Category, categorie: The Bible explained/De Bijbel uitgelegd: video
| Numeri 24 | 1 – 25 | Bíleam zegent Israël nogmaals |
|---|---|---|
| Numeri 25 | 1 – 18 | De Israëlieten plegen te Sittim ontucht en afgoderij |
Numbers, Numeri 24-25 – Skip Heitzig


| Numeri 24 | 1 – 25 | Bíleam zegent Israël nogmaals |
|---|---|---|
| Numeri 25 | 1 – 18 | De Israëlieten plegen te Sittim ontucht en afgoderij |


| Numeri 21 | 1 – 9 | De koperen slang |
|---|---|---|
| 10 – 23 | Verscheidene tochten van het volk Israëls | |
| 24 – 35 | Israël slaat Sihon en Og | |
| Numeri 22 | 1 – 41 | Balak roept Bíleam |




Mijn Zoon, deze zij uw bruid tot herstel van Mijn volk waarvan zij de Moeder zal zijn en dat herboren zal worden door Geest en water.
Waarom in deze voorstelling het kruishout in zilver is uitgebeeld, verklaart de tekst van de uitleg, die aldus luidt:
“Toen Christus Jezus, de ware Zoon van God, aan het kruishout hing, werd Hem in de verborgenheid van de hemelse geheimenissen de Kerk Hem ten huwelijk gegeven en ontving zij als bruidsschat Zijn heilig Bloed.”
Het mysterie van het huwelijk van de tweede Persoon van de H. Drievuldigheid met de verloste mensheid, de Kerk, speelt zich geheel af in de eeuwige gedachte van God de Vader en daarom hangt Christus hier aan een zilveren kruis.
Zoals we reeds zagen op vorige miniaturen wijst het zilver op het goddelijk licht van de Vader. Hier zien we op deze voorstelling de Kerk in haar gehele gestalte. Voor God vormen verleden, heden en toekomst één ogenblik. Voor de gelovigen, die leven in de tijd, vertoont zich de Kerk nog niet volledig, zoals de onderste helft van de miniatuur laat zien.
De Kerk hernieuwt het mysterie van haar huwelijk met Christus iedere dag, als zij op het altaar de bruidsschat van het H. Bloed aanbiedt. Wanneer de kerk dat doet en de kelk en het brood op het altaar geplaatst heeft, zegt ze:
“Dit is het sacrament van het geloof”.
Daarna heft zij de handen op en zegt namens het hele volk:
“Daarom gedenken wij Heer, het lijden en de dood van Jezus Christus Uw Zoon, dat Hij verrezen is en opgestegen ten hemel.”
Dit alles is in deze miniatuur prachtig weergegeven. Links zien we in medaillons de grote mysteries van Christus’ aardse leven n.l. Zijn geboorte en begrafenis ; rechts in medaillons die van Zijn hemelse leven n.l. het opstaan uit het graf en daarboven de hemelvaart. Vier meesterwerkjes van miniatuurkunst vol symboliek. Zo is het graf waarin Christus’ lichaam gelegd wordt en dat waaruit Hij opstaat, gevormd van groene brokstukken, en groen komen we steeds tegen als het over de aarde gaat.
De scheiding tussen het tafereel in de hemel, in de bovenste helft van de miniatuur, en het misoffer op aarde, in de onderste helft, wordt door een groenkleurige band gevormd. Deze groene kleur correspondeert met de onderste en bovenste dwarsbalk van de omlijsting, terwijl de staande balken blauw zijn. Als men de lijsten van al de miniaturen nakijkt, komt men tot de conclusie, dat de kleuren daarvan uit zuiver decoratief oogpunt gekozen zijn.
.
.
Pasteltekening van John Astria
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
In de Bijbel worden tatoeages maar één keer genoemd, in Leviticus 19:28, waar staat:
God gaf dit gebod aan het volk Israël en zonderde het daarmee af van de omringende volken die in hun huid tekens aanbrachten met de namen of de symbolen van hun goden (Deuteronomium 14:2). Hoewel de Wet die aan Israël werd gegeven niet bindend is voor christenen, is het de moeite waard om goed na te denken over het principe achter dit gebod.
De volgende Bijbelteksten kunnen een hulp zijn bij het nemen van een beslissing:
1 Timotheüs 2:9 geeft vrouwen de raad zich ’met bescheidenheid te sieren’. Maar dat principe geldt ook voor mannen. Het is goed om respect te hebben voor de gevoelens van anderen en geen ongepaste aandacht op onszelf te richten.
Sommigen willen met een tatoeage hun identiteit of onafhankelijkheid laten zien. Anderen nemen een tatoeage om duidelijk te maken dat ze zelf bepalen wat ze met hun lichaam doen. Maar christenen krijgen in Romeinen 12:1de aansporing: ’Bied uw lichaam aan als een slachtoffer dat levend, heilig en God welgevallig is, een heilige dienst met uw denkvermogen.’ Het is goed om dat denkvermogen te gebruiken om te analyseren waarom je een tatoeage wilt. Als je er een rage mee wilt volgen of wilt laten zien dat je bij een bepaalde groep hoort, bedenk dan dat je mening misschien minder blijvend is dan de tatoeage. Het onderzoeken van je motieven kan je helpen een verstandige beslissing te nemen (Spreuken 4:7).
„Ieder die haastig is, stuurt waarlijk aan op gebrek” (Spreuken 21:5). De beslissing om een tatoeage te nemen wordt vaak impulsief genomen, terwijl het langetermijngevolgen kan hebben voor je relaties en je werk. Ook kan het duur en pijnlijk zijn om een tatoeage weer te laten verwijderen. Onderzoek — en het feit dat klinieken waar tatoeages worden verwijderd zo goed lopen — laat zien dat veel mensen die een tatoeage hebben genomen, er uiteindelijk spijt van hebben.
Pasteltekening van John Astria
De herder is in het Oude Testament een bekend beeld voor de zorg van God voor zijn volk, voor de enkeling (Psalm 23), maar vooral voor de natie, die Hij uit slavernij leidde en voedde en beschermde (Psalm 74:1; 79:13; 80:2; 95:7; 100:3; Jesaja 63:5).
Het was geen toeval dat zowel de grote leider, Mozes, als de grote koning, David, herders waren voordat God hen riep om zijn volk te hoeden. Toen het volk Israël door zijn herders te gronde werd gericht, beloofde God dat Hij zelf zijn kudde zou redden via de Messias. God zou David aanstellen als hun herder: “Dan zal ik één herder over hen aanstellen, die hen weiden zal: mijn knecht David. Die zal hen weiden, die zal hun herder zijn” (Ezechiël 34:23).
Micha zei eveneens van Jezus die in Bethlehem geboren zou worden: “Dan zal hij staan en hen weiden in de kracht van de Here, zijn God”( Micha 5:3);
en Jesaja:
“Hij zal als een herder zijn kudde weiden, in zijn arm de lammeren vergaderen…”(Jesaja40:11).
Jezus was die goede herder die door de profeten aan Israël was beloofd. Gedurende zijn leven was zijn werk beperkt gebleven tot “de verloren schapen van het huis van Israël”( Mattheüs 15:24; 10:6). Pas na zijn dood en opstanding kregen zijn discipelen de opdracht om behoudenis in Hem in de hele wereld te gaan prediken.
Voortaan werden ook de heidenen geroepen om deel te hebben aan Gods beloften: ook zij waren binnen de kudde van Israël gebracht. In de woorden van Paulus in Efeziërs 2:13: “Thans in Christus Jezus bent u, die eertijds veraf was, dichtbij gekomen door het bloed van Christus”. De toekomstige niet-Joodse gelovigen werden dus de “andere schapen die niet van deze stal zijn”. Zij zouden aan Gods volk toegevoegd worden, om één kudde te vormen; en “het Lam, dat in het midden van de troon is, zal hen weiden en hen voeren naar waterbronnen des levens”(Openbaring 7:17).
| Numeri 20 | 1 – 1 | Dood van Mirjam |
|---|---|---|
| 2 – 13 | De wateren van Meriba | |
| 14 – 21 | De Edomieten weigeren Mozes de doortocht | |
| 22 – 29 | Dood van Aäron |

