Tagarchief: vlinders

Hysop : etherische olie

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

 

Hysop : etherische olie

 

Hysop etherische olie wordt gewonnen door stoomdestillatie van het bloeiende kruid van de Hyssopus officinalis, dit is een geurige heesterachtige plant met blauw-paarse bloemen.

Het kruid heeft een verkwikkende aromatische geur die veel vlinders en andere insecten aantrekt. De bloemen worden graag in parfums verwerkt en zijn ook een grondstof voor de beroemde `chartreuse` likeur.

De etherische olie is geel-groen van kleur en heeft een kruidige, frisse, lichtzoete geur.

Hysop, Hyssopus officinalis, etherische olie is zeer heilzaam bij griep, verkoudheid, bronchitis en vastzittende hoest.

Het bevordert de spijsvertering, vooral bij vette spijzen en is slijmoplossend.

Algemeen kan je hysop goed gebruiken bij hoest en aandoeningen van de luchtwegen.

Ook te gebruiken als aroma in bad, sauna of verdamper.

 

 

 

.

.

Hysop etherische olie in de aromatherapie

.

 

Hysop kan worden gebruikt ter ondersteuning bij:

vastzittende hoest, hoesten, griep, verkoudheid, astma, slijmvliesontsteking, bronchitis, hooikoorts, koortsuitslag, keelpijn, kneuzingen, blauwe plekken, eczeem, maagkrampen, indigestie, witte vloed, trage spijsvertering, reumatische aandoeningen, vermoeidheid, angst, stress, hysterische aanvallen en winderigheid.

 

 

Psychisch

 

Hysop olie heeft een beschermende, zuiverende werking en weert negativiteit uit de omgeving. De olie heeft een ontspannende en opwekkende invloed op de geest.

Hysop verhoogt ook de concentratie. Vooral bij gebruik in een aromadiffuser stimuleert Hysop de geest en versterkt het concentratie vermogen.

Het Hysop kruid is vanuit de oudheid bekend om de reinigende werking en werd zowel door de Joden als door de Egyptenaren gebruikt voor de reiniging van hun tempels.

Gebruik Hysop bij meditatie of bij therapeutische sessies om de ruimte vooraf te reinigen.

Hysop kan goed gecombineerd worden met:

lavendel, mirte, laurier, salie, scharlei, citroen, rozemarijn, geranium en andere citrusoliën.

 

.

Contra-indicatie

 

Licht toxisch, matig gebruiken, goed verdunnen, vermijden tijdens zwangerschap, niet gebruiken bij hoge bloeddruk en epilepsie.

 

 

 

.

Tips voor gebruik van hysop etherische olie

 

  • Bad ter stimulering van de bloedsomloop: 3 druppels hysop, 4 druppels salie en 3 druppels cypres mengen met een eetlepel van 1 van de volgende ingrediënten:  dode zeezout, amandelolie, volle melk of honing.
    Dit toevoegen aan een warm bad en 20 minuten baden.
  • Tegen vermoeidheid en voor betere concentratie:
    8 druppels hysop in de aromadiffuser verdrijven vermoeidheid en verhogen de concentratie of een combinatie van 3 druppels citroen en 3 druppels hysop in de aromadiffuser verfrissen en versterken de concentratie.Ideaal voor op kantoor bij bureauwerk of bij een slaperig gevoel na de lunch.
  • Bij verkoudheid of vastzittende hoest kan je ook 1 druppeltje hysop toevoegen aan een vapo rub balsem of 1 druppeltje aan een bak met heet water toevoegen en dan als stoombad gebruiken.

 

 

 

 

 

 

Wilde marjolein : Origanum vulgare

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

.

Goed te herkennen aan
– de vertakte bloeiwijze van talrijke kleine roze bloemetjes met donker rood-paarse schutbladen en
– de sterk geurende bladeren, waarvan de nerven aan de onderkant duidelijk zichtbaar zijn

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Wilde marjolein is een beschermde, sterk geurende, stevige, overblijvende plant van 30 tot 60 cm hoog. Ze is vrij algemeen voor komend in de Lage Landen  en in verwilderde (moes)tuinen. Wilde marjolein groeit op min of meer droge, matig voedselrijke, kalkrijke grond op hellingen, dijken, langs bermen en bosranden.

 

 

 

 

 

.

Bloem

 

De bloeitijd is vanaf juli tot en met september. De bloeiwijze van wilde marjolein is vertakt en bestaat uit een aantal pluimen met talrijke kleine roze bloemetjes, waarvan de meeldraden ver buiten de bloem steken. In weze bestaan de pluimen uit kleine schijnaren, die op hun beurt weer opgebouwd zijn uit schijnkransen van 2 tot 6 bloemen.

 

 

 

 

 

Bladeren

 

De schutbladen tussen de bloemetjes zijn donker rood-paars gekleurd, waardoor de bloeiwijzen in het begin van de bloei een afwisselend roze/donker rood-paars uiterlijk krijgen. Vanwege de nectar en in mindere mate het stuifmeel worden de bloemetjes door veel vlinders, vliegen, bijen en hommels bezocht.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Wilde marjolein bevat vluchtige oliën, die gebruikt worden voor de behandeling van verkoudheid, krampen, astma, reuma en gewrichtspijnen. Bovendien is ze, naast de verschillende kweekvormen, ook in gebruik als keukenkruid.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soorten

 

wilde marjolein : kelk met vijf tanden, bladeren alleen aan de onderkant behaard.

echte marjolein : ongetande kelk, bladeren aan beide kanten grijs-viltig.

 

 

 

echte marjolein

.

 

 

Algemeen

 

– lipbloemenfamilie (Lamiaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot zeldzaam
– beschermd
– ook als tuinplant
– 30 tot 60 cm

Bloem
– roze, zelden wit
– vanaf juli t/m september
– pluim
– lipbloem
– 4 tot 7 mm
– kelk vijftandig
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– eirond tot langwerpig
– top spits
– rand gaaf of gekarteld
– veernervig
– voet afgerond of wigvormig
– onderkant zacht behaard

Stengel
– rechtop
– vierkantig
– behaard

zie wilde bloemen

 

 

.

 

 

 

 

Japanse motieven in de kledij

Standaard

categorie : mode en kledij

 

.

Dit artikel is een beschrijving van Japanse motieven,

hun herkomst en gebruik.

 

 

 

3ebd1a47a68eb031c7e6fa815788f2cd.jpg

 

.

Sayagata en man ji

 

Dit patroon is afgeleid van de swastika, welke lang, lang voordat de nazi’s het hebben misbruikt al bestond. Het woord swastika komt uit het sanskriet en betekent “geleider van welzijn”, ook had het in het begin betekenissen als de draaiende zon, vuur en het leven. Het is overal op de wereld terug te vinden en komt in vele religies voor waar het staat voor welvaart en voorspoed.

In het boeddhisme wordt de swastika met boeddha geassocieerd en brengt harmonie en voorspoed, deze swastika draait rechtsom. In het hindoeïsme en Jainisme wordt een linksdraaiende swastika gebruikt om soortgelijke goede dingen te symboliseren.

De swastika kwam Japan binnen op Chinese stoffen gedurende de Edo petiode. De Chinese naam voor het motief was saya, dus de Japanse benaming werd sayagata. In Japan noemen ze de swastika zelf man ji. De man ji in zijn pure vorm is vaak op boeddhistische tempels en op boeddhabeelden te vinden.

 

 

 

sayagata

sayagata

 

 

 

manji

manji

 

 

 

Takara en shippo tsunagi

 

Dit zijn de schatten van de onsterfelijken; de zeven geluksgoden en andere mythische figuren. De schatten van de geluksgoden zijn veelal hun atributen, zoals de hoorn des overvloeds, een anker, een beurs die altijd vol is, tollen, waaiers, goud, zilver, geschriftrollen en een mantel der onzichtbaarheid.

Ze symboliseren allerlei goede dingen die een mens zou kunnen gebruiken en worden afgebeeld om deze aan te trekken, vooral met Nieuwjaar is het bootje met de onsterfelijken en hun schatten dat naar je toe vaart, de takarabune, een populair motief.

Behalve de schatten van de geluksgoden worden ook attributen van personages uit volksverhalen en legendes vaak afgebeeld. Bijvoorbeeld het verhaal over de visser die een hagaromo, een mantel van een tennin, een soort engel, steelt terwijl de tennin in de rivier aan het baden is.

Zonder deze mantel kon de vrouwelijke tennin niet terug naar de hemel. Uiteindelijk stemt de visser ermee in om de hagaromo terug te geven als ze voor hem danst. Dit sprookje lijkt sterk op het westerse verhaal over de zwanenprinses.

Takara betekent “schat(ten)”, meestal die uit de Japanse folklore. Shippo betekent “zeven soorten schatten” en tsunagi betekent “met elkaar in verband staande objecten”. Het boven onderstaande patroon is een abstract shippo tsunagi patroon,waarvan gezegd wordt dat het uit China naar Japan is gekomen. Het ruitvormpje zou met een fonkeling worden geassocieerd, daarom ontstond het verband met een juweel of schat.

Dit is met het motief van de attributen gecombineerd en wordt verstekt door er vaak schatten of bloemen in het midden af te beelden, zodat ze door de rest van het motief verbonden worden. Het leuke van deze categorie motieven is dat je ze uit elkaar kunt halen en de verschillende attributen erop kunt zoeken om het bijbehorende verhaal te achterhalen, als een soort van raadspelletje of puzzel.

 

 

takarabune

takarabune

 

 

 

chippo tsunagi

chippo tsunagi

 

 

 

hagaromo

hagaromo

 

 

 

 

Chou

 

Vlinders, ze staan voor de ziel of de overbrenging van de ziel. Deze zienswijze is samen met het boeddhisme uit China naar Japan gekomen. Daarnaast staan vlinders ook voor de zomer, (lang)levendigheid en jeugdigheid. Op veel yukata en furisode voor meisjes staan vlinders afgebeeld.

 

 

chou : vlinders

chou : vlinders

 

 

 

Usagi

 

Het konijn, zijn verhaal is uit China overgekomen en daarom wordt het konijn vaak samen met de maan afgebeeld. Volgens die legende zou een konijn zijn leven hebben opgeofferd om zijn gasten, de drie Wijzen, wat te eten te kunnen aanbieden. Als waardering voor dit ultieme zelfoffer hebben de wijzen het konijn in het Hemelse Paleis laten wonen, wat zich op de maan bevond.

Andere symboliek voor het konijn is dat ze altijd rechtdoor blijven gaan en niet terugdeinzen, en daarom gelukssymbool voor vooruitgang zijn. Deze diertjes komen net als in het westen, ook veel op kinderkleding en -spulletjes voor. Gewoon, omdat ze schattig zijn.

 

 

usagi

usagi

 

 

 

Kumo

 

Wolkjes zijn een uit China overgewaaid motiefje. Daar deed men voorspellingen aan de hand van wolkenpatronen en hun beweging. Er zijn verschillende manieren om wolken weer te geven. Onigumo komt van het woord oni, wat monster of demon betekent. Hier krijgt het de betekenis van heftig, sterk of agressief in bepaalde zin.

Dan heb je tanabikigumo; tanabiki betekent spoor. Dit zijn wat langere, uitgerekte wolken. Een vaak terugkomende vorm is de yokogumo, yoko vertaalt als horizontaal. Het is een abstracter wolkenmotief. Hieronder vind je van deze drie een voorbeeld.

 

 

kumo

kumo

 

 

 

Chayatsuji

 

Dit is een plattelandshuisje omringd met bloemen en een rivier of water. Het suggereert rust en harmonie. Het doet vaak nostalgisch aan in deze tijd omdat de gebouwtjes in de ouderwetse bouwstijl worden getekend, die nu niet meer wordt gebruikt. Ook heeft het geheel vaak een sprookjesachtige sfeer.

 

 

sayatchusi

sayatchusi

 

 

 

Tabane noshi

 

Vroeger werden er als versiering op kadootjes reepjes parelmoer van het zeeoor bevestigd. De schelp zelf was een belangrijk voedsel. Vaak werd het gedroogd voor consumptie en werd ook vaak als offer voor de goden en voorouders aangeboden. Tegenwoordig bestaat de traditie van de reepjes nog steeds, maar worden er reepjes papier gebruikt in plaats van parelmoer.

Je moet hierbij wel bedenken dat wat de Japanners kennen als echt papier, een hoogwaardig product is en als één van de schatten wordt gezien. Het traditionele handgemaakte chigoyami papier, is zelfs te wassen en de kreukels zijn er redelijk makkelijk uit te halen. Dit soort papier, rijkelijk beschilderd of geprint, werd altijd voor origami, cadeauverpakkingen en andere versieringen gebruikt.

Tabane betekent (bij elkaar/in een bundel) gebonden, noshi is de naam voor de parelmoerreepjes. De tabane noshi motieven zijn vaak rijk versierd en komen vaak op formele kleding voor. Het werd vroeger ook met aristocratie geassocieerd omdat parelmoer kostbaar was.

 

 

tabane noshi

tabane noshi

 

 

 

Yukiwa

 

Het sneeuwvlokje. Deze staat natuurlijk voor winter en kou, maar wordt ook in de zomer gebruikt juist om zijn verkoelende associaties. Meestal is hij in gestilleerde weergave te vinden, hij lijkt dan op een gekartelde omtrek van de kiku, de chrysant.

 

 

yukiwa

yukiwa

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Grote pimpernel : Sanguisorba officinalis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

Goed te herkennen aan
– eironde tot langwerpige, donkerrode tot bruinrode bloemhoofdjes
– in een vertakte bloeiwijze op
– lange stelen, die bovenaan kaal zijn

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Grote pimpernel is een overblijvende, pollen vormende plant van 30 tot 100 cm hoog. Ze groeit op natte tot vochtige, voedselrijke grond in hooilanden, aan waterkanten, in bermen en langs spoorwegen. Ze is plaatselijk algemeen voor komend in de Lage landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Grote pimpernel bloeit vanaf juni tot en met september. De bloemen staan bij elkaar in een aarvormige bloei- wijze. Ze hebben 4 donkerrode tot bruinrode kelkbladen; kroonbladen ontbreken. Ze leveren veel nectar en lokken daarmee verschillende insecten en vlinders. Onderaan het hoofdje worden de nieuwe bloemen gevormd; de bovenste bloemen zijn het verst uitgebloeid. Pas geopende bloemen hebben nog witte kelkbladen.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bladeren zijn oneven geveerd; ze bestaan uit 7 tot 13 gesteelde, langwerpige tot ovale deelblaadjes met een gezaagde rand. De bovenkant is groen, de onderkant is blauwgroen.

 

 

 

 

 

Bijzonderheden

 

Grote pimpernel is de waardplant van twee dagvlinders, donker pimpernelblauwtje en pimpernelblauwtje. Beide vlinders waren in de jaren 70 van de vorige eeuw bijna verdwenen. In 1990 zijn beide soorten geherintroduceerd en kunnen zich nu handhaven. Donker pimpernelblauwtje heeft zich in 2001 weer spontaan gevestigd in Limburg.

 

 

pimpernelblauwtje

 

 

 

Toepassingen

 

Grote pimpernel heeft bloedstelpende eigenschappen. In Rusland en China wordt de plant daarvoor nog steeds gebruikt. Thee van de bladeren werkt heilzaam tegen ontstekingen in mond en keel. Verder bevat de plant stoffen tegen darmstoringen, die ook nu nog in de homeopathie gebruikt worden.

 

 

 

 

 

Vergelijkbare soort

 

Naast grote pimpernel is er ook kleine pimpernel . De tweede helft van de naam is de grootste overeenkomst; ze zijn makkelijk van elkaar te onderscheiden. Kleine pimpernel is in alles kleiner. Beide soorten hebben eironde tot langwerpige bloemhoofdjes. Die van kleine pimpernel zijn groenig met rode accenten. Kleine bevernel heeft vergelijkbare bladeren, maar is bloeiend duidelijk van grote pimpernel te onderscheiden door de witte schermbloemen.

 

kleine pimpernel

 

 

 

kleine bevernel

 

 

 

Algemeen

 

rozenfamilie (Rosaceae)
– overblijvend
– algemeen tot ontbrekend
– 30 tot 100 cm

Bloem
– donkerrood tot bruinrood
– vanaf juni t/m september
– hoofdje
– 1 tot 3 cm
– 4 bloemdekbladen
– 4 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven veervormig
– top spits
– rand gezaagd
– voet hartvormig of afgerond
– veernervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal
– gegroefd

zie wilde bloemen