Advertenties

Tagarchief: bloed

De ogen van ons hart

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

DE OGEN VAN ONS HART 

 

 

 

 

 

 

Efez. 1

 

1 Dit is een brief van Paulus. Ik heb van God de taak gekregen om een boodschapper van Jezus Christus te zijn. Ik schrijf deze brief aan de mensen in Efeze die bij God horen en die in Jezus Christus geloven.

2 Ik bid dat God onze Vader in alles goed voor jullie zal zijn. En dat jullie vol zullen zijn van de vrede van God onze Vader en van de Heer Jezus Christus.

 

 

Gods geweldige plan voor zijn kinderen

 

3 Ik ben de God en Vader van onze Heer Jezus Christus heel dankbaar. Want Hij heeft ons in Christus alle geweldige geestelijke dingen gegeven die er in de hemelse plaatsen zijn. 4 Want al voordat Hij de wereld maakte, heeft Hij ons uitgekozen. Hij wilde dat we bij Hem zouden horen en dat we in Hem volmaakt zouden zijn. Hij houdt heel erg veel van ons. 5 Daarom wilde Hij dat we door Jezus Christus zijn kinderen zouden worden. Hij had dat van tevoren al besloten. Want dat is wat Hij graag wil.

6 Want als we zijn kinderen zijn, zullen we God ervoor prijzen dat Hij zo geweldig goed voor ons is. Hij gaf ons zijn Zoon, van wie Hij heel veel houdt. Daarmee heeft God laten zien hoe goed Hij voor ons is. 7 Want door het bloed van zijn Zoon heeft Hij ons gered. Door zijn bloed kon Hij ons vergeven dat we Hem ongehoorzaam waren. Hij deed dat niet omdat we dat verdiend hadden, maar omdat Hij zoveel van ons houdt. 8 Bovendien was Hij zo goed ons zijn wijsheid te geven. 9 Want Hij heeft ons laten weten wat zijn goddelijke plan met Christus was.

10 Dat plan was om, vóór het eind van de tijd gekomen is, Jezus tot het Hoofd te maken van alles wat in de hemel en op de aarde is. 11 En God doet altijd wat Hij van plan is. En samen met Jezus Christus hebben wij ook de erfenis gekregen die God ons altijd al heeft willen geven. 12 Wij hebben heel lang gewacht op de komst van Christus. En nu Christus is gekomen, prijzen we God dat Hij zo geweldig goed is.

13 Jullie hebben het woord van de waarheid, het goede nieuws, óók geloofd. Daardoor horen jullie nu óók bij Hem. Omdat jullie in Hem geloven, heeft Christus als het ware ook op jullie zijn ‘eigendomsstempel’ gezet. Deze ‘stempel’ is de Heilige Geest die God aan jullie heeft gegeven. God had beloofd dat Hij zijn Geest aan ons zou geven, en dat heeft Hij ook gedaan. 14 De Heilige Geest is het bewijs en de voorproef van het deel van onze erfenis dat God ons nog gaat geven. Die erfenis is: onze volledige bevrijding, waardoor we God zullen prijzen dat Hij zo geweldig goed is.

.

.

 

Paulus’ gebed

.

15 Ik heb gehoord hoeveel jullie van de Heer Jezus houden. Ook dat jullie veel van de andere gelovigen houden. 16 Daarom dank ik God voor jullie, elke keer als ik voor jullie bid. 17 En dan bid ik dat de God van Jezus Christus, de Vader van wie alle macht en majesteit is, aan jullie de Geest van wijsheid en begrip zal geven. Want dan zullen jullie Hem pas echt goed kunnen leren kennen. 18 Hij zal met zijn licht in jullie hart schijnen. Daardoor zullen jullie weten wat jullie nog zullen krijgen. Jullie zullen dan werkelijk kunnen begrijpen wat voor geweldige erfenis Hij aan de gelovigen gegeven heeft.

19 Ook zullen jullie dan begrijpen hoe onvoorstelbaar groot zijn kracht is in ons die in Hem geloven. 20 Want Gods kracht werkt in ons. Die kracht is dezelfde sterke macht waarmee God Jezus weer levend maakte. En het is dezelfde macht waarmee Hij Hem in de hemelse plaatsen een plaats gaf naast Zichzelf. 21 Nu is Jezus machtiger dan elke andere macht en kracht en gezag die je maar kan bedenken. En niet alleen in deze wereld, maar ook in de wereld die nog komt. 22 God heeft Hem over alles de macht gegeven: Hij is Heerser geworden over alles wat er is. En Hij heeft Hem gemaakt tot het Hoofd van de gemeente. 23 De gemeente is zijn Lichaam. En de gemeente is vol van Hem. Hij vult alles en iedereen helemaal met Zichzelf.

 

 

 

Efeziërs 1: 17 – 19

 

17 En dan bid ik dat de God van Jezus Christus, de Vader van wie alle macht en majesteit is, aan jullie de Geest van wijsheid en begrip zal geven. Want dan zullen jullie Hem pas echt goed kunnen leren kennen. 18 Hij zal met zijn licht in jullie hart schijnen. Daardoor zullen jullie weten wat jullie nog zullen krijgen. Jullie zullen dan werkelijk kunnen begrijpen wat voor geweldige erfenis Hij aan de gelovigen gegeven heeft. 19 Ook zullen jullie dan begrijpen hoe onvoorstelbaar groot zijn kracht is in ons die in Hem geloven.

 

 

 

 

 

Om duidelijk te kunnen zien en begrijpen wie Jezus is en wat Zijn werk voor ons betekent, heb je verlichte ogen van je hart nodig. Wat betekent dat nu? Je hart heeft toch geen ogen? Ogen van het hart is een beeldspraak voor de ogen van het verstand, het kenvermogen.

Psalm. 36:9 : ‘Want bij U is de bron des levens, in uw licht zien wij het licht.’ Voor ‘zien’ staat hier een woord dat ook ‘begrijpen’ kan betekenen! Mensen die niet in Jezus geloven zien ook de glorie en de majesteit van Christus niet. Ze zien de betekenis van Zijn werk niet. Ze zien het licht niet dat van Hem afstraalt. Ze zijn geestelijk blind, verblind, blind gemaakt, en dat wil de satan het liefst zo houden.

2 Cor. 4:4 : ‘de ongelovigen, van wie de gedachten door de god van deze wereld zijn verblind, waardoor ze het licht van het evangelie niet kunnen zien, de luister van Christus, die het beeld van God is.’ Alleen wie in Jezus gelooft en Hem aanneemt als Redder en Heiland, die gaat het licht zien!

Joh 8:12 : ‘Jezus nam opnieuw het woord. Hij zei: ‘Ik ben het licht voor de wereld. Wie mij volgt loopt nooit meer in de duisternis, maar heeft licht dat leven geeft.’ Daarom is het goed te bidden of God de ogen van de mensen in de wereld wil openen zodat ze het licht zullen zien, en elke keer als dat gebeurt is het een wonder.

Maar dat gebed is niet alleen voor ongelovigen nodig maar soms ook voor gelovigen, voor onszelf. We kunnen bidden dat ze het licht gaan zien dat van ons afstraalt. Soms zijn we zelf blind zonder het door te hebben. Dan straalt er niet zoveel licht meer van ons af.

Jezus zegt tegen de gemeente van Laodicea het volgende in Openbaring: 3:7-18 : ‘U zegt dat u rijk bent, dat u alles hebt wat u wilt en niets meer nodig hebt. U beseft niet hoe ongelukkig u bent, hoe armzalig, berooid, blind en naakt. Daarom raad ik u aan: koop van mij goud dat in het vuur gelouterd is, en u zult rijk zijn; witte kleren om u te kleden en uw naaktheid te bedekken, zodat u zich niet meer hoeft te schamen; zalf voor uw ogen, zodat u weer kunt zien.’

In Laodicea was een beroemd medisch centrum. En de geleerden daar hadden een uitstekende ogenzalf samen- gesteld, die gretig aftrek vond, en zo heel wat geld in het laatje bracht. Mede daardoor was men zeer welvarend geworden. Maar intussen was men geestelijk verslapt en verarmd. Wij leven in het rijke deel van de wereld. We hebben het goed. We hebben het ook zo druk met ons bezit en onze stoffelijke belangen. Zijn we intussen ook in bepaalde opzichten blind geworden? Weten we nog wat liefde is? Hebben we nog bewogenheid voor een wereld in nood?

Bij Jezus kunnen wij ogenzalf krijgen, waardoor we weer vérziend worden. We kunnen consult vragen bij de heelmeester, de oogarts die Jezus Christus heet. Hij geeft ons een ogenzalf, die ons van onze geestelijke blindheid geneest en ons het juiste zicht geeft op God, Jezus, de wereld en op ons zelf. Hij wil voorkomen, dat we ‘ziende blind’ voor altijd in het duister dwalen. Hij zalft ons met de Heilige Geest en dat is ook ‘ogenzalf om onze oogleden te bestrijken, opdat wij zien mogen. Open de ogen van ons hart Heer!

Laat dat ons gebed zijn.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Advertenties

Herkennen van een valse leer

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

Hoe valse leren herkennen?

 

 

De ware- en de valse Drievuldigheid

 

Pasteltekening van John

 

Hoe ethisch of moreel hoogstaand een leer ook mag zijn, hoe liefdevol, mooi en aantrekkelijk deze mag lijken, hoe vredevol, logisch, vol van goede bedoelingen hij overkomt: als ze Jezus Christus niet brengt als dé goddelijke Zoon van de Vader die als mens op aarde kwam, voor onze zonden aan het kruis stierf en zo Zijn heilige bloed vergoot voor de vergeving van onze zonden en lichamelijk uit de doden is opgestaan en ten hemel is gevaren, kun je er zeker van zijn dat je te maken hebt met een valse leer.

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

Waarom de Openbaring lezen ?

 

Johannes 17 : 3 > ‘’dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus ‘’.

Openbaring 1 : 3 > ‘’ gelukkig is hij die deze profetische woorden van de Here voorleest; en dat geldt ook voor de mensen die ernaar luisteren en het zullen onthouden. Want de tijd dat deze dingen werkelijkheid worden, komt steeds dichterbij ‘’.

Openbaring 22 : 7 > Jezus zegt : ‘’ ja, ik kom gauw. Gelukkig is hij die de profetische woorden van dit boek onthoudt ‘’.

 

Dit zijn enkele citaten uit de Bijbel waarin God de mens aanmaant kennis in zich op te nemen over zichzelf en Jezus Christus. Wie God zoekt zal hem vinden. Het is aan de mens om de eerste stap te zetten. Wanneer we God om inzichten vragen zal de Heilige Geest ons geestelijk denken verlichten. Het onbegrijpelijke wordt plots of op het gepaste moment verstaanbaar. In het eerste en het laatste hoofdstuk  van de Openbaring zegt Christus tot twee maal toe dat het lezen ervan een zegening geeft. Het woord van God, de Bijbel, is meer dan de traditionele preken en parabels die we al jaren kennen. Kennis opnemen van God is niet alleen bestemd voor theologen, maar voor iedereen. Door die opname van kennis krijgen we inzichten in het verleden en heden waardoor we met een gerust hart en vertrouwen de toekomst tegemoet kunnen gaan.

 

 

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Zeven grootse waarheden over Jezus

Standaard

categorie : religie

 

 

 

De Openbaring hoofdstuk 1, 2 en 3 ; de Openbaring aan Johannes

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

 Openbaring 1:4-8

 

Johannes aan de zeven gemeenten die in Asia zijn: Genade zij u en vrede, van Hem Die is en Die was en Die komt, en van de zeven Geesten, Die voor Zijn troon zijn, en van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden en de Vorst van de koningen der aarde, Hem Die ons heeft liefgehad en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed, en Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters voor God en Zijn Vader, Hem zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid, amen. Zie, Hij komt met de wolken, en elk oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben. En alle stammen van de aarde zullen rouw over Hem bedrijven. Ja, amen. ‘Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde, zegt de Heere, Die is en Die was en Die komt, de Almachtige’.

 

 

Titels


Jezus Christus, de Tweede Persoon van de Drie-eenheid, wordt met een aantal titels genoemd, waar we een voor een naar kunnen kijken (Openbaring 1:5).

“Getrouwe Getuige” verwijst naar de absolute betrouwbaarheid van onze Heer met betrekking tot de beloften die Hij heeft gedaan.

“De Eerstgeborene uit de doden” verwijst naar Hem als de Eerste mens die de dood overwonnen heeft en voorgoed opstond uit het graf. Anderen, die eerder door Hem uit de doden waren opgewekt, stierven later weer. Nu Jezus permanent de dood overwonnen heeft, hoeven we nooit meer bang te zijn voor ziekte of dood.

Jezus wordt ook wel aangeduid als ‘de Vorst van de koningen der aarde’. Onze Heer is gegeven alle macht in hemel en op aarde. Hij heerst ook in de harten van aardse machthebbers. “Het hart van een koning is in de hand van de Here als waterbeken, Hij neigt het tot alles wat Hem behaagt” (Spreuken 21:1).

Onze Heer wordt verder aangeduid als die Ene “Die ons eeuwig liefheeft en Die ons voor eens en voor altijd verlost en bevrijd heeft van onze zonden door Zijn Eigen bloed” (vers 5 ). Zijn liefde voor ons is eeuwig. En Hij vergoot Zijn bloed niet alleen om ons onze zonden te vergeven, maar ook om ons voor eens en voor altijd te bevrijden van onze zonden. De eerste belofte in het Nieuwe Testament is dat Jezus ‘Zijn volk zalig zal maken van hun zonden’ (Mattheus 1:21). Bevrijd te worden van de macht van de zonde is het grote thema van het hele Nieuwe Testament. Geen zonde kan nu de heerschappij over ons hebben, als wij leven onder de genade (Romeinen 6:14).

 

 

Allemaal priesters

 

Ons wordt verder verteld dat de Here Jezus ons heeft gevormd tot “koningen en priesters voor God en Zijn Vader” (vers 6). Het koninkrijk van God is het domein waarin God absolute autoriteit uitoefent. De kerk is een afspiegeling van het koninkrijk van God op aarde – dat wil zeggen, een groep mensen die een koninkrijk zijn geworden, omdat ze zich op elk gebied van hun leven aan het gezag van God onderworpen hebben.

De Heer heeft een ongedisciplineerde menigte omgezet in een ordelijke koninkrijk – een volk dat nu wordt geregeerd door God. We zijn ook gemaakt tot priesters. Elke gelovige – man of vrouw – is tot een priester voor de Heer gemaakt. In Gods ogen is er niet zoiets als een speciale klasse van mensen in de kerk, die priesters genoemd worden. Dat is een oudtestamentisch concept.

Wanneer er zoiets bestaat in een kerk van vandaag, dan leidt het mensen terug naar de tijden voor Christus! We zijn ALLEMAAL priesters.

Als priesters zijn wij geroepen om offers te brengen aan God. Bedenk hierbij dat in het Oude Testament de lichamen van dieren als offer werden aangeboden, en vandaag de dag bieden we ons eigen lichaam aan God als een levend offer aan (Romeinen12:1).

De uitdrukking Zijn God en Vader is vergelijkbaar met de uitdrukking die Jezus gebruikte na Zijn opstanding, Mijn Vader en uw Vader, Mijn God en uw God (Johannes 20:17). Zijn Vader is inmiddels ook onze Vader geworden. We kunnen nu onze veiligheid vinden in God als onze Vader, net zoals Jezus Zijn bescherming daarin vond. Amen, zegt Johannes (vers 6). En ook wij zeggen: het zal zo zijn. Hem alleen “zij de heerlijkheid en kracht in alle eeuwigheid”.

In vers 7, wordt de terugkeer van Christus naar de aarde voorspeld.

Het laatste dat deze wereld zag van onze Heer was toen Hij in schaamte aan het kruis van Golgotha hing. Maar een van deze dagen, zal de wereld Hem zien komen met de wolken in heerlijkheid. Elk oog zal Hem zien. Degenen (het volk Israël en wij) die Hem doorboord hebben zullen Hem ook zien. De stammen van de aarde zullen huilen wanneer Hij komt. Maar wij zullen ons verheugen. Nogmaals zegt Johannes: Amen. En wij zeggen ook: Het zal zo zijn!

 

 

De eindstrijd tussen God, (de Alfa en de Omega) en Satan

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

Geen angst voor de toekomst

 

In vers 8 verwijst God naar Zichzelf als de Alfa en de Omega, de Almachtige en altijd bestaande God. Hij was er meteen aan het begin, toen er niets bestond. Hij zal er direct zijn aan het einde der tijden. Er is niets dat ooit kan gebeuren, ongeacht het moment of de plaats, dat God zal verrassen. Onze Vader weet niet alleen het einde vanaf het begin, omdat Hij de Almachtige God is, Hij beheerst alles ook. Daarom moeten we in geen enkel opzicht angst hebben voor de toekomst.

Aan het einde van het boek Openbaring, wordt God weer aangeduid als de Almachtige en de Alfa en de Omega (hoofdstuk 19:6; 22:13). We zouden kunnen zeggen dat het hele boek Openbaring dan ook is ingeklemd tussen deze twee uitspraken die verwijzen naar de alwetende, almachtige kracht van onze God en Vader. Dit is wat ons perfecte veiligheid geeft, als we hier lezen over de beproevingen die Gods volk zal overkomen, en de rampen die in de laatste dagen over de wereld om ons heen zullen komen.

In het hele Nieuwe Testament wordt God slechts 10 keer “de Almachtige” genoemd. Negen van deze 10 verwijzingen staan in Openbaring. De reden hiervoor is dat God wil dat wij weten dat Hij de Almachtige is en dat Hij alles onder controle heeft.

De enige andere verwijzing staat in 2 Corinthiërs 6:17 en 18, waar God Zijn volk roept om te worden gescheiden van alles wat onrein is. Dit toont aan dat God Zichzelf alleen als “de Almachtige” openbaart aan degenen die willen worden gescheiden van alles dat onrein is en in strijd met het Woord van God. Het boek Openbaring is vooral voor die mensen geschreven.

Enkele van de grootste waarheden die waarvan we het nodig hebben om in te worden vastgesteld in deze dagen, zijn die waarheden met betrekking tot onze Heer en onze relatie met Hem:

 

 

1)  De absolute betrouwbaarheid van de beloften van onze Heer;

2) Zijn triomf over de grootste vijand van de mens (de dood);

3) Zijn totale macht over alles in de hemel en de aarde;

4) Zijn eeuwige en onveranderlijke liefde voor ons;

5) Zijn ons te bevrijden uit de macht van de zonde;

6) Zijn Vader nu wordt onze Vader ook;

7) Zijn komst terug naar zijn koninkrijk op aarde te vestigen.

 

 

We moeten geworteld en gegrond zijn in deze waarheden als we standvastig en onbeweeglijk willen blijven staan in de tijden die gaan komen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

Aids en HIV

Standaard

categorie : Gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

 

Aids of verworven immunodeficiëntiesyndroom is een

ziektebeeld dat wordt veroorzaakt

door het retrovirus hiv.

 

.

 

 

.

 

De geschiedenis van aids

.

 

Een onbekende ziekte

.

Aan het eind van de jaren 70 stak er een tot dan onbekende ziekte de kop op in Amerika en even later in Europa. Kenmerkend aan de ziekte was dat de weerstand van de getroffen personen aangetast werd, dat negen van de tien patiënten homoseksueel waren en 98% man. Het leek een ‘homoziekte’, zoals veel kranten toen berichtten en daarom sprak men in eerste instantie over GRID (gay-related immuno deficiency).

Later bleek deze aanduiding onjuist te zijn. In 1982 werd duidelijk dat ook gebruikers van verdovende middelen en lijders aan de bloedziekte hemofilie de ziekte konden krijgen. Deze laatsten kregen bloedtransfusies met bloed dat besmet bleek te zijn. De ziekte kreeg al een naam voordat de verwekker gevonden was: acquired immuno-deficiency syndrome (verworven immuundeficiëntiesyndroom), afgekort aids.

 

 

 

Afweersysteem

 

Medici veronderstelden dat de ziekte te maken had met het afweersysteem, omdat een belangrijke groep bloedcellen die onze immuniteit regelen, de CD4+ T-cellen, afnam bij mensen met aids. Hierdoor krijgen mensen met aids zogenaamde ‘opportunistische infecties’: infecties die gezonde mensen niet krijgen, maar die zich kunnen ontwikkelen bij een verzwakte afweer.

Dat was bijvoorbeeld het geval met longontstekingen door het organisme Pneumocystis jiroveci, die bij deze mensen frequent ontstonden. Gezonde mensen lijden nooit aan een infectie met dit organisme. Verder bleken infecties die gezonde mensen meestal doorstaan, dodelijk te zijn voor personen die getroffen waren door de onbekende ziekte.

 

.

 

Ouder dan gedacht

.

De onderzoeker Jaap Goudsmit schreef dat het aidsveroorzakende virus, hiv, al tientallen jaren eerder dan gedacht voorkwam in Europa. Het virus zou verantwoordelijk zijn geweest voor enkele epidemieën van de bovengenoemde Pneumocystis-longontsteking. De eerste epidemie was in de Poolse stad Gdańsk in 1939 en het virus was waarschijnlijk meegekomen met Duitse soldaten vanuit Kameroen.

De tweede epidemie stak de kop op tussen 1955 en 1958 in de Kweekschool voor Vroedvrouwen in Heerlen. Er zijn in enkele decennia oude weefselmonsters (1959, 1970) van patiënten die aan toen onverklaarbare ziekten waren gestorven wel aidsvirussen aangetroffen.

Doordat het aidsveroorzakende virus relatief snel muteert, is het mogelijk een genetische stamboom van het virus samen te stellen. Een genetische analyse van 25 jaar oude bloedstalen toont aan dat een van de meest verspreide subtypes van hiv rond 1969 vanuit Haïti de VS werd binnengebracht. In Haïti waarde het al 3 tot 7 jaar rond. Deze introductie in de Verenigde Staten komt mogelijk voor rekening van één persoon.

Onderzoek van Rambaut en andere uit 2007 suggereert dat het virus tien jaar eerder dan eerst was aangenomen al in de Verenigde Staten rondwaarde. Onderzoek gepubliceerd in Nature suggereert dat het aidsveroorzakende virus al een eeuw onder de mensheid verspreid is. Door het genetisch profiel van oude stammen van het virus te vergelijken met moderne varianten werd de mutatiesnelheid uitgerekend.

Op basis hiervan schatten de onderzoekers de ontstaansperiode ergens tussen 1884 en 1924. De onderzoekers stellen dat deze periode samenvalt met het ontstaan van steden in Afrika, waardoor de voedingsbodem ontstond voor verdere verspreiding van het virus. Desondanks suggereert hetzelfde onderzoek dat rond 1960 slechts enkele duizenden Afrikanen met het virus besmet geweest zijn.

 

.

 

 

 

Apen

.

Het aidsvirus komt oorspronkelijk voor bij apen.Volgens Goudsmit is het virus bij de mens terechtgekomen door een toegenomen contact tussen mensen en apen. Hiv is een virus en heeft dus gastheren nodig. Het aidsvirus stapte van de ene gastheer (de aap) over naar een andere gastheer, de mens, en evolueerde verder.

 

 

 

Oorzaak

.

Aids was in de eerste decennia na de ontdekking een ziekte, die in de meeste gevallen vrij snel een dodelijke afloop had. Hiv is een virus en kan worden overgedragen wanneer een slijmvlies of de bloedsomloop in aanraking komt met een hiv-besmette lichaamsvloeistof, zoals bloed, sperma, vaginale afscheiding, voorvocht en moedermelk.

Overdracht van besmetting kan dus plaatsvinden tijdens anale, vaginale of orale seks, een bloedtransfusie met besmet bloed, het gebruik van besmette injectienaalden, en overdracht van moeder op kind tijdens de zwangerschap, geboorte of door borstvoeding. De tabel hieronder is een weergave van de kans op besmetting met betrekking tot verschillende besmettingswegen.

 

.

 

besmettingsroute geschat gemiddeld aantal besmettingen op 10.000 blootstellingen
bloedtransfusie 9.000
besmetting van een kind bij geboorte uit een seropositieve moeder 2.500
injectienaalden, intraveneus drugsgebruik 67
anale seksuele penetratie (ontvangend) 50
ingrepen met een percutaneuze toegangsnaald 30
vaginale seksuele penetratie (ontvangend) 10
anale seksuele penetratie (penetrerend) 6,5
vaginale seksuele penetratie (penetrerend) 5
orale seks (met een man, ontvangend) 1
orale seks (met een man, penetrerend) 0,5

 

.

Een virus heeft een incubatietijd, dat is de tijd tussen de besmetting en het uitbreken van de ziekte. Bij aids is de gemiddelde incubatietijd 9 à 10 jaar. Na deze periode wordt men dus pas echt ziek en heeft men aids. De eerste 9 à 10 jaar is men seropositief.

.

 

 

Hiv

 

.

.

 

Dwarsdoorsnede van het Humaan Immunodeficientie Virus (hiv)

 

 

Aids is een syndroom dat bij mensen meestal veroorzaakt wordt door hiv-1. Er is een stamboom van aidsvirussen, daarbij wordt verschil gemaakt tussen menselijke virussen (hiv) en apenvirussen (SIV, Simian Immunodeficiency Virus). De mensvirussen worden onderverdeeld in het veel voorkomende hiv-1 en het zeldzamere hiv-2, dat vooral voorkomt in West-Afrika.

Een besmetting met hiv-1 is zonder behandeling fataal, maar mensen die met hiv-2 besmet worden, krijgen niet altijd aids. De aapvirussen kunnen gesplitst worden in een chimpanseevirus, een roodkopmangabévirus en verschillende meerkatvirussen. De verschillen tussen deze virussen komen door verschillen in het erfelijk materiaal, RNA, een stof die sterk op het DNA lijkt.

 

 

 

.

Het aidsvirus behoort tot de retrovirussen, waarvan het genetisch materiaal bestaat uit RNA (ribonucleïnezuur). RNA dient normaal voor de reproductie van het eigen DNA. Het retrovirus tracht via het DNA van de besmette gastheer zijn eigen erfelijk materiaal te vermenigvuldigen.

Een virus is geen cel en heeft zelf geen enzymen waarmee een stofwisseling in stand kan worden gehouden. Een virus is voor zijn vermenigvuldiging daarom aangewezen op levende cellen. Daartoe dringt een virus levende lichaamscellen binnen en dwingt deze om nieuwe virusdeeltjes te maken die gelijk zijn aan het oorspronkelijk binnengedrongen deeltje. Het virale RNA wordt met behulp van enzymen ‘vertaald’ in DNA. Het virale DNA dringt binnen in het DNA van de gastheercel en zet de gastheercel aan tot het maken van viraal RNA voor hiv.

Het erfelijk materiaal van virussen is omhuld door eiwitten. Vaak kan een vaccin tegen een virus worden gemaakt door antistoffen tegen die eiwitten te laten opwekken. Helaas kunnen deze eiwitten bij het aidsvirus snel muteren, wat de bestrijding ervan moeilijker maakt. Het is tot dusver niet mogelijk gebleken om een vaccin te maken om de productie van antistoffen te bevorderen, want die helpen maar tegen één vorm van het eiwitomhulsel.

Aangezien dit eiwit mogelijk verder gemuteerd is heeft een dergelijk vaccin geen blijvend effect. Het tweede nadeel van de snelle mutatie is dat hiv zelf niet getraceerd kan worden. De ziekte wordt dan ook vastgesteld door bloed te testen op aanwezigheid van antistoffen.

Als een vrouw met hiv zwanger is, kan haar baby met het virus besmet ter wereld komen. Vaker treedt besmetting pas na de geboorte op. De baby zal wel antistoffen hebben maar die duiden in dit geval niet noodzakelijk op een besmetting met het virus.

 

 

 

Symptomen

.

Een infectie met hiv leidt tot een algemene immunodeficiëntie. Dit wil zeggen dat de specifieke afweer tegen bedreigingen voor het lichaam wordt afgebroken. We spreken van het aidsstadium als er per microliter bloed nog slechts 200 T-helpercellen of minder worden aangetroffen.

Deze verminderde afweer leidt tot een grotere gevoeligheid voor infecties. De aidspatiënt wordt sneller ziek en kan aan meer ziekten tegelijk gaan lijden. Ook kunnen ziekteverwekkers die gezonde personen zonder problemen meedragen de kop opsteken omdat ze niet meer onderdrukt worden door het afweersysteem. Dit noemen we het aids related complex.

.

De volgende symptomen kunnen optreden als ziekten en symptomen:

  • longziekten
  • kanker (met name kaposisarcoom)
  • herpesinfecties
  • acute necrotiserende ulceratieve gingivitis
  • Candida albicans proliferatie en andere schimmelinfecties
  • chronische diarree

Wanneer geen behandeling, bestaande uit antivirale medicijnen, voorhanden is, bedraagt de levensverwachting van een aidspatiënt 6 tot 18 maanden (gemiddeld 9,2 maanden). Patiënten die met een combinatie van antivirale middelen (HAART) behandeld worden hebben over het algemeen een normale levensverwachting.

 

 

 

Preventie

.

Condoomgebruik

.

Aidsvoorlichting in Indonesië

 

.

 

.

Het gebruik van een condoom maakt de kans op besmetting door aids veel kleiner maar de kans op besmetting blijft aanwezig, zoals ook zwangerschappen bij het gebruik van condooms niet uitgesloten zijn. Bij zeer massaal, langdurig en zorgvuldig condoomgebruik wordt het aantal besmettingen uiteindelijk zo laag dat de epidemie uitwoedt. Het bevorderen van het gebruik van condooms in onder andere derdewereldlanden is een middel om ervoor te zorgen dat aids en hiv zich minder verspreiden.

 

.

 

.

 

Actuele situatie

.

Tegen hiv bestaat geen vaccin en er zijn geen medicijnen die aids kunnen genezen. Er zijn wel medicijnen die de replicatie van het virus remmen, de zogeheten hiv-remmers. De huidige behandeling van aids bestaat uit een combinatie van meerdere van deze aidsremmers, die HAART (Highly active anti-retroviral therapy) wordt genoemd. Deze therapie is zeer effectief, zodat in de Westerse wereld de levensverwachting van hiv-positieve patiënten tegenwoordig de normale levensverwachting benadert.

Een hiv-besmetting is hierdoor veranderd in een chronische ziekte. In veel derdewereldlanden en met name in zuidelijk Afrika, waar de ziekte de grootste ravage aanricht, zijn aidsremmers echter zeer moeilijk verkrijgbaar en vaak onbetaalbaar. De farmaceutische industrie heeft onder druk van de politiek en aidsorganisaties wel de prijzen voor haar aidsremmers verlaagd. Daarmee wordt de therapie echter nog niet voor alle mensen betaalbaar en zijn de logistieke problemen ook niet opgelost.

Het succes van de behandeling van hiv heeft ertoe geleid dat het beeld van hiv is veranderd. Mensen zijn minder bang om hiv op te lopen en vertonen daardoor vaker risicogedrag. De laatste jaren wordt in Westerse landen een duidelijke stijging gezien in het aantal nieuwe hiv-besmettingen en andere soa’s. Eind 2007 waren wereldwijd 33 miljoen mensen geïnfecteerd met hiv, waarvan 22 miljoen in zuidelijk Afrika.

Dat jaar stierven ongeveer 2 miljoen mensen aan de gevolgen van hiv. Volgens het jaarrapport van UNAIDS in 2009 liepen in 1996, toen het aantal nieuwe besmettingen een hoogtepunt bereikte, 3,5 miljoen mensen een nieuwe hiv-besmetting op.Dat komt overeen met circa 1 nieuwe besmetting per 9 seconden.

 

 

Ten slotte

 

Een samenleving met hetzij 100% perfect condoomgebruik hetzij alleen exclusieve monogame relaties is een utopie. De combinatie van beide – het condoom en trouw aan de partner – kan zowel op individueel niveau als op het niveau van de samenleving een goede bescherming bieden. Het idee van exclusieve monogamie dan wel het celibaat voor iedereen gaat voorbij aan de realiteit waarin de meeste mensen serieel monogaam zijn en circa 30% van de mensen ook tijdens een relatie andere seksuele contacten heeft.

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

De eerste brief aan de Korintiërs

Standaard

Categorie : religie

 

 

 

De opstanding uit de doden van de tweede Adam, Christus

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

 

De eerste brief aan de Korintiërs

 

 

De opstanding van de doden

.

[12] Als wij verkondigen dat Christus uit de doden is opgestaan, hoe is het dan mogelijk dat sommigen onder u beweren dat er geen opstanding van de doden bestaat?

[13] Als er geen opstanding van de doden bestaat, is ook Christus niet opgestaan.

[14] En als Christus niet is opgestaan, dan is onze prediking zonder inhoud en uw geloof leeg.

[15] Dan blijken wij zelfs van God een vals getuigenis te hebben afgelegd; want dan hebben wij tegen God in getuigd dat Hij Christus heeft opgewekt, wat Hij niet heeft gedaan, indien, zoals zij beweren, de doden niet verrijzen.

[16] Want als de doden niet verrijzen, is ook Christus niet verrezen,

[17] en als Christus niet is verrezen, is uw geloof waardeloos en ligt u nog in zonde.

[18] Dan zijn ook die mensen verloren die in Christus ontslapen zijn.

[19] Indien wij enkel voor dit leven onze hoop op Christus hebben gevestigd, zijn wij het meest van alle mensen te beklagen.

[20] Maar zo is het niet! Christus is opgestaan uit de doden, als eersteling van hen die ontslapen zijn.

[21] Want omdat de dood er is door een mens, is de opstanding van de doden er ook door een mens.

[22] Zoals allen sterven in Adam, zullen ook allen in Christus herleven.

[23] Maar ieder in zijn eigen rangorde: als eersteling Christus, vervolgens, bij zijn komst, zij die Christus toebehoren.

[24] Daarna komt het einde, wanneer Hij het koningschap aan God de Vader zal overdragen, na alle heerschappij en macht en kracht te hebben onttroond.

[25] Want Hij moet het koningschap uitoefenen, tot Hij zijn voet heeft gezet op al zijn vijanden.

[26] En de laatste vijand die uitgeschakeld wordt, is de dood.

[27] Immers, alles heeft Hij aan zijn macht onderworpen. Maar bij ‘alles is Hem onderworpen’ geldt natuurlijk als uitzondering diegene die alles aan Hem onderworpen heeft.

[28] En wanneer alles aan Hem onderworpen is, dan zal ook de Zoon zelf zich onderwerpen aan degene die alles aan Hem onderwierp. Zo zal God alles in alles zijn.

[29] Wat hebben trouwens zij die zich voor de doden laten dopen hieraan? Als er helemaal geen doden verrijzen, waarom laten zij zich dan nog dopen voor hen?

[30] En wijzelf, waarom zouden wij ons elk ogenblik aan gevaren blootstellen?

[31] Dagelijks heb ik de dood voor ogen, broeders en zusters, zo waar als ik mij beroem op u, in Christus Jezus onze Heer.

[32] Wat baat het mij dat ik in Efeze om zo te zeggen met wilde beesten gevochten heb? Als de doden niet verrijzen, laten we dan maar eten en drinken, want morgen gaan we dood.

[33] Maak uzelf niets wijs: ‘Slecht gezelschap bederft de goede zeden.’

[34] Word weer nuchter en bezonnen, en zondig niet meer. Sommigen hebben blijkbaar geen besef van God. Tot uw schande moet ik dit zeggen.

[35] Maar, zal wellicht iemand vragen, hóé verrijzen de doden? Met wat voor lichaam komen ze terug?

[36] Dwaze vraag! Ook wat je zelf zaait moet eerst sterven voor het tot leven komt,

[37] en wat je zaait is maar een korrel, bijvoorbeeld van tarwe of iets dergelijks, en het heeft nog niet de vorm die het zal krijgen.

[38] God geeft er een vorm aan zoals Hij het heeft gewild, en wel aan elk zaad zijn eigen vorm.

[39] Ook is niet elk soort vlees hetzelfde: er is verschil tussen het vlees van mensen en dat van dieren, van vogels en van vissen.

[40] En er zijn hemelse lichamen en aardse lichamen, maar de glans van de hemelse is anders dan die van de aardse.

[41] De stralen van de zon zijn anders dan die van de maan, en die van de sterren zijn weer anders; zelfs de ene ster verschilt van de andere in schittering.

[42] Zo is het ook met de opstanding van de doden: wat gezaaid wordt in vergankelijkheid, verrijst in onvergankelijkheid;

[43] wat gezaaid wordt in oneer, verrijst in glorie; wat gezaaid wordt in zwakte, verrijst in macht.

[44] Een natuurlijk lichaam wordt gezaaid, een geestelijk lichaam verrijst. Als er een natuurlijk lichaam bestaat, bestaat er ook een geestelijk lichaam.

[45] Dit is de zin van wat er staat geschreven; de eerste mens, Adam, werd een levend wezen. De laatste Adam werd een levendmakende Geest.

[46] Maar niet het geestelijke komt het eerst; het natuurlijke gaat eraan vooraf, daarna komt het geestelijke.

[47] De eerste mens, uit de aarde genomen, is aards; de tweede is uit de hemel.

[48] Op die eerste mens van aarde lijken alle aardse mensen, op de hemelse mens zullen alle hemelingen lijken.

[49] En net zoals wij het beeld van de aardse mens hebben gedragen, zo zullen wij ook het beeld dragen van de hemelse mens.

[50] Ik bedoel dit, broeders en zusters: vlees en bloed kunnen geen deel krijgen aan het koninkrijk van God: het vergankelijke krijgt geen deel aan de onvergankelijkheid.

[51] En nu vertel ik u een geheim: wij zullen niet allemaal sterven, maar wel allemaal van gedaante veranderen,

[52] opeens, in een oogwenk, bij de laatste trompet; want de trompet zal weerklinken en de doden zullen verrijzen in onvergankelijkheid, en wij zullen van gedaante veranderen.

[53] Want dit vergankelijke moet met onvergankelijkheid worden bekleed en dit sterfelijke met onsterfelijkheid.

[54] En wanneer dit vergankelijke met onvergankelijkheid is bekleed en dit sterfelijke met onsterfelijkheid, dan zal het woord van de Schrift in vervulling gaan: De dood is verslonden, de overwinning is behaald!

[55] Dood, waar is je overwinning? Dood, waar is je angel?

[56] De angel van de dood is de zonde, en de kracht van de zonde is de wet.

[57] Maar God zij dank: Hij geeft ons de overwinning door onze Heer Jezus Christus.

[58] Daarom, geliefde broeders en zusters, wees standvastig en onwankelbaar, aldoor druk bezig met het werk van de Heer; u weet toch dat uw inspanning dankzij Hem niet vergeefs is.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

De ziekte van Lyme in België

Standaard

categorie : gezondheid en gezondheidsproducten

 

 

 

De ziekte van Lyme, ook wel tick-borne borreliosis of Lyme-artritis genoemd, wordt veroorzaakt door de spirocheet Borrelia burgdorferi. Men schat dat in Europa ongeveer 10% van de teken besmet zijn met Borrelia.

 

Dit bacterie-achtige organisme wordt overgebracht via de beten van teken behorende tot het geslacht Ixodes, die zich ook vaak voeden met het bloed van andere zoogdieren, zoals knaagdieren, egels en herten. De ziekte wordt vermoedelijk slechts overgebracht nadat de teken zich gedurende uren op het slachtoffer hebben gevoed. Er zijn geen aanwijzingen voor besmetting van persoon op persoon.

Teken worden mee rondgedragen door hun gastdieren. Bijna overal waar die dieren komen, vindt men dus ook teken. Tenminste in een plantenrijke omgeving met hoog gras, struiken en een rijke onder begroeiing.

Een teek of bloedzuiger is een minuscuul diertje, nauwelijks groter dan een speldenkop. Bij het zuigen van het bloed wordt het achterlijf steeds dikker. De beet van een teek is pijnloos, pas na enkele uren begint het te jeuken.

.

 

Teken

 

.
.
.
De teek is een zogenaamde geleedpotige, en behoort tot de mijten. Er bestaan twee verschillende families van teken: de harde of schildteken (Ixodidae) en de zachte of lederteken (Argasidae). In totaal komen er over de wereld meer dan 800 tekensoorten voor!

Van een tekenbeet op zich wordt de mens normaal gesproken niet ziek, maar de teek kan wel een rol spelen bij het overbrengen van diverse ziekten.De werkelijke boosdoener is niet de teek zelf, maar de bacterie, die hij via zijn speeksel en darminhoud overbrengt van de ene op de volgende gastheer.

Omdat de teek een zogenaamde driegast herenteek is, kan zij in één van de ontwikkelingsstadia een ziekteverwekker binnen krijgen door van een besmet dier bloed te zuigen en deze ziekteverwekker vervolgens in het volgende ontwikkelingsstadium overbrengen op een ander dier of mens overbrengen.

Binnen Europa kunnen via teken 4 ziekten op de mens worden overgebracht:
•de ziekte van Lyme
•Tick Borne Encephalitis (ook wel bekend als TBE)of TBD (Tick Born Disease)
•Früh Sommer Meningo Encephalitis (FSME)
•Ehrlichiose
Daarnaast kan in Zuid Europa de tekensoort Rhipicephalus sanguineus de ziekte Fièvre boutonneuse overbrengen.

 

.

Stijging

 

De ziekte van Lyme treedt vooral op tussen juni en oktober, en op basis van de gevallen vastgesteld tussen 1993 en 2000 door de referentielaboratoria (K.U.L. en U.C.L.), kan men stellen dat de ziekte overal in ons land optreedt, vooral in de Kempen (Antwerpse en Limburgse), de Oostkantons, het Zoniënwoud en de Ardennen.

Naargelang de studies treedt bij 1,1 tot 3,4% van de personen met een tekenbeet de ziekte van Lyme op.
Het aantal jaarlijks vastgestelde gevallen, bevestigd door één van de referentielaboratoria (K.U.L. of U.C.L.), is sinds 1991 gestegen. Er is in de loop der jaren een gestage stijging te zien in België, gaande van 42 gevallen in 1991 tot 300 gevallen in 1997.

Het cijfer voor 1997 komt overeen met een incidentie van 2.9 gevallen per 100000 inwoners.
In 2002 werden 975 gevallen vastgesteld.

 

 

.
.
.
.

Cyclus

 

De teek brengt het grootste deel van zijn leven door in de natuur: bossen en graslanden. Om zich te kunnen ontwikkelen en voort te planten heeft hij echter bloed nodig. De teek die bij ons voorkomt heeft voor zijn volledige ontwikkeling drie gastheren nodig.

Hij kiest hierbij zowel voor wilde dieren (bosmuizen, egels, eekhoorns, reeën,…) als huisdieren (schapen, runderen, paarden, honden, katten,…) evenals de mens.Een teek wacht in grashalmen of lage bosjes op een passerende gastheer, waaraan hij zich in het voorbijgaan vastklampt. Eenmaal op het dier kruipt de teek naar een plaats waar de huid het dunst is en bijt hij zich stevig vast. Hij verankert zich als het ware in de huid.

 

.

.
.
.

De dikste teek links is een volwassen vrouwtje, tweede van links is een volwassen mannetje,tweede van rechts is een nimf en de rechtse is een larve.

De vrouwtjes kunnen door het zuigen van bloed tot wel 1 cm lang worden. Eenmaal volgezogen met bloed maakt zij zich los van de huid en laat zich op de grond vallen. Op een beschutte plaats legt het vrouwtje zo’n 2.000 eitjes waarna zij sterft. Uit deze eitjes ontwikkelen zich (binnen een maand) 6-potige larven.

Ook deze klimmen in grashalmen en wachten op een gastdier, waarop ze drie tot 8 dagen lang bloed zuigen, tot ze verzadigd zijn. Vervolgens laten ze zich op de grond vallen en ontwikkelen ze zich in drie maanden tot 8-potige nimfen, die eveneens een bloeddonor zoeken. De ontwikkeling tot volwassen teek duurt dan nog zo’n drie tot vijf maanden.

De volledige ontwikkelingscyclus van sommige soorten teken (die op meerdere gastdieren leven) kan zelfs tot 3 jaar duren. Warmte en een hoge luchtvochtigheid scheppen een gunstig klimaat voor de ontwikkeling van teken. Ze komen ook veel voor in de lente en de herfst.

 

.

Besmetting

 

De bacterie Borrelia burgdorferi wordt zeer waarschijnlijk niet meteen overgedragen, omdat de bacterie zich in de darm van de teek bevindt en zich pas gaat vermenigvuldigen nadat er eerst een beetje bloed is gezogen. Vandaar ook dat men vaak leest dat wanneer men de teek tijdig (afhankelijk van de literatuur binnen 8 tot 36 uur) verwijderd, de kans op infectie zeer gering is.

Een volledige garantie kan niet gegeven worden blijkt uit een artikel in het Geneeskundig Tijdschrift van 1990. Daarin wordt aangegeven dat besmetting waarschijnlijk plaatsvindt door regurgitatie (opbraken) van de darminhoud, maar dat bepaalde waarnemingen wijzen op de mogelijkheid van besmetting via de speekselklieren.

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

Een archeologisch bewijs van de 10 plagen van Egypte

Standaard

categorie : religie

 

 

 

Exodus

 

De geschiedenis van de uittocht van het Joodse volk uit Egypte heeft de mensheid al vele duizenden jaren bezig gehouden. Bovenal geïntrigeerd door de enorme rampspoed die over Egypte en zijn bevolking kwam, door hun weigering aan YHWH, de God van Israël, te gehoorzamen. Maar vooral in de laatste eeuw zijn er over de historische waarheid nogal wat vraagtekens geplaatst.

 

 

 

story2

 

 

En toegegeven, voor iemand die zijn vertrouwen en geloof niet op onze Vader heeft gesteld kan deze geschiedenis, met zijn plagen en wonderen, ongeloofwaardig overkomen. Water verandert in bloed, immense plagen van allerlei dieren en ongedierte. Mensen en vee krijgen massaal steken van vliegen, zweren op hun lichaam te verduren en of dat niet erg genoeg is sterven ze massaal aan de pest, hagelbuien, leven ze in volledige zonsverduistering en tot slot sterven alle eerstgeboren zonen in alle gezinnen door heel Egypte heen. En dit alles volgde zich in een rap tempo op, en we spreken dan niet over jaren, maar over weken en maanden.

Dat zou dan toch zeker ook opgetekend zijn op oude Egyptische papyrus’ en tabletten? Misschien moeilijk te geloven, maar dat is ook gedaan. We weten dat de Egyptenaren een geschiedenis hadden van het herschrijven van de geschiedenis en succesverhaal na succesverhaal optekenden of zo herschreven. Het rauwe gevolg hiervan was dat zo echter ook de minder succesvolle gebeurtenissen “verfraaid” werden of zelfs volledig weggelaten werden uit de annalen der geschiedenis.

Voorbeeld is de, door farao’s, regelmatig toegepaste handeling om alle hïerogliefen van zijn/haar voorganger rigoreus te verwijderen en daarvoor zichzelf en eigen “heldendaden” in de plaats te laten beitelen, of door uitkomsten van veldslagen te verdraaien voor eigen eer. Maar ondanks hun neiging historische “onwelgevalligheden” weg te poetsen in hun annalen, mogen we toch wel verwachten dat er Egyptische bronnen zouden zijn die ook maar iets zouden spreken over deze verschrikkelijke (maar tevens vernederende) plagen die Egypte en zijn inwoners hebben getroffen? Mogen we inderdaad en het Ipuwer Papyrus is nu exact zo’n bron.

 

 

Ipuwer Papyrus

 

Het Ipuwer Papyrus is een schrift die in handen is van het Nationaal archeologisch museum in Leiden. Het manuscript is gevonden in Memphis, Egypte en is gedateerd rond de 13e-14e eeuw v. Chr., exact overeenkomend met de periode van de Exodus van het Joodse volk uit Egypte. Dit kunnen we nagaan aan de hand van de Joodse jaartelling. Joden gaan uit van het moment van de schepping en zij leven momenteel in het jaar 5770 (uitgezonderd de jaren in ballingschap). Joden dateren de Exodus uit Egypte in het jaar 2313. 5770 – 2313 = 3457 jaar. 2014 (ons huidige jaar) – 3457 (de jaren die verlopen zijn vanaf het joodse jaar van de Exodus) = 1443 v. Chr.

 

 

 

.

Beschrijving  Ipuwer Papyrus 

 

In dit papyrus beschrijft een zekere Ipuwer de gebieden Beneden- en Opper-Egypte in een staat van complete chaos, waar ziekten, plagen en de dood het straatbeeld beheersen. Een ander aspect van deze chaos is een ware anarchie waar slaven hun taken verder weigeren uit te voeren en rebelleren tegen hun meesters en de staat.

Catastrofale natuurrampen treffen het land en mensen zoeken wanhopig naar manieren om te overleven. Bij dit beschrijven zullen sommige mensen al gelijk  denken aan het verhaal van de uittocht in het Bijbelboek Exodus, maar het wordt ons nog duidelijker als Ipuwer verder gaat en schrijft dat in heel Egypte het water niet meer drinkbaar is omdat dit in bloed veranderd is, het vee massaal door ziekte en dood getroffen wordt, de volledige oogst in één nacht vernietigd is, broers hun broers moeten begraven en de straten letterlijk bezaaid liggen met hun lichamen.

Het land is voor een periode in complete duisternis gehuld en niemand kan in deze duisternis nog iets ondernemen. De gebeurtenissen die Ipuwer beschrijft komen dus wel erg duidelijk overeen met het verslag in Exodus. Aan de hand van enkele voorbeelden kunnen we zien dat de beide verhalen inderdaad verbijsterend veel overeenkomsten met elkaar hebben., Aan de linkerzijde ziet u de beschrijvingen in het Ipuwer Papyrus en aan de rechterzijde die van het Bijbelboek Exodus.

Zoals we hieronder kunnen zien beschrijft Ipuwer gebeurtenissen van ongekende omvang. Gezien de periode waarin dit papyrus geschreven is, is het aannemelijk dat Ipuwer een getuige is geweest van wat er geschreven staat over de uittocht in Exodus. De opvallende gelijkenis is meer dan zomaar opmerkelijk. In onze (bescheiden) ogen dient dit papyrus dan ook gezien te worden als een Egyptische versie of samenvatting van de traumatische gebeurtenissen, zoals die beschreven staan in Exodus 7 tot en met 12.

 

 

 

     Ipuwer Papyrus                                      Thora / Exodus

2:5-6
 
Pest en plagen verspreid in het hele land. Bloed is overal.
 
7:20-21
 
 
 
 
8:6
 
 
8:17
 
 
8:24
In een oogwenk veranderde het water in bloed. Overal in Egypte was het water in bloed veranderd.
Kikkers kwamen van alle kanten opzetten en overstroomden het hele land.
Opeens verschenen in heel Egypte grote hoeveelheden luizen.
In alle huizen en in heel Egypte wemelde het van de steekvliegen.
2:9
De rivier (Nijl) is vol met bloed. Mensen drogen uit, verzwakken en snakken naar water.
7:25
En alle Egyptenaren moesten in de omgeving van de Nijl naar water graven, omdat ze uit de rivier niet meer drinken konden.
2:4
 
 
4:1
 
 
2:13
Veel doden zijn begraven in de rivier.
Elk dood persoon is een goed-geboren (Egyptisch) persoon.
Overal mannen die hun broers in de grond stoppen.
12:29
 
12:30
De eerstgeborene in elk Egyptisch gezin stierf.
Er was niet één huis waar geen doden waren. Er was een groot huilen in Egypte.
3:10-13
Dat is ons water! Dat is onze blijdschap. Wat kunnen wij hieraan doen? Alles is ten gronde gericht.
7:21
En de rivier was volledig bedekt met en stonk naar rottend vis.
5:5
Alle dieren, hun harten huilen. Het vee schreeuwt het uit.
9:1-7
De machtige hand van YHWH zal een dodelijke plaag sturen die al uw vee zal doden.
2:10
Poorten, zuilen, pilaren en muren worden verteerd door vuur.
9:23-25
En de bliksemschichten doorkliefden de hemel. En er was hagel, en er was vuur vermengd met de hagel.
6:3
5:12
 
 
 
 
3:3
 
 
4:11
 
5:2
Graan is overal vernietigd.
Alles is vernietigd wat er gisteren nog was. Het land is volledig aan zijn lot overgelaten.
Huisvrouwen klagen: hadden we maar iets te eten!
Bomen zijn geveld en struiken zijn kaal.
Magnaten zijn hongerig en gaan ten onder.
9:25
10:15
En de hagel doorploegde het veld en vernietigde alle oogst.
Er bleef geen enkel groen over, in de bomen, kruiden, specerijen noch in het veld, in heel Egypte.
9:11
Het land is zonder licht.
10: 21-29
Het werd aardedonker in het land, drie dagen lang. Gedurende die tijd kon niemand een hand voor ogen zien en zelfs niet opstaan om iets te doen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

.

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

Robijn.

Standaard

categorie :  Sieraden, juwelen, mineralen en edelstenen

 

 

 

 

Robijn

.

De bloedrode robijn siert de kronen van koningen en koninginnen en spreekt zeer tot de verbeelding. Alle schat-ten in sprookjes en legenden bevatten traditioneel robijn, naast smaragd, saffier en diamant. Oorspronkelijk wer-den alleen deze vier stenen ‘edelsteen’ genoemd, vanwege hun hardheid, schoonheid en zeldzaamheid. Alle andere sierstenen werden ‘halfedelsteen’ genoemd. Tegenwoordig wordt dit onderscheid niet meer gemaakt.

Robijn behoort tot de familie korund. Bevat korund een spoortje chroom, dan wordt de steen rood en heet hij robijn. Robijn is altijd een tint rood, variërend van roze tot donkerrood. Robijn kan zo donkerrood zijn dat hij zwart lijkt. Dan wordt hij zwarte robijn genoemd. In het verleden werd robijn ook wel karbonkel genoemd. De naam karbonkel werd vroeger gebruikt voor alle rozerode tot bloedrode stenen, zoals granaat, spinel, robijn en toermalijn. Men dacht dat het een en dezelfde steen was.

De robijn is het zinnebeeld van het bloed van de aarde. Zijn rode kleur wordt geassocieerd met liefde, voortplan-ting en het scheppen van nieuw leven. In vroeger tijden werd de robijn gezien als de eerste edelsteen, waaruit alle andere edelstenen geboren werden. Zuidoost-Azië levert sinds jaar en dag veel robijnen. Vooral de robijnen uit Birma zijn geliefd vanwege de fraaie rode kleur. De robijnen uit Birma, India en Sri Lanka zijn door eeuwenlange handel over heel Europa te vinden, vooral in kronen en andere kroonjuwelen. Korund van lage kwaliteit is niet geschikt om tot sierstenen te verwerken. Deze stenen worden als slijpmiddel en polijstmiddel gebruikt.

Robijn kan synthetisch gemaakt worden. Synthetische robijn wordt graag gebruikt voor precisie-gereedschap (lasers, masers). Echte robijn kun je onderscheiden van synthetische robijn door de steen te bekijken met een microscoop. Echte robijn bevat insluitsels als rutiel, gas en waterblaasjes. Synthetische robijn heeft een zeer regelmatige inwendige structuur. De robijn wordt in de edelsteentherapie regelmatig ingezet, bij uitputting en bij herstel na ziekte of operatie, omdat hij bloedversterkend is. Voeg een robijn toe aan pleegzuster bloedwijn en je hebt een extra sterk tonicum.

 

 

robijn

 

 

 

 

 

 

Herkomst van de naam

 

De naam robijn dook pas in de 12e eeuw op, en verving de tot dan gebruikelijke naam karbonkel. Robijn betekent ‘rode (steen)’. Het komt van het Middenlatijn rubinus, dat is afgeleid van het Latijnse woord rubeus, ‘rood’. De naam karbonkel is afgeleid van het Latijnse woord carbunculus, ‘kooltje vuur, gloeiende steen’. De naam korund is afgeleid van het Hindi-woord kurand of van het Sanskriet kuruvinda. Dat was in India de benaming van robijn. In het Sanskriet heet de robijn ratnaraj, ‘koning der edelstenen’, of ratnanayaka, ‘leider der edelstenen’. De stad Rat-napura in Sri Lanka is de ‘stad der edelstenen’, een historische vindplaats van granaten en robijnen.

 

 

 

 

 

Door de eeuwen heen

 

Al sinds de Bronstijd wordt de robijn gewaardeerd en gebruikt als siersteen. In het oude India gold de robijn als moeder van alle edelstenen en als zinnebeeld van de zon die alles laat groeien. Veel koninklijke sieraden als kro-nen, tiara’s en spelden bevatten daarom mooie bloedrode stenen. Zelfs zetels, als de beroemde 17e-eeuwse Pauwentroon, zijn rijkelijk getooid met deze steen die geluk en vruchtbaarheid zou brengen. Oosterse buikdan-seressen droegen graag een robijn of spinel in hun navel, omdat dit lustopwekkend en enthousiasmerend zou zijn.

Chhatrapati Manik is de naam van de robijn met de oudst bekende geschiedenis. Deze robijn wordt reeds ge-noemd in het Indiase epos Mahabharata, met teksten die duizenden jaren oud zijn. Het verhaal gaat dat Sri Raja Bir Vikramaditya, vóór het begin van onze jaartelling koning van een heilige stad in India. zichzelf uitriep tot Chhatrapati, ‘Opperkoning’. Hij wilde een kroon met 9 edelstenen, symbolen voor de negen planeten. De be-langrijkste plaats, die van de zon, moest ingenomen worden door een robijn. Deze robijn kreeg de naam ‘edel-steen van de opperkoning, oftewel chhatrapati manik. n het jaar 1934 was de Chhatrapati Manik in London te bewonderen, als centrale steen in een tiara met diamanten. Het is onbekend waar deze robijn zich momenteel bevindt.

De oude Grieken en Romeinen waren ook dol op rode edelstenen. Zij geloofden dat de robijn kracht gaf en wonden sneller liet genezen. Veel zwaardknoppen en schilden uit die tijd zijn dan ook met robijnen en spinellen versierd. De Romeinse wetenschapper Plinius de Oudere (23-79 n.Chr.) noemde de steen carbunculus, ‘kooltje vuur, gloeiende steen’. Men meende dat de karbonkelsteen licht gaf in het donker.

Uit de Middeleeuwen stamt de Wenzelskroon. Deze kroon is vervaardigd in 1347 voor de kroning van Karel IV tot koning van Bohemen. De kroon is vernoemd naar Wenzel I of Wenceslaus I (905-935), de beschermheilige van Bohemen. Deze kroon bevat een enorme ruwe robijn van 250 karaat. De overige rode stenen zijn spinellen. De Duitse mystica Hildegard von Bingen (1098-1179) schreef over de robijn: “Overal waar zich een karbonkel bevindt, kunnen de luchtdemonen hun duivelswerk niet verrichten.” De Duitse filosoof Albertus Magnus (1193-1280) schreef in zijn lapidarium (boek met beschrijving van edelstenen) “de kracht van alle andere stenen” aan de robijn toe. Hij meende net als Hildegard von Bingen dat de robijn gif in lucht en damp verdrijft.

Dankzij moderne onderzoeksmiddelen kunnen we vaststellen dat veel robijnen uit de Middeleeuwen eigenlijk geen robijn zijn. Bekend voorbeeld is de Black Prince’s Ruby. Deze enorme rode steen van 5 cm siert de Engelse staatskroon. Ooit behoorde deze steen toe aan Edward van Stockwood (1330-1376), bijgenaamd ‘de Zwarte Prins’. Nu weten we dat deze robijn eigenlijk een spinel is. Dit geldt ook voor de Timur-robijn, gevat in een ketting uit de Engelse kroonjuwelen. Dit is eveneens een fraaie rode spinel, afkomstig uit India. Het verschil tussen robijn en spinel is moeilijk te bepalen; de kleur en glans lijken heel veel op elkaar. De robijn is echter harder en dichter van structuur. De Peace Ruby, oftewel Vredesrobijn, is de naam van een beroemde robijn die werd gevonden in 1919, kort na het tekenen van het Verdrag van Versailles, het einde van de Eerste Wereldoorlog. Men hoopte dat het geven van deze naam de vrede zou helpen waarborgen.

 

 

 

 

 

Robijn cabochon

 

 

 

Spiritueel

 

* Robijn is een krachtige beschermer tegen negatieve energieën, zoals energetisch vampirisme.
* Robijn versterkt de wil en het ego. Hij maakt je doelbewust en wilskrachtig. Deze steen versterkt door rode kleur je mannelijke kant. Robijn is een goede steen voor timide mensen.
* Robijn verhoogt de concentratie en geeft plezier in wat je doet.
* Robijn laat je actief en gemotiveerd in het leven staan, maakt vrolijk. Je fantasie wordt gescherpt, je spontaniteit wordt vergroot.
* Robijn helpt ook om realistisch te blijven. Hij helpt de perfectionisten de lat wat lager te leggen, doelstellingen haalbaar te houden.
* Robijn maakt je initiatiefrijker, en laat je vaker het voortouw nemen.

 

 

 

 

Chemische samenstelling

 

Robijn is een korund. Deze groep verwante mineralen bevat de hardste stenen na diamant. Korund bestaat uit aluminiumoxide en is vaak grijzig, bruinig. Robijn heeft zijn rode kleur te danken aan ingesloten chroom. Alleen chroomhoudende korund geldt als robijn. Is korund roodgekleurd door andere elementen, dan is het zijn broertje saffier. Saffier is een korund die allerlei kleuren kan hebben. Robijn komt vaak voor als insluitsel in rotsgesteente. Vaak hebben deze robijnen een te lage kwaliteit voor economische exploitatie. Door het hoge soortelijke gewicht komen de robijnen vrij bij het verweren van het moedergesteente. Vervolgens worden ze door water meegevoerd. In Zuidoost-Azië, en vooral in Birma, India en Sri Lanka, worden zo concentraties van edelstenen gevonden in bochten en uitloop van rivieren, waar het water langzamer stroomt. Daar werden en worden robijnen vervolgens met de hand uitgezocht, geslepen en verhandeld.

 

 

robijn cabochons

 

 

 

Samenstelling: Al2O3 + Cr, Ca, Fe, Mg, Si, Ti, Zn + (Mn)
Hardheid: 9
Glans: glasglans, diamantglans (bij geslepen stenen van
edelsteenkwaliteit), mat of vettig (bij ruwe stenen)
Transparantie: doorzichtig, doorschijnend, ondoorzichtig
Breuk: schelpvormig, ruw, zeer bros
Splijtbaarheid: geen
Dichtheid: 3,97 – 4,05
Kristalstelsel: trigonaal-hexagonaal

 

 

 

ruwe robijn

 

 

 

ruw

 

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

John Astria

John Astria

 

 

 

 

 

 

Leviticus 14: 1 – 7

Standaard

categorie : religie

 

 

 

 

 

 

Leviticus 14: twee vogels-wet op de melaatsheid, huidvraat

 

 In de reinigingswet voor de melaatse zoals beschreven in het Bijbelboek Leviticus, zien we een type of verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”

 

 

Leviticus 14: twee vogels - wet op de melaatsheid, huidvraat

 

 

Zoals beschreven in de Tenach, het Oude Testament, is de wet op de melaatsheid een verwijzing naar de dood en de opstanding van Christus

.

 

Leviticus 14:1-7

 

De Here gaf Mozes de volgende voorschriften voor iemand die van zijn melaatsheid genezen is verklaard: “De priester zal het kamp verlaten om hem te onderzoeken. Als hij ziet dat de melaatsheid is verdwenen, zal hij vragen om twee levende vogels die mogen worden gegeten, cederhout, scharlaken en hysop om die te gebruiken bij de reinigingsceremonie van de genezene.

De priester zal dan opdracht geven één van de vogels te slachten boven een raderwerken pot waarin zich fris bronwater bevindt. De andere vogel zal, samen met het cederhout, scharlaken en hysop in het bloed van de gedode vogel worden gedoopt. Vervolgens zal de priester zevenmaal bloed sprenkelen over de man die is genezen. Daarna zal hij hem rein verklaren. De levende vogel zal hij in het open veld laten vliegen.

 

In deze wet schuilt een metaforische verwijzing naar de opstanding en verheerlijking van Christus. Juist dit specifieke element,in het zoenoffer van Christus, is minder duidelijk aanwezig in de offerdienst van het Oude Testament, die zoals we weten vooruitwijst naar het ultieme offer dat Christus bracht aan het kruis. Dat maakt deze verwijzing zo bijzonder. Door het zoenoffer van Christus worden de zonden verzoend en worden mensen verzoend met God.

 

Het ritueel

 

Voor het reinigingsritueel zijn twee levende vogels nodig. Water heeft een helende, genezende en reinigende kracht. Cederhout staat voor duurzaamheid. Hysop die in scheuren van een muur groeit (1 Koningen 4 :33), is een soort huislook waarvan men een kwast kan maken en kan sprenkelen (Exodus 12:12). Met scharlaken wordt de hysop gebundeld, en herinnert aan het bloed (Numeri 19:6).

De ene vogel wordt geslacht boven een pot met levend water, waar vervolgens het bloed invalt. Hiermee verkrijgt men reinigingswater, waarin de andere vogel gedoopt wordt die daarna de onreinheid weg zal dragen. De vogel laat men in het open veld wegvliegen als symbool van de ontkoming aan de dood.

 

Melaatsheid staat voor zonde

 

Melaatsheid is in de Bijbel een type voor zonde, zoals tot uitdrukking komt in het reinigingsritueel door de priester en doordat er een schuldoffer gebracht moet worden (Leviticus 14:12,21). Zonde is het kwaad dat in de mens aanwezig is en zich uit door middel van boze daden. Het afschuwelijke van melaatsheid of huidvraat, beeldde aan Gods volk de door Hem gehate, verfoeilijke zonde uit. De melaatse wordt door het bloed van het offerdier als het ware gereinigd, net zoals de zondaar wordt gereinigd door het bloed van Christus (1 Johannes 1:7).

 

 

Helend bloed aan het kruis

 

Pasteltekening van John Astria

 

 

De twee vogels

 

Net zoals de twee bokken op Grote Verzoendag tezamen wijzen op twee aspecten van het ene offer van Christus, zo wijzen de twee vogels in de wet op de melaatsheid ook op het ene offer van Christus, maar op een geheel andere wijze. De twee vogels verwijzen naar de dood en de opstanding van de Heer Jezus Christus, gelijk er staat geschreven in Romeinen 4:25: “Hij heeft Jezus voor onze zonden laten sterven en Hem uit de dood laten terugkomen om ons rechtvaardig te verklaren.”

De vogel die geslacht wordt verwijst naar de plaatsvervangende dood van Christus die voor onze zonden stierf. De tweede vogel die is bedekt met het bloed van de eerste vogel, mag vervolgens in het open veld wegvliegen. Dit verwijst naar de Heer die is opgestaan uit de doden.

 De zondige mens is gereinigd door het bloed van Christus, die plaatsvervangend voor ons aan het kruis stierf en opstond uit de dood. Als Jezus niet zou zijn gestorven, dan zou zijn werk niet volbracht zijn en als Hij niet zou zijn opgestaan uit de doden, dan zou het geloof geen betekenis hebben en zouden onze zonden niet vergeven zijn (1 Korintiërs 15:17).
.
.
.

Het volkomen offer van Christus

 

In Leviticus 14 vers 7 kunnen we lezen dat de priester zevenmaal bloed sprenkelt over de man die is genezen. Zeven is het getal van de volheid. Het wijst daarmee vooruit op het volkomen offer dat Christus bracht. Het bloed van Christus reinigt ons en heeft de weg tot God de Vader die door de zonde was versperd, weer vrijgemaakt.

 

 

 

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget