Tagarchief: bijbel

Het hemels getal 12 en de 12 bloed-rode manen tussen 1948 en 2018.

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

het getal 12 komt 187 keer voor in de Bijbel

het getal 12 komt 187 keer voor in de Bijbel

 

 

 

Opmerkelijk is dat het getal 12 (of een veelvoud daarvan) zo veelvuldig voorkomt in de Bijbel. Dat is geen toeval.

 

Wie het getal twaalf noemt herinnert vanzelfsprekend aan de twaalf zonen van Jacob, de stamvaders van Israël en aan de twaalf discipelen van Jezus. Hieronder een veelvoud van voorbeelden:

  • 12 zonen van Jacob (= Israel – Gen. 32:28; 1 Kronieken 2:1,2)
  • 12 vorsten Ismaël (Genesis 17:20)
  • 12 waterbronnen (Exodus 15:27)
  • 12 kolommen (Exodus 24:4)
  • 12 toonbroden (Leviticus 24:5)
  • 12 mannen (Deut. 1:23)
  • 120 jaar Mozes (Deuteronomium 34:7)
  • 12 stenen (Jozua 4:8)
  • 12 steden (Jozua 18:24)
  • 120 talenten goud (1 Koningen 10:10)
  • 24 priestergroepen (1 Kronieken 24)
  • 24 zanggroepen (1 Kronieken 25)
  • 24.000 Levieten (1 Kron. 23:4)
  • 12 runderen (1 Koningen 19:19)
  • 12 leeuwen (2 Kronieken 9:19)
  • 12 jaren (Nehemia 5:14)
  • 12 maanden (Esther 2:12)
  • 12 tekens Dierenriem (Job 38:31-33)
  • 12 ellen Ariel (altaar) (Ezechiel 43:16)
  • 120.000 mensen (Jona 4:11)
  • 12 apostelen  (Marcus 3:13-19)
  • 12 manden volle koren (Mattheus 14:20)
  • 12 tronen (Mattheus 19:28)
  • 12 legioenen engelen (Mattheus 26:53)
  • 12 jarige dochter van Jairus (Lucas 8:42)
  • 12 jaar bloedvloeiende vrouw (Lucas 8:43)
  • 120 personen (Handelingen 1:15)
  • 24 ouderlingen (Openbaring 4:4,10)
  • 12 sterren (Openbaring 12:1)
  • 12 poorten, 12 paarlen, 12 engelen (Openbaring 21:12) – namen 12 geslachten Israëls – namen 12 apostelen Nieuw Jeruzalem
  • 144.000 verzegelden (12 x 12.000 uit elke stam Israëls – Openbaring 7:4 e.v.
  • 12 fundamenten (Openbaring 21:14)
  • 144 ellen (Openbaring 21:19,20)
  • 12.000 stadiën (Openbaring 21:16)
  • 12 edelstenen (Openbaring 21:19,20)
  • 12 vruchten (Openbaring 22:2)

 

We zouden het getal twaalf het best kunnen omschrijven als :

 

 Israël, een volk in zijn geheel met een perfect bestuur!

 

Het is logisch, dat het getal twaalf ook telkens te voorschijn komt als het gaat over de vertegenwoordiging van het volk. Als de kinderen Israëls na door de Schelfzee getrokken te zijn, in de oase Elim aankomen vinden ze daar niet minder dan twaalf bronnen. Eenzelfde karakter als de twaalf heeft ook zijn verdubbeling de vierentwintig. De priesterschare is verdeeld in vierentwintig afdelingen en er zijn vierentwintig zanggroepen van elk twaalf Levieten. Vierentwintigduizend Levieten houden toezicht op werk in het huis des Heren.

De vermelding van de twaalf manden voor het overgeschoten brood in de geschiedenis van de eerste wonderbare spijziging wordt door velen terecht verstaan als een verwijzing naar de messiaanse maaltijd met het gehele volk.

Als Jezus bij zijn gevangenneming zinspeelt op de mogelijkheid dat twaalf legioenen engelen zullen te hulp komen, dan is dit getal wel gekozen met het oog op de twaalf die bedreigd worden.

Een belangrijke rol speelt het getal twaalf ook in het boek van de Openbaring van Johannes. We horen over de vrouw met de krans van twaalf sterren, de dochter van Sion, het volk Israël of de gemeente van God. Zij is geheel Israël. In de beschrijving van het Nieuwe Jeruzalem worden twaalf poorten getekend met twaalf engelen en namen, ‘welke zijn die van de twaalf stammen van de kinderen Israëls’. ‘De muur der stad had twaalf fundamenten en daarop de namen van de twaalf apostelen van het Lam’. Lengte, breedte en hoogte van de stad zijn twaalfduizend stadiën.

 

 

de 12 stammen van Israël

de 12 stammen van Israël

 

 

 

De vaste tijden

 

In Exodus 25:8,9 lezen we het volgende: ‘En zij zullen Mij een heiligdom maken, en Ik zal in hun midden wonen. Gij zult het maken overeenkomstig alles wat Ik u toon, het model van de tabernakel en het model van al het gerei’.

Dit heiligdom heeft in Exodus 27:21 als naam ” tent der samenkomst”. In het latijn heeft het de naam tabernakel. Het woord wordt ook gebruikt voor ‘vaste tijden’.

In Genesis 1:14-16 zegt God:

‘dat er lichten zijn aan het uitspansel des hemels, om scheiding te maken tussen de dag en de nacht, en dat zij dienen tot aanwijzing zowel van vaste tijdenals van dagen en jaren’. Die lichten zijn voor de dag de zon en in de nacht de maan en de sterren. Hier zijn de zon, de maan en de sterren dus aanwijzingen  voor vaste tijden! 

Waarom wordt hetzelfde Hebreeuwse woord gebruikt voor vaste tijden en de tent der samenkomst?

Dus zoals we zagen gaat het in Genesis om de verschijning van zon, maan en sterren op vaste tijden.

In Leviticus 23:2 en 4 lezen we het volgende: Daar zegt God tegen Mozes:

‘De Feesttijden des Heren, die gij zult uitroepen als heilige samenkomsten, zijn Mijn Feesttijden. Dit zijn de Feesttijden des Heren, heilige samenkomsten, die gij uitroepen zult op de daarvoor bepaalde tijd’.

We zien hier dus dat de vaste tijden ook Feesttijden des Heren zijn, en die Feesttijden vallen op vaste tijden in de loop van het jaar.

 

God’s feestkalender

Israëls Feesten onderscheiden we als volgt:

  • Pesach – het Pascha (Deut. 16:6 – 1 Cor. 5:7-8)
  • Het feest der ongezuurde broden (Deut. 16:3 – 1 Cor. 5:8)
  • Het feest der eerstelingen (Exod. 23:19 – 1 Cor. 15:20)
  • Sjawoe’ot – het feest der weken of het pinksterfeest (Deut. 16:10 – Hand. 2:1 -Gal. 3:28)
  • Rosh Hasjana – het feest van het bazuingeschal (Leb. 23:24 – 1 Cor. 15:52, 31)
  • Yom Kippur – de grote verzoendag (Lev. 16:30 – Hebr. 9:28)
  • Sukkot – het loofhuttenfeest – (Ex. 23:16 – Joh. 1:52)
  • Het sabbatjaar en het jubeljaar – (Lev. 25:3, 4 – Lev. 25:8-10)

 

 

 

 

Gods feestkalender

Gods feestkalender

 

 

 

Deze vaste Feesttijden leiden tot heilige samenkomsten op de plaats van ontmoeting, zoals God zegt in Exodus 29:42, 43: ‘Ik zal daar samenkomen met de Israëlieten’. “Daar” betreft dan de tent der samenkomst.

Dus eerst zagen we de vaste tijden, die verklaart worden vanuit de hemellichamen (zon, maan en sterren). Vervolgens de vaste tijden, die tegelijk Feesttijden des Heren zijn, en plaatsvinden op precieze data. En al deze betekenissen lopen uit op de plaats van ontmoeting.

Zo kunnen we verstaan dat de tent der samenkomst (tabernakel), vaste tijden van hemellichamen, en vaste tijden van de Feesttijden, drie in het Hebreeuws gelijkluidende termen zijn, die tezamen de bedoeling aangeven, dat het volk Israël zijn God ontmoet op vaste tijden!

 

 

 

Twaalf bloed rode manen

 

Om weer terug te keren naar het hemelse getal 12 stellen we vastdat vanaf de oprichting van de staat Israël op 14 mei 1948 er 3 x 4 {tetrad} dus 12 bloed rode manenzich manifesteerden in het hemels uitspansel op de vaste tijden, de ‘Feesttijden des Heren’.

Als volgt weergeven: Lunar eclipses

  1. 1948: 23 April              – 14 Nisan/Passover              Partial
  2. 1948: 18 Oktober         – 15 Tishri/Sukkot                 Penumbral
  3. 1949: 13 April               – 14  Nisan/Passover            Total (blood red moon)
  4. 1949:   7 Oktober         – 14 Tishri/Sukkot                 Total (blood red moon)
  5. 1950:  2 April                – 15 Nisan/Passover             Total (blood red moon)
  6. 1950: 26 September     – 15 Tishri/Sukkot                Total (blood red moon)
  7. 1967: 24 April                – 14 Nisan/Passover            Total (blood red moon)
  8. 1967: 18 Oktober          – 14 Tishri/Sukkot                 Total (blood red moon)
  9. 1968: 13 April                – 15 Nisan/Passover             Total (blood red moon)
  10. 1968:  6 Oktober           – 14 Tishri/Sukkot                Total (blood red moon)
  11. 2014: 15 April                – 15 Nisan/Passover              Total (blood red moon)
  12. 2014:  8 Oktober           – 14 Tishri/Sukkot                 Total (blood red moon)
  13. 2015:  4 April                 – 15  Nisan/Passover             Total (blood red moon)
  14. 2015: 28 September     – 15 Tishri/Sukkot                 Total (blood red moon)

 

 

 

BLOODMOON-670x374

 

 

 

We zien hier in de eerste kolom bij de Lunar eclipses 4 opeenvolgende {tetrad} bloed rode manen in de jaren 1949 en 1950 op Passover (Peseach) en Sukkot (Loofhuttenfeest) nadat op 14 mei 1948 de staat Israel werd uitgeroepen.

Vervolgens 4 in de jaren 1967 en 1968 als Jeruzalem op 7 juni 1967 heroverd wordt en nu de ondeelbare hoofdstad van Israel is (Luk. 21:24)!

In 2014 en 2015 was er opnieuw een tetrad te zien zijn van bloed rode manen. Het religieuze jaar begon dan met een totale zonsverduistering op de 1e Nisan, met twee weken later gevolgd door een bloed rode maan op Passover. Het burgelijk jaar opende met een zonsverduistering op de 1e Tishri/RoshHasjana gevolgd door weer een bloed rode maan op Sukkot in 2015.

 

Geen 4 {tetrad} opeenvolgende bloed rode manen deden zich voor in de 16e – 17e – 18e – en 19e eeuw.

 

Bloed rode manen,tekenen van het naderbij komenvaneen theocratisch interim-rijk op aarde, ofwel het messiaanse rijk.

 

 

 

opname_wederkomst

 

 

De demonische uitroeiing van een groot deel van het Joodse volk en het schouwspel van een uit alle delen van de wereld naar Palestina/Israël toestromend en onweerstaanbaar oprijzend overblijfsel van Israël, heeft veler ogen weer geopend voor de wonderlijke invloed van de oudtestamentische profetie.

Een moderne staat als Israël belet velen nog verband te leggen tussen de oude profeten en het hedendaagse denken, maar wie de profetie kent weet dat Israël in geloof (Messiaanse gelovigen) terug zal keren om later als volk zijn God (Jesjoea, de Messias) te ontdekken. De terugkeer van Juda uit de verstrooiing is vanouds door alle insiders als de ouverture tot de eindtijd der menselijke geschiedenis beschouwd!

Het theocratisch interim-rijk op aarde, ofwel het messiaanse rijk, is geen christelijk rijk, maar een Christus-rijk,waarin Messias Jesoea (Jezus) mét zijn aan hem verbonden Lichaam, de gemeente,  als Koning en Rechter over de dan levende mensheid regeert.

Het apocalyptische visioen van een tijdelijk Godsrijk, waarin de duivelse machten zijn uitgeschakeld en een bepaalde orde in de hemel opgenomen gelovigen met Christus over de volken regeert, plaatst de oudtestamentische profetie over een messiaans rijk in een bepaald nieuwtestamentisch kader en het verklaart vooral de tijdelijke en nog zondige elementen in dit rijk.

De profetie over een messiaans rijk profeteert van het tijdelijke ( 1000 jaar ) naar het eeuwige rijk heen, maar bevat toch elementen van onvolkomenheid, die onmogelijk toepasselijk kunnen zijn op het eeuwige rijk. De mensen zijn er nog sterfelijk, hoewel zij zeer oud worden en een 100-jarige nog een jongeling genoemd wordt (Jes. 65, 20a), er zijn vijanden die zich geveinsd onderwerpen (Zach. 14, 17-19; Ap. 20, 7-10), en mensen kunnen gedood worden om hun zonden (Jes. 65, 20b).

Andere profetieën spreken:

over de tempeldienst te Jeruzalem en een ‘hoeden der heidenen’ met een ‘ijzeren scepter’ (Jes. 66, 21-23; Ps. 2, 9; Ap. 2, 26, 27),

‘Leiders van wetenschap en verstand’ zullen de volken in Godskennis onderrichten (Jer. 3, 15; Jes. 30, 20-21; 11, 9; Hab. 2, 14),

Israel zal het religieus-culturele centrum van dit wereldrijk zijn (Jes. 60, 2, 10-22; 61, 5; 62, 1-2; Zach. 8, 13, 22-23; 14, 16),

Christus is hier de theocratische Koning over de wereld waarin alles aan hem onderworpen is (Ps. 95, 10; Jes. 2, 4; 3, 13; 51, 5; Ap. 2, 26-27; 12, 5; 19, 15),

Zijn gezag is bemiddeld aan de Davidische messias (Jes. 16, 5; 55, 3-4; Jer. 30, 9; Ez. 34, 23-24; 37, 25),

de mensheid leeft onder een wettig regiem (Ps. 9, 9; 67, 5; 95, 10; 96, 10; 98, 9; Jes. 2, 1-5; 42, 1, 15-17; Zach. 14, 16-21).

Men behoeft slechts met enkele trekken het beeld uit deze profetie te schetsen om het onderscheid met de tegenwoordige gemeente van gelovigen en het eeuwige Godsrijk te onderkennen. Het kan alleen ‘geplaatst’ worden in de tijd die volgt op de verschijning van de antichrist (Ap. 20, 1-3 verg. Ap. 12, 9; 13, 1-5, 11-18; verg. Dan. 7, 19-27), en de wederkomst van Christus (2 Thess. 2, 1-4), een historisch tijdperk dat voorafgaat aan het eeuwig Koninkrijk Gods (1 Kor. 15, 23-28).

Het Messiaanse Rijk zal, na een laatste poging van de duivelse machten om Gods heilswerk te vernietigen, overgaan in het eeuwige Volkomen Koninkrijk. Satan, de demonen en de onbekeerden zullen dan voor eeuwig in de vuurpoel gegooid worden.

De korte tijd van de duivelse uitbarsting toont in de eerste plaats de consequente volharding van het kwaad na een 1000 jarige periode van passiviteit (Ap. 20, 1-2, 3, 5, 7), en dienst vervolgens als een laatste selectie onder de dan levende mensheid. Want ondanks de paradijselijke staat waarin de mensheid gedurende het messiaanse rijk op aarde onder leiding van de Messias Jesjoea leeft, zal blijken dat velen zich geveinsd aan deze theocratische wereldorde hebben onderworpen (Ap. 20, 7-8).

De ‘plasregens’ van zegen en kennis van Jahweh (Ik ben die Ik ben – Ex. 3:14)  hebben het volkomen Godsrijk op aarde zeer nabij gebracht, maar desondanks zullen bepaalde volken zich toch laten verleiden om dit alles ongedaan te maken. Wanneer deze opzet neergeslagen is en de duivelse machten met hun volgelingen voor eeuwig buiten het Koninkrijk Gods gestoten worden, volgt het laatste oordeel over de doden en wordt het heilsplan voleindigd in de dubbele gestalte van het Koninkrijk Gods: een hemels rijk en een aards rijk.

Deze rijken zijn echter niet gescheiden. Ofschoon het hemels Godsrijk de gehele kosmos omvat, wordt de hemel met de aarde verbonden door de ‘schakel’ van het Nieuwe Jeruzalem, een voor beide rijken gemeenschappelijk ‘centrum’, waar de communicatie plaats vindt ( Ap. 21, 1-5, 10-27; 22, 1-5).

De categorieën als transcendentie en immanentie, eeuwigheid en tijd, heden en toekomst, hemel en aarde, gemeente en wereld, gemeente en Israël, zijn in de structuur van het Koninkrijk Gods dus geen tegenstellingen die elkaar uitsluiten, maar elkander inhoudende, insluitende en aanvullende elementen!

Samenvattend kunnen wij het Koninkrijk Gods in zijn wijdste betekenis omschrijven als dat deel der schepping, dat Hij zich eeuwig toeeigent. Een deel van de schepping staat ‘tegenover God’, zowel in de mensenwereld als in de wereld van kosmische machten. Ook dit deel is ‘eigendom’ van de schepper. Het kan uitsluitend door de scheppingskracht van God bestaan, maar na de afsluiting van het heilproces is het gedoemd voor eeuwig ‘buiten’ God en zijn Rijk te bestaan. Het is het ‘niets’ buiten God, zoals een schaduw ook ‘niets’ is maar toch ‘bestaat’.

Datgene wat in de schepping beantwoordt aan de liefde Gods is het Koninkrijk Gods en als het voltooid is, is ook aan de zin van de schepping voldaan.

De mens is ooit geopenbaard dat hij het gezag zal hebben over al de schepselen op aarde. Dit gezag valt hem toe als hij de volkomen mens is geworden, het beeld en de gelijkenis van de Volkomen Mens in God. Evenals in de engelenwereld scheidt zich een deel  van de mensheid af om uiteindelijk in eeuwige Gods vijandigheid buiten het Koninkrijk Gods te verteren. Het deel dat God in liefde volgt is evenwel niet eenvormig en van gelijke hoedanigheid. Er zijn ‘niveaus’ en ‘geledingen’ in de volkomen mensheid. Zij die positief reageren op de openbaring Gods worden wel allen volkomen mens, maar niet alle in gelijke ‘rang’ of hoedanigheid. Men krijgt wat men verdient.

Voor het aardse rijk zijn alle heidenen bestemd die niet tot de gemeente ofwel het Lichaam van Jesjoea behoren, maar wél in het Boek des Levens bij het Laatste Oordeel worden gevonden (Ap. 20, 11-15).

Het Koninkrijk der hemelen ofwel het Messiaanse rijk is de erfenis van allen die tot het Lichaam van Jesjoea behoren en allen die in het anti-christelijke tijdperk uit de grote verdrukking de Messias alsnog hebben aangenomen (Ap. 7, 9-17), waaronder ook de ‘verzegelden’ uit het overblijfsel van Israël in die dagen (Ap. 14, 1-5 verg. Ap. 7, 1-8).

 

Ik zal wondertekenen geven aan de hemel en op de aarde: bloed en vuur en rookzuilen. De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed, voor die dag van de Heere komt, die grote en ontzagwekkende’ (Joel 2:30-31; Hand. 2:16-21).

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

De Ark van Noach

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Arc van Noach

 

 

 

 

 

Een wereldwijde overstroming die overleefd wordt door acht mensen en een heleboel dieren in een boot.In die boot zitten een man met zijn vrouw, drie zoons met hun vrouwen en een vertegenwoordiging van alle landdieren en vogels. Is dat een realistisch verhaal, of een sprookje? Stonden echt alle bergen onder water? Is daar wel genoeg water voor? Was er wel genoeg ruimte in die boot voor alle beesten? Allemaal goede vragen.

Dat er ooit een hele grote overstroming geweest is, kunnen we afleiden uit het feit dat er wel 270 verschillende legenden van bekend zijn onder vele volken, die overeenkomsten vertonen met de geschiedenis van Noach in de Bijbel. De Bijbel bevat echter het enige verslag dat goed wetenschappelijk te onderbouwen is. Het is een zeer gedetailleerd verslag, waarin precies beschreven wordt wanneer elke gebeurtenis plaatsvond en wie er bij betrokken waren. Van de overlevenden is zelfs gedurende vele generaties het geslachtsregister bijgehouden.

 

 

Afmetingen

 

De verhoudingen van de Ark waren ideaal voor een containerschip op zee. Als hij langer was geweest, was hij comfortabeler voor de opvarenden, maar dan kon hij makkelijker breken. Als hij hoger was geweest, was hij sterker, maar minder stabiel. En als hij breder was geweest, was hij stabieler, maar minder comfortabel. De ark had de perfecte afmetingen voor een juiste balans tussen stabiliteit en comfort en was zeevaardig voor een zeereis van ruim een jaar.

 

 

Inhoud

 

Noach had voldoende tijd om zijn boot te maken, aangezien hij 600 jaar oud was toen de overstroming kwam en hij 120 jaar van tevoren door God gewaarschuwd werd. Omdat Noach dichter bij de oorspronkelijke schepping zat werd hij ouder en was hij waarschijnlijk ook slimmer en sterker dan wij. Misschien zelfs wel groter, zodat ook zijn ‘el’ (de gebruikte lengtemaat in de Bijbel, van vingertoppen tot elleboog) groter was. Het moet een vaartuig geweest zijn van ongeveer 150-200 meter lang.

Dat Noach mogelijk groter was dan wij is geen goedkoop verzinsel om zijn el en daarmee de Ark groter te maken. Zelfs als Noach iets kleiner was dan wij, dan was de Ark nog groot genoeg geweest voor alle beesten die mee moesten. Het aantal beesten dat in de Ark ging, volgens het Bijbelse verslag, moet rond de 16000 gelegen hebben. In een boot met de afmetingen die worden beschreven in Genesis 6 zou nog ruimte over geweest zijn. Bedenk dat Noach de vissen en insecten niet mee hoefde te nemen, die vallen niet onder beschrijving in Gen. 6,7. Alleen de landdieren en de vogels hoefden mee.

 

 

Zondvloedmodel

 

Wanneer we kijken naar de mogelijkheden die een zondvloedmodel biedt, zullen we zien dat een heleboel feiten  beter verklaard kunnen worden. Wetenschap wordt het beste bedreven vanuit het wereldbeeld dat de Bijbel ons biedt. Het is dus niet zo dat gelovigen alles wat in de Bijbel staat zonder kritische beschouwing accepteren en de feiten negeren.

Er is geen enkele meting of waarneming die de betrouwbaarheid van de Bijbel tegenspreekt. Dat wil niet zeggen dat daarmee alles verklaard is, maar geloven hoeft geen blind proces te zijn. Geloven in de God van de Bijbel is niet het zoeken naar een verklaring in het bovennatuurlijke als hier op aarde iets niet begrepen wordt. Het is een zekerheid van een universele waarheid, die ondersteund wordt door onze waarnemingen.

 

 

 

 

Dino’s te groot?

 

Een veel gehoord bezwaar is dat die gigantische dinosauriërs nooit op die ark konden. Men vergeet dan dat jonge dieren kleiner zijn dan de oude. Ze waren niet altijd groot. Elk beest begint klein. Overigens had gemiddeld een volwassen dino de grootte van een schaap. Een dinosaurusei was ongeveer zo groot als een struisvogelei. Jonge dino’s hoefden niet groter te zijn dan een hond of een koe. Jonge beesten wegen minder, eten minder, slapen meer en hebben een betere weerstand. Na de zondvloed zouden ze ook langer leven om de aarde opnieuw te bevolken.

 

 

Een jaar op zee

 

Veel beesten houden een winterslaap of worden heel rustig tijdens vervoer op zee. Daarnaast was het voeren van de beesten en schoonhouden van de hokken geen onmogelijke taak. Zelfs met eenvoudige middelen is dit goed te automatiseren. De Ark had aan de bovenkant rondom een opening voor ventilatie, dus grote stankoverlast en explosiegevaar was er niet.

 

 

Alle soorten mee?

 

Sommigen vragen zich af hoe alle soorten die we kennen in de Ark konden. Maar er staat in de Bijbel niet dat alle ‘soorten’ mee gingen.
In de scheppingsgeschiedenis lezen we dit:

Gen 1:24 “En God zeide: De aarde brenge levende zielen voort, naar haar aard, vee, en kruipend, en wild gedierte der aarde, naar zijn aard! En het was alzo.”

In het zondvloed verhaal lezen we dit:

Gen 6:18-21 “Maar met u zal Ik Mijn verbond oprichten; en gij zult in de Ark gaan, gij, en uw zonen, en uw huisvrouw, en de vrouwen uwer zonen met u. En gij zult van al wat leeft, van alle vlees, twee van elk, doen in de Ark komen, om met u in het leven te behouden: mannetje en wijfje zullen zij zijn; Van het gevogelte naar zijn aard, en van het vee naar zijn aard, van al het kruipend gedierte des aardbodems naar zijn aard, twee van elk zullen tot u komen, om die in het leven te behouden. En gij, neem voor u van alle spijze, die gegeten wordt, en verzamel ze tot u, opdat zij u en hun tot spijze zij.”

Gen 7:14-15 “Zij, en al het gedierte naar zijn aard, en al het vee naar zijn aard, en al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt, naar zijn aard, en al het gevogelte naar zijn aard, alle vogeltjes van allerlei vleugel. En van alle vlees, waarin een geest (de adem) des levens was, kwamen er twee en twee tot Noach in de Ark.”

 

 

“Naar zijn aard”

 

Een logische conclusie is dus dat Noach de oorspronkelijk geschapen soorten mee moest nemen. Dat waren er veel minder dan het aantal verschillende soorten die ondertussen uit die grondsoorten waren voortgekomen of gefokt. Dat houdt in dat bijvoorbeeld van de hondachtigen alleen een paar meeging dat het meeste van de oorspronkelijke informatie in zich had,waarschijnlijk een wolfachtige. We zien dat ze “kwamen” en dat houdt in dat Noach niet zelf hoefde uit te zoeken welke dieren mee moesten om de soortenrijkdom te laten ontstaan die we nu zien. De beesten waren toen toch nog vrij dicht bij de oorspronkelijke schepping en er was nog niet veel mutatie opgetreden.

– “…En waarin een geest (adem) des levens was”: Hier vallen de insecten niet onder omdat die niet ademen zoals andere wezens. Insecten kunnen ook makkelijk een overstroming overleven op stukken wrakhout en als larven of poppen in de grond en in het water. Verder moeten we gewoon aannemen dat God de beesten liet komen die moesten overleven. Daarvoor hoefde alleen de basissoort te komen. Daaruit zijn na de zondvloed alle huidige soorten ontstaan.

 

 

Zaden

 

Noach moest volgens de beschrijving ook zaaddragend gewas meenemen. Hoeveel zaden hij bij zich had om later uit te zaaien wordt niet vermeld, maar we kunnen aannemen dat God er wel voor heeft gezorgd dat de meest kwetsbare zaden in de Ark bewaard bleven. De meeste zaden kunnen trouwens prima overleven in een grote overstroming. Dit gebeurt normaal gesproken op grote losgeslagen matten met vegetatie die door overstromingen worden meegesleurd. Ze overleven vaak ook in de grond en in het geval van de zondvloed mogelijk zelfs in het ijs dat ontstond vanwege de verduistering van de zon door vulkanisch as en een dik wolkendek.

 

 

Vleeseters

 

Hoe zit het met de wilde en vleesetende beesten? Een veel gemist feit is dat de Bijbel pas na de zondvloed melding maakt van het eten van vlees. In Gen. 9:3,4 zegt God tegen Noach dat hij nu naast gewassen ook beesten mag eten. Het is heel goed mogelijk dat de beesten zich voor de zondvloed ook nog hielden aan het dieet dat God had ingesteld bij de schepping. Als dat inderdaad het geval was, dan waren er dus nog geen roofdieren en zou dat in de Ark geen problemen gegeven hebben. En zelfs als er wel roofdieren waren, dan is God zeker bij machte geweest om ze een poosje rustig te houden en ze tijdelijk op het oude voedselpatroon te laten leven.

 

 

 

Bergen onder water

 

 

 Petrus  in 2Petrus 3:3-7 :

“Dit moeten jullie eerst weten, dat er in de laatste dagen spotters zullen komen, die alleen maar hun eigen zin willen doen, en zeggen: “Waar is de belofte van Zijn komst? Want vanaf de dag, dat de vaderen gestorven zijn, blijven alle dingen hetzelfde van het begin van de schepping”. Want ze willen bewust niet zien dat door het Woord van God hemelen van oudsher waren, en aarde werd gevestigd uit water en in water, waardoor de wereld die er toen was werd vernietigd, omdat ze overstroomd werd met water.”

Veel mensen willen het bewust niet weten, ze negeren de bewijzen voor een zondvloed. Er is een God die oordeelt over de goddelozen en actief betrokken is bij het leven hier op aarde. De makkelijkste manier om je betrokkenheid te ontkennen of verantwoordelijkheid te ontlopen is door datgene wat je hieraan herinnert belachelijk te maken.

 

 

Alle bergen onder water?  Waar kwam al dat water dan vandaan?”

 

 

 

 

Als je naar de reliëfkaart van het huidige aardoppervlak kijkt, zie je richels door de grote oceanen lopen. Het is alsof de aarde ergens in het Midden-Oosten is gaan scheuren. Zo’n ‘scheur’ wordt een mid-oceanische rug genoemd. Op dit moment komt er op die plekken vloeibaar materiaal uit het binnenste van de aarde omhoog, dat langzaam van de ‘scheur’ afbeweegt. Dit lidteken kan heel goed het gevolg zijn van de grote overstroming.

 

Gen.7:11 – “Alle fonteinen van de grote diepte (oceaan) scheurden open en sluizen van de hemel werden geopend.”

 

Geologen weten nog niet zo lang van deze richel in de oceanen. Het is bekend dat er langs deze richel veel vulkanische activiteit is. Vandaag de dag is wel 70% van wat er bij vulkaanuitbarstingen omhoog komt stoom, je kunt je voorstellen wat er gebeurt als er in één keer over de hele aarde “fonteinen” openbreken. Water spoot als super hete stoom omhoog, veroorzaakte enorme slagregens, verduisterde de zon en bedekte het hele aardoppervlak. De verduistering van de zon was de oorzaak van een snelle bevriezing van de polen. De snelle beweging van de aardplaten veroorzaakte grote valleien, diepe geulen en bergruggen, waardoor het water weer weg kon stromen in wat nu de oceanen zijn.

 

Stel dat we alle hoge bergen in de grote gaten van de zee zouden gooien en het hele aardoppervlak vlak zou zijn, dan zou de hele aarde bedekt zijn met een laag water van ongeveer 3 kilometer. Als de hele aarde licht glooiend was en bergen niet hoger dan een paar kilometer, dan is het dus helemaal niet zo’n vreemd idee dat de hele aarde onder water heeft kunnen staan. Volgens Genesis 7:19,20 zou het water zo een 7 meter boven de hoogste heuvel gestaan hebben van voor de zondvloed, wat precies de diepgang van de Ark was.

De Bijbel spreekt ook over de tektoniek na de zondvloed: in Psalm 104:5-8 lezen we over het “fundament van de aarde” die bedekt waren met de “diepten” (zeeën/oceanen). “De wateren stonden boven de bergen”. De wateren verwenen weer, “de bergen rezen op en de dalen daalden.

De bovenste kilometer van de Mt. Everest bevat lagen sediment vol met zeeschelpen en dieren uit oceanen. Sedimenten worden gevormd door water, dus dat materiaal moet onder water gelegen hebben en vervolgens negen kilometer omhoog gestuwd zijn. Versteende mosselen die nog dicht zitten worden daar en over de hele wereld gevonden. Een mossel die sterft gaat open, dus moeten deze mosselen snel begraven zijn.

 

 

IJstijd

 

Over de hele wereld vinden we bewijs van afzettingen door water en ijs. Tijdens en na de zondvloed veranderde het klimaat zo dramatisch, dat de ijskappen op de polen tot ver over de continenten optrokken, waarvan we nu nog vele tekenen zien op het noordelijk halfrond. Dit fenomeen wordt ook wel ijstijd genoemd. Onder invloed van het  uniformitarianisme denkt men vaak dat er meerdere ijstijden geweest zijn die heel lang geduurd hebben en plaatsvonden gedurende de miljoenen jaren die de aarde volgens dat wereldbeeld oud is.

Als we uitgaan van een Bijbelse geologie, dan zien we een aarde die door God tussen de zes- en tienduizend jaar geleden gemaakt is, waar mensen de keuze kregen om zich onder Zijn autoriteit te stellen, of hun eigen zin te doen en de aarde zelf te ‘runnen’, zonder God. Ze kozen het laatste en dat ging van kwaad tot erger, totdat uiteindelijk bijna iedereen volkomen slecht was en helemaal niet meer naar God luisterde.

Alleen Noach vond nog genade in de ogen van God, waarop God hem uitkoos om met zijn gezin en speciale selectie van alle landdieren, in een grote boot een wereldwijde overstroming te overleven. Over de hele aarde vinden we daar bewijzen van. Volgens de Bijbel vond dit slechts enkele duizenden jaren voor Christus plaats.

 

 

Lang geleden

 

Argumenten tegen een jonge aarde en een zondvloed gaan vaak uit van processen die nu langzaam gaan. Men veronderstelt dan dat ze altijd langzaam gegaan zijn. Het gaat bijvoorbeeld om ijsafzettingen, vorming van grotten, aardlagen en jaarringen enz. Veel van die processen kunnen echter ook heel snel gaan, als er in een recent verleden maar veel water of heftige schommelingen in het klimaat zijn geweest. En dat is precies wat je in een zondvloedmodel verwacht.

Mensen die in evolutie geloven hebben  veel tijd nodig om van molecuul naar mens te komen. Maar als ze de aanwijzingen dat de aarde eigenlijk heel jong is zouden accepteren, dan vervliegt elke hoop op een mogelijk langdurig, geleidelijk proces. Er zijn veel lastige factoren waar men rekening mee moet houden zoals het feit dat wij er geen van allen bij waren toen het gebeurde en dat de geschreven geschiedenis niet zover terug gaat.

Dat de geschreven geschiedenis maar heel kort is, is juist een sterk bewijs voor een jonge aarde met een kort bestaan. Ouderdomsbepalingen met radioactieve elementen zijn ook alleen maar betrouwbaar als je weet hoeveel van de gemeten stof oorspronkelijk aanwezig was, of er in het verleden geen radioactiviteit verloren is gegaan, of dat het proces van radioactief verval in het verleden niet sneller is gegaan dan nu.

Al met al is het wetenschappelijk bepalen van een ouderdom een lastig proces, dat in de meeste gevallen niet eens absolute zekerheid kan geven over een ouderdom van meer dan 2000 jaar. Er zijn nog voorbeelden van processen die juist een jonge aarde suggereren. Bijvoorbeeld de hoeveelheid zout in de zee, de hoeveelheid slib aan riviermonden, de hoeveelheid helium in de atmosfeer en ga zo maar door.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

Het boek Job in het Oude Testament

Standaard

categorie : religie

 

 

Het boek Job is één van de boeken in de Hebreeuwse Bijbel. In het jodendom valt dit boek onder de categorie Geschriften van de Tenach, dat aan christenen bekend is als het Oude Testament. Het boek Job is genoemd naar de hoofdpersoon van het verhaal.

 

 

de vrienden van job

Job en zijn vrienden

 

 

Job was een rechtvaardig man

 

Het belangrijkste thema in het boek Job is de vraag naar de zin van het lijden en naar de rol van God daarbij. Via de ervaringen van Job komt deze vraag aan de orde. Hoewel Job een rechtvaardige man is, overkomt hem veel ellende. In zijn nood vervloekt hij de dag waarop hij geboren is. Maar dan nemen Jobs vrienden het woord. Zij zien het zo: God beloont mensen als ze goed leven, en straft ze als ze dat niet doen. Job moet dus wel zwaar gezondigd hebben. De meeste mensen in die tijd dachten trouwens zo. Maar Job is het hier absoluut niet mee eens. Hij is een vroom en rechtvaardig man, zoveel ellende verdient hij niet. Hij kan niet begrijpen dat God juist hem zo treft. Je hoort in het boek hoe hij van God zelf duidelijkheid wil hebben. God moet zeggen dat hij onschuldig is.

We lezen van zijn zware beproeving, zijn lijdzaamheid en uiteindelijk van de uitkomst, die de Heer biedt.

Wij noemen dit een geschiedenis, omdat het een echt verhaal is wat ook blijkt uit de namen van de personen, volken en landen, welke in dit boek vermeld worden. De getuigenissen van de profeet Ezechiël en van de apostel Jacobus bewijzen dat Job een waardig persoon was, waarin God, door zijn manier van leven, een groot welgevallen had, terwijl hij voor de mensen een voorbeeld was.

Zie, wij prijzen hen zalig, die volhard hebben; gij hebt van de volharding van Job gehoord en gij hebt uit het einde, dat de Here deed volgen, gezien, dat de Here rijk is aan barmhartigheid en ontferming. – Jac. 5:11

Veel theologen menen, dat Job geleefd in de tijden der aartsvaders of tijdens het verblijf van het volk Israël in Egypte of tijdens de trek door de woestijn. Enkelen denken, dat Mozes de schrijver van dit Bijbelboek is.

De geschiedenis van Job begint met een beschrijving van zijn vroomheid. Job is vroom en oprecht, godvrezend en wijkende van het kwaad, zo lezen we in Job 1 vers 1. Hij heeft tien kinderen, zeven zoons en drie dochters. Ook bezit hij een zeer grote veestapel.

Maar dan volgt het droevige verhaal van het lijden, dat Job moet ondergaan.

Satan denkt, dat hij Job van zijn geloof in God af kan brengen. En God zegt dan tegen hem: “Dat zal je niet lukken, je mag het proberen.”

Job bereikt dan de ene onheilstijding na de andere. Zijn runderen en ezelinnen worden geroofd, zijn schapen werden door de bliksem gedood, ook zijn kamelen worden geroofd, zijn kinderen komen om in een zware storm en ook al zijn knechten zijn gedood.

 

 

Het geloof van Job houdt stand!

 

Als satan weer voor de Heer verschijnt, vraagt Deze hem weer of hij acht heeft geslagen op Job. Maar satan denkt, dat Job wel zal bezwijken als hij persoonlijk geraakt wordt. “Ga je gang,” zegt God dan tegen satan. “Doe wat je wilt met hem, maar spaar zijn leven.”

En dan wordt Job getroffen door zweren over zijn hele lichaam. Hij neemt dan een potscherf om zich daarmee te krabben.

Zelfs zijn eigen vrouw steunt hem niet in zijn lijden, ze beschimpt hem zelfs:

Volhardt gij nog in uw vroomheid? Zeg God vaarwel en sterf! –Job 2:9 

 

Drie vrienden van aanzien komen dan bij Job om hem te beklagen en vertroosten. eerst kunnen ze niets zeggen, verslagen als ze zijn door de aanblik, die Job hen biedt.

Maar dan kan Job zich niet meer beheersen, hij is ook maar een mens. Met luide stem beklaagt hij zich. Hij vervloekt zelfs de dag van zijn geboorte.

Maar dan houden de vrienden zich niet langer stil. Ze beschuldigen Job van ongeduldigheid en wijzen hem op de gerechtigheid Gods, waardoor Hij de kwaden straft.

Ze beschuldigen Job van huichelarij of goddeloosheid.

Zij beweren, dat God de goddelozen alleen straft en de vromen zegent.

Job is alles ontnomen. Zijn wereld is ingestort. En tot overmaat van ramp wordt hij ook nog op zo’n manier door zijn vrienden bejegend. Met allerlei spreuken zetten ze hun beweringen kracht bij.

Maar Job weet zich te verantwoorden, overtuigd als hij is van zijn zuiver geweten.

De beschuldigingen van zijn vrienden verwerpt hij. Hij brengt naar voren, dat God juist vaak de vromen met gruwelijke straffen straft, terwijl niet zelden de goddelozen juist veel milder gestraft worden.

Als de drie vrienden uitgepraat zijn en Job hun redeneringen beantwoord heeft, neemt een andere persoon het woord, namelijk Elihu.

Hij is boos op Job, omdat die zich tegenover God voor rechtvaardig hield en hij is boos op de drie vrienden, omdat zij geen antwoord vinden om Job duidelijk te weerleggen en overtuigen, maar hem wel beschuldigen van huichelarij en goddeloosheid.

De reden, dat deze Elihu nu pas het woord neemt, is, dat hij veel jonger is en eerst de ouden aan het woord wil laten.

Tenslotte openbaart God zich aan Job in storm en onweer, Job bestraffende, omdat hij ondoordacht van Hem gesproken heeft.

Job bekent dan zijn zonde, geeft Gods gerechtigheid de eer en openbaart de boetvaardigheid van zijn hart.

 

 

de beproevingen van Job doorSatan

de beproevingen van Job door Satan

 

 

God beschuldigt de drie vrienden van Job.

 

Dan vindt God, dat Job genoeg geleden heeft. God brengt een keer in het leven van Job en geeft hem al zijn vroegere rijkdommen terug en meer dan dat.

Het bezit van Job breidt zich uit tot veertienduizend stuks kleinvee, zesduizend kamelen, duizend span runderen en duizend ezelinnen.

Ook wordt Job gezegend met zeven zoons en drie dochters.

Daarna leefde Job nog honderdveertig jaar, hij zag zijn nakomelingen tot in vier geslachten.

 

 

De rol van Satan

 

Satan is de wederpartijder, zo wordt de boze geest genoemd, omdat hij uit onverzoenlijke vijandschap alle gelovigen haat en voortdurend tracht hen tot zonde te verleiden. Als een brullende leeuw gaat hij rond op aarde, op zoek naar mensen, die hij kan verslinden.

Satan dwaalt rond op de aarde, op zoek naar mensen, die hij zou kunnen bewerken en tot zonde overhalen.

 

Petrus zegt hierover in 1 Petrus 5 vers 8:

Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden. Wederstaat hem, vast in het geloof, wetende, dat aan uw broederschap in de wereld hetzelfde lijden wordt toegemeten.

 

 

Auteur en ontstaan van het boek Job

 

Over dit onderwerp bestaat een grote verscheidenheid aan meningen. Een oude joodse traditie in de Talmoed stelt dat Mozes het boek geschreven kan hebben. Anderen voeren argumenten aan dat het door Job zelf geschreven is, of door Elihu of Jesaja.

De meeste joden nemen aan dat Job geen historisch persoon geweest is. In deze opvatting is Job een literaire creatie door een profeet die deze schrijfvorm gebruikte om een goddelijke boodschap over te brengen.

Vele christenen geloven echter dat Job een historisch persoon was. In deze opvatting accepteert men de uitspraken van het boek waarin over Job gesproken wordt. Dit geloof is ook gebaseerd op de verwijzingen naar Job in het boek Ezechiël en in de brief van Jacobus.
Het boek Job wordt ook aangehaald in de Hebreeën 12:5, en in de I Korinthiërs 3:19.

 

 

De boodschap van het boek

 

Het grote onderwerp van het boek behandelt de vraag: “Is ongeluk en pech in het leven altijd een kwestie van goddelijke straf voor iets?” Jobs drie vrienden geven hierop een bevestigend antwoord, en stellen dat Jobs ellende het bewijs is dat hij zonden begaan heeft waarvoor hij nu gestraft wordt. Zijn vrienden verdedigen ook de omgekeerde stelling, dat geluk en welvaart het bewijs zijn van goddelijke beloning, en dat, als Job zijn fouten zou erkennen, zijn lot onmiddellijk weer zou omkeren.

In zijn antwoord stelt Job dat hij een rechtvaardig man was, en dat zijn ellende dus geen straf voor iets is. Dit werpt de mogelijkheid op dat God op willekeurige wijze handelt, en Jobs vrouw raadt hem aan God te vervloeken en te sterven. In plaats hiervan antwoordt Job: “Zouden wij het goede van God ontvangen, en het kwade niet ontvangen?” De climax van het boek vindt plaats wanneer God Job antwoordt, niet met een uitleg van Jobs lijden, maar met een vraag: waar was Job toen God de wereld schiep?

Gods antwoord kan op verschillende manieren gelezen worden. Sommigen zien het als een manier om Job nederig te maken. Toch wordt Job getroost door Gods antwoord.

Het verhaal waarin het boek vervat is, compliceert het boek nog meer. In het inleidende verhaal staat God toe dat Satan Job zijn vrouw, kinderen en rijkdom afneemt. In het slotgedeelte herstelt God Job in zijn vroegere gezondheid en geluk wat suggereert dat het geloof van de rechtvaardige wel degelijk beloond wordt. De duivel wordt in het slot niet meer vermeld.

Wanneer wij antwoord willen geven op de vraag of we in Job met Gods Woord te maken hebben, moet ons antwoord ja zijn. De Heilige Geest heeft ook dit boek tot deel van de Bijbel, van Gods Woord gemaakt. Toch betekent dat niet dat alles wat daarin staat ons de goede weg van God en de goede leer van God leert.

 

 

de beloning van Job door God

de beloning van Job door God

 

 

 

Aanwijzingen dat Job ongeveer in de tijd van Abraham geleefd heeft 

 

• De organisatie van het familieleven en van zijn eigendom past bij die tijd in het Oude-Nabije Oosten. Hij is een herdersvorst en zijn rijkdom wordt uitgedrukt in het bezit aan vee dat hij heeft. 1:3; 42:12. Dit past bij deze tijd.
• Job wordt heel oud. 42:16. Zijn leeftijd van 140 jaar past bij de tijd van de aartsvaders of daarvoor maar niet in de tijd daarna.
• In de tijd voor Israëls volksbestaan in Kanaan waren er gelovigen die niet tot de nakomelingen van Abraham behoorden. Een ander voorbeeld daarvan is Melchizedek. Zie Gen 14.
Als het over de persoon Job gaat was hij zeker een historische persoon die op aarde geleefd heeft. Dat komt duidelijk in het boek Job naar voren. En ook op andere plaatsen in de Bijbel. Kijk bijvoorbeeld: Ez 14:14,20; Jak 5:11.

 

 

Heeft Job echt dingen gezegd die niet goed waren?

 

Die vraag komt vooral naar ons toe als de Heer zich in hoofdstuk 42:7 tot zegt:

“Ik ben in woede ontstoken tegen jou en je twee vrienden, omdat jullie niet juist over mij hebben gesproken, zoals mijn dienaar Job.”

Waarom is de Heer kwaad op die drie vrienden? De reden daarvan is dat zij niet op de juiste manier over Hem gesproken hebben. Ieder mens die in groot problemen zit en door grote problemen getroffen wordt moet een grote zondaar zijn. Wie in zijn leven niet veel problemen ondervindt zou daaruit de conclusie kunnen trekken dat hun leven goed voor God is.

De drie vrienden hebben daarmee een verkeerd beeld van God en het leven voor Gods ogen gegeven. Ze hebben daarin verkeerd over de Heer gesproken. Dat is niet de manier waarop de Heer werkt.

De Here Jezus wijst dat aan als Hij iemand die blind geboren is geneest. Dan wordt de Here Jezus de vraag gesteld wie er zo zwaar gezondigd heeft: die blinde man of zijn ouders. Jezus’antwoord is dan:

“Hij niet en zijn ouders niet, maar Gods werk moet door hem zichtbaar worden.” Joh 9:3

Ook bestraft de Heer Job over bepaalde dingen die hij gezegd heeft en de houding die hij daardoor tegenover de Heer inneemt. De Here God zegt in 38:2 zelfs tegen Job:

“Wie is het die mijn besluit bedekt onder woorden vol onverstand.?”

De rede van die woorden is dat Job de Heer tot verantwoording geroepen heeft. Hij heeft zo gesproken dat hij de indruk wekt dat de Heer onrechtvaardig met hem omgaat. Wat nu met hem gebeurd is, heeft hij niet verdiend. Hij twijfelt aan God rechtvaardigheid. Job laat zich door de Heer ook overtuigen en erkent dan ook zijn schuld.

 

 

De strijd tussen God en Satan

 

• De strijd tussen God en satan. De satan wil bewijzen dat een mens die zwaar in de ellende komt niet tot het einde toe de Heer trouw zal blijven en aanbidden. De Heer laat zien dat Zijn kracht en trouw boven alle macht van de duivel uitgaan. Het blijven geloven, het blijven dienen van God is niet van aardse welvaart en geluk op deze wereld afhankelijk.

• Job wordt door de trouw en kracht van God een voorbeeld van het geduldig lijden om het volgen van God. Kijk Jakobus 5:10. Je kunt op de Heer vertrouwen!

De satan kan niet verder gaan als wat de Heer hem toelaat. Zie 2:6.

• Als je in moeilijke omstandigheden leeft en je moet lijden betekent dat niet automatisch dat er een bijzondere zonde in je leven is. Iedereen heeft de Verlosser nodig.

• Wij als mensen kunnen Gods wijsheid niet beoordelen en veroordelen. De Heer gaat ons verstand en ons voorstellingsvermogen te boven. Ons past het om Hem en Zijn grootheid te aanbidden.

• De beproevingen van de gelovigen zijn er op gericht om de Heer echt te kennen.

• Een gelovige leeft en aanbidt de Heer. Hij doet dat niet voor niets.

 

 

God en het lijden

 

In het begin van de bijbel wordt verteld dat de schepping goed is. Maar al snel komen de verhalen waarin het misgaat: Adam en Eva verliezen hun onschuld, Kaïn slaat Abel dood, Lamech wreekt zich, de tijdgenoten van Noach maken er een puinhoop van. Het zijn allemaal gebeurtenissen die zich vandaag de dag herhalen: de ooit goede schepping is niet goed meer. En er is nog meer aan de hand. Mensen krijgen te maken met ziekte, pijn, verlies, dood en rouw. Mensen worden getroffen door een ongeluk of een ramp. Iedereen krijgt te maken met leegte en gemis, vroeg of laat, meer of minder. Verdriet blijft niemand bespaard door de zondeval.

 

 

Waarom?

 

Het belangrijkste in het boek Job is dat je er met simpele antwoorden nooit komt. Alle antwoorden die wij op de waarom-vragen geven, zijn te gemakkelijk. Het boek Job laat ons zien dat je best boos mag zijn op God als de dingen die gebeuren onbegrijpelijk zijn. Maar God is ook degene die er uiteindelijk weer voor je is.

Ook op andere plaatsen in de Bijbel hoor je dit. Denk maar eens aan het verhaal van Jezus en de blindgeboren man in Johannes 9. De leerlingen van Jezus willen weten hoe het komt dat de man blind is: komt het door zijn eigen zonde of door die van zijn ouders? Jezus leert hun dat dat niet de goede manier van kijken is. Zo kan de Bijbel ons helpen om met de moeilijke waarom-vragen om te gaan, al zijn de antwoorden lang niet altijd even makkelijk!

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

Bidden en vasten

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

Bidden en vasten

 

Een definitie

 

Bidden en vasten kan gedefinieerd worden als een vrijwillige onthouding van voedsel met het doel om je scherp te stellen op gebed en gemeenschap met God. Bidden en vasten gaan vaak hand in hand, maar dit is niet altijd het geval. Je kunt bidden zonder te vasten, en je kunt vasten zonder te bidden. Wanneer deze twee activiteiten worden gecombineerd en aan Gods glorie worden opgedragen, bereiken zij hun maximale effectiviteit. Het reserveren van een bepaalde tijd voor bidden en vasten is niet een manier om God te manipuleren, zodat Hij zal doen wat jij verlangt. In plaats daarvan is het veel meer een kwestie van jezelf scherpstellen op God en op Hem vertrouwen voor de sterkte, de voorziening en de wijsheid die je nodig hebt.

 

 

 

 

 

 Wat de Bijbel zegt

 

Het Oude Testament vereiste bidden en vasten slechts bij één gelegenheid, namelijk op de Grote Verzoendag (Jom Kipoer). Dit gebruik werd de vastendag (Jeremia 36:6) of het vasten (Handelingen 27:9) genoemd. Mozes vastte 40 dagen en 40 nachten op de berg Sinaï, toen hij de wet van God ontving (Exodus 34:28). Koning Josafat riep op tot vasten in heel Israël, toen zij op het punt stonden om door de Moabieten en Ammonieten te worden aangevallen (2 Kronieken 20:3). De bevolking van Nineve reageerde op de prediking van Jona met vasten en het dragen van rouwkleden (Jona 3:5).

Bidden en vasten werd vaak gedaan in tijden van onrust of moeilijkheden. David vastte toen hij vernam dat Saul en Jonatan waren gedood (2 Samuël 1:12). Nehemia nam een periode van bidden en vasten in acht toen hij vernam dat Jeruzalem nog steeds in puin lag (Nehemia 1:4). Darius, de koning van Perzië, vastte de hele nacht nadat hij gedwongen was om Daniël in de leeuwenkuil te gooien (Daniël 6:18).

Bidden en vasten komen ook voor in het Nieuwe Testament. Anna was altijd in de tempel, waar ze God dag en nacht diende met vasten en bidden (Lucas 2:37). Johannes de Doper leerde zijn discipelen om te vasten (Marcus 2:18). Jezus vastte 40 dagen en 40 nachten, voordat Hij door Satan werd beproefd (Matteüs 4:2). De gemeente in Antiochië vastte (Handelingen 13:2) en zond Paulus en Barnabas vervolgens op hun eerst zendingsreis (Handelingen 13:3). Paulus en Barnabas namen ook de tijd om te bidden en te vasten voor de aanstelling van de oudsten in de kerken (Handelingen 14:23).

 

 

Vereist of aanbevolen?

 

Het Woord van God gebiedt gelovigen niet specifiek om tijd te besteden aan de combinatie van bidden en vasten. Maar toch is bidden en vasten iets wat we zeker zouden moeten doen. Veel te vaak ligt de nadruk van het bidden en vasten op de onthouding van voedsel. In plaats daarvan is het Christelijk vasten bedoeld om onze ogen van de dingen van deze wereld af te wenden en onze gedachten op God te concentreren.

Vasten moet altijd beperkt worden tot een vooraf bepaalde tijdsperiode, omdat een langere vastentijd onze lichamen schade kan toebrengen. Vasten is niet een methode om onze lichamen te straffen en het moet ook niet gebruikt worden als een dieetmethode. Het is niet de bedoeling dat we onze tijd in bidden en vasten gebruiken om gewicht te verliezen, maar veeleer om een diepere gemeenschap met God te bereiken.

Door onze ogen van de dingen van deze wereld af te nemen door middel van bidden en bijbels vasten, kunnen we ons beter scherpstellen op Christus. Matteüs 6:16-18 stelt: “Wanneer jullie vasten, zet dan niet zo’n somber gezicht als de huichelaars, want zij doen dat om iedereen te laten zien dat ze aan het vasten zijn. Ik verzeker jullie: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als jullie vasten, was dan je gezicht en wrijf je hoofd in met olie, zodat niemand ziet dat je aan het vasten bent, alleen je Vader, die in het verborgene is. En jullie Vader, die in het verborgene ziet, zal je ervoor belonen.”

 

 

 

 

 

 Wat wordt ermee bereikt?

 

Het doorbrengen van tijd in bidden en vasten zal niet automatisch de wensen vervullen van de mensen die vasten. Vasten of geen vasten, God belooft dat Hij onze gebeden alleen zal verhoren, als wij iets vragen wat overeenkomt met Zijn wil. 1 Johannes 5:14-15 vertelt ons: “Wij kunnen ons vol vertrouwen tot God wenden, in de zekerheid dat hij naar ons luistert als we hem iets vragen dat in overeenstemming is met zijn wil. En omdat we weten dat hij naar ons luistert, wat we hem ook vragen, weten we ook dat we alles al hebben gekregen wat we hem gevraagd hebben.”

In de tijd van de profeet Jesaja klaagden de mensen dat zij moesten vasten, maar dat God niet antwoordde op de manier die zij wilden (Jesaja 58:3-4). Jesaja reageerde hierop met de boodschap dat het uiterlijke vertoon van vasten en bidden, zonder de correcte houding in het hart, vruchteloos is (Jesaja 58:5-9).

Hoe kun jij weten of je wel volgens Gods wil bidt en vast? Bidt en vast jij voor dingen die God eer en glorie brengen? Openbaart de Bijbel duidelijk dat dit Gods wil voor jou is? Als wij iets vragen dat God niet eert of iets vragen dat niet overeenkomt met Zijn wil voor onze levens, dan zal Hij ons niet geven waar we om vragen, ongeacht of we vasten. Hoe kunnen we weten wat Gods wil is? God belooft ons wijsheid te geven als we er om vragen. Jakobus 1:5 vertelt ons: “Komt een van u wijsheid tekort? Vraag God erom en hij, die aan iedereen geeft, zonder voorbehoud en zonder verwijt, zal u wijsheid geven.”

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Secrets of Fatima by Mother Angilica

Standaard

category / categorie: video

 

 

 

 

Secrets of Fatima by Mother Angilica

 

De geheimen van Fatima door Moeder Angilica

 

 

 

 

 

 

 

Wat is het boek der Openbaring?

 

De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament en de Bijbel. Het werd geschreven door de apostel Johannes op het eiland Patmos, een eiland in de Egeïsche Zee vlakbij Turkije. Het boek is gedateerd in 96 NC, alhoewel er ook argumenten zijn voor een vroegere datum. Omdat de teksten in het Grieks geschreven zijn, noemt men het boek ook de Apocalyps. Hedendaags gebruikt men dit woord wanneer men de klemtoon wil leggen op een grote  ramp. Het is een profetisch boek en bevat 22 hoofdstukken. God openbaart Johannes via een visioen geheimen over de eindtijden, gebeurtenissen die de mens zijn verstand te boven gaan.

  • Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus”.
  • Openbaring 1 : 3 > ‘’gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij‘’.
  • Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt”.

 

Dit zijn citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft.

Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

God geeft kennis over

 

-zijn doel met deze wereld

-de toekomst van Israël en de wereld

-het mysterie van het goede en het kwade

-de bestraffing van het goede en de bestraffing van het  kwade

-de toekomstige natuurrampen en oorlogen

-de wederkomst van de Messias

-de dag des oordeel

-het uitzicht in de hemel en zijn troon

-de nieuwe  hemel en de nieuwe aarde

 

De Openbaring is moeilijk te begrijpen door de vele mystieke symbolen in de teksten en de verwijzingen naar het Oude Testament. De geschiedenis van Israël is een leidraad doorheen de 22 hoofdstukken. Jeruzalem wordt het centrum van Goddelijke theocratie voor gans de wereld.

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wie is de Antichrist?

Standaard

categorie : religie

 

 

De Openbaring : de komst van de antichrist en de valse profeet

De Openbaring : de komst van de antichrist en de valse profeet

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Wie is de Antichrist?

 

De Antichrist  is volgens de christelijke leer de ultieme manifestatie van het kwaad in een menselijk wezen. Het begrip komt in de Bijbel voor in de brieven van Johannes. In de Openbaring van Johannes, het laatste boek uit het Nieuwe Testament, komt het woord antichrist niet voor, maar naar algemene overtuiging wordt de persoon daarin wel beschreven en het beest genoemd.

Volgens de christelijke leer laat de antichrist zich helemaal leiden door de satan en deze zou door deze persoon trachten de mensheid geheel in zijn macht te krijgen en de gelovigen uit te roeien. De antichrist zou ook een soort geestelijk adviseur hebben, de valse profeet genaamd. Aanvankelijk zou die zich presenteren als degene die alle problemen van de wereld zou komen oplossen en zou hij de absolute macht over de mensheid krijgen. Van wezenlijk belang daarbij in de christelijke leer is dat hij zich zou voordoen alsof hij een ‘goddelijk’ wezen zou zijn waarbij hij zich zou bedienen van bovennatuurlijke gaven waarmee hij zal pogen de mensheid te verleiden hem als ‘god’ te vereren.

Na verloop van tijd zou hij echter steeds meer zijn ware aard laten zien en zou zijn beestachtigheid volledig losbarsten. Hij zou dan de mensheid dwingen óf voor hem te kiezen óf voor God. Diegenen die dan voor hem kiezen zouden dan hem en het beeld dat van hem wordt gemaakt moeten aanbidden en een teken van hem op hun voorhoofd of rechterhand aanvaarden (het teken van het beest: het getal 666). God zou daarentegen waarschuwen dat diegenen die dat doen onder zijn Laatste Oordeel veroordeeld zouden worden.

De antichrist zou volgens de christelijke leer in de geschiedenis optreden aan het einde van de tijd (eindtijd) vanwege de naderende Wederkomst van Jezus Christus om zijn Duizendjarig vredesrijk op aarde te vestigen. Op het moment dat de heerschappij van de antichrist tot een climax zou komen, zou Jezus Christus terugkeren naar de aarde. Daarop zouden de antichrist en de valse profeet levend in een vuurpoel geworpen worden.

 

Openbaringen 19, 20: En het beest werd gegrepen en met hem de valse profeet, die de tekenen voor zijn ogen gedaan had, waardoor hij hen verleidde, die het merkteken van het beest ontvangen hadden en die zijn beeld aanbaden; levend werden zij beiden geworpen in de poel des vuurs, die van zwavel brandt.

 

Tevens zou de satan in een diepe afgrond geworpen worden alwaar hij tot aan het einde van het duizendjarige rijk zou moeten verblijven.

De meeste kerkelijke interpretaties van de antichrist staan tussen de letterlijke en zinnebeeldige duiding. Een letterlijke lezing, die de apocalyps herkent in hedendaagse politieke constellaties wordt ook wel chiliasme genoemd. De historisch-kritische benadering beschouwt de persoon van de antichrist als een allegorische figuur.

De antichrist wordt nu nog tegengehouden (weerhouden) door de christenen, zoals beschreven in de Tweede brief van Paulus aan de Tessalonicenzen hoofdstuk 2, vers 7-8:

 

7 Hoewel in het verborgene de wetteloosheid nu al werkzaam is, moet eerst degene die hem tegenhoudt verdwijnen. 8 Pas dan verschijnt hij – en dan zal de Heer Jezus hem doden met de adem van Zijn mond en vernietigen door de aanblik van Zijn komst.” (2 Tess. 2:7-8).

 

Dat betekent dat na de Opname van de gemeente de antichrist vrij spel heeft.

 

 

 

De identiteit van de antichrist

 

Hierover is door christenen in de geschiedenis van het christendom meermalen gespeculeerd. Verscheidene historische personen hebben zij ooit wel als de antichrist bestempeld. Voorbeelden zijn de Romeinse keizer Nero, de Paus van Rome (volgens sommige protestanten), kerkhervormer Maarten Luther (volgens sommige katholieken), Napoleon en Adolf Hitler. Recentere kandidaten waren o.a. de Amerikaanse presidenten George Bush jr. en Barack Obama.

De bekende Britse protestant Ian Paisley die van 1979 tot 2004 lid was van het Europees Parlement, kwam in 1988 in het nieuws toen hij een toespraak van de toenmalige Paus Johannes Paulus II verstoorde en hem voor de antichrist uitmaakte. Hij werd hierna de zaal uitgezet.

De Rooms-katholieke Kerk verwacht aan het einde van de tijd een laatste beproeving, waarbij vele gelovigen afvallig zouden worden. De ergste godsdienstige dwaalleer is volgens de christelijke leer die van de antichrist, omdat de mens zich daarin zelf verheerlijkt in plaats van God te eren. Volgens de katholieke Kerk is het letterlijk lezen van de Apocalyps en op die basis speculeren op messiaanse verwachtingen in de politiek (chiliasme), een “intrinsiek verkeerd” messianisme.

De laatste jaren zijn er veel romans verschenen (vooral uit de Verenigde Staten waar onder de vele protestants-christelijke gemeenten een grote doelgroep aanwezig is) waarin de figuur van de antichrist voorkomt. Ook zijn er diverse films geproduceerd met als thema ‘de antichrist’. Bekend is geworden de dertiendelige serie De Laatste Bazuin (Engelse titel: Left Behind) van Tim LaHaye en Jerry B. Jenkins die over de eindtijd gaat en waarin de antichrist een prominente rol speelt. Van de eerste drie boeken van deze serie zijn ook films gemaakt.

 

 

666 en de antichrist

666 en de antichrist

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De antichrist in de Bijbel

 

In de Bijbel komt de uitdrukking ‘antichrist’ verschillende malen voor in de brieven van de apostel Johannes.

In 1 Johannes 2 vers 18 staat:

 

Kinderen, het is de laatste ure; en gelijk gij gehoord hebt, dat er een antichrist (Grieks: antichristos) komt, zijn er nu ook vele antichristen (Grieks: antichristoi) opgestaan, en daaraan onderkennen wij, dat het de laatste ure is.

 

Vervolgens staat er verderop in vers 19:

 

Ze zijn uit ons midden voortgekomen maar ze hoorden niet bij ons, want als ze werkelijk bij ons hadden gehoord, zouden ze bij ons gebleven zijn. Maar het moest aan het licht komen dat niemand van hen bij ons hoorde.

 

De antichrist zal dus volgens die Bijbelpassage uit christelijke kring komen, wat aansluit bij bijvoorbeeld de vele verwijzingen naar de paus als antichrist door protestanten. Ook Judas Iskariot werd als een voorbeeld gezien van hoe de antichrist zou zijn.

De uitdrukking antichrist komt men ook tegen in 1 Johannes 2 vers 22 waar valt te lezen:

 

Wie is de leugenaar dan wie loochent, dat Jezus de Christus is? Dit is de antichrist, die de Vader en de Zoon loochent.

 

Ook wordt gesproken over de geest van de antichrist. Men kan daarvan lezen in 1 Johannes 4:3:

 

en iedere geest, die Jezus niet belijdt, is niet uit God. En dit is de geest van de antichrist (Grieks: antichristou), waarvan gij gehoord hebt, dat hij komen zal, en hij is nu reeds in de wereld.

 

Deze Bijbeltekst wordt vaak aangehaald door christelijke tegenstanders van andere godsdiensten zoals deislam, het boeddhisme en het hindoeïsme.

Tenslotte komt men het woord ook nog tegen in de Tweede brief van Johannes (2 Johannes 1:7). Daar staat:

 

Want er zijn vele misleiders uitgegaan in de wereld, die de komst van Jezus Christus in het vlees niet belijden. Dit is de misleider en de antichrist (Grieks: ho antichristos).

 

De vraag is wat met ‘antichrist’ wordt bedoeld. In het algemeen kan worden gesteld dat met de ‘antichrist’ wordt bedoeld een persoon die zich tegen Jezus Christus opstelt of die zich in Zijn plaats tracht te stellen als een valse nieuwe Messias. Jezus zei ook tegen de joden in het Evangelie volgens Johannes, dat ze hem zullen aannemen als hun Messias en dus niet Jezus Christus:

 

Ik ben gekomen namens mijn Vader, maar u accepteert mij niet, terwijl u iemand die namens zichzelf komt, wel zou accepteren.” (Joh. 5:43).

 

De antichrist zou volgens de christelijke leer in de eindtijd verwacht worden, maar zijn invloed is volgens hen reeds merkbaar in personen die antichristenen worden genoemd. De antichrist kan dus volgens deze interpretatie een geestelijke invloed, stroming of maatschappelijke toestand zijn onder leiding van de duivel zelf.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

De betekenis van Babylon

Standaard

categorie : religie

.

.

Wat waren Babylon en Babel?

.

Babylon of Babel was de beroemdste, door Nimrod gebouwde stad van het oude Mesopotamië, de hoofdstad van het oude Babylonische rijk ( ca. 1800 tot 539 v.C ). Door Babel stroomde de rivier Eufraat, die de stad in twee helften deelde. Tegenwoordig heet de plaats Hillah. Onder leiding van de koning Nebukadnezar onderwierp het Juda.

.

1

.

.

2uDxA2I

.

.

Belangrijke goden van het Babylonische rijk

.

De opperste god van de Babyloniërs was Merodach . Hij droeg de titel ‘Bel’ (=’heer’). De Babyloniërs vereerden hem als de koning van hemel en aarde. Hij was de beschermgod van de stad Babel. De naam ‘Babel’ betekent ‘poort van Bel’.

.

Merodach

Merodach

.

Door de dienst van de profeet Jeremia kondigde God het strafgericht over Bel aan:

Jeremia 50:2 Verkondig onder de heidenvolken, laat het horen, hef een banier omhoog, laat het horen, verberg het niet, zeg: Babel is ingenomen, Bel staat beschaamd, Merodach is verpletterd. Zijn afgoden staan beschaamd, zijn stinkgoden zijn verpletterd.
Jeremia 51:44 Ik zal Bel in Babel straffen, Ik zal wat hij verzwolgen heeft, uit zijn muil halen. De heidenvolken zullen niet meer naar hem toestromen. Zelfs de muur van Babel is gevallen!

Een andere Babylonische god was Nebo, de zoon van de god Merodach. Nebo is de god van de wetenschap en de schrijfkunst. Ook wordt hem het wereldbestuur toegedicht. Veel namen van Babylonische koningen zijn samengesteld met de naam Nebo, zoals Nabonassar, Nabopolassar, Nebukadnezar en Nabunit.

.

Nebo

Nebo

.

De profeet Jesaja profeteerde over Nebo:

Jesaja 46:1 Bel is gekromd, Nebo neergebogen, hun afgodsbeelden zijn geworden voor de dieren en voor de beesten; uw opgeladen pakken zijn een last voor de vermoeide dieren

.

De droom van koning Nebukadnezar

.

Koning Nebukadnezar kreeg eens een door God ingegeven droom (zie Dan. 2), waarin het rijk van Babel wordt geschilderd als het eerste van vier wereldrijken.

.

beeld

.

1 Babylonische rijk,

2 Medisch – Perzische rijk,

3 Grieks – Macedonische rijk,

4 Romeinse rijk.

Het Babylonische rijk wordt voorgesteld als het gouden hoofd van het statenbeeld dat Nebukadnezar in zijn droom zag. Het rijk van Babel is het hoofd, het is van zuiver goud.

In Dan.7 wordt het rijk voorgesteld als een leeuw. Ook Gods woord door de dienst van Jeremia noemt het rijk een leeuw.

Jer 4:7 De leeuw is opgekomen uit zijn haag, en de verderver der heidenen is opgetrokken, hij is uitgegaan uit zijn plaats, om uw land te stellen in verwoesting; uw steden zullen verstoord worden, dat er niemand in wone.

.

Babylonische leeuw

Babylonische leeuw

.

Het lijden van Israël onder het Babylonische rijk

.

Jeremia 50:17 Israël is een opgedreven schaap, leeuwen hebben het opgejaagd. Eerst heeft de koning van Assyrië het verslonden, en ten slotte heeft deze, Nebukadrezar, de koning van Babel, zijn beenderen verbrijzeld.

Het koninkrijk van Babel zou worden vernietigd in het oordeel dat God over alle vier bovengenoemde rijken (Dan. 2 en 7). Babel is gevallen en gebroken; het was niet te genezen (Jes.21:9; Jer.51:7-10).

Als onderdeel van het samenstel van vier wereldrijken zal het in de toekomst geheel en al vernietigd worden als Jezus Christus zijn rijk opricht (Dan.2 en 7).

.

Babel, de verwarring

.

‘Babylon’ is de Griekse vorm van het Hebreeuwse ‘Babel’. De naam Babel betekent in het Hebreeuws ‘verwarring’. De naam is ontleend aan de spraakverwarring die God teweegbracht toen de mensheid – nog één volk en één van spraak – een stad en een hoge toren bouwde en zich een naam wilde maken, om te voorkomen dat men over de hele aarde verstrooid zou raken, hoewel God Noach en de zijnen bevolen had de aarde te vervullen.

Ge 11:4 En zij zeiden: Kom, laten wij voor ons een stad bouwen, en een toren waarvan de top in de hemel reikt, en laten we voor ons een naam maken, anders worden wij over heel de aarde verspreid!
Ge 11:5 Toen daalde de Heere neer om de stad en de toren te zien die de mensenkinderen aan het bouwen waren,
Ge 11:6 en de Heere zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn.
Ge 11:7 Kom, laten Wij neerdalen en laten Wij hun taal daar verwarren, zodat zij geen van allen elkaars taal zullen begrijpen.
Ge 11:8 Zo verspreidde de Heere hen vandaar over heel de aarde, en zij hielden op met het bouwen van de stad.
Ge 11:9 Daarom gaf men haar de naam Babel; want daar verwarde de Heere de taal van heel de aarde, en vandaar verspreidde de Heere hen over heel de aarde.

.

Babel-1024x575

.

Petrus over Babylon

.

De apostel Petrus noemt Babylon in zijn eerste brief:

1Pe 5:12 Door Silvanus, die naar ik meen voor u een trouwe broeder is, heb ik in het kort geschreven om u te vermanen en te betuigen, dat dit de ware genade van God is waarin u moet staan.
1Pe 5:13 U groet de medeuitverkorene in Babylon, en mijn zoon Markus.

Sommige uitlegger menen dat in dit vers sprake is van de letterlijke stad Babylon, waar ten tijde van Petrus veel joden woonden. Andere uitleggers zien er een codewoord of figuurlijke aanduiding voor Rome in, de hoofdstad van het Romeinse rijk.

De Iraakse dictator Saddam Hussein (1937-2006) startte de bouw van een moderne stadBabylon, ongeveer 80 km ten zuiden van Bagdad.

.

Het Apocalyptische Babylon

.

In het laatste Bijbelboek komt een stad voor genaamd Babylon. Het is een grote stad.

Opb 14:8 En een andere, een tweede engel volgde en zei: Gevallen, gevallen is het grote Babylon, dat van de wijn van de grimmigheid van haar hoererij alle naties heeft laten drinken.
Opb 17:5 En op haar voorhoofd was een naam geschreven: Verborgenheid, het grote Babylon, de moeder van de hoeren en van de gruwelen van de aarde.
Opb 18:2 En hij riep met krachtige stem de woorden: Gevallen, gevallen is het grote Babylon, en het is een woonplaats van demonen en een bewaarplaats van elke onreine geest en een bewaarplaats van elke onreine en gehate vogel geworden.
Opb 18:10 terwijl zij uit vrees voor haar pijniging in de verte blijven staan en zeggen: Wee, wee de grote stad, Babylon, de sterke stad; want in een uur is uw oordeel gekomen.
Opb 18:21 En een sterke engel hief een steen op als een grote molensteen en wierp die in de zee en zei: Zo zal de grote stad Babylon met geweld neergeworpen worden en zij zal geenszins meer gevonden worden.

.

hoofdstuk 17 ; Babylon wordt geoordeeld

hoofdstuk 17 ; Babylon wordt geoordeeld

Pasteltekening van John Astria

.

.

De vernietiging van Babylon

De vernietiging van Babylon

Pasteltekening van John Astria

.

Vergelijk

Da 4:30 Sprak de koning, en zeide: Is dit niet het grote Babel, dat ik gebouwd heb tot een huis des koninkrijks, door de sterkte mijner macht, en ter ere mijner heerlijkheid! 

Sommige Bijbeluitleggers menen dat de stad Babylon in de Openbaring het herbouwde Babylon is, dat weer rijk en machtig zal worden. Volgens de meeste uitleggers echter heeft het apocalyptische Babylon een symbolische betekenis en verwijst het naar de stad Rome en de valse kerk van de eindtijd.

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria

Apocriefen in de Bijbel

Standaard

categorie : religie

.

.

ikonen-ontleend-aan-de-apocriefen

ikonen-ontleend-aan-de-apocriefen

.

Apocriefen zijn bestaande buitenbijbelse geschriften die vaak op naam van Bijbelse personen zijn gezet en over soortgelijke godsdienstige onderwerpen gaan, maar niet tot de lijst van gezaghebbende heilige geschriften behoren die samen de Canon van de Bijbel vormen. De term apocriefen is afgeleid van het Griekse woord apokruphos = verborgen, d.w.z. niet toegankelijk binnen de gemeente. Er bestaan apocriefen bij het Oude Testament en bij het Nieuwe Testament.

.

Apocriefen bij het Oude Testament

.

Canon van het Oude Testament

Canon van het Oude Testament

.

De apocriefen bij het Oude Testament zijn in de laatste eeuwen voor en in de eerste eeuwen na Christus ontstaan. Het gaat onder meer om de volgende boeken:

  • 3 en 4 Ezra (Nehemia wordt dan voor het tweede boek van Ezra gerekend)
  • Tobia(s)
  • Henoch
  • De Spreuken (of Wijsheid) van Jezus Sirach
  • Judith
  • Wijsheid van Salomo (Boek der wijsheid)
  • Profetie van Baruch
  • Brief van Jeremia
  • de toevoegingen bij Daniël (zoals het gebed van Azarja)
  • Aanhangsel van het boek Esther
  • Het gebed van de drie mannen in het vuur
  • De Historie van Suzanna
  • De historie van het beeld Bel en van de Draak
  • Het gebed van Manasse
  • de vier boeken der Makabeeën

Het Jodendom rekent geen van deze geschriften tot de Hebreeuwse bijbel (= Oude Testament).

De protestanten noemen de geschriften apocrief en rekenen ze niet tot het Oude Testament. De Statenvertalers namen een reeks apocriefen in hun vertaling op en schreven er een voorrede bij, waarin de lezing niet verboden wordt, maar verklaard waarom wij die niet op een lijn stellen met de canonieke boeken. Met bewijzen wordt gestaafd dat daarin gevonden worden “verscheiden onware, ongerijmde fabuleuze en tegenstrijdige zaken, die met de waarheid en met de canonieke boeken niet overeenkomen”.

.

Art. 6 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt:

.

“Dewelke de Kerk wel lezen mag en daaruit ook onderwijzingen nemen, voor zoveel als zij overeenkomen met de canonieke boeken; maar zij hebben zulk een kracht en vermogen niet, dat men, door enig getuigenis van die, enig stuk des geloofs of der christelijke religie moge bevestigen: zo ver is het vandaar, dat ze de autoriteit van de andere heilige boeken zouden mogen verminderen”.

Aan de meeste van deze apocriefe boeken schrijft deRooms-Katholieke Kerkechter goddelijk gezag toe. De kerk rekent Tobia, Judith, Wijsheid van Salomo, Profetie van Baruch, Brief van Jeremia en 1 en 2 Makkabeeën tot de bijbel en noemt ze “deuterocanoniek” = in tweede instantie aan de canon toegevoegd. De geschriften 3 en 4 Makkebeeën, de toevoegingen bij Daniel en Ester en het Gebed van Manasse vallen ook volgens de rooms-katholieke kerk buiten de Bijbel en worden ook door haar apocrief genoemd. In de Latijnse bijbel en vertalingen daarvan zijn ze vaak wel als aanhangsel opgenomen.

Het concilie van Trente (1545-1563) haalt slechts Tobias, Judith, het boek der Wijsheid, Jezus Sirach, Baruch, en de twee boeken der Makkabeën aan als behorende tot de canon, hoewel er meerdere in de Latijnse vertaling Vulgata staan.

.

Apocriefen bij het Nieuwe Testament

.

Canon van het Nieuwe Testament

Canon van het Nieuwe Testament

.

Behalve apocriefen bij het Oude Testament zijn er ook apocriefen bij het Nieuwe Testament. Van  de nieuwtestamentische apocriefen zijn er vele. Enkele voorbeelden:

  • Het Evangelie van de Hebreeën
  • Het Evangelie van de Egyptenaren
  • Het Evangelie van Petrus
  • Het Evangelie van Nicodemus
  • De brieven van Pilatus
  • Evangelie van Thomas

Veel van deze apocriefen zijn in latere tijd geschreven. Niet één kerk heeft die ooit erkend. Het bedrog kwam al heel snel aan het licht.

Een bekende apocrief is het Evangelie van Thomas, een Koptisch geschrift dat waarschijnlijk stamt uit de 4e eeuw na Christus. De Brieven van Pilatus zijn in de 6e eeuw geschreven.

.

Pseudopigrafa

.

ikonen-ontleend-aan-de-apocriefen__1045_0

.

Behalve de apocriefe boeken heeft men ook nog de Pseudopigrafa. Dit zijn geschriften, die gesteld zijn op naam van iemand die ze niet geschreven heeft. Deze zijn echter noch in de Septuaginta noch in de Vulgata opgenomen. Er toe behoren o.a.:

  • De Psalmen van Salomo
  • Het boek Henoch
  • De Hemelvaart van Mozes
  • De Testamenten van de twaalf patriarchen
  • en andere geschriften

Zij werden allen geschreven korte tijd voor of na Christus’ geboorte

.

.

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

preview en aankoop boek “De Openbaring “:
http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

.

John Astria