Tagarchief: oordeel

De gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen in de Islam

Standaard

categorie : religie

 

 

 

.

Zijn in de islam vrouwen ondergeschikt aan mannen?

.

 

16839_large
.
.
.
.

Wanneer men het over gelijkheid van mannen en vrouwen wil hebben, moet men eerst bepalen op welk criterium men mannen en vrouwen wil vergelijken. Inzake lengte bijvoorbeeld, heeft onderzoek uitgewezen dat mannen gemiddeld groter zijn dan vrouwen. Dus, mannen zijn superieur aan vrouwen inzake lengte.

Wat is dan gelijk en verschillend? In de islam staat God in alles centraal. Op de vraag wie  het belangrijkste is, de man of de vrouw,  geeft God zelf antwoord in de Koran :

‘Maar wie – hetzij man of vrouw – deugdelijke daden doet als gelovige, zij zullen de tuin binnengaan en jullie wordt nog niet zoveel als de holte in een dadelpit onrecht aangedaan.’ (Koran 4:124)

‘De mannen en vrouwen die zich aan God hebben overgegeven, de gelovige mannen en vrouwen, de onderdanige mannen en vrouwen, de geduldig en volhardende mannen en vrouwen, de deemoedige mannen en vrouwen, de mannen en vrouwen die aalmoezen geven, de mannen en vrouwen die vasten, de mannen en vrouwen die hun schaamstreek kuis bewaren, de mannen en vrouwen die God veel gedenken, voor hen heeft God vergeving en een geweldig loon klaargemaakt.’ (Koran 33:35)
.
Mannen en vrouwen zijn voor God dus volkomen gelijkwaardig. Gelijke daden worden gelijk beloond, ongeacht of een man of een vrouw de daden stelt. En als God mannen en vrouwen volkomen gelijkwaardig noemt, hoe zouden moslims dan een verschil tussen beide kunnen maken? De Koran en de sunnah herhalen steeds weer dat God een persoon boven een andere verkiest op grond van godsvrucht en goede daden, het oordeel daarover komt alleen God toe. Alle andere criteria (zoals ras, sekse, land, afkomst, enz… ) zijn van geen enkele tel. In zijn laatste preek hamerde profeet Mohammed daar ook nog eens op wanneer hij zei:
.

‘De gehele mensheid komt van Adam en Eva, en een Arabier is niet superieur tegenover een niet-Arabier, noch is een niet-Arabier superieur tegenover een Arabier. Ook is een blanke niet superieur aan een zwarte noch is een zwarte superieur tegenover een blanke. Niemand is superieur ten aanzien van iemand anders tenzij in vroomheid en goede daden.’

In diezelfde laatste preek die aanzien kan worden als zijn spiritueel testament, zegt profeet Mohammed ook dat mannen zekere rechten hebben over vrouwen, maar beklemtoont hij tevens dat vrouwen ook zekere rechten hebben over mannen. Tot dan, hadden de vrouwen in de Arabische samenleving geen rechten. Er was ook geen vrouwenbeweging die opkwam voor de rechten van de vrouw. En toch, op gezag van de openbaringen die Mohammed kreeg van God, begon hij volledige gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen te preken.

Uit de Openbaringen aan profeet Mohammed die weergegeven worden in de Koran, blijkt dat God voor mannen en vrouwen geen afzonderlijke geboden gezonden heeft om naar het paradijs te gaan. De toegang tot het eeuwig leven in de paradijselijke tuinen is voor beiden aan dezelfde bepalingen gebonden. Wat kan er gelijker zijn dan dat?

“Wie – hetzij man of vrouw – deugdelijk handelt als een ware gelovige, die zullen Wij een goed leven laten leiden (in deze wereld) en Wij zullen hen met hun loon belonen voor het beste wat zij deden (in het Hiernamaals)” (16:97)

Het is ook goed er hier op te wijzen dat het Arabische woord voor God, nl. Allah noch mannelijk, noch vrouwelijk is. Vergelijk met westerse talen waar God mannelijk is.

Bovendien wordt Eva er in de islam niet van beschuldigd Adam meegesleurd te hebben in de zondeval. Volgens de islam hebben zowel Adam als Eva zich laten vangen door de listen van Satan, iets wat God hen evenwel later vergeven heeft omdat zij berouw toonden. Op de vrouw rust in de islam dan ook niet het archetype van verleidster tot zonde. Bovendien werden volgens sommige moslimgeleerden ook vrouwen tot het profeetschap geroepen. Zij geven dan Maria en de Moeder van Mozes als voorbeeld van vrouwelijke profeten.

Door tegenstanders van de islam wordt ook vaak verwezen naar vers 34 van hoofdstuk 4 om te staven dat de islam zou beweren dat mannen superieur zijn aan vrouwen. Sommige Koranvertalingen geven het vers inderdaad in die zin weer. Een vertaling is echter niet de koran zelf maar een interpretatie van de koran door een vertaler (die op zijn beurt tot één of andere strekking of sekte kan behoren, of wiens vertaling beïnvloed wordt door de socio-culturele context enz).

De Arabisch term die in vers 34:4  gebruikt wordt is ‘qawwam’ en betekent ‘volledige verantwoordelijkheid dragen voor’, of ‘volledig zorg dragen voor’. Dit betekent duidelijk niet dan een man superieur is aan een vrouw, het geeft in tegendeel aan een vrouw recht op bescherming (fysisch, financieel, emotioneel) van haar man die daarmee extra verantwoordelijkheden te dragen krijgt, zoals blijkt uit het volgende punt.

Ten slotte dient gesteld dat het islamitisch huwelijk van rechtswege een verbintenis is tussen gelijken. Het is geen contract van dienstbaarheid. Vrouwen moeten dus mannen niet dienen. Moslim-echtgenoten worden integendeel geacht hun vrouwen te helpen in het huishouden naar het voorbeeld van profeet Mohammed die ook een deel van de huishoudelijke taken voor zijn rekening nam.

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Waar haalde Kaïn zijn vrouw vandaan?

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Waar haalde Kaïn zijn vrouw vandaan ?

.

 

adamevaparadijsrnd

 

.

Sceptici hebben telkens weer de vrouw gebruikt om het boek Genesis in discrediet te brengen als waargebeurde historische gebeurtenis. Triest genoeg waren de meeste christenen niet in staat om een adequaat antwoord te geven op deze vraag. Met als gevolg, dat de wereld denkt, dat christenen de autoriteit van de Bijbel niet kunnen aantonen, net zo min als van het christelijke geloof. En toch is er een antwoord op te geven. Maar aangezien de meeste kerken geen apologetiek leren, (dat is de leer van de geloofsverdediging) speciaal met het oog op Genesis, zijn veel kerkgangers niet “bereid tot verantwoording aan al wie u rekenschap vraagt van de hoop, die in u is.” (1 Petr. 3:15). 

 

.

Waarom is het belangrijk?

.

Verdedigers van het evangelie moeten kunnen aantonen, dat alle mensen afstammen van één man en één vrouw (Adam en Eva), want alleen afstammelingen van Adam en Eva kunnen gered worden. Dus moeten gelovigen ervan overtuigd zijn, dat Kaïns vrouw een nakomelinge van Adam was. ( Het Bijbelgedeelte dat hier op slaat is Genesis 4:1-5:5 ).

 

De eerste mens

 

Daarom, gelijk door één mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood, zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben (Rom. 5:12). We lezen in 1 Kor. 15:45 dat Adam de eerste mens was.De Bijbel stelt heel duidelijk, dat alleen de nakomelingen van Adam gered kunnen worden. Rom. 5 leert ons, dat we zondaars zijn, omdat Adam zondigde. De doodstraf, die Adam kreeg als oordeel over zijn opstandigheid, ging over op al zijn nakomelingen. Omdat één mens zonde en dood in de wereld bracht, hebben alle nakomelingen van Adam een zondeloos mens nodig om de straf te betalen voor de zonde en het oordeel van de dood te ondergaan.

 

De laatste Adam

 

God voorzag in een oplossing. Hij opende een weg om de mens te bevrijden uit zijn verloren staat. De zoon van God nam de menselijke natuur aan, toegevoegd aan zijn volle goddelijkheid. Hij wordt “de laatste Adam” genoemd (1 Kor. 15:45), omdat Hij de plaats innam van de eerste Adam. Hij werd het nieuwe hoofd en omdat hij zonder zonde was, was Hij in staat te prijs te betalen voor de zonde:

Want, dewijl de dood er is door één mens, is ook de opstanding der doden door één mens. Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. (1 Kor. 15:21-22).

Christus stierf op het kruis. Hij stortte zijn bloed want “zonder bloedstorting is er geen vergeving.” Hebr. 9:22. Daardoor kunnen degenen die spijt hebben van hun zonde en hun vertrouwen in zijn werk aan het kruis stellen, verzoend worden met God.

 

Zodoende kunnen slechts nakomelingen van Adam gered worden.

 

Allen verwant

 

Zodoende was er slechts een man aan het begin—gemaakt uit het stof der aarde (Genesis 2:7).

Dit betekent ook, dat Kaïns vrouw een nakomelinge was van Adam.

 

De eerste vrouw

 

In Genesis 3:20 lezen we, “En Adam noemde zijn vrouw Eva, omdat ze de moeder was van alle levenden.”

Eva werd gemaakt uit een rib van Adam (of zijde) (Genesis 2:21-24).

Ook lezen we in Genesis 2:20, dat toen Adam naar de dieren keek, hij geen hulp voor zichzelf kon vinden—er was er geen een van zijn soort.

Dit alles maakt het duidelijk dat er in het begin maar één vrouw was, Adams vrouw. Er waren geen andere vrouwen aanwezig, die niet van Eva afstamden.

 

Kaïns broers en zusters

 

Kaïn was het eerste kind van Adam en Eva, dat staat in (Genesis 4:1). Zijn broers, Abel (Genesis 4:2) en Set (Genesis 4:25), waren een gedeelte van de eerste generatie kinderen, die ooit op aarde geboren waren.

Hoewel slechts deze drie bij name vermeld staan, hadden Adam en Eva meer kinderen. In Genesis 5:4 staat dat Adam zonen en dochteren verwierf—”En de dagen van Adam, nadat hij Set verwekt had, waren achthonderd jaar, en hij verwekte zonen en dochteren.”

De Bijbel vertelt ons niet hoeveel kinderen Adam en Eva kregen. Het lijkt ons redelijk om aan te nemen, dat het er velen waren! Denk er wel aan, God had hen het bevel gegeven: “Weest vruchtbaar en wordt talrijk” (Genesis 1:28).

 

De vrouw

 

Als we nu echt puur afgaan op wat de Bijbel zegt, dan moesten in het begin broers met zusters trouwen, of er zou geen volgende generatie meer zijn geweest!

Er wordt ons niet gezegd wanneer Kaïn trouwde, maar het ding staat vast dat enkele broers bij de aanvang der geschiedenis met hun zusters zijn getrouwd.

De bedoeling van God was dat één man met één vrouw zou trouwen voor het leven (gebaseerd op Genesis 1 en 2). Het was in die begintijd geen ongehoorzaamheid aan God als naaste verwanten met elkaar huwden (zelfs broers en zusters).

Lang geleden huwde Abraham zijn halfzuster huwde. (Genesis 20:12). God zegende deze verbinding, want door Isaäk en Jakob werd het hele Joodse volk geboren. Pas 400 jaar later gaf God aan Mozes wetten, die zulke huwelijken verbood.

.

.

Biologische Afwijkingen

 

Vandaag de dag is het volgens de wet voor broers en zusters (en halfbroers en halfzusters) niet toegestaan om te trouwen, omdat de kinderen uit deze verbintenis een onacceptabel risico lopen om mismaakt te worden. Hoe meer de ouders aan elkaar verwant zijn, hoe groter het risico dat hun nageslacht afwijkingen zal krijgen.

Adam and Eva hadden geen opeenstapeling van afwijkingen. Toen de eerste twee mensen werden geformeerd, waren ze lichamelijk perfect. Alles wat God maakte was erg goed (Genesis 1:31). Maar toen de zonde in de wereld kwam (vanwege Adam—Genesis 3:6, Rom. 5:12), vervloekte God de wereld. zodat de perfecte creatie begon te degenereren.

Kaïn behoorde bij de eerste generatie kinderen. Hij, zowel als zijn broers en zusters, hebben geen imperfecte genen van Adam en Eva overgeërfd en de vloek op de schepping was nog maar minimaal doorgedrongen. In dat geval kunnen broers en zusters wel met elkaar huwen met Gods toestemming, zonder dat mogelijke afwijkingen in het nageslacht ontstaan.

In de tijd van Mozes, een paar duizend jaar later, zouden degeneratie fouten zich al hebben opgebouwd in het menselijke ras. Daardoor vond God het nodig om het broeder-zuster huwelijk ter verbieden (en tussen nauw verwanten) (Leviticus 18-20). Er waren destijds ook genoeg mensen op de aarde en er was dus geen dringende reden meer om binnen het gezin met elkaar te trouwen.

 

.

De afstammelingen van Kaïn en Abel

 

De nakomelingen van Kaïn en Abel waren erg intelligente mensen. Jubal maakte muziekinstrumenten zoals de harp en het orgel (Genesis 4:21), en Tubal-Kaïn werkte met koper en ijzer (Genesis 4:22).

Omdat men erg beïnvloed is door het evolutiedenken menen veel mensen vandaag de dag dat onze generatie de intelligentste is die ooit bestaan heeft op deze planeet. Moderne technologie is het resultaat van een opeenstapeling van kennis uit vroegere tijden. We staan op de schouders van hen die ons voorgegaan zijn.

Onze hersens hebben geleden van het 6.000 jaar ondergaan van de vloek sinds Adam. We zijn flink gedegenereerd vergeleken met mensen uit vele generaties voor ons. Aan de intelligentie van Adam en Eva en de inventiviteit van hun kinderen, kunnen we bij lange na niet tippen.

 

Conclusie

 

Vele Christenen proberen Genesis te interpreteren vanuit onze huidige situatie, veel meer dan de Bijbelse waarheid te aanvaarden van de veranderingen die ontstaan zijn door de zonde. Omdat ze hun wereldvisie niet bouwen op de Schrift, maar een seculiere manier van denken hebben aangenomen ten aanzien van de Bijbel, zijn ze blind voor simpele antwoorden.

Genesis geeft een verslag van God, die er was toen de geschiedenis een aanvang nam. Het is het woord van die Ene, die alles weet en Die een getrouwe getuige is van het verleden. Als we dus Genesis nemen als basis voor ons historische begrip, dan kunnen we de zingeving ontdekken van zaken die anders een mysterie voor ons zouden blijven.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Bijbelverzen over Liefde

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Bijbelverzen over Liefde – God’s Liefde Voor Ons

 

Zoveel immers heeft God van de wereld gehouden, dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft geschonken, zodat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven bezit. – Johannes 3:16

Ikzelf leef niet meer, Christus leeft in mij. Mijn sterfelijk leven is een leven in het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en zichzelf heeft overgeleverd voor mij. – Galaten 2:20

Erken dan dat de HEER uw God inderdaad God is, de getrouwe God die zich aan het verbond houdt en vol medelijden is voor degenen die Hem liefhebben en zijn geboden onderhouden, tot in de duizendste generatie. – Deuteronomium 7:9

Want de HEER heeft rechtschapenheid lief, Hij laat zijn getrouwen niet in de steek. . . Psalm 37:28

Degenen die mij liefhebben heb ik lief en degenen die mij zoeken zullen mij vinden. – Spreuken 8:17

En de liefde die God is, is onder ons verschenen doordat Hij zijn enige Zoon in de wereld gezonden heeft, om ons door Hem het leven te brengen. Hierin bestaat de liefde: niet wij hebben God liefgehad, maar Hij heeft ons liefgehad, en Hij heeft zijn Zoon gezonden om onze zonden uit te wissen. Geliefden, als God ons zo heeft liefgehad, moeten ook wij elkaar liefhebben. 1 Johannes 4:9-11

 

 

 

 

 

Bijbelverzen over Liefde voor God

 

Zo hebben wij de liefde leren kennen die God voor ons heeft, en wij geloven in haar. God is liefde: wie in de liefde woont, woont in God en God is met hem. 1 Johannes 4:16

Wij hebben lief, omdat Hij ons het eerst heeft liefgehad. Maar als iemand zegt dat hij God liefheeft, terwijl hij zijn broeder haat, is hij een leugenaar. Want als hij zijn broeder, die hij ziet, niet liefheeft, kan hij God niet liefhebben, die hij nooit heeft gezien. 1 Johannes 4:19-20

Hieraan kan men de kinderen van God en de kinderen van de duivel onderscheiden: wie de gerechtigheid niet doet, is niet uit God, evenmin als hij die zijn broeder niet liefheeft. – 1 Johannes 3:10

Niemand kan twee heren dienen. Want hij zal de een verfoeien en van de ander houden, of zich hechten aan de eerste en de ander verachten. Je kunt God en de geldduivel niet tegelijk dienen. – Matteüs 6:24

Uw enige zorg moet dus zijn de HEER uw God lief te hebben. – Jozua 23:11

Ik heb U lief, HEER, mijn kracht. Psalm 18:2

Jezus zei hem: ‘U zult de Heer uw God liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: U zult uw naaste liefhebben als uzelf.’ – Matteüs 22:37-39

 

 

 

 

 

 

Bijbelverzen over voor Elkaar

 

Een vriend heeft te allen tijde lief, een broeder is geboren voor de tijd van nood. Spreuken 17:17

De liefde is geduldig en vriendelijk; de liefde is niet afgunstig, zij praalt niet, zij verbeeldt zich niets. Zij gedraagt zich niet onfatsoenlijk, zij zoekt zichzelf niet, zij laat zich niet kwaad maken en rekent het kwade niet aan. Zij verheugt zich niet over onrecht, maar vindt vreugde in de waarheid. Alles verdraagt zij, alles gelooft zij, alles hoopt zij, alles verduurt zij. De liefde vergaat nooit. . . Deze drie dingen blijven altijd bestaan: geloof, hoop en liefde; maar de liefde is het voornaamste. – uit 1 Korintiërs 13:4-13

Dit is mijn opdracht: dat jullie elkaar liefhebben met de liefde die Ik jullie heb toegedragen. De grootste liefde die iemand zijn vrienden kan betonen, bestaat hierin dat hij zijn leven voor hen geeft. Johannes 15:12-13

Neem geen wraak op een volksgenoot en koester geen wrok tegen hem. U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Ik ben de HEER. – Leviticus 19:18

Haat brengt ruzie teweeg, maar de liefde bedekt tal van zonden. – Spreuken 10:12

 

 

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Dienaren van God en UFO’s

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Inleiding

 

De laatste jaren is er steeds meer aandacht voor bovennatuurlijke zaken. Men is op zoek naar vragen over de oorsprong van het leven, over het doel van het leven, maar heeft daarbij van te voren afgerekend met het geloof in de God van de Bijbel. Toch zal er iets moeten zijn, volgens de moderne religieuze mens. Films, muziek en boeken over buitenaards leven en over engelen en demonen doen het goed. Loop maar eens een willekeurige boekhandel binnen. Zo is men zeer geïnteresseerd in het onderzoek naar UFO’s, wat de officiële afkorting is van ‘Unidentified Flying Object’, oftewel ‘Ongeïdentificeerd vliegend voorwerp’. De laatste tijd neemt de aandacht daarvoor ook op TV steeds meer toe.

 

 

Demon-Face-HD

.

 

Uit de tv programma’s bleek echter dat het niet bij vliegende objecten bleef. Het is bij verschillende mensen tot contact met ‘buitenaardse wezens’ gekomen. De wezens werden duidelijk herkend en zijn in de programma’s ook beschreven. Er zijn zelfs operaties door hen uitgevoerd, waarbij bleek dat de wezens op zoek waren naar genetisch  materiaal. Verschillende personen hielden hier dezelfde soort littekens aan over. Er was een vrouw die in verwachting was  na een bezoek van ruimtewezens, maar haar kind verdween uit haar lichaam. Bij een later bezoek kreeg zij haar foetus in de ruimte te zien.

Wat moeten wij met deze verhalezn.  Kunnen we er op grond van de Bijbel iets mee? Deze laatste vraag zullen we vast bevestigend beantwoorden. Deze wezens hebben niets gemeen met de Heere God en Zijn Woord! De Bijbel waarschuwt er juist tegen. Het zijn namelijk gevallen engelen, boze machten en krachten, die zich momenteel proberen te openbaren aan de mensheid. Daarom is het goed om eens een Bijbelstudie te wijden aan het onderwerp ‘engelen’. In dit artikel zullen we dan ook de Bijbel naslaan op teksten die gaan over het bestaan van engelen, de taken van engelen, het aantal engelen, de val van engelen,  de superioriteit van engelen boven mensen, èn in sommige gevallen de superioriteit van mensen boven engelen. Dit laatste in verband met de redding van de mens.

 

 

 

Wat zijn dat ‘engelen’?

.

De Bijbel gaat er heel gewoon vanuit dat engelen bestaan. Het woord ‘engel’ komt voor het eerst voor in Genesis 16:7. In de Psalmen staat : “Hij maakt Zijn engelen geesten” (Psalm 104 : 4).

Hebr. 1 : 14 zegt :  “Zijn zij (= de engelen van vers 13) niet allen gedienstige geesten, die tot dienst uitgezonden worden, om degenen, die de zaligheid beërven zullen?”. Engelen zijn dienende geesten!

 

.

Wanneer men alleen de grondtekst gebruikt om de betekenis van “engel” te achterhalen, dan zegt men dat een engel een “bode” of “boodschapper” is. Maar engelen zijn veel meer.

 

.

De Bijbelse definitie is “gedienstige geesten” (Hebr. 1 : 14) en  dat is veel ruimer. Inderdaad zijn er engelen die boodschappen van God overbrengen. Denk aan de engel die de geboorte van Johannes de Doper en van de Heere Jezus Christus aankondigde (Lukas 1).

-In de hemel is hun taak om de Heere God te eren, te aanbidden en te dienen (Openb. 5 : 11 – 12, Openb. 8 : 3).

-Verder vinden we een engel die Filippus er toe leidde om de Ethiopische kamerling te ontmoeten (Hand. 8 : 26).

-We vinden engelen die ondersteunen en dienen :  toen de Heere Jezus Christus bloed zweette in de hof van Gethsémané en bad, verscheen Hem een engel en die diende Hem; een engel hielp Elia in 1 Koningen 19 : 1 – 8.

-We vinden engelen die overleden gelovigen naar de hemel brengen  enz.

 

.

We weten dat engelen geestelijke wezens zijn en worden dus niet gebonden door menselijke wetten.

.

 

-Engelen kunnen gesloten gevangenissen binnenkomen (Hand. 12 : 7), gevangenisdeuren openen (Hand. 5 : 19), en zij kunnen verschijnen in een vlam (Richt. 13 : 19 – 20).

-Engelen zijn klaarblijkelijk instaat om grote afstanden zeer snel af te leggen. Bijvoorbeeld in Daniël 10 : 12 – 13, waar de engel zich verontschuldigde dat hij 21 dagen later was door de worsteling met de overheden en machten in de hemelse gewesten.

-Engelen zijn wijzer dan mensen en zij zijn sterk. Eén engel doodde 185.000 Assyrische soldaten in één nacht (2 Kon. 19 : 35). Zo lezen we in 2 Samuël 24 : 15 – 16 dat één engel 70.000 Israëlieten sloeg die de zonde van David navolgden. Evenzo deed één engel de macht van Rome teniet, brak het zegel en rolde de steen van het graf van de Heere Jezus weg (Matth. 28 : 2 – 4).

-En op een dag zal een engel de duivel binden en hem voor duizend jaar gevangen zetten in de afgrond (Openb. 20 : 1 – 3).

Engelen zijn dus echt. Ze zijn er, en het zijn geestelijke wezens. Ze kunnen zichtbaar worden en menselijk voedsel tot zich nemen (Luk. 2 : 9; Gen. 32 : 1 – 2; Gen. 18 : 5). Engelen blijken ontelbaar te zijn. In Openbaring 5 : 11 lezen we: “En ik zag, en ik hoorde een stem van vele engelen rondom de troon, en de dieren en de ouderlingen; en hun getal was tien duizendmaal tien duizenden, en duizendmaal duizenden.” Er wordt gesproken over “de vele duizenden der engelen” (Hebr. 12 : 22). Nog een eigenschap van engelen is dat ze onsterfelijk zijn (Luk. 20 : 35 – 36).

 

 

Engelen: mannelijke verschijningen zonder vleugels

.

Elke engel, die in de Bijbel verschijnt, verschijnt als man. Dit wordt helaas in bijna geen enkel Christelijk boek over engelen gevonden. Bijna altijd wordt van engelen verteld dat het geslachtsloze wezens zijn. Maar dit is on-Bijbels! Engelen worden door de Heere in Zijn Woord ‘mannen’ genoemd. Ze zijn nooit geslachtsloos!  Wanneer u de bijbel bestudeert, zult u erachter komen dat er nergens in de Bijbel geslachtsloze engelen voorkomen.

Evenzogoed komt er nergens in de Bijbel een engel voor, die vleugels heeft. De engelen worden niet voor niets herkend als mannen.  De Heere Zelf  wordt ook wel de Engel des Heeren genoemd wordt.

Hoe komt men er dan bij om te zeggen dat engelen geslachtsloos zijn? Dat kan maar op één  Bijbeltekst gebaseerd zijn, maar deze tekst wordt dan wel verkeerd uitgelegd. Het gaat om Matthéüs 22 : 30, waar staat: “Want in de opstanding nemen zij niet ten huwelijk, noch worden ten huwelijk uitgegeven; maar zij zijn als engelen Gods in de hemel” (zie ook Mark. 12 : 25 en Luk. 20 : 35, 36). Dat er niet gehuwd wordt in de hemel, dat er dus geen voortplanting plaatsvindt in de hemel, wil niet zeggen dat deze geestelijke wezens geslachtsloos zijn. De Bijbel Zelf heeft het tegendeel bewezen. Ook de Heere Zelf is namelijk niet geslachtsloos. Hij is de Vader in de hemel, Die Zich geopenbaard heeft in Zijn Zoon Jezus Christus: allemaal mannelijk!

Nog even aandacht voor het feit dat engelen geen vleugels hebben. Hoe kan het dan dat de wezens op de ark van het verbond wel vleugels hadden, en dat de profeet Ezechiël in zijn gezichten ook wezens met vleugels zag? De Bijbel Zelf geeft het antwoord: dit waren geen engelen, maar Cherubs (zie Ex. 25 : 18 – 20, Ezech. 9 : 3 en Ezech. 10 : 1 – 22)! Vandaar dat gevallen engelen geen vleugels hebben, maar de duivel zelf, de satan, wel, want hij was volgens Ezechiël 28 : 13 – 19 de overdekkende cherub, een troonbekleder van God! Een waarschuwing is hier wel op zijn plaats, want deze gevallen cherub kan zich voordoen als ‘een engel des lichts’ (2 Kor. 11 : 14). De Bijbel geeft duidelijk uitleg: Engelen hebben geen vleugels; de Engel des Heeren, de Heere Zelf, heeft geen vleugels.

 

 

 

Gevallen engelen en UFO’s

 

 

demon

 

De tegenwoordige verblijfplaats van de engelen is in de hemel, of in de hemelse gewesten indien het gevallen engelen betreft. Een groot deel van deze engelen zal in de toekomst nog vallen in overeenstemming met Openbaring hoofdstuk 12. Indien u dat hoofdstuk leest, zult u opmerken dat de aandacht die tegenwoordig in boeken en tv-series gegeven wordt aan engelen en UFO’s, alleen maar een voorbereiding van de mensen is op toekomstige gebeurtenissen. Zij bereiden mensen voor om in de nabije toekomst een positieve kijk te hebben op gevallen engelen, wanneer zij naar de aarde zullen komen. De mensheid, die niet in de Bijbel als Gods Woord gelooft, zal deze gevallen engelen (verschijningen) dan accepteren als buitenaards leven!

De satan zal dit zeker gebruiken, en gezien de huidige aandacht voor UFO’s, bovennatuurlijke verschijningen, en buitenaards leven op bijvoorbeeld de planeet Mars, hoeft de duivel de mens alleen maar wijs te maken dat het hier niet gaat om gevallen engelen, maar om een mens of een hoog ontwikkeld wezen vanuit de ruimte. En wie gelooft er tegenwoordig nog in het bestaan van gevallen engelen, die zich als mannelijke wezens op aarde kunnen settelen? Zelfs de meeste Christenen niet. Maar weet u, dat dit in de geschiedenis al eerder gebeurd is? Dit staat vermeld in Genesis 6.

 

.

 

Gevallen engelen in het verleden al op aarde aanwezig

.

Er waren engelen die niet voldeden.  2 Petr. 2 : 4 spreekt over gevallen engelen als “engelen, die gezondigd hebben”. Dit heeft direct te maken met hetgeen we vinden in Genesis 6. De gevallen engelen rebelleerden toen satan gelijk probeerde te worden aan God (Jes. 14 : 12 – 15, Ezech. 28 : 11 – 19).

Het was de zonde van trots en ongehoorzaamheid, het was de zonde van vermenging met vrouwen op aarde (Gen. 6 : 4). Uit deze vermenging kwam een zondig geslacht van reuzen voort (Gen. 6 : 5), een nieuw geslacht, dat zich kon voortplanten, maar wat ontstaan was uit twee gevallen geslachten: Een gevallen mensen-geslacht en een gevallen engelen-ras.

Genesis 6. Gen. 6 : 2 zegt : “Dat Gods zonen de dochters der mensen aanzagen, dat zij schoon waren, en zij namen zich vrouwen uit allen, die zij verkoren hadden.” Uit die huwelijken kwamen: “reuzen, deze zijn de geweldigen, die van ouds geweest zijn, mannen van naam.” (Gen 6 : 4).

.

 

geants24

 

Wat zijn Gods zonen? Gods zonen blijken in het Oude Testament engelen te zijn!  In het Oude Testament, na de zondeval, bestond er nog geen wedergeboorte, mensen konden daarom nog niet IN CHRISTUS gedoopt worden door de Heilige Geest (= wedergeboorte, 1 Kor. 12 : 13, 2 Kor. 5 : 17). Deze mensen konden daardoor dus ook géén kinderen, of zonen Gods worden! Dat is aan de Gemeente van Jezus Christus voorbehouden. ‘Zonen Gods’ kan hier dus geen betrekking hebben op mensen.

Gods zonen staan hier voor engelen, ook zij zijn door God geschapen!   In Genesis 6 hebben we te maken met engelen die niet meer bij God zijn, het zijn gevallen engelen. Judas 6 zegt dan nog over de gevallen engelen: “En de engelen, die hun beginsel niet bewaard hebben, maar hun eigen woonstede verlaten hebben, heeft Hij tot het oordeel van de grote dag met eeuwige banden onder de duisternis bewaard.” Deze engelen verschenen op aarde en hadden contact met de dochters der mensen (Gen 6 : 2). Daarvoor hebben zijn hun eigen woonstede (hun geestelijke lichaam) verruild voor een aards lichaam. Zij verschenen als mannen, en vermengden zich met de dochters der mensen.

En daaruit voort kwamen reuzen, een extreem goddeloos geslacht (Gen. 6 : 4 en 5). U begrijpt nu dat bijvoorbeeld de Griekse mythologie van goden en half-goden niet op totale verzinsels berust (Zeus, Olympus e.d.). Echter dat wat de mens als goden is gaan verheerlijken (mythologie), was een vermenging van mensen met onderdanen van de duivel. Vandaar de reuzen, vandaar de extreme goddeloosheid en boosheid in die dagen. En God moest oordelen en stuurde de zondvloed.

De dagen van Noach werden dus gekenmerkt door contact met het bovennatuurlijke! Door contact met de geestelijke wereld die zich op aarde manifesteerde! Vandaar dat de eindtijd ook wel omschreven wordt als “gelijk de dagen van Noach waren” (Matth. 24 : 37). Hetzelfde komen we nu namelijk weer tegen!

 

.

 

Mensen staan open voor magie en het bovennatuurlijke

 

 

Provincie_Antwerpen_Validatoren_DuivelAlleen

.

Heel populair zijn de boeken over Harry Potter. Bij de verkoop moet je er tegenwoordig op intekenen. De boeken zijn bij wijze van spreken niet aan te slepen. En in het nieuws is er ruim aandacht voor. De mensen gaan er ruim van te voren al voor uit hun dak! En dan te bedenken dat Harry Potter puur occult is. De dingen die in de boeken beschreven staan komen regelrecht uit het satanisme. Ja, Harry Potter draagt zelfs een merkteken op zijn voorhoofd (Openb. 13 : 16 – 18). Hoe meer magie, hoe beter! We hebben ook al The Lord of the Rings! Er zijn zelfs ‘Christelijke’ uitgevers en organisaties die Bijbelstudies uitgeven gebaseerd op vergelijkingen tussen The Lord of the Rings en de Bijbel. Er worden kerkdiensten gebaseerd op de film en de boeken. En dat terwijl de Bijbel waarschuwt tegen alles wat met toverij te maken heeft (Deut. 18 : 10 – 12a; Hand. 19 : 17 – 20)!

We zien in Openbaring 12 : 9 dat in de Grote Verdrukking inderdaad weer gevallen engelen op aarde geworpen worden: “En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt, hij is, zeg ik, geworpen op de aarde; en zijn engelen zijn met hem geworpen.” Dat is wat nog moet gebeuren in de Grote Verdrukking, en de mensen worden nota bene door onder andere zogenaamde Christelijke instellingen voorbereid om contact te hebben met GEVALLEN ENGELEN!

 

 

 

Engelen en oordeel

.

Engelen zijn evenals onze eerste ouders, Adam en Eva, perfect geschapen. Engelen als geestelijke wezens, onze eerste ouders echter als vleselijke wezens. Wij mensen zijn dan ook ‘een weinig minder gemaakt’ dan de engelen (Ps. 8 : 6, Hebr. 2 : 7). Engelen waren dan ook in de directe nabijheid van God. Echter, in sommige gevallen staat de mens boven de engelen.

De Bijbel spreekt over “de duivel en zijn engelen” (Matth. 25 : 41). Als een gevolg van de val van die engelen, wacht die engelen van de duivel het oordeel. Judas 6 zegt: “En de engelen, die hun beginsel niet bewaard hebben, maar hun eigen woonstede verlaten hebben, heeft Hij tot het oordeel van de grote dag met eeuwige banden onder de duisternis bewaard.”

De gevallen engelen zullen evenals de ongelovige mensen na de tweede opstanding in de poel des vuurs geworpen worden (Openb. 20 : 15, Matth. 25 : 41).  Er komt een dag dat mensen engelen zullen oordelen. In 1 Korinthe 6 : 3 zegt Paulus (over geredde mensen in deze bedeling, die op een dag gelijkvormig zullen zijn aan de Engel des Heeren, de Heere Jezus Christus):  “Weet gij niet, dat wij de engelen oordelen zullen?” Dit is ongetwijfeld een verwijzing naar het oordeel over de gevallen engelen, waar Judas 6 over spreekt, en dat deel dat volgens Openbaring 12 nog moet vallen gedurende de Grote Verdrukking.

Ondanks dat we in zonde vielen, zal God ons op een dag in Christus boven de engelen verheffen. Wij zullen dan verloste wezens zijn, door Zijn bloed gekocht, die gelijkvormig zijn aan het beeld van Zijn Zoon, de Heere Jezus Christus. We zullen niet in staat zijn om opnieuw te vallen, en daardoor zullen wij over gevallen engelen oordelen, over geestelijke wezens die zich tegen God keerden. “Weet gij niet, dat wij de engelen oordelen zullen?” Dit oordeel wordt in Openbaring 20 genoemd.

 

.

 

Engelen en het verlossingswerk van Jezus Christus voor de mens

.

Toen de engelen zondigden, voorzag de Heere hen niet van een Verlosser. Waarom niet? Omdat deze engelen geen ‘vlees en bloed’ waren, zij leefden reeds als geestelijke wezens in aanschouwen bij God in de hemel. Door dat de gevallen engelen zich met de mensen vermengden, zelf een lichaam van vlees en bloed aannamen, probeerden zij de redding voor de mensheid onmogelijk te maken.

Wanneer de mensheid met gevallen engelen vermengd zou zijn, zou Jezus Christus niet kunnen komen om Zijn leven voor de gevallen mens te geven.  Noach en zijn gezin werden gered, en de rest van de (vermengde) mensheid werd door God vernietigd door de zondvloed: Alles wat zich vermengd had met de gevallen engelen, werd door God vernietigd.

Toen Christus als Redder naar deze aarde kwam, kwam Hij als Verlosser, in de gedaante van een mens (Filip. 2 : 8), met bloed in Hem, om Zijn bloed te vergieten voor mensen van vlees en bloed, wiens leven was in hun bloed (Lev. 17 : 11, Hand 20 : 28), en wiens bloed fout, verkeerd, was, waardoor zij stierven. Engelen zullen dus nooit de vreugde kennen van de volbrachte verlossing in het bloed van Jezus Christus, want een engel is geen wezen, dat door bloed gekocht is.

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Contradicties in de bijbel : deel 7

Standaard

categorie : religie

 

 

bible_480

.

.

.

 Matteüs 28:1 vs. Marcus 16:1 & Lucas 24:1 vs. Johannes 19:39

 

 

Matteüs 28:1
1 Laat na de sabbat, tegen het aanbreken van de eerste dag der week, ging Maria van Magdala en de andere Maria het graf bezien.

 

Marcus 16:1
1 En toen de sabbat voorbij was, kochten Maria van Magdala en Maria, (de moeder) van Jakobus, en Salome specerijen om Hem te gaan zalven.

 

Lucas 24:1
1 Maar op de eerste dag van de week gingen ze bij het ochtendgloren naar het graf met de geurige olie die ze bereid hadden.

 

Johannes 19:39
39 En ook kwam Nikodemus, die de eerste maal des nachts tot Hem gekomen was, en hij bracht een mengsel mede van mirre en aloë, ongeveer honderd pond.

 

Waarom gingen de vrouwen naar het graf? Volgens Matteüs gingen ze om het graf te bekijken. Volgens Markus en Lucas hadden ze het graf al gezien (Markus 15:47 en Lucas 23:55) en gingen ze naar het graf om Jezus’ lichaam te balsemen. Volgens Johannes was het lichaam al gebalsemd door Nikodemus.

Uiteraard is hier weer geen sprake van een tegenstrijdigheid. Stel dat je het graf van een overleden familielid bezoekt en bloemen meeneemt. Je zou kunnen zeggen dat je naar het kerkhof gaat om het graf te zien (wat natuurlijk niet in strijd is met dat je het graf al vaker gezien hebt; misschien kom je zelfs wel jaarlijks langs). Maar je zou ook kunnen zeggen dat je komt om bloemen te brengen. Het één sluit het ander niet uit.

Dat ze zijn lichaam wilden balsemen is niet in tegenspraak met het gegeven dat Jozef dit reeds gedaan had. Misschien had Jozef het haastig gedaan, omdat het bijna sabbat was. Of misschien wilden ze het gewoon nog een keer doen om dezelfde reden als dat wij meer dan eens bloemen komen brengen.

Kochten ze kruiden (naar Marcus), of bereidden ze die zelf (naar Lucas)? Opnieuw is hier geen contradictie. Afgelopen week kocht ik eten en bereidde ik het. Of ik kocht een gedeelte (bijvoorbeeld het dessert) en bereidde een ander gedeelte (bijvoorbeeld het hoofdgerecht) met spullen die ik reeds in huis had.

 

 

 

Matteüs 28:2 vs. Markus 16:5 vs. Lucas 24:4 vs. Johannes 20:12

 

 

Matteüs 28:2
2 En zie, er kwam een grote aardbeving, want een engel des Heren daalde uit de hemel neder en kwam nader, en hij wentelde de steen weg en zette zich daarop.

 

Markus 16:5
5 En toen zij in het graf gegaan waren, zagen zij een jongeling zitten aan de rechterzijde, bekleed met een wit gewaad, en ontsteltenis beving haar.

 

Lucas 24:4
4 En het geschiedde, terwijl zij daarover in verlegenheid waren, dat, zie, twee mannen in een blinkend gewaad bij haar stonden.

 

Johannes 20:12
12 en zij zag twee engelen zitten, in witte klederen, een aan het hoofdeinde en een aan het voeteneinde, waar het lichaam van Jezus gelegen had.

 

 

 

 

 

Hoeveel engelen waren er, en waar zat(en) deze?

 

Dit is een kwestie van onvolledige rapportage, maar geen onjuiste rapportage. Matteüs vermeldt als enige de engel die buiten het graf op de steen zat, en laat de gebeurtenissen in het graf onbesproken. In zijn bespreking van wat er in het graf gebeurde, vermeldt Marcus slechts één van de twee engelen, namelijk degene die het woord voerde. Dat is geen enkel probleem; het is niet onjuist om niet uitputtend alle details te bespreken.

(Even een zijstraatje in: spreekt Markus de andere Evangeliën niet tegen door het over een ‘jongeman’ te hebben? Nee. Het woord ‘jongeman’ wordt wel vaker gebruikt om een engel mee aan te duiden. Dat het hier om een engel gaat is ook duidelijk vanwege het witte gewaad.)

Wat dan nog rest is de vraag of de engelen zaten (naar Johannes) of stonden (naar Lucas). Dat kan natuurlijk allebei waar zijn. Als er iemand binnenkomt die ik iets belangrijks te vertellen heb, is het goed mogelijk dat ik opsta. Geen contradictie.

 

 

 

Matteüs 28:8 & Lucas 24:9 & Johannes 20:18 vs. Markus 16:8

 

 

Matteüs 28:8
8 En zij gingen terstond weg van het graf, met vrees en grote blijdschap, en liepen haastig voort om het zijn discipelen te berichten.

 

Markus 16:8
8 En zij gingen naar buiten en vluchtten van het graf, want siddering en ontzetting hadden haar bevangen. En zij zeiden niemand iets, want zij waren bevreesd.

 

Lucas 24:9
9 en teruggekeerd van het graf, boodschapten zij dit alles aan de elven en aan al de anderen.

 

Johannes 20:18
18 Maria van Magdala ging heen en boodschapte de discipelen, dat zij de Here had gezien en dat Hij haar dit gezegd had.

 

Volgens Matteüs, Lucas en Johannes vertelden de vrouwen het aan de discipelen, maar volgens Marcus zwegen ze als het graf (oké, opzettelijke woordspeling). Maar deze discretie was natuurlijk slechts tijdelijk (ze moeten het uiteindelijk aan iemand verteld hebben, anders wisten we het nu niet). De uitspraak in Marcus zou kunnen betekenen dat ze onderweg naar de discipelen niemand iets vertelden.

(Een voetnoot in de NBV ’04 vermeldt overigens dat er enige variatie aan handschriften is na Markus 16 vers 8. Dit is wat in sommige handschriften tussen vers 8 en 9 te lezen is: “Alles wat hun opgedragen was, meldden zij in het kort aan de kring rond Petrus. Daarna stuurde Jezus zelf zijn leerlingen eropuit om van het oosten tot het westen de heilige en onvergankelijke boodschap van de eeuwige verlossing te verkondigen. Amen.”)

 

 

 

Matteüs 28:16 & Marcus 16:14 & Lucas 24:36 vs. Johannes 20:24 vs. 1 Korintiërs 15:5

 

 

Matteüs 28:16
16 En de elf discipelen vertrokken naar Galilea, naar de berg, waar Jezus hen bescheiden had.

 

Marcus 16:14
14 Daarna verscheen Hij aan de elven zelf, terwijl zij aanlagen, en Hij verweet hun hun ongeloof en hardheid van hart, omdat zij hen niet geloofden, die Hem aanschouwd hadden, nadat Hij opgewekt was.

 

Lucas 24:33
33 En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd.

 

Johannes 20:24
24 En Tomas, een der twaalven, genaamd Didymus, was niet met hen, toen Jezus daar kwam.

 

1 Korintiërs 15:5
5 en Hij is verschenen aan Kefas, daarna aan de twaalven.

 

Aan hoeveel discipelen verscheen Jezus? Waren het 11 discipelen (zoals in Matteüs, Markus en Lucas), 10 discipelen (zoals in Johannes: 12 minus Judas en Thomas) of 12 discipelen, zoals in de eerste brief aan de Korintiërs?

Het is niet onjuist om van ‘de elf’ of ‘de twaalf’ te spreken, ook al zijn er minder discipelen aanwezig. Deze termen worden hier gebruikt als titels van de groep discipelen van Jezus, niet als telwoorden. Op dezelfde wijze zouden wij kunnen zeggen dat ‘het Nederlands elftal’ afgelopen woensdag heeft gewonnen van Amerika, terwijl er in feite 17 spelers voor Nederland op het veld hebben gestaan.

 

 

 

 

 

 

Matteüs 28:18 vs. Markus 6:5

 

 

Matteüs 28:18
18 En Jezus trad naderbij en sprak tot hen, zeggende: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op [de] aarde.

 

Marcus 6:5
5 En Hij kon daar geen enkele kracht doen; alleen genas Hij enige zieken door handoplegging.

 

Het woordje dat in Markus 6:5 vertaald is met ‘kon’ is het Griekse woordje ‘dunamai’ (doo’-nam-ahee). Strongs Concordantie geeft de volgende betekenissen:

1) to be able, have power whether by virtue of one’s own ability and resources, or of a state of mind, or through favourable circumstances, or by permission of law or custom
2) to be able to do something
3) to be capable, strong and powerful

Het dikgedrukte gedeelte geeft aan dat het geen absolute onkunde hoeft te impliceren. Jezus kon, als Hij wilde, wel grote tekenen laten zien, maar het lag niet in zijn mandaat om dat te doen, omdat de mensen in die streek geen geloof hadden.

Overigens gaat de tekst in Markus over iets wat vóór Jezus’ kruisiging en opstanding gebeurde, terwijl de uitspraak in Matteüs gedaan werd ná de opstanding.

 

 

 

Markus 15:39 vs. Lucas 23:47

 

 

Markus 15:39
39 Toen de hoofdman, die tegenover Hem stond, zag, dat Hij zó de geest gegeven had, zeide hij: Waarlijk, deze mens was een Zoon Gods.

 

Lucas 23:47
47 Toen de hoofdman zag, wat er geschiedde, verheerlijkte hij God, zeggende: Inderdaad, deze mens was rechtvaardig!

 

Ja…? Waar is de contradictie? Iemand die verbaast is mompelt van alles en nog wat. De hoofdman heeft dit allebei gezegd.

 

 

 

Lucas 14:26 vs. 1 Johannes 3:15

 

 

Lucas 14:26
26 Indien iemand tot Mij komt, en niet haat zijn vader en moeder en vrouw en kinderen en broeders en zusters, ja zelfs zijn eigen leven, die kan mijn discipel niet zijn.

 

1 Johannes 3:15
15 Een ieder, die zijn broeder haat, is een mensenmoorder en gij weet, dat geen mensenmoorder eeuwig leven blijvend in zich heeft.

 

Het enige wat dit demonstreert, is de scepticus’ neiging zonder nuances alles letterlijk en absoluut te nemen, om maar weer een tegenstrijdigheid aan te kunnen wijzen. Zelfs iemand die in een totale onwetendheid verkeert over de culturele context, zou moeten begrijpen dat Jezus niet letterlijk bedoelt je familie en jezelf te haten. Zelfs wij Westerlingen kennen het begrip ‘bij wijze van spreken.’

Maar een dergelijke absolute, zwart-wit (of houden van, of haten) manier om dingen te zeggen, is typisch voor het Oude Midden Oosten, waar extreem taalgebruik normaal was. Een ander voorbeeld:

Lucas 16:13
13 Geen slaaf kan twee heren dienen, want hij zal òf de ene haten en de andere liefhebben, òf zich aan de ene hechten en de andere minachten; gij kunt niet God dienen èn Mammon.

 

Het punt is dat de slaaf aan de ene heer meer is toegewijd dan aan de andere, maar het wordt weergegeven alsof er twee extremen zouden zijn.

Zo ook in Lucas 14:26: onze familie, of zelfs ons eigen vege lijf, moet ons niet meer waard zijn dan Jezus Christus, anders zullen we Hem niet optimaal kunnen dienen.

 

 

 

 

 

 

Marcus 16:12-13 vs. Lucas 24:34

 

 

Marcus 16:12-13
12 Daarna verscheen Hij in een andere gedaante aan twee van hen op de weg, terwijl zij zich naar het land begaven. 13 En ook die gingen heen om het aan de anderen te berichten. En ook die geloofden zij niet.

 

Lucas 24:33-34
33 En zij stonden op en keerden terzelfder tijd terug naar Jeruzalem en zij vonden de elven en die bij hen waren, vergaderd, 34 en dezen zeiden: De Here is waarlijk opgewekt en is aan Simon verschenen.

 

Het verhaal in Lucas 24:13-35 vader,handelingen gaat over de welbekende Emmaüsgangers. De veronderstelde contradictie is dat Marcus 16 over deze zelfde Emmaüsgangers spreekt, en dat de discipelen hen volgens Lucas wel geloven, maar volgens Marcus niet.

Maar het hoeft hier niet over dezelfde gebeurtenis te gaan. Er zijn overeenkomsten tussen de twee verhalen (ze waren met z’n tweeën buiten de stad aan het wandelen, en Jezus verscheen in een andere gedaante). Maar er zijn ook verschillen. Volgens Marcus 16:12 waren ze op weg naar ‘het land’ (niet naar Emmaüs); volgens de Naardense vertaling waren ze op weg naar ‘de akker’. En ze werden niet geloofd, terwijl de Emmaüsgangers wel werden geloofd.

Je kunt niet op basis van de overeenkomsten zeggen dat deze verhalen dezelfde gebeurtenis betreffen, en tegelijkertijd op grond van de verschillen concluderen dat de verhalen tegenstrijdig zijn.

Verder moet er nog opgemerkt worden dat het einde van Marcus 16 (vanaf vers 9) in veel documenten mist, en mogelijkerwijs geen onderdeel uitmaakte van het oorspronkelijke Evangelie van Marcus. Fouten in deze passage zijn dus niet per se problematisch voor de goddelijke inspiratie van de oorspronkelijke geschriften.

 

 

 

Johannes 5:37 vs. Johannes 14:9

 

 

Johannes 5:37
37 En de Vader, die Mij gezonden heeft, die heeft van Mij getuigenis gegeven. Gij hebt nooit zijn stem gehoord of zijn gedaante gezien.

 

Johannes 14:9
9 Jezus zeide tot hem: Ben Ik zolang bij u, Filippus, en kent gij Mij niet? Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien; hoe zegt gij dan: Toon ons de Vader?

 

Beide Schriftgedeelten in de context geplaatst:

Johannes 5:30-38
30 Ik kan van Mijzelf niets doen; gelijk Ik hoor, oordeel Ik, en mijn oordeel is rechtvaardig, want Ik zoek niet mijn wil, doch de wil van Hem, die Mij gezonden heeft. 31 Indien Ik getuig van Mijzelf, is mijn getuigenis niet waar; 32 een ander is het, die van Mij getuigt, en Ik weet, dat het getuigenis, dat Hij van Mij aflegt, waar is. 33 Gij hebt tot Johannes gezonden en hij heeft van de waarheid getuigd; 34 maar Ik behoef het getuigenis van een mens niet, doch Ik zeg dit, opdat gij behouden wordt. 35 Hij was de brandende en schijnende lamp en gij hebt u een tijdlang in zijn licht willen verheugen. 36 Maar Ik heb een getuigenis, gewichtiger dan dat van Johannes; want de werken, die Mij de Vader gegeven heeft om te volbrengen, juist die werken, die Ik doe, getuigen van Mij, dat de Vader Mij gezonden heeft. 37 En de Vader, die Mij gezonden heeft, die heeft van Mij getuigenis gegeven. Gij hebt nooit zijn stem gehoord of zijn gedaante gezien, 38 en zijn woord hebt gij niet blijvend in u, want die Hij gezonden heeft, gelooft gij niet.

 

Johannes 14:7-10 (NBV 2004)
7 Als jullie mij kennen zullen jullie ook mijn Vader kennen, en vanaf nu kennen jullie hem, want jullie hebben hem zelf gezien.’ 8 Daarop zei Filippus: ‘Laat ons de Vader zien, Heer, meer verlangen we niet.’ 9 Jezus zei: ‘Ik ben nu al zo lang bij jullie, en nog ken je me niet, Filippus? Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Waarom vraag je dan om de Vader te mogen zien? 10 Geloof je niet dat ik in de Vader ben en dat de Vader in mij is? Ik spreek niet namens mezelf als ik tegen jullie spreek, maar de Vader die in mij blijft, doet zijn werk door mij.

 

 

En in nog een andere passage zegt Jezus:

 

Johannes 6:44-47
44 Niemand kan tot Mij komen, tenzij de Vader, die Mij gezonden heeft, hem trekke, en Ik zal hem opwekken ten jongsten dage. 45 Er is geschreven in de profeten: En zij zullen allen door God geleerd zijn. Een ieder, die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, komt tot Mij. 46 Niet, dat iemand de Vader gezien heeft; alleen die van God komt, die heeft de Vader gezien. 47 Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven.

 

Omdat de Vader in de Zoon is, hebben degenen die Jezus’ werken hebben gezien, ook de Vader gezien, die door Jezus heen werkt. Zij hebben de Vader niet in gedaante gezien, maar ze hebben iets van Zijn persoonlijkheid kunnen zien, door Jezus’ daden. Daarom: wie Jezus kent, kent ook de Vader.

 

 

 

 

 

Handelingen 9:7 vs. Handelingen 22:9

 

 

Handelingen 9:7
7 En de mannen, die met hem reisden, stonden sprakeloos, daar zij wel de stem hoorden, maar niemand zagen.

 

Handelingen 22:9
9 En zij, die met mij waren, zagen wèl het licht, maar de stem van Hem, die tot mij sprak, hoorden zij niet.

 

Dat ze het licht zagen is niet in tegenspraak met dat ze ‘niemand’ zagen. Het gaat dus om de vraag of ze de stem hoorden of niet.

Paulus kan zich vergist hebben in Handelingen 22:9. Ten eerste was het vele jaren later, ten tweede kunnen zijn medereizigers (ook christenvervolgers) ontkent hebben iets gehoord te hebben. Dit is dus geen contradictie in de goddelijk geïnspireerde tekst, want Lucas (de schrijver van Handelingen) citeert Paulus slechts, hij zegt niet dat Paulus gelijk had.

Een andere mogelijke oplossing zit in het Griekse woordje voor ‘hoorden’. In beide verzen is dat ‘akouo’ (ak-oo’-o), maar in andere vervoegingen. Strongs Concordantie geeft voor dit woord:

1) to be endowed with the faculty of hearing, not deaf
2) to hear
– 2b) to attend to, consider what is or has been said
– 2c) to understand, perceive the sense of what is said
3) to hear something
– 3a) to perceive by the ear what is announced in one’s presence
– 3b) to get by hearing learn
– 3c) a thing comes to one’s ears, to find out, learn
– 3d) to give ear to a teaching or a teacher
– 3e) to comprehend, to understand

Het is goed mogelijk dat ‘akouo’ in Handelingen 9:7 vertaald moet worden met ‘hoorden’, maar in 22:9 met ‘begrijpen’. In dat geval hoorden Paulus’ reisgenoten de stem wel, maar verstonden ze het niet. De NIV vertaalt het daarom als volgt:

 

Handelingen 22:9 (New International Version)
9 ‘I am Jesus of Nazareth, whom you are persecuting,’ he replied. My companions saw the light, but they did not understand the voice of him who was speaking to me.

 

 

Conclusie

 

De Bijbel is Gods Woord en God is in alles te vertrouwen. Mensen zullen altijd wel ergens mee komen om het geloof in de dood en opstanding van Christus te ondermijnen, dan weer met lijsten Bijbelse tegenstrijdigheden, dan weer met alternatieve theorieën over het ontstaan van de wereld. Maar christenen moeten zich niet laten ‘medeslepen door allerlei leringen’ (Hebreeën 13:9) die strijdig zijn met het Evangelie.

Maar tegelijk beveelt de Bijbel ons alles te onderzoeken (1 Tessalonicenzen 5:21) en te weten hoe we iedereen het juiste antwoord kunnen geven (Kolossenzen 4:6).

 

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Iedereen boet voor zijn eigen zonden

Standaard

categorie : religie

 

 

 

de 10 geboden, de wetten van God

de 10 geboden, de wetten van God

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Ezechiël 18 : 2-22

 

Hierna kreeg ik opnieuw een boodschap van de HERE:

“Waarom gebruiken de mensen in Israël het spreekwoord: De kinderen worden gestraft voor de zonden die hun vaders begaan?

Zo waar Ik leef, zegt de Oppermachtige HERE, u zult dit spreekwoord niet meer gebruiken in Israël.

Want alle zielen behoren Mij toe (zowel van vaders als van zonen) en dit is mijn stelregel: Een mens zal uitsluitend om zijn eigen zonden sterven.

Maar als een man rechtvaardig is en doet wat wettig en goed is,

als hij niet naar de bergen gaat om offers te brengen aan de afgoden van Israël en hen te aanbidden; als hij geen overspel pleegt of met een ongestelde vrouw naar bed gaat;

als hij niemand afperst en onderpanden op tijd weer teruggeeft aan arme schuldenaars; als hij geen dief is, maar voedsel aan de hongerigen en kleding aan de noodlijdenden geeft

en als hij leent zonder rente te berekenen, de zonde uit de weg gaat, eerlijk en onbevooroordeeld is in zijn oordeel over anderen

en als hij mijn wetten trouw gehoorzaamt; dan is die man rechtvaardig, zegt de HERE, en zal hij zeker leven.

10 Maar als die man een zoon heeft, die een vechtersbaas of een moordenaar is en die al die dingen doet die zijn vader niet heeft gedaan;

11 als hij iemand is die weigert de wetten van God na te leven, maar afgoden aanbidt in de bergen en overspel pleegt,

12 de armen en noodlijdenden onderdrukt, zijn medemensen berooft en weigert schuldenaars hun onderpanden terug te geven, van de afgoden houdt en hen aanbidt

13 en zijn geld uitleent tegen te hoge rente; zal die man dan leven? Nee! Hij zal zeker sterven, door zijn eigen schuld.

14 Maar het kan zijn dat deze zondige man, op zijn beurt, een zoon heeft, die alle goddeloosheid van zijn vader ziet en desondanks God gaat vrezen en zelf besluit niet zo’n leven te gaan leiden.

15 Als die zoon niet de bergen ingaat om offers te brengen aan de afgoden en hen te aanbidden; als hij geen overspel pleegt

16 en eerlijk is tegenover hen die van hem lenen, zonder hen te bestelen, maar in plaats daarvan de hongerigen voedsel en de noodlijdenden kleding geeft;

17 als hij de armen helpt, zijn geld niet tegen rente uitleent en hij mijn wetten gehoorzaamt; dan hoeft hij niet te sterven om zijn vaders zonden. Hij zal zeker leven.

18 Maar zijn vader zal door zijn eigen zonden sterven, omdat hij wreed is, anderen besteelt en onrecht doet.

19 ‘Wat?’ zegt u, ‘moet een zoon niet voor zijn vaders zonden boeten?’ Nee! Want als de zoon het goede doet en mijn wetten naleeft, zal hij zeker leven.

20 Degene die zondigt, is degene die sterft. De zoon zal niet worden gestraft voor de zonden van zijn vader, noch de vader voor de zonden van zijn zoon. Een rechtvaardig mens zal worden beloond voor zijn rechtvaardigheid, maar een goddeloos mens zal voor zijn goddeloosheid worden gestraft.

21 Maar als een goddeloos mens zich van al zijn zonden bekeert, mijn wetten gehoorzaamt en rechtvaardig leeft, zal hij zeker blijven leven en niet sterven.

22 De zonden uit zijn verleden zullen worden vergeten en hij zal leven vanwege zijn rechtvaardigheid.

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

De genade van God op de oordeelsdag

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Efeziërs 2

 

Ook u bent door Hem tot leven geroepen; u, die eigenlijk al dood was, omdat u niet leefde zoals God wilde.

U liep met de grote massa van deze wereld mee en deed dezelfde slechte dingen als zij. U gehoorzaamde satan, de leider en vorst van de geestelijke machten in de lucht, die nu nog actief is in de mensen die vijanden van de Here zijn.

Zo was het ook met ons. Wij hebben allemaal aan onze slechte begeerten toegegeven. Wij hebben allemaal gedaan wat ons egoïsme ons ingaf. Door naar onze eigen natuur te leven, hadden wij Gods oordeel over ons gehaald.

Maar Gods liefde voor ons is zo groot dat Hij ons volledig gratie heeft verleend, zelfs al waren wij door onze misdaden dood voor Hem.

Hij heeft ons samen met Christus levend gemaakt! Wat een genade! Dat u gered bent, is enkel en alleen genade van God.

 

 

Genade door de Drievuldigheid

Genade door de Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

.

.

.

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

.

 

.

 

John Astria

Satan en de geestelijke oorlog / Satan and spiritual warfare

Standaard

 categorie : religie

 

 

2 Korintiërs 11 : 14 En het is geen wonder; want de satan zelf verandert zich in een engel des lichts.

Efeziërs 6 : 12 Want wij hebben den strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht.

 

 

De geschiedenis van Satan en de gevallen engelen / The history of Satan and his fallen angels

De geschiedenis van Satan ( Lucifer ) doet ons terug gaan naar de begintijd van de schepping toen god de engelen schiep. 

Er zijn verschillende soorten engelen.

We doorlopen 4 niveaus van de Goddelijke engelen hiërarchie.

 

1 Serafijnen

Zij vertegenwoordigen de hoogste rangorde van de engelen en vertoeven het dichtst bij de troon van God.

Zij hebben 6 vleugels en staan voor vuur omdat ze zo dicht bij  God zijn.

We kennen hun namen niet omdat ze altijd bij God de Vader zijn .

Zij roepen Heilig, Heilig, Heilig.

 

2 Cherubijnen

Zij bewaken de Boom des Levens en de Arc van het Verbond.

Zij prijzen en aanbidden God.

Zij hebben 4 vleugels.

Wij kennen hun namen niet behalve die van Lucifer.

 

Lucifer

Zijn Hebreeuwse naam is Heyley.

Zijn naam betekent lichtdrager.

Hij was de ” Helderste in de lucht “, de Morgenster.

Lucifer had een hoge status en autoriteit van God gekregen.

Zijn gerespecteerde naam zou een dramatische verandering krijgen.

 

3 De aartsengelen

Dit zijn de operationele leiders van de engelen.

Zij zitten in de Goddelijke raad die God voorzit.

In Genesis worden ze de Zonen van God genoemd.

Job noemt ze de Kinderen van God.

We zouden kunnen zeggen dat God de Leider is en de aartsengelen zijn Zijn raad van bestuur.

 

Er zijn tal van aartsengelen

De Bijbel vernoemt 3 ( ezekiël ) en het boek van de profeet Enoch vernoemt er 4 meer.

Alle aartsengelen hebben verschillende verantwoordelijkheden en taken.

Hun namen zijn :

A : Michaël

Genoemd de engel Gods

Hij is Gods strijder en de verdediger van de kerk

Hij is de sterkste in het universum na God en werd het eerst geschapen.

 

B : Gabriël

Hij is Gods boodschapper en sterkte

Hij is de helper van de Heiligen

Wanneer de kerk roept tot God zijn het Gabriël en zijn engelen die ter hulp schieten.

Hij zal de doden doen opstaan op de oordeelsdag.

 

3 : Raphaël

Zijn naam bedoelt Gods genezer en Gods goedheid.

Hij is de zachtaardige die troost en geneest.

Hij kan een menselijke gedaante aannemen met een aardse naam

 

 

4: De gewone werkengelen

Een engel is een geestelijk wezen geschapen door God.

Het woord engel komt van het Griekse woord angelos dat boodschapper betekent.

Engelen zijn intellectuele wezens zonder lichamelijke vorm.

Zij hoeven zich niet te vermenigvuldigen, God schiep ze in het begin van de schepping uit het niets.

Zij zijn met velen, onstoffelijk en onsterfelijk waardoor ze zich niet hoeven voort te planten.

Maar sommigen deden het, zie Genesis 6.

 

 

Job vertelt ons dat engelen geschapen zijn voor de aarde. Lucifer was één van Gods machtigste en mooiste creaties.

Zijn taak was Opzichter van de aarde.

Lucifer en de andere aartsengelen aanbaden God.

Maar op een dag werd Lucifer overmand door trots en verheerlijkte zichzelf.

Hij wilde gelijk zijn aan God in plaats van God te verheerlijken.

 

Ezekiël 28 : 14-15

4 Gij waart een gezalfde, overdekkende cherub; en Ik had u alzo gezet; gij waart op Gods heiligen berg; gij wandeldet in het midden der vurige stenen.

15 Gij waart volkomen in uw wegen, van den dag af, dat gij geschapen zijt, totdat er ongerechtigheid in u gevonden is.

 

De dag dat oorlog uitbrak in de hemel

Michaël en zijn engelen vochten tegen Lucifer en zijn engelen.

Lucifer verloor en kreeg een nieuwe naam, Satan de tegenstrever.

Satan werd naar de aarde geworpen samen met zijn engelen.

De gevallen engelen bedroegen 1/3 van alle engelen in de hemel.

 

 

 

 

 

 

 

 

Jezus was ooggetuige toen de strijd plaatsvond.

Hij zei in Lucas 10 : 18 , ik zag satan uit de hemel vallen gelijk een bliksem.

Dan zal Satan Adam en Eva verleiden in het aards paradijs wat enorme gevolgen zal hebben voor de mensheid en het leven op aarde.

 

In het boek van de profeet Enoch worden 4 meer zonen van God of aartsengelen genoemd.

Hun namen zijn Uriël, Raguël, Sariël en Jeremiël.

Ze werden aangetrokken tot vrouwen, daalden af naar de aarde, namen een menselijke gedaante aan en sliepen met hun.

200 andere engelen deden dit ook waarvan er 19 bekend zijn met naam.

Volgens Judas 1 : 6 verwijzend naar de engelen in Genesis 6 en gebaseerd op info van Enoch12 :4:

Zij waren in de hemel toen ze in lusten vielen.

 

Judas 1 : 6 : En denk eens aan de engelen die niet trouw aan God waren. Ze waren niet tevreden met de taak die Hij hun had gegeven. Ze verlieten de plaats waar ze woonden. Daarom heeft Hij hen voor altijd gevangen gezet in de duisternis. Daar moeten ze blijven tot de grote dag dat Hij over hen zal rechtspreken.

Deze info kon Judas enkel vernomen hebben door het boek van Enoch te lezen.

Dit is belangrijke informatie waarvan vele kerken niet op de hoogte zijn, omdat ze het boek Enoch onvoldoende bestudeerd hebben.

Dit is de tweede maal dat engelen vielen en werden de gevallen engelen genoemd.

Na de zondvloed werden deze engelen opgesloten in sjeool in afwachting van hun oordeel op de laatste dag.

 

 

 

 

 

 

God heeft een speciaal oordeel voor de 4 gevallen aartsengelen ( en de andere 22 ) die vielen voor de vrouwen op aarde.

Stellig, indien God zich er niet van heeft weerhouden de engelen die zondigden te straffen, maar hen, door hen in Ta̱rtarus te werpen, aan afgronden van dikke duisternis heeft overgeleverd om voor het oordeel bewaard te worden; en hij zich er niet van heeft weerhouden een wereld uit de oudheid te straffen, maar No̱ach, een prediker van rechtvaardigheid, met zeven anderen veilig heeft bewaard toen hij een geweldige vloed over een wereld van goddeloze mensen bracht.

 

Wat leerden we ?

De engelen verlieten de hemel, daalden af naar de aarde, namen een menselijke gedaante aan en sliepen met de vrouwen.

Zo werden zij ” gevallen engelen “

Ze werden vermoord in de zondvloed.

Hun demonische geesten zijn opgesloten in sjeool tot de komst van de oordeelsdag.

Daarna zullen ze voor eeuwig gegooid worden in de vuurpoel.

 

Volgens het boek van Enoch vroegen de gevallen engelen vergiffenis voor Gods troon, maar hun zonden waren zo erg dat dat onmogelijk was.

De nakomelingen van de gevallen engelen met vrouwen werden slechte reuzen. Het waren demonen bezeten door de eerste gevallen engelen.

Deze demonen werden bevrijd bij de dood van zo een reus.

Al de demonen die bezit nemen van mensen op aarde worden bevrijd bij de dood van een persoon. 

Zij kunnen vrij overgaan naar een ander persoon alleen als het hun toegelaten is of als ze uitgenodigd worden.

Daarom leven demonen eeuwig, zij kunnen overgaan van persoon tot persoon gedurende oneindige generaties.

Hun uiteindelijke bestemming zal gelijk de andere demonen de vuurpoel zijn, als straf voor eeuwig.

 

We weten dat wij gered zijn door genade.

Niets kan ons scheiden van de liefdevolle relatie met Christus.

Maar zal het leven een eenvoudige weg zijn naar glorie?

 

Dit is het verhaal van Satan en zijn gevallen engelen gebeurd in een lang verleden.

Maar is er een verband met de huidige tijden?

 

Dis is wat Paulus zegt over de kerk vele jaren na Jezus overwinning op het kwade:

Efeziërs 6 : 12

Want wij hebben den strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de geweldhebbers der wereld, der duisternis dezer eeuw, tegen de geestelijke boosheden in de lucht.

 

Ja,

Satan is totaal vernietigd door het kruis.

Zonde kan ons niet langer meer scheiden van God.

Jezus is onze redder, in Hem voelen we ons veilig.

Maar!!

Satan is niet dood, hij leeft.

Hij en zijn demonen maken overuren omdat ze weten dat hun einde dichter en dichter komt.

 

Hebt u al horen zeggen:

” houd uw vrienden in de buurt en je vijanden nog dichterbij”.

Dit wil niet zeggen dat men vriendelijk of zijn tijd moet doorbrengen bij de vijand.

Het gaat om zoveel mogelijk te weten te komen van uw vijand Satan.

Wanneer men zijn strategie, denken en handelen weet, is men voorbereid op een eventuele aanval van hem.

Satan zal u ooit zeker aanvallen!

Zijn zwakte is hem er aan laten herinneren dat hij verslagen is door Jezus, beveel hem in Jezus naam u te verlaten en hij zal dat doen.

 

Deze geestelijke, demonische krachten weten dat ze verslagen zijn door Jezus op het kruis.

Zij weten dat Jezus stierf op het kruis voor onze zonden en ziekten.

Maar toch vallen ze de mensen aan in hun lichaam.

Maar als gelovigen hebben wij het recht en de macht om hun in Jezus naam aan te spreken, wij mogen en kunnen hen bevelen ons te verlaten.

Dan zullen ze vluchten en mensen zullen bevrijd worden van ziektes.

We mogen geen schrik hebben om onze macht te gebruiken tegen de demonen.

 

Maar dit is niet alleen een persoonlijk thema hoe u zou moeten omgaan met de vijand.

Satan en zijn gevallen engelen willen iedereen van God en Christus verwijderen.

In vele gevallen hebben gelovigen dikwijls de kennis en verdediging niet om te reageren op de werkwijze van Satan in deze wereld.

 

Wat kunnen wij spiritueel verwachten op deze wereld in de toekomst?

Hoe kunnen wij een gezegend, vredevol en rustig leven leiden in een wereld waar Satan op zoek is naar gemakkelijke doelwitten?

Satan weet dat zijn tijd er bijna op zit.

Hij is niet alleen de beschuldiger van de broeders maar ook de leugenaar en verleider die alles in het werk stelt om levens zo miserabel mogelijk te maken voor zoveel mogelijk personen.

Hij wil zoveel mogelijk zielen met zich mee nemen naar de vuurpoel op de laatste dag.

 

De apostelen vroegen Jezus deze vraag in Mat: 24-3:

En als Hij op den Olijfberg gezeten was, gingen de discipelen tot Hem alleen, zeggende: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen zijn, en welk zal het teken zijn van Uw toekomst, en van de voleinding der wereld?

 

Jezus gaf hun vele signalen zoals deze in Mat 24 :37-39

En gelijk de dagen van Noach waren, alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.

38 Want gelijk zij waren in de dagen voor den zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot den dag toe, in welken Noach in de ark ging;

39 En bekenden het niet, totdat de zondvloed kwam, en hen allen wegnam; alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.

NB : de opname van de Heiligen heeft dan al plaats gevonden!

 

Jezus zei in Mat24 : 38-39

Want gelijk zij waren in de dagen voor den zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot den dag toe, in welken Noach in de ark ging.

En bekenden het niet, totdat de zondvloed kwam, en hen allen wegnam; alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.

 

Wil God dat wij Zijn plan voor de toekomst begrijpen?

Ja.

Hij wil dat de vragende mensen de signalen leren begrijpen over de toekomst, via het woord in de Bijbel en persoonlijke openbaringen.

 

Wat zeggen de geschriften?

Mijn mensen zijn vernietigd door een gebrek aan kennis.

Omdat jullie kennis hebben afgewezen, zal ik jullie ook afwijzen.

Laat ons dus geen spirituele dwazen zijn.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

Uitverkiezing

Standaard

categorie : religie

 

.

.

 

Uitverkiezing

 

 

 

.

.

De definitie van uitverkiezing

 

Uitverkiezing wordt ook wel voorbeschikking, predestinatie of voorbestemming genoemd. Het kan gedefinieerd worden als een handeling: de uitverkiezing is een actie van God; Hij Die eeuwig is en voorbeschikt wat er op aarde zal geschieden.

 

Sommigen vinden dit idee weerzinwekkend. Het idee dat een zekere entiteit het recht heeft om te bepalen wat er op aarde zal gebeuren, is iets waartegen de mens al sinds het begin der tijden in opstand is geweest. Maar het Oude Testament begint met: In het begin schiep God wat een ondubbelzinnige uitspraak is .

God bestond vóór de schepping, bestaat nog steeds en zal altijd bestaan (Openbaring 1:4). God heeft tevens het oppermachtige recht van de schepping over de aarde en de mens. Hij zal zich dan ook niet verontschuldigen wanneer Hij zegt: “Zo spreekt de Heer” Deze uitspraak vereist geen begrip of aanvaarding van de mens om waar te zijn.

De waarheid van de uitverkiezing kan in het karakter van God zelf worden gevonden.

  • God is oppermachtig. Dit betekent dat Hij een absoluut gezag heeft over alles wat Hij heeft geschapen en dat Hij alle dingen heeft geschapen (Genesis 1:1).
  • God is alwetend. Dit betekent dat Hij alle kennis bezit en dat er zonder Hem geen kennis kan bestaan (Job 37:16).
  • God is alomtegenwoordig. Dit geeft Hem het vermogen om overal tegelijkertijd aanwezig te zijn (Psalm 139:1-12).
  • God is almachtig. Dit betekent dat Hij alle macht heeft, met een vastberadenheid om Zijn doelen en Zijn plan tot in de eeuwigheid uit te voeren (1 Kronieken 29:11).

Er bestaan geen geschapen wezens die deze eigenschappen hebben; alleen de grote “Ik ben die Ik ben” (Exodus 3:14) heeft deze. God, die soeverein heerst en alle kennis bezit, is overal aanwezig en heeft macht over alle dingen. Hij houdt van Zijn schepping en heeft ons Zijn genade aangeboden, ondanks de onophoudelijke opstandigheid van de mens.

 

 

 

 

.

Een onderscheid

 

Wanneer we de uitverkiezing bestuderen, moeten we een onderscheid maken tussen twee verschillende soorten verordende gebeurtenissen. De eerste omvat gebeurtenissen die door God zijn veroorzaakt, zoals de verlossing van de uitverkorenen. Het tweede soort verordende gebeurtenissen wordt door God toegestaan.

God bepaalt de boosaardige daden van mensen niet van te voren, noch veroorzaakt Hij deze. Deze toegestane handelingen geven aan dat God al van te voren weet hoe mensen in elke omstandigheid zullen reageren. Hij staat mensen toe om zelfstandige beslissingen te nemen, om te kiezen voor goed of kwaad.

Gods voorkennis van het kwaad dat mensen elkaar aandoen zorgde ervoor dat Hij in mensen het vermogen schiep om dat kwaad te overwinnen. En de goede dingen die mensen kunnen doen zijn door God vooraf bepaald, zodat zij gezegend kunnen zijn wanneer de juiste keuzes worden gemaakt. Deze zegens stellen mensen in staat om het kwaad te overwinnen terwijl zij Gods grotere plan volbrengen.

 

 

 

 

 

Een verordening

 

Uitverkiezing is de verordening van God waardoor bepaalde zielen voorbeschikt zijn om gered te worden; deze mensen worden de uitverkorenen genoemd. Nogmaals, dit is een concept dat velen als oneerlijk beschouwen. Maar alle eigenschappen van God stellen Hem in staat om de geschiedenis van te voren te kennen.

Daarom kan gezegd worden dat wij door voorkennis voorbestemd of uitverkoren zijn, omdat God niet door de tijd beheerst wordt. God gaf de mens een vrije wil, maar omdat God alwetend is, weet Hij al welke keuzes de mensen zullen maken en Hij zal deze keuzes gebruiken om zijn doel te bereiken.

Romeinen 8 : 28-30 > “En wij weten dat voor wie God liefhebben, voor wie volgens zijn voornemen geroepen zijn, alles bijdraagt aan het goede. Wie hij al van tevoren heeft uitgekozen, heeft hij er ook van tevoren toe bestemd om het evenbeeld te worden van zijn Zoon, die de eerstgeborene moest zijn van talloze broeders en zusters. Wie hij hiertoe heeft bestemd, heeft hij ook geroepen; en wie hij heeft geroepen, heeft hij ook vrijgesproken; en wie hij heeft vrijgesproken, heeft hij nu al laten delen in zijn luister.”

God heeft de verlossing mogelijk gemaakt voor ieder die ernaar verlangt. Hij weet al wie zijn reddingsplan zal aanvaarden. Dit maakt de vrije keuzemogelijkheid van de mens niet ongedaan; het is juist een bevestiging van Gods genade dat sommigen zijn reddende hand aannemen. Uitverkiezen betekent iets vooraf uitzetten of bepalen.

Een dergelijke voorbeschikking kan inderdaad enkele intellectuele problemen oproepen, maar dit komt doordat de mens probeert om in zijn eindige verstand een oneindige God te bevatten. Mensen die het geschenk der verlossing aanvaarden worden de uitverkorenen van God.

Efeziërs 1 : 11 > ”In Hem hebben wij ook ons erfdeel ontvangen, daartoe voorbestemd door de beslissing van Hem die alles tot stand brengt naar zijn wilsbesluit”

1 Korintiërs 2 : 14 > “Van nature aanvaardt de mens niet wat komt van de Geest van God; het is dwaasheid voor hem, hij kan het niet vatten, want het kan alleen beoordeeld worden in het licht van de Geest”.

 

 

 

 WAT DENK JIJ?

 

Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen.
Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: Jezus is Heer, dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.
.
.
.
.
.
.
.
.

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

Openbaring les 3: Gods oordeel aan de witte troon!

Standaard

Categorie: religie

 

Achtergrond

 

Beeld je een wereld in die geregeerd wordt door een volmaakte Heerser die onmiddellijk en vastberaden afrekent met zonden. Wanneer de vloek van de zonde verwijderd is en alles terug naar haar oorspronkelijke zuiverheid als in de tuin van Eden wordt gebracht, zou de wereld gedomineerd worden door rechtvaardigheid en goedheid. Zo een aarde is nog ver te zoeken, maar het is  toch de juiste beschrijving van hoe de aarde er zal uitzien tijdens het komende aardse rijk van Jezus Christus. Gods volk heeft naarstig uitgezien naar deze tijd wanneer Christus zou terugkeren en Zijn vijanden zal verslaan om een aards koninkrijk op te zetten.

Deze verwachting blijft aanhouden omdat Christus’ aardse koninkrijk het hoogtepunt is van Gods verlossingsplan en de verwezenlijking van de hoop die de gelovigen doorheen de eeuwen hebben gekoesterd. De Gemeente wordt opgenomen en naar de hemel geleid, een grote verdrukking van zeven jaar zal de aarde overkomen en alles wat er nog overblijft, is weggelegd om afgehandeld te worden bij het oordeel. In hoofdstuk 20 schrijft Johannes zijn visioen over dit oordeel. Christus, het waardige Lam van God en de Heerser van de aarde, zal Zijn duizendjarig rijk oprichten en rechtvaardig afrekenen met al degenen die zich tegen Hem verzetten.

 

 

Openbaring hoofdstuk 20 ; de eerste opstanding en de tweede dood

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Het binden van de dienaren van satan in het aardse

koninkrijk van Christus (Openbaring 20:1-6)

 

Het eerste waar de Koning aandacht aan zal schenken wanneer hij Zijn koninkrijk opzet is de opsluiting van de verzetsleider. Tegen deze tijd zal God alle menselijke tegenstanders hebben vernietigd (Op.19:11-21) en het beest (antichrist) en de valse profeet zullen in de poel van vuur geworpen worden (19:20). De laatste stap, in de voorbereiding van het koninkrijk, zal het wegnemen van satan en zijn demonische garde zijn zodat Christus kan regeren zonder de tegenstand van bovennatuurlijke vijanden.

God kiest ervoor om satan door een van Zijn engelen te verwijderen van de aarde. Ondanks dat we niet weten wie deze engel zal zijn, kunnen we wel zeggen dat hij grote krachten zal bezitten; “met de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn hand” (20:1). Doordat hij de sleutel bezit, is hij alleen degene die de macht heeft om deze geschapen plaats van straf te openen en te sluiten. Terwijl hij nederdaalt uit de hemel merkt Johannes op dat hij slechts met één agendapunt is gestuurd: om satan (ook wel de draak, oude slang en de duivel genoemd) te grijpen, te binden en weg te werpen in de afgrond (bodemloze put) voor een periode van duizend jaar. Omwille van zijn verzet tegen Gods Zoon, dat wordt afgebeeld door de verschillende benamingen die hem hier worden gegeven, zou satan gedurende de duizend jaar dat Christus Zijn aardse rijk zal regeren worden gebannen. Gedurende deze tijd zal satan niet in staat zijn om volkeren te misleiden (20:3), wat wil zeggen dat hij op geen enkele manier invloed zal hebben op de wereld.

Met satan, zijn demonische garde en alle God verwerpende zondaren uit de weg geruimd, zal het duizendjarig koninkrijk opgericht worden. De Here Jezus zal in dit koninkrijk natuurlijk de voornaamste Heerser zijn (Luk.1:32; Op.19:16). Toch heeft Jezus beloofd dat Zijn heiligen met Hem zullen regeren (Dan.7:27; Matt.19:28;1 Kor.6:2; 2 Tim.2:12; Op.2:26; 3:21; 5:10). Dat deze belofte vervuld zal worden is duidelijk in de rest van Johannes’ visioen. Johannes ziet Gods volk verheerlijkt worden en beloond en heersend met Christus. Hij “zag tronen”, wat duidt op gezag en Gods uitverkorenen “gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven” (Op.20:4). Genietend van een ondergeschikte heerschappij onder leiding van Christus zullen de heiligen Gods wil volledig tot stand doen komen in ieder aspect van het koninkrijk.

Daarna ziet Johannes de laatste groep gelovigen die samen met Christus zullen regeren in Zijn koninkrijk. In dit visioen ziet Johannes “tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven. En ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, die het beest en zijn beeld niet hadden aangebeden, die het merkteken niet ontvangen hadden op hun voorhoofd en  hand” (Op.20:4). Dit zijn de gemartelde gelovigen uit de grote verdrukking (6:9; 7:9-17; 12:11). Tijdens dit rijk zal de antichrist gelovigen tijdens de jaren van verdrukking omwille van verschillende redenen uitroeien:

(1) hun getuigenis van Jezus (19:10)

(2) ze zullen trouw Gods Woord verkondigen (6:9)

(3) ze zullen het beeld en zijn beeld niet vereren en ze zullen het teken niet op hun voorhand of hand dragen (19:20).

Net als koning Nebukadnessar in de dagen van Daniël zal de antichrist anderen door bevel oproepen om hem te vereren. Zij die zullen weigeren om het beeld van de antichrist te aanbidden zullen de doodstraf krijgen (13:15). In feite zijn van de vele martelaars die eerder in Openbaring genoemd worden mensen die in deze tijd van verdrukking zijn omgekomen.

Als deel van zijn plan om aanbidding van de antichrist af te dwingen, zal de valse profeet vereisen dat iedereen een teken op zijn voorhoofd of rechterhand zal dragen (13:16). Dit teken zal de personen die dit dragen kenmerken als aanbidders en trouwe volgelingen van de antichrist. Zij die weigeren om zulk een teken te dragen zullen geëxecuteerd worden. Omdat deze gelovigen tijdens deze jaren van verdrukking trouw zullen blijven tot aan de dood, en hiermee getuigen van hun ware verlossing, zullen ook zij terug tot leven komen en samen met Christus gedurende duizend jaar regeren.

Deze opstanding van de gelovigen noemt Johannes de eerste opstanding en degenen die er deel van uitmaken worden gezegend en heilig beschouwd (20:5). Zij die zullen horen bij de tweede opstanding zijn de dode ongelovigen uit de geschiedenis, waarvan de opstanding tot oordeel en verdoemenis in de volgende verzen 11-15 beschreven worden. Zij die deel uitmaken van de eerste opstanding zijn eerst en vooral gezegend omdat “de tweede dood geen macht” heeft over hen (20:6). Deze tweede dood die in vers 14 beschreven wordt als “de poel van vuur” is de eeuwige hel. De geruststellende waarheid is dat geen enkel kind van God ooit Gods toorn zal ondergaan (Rom.5:9; 1Thess.1:10; 5:9). Zij die deel hebben aan de eerste opstanding zijn ook gezegend omdat ze “priesters van God en van Christus zijn” (1:6; 5:10; 20:6). De gelovigen dienen nu als priesters door het aanbidden van God en het leiden van anderen in het kennen van Hem (1 Pet.2:9) en zullen op gelijkaardige wijze gaan dienen in het duizendjarig rijk.

 

 

De bevrijding en het einde van satan (Openbaring 20:7-10)

 

Zoals eerder werd aangehaald zullen satan en zijn demonen tijdens het duizendjarig rijk gevangen worden gehouden in de afgrond (of bodemloze put), zodat Jezus Christus soeverein zonder verzet zal kunnen regeren. Hen zal niet toegelaten worden om zich op een of andere manier te moeien met zaken die betrekking hebben op het duizendjarig rijk. Maar de opsluiting van satan zal ongedaan worden gemaakt “wanneer die duizend jaar tot een einde gekomen zijn” en hij “uit zijn gevangenis (zal) worden losgelaten” om een laatste opstand van zondaars te leiden. Ondanks de persoonlijke heerschappij van Christus op aarde en ondanks de hoge moraal die de aarde zal kennen zullen vele nakomelingen van hen die het duizendjarig rijk met hun fysieke lichamen zijn binnengetreden hun zonden toch gaan liefhebben en Christus verwerpen (cf. Rom.8:7). Zelfs de geweldige omgeving van het duizendjarig rijk zal de trieste realiteit van de menselijke verdorvenheid niet veranderen. Het loslaten en terugkeren naar de aarde van satan zal het bovennatuurlijke leiderschap voorzien dat nodig is om alle rebellie die er nog steeds leeft op aarde naar de oppervlakte te brengen (20:8).

Verwonderlijk ziet Johannes dat het aantal van deze rebellerende mensen “als het zand van de zee” is – een beeldspraak die in de Bijbel gebruikt wordt om een massale ontelbare groep aan te geven (Gen.22:17; Joz.11:4; Heb.11:12). Deze rebellen zullen de gelovigen omsingelen, die op dat moment allen in “de geliefde stad” Jeruzalem zullen verblijven (cf. Ps.78:68; 87:2). Alle gelovigen zullen daar zijn samengekomen, omdat het de plaats zal zijn waar de troon van de Messias zal staan en dit het centrum ts van het duizendjarig rijk (cf. Jes.24:23; Ezech.38:12; 43:7; Zach.14:9-11).

Omdat de rebellen zullen vergaderen om zich te verzetten tegen Christus, zal de oorlog eerder een terechtstelling worden. Volgens het visioen van Johannes komt er, wanneer de rebellen ten strijde willen trekken, “vuur van God neer uit de hemel en dat verslindt hen” (20:9). Ze worden snel, onmiddellijk en volledig uitgeroeid, een manier die God dikwijls gebruikt om zondaren te oordelen (cf. Gen.19:24; Lev.10:2; Luk.9:54). Satans strijdmachten worden fysisch gedood en hun zielen zullen naar het dodenrijk keren waar ze wachten op hun straf, de eeuwige hel, die gauw zal voltrokken worden (20:11-15). Johannes geeft ook weer hoe hun kwaadaardige leider zijn lot niet zal kunnen ontlopen. “De duivel, die hen misleidde, wordt in de poel van vuur en zwavel geworpen” (20:10). Daar zal hij het beest en de valse profeet vergezellen die tegen die tijd al duizend jaren hebben doorgebracht in deze plaats van tuchtiging (19:20). Eenmaal in deze verschrikkelijke plek zullen ze “dag en nacht gepijnigd worden” (20:10). Er zal “in alle eeuwigheid” geen moment van opluchting zijn (20:10) in de hel als een blijvende plaats (Matt.25:46; 2 Thess.1:9; Op.14:10-11) van onuitblusbaar vuur (Mark.9:43).

 

 

666 en de antichrist

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De grote witte troon van het oordeel (Openbaring 20:11-15)

 

Na getuige te zijn van het eeuwige einde van satan samen met de inluiding van het duizendjarig rijk van Christus krijgt Johannes een visioen over een grote witte troon. Het is op deze plaats dat de berouwloze zondaren die Gods genade en barmhartigheid tijdens hun leven hebben verworpen onvermijdbaar Gods rechtvaardigheid tegen zullen komen. Daarom is dit gedeelte de meest ernstige, ontnuchterende en tragische passage van heel de Bijbel. Hierna zal rechtspraak nooit meer nodig zijn en zal God niet meer als Rechter moeten optreden.

De apostel krijgt de Rechter gezeten op Zijn rechterstoel en al de beschuldigden voor Hem te zien. Deze Rechter is niemand anders dan de verheven Here Jezus Christus. Het hele Nieuwe Testament onderwijst dat het God in de persoon van Zijn verheerlijkte Zoon zal zijn, die zal uiteindelijk over alle ongelovigen zal oordelen (Joh.5:22, 26-27; Hand.10:42; 17:31;Rom.2:16; 2 Tim.4:1). Johannes vermeldt ook de opzienbarende realiteit dat “voor Zijn aangezicht” de aarde en de hemel wegvluchtten, “zodat er geen plaats meer voor hen te vinden was” (20:11).

Dit is niets anders dan het plotse stormachtige einde van het universum (cf. Ps.102:25-26; Jes.51:6; Matt.5:18; 24:35; Heb.1:11-12; 12:26-27). Ondanks dat de aarde hersteld wordt tijdens Christus’ heerschappij in het duizendjarig rijk, zal hij toch nog steeds met zonden besmeurd en onderworpen zijn aan de gevolgen van de zondeval – verval en dood. Daarom moet de aarde uiteindelijk vernietigd worden, omdat niets dat besmet is met zonde voor eeuwig kan bestaan (2 Pet.3:13). Dit is ook de reden waarom God een nieuwe hemel en nieuwe aarde zal scheppen.

De doden die hier voor de witte troon staan zijn niet enkel die uit het duizendjarig rijk, maar alle ongelovigen die ooit hebben geleefd. Na hun dood zijn hun zielen in een plaats van pijn en marteling geweest die Hades wordt genoemd. Nu is voor hen de tijd gekomen om voor eeuwig veroordeeld te worden tot de hel. De alomvattende natuur van dit oordeel vereist dat de zee, de dood en Hades (het dodenrijk) “de doden die in hen waren” gaven. Op deze dag zullen al degenen die in ongeloof zijn gestorven voor Christus komen te staan – de Grote Rechter. Het oordeel over deze goddelozen zal niet aanvangen zonder goddelijke maatstaf.

De boeken die geopend werden voor de grote witte troon bevatten iedere gedachte, ieder woord en ieder daad van iedere ongelovige die ooit had geleefd. God heeft ieders leven volmaakt, precies en uitgebreid bijgehouden. Omdat Gods rechtvaardigheid vereist dat ieder zonde beboet wordt, zal iemand  die niet voldoet aan Gods volmaakte en heilige maatstaf “overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken” geoordeeld worden (20:12-13). Terwijl Christus de straf voor de gelovigen droeg (en hen dus dit oordeel deed ontkomen) zullen de ongelovigen Christus’ rechtvaardigheid niet toegerekend krijgen (Fil.3:9). Zij zullen zelf de straf voor het overtreden van Gods wet moeten dragen– eeuwige ondergang in de hel (2 Thess.1:9).

Nadat de boeken met de slechte daden van mensen werden geopend werd “nog een ander boek geopend, namelijk het boek des levens”(Op.20:12). Dit boek bevat de namen van allen wiens “burgerschap… in de hemelen” is (Fil.3:20). Het boek des levens is dus een register van al degenen die in geloof Jezus Christus hebben gevolgd en zich van hun zonden hebben bekeerd. Zij die hier op aarde weigerden om hun zondeschuld te erkennen, weigerden zich te bekeren en God om vergeving te vragen op basis van het plaatsvervangend offer van Jezus zullen niet in het boek des levens gevonden worden. Zulke personen zullen schuldig bevonden worden op de dag van het oordeel en voor eeuwig moeten lijden om willen van hun zonden.

Dat zulk een einde voor ongelovigen bestaat, wordt duidelijk aan het eind van Johannes’ visioen aan de grote witte troon. Volgens zijn verslag zal, eenmaal het oordeel is voltrokken, het heel gauw ten uitvoer worden gebracht. Terwijl de gezegende en heilige deelhebbers aan de eerste opstanding de tweede dood niet zullen meemaken (20:6), zal de rest van de doden die geen deelhebben aan de eerste opstanding (20:5) de tweede dood of hel tegemoet treden – hier omschreven als de poel van vuur (20:15). Hoe vreselijk en pijnlijk deze plaats ook zal zijn, toch zullen zij die in hun zonden sterven hier op deze wereld nogmaals een tweede dood ondergaan, veroordeling tot een eeuwigheid in de poel van het vuur.

 

 

Rechtvaardig oordeel

Pasteltekening van John Astria

 

 

Conclusie

 

Er is slechts één manier om de schrikwekkende werkelijkheid van de hel te ontkomen. Zij die hun zonden belijden en God vragen om hen te vergeven op basis van Christus’ plaatsvervangende dood voor hen zullen Gods eeuwige toorn ontkomen (Rom.5:9; 1 Thess.1:10; 5:9). Terwijl dit Bijbelgedeelte geschreven is als een waarschuwing voor de ongelovige wereld, moedigt het eveneens de gelovige aan om zorgzaam, opmerkzaam en godsvruchtig te leven en daarbij te evangeliseren naar een hopeloze verloren wereld die op weg is naar verwoesting. Gelovigen moeten daarom trouw het reddende Evangelie van de Here Jezus verkondigen en daardoor de zielen van de mannen en vrouwen redden van het onheil dat hun te wachten staat.

 

 

BEGELEIDENDE VRAGEN

 

 Wat wordt er aan het begin van de tekst voorbereidt?

 

Het boek Openbaring bevat hetgeen wat er in de toekomst plaats zal vinden. Voor gelovigen wordt dit zeer verwelkomd als we uitzien om bij Christus in de hemel te zijn. Voor dit gebeurt komt Christus naar de aarde en vestigt er Zijn koninkrijk. Dit zal gekend zijn als het duizendjarig rijk, want het voor duizend jaren zal duren.

 

 

 Welke rol speelt de engel in de voorbereiding voor dit koninkrijk?

 

De laatste fase in de voorbereiding van het koninkrijk zal een verwijdering van satan en zijn demonen zijn, zodat Christus zonder tegenstand kan regeren. Dit is het moment dat de engel komt. In zijn visioen ziet Johannes de engel nederdalen uit de hemel naar de aarde, de sleutel van de afgrond en een grote ketting in zijn handen houdende. Hij is voor een reden gekomen: om satan te grijpen, te binden en hem voor duizend jaar in de afgrond te werpen. Vanwege zijn positie tot Gods Zoon, zal satan worden weg verzegeld voor de gehele duizend jaar dat Christus heersen zal in Zijn aards koninkrijk. Gedurende deze periode zal satan niet in staat zijn om de volken te misleiden (Op.20:3); wat betekend dat hij de wereld op geen enkele wijze meer kan beïnvloeden. Christus zal kunnen regeren in Zijn aardse rijk, zonder enige tegenstand of opstand. Wanneer de duizend jaar voorbij zijn wordt satan bevrijdt en toegestaan om terug te keren op aarde voor een hele korte tijd.

 

 

 Wie zal nog met Christus regeren zoals we in Johannes’ visioen kunnen zien?

 

Nu satan, zijn demonen en alle zondaren die God afgewezen hebben, weg zijn, zal het duizendjarig rij van vrede en rechtvaardigheid gevestigd worden. De soevereine Heerser in dat koninkrijk is natuurlijk de Here Jezus Christus. Maar Christus had ook Zijn heiligen beloofd om met Hem te regeren. (Dan.7:27;Matt.19:28; 1 Kor.6:2; 2 Tim.2:12; Op.2:26; 3:21; 5:10). Deze belofte wordt duidelijk gezien in de rest van Johannes’ visioen. Johannes ziet Gods kinderen (i.e. gelovigen) als herrezen, beloonde en regerende met Christus.

 

 

 Wie zal deel hebben aan de eerste opstanding?

 

Degenen die deel hebben aan de eerste opstanding, zullen degene zijn die geloofd hebben en ware verlossing hebben ontvangen door Jezus Christus. Deze individuen zijn getrouw gebleven, sommigen zelfs tot de dood. Omdat ze bewijs van ware verlossing hebben gegeven, zullen ze ook tot leven komen en met Christus voor duizend jaar regeren. Ze worden als gezegend beschouwd, omdat de “tweede dood geen macht” over hen heeft (20:6). Deze tweede dood is “de poel van vuur”, welke de hel is. Omdat ze Gods kinderen zijn, zullen ze nooit Gods eeuwige toorn onder ogen zien.

 

 

 Wie zal deel hebben aan de tweede opstanding?

 

Degene die deel hebben aan de tweede opstanding, zullen degene zijn die gefaald hebben om in hun leven te geloven in en zich te onderwerpen aan Christus. Deze individuen zullen uit de dood voortgebracht worden om niets anders dan oordeel en veroordeling te treffen. Hun einde zal hetzelfde zijn als die van satan en de rest van Gods vijanden.

 

 

 Wat zal er aan het einde van Christus’ duizendjarige regering op aarde plaatsvinden?

 

Als de duizend jaar om zijn, zal satan vrijgelaten worden uit de afgrond, om de laatste rebellie van de zondaren te leiden. Degene die op aarde zijn en hun zonden blijven liefhebben en Christus afwijzen tijdens Zijn duizendjarig heersen (wat een groot aantal zal zijn), zullen verleid en gelokt worden om satan te volgen in zijn laatste en definitieve rebellie tegen God.

 

 

 Op welke manier zullen de vijanden van God plannen om tegen Hem rebelleren?

 

Als alle opstandelingen zich rond de hoofdvijand satan verzamelen, zal hij hen in een strijd tegen God en Zijn volk leiden. Alle goddelozen zullen de heiligen insluiten, die dan verzameld zijn in de “geliefde stad” van Jeruzalem. Alle heiligen zullen hier verzameld zijn, omdat het een plaats van de Messias’ troon zal zijn en het middelpunt van het duizendjarig rijk.

 

 

 Hoe zal God de rebellie eindigen?

 

Volgens Johannes’ visioen zal er, als de opstandelingen zich verplaatsen voor de aanval, vuur uit de hemel neerdalen en hen verslinden (20:9). Ze zullen snel, direct en volledig uitgeroeid worden, wat vaak de manier is waarop God zondaren oordeelt. Alle strijdkrachten van satan zullen fysiek gedood worden.

 

 

 Hoe zal God tenslotte op het einde met satan afrekenen?

 

Johannes vermeldt ook dat hun slechte leider zijn lot niet zal kunnen ontlopen. “En de duivel, die hen misleidde” zal “in de poel van vuur en zwavel geworpen” worden (20:11). Daar zal hij zich bij de rest van Gods vijanden voegen. Eenmaal naar die vreselijke plaats geleid te zijn, zullen ze “dag en nacht gepijnigd worden” (20:10). Daar zal geen moment van verlichting zijn “in alle eeuwigheid” (20:10); want de hel is een eeuwige plaats van onuitblusbaar vuur.

 

 

 Nadat God de rebellie beëindigt, waar worden de opstandigen onmiddellijk heengebracht?

 

Na getuige geweest te zijn van het eeuwige einde van satan, samen met het inluiden van Christus’ duizendjarig rijk, ontvangt Johannes een visioen van een grote witte troon. De apostel krijgt de Rechter te zien die op Zijn troon van oordeel zit en alle beschuldigden staan voor Hem. Deze Rechter is niemand minder dan de verhoogde Here Jezus Christus. Op deze dag zal elke ongelovige die ooit geleefd heeft, voor Christus moeten staan – de Grote Rechter.

 

 

 Wat zal er in de laatste dagen met de aarde gebeuren?

 

Johannes schrijft dat van de Rechters’ “aangezicht vluchtten de aarde en de hemel weg” en dat “er geen plaats meer voor hen te vinden was” (20:11). Dit is niets anders dan de plotselinge, hevige beëindiging van het universum. Hoewel de aarde herstelt zal zijn tijdens Christus’ duizendjarig rijk, zal hij nog steeds besmet zijn met zonde en daarom onderworpen aan de gevolgen van verval en dood. Vandaar dat hij vernietigd moet worden, aangezien er niets wat bedorven is door zonde toegestaan kan worden om in de eeuwige staat te blijven bestaan. Dit is waarom God een nieuwe hemel en een nieuwe aarde zal maken.

 

 

 Waardoor zullen ongelovigen veroordeeld worden?

 

De boeken die geopend voor de grote witte troon liggen, bevatten de vermelding van iedere gedachte, woord en daad van iedere niet verloste persoon die ooit geleefd heeft. God heeft een perfecte en nauwkeurige vermelding van het leven van iedere persoon. Aangezien Gods rechtvaardigheid een betaling vereist voor elke zonde van iedereen, zal elke persoon die Gods volmaakte heilige standaard niet haalt, geoordeeld worden “overeenkomstig wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken” (20:12-13). Terwijl Christus de straf voor gelovigen betaald heeft (en daarmee hen van oordeel bevrijd heeft), zullen ongelovigen, die Christus’ gerechtigheid niet hebben, zelf de straf moeten betalen voor het schenden van Gods wet. Deze straf is eeuwige vernietiging in de hel.

 

 

 Wat zal er uiteindelijk gebeuren met degene wiens naam

niet in het boek des levens geschreven staan?

 

Nadat het boek met de slechte daden van de gevangenen geopend was, werd “nog een ander boek geopend, namelijk het boek des levens” (20:12). Dit boek bevat de namen van al degene die hun “burgerschap … in de hemelen” hebben (Fil.3:20). Zo is het boek des levens een verslag van degene die geloof in Christus hebben  en berouw getoond hebben van hun zonden en zich hebben bekeerd. Degene die weigeren om in deze wereld van hun zonden schuld te bekennen, berouw tonen en God om vergeving te vragen, zullen niet in het boek des levens gevonden worden. Deze individuen zullen schuldig verklaard worden op de dag van het oordeel en zullen in alle eeuwigheid lijden voor hun zonden. Deze straf zal snel uitgevoerd worden, want alle ongelovigen zullen onmiddellijk in de poel van het vuur geworpen worden (i.e., de hel).

 

 

SAMENVATTING

 

In Johannes’ visioen zag hij een engel vanuit de hemel komen die een sleutel en een grote ketting in zijn hand vasthield. De engel nam satan en bond hem vast en wierp hem in de afgrond en deed het op slot. Satan werd daar voor duizend jaar gebonden, zodat hij niemand meer kon misleiden. Johannes zag ook tronen en de zielen van mensen die voor hun geloof onthoofd waren. Deze mannen en vrouwen zullen voor duizend jaar met Christus regeren. Na de duizend jaar zal satan voor een korte tijd bevrijdt worden. Gedurende deze tijd zal satan een opstand tegen God en Gods volk houden. God zal deze opstandelingen verslinden en zal satan in de poel van het vuur werpen. Daarna zag Johannes een grote witte troon waar God met grote, geopende boeken
zat. De doden die voor God stonden, werden vanwege hun daden veroordeeld en als hun namen niet in het boek des levens stonden, werden ze in de poel van het vuur geworpen.

Dit tekstgedeelte dient als een grote waarschuwing voor een ieder die blijft rebelleren tegen God. Degene die falen om hun zonden te belijden, om God om vergeving te vragen en aan Christus te onderwerpen, zullen een hevige straf ondervinden. Daarom zou iedere gelovige bezorgd moeten zijn om te zien of zijn of haar leven blijk geeft van ware verlossing. Terwijl we nog op deze aarde zijn, zouden we een groot verlangen moeten hebben om de reddende genade te brengen aan degene die in ongeloof wandelen en tegen God in opstand komen.

 

 

Chronologie Johannes’ visioen

 

Johannes zit nog steeds op het eiland Patmos. God wil hem daar meer vertellen over wat er in de toekomst gaat gebeuren. Hij geeft Johannes een droom waarin Hij hem meeneemt naar die tijd die nog moet komen. In deze droom ziet Johannes een hele sterke engel uit de hemel neerdalen. Hij heeft een sleutel en een ketting vast. De engel komt om satan gevangen te nemen. Hij neemt satan beet en maakt hem met de ketting vast. Daarna gooit hij satan in een put waar hij zelf niet uit kan. Duizend jaar zal hij in die put moeten blijven. Maar wat ziet Johannes nu? Op de troon in Jeruzalem zit een man die hij heel goed kent. Het is Jezus! Hij zit op een troon. Ziet hij dat goed? Er staan nog heel veel tronen met mensen erop. Het lijken wel allemaal koningen. Dit zijn alle mensen die in Jezus hebben geloofd. Zij mogen nu samen met Hem als koningen regeren over de aarde voor wel duizend jaar.

Tijdens die duizend jaar is bijna iedereen gelukkig want Jezus is de grote Koning. Na de duizend jaar wordt satan weer losgelaten. Hij vlucht vliegensvlug naar de aarde. Heel veel mensen kiezen om met hem te gaan vechten tegen Jezus en Zijn leger. Maar God laat dit niet gebeuren. Wanneer de troepen van satan bijeen komen laat God vuur uit de hemel komen om hen allemaal te doden. Satan wordt nu voorgoed in de hel geworpen. Johannes zijn droom gaat verder. Nu ziet hij een grote witte troon staan met een hele strenge Rechter erop. Voor de troon staan een heleboel mensen. Het zijn alle mensen die niet hebben geloofd in God en niet vertrouwden op Jezus. Ze dachten: “Ik heb Jezus niet nodig, ik zorg wel voor mezelf!” Hier staan ze nu, niemand om hun te helpen. De Grote Rechter, die eigenlijk Jezus is, doet een heel dik boek open.

In dit boek staat alles wat iedereen heeft gedacht, gezegd en gedaan. Een heleboel dingen. De Rechter kijkt naar het boek en wanneer hij één zonde vindt, spreekt Hij daarover de straf uit. Alle mensen voor de troon blijken schuldig te zijn. Niemand staat er zonder zonden. Ze hebben allemaal gezondigd en gedaan wat God slecht vindt. De Rechter schudt met Zijn hoofd en zegt tegen elk van hen: “Je hebt niet gedaan wat Ik wilde, je verdient
straf. Je zult voor eeuwig in de hel blijven en daar gestraft worden omwille van je zonden.” Dit is de meest triestige dag van de geschiedenis, want die dag zullen er heel veel mensen zijn die voorgoed in de hel zullen blijven. Jezus, de Rechter, doet dit niet graag. Maar Hij moet het doen, want bij zonde hoort straf. Daarom geeft Jezus nu nog iedereen de kans om op Hem te vertrouwen. Vraag God vergeving van je zonden en vertrouw erop dat Jezus de straf voor jouw zonden droeg aan het kruis! Haat zonden en vecht ertegen! En vertel ander mensen over Jezus die van hen houdt en voor zonden stierf aan het kruis.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget