Categorie archief: Kamerplanten en bloemen

Blauwe waterereprijs

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

img_2184-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de lila tot bleekblauwe “ereprijs” bloemetjes in trossen en
– de plaats waar de plant groeit (in ondiep water)

 

 

img_2273-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

Algemeen

 

Blauwe waterereprijs is een eenjarig of overblijvende plant van 15 tot 60 cm. Ze groeit in ondiep, stromend water en open, natte, voedselrijke grond aan waterkanten. In het rivierengebied is ze plaatselijk vrij algemeen. Elders is ze zeldzaam.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot in de herfst. De bloemen vormen lang gesteelde trossen in de bladoksels en zijn lila tot bleekblauw met paarse lijntjes. Na de bloei maken de bloemstelen een scherpe hoek met de as van de bloeiwijze. Dat onderscheidt blauwe waterereprijs van rode waterereprijs, waarvan de bloemstelen een rechte hoek maken na de bloei.

 

 

 

 

img_2294-gr-blauwe-waterereprijs

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De al of niet vertakte, kale stengels zijn groen, soms rood aangelopen en vierkantig. De bladeren zijn licht groen, de bovenste langwerpig en half stengelomvattend, de onderste ei-rond en gesteeld.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– eenjarig of overblijvend
– vrij algemeen in het rivierengebied,   elders zeldzaam
– 15 tot 60 cm hoog

Bloem
– lila tot bleekblauw
– vanaf mei tot in de herfst
– tros
– stervormig
– 5 tot 10 mm
– 4 kroonbladen, vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– (kruisgewijs) tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits
– rand gezaagd tot bijna gaaf
– voet (half) stengelomvattend
– veernervig
– zittend (soms kort gesteeld)
– beide kanten zacht behaard

Stengel
– rechtop of opstijgend
– vierkantig

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

Drienerfmuur

Standaard

categorie : Kamerplanten en bloemen

 

 

 

img_3975-gr-drienerfmuur

 

 

Goed te herkennen aan
– de onopvallende, kleine, witte, stervormige bloemetjes, waarvan
– de spitse kelkbladen duidelijk groter zijn dan de kroonbladen en
– de smal eironde, spitse bladeren met 3 nerven, soms 5

 

 

 

 

 

Algemeen

 

Drienerfmuur is een eenjarige plant van 15 tot 30 cm. Ze is algemeen voorkomend in Europa en Azië. Drienerfmuur groeit op droge, matig voedselarme grond in loofbossen en onder struikgewas. Ze groeit in pollen.

 

 

578281752

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot in de herfst met onopvallende, kleine, witte bloemetjes. De ronde kroonbladen zijn duidelijk kleiner dan de spitse kelkbladen, die een vliezige, behaarde rand hebben.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn smal eirond met spitse punt en gewimperde, gave rand. Ze hebben 3 (soms 5) duidelijke, parallel lopende nerven, waaraan de plant haar naam dankt. De behaarde, sterk vertakte stengels zijn slap, liggend en aan de top opstijgend.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– eenjarig
– algemeen tot zeldzaam
– 15 tot 30 cm

Bloem
– wit
– vanaf mei tot in de herfst
– alleenstaand
– 4 tot 7 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 3 stijlen

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– smal eirond
– top spits
– rand gaaf
– voet wigvormig
– parallelnervig
– onderste gesteeld
– bovenste zittend

Stengel
– liggend en opstijgend
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

266px-illustration_moehringia_trinervia0

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

JOHN ASTRIA

Blaartrekkende boterbloem : Ranunculus sceleratus

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

266px-ranunculussceleratus-bloem-hr

 

 

 

Goed te herkennen aan
– plant aan de waterkant met
– kleine gele bloemetjes met in het midden een groen vruchthoofdje  met talrijke vruchtjes

 

 

 

bloem4-g

 

 

 

Algemeen

 

Blaartrekkende boterbloem is een zeer algemeen voorkomende, eenjarige plant met kleine gele bloemetjes. Ze kan 70 cm hoog worden. Ze groeit op open, natte, stikstofrijke grond aan sloten, op drooggevallen plaatsen, soms in het water, maar dan met grote drijvende bladeren en niet bloeiend. Van alle boterbloemen is de blaartrekkende boterbloem het meest giftig. Het sap geeft bij contact rode vlekken, blaren en zweren op de huid.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Blaartrekkende boterbloem bloeit vanaf mei tot ver in de herfst. De bloemen hebben 5 kroonbladen en 5 teruggeslagen kelkbladen. Beiden zijn geel. De kroonbladen zijn nauwelijks langer dan de kelkbladen. Terwijl kroon- en kelkbladen nog niet afgevallen zijn groeit in het midden van de bloem het groene vruchthoofdje met talrijke vruchtjes.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De onderste bladeren zijn gesteeld en getand of diep ingesneden, de bovenste ongesteeld en 3-slippig. Alle bladeren zijn glanzend. De stengels zijn dik, vlezig en hol.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

ranonkelfamilie (Ranunculaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen voorkomend
– 5 tot 70 cm

Bloem
– bleekgeel
– vanaf mei t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– 5 tot 10 mm
– stervormig
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 teruggeslagen kelkbladen
– kroon even lang als kelk of iets langer
– meer dan 20 meeldraden
– meer dan 60 stijlen

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– vlezig, van boven glanzend
– verdeeld in 3 lobben
– bovenste bladeren niet gesteeld
– top stomp
– rand getand of diep ingesneden
– voet hartvormig
– handnervig

Stengel
– rechtop
– vrijwel kaal
– gegroefd

zie wilde bloemen

 

 

botanische-tekening-extragr-blaartrekkende-boterbloem

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

De Alocasia

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

De Alocasia komt van oorsprong uit de tropen van Azië, voornamelijk India. Alocasia soorten behoren tot de familie Araceae. Deze kamerplanten worden ook wel Taro, Reuzentaro of Olifantsoor genoemd. Deze laatste naam is gemakkelijk af te leiden aan de enorme bladeren.

 

 

Alocasia-c-1

 

 

Water geven

 

Vochtig houdenVochtig houden

 

 

Alocasia’s gedijen het best wanneer de grond constant licht vochtig is. Controleer daarom regelmatig met een vinger in de grond of deze nog vochtig is. In de winter verbruikt deze kamerplant minder water, maar laat de Alocasia niet helemaal uitdrogen. Bij voorkeur niet te grote hoeveelheden water per keer geven, dan gaat blad namelijk druppelen.

De hoeveelheid water is afhankelijk van verschillende factoren zoals luchtvochtigheid en hoeveelheid licht, daarom is het verstandig om te beginnen met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond binnen 2 dagen droog, geef dan iets meer. Is de grond na 5 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder water per keer.

 

 

 

 

 

 

Sproeien

 

Het is noodzakelijk om een Alocasia meerdere keren per week te sproeien. Hoe vaker hoe beter. Hiermee neemt de kans op spint sterk af.

 

 

 

Standplaats

 

zonnig

Zonnig

 

 

De Alocasia wenst veel licht. Bij gebrek aan zonlicht kan de woonkamerplant snel naar het licht toe gaan groeien. Dit heeft als nadeel dat de plant scheef gaat groeit. Plaats de Alocasia een meter dichterbij het raam wanneer deze scheef groeit. Daarnaast is het raadzaam om de plant regelmatig een kwartslag te draaien. Minimaal 5 uur direct zonlicht. Dit betekent dat de Alocasia 2-3 meter voor een raam op het zuiden mag of voor een raam op het westen of oosten.

 

 

 

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 20 °C
‘S nachts: +/- 15 °C

 

 

 

Verpotten

 

De Alocasia elke 2 á 3 jaar verpotten, bij voorkeur in de lente. Dit zorgt voor nieuwe voedingsstoffen, luchterige grond en ruimte voor wortelgroei. Na aanschaf kan de kamerplant direct worden verpot. Gebruik een plantenbak met een diameter van minimaal 20% meer als de vorige. Gebruik gewone universele potgrond en probeer zo min mogelijk wortels te beschadigen. Gebruik een inzethoes bij hoge potten. Dit voorkomt rottend water buiten bereik van de wotels.

 

 

 

 

 

 

Voeding

 

De Alocasia eens per 2 weken vloeibare voeding geven. Wanneer de plant nauwelijks groeit (herfst, winter) is bemesten niet nodig. Gebruik nooit een overdosis, ook niet ter compensatie. Beter teweinig dan teveel.

 

 

 

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Alocasia’s kunnen gevoelig zijn voor koud water, koude lucht of tocht. Dit kan een oorzaak zijn voor bruine vlekken op het blad.

 

 

 

Snoeien

 

Het onderste blad van deze binnenplanten wordt op den duur minder mooi. Door deze 4cm van de basis af te snijden zal de plant geen energie meer in het lelijke blad stoppen. Dit bevordert de groei van nieuw blad. Het laatste gedeelte zal afsterven en is later eenvoudig van de basis te trekken. Het vocht dat de plant verliest door de snede is geen probleem.

 

 

 

Vermeerderen

 

Alocasia’s zijn te kweken door middel van zaad of door wortelstokken met blad van de moederplant af te snijden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

De bloem van een Alocasia wordt niet vaak aangetroffen. Een bloeiende Alocasia is vaak een teken dat het niet goed gaat met de plant. Om energie bij de kamerplant te besparen is het beter de bloem af te snijden.

 

 

alocasiacupreaplant2

 

 

 

Giftig?

 

Het sap van een Alocasia is irriterend voor huid en slijmvliezen. De wortelstokken worden in Azië gegeten. Hiervoor is het noodzakelijk dat de wortelstokken eerst worden gekookt. Uit voorzorg raden wij dit af.
(123kamerplanten bepaalt of een plant giftig is door het raadplegen van verschillende bronnen)

 

 

Ziektes

 

De Alocasia kan last hebben van spint indien de lucht te droog is. Regelmatig sproeien werkt preventief. Plaats de plant buiten wanneer spint is waargenomen. Wind en vocht zal de spint snel verdrijven. Dit is alleen mogelijk indien de temperaturen het toelaten. Daarnaast moet de plant buiten in de schaduw staan.

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Blaassilene : Silene vulgaris

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

blaassilene-jpg_595

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de opgeblazen kelk met 20 fijne, onderling verbonden nerven en
– de 5, stervormig uit de kelk stekende, witte kroonbladen

 

 

 

blaassilene

 

 

 

Algemeen

 

De blaassilene is een plant uit de anjerfamilie. Het is een in België en Nederland vrij zeldzaam voorkomende, 30-60 cm hoge plant die kan worden aangetroffen op matig voedselrijke, iets droge zand-, klei- en leemgrond, in bermen en tegen hellingen, in de duinen en op grazige grond. De plant prefereert een zonnige standplaats.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bloem

 

Blaassilene bloeit vanaf mei tot en met september met witte bloemen, waarvan de kelk sterk opgeblazen is. De kelk bestaat uit 5 vergroeide kelkbladen met driehoekige kelkslippen, is kaal, witachtig of roodbruin en heeft 20 fijne, onderling verbonden, paarsrode tot geelgroene nerven.

De knikkende bloemen hebben 5 witte (zelden roze), diep ingesneden kroonbladen. Ze zijn mannelijk of vrouwelijk, soms tweeslachtig. Ze zijn dag en nacht geopend, maar beginnen pas tegen de avond zoet te geuren. De bestuiving wordt dan ook door nachtvlinders verzorgd.

Die kunnen, in tegenstelling tot kleinere insecten, met hun lange roltong de honing onder in de bloem bereiken. Hommels knagen de kelk van buiten af open en kunnen zo ook bij de honing. Bestuiving blijft dan uiteraard uit.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Vroeger werden de jonge bladeren in salades verwerkt. Ook zijn ze na vijf tot tien minuten koken geschikt voor gebruik in soep.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– overblijvend
– vrij zeldzaam
– 30 tot 60 cm

Bloem
– wit, zelden roze
– vanaf mei t/m september
– bijscherm
– stervormig
– 1 tot 2 cm
– 5 ingesneden kroonbladen,
niet vergroeid
– 5 kelkbladen, vergroeid
– 10 meeldraden
– 3 stijlen

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– lancetvormig
– top spits
– rand gaaf
– voet (half) stengelomvattend
– 1-nervig

Stengel
– rechtop
– glad en kaal
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

Bittere veldkers : Cardamine amara

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

1167-640veldkers

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de 4-tallige witte bloemen, ongeveer zo groot als pinksterbloemen
– met roodpaarse helmknoppen en
– de groeiplaats; meestal langs stromend helder water

 

 

 

img_3470-gr-bittere-veldkers

 

 

 

Algemeen

 

Bittere veldkers is een overblijvende plant van 15 tot 45 cm, die groeit in brongebieden, aan waterkanten en in grienden op een vochtige bodem, meestal langs stromend helder water. De plant is in Midden-Europa algemeen verspreid. Ook in Nederland en België komt de soort voor aan waterkanten, bij bronnen en in grienden. De plant is waardplant voor de larven van het klein geaderd witje.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit in mei en juni met witte (zelden licht lila) bloemen, die aan de top van de stengel en zijstengels in een losse tros staan. De jonge bloemen hebben rood-paarse helmknoppen; die van oudere bloemen zijn roodbruin-achtig. De bloei is zeer uitbundig en vrijwel direct na de hoofdbloei van de gewone dotterbloem. De bloeiperiode is echter wel kort en meestal verdwijnt bittere veldkers bovengronds al in het begin van de zomer.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De stengels hebben duidelijke groeven in de lengte. De bladeren zijn oneven geveerd en hebben hoogstens 4 paar deelblaadjes, die een bochtig ingesneden rand hebben; het eindblaadje is groter dan de overige deelblaadjes. De deelblaadjes van de onderste bladeren zijn ronder dan die van de bovenste bladeren.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

Bittere veldkers smaakt niet bitter maar radijsachtig. De jonge blaadjes en scheuten kunnen verwerkt worden in soepen en salades. Vroeger werd de plant gebruikt tegen scheurbuik vanwege het hoge vitamine C gehalte.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)
– overblijvend
– vrij algemeen tot zeer zeldzaam
– 15 tot 45 cm

Bloem
– wit (zelden licht lila)
– mei en juni
– tros
– stervormig
– 8 tot 18 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 6 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– samengesteld
– oneven veervormig
– top stomp
– rand bochtig ingesneden
– voet scheef of wigvormig
– veernervig

Stengel
– opstijgend
– bochtig
– glad en kaal
– meerkantig en geribd

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria

De Philodendron, een kamerplant uit het regenwoud

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

Philodendron soorten komen van oorsprong voornamelijk uit het regenwoud van Zuid Amerika. De plantenfamilie is Araceae.

 

 

Philodendron01

 

 

Philodendron onderhoud:

 

 

Water geven

 

vochtig houdenVochtig houden

 

De grond van een Philodendron moet altijd vochtig blijven. Echter gebruikt de plant niet veel water. Een Philodendron is gevoelig voor teveel water. Geef daarom niet te grote hoeveelheden water per gietbeurt. Je kunt de kamerplant opnieuw water geven zodra de grond begint op te dromen, maar laat deze niet geheel uitdrogen.

De watergift hoeveelheid is afhankelijk van verschillende factoren, zoals de standplaats en grootte van de kamerplant. Begin daarom met kleine hoeveelheden water per gietbeurt. Is de grond na 4 dagen nog steeds erg nat, geef dan minder per gietbeurt.

Steek een vinger in de grond om te controleren of de grond vochtig aanvoelt. Bij een nieuwe huiskamerplant is het verstandig dit regelmatig te doen. Na enkele keren water geven leer je vanzelf hoeveel en hoe vaak jouw Philodendron nodig heeft.

 

 

 

Sproeien

 

Hoe meer hoe beter. Vooral klimmende exemplaren met hun luchtwortels worden graag gesproeid. Raadzaam is om minimaal 1x per week te sproeien.

 

 

 

Standplaats

 

Schaduw

 

Philodendron soorten gedijen prima met minder licht. Vermijd direct zonlicht, vooral het middag licht. Plaats deze kamerplanten 3-4 meter voor een raam op het noorden, of 4 meter op het oosten/westen, of 5-6 meter voor een raam op het zuiden. Deze afstanden zorgen ervoor dat de kamerplant maximaal 3 uur direct zonlicht ontvangt.

 

 

philodendron huisplant

 

 

 

Minimale temperatuur

 

Overdag:  +/- 20 °C
‘S nachts: +/- 16 °C

 

 

 

Verpotten

 

Een Philodendron verpotten kan direct na aanschaf, maar bij voorkeur in het voorjaar. Gebruik universele potgrond of Anthurium grond. Gebruik een sierpot waarbij de diameter minimaal 20% breder is als de vorige. Gebruik bij hoge plantenbakken een inzethoes.

Dit voorkomt dat er onderin de pot water gaat rotten, omdat het water buiten het bereik van de wortels is. Oudere exemplaren hoeven niet verpot te worden. Hier kan kan ook de losse bovenlaag vervangen worden met verse grond. Uiteraard is het verpotten in een sierpot een stuk mooier.

 

 

monstera

 

 

Voeding

 

Geef eens per week vloeibare voeding voor groene planten in de groei periode. Geef nooit een overdosis, ook niet na een periode dat de binnenplant geen voeding heeft gehad. Bemesten is niet nodig in de rustperiode (winter) en niet noodzakelijk in de herfst. Lees de gebruiksaanwijzing voor de juiste dosering.

 

 

 

Verkleurende bladeren

 

Gele bladeren bij een Philodendron zijn vaak het gevolg van teveel water. Pas de watergift hierop aan.

 

 

 

Snoeien

 

Klimmende Philodendrons zijn gemakkelijk te leiden langs een mosstok of gaasrek. Een uitloper kan het beste terug geleid worden. Het kan geen kwaad om gewoon met een schaar te lange uitlopers af te knippen.

 

 

 

Vermeerderen

 

Niet-klimmende soorten zijn alleen te vermeerderen door middel van zaad. Klimmende exemplaren zijn te vermeerderen door kopstekken in een vochtig mengsel van turf en zand te steken bij een temperatuur van rond de 23 graden.

 

 

 

 

 

Bloemen

 

Het komt zelden voor dat een Philodendron bloeit in de huiskamer. Indien de binnenplant toch bloeit kan je de bloemen het beste afknippen. De geur van deze bloemen is namelijk niet altijd aangenaam. Bovendien onttrekt het de plant energie.

 

 

 

Giftig?

 

De meeste Philodendron soorten zijn giftig bij inname. Vooral katten hebben de neiging om op de bladeren te kauwen. Dit kan de nieren aantasten. Raadpleeg een dierenarts.

 

 

 

Ziektes

 

Philodendron soorten zijn niet gevoelig voor ongedierte.

 

 

 

Philodendron soorten

 

Deze familie omvat honderden soorten. Zowel klimplanten,struiken als kleine bomen. Enkele soorten: Atom, Congo, Grand Brasil, Fun Bun, Imperial Red/Green, Lemon Mandjari, Medisa, Pertusem (Monstera Deliciosa, Gatenplant), Scandens, Selloum, Red Emerald, Xantal en Xanadu.

 

 

 

philodendron selloum

 

 

 

philodendron xanadu

 

 

 

 

voorpagina openbaring a4

 

 

 

pijl-omlaag-illustraties_430109

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

JOHN ASTRIA

JOHN ASTRIA

 

 

Beekpunge : Veronica beccabunga

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

 

 

 

goed te herkennen aan

– hemelsblauwe “ereprijs” bloemetjes in trossen in de bladoksels en
– de ovale, iets vlezige, gesteelde, glanzende bladeren en
– de groeiplaats; ondiep, stromend water of open, natte grond aan waterkanten

 

 

beekpunge_1

 

 

 

Algemeen

 

Beekpunge is een overblijvende, kale oeverplant van 15 tot 60 cm hoog. Ze groeit in ondiep, stromend water van kleine beken en sloten en op open, natte voedselrijke grond aan waterkanten.

Het verspreidingsgebied bestaat uit vrijwel geheel Europa, het westen en noorden van Azië en ook in Noord-Afrika wordt de plant aangetroffen. De soort is in de Lage Landen vrij algemeen, maar zeldzaam in voedselarme zandstreken en in zeeklei- en brakwatergebieden.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Beekpunge bloeit vanaf mei tot en met september met hemelsblauwe, donker geaderde, kleine bloemetjes, die in rijkbloemige, tot 10 cm lange trossen in de oksels van de bladeren staan. Vooral in snel stromend water kan de plant onder water blijven en komt dan niet tot bloei.

 

 

 

 

 

Blad en stengel

 

De bladeren zijn glanzend, ovaal, iets vlezig en allemaal kort gesteeld. De stengel is vrij fors, kaal, bleekgroen en vaak enigszins rood gekleurd. In niet te strenge winters behoudt ze haar blad.

 

 

 

 

 

Toepassingen

 

De wat scherp en ietwat bitter smakende bladeren werden vroeger wel gegeten, net als waterkers. Ook werden ze aangewend tegen scheurbuik en opgeblazenheid. In het noorden van Europa verwerkt men het blad nog steeds in salades. Overdaad schaadt echter: de bladeren en jonge scheuten bevatten diuretisch werkende stoffen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

weegbreefamilie (Plantaginaceae)
– overblijvend
– algemeen tot zeldzaam
– 15 tot 60 cm

Bloem
– hemelsblauw, soms roze
– vanaf mei t/m september
– tros
– stervormig
– 5 tot 8 mm
– 4 kroonbladen, niet vergroeid
– 4 kelkbladen
– 2 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– tegenoverstaand
– enkelvoudig
– kort gesteeld
– ovaal
– top stomp
– rand gekarteld tot gezaagd
– voet afgerond
– veernervig
– iets vlezig
– glanzend

Stengel
– opstijgend
– kaal
– rolrond

zie wildebloemen

 

 

botanische-tekening-extragr-beekpunge

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

 

John Astria

Avondkoekoeksbloem : Silene latifolia subsp. alba

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

avondkoekoek-100513-255

 

 

Goed te herkennen aan
– de 5-tallige zwak geurende witte bloemen,
– die pas aan het einde van de middag opengaan en
– de iets opgeblazen kelk

 

 

avondkoekoeksbloem

 

 

 

Algemeen

 

Avondkoekoeksbloem is een overblijvende of tweejarige algemeen voorkomende plant, die bloeit vanaf mei tot de herfst.Ze wordt 45 tot 100 cm hoog en groeit op open, vochtige tot droge, voedselrijke plaatsen met omgewerkte, voedselrijke grond, langs akkers, bermen, bosranden en op braakliggende terreinen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

De bloemen hebben 5 diep gespleten kroonbladen. Overdag zien de bloemen er verwelkt uit, maar aan het einde van de middag strekken de kroonbladen zich en gaan de bloemen open. Ze zijn zwak, zoet geurend en worden bezocht door nachtvlinders.

Avondkoekoeksbloem is tweehuizig. Dat wil zeggen dat een plant uitsluitend mannelijke bloemen of uitsluitend vrouwelijke bloemen heeft. De kelk van vrouwelijke bloemen heeft 20 nerven en is opgeblazen. De kelk van mannelijke bloemen is slanker en heeft 10 nerven.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

anjerfamilie (Caryophyllaceae)
– overblijvend of tweejarig
– algemeen voorkomend
– in het noorden vrij zeldzaam
– 45 tot 100 cm

Bloem
– wit
– geurend
– vanaf mei tot de herfst
– gevorkt bijscherm
– stervormig
– 2 tot 3 cm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 10 meeldraden
– 5 stijlen

Blad
– kruisgewijs tegenoverstaand
– enkelvoudig
– langwerpig
– top spits
– rand gaaf
– voet gevleugeld
– veernervig
– onderste gesteeld, bovenste zittend
– behaard
– in of onder het midden het breedst

Stengel
– rechtop
– behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

algerie-g

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

John Astria

Akkerviooltje : Viola arvensis

Standaard

categorie : kamerplanten en bloemen

 

 

 

viola-arvensis-04-akkerviooltje3-f4

 

 

 

Goed te herkennen aan
– de lang gesteelde, kleine, roomwitte “viooltjes” bloemen, waarvan
– de zijdelingse kroonbladen schuin naar boven gericht staan en
– de toppen van de kelkbladen vaak buiten de kroon steken

 

 

 

266px-akkerviooltje

 

 

 

Algemeen

 

Akkerviooltje is een eenjarige plantje, dat groeit op open, vochtige tot droge, matig voedselrijke zandgrond in akkers en bermen. Ze is zeer algemeen voorkomend op de zandgronden in de Lage Landen.

 

 

 

 

 

Bloem

 

Ze bloeit vanaf mei tot en met oktober. De bloemen zijn meestal roomwit, soms wit of bleekgeel.

 

 

 

 

 

Blad

 

De bovenste 2 kroonbladen kunnen geheel of gedeeltelijk paars zijn. Het onderste kroonblad heeft aan de basis een gele vlek. De kroonbladen zijn meestal korter dan de kelkbladen; de toppen van de kelkbladen steken voorbij de kroonbladen.

Het onderste kroonblad en de 2 zijdelingse hebben donkere lijntjes (honingmerk). De enigzins paarse spoor aan het onderste kroonblad is ongeveer even lang als de kelkaanhangsels en bevat nectar. De bladeren zijn weinig behaard, de onderste vrijwel rond, de bovenste langwerpig. De rand is gewimperd.

 

 

 

 


Toepassingen

 

In de volksgeneeskunde wordt akkerviooltje gebruikt bij de behandeling van huidaandoeningen, hoest en keelontstekingen.

 

 

 

 

 

Algemeen

 

viooltjesfamilie (Violaceae)
– eenjarig
– zeer algemeen tot vrij zeldzaam
– 5 tot 40 cm

Bloem
– wit, roomwit of bleekgeel
– vanaf mei t/m oktober
– gesteeld alleenstaand
– gespoord
– 8 tot 12 (15) mm
– 5 kroonbladen, niet vergroeid
– 5 kelkbladen
– 5 meeldraden
– 1 stijl

Blad
– verspreid
– enkelvoudig
– vrijwel rond tot langwerpig
– top stomp
– rand gekarteld
– voet gevleugeld
– veernervig
– gewimperd
– weinig behaard

Stengel
– rechtop
– niet of alleen onderaan vertakt
– kaal of weinig behaard
– rolrond

zie wilde bloemen

 

 

 

 

 

 

 

3d-gouden-pijl-5271528

 

 

preview en aankoop boek “De Openbaring “: 

http://nl.blurb.com/books/5378870?ce=blurb_ew&utm_source=widget

 

 

 

John Astria