is een teken van een lage luchtvochtigheid of een tekort aan water in de grond. De V-vorm van het blad staat onder gunstige omstandigheden open. Gaat de kachel aan, dan is de kans groot dat het blad zich samen vouwt.

 

 

 

 

 

Snoeien

 

Bruine bladpuntjes kun je simpelweg wegknippen met een gewone schaar. Verwijder de onderste laag bladeren indien deze lelijk worden. Dit gaat het gemakkelijkst indien je de veren naar beneden buigt en vervolgens zo dicht mogelijk bij de stam het blad afsnijd. Je kunt hier ook een sterke snoeischaar voor gebruiken. Pas hierbij wel op voor de doorns. De stam kan niet afgezaagd worden bij een palm, hierdoor zal de palm sterven.

 

 

Vermeerderen

 

Het vermeerderen van palmen kan alleen door middel van zaaien. Dit is een langdurig proces. Wil je dit toch doen, verhoog dan de temperatuur tot rond de 25 graden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Het is zeldzaam dat de Phoenix Canariensis in de woonkamer bloeit. Alleen volwassen exemplaren bloeien, maar dit stadium is lastig haalbaar binnenshuis.

 

 

Giftig?

 

De Phoenix Canariensis is niet giftig. Maar pas wel op voor de doorns.

 

 

Ziektes

 

Phoenix Canariensis palmen zijn gevoelig voor spint. Dit kun je voorkomen door veelvuldig te sproeien (2x per week). Indien er toch spinsel aanwezig is, kan je het beste de palmen buiten plaatsen. Wind en regen zullen snel de spint(mijt) verdrijven.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Koekruid : Vaccaria hispanica

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de roze -anjerachtige bloemetjes met buikige, op de hoeken gevleugelde, groene kelk en
– de aan de voet vergroeide grijsgroene bladeren

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Koekruid is een eenjarige, onbehaarde plant, waarschijnlijk oorspronkelijk afkomstig uit Zuidoost-Europa. In de Lage Landen kan je haar vinden in ingezaaide bermen. Ze zit ook in zaadmengsels voor de tuin.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloeitijd is juni en juli. Ze bloeit met anjerachtige, roze bloemen, die in ijle schermen staan. De bloemen hebben 5 hartvormige, meestal aan de top getande, donker geaderde kroonbladen en een 5-kantige, buikige, groene kelk, die op de hoeken breed gevleugeld is.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn langwerpig tot eirond en 2 aan 2 aan de voet vergroeid. Net als de vertakte stengels zijn ze bedauwd grijsgroen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– eenjarig
– zeldzaam, incidenteel
– tuinplant uit Zuid-Europa
– 30 tot 60 cm

Bloem
– roze, zelden wit
– juni en juli
– bijscherm
– stervormig
– 1 tot 1,5 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen, hoekig vergroeid
– 10 meeldraden
– 2 stijlen

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– langwerpig tot eirond
– top spits
– rand gaaf
– voet half stengelomvattend
– 1-nervig
– bedauwd grijsgroen

 

 

 

 

 

 

 

Klein springzaad : Impatiens parviflora

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de kleine, lichtgele bloemen met nagenoeg recht spoor aan rechtopstaande stelen en
– de in verhouding tot de bloemen grote, donkergroene bladeren met fijn gezaagde rand

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Klein springzaad is eenjarige, kale plant, die groeit op vochtige, matig voedselrijke (omgewerkte) grond in loofbossen, parken en ook tussen riet. Ze wordt 20 tot 60 cm hoog. Oorspronkelijk is ze afkomstig uit Midden- en Zuid-Azië en heeft zich inmiddels verspreid over grote delen van Europa.

 

 

Klein springzaad

 

 

 

Bloem

 

Klein springzaad bloeit vanaf juni tot en met oktober met lichtgele bloemen, die met 4 tot 10 bij elkaar op rechte stelen in okselstandige trossen staan. De bloemen hebben een kort, nagenoeg recht spoor, dat aan het onderste kelkblad zit. Dat kelkblad heeft dezelfde kleur als de bloem. De overige 2 kelkbladen zijn kleiner en groen en zitten aan de zijkant van de bloem. Het bovenste kroonblad heeft een groene kiel. Op de twee onderste kroonbladen en wat dieper in de bloem (aan het begin van de spoor) zitten donkergele vlekken met rode streepjes of stippen.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren staan verspreid aan de stengel. De bovenste zijn groter dan de onderste.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De zaden kunnen rauw of gekookt gegeten worden. Het verzamelen van zaad is echter lastig, omdat rijpe vruchten bij aanraking openspringen en het zaad wegschieten.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

klein springzaad : lichtgele kleine bloemen, nagenoeg recht spoor (niet teruggekromd), rechtopstaande bloemstelen.

groot springzaad : gele bloemen, krom spoor, hangende bloemstelen.

oranje springzaad : oranje bloemen met roodachtige vlekken, krom spoor, hangende bloemstelen.

reuzenbalsemien : bloemkleur is een combinatie van roze/lila/paars en wit, krom spoor.

tweekleurig springzaad : bloemkleur is een combinatie van roze/lila/paars en wit, nagenoeg recht spoor, recent ingeburgerd in stedelijke gebieden.

 

 

groot springzaad

 

 

 

oranje springzaad

 

 

 

reuzenbalsemien

 

 

 

tweekleurig springzaad

 

 

 

Algemeen

 

balsemienfamilie (Balsaminaceae)
– eenjarig
– algemeen tot zeldzaam
– 20 tot 60 cm

Bloem
– lichtgeel
– vanaf juni t/m oktober
– tros, 4 tot 10 bloemen
– gespoord
– incl. spoor tot 1,5 cm lang
– 5 kroonbladen, vergroeid
– 3 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig
– top toegespits
– rand fijn gezaagd
– voet wigvormig
– veernervig
– donkergroen
– iets glanzend

Stengel
– rechtop
– kaal

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

 

Aromatherapie : nuttige tips

Standaard

categorie : reiki en de aura

 

 

 

Aromatherapie tips & gebruik:

 

Etherische olie wordt op natuurlijke wijze uit sommige delen van planten gewonnen (bloemen, bladen, wortels, hout en vruchten). Deze oliën kan je verdampen en gebruiken in bad. Zij zullen evenwicht brengen in lichaam en geest.

 

 

aromatherapie

 

 

 

Massage olie zelf maken

 

Om je eigen massageolie te maken kan een basisolie of neutrale massage olie mengen met één of verschillende etherische oliën. Bewaar het mengsel op een koele & droge plek, in een goed afgesloten flesje. De meeste meng-sels zijn 6 tot 8 weken houdbaar.

 

 

Massageolie

 

Gebruik niet meer dan 30 druppels etherische olie op 100 ml basisolie of neutrale olie. Je kan 1 of meerdere (best niet meer dan 3 per mengsel) etherische oliën combineren voor een thema. Je kan best eerst kleine hoeveelheden maken om te zien of de mengeling goed werkt. Een nuttige tip = 20 druppels etherische olie is ongeveer 1ml.
Fysieke kwalen als bijv. reuma verlangen een hogere concentratie dan emotionele of psychische kwalen.

 

 

Hierbij hou je rekening met

 

Op het lichaam: meng de etherische olie met een basisolie en breng dit aan op plaats van de klacht. (zie dosering)
Emoties& psyche behandelen: verdamp de olie (of combinatie van verschillende oliën) in een geurverdamper.

Spiritueel – Energetisch: neem 30 ml basis olie (bvb zoete amandelolie), doe daar 1 druppel van elke etherische olie in. (niet meer dan 3 soorten oliën combineren voor spiritueel gebruik)

Bij een massage olie voor het gezicht of voor kleine kinderen is een dosering van 0,5% etherische olie meer als genoeg! Neem bij het maken van ieder product zorgvuldig de contra-indicaties van de gebruikte producten in acht. Let extra op met de dosering bij zwangerschap of andere ziektes.

Bij twijfel raadpleeg een arts of aromatherapeut! Loop niet in de zon na het aanbrengen van je massage olie (met etherische oliën), sommige oliën zijn fototoxisch en zouden huidirritatie kunnen veroorzaken na blootstelling aan de zon.

 

 

Verdamping

 

Een paar druppels in een geurverdamper en je huis geurt heerlijk naar sandelhout, lavendel,… Op deze manier ga je emoties en de psyche kalmeren en positief beïnvloeden.

 

 

In het bad

 

Voor een heerlijk bad neem je een glaasje melk en doe er (zie dosering) de druppels etherische olie bij. Even omroeren en deze samenstelling doe je bij het badwater als het bad volledig vol is. Géén badschuim toevoegen! Je kan de etherische olie ook mengen in wateroplosbare neutrale badolie. Het is belangrijk dat je de voorge-schreven dosering NIET overschrijdt!

 

 

Dosering in bad

 

volwassenen: maximum 15 druppels kinderen: maximum 5 druppels baby’s: maximum 1 druppel Zwangere vrou-wen mogen géén etherische olie gebruiken zonder uitdrukkelijk advies van een aromaspecialist.

 

 

Veiligheid

 

Gebruik etherische olie nooit puur op de huid. Zwangere vrouwen mogen géén etherische olie gebruiken zonder uitdrukkelijk advies van een aromaspecialist. Sommige oliën zijn fototoxisch! Bij alle etherische oliën die afkomstig zijn van de schil van citrusvruchten is het belangrijk dat men blootstelling aan zonlicht (of zonnebank) moet wor-den vermeden tot ca 12 uur na gebruik op de huid. Met citrus oliën moet altijd opgelet worden bij een gevoelige huid.

 

 

Bewaren

 

Etherische oliën verdampen snel, dus kan je ze best op een koele en droge plaats bewaren. Bewaar ze buiten bereik van kinderen en huisdieren! De meeste etherische oliën kunnen niet zonder risico ingenomen worden. Gebruik etherische oliën uitsluitend inwendig als u voldoende kennis heeft of raadpleeg een arts. Over het al-gemeen is echter de werking bij uitwendig gebruik sterker dan bij inwendig gebruik.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Grote pimpernel : Sanguisorba officinalis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– eironde tot langwerpige, donkerrode tot bruinrode bloemhoofdjes
– in een vertakte bloeiwijze op
– lange stelen, die bovenaan kaal zijn

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Grote pimpernel is een overblijvende, pollen vormende plant van 30 tot 100 cm hoog. Ze groeit op natte tot vochtige, voedselrijke grond in hooilanden, aan waterkanten, in bermen en langs spoorwegen. Ze is plaatselijk algemeen voor komend in de Lage landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Grote pimpernel bloeit vanaf juni tot en met september. De bloemen staan bij elkaar in een aarvormige bloei- wijze. Ze hebben 4 donkerrode tot bruinrode kelkbladen; kroonbladen ontbreken. Ze leveren veel nectar en lokken daarmee verschillende insecten en vlinders. Onderaan het hoofdje worden de nieuwe bloemen gevormd; de bovenste bloemen zijn het verst uitgebloeid. Pas geopende bloemen hebben nog witte kelkbladen.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn oneven geveerd; ze bestaan uit 7 tot 13 gesteelde, langwerpige tot ovale deelblaadjes met een gezaagde rand. De bovenkant is groen, de onderkant is blauwgroen.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Grote pimpernel is de waardplant van twee dagvlinders, donker pimpernelblauwtje en pimpernelblauwtje. Beide vlinders waren in de jaren 70 van de vorige eeuw bijna verdwenen. In 1990 zijn beide soorten geherintroduceerd en kunnen zich nu handhaven. Donker pimpernelblauwtje heeft zich in 2001 weer spontaan gevestigd in Limburg.

 

 

pimpernelblauwtje

 

 

 

Toepassingen

 

Grote pimpernel heeft bloedstelpende eigenschappen. In Rusland en China wordt de plant daarvoor nog steeds gebruikt. Thee van de bladeren werkt heilzaam tegen ontstekingen in mond en keel. Verder bevat de plant stoffen tegen darmstoringen, die ook nu nog in de homeopathie gebruikt worden.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Naast grote pimpernel is er ook kleine pimpernel . De tweede helft van de naam is de grootste overeenkomst; ze zijn makkelijk van elkaar te onderscheiden. Kleine pimpernel is in alles kleiner. Beide soorten hebben eironde tot langwerpige bloemhoofdjes. Die van kleine pimpernel zijn groenig met rode accenten. Kleine bevernel heeft vergelijkbare bladeren, maar is bloeiend duidelijk van grote pimpernel te onderscheiden door de witte schermbloemen.

 

kleine pimpernel

 

 

 

kleine bevernel

 

 

 

Algemeen

 

rozenfamilie (Rosaceae)
– overblijvend
– algemeen tot ontbrekend
– 30 tot 100 cm

Bloem
– donkerrood tot bruinrood
– vanaf juni t/m september
– hoofdje
– 1 tot 3 cm
– 4 bloemdekbladen
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven veervormig
– top spits
– rand gezaagd
– voet hartvormig of afgerond
– veernervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal
– gegroefd

zie wilde bloemen